Nog geen jaar geleden leerde ik het werk van Charlie Wood kennen, en dadelijk behoorde ik tot zijn fans, want Charlie is een keyboardspeler en zanger van grote klasse. Die cd "Lucky" liet mij kennismaken met de uitstekende zangkwaliteiten van Charlie en zijn funky toetsenwerk op hammond B3 en piano, en niet alleen dat, want Charlie speelt ook nog de drum- bas en gitaartracks op deze cd. Als vaste huismuzikant in de "King's Palace", een bekende club op Beale street in Memphis, kent hij na vele jaren optreden natuurlijk het klappen van de zweep. Met die soepele prachtstem van hem brengt hij songs die varieren van pure blues tot Jazz, maar meestal met een portie New Orleans invloed. Die stem van hem heeft wat van Ray Charles feeling, en de klankkleur van zowel Georgie Fame als James Taylor, een ideale combinatie dus om jazzy bluessongs te brengen, hetgeen de songs op deze cd dan ook zijn. Pure clubmuziek, je kan je zo inbeelden dat je in die bluesclub op Beale Street zit en geniet van die lekkere muziek van Charlie Wood en zijn band “The New Memphis Underground”, een achtkoppige formatie van uitstekende muzikanten, stuk voor stuk vakmensenwaaronder de bekende harpspeler Billy Gibson, die ook op hetzelfde platenlabel Daddy-O records zijn releases uitbrengt. “Let It Rip” het eerste nummer is een knap gezongen shuffle, met uitstekende boogie woogie piano-interventies van Charlie. Die uiterst wendbare stem van hem maakt van alle songs iets bijzonders. “Brand New Feeling” is een van die songs waarin wat Ray Charles bovenkomt. In “Too much Is Not Enough”, een snel gezongen boogie met uitstekend pianowerk, zijn ook de blazers van de band, saxofonist Kirk Smothers en trompetist Marc Franklin, uiterst actief. Enkele bekende bluescovers, waaronder “Send me Someone To Love” van Percy Mayfield en “Drown In My Own Tears” van Henry Glover, in een versie die in niets moet onderdoen voor de versie van Ray Charles, maar het merendeel is eigen werk (10 van de 14 songs). Het grappige, hoekig gezongen “Don’t Let The Money Get Funny, Honey’ is een van die eigen songs, net als “Almost Forgot About The Blues”, een slowblues waar Charlie weer eens zijn uiterst soepele stem kan tonen, die dat bluesgevoel uistekend kan overbrengen. “Coffee is for me” draagt de geest van “Rocket 88” in zich, de song waarvan beweerd wordt dat het de eerste rock ‘n ‘roll song was. Dit rockt in alle geval als de swingende neten. Maar in de bluesy, langzamere songs is Charlie op zijn best, die stem met al zijn wendingen en intonaties is zo ’n genot om naar te luisteren, en als daarachter dan die romige klank van de Hammond B3 opduikt krijg je dat echte Muscle Shoals of Stax geluid. Zo een nummer is “You Don’t Really Want To Know”, zonder meer de beste song op deze cd, die het predikaat “All Killers,No Fillers” van mij al lang verdiend had. Deze song zit vanaf nu in’t speciale mapje van mijn MP3 speler met de “kippevel” momenten. Moet ik nog meer zeggen?
Zijn bekendste hit is waarschijnlijk: "The Thrill Is Gone" uit 1970.
King werd geboren op een plantage en spendeerde een groot deel van
zijn jeugd samen met zijn moeder en grootmoeder werkend als een sharecropper. Hij zegt dat hij, voor hij van zijn andere talenten weet had, 35 cent voor elke 45 kg katoen betaald kreeg. Reeds vroeg raakte King in de ban van zwarte muzikanten als T-Bone Walker en Lonnie Johnson, en jazzartiesten zoals Charlie Christian en Django Reinhardt. Snel ontwikkelde King zijn eigen muzikale vaardigheden in de kerk bij het zingen van gospel.
In 1943 verhuisde B.B. King naar Indianola, Mississippi. Drie jaar later verhuisde hij weer naar Memphis, Tennessee, waar hij zijn gitaartechnieken verfijnde, met de hulp van zijn neef, country bluesgitaristBukka White.
Uiteindelijk begon King zijn muziek live op het radiostation van
Memphis WDIA te brengen, een station dat juist een draai had gemaakt
door enkel zwarte muziek te spelen, iets wat zeer opmerkelijk was toen.
On air begon King The Pepticon Boy te gebruiken, wat later Beale Street Blues Boy werd. Die naam werd afgekort tot gewoonweg Blues Boy, wat uiteindelijk B.B. werd.
In 1949 begon King songs op te nemen onder contract met RPM Records. Veel van zijn vroege opnames werden geproduceerd door Sam Phillips, die later het legendarische Sun Records zou stichten.
In de jaren 1950 werd B.B. een van de belangrijkste namen in R&B
muziek, met een imposante lijst van hits zoals "You Know I Love You",
"Woke Up This Morning", "Please Love Me", "When My Heart Beats Like a
Hammer", "Whole Lotta' Love", "You Upset Me Baby", "Every Day I Have
The Blues", "Sneakin' Around", "Ten Long Years", "Bad Luck", "Sweet
Little Angel", "On My Word of Honor" en "Please Accept My Love". In 1962 begon King bij ABC-Paramount Records.
In November1964 nam B.B. King het legendarische album Live at the Regal op in het Regal Theater te Chicago.
King vond zijn eerste succes buiten de bluesmarkt in 1969 met zijn remake van Roy Hawkins'
melodie, "The Thrill Is Gone", dat een hit werd in zowel de pop- als de
R&B-hitlijsten, een zeldzame gebeurtenis, zeker in die tijden.
Kings succes bleef duren in de jaren 1970 met liedjes als "To Know You Is to Love You" en "I Like to Live the Love". Van 1951 tot 1985 verscheen King maar liefst 74 keer in de Billboards-R&B-charts.
De jaren 1980, 1990 en 2000
leverden niet zoveel platen op, maar King bleef wel zeer actief in
televisieshows, films, en treedt zo'n 300 keer per jaar op. In 1988 bereikte hij een nieuwe generatie fans via de single "When Love Comes To Town", opgenomen samen met de Ierse band U2. In 2000 duetteerde King met gitarist Eric Clapton om Riding With The King op te nemen.
In 2004 werd aan King een eredoctoraat
overhandigd van de Universiteit van Mississippi. Tevens had hij ook
zijn uitgebreide bluescollectie geschonken aan het 'Ole Miss Center for
Southern Studies'.
Met zijn 82 jaar heeft King een zeer vol en zeer actief leven geleid. Hij bezit een vliegbrevet, is bekend als gokker, vegetariër, niet-drinker en niet-roker. Als diabeticus sinds meer dan tien jaar, is King een van de spreekbuizen van de strijd tegen diabetes.
B.B. King speelt vooral op Gibson-gitaren en noemt ze traditiegetrouw "Lucille".
Dit is ontstaan in de winter van 1949.
King speelde in Twist, een plaats in Arkansas, Amerika. Tijdens zijn
optreden begonnen twee mensen te vechten en ze stootten een vat
brandende benzine om die als verwarming dienst deed. Daardoor kwam het
gebouw in brand
te staan. Toen iedereen buiten was, realiseerde King zich dat hij zijn
gitaar had achtergelaten. Hij riskeerde toen zijn leven om zijn gitaar
te halen.
Toen King later hoorde dat het gevecht over een vrouw ging die
"Lucille" heette, besloot hij zijn gitaar zo te noemen, om zich er aan
te herinneren nooit meer zoiets te doen.
Ook zijn hond die op 27 januari 2006 vermist is geraakt heet
"Lucille". Degene die de hond terug vindt, krijgt als beloning een
gitaar met handtekening.
Hij werd bekend door zijn virtuoze, flamboyante gitaarspel. Hij bracht een revolutie in het gitaarspelen teweeg door het gebruik van nieuwe akkoorden, feedback en vernieuwende opnametechnieken. Zijn stijl is een samensmelting van rock, blues, en jazz.
Jimi Hendrix werd als Johnny Allen Hendrix geboren op 27 november 1942 om 10:15 's ochtends, in Seattle (Washington VS), en was van gemengde afkomst (Afro-Amerikaans, Cherokee en Iers). Nadat zijn vader, Al Hendrix, terugkwam van zijn dienstplicht in het leger, noemde hij zijn zoon James Marshall Hendrix, omdat Johnny de naam was van een man waarmee zijn toenmalige vrouw was vreemdgegaan. Jimi's moeder Lucille, die 16 was toen ze Jimi baarde, was danseres en verslaafd aan alcohol. Jimi woonde vaak bij familie. Kleine "Jimmy", of "Buster", zoals hij werd genoemd in zijn jongere jaren, was altijd erg verlegen en terughoudend. Hij groeide op in de achterbuurten van Seattle. Zijn moeder is vrij jong aan alcoholvergiftiging gestorven, Jimi was niet bij de begrafenis aanwezig.
Van jongs af aan was hij weg van muziek. Al Hendrix, de vader van Jimi, betrapte hem er regelmatig op de bezem als gitaar te gebruiken. Dit zag hij nadat hij Jimi opdracht had gegeven de kamer te vegen, en na afloop tientallen twijgjes op de grond vond. Hierna besloot Al een ukelele voor zijn zoon te huren. Na een aantal maanden werd het steeds moeilijker voor Jimi's vader om de rekeningen te betalen, zo ook voor Jimi's ukelele. Aangezien Al Jimi's plezier belangrijker vond dan het zijne, gaf hij het saxofoonspel (hij speelde toentertijd zelf sax) op. Zo kon hij een akoestische gitaar voor Jimi kopen, die inmiddels 11 jaar was. In zijn dertiende levensjaar kocht Jimi zijn eerste elektrische gitaar, een Supro Ozark 1560 S. Jimi gebruikte deze gitaar toen hij in zijn eerste bandje speelde, "The Rocking Kings".
