NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Inhoud blog
  • Dense borsten
  • Vitaminesupplementen voor borstkankerpatiënten
  • Borstkankeronderzoek
  • Eindejaarswensen
  • Nieuwe blog over borstkankers
    Archief per maand
  • 10-2012
  • 06-2012
  • 12-2011
  • 08-2011
  • 07-2011
  • 06-2011
  • 05-2011
  • 02-2011
  • 12-2010
  • 11-2010
  • 10-2010
  • 09-2010
  • 08-2010
  • 03-2010
  • 02-2010
  • 01-2010
  • 12-2009
  • 11-2009
  • 10-2009
  • 09-2009
  • 11-2008
  • 09-2008
  • 08-2008
  • 04-2008
  • 03-2007
    Zoeken in blog

    Blog als favoriet !
    Mijn Borsten
    Alleen voor vrouwen
    20-10-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dense borsten

    Sommige Staten in de V.S. hebben een wet waarbij radiologen verplicht worden vrouwen die een mammografie ondergaan hebben mee te delen als ze "dense" borsten hebben.
    Een borst bestaat uit klierweefsel (waar melk geproduceerd wordt), steunweefsel (die de stevigheid van de borst bepaalt) en vetweefsel (dat grotelijks verantwoordelijk is voor het volume van de borst).
    Jonge vrouwen hebben veel klier- en steunweefsel in hun borsten. Met de menopauze verdwijnt het meeste steunweefsel en klierweefsel (is niet meer van doen bij een vrouw die niet meer zwanger kan worden). De borst wordt dan soepeler.
    Dense borsten zijn borsten die veel klierweefsel en steunweefsel bevatten. Dit is dus voornamelijk bij jonge vrouwen, vóór de menopauze, het geval.
    Op een mammografie veroorzaakt het vetweefsel een grijze achtergrond. Klierweefsel en steunweefsel veroorzaken witte schaduwen. Een borstkanker komt meestal ook voor als een witte schaduw. Wit op wit maakt dat borstkankers bij dense borsten (dus bij jonge vrouwen vóor de menopauze) veel minder duidelijk zijn op mammografie. De mammografie is dus bij jonge vrouwen minder betrouwbaar. Er kan een borstkanker aanwezig zijn die op mammografie niet herkend wordt (wit op wit).
    Vrouwen met dense borsten hebben tevens wat meer kans om een borstkanker te ontwikkelen.
    Als vrouwen na de menopauze hormonen nemen dan blijft het klier- en steunweefsel langer in de borst aanwezig (zoals bij jonge vrouwen). Dus hebben ook zij meer dense borsten en minder betrouwbare mammografies.
    Een echografie is beter in staat om borstkankers te ontdekken in dense borsten. Dus vrouwen met dense borsten laten beter ook een echografie uitvoeren van de borsten.

    Foto 1. Borst van een gemenopauzeerde vrouw. De borst bevat geen klier- en steunweefsel meer, enkel vetweefsel die een grijze achtergrond geeft.
    Foto 2. Een borstkanker bij een gemenopauzeerde vrouw is duidelijk zichtbaar als een witte schaduw op een grijze achtergrond.
    Foto 3. Mammografie van een jonge vrouw met dense borsten. Het klier- en steunweefsel veroorzaken een globaal wit beeld. In die borst was een kanker aanwezig van 4x4 cm die op die mammografie niet zichtbaar is. Die werd wel gevoeld door de oncoloog en bevestigd op echografie.

    U vindt meer informatie over het borstonderzoek op de website http://www.bsmo.be/faq.html, Klik op "De verschillende borstonderzoeken op een rij gezet".
    De site http://areyoudenseadvocacy.org/ (engels) geeft meer informatie over dense borsten.

    Dr. A. Clarysse (20/10/2012).








    >> Reageer (0)
    07-06-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vitaminesupplementen voor borstkankerpatiënten

    De Stichting tegen Kanker heeft een brochure uitgebracht over voedingsproblemen bij kankerpatiënten. Ik citeer uit deze brochure:

    "Het Wereld Kanker Onderzoeksfonds (WKO) raadt momenteel aan om niet op voedingssupplementen te vertrouwen die niet door een arts zijn voorgeschreven. Het WKO acht de kankerbescherming ervan onvoldoende bewezen, en waarschuwt dat ze soms zelf ongewenste effecten veroorzaken. Zo wezen bepaalde studies ondermeer op een verminderd effect van de behandeling bij hoge dosissen (multi)vitaminesupplementen ... ".

    Ook ik heb in mijn boek "Omgaan met borstkanker" gewezen op de gevaren van het gebruik vitaminesupplementen bij borstkankerpatiënten:  "Vitaminesupplementen zijn niet nodig als u goed gevarieerd eet met voldoende groenten en fruit. Vergeet niet dat kankers ook vitaminen nodig hebben. In dierexperimenten heeft men tumorgroei gestimuleerd met hoge dosissen vitamine C. Methotrexaat, een kankerbestrijdend middel dat veel gebruikt wordt bij borstkanker, is een antivitamine. Het werd ontwikkeld nadat een arts opgemerkt had dat leukemie bij kinderen sneller evolueerde wanneer vitaminen (foliumzuur) gegeven werden".

    Wees dus voorzichtig met vitaminesupplementen.

    Dr. A. Clarysse (7/6/2012).


    >> Reageer (0)
    02-06-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Borstkankeronderzoek

    De Amerikaanse biofarmaceutische industrie (PhRMA) test momenteel 981 medicamenten en vaccins tegen kanker; hieronder zijn er 111 tegen borstkanker. De belangrijke vooruitgang die de laatste jaren geboekt werd in het ontraffelen van de genetische code van borstkankers en het identificeren van mutaties die het borstkankerproces op gang brengen stemt hoopvol voor de toekomst.
    Dr. A. Clarysse. 2/3/2012.


    >> Reageer (0)
    22-12-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Eindejaarswensen

    Het is de periode van het jaar dat de mensen elkaar beste wensen toesturen. Als geneesheer ontvangen wij er van dankbare patiënten. Een dame die ik in 1986 (precies 25 jaar geleden) intensief behandeld heb voor een borstkanker met talrijke uitzaaiingen in de longen stuurt me: "Tevens druk ik m'n erkentelijkheid en welgemeende dank uit voor uw jarenlange diepe bezorgdheid en goede verzorging voor mij. In 1986 startte ik bij U een zware chemotherapie. Na zovele jaren voel ik me heel gezond! In alle hartelijkheid". xx.

    Het mag duidelijk zijn dat we niet bij iedere dame met uitgezaaide borstkanker dergelijk resultaat bekomen, maar ik heb er toch genoeg dat ik altijd kon zeggen aan patiëntes in dezelfde situatie, "U weet maar nooit dat u de volgende bent".

    Dr. A. Clarysse. (22/12/2011).


    >> Reageer (1)
    10-08-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Nieuwe blog over borstkankers

    Op een nieuwe blog  "borstkankers"  hier op seniorennet heb ik mijn bijdragen op een meer systematische wijze geklasseerd. Volgende onderwerpen zijn er terug te vinden:

     

    Opsporing

                Zelfonderzoek

                Screening - bevolkingsonderzoek

                Enkele ervaringen met bevolkingsonderzoek

    Goedaardige borstafwijkingen          

                Borstpijnen en knobbelige borsten

                Borstcysten

                Fibroadenomen

                Tepelverlies

    Oorzaken van borstkanker

                Gekende oorzaken

                Verdriet?

                Hormonen na de menopause

                'de pil'?

    Symptomen van borstkanker

                Verdachte veranderingen in de borsten

    Wie consulteren voor borstafwijkingen, borstkanker

                Borstkankercentra

    Borstonderzoeken

                Hoe wordt een borstafwijking onderzocht?

                De vele soorten borstkanker

                In situ carcinoom

                Intervalkankers: kankers die ontstaan tussen de screening

    Borstkankerbehandeling

                De verschillende fasen in de behandeling

                Soorten borstkankeroperaties

                Overlevingskansen

                Vechters doen het beter?

                Wat kan er nog gebeuren na een behandeling voor borstkanker?

                Dikke arm na behandeling voor borstkanker

                Weer gaan werken na een behandeling voor borstkanker

                Borstreconstructie

     
    Dr. A. Clarysse 10/8/2011


    >> Reageer (0)
    05-08-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Discussie omtrent het nut van borstkankerscreening

    Er zijn al heel wat pagina's gespendeerd aan de discussie over het nut van bevolkingsonderzoek voor borstkanker: er zijn de enthousiasten en er zijn de twijfelaars aan het nut ervan. Een studie in de Britisch Medical Journal (B.M.J.) eind juli 2011 beweert dat de daling van de sterfte aan borstkanker in de laatste jaren te wijten is aan een verbetering in de medicamenteuse behandeling (o.a. Arimidex, Femara, Herceptin, Taxotere...) en een betere organisatie van de gezondheidszorg en niet aan het bevolkingsonderzoek.

    De waarheid ligt waarschijnlijk niet in de extreme opinies. Mijn ervaring en gut-gevoel houdt het bij de opinie dat beide, betere behandeling en screening hebben bijgedragen aan de vermindering van de sterfte aan borstkanker.

    Screening ontdekt bij een aantal vrouwen een borstkanker maar screening ontdekt ook precancereuse letsels (in situ carcinomen - zie onze bijdrage van 14/12/2010). Sommige specialisten gaan er van uit dat bij sommige vrouwen die precancereuse letsels zich niet zouden ontwikkelen tot een manifeste borstkanker. Die vrouwen zouden dus nutteloos behandeld worden. Maar geen enkel canceroloog is in staat te voorspellen welk precanceus letsel zich wel en welk zich niet zal ontwikkelen tot een volslagen kanker.
    Screening kan kankers vroeger ontdekken dan zelfonderzoek. Vroeger ontdekt betekent meer kans op genezing, minder zware nabehandeling en minder verminking.

