NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Foto
Inhoud blog
  • de stormmuur van blankenberge
  • VANDAAG jaren terug 24 juni 1901 pablo picasso
  • VANDAAG jaren terug 24 juni 1942 fleetwood mac
  • 24 juni 1987 lionel messi
  • VANDAAG jaren terug 23 juni 1981 zarah leander
  • VANDAAG jaren terug 23 juni 1981 zarah leander
  • VANDAAG jaren terug 23 juni 1962 rob de nijs
  • VANDAAG jaren terug 22 juni 1990 checkpoint
  • VANDAAG jaren terug 22 juni 1949 meryl streep
  • VANDAAG jaren terug 22 juni 1986 maradonna
  • VANDAAG jaren terug 21 juni citaten
  • VANDAAG jaren terug 21 juni computer touchscreen
  • VANDAAG jaren terug 21 juni computer printer
  • VANDAAG jaren terug 21 juni computer laptop
  • VANDAAG jaren terug 21 juni computer de muis
  • VANDAAG jaren terug 21 juni computer commodore
  • VANDAAG jaren terug 21 juni computer apple
  • VANDAAG jaren terug 21 juni computer
  • VANDAAG jaren terug 21 juni 1952 computer arra
  • VANDAAG jaren terug 21 juni 1988 bea egli
  • VANDAAG jaren terug 21 juni 1988 bea egli
  • VANDAAG jaren terug 20 juni 1949 lionel richie
  • VANDAAG jaren terug 20 juni 1949 lionel richie
  • VANDAAG jaren terug 20 juni 1967 nicole kidman
  • VANDAAG jaren terug 19 juni 1978 garfield
  • VANDAAG jaren terug 19 juni 1978 garfield
  • VANDAAG jaren terug 19 juni 1990 schengen
  • VANDAAG jaren terug 18 juni 1942 curd jurgens
  • VANDAAG jaren terug 18 juni 1942 curd jurgens
  • VANDAAG jaren terug 18 juni 1942 paul mccarney
  • VANDAAG jaren terug 18 juni 1942 paul mccarney
  • VANDAAG jaren terug 17 juni 1980 venus wlliams
  • VANDAAG jaren terug 17 juni 1980 venus wlliams
  • VANDAAG jaren terug 17 juni 1898 escher
  • VANDAAG jaren terug 17 juni 1945 eddy merckx
  • VANDAAG jaren terug 16 juni 1829 geronimo
  • VANDAAG jaren terug 16 juni 1829 geronimo
  • VANDAAG jaren terug 16 juni 1890 stan laurel
  • VANDAAG jaren terug 16 juni 1890 stan laurel
  • VANDAAG jaren terug 1903 ford
  • VANDAAG jaren terug 16 juni 1903 ford
  • 15 juni ella fitzgerald
  • VANDAAG jaren terug 15 juni ella fitzgerald
  • demis roussos
  • VANDAAG jaren terug 15 juni demis roussos
  • VANDAAG jaren terug 14 juni auschwitz
  • VANDAAG jaren terug 14 juni auschwitz
  • VANDAAG jaren terug 14 juni auschwitz
  • VANDAAG jaren terug 14 juni 1864 alzheimer
  • VANDAAG jaren terug 14 juni 1928 che guevara
  • 13 juni benny goodman
  • VANDAAG jaren terug 13 juni benny goodman
  • 13 juni henk wijngaard
  • VANDAAG jaren terug 13 juni henk wijngaard
  • VANDAAG jaren terug 13 juni de legte
  • VANDAAG jaren terug 12 juni anne frank
  • VANDAAG jaren terug 11 juni le mans
  • VANDAAG jaren terug 11 juni fabiola
  • VANDAAG jaren terug 11 juni mandela
  • max van praag
  • VANDAAG jaren terug 10 juni max van praag
  • Ray Charles
  • VANDAAG jaren terug 10 juni Ray Charles
  • benny neyman
  • VANDAAG jaren terug 9 juni Benny Neyman
  • VANDAAG jaren terug 9 juni Donald Duck
  • boerenkrijg
  • gratiebossen
  • uitbergen
  • berlare
  • donkmeer
  • overmere
  • zele
  • ZELE-OVERMERE-DONKMEER-BERLARE-UITBERGEN
  • ZELE-OVERMERE-DONKMEER-BERLARE-UITBERGEN
  • ZELE-OVERMERE-DONKMEER-BERLARE-UITBERGEN
  • ZELE-OVERMERE-DONKMEER-BERLARE-UITBERGEN
  • VANDAAG jaren terug 8 juni 1972 napalm
  • VANDAAG jaren terug 8 juni 632 mohammed
  • VANDAAG jaren terug 8 juni 1972 napalm
  • VANDAAG jaren terug 8 juni bonnie tyler
  • VANDAAG jaren terug 7 juni Alan Tuning
  • VANDAAG jaren terug 7 juni Gaudi
  • VANDAAG jaren terug 7 juni Paul Gauguin
  • VANDAAG jaren terug 7 juni Tom Jones
  • VANDAAG jaren terug 6 juni 1944 the longest day
  • VANDAAG jaren terug 6 juni 1944 landing normandie
  • VANDAAG jaren terug 6 juni vrijheidsbeeld
  • VANDAAG jaren terug 5 juni internetcafe
  • VANDAAG jaren terug 5 juni reagen
  • VANDAAG jaren terug 4 juni hete luchtballon
  • VANDAAG jaren terug 4 juni Ghysen J
  • ZORBA
  • VANDAAG jaren terug 3 juni 2001 ZORBA
  • VANDAAG jaren terug 3 juni curtis mayfield
  • VANDAAG jaren terug 3 juni 1906 Josephine Baker
  • VANDAAG jaren terug 2 juni van gogh
  • VANDAAG jaren terug 2 juni de pil
  • VANDAAG jaren terug 2 juni 1904 tarzan
  • the beatles
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    blankenbergsseniorensteedje

    06-06-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 6 juni vrijheidsbeeld

    Het (Amerikaanse) vrijheidsbeeld komt op 6 juni 1885 op het Franse schip 'Isere' aan in New York. Het Vrijheidsbeeld (Engels: Statue of Liberty) is een standbeeld in de New York Bay. Het beeld staat symbool voor de vrijheid, een van de kernwaarden van de Verenigde Staten, en geldt bovendien als een teken van verwelkoming van iedereen: terugkerende Amerikanen, gasten en immigranten. Het 46 meter hoge beeld (93 meter als de sokkel wordt meegerekend) met een gewicht van 225 ton was een geschenk van Frankrijk ter ere van het eeuwfeest van de Onafhankelijkheidsverklaring en ook als teken van vriendschap. Op de plaquette in haar linkerhand staat "JULY IV MDCCLXXVI", de datum (4 juli 1776) van de verklaring in Romeinse cijfers. Op het voetstuk staat het sonnet The new Colossus (1883) van de Joodse dichteres Emma Lazarus, met de bekende regel Give me your tired, your poor, die de Amerikaanse gastvrijheid zou uitdrukken. In de Jardin du Luxembourg in Parijs bevindt zich het originele beeld, dat stamt uit 1870 en door Frédéric Bartholdi, een Frans ontwerper en beeldhouwer, is gebruikt als basis voor de grote zuster in de VS. De moeder van Bartholdi zou model hebben gestaan. De grote variant voor de VS werd voorzien van een staalconstructie, ontworpen door Gustave Eiffel. De volledige naam van het beeld luidt in het Frans La liberté éclairant le monde (de Vrijheid die de wereld verlicht) en in het Engels Liberty Enlightening the World. Oorspronkelijk was het bedoeld als reusachtige vuurtoren aan de noordelijke ingang van het Suezkanaal, maar Egypte had er geen geld voor. Het beeld werd in juli 1884 voltooid in Frankrijk, en ten geschenke gegeven aan de Verenigde Staten. In juni 1885 arriveerde het beeld in de haven van New York, na een reis over de Atlantische Oceaan te hebben gemaakt aan boord van het Franse fregat Isere. Tijdens deze reis bestond het beeld uit 350 stukken, verdeeld over 214 kratten. In april 1886 was het nieuwe voetstuk klaar. In een tijdsbestek van 4 maanden werd het beeld weer in elkaar gezet. Op 28 oktober 1886 werd het Vrijheidsbeeld ingehuldigd.[3] Het bestaat geheel uit koperen platen die bevestigd zijn aan een geraamte. Maurice Koechlin, een naaste medewerker van Eiffel, kreeg de leiding bij het vervaardigen van de constructie. De sokkel werd van graniet gemaakt, naar een ontwerp van de Amerikaanse architect Richard Morris Hunt.[4] De kroon bestaat uit zeven punten, symbool voor de zeven continenten en zeeën. Op 15 oktober 1924 werd het standbeeld samen met Fort Wood tot National Monument bestempeld. Het Vrijheidsbeeld werd Statue of Liberty National Monument. In 1935 werd heel Bedlou's Island hieraan toegevoegd en omgedoopt tot Liberty Island. Op 11 mei 1965 werd ook Ellis Island aan dit National Monument toegevoegd. Van 1984-1986 is het beeld gerestaureerd, waarbij de toorts met de 24-karaats bladgouden vlam is vervangen. Sinds 1984 staat het Vrijheidsbeeld op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Na de aanslagen op 11 september 2001 is het beeld enige jaren gesloten geweest voor het publiek. In 2003 werd het toen 118 jaar oude monument wederom gerestaureerd, vooral om de veiligheid van de bezoekers te vergroten en het behoud van het beeld te waarborgen. Sinds de zomer van 2004 is het Vrijheidsbeeld weer te bezoeken. Er is een veerverbinding van Battery Park op het zuidpuntje van Manhattan naar Liberty Island, het eiland waarop het Vrijheidsbeeld staat, en naar Ellis Island, waar de aankomsthallen voor immigranten te bezichtigen zijn. Op Onafhankelijkheidsdag (4 juli) 2009 is ook de kroon van het Vrijheidsbeeld, voor het eerst sinds 11 september 2001, weer opengesteld voor het publiek Een kopie van 11,5 meter hoog bevindt zich in Parijs, op het Île aux Cygnes in de Seine, vlak bij de Eiffeltoren. Dit beeld werd onthuld in 1885. Omdat toen het bronzen beeld nog niet klaar was, werd een gipsen kopie gebruikt. Het definitieve beeld werd in 1889 geplaatst. Hoewel Bartholdi het in de richting van haar zusterbeeld in het westen wilde laten kijken, werd het beeld aanvankelijk naar de
    Eiffeltoren gericht om te voorkomen dat het met de rug naar het presidentiële paleis, het Élysée, zou komen te staan. Bij de wereldtentoonstelling van 1889 is het beeld uiteindelijk omgedraaid; het is nu gericht op New York. Afgezien van het verschil in grootte, is het verschil met het beeld in New York dat de Parijse kopie een boek in de hand houdt dat zowel de datum van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring toont (4 juli 1776), als de datum van de Franse Revolutie (14 juli 1789). Een 2,50 meter hoge kopie is in 1913 geplaatst in Saint-Cyr-sur-Mer. Daarnaast bevinden zich kopieën, allemaal op minder dan ware grootte, te Barenti, Colmar(de geboorteplaats van Bartholdi), Lunel, Poitiers en Roybon. In het Franse dorp Châteauneuf-la-Forêt (Haute-Vienne 87130) bekroont een kleine kopie sinds 1922 het plaatselijke Monument aux Morts. Een exacte kopie van de vlam van het Vrijheidsbeeld is te zien nabij de Pont de l'Alma in Parijs. Deze Vrijheidsvlam is jarenlang beplakt met gedachtenissen aan prinses Diana die bij de Alma-tunnel verongelukte en later overleed. Hoewel de eerste beplakkingen verwijderd zijn, wordt de Vrijheidsvlam nog steeds als officieus herdenkteken voor prinses Diana beschouwd. Er worden nog regelmatig boodschappen en bloemen bij het monument achtergelaten. Op het Plein van de Hemelse Vrede werd bij het studentenprotest van 1989 ook een Vrijheidsbeeld opgericht, maar dat werd bij het breken van het protest opgeruimd. In de Verenigde Staten zelf staat een kopie voor het New York-New York Hotel & Casino in Las Vegas, Het Deense Billund herbergt een plastic versie van het beeld. Dit beeld bestaat geheel uit de kleine bouwsteentjes van LEGO en staat in Legoland. Ook in Tokio staat een kopie. In het attractiepark Heide-Park in Duitsland staat tevens een kopie. Het beeld staat midden in een vijver en op de plaquette staat de naam van het park geschreven. In Nederland staat in Assen tijdelijk een versie van het beeld, gemaakt door beeldhouwer Natasja Bennink. Haar interpretatie vertoont specifiek Drentse kenmerken, zoals een blik bruine bonen in plaats van de fakkel en zes punten op de kroon, die verwijzen naar de zes middeleeuwse rechtsdistricten van de provincie. Het standbeeld is van 19 november 2017 tot 27 mei 2018 te zien, zolang in het Drents Museum een tentoonstelling loopt over het naoorlogs Amerikaans Realisme.







    06-06-2018 om 09:27 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    05-06-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 5 juni internetcafe
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    5 juni 2000 opening eerste internetcafe La Bastille opent eerste Internetcafé in Amsterdam EasyEverything en KPN vechten al maanden om de eer, maar het door Sun gesponsorde café La Bastille in Amsterdam gaat er met de eer vandoor. Daar komt het eerste grootschalige Internetcafé van Nederland. De 37 werkplekken worden uitgerust met de Sun Ray enterprise appliance, plug & play apparaten.
    Geheel nieuw is de wijze waarop betalingen door bezoekers kunnen worden verricht. Als eerste in Nederland introduceert het internetcafé La Bastille de zogenaamde Smart card. Bij binnenkomst ontvangt de bezoeker een persoonlijke kaart waarop niet alleen de kosten van het Internet-gebruik worden geregistreerd, maar ook de kosten van consumpties.
    Het internetcafé richt zich op een zeer breed publiek: scholieren en studenten, toeristen, maar ook zakenmensen. Het café wordt gehost door provider WideXS. Wat een uur toegang gaat kosten is nog niet bekend.
    De initiatiefnemers van dit Internetcafé zijn op zoek gegaan naar een combinatie tussen het authentieke Amsterdamse bruincafé en aspecten van het moderne van de 21e eeuw. Het resultaat is een oud Amsterdams grachtenpand nabij het Leidseplein, dat ingericht is in "oude stijl": houten meubelen, vloeren en plafonds, grove bakstenen, een kroonluchter en donkere gewelven. Het geheel is gecombineerd met moderne accenten. Het pand is een ontwerp van Architect Michel Ruigrok van architectenbureau Wim Klaasen uit Amsterdam. Het café is gevestigd aan de Lijnbaansgracht 246.

    05-06-2018 om 10:56 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 5 juni reagen