In 1961 verliet Jimi Hendrix zijn middelbare school, om het leger in te gaan. Later, eenmaal beroemd, vertelde hij vaak aan de pers dat hij van school af was gestuurd, omdat de rector hem hand in hand had zien lopen met een blank meisje. Dit bleek, na navraag bij zijn oude klasgenoten en zijn vader, absoluut niet waar te zijn.
Jimi ging in dienst bij de luchtlandingsdivisie, die in het zuiden van de VS was gelegerd. Hier ontmoette hij in nabij gelegen cafeetjes veel muzikanten, waaronder Billy Cox, een bassist waarmee hij later nog op het Woodstock-festival optrad en enkele singles opnam. Hendrix zag veel goede gitaristen aan het werk, die een grote indruk op hem maakten. Na veertien maanden in het leger in dienst te hebben gezeten werd hij ontslagen, vanwege een gebroken enkel na een mislukte parachutesprong. Charles R. Cross, de schrijver van het boek A Room Full Of Mirrors (Een biografie over het leven van Jimi Hendrix), beweert echter dat Hendrix zich voordeed als homoseksueel, en zo hoopte te worden ontslagen uit de luchtlandingsdivisie.
Na het ontslag trok Jimi als begeleidend gitarist door de Verenigde Staten, waar hij met vele soul- en bluesgroepen optrad, waaronder veel bekende namen als B.B. King, Little Richard, Jackie Wilson, Bo Diddley en The Isley Brothers. Als beroepsmuzikant oefende Hendrix gemiddeld 6-8 uur per dag, een gewoonte, die hij tot aan zijn dood vol zou houden. In Greenwich Village in New York, waar Hendrix optrad als gitarist-zanger met zijn band Jimmy James and the Blue Flames, werd hij ontdekt door Chas Chandler (toen de basgitarist van de Engelse groep The Animals), die hem zag spelen in het plaatselijk bekende "Café Wah". Na enkele keren met hem te hebben gesproken, en tientallen keren te hebben gejamd, vroeg hij hem mee te gaan naar Engeland, om daar zijn muziekcarričre van de grond te krijgen.
In Engeland vormde hij een groep onder de naam "The Jimi Hendrix Experience". Het was een groep met een paar vluchtig bij elkaar gezochte muzikanten, maar die later een sterk trio bleek te zijn. Hendrix zong zelf en speelde uiteraard gitaar, en hij werd daarbij ritmisch ondersteund door Noel Redding, basgitaar en gitaar, en Mitch Mitchell op drums. Noel Redding was van oorsprong helemaal geen bassist, en Mitch Mitchell kwam uit een heel ander hoekje van de muziekindustrie, namelijk de jazz.
Eenmaal gevormd, trad de band op in kleine cafeetjes in Engeland. Door Hendrix' flamboyante verschijning, zijn gitaartechniek en extravagante optredens werden ze al snel populairder, maar echte faam bleef uit. Met de cover "Hey Joe", opgenomen in 1966 (het lied is vermoedelijk geschreven in 1960), kwam Jimi Hendrix op nummer 6 in de Britse hitparade. De B-kant van de single was "Stone Free", geschreven door Hendrix zelf. Nadat hun eerste album, Are You Experienced? in 1967 was uitgebracht, kwam het succes. The Jimi Hendrix Experience werd zowat in één klap beroemd in Engeland. Hun singles werden veel op radio gedraaid, en de band werd regelmatig uitgenodigd voor tv-opnames van populaire muziekprogramma's. Naarmate de tijd verstreek begon de rest van Europa ook steeds meer lucht te krijgen van "The Experience". Al snel toerden Hendrix en zijn band door veel landen in Europa, waaronder Nederland, Duitsland en Noorwegen.
Hoewel Hendrix in Engeland successen boekte en zijn faam zich verspreidde, was hij nog weinig bekend in de VS. Het eerste optreden in de VS op het Monterey International Pop Festival op 18 juni1967 bracht daar verandering in; The Jimi Hendrix Experience sloeg in als een bom en Jimi kreeg de status from rumour to legend. Op dit optreden stak hij ook zijn gitaar in brand, iets wat hij overigens maar driemaal deed. Andere gimmicks die hij ook al in Engeland gebruikte waren het spelen met zijn tanden en met de gitaar achter zijn rug.
Vanwege een onhandig platencontract moesten er twee platen worden gemaakt in 1967. Het tweede album "Axis Bold as Love" kwam uit eind 1967. Hierin is veelvuldig gebruik gemaakt van nieuwe gitaar- en studiotechnieken, waarmee Hendrix tot op de dag van vandaag nog geassocieerd wordt. Op deze plaat staat de klassieker "Little Wing" en nummers als "Spanish Castle Magic", "If 6 was 9" en "As Bold as Love".
Het derde album van de band, Electric Ladyland (1968), wordt door critici beschouwd als het beste werk in zijn carričre. Het werd ook het best verkochte album dat Hendrix ooit maakte, en het bevat tijdloze klassiekers zoals de cover van Bob DylanAll Along The Watchtower en de instrumentale blues song Voodoo Child (Slight Return). De beroemde hoesfoto van Electric Ladyland, waarop 19 naakte vrouwen te zien zijn, werd geheel tegen de wil van Hendrix in gebruikt. Hendrix zelf had voor deze plaat de voorkeur voor een hoesfoto waarop hij met Redding en Mitchell te midden van een aantal klauterende kinderen op een kunstwerk zat.
De Jimi Hendrix Experience trad zeer vaak op in televisie-uitzendingen, clubs, en uitverkochte stadions. De drie mannen bleken elkaar erg goed aan te vullen, maar Noel Redding was vaak ontevreden over hoe alles verliep met de band. Hij vond de commerciële hype rond de band maar niets en speelde veel liever op zijn traditionele instrument, de gitaar, dan te bassen bij The Jimi Hendrix Experience. Noel Redding richtte hierom naast The Experience zijn eigen band op, "Fat Matress", waarop Jimi vaak pesterige verwijzingen naar Noel maakte, zoals "Thin Pillow".
Het feit dat Noel zijn eigen band had betekende dat hij en Jimi elkaar steeds minder zagen in de studio. Dit betekende onder andere dat Jimi zelf een deel van de baspartijen inspeelde bij het opnemen van zijn album Electric Ladyland (ook op de andere albums speelde hij vaker bas). Noel weigerde overigens vaak dit te doen, vanwege Hendrix' perfectionisme. Bij bijvoorbeeld de single Gypsy Eyes liet Hendrix Redding de baspartij maar liefst 43 keer opnieuw inspelen, tot grote ergernis van Redding. Na een optreden op het Denver Popfestival in Denver, waarin Hendrix en de rest van zijn band zich moesten opsluiten in een truck vanwege hysterische fans, kondigde Noel Redding zijn vertrek aan.
In augustus 1969, op het beroemde Woodstock-festival in New York, verraste Hendrix iedereen door zonder aankondiging (de presentator kondigde hen wel aan, maar verkeerdelijk als The Jimi Hendrix Experience) opeens met een totaal andere band op het podium te verschijnen. Hij noemde de band "Gypsy Suns and Rainbows", die tijdens het Woodstock-festival bestond uit ondere andere zijn oude legermaatje en bassist, Billy Cox, en Experience-drummer Mitch Mitchell. Hierna heeft hij nog één optreden gedaan met deze band, onder de naam "Band of Gypsys", alleen werd Mitch Mitchell tijdelijk ingeruild voor Buddy Miles, en werden veel percussionisten weggehaald uit de opstelling, en werd de ritmegitarist verbannen. Zijn optreden op Woodstock wordt door veel mensen een van zijn beste liveoptredens ooit genoemd. In deze show bracht hij onder andere een beroemde controversiële versie van het Amerikaanse volkslied ten gehore. Veel mensen dachten dat dit een protestlied was tegen de Amerikaanse regering, Hendrix zelf zei in een interview bij het televisieprogramma "The Dick Cavett Show" dat dit totaal niet het geval was. I thought it was beautiful, zei hij.
Na ongeveer twee maanden rust te hebben genomen en aan zijn nieuwe album, First Rays Of The New Rising Sun te hebben gewerkt, besloot Hendrix zijn oude band, The Jimi Hendrix Experience weer bij elkaar te brengen. Hendrix, Mitchell en Redding hadden net bekend gemaakt weer te gaan toeren, maar op het laatste moment haakte Redding af en haalde Jimi opnieuw Billy Cox terug als bassist. De band heeft nooit een officiële naam gehad, maar veel fans die de optredens hebben meegemaakt na hun, overigens ietwat korte tour, noemden de band steevast "The Cry of Love Band", naar de naam van de tournee zelf. Veel shows van deze tournee zijn professioneel opgenomen in hoge geluidskwaliteit en worden nu nog steeds beschouwd als gedenkwaardige concerten van Hendrix.
Al zijn hele carričre lang vertelde Hendrix aan veel mensen dat hij graag een plek had voor zichzelf waar hij in alle rust liederen kon opnemen, componeren en mixen. In de beginjaren van zijn carričre had hij daar simpelweg het budget niet voor, maar hij maakte zijn droom in augustus 1970 eindelijk waar. Hij zocht samen met zijn geluidstechnicus Eddie Kramer een pand uit ergens in New York dat kon dienen als een pand om een studio in te vestigen. Na een korte zoektocht vond Kramer een geschikte locatie op 8th street, en liet Jimi zich door professionele architecten leiden en zijn droomstudio bouwen. Veel conflicten vertraagden de bouw: hevige regenval verwoestte een deel van de ruwbouw, en pompen moesten worden geďnstalleerd toen bekend werd dat het pand gesitueerd was boven een ondergrondse rivier. Uiteindelijk moest een zesvoudige lening van Warner Brothers de studio redden.