    Mijn houding weerspiegelt zich in wat ik mijn echtgenote (59j) aanbeveel: ze ondergaat om de 2-3 jaar een mammografie en ze weet dat ik aandring dat ze maandelijks zelfonderzoek zou doen. Bovendien heeft ze het voordeel dat ze een senoloog in huis heeft die haar geregeld onderzoekt.

    Commentatoren van de studie in de B.M.J. merken op dat de meeste borstkankers nog steeds door de vrouwen zelf ontdekt worden. Ik ben het daar mee eens en daarom heb ik ook meerdere malen in deze blog erop aangedrongen dat vrouwen zichzelf geregeld zouden onderzoeken. Ik verwijs nogmaals naar mijn bijdrage van 16/10/2010 en mijn diareeks over het zelfonderzoek: http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf .Dr. A. Clarysse 4/8/2011.


    >> Reageer (0)
    04-08-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Borstkanker in Brugge in de jaren 1600-1700

    Vanaf 29/9/2011 tot 26/2/2012 zal in Brugge een tentoonstelling lopen over de geneeskunde in Brugge in de 16e en de 17e eeuw. Ik ben bij de voorbereiding van die tentoonstelling betrokken. In voorbereidend onderzoek viel ik op volgend gegeven, nml. dat er in Brugge in het Sint-Janshospitaal gedurende de periode van 1600 tot 1700 slechts 2 borstamputaties uitgevoerd werden voor borstkanker. Ter vergelijking in de laatste 15 jaar van mijn praktijk (1996 - 2001) had ik er gemiddeld 2 per week (t.o.v. 2 in 100 jaar). Hoe is dit enorme verschil in voorkomen van borstkanker te verklaren?

    Groot-Brugge heeft nu 117.000 inwoners, d.i. bijna 4 maal meer dan in de 16-17e eeuw (32.000). Nu zijn er dus 3-4 maal meer vrouwen.Vrouwen in studieperiode (1600-1700) leefden veel minder lang, veel minder vrouwen bereikten de menopauze (2/3 borstkankers komen voor bij vrouwen na de menopauze), bovendien hadden ze toen hun kinderen op jongere leeftijd, hadden ze veel meer kinderen en gaven ze veel langer borstvoeding. Ze gebruikten geen 'pil' en ze namen geen hormonen na de menopauze. Dit zijn al factoren die een zekere bescherming bieden tegen borstkanker.
    Er was geen mammografie en er werd geen bevolkingsonderzoek uitgevoerd. Er zullen dus wel veel borstkankers niet ontdekt geweest zijn. Bovendien werden de meeste borstkankers niet geopereerd en operaties op de welgestelden gebeurden niet in het Sint-Janshospitaal maar aan huis, trouwens zonder verdoving. Dr. A. Clarysse. 4/8/2011.


    >> Reageer (0)
    28-07-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.100.000 bezoekers

    Ik heb de 100.000 bezoekers bereikt. Bedankt voor het vertrouwen. Deze blog heeft niet de bedoeling om diepgaand uit te weiden over borstproblemen. Ik heb dit gedaan met twee boeken (1992 en 1996) over borstkanker. Die zijn nu niet meer volledig actueel, vooral niet naar de behandeling toe. Die bijwerken zou een enorme opdracht zijn. Ik heb gewerkt tot aan mijn 70 en de tijd die me nu nog rest houd ik voor mezelf. In die blog wil ik wel van tijd tot tijd nog een bedenking maken of een tip geven.

    Dr. A. Clarysse, 27/7/2011


    >> Reageer (0)
    10-06-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Diagnose over de telefoon

    U hebt het misschien gehoord op de nieuwsberichten:  een huisarts stelt telefonisch een diagnose bij een zwangere vrouw die klaagt van acute pijn in de buik en de rug. Hij stuurt zijn medisch-ongeschoolde vriendin om een pijnspuit toe te dienen omdat hij zich niet goed voelt. Persoonlijk kan ik mij niet voorstellen dat ik in dit geval een diagnose zou stellen over de telefoon zonder die dame te ondervragen en zelf te onderzoeken.

    Ik heb wel meerdere malen een diagnose gesteld van borstkanker over de telefoon. Als een oudere dame (ik bedoel na de menopauze) me opbelde voor een afspraak omdat ze een verharding voelde in de borst, een gezwel dat ze nooit eerder gevoeld had,  en als ik dan ook vernam dat er wat intrekking was van de huid of de tepel, dan kon ik met een heel hoge graad van waarschijnlijkheid besluiten dat het ging om een borstkanker. Binnen de 1 – 2 werkdagen kreeg ze een afspraak.  Zelfs zonder de intrekking van de huid of tepel  is een verharding in de borst,  die voor het eerst gevoeld wordt in een gemenopauzeerde vrouw,  zeer verdacht. Dr. A. Clarysse (senoloog - oncoloog op pensioen). 10-6-2011


    >> Reageer (0)
    07-06-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Nodeloos schrik op het lijf naar aanleiding van een borstonderzoek

    Ik heb het andermaal (zie 19/3/2010) meegemaakt: een mannelijk familielid belt me op, trillend op zijn benen, omdat zijn echtgenote het resultaat ontvangen heeft van een mammografisch onderzoek . Er wordt rond de pot gedraaid door de radioloog in verband met een kleine asymetrische opaciteit in de linkerborst. Hij stelde een bijkomend IMR onderzoek voor om met meer zekerheid een kanker te kunnen uitsluiten. Ik laat hen onmiddellijk komen met de verdachte (?) mammo. Ik voel niets in de borsten en ik kan hen geruststellen dat ik niets verdachts zie op de mammografie. Ter geruststelling stel ik voor een nieuwe echografie te laten maken 6 maanden later. Na enkele dagen bleek ze toch niet volledig gerustgesteld, ze had nu pijn in de linkerborst. Uiteindelijk bekomt ze van haar gynaecologe een nieuwe aanvraag voor een mammografie en echografie, nauwelijks een paar weken na de eerste. Ditmaal zorg ik ervoor dat dit nieuw onderzoek uitgevoerd wordt bij een top-radioloog waarmee ik vele jaren gewerkt heb en die mijn volle vertrouwen geniet. De conclusie van zijn onderzoek bevestigt mijn persoonlijke evaluatie dat er niets verdachts aan de hand was. Ze lijkt nu gerustgesteld.

    Wat was hier het probleem? Sommige radiologen willen zich indijken tegen het risico dat ze iets over het hoofd zouden gezien hebben en later aangeklaagd worden. Ze draaien rond de pot en stellen bijkomend onderzoek voor in plaats van hun verantwoordelijkheid op te nemen en zich duidelijk uit te spreken. Ondertussen jagen ze de betrokken vrouw op stang en worden nutteloos kostelijke onderzoeken herhaald op kosten van de ziekteverzekering, t.t.z. van ons allen. Dr. A. Clarysse, senoloog – oncoloog (op pensioen). (7-6-2011).


    >> Reageer (0)
    06-06-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Ouderdomskanker

    De dame van 91 jaar, waarover ik het had op 13/5/2011, werd zonder probleem geopereerd (24/5/2011). Ik heb ze vandaag nog bezocht, ze was reeds ontslagen uit het ziekenhuis en volop hersteld van de borstamputatie.

    Dit  geval  onderstreept tevens het belang van het geven van al de nodige informatie. Deze, toen 85 jarige vrouw, ging in 2006 niet in op het voorstel van de gynaecologe om zich te onderwerpen aan een amputatie. Dit werd haar mes op de keel voorgesteld, zonder discussie van voordelen, risico’s, gevolgen of andere behandelingsmogelijkheden. Het gevolg was dat ze er gewoon van onder trok.
    Na het geven van al de nodige informatie aanvaardde ze nu zonder aarzelen mijn voorstel  tot amputatie. Dokters moeten de nodige tijd nemen om patiënten al de nodige informatie te geven zodat ze met kennis van zaken betrokken worden bij het behandelingsvoorstel en de
    behandelingskeuze.  Dr. A. Clarysse. 6-6-2011.


    >> Reageer (0)
    13-05-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Intervalkankers
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Ik heb reeds meermals gewezen op het nut van het zelfonderzoek van de borsten. Zelfs bij vrouwen die regelmatig deelnemen aan opsporingsonderzoeken (mammografie om de 2 jaar voor vrouwen tussen 50 – 69 jaar) is het nog aanbevolen. Immers, tussen twee screeningonderzoeken in, kan zich een borstkanker ontwikkelen. Men noemt dit een intervalkanker. Nu blijkt uit een onderzoek, gepubliceerd in de Journal of the National Cancer Institute van 3 mei 2011, dat die intervalkankers aggressiever zijn. Bovendien is er dubbel zoveel kans dat ze hormoonrecepter negatief zijn, waardoor ze moeilijker te behandelen zijn.