    5 juni Ronald Reagen Ronald Wilson Reagan (Tampico (Illinois), 6 februari 1911 – Los Angeles, 5 juni 2004) was de 40e president van de Verenigde Staten van 1981 tot 1989. Reagan ging, na een carrière als filmacteur, in de politiek. Als lid van de Republikeinse Partij was hij van 1967 tot 1975 de 33e gouverneur van Californië, alvorens hij als opvolger van de Democraat Jimmy Carter de 40e president van de Verenigde Staten werd en twee ambtstermijnen – van 1981 tot 1989 – in deze functie de Verenigde Staten regeerde. Reagans eerste termijn als president werd vooral gekenmerkt door een aanbodeconomisch beleid, later Reaganomicsgenoemd, met een nadruk op belastingverlagingen om economische groei te stimuleren, beperkingen op het geldaanbod om de inflatie te verlagen, het dereguleren van de economie, een afname van overheidsuitgaven en een beperking van de macht van vakbonden. Hij werd in 1984 herkozen als president. Zijn tweede termijn werd overheerst door buitenlandse gebeurtenissen, zoals het einde van de Koude Oorlog, de door hem uitgevoerde bombardementen op Libië in 1986 en het aan het licht komen van de Iran-Contra-affaire waardoor zijn regering grote imago-schade opliep: het bleek dat in het geheim wapens aan Iran geleverd waren, met de opbrengst waarvan de opstandelingen in Nicaragua gefinancierd waren. Reagan omschreef de SovjetUnie publiekelijk als "het rijk van het kwaad", en steunde anticommunistische bewegingen wereldwijd. Reagan zocht evenwel tegelijkertijd een diplomatieke uitweg voor de wapenwedloop tussen de VS en de Sovjet-Unie; dit resulteerde in het sluiten van het INF-verdrag waarin beide landen overeenkwamen een groot aantal (nucleaire) raketten te vernietigen. Reagan was de zoon van schoenverkoper en verhalenverteller Jack Reagan (van Iers-katholieke afkomst) en Nelle Clyde Wilson Reagan (van Schots-Engelse komaf). Hij werd geboren in Tampico, maar groeide op in Dixon. Zijn eerste baantje was als strandwacht bij de Rock River in Lowell Park, bij Dixon, in 1927. Hij redde 77 personen in deze functie en elke reddingspoging noteerde hij door een markering aan te brengen op een stuk hout. Hij genoot hierna zijn opleiding aan het Eureka College, waar hij een graad haalde in economie en sociologie. Tijdens zijn studie blonk hij uit in politiek, sport en theater en was hij lid van het voetbalteam en aanvoerder van het zwemteam. Tijdens zijn studie leidde Reagan een studentenopstand tegen de president van het college. Na zijn studie begon Reagan zijn carrière bij een regionaal radiostation als sportverslaggever. De filmmaatschappij Warner Bros bood hem in 1937 een contract aan; hij bracht de daarop volgende eerste jaren in Hollywood door als acteur in B-films, waar, zoals Reagan grapte, de producenten didn't want them good, they wanted them Thursday. Hoewel zijn rollen vaak overschaduwd werden door die van anderen kreeg hij voor zijn acteerprestaties goede kritieken. De eerste belangrijke rol die Reagan kreeg was de leidende rol in de film Love is on the Air (1937) en tegen het einde van 1939 was hij al in 19 films verschenen, waaronder Dark Victory. Vlak voor de film Santa Fe Trail speelde hij de rol van George "The Gipper" Gipp in de rolprent Knute Rockne, all American. Door deze film kreeg hij later de bijnaam "The Gipper". In 1941 werd hij tot de op vier na populairste acteur van de nieuwe generatie in Hollywood gekozen. De favoriete rol van Reagan was die van een man die dubbel geamputeerd was (Kings Row, 1942), waarin hij de tekst Where's the rest of me? uitsprak; deze woorden gebruikte hij later als titel van zijn autobiografie, die uitkwam in 1965. Veel critici zien Kings Row tegenwoordig als een van de beste films van Reagan, hoewel de film werd gekraakt door de criticus van de New York Times, Bosley Crowther, maar desalniettemin genomineerd werd voor drie Oscars. Hoewel Reagan Kings Row de film noemde die van hem een ster maakte was hij niet in staat het succes te kapitaliseren omdat hij in actieve dienst werd geroepen van het Amerikaanse leger te San Francisco; dat was twee maanden nadat de film was uitgebracht. Hij zou in de toekomst ook niet meer een sterrenstatus in films herkrijgen. In de naoorlogse periode, na bijna vier jaar dienst bij de World War II stateside service in de eerste Motion Picture Unit, hervatte hij zijn filmcarrière met The Voice of the Turtle, John loves Mary, The Hasty Heart, Bedtime for Bonzo, Cattle Queen of Montana, Tennessee's Partner en Hellcats of the Navy and the Killers (zijn laatste film, een remake in 1964). Tijdens zijn filmcarrière beantwoordde hij vaak persoonlijk zijn fanmail.
    De loopbaan van Reagan werd, net als die van veel andere acteurs in die jaren, in negatief opzicht beïnvloed door de Tweede Wereldoorlog. Vlak voor het uitbreken daarvan had hij een contract getekend dat hem tot een van de best betaalde acteurs van dat moment maakte. Tijdens de looptijd van dit contract brak de oorlog uit en werd hij opgeroepen voor actieve dienst in het Amerikaanse leger. Hij had in de jaren dertig, in de tijd dat hij reserveofficier was, 14 cursussen van het leger gevolgd en werd op 29 april 1937 als soldaat toegevoegd aan troop B, 322nd cavalry in Des Moines. Op 25 mei 1937 werd hij bevorderd tot tweede luitenant in het reservecorps der officieren van de cavalerie. Doordat Reagan slechte ogen had werd hij niet naar Europa gezonden maar als liaisonofficier ingezet te San Francisco Port bij de Port and Transportation Office. Reagan vroeg op 15 mei 1942 overplaatsing naar de AAF aan en werd toegevoegd aan de AAF Public Relations en uiteindelijk bij de First Motion Pictures Unit geplaatst. Reagan keerde na afloop van zijn dienstplicht weer terug naar deze eenheid en werd op 22 juli 1943 aldaar bevorderd tot kapitein. In deze tijd was hij een aanhanger van de Democratische Partij. Terwijl hij diende bij de First Motion Picture Unit in 1945 was hij direct betrokken bij de ontdekking van actrice Marilyn Monroe. Hij keerde vervolgens terug naar Fort MacArthur, Californië, waar hij de actieve dienst op 9 december 1945 verliet. Tegen het einde van de oorlog had zijn eenheid meer dan 400 trainingsfilms voor de AAF geproduceerd. Reagan werd in 1941 voor het eerst gekozen in de Board of Directors van de Screen Actors Guild. Na de Tweede Wereldoorlog hervatte hij deze werkzaamheden en in 1946 werd hij tot derde vicepresident gekozen. In 1947 leidde de aanname van een aantal wetten ertoe dat de SAG-president en zes leden van het bestuur ontslag namen; Reagan werd in een speciale verkiezing gekozen tot president; hij werd daarnaast gekozen om nog zeven jaren deze functie te bekleden, van 1947-1952 en in 1959. Hij leidde de SAG door moeilijke jaren, die gekenmerkt werden door allerlei ruzies, de Taft-Hartley Act, de House Committee on Un-American Activities (HUAC) hoorzittingen en de tijd van de Zwarte Lijst. Tijdens de periode van het Mccarthyisme zorgde hij ervoor dat de FBI namen van acteurs kreeg, waarvan hij geloofde dat ze volgers van het communisme waren. Reagan getuigde hierover ook voor de House UnAmerican Activities Committee. Hij was een fervent anticommunist en betuigde zijn steun aan democratische principes, waarover hij zei: I never as a citizen want to see our country become urged, by either fear or resentment of this group, that we ever compromise with any of our democratic principles through that fear or resentment. In 1950 ging hij naast zijn acteursbestaan werken voor het bedrijf General Electric (huishoudelijke apparaten). Hij werd het 'reclamegezicht' van GE en trok met een roadshow door het land om de producten aan te prijzen. Ook werkte hij van tijd tot tijd voor de televisie, toen nog een medium in de kinderschoenen. Ronald Reagan trad op als 'host' van een aantal zaterdagavondprogramma's, met GE Theater als bekendste. In deze tijd maakte hij geleidelijk de overgang naar de Republikeinen. Hij verwierf in 1964 landelijke bekendheid met een televisietoespraak ter ondersteuning van de Republikeinse presidentskandidaat Barry Goldwater. Deze toespraak, A time for choosing, bevatte het gedachtegoed dat zijn gehele politieke carrière onveranderd is gebleven: een beperkte rol voor de overheid, bescherming van individuele vrijheden en een krachtig militair apparaat om deze te beschermen in een wereld die, volgens Reagan, steeds sterker werd bedreigd door het communisme. In 1938 speelde Reagan naast actrice Jane Wyman (1917-2007) in de film Brother Rat. Zij verloofden zich in het Chicago Theater en trouwden op 26 januari 1940 in de Wee Kirk o' the Heather kerk in Glendale. Het echtpaar kreeg 2 kinderen, Maureen en Christine en adopteerde een derde kind, Michael. Na een twist over de politieke aspiraties van Reagan vroeg Wyman in 1948 echtscheiding aan en voerde hierbij als reden de activiteiten van Reagan voor de Screen Actors Guild aan, waardoor er een onoverbrugbare afstand was ontstaan. Reagan was later de eerste en tot de verkiezing van Donald Trump in 2016 de enige Amerikaanse president die gescheiden was. Reagan ontmoette actrice Nancy Davis (1921-2016) in 1949, nadat zij hem in zijn functie als president van de Screen Actors Guild benaderde om haar te helpen met zaken betreffende haar verschijning op de zwarte lijst in Hollywood (op de lijst was zij aangezien voor een andere Nancy Davis).
    Reagan begon zijn politieke loopbaan als een progressieve Democraat, was een bewonderaar van Franklin Delano Roosevelt en verleende actieve steun aan diens New Dealpolitiek. In de vroege jaren vijftig begon zijn politieke voorkeur naar rechts te veranderen. Hij bleef wel actief voor de Democraten maar steunde intussen de Republikeinse presidentskandidaten Dwight D. Eisenhower in 1952 en Richard Nixon in 1960. Reagan kwam in 1950 voor het laatst in actie voor een Democratische kandidaat toen hij bij de verkiezingen voor de Senaat Helen Gahagan Douglas hielp in haar campagne tegen Nixon. Nadat hij in 1954 was ingehuurd als gastheer bij het General Electric Theater (een televisieserie) begon Reagan al snel de conservatieve zienswijze te waarderen. De vele toespraken die hij schreef voor General Electric waren niet zo zeer patriottisch als wel conservatief en prozakenleven en probedrijfsactiviteiten. Hij werd hierin beïnvloed door Lemuel Boulware, een van de leidende figuren bij General Electric. Boulware, bekend door zijn antivakbondsstandpunten, stond voor de belangrijkste pijlers van het moderne Amerikaanse conservatisme: vrije markt, anticommunisme, lagere belastingen en een terugtredende overheid. Uiteindelijk werden de kijkcijfers van Reagans televisieshows minder en General Electric ontsloeg hem in 1962. In augustus van dat jaar veranderde hij officieel van partij en werd hij Republikein; hij zei daarover: Ik heb niet de Democratische Partij verlaten. De partij heeft mij verlaten. In de vroege jaren 60 was Reagan gekant tegen de invoering van bepaalde wetten betreffende de rechten van de mens, waarbij hij zei: Als iemand negers of anderen wil discrimineren bij het verkopen of verhuren van zijn huis, is dat zijn goed recht. Zijn verzet tegen overheidsinvloed en actie voor persoonlijke vrijheid stelde hij voor als het tegendeel van racisme; toen er sprake van was dat er gezondheidszorg vanuit de overheid (later "Medicare") zou komen (ingevoerd in 1961) verklaarde Reagan namens de "American Medical Association" dat een dergelijke gezondheidszorg het einde van de vrijheid in Amerika zou betekenen. Hij zei dat als men niet naar hem luisterde: dan zullen we ooit wakker worden en ontdekken dat we socialisme hebben. In deze tijd werd hij ook lid en bleef dat voor de rest van zijn leven van de "American Rifle Association" Reagan steunde de campagne van de conservatieve Republikeinse presidentskandidaat Barry Goldwater in 1964. In zijn toespraak ten gunste van Goldwater sprak hij over het belang van een kleinere overheid. Hij onthulde zijn ideologische motieven in een bekende toespraak op 27 oktober 1964, waarin hij zei: The Founding Fathers knew a government can't control the economy without controlling people. And they knew when a government sets out to do that, it must use force and coercion to achieve its purpose. So we have come to a time for choosing. Hij zei ook: You and I are told we must choose between a left or right, but I suggest there is no such thing as a left or right. There is only an up or down. Up to man's age-old dream – the maximum of individual freedom consistent with order – or down to the ant heap of totalitarianism. Deze "A Time for Choosing" toespraak droeg 1 miljoen dollar bij aan de campagne van Goldwater en wordt tegenwoordig wel gezien als het startpunt van Reagans politieke loopbaan. Republikeinen in Californië waren onder de indruk van de politieke ideeën en standpunten van Reagan na zijn toespraak "Time of Choosing" en stelden hem in 1966 kandidaat voor gouverneur van Californië. In zijn campagne benadrukte Reagan twee thema's: de bijstandsklaplopers weer aan het werk zetten en, als reactie op de antioorlogsstromingen en studentenprotesten tegen het establishment aan de Universiteit van Berkeley, de rommel in Berkeley opruimen. Hij werd gekozen, waarbij hij de gouverneur van twee eerdere termijnen, Edmund G. "Pat" Brown, versloeg. Op 2 januari 1967 kwam hij in functie. Tijdens zijn eerste termijn bevroor hij onder meer de overheidsuitgaven. Kort na het begin van zijn ambtsperiode begon Reagan een inschatting te maken van zijn kansen om in 1968 president te worden; hij steunde de "stop Nixon beweging", in de hoop de steun die Nixon in de zuidelijke staten had te verminderen zodat hij compromiskandidaat kon zijn indien noch Nixon noch Nelson Rockefeller genoeg stemmen zouden halen in de eerste stemming van de Republikeinse conventie. Op die conventie kreeg Nixon echter 692 stemmen, 25 meer dan hij nodig had; tweede werd Rockefeller, en Reagan eindigde op de derde plaats.
    Als gouverneur was Reagan betrokken bij grootschalige conflicten met de protestbewegingen in Californië. Op 15 mei 1969, tijdens de People's Park protests aan de Universiteit van Berkeley, stuurde hij de Californische Highway Patrol en andere officieren erop af om de protesten te onderdrukken, een incident dat bekendheid kreeg als "Bloedige Donderdag": de student James Rector kwam om het leven en de timmerman Alan Blanchard werd blind. Reagan stuurde vervolgens 2.200 man van de Nationale Garde om de stad Berkeley twee weken lang te bezetten om aldus het verzet te breken. Een jaar na deze gebeurtenis antwoordde hij op vragen over deze kwestie: Als er een bloedbad voor nodig is, laten we dat dan snel afhandelen. Geen gesus meer. Toen het Symbionese Liberation Army Patricia Hearst in Berkeley ontvoerde en eiste dat voedsel aan de armen zou worden uitgedeeld grapte Reagan: Wat jammer dat we geen epidemie van botulisme kunnen hebben. Begin 1967 vond er een nationaal debat plaats over abortus; de Democratische Californische senator Anthony Beilenson lanceerde de Therapeutic Abortion Act; dat was een poging om het aantal illegale abortussen in Californië terug te dringen. De State Legislature stuurde het wetsontwerp naar Reagan, die na een aantal dagen van aarzeling het wetsontwerp tekende. Ongeveer 2 miljoen abortussen zouden als een resultaat van deze wet worden gepleegd, de meesten waren het gevolg van de bepaling dat, indien een abortus beter was voor de moeder, deze legaal gepleegd kon worden. Reagan was indertijd nog maar vier maanden in functie. Hij stelde later dat indien hij meer ervaring had gehad in de functie van gouverneur hij niet zou hebben getekend. Nadat hij zich gerealiseerd had, zoals hij zei, wat "de consequenties" van het wetsontwerp waren, stelde hij dat hij "pro-life" was; ook later bleef hij bij dit standpunt en schreef hij uitvoerige stukken over abortus. In 1970 werd Reagan herkozen, waarbij hij de tegenkandidaat Jesse Unruh versloeg. Hij koos ervoor niet voor een derde termijn te opteren. Een van de grootste frustraties van Reagan in deze periode was de doodstraf. Hij was hier een warm voorstander van, maar door een uitspraak van het Opperste Gerechtshof van Californië konden alle doodvonnissen die vóór 1972 in Californië waren uitgesproken, niet uitgevoerd worden. Deze beslissing werd later teruggedraaid door een wijziging van de grondwet. De enige executie die in de tijd van het gouverneurschap van Reagan plaatsvond was op 12 april 1967, toen de doodstraf van Aaron Mitchell werd uitgevoerd in de gaskamer van San Quentin State Prison. In 1969 ondertekende Reagan de "Family Law Act", een van de eerste officiële echtscheidingswetten. Tijdens zijn termijnen als gouverneur van Californië ontwikkelde Reagan de politieke ideeën die hij later als president zou nastreven. Door campagne te voeren met als programmapunt "de bijstandsklaplopers weer aan het werk zetten" sprak hij zich uit tegen de verzorgingsstaat. Hij was tevens een sterk voorstander van het Republikeinse ideaal van minder overheidsbemoeienis in het bedrijfsleven. Hij werd op 6 januari 1975 als gouverneur van Californië opgevolgd door Jerry Brown. In 1976 streefde Reagan naar de Republikeinse kandidatuur voor het presidentschap maar hij werd op de Republikeinse Conventie verslagen door de zittende president Gerald Ford. In 1980 werd hij wel de Republikeinse kandidaat en versloeg hij op 69-jarige leeftijd president Jimmy Carter overtuigend. In 1976 daagde Reagan de zittende president Gerald Ford uit in een poging om de Republikeinse kandidaat te worden voor het presidentschap. Hij profileerde zichzelf als de conservatieve kandidaat en had de steun van conservatieve organisaties als de American Conservative Union. De campagne van Reagan was bedacht door campagnestrateeg John Sears en bestond uit het winnen van een paar staten, die de kwetsbaarheid van Fords nominatuur naar voren had moeten brengen. Reagan won de voorverkiezingen in de staten North Carolina, Texas en Californië maar uiteindelijk lukte zijn strategie niet, omdat hij in de staten New Hampshire, Florida en de staat van zijn geboorte, Illinois, verloor. Zijn campagne in Texas verliep voorspoediger en veel van het succes aldaar behaald was te danken aan het werk van onder meer Ernest Angelo, burgemeester van Midland en Ray Barnhart, burgemeester van Houston, die Reagan in 1981 tot directeur van de Federal Highway Administration zou benoemen. Uiteindelijk wist Ford deze strijd dus te winnen; Reagan kreeg de stemmen van 1.070 gedelegeerden tegen 1.187 stemmen voor Ford. Deze verloor uiteindelijk in 1976 de verkiezingen van de Democraat Jimmy Carter. De toespraak die Reagan op de conventie hield ging over de gevaren van de nucleaire oorlog en de grote dreiging die van de Sovjet-Unie uitging.
    De strijd om het presidentschap in 1980 ging tussen Reagan en de zittende president Jimmy Carter; het was onder meer de tijd van economische onrust en het voortduren van de Iraanse gijzelingscrisis. De campagne van Reagan benadrukte enkele van zijn fundamentele principes zoals lagere belastingen om de economie te stimuleren, minder overheidsbemoeienis in het leven van de burger, de rechten van de staten, een sterke nationale defensie en herstel van de Amerikaanse dollar tot de goudstandaard. Reagan lanceerde zijn campagne in Philadephia, Mississippi, met de verklaring: I believe in states' rights; Philadelphia was indertijd vooral bekend als de plek waar drie man, die hadden geprobeerd om Afrikaans-Amerikaanse burgers over te halen te stemmen tijdens de civilrightsbeweging, waren vermoord. Nadat Reagan door de republikeinse partij was verkozen tot presidentskandidaat koos hij een van zijn voormalige tegenstanders, George H.W. Bush, als zijn kandidaat voor vicepresident. Een verkiezingsdebat, dat in oktober werd uitgezonden op de televisie, leverde veel steun op voor zijn campagne. Adviseurs van Reagan kregen voor het debat gestolen documenten in handen van het kamp van Carter die bedoeld waren als voorbereiding van Carter op het debat.[]Uiteindelijk won Reagan de verkiezing op 4 november 1980 met grote overmacht, waarbij hij van 44 staten 489 electorale stemmen verkreeg tegen slechts 49 electorale stemmen voor Carter (zes staten en Washington D.C.). Reagan verkreeg 50,7% van de stemmen terwijl Carter 41% kreeg; de onafhankelijke kandidaat John B. Anderson (een progressieve Republikein) ontving 6,7% van de stemmen. De Republikeinen veroverden nu, voor het eerst sinds 1952, de meerderheid in de Senaat en wonnen 34 zetels in het Huis van Afgevaardigden, maar daar behielden de Democraten de meerderheid. Reagan was president van de Verenigde Staten van 20 januari 1981 tot 20 januari 1989. Op 4 november 1984 werd hij met een grote meerderheid herverkozen. Hij behaalde maar liefst 525 kiesmannen, tegenover 13 kiesmannen voor de democratische presidentskandidaat Walter Mondale. Zijn overwinning was nog net iets groter dan die van Nixon in 1972, die toen 520 kiesmannen achter zich kreeg. Globaal gezien was zijn regering voor het inperken van de macht van de federale overheid en was ze de initator van een van de grootste belastingverlagingen in de Amerikaanse geschiedenis. De economische politiek die gevoerd werd stond bekend als de "Reaganomics" en was een voorbeeld van een aanbodeconomie. Reagan probeerde het ondernemerschap te stimuleren en de sociale uitgaven, de vele regels en de inflatie te verminderen. De economische groei gaf vanaf 1980 een stevig herstel te zien maar de nationale schuld werd daarentegen belangrijk groter. De regering van Reagan was anticommunistisch; de Sovjet-Unie werd een evil empire genoemd en de legerkrachten werden verder opgebouwd en uitgebreid. Grenada werd bezet, de eerste Amerikaanse legeractie aan de overzijde van de oceaan sinds het einde van de Vietnamoorlog. Amerikaanse militaire en diplomatieke krachten werden aan het werk gezet om communistische regeringen omver te werpen, met name in CentraalAmerika en Afghanistan. Reagan sloot een diplomatiek verbond met de Britse ministerpresident Margaret Thatcher en ontmoette de Russische leider Michail Gorbatsjov vier keer met de intentie om een einde te maken aan de steeds groter wordende nucleaire arsenalen van de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. De periode van het presidentschap van Reagan wordt wel de "Reagan Revolution" genoemd of "the Age of Reagan" – waarmee erkend werd dat er zowel binnen als buiten de Verenigde Staten door het conservatisme en het geloof in de vrije markt van de regering-Reagan verandering plaatsvond. De regering werkte toe naar een ineenstorting van het Sovjetcommunisme en deze politieke macht implodeerde ook daadwerkelijk op het moment dat Reagan het Witte Huis verliet. Successen tijdens de Koude Oorlog leidden tot een unipolaire wereld, met de Verenigde Staten als de enige supermacht die over was. Terwijl de Iran-Contra-affaire tijdens de tweede termijn van Reagan een aantal leden van zijn regering beschadigde, wist Reagan zelf het Witte Huis te verlaten met in de peilingen een goedkeuringspercentage van 63 %; dat was een van de hoogste percentages van vertrekkende presidenten tot dan toe. Als president van de VS wilde Reagan het defensieve ruimteschild SDI laten ontwikkelen: een systeem waarmee vijandelijke nucleaire raketten zouden kunnen worden uitgeschakeld voor ze de VS zouden
    bereiken. Reagan zette het toen algemeen aanvaarde strategische paradigma van mutual assured destruction overboord. Het idee dat de Verenigde Staten zich niet konden verdedigen tegen een nucleaire aanval beviel hem geenszins, en hij riep wetenschap en industrie op een methode te ontwikkelen die het mogelijk zou maken een aanval af te slaan. Een ruimteschild werd gekozen als het juiste antwoord. Een bekende uitspraak van Reagan in dit kader was: Let's defend the American people, not avenge them. Het plan was een belangrijke factor in zijn onderhandelingen over wederzijdse nucleaire ontwapening met de toenmalige Sovjet-Russische president Michail Gorbatsjov, in Reykjavik (IJsland) (1986). De Russen realiseerden zich dat zij deze uitdaging niet konden beantwoorden. Het ontbrak de Sovjet-Unie zowel aan geld als aan technische mogelijkheden om deze wapenwedloop te beantwoorden. Amerika was gedurende het presidentschap van Reagan niet in oorlog. De invasie van Grenada in 1983 was het belangrijkste gewapende conflict. Ook bombardeerden de VS doelen in Libië als vergelding voor terreuraanslagen waar Libië verantwoordelijk voor werd gehouden. De VS financierde onder Reagans bewind de moedjahedien die in de Afghaanse Oorlog tegen de Sovjet-Unie vochten en die de basis vormden van de groep rond Osama bin Laden, Jonas Savimbi's rebellen in Angola en Saddam Hoessein, wiens Irak in oorlog was met Iran. In 1986 brak een schandaal uit, de Iran-Contra-affaire. Bekend werd dat de Verenigde Staten in het geheim illegaal wapens hadden geleverd aan Iran en dat de opbrengst daarvan heimelijk ging naar de Contra's, rebellen die trachtten de linkse regering van Nicaragua omver te werpen. Het Amerikaanse Congres had dit verboden. Reagan zei geen kennis hiervan te hebben. Hij benoemde zelf een commissie, bestaande uit twee Republikeinen en één Democraat (John Tower, Brent Scowcroft en Edmund Muskie, bekend als de Tower Commission) om de affaire te onderzoeken. De commissie kon geen direct bewijs vinden dat Reagan kennis had van het programma, maar kritiseerde hem voor het gebrek aan leidinggeven aan zijn personeel, waardoor het misbruik van de gelden plaats kon vinden.[4] Een door het Congres ingestelde commissie concludeerde: "Als de president niet wist wat zijn adviseurs voor nationale veiligheid deden, dan had hij dat wel moeten weten." De populariteit van Reagan daalde in nog geen week van 67% tot 46%, de hevigste en snelste daling die enige president meegemaakt had.Als gevolg van dit schandaal werden veertien medewerkers van Reagan strafrechtelijk vervolgd, elf van hen werden veroordeeld. Het Internationaal Gerechtshof veroordeelde de Verenigde Staten wegens schending van het internationaal recht en van de soevereiniteit van Nicaragua, ook doordat de VS mijnen hadden gelegd in de territoriale wateren van Nicaragua. De regering-Reagan weigerde de rechtsmacht van het Hof te erkennen. Reagan probeerde de Amerikaanse economie uit het slop te trekken door een economisch beleid dat wel Reaganomics wordt genoemd, supply side economics of aanbodeconomie. Hierbij wordt de economische groei gestimuleerd door zo veel mogelijk barrières voor mensen om goederen te produceren en diensten aan te bieden, zoals belastingen, weg te nemen en meer flexibiliteit toe te staan door minder regulering. Deze toename in economische activiteiten leidt voorts tot meer inkomen dat door de overheid belast kan worden, waardoor de belastingverlaging zichzelf terugverdient (zie ook Laffer curve). Het toptarief van de federale inkomstenbelasting werd onder Reagan verlaagd van 70% naar 28%. Toen Reagan het Witte Huis verliet, was de inflatie op een laag en stabiel peil gebracht en de werkloosheid, die aan het eind van Jimmy Carters ambtsperiode op 7,5% stond, teruggebracht tot 5,3%. Wel groeide tijdens Reagans' ambtstermijn de kloof tussen arm en rijk; al werden ook de armen onder zijn beleid rijker. Doordat Reagan weinig bezuinigde, en de overheidsuitgaven aan defensie juist liet toenemen, nam de staatsschuld onder zijn termijn toe.