Hendrix spendeerde uiteindelijk maar vier weken tijd in de studio, drie weken daarvan terwijl het bouwen van de studio nog in de eindfase zat. Op 26 augustus werd de bouw voltooid en werd een groot openingsfeest gehouden. De volgende dag vloog hij naar Londen voor zijn optreden op het Isle Of Wight Festival op 30 augustus 1970 (Hendrix zou pas na middernacht het podium betreden).
Hendrix stierf in het Samarkand hotel te Londen op 18 september 1970, doordat hij stikte in zijn eigen braaksel, nadat hij als gevolg van een overdosis slaappillen en het drinken van wijn in een coma was geraakt. Hierbij zou een rol hebben gespeeld dat Britse slaappillen die hij in had genomen sterker waren dan de Amerikaanse slaappillen, waaraan hij gewend was. Hij werd begraven in Renton, een stadje bij Hendrix' geboortestad Seattle (WA). Hendrix werd 27 jaar oud. Na een autopsie werd duidelijk dat Hendrix nooit in zijn leven verslaafd is geweest aan heroďne, en dat dit dan ook niet de doodsoorzaak was, wat destijds veel mensen dachten.
De omstandigheden rond zijn overlijden zijn echter nooit geheel opgehelderd.
Hendrix' stijl was uniek, en ondanks zijn hectische toerschema en perfectionisme in het opnemen van nummers, heeft hij meer dan 300 onuitgebrachte nummers nagelaten. Muzikaal gezien tilde Hendrix volgens velen het elektrische gitaarspel naar een veel hoger niveau, en door zijn gebruik en combinatie van onder andere feedback, distortion en wahwahpedalen is de populariteit van deze effecten en technieken na Hendrix' dood veel groter geworden. Hij haalde het uiterste uit zijn gitaar, meestal een FenderStratocaster (die hij daarmee definitief op de kaart zette), en combineerde die op allerhande manieren met zijn versterker(s) (meestal Marshall).
De band werd in 1969 opgericht door Duane Allman (gitaar), Gregg Allman (vocalen en orgel), Dickey Betts (gitaar), Berry Oakley (basgitaar), Butch Trucks (drums) en Jai Johanny "Jaimoe" Johanson (drums). Duane en Gregg hadden daarvoor gespeeld in een garageband, The Escorts, later Allman Joys genaamd, en in The Hour Glass. The Hour Glass bracht twee geflopte albums uit bij Liberty Records.
Hierna bouwde Duane Allman een reputatie op als sessiemuzikant, waarna
hij in '69 een groep mensen om zich heen verzamelde en zo The Allman
Brothers Band vormde. De band tekende een contract bij Capricorn Records.
De nieuwe band gaf eerst vele optredens voordat een LP werd uitgebracht. Het debuutalbum, The Allman Brothers Band,
werd een stevig bluesrock-album. Het was geen groot commercieel succes,
maar maakte wel indruk op de critici en leverde de band een cultstatus. Het tweede album, Idlewild South uit 1970, is geproduceerd door Tom Dowd.
Het album werd een groot succes. Ook optredens begonnen meer mensen te
trekken, doordat de band een reputatie kreeg met het bijzondere
complexe maar coherente samenspel en de lange jams.
In maart 1971 speelde de band enkele malen in de Fillmore East. Deze optredens zijn opgenomen en te horen op hun derde album, de dubbel-LP At Filmore East. Het album werd een doorslaand succes en groeide uit tot een klassieker, die wordt beschouwd als een van de beste live- en bluesrock-albums allertijden.
Op 29 oktober1971, niet lang nadat At Filmore East
de gouden status had verworven, kwam Duane Allman in een motorongeluk
om het leven. Ondanks het verlies van de leadman besloot de band toch
door te gaan en de opnames van het vierde album af te maken. Dickey
Betts nam de rol van Duane over op Eat a Peach. Na enkele
optredens als een vijfkoppige band werd er besloten weer een zesde lid
en een nieuw muzikant toe te voegen aan de band. Het werd pianist Chuck Leavell.
In november 1972 kwam ook Berry Oakley om in een motorongeluk, niet ver van de plaats waar Duane Allman was omgekomen. Hij werd vervangen door Lamar Williams. In 1973 kwam het nieuwe album uit, het toegankelijke Brothers and Sisters. Op dit album veranderde de muziekstijl meer richting de countryrock. Dit had twee oorzaken: anders dan de vorige drie albums werd dit album niet geproduceerd door bluesrock-producer
Tom Dowd, en Dickey Betts kreeg, als enige gitarist in de band, meer
invloed op de muziek, en ontwikkelde zich tot de tekstschrijver en de
leadzanger van de band.
Op Brothers and Sisters staan twee van de bekendste nummers
van The Allman Brothers Band, het instrumentale "Jessica" en de grote
hit "Ramblin' Man". Op dat moment was de band qua populariteit op zijn
hoogtepunt. Door het succes van de Allman Brothers Band trokken andere labels ook southern rock-acts aan. Een van de bekendste bands die op deze manier van het succes van de Allman Brothers Band profiteerden was Lynyrd Skynyrd.
In 1974
kwamen er problemen in de band. Gregg Allman en Dickey Betts begonnen
beide een solo-carričre, Allman kwam in de publiciteit door een
huwelijk met Cher, en overmatig alcohol- en drugsgebruik zorgden voor wrijvingen binnen de band. Dit resulteerde in het onevenwichtige Win, Lose or Draw.
In 1976
viel de band uit elkaar, toen Gregg Allman werd opgepakt voor meerdere
drugs-gerelateerde misdrijven en getuigde tegen een vriend en
medewerker van de band. Leavell, Johanson en Williams vormden samen de
band Sea Level,
en Betts ging verder met zijn solo-carričre. Capricorn bracht hierna
enkele albums uit met nog niet eerder uitgebracht materiaal en live-opnames, waaronder Wipe the Windows, Check the Oil, Dollar Gas.
In 1978 kwam de band (behalve Leavell en Williams) weer bij elkaar om Enlightened Rogues op te nemen. Het album werd weer geproduceerd door Tom Dowd. Ook werd er een nieuw lid aangetrokken, gitarist Dan Toler.
Ondanks een goed album was de populariteit voor de band gezakt, mede
door de opkomst van nieuwe muziekstijlen als punk en disco die de
muziekindustrie gingen overheersen.
In 1979 ging Capricorn Records failliet en werd overgenomen door PolyGram, waarna de Allman Brothers Band een contract tekende bij Arista.
De hieropvolgende albums werden slecht ontvangen. Het ontslag van
Jaimoe, begin jaren tachtig, leidde uiteindelijk tot het uiteenvallen
van de band in 1982.
Pas in 1989
kwam de groep weer bij elkaar, mede door het succes van een uit vier
cd's bestaande compilatiealbum, uitgebracht door PolyGram. De band was
niet compleet: Leavell was op tournee met de Rolling Stones en Williams was in 1983 gestorven aan kanker. De band werd aangevuld met gitarist Warren Hayes en bassist Allen Woody. De groep sloot een contract met Epic Records en bracht in 1990 het album Seven Turns
uit, dat zeer goed werd ontvangen bij critici en hun bestverkopende
album in jaren werd. De daaropvolgende albums konden echter geen groot
publiek meer trekken, ondanks goede kritieken.
The Allman Brothers Band zijn nu nog steeds bij elkaar, en trekken
met hun concerten nog altijd volle zalen. De nieuwe gitarist is de
jonge en talentvolle Derek Trucks. In 1995 werden ze opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame. Datzelfde jaar kregen ze ook een Grammy Award voor Best Instrumental Performance voor hun nummer "Jessica". Sinds 1994 spelen Hayes en Woody ook in de southern rockband Gov't Mule.
Johnny Borrell heeft een blauwtje gelopen bij de Russische tennisbabe
Maria Sharapova. De zanger van Razorlight probeerde de 21-jarige
blondine te versieren, maar zij was meer geďnteresseerd in haar
vriendinnen, zo meldt de Britse krant The Sun zaterdag.
Klein kind De
28-jarige Borrell woonde een feestje bij dat Richard Branson had
georganiseerd ter ere van het Britse tennistoernooi Wimbledon, dat
maandag van start gaat. "Johnny leek wel een klein kind toen hij maar
bleef rondhangen bij de tafel van Maria", vertelt een bron. "Hij wilde
graag met haar kletsen, maar zij had alleen oog voor haar vrienden.
Vlak nadat hij een blauwtje liep, is hij vertrokken."
Liefdesvoorgeschiedenis De
Britse zanger had eerder een relatie met de Amerikaanse actrice Kirsten
Dunst en zou iets moois hebben gehad met de piepjonge 'Harry
Potter'-ster Emma Watson. Sharapova had ooit verkering met Maroon
5-zanger Adam Levine.
Geboren in Rolling Fork, Mississippi groeide Muddy op als neger tussen de blanken. Op zijn zevende begon Muddy met een mondharmonica (bluesharp)
en trok daarmee veel bekijks als hij midden op het plein een deuntje
speelde. Later, op 17-jarige leeftijd verruilde hij zijn mondharmonica
voor een gitaar en speelde op lokale feesten.
In 1943 verhuisde hij naar Chicago waar hij de akoestische gitaar aan de wilgen hing en zich richtte op de elektrische gitaar. Samen met Little Walter, Jimmy Rogers en Otis Spann
begon hij een band waarin hij zijn elektrische gitaar liet zingen. De
eerste single 'Louisiana Blues' kwam in 1950 uit en werd na lange tijd
toch een hit die terug te vinden is in de Top 10 van de Rhythm en
Blues. Mick Jagger en Keith Richards vernoemden hun band naar het nummer Rollin' Stone Blues van Muddy Waters.
Latere singles I'm your hoochie Coochie Man (1953), I'm ready (1954) werden net als de voorganger een succes. In 1983 overleed deze blueslegende op 68-jarige leeftijd aan een hartaanval in zijn slaap.