    Op de foto ziet u de mammografie van een dame, 65 j oud, die op 24/4/1998 geen afwijkingen toonde in de linker borst. Zes maanden later (27/10/1998) voelde ik tijdens een routine controle (ze werd immers gevolgd na behandeling van een kanker in de rechter borst) een verharding van 3 cm. De nieuwe mammografie toonde een kanker die 6 maand eerder helemaal niet te zien was. Dit geval illustreert dat borstkankers soms zeer snel kunnen ontwikkelen en dat het zelfonderzoek nuttig kan zijn, ook voor vrouwen die geregeld deelnemen aan opsporingsonderzoeken. Klik op de foto voor een vergroting.
    Dr. Albert Clarysse (oncoloog - senoloog op pensioen) 13-5-2011


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Ouderdomskanker

    Volgende week laat ik een dame van 91 jaar opereren voor een borstkanker.
    Ze was in 2006 in consultatie gezien door een gynaecologe omwille van een gezwel van 4 x 5 cm in de linker borst met aantasting van de huid. De mammografie en een naaldbiopsie bevestigden de aanwezigheid van een borstkanker. De gynaecologe stelde een amputatie voor maar de dame weigerde op dit, voor haar bruske voorstel, in te gaan. Pas daarna vroeg ze mijn advies (ze bleek immers een heel ver familielid te zijn).
    Eerst en vooral moet ik erop wijzen dat die kanker daar niet op een paar maanden gekomen is. Op die leeftijd ontwikkelt borstkanker zich veelal langzaam, soms over vele jaren, wat hier wellicht het geval was. Vermits ze bleef volharden in haar weigering voor amputatie en de kanker hormoogevoelig was, heb ik Nolvadex (tamoxifen) voorgeschreven. De tumor nam geleidelijk af in volume tot een 2-tal cm. In 2008 werd hij terug groter en er werd dan overgeschakeld naar Arimidex. Na een periode van stabilizatie wordt de tumor nu terug groter. De behandeling moet dus weer aangepast worden. Die dame is nog, voor haar leeftijd, in goeie conditie en mentaal gaaf. Het lijkt alsof ze best 100 jaar kan worden. Precies daarom is het de moeite om nog in te grijpen. Ofwel met bestraling of liever nog amputatie. Zonder een van die ingrepen zou de tumor alleen maar groter worden, openbreken, bloeden en veel verzorging vergen en nog veel ellende veroorzaken. Ik heb de voorkeur gegeven aan een vlotte operatie en ze is daar nu zonder aarzeling op in gegaan.
    Dr. A. Clarysse (oncoloog – senoloog op pensioen) 13-5-2011.


    >> Reageer (0)
    22-02-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Santa Maria dei tumori
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    In de Basilica di Santa Maria Maggiore  in Ravenna, Italië,  wordt Santa Maria dei tumori vereerd. Daar komen kankerpatiënten, voor wie elke strohalm kan helpen, steun zoeken.
    Klik op de foto voor een grotere afbeelding. Dr. A. Clarysse 22/2/2011


    >> Reageer (0)
    14-12-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Jane Fonda werd geopereerd van borstkanker

    Een buurvrouw gaf me een tijdschriftknipsel met het bericht dat Jane Fonda goed hersteld van een kankeroperatie. Ze is 100% kankervrij verklaard en zal geen chemo- of bestralingstherapie nodig hebben. Veel vrouwen, die voor borstkanker behandeld werden, zullen zich misschien afvragen waarom zij wel en J.Fonda geen nabehandeling nodig hadden. Het zal toch niet zijn omdat zij een filmster is?
    Neen, het is omdat ze er zeer vroeg bij was en een kanker had in een, wat we zouden kunnen noemen, voorstadium. Medisch noemt dit een “in situ” of “niet invasieve” kanker. Dit is een borstkanker waarbij de kankercellen zich in de melkgangen ontwikkelen maar nog niet buiten de melkgang gedrongen zijn (niet-invasief). Borstkankercellen worden een ernstige bedreiging eens ze buiten de melkgangen dringen (invasief). Dan kunnen ze zich gemakkelijk verspreiden in het borstweefsel, de lymfe- en de bloedvaten en uitzaaien naar de lymfeklieren en andere organen. De meeste borstkankers zijn reeds invasief wanneer de diagnose gesteld wordt.
    Voor kleine “in situ” borstkankers kan het volstaan het gezwel breed te verwijderen, al of niet gevolgd door bestraling; voor grotere in situ kankers kan een amputatie aangewezen zijn. Chemotherapie is niet nodig voor dit voorstadium.
    Ik heb reeds meerdere malen laten blijken, dat ik, na vele jaren ervaring met borstkanker, voorzichtig ben met die 100% . Geen enkele eerlijke chirurg kan met 100% zekerheid een vrouw kankervrij verklaren na operatie. Ik zou het veiligheidshalve eerder hebben over 95%.
    Jane Fonda mag een voorbeeld zijn van de voordelen van een vroegtijdige opsporing.

    Dr. A. Clarysse, oncoloog - senoloog (14/12/2010).






    >> Reageer (0)
    02-12-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De vele soorten borstkanker

    In 2001 ben ik gestopt met het behandelen van borstkankers. Op 65 j moest ik mijn ziekenhuispraktijk stopzetten. Dagelijks ontvang ik nog via e-mail vanuit de V.S. berichten over nieuwe ontwikkelingen in de diagnose en behandeling van borstkanker. In deze bijdrage verduidelijk ik het belangrijkste punt dat in de laatste 10 jaar naar voor gekomen is, namelijk het feit dat het duidelijk wordt dat borstkanker niet één ziekte is maar uit vele soorten bestaat. De indeling van de verschillende soorten borstkanker is het gevolg van doorgedreven biologisch en genetisch onderzoek op het borstkankergezwel. Nu onderzoekt men in het laboratorium of de borstkanker ER (estrogeen-receptor) + (positief) of - (negatief) is, PgR (progesteroon-receptor) + of – is, HER2 + of – is. Verder onderscheidt men basallike en luminal-A en luminal-B kankers. Wanneer men vermoedt dat er sprake is van een familiale borstkanker onderzoekt men of er een BrCa 1 of 2 mutatie aanwezig is. In gespecializeerde laboratoria wordt gezocht naar DNA afwijkingen die aanwijzingen kunnen geven over het gedrag van een borstkanker, de prognose en de gevoeligheid aan specifieke kankermedicamenten.

    Op basis van de resultaten van die onderzoeken onderscheidt men verschillende groepen borstkankers. Ik bespaar u de details van deze klassering. Wellicht komt het allemaal wat moeilijk over. Het volstaat dat u weet dat er veel verschillende soorten borstkankers bestaan die zich op verschillende wijze gedragen, die uiteenlopende genezingskansen hebben en die elk hun eigen specifieke behandelingen vragen. Vandaar het belang van deze nieuwe kennis. In de toekomst zal iedere borstkanker steeds meer geïndividualiseerd behandeld worden.

    Ook zijn er in de laatstse 10 jaar een aantal nieuwe medicamenten ontwikkeld voor de behandeling van borstkanker. Voor het eerst hebben we nu een magic bullet. Dit is een kankermedicament dat rechtstreeks in de kankercel binnengebracht wordt, dus zonder de normale cellen te beschadigen, in andere woorden met veel minder bijwerkingen. De eerste resultaten, gerapporteerd op het jaarlijks congres van de ESMO (European Society of Medical Oncology) oct. 2010 zijn zeer hoopgevend. Dr. A. Clarysse, 2/12/2010.


    >> Reageer (0)
    18-11-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van verdriet kreeg ik borstkanker.

    Van verdriet kreeg ik borstkanker. Dit was de titel van een recent artikel uit het Brugs Handelsblad.  Wetenschappers houden zich reeds vele jaren bezig met de vraag of stress, tegenslag, verdriet, depressie … borstkanker of kanker in het algemeen veroorzaakt. De resultaten van vele studies tonen geen verband of spreken elkaar tegen. Globaal gesproken gaan cancerologen er van uit dat er geen aanwijzingen zijn dat borstkanker veroorzaakt wordt door stress. Andere factoren zoals de familiegeschiedenis, hormonale invloeden, leefwijze zijn veel belangrijker.

    Geconfronteerd met deze vraag, heb ik dikwijls aan mijn patiëntes gezegd: “moest je borstkanker krijgen van stress dan zouden we nog veel meer borstkankers zien dan nu het geval is”. Vroeg of laat wordt iedere familie geconfronteerd met ziekte, sterfgevallen, financiële problemen, relatieproblemen, echtscheiding, werkeloosheid, dementerende senioren, rebelerende teenagers… . Zei men vroeger niet “ieder huis heeft zijn kruisje”? Aan lezeressen die geconfronteerd worden met stress, tegenslag kan ik geruststellend zeggen, dat dit niet aanzien wordt als een oorzaak van borstkanker.  Dr. A. Clarysse (oncoloog – senoloog 18-11-2010)

     


    >> Reageer (0)
    21-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het gebruik van hormonen rond de menopauze verhoogt het borstkankerrisico.

    Reeds vele jaren ben ik ongerust over het gebruik van hormonen rond de menopauze, dit op basis van wat ik vaststelde in mijn uitgebreide borstkankerconsultatie. Voor het eerst in 2002 bevestigde een uitgebreide studie in de V.S. de gegrondheid van mijn bekommernis. Het gebruik van een combinatie van een estrogeen en een progesterone hormoon werd vergeleken met een neppil. De studie werd voorbarig onderbroken eens het duidelijk werd dat de hormoontherapie gepaard ging met een kleine maar significante verhoging van het aantal borstkankers, hartaandoeningen, beroertes en longembolen. Die groep vrouwen (meer dan 12.000) werd verder opgevolgd. Nu blijkt dat de vrouwen die hormonen kregen niet alleen meer borstkankers ontwikkelden maar dat hun kankers verder gevorderd waren (meer gevallen met okselklieraantasting) en dat er meer vrouwen gestorven zijn aan borstkanker. Die resultaten werden op 20 oct 2010 gepubliceerd in de JAMA (Journal of the American Medical Association).2010;304 (15):1684-1692.

