Niet voor waaghalzen, maar voor mensen die weten wat ze doen.
Ik weet waar ik het over heb, want je kon je op die hoogte geen gekkigheid permitteren, maar relativeren van de ernst was al even belangrijk. Al moet ik ook zeggen dat er wel bij waren die soms niet echt slim konden worden genoemd als ik hen daar boven hen bezig zag, zal wel aan de jeugdige overmoed gelegen hebben, spijtig genoeg heb ik er twee zware ongevallen gezien, en de schrik gaat er dan toch wel voor een hele tijd inzitten.
Met grafietvet en een smeerpomp over de schouders deed je zo al de kranen en rolbruggen om de veertien dagen rond. Je kende zo goed als iedere kraanman, en kon dan bij die mens al eens een praatje slagen en ook genieten van de prachtige vergezichten, bij heldere weer kon je de bollen van het atomium zien schitteren.
Het was toen dat ik voor het beroep van kraanman veel respect ben gaan krijgen, soms secties aangepikt met drie kanen tegelijkertijd op hun plaats krijgen is helemaal niet zo vanzelfsprekend, en vereist veel coördinatie en vakkennis van al wie daar dan mee bezig is.
De gevaarlijkste kranen waren de blauwe werfkranen die gewoonlijk op een ponton naast het schip op het water lagen, je moest dan echt op de fles van de kraan (buitenkant en de zo gezegde arm van de kraan die horizontaal uitsteekt)kruipen, en dan op sommige plaatsen nog met een hand je pomp bedienen en met de andere hand je goed vasthouden, want als er dan een binnenschip voorbij vaarde ging gans dat gevaarte lelijk schommelen.
Slecht weer kende men niet, ijzel mist regen maakte niet uit, naar boven en smeren. Dan al die trappen die je op een dag deed, het hoeft niet gezegd te worden dat ik de eerste weken 's avonds doodmoe neerplofte in de zetel van al dat geklauter. Gaan sporten, daar had ik geen behoefte aan.
Op de foto zie je achteraan de cocks kraan (ja met c o c k) op het hoogste punt rond de 60 meter boven de grond. Maar de grootste kranen stonden aan het droogdok.
|