Geīnspireerd door zijn oudere broer Jimmie
begon Stevie Ray reeds op jonge leeftijd gitaar te spelen. Hij bleek
erg getalenteerd te zijn en speelde al snel in een aantal lokale
bandjes. In 1972
stopte Vaughan met studeren om zich volledig te kunnen concentreren op
muziek. Stevie wist niet duidelijk wat hij voor carričre wilde, naar
eigen zeggen was muziek zijn enige uitweg. Daarom verhuisde hij naar Austin, Texas en werd daar professioneel artiest.
In het begin van de jaren '70 speelde Vaughan samen met Doyle Bramhall in de band The Nightcrawlers. Hierna speelde hij een aantal jaren in The Cobras. Deze band was vrij populair in Austin. In 1976 vormde hij een bandje genaamd "Triple Threat Revue". In 1979-1980 veranderde de band van naam en noemde zich Double Trouble.
In 1982 werd Stevie Ray tijdens het Montreux Blues Festival opgemerkt door David Bowie.
Deze was zo onder de indruk van Vaughan dat hij hem vroeg mee te werken
aan zijn nieuwe cd 'Let's Dance'. Naar aanleiding van datzelfde
optreden bood Jackson Browne zijn opnamestudio aan waar het eerste album van Double Trouble (Texas Flood) werd opgenomen. Hierop volgde een contract voor Stevie en zijn band met Epic Records.
Voor de band was dit het begin van een internationale carričre. Hun album Texas Flood werd uitgegeven in 1983
en ze mochten dat jaar ook voor het eerst in de bekende televisieshow
"Austin City Limits" optreden. Hierna ging het steeds voorspoediger met
Double Trouble. De band nam ongeveer elk jaar een nieuw album op (o.a. Couldn't Stand The Weather, Live Alive en Soul to Soul).
In de loop der jaren raakte Stevie Ray verslaafd aan drank en drugs. In 1986
stortte hij als gevolg hiervan in tijdens een tournee. Hij werd later
dat jaar opgenomen in een ontwenningskliniek waar hij zijn beide
verslavingen wist te overwinnen.
In 1989 werd het album In Step opgenomen. Met dit album won Stevie datzelfde jaar een prestigieuze Grammy_Award.
Hij werd nogmaals uitgenodigd om op te treden in het tv-programma
"Austin City Limits". De twee optredens voor dit programma werden later
op video uitgegeven onder de naam Live From Austin Texas. In 1990 nam hij samen met zijn broer Jimmie een cd op genaamd Family Style.
Dit was één van de laatste hoogtepunten in zijn leven. Hij stierf in de vroege ochtend (12u50) van 27 augustus1990 tijdens een tragisch helikopterongeluk. Hij had die avond opgetreden op het "Alpine Valley Festival" samen met sterren als Robert Cray, Buddy Guy, en Eric Clapton. Stevie Ray Vaughan werd 35 jaar oud.
In 1991 verklaarde Ann Richards, de toenmalige gouverneur van Texas, 3 oktober tot "Stevie Ray Vaughan Day". Een jaar later in 1992 bracht gitaarfabrikant Fender de Stevie Ray Vaughan Signature Stratocaster op de markt. Voor zijn overlijden had Vaughan samen met Fender deze gitaar ontworpen. In 1994 werd een standbeeld ter nagedachtenis van Stevie onthuld aan de oever van het meer van Austin.
Bo Diddley, geboren als Otha Ellas Bates, later veranderd in Ellas McDaniel (McComb (Mississippi), 30 december1928 - Archer (Florida), 2 juni2008), was een invloedrijke Amerikaanserock-'n-roll-zanger en -gitarist. Zijn stijl, kenmerkend door de metaalachtige gitaarriffs
en de voortstuwende ritmes, is van invloed geweest op talloze
muzikanten, hoewel zijn werk zelden de hitlijsten heeft weten te
bereiken.
In zijn jeugd kreeg hij vioolles. Na het horen van John Lee Hooker besloot hij bluesgitarist te worden. In de jaren vijftig begon hij te spelen met zijn vaste partner, de maracas-speler Jerome Green. In het midden van de jaren vijftig kreeg hij een contract bij de in Chicago gevestigde platenmaatschappij Chess Records.
Diddley bespeelde oorspronkelijk een zelfgebouwde, vierkante gitaar -
op zijn platenhoezen altijd keurig gekleed met vlinderstrik en Schotse
geruite jasjes. Zijn handelsmerk tijdens echte optredens werden een
zonnebril en de even onafscheidelijke (bol)hoed.
Zijn eerste single, het op een slaapliedje gebaseerde "Bo Diddley", introduceerde de voor hem kenmerkende beat, die later vele malen zou worden gekopieerd. Invloedrijk is ook de nadruk op het door de gitaar
gestuurde ritme in het nummer. Later werden nog meer singles
uitgebracht, waaronder "I'm a Man", "Who Do You Love?", "Mona" en "Road
Runner". Alhoewel het destijds geen grote successen waren, zeker niet
in vergelijking met de hits van zijn Chess-collega Chuck Berry,
zijn deze en andere nummers regelmatig gecoverd en zijn ze van grote
invloed gebleken op andere belangrijke muzikanten. Onder anderen The Rolling Stones, Buddy Holly, Muddy Waters, The Animals, The Pretty Things en The Yardbirds hebben covers en bewerkingen van nummers van Bo Diddley alias E. McDaniel gespeeld.
In de jaren zestig stopte Bo Diddley met het opnemen van platen. Hij zou nog wel af en toe optreden, waaronder in het voorprogramma van The Clash, eind jaren zeventig. In 1987 werd Bo Diddley opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame.
Op 16 mei 2007 werd Bo Diddley na een optreden getroffen door een beroerte en opgenomen op de IC van een ziekenhuis in Omaha (Nebraska). Een jaar later, tijdens zijn revalidatie, overleed hij na een hartaanval in Florida, op 79-jarige leeftijd.
Keira Knightley heeft er geen problemen mee haar kleren uit te trekken
tijdens filmopnamen. "Ik toon altijd mijn blote borsten als erom wordt
gevraagd", tekende People op uit haar mond tijdens de premiere van haar
nieuwe film 'The Edge of Love'. "En niet alleen in deze film." Eerder
haalde de 23-jarige actrice haar voorgevel tevoorschijn in 'Atonement'.
Seks liefst zonder bh 'The
Edge of Love' ging gisteren in premičre tijdens het internationale
filmfestival van Edinburgh. Tijdens een bedscčne met haar filmpartner
Cillian Murphy vroeg de regisseur of ze haar bh uit wilde doen. "Het
was heel simpel. Het was een seksscčne en ik vind het niet comfortabel
om seks te hebben met mijn bh aan", grapte Knightley.
Meer
moeite had de actrice met de zangscčnes, die ze moest opvoeren voor
honderd castleden en figuranten. "Ik dacht dat ik dood ging, mijn
knieën begonnen zelfs te knikken", zei Knightley.
Sienna Miller Tijdens
de premičre van de oorlogsfilm liep de ster hand in hand met Sienna
Miller over de rode loper. "Ze zijn ongelooflijk close in de film, net
als in het echte leven", zei Knightleys moeder Sharman Macdonald, die
het script van de film schreef. "Ze kenden elkaar al een beetje voordat
de film in productie ging, maar hebben elkaar helemaal gevonden op de
set. Ik hoop dat ze vrienden voor het leven zijn."
Met onder meer Grace Jones, Daniel Lanois, Felix Da Housecat en Tim
Vanhamel als bijkomende namen op de affiche van de Lokerse Feesten, is
de programmatie zo goed als compleet.
Grace
Jones sluit op vrijdag 8 augustus af. De in Jamaica geboren Amerikaanse
maakte vooral eind jaren '70 furore in de muziekwereld en verwierf met
onder meer 'La Vie En Rose' en 'Pull up to the Bumper' bekendheid.
Jones, inmiddels zestig geworden, werd met haar kort geknipte kopje en
extravagante outfits ook een stijlicoon voor haar tijd.
Een
dag later mag Felix Da Housecat, bekend van onder meer 'Silver Screen'
en 'Madame Hollywood', Lokeren aan het dansen brengen. Het bekendste
nummer van de Amerikaan is misschien wel 'My life muzik', dat hij
uitbracht onder zijn alter ego Thee Maddkatt Courtship.
Op
zondag 3 augustus mag de Canadese singer-songwriter Daniel Lanois het
publiek opwarmen voor Sinead O'Connor. Naast die buitenlandse namen
werden ook onder meer Arsenal, Tim Vanhamel, Isabelle A, Shameboy,
Headphone en The Glimmers aan de affiche toegevoegd.
Janet Jackson krijgt een realityshow op MTV. In de soap begeleidt de
zangeres een groepje aspirant-zangers en -dansers. De casting voor het
programma is al begonnen, zo meldt vakblad Variety.
Wereldtournee "Het
is een zoektocht naar de nieuwe Janet Jackson, Justin Timberlake of
Usher", vertelt producent Dave Broome. Het productieteam zoekt op
plekken als kerkgenootschappen, jongerencentra naar jong talent. De
opnamen vinden de komende maanden plaats, terwijl Jackson zich
voorbereidt op haar wereldtournee, die op 10 september van start gaat.
Wanneer de show op de buis komt, is nog onbekend.
Kisean Anderson (Miami, 3 februari1990), beter bekend onder zijn artiestennaam Sean Kingston, is een Jamaicaans-Amerikaanse zanger. Zijn Jamaicaanse wortels leven voort in zijn artiestennaam, want Kingston is de hoofdstad van Jamaica.
Sean Kingston beleefde in 2007 zijn doorbraak door met zijn eerste single Beautiful girls direct op de eerste plaats van de Billboard Hot 100 te komen. Beautiful girls bevat de muziek en een deel van de tekst van Stand by me van Ben E. King uit 1961. De single stond vijf weken op nummer 1, en bereikte later ook de eerste plek in het Verenigd Koninkrijk.