    In een vroegere bijdrage heb ik er ook reeds op gewezen dat het gebruik van hormonen de vroegtijdige diagnose van borstkanker bemoeilijkt door de ontwikkeling van dens klierweefsel die de aanwezigheid van een kanker kan maskeren op mammografies.

    Mijn advies is wees voorzichtig met het gebruik van hormonen rond de menopauze. Ik raad het af. Wees extra voorzichtig als je een verhoogd borstkankerrisico hebt, b.v. een familiegeschiedenis van borstkanker. Doe regelmatig zelfonderzoek en laat je ook regelmatig onderzoeken door een goede echografist en radioloog.

    Sommige collega’s stellen voor hormonen een zo kort mogelijke periode te nemen en in een zo laag mogelijke dosis. Wat is een korte en veilige periode? Niemand weet het. Ik herinner me levendig een dynamische vrouw van 53 jaar die op aanraden van haar vriendinnen leeftijdsgenoten begon hormonen te nemen. Binnen enkele weken ervaarde ze een zekere werking op haar borsten. Nog geen jaar na het begin van de inname kwam ze op mijn consultatie met een vrij grote kanker in haar borst met aantasting van de okselklieren. Ze is spijtig genoeg overleden aan haar borstkanker.

    Dr. A. Clarysse, Senoloog – Oncoloog (op pensioen) (20/10/2010).


    >> Reageer (0)
    16-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De overlevingskansen van borstkanker worden steeds beter

    Op 2 oktober 2010 werden op een borstkankercongres in Washington de resultaten meegedeeld van de behandeling van borstkankers over de laatste 60 jaar. Dit zijn de resultaten van het University of Texas M.D. Anderson Cancer Center in Houston. Dit is een van de leidinggevende kankercantra in de V.S. Uit deze statistieken mag blijken in welke belangrijke mate de overlevingskansen van borstkankerpatiënten over deze periode verbeterd zijn. Terwijl van de vrouwen die in 1944-54 behandeld werden er slechts1/4 (25%) 10-jaar later nog in leven was, zijn dit er 3 / 4 (77%) voor de vrouwen die tussen 1995 -2004 behandeld werden. Deze belangrijke verbetering in de overlevingskansen is voornamelijk te wijten aan het feit dat vrouwen met borstkanker nu vroeger behandeld worden en aan de verbeteringen in de behandelingen. Er is geen reden om aan te nemen dat gelijkaardige resultaten niet kunnen bereikt worden in de beste Europese Kankercentra.

    Wat niet blijkt uit deze statistieken is het feit dat nu veel meer vrouwen dan vroeger de borst kunnen bewaren of een reconstructie ondergaan waardoor de verminking dus minder erg uitvalt.

    10-jaar overlevingskansen van borstkanker volgens stadium:
    Lokaal = beperkt tot de borst
    Regionaal = met aantasting van de okselklieren
    Uitgezaaid = met uitzaaiingen

    Decade

    Lokaal, %

    Regionaal, %

    Uitgezaaid, %

    Globale overleving %)

    1944–54

    55

    16

    3

    25

    1955–64

    56

    24

    4

    30

    1965–74

    59

    29

    5

    35

    1975–84

    72

    47

    7

    49

    1985–94

    79

    57

    11

    62

    1995–2004

    86

    74

    22

    77

    Dr. Albert Clarysse, senoloog-oncoloog (op pensioen) 16/10/2010.



    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Uw borsten: draag er zorg voor!
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Als jouw borst je dierbaar is, zorg er dan voor. Onderzoek regelmatig jouw borst en laat ze op tijd onderzoeken. De rechterborst van deze vrouw werd meer dan 15 jaar geleden behandeld voor borstkanker (operatie en bestraling). Dit prachtig resultaat was mogelijk omdat ze er vroeg bij was.

    Borstkanker is iets waar veel over gesproken en geschreven wordt. Het is een onderwerp dat veel vrouwen schrik aanjaagt. Vrouwen worden er geregeld aan herinnerd dat ze 1 kans op 9 hebben om met die kanker geconfronteerd te worden. Het is dan ook goed behoedzaam te zijn.

    Vrouwen tussen de 50 en de 69 jaar worden om de twee jaar opgeroepen om een mammografie onderzoek te laten uitvoeren.  Maar wat met de vrouwen buiten die leeftijdsgroep? Zijn die aan hun lot overgelaten? Of krijgen die misschien geen borstkanker? Spijtig genoeg is dit niet het geval. Men is nooit te jong of te oud. Ik heb vrouwen gezien van 21 jaar en van 90 jaar met die kanker.  Als men de opsporing beperkt tot de groep 50 tot 69 jaar is dit omdat de mammografie op die leeftijd het meest betrouwbaar is en het meest kost-effectief.  Ik raad zeker aan dat vrouwen ingaan op dit verzoek, liefst in een centrum dat veel ervaring heeft met het onderzoek van de borsten (mammografie, echografie, MRI, biopsies… ).

    Wat kan je als vrouw doen buiten de leeftijdsgroep 50-69 jaar? Twee zaken: zelf geregeld jouw borsten onderzoeken en je laten onderzoeken door een geneesheer, liefst ook door een arts die veel ervaring heeft. Die zal dan, indien nodig, verder onderzoek voorstellen. Bij vrouwen met een verhoogd risico op borstkanker (b.v. een belangrijke familiegeschiedenis van borstkanker) of met moeilijke borsten zal men op jongere leeftijd beginnen met mammografie en echografie.

    Het onderzoek van de borsten kan moeilijk zijn. Vooral vóór de menopauze omdat er nog veel klierweefsel aanwezig is in de borst. In dit klierweefsel komen geregeld afwijkingen voor, meestal goedaardige cysten of knobbelvorming, die de interpretatie van het onderzoek moeilijk maken. Zelfs voor geneesheren is het onderzoek van die redelijk stevige, knobbelige borsten niet gemakkelijk. Borstkankers zijn dus bij jongere vrouwen moeilijker vast te stellen en ze ontwikkelen zich veelal sneller. Ook de mammografie is hier minder betrouwbaar. Het stevige klierweefsel kan een kanker maskeren. Bij de diagnose van borstkanker worden er nogal eens fouten gemaakt!

    Met de menopauze verdwijnt het meeste klierweefsel (tenminste als je geen hormonen neemt). De borsten worden veel soepeler. Het wordt nu veel gemakkelijker voor de vrouw om zelf haar borsten te onderzoeken. Aangezien er na de menopauze nog maar weinig klierweefsel is, komen goedaardige afwijkingen nog relatief zelden voor. Men kan stellen dat, als een vrouw na de menopauze voor het eerst een verharding voelt in de borst, de kans vrij groot is dat het gaat om kanker. Die zijn meestal hard en dus gemakkelijk voelbaar bij zelfonderzoek. Twee derde van alle borstkankers komen voor na de menopauze en de meeste worden nog altijd door de vrouwen zelf ontdekt.

    Het borstzelfonderzoek moet geen aanleiding zijn tot meer diagnostische operaties. Een ervaren borstteam kan vandaag de dag, zonder heelkundige ingreep, meestal vrij vlot uitmaken of een letsel al dan niet kwaadaardig is.

    Zelfs bij vrouwen die om de 2 jaar een mammografie laten uitvoeren, zoals het bevolkingsonderzoek aanbeveelt, is het zelfonderzoek nog nuttig: in die 2 jaar heeft een kanker soms ruim de tijd om tot ontwikkeling te komen. Die kunnen enkel door de vrouw zelf ontdekt worden, tenzij haar borsten toevallig door geneesheer worden onderzocht.

    Als een vrouw zich aanbiedt met een klein gezwel heeft ze minder kans om haar borst te verliezen, de nabehandeling zal minder zwaar zijn en haar genezingskansen zullen duidelijk beter zijn dan wanneer ze afkomt met een groot gezwel in haar borst.

    In mijn lange carrière heb ik veel te veel vrouwen gezien die te laat komen met gezwellen die ze duidelijk vroeger zouden ontdekt hebben als ze zichzelf hadden onderzocht. Ik heb ook vrouwen gezien met kleine kankertjes, soms minder dan 1 cm die ze zelf ontdekt hadden bij het aftasten en bekijken van hun borsten.

    Klik op http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf   een diapresentatie over het borstzelfonderzoek en de verschillende technische onderzoeken van de borsten.

    Dr. Albert Clarysse, Senoloog – oncoloog ( (3/2007)op pensioen) (3/3/2007)


    >> Reageer (0)
    06-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Borstkanker neemt sneller toe in Vlaanderen

    Volgens de laatste statistieken "neemt borstkanker in Vlaanderen sneller toe dan in de rest van Europa. In Vlaanderen kent borstkanker een aanhoudende stijging van 2 à 4 procent per jaar".

    De precieze oorzaak van borstkanker is niet gekend. Er is geen voor de hand liggende uitwendige oorzaak zoals bijvoorbeeld het roken voor longkanker. De oorzaak is eerder te zoeken in een wisselwerking tussen erfelijkheid, hormonale invloeden, leefwijze (voeding, alcohol, roken, sporten), milieu en bepaalde aandoeningen van de borst.

    Veel van de kankerverwekkende of –bevorderende factoren (straling, hormonen, alcohol, roken, de pil) zijn het schadelijkst op jonge leeftijd. In de periode tussen de eerste menstruatie en de geboorte van het eerste kind is het borstklierweefsel het gevoeligst voor kankerverwekkende invloeden. Dus: hoe korter de interval tussen de eerste menstruatie en de eerste bevalling, hoe beter.