    05-06-2018 om 10:54 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    04-06-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 4 juni hete luchtballon

    4 juni 1783 hete luchtballon Een luchtballon of ballon is een luchtvaartuig waarbij een mand, die plaats biedt aan de passagiers, opstijgt, hangende aan een ballon ('envelop') die lichter is dan lucht. Het geheel wordt voortbewogen door de wind. De horizontale voortbeweging van de luchtballon hangt af van de windrichting, slechts de verticale (stijgen en dalen) en een draaiende beweging (roteren) kan door de ballonvaarder worden beïnvloed. In 2004 waren er in Nederland ongeveer 9000 ballonvaarten. Voor het gebruik van ballonnen geldt een aantal voorschriften zoals de vaarhoogten, het vermijden van gevoelige gebieden en de manier van landen en bergen van de ballon. Er bestaan drie soorten luchtballons: heteluchtballons, gasballons en rozièreballons. De heteluchtballon is het oudste type en werd in 1783 uitgevonden door de gebroeders Montgolfier. In het Frans wordt de heteluchtballon daarom nog steeds Montgolfière genoemd. De heteluchtballon is het type dat men tegenwoordig het vaakst ziet. De lucht in een heteluchtballon wordt verhit tot een temperatuur van ongeveer 100 graden. De ballon is van boven meestal bolvormig en heeft een trechtervormige opening aan de onderkant. Er bestaan echter ook special-shapes, die een afwijkende vorm kunnen hebben. Het omhulsel wordt voor de start op de grond uitgespreid, met de mand op zijn kant. Met een grote ventilator blaast men koude lucht naar binnen, waardoor het omhulsel bol gaat staan. Daarna ontsteekt men de gasbranders die de lucht in de ballon verhitten, zodat hij omhoog komt, de mand rechtop trekt en met de inmiddels ingestapte passagiers het luchtruim kiest. Aan de mand van een heteluchtballon hangen geen zandzakken. Om te stijgen verhit de ballonvaarder de lucht in de ballon. Doet hij de gasbranders uit, dan zal de lucht langzamerhand afkoelen, zodat de ballon weer daalt. Eventueel kan het dalen versneld worden door een ventiel bovenin open te trekken, zodat de warme lucht ontsnapt. De gasbranders van een moderne heteluchtballon gebruiken propaan of lpg. Een nadeel van het gebruik van lpg is dat de vlam minder heet is en er dus meer gas verbruikt wordt tijdens de vaart dan wanneer men met zuiver propaan werkt. Een ander nadeel van het gebruik van lpg is dat het minder schoon is en geleidelijk aan een roetaanslag aan de binnenkant van de ballon zal veroorzaken, waardoor vooral de lichtere kleuren een grauwe aanblik zullen krijgen. Wanneer de buitentemperatuur erg laag is, kan de ballonvaarder ervoor kiezen om zijn gasflessen na het vullen met propaan af te persen met stikstof. Dit veroorzaakt een hogere druk in de fles waardoor er een grotere vlam ontstaat en de ballon sneller verwarmd wordt. Dit kan in sommige gevallen waarbij snel stijgen nodig is, veel gas en tijd sparen. De gebroeders Montgolfier gebruikten een houtvuur en ze zorgden ervoor dat het vuur flink rookte, omdat ze dachten dat de rook voor de stijgkracht zorgde. Omdat de meeste ballonvaartbedrijven vaarten van ongeveer een uur uitvoeren, nemen de ballonvaarders meestal een gasvoorraad mee voor zo'n anderhalf à twee uur. Hierdoor is de kans om zonder gas te geraken heel klein. Een duurdere methode is een gasballon. De omhulling (envelop) is bolvormig, met een aanhangsel (de 'vulslurf') aan de onderkant. De vulslurf dient in de eerste plaats om de ballon met gas te vullen. Vroeger werd daarvoor vooral lichtgasgebruikt, omdat het gemakkelijk verkrijgbaar was. Lichtgas bevat onder andere waterstof en koolstofmonoxide; het is dus brandbaar en giftig. Tegenwoordig werkt men vaak met helium, dat absoluut veilig is, maar veel duurder. Na de start blijft de vulslurf open. De envelop is namelijk, in tegenstelling tot die van de speelgoedballon, niet van rekbaar materiaal, en het gas zal niet direct door de vulslurf ontsnappen. Stijgt de ballon echter, dan zet het gas uit door de verminderde luchtdruk en moet het kunnen ontsnappen, opdat de ballon niet barst.
    Een gasballon heeft natuurlijk geen gasbranders. Om te stijgen moet de ballonvaarder ballast uitwerpen. Daarvoor hangen er meestal zakken met zand aan de mand. Om te dalen trekt de ballonvaarder aan het ventielkoord dat door de vulslurf naar het ventiel bovenin loopt; daardoor loopt er wat gas weg. Een reis met een gasballon kan een hele dag duren, of zelfs meerdere dagen, maar door de kosten van de gasvulling zijn gasballons zeldzaam geworden. Voor meer informatie over gassen die gebruikt kunnen worden voor het opstijgen van een ballon, zie het artikel hefgas. Een rozièreballon is een gasballon in een heteluchtballon. Het drijfvermogen komt hoofdzakelijk van de gasballon. De hete lucht dient alleen om het drijfgas te verwarmen en zo het drijfvermogen te verhogen. Dit is vooral praktisch bij nachtvaarten, als de zon het drijfgas in een ballon niet kan verwarmen. Heteluchtballons en gasballons hebben gemeen dat er gas voor nodig is, maar voor een heel ander doel. Een gasballon is gevuld met een licht, en liefst onbrandbaar, gas. De heteluchtballon heeft gasbranders, meestal met propaan, om de lucht te verhitten. Propaan is brandbaar en niet bijzonder licht. Het verschil wordt in onderstaande tabel duidelijk gemaakt. Strikt genomen is lucht ook een gas, maar het wordt meestal geen gas genoemd. Gasballon Heteluchtballon Waar is het gas? In de envelop onder atmosferische druk In gasflessen onder hoge druk Is het gas brandbaar? Liever niet (gevaarlijk) Ja Is het gas licht? Ja, lichter dan lucht Hoeft niet Soort gas Vroeger lichtgas of waterstof, thans helium Propaan of lpg
    De heteluchtballon werd op 4 juni 1783 door Joseph en Étienne Montgolfier gedemonstreerd. Hun ballon was van doek gemaakt en gevoerd met wit papier. Het papier was bestreken met aluin als brandwerende laag en het werd bijeengehouden met ongeveer 2000 knopen. De ballon was onbemand en overbrugde een afstand van 2 km. Op 19 september 1783 lieten de broers de eerste ballon met passagiers opstijgen. De vaart van een schaap, een haan en een eend vertrok vanuit Versailles en duurde 8 minuten. De ballon, beplakt met behang, bereikte een maximale hoogte van 500 meter en vloog 3,5 km ver. Het voorstel om een koe op te laten stijgen, zodat er nog vlees zou zijn als de "machine" te pletter viel, haalde het niet. Op 21 november 1783 maakten voor het eerst in de geschiedenis twee mensen een luchtreis, namelijk Jean-François Pilâtre de Rozier en markies François Laurent d'Arlandes. Het vaartuig bereikte een hoogte van 90 meter. Na 25 minuten landde de ballon veilig 8 km verderop. Op 1 december 1783 steeg de eerste waterstofballon op. Jacques Charles was de uitvinder en een van de passagiers. Twee jaar later, op 7 januari 1785 staken de Fransman Jean-Pierre Blanchard en de Amerikaan John Jeffries het Kanaal over. Nicolas-Jacques Conté stelde voor de ballons aan te wenden voor oorlogsdoeleinden en kreeg in 1793 toestemming een instituut op te richten in Meudon; er werd een luchtmachteenheid opgericht de Compagnie d'aérostiers. Bij de Slag bij Fleurus (1794) werd voor het eerst een luchtballon ingezet voor militaire luchtverkenning. Op 11 augustus 1978 werd de Atlantische Oceaan in zes dagen per heteluchtballon overgestoken. Gedurende deze tijd werd een afstand van 5000 km afgelegd.
    Op 19 maart 1784 berichtte de Groninger Courant dat Jan Modderman samen met Gerrit van Olst in Groningen een ballonvaart georganiseerd had. Vanaf een van de scheepswerven van de gebroeders Modderman werd een zelfgemaakte papieren heteluchtballon met daaraan een vogel in een kooi opgelaten om 15 kilometer verderop in het Drentse Bunneweer te landen. Jan Modderman was daarmee de eerste Nederlander die met succes een heteluchtballon liet opstijgen.[1] Daarna volgde een geslaagde ballonvaart in Amsterdam op 25 maart 1784 langs de Amstel. De ballon was rood-wit-blauw gekleurd. De experimenten zijn herhaald in Leiden en op 14 mei in Leeuwarden. De ballon werd door een troep jongens met stokken aangevallen en geheel gesloopt en vernield. Een mislukte ballonvaart op 20 juli 1785 bij de Utrechtse poort leidde tot een rel. De menigte begon met stenen en dakpannen te gooien naar de initiatiefnemer, die in een kroeg een goed heenkomen zocht. De eerste bemande ballonvaart in Den Haag vond plaats op 12 juli 1785, uitgevoerd door Blanchard vanuit de paleistuinvan paleis Noordeinde. Bij de landing nabij Zevenhuizen werd de ballon door woedende boeren kapotgeprikt. De eerste ballonvaart in Nederland door een Nederlander vond plaats op 29 september 1804 door de Haarlemse fabrikant en instrumentmaker Abraham Hopman. Zijn aanvankelijke mislukte poging leverde hem de bijnaam Abraham Fopman op. In 1870 kwam, per ongeluk, de eerste ballonpostvlucht aan in Nederland, nabij het plaatsje Castelré landde de Franse ballon Archimède met post uit het omsingelde Parijs (De FransDuitse oorlog). Dit feit wordt herdacht met een monument in Castelré en een gevelsteen in het stadhuis van Baarle-Nassau. Een ballon kan een veel grotere hoogte bereiken dan enig ander luchtvaartuig en wordt alleen door raketten overtroffen. De officieel als hoogste geregistreerde vlucht met een heteluchtballon vond plaats op 26 november 2005 door de Indiase zakenman Vijaypat Singhania. Met een 48 meter hoge heteluchtballon steeg de 67-jarige man om 06:45 uur (02:15 CET) in Bombay op. Ongeveer drie uur later was hij op een hoogte van 21 291 m. Hiermee slaagde hij er niet in zijn doel, namelijk 21 336 m (70 000 voet) te bereiken, maar toch had hij het vorige record, dat in juni 1988 door Per Lindstrand in Plano (Texas) met 19 811 m gevestigd was, duidelijk verbeterd. Volgens een BBC-verslaggever ter plaatse werd het opstijgen van de heteluchtballon voor de recordpoging begeleid door een band, waren er honderden toeschouwers en deed een nationale televisieomroep er verslag van. De piloot bevond zich in een 560 kg zware aluminium cabine, ongeveer 2,7 bij 1,4 m groot. De cabine stond onder druk en was verwarmd om de piloot tegen de extreem lage druk en temperaturen van 93°C te beschermen. De ballon bevatte ongeveer 45 500 m³ lucht, die verhit werd door 18 branders die vanuit drie brandstoftanks gevoed werden. De piloot beschikte over VHF-radio, GPS en een satelliettelefoon. De ballon was ook voorzien van een mechanisme om in geval van nood met een parachute een noodlanding te kunnen maken. De vaart duurde ongeveer 5 uur: drie uur waren nodig om de maximale hoogte te bereiken, de afdaling duurde ongeveer twee uur. De ballon landde in Panchale in het westen van India. De hoogste bemande vlucht met een gasballon werd op 24 oktober 2014 uitgevoerd door Alan Eustace die een hoogte van 41,42 km bereikte. Op die hoogte sprong hij vanuit de capsule onder de ballon naar beneden en verbeterde daarmee een ander record, namelijk voor de hoogste parachutesprong ooit. De vorige recordhouder was Felix Baumgartner. Een ballon drijft met de wind mee, en het is aan boord dan ook windstil. De passagiers kunnen in de mand de krant lezen of de kaart uitvouwen zonder last te hebben van de wind. Bij een eenvoudige ballonvaart met een heteluchtballon, waarbij geen spectaculaire hoogtes worden bereikt, is het nauwelijks nodig warme kleren aan te trekken. Omdat de landing onvoorspelbaar is, de mand zal door
    de wind vaak omvallen waarbij de passagiers in de modder zouden kunnen belanden, is het niet aan te bevelen in zondagse kleding te varen. Het landen van een luchtballon is complex en kan bemoeilijkt worden als er een harde wind staat. In principe is het landen het omgekeerde proces van het opstijgen. Door de lucht in de ballon minder frequent op te warmen met de brander koelt de lucht in de ballon af en gaat weer krimpen, waardoor de dichtheid (soortelijk gewicht) hoger wordt. Hierdoor zal de ballon minder snel stijgen en op een gegeven moment gaan dalen. Het proces kan versneld worden door een ventiel boven in de ballon te openen om hete lucht of gas te laten ontsnappen. Door de brander af en toe even aan te steken, kan de daalsnelheid van de ballon onder controle worden gehouden. Bij een gasballon wordt de daling ingezet door het ventiel te openen, zodat er gas ontsnapt. Meestal kiest de ballonvaarder voor de landing een weiland, liefst zonder vee, waar ruimte genoeg is om de ballon om te kiepen en de warme lucht of het gas te laten weglopen. Doordat de ballon met de wind meedrijft kan hij pas op het laatste moment beslissen waar hij zal landen, en dat is voor de grondeigenaar dus altijd onaangekondigd. Kort voor de landing moet de daalsnelheid vertraagd worden, door snel nog even wat ballast uit te werpen (bij een gasballon) of de gasbranders aan te steken (heteluchtballon). Dit is een subtiel precisiewerk, omdat bij een teveel aan gewichts- of heteluchtsverlies de ballon weer zal stijgen. Vroeger werd er een anker gebruikt maar daarmee werd soms veel schade aangericht. Staat er veel wind, dan zal de ballon na de landing meteen omvallen, en de mand ook. Een gasballon heeft een scheurbaan, - een strook stof die boven in de omhulling is geplakt en met een ruk wordt losgetrokken zodat de ballon snel leegloopt. Bij zwakke wind valt de ballon niet om. De ballonvaarder zal nu de omhulling niet leeg laten lopen, want dan krijgen de inzittenden het doek en de hete lucht over zich heen. De ballonvaarder houdt het gas warm en de passagiers moeten in de mand blijven om de ballon aan de grond te houden. Er wordt gewacht op de komst van de crew die de ballon omtrekt. Crew is ballonvaardersjargon voor teamleden. Een ballonteam bestaat uit een piloot en een of meer crewleden, meestal vrijwilligers. De crew assisteert bij het gereedmaken van de ballon. Ook de passagiers kunnen helpen. Nadat de ballon is opgestegen rijdt de crew er met auto en aanhangwagen achteraan. Een radioverbinding met de ballon maakt het makkelijker. Na de landing is de crew vaak de eerste die de landeigenaar spreekt. Nadat de ballon is ingepakt, zorgt de crew weer dat iedereen thuis wordt gebracht. Voor onderzoek van hogere luchtlagen kan een onbemande ballon worden gebruikt. Dit geldt onder andere voor de weerballon, die tot zeer grote hoogte kan stijgen - veel hoger dan een vliegtuig. Een weerballon bestaat uit een flexibele latex-envelop, waarin helium of waterstofgas wordt gepompt. De weerballon wordt bij de vulopening zorgvuldig afgesloten, zodat geen gas uit de ballon kan ontsnappen. Door uitzetting tijdens het stijgen zal de ballon op een gegeven moment barsten. Voor langdurige onderzoeksmissies in de bovenlucht wordt de 'zero-pressure-ballon' toegepast, die openingen heeft waaruit overtollig gas kan ontsnappen, zodat de ballon op een bepaalde hoogte blijft zweven. Een dergelijke ballon wordt slechts gedeeltelijk met gas gevuld. In Nederland worden verschillende ballonevenementen gehouden, zoals de Friese Ballonfeesten in Joure, Ballonfiësta Barneveld in Barneveld, Twente Ballooningin Oldenzaal, Breda Ballon Fiësta in Breda, Eindhoven Ballooning in Eindhoven het Ballonnenfestival in Hardenberg in Hof van Twente de Höfteballooning en De Brabantse Ballonfeesten. België kent onder andere de Vredefeesten in Sint-Niklaas en de Ballonhappening in Waregem en Eeklo. Ook in andere landen vindt dit soort evenementen plaats, bijvoorbeeld het Bristol International Balloon Fiesta in Bristol.