In september 2007 kwam de single uit in Nederland en bereikte het de Nederlandse Top 40. Het werd een alarmschijf en zeer populair. Ook zijn tweede single Me Love was populair, maar kwam maar tot de tipparade.
De 27-jarige Sylvie De Bie, zangeres van de danceformatie Sylver, gaat na twee jaar huwelijk scheiden van haar man Khalid Boujida.
Het duo trouwde op 29 april 2006 in Heist-op-den-berg. Het koppeltje leerde elkaar kennen in 2001 in een discotheek. Samen hebben ze een dochtertje van zeven maanden, Noor. Hun nieuwe huis staat al te koop voor ruim 500.000 euro.
De twee gaan "als goede vrienden" uit elkaar, stellen hun advocaten. Toch doen over Khalid geruchten van overspel en drugs de ronde. Sylvie is daarvan op de hoogte maar heeft er "nooit bewijzen van gezien". "We zijn gewoon uit elkaar gegroeid"
De Britse winnares van Idool Leona Lewis en zanger van Red Hot Chili
Peppers Anthony Kiedis werden verkozen als meest sexy vegetariërs van
2008. De verkiezing werd georganiseerd door PETA, duizenden mensen
brachten hun stem uit.
De
twee werden verkozen uit een hoop bekende celebs: Alicia Silverstone,
Alyssa Milano, Kim Basinger, Joss Stone, Natalie Imbruglia, Petra
Nemcova en Naomi Watts dingden mee naar de prijs.
Missie "Geweld
tegen dieren kan ik gewoon niet verdragen", zegt Lewis. "Ik ben een
vegetariër maar ik zal ook nooit kleren, schoenen of handtassen uit
leder dragen. Ik trek niets aan waar dieren voor hebben afgezien. Ik
ben een meisje met een missie."
Veganist Anthony
Kiedis gaat nog een beetje verder en is veganist. Hij eet dus ook geen
zuivel of andere producten afkomstig van dieren. "Ik zag een
documentaire over de toestanden op veeboerderijen. Dat heeft me
overtuigd."
De afgelopen jaren vielen Prince, Kevin Eubanks,
Natalie Portman, Shania Twain, Chris Martin, Andre 3000, Tobey Maguire,
Josh Hartnett, Alicia Silverstone and Lauren Bush al in de prijzen
Sienna Miller neemt de rol van vrouwe Marianne op zich in een nieuwe
verfilming van het verhaal van Robin Hood. Dat heeft ze bevestigd
tegenover de BBC. De 26-jarige actrice gaat in de film spelen naast
Russel Crowe, die de rol van de sheriff van Nottingham zou gaan
vertolken. Als regisseur is Ridley Scott gestrikt.
Wie
de hoofdrol van de Engelse volksheld Robin Hood gaat spelen, is nog
niet bekend. Miller kijkt uit naar de filmopnamen. "Het gaat gebeuren",
zei de blonde ex van Jude Law. "Ik heb het pas gehoord. Het is het
leukste nieuws van de hele wereld."
De actrice is momenteel
bezig aan een promotietournee voor de romantische dramafilm 'The Egde
of Love', waarin ze samen met haar vriendin Keira Knightley de hoofdrol
speelt
De Belgische folkgroep Urban Trad is in de buurt van Saint-Avold, in
het noordoosten van Frankrijk, slachtoffer geworden van een zwaar
verkeersongeval. Als bij wonder raakte niemand van de zes muzikanten
levensgevaarlijk gewond.
De groep was op weg naar een festival
in het Franse Ostwald. De wagen, met zes mensen aan boord, knalde
onderweg op een Oostenrijkse vrachtwagen, die in brand schoot. De
hulpdiensten kwamen ter plaatse en moesten zes mensen bevrijden. Twee
raakten zwaargewond en liepen verschillende breuken op. Drie anderen
raakte lichtgewond, één was ongedeerd maar in shock. De bestuurder
verklaarde dat hij was ingedommeld achter het stuur.
De
zwaargewonden werden overgebracht naar het ziekenhuis van Metz, de
anderen naar andere ziekenhuizen in de buurt. "Mirakels bestaan, want
uiteindelijk bleek niemand levensgevaarlijk gewond", zo zegt de manager
van de groep. Voor de optredens van dit weekend worden de drummer en
accordeoniste wel vervangen.
Stijn Coninx (51) verkoopt zijn stulpje in Opwijk. Vraagprijs:
1.475.000 euro. De filmbaron, op het ogenblik druk bezig met de
voorbereiding van zijn nieuwste film over het leven van Soeur Sourire,
vindt zijn woonst te groot.
Charlotte Church is alweer zwanger. Dat heeft de 22-jarige Britse
zangeres, die negen maanden geleden beviel van haar eerste kind, laten
weten op haar website. "Daar gaan we weer", schrijft ze.
Church
en haar 26-jarige vriend, rugbyer Gavin Henderson, verwelkomden eind
september dochtertje Ruby Megan Henderson. Op haar weblog schrijft de
zangeres, die op 12-jarige leeftijd doorbrak met haar album 'Voice of
an angel', dat zowel het koppel als de directe familie 'dolgelukkig' is
met het nieuws. Wanneer de nieuwe spruit wordt verwacht, is niet
bekendgemaakt.
Met behulp van studio-eigenaar Jan Theelen pakt ze omstreeks 1974 haar zangcarričre weer op. Als ze in 1980 optreedt in het televisieprogramma Music Gallery, betekent dat het begin van een succesvolle loopbaan. Twee jaar later, in 1982, verschijnt haar debuutalbum Behind Those Eyes, waarvoor ze een Edison en een gouden plaat krijgt. Van dit album wordt "How Many Times" een grote hit. Later volgt "Good News, Bad News".
In oktober verschijnt meteen de tweede plaat, Dreamland. Het titelstuk van deze plaat wordt gebruikt in de film Ademloos, met Monique van de Ven in de hoofdrol. In 1983 krijgt Lori Spee voor haar hele oeuvre de Pall Mall Export Prijs. Ze geeft diverse optredens, tourt langs theaters in Nederland en België. Als presentatrice verschijnt ze in het Amerikaanse televisieprogramma Holland On Satellite. In België speelt ze de hoofdrol in de Engelse televisieserie/cursus Take It Easy van de BRTN. In 1983 verschijnt ook haar derde album, Intuition, waar ze opnieuw een Edison voor ontvangt. In 1986 nam ze samen met de leadzanger van Procol Harum, Gary Brooker het duet "Two fools in love" op.
In zijn schooltijd was hij al bevriend met de soulzangerSam Cooke, met wie in de jaren '50 in een gospelkoor: Teenage Kings of Harmony zong. Na zijn militaire dienst ging Rawls zingen bij de groep Pilgrim Travelers. Tijdens zijn tournee kreeg hij in 1958 een ernstig auto-ongeluk. Hij lag hierna 5 1/2 dag in coma.
In 1962 kreeg hij een contract bij de platenmaatschappijCapitol Records. Zijn eerst R&B-nummer: Love Is a Hurtin' Thing verscheen in 1966 op zijn album Soulin'. Een jaar later kreeg hij zijn eerste Grammy voor zijn single Dead End Street. Hij zou in zijn muzikale carričre uiteindelijk drie Grammy's behalen.
In 1976 brak hij wereldwijd door met het album "All Things in Time" waarop het nummer You'll Never Find Another Love Like Mine staat. In 1977 had hij nog een grote hit met Lady Love uit zijn album "When You've Heard Lou, You've Heard It All".
Zangeres Duffy barstte in tranen uit toen Sex Pistol Johhny Rotten haar
zei "f**k off". De zangeres benaderde de punklegende backstage tijdens
de Mojo Honours List awards maandag en probeerde hem een knuffel te
geven. Johnny duwde haar weg en zei: "F**k off, jij teef. Dat doe je
niet met mij".
Duffy
was zo geschokt dat ze begon te huilen. "Ze sloeg haar arm rond hem
toen ze poseerden voor een groepsfoto. Hij verwachtte dat duidelijk
niet en gaf haar een sneer. Duffy zag er geschrokken uit en begon te
huilen", aldus een ooggetuige. Duffy trok na het incident meteen naar
huis.
Johnny Rotten verklaarde achteraf dat hij niet wist wie
Duffy was. "Oh, kreeg zij ook een award? Dan mag ik haar wel", was zijn
reactie. Duffy won de award voor single van het jaar ('Mercy'), de Sex Pistols wonnen de Icon award.
Quatro werd geboren als Susan Kay Quatrocchio; haar vader Art Quatrocchio was van Italiaanse afkomst en had een eigen groep, het Art Quatro Trio. Haar moeder Helen Rebel was van Hongaarse afkomst.
Quatro groeide met drie zusters en een broer op in Grosse Pointe, een voorstad van Detroit. Ze begon haar muzikale carričre als basgitariste "Suzi Soul" bij de meidenband Pleasure Seekers, waar ook haar zusters Arlene en Patti deel van uitmaakten. In 1971 werd de bandnaam gewijzigd in Cradle en begon de groep stevige rock te spelen. Quatro werd dat jaar ontdekt door platenproducer Mickie Most die in Detroit was voor het produceren van een nieuw plaat van Jeff Beck. Hij haalde haar over om naar het Verenigd Koninkrijk te verhuizen en een solo-carričre te beginnen.
Haar eerste single ("Rolling Stone") flopte in het Verenigd Koninkrijk, maar werd een nummer-1 hit in Portugal. Most liet nu nummers voor haar schrijven door Nicky Chinn en Mike Chapman, die beroemd waren geworden met hun hits voor The Sweet. Met "Can the Can" had ze in 1973 zowel in Europa als in Australië een nummer-1 hit. Er volgden nog drie grote hits: "48 Crash" (eveneens 1973), "Daytona Demon" (1974) en "Devil Gate Drive" (1974). Haar eerste twee albums werden eveneens grote successen in Europa en Australië. Toen Elvis Presley hoorde dat ze zijn hit Al Shook Up had opgenomen, nodigde hij haar uit om naar Graceland te komen, maar ze sloeg de uitnodiging af.