    Het borstkankerrisico neemt toe naarmate u meer menstruaties hebt met eisprong. Een eerste menstruatie op oudere leeftijd, vroege menopauze, verschillende zwangerschappen en langdurige borstvoeding zijn gunstig omdat ze het aantal menstruaties in uw leven doen afnemen.

    Een gezonde levenswijze kan de kans op het krijgen van borstkanker, en van kanker in het algemeen, verminderen:

    • - Rook niet.
    • - Wees matig met alcohol.
    • - Zorg voor de nodige lichaamsbeweging en sport.
    • - Vermijd overgewicht, beperk caloriën, vetten en zout.
    • - Eet gevarieerd met veel groenten, fruit en vezels.
    • - Vermijd onnodige straling, overdreven zon en schadelijke stoffen.

    (dit is echt niet zo moeilijk, ik doe het al vele jaren zelf)

    Als preventie tegen borstkanker zijn nuttig:

    • - Eerste menstruatie op oudere leeftijd: liever 15 j dan 11 jaar oud.
    • - Eerste zwangerschap op jeugdige leeftijd: liever 19 dan 34.
    • - Geef borstvoeding, het liefst zolang mogelijk: minstens vier maanden.
    • - Bij voorkeur geen kinderen meer na uw 35ste.
    • - Een menopauze op jongere leeftijd, 45 is beter dan 55
    • - Vermijd de pil op jonge leeftijd en gedurende vele jaren vóór een eerste zwangerschap, en in de tien jaar vóór de menopauze (liever een sterilisatie na uw laatste kind dan 20 jaar de pil).
    • - Hormonen na de menopauze zijn goed tegen vapeurs maar niet voor uw borsten.

    Overige sommige van deze factoren, bv. leeftijd van eerste de menstruatie en leeftijd van de menopauze heb je geen controle.

    Een andere factor die aan uw controle ontsnapt is de familiale aanleg. Die is ook zeer belangrijk. Borstkanker komt meer in families met gevallen van borstkanker. Uw risico is groter naarmate er meer vrouwen zijn met borstkanker in uw familie, naarmate ze jonger zijn, en meer nog als er vrouwen zijn die kanker gehad hebben in beide borsten.

    Sommige goedaardige borstaandoeningen kunnen ook uw borstkankerrisico verhogen.

    Uiteindelijk is de kans dat je geen borstkanker krijgt nog altijd veel groter dan de kans dat je er wel mee zult geconfronteerd worden. Ik herhaal wat ik hier al meermaals verkondig heb: leer je borsten kennen door zelfonderzoek, neem deel aan het bevolkingsonderzoek als u daarvoor in aanmerking komt en laat u op tijd onderzoeken.

    Dr. A. Clarysse (oncoloog-senoloog op pensioen) (6/9/2010)


    >> Reageer (0)
    01-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mw Morel, alternatieve geneeswijzen en mirakels

    Mw Morel deelt mede in een artikel in het Nieuwsblad dat ze kiest voor een alternatieve behandeling voor haar uitgezaaide kanker. http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=G4L2TJ0PA
    Haar behandelende arts heeft haar gezegd dat “ze nog hooguit zes maanden heeft” en hij “haar geen hoop mee geeft” en “ hij niets meer voor haar kan doen”. Met dergelijke ongenuanceerde uitspraken is het begrijpelijk dat een jonge vrouw met een uitgezaaide kanker zich daar niet wil bij neerleggen en elders hulp gaat zoeken. Persoonlijk vind ik die uitspraken verkeerd. In een vorige bijdrage (2/8/2010) heb ik erop gewezen dat het gevaarlijk, om niet te zeggen onmogelijk is, om een preciese levensverwachting te voorspellen, 6 maanden en geen 7. Als geneesheer is het ook verkeerd geen greintje hoop te laten en zonder meer te beweren dat men niets meer kan doen. Dit is de patiënt(e) laten vallen precies wanneer het echt moeilijk wordt.
    Wat alternatieve geneeswijzen en kanker betreft heb ik mijn mening uiteengezet in een bijdrage van 3/1/2010. Ik herhaal dat er geen enkele reden is waarom ik zelf geen alternatieve geneeswijzen zou gebruiken, moesten ze maar doeltreffend zijn.
    Mw. Morel hoopt op een mirakel. Die gebeuren soms in cancerologie. In een medeling van 22/12/2009 bespreek ik een vrouw die ik voor het eerst zag eind 1979 met een uitgezaaide borstkanker. Ze werd gedurende twee jaar behandeld met chemotherapie. Een maand geleden ontmoette ik haar nog, springlevend, bij mijn kapper. Dr. A. Clarysse. (
    1/9/2010).


    >> Reageer (0)
    31-08-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kanker van kankeren

    Reeds vele jaren vragen cancerologen zich af of bepaalde persoonlijkheden, bepaalde karaktereigenschappen iemand voorbeschikken om kanker te krijgen. Kanker van kankeren? Studies terzake hebben dusver tegenstrijdige resultaten opgeleverd.
    In de American Journal of Epidemiology van 15/8/2010 wordt verslag uitgebracht over de grootste studie ooit over dit onderwerp (studie van de Danish Cancer Society). Conclusie is dat er geen aanwijzingen zijn dat iemands karakter invloed heeft op de kansen om kanker te krijgen en evenmin invloed heeft op het verloop van de ziekte als men kanker gekregen heeft. Dit is in tegenstelling tot sommige oudere studies die aangetoond hebben dat b.v. “vechters” het beter doen dan mensen die eerder passief hun ziekte ondergaan.
    In een vorige bijdrage (2/8/2010) heb ik gezegd dat “ik altijd de indruk gehad heb dat “vechters” het beter lijken te doen dan “opgevers”. Ik onderstreep indruk en lijken omdat het inderdaad niet wetenschappelijk bewezen is. Waarschijnlijk krijgen we de indruk dat vechters het beter doen omdat die patiënten wellicht minder zullen klagen over ongemakken veroorzaakt door hun ziekte. Zo lijken ze het beter te doen.
    Het moet een geruststelling zijn te vernemen dat als we kanker hebben, het niet te wijten is aan onze karaktertrekken. Bovendien moeten kankerpatiënten die niet de moed en strijdlust aan de dag leggen van b.v. een Mw. Morel, geen schuldgevoelens hebben, en denken dat ze daardoor minder kansen op genezing hebben. Dr. A. Clarysse 31/8/2010.


    >> Reageer (0)
    02-08-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Commentaar op de kanker van Mw. Morel

    Marie-Rose Morel maakt kenbaar dat ze hervallen is. Ik was reeds geneigd om te reageren toen ze, een aantal maanden terug meldde dat ze, na het einde van haar behandeling, “genezen” verklaard werd. In een bijdrage van 14/1/2010 werd uitgelegd dat men, wat borstkanker betreft, jaren (5, 10, 15…) moet wachten alvorens men een vrouw genezen kan verklaren. Ik ben altijd voorzichtig geweest. Ik gaf een raming, bv. 70% kans op genezing. Dit percentage steeg naarmate een vrouw langer kankervrij bleef. Na 10 jaar kankervrij wordt het 90%., na 20 jaar 99%.

    Nu werd haar gezegd dat ze “nog 6 maanden te leven heeft”. Ook dit soort voorspelling heb ik nooit gemaakt. Sommige lezers zullen zich nog herinneren hoe de Lockerbie bommer in aug 2009 vrijgelaten werd uit de gevangenis omdat hij terminale prostaatkanker had en nog “6 maanden te leven had”. Die 6 maanden zijn er ondertussen reeds 12 geworden en hij is er nog altijd. Het is dus verkeerd om een welbepaalde levensduur te voorspellen, b.v. 6 maanden en geen 7. Hoewel de behandelende arts dikwijls een redelijk idee heeft over de levensverwachting van een gevorderde kanker, is en blijft het een raming. Artsen hebben de gave van de voorzienigheid niet. Ik gaf de zieke, die nog zaken moest regelen vóór het overlijden, wel een idee van haar levensduur onder de slechtste omstandigheden “moest de behandeling helemaal niet aanpakken…” , maar anderzijds kon ik dikwijls er aan toevoegen dat ik patiënten gezien had, in gelijkaardige situaties, die nog zoveel maanden, soms jaren langer geleefd hadden. Zo kreeg de patiënte een idee van wat er haar te wachten stond onder de slechtste en onder de beste omstandigheden. Dit liet ook nog wat mogelijkheid tot hopen i.p.v. iedere dag af te tellen.
    Iedereen bewondert de moed van Mw. Morel. Ik heb altijd de indruk gehad dat “vechters” het beter lijken te doen dan “opgevers”. Spijtig genoeg is moed alleen niet genoeg in het overwinnen van een uitgezaaide kanker, maar het helpt. We wensen Mw. Morel alvast verder veel moed en good luck. Dr. A. Clarysse. 1/8/2010.