    04-06-2018 om 09:13 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 4 juni Ghysen J
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    4 juni 2014 overlijden van John Ghysen os Ghysen (Hasselt, 1 mei 1926 – aldaar, 4 juni 2014) was een Vlaams radio- en tv-presentator, schrijver en blogger. Jos Ghysen werd geboren in Hasselt, waar hij in het Sint-Jozefscollege school liep. Toen Ghysen veertien jaar was, brak de oorlog uit. Deze periode had een grote invloed op hem. Geïnspireerd door een leraar die geregeld stukjes van Johan de Maegt uit Het Laatste Nieuws voorlas,[1] is hij zelf cursiefjes beginnen te schrijven. In een lokaal weekblad, 'het Aankondigingsblad', publiceerde hij op 14 oktober 1944 zijn eerste cursiefje. De uitgever van het blad zei hem: doe dit voortaan maar iedere week, wat Ghysen vijftig jaar lang ononderbroken gedaan heeft. In diezelfde naoorlogse periode heeft hij ook kort als journalist voor Het Belang van Limburggewerkt, tot hij zijn opleiding als onderwijzer voltooide. Aan het college van Mechelen-aan-de-Maas studeerde hij af voor onderwijzer. Hij ging er dadelijk aan de slag als leraar van het zevende leerjaar. In de jaren vijftig van de 20e eeuw debuteerde hij als schrijver onder het pseudoniem "André Roggen". Zijn roman "Requiem voor Christine" (1958) werd bekroond met de Eugeen Leen-prijs. Van 1967 tot 1990 presenteerde hij wekelijks op zaterdag het legendarische radioprogramma Te bed of niet te bed op de gewestelijke radio-omroep BRT2 Limburg. Ook was Ghysen bekend om zijn cursiefjes die hij wekelijks voorlas in Het Schurend Scharniertje (1954-1994) en waarvan er vele zijn gepubliceerd in diverse boekjes. Andere populaire radioprogramma's van Ghysen waren Zondagsparasol (1964-1966) en Het zal je plaat maar wezen, later herdoopt tot Rodenbachstraat 29 (1973-1976), een muzikaal verzoekprogramma waar hij wekelijks een miljoen luisteraars mee bereikte. Sinds november 2005 had Ghysen een blog waarop hij regelmatig korte stukjes plaatste. Op aanvraag van Sven Ornelis schreef en las hij ook one-liners voor in het ochtendprogramma dat Sven Ornelis op Q-music presenteert. In 2009 werd hij door de lezers en de vakjury van het computermagazine Clickx Magazineverkozen tot Blogger van het jaar In de jaren 80 presenteerde hij diverse televisiespelprogramma's op de openbare omroep. Na zijn pensionering bij de BRT ging hij aan de slag als televisiepresentator bij de commerciële omroep VTM. Hier presenteerde hij onder meer Zondag Josdag en was te gast in het moppenprogramma HT&D. In 2012 bracht zijn voormalige collega Kris Smet naar buiten dat Ghysen in de jaren zeventig jarenlang zijn medepresentatrice van Te bed of niet te bed Ireen Houben seksueel geïntimideerd en misbruikt zou hebben. Ghysen ontkende dat. Ghysen stierf in 2014 op 88-jarige leeftijd.

    04-06-2018 om 09:11 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    03-06-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.ZORBA

     

    03-06-2018 om 10:41 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 3 juni 2001 ZORBA

    3 juni 2001 overlijden Anthony Quinn Antonio Rudolfo (Anthony) Quinn Oaxaca ( Chihuahua, 21 april 1915 – Boston, 3 juni 2001) was acteur, schilder en beeldhouwer. Quinn was de zoon van een Iers-Mexicaanse vader die in Los Angeles werkte als cameraman. Na het overlijden van zijn vader was hij genoodzaakt voor zijn oma, moeder en zusters te zorgen. Hij werkte in een matrassenfabriek, speelde saxofoon in het evangelisch orkest van Aimee Semple McPherson en studeerde en werkte met architect Frank Lloyd Wright. Wright overtuigde Quinn ervan om de toneelschool te gaan volgen om zijn spraak te verbeteren. Zodoende werd de weg naar het theater geopend. Quinn had al op het toneel gestaan met Mae West in Clean Beds (1936) en al een eerste rol gehad in de film Parole (1936). Hij wees regisseur Cecil B. DeMille terecht ten overstaan van het voltallige filmteam. Quinn speelde een Cheyenne-indiaan in The Plainsman (1937). Na een zoveelste tirade van de regisseur reageerde hij door te vertellen hoe de scène wél gefilmd kon worden en dat DeMille de $75 dagsalaris in zijn gat kon steken. DeMille staarde Quinn hierop enige tijd zwijgend aan en verkondigde toen dat Quinn gelijk had. De setting werd gewijzigd. DeMille zei hier later over: "It was one of the most auspicious beginnings for an actor I've ever seen." Quinn speelde in nog twee films (The Buccaneer 1938, Union Pacific 1939) van de regisseur. Hij verleidde en trouwde DeMilles geadopteerde dochter Katherine en regisseerde in 1958 the remake van The Buccaneer, met DeMille als uitvoerend producent. Dit werd DeMilles laatste project voor diens dood. Quinn ontkwam aan het label 'DeMilles schoonzoon' door een aanzienlijke eigen reputatie te verwerven. Hij hield het meer dan zeventig jaar vol in de filmindustrie. Quinn werd vier keer genomineerd voor een Oscar en verzilverde die nominaties twee keer, beide keren in de categorie 'beste mannelijke bijrol' in 1952 en 1956. (alleen nominatie: Wild Is the Wind in 1957 en Zorba de Griek in 1964). Hij heeft van alle Oscarwinnaars, met de meeste Oscarwinnaars (voor acteerwerk) samengespeeld, namelijk 46: 28 acteurs en achttien actrices. Quinn is drie keer getrouwd geweest: met Katherine deMille, Iolanda Addolori en Kathy Benvin. Hij was de vader van dertien kinderen die voortkwamen uit deze huwelijken en uit buitenechtelijke relaties. Met Addolori kreeg hij onder andere zoon Francesco Quinn, die met rollen in meer dan dertig films en verschillende televisieseries het nadrukkelijkst in zijn vaders voetsporen trad als acteur. Quinn stierf op 86-jarige na een ziekbed van zeventien dagen aan longontsteking en ademhalingsproblemen.







    03-06-2018 om 10:38 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 3 juni curtis mayfield

    Curtis Mayfield (Chicago, 3 juni 1942 – Roswell, Georgia, 26 december 1999) Eind jaren vijftig vormde hij samen met Jerry Butler de zanggroep The Impressions. The Impressions scoorden hits met "For Your Precious Love" en "Gypsy Woman". Nadat Butler zich losmaakte van de groep om een solocarrière te beginnen, werd Mayfield de leadzanger van de zanggroep. Hij was tevens de gitarist van de groep en schreef veel van de liedjes. Veel van deze hits, waaronder "Keep on Pushing", "People Get Ready" en "We're a Winner", waren politieke boodschappen, die het optimisme en de trots in de Afro-Amerikaanse gemeenschap vertolkten. In 1970 verliet Mayfield The Impressions en begon hij een solocarrière. Hij bereikte commercieel en artistiek zijn hoogtepunt met Super Fly, de soundtrack voor de gelijknamige film. Op Super Fly leverde hij commentaar op het zware leven in het getto en uitte hij kritiek op drugsmisbruik. Samen met Stevie Wonder en Marvin Gaye werd Curtis Mayfield beschouwd als een van de belangrijkste exponenten van de funky, geëngageerde soulmuziek die begin jaren zeventig ontstond. Latere albums waren minder succesvol, maar Curtis Mayfield wist nog enkele hits te scoren gedurende de jaren zeventig en tachtig. Op latere nummers uitte hij nog steeds kritiek op onder andere raciale problemen en de Vietnamoorlog. In augustus 1990 raakte hij tot aan zijn nek verlamd toen tijdens een concert in Brooklyn, New York een lichtbak op hem viel. In 1993 werd hij opgenomen in de Georgia Music Hall of Fame. Ondanks zijn verlamming bracht hij in 1996 nog een album uit, New World Order. In 1998 moest een van zijn benen worden geamputeerd als gevolg van diabetes. In december 1999 overleed hij. Curtis Mayfield werd 57 jaar oud. was een Amerikaans soul- en funkzanger, -liedschrijver en -gitarist. Zijn muziek werd gekenmerkt door symfonische soul met een hoge tenorstem, en was van grote invloed op de Chicago soul en hiphop. Hij was een van de eerste artiesten die in zijn muziek aandacht gaf aan de rassenproblematiek en de burgerrechtenbeweging. Mayfield werd vooral bekend met de soundtrack van de blaxploitationfilm Super Fly.





    03-06-2018 om 10:36 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 3 juni 1906 Josephine Baker

    3 juni 1906 Josephine Baker Josephine Baker of Joséphine Baker , artiestennaam van Freda Josephine McDonald ( Saint Louis (Missouri), 3 juni 1906 Parijs, 12 april 1975) was een AmerikaansFranse danseres, zangeres en actrice. Baker groeide op in armoede. Als kind was ze dienstmeid bij verschillende families om vanaf haar twaalfde als dakloze te leven. Ze bedelde door op straat voor voorbijgangers te dansen. Op haar vijftiende trad ze op in het Vaudeville in Saint Louis. Hierna verhuisde ze naar New York en debuteerde begin jaren twintig op Broadway. Hierna trad ze op in Europa en Zuid-Amerika, in Parijs voor het eerst in 1925, onder andere in de Folies Bergère. In deze tijd verscheen ze ook bijna naakt op het podium en werd beroemd vanwege haar bananenrokje en haar erotische dansen. Vaak had ze dan een jachtluipaard bij zich, die zelfs een keer in de orkestbak gesprongen is. In 1937 nam ze de Franse nationaliteit aan door met de Fransman Jean Lion te trouwen en ging ze definitief in Frankrijk wonen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog deed ze verzetswerk voor de Résistance door haar positie te gebruiken om inlichtingen te verkrijgen. Hiervoor werd zij later onderscheiden met het Croix de Guerre, de Herinneringsmedaille van de Vrijwilligers van het Vrije Frankrijk en de Verzetsmedaille. Zij droeg ook het ridderkruis van het Legioen van Eer. Baker zette zich na de oorlog in voor de rechten van Afro-Amerikanen. Zo weigerde ze zelf in gesegregeerde zalen op te treden. In 1951 werd haar de toegang tot een club in New York geweigerd. Grace Kelly, die wel binnengelaten was, besloot meteen het pand te verlaten met al haar vrienden en nooit meer terug te komen. Hierna werden Baker en Kelly goede vrienden. In 1963 liep ze met Martin Luther King mee in de March on Washington waarbij ze de enige vrouwelijke spreker was. Na de moord op Martin Luther King werd haar gevraagd om zijn plaats in te nemen. Ze bedankte voor de eer, omdat ze haar kinderen te jong vond om hun moeder te verliezen. Op 12 april 1975, vier dagen na de opening van een succesvolle première van een nieuwe revue, werd Baker dood in bed gevonden. Ze had een hersenbloeding gehad. Ze ligt begraven in het Cimetière de Monaco in Monte Carlo. In Château des Milandes is een expositie van wassen beelden, kleding en voorwerpen te zien over het leven van Josephine Baker In 1941 had Baker een miskraam waarna haar baarmoeder verwijderd moest worden. Later adopteerde ze twaalf kinderen uit alle delen van de wereld, haar kinderen werden daarom wel de regenboogkinderen (la tribu arc-en-ciel) genoemd. Een tijd lang woonde ze met haar kinderen in het Château des Milandes in Castelnaud-la-Chapelle in de Dordogne. De Nederlandse schrijver en illustrator Piet Worm schreef hierover in 1957 het kinderboek De Regenboogkinderen. Josephine Baker heeft diverse relaties gehad:









    03-06-2018 om 10:34 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    02-06-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 2 juni van gogh

    2 juni 1973
    Koningin Juliana opent het Van Gogh-museum in Amsterdam.
    Het Van Gogh Museum is een aan de Nederlandse kunstschilder Vincent van Gogh gewijd museum, aan de Paulus Potterstraaten het Museumplein in Amsterdam, in het stadsdeel Zuid. De verzameling van het museum bevat ruim tweehonderd schilderijen, vijfhonderd tekeningen en zevenhonderd brieven van Vincent van Gogh, alsmede diens verzameling Japanse prenten, en de bibliotheek omvat meer dan 23.000 werken. Van Vincent van Gogh werden bij leven slechts twee schilderijen verkocht.Na zijn dood liet Vincent zijn complete werk na aan zijn jongere broer, Theo van Gogh. Bij Theo's dood ging de verzameling over in handen van diens weduwe, Jo van Gogh-Bonger. Zij verkocht een aantal werken, maar hield een collectie bijeen die representatief was voor Van Goghs oeuvre. Na haar overlijden in 1925 kwamen de kunstwerken in bezit van haar zoon Vincent Willem van Gogh (de grootvader van de in 2004 vermoorde filmmaker Theo van Gogh). In 1960 richtte deze de Vincent van Gogh Stichting op. Naast hemzelf en zijn echtgenote hadden ook zijn drie nog levende kinderen zitting in de stichting, evenals een vertegenwoordiger van de Nederlandse regering. Op 21 juli 1962 werd een overeenkomst ondertekend tussen de Staat der Nederlanden en de Vincent van Gogh Stichting. De familie Van Gogh droeg voor 15 miljoen gulden de gehele verzameling, bestaande uit 200 schilderijen van Vincent van Gogh en Paul Gauguin, 400 tekeningen, en alle brieven van Vincent, over aan de staat. De belangrijkste voorwaarde was dat de gehele collectie in een aan Van Gogh gewijd museum zou worden ondergebracht. Hiermee werd de grondslag gelegd voor het Van Gogh Museum. Het museum opende in 1973 haar deuren met Emile Meijer als eerste directeur. Destijds was het een rijksmuseum, tegenwoordig is het museum een zelfstandige stichting en maken de schilderijen deel uit van de rijkscollectie Het hart van de collectie vormen de schilderijen van Van Gogh, de grootste collectie van zijn schilderijen ter wereld. Bekende werken van Van Gogh, zoals De aardappeleters, Het gele huis, Zonnebloemen en De slaapkamer zijn hier te vinden. Vincent van Gogh schreef veel brieven, vooral aan zijn broer Theo. Het grootste deel van deze brieven wordt bewaard in het museum. Van Goghs invloed op het expressionisme, het fauvisme en de vroege abstractie was enorm en kan worden gezien in vele andere aspecten van de twintigste-eeuwse kunst. Daarom heeft het museum naast werken van Van Gogh ook werk van andere kunstschilders die door hem zijn beïnvloed of met hem hebben samengewerkt. Het museum heeft werken van onder meer: Paul Gauguin Jozef Israëls Claude Monet Camille Pissarro Georges Seurat Paul Signac Henri de Toulouse-Lautrec Sinds 1991 valt De Mesdag Collectie in Den Haag onder de verantwoordelijkheid van het Van Gogh Museum.
    Op 7 december 2002 werden twee schilderijen van Van Gogh uit het museum gestolen. Het ging om Uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen uit 1884 en Zeegezicht bij Scheveningen uit 1882. De twee dieven gebruikten een ladder om op het dak te klimmen.] In december 2003 werden de daders veroordeeld maar waren de schilderijen nog niet teruggevonden. Pas in 2016, 14 jaar na de diefstal, werden de doeken in Italië teruggevonden. De doeken bleken in het bezit te zijn van de Napolitaanse maffia en waren verstopt in een huis bij Pompeï. Op 19 januari 2017 besloot de rechtbank te Napels de gestolen werken terug naar het Van Gogh Museum te sturen.Vanaf 22 maart 2017 zijn de twee werken weer te zien in het museum. Het Van Gogh Museum bestaat uit twee gebouwen: het hoofdgebouw dat in 1973 werd geopend, en de nieuwe vleugel die in 1999 werd geopend. Het hoofdgebouw werd in 1963-1964 in opdracht van de Staat der Nederlanden (Rijksgebouwendienst) ontworpen door de Nederlandse architect Gerrit Rietveld. Eerder was men in gesprek met architect Duintjer, maar om onbekende redenen werd deze samenwerking beëindigd. Na Rietvelds dood in 1964 werd diens schetsontwerp uitgewerkt door zijn compagnons Joan van Dillen en J. van Tricht. Daarbij werd nadrukkelijk afgeweken van Rietvelds plannen voor de gevels, die afwisselend uit geglazuurde baksteen en uit staalplaten met een holle vorm bekleed hadden moeten worden. Rietvelds opvolgers kozen voor een overal aangebrachte imitatiebreuksteen van beton, die al snel grote technische problemen in het interieur zou gaan opleveren. Met de bouw werd in 1969 begonnen. De opening vond plaats op 2 juni 1973; de bibliotheek was overigens al in 1969 opengegaan. Het gebouw uit betonsteen en glas bestaat uit een aantal ruimtes rond een centrale vide, ontworpen op een grit van vijf meter. Zowel de permanente collectie als de tijdelijke tentoonstellingen werden hier ondergebracht. In de loop der jaren werden in het gebouw tal van wijzigingen aangebracht. Terwijl de nieuwe vleugel werd gebouwd, werd het hoofdgebouw in 1998-1999 verbouwd, naar een ontwerp van Martien van Goor. Hij bracht de indeling van het hoofdgebouw meer in overeenstemming met het oorspronkelijke ontwerp, en verplaatste de kantoren naar een glazen aanbouw. Sinds de opening van de nieuwe vleugel wordt het hoofdgebouw alleen gebruikt voor de permanente tentoonstelling. De nieuwe vleugel is ontworpen door Kisho Kurokawa. Het gebouw is speciaal bedoeld voor tijdelijke tentoonstellingen, en werd gefinancierd door een gift van The Japan Foundation van de Yasuda verzekeringsmaatschappij in Tokio. Het is een met natuursteen en titanium bekleed ellipsvormig gebouw, uitgevoerd in beton, dat half in de grond ligt. Via een ondergrondse doorgang, die sinds 2015 ook als hoofdingang dient, is het met het hoofdgebouw verbonden. De openingstentoonstelling was gewijd aan Vincents broer Theo van Gogh Eind september 2012 sloot het museum voor de duur van een zeven maanden. In verband met nieuwe brandveiligheidseisen vond een verbouwing plaats, waarbij onder andere vluchtroutes voor het publiek werden aangelegd en het gebouw werd gerenoveerd. De 75 belangrijkste werken waren in die periode (tot eind april 2013) te zien in museum De Hermitage in Amsterdam, waar de tentoonstelling van de schilderijen van Van Gogh werd gecombineerd met een tentoonstelling van Franse impressionisten, een collectie uit De Hermitage in Sint-Petersburg. De verbouwing werd aangekondigd op 24 juni 2011, terwijl de andere musea aan het Museumplein, het Rijksmuseum en het Stedelijk Museum langdurig gesloten waren wegens verbouwing. De heropening was op 1 mei 2013. In 2011 was het Van Gogh Museum het best bezochte museum van Nederland met gedurende dat jaar 1,5 miljoen bezoekers. Op 14 augustus 1975 werd ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van het GVB in een van de vleugels de expositie Halte 75 geopend, die tot september doorliep. Tussen 9 februari en 2 juni 2002 was er een tentoonstelling gewijd aan de belangrijke relatie tussen Van Gogh en Paul Gauguin. De tentoonstelling was onder meer bijzonder omdat er voor de eerste keer de drie versies van zijn Vaas met vijftien zonnebloemen naast elkaar waren te zien: de versie uit de National Gallery, die van het Van Gogh zelf, en de versie die in 1987 door het Japanse bedrijf Yasuda voor een recordbedrag van 25 miljoen pond werd aangekocht. Over dit laatste werk is altijd enige commotie blijven bestaan omdat er wellicht sprake zou zijn van een vervalsing, bijvoorbeeld door de Franse schilder Émile Schuffenecker (1851-1934).
    In 2006 was er een grote tentoonstelling gewijd aan de schilderijen van Rembrandt van Rijn en de Italiaanse kunstschilder Caravaggio. Vele topstukken uit het buitenland, waaronder De Emmaüsgangers (National Gallery, Londen), Amor Vincit Omnia (Gemäldegalerie, Berlijn) en Het offer van Isaac (Uffizi, Florence) kwamen hiervoor naar Nederland. De tentoonstelling was een groot succes, ondanks de vrij hoge toegangsprijs (20 euro zonder korting). Deze tentoonstelling werd samen georganiseerd met het Rijksmuseum. Van 24 november 2006 tot en met 4 maart 2007 was er een tentoonstelling getiteld 'Vincent van Gogh en het Expressionisme. Hier werden 20 werken van Van Gogh en 40 expressionistische werken tentoongesteld. Getoond werd de invloed die Van Gogh had op de Duitse en Oostenrijkse expressionisten. Van 21 september 2007 tot en met 20 januari 2008 was er de tentoonstelling Barcelona 1900. Van 14 november 2008 tot en met 13 februari 2009, Stedelijk Museum te gast: Fauvisten en expressionisten. Van 16 mei 2008 tot en met 4 januari 2009 de tentoonstelling Vincent van Gogh en het Franse stilleven. Van 13 februari tot en met 7 juni 2009 de tentoonstelling Van Gogh en de kleuren van de nacht. Van 9 oktober 2009 tot en met 3 januari 2010 de tentoonstelling Van Goghs brieven. De kunstenaar aan het woord. Er zijn 120 originele brieven te zien. Ook is er een nieuwe editie van de brieven van Vincent van Gogh uitgeven in zes boekdelen met 819 brieven die door Vincent van Gogh zijn geschreven en 83 brieven die aan hem zijn gericht. Door het Van Gogh Museum en het Huygens Instituut is 15 jaar onderzoek naar de brieven gedaan. Van 19 februari tot en met 6 juni 2010 de tentoonstelling Paul Gauguin. De doorbraak naar moderniteit. Van 1 mei 2013 tot en met 12 januari 2014 de tentoonstelling Van Gogh aan het werk, jubileumtentoonstelling om het afsluiten van acht jaar onderzoek naar Van Goghs werkwijze te vieren.