In de Verenigde Staten verkochten haar albums slecht, en zelfs pogingen om Quatro's populariteit op te vijzelen via tournees (als voorprogramma van Alice Cooper) haalden weinig uit. Na 1975 nam de populariteit van Quatro's glamrock snel af, behalve in Australië. Pas in 1978 had ze weer succes; ze had toen een top-10 hit in het Verenigd Koninkrijk en Australië met "If You Can't Give Me Love". Ook dit keer had ze in de VS geen succes. Samen met Chris Norman van de band Smokie haalde ze er in 1979 wel een vierde plaats met "Stumblin' In". Verdere hits bleven uit. Alleen in Australië had ze begin 1981 nog een hit met "Rock Hard".
Intussen was ze in 1978 actrice geworden in de Amerikaanse comedy-serie Happy Days waarin ze zeven afleveringen de rol van "Leather Tuscadero" speelde. Ze was in de jaren tachtig in uiteenlopende rollen te zien, zowel op televisie als in het theater waar ze "Annie Oakley" speelde in een Londense productie van Annie Get Your Gun (1986).
Quatro leeft zowel in het Verenigd Koninkrijk als Duitsland en heeft een wekelijks Rock and Roll programma op BBC Radio 2. Als muzikant tourt ze nog steeds, en in februari 2006 kwam een nieuw album uit: "Back To The Drive", geproduceerd door gitarist Andy Scott van The Sweet. De titelsong is geschreven door Mike Chapman.
Quatro trouwde in 1978 met haar gitarist Len Tuckey. Het paar kreeg twee kinderen (Laura in 1982, en Richard Leonard in 1984), maar ging in 1992 uit elkaar.
In 1996 sloot ze zich aan als zangeres bij de Belgische folk formatie Kadril ter vervanging van Patrick Riguele. De groep was zo tevreden met haar als nieuwe zangeres dat de eerstvolgende CD Eva (1999) werd gedoopt. In dezelfde periode deed ze ook aan cabaret (in 1999 won ze de juryprijs van het Leids Cabaret Festival met Eeef & Coo) en zong ze bij de groep Oblomow, opgericht door Gerry De Mol. Deze laatste samenwerking leverde onder meer de radiohit Later op en hieruit ontstonden de albums Min en Meer (2004) en Kleine Blote Liedjes (2005).
Na 8 jaar Kadril verliet ze de groep om zich ten volle te kunnen toeleggen op haar solo carričre. In 2006 kwam haar eerste soloalbum uit: De Jager, waar ook de singles Fantastig Toch en Anoniem op staan.
In Nederland brak ze door in 2007 met het album De jager, nadat ze in het voorprogramma van Ilse DeLange had opgetreden. Ook trad ze op bij het radioprogramma Giel (van Giel Beelen) en bij het televisie programma Mooi! Weer De Leeuw van Paul de Leeuw.
Joel werd op zijn veertiende jaar voor het eerst lid van een band. Ver in de jaren zestig maakte hij deel uit van de band Attila en daarna The Hassles. Ook speelde hij in pianobars onder de naam "Bill Martin". Zijn eerste soloalbum, "Cold Spring Harbor" (een referentie naar een stad op Long Island (New York)), kwam in 1971 uit.
Joel ging op tournee met Elton John; gedurende de tournees speelden ze elkaars liederen en voerden duetten op. Joel werd in 1999 opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame.
In januari 2007, werd bekend gemaakt dat Joel bezig was aan een nieuwe popsingle (de eerste sinds 1993's River of dreams). In februari kwam die single daadwerkelijk uit, getiteld All my lives.
Joel is geboren in wat vandaag de dag bekend staat als de South Bronx en groeide op op Long Island (New York)), een welvarende regio buiten New York City, in een stad genaamd Hicksville in de historische wijk Levittown. In zijn teksten refereert hij vaak naar locaties in New York City. Zo verwijst hij bijvoorbeeld in het lied "It's Still Rock & Roll to Me" naar Miracle Mile, een winkelcentrum op Northern Boulevard in de wijk Manhasset.
Joel werd bij het schrijven van zijn teksten ook sterk geďnspireerd door eigen ervaringen; wellicht zijn de beste voorbeelden hiervan "Piano Man", dat hij schreef naar aanleiding van zijn ervaringen als pianist in een pianobar in de jaren zeventig, en "Scenes from an Italian Restaurant" dat waarschijnlijk gaat over het restaurant Christiano's of een vergelijkbaar restaurant in de New Yorkse wijk Little Italy. Zijn lied "New York State of Mind", een nummer van het in 1976 verschenen album Turnstiles dat sindsdien een popklassieker is geworden, geeft ook blijk van zijn affiniteit met zijn thuisstaat.
Joel staat ook bekend om zijn impressies van het leven in Lehigh County (Pennsylvania), dat hij hulde toeschrijft in een van zijn meest populaire liederen, "Allentown" dat in 1982 uit kwam. Het lied verwoordt het leven in industrieel Allentown (Pennsylvania) in het begin van de jaren tachtig.
Joels dochter Alexa is ook een bron van inspiratie geweest; hij schreef "Lullabye" voor haar. Hij combineert zijn liefde voor zijn dochter met een impressie van het onaangename leven van kapiteins in de zeevisserij in het lied "The Downeaster Alexa". "Uptown Girl" was een liefdeslied over de schijnbaar onmogelijke liefde tussen hemzelf en Christie Brinkley, Alexa's moeder en zijn tweede vrouw.
Joel had altijd een goedgelovige, open instelling in zowel zijn zakelijke als persoonlijke relaties. Deze instelling manifesteerde hij in nummers als "Tell Her About It", "Honesty" en "And So It Goes". Het is ook terug te vinden in zijn omschrijving van de ingrediënten die benodigd zijn voor een geslaagde relatie in "A Matter of Trust".
Het nummer "We Didn't Start the Fire" somt historische gebeurtenissen op van zijn geboorte in 1949 tot midden jaren tachtig, de eerste vijfendertig jaren van Joels leven, die zijn fascinatie voor cultuur en geschiedenis weerspiegelen. Het lied "Leningrad" toont Joels waardering voor de geschiedenis van de Sovjet-Unie en zijn gevoelens voor de Koude Oorlog, waarin hij opgroeide. Voordat Joel de muziekindustrie betrad wilde hij geschiedenisleraar worden; later in zijn carričre kreeg hij de bevoegdheid om in de staat New York te onderwijzen.
Joel heeft recentelijk opnieuw vorm gegeven aan zijn interesse voor klassieke muziek en is gaan experimenteren op dat gebied. "Fantasies and Delusions", zijn eerste album met klassieke werken, kreeg een lauwe reactie van critici, maar kreeg een nummer 1-notering op klassieke hitlijsten.
Joel trouwde daarna in maart 1985 met supermodel Christie Brinkley. Uit hun huwelijk is één dochter voortgekomen, Alexa Ray Joel. Zij is geboren op 29 december1985. Dit huwelijk eindigde ook in een scheiding in augustus 1994.
Op 3 oktober2004 trouwde Joel met de 23-jarige Katie Lee. Lee studeerde af aan de Miami University in Oxford (Ohio). Op hun trouwdag was Joel 54 jaar. Joels dochter van 18 jaar, Alexa, was bruidsmeisje. De ex-vrouw van Joel, Christie Brinkley, begeleidde de ceremonie en gaf het koppel haar zegen. Lee werkt als culinair journalist voor het PBS(Public Broadcasting Service)-programma George Hirsch: Living it Up!.
Joel heeft in het verleden een aantal auto-ongevallen gehad, inclusief verscheidene die naar verluidt veroorzaakt zijn onder invloed van drank.
In de lente van 1982, toen Joel al was begonnen aan zijn album The Nylon Curtain, raakte hij betrokken bij een motorongeval; een vrouw reed in een auto door rood licht en raakte Billy Joel op zijn Harley-Davidson-motor. Hij brak zijn linkerpols en zijn hand was ernstig verwond. Wanneer Billy Joel het verhaal vertelt, zegt hij dat de politieagent op de plaats van het ongeval zijn rijbewijs bekeek, de naam "William Joel" las en tegen de vrouw zei: "Hey mevrouw, u hebt Billy Joel aangereden!". Nadat de vrouw vernam wie ze had aangereden, vroeg ze zijn handtekening. Joel bood haar, met bloedende pols, aan een handtekening te zetten. Door de operatie, nodig om een tijdelijke pin aan te brengen, en een verblijf van een maand in het ziekenhuis werd de productie van het album tijdelijk stopgezet tot Joel voldoende was hersteld.
Een bijkomstig obstakel voor de zanger was de instorting van zijn huwelijk met Weber, een gebeurtenis die hoofdzakelijk wordt toegeschreven aan de spanning, veroorzaakt door Webers management van de carričre van haar man.
Tegen het eind van 1982 ging het stel uit elkaar. Toen ze vertrok, nam ze de helft van de bezittingen van de zanger mee. Onder zulke persoonlijke omstandigheden bleek het maken van muziek voor het album erg lastig: "Je bent altijd in de woestijn op zoek naar de oase en alles wat je daar bij je hebt is de piano; dat grote, zwarte beest met 88 tanden... 50.000 pakjes sigaretten later begin je het te begrijpen."
In 2003 reed Joel met zijn gloednieuwe Mercedes-Benz Coupé tegen een boom. In 2004 reed hij met zijn Citroën uit 1967 het huis van een 90-jarige vrouw binnen.
Joel werd in maart 2005 opgenomen in het Betty Ford Center voor de behandeling van drankmisbruik vanwege "een tijdelijke, ernstige, aan de maag gerelateerde noodzaak" aldus zijn mediavoorlichter. Hij verliet de inrichting in april 2005. Een vriend van Joel gaf aan dat Joel alle vormen van alcohol compleet had afgezworen. Joel was al eerder behandeld wegens alcoholmisbruik in 2002, toen hij twee weken in het Silver Hill-ziekenhuis in Connecticut verbleef.