    >> Reageer (0)
    19-03-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wat een familielid overkwam
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Ik wil u het volgende voorval niet onthouden. Een familielid, dat ik al jaren volg en wiens borstsituatie ik dus goed ken, werd opgeroepen voor haar tweejaarlijkse screening mammografie. Eigen aan die vrouw haar borsten is het feit dat ze sedert vele jaren altijd wat meer klierweefsel heeft in de rechter borst dan in de linker. Dit verschil kan ik voelen en is ook duidelijk op de mammografie. Een verschil in de distributie van het klierweefsel tussen de twee borsten kan bij de interpretatie van de mammografie soms voor ongerustheid zorgen. Normaal is de distributie van het klierweefsel in beide borsten symmetrisch, zodat de mammografische beelden van de rechter en van de linker borst mekaars spiegelbeeld zijn. Dit is niet het geval als het klierweefsel over beide borsten onregelmatig verdeeld is. Een asymmetrie in de distributie van het klierweefsel kan soms geïnterpreteerd worden als verdacht, vooral als er geen klinisch onderzoek komt bij de mammografie. Die vrouv ging vroeger altijd voor haar mammografies naar de dienst Radiologie van het AZ. St-Jan te Brugge waar ik vele jaren gewerkt heb als oncoloog-senoloog. Het is een vrij goeie dienst die zeker mijn vertrouwen wegdraagt.
    Nu kreeg dit familielid van de organisatie die de screening in West-Vlaanderen regelt een afspraak voor haar screening mammografie in een ander ziekenhuis, dichter bij de plaats waar ze woont. Omdat ik voorzag dat haar mammografie zou kunnen uitdraaien op een probleemgeval in een ander ziekenhuis waar men haar niet kende, drong ik aan om toch maar naar Brugge te komen. Advies dat ze niet gevolgd heeft.
    Een zestal weken na de screening-mammografie krijgt ze van de huisarts te horen dat ze zich voor verder onderzoek moest aanbieden. Het verslag, met rode stift onderlijnt, las “waarschijnlijk kwaadaardig” met de afwijking in de rechter borst. Ik kan me best voorstellen welk een angstsituatie dergelijk resultaat bij een vrouw zal teweegbrengen. Dit familielid had het voordeel dat ze onmiddellijk bij mij terechtkwam (ik herhaal nogmaals dat ik geen praktijk meer heb, ik ben zelfs uitgeschreven uit de Orde van Geneesheren en mag wettelijk geen geneeskunde meer beoefenen). Ik onderzoek haar borsten. DIe zijn ongewijzigd in vergelijking met vorige onderzoeken, zoals altijd wat meer klierweefsel voelbaar rechts maar niets dat zou wijzen op de aanwezigheid van een borstkanker. Ik bekijk haar (verdachte?) mammos en vergelijk ze met vorige en kan haar onmiddellijk geruststellen dat ik niets zie of voel dat me ongerust maakt. Met het verslag “waarschijnlijk kwaadaardig en verder onderzoek aanbevolen” is men natuurlijk verplicht een bijkomende echo aan te vragen. Deze bevestigt de ongelijkmatige distributie van het klierweefsel tussen beide borsten maar toont verder niets verdachts. Om zichzelf in te dekken tegenover het “verdachte screeningonderzoek” vindt de radioloog het aangewezen om een bijkomend MRI onderzoek van de borsten aan te vragen. Dit bijkomend onderzoek was volledig normaal, geen tekenen van kanker.
    Dit geval illustreert, wat mij betreft, dat de borstscreening in België niet onder ideale omstandigheden gebeurt. In plaats van een groot aantal radiologen te betrekken bij die screening, (“iedereen moet aan de kost komen” is belangrijker dan de kwaliteit) zou het veel beter zijn dat die screening gebeurt in een beperkt aantal ervaren borstklinieken, waar vrouwen eerst klinisch onderzocht worden, en waar, als de daaropvolgende mammografie iets verdachts toont, onmiddellijk (niet vele weken later) overlegd wordt tussen senoloog en radioloog over de te volgen stappen. Ook gebeurt het screeningonderzoek steeds in dezelfde kliniek waar men de vorige mammografies, ter onmiddellijke vergelijking, bijhoudt. De senologen maken een tekening van hun bevindingen vergezeld van een klinische beschrijving van de borsten. Ik denk dat men zelfs verpleegsters zou kunnen opleiden om die borstonderzoeken te doen. Mijn echtgenote, die vele jaren in mijn priveconsultatie gewerkt heeft, was mettertijd zeker in staat een betrouwbare evaluatie te maken van de borsten. Dit systeem zou ook resulteren in minder bijkomende onderzoeken en zou uiteindelijk minder duur uitvallen. Het verwijt wordt nogal eens gemaakt dat de screening leidt tot teveel bijkomende onderzoeken (en de daarbijhorende angst voor de vrouw). Had die vrouw mijn advies gevolgd dan zou ze nooit een MRI onderzoek gehad hebben. Vermits het “ideale niet van deze wereld is” verwacht ik niet dat het systeem zal veranderen, maar ik wenste toch mijn opinie even te uiten. Sommige lezeressen zullen zich wellicht in dit verhaal terugvinden. (Dr. A. Clarysse 19/3/2010).
    Mijn notas uit 1981 (figuur) tonen reeds een duidelijk verschil in de hoeveelheid klierweefsel en dat is al die jaren het geval geweest.


    >> Reageer (0)
    12-03-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De pil beschermt vrouwen tegen kanker ??

    Op www.knack.be lees ik vandaag De pil beschermt vrouwen tegen kanker. De link aanklikken brengt de lezeres op een artikel in het Gezondheidsnet.rnews.be, waaruit blijkt dat: “Onderzoekers van de University of Aberdeen hebben ontdekt dat de pil beschermt tegen verschillende ziektes, zoals kanker en hart- en vaatproblemen”.

    Als ik dit lees stel ik als canceroloog onmiddellijk de vraag over welke kankers men het hier heeft. Er zijn namelijk een honderdtal verschillende kankersoorten. Er zijn aanwijzingen dat sommige kankers toenemen onder invloed van de pil, andere kankersoorten nemen af. Ik zal het hier enkel hebben over borstkanker. Het is duidelijk dat de ontwikkeling van een borstkanker onder invloed staat van de werking van hormonen. Sedert jaren is bekend dat b.v. borstkanker meer voorkomt bij vrouwen die op jonge leeftijd hun eerste regels hebben,  kinderloos zijn of laattijdig hun eerste zwangerschap hebben of een late menopauze. Ook het langdurig gebruik van hormonen na de menopauze verhoogt het risico op borstkanker. In al deze gevallen gaat het om factoren die ingrijpen op de hormonenhuishouding van de vrouw.

    Over de invloed van ‘De pil’ op het voorkomen van borstkanker zijn de meningen uiteenlopend. Sommige studies tonen geen invloed, andere daarentegen wijzen op een stijging van het aantal borstkankers bij pilgebruiksters. Men moet o.m. rekening houden met de leeftijd waarop de pil genomen werd, welke soort pil, hoelang ze genomen wordt enz… en dan hebben we het nog niet over bijkomende factoren  zoals b.v. een familiegeschiedenis van borstkanker.

    Om een of andere reden zijn de media eerder geneigd om geruststellende berichten over het gebruik van hormonen of de pil bekend te maken. Ik ben niet de persoon die graag negatieve berichten de wereld rondstuurt. Ik erger me rot als beweerd wordt dat BH’s met beugels, deodorants, vliegtuigreizen, elektrische dekens… borstkanker veroorzaken, om er maar enkele te noemen die ik in mijn krantenuitknipsel terugvind. Allemaal larie. Maar de pil is een serieuze zaak omdat ze op grote schaal gebruikt wordt, gedurende vele jaren en op steeds jongere leeftijd. Vooral dit laatste is belangrijk. Het is bekend dat de borst in de puberteit extra gevoelig is aan kankerverwekkende invloeden omdat er op die leeftijd extra celdeling is in de zich ontwikkelende borsten. Het zou dus niet verwonderlijk zijn moesten we borstkanker zien toenemen bij jonge vrouwen. Dit is wat ik in mijn eigen praktijk effectief gezien heb. De laatste 10 jaar had ik 130 vrouwen met borstkanker onder de 35 jaar. Dit is iets wat ik in het begin van mijn praktijk (vanaf het einde van de jaren 60) niet zag. Dit is de reden waarom ik bezorgd ben over het gebruik van de pil op grote schaal vooral beginnend bij jonge meisjes. Ik hoop dat mijn ongerustheid ongegrond is maar ik vrees van niet.

    Een recente studie (Cancer Epidemiol Biomarkers Prev 2009;18(4)1157-1166), die geen aandacht kreeg in de pers, toonde een duidelijk verband tussen het pil gebruik en de “drievoudig negatieve” borsttumoren (TNBC’s). Dit zijn borstkankers waarbij de resultaten van zowel de estrogeen, de progesterone als de HER2 receptoren negatief zijn. Dit is een agressieve vorm van borstkanker die bij voorkeur voorkomt bij jonge vrouwen, die snel evolueert en eerder resistent is aan behandeling. Precies die vorm komt duidelijk meer voor (tot 4 maal meer) bij pilgebruiksters, vooral als ze beginnen voor de leeftijd van 18 jaar. Die studie van 2009 bevestigt alleen maar wat ik sedert jaren in mijn eigen praktijk vastgesteld heb. Dr. A. Clarysse. (12/3/2010).