    02-06-2018 om 09:44 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 2 juni de pil
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    2 juni 1999 In Japan wordt op 2 juni 1999 door een medische adviesraad voor de regering het gebuik van de anticonceptiepil toegestaan. Japan was tot dan toe het enige geïndustrialiseerde land in de wereld waar de pil verboden was. Condoomfabrikanten zijn er dertig jaar lang in geslaagd de anticonceptiepil buiten de deur te houden. Nu eens beweerden ze dat de pil niet werkte, dan weer was hij levensgevaarlijk en zou losbandigheid en verspreiding van seksueel overdraagbare ziektes bevorderen. Slechts een zeer ouderwetse variant, een soort hormonenbom, mocht op medische gronden worden voorgeschreven. Een gevolg van de ban op de pil was dat Japan een van de hoogste abortuscijfers van de wereld kende. Op verscheidene plaatsen in Japan zijn "begraafplaatsen" voor geaborteerde kinderen. Onafzienbare rijen poppen vormen daar de herinnering aan kinderen die werden verwekt, maar er nooit kwamen.

    02-06-2018 om 09:42 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 2 juni 1904 tarzan

    2 juni 1904 TARZAN Peter Johann Weissmüller (Freidorf (Oostenrijk-Hongarije), 2 juni 1904 – Acapulco (Mexico), 20 januari 1984) was een zwemkampioen in de jaren 20 van de twintigste eeuw en vertolker van Tarzan tussen 1932 en 1948. Hij nam tweemaal deel aan de Olympische Spelen en won hierbij in totaal zes medailles. Hij werd geboren als Peter Johann Weissmüller in Freidorf (een wijk in het huidige Timişoara in Roemenië) in het toenmalige Oostenrijk-Hongaarse rijk en gedoopt als János Weissmüller. Zijn ouders waren de Duitssprekende Oostenrijkers Petrus Weißmüller en Erzsébet Kersch. Toen Johnny zeven maanden oud was verhuisde de familie naar de Verenigde Staten. Met de S.S. Rotterdam vertrokken zij op 14 januari 1905 uit Rotterdam en kwamen twaalf dagen later aan in New York. Bij aankomst werden hun namen veranderd in de meer Engels klinkende namen Peter, Elizabeth en Johann Weissmuller. Na een kort verblijf in Chicago, Illinois, waar ze familie bezochten, verhuisden zij naar de mijnstad Windber in Pennsylvania. Peter Weissmuller werkte hier als mijnwerker. Op 3 september 1905 werd een broertje van Johnny geboren: Peter Weissmuller Jr. Na een aantal jaren in Pennsylvania gewoond te hebben verhuisde de familie naar Chicago. Johnny's vader was de eigenaar van een bar en zijn moeder werd chef-kok in een restaurant. Uit documenten die Elizabeth Weissmuller indiende in Chicago blijkt dat zijn ouders later scheidden. Zijn moeder werd dus geen weduwe van Johnny's vader (die zou zijn overleden aan tuberculose als gevolg van zijn werk in de mijnen) zoals veel bronnen abusievelijk vermelden. Al op jonge leeftijd waren Johnny en zijn broer goede zwemmers. De stranden van het Michiganmeer werden hun favoriete zomerbestemming. Hij werd lid van het Stanton Park-zwembad en won alle jeugdtoernooien. Op zijn twaalfde werd hij opgenomen in het YMCA-zwemteam. Na zijn schooljaren werkte Weissmuller een tijdlang als liftboy in een hotel. In zijn vrije tijd trainde hij zich verder in het zwemmen. Weissmuller was een van de beste zwemmers aller tijden. Hij was wereldrecordhouder op de 100 meter en haalde in totaal vijf gouden Olympische medailles: 1922: De eerste in de geschiedenis die de 100 meter vrije slag onder de minuut zwom (58,6 sec.) 1924: drie gouden en één bronzen medaille op de Olympische Spelen in Parijs: Goud: 100 meter en 400 meter vrije slag, 4 x 200 meter estafette Brons: waterpolo 1928: 2 gouden medailles op de Olympische Spelen in Amsterdam: 100 meter vrije slag en 4 x 200 estafette In 1932 speelde Weissmuller de hoofdrol in Tarzan the Ape Man. De vrouwen vielen in katzwijm voor deze kampioen. Hij zou tot 1948 in twaalf Tarzan films meedoen. Vanaf 1934 werd Maureen O'Sullivan zijn vaste tegenspeelster als Jane. Beiden werden grote filmsterren. Weissmuller had echter minder succes in andere zaken. Vijf huwelijken strandden en hij geraakte financieel aan de grond. Zijn reputatie en sterrenstatus raakte hij kwijt. Op 20 januari 1984 overleed hij aan de gevolgen van longoedeem. Bij het ter aarde laten van zijn doodskist klonk zijn typerende Tarzanroep driemaal. Dit was al vastgelegd voor zijn dood, op zijn eigen verzoek. Weissmuller werd 79 jaar.









    02-06-2018 om 09:41 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    01-06-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.the beatles

     

    01-06-2018 om 09:26 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 1 juni the beatles