Kenneth Donald Rogers (Houston, Texas, 21 augustus1938), beter bekend als Kenny Rogers,
is een Amerikaanse countryzanger, fotograaf, songwriter, acteur en
zakenman. 'Ruby (Don't Take Your Love To Town)', 'Islands In The
Stream' (met Dolly Parton) en 'The Gambler' behoren tot zijn meest
succesvolle hits. Naast vele solo-hits heeft hij ook een aantal duetten
gezongen met onder andere Dolly Parton en Dottie West.
Met zijn indrukwekkende zangcarričre van bijna 40 jaar inclusief meer
dan 20 #1-hits kan Kenny Rogers beschouwd worden als een van de
grootste countryzangers aller tijden. De zangcarričre van Kenny Rogers begint in 1956,
wanneer hij zich op 17-jarige leeftijd aansluit bij de lokale rockband
'The Scholars'. De band sluit een platencontract af en in korte tijd
produceren ze twee singles waarmee ze lokaal succes hebben. Kort daarna
verlaat Rogers The Scholars voor de Jazzband 'Bobby Doyle Trio' om die
in 1966 weer te verlaten voor de 'New Christy Minstrels'. Een jaar
later richt Rogers samen met een aantal bandleden 'The First Edition'
op. Na hun eerste hit, 'I Just Dropped In (To See What Condition My
Condition Was In)' groeit Rogers in korte tijd uit tot het gezicht van
de band. In 1968
verandert de band haar naam in 'Kenny Rogers and The First Edition'. Na
het eerste succes volgen in rap tempo nieuwe successen: met de singles
'Ruby, Don't Take Your Love to Town', 'Reuben James' en 'Tell It All
Brother' verwerft de band nationale bekendheid. De band lanceert in de
beginjaren '70 een eigen wekelijkse TV-show: 'Rollin' on the River'. De
show is redelijk succesvol, maar de druk om samen een wekelijkse show
te maken zorgt voor spanningen tussen de bandleden en leidt
uiteindelijk tot haar einde in 1974. In de jaren daarvoor heeft de band
nauwelijks nog hits gehad.
Na het uiteenvallen van 'Kenny Rogers and The First Edition' besluit Rogers in 1975
om een solo-carričre te beginnen. Van meet af aan richt hij zich op de
countrymuziek. De single 'Love Lifted Me' wordt zijn eerste top 20-hit,
maar met 'Lucille' breekt hij definitief door. 'Lucille' haalt in maar
liefst 12 landen de eerste plaats in de hitlijsten, gaat wereldwijd
ruim vijf miljoen maal over de toonbank en wordt gekozen tot CMA’s
Single of the Year. Rogers bouwt zijn succes uit met 'Don't Fall in
Love With a Dreamer' (#4, met Kim Carnes), 'Through the Years' (#13),
'We've Got Tonight' (#6, met Sheena Easton)
en zijn twee #1-hits 'Islands in the Stream' (met Dolly Parton) en
'Lady'. Aan het einde van de jaren '70 heeft Rogers wereldwijd meer dan
$100 miljoen aan zijn platen verdiend.
Het jaar 1978
wordt een nieuw succesjaar voor Rogers wanneer zijn single 'The
Gambler' niet alleen een grote hit wordt, maar ook een televisieserie
waarin hijzelf de hoofdrol gaat spelen. 'The Gambler' wordt de
langstlopende miniserie uit de filmgeschiedenis en hiermee start Rogers
een carričre als acteur. Hij speelt de hoofdrol in de film 'Six-Pack'
(1982) en de serie 'Coward Of The County' (1981), die gebaseerd is op
zijn gelijknamige #1-single.
Begin jaren '80 behaalt Rogers met de twee nieuwe, romantische
singles 'She Believes In Me' en 'You Decorated My Life' wederom de
eerste plaats in Amerikaanse hitlijsten, terwijl de eerder uitgebrachte
'Lady' en 'Through The Years' opnieuw een succes worden.
In 1983
ondertekent Rogers een recordbrekend $20 miljoen contract met
platenmaatschappij RCA. Tussen 1983 en 1990 brengt Rogers maar liefst
23 top 40 singles en 10 top 40 albums uit. Vanaf die tijd gaat hij zich
steeds vaak bezighouden met andere dingen en zet hij zijn solocarričre
op een laag pitje. Zo heeft hij zich ontwikkeld tot een gerespecteerd
fotograaf, publiceert hij korte verhalen en foto's en heeft hij
gespeeld in zijn eigen kerstmusical, The Toy Shoppe.
In 1991 opent Rogers samen met Kentucky Fried Chicken
topman John Y. Brown Jr. zijn eigen 'Kenny Rogers
Roasters'-restaurantketen. Tegen de tijd dat Rogers in 1999 met 'The
Greatest' opnieuw hoog in de hitlijsten staat heeft de Amerikaan zijn
eigen platenmaatschappij, Dreamcatcher Entertainment, opgericht. In 2001
behaalt Kenny Rogers met 'Buy Me a Rose' na bijna 10 jaar weer een
#1-hit. Drie jaren later, in 2004, brengt hij zijn ultieme album uit:
Kenny Rogers 42 Ultimate Hits. Deze collectie bevat naast 40 gouden
ouwe, twee nieuwe nummers: 'We Are The Same' en 'My World Is Over',
waarmee hij op typische wijze afscheid neemt van het grote publiek en
zijn carričre min of meer beëindigt. Na een zangcarričre van bijna 40
jaar heeft Kenny Rogers wereldwijd meer dan 60 top 40 hitsingles gehad,
waaronder zo'n 25 #1-hits. In totaal heeft hij 50 gouden albums gemaakt.
Kenny Rogers woont met zijn vijfde vrouw Wanda Miller, met wie hij in 1997 trouwde, op een 1200 hectare groot landgoed in de Amerikaanse staat Georgia. De countrylegende heeft vijf kinderen, onder wie Kenny Rogers Jr., die een eigen zangcarričre heeft.
Chris Rea is met zijn krasse zangstem vooral bekend geworden met nummers als Fool (If you think it's over), Josephine en Driving home for Christmas, die nog altijd veel gedraaid worden op de radio.
Verder schreef hij een aantal nummers voor films, en een aantal van
zijn bekendere nummers werden gebruikt als themamuziek. Hij speelde
zelf in twee films, in 1985 in Willie and the Poor Boys en in 1999 in Parting Shots, waar hij tevens de muziek van deed. Hij schreef en produceerde de film La Passione, die in 1996 verscheen.
In 2005 heeft hij nog 11 nieuwe cd's uitgebracht (130 nummers), een
dvd en een boek met schilderingen die hij gemaakt heeft tijdens zijn
herstel van een ernstige ziekte rond het jaar 2000. Chris Rea heeft
omstreeks 2005 bekend gemaakt dat hij stopt met touren. In 2006 deed
hij zijn The Farewell Tour. Tijdens deze tour speelde hij oude
klassiekers en nieuwe nummers.
Hoewel zijn gezondheid hem nog steeds parten speelt, maakt Rea in
het najaar van 2007 zijn terugkeer naar het podium bekend. In het
voorjaar van 2008 heeft hij met een nieuwe band, the Fabulous Hofner
Blue Notes, een korte Europese tournee gedaan: "The Return of the
Fabulous Hofner Blue Notes". De band speelt een mix van blues en
instrumentale nummers, nieuwe songs en klassiekers. De muzikale
invloeden gaan van de instrumentele platen uit de jaren 50 tot en met
Miles Davis.
Een album van het quintet is verschenen in februari 2008.
Cincotti begon met spelen op een speelgoedpiano toen hij drie jaar
oud was. Toen hij op de middelbare school zat, trad hij regelmatig op
in verschillende clubs in Manhattan, en speelde in het Witte Huis. Op het Montreux Jazz Festival van 2000 won hij een prijs voor een bewerking van Dizzy Gillespies "A Night in Tunisia".
In 2004 speelde Cincotti een kleine rol in de film Beyond the Sea, en droeg hij bij aan de soundtrack van de film. Ook speelde hij een kleine rol in de film Spider-Man 2. Zijn nummer "December Boys" is de titeltrack van de film December Boys, waarin Daniel Radcliffe meespeelt.
Zijn debuut-cd, Peter Cincotti,
is een compilatie van traditionele en populaire jazznummers en enkele
nummers die Cincotti zelf geschreven heeft. Zijn tweede cd, On the Moon, bevat meer eigen werk maar behoudt dezelfde formule als het eerste album. Zijn laatste album, East of Angel Town, bevat alleen maar zelfgeschreven nummers en verscheen in Nederland en België op 8 november2007. Het werk aan dit album begon toen Cincotti een team vormde met de Grammy-winnaar David Foster, producent Humberto Gatica en Jochem van der Saag. East of Angel Town richt zich meer op popmuziek en rockmuziek met jazz invloeden, waar Cincotti's eerste twee albums meer jazz-georiënteerd beschouwd worden.
Het hart barstensvol geheimen, lavende oases in woestijnen, het kan beklijven, een liefdesgedicht schrijven, zelfs al wordt het weggegooid zonder te zijn voltooid. Het blijven woorden recht uit het hart, al zijn ze doordrenkt met enig zwart uit de schaduw van verlangen dat niet helemaal werd verbannen. Ze geraken, al zijn ze verscheurd, toch vermengd en gekleurd met karmijnrood, hartsgevoelens gaan niet zo vlug dood. Ze blijven wortel schieten, zeker als je ze met liefde blijft begieten, beginnen ze spontaan te groeien, weelderig open te bloeien, laten zich met tranenglans liefdevol vlechten tot een bloemenkrans. Ze worden, dat weet ieder die bemint door de meevoelende wind, fluisterend gebracht tot bij jou van wie ik hou!