    >> Reageer (0)
    02-02-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Waar naartoe met een borstkanker. Herrie rond borstklinieken

    In een vorige aflevering heb ik eens beloofd dat ik zou ingaan op de vraag waar een vrouw zich best laat behandelen. “Wat zou je doen moest ik uw vrouw zijn” werd me regelmatig gevraagd.
    Er zijn een aantal centra die mijn vertrouwen genieten. In elk geval zou ik een borstkliniek aanraden waar men veel ervaring heeft met de diagnose, de behandeling en follow-up van borstkanker, waar men geregeld aan bijscholing doet en toegang heeft tot de nieuwste ontwikkelingen op gebied van diagnose en behandeling. Als je de beste kansen op genezing of langdurige controle wenst dan is borstkanker geen kanker om in een klein lokaal ziekenhuis te laten behandelen.
    In 2003 heeft het Europees Parlement op aanbeveling van een aantal Internationale Borstkanker Verenigingen aan de lidstaten gevraagd om borstklinieken te organiseren.. Om erkend te worden als borstkankercentrum vereist men een minimum 150 geopereerde nieuwe kankergevallen per jaar en per centrum, met minstens 50 operaties per chirurg. Ideaal gezien moet er per 250 000 vrouwelijke inwoners een borstkliniek zijn (dus een twintigtal voor België). Bedoeling is er voor te zorgen dat nieuwe gevallen van borstkanker op de best mogelijke wijze behandeld en gevolgd worden door artsen met voldoende ervaring.
    In een overgangsfase had België zich tevreden gesteld met 100 nieuwe gevallen en 30 operaties per jaar. Nu wil Minister Onkelinx de strengere normen (150/50) toepassen waardoor 21 van de 46 borstklinieken in ons land zouden moeten verdwijnen omdat ze niet genoeg ervaring hebben met borstkanker. Uit vele negatieve reacties op de krantenartikels hieromtrent heb ik de indruk dat men niet altijd begrijpt waarover het gaat. Het is geen kwestie van besparen, maar wel om er voor te zorgen dat vrouwen met borstkanker terecht komen in klinieken waar ze de beste behandeling kunnen krijgen.
    Het onderzoek op gebied van borstkanker staat niet stil. De laatste jaren lukt het ons steeds beter door genetisch en moleculair onderzoek te voorspellen hoe een bepaalde borstkanker zich zal gedragen. Welke borstkankers snel evolueren, vlug uitzaaien in de klieren of in het bloed, goed reageren op hormoonbehandeling of op chemotherapie of integendeel resistent zijn aan deze of gene behandeling. We evolueren naar een situatie waarbij voor elke borstkanker in de toekomst een individuele behandeling zal uitgedokterd worden. Die genetische en moleculaire testen kunnen enkel in grotere centra uitgevoerd worden. Het is ook in die grotere centra en door samenwerking van die grotere centra dat vooruitgang geboekt wordt. Dit is de reden waarom ik, moest ik vrouw zijn en borstkanker hebben, mij zou wenden tot een erkende borstkliniek.
    Het is wel zeer wenselijk dat een kankerpatiënte geregeld door dezelfde arts gevolgd wordt, waarmee ze een goeie vertrouwensrelatie heeft. In grote borstklinieken, waar veel artsen werkzaam zijn, kan het, afhankelijk van de organisatie van die kliniek, voorkomen dat je nooit weet wie je zal zien. 
     Dr. A. Clarysse (op pensioen) (6/3/2010).

    http://www.kanker.be/index.php/borstklinieken/borstklinieken-behoeften-en-verwachtingen/id-menu-3962.html

    http://www.kanker.be/index.php/nieuws/borstklinieken-met-sluiting-bedreigd/menu-id-4722.html

    http://www.tegenkanker.net/10_februari_2010_-_dreigende_sluiting_borstklinieken_overlevingskansen_pati%C3%ABnt_primeren


    >> Reageer (0)
    31-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Knobbelige borsten
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Veel jonge vrouwen hebben knobbelige borsten, vooral tussen de 35 – 50 jaar, of beter gezegd tot aan de menopauze. Die knobbeligheid wordt veroorzaakt door de aanwezigheid van veel klierweefsel. In dit klierweefsel komen nogal eens verhardingen, knobbels of cysten voor. Die afwijkingen voelen hard aan en kunnen pijnlijk zijn. Nogal wat vrouwen zijn daar ongerust over. Na de menopauze verdwijnt dit klierweefsel geleidelijk. De borst wordt soepeler en de verhardingen nemen geleidelijk af.
    Ik heb heel wat vrouwen met dit probleem gezien. Om die goed te volgen vind ik dat het noodzakelijk is om bij ieder bezoek een tekening te maken van de borsten met de afwijkingen. Dit lijkt me de enige manier om veranderingen in vergelijking met vorige bezoeken klinisch vast te stellen. Sommige vrouwen zijn zo ongerust dat ze regelmatig willen op consultatie komen. Men kan bij jonge vrouwen niet om de haverklap mammografies uitvoeren. Echografies zijn beter in dit geval en vergen geen straling maar ook hier kan overconsumptie leiden tot uit de hand lopende zorgkosten.
    Het is duidelijk dat vrouwen met dit probleem best steeds door dezelfde geneesheer gevolgd worden.
    De figuur toont als voorbeeld een collage van mijn opeenvolgende bevindingen bij Mevrouw X. Klik op de foto voor een grote afbeelding. Bij deze figuren hoort in mijn dossier tevens een beschrijving zoals: goed ontwikkelde borsten met meerdere dysplastische zones vnml in de bovenste helft en lateraal, licht gevoelig bij palpatie, geen klinisch verdachte letsels.
    Meer uitleg over knobbelig borsten in vorige blogs en op http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf 
    . Dr. A. Clarysse (4/3/2010).


    >> Reageer (0)
    30-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Belgen kennen de alarmsignalen voor kanker niet

    Op de nieuwsrubriek van Knack, 4/2/2010, lees ik  Uit een onderzoek van de Stichting tegen Kanker blijkt dat Belgen onvoldoende op de hoogte zijn van de belangrijkste alarmsignalen voor kanker”. “Ook wanneer de alarmsignalen moesten herkend worden uit een lijst van symptomen, bleek de kennis van de respondenten volgens de Stichting "ondermaats". Dat bleek zelfs bij de meest bekende vormen van kanker, zoals borstkanker, het geval te zijn. Zo beschouwen amper zes op de tien ondervraagden een wijziging aan de borst als een mogelijk alarmsignaal”.  Verder publiceert het artikel de 10 alarmsignalen voor kanker. Wat betreft borstkanker luidt het:

    - Een knobbeltje of zwelling in een borst
    - Een onvoorziene wijziging aan de borst: intrekking, uitstroming, roodheid,...

    Dit laatste lijkt me nogal vaag. Door uitstroming bedoelt men: vochtverlies uit de tepel. Eens een borstkanker roodheid veroorzaakt zal het al geen vroegtijdig teken meer zijn. Al bij al zeggen deze alarmsignalen niet zoveel. Ik durf beweren dat een vrouw veel beter zal in staat zijn om een verandering in de borst te beoordelen als ze vertrouwd is met de informatie die ze vindt op: http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf.

    Dr. A. Clarysse, senoloog – oncoloog (op pensioen).  4/2/2010


    >> Reageer (0)
    20-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Borstpijnen en knobbelige borsten
    Borstpijnen en knobbelige borsten Veel vrouwen hebben last van hun borsten: vooral pijn en knobbelvorming zijn vaak een bron van zorgen. Sommige borstaandoeningen komen zo vaak voor dat men ze nauwelijks als een ziekte kan beschouwen.

    Borstpijnen
    Men onderscheidt cyclische en niet-cyclische borstpijn.

    1. Cyclische borstpijn

    De cyclische gaat mee met het ritme van de maandstonden en komt dus alleen voor bij vrouwen die nog hun menstruaties hebben. Ze klagen over een zwaartegevoel, spanning, steken of pijn in de borsten gedurende drie tot zeven dagen vóór de menstruatie. De borsten zijn dan dikwijls wat groter en gespannen. Bij sommige vrouwen begint de pijn al op het ogenblik van de eisprong. Anderen hebben voortdurend pijn met een periodieke pijnvermindering na de menstruatie. De intensiteit van de pijn kan verschillen van de ene cyclus tot de andere. Hij kan jaren blijven duren of periodiek spontaan verdwijnen. Soms verdwijnt de pijn na een zwangerschap of het gebruik van de pil. Dit soort borstpijn, komt het meest voor bij vrouwen boven de dertig. De pijn verdwijnt met de menopauze, tenminste als u geen hormonen neemt. De hele borst kan gevoelig zijn, maar het pijnlijkst is vaak het deel van de borst naar de oksel toe. De ene borst kan pijnlijker zijn dan de andere, en soms is slechts één borst gevoelig. De pijn kan mild zijn: een licht ongemak. In extreme gevallen maakt de pijn het leven onaangenaam. Fietsen, joggen, het aanraken van de borsten of liggen op de borsten is pijnlijk. De pijn straalt soms uit naar de oksel of zelfs in de arm. Vrouwen met cyclische borstpijnen hebben veelal ook knobbelige borsten (zie beneden). Dit soort borstpijn komt zo vaak voor dat het niet aangezien wordt als een ziekte maar eerder als een normale reactie van het borstweefsel op veranderingen in de hormonenhuishouding.

    2. Niet-cyclische borstpijn

    De niet-cyclische borstpijn komt veel minder voor en gaat niet met de maandstonden mee. Deze pijn wordt op één bepaalde, met de vinger aanwijsbare plaats in één borst gevoeld. Daar valt al dan niet een zwelling of een verharding te voelen. De pijn is voortdurend aanwezig of periodiek, met opstoten. Deze pijn kan ook voorkomen na de menopauze. De niet-cyclische borstpijn wordt veroorzaakt door een anatomische verandering. In veel gevallen is er geen specifieke oorzaak te vinden. Pijn is een eerste teken van kanker in minder dan vijftien procent van de borstkankers. Meer voorkomende oorzaken zijn een vroeger trauma (een stoot, een biopsie), een ontsteking of een goedaardig letsel (een cyste, een uitzetting van een melkgang, een fibrocystische zone). Tenslotte zijn er pijnklachten die in de borststreek gevoeld worden maar die hun oorsprong vinden in de borstkas of die van een andere plaats in het lichaam uitstralen naar de borst. In deze gevallen is er dus geen aandoening van de borst zelf. Alvorens tot een behandeling over te gaan, moet men de oorzaak achterhalen en een borstkanker met zekerheid kunnen uitsluiten.