    1 juni 1967 The Beatles Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band The Beatles was een popgroep uit de Engelse stad Liverpool. De groep was actief van 1960 tot 1970 en wordt algemeen beschouwd als de meest invloedrijke band uit de geschiedenis van de popmuziek.[1] De bezetting bestond uit John Lennon, Paul McCartney, George Harrison en Ringo Starr; andere vroege leden waren Stuart Sutcliffe en Pete Best. Al vrij snel na hun doorbraak kregen de leden van The Beatles te maken met hysterische reacties van voornamelijk jonge tienermeisjes, die tijdens concerten de muziek met hun gegil overstemden. Voor dit gedrag raakte de term "Beatlemania" in zwang. Tijdens hun carrière verrichtten ze pionierswerk in de geluidsstudio, waarvoor ze in brede kring lof oogstten. Onder hun invloed groeide de popmuziek uit van een op Amerikaanse rhythm-and-bluesgebaseerd genre tot een veel breder georiënteerde muzieksoort. Met de ontwikkeling en de verfijning van hun muziek, geleid door het songwritersduo Lennon-McCartney, werd The Beatles steeds meer beschouwd als belichaming van de gezamenlijke idealen van de sociaal-culturele revoluties tijdens de jaren zestig. The Beatles-leden John Lennon en Paul McCartney waren de belangrijkste liedjesschrijvers van het viertal. De Amerikaanse artiesten die ze bewonderden en die ze als inspiratiebronnen beschouwden waren Chuck Berry, Little Richard, Fats Domino, Elvis Presley, The Everly Brothers, Buddy Holly, de songwriter Smokey Robinson en, na 1964, de folksinger-songwriter Bob Dylan maar ook Harry Nilsson.Tot de bekendste nummers van The Beatles behoren: I Want to Hold Your Hand, She Loves You, Yesterday, Michelle, Yellow Submarine, Lucy in the Sky with Diamonds, All You Need Is Love, Hey Jude, Let It Be, Help!, Penny Lane, In My Life en Strawberry Fields Forever. The Beatles zijn tot nu toe de bestverkopende band in de geschiedenis, met een geschatte omzet van meer dan 600 miljoen platen wereldwijd. De groep staat bovenaan de lijst van de meest succesvolle ‘Hot 100’ kunstenaars aller tijden van het Amerikaanse Billboard Magazine; in 2015 houdt de groep het record voor de meeste nummers-een op de Billboard Hot 100-lijst met twintig. The Beatles kreeg tien Grammy Awards, een Oscar voor beste originele muzieken vijftien Ivor Novello Awards. Collectief is The Beatles opgenomen in de 'Time 100: The Most Important People of the Century', een compilatie van de 100 meest invloedrijke personen van de twintigste eeuw van het tijdschrift Time. The Beatles staat nummer 1 op de lijst van de 100 invloedrijkste artiesten dat door het Amerikaanse muziektijdschrift Rolling Stone werd samengesteld. De groep werd ingewijd in de Rock and Roll Hall of Fame in 1988 en alle vier leden individueel tussen 1994 en 2015. Als echte hoogtepunten in het repertoire gelden de albums A Hard Day's Night (1964, soundtrack van de klassieke film), Rubber Soul (1965), Revolver (1966), Sergeant Pepper's Lonely Hearts Club Band (1967), The Beatles (1968) en Abbey Road (1969). Hun album Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band uit 1967 geldt als een mijlpaal in de popgeschiedenis. De basis voor The Beatles werd op 6 juli 1957 gelegd, toen John Lennon op een festival in Woolton, Liverpool, tussen de optredens van zijn groep The Quarrymendoor Paul McCartney ontmoette.Die bracht op zijn beurt enige maanden later weer schoolvriend George Harrison mee die in eerste instantie door John Lennon te jong werd bevonden om tot de groep toe te treden. Harrison was toen 14, Lennon 17 en McCartney 15 jaar oud.
    In 1960 wijzigden ze op voorstel van Stuart Sutcliffe de groepsnaam eerst in Beatals, waarna nog enkele wijzigingen volgden (een maand heetten ze de Silver Beetles) en ze in augustus op de definitieve groepsnaam stuitten, een woordspelige combinatie van de woorden "beat" en "beetles", dat kevers betekent en een eerbetoon was aan de naar insecten vernoemde begeleidingsband van Buddy Holly, de Crickets (krekels). John Lennon, Stuart Sutcliffe en Paul McCartney waren regelmatig te vinden in club Jacaranda in Slater Street. The Beatles begonnen te spelen in de Jac in de zomer van 1960. De eigenaar van de club, Allan Williams kon tussen mei en augustus 1960 ook een aantal boekingen regelen voor optredens op andere locaties en werd zo de eerste manager van de band. Hij regelde ook optredens in Hamburg, waar hij ze persoonlijk naar toe reed. [7]. Ze leerden in Hamburg de zanger Tony Sheridan kennen, die daar ook in het clubcircuit optrad. In juni 1961 maakten ze als zijn begeleidingsgroep hun eerste platenopnamen. Twee van de liedjes die daarbij werden opgenomen, My Bonnie en The Saints, werden op single uitgebracht. Die werd in Duitsland een klein hitje, maar dat leverde voor The Beatles geen naamsbekendheid op: op de hoes werden ze helemaal niet vermeld en op het etiket heetten ze The Beat Brothers. De overige liedjes van de Hamburgse opnamesessies bleven op de plank liggen tot 1964, toen The Beatles beroemd waren geworden en platenmaatschappij Polydor probeerde mee te liften op het succes door ze op een lp (The Beatles' First) en een paar singles uit te brengen. In november 1961 maakte de groep kennis met Brian Epstein, die aanbood hun manager te worden.[Toen The Beatles daarmee akkoord gingen, begon Epstein verwoede pogingen te doen om voor hen een platencontract in de wacht te slepen. Op 1 januari 1962 deed de groep auditie bij Decca Records. Ze werd afgewezen. Pas op 6 juni 1962 leverde een auditie bij producer George Martin van Parlophone een platencontract op. Tot aan de definitieve samenstelling vonden nog diverse personeelswisselingen plaats; bekende ex-leden zijn bassist Stuart Sutcliffe die kort na het verlaten van de groep op 21jarige leeftijd overleed in het ziekenhuis van Hamburg, en drummer Pete Best, die ook nog eens onder een keur van namen optrad. Best werd bedankt voor zijn diensten op 16 augustus 1962 door Beatles-manager Brian Epstein. Reden hiervoor was dat George Martin bij hun auditie niet tevreden was over Bests drumwerk op de eerste versie van Love Me Do, het liedje dat later de eerste echte single van The Beatles zou worden. Toen de overige Beatles dit hoorden, drongen ze bij manager Epstein aan op het ontslag van Best. Ten slotte werd Ringo Starr gevraagd om bij de band te komen.Starr, wiens echte naam Richard Starkey is, speelde daarvoor bij Rory Storm and the Hurricanes, eveneens afkomstig uit Liverpool. Love Me Do werd bespeeld door Andy White, een sessiedrummer, omdat George Martin ook bij Ringo Starr niet tevreden was bij dit nummer, de tweede versie, waardoor de derde versie uiteindelijk de originele single werd. De muziek van The Beatles, die oorspronkelijk deel uitmaakte van de Merseybeat, ontwikkelde zich vanaf 1961 explosief. Waren de eerste singles zoals Love Me Do gebaseerd op een drietal akkoorden en inhoudelijk nogal mager, al snel werden nieuwe instrumenten en akkoorden ingebracht en werden de muziek en liedteksten complexer. Op She Loves You sloegen The Beatles een nieuwe weg in door zich niet meer in de eerste persoon direct tot de (vrouwelijke) luisteraar te richten, maar de derde persoon te gebruiken. Muzikaal gezien was het einde van She Loves You, waarbij The Beatles gebruik maakten van een sextinterval, ook een progressie. Later maakten The Beatles onder andere als eerste popgroep gebruik van de sitar in Norwegian Wood (This
    Bird Has Flown)(1965)en gebruikten ze voor het eerst een strijkorkest voor McCartneys Yesterday (1965). De B-kanten van hun singles kregen vaak dezelfde 'hitpotentie' kregen als de A-kant. Ook werden meerdere singles uitgebracht met een dubbele A-kant, zoals We Can Work It Out/ Day Tripper en Penny Lane/Strawberry Fields Forever. De eerste succesjaren kenmerkten zich door een ongekende massahysterie, door de Britse pers in 1963 heel treffend Beatlemania genoemd. Hadden The Beatles in dat jaar alleen nog maar succes in eigen land en vanaf het najaar in Zweden, vanaf januari 1964 veroverde de groep ook de rest van de wereld. In Australië, de Verenigde Staten, Europa en Azië werden The Beatles immens populair. In deze tijd begonnen The Beatles films te maken, zoals de zwart-wit-komedie A Hard Day's Night (1964). Verder verschenen Help! (1965), Magical Mystery Tour (1967), Yellow Submarine (1968) en Let It Be (1970). De Amerikaanse media kregen in 1963 lucht van The Beatles. Hun reactie was in eerste instantie schamper. In februari 1964 traden The Beatles op in de Ed Sullivan Show, waar 73 miljoen mensen naar keken. In april 1964 bezetten The Beatles de eerste vijf plaatsen van de Billboard Top 100. De eerste drie lp's van de groep vertonen een duidelijke progressie. Please Please Me (1963) is een verzameling van covers, maar ook van eigen werk, waaronder klassiekers als I Saw Her Standing There en Do You Want To Know A Secret. Het tweede album, With the Beatles kan opgevat worden als een productioneel beter verzorgde kopie van de debuut-lp, maar was anderzijds ook een grote stap voorwaarts. EMI (de platenmaatschappij) had onderhand al meer vertrouwen in de groep, er hoefden geen geheide hits meer op en de hoesfoto mocht al wat onconventioneler. A Hard Day's Night wordt beschouwd als de beste vroege plaat van de groep. Het geluid erop wordt sterk gedomineerd door de twaalfsnarige gitaar van Rickenbacker, een revolutionair instrument in die dagen. Gedurende 1964 en 1965 hadden The Beatles het zeer druk met reizen en optreden. Tournees in Azië, Europa, Australië en de Verenigde Staten werden afgewisseld met studiowerk in Londen en met filmopnames voor A Hard Day's Night en Help!. Op het gelijknamige album, maar vooral op Beatles for Salevertoonde de groep tekenen van vermoeidheid. Deze tijdelijke artistieke stilstand werd, zoals gezegd, wel gecompenseerd door enorme commerciële successen. Vanaf eind 1965 waren de artistieke krachten helemaal terug, mede onder de invloed van marihuana. En waar A Hard Day's Night een hoogtepunt vormde voor wat de ontwikkeling in de hoogte betrof, begon nu een andere ontwikkeling: die in diepte. Het klassieke album Rubber Soul, eind 1965 afgeraffeld om de deadline voor de kerstmarkt te halen,[21] was hier het resultaat van. Vanwege de tijdsdruk, het feit dat de steeds geraffineerder geworden lp's niet live gereproduceerd konden worden en omdat de fans toch maar door hun muziek heen schreeuwden, stopten The Beatles in 1966 met toeren. Op 29 augustus 1966 was het laatste concert (Candlestick Park, San Francisco). Ook de druk van het reizen viel de leden uiteindelijk te zwaar. Zo waren er problemen in Amerika na de uitspraak van Lennon dat The Beatles populairder waren dan Jezus, werden The Beatles in de Filipijnen vrijwel
    gemolesteerd en afgeperst nadat ze hadden geweigerd om presidentsvrouw Imelda Marcos te ontmoeten en werden ze in Japanbehandeld alsof ze gevangenen waren. Bovendien hadden The Beatles inmiddels muzikale ideeën ontwikkeld die niet op het podium konden worden uitgevoerd. Zo zijn de liedjes van het album Revolver, dat in de zomer van 1966 uitkwam nooit live uitgevoerd, hoewel ze tussen de tournees door wel werden opgenomen. 'Paperback Writer', opgenomen tijdens de Revolver-sessies is overigens wel een aantal keer live gespeeld. De studiojaren braken aan. In een volumineus boekwerk Recording The Beatles verklaren twee geluidstechnici omstandig hoe het kwam dat The Beatles in de studio klonken zoals zij klonken. De studiojaren waren in feite al aangevangen met het album Rubber Soul (1965). Vanaf eind 1965 ging de artistieke ontwikkeling van The Beatles steeds sneller. Vele fans konden de ontwikkeling van de groep niet bijhouden; zo duurde het langer dan normaal voor de single Paperback Writer/Rain de eerste plaats van de hitparade had bereikt. Het intensieve gebruik van studio-effecten (strijkers, tape-loops, gitaren waarvan het geluid achterwaarts weergegeven werd, versnelde of vertraagde nummers enz.) was al begonnen op Revolver, maar deze technieken kregen pas echt hun beslag op het volgende album. Op 1 juni 1967 verscheen het album Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band, dat algemeen beschouwd wordt als het hoogtepunt uit hun artistieke loopbaan. De elpee stelt The Beatles voor als een andere groep, Sergeant Pepper's Lonely Hearts Club Band. De extravagante hoes met liedteksten op de achterste hoes − een noviteit in de popmuziek − is beroemd om zijn fotocollage van beroemdheden, waaronder The Beatles zelf (in de vorm van wassen beelden in keurig maatpak die hun 'oude' alter ego voorstellen), die de fictieve groep Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band bewonderen. Met dit album werd de rock-'n-roll, een genre dat tot dan toe nog steeds als iets voor de jongere generaties beschouwd was, verheven tot een voor iedereen toegankelijke kunstvorm. Een van de directe gevolgen was dat vanaf dat moment het album dominant werd in de popmuziek, daar waar vroeger het succes en de populariteit van artiesten werden afgemeten aan de singles. In de gerespecteerde Londense Times beschreef muziekcriticus Kennet Tynan de plaat als een "beslissend moment in de geschiedenis van de westerse beschaving"en in de editie van het bekende weekblad Time van 22 september 1967 vergeleken eminente musicologen en 'klassieke componisten' onder wie Leonard Bernstein de composities van de groep met muzikale grootheden uit het verleden als Schumann of Schubert. Kosten noch moeite werden gespaard om van dit album iets speciaals te maken. Dat ging dan van het aanschrijven van tientallen beroemdheden om op de hoes te worden afgebeeld (door middel van sterk vergrote en uitgesneden afbeeldingen) tot het gebruiken van een heel strijkorkest (uiterst ongewoon in die dagen). De plaat begint eenvoudigweg waar Revolver stopte, bij Tomorrow Never knows. Het is een aaneenschakeling van muziek, hallucinerende bellen, sociale kritiek, droomvisioenen, cryptische boodschappen, Indiase invloeden, studio-gepraat en geluidscollages. Hoewel er geen sprake is van een thematisch concept, is de sfeer zo eenduidig dat deze plaat als het eerste conceptalbum uit de geschiedenis kan worden beschouwd. Groot is de invloed van chemische substanties (lsd), groot is ook de invloed van producer George Martin die de complexe geluidscollages maandenlang aaneensmeedde. Hoogtepunt is A Day in the Life,
    volgens sommigen een visie op de dag des oordeels. Hoewel van het album geen singles werden uitgebracht, werd het een doorslaand succes. De opnames van de nummers Strawberry Fields Forever en Penny Lane werden gebruikt om deze vroeg in 1967 op single met dubbele A-kant uit te brengen en kwamen niet op de elpee. George Martin verklaarde in de tv-documentaire The Making of Sgt. Pepper dat het ontbreken van deze nummers op de elpee de grootste blunder uit zijn artistieke loopbaan was. Toen in de zomer van 1967 manager Epstein overleed, luidde dat het begin van het einde voor The Beatles in. Ze wilden voortaan zelf hun zaken regelen. Met Kerstmis 1967 brachten ze Magical Mystery Tour uit, als een televisiefilm en een bijbehorende ep, waar de psychedelische klanken van Sgt. Pepper's een magere nagalm beleefden. De film flopte. Bovendien zond de BBC de film in zwart-wit uit, een blunder in een tijd waarin alles om kleur draaide. Ook gingen The Beatles in zaken. Apple Corps werd opgericht, met onder meer een kleding- en een filmafdeling en een muzieklabel. Apple Corps was matig succesvol. The Beatles verloren al snel de interesse in het zakendoen, ze maakten liever muziek. De kledingafdeling werd wegens enorme verliezen opgeheven door de complete inventaris weg te geven. Op het Apple-label verscheen Hey Jude als eerste single en werden namen als James Taylor, Badfinger, Mary Hopkin en Jacky Lomax binnengehaald. De filmafdeling maakte nog wel enige winst. Yellow Submarine (1968), een film gebaseerd op de gelijknamige hit uit 1966, was een redelijk succes, hoewel The Beatles zich er amper mee bemoeiden. De nummers op de soundtrack van Yellow Submarine brachten weinig enthousiasme teweeg, al wist de groep in deze periode met ander werk — zoals Hello, Goodbye (alleen op de Amerikaanse lp Magical Mystery Tour verschenen, waarbij de ep aangevuld werd met singles, later werd dit de standaard cd-editie), Hey Bulldog, Lady Madonna (alleen op single uitgebracht), The Fool On The Hill, All You Need Is Love en I Am The Walrus — nog genoeg respect af te dwingen. In 1968 gingen The Beatles echter weer de andere kant op en brachten ze het dubbelalbum The Beatles uit, beter bekend als The White Album, vanwege de minimalistische witte hoes. De groep heeft hierop minder overdadig gebruikgemaakt van de mogelijkheden die de studio bood. Op dit voor veel muzikanten belangrijke dubbelalbum (de trendsetter voor alle rock-dubbelalbums tot vandaag aan toe) staan liedjes als Back in the U.S.S.R., Revolution 1, Ob-La-Di, Ob-La-Da, Blackbird en Dear Prudence. Een van de bekendste composities op het dubbelalbum is Harrisons While My Guitar Gently Weeps, met Eric Clapton op gitaar. Dit was de eerste maal dat een popmuzikant die geen deel uitmaakte van The Beatles op een album meespeelde. Er waren tientallen takes nodig om dit nummer op te nemen. Gegeven de omstandigheden zou het heel wat zelfdiscipline van de groep vereist hebben − waarover ze toen niet beschikten − om, zoals George Martin voorgesteld had, de plaat te beperken tot de beste 14 of 16 nummers, om zo een "superelpee" te maken. Verder bevat het album de avantgardistische muzikale collage Revolution 9 van Lennon, een minutenlang durende chaos van geluiden. Het album kenmerkt zich door een breed scala aan verschillende stijlen, van rock, country en ska tot hardrock en musical.
    Terwijl The Beatles bezig waren met de opnames voor het 'witte' dubbelalbum 'The Beatles', viel de groep verder uit elkaar. McCartney had zich sinds het overlijden van Epstein officieus opgeworpen als de leider van de groep. Hij streek daarmee Lennon tegen de haren in, die de groep had opgericht. Lennon op zijn beurt nam zijn nieuwe geliefde Yoko Ono mee de studio in, waar haar aanwezigheid niet werd gewaardeerd door de overige Beatles. Verder werd Lennons muziek door Ono's invloed extravaganter en had hij liedjes en singlevoorstellen die voor de overige Beatles te apart waren (What's The New Mary Jane werd door hen voor release tegengehouden, Give Peace A Chance en Cold Turkey zou Lennon later met zijn eigen Plastic Ono Band buiten The Beatles om uitbrengen). Ringo Starr kon niet tegen de ruzies, stopte ermee en kwam pas na twee weken en op aandringen van de overige leden weer terug. Op initiatief van McCartney werd in januari 1969 begonnen met de opnames van het Get Back-project, bedoeld om weer terug te keren naar de eenvoud van vroeger. Er zou een eenvoudige tournee komen, een film daarvan, een single en een album. Dat project faalde eveneens. Er werd niet getoerd; in plaats daarvan verzorgden ze op 30 januari 1969 een onaangekondigd optreden op het dak van het Apple-kantoor in Londen, waar na een paar nummers door de politie een einde aan werd gemaakt. Ontevreden over het materiaal bleef de release van een lp voorlopig uit; alleen een single (Get Back) werd uitgebracht. De later uitgebrachte film Let It Be laat zien hoe de groep uit elkaar valt, geïllustreerd door de ruzie tussen Harrison en McCartney. Harrison gooide ook tijdelijk het bijltje erbij neer. Met Abbey Road, dat in september 1969 verscheen, brachten The Beatles hun laatste succesvolle elpee uit. Hun ruzies hadden ze hiervoor even opzij gezet. Een deel van kant twee bevat een medley van onvoltooide liedjes die aan elkaar zijn geregen. De plaat eindigt heel veelzeggend met The End (latere uitgaven vermelden Her Majesty als laatste nummer; dat korte liedje kwam door een fout van een geluidstechnicus op de plaat terecht, waarmee de eerste hidden track uit de rockgeschiedenis een feit was. Deze persing werd gehandhaafd en de hoes werd aangepast). John Lennon kondigde vervolgens aan uit de groep te willen stappen, maar het nieuws werd stilgehouden. Na een promotionele fotosessie in september 1969 werden de leden echter niet meer samen gezien. In april 1970 verscheen nog Let It Be, een door producer Phil Spector opgepoetst en opgeleukt album met opnames van de Get Back-sessies waar The Beatles geen interesse meer voor hadden, tegelijk met de film. Het voor dit album op 3 januari 1970 opgenomen I me mine was de laatste opname-sessie van The Beatles. Lennon was echter niet bij deze sessie aanwezig. Geen van The Beatles kwam opdagen bij de première. Op hetzelfde moment bracht McCartney zijn eerste solo-elpee uit, McCartney, met een zelf afgenomen interview in de hoes gestoken waarin hij verklaarde dat The Beatles voorbij waren. "I didn't leave the Beatles. The Beatles have left The Beatles, but no one wants to be the one to say the party's over", zou McCartney later verklaren.[25 Er werd in de jaren zeventig nog meermalen gepoogd om de groep weer bij elkaar te krijgen. McCartney en Lennon waren in 1974 nog bij elkaar om (samen met onder anderen Harry Nilsson en Stevie Wonder) wat te jammen, maar van blijvende samenwerking was geen sprake meer. Toen John Lennon op 8 december 1980 voor zijn huis (Dakota Building aan 72nd street, New York) door Mark David Chapman werd vermoord, was de tijd van The Beatles echt voorbij.
    In 1995 en 1996 brachten George Harrison, Paul McCartney, Ringo Starr en Yoko Ono drie albums uit, Anthology getiteld, die speciale versies en outtakes bevatten van Beatlesnummers. De nieuwe singles Free as a Bird en Real Love, waarvoor audiocassettes van John Lennon als basis dienden, brachten The Beatles opnieuw onder de aandacht van het grote publiek. De Anthology-albums werden in 1996 gevolgd door een documentaire (waarvan een deel als televisiedocumentaire werd uitgebracht) en in 2000 door een boek waarin "het verhaal van The Beatles wordt verteld door The Beatles zelf". In 2003 werd de documentaire op een dvd-box uitgebracht die bestaat uit vijf dvd's. De documentaire is verspreid over vier dvd's. Op de vijfde dvd staan extra's, waaronder een jamsessie van Paul McCartney, George Harrison en Ringo Starr in 1994, en extra interviews in de Abbey Road Studio's. George Harrison overleed aan de gevolgen van kanker op 29 november 2001 in Los Angeles. Zowel McCartney als Starr werkten mee aan een benefietconcert ter nagedachtenis van de gitarist. In november 2003 werd het album Let it Be opnieuw uitgebracht onder de titel Let it Be.... Naked, dit aan de hand van de opnames van het oude album Let it Be, een remix en dus dit keer zonder Phil Spectors inbreng (onder andere diverse orkestraties). Een samenwerking met Cirque du Soleil leidde ertoe dat George Martin samen met zijn zoon Giles Martin het gehele archief aan mastertapes afkomstig van de Abbey Road Studios doorwerkte om een experimentele pro-tools-mix van Beatles-geluiden te creëren. Tegen de bedoelingen in (de geluiden zouden gebruikt worden in de Las Vegas show Love, die wordt gespeeld in The Mirage) werd dit werk november 2006 uitgebracht op cd en dvd-audio onder de naam Love. Het album bevat liedjes met daaronder diverse partijen die in andere liedjes gebruikt werden. In 2008 was er sprake van het verschijnen van een nieuwe single, Now And Then. Uit het archief wordt er materiaal van een oude Lennon-track gebruikt voor een nieuwe Beatlestrack, die Sir Paul McCartney van Lennons weduwe Yoko Ono had gekregen. Hoewel deze release uitbleef, was er op 16 november van dat jaar sprake van een release van een experimentele Beatles-track. McCartney vertelde tijdens een radio-interview met de BBC dat hij het veertien minuten durende Carnival Of Light uit 1967 uit wilde brengen. Op 17 januari 2008 maakte het Amerikaanse label Fuego Records bekend te beschikken over live-opnames uit 1962 die niet eerder zijn uitgebracht. De dj had destijds de gespeelde nummers van de beatgroep opgenomen op tapes en deze verstuurd aan het label, dat ze nu graag wilde uitbrengen op cd. De nummers waar het om ging waren onder meer Twist and Shout, I Saw Her Standing There en Money. Op 13 december 2013 werd bekend dat nooit eerder uitgebrachte 59 opnames uit opnamesessies en radio-uitzendingen zouden verschijnen op het album Bootleg Recordings 1963. Alle albums van The Beatles, inclusief Past Masters, Volume One en Past Masters, Volume Two, werden op 9 september 2009 geremasterd uitgebracht op cd. Op die dag werden de albums ook in twee verschillende cd-boxen uitgebracht; zowel een cd-box met de stereoversies van de albums als een cd-box met de albums in mono. In de monobox ontbreken de albums Yellow Submarine, Abbey Road en Let It Be, omdat er van die albums geen monomix gemaakt is. De geremasterde cd's bevatten videomateriaal met daarin onder andere op elke cd een korte documentaire over het tot stand komen van het
    album. De stereobox bevat ook de extra dvd The Documentaries, waarop door The Beatles zelf wordt uitgelegd hoe hun albums tot stand zijn gekomen. Ook bevat de box replica's van de originele platenhoezen. Begin december 2009 werden de geremasterde albums ook in een beperkte oplage in MP3-formaat uitgebracht op een USB-stick in de vorm van een appel. Mat Snow, journalist bij Mojo Magazine, was voor het verschijnen van de geremasterde albums uitgenodigd om tien geremasterde tracks van The White Album te komen beluisteren en kwam toen tot de conclusie dat het beter klonk dan hij ooit had kunnen hopen. Ook in Nederland waren de recensies van de nieuwe uitgave positief, waarbij werd genoemd dat de muziek "minder dof", "kraakhelder" en "krachtiger en voller" klonk dan op de oude uitgave. In oktober 2008 werd bekend dat er een overeenkomst was gesloten met Viacom, waaraan de licentie van de liedjes van The Beatles zijn verkocht. Hierdoor mochten de nummers van The Beatles gebruikt worden in de videogame The Beatles: Rock Band. Op 9 september 2009, dezelfde dag waarop ook de bovengenoemde remasters uit werden gebracht, verscheen er een speciale editie van Rockband waarin de muziek van The Beatles centraal staat. In het spel kunnen fans zich als lid van de popgroep voordoen. The Beatles behoorden lange tijd tot de weinige artiesten van wie de liedjes niet via iTunes te downloaden waren. Dit kwam mede door het conflict tussen het computerbedrijf Apple Inc. en Apple Records, het label van The Beatles. Sinds dinsdag 16 november 2010 zijn alle albums van de band te downloaden via iTunes. Op 20 november 2010 zijn 7 singles binnengekomen in de Single Top 100. Het eerste museum over The Beatles was Cavern Mecca (1981-1984) in Liverpool dat enkele jaren heeft bestaan. In 1990 verkreeg de stad van herkomst opnieuw een museum, The Beatles Story genaamd. In 1981 werd het Beatles Museum in Krommenie gestart. Later verhuisde deze naar verschillende locaties in Alkmaarwaar het nu nog steeds gevestigd is. In Halle in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt staat sinds 2000 het Beatles Museum. In Hamburg, de stad waar The Beatles in de beginjaren veel hebben gespeeld, was van 2009 tot 2012 Beatlemania Hamburg gevestigd. Andere musea zijn het Egri Road Beatles Múzeum in het Hongaarse Eger en het Museo Beatlein de Argentijnse hoofdstad Buenos Aires. Over de hele wereld zijn monumenten van The Beatles te zien, waaronder meerdere in Liverpool en verder nog op allerlei andere plaatsen, van Jekaterinenburg in Rusland tot Ulan Bator in Mongolië. Daarnaast zijn er monumenten voor individuele leden, in het bijzonder voor John Lennon. Aan hem is bijvoorbeeld het John Lennon Park in Havanna gewijd en Strawberry Fields in Manhattan. In 2007 is in de stad Hamburg in de uitgaanswijk St. Pauli een stalen sculptuur geplaatst, ter herinnering aan de Fab Four. De initiatiefnemer, het radiostation Oldie 95, kreeg de voor het gedenkteken benodigde 460.000 euro door schenkingen bij elkaar en begon in 2007 met de bouw.







    01-06-2018 om 09:22 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 1 juni saint laurent

    1 juni 2008 Saint Laurent Yves Henri Donat Mathieu Saint Laurent (Oran (Algerije), 1 augustus 1936 - Parijs, 1 juni 2008) was een Franse modeontwerper. Yves Saint Laurent was de zoon van Charles Saint Laurent, een Pied-Noir en manager bij een verzekeringsmaatschappij en Lucienne Mathieu. Toen hij zeventien was verliet Saint Laurent het ouderlijk huis om voor de ontwerper Christian Dior te gaan werken. Toen Dior in 1957 stierf, kreeg Saint Laurent op 21-jarige leeftijd de leiding over het toen slecht lopende modehuis Dior. De ontwerpen van Saint Laurent waren zo vernieuwend, dat ze tot grote successen leidden. Zo bijvoorbeeld de trapeziumjurk uit 1958, die ruim viel om de taille in plaats van deze in te snoeren. Saint Laurent gebruikte zowel fel lichte, als donkere kleuren, al ontwierp hij eenmalig ook een collectie waarvan alle kledingstukken zwart waren. Tijdens de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog werd Saint Laurent opgeroepen om in het Franse leger te dienen. Na twintig dagen werd hij echter vanwege een zenuwinzinking opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis, waar hij onder andere met elektroshocktherapie werd behandeld. Vanwege zijn zenuwinzinking werd Saint Laurent de leiding over het modehuis Dior ontnomen. Samen met zijn partner Pierre Bergé begon hij daarop zijn eigen modehuis, met de later bekend geworden merknaam YSL. In de jaren zestig en zeventig zette Yves Saint-Laurent trends zoals het broekpak en de "beatnik look" en de puntlaarzen die tot dijhoogte de benen omsloten. Midden jaren zestig ontwierp Saint Laurent een collectie wollen tricotjurkengeïnspireerd op het werk van Piet Mondriaan. Deze ogen rechttoe rechtaan met zwarte omlijning, primaire kleuren en hebben een bedachte vlakverdeling. Tot Saint Laurents clientèle behoorden onder meer zijn "muze" Loulou de la Falaise en de actrice Catherine Deneuve. In 1993 werd het modehuis van Yves Saint Laurent voor ongeveer 600 miljoen dollar verkocht aan het farmaceutische bedrijf Sanofi. Zes jaar later werd het merk YSL gekocht door Gucci. Tom Ford kreeg de leiding over de ready-to-wear-collectie, terwijl Saint Laurent de haute couture-collectie ontwierp. In 2002 werd, mede als gevolg van Laurents leeftijd, drugsmisbruik, depressie, alcoholisme, kritiek op de YSL-ontwerpen en problemen met Tom Ford, besloten het couturehuis van YSL te sluiten. Hierna trok Saint Laurent zich meer en meer terug in zijn huis in Marrakesh, Marokko. Yves Saint Laurent overleed op 71-jarige leeftijd. Hij werd begraven in Marrakesh.