Eurythmics (vaak maar onterecht The Eurythmics genoemd) is een in de jaren '80 zeer succesvol Britssynth pop-duo bestaande uit Annie Lennox en Dave Stewart. Lennox (een student aan de Royal Academie of Music in Londen) en Stewart ontmoetten elkaar aan het eind van de jaren '70. Al snel kregen ze een verhouding en richtten ze de groep The Catch op, samen met Pete Coombes. In 1979 werd The Catch omgedoopt tot The Tourists. De groep scoorde enkele hits in Groot-Brittannië, waaronder een cover van Dusty Springfields I Only Want to Be With You.
In 1980 ging de relatie tussen Stewart en Lennox over, maar ze besloten als muzikaal duo verder te gaan onder de naam 'Eurythmics'. Hun debuutalbumIn the garden uit 1981 werd door critici goed ontvangen, maar verkocht slecht.
In 1983 kwam het tweede album uit, Sweet Dreams (Are Made of This). De titelsong werd een nummer 1 hit in onder meer de Verenigde Staten en geldt anno 2006 nog steeds als een klassieker, vele malen gecoverd en geremixt.
Dave Stewart bekende later dat hij de bekende baslijn in dit lied per
ongeluk ontdekte toen hij een ander lied probeerde achterstevoren te
spelen. Annie Lennox verscheen op de cover van het Rolling Stone magazine. Nog in datzelfde jaar kwam het album Touch uit. Wederom scoorde de band top 10-hits, met Who 's That Girl, Right By Your Side en Here Comes The Rain Again. Melody Maker en NME riepen beide albums uit tot een van de beste van 1983.
Het volgende jaar maakte Eurythmics de soundtrack van de film1984. De regisseur van de film weigerde echter veel van de muziek te gebruiken: alleen het nummer Julia is vlak voor het einde van de film te horen. De single Sexcrime werd een hit in Europa, maar in de VS werd het nummer verboden vanwege de titel.
Het vierde album Be Yourself Tonight kwam uit in 1985. Na de elektronische albums van de voorgaande jaren was dit een meer rock/soul georďenteerd album. Op Be Yourself Tonight is een duet met Aretha Franklin te horen. Het nummer There Must Be An Angel (Playing With My Heart),
de enige nummer 1 hit die het duo in thuisland Groot-Brittannië wist te
scoren, staat op dit album. Het albums doet het zeer goed, zowel bij
critici als het publiek. Vier nummers van dit album worden hits.
Het commerciële album Revenge uit 1986
verkocht in de Verenigde Staten teleurstellend, maar deed het goed in
Europa. Eurythmics ging op een uitgebreide tournee om het album te
ondersteunen en tot op de dag van vandaag is Revenge wereldwijd het best verkochte album van de groep.
Vanaf 1987 ging Dave Stewart zich meer toeleggen op het produceren van werk voor anderen, onder wie Tom Petty en Bob Dylan. Desondanks verscheen in dat jaar nog wel het album Savage,
een terugkeer naar de elektronische roots en volgens veel fans het
beste Eurythmics-album. Het album ontvangt echter wisselende kritieken.
Twee jaar later verscheen het album We Too Are One. Het album verkocht teleurstellend in de Verenigde Staten, maar goed in Groot-Brittannië. In 1991 werd het verzamel-album Greatest Hits uitgebracht, een enorm succes in Europa, in Groot-Brittannië zelfs één van de 10 best verkochte albums van de jaren '90.
In 1990
besloten Lennox en Stewart enige tijd uit elkaar te gaan na jarenlang
intensief te hebben samengewerkt. Annie Lennox kreeg een baby en legde
zich toe op een succesvolle solocarričre. Dave Stewart ging vooral
produceren voor anderen. Zijn soloalbums flopten. Tussen 1990 en 1997
hadden Lennox en Stewart vrijwel geen contact, tot ze elkaar weer
ontmoetten op de begrafenis van een gemeenschappelijke vriend.
In 1999 verscheen Peace,
het eerste reguliere album van Eurythmics sinds 1989. In enkele landen
in Europa wordt dit licht teleurstellende album een succes.
In 2005 kwam het Ultimate Collection album uit, met daarop twee nieuwe nummers I 've got a life en Was it just another love affair?.
Het album is nauwelijks een toevoeging op het Greatest Hits album uit
1991. Tegelijkertijd verschijnen alle Eurythmics-albums opnieuw met
daarop extra nummers zoals b-kantjes en 12"-versies van singles.
De groep werd in januari 1981 opgericht door de gezusters Vicki en Debbi Peterson, wat later komen Susanna Hoffs en Annette Zilinskas erbij. Oorspronkelijk opereerde ze onder de naam The Colors, later dat jaar wordt dit The Bangs,
om uiteindelijk in 1982 The Bangles te worden. In dat jaar werd ook
Zilinskas vervangen door Michael Steele, ooit nog basiste bij The
Runaways.
In 1984 verscheen het eerste album All Over The Place, met eveneens een eerste bescheiden hitje Going Down To Liverpool. Het tweede album Different Light is echter de doorbraak. De single Manic Monday, dat gecomponeerd bleek te zijn door Prince onder de schuilnaam Christopher, is een wereldhit. Met de single Walk Like An Egyptian
deden ze dat succes nog een keer over, ook dat nummer staat wereldwijd
op nummer 1 in de hitparades. The Bangles waren tevens de eerste meidengroep, die zelf de instrumenten bespeelden, die in Nederland de nummer 1 positie behaalden.
Everything, het album uit 1988 met onder andere de hitsingle Eternal Flame,
doen de geruchten toenemen over een nakende opsplitsing van de groep.
In 1989 is het zover, Susanna Hoffs besluit een solocarričre te
beginnen, wat resulteert in de solo hit My Side of the Bed.
In 2000 kwamen The Bangles terug bij elkaar en besloten het nummer Get the Girl op te nemen voor de film Austin Powers: The Spy Who Shagged Me.
In 2003 komt het album 'Doll Revolution' uit. Hoewel de band verwoede
pogingen doet, en enkele tracks op het album tot hun beste werkjes
behoren, blijft commercieel succes uit. April 2005 besluit Michael om de band te verlaten en gaan de Bangles als trio verder. Maar op 31 december2005 komt er toch een plaatsvervanger, namelijk Abby Travis.
Kate Beckinsale is zo onzeker over haar achterwerk dat ze een stand-in
heeft geëist voor opnamen waarin ze van achteren wordt gefilmd. "Haar
personage in 'Whiteout' wordt gefilmd terwijl ze onder de douche staat,
waarbij de focus ligt op haar billen en dijen", verklapt een bron aan
de Britse krant Daily Mail. "Kate stond erop dat een stand-in werd
ingehuurd."
"Kate
heeft een verschrikkelijk zelfbeeld", stelt de bron. "Ze denkt dat ze
dik is en ze klaagt altijd over outfits waarin haar achterwerk dik
lijkt. Ze zei dat ze het niet aankon om haar billen op het witte doek
terug te zien."
Het laatste woord De
34-jarige Britse actrice speelt in de Hollywoodproductie 'Whiteout' een
politieagent die een moordenaar achterna zit op Antarctica. De opnamen
van de douchescene beginnen morgen. Beckinsale heeft naar verluidt een
eindstem over de actrice die haar vervangt in de pikante scene.
'Whiteout' wordt in Amerika in september in de bioscopen verwacht.
De musical 'Evita' komt eind dit jaar ook in ons land op de planken. De
productie met de Nederlandse actrice Brigitte Heitzer in de hoofdrol
reist in november van Nederland door naar Vlaanderen. Zo kunnen dus ook
wij genieten van het verhaal over de Argentijnse presidentsvrouw.
'Evita'
is van 20 tot 30 november te zien in het Capitole in Gent. Van 17 tot
en met 21 december staat de productie in de Stadschouwburg in Antwerpen.
"Victoria Beckham kan niet kussen." Dat zegt haar vroeger vriendje
Corey Haim, die in de jaren '80 nog enige bekendheid genoot dankzij
zijn rolletje in de onbeduidende tienerprent 'The Lost Boys'. Nu maakt
hij korte metten met de zoencapaciteiten van de Spice Girl. "Ze beet
constant op mijn lippen en maakte dat verschrikkelijk grrhh-geluidje
toen we kusten", aldus Haim.
Studio-opname Het
koppel leerde elkaar in 1995 kennen tijdens een studio-opname van de
meidengroep in Londen. Ze werden al snel zielsverwanten en Posh kon
niet wachten om haar nieuwste verovering aan haar ouders voor te
stellen. 's Nachts kreeg hij echter nooit de toelating om op Victoria's
slaapkamer te komen.
Drugsproblemen Of zijn
woorden heel serieus moeten genomen worden, valt te betwijfelen. De
acteur kwam nadien enkel nog in het nieuws met drugsproblemen en lijkt
op mentaal vlak het puberniveau nooit overschreden te hebben. Zo zette
hij een punt achter zijn korte affaire met Victoria omdat zij iets te
veel haar voorliefde voor de Britse boysband 'Take That' benadrukte.
Hoewel, bij nader inzien is dat nog zo geen slechte reden om je liefje
te dumpen.
Twee verlangende ogen, starend naar voorbijgane liefde en tederheid, vullen zich met tranen, omdat, ze nooit van die angst worden bevrijdt.
Zal ik bemind worden? Zal ik zonder angst met iemand kunnen leven? Word ik ooit verlost van deze vloek, die, zonder reden aan mij is gegeven?
Gevoelens die weggestopt worden, liefdes die ik nooit durf uit te spreken, mijn leven ontglipt me, zonder, dat iemand ook maar naar me heeft gekeken.
Misschien blijf ik altijd wel alleen, en breekt mijn hart telkens maar weer. Die vervloekte angst gaat niet weg, zodat, ik me tegen elke nieuwe liefde keer.
Liefdes komen, liefdes gaan, maar ik zit al levenslang met alleen de pijn. Nog nooit durfde ik écht lief te hebben, dit kan toch gewoon niet eerlijk meer zijn?