    01-06-2018 om 09:19 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 1 juni marleen monroe

    1 juni 1926 Marleen Monroe Marilyn Monroe, pseudoniem van Norma Jeane Mortenson (Los Angeles, 1 juni 1926 – aldaar, 5 augustus 1962), was een Amerikaans fotomodel, actrice en zangeres. Ze werd als sekssymbool een icoon in de jaren vijftig. Marilyn Monroe – Norma Jeane – had een moeilijke jeugd. Haar moeder was Gladys Pearl Mortenson, geboren Monroe,en was eerder gehuwd met John Baker. Norma Jeanes moeder liet zich nog naar hem Gladys Sasha Baker noemen en liet Norma Jeane ook met deze achternaam dopen. Gladys Baker was weliswaar in 1924 getrouwd met Martin E. Mortensen, maar ze leefden al gescheiden voordat Gladys zwanger werd. Mogelijk was Norma Jeanes vader Charles Stanley Gifford ]Gifford en Gladys Baker werkten beiden in de snijstudio van RKO Pictures, waar Baker Giffords ondergeschikte was. Gladys Baker was drugsverslaafd en liet de opvoeding van Marilyn over aan haar vrienden Albert en Ida Bolender. Toen Baker na een lange tijd met haar dochter in een oud krot ging wonen, kreeg ze een zenuwinzinking waardoor ze helemaal op hol sloeg (volgens ooggetuigen zou ze op het dak geklommen zijn en zo de hele buurt bij elkaar geschreeuwd hebben). Monroe werd daarna in het gezin van Grace McKee (later Goddard) geplaatst. Monroe zou nooit een goede band met haar moeder opbouwen. In een later interview zei ze over haar moeder: "To me, she was just that red-haired woman." ("Voor mij was ze slechts die roodharige vrouw.") In 1942 moest McKee's man voor zijn werk naar de oostkust van de Verenigde Staten. Het was voor het stel te duur om de 16-jarige Monroe nog te onderhouden. De jonge Monroe had twee keuzes: terug naar het weeshuis of trouwen. Ze koos voor het laatste en trouwde op 19 juni 1942 met haar 21-jarige buurjongen James Dougherty. Terwijl Dougherty in het leger diende, ging Monroe in op het verzoek van een fotograaf om te poseren, onder andere voor naaktfoto's. Toen Dougherty terugkeerde, kon hij haar niet langer thuishouden en op 13 september 1946 scheidde het stel. Dougherty trouwde daarna nog tweemaal. Hij overleed in 2005. In de jaren daarna probeerde Monroe aan de slag te komen in Hollywood. Ze kreeg onder de naam Marilyn Monroe een contract bij een filmmaatschappij, maar buiten één kleine bijrol, die ook nog eens sneuvelde in de montagekamer, bleef dit aanvankelijk zonder succes. Een contract bij een maatschappij was in die tijd vaak een geïnstitutionaliseerde vorm van prostitutie: de 'actrices' mochten met de relaties van de filmbazen uit eten. Ze werkte ondertussen aan haar houding, nam acteer- en zanglessen, blondeerde haar haar en liet haar gebit reviseren. Geleidelijk aan maakte ze naam als dom blondje, een imago dat ze bewust cultiveerde. Haar eerste grote rol was in How to Marry a Millionaire. Ze had groot succes met Gentlemen Prefer Blondes, naast Jane Russell, en met The Seven Year Itch, waarin het befaamde shot zit met de opwaaiende jurk. Haar laatste project was Something's Got To Give, een onvoltooide film waarin ze tegenover Dean Martin speelde. Monroes huwelijk met de honkballer Joe DiMaggio, met wie ze op 14 januari 1954 trouwde, duurde slechts 7 maanden (tot 27 oktober 1954). Ze gingen evenwel als goede vrienden uit elkaar. DiMaggio bracht na Monroes dood in 1962 gedurende 20 jaar driemaal per week verse rozen naar haar graf. Aan het einde van de jaren vijftig richtte Monroe haar eigen productiehuis op en verhuisde ze naar New York. Ze nam lessen bij The Actors Studio van Lee Strasberg en kreeg een relatie met toneelschrijver Arthur Miller, met wie ze op 29 juni 1956 trouwde. Ze wilde zich verdiepen en serieuzere rollen spelen. In Engeland maakte ze The Prince and the Showgirl, met Laurence Olivier. De film was een flop, maar werd achteraf helemaal niet slecht bevonden. Velen vinden dat haar beste film Some Like It Hot was, tegenover Jack Lemmon en Tony Curtis, alhoewel ze ook goede recensies kreeg voor haar optreden in Bus Stop. Arthur Miller schreef voor haar het script van The Misfits, waarin ze speelde tegenover Clark Gable en Montgomery Clift, twee Hollywoodlegenden. De opnames waren een hel, doordat ze plaatsvonden in de woestijn van Nevada, ver van de bewoonde wereld. Monroe repeteerde tot diep in de nacht met haar persoonlijke coach, Paula Strasberg, de tekst voor de volgende dag. Door
    vermoeidheid, maar ook door haar alcohol- en medicijngebruik, verscheen ze vaak te laat op de set, of soms gewoon helemaal niet. Halverwege de opnamen stuurde de regisseur, John Huston, die zelf ook wel een slokje lustte en soms tijdens de opnamen in slaap viel, haar naar een kliniek om van haar verslaving af te komen. De laatste opnamen van Monroe zijn in soft focus gefilmd om de sporen van de verslaving te maskeren. Miller ontmoette tijdens de opnamen de fotografe Inge Morath, met wie hij een relatie begon. Dit leidde tot de scheiding van Monroe op 20 januari 1961.
    Monroe ligt begraven op het Westwood Village Memorial Park Cemetery Na The Misfits werkte Monroe nog mee aan opnames voor Something's Got to Give, een project dat door de studio werd stilgelegd omdat ze bijna nooit op de set kwam. Haar psychische problemen, deels geërfd van haar moeder, verergerden door haar chronische medicijngebruik. Op 5 augustus 1962 werd ze dood aangetroffen door de huishoudster Eunice Murray in haar huis in Brentwood, Californië. Bij de autopsie op het lichaam van Marilyn Monroe werd acht milligram van het middel chloraalhydraat en 4,5 milligram van het middel Nembutal in haar lichaam gevonden, en dr. Theodore J. Curphey van The Los Angeles County Coroner's Office zei in een persconferentie dat de doodsoorzaak een acute "barbituraat-vergiftiging" was, als gevolg van een "waarschijnlijke zelfmoord". Monroe is begraven op het Westwood Village Memorial Park Cemetery Er is in de media veel gespeculeerd over een mogelijke relatie tussen Monroe en de Kennedy's. Met de Amerikaanse president John F. Kennedy zou ze volgens deze geruchten een affaire hebben gehad, maar toen hij haar beu was, zou hij haar hebben overgedragen aan zijn broer, Bobby Kennedy. Toen deze haar zou hebben laten vallen, zou Monroe door het lint zijn gegaan en een poging tot chantage hebben gedaan. Bewijs voor de relatie en een andere doodsoorzaak dan zelfmoord is echter nooit gevonden. Er zijn oorzaken aan te wijzen voor het ontstaan van deze geruchten. Het grote publiek was in de jaren 1960 onwetend van het drugsgebruik van Monroe. Voor buitenstaanders kwam haar dood dan ook onverwacht. Dat gaf dan ook voeding aan speculaties over de doodsoorzaak. Ook het optreden van Monroe op de verjaardag van president Kennedy in mei 1962, toen ze de president op opvallend zwoele manier Happy Birthday toezong, gaf achteraf voeding aan de bovengenoemde speculaties. Ten slotte ging het hier om twee iconen van de vroege jaren 1960 die alle twee op een onverwachte en raadselachtige manier aan hun eind kwamen, voor de populaire pers goed voor veel sappige verhalen.





    01-06-2018 om 09:18 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-05-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 31 mei Kennedytunnel

    31 mei 1969 opening Kennedytunnel De Kennedytunnel is een belangrijke tunnel onder de Schelde ten zuiden van Antwerpen. Hij werd door koning Boudewijn op 31 mei 1969 geopend en is genoemd naar John F. Kennedy, de 35e president van de Verenigde Staten. De plannen voor deze tunnel dateren van eind jaren vijftig. Tussen 1945 en 1960 vervijfvoudigde het verkeer door de Waaslandtunnel en eind jaren vijftig reden dagelijks meer dan 38.000 voertuigen door die tunnel. Aan beide zijden leidde dit tot veelvuldige files. Daarom werd een tweede oeververbinding noodzakelijk geacht. In 1958 werd het tracé van de E3 vastgesteld. Hierna werd een aanbestedingswedstrijd uitgeschreven voor een brug of tunnel. Minister Georges Bohy koos in 1963 voor de bouw van een tunnel in plaats van een brug in navolging van adviezen van technici. De werken begonnen op 4 september 1964. De afgezonken tunnel heeft een lengte van 590 meter en bestaat uit vier kokers die op 15 meter onder de zeespiegel liggen: twee tunnelbuizen voor het autoverkeer, met elk een inwendige breedte van 14,25 m (2 x 3 rijstroken), oorspronkelijk berekend voor een verkeerscapaciteit van 4.500 tot 5.000 voertuigen per uur per richting (1969). Het wegdek ervan is in 2005 vernieuwd, samen met dat van de hele Antwerpse ring. een fietstunnel in het midden met een breedte van 4 m, en toegangsliften met een lengte van 2,85 m. een koker voor het treinverkeer (aan de noordzijde van de autokokers) met een breedte van 10,50 m. Het centrale gedeelte van de tunnel onder de Schelde werd uitgevoerd door middel van vijf in een nabijgelegen droogdok gebouwde caissons, die ter plaatse afgezonken werden. De uitvoering werd aanbesteed voor een bedrag van 3,1 miljard frank (ongeveer 80 miljoen euro). Door de Kennedytunnel lopen de autosnelweg R1 (Ring rond Antwerpen) en de spoorlijn 59 Antwerpen - Gent. In 1969 werd de tunnel voor het wegverkeer geopend; op 1 februari 1970 reed de eerste trein door de Kennedytunnel. Na een zwaar, dodelijk verkeersongeval op 3 oktober 2006 werd op 9 oktober 2006 in de tunnel voor wegverkeer een snelheidsbeperking tot 70 km/u van kracht (op werkdagen, tussen 6.00 en 20.00 uur). In de tunnel voor het wegverkeer geldt een doorritverbod voor voertuigen die ontplofbare stoffen of sommige brandbare stoffen in colli of brandbare stoffen in tanks vervoeren. Oorspronkelijk werd het ADR-verkeer zuidwaarts afgeleid via de Scheldebrug in Temse en de Boomse steenweg of de E19. Sinds de voltooiing van de Liefkenshoektunnel wordt dit verkeer noordwaarts naar deze tunnel afgeleid. In 2007 werd de tunnelveiligheid geïnspecteerd door het European Tunnel Assessment Programme (EuroTAP). Omwille van de ondermaatse score inzake het beheer van de communicatie en de noodgevallen daalde de veiligheidswaardering van de tunnel van 'acceptable' naar 'poor'.[2] Als onderdeel van het trans-europees netwerkmoet de tunnel uiterlijk tegen april 2014 voldoen aan de minimale veiligheidsvereisten opgelegd door de Europese Commissie. In antwoord daarop kondigde de Vlaamse overheid in 2007 aan dat een reeks onderzoeken worden opgestart voor het verminderen van het veiligheidsrisico in de tunnel. De nota voorziet dat de hellingsgraad van alle toeritten naar de tunnel maximaal tot 3 % zal beperkt worden en dat de tunnel zal voorzien worden van een evacuatieverlichting en een radiofrequentie voor het leveren van noodinformatie. Verschillende maatregelen om de training en de communicatie van de hulpdiensten te verbeteren werden eveneens in het rapport aangekondigd. Vlaams minister Theo Kelchtermans lanceerde op 17 juli 1992 een denkoefening om vrachtverkeer ook in de Kennedytunnel tol te laten betalen. De toenemende verkeersdruk wil men in de toekomst beheersen door de bouw van de Oosterweelverbinding. Vanaf dan zou volgens die plannen alle vrachtverkeer door de Kennedytunnel verboden worden. In haar beslissing van 28 maart 2009 naar aanleiding van de grondige studie van het onafhankelijk onderzoek betreffende de Oosterweelverbinding bevestigde de Vlaamse regering dat ze het vrachtverkeer wil blijven verbieden zolang het niet mogelijk of toegelaten is afzonderlijk tol te heffen voor vrachtwagens in deze tunnel. Tevens erkende de Vlaamse regering toen ook dat zelfs na de bouw van de Oosterweelverbinding en
    de invoering van een vrachtverbod in de tunnel de bezettingsgraad van de Kennedytunnel zeer hoog zal blijven. De tunnel komt volgens de Vlaamse overheid in aanmerking om er in 2013 de snelheid te handhaven met behulp van trajectcontrole.





    31-05-2018 om 08:57 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 31 mei Monaco

    31 mei 1923 Prins Rainier III Prins Rainier Louis Henri Maxence Bertrand werd geboren op 31 mei 1923 in Monaco. Hij is de zoon van Charlotte de Grimaldi, die huwde met Pierre de Polignac, lid van een oud Frans adellijk geslacht. Deze Charlotte was de geëchte dochter uit de relatie van Lodewijk II van Grimaldi met Juliette Louvet. Zijn komaf is dus niet geheel langs de gebruikelijke lijnen verlopen; langs lijnen, die toch ook bij koninklijke geslachten doorgaans wel gebruikelijk zijn. In 1918 was deze Lodewijk II al 48 jaar en nog ongehuwd. De Franse regering maakte zich ongerust, dat bij een voortijdig overlijden van de regerende vorst de troon wel eens in handen zou kunnen komen van een Duits geslacht, de hertogen van Urach. Dat wilde de Franse staat voorkomen en daarom drong zij de vader van Lodewijk, de regerende prins Albert I, een verdrag op waarin onder meer werd opgenomen dat, bij gebreke van erfgenamen, Monaco tot Frankrijk zou gaan behoren. Dat was de reden waarom Lodewijk zijn onwettige kind, Charlotte, adopteerde. Haar echtgenoot, de prins de Polignac, stemde er in toe af te zien van de rechten op zijn eigen titel en de naam en titels van zijn schoonvader aan te nemen. En zo werd de troon van Monaco voor de zoveelste keer voor de Grimaldi's gered. Uit het huwelijk van Charlotte en de prins de Polignac kwamen twee kinderen voort, prinses Antoinette en prins Rainier. Charlotte deed, al voordat haar regerende vader overleed, afstand van de troon van Monaco ten gunste van haar zoon en zo kwam prins Rainier, toen zijn grootvader Lodewijk II in 1949 stierf, als prins Rainier III op de troon van Monaco. Rainier III leerde de filmster Grace Patricia Kelly kennen tijdens opnamen in Monaco van de film 'To catch a thief' (Met een dief vangt men dieven). Grace Kelly werd geboren op 12 november 1929 in Philadelphia, Pennsylvania. Ze was de dochter van mensen, die carrière hadden weten te maken. Haar vader, John Brendan Kelly, was van metselaar opgeklommen tot miljonair. Haar moeder, Margaret Maier, was ooit fotomodel geweest en werd later lector op het gebied van de lichaamsbeweging aan de universiteit van Pennsylvania. Haar ouders wilden aanvankelijk niet dat hun dochter naar de toneelschool ging, maar Grace zette haar zin door en werd ten slotte een opvallende filmster: blond, blauwogig, slank, knap. Precies het type waarop Rainier viel. Op Grace Kelly was niet het minste aan te merken, ze was altijd een keurig meisjes gebleven, hoe de roddelpers ook zocht naar mogelijke ontsporingen, maar er bleek niets te vinden. Een ideaal meisje dus als echtgenote voor de prins van Monaco. Eind 1955 ging prins Rainier III naar de Verenigde Staten om aan de vader van Grace Kelly (prinses Gracia) de hand van zijn dochter te vragen. En snel daarna werd het huwelijk gesloten. Op 18 april 1956 werd het burgerlijk huwelijk in Monaco gesloten en een dag later het kerkelijk huwelijk. Het paar kreeg drie kinderen. Prinses Caroline werd in Monaco geboren op 23 januari 1957. Prins Albert, de troonopvolger, werd daar geboren op 14 maart 1958 en het jongste kind, prinses Stephanie, kwam in Monaco ter wereld op 1 februari 1965.
    De eerste jaren was het huwelijk van prins Rainier en prinses Gracia een sprookje. Maar dat bleef niet zo. In 1978 trouwde hun oudste kind tegen hun wil met Philip Junot. Prinses
    Gracia was naar Parijsgekomen om te trachten haar dochter van een huwelijk te doen afzien, maar het paar bleek al getrouwd te zijn. Prinses Gracia was diep ongelukkig, dat haar dochter zich 'vergooid' had aan deze charmeur. Velen vonden dat Gracia de zaken wat overdreef, maar ten slotte kreeg prinses Gracia gelijk: Het huwelijk van haar dochter liep op de klippen. De grootste klap voor prins Rainier kwam in 1982. Op 13 september van dat jaar wilde prinses Gracia haar dochter naar het station brengen, omdat Stephanie weer naar Parijs moest om daar haar studie voort te zetten. De weg van het buitenverblijf van de Grimaldi's naar het station daalt vrij steil. Wat er precies gebeurd is, zal wel altijd een raadsel blijven, maar op dit weggedeelte verongelukte de auto. De auto raakte van de weg en kwam vele meters lager terecht. Prinses Gracia en haar dochter raakten ernstig gewond en werden naar het ziekenhuis overgebracht, waar prinses Gracia de volgende dag overleed. Prinses Stephanie overleefde het ongeluk wel, maar ze heeft nooit willen of kunnen vertellen wat er precies is misgegaan. Sinds de uitvaartdienst van prinses Gracia was prins Rainier III jarenlang een gebroken man. Heel langzaam krabbelde hij geestelijk weer overeind, maar zijn kinderen bleven hem zorgen baren. De dochters hadden steeds weer andere vriendjes of echtgenoten en zijn troonopvolger, prins Albert, wilde maar niet aan de vrouw. In de loop van de jaren, die sinds de dood van prinses Gracia verstreken, droeg prins Rainier III, hierdoor gedwongen door zijn slechte gezondheid, steeds meer taken over aan zijn zoon Albert en dochter Caroline. In november 2004 kreeg Rainier een longinfectie en ging zijn gezondheid snel achteruit. Prins Rainier III van Monaco overleed in een ziekenhuis in Monaco in de vroege ochtend van 6 april 2005. Prins Rainier III werd opgevolgd als monarch van Monaco door zijn zoon Albert.





    31-05-2018 om 08:55 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 31 mei de efteling

    31 mei 1952 De Efteling Sinds het begin van de geschiedenis van de Efteling ( 31 mei 1952 - heden), is een onontgonnen stuk heide, bezaaid met vliegdennen, gegroeid tot het hedendaags themapark. De Efteling groeide door de jaren heen, waarbij attracties hier en daar werden aangepast en bijna jaarlijks nieuwe attracties werden toegevoegd. De oudste attracties, de sprookjes in het Sprookjesbos en de authentieke draaimolens en schommels op het Anton Pieckplein, laten nog duidelijk zien hoe het in de beginjaren van de Efteling was, al zijn ook deze attracties door de jaren heen wel een keer gereviseerd. Vanaf 1981 zijn er in het familiepark ook meer adrenaline-opwekkende attracties verschenen die vooral tot doel hadden de jeugdige bezoekers tussen twaalf en twintig jaar aan te trekken. Een daling in de bezoekersaantallen en de concurrentie van de zogenaamde moderne attractieparken (parken met voornamelijk achtbanen, wildwaterbanen, etc.), die ook in Europa als paddenstoelen uit de grond schoten, waren de voornaamste redenen om het roer om te gooien. De introductie van de Python zette de Efteling meer dan ooit op de kaart. Na een aantal van deze zogenaamde thrillrides werd vanaf 1986 toch ook teruggegrepen naar het oorspronkelijke thema: het sprookje. Attracties van formaat zijn onder meer Fata Morgana (1986) en Droomvlucht (1993). De Efteling kwam vermoedelijk aan zijn naam door een hoeve die gebouwd werd in de 16de eeuw en de naam "Ersteling" had. De hoeve verdween, maar de buurtschap kreeg de merkwaardige naam van de hoeve. "Ersteling" werd verbasterd tot "Essteling". De gotische s'en ging men op den duur uitspreken als een f waarna de buurtschap de naam "Efteling" krijgt. In 1933 kregen pastoor F.J. De Klijn, kapelaan E. Rietra en de voorzitter van voetbalvereniging D.E.S.K., Jac. Smit, het plan om een sportpark aan te leggen op de zandgronden van de gemeente Loon op Zand, nabij het dorpje Kaatsheuvel. Een jaar later ging onder supervisie van de Koninklijke Nederlandse Heidemaatschappij de eerste spade de grond in en werd het sportpark aangelegd. Op 19 mei 1935 opende het R.K. Sport- en Wandelpark officieel. Het park bestond toen onder andere uit een voetbalveld, twee oefenvelden en een speelweide. In de jaren daarna werd het park uitgebreid met een speeltuin met draaimolen, een glijbaan (de hoogste van Nederland), een kabelbaan, een ponybaan en een wielerbaan van zand. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef voetbalclub De Parktrappers het balletje doortrappen. Voorzitter van het kerkbestuur, deken A. van den Brekel, ging zich in 1948 met de Efteling bemoeien en er kwamen plannen voor de uitbreiding van de recreatiemogelijkheden in de gemeente Loon op Zand ter tafel. Deze plannen werden uitgewerkt door ir. Heijdelberger en ir. Markvoort van de Dienst Uitvoerende Werken (D.U.W.). R.J.Th. van der Heijden werd in datzelfde jaar burgemeester van Loon op Zand/Kaatsheuvel. Van 23 tot en met 27 juli 1949 werd op het terrein de tentoonstelling De Schoen gehouden. Voor deze expositie werd een ingang gebouwd die in de jaren die volgden de ingang van de Efteling zou zijn. Op 25 mei 1950 werd de oprichtingsakte van Stichting Natuurpark De Efteling ondertekend. Er kwam subsidie van de gemeente voor de vernieuwing van de speeltuin en er werd een begin gemaakt voor grote grondwerkzaamheden, onder andere de aanleg van de Siervijver, de Vonderplas en de roei- en kanovijver. Er kwamen paden, parkeervelden, tennisbanen en sportvelden. Op 11 mei 1951 werd de nieuwe speeltuin met bijbehorend theehuis geopend. Aan de wieg van de Efteling stond: de toenmalige burgemeester van Loon op Zand/Kaatsheuvel Reinier van der Heijden. Op 25 mei 1950 werd de stichtingsakte van Stichting Natuurpark "De Efteling" ondertekend. Als voorzitter van het stichtingsbestuur trad burgemeester R.J.Th van der Heijden op. Het was een publiek geheim, dat het op de eerste plaats diens durf, beleid en werkcapaciteit zijn geweest, die De Efteling hebben ontwikkeld tot een oord waar nog vele miljoenen een gezonde en plezierige ontspanning hebben gevonden. Het idee van een sprookjesbos kwam van
    mevrouw E. van der Heijden - Perquin, echtgenote van de oprichter Mr. R.J.Th. van der Heijden. Later zijn fotograaf Peter Reijnders en illustrator Anton Pieck aangetrokken. Samen zorgden zij ervoor dat op 31 mei 1952 het Sprookjesbos kon worden geopend met tien sprookjes. Op het terrein van 65 ha lagen toen ook waterpartijen, tennis- en voetbalvelden, een theehuis en een speeltuin. De 222.941 bezoekers in het eerste jaar betaalden 80 cent (36 eurocent) voor een toegangskaartje. Door het grote succes namen in de jaren daarna steeds meer sprookjesfiguren hun intrek in het Sprookjesbos. Vanaf 1954 was tuinarchitect Lou Smeetsverantwoordelijk voor de parkaanleg. In 1955 kwam het sprookje van Hans en Grietje, geopend door Marleen van der Heijden, een dochter van de grondlegger van de Efteling, Reinier van der Heijden, in 1958 de Vliegende Fakir en in 1960 vond Roodkapje er het huisje van haar grootmoeder. Een andere attractie die opende in deze jaren was het zwembad, waar de bezoekers van 1953 tot 1989 een frisse duik konden nemen. Het Anton Pieckplein werd een middeleeuws stadsplein met kermismolens en kleine attracties, zoals de eierleggende kip. Paters uit een naburig klooster verdienden in de beginjaren een leuk centje met het vullen van de eitjes. Eén van de laatste vier saloncarrousels ter wereld, waar Anton Pieck zelf nog in zijn jeugd menig rondje op deed, kreeg in 1956 een plaatsje in de Efteling. Holle Bolle Gijs liet vanaf 9 september 1958 zijn stem klinken door het hele park en werd een internationaal succes met de kreet 'Papierrr Hierrr'. De Efteling groeide in een enorme vaart. Anton Pieck en Peter Reijnders bleven trouw het park bezoeken en werkten mee aan de vele creatieve ideeën die er ontsproten. De grootste attractie in deze jaren werd in 1966 geopend: de Indische Waterlelies, naar een sprookje geschreven door Koningin Fabiola van België. Zelf was ze niet aanwezig bij de opening, maar zij bezocht een jaar later alsnog haar geesteskind. Het Kinderspoor (of Traptreintjes) werd al in 1954 in gebruik genomen, maar de eerste stoomtrein reed in 1969 door het park. Locomotief Aagje kreeg in 1974versterking van Moortje, in 1979 van Neefje en in 1992 van Trijntje. Nog meer treinen verschenen achter de Stoomcarrousel in 1971 in de driedimensionale miniatuurwereld Diorama, die lijkt op een prent van Anton Pieck. Alle inspanningen werden beloond in 1972 met de Pomme d'Or, de eerste grote internationale onderscheiding voor de Efteling voor haar opzet, originaliteit en recreatieve functie. Begin jaren 70 werden er nog enkele sprookjes en kleine attracties toegevoegd. Anton Pieck en Peter Reijnders trokken zich uit het park terug en een nieuwe ontwerper nam het potlood van Pieck over: Ton van de Ven. Hij vernieuwde niet alleen oude ontwerpen (zoals Sneeuwwitje, Langnek en Doornroosje), maar zorgde ook voor nieuwe attracties. In 1978 opende het Spookslot, het eerste grote project van creatief directeur Ton van de Ven. Een daling in de bezoekersaantallen en de moordende concurrentie van andere attractieparken waren de voornaamste redenen om het roer om te gooien aan het begin van de jaren 80. Zodoende opende de eerste stalen achtbaan op het vasteland van Europa. Toen de Python in 1981 werd geopend was deze meteen een doorslaand succes. Tegelijk met de Python werd de Gondoletta aangelegd. Deze bootjes op de grote Siervijver waren bedoeld als tijdelijk testtraject voor het later te bouwen Fata Morgana, maar waren - vooral voor de ouderen - zo'n groot succes, dat de Gondoletta als zelfstandige attractie bleef bestaan. Het park bouwde op het succes van de Python voort aan grootse attracties, vooral bedoeld voor adolescenten en (jonge) volwassenen. In 1982 vond de op dat moment grootste schommelschip ter wereld, de Halve Maen, in de Efteling een plaats, gevolgd door de wildwaterbaan Piraña (1983), de bobsleebaan Swiss Bob(1985) en de houten achtbaan Pegasus (1991). Attracties als Carnaval Festival (van Joop Geesink), Polka Marina, De Oude Tuffer (1984) en Monsieur Cannibale(1988) zorgden voor genoeg aanbod voor de andere doelgroepen van het park, waaronder voornamelijk gezinnen met kleine kinderen.
    Daarna keerde de Efteling weer terug naar het sprookjesthema. Na een voorbereiding van meer dan vijf jaar door Ton van de Ven en zijn team werd in 1986 Fata Morgana geopend. Deze attractie is gebaseerd op de 'Sprookjes van 1001 Nacht'. In bijna één kilometer decor bewegen 140 verschillende poppen (animatronics). De Pagode brengt de bezoekers sinds 1987 naar een hoogte van 45 meter. In het Sprookjesbos verscheen na een lange tijd weer een nieuw sprookje: de Trollenkoning. Een geheel eigen Eftelingsprookje, het Volk van Laaf, werd in 1989 geschreven door Ton van de Ven. De attractie opende een jaar later. In 1991 ontving de Efteling haar 50 miljoenste bezoeker sinds de opening in 1952. Door de vele verzoeken van bezoekers om een kijkje achter de schermen van de Efteling te mogen nemen en de even zovele afwijzingen ervan, besloot de Efteling om zelf naar het publiek toe te gaan. Op 17 en 18 oktober 1982 vond een grote manifestatie plaats in De Werft in Kaatsheuvel waarbij het publiek kennis kon nemen met alle afdelingen van het park. Ter gelegenheid hiervan werden ongeveer zestig originele tekeningen van Anton Pieck tentoongesteld. Ook kon men maquettes van diverse attracties bewonderen, werden bouwtechnieken getoond en was het eerste prototype te zien van de bedelende Arabieren uit de vier jaar later te openen attractie Fata Morgana. In 1992 ontving de Efteling de Applause Award. Met deze hoge toeristische onderscheiding van de International Association of Amusement Parks and Attractions (IAAPA) mocht de Efteling zich twee jaar lang het beste park ter wereld noemen. In 1992 opende buiten het park het eerste onderdeel van het 'Wereld van de Efteling'-project (om het park geschikt te maken voor een bezoek van meerdere dagen): het Efteling Hotel. De achttien holes van het Efteling Golfpark en het Clubhuis werden officieel geopend in 1995. In 1996 opende het 'Huis van de Vijf Zintuigen', het entreegebouw met de onofficiële titel het grootste rieten dak ter wereld te hebben. In 2000 werden de Pardoespromenade en de Brink aangelegd. Daardoor ontstonden grote paden van de ingang naar het centrum van het park, die de bezoekers gemakkelijker naar de vier uithoeken van het park brengen. In Droomvlucht, een darkride ontworpen door Ton van de Ven, is gebruikgemaakt van mythologische figuren als trollen, gnomen en elfjes. De attractie wordt al jaren door vele bezoekers beschouwd als de favoriete attractie. Deze attractie werd aanvankelijk bedacht als jubileumattractie bij het veertigjarig bestaan in 1992, maar door technische mankementen aan de gemotoriseerde karretjes, kon de attractie pas een jaar later worden geopend. Gebaseerd op een oude kermisattractie ontwikkelde de Efteling samen met Vekoma in 1996 de attractie Villa Volta. Het park mocht er later in Hollywood de THEA-award voor ophalen. In 1998 opende Vogel Rok. De entree van deze achtbaan kreeg een vermelding in het Guinness Book of Records. Het entertainment groeide jaar op jaar, met producties als 'Showtime met Pardoes' (1994), 'Samson en Gert' (1994-1997), 'Efteling Sprookjesshow' (1996-1997), 'Nieuwe Efteling Sprookjesshow' (1998-2001) en 'Efteling on Ice' (2001). Voor de laatste twee shows ontving de Efteling tweemaal de Big E-award, de internationale prijs van de IAAPA voor de beste parkshow ter wereld. Voor het eerst in tien jaar verschenen in 1998 nieuwe sprookjesfiguren in het Sprookjesbos: Klein Duimpje en de Reus en Repelsteeltje maakten hun opwachting. Een jaar later werden twee sprookjes compleet gemaakt met de herberg van Tafeltje dek je en het kasteel van de Stiefmoeder van Sneeuwwitje waar een nieuwe toverspiegel te zien is. De oude spiegel in het Sprookjesmuseum verdween daarmee. Na twintig jaar keerde tevens de Chinese Nachtegaal terug, ditmaal in het paleis van de keizer. In 2001 kwam Raponsje in haar toren wonen. Voor het eerst in haar bestaan was de Efteling in de winter van 1999/2000 gedurende 21 dagen geopend. Na een proef van drie jaar werd in maart 2002 besloten de Winter Efteling definitief op te nemen in het programma.
    2002 - In het gouden jubileumjaar van de Efteling werd de zaal van het nieuwe Efteling Theater voor het eerst gebruikt. Een jaar later werd ze officieel geopend. Het theater was het eerste object van het nieuwe uitgaanscentrum 'Uitrijk'. In 2002 werd de 'Nieuwe Sprookjesshow' in het nieuwe theater vervangen door 'De Wonderlijke Efteling-show' met Hans Klok. 2003 - De 'Wonderlijke Efteling Show' werd aangepast en Hans Klok werd vervangen door Christian Farla. Op de plek van het oude theater is het Zandsculpturenfestival Sprookjesstrand te zien. Daarnaast worden het nieuwe Anton Pieckplein en de foyer van het Efteling Theater geopend en krijgt het Theater zijn eigen restaurant. Dit restaurant kreeg de naam Theaterrestaurant Applaus. Vanaf november 2003 tot februari 2004 staat de musical Doornroosje op de planken van het Efteling Theater. Ton van de Ven ging in januari 2003 met pensioen. Een nieuw team van Efteling-ontwerpers zorgt sindsdien voor de nieuwe attracties van het park. Zo werd onder andere PandaDroom (2002), de attractie in samenwerking met het Wereld Natuur Fonds, getekend door ontwerpster Marieke van Doorn. Het nieuwe Anton Pieckplein (2003) en het Meisje met de Zwavelstokjes (2004) waren creaties van de jonge ontwerper Michel den Dulk. 2004 - Dit jaar werd het Efteling Museum geopend en het 25e sprookje werd geopend in het Sprookjesbos: Het meisje met de zwavelstokjes. Vanaf november 2004tot 2 april 2005 staat de musical De kleine zeemeermin van Studio 100 op de planken van het Efteling Theater
    Bordje bij Rode Schoentjes ter ere van 200e geboortedag H.C. Andersen 2005 - De Efteling ontving de THEA Classic Award waarmee het park werd bekroond voor al het werk dat in meer dan vijftig jaar was verricht en waarvan meer dan 90 miljoen bezoekers al hebben genoten. Vanaf 2005 was er een nieuwe Sprookjesshow ter ere van Hans Christian Andersen, vanwege zijn 200e geboortedag. Ook komt bij het Carnaval Festival Loeki de Leeuw er bij en staat er weer een musical op de planken, ditmaal TiTa Tovenaarvan V&V Entertainment. De laatste jaren heeft het park vooral zorg besteed aan infrastructurele zaken als pleinen, paden, hegjes, bloemperken, bordjes, horecapunten, etc. Tevens kregen attracties vernieuwende elementen. In 2005 werden bijvoorbeeld de voertuigen van de Python en de Swiss Bob vervangen door compleet nieuw ontworpen exemplaren. Ook kwam de figuur Loeki de Leeuw in verschillende scènes van de attractie Carnaval Festival te staan. 2006 - Voor het seizoen 2006 stond een nieuwe attractie in de planning: De Vliegende Hollander. Wegens technische problemen en het overlijden van een eftelingmedewerker tijdens de bouw is de attractie pas in april 2007 open gegaan voor het publiek. In het museum van het park kon men de tentoonstelling over 25 jaar snelle attracties bezoeken. En na een succesvolle theatertour staat de musical Annie vanaf november 2006 tot maart 2007 op de planken van het Efteling Theater. 2007 - De Efteling bestaat 55 jaar en dat wordt gevierd met de nieuwe attractie De Vliegende Hollander en een nieuwe Parkshow; namelijk 'TiTa Tovenaar: Tika is Jarig' van V&V Entertainment. Ook wordt in het museum een tentoonstelling gegeven van het entertainment in de Efteling van de afgelopen jaren. De Vliegende Hollander wordt na de zomer weer gesloten vanwege noodzakelijke aanpassingen aan de baan. Vanaf 14 november 2007 tot maart 2008 staat de musical Assepoester (Cinderella) op de planken van het Efteling Theater. 2008 - In 2008 krijgt het park geen nieuwe attracties. Wel opent een nieuw horecapunt met de naam "De Flierefluiter" bij de Traptreintjes. In het Efteling Museum is een tentoonstelling ter ere van de vijftigste verjaardag van de Fakir. Een nieuwe tulp, genaamd Tulipa Efteling, kortweg de Eftelingtulp is gekweekt en te zien in het park. Ook is dit jaar begonnen met de bouw van het vakantiepark Bosrijk.
    2009 - In het Sprookjesbos presenteert de Efteling het 26ste sprookje: Assepoester. In Ruigrijk wordt gebouwd aan een nieuw station voor de Stoomtrein, Station De Oost. Het nieuwe station met horeca opent aan het einde van het jaar voor het publiek, evenals de nieuwe verblijfsaccommodatie Efteling Bosrijk. In mei start de Efteling het SprookjesMysterie, een zoektocht naar zeven 'verdwenen sprookjes-elementen'. De attributen, waaronder de schatkist van de Draak en het mandje van Roodkapje, liggen verspreid door heel Nederland. Verder doet de Efteling in 2009 een bouwaanvraag voor Raveleijn, evenementenlocatie annex kantorencomplex. 2010 - Eind 2009 werd de houten achtbaan Pegasus gesloopt om plaats te maken voor de nieuwe houten tweelingachtbaan Joris en de Draak. De nieuwe attractie opende op 1 juli 2010. Tevens kreeg het Sprookjesbos een nieuwe bewoner, namelijk de Sprookjesboom, tussen het Meisje met de Zwavelstokjes en de Vliegende Fakir. Sinds 2010 is het park vrijwel dagelijks in het jaar geopend. In het najaar van 2010 stond in Theater de Efteling de musical Kruimeltje op de planken, de eerste coproductie met Rick Engelkes Producties. 2011 - In 2011 werd Raveleijn geopend. De Roeivijver moet plaats ruimen voor Aquanura. 2012 - In 2012 viert de Efteling haar 60-jarige bestaan. In dit jaar werd fonteinenshow Aquanura in samenwerking met WET geopend. Ook verscheen Jokie weer in Carnaval Festival na 7 jaar afwezigheid. Pannenkoekenrestaurant Polles Keuken opende op de Brink, met het oog op de plannen voor Symbolica. Tevens werd een nieuw sprookje voorgesteld: De nieuwe kleren van de keizer. 2013 - In 2013 werd er groot onderhoud gepleegd aan Droomvlucht. Ook Langnek werd helemaal opgeknapt. 2014 - In 2014 kreeg het park een nieuwe directeur, Fons Jurgens. De Piraña en Het Witte Paard werden grondig gerenoveerd en in ere hersteld. 2015 - In 2015 opende de duikachtbaan Baron 1898. De Game Gallery en De Indische Waterlelies werden onder handen genomen. Het is tevens het jaar waarin Ton van de Ven komt te overlijden. 2016 - In 2016 opende het sprookje Pinokkio. Hans & Grietje en Roodkapje werden in ere hersteld. Kapitein Gijs werd verplaatst naar het Ruigrijk. 2017 - In 2017 viert het park haar 65-jarige bestaan. De ambitieuze darkride Symbolica wordt geopend. Het is de duurste en grootste attractie die het park ooit bouwde. Ook opent een tweede vakantiepark naast Bosrijk: Het Loonsche Land.





    31-05-2018 om 08:53 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-05-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VANDAAG jaren terug 30 mei Benny Goodman

    &nbsp:

    30-05-2018 om 09:35 geschreven door blesje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Archief
  • Alle berichten

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Blog als favoriet !

    Archief
  • Alle berichten

    Hoofdpunten blog blankenbergsstadsbeeld
  • fotowandeling 20
  • HARMONIE
  • WORDING
  • fotowandeling 20
  • LIPPENS & DE BRUYNE

    Hoofdpunten blog einstein
  • ACHT EN TWINTIG
  • ACHT EN TWINTIG
  • VIJFENTWINTIG
  • VIJFENTWINTIG
  • DRIE EN TWINTIG

    Hoofdpunten blog mijnroots
  • Van al diegenen die niets te zeggen hebben, zijn de meest aangename mensen diegenen die zwijgen
  • Ik heb geconstateerd dat mensen van gedachten houden die niet tot denken dwingen.
  • Tijd hebben alleen diegenen, die het tot niets gebracht hebben en daarmee hebben ze het verder gebracht dan alle anderen.
  • Depressies kan je bestrijden door op je arm geleund in het niets te staren. Bij zware depressies van arm wisselen.
  • Een kus is een mooie truc van de natuur om het praten te stoppen als woorden overbodig zijn.

    Hoofdpunten blog automobile
  • BMW-bavaria
  • BMW-bavaria
  • BMW-bavaria
  • BMW-bavaria
  • BMW-bavaria


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!