    Knobbelige borsten

    Men maakt een onderscheid tussen een gezwel en knobbelige borsten. Een ‘gezwel' verwijst naar een duidelijk voelbare verharding, minstens een centimeter groot, die meestal goed te onderscheiden is van het omringende borstweefsel. De plaats voelt anders aan en is met de vinger aan te wijzen. Een gezwel kan goed- of kwaadaardig zijn. Bij knobbelige borsten, daarentegen, voelen beide borsten diffuus knobbelig aan. Veel vrouwen in de vruchtbare periode hebben knobbelige borsten gecombineerd met cyclische pijn, zo vaak zelfs dat ook hier nauwelijks sprake is van een ziekte. Niettemin gebruiken artsen namen als 'ziekte van Reclus' of 'fibrocystische mastopathie' om dergelijke borsten te beschrijven. De borsten van jonge volwassen vrouwen beginnen dikwijls licht knobbelig te worden. Naar de dertig toe hebben de meeste vrouwen al voelbare knobbels. De knobbeligheid en de gevoeligheid van de borsten neemt meestal toe tot aan de menopauze en breidt zich uit over grotere gedeelten van de borsten, dikwijls aan beide kanten. Knobbelige borsten komen dus het meest voor tussen de 35 en 50 jaar. In die leeftijdsgroep heeft twintig tot dertig procent er last van: vrouwen zonder kinderen of met onregelmatige maandstonden meer, pilgebruiksters minder. Het fenomeen vermindert na een zwangerschap en borstvoeding, en het verdwijnt geleidelijk na de menopauze. Typisch is dat de grootte van de gezwellen wisselt volgens de maandstonden. Knobbelige borsten bevatten meestal uitgezette melkgangen, cysten (zie hieronder), toegenomen celdeling en bindweefselvorming. Vrouwen met knobbelige borsten zijn vaak ongerust: ze vrezen voor kanker. Ze raadplegen verschillende specialisten en hebben soms al meerdere biopsies ondergaan. Zowel het klinisch onderzoek als de mammografie en de echografie zijn moeilijk en minder betrouwbaar. Bij vrouwen vóór de menopauze worden de meeste fouten gemaakt met de diagnose van borstkanker.

    Borstcysten

    Een borstcyste is een holte gevuld met vocht die ontstaat door de verstopping van een melkgang. Men vindt ze gewoonlijk bij vrouwen tussen de 35 en de 50. Ze zijn zeldzaam na de menopauze, tenzij bij vrouwen die hormonen nemen. De kleinste zijn nauwelijks of niet voelbaar, terwijl de grootste zeven centimeter of groter worden. Ze kunnen plots opkomen en zijn dan vaak pijnlijk. Andere cysten worden langzaam groter. Hun grootte kan schommelen op het ritme van de maandstonden. Cysten zijn meestal scherp begrensd en ze hebben een gladde oppervlakte. Ze kunnen pijnlijk zijn: spontaan, of wanneer erop gedrukt wordt. Ze zijn vooral pijnlijk als ze snel groeien of rond de maandstonden. Een echografie is het meest aangewezen om het onderscheid te maken tussen een cyste en een vast gezwel. Dikwijls ziet de echografist verschillende cysten die niet voelbaar zijn. Bij een punctie komt er een veranderlijke hoeveelheid vocht uit de cyste. Dat vocht ziet er meestal vies, geelgroen, bruin of grijs uit, soms helder geel, een andere keer melkachtig. Na het leegzuigen kan het gebeuren dat de cyste niet meer terugkeert. In andere gevallen komt ze vlug terug. Een cyste is niet kwaadaardig en moet dan ook zelden verwijderd worden. Niets garandeert dat er zich na het verwijderen van een cyste later geen andere zullen ontwikkelen.

    Fibroadenoom of "Borstmuis"

    Een fibroadenoom is een vast gezwel dat bestaat uit bind- en klierweefsel. Het voelt aan als een hard bolletje, 1 tot 2 cm groot, zoals een knikker. Uitzonderlijk kan het tot 5cm groot worden. Het is goed beweegbaar, doet geen pijn en fluctueert niet met de maandstonden. Het komt vooral voor bij jonge vrouwen van 15 tot 30 jaar. Een vrouw kan één of meerdere fibroadenomen hebben. Bij het ouder worden verschrompelt en verkalkt een fibroadenoom als het ware. Fibroadenomen kunnen ook vanzelf verdwijnen. Op een mammografie ziet het fibroadenoom eruit als een scherp omschreven ronde of ovale massa (witte vlek). Omdat sommige borstkankers een gelijkaardig beeld vertonen, is de mammografie niet absoluut betrouwbaar. Een klein hard knobbeltje in de borst van een meisje van twintig, is praktisch zeker een fibroadenoom. Een echografie is het eerste en dikwijls het enige onderzoek. Een mammografie is uiterst zelden aangewezen bij een vrouw onder de 25 jaar. Meestal is de mammografie op die leeftijd trouwens kwalitatief waardeloos. Enkel weefselonderzoek (naaldbiopsie of mammotoom) kan bewijzen dat het gezwel een fibroadenoom is. Een fibroadenoom is onschadelijk. Het gebeurt zelden dat het kwaadaardig wordt. Strikt gezien hoeft het dus niet verwijderd te worden zolang men er zeker van is dat het om een fibroadenoom gaat. Men zal het verwijderen als het blijft groeien of als de vrouw er toch ongerust over is. Oude, verkalkte fibroadenomen moeten niet verwijderd worden. Kleine fibroadenomen kunnen zonder litteken verwijderd worden met de mammotoom.
    Dr. A. Clarysse Senoloog - Oncoloog Voor meer informatie over het borstonderzoek klik op http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf 3/2007



    >> Reageer (0)
    19-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Tepelverlies - Wat betekent het?

    Tepelvochtverlies

    Tepelvochtverlies kan een volstrekt normaal verschijnsel zijn of een teken van een onderliggend letsel dat zowel goed- als kwaadaardig kan zijn. Tepelvochtverlies is zelden een teken van kanker, maar het kan.

    Om de oorzaak van het vochtverlies te achterhalen, is het nuttig om een aantal vragen te beantwoorden. Komt het vocht wel degelijk uit de melkgangen die in de tepel uitmonden of wordt het verward met vochtverlies als gevolg van een oppervlakkig letsel van de tepel, zoals eczeem of een ingetrokken tepel waarin zich wat zweet en vocht heeft opgehoopt? Komt er vocht uit beide tepels of slechts uit één? Komt het vocht steeds uit één bepaalde melkgang of uit verschillende? Gebeurt het vochtverlies spontaan of enkel door de tepel te melken. Bij spontaan verlies zal er een vlekje te zien zijn op de beha of op het nachtkleed. Geforceerd vochtverlies is zelden een reden tot ongerustheid. Voelt u een gezwel in de tepel of in de borst? In dat geval zal het verdere onderzoek uitgevoerd worden zoals voor een borstgezwel. Hoe ziet het vocht eruit? Is het bloederig? Welke kleur heeft het? Tepelvocht kan allerlei kleuren aannemen: kleurloos waterig, geel, bruin, groen of zwart. Het uitzicht van het vocht helpt niet zoveel in het achterhalen van de oorzaak. Een bloederig vocht kan even goed veroorzaakt worden door een goedaardig als door een kwaadaardig letsel.  Kan het vochtverlies uitgelokt worden door op een bepaalde plaats in de tepelhof of de borst te drukken.

    Vochtverlies uit beide tepels kan hormonaal zijn. Het komt wel vaker voor rond de puberteit, na het stopzetten van borstvoeding of rond de menopauze. Het kan ook veroorzaakt worden door de inname van bepaalde geneesmiddelen of door aandoeningen van de schildklier, van de bijnieren of van de hypofyse (bijvoorbeeld een prolactine-adenoom). Deze laatste aandoening veroorzaakt veelal ook het uitblijven van de maandstonden. 

    Spontaan vochtverlies uit één bepaalde melkgang wijst op een plaatselijke aandoening van dit melkkanaaltje. De voornaamste oorzaken zijn melkgangpoliepjes, uitzetting van een melkgang, een borstkanker of een voorstadium van kanker.

    Verder onderzoek dringt zich dan op bij een ervaren radioloog – echografist. Er kan ook wat

    vocht getest worden op de aanwezigheid van abnormale cellen en van bloed. Vóór de komst van de echografie werd een galactografie uitgevoerd: een foto van de melkgang waaruit het vocht komt. De radioloog brengt daartoe, met behulp van een vergrootglas, een fijn buisje in de zieke melkgang in. Er wordt een kleurstof ingespoten en een mammografie gemaakt. Zo kan de structuur van de melkgangetjes worden bestudeerd en het letsel worden opgespoord dat het abnormale vochtverlies veroorzaakt.

    Foto 1: voorbeeld van vochtverlies, was in dit geval veroorzaakt door een goedaardige poliep.
    Foto 2: bloederig tepelverlies veroorzaakt door een borstkanker

    Klik op 
    www.bsmo.be/borstonderzoek.html voor een diapresentatie over het borstzelfonderzoek en de verschillende technische onderzoeken van de borsten,  U ziet er o.a. enkele voorbeelden van tepelverlies. 
     

     Dr. A. Clarysse Senoloog - Oncoloog (4/2007)






    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verdachte veranderingen in een borst

    Tekenen van borstkanker

     

    Het meest voorkomend is een verharding in de borst die door de vrouw zelf, toevallig of tijdens een zelfonderzoek ontdekt wordt. Die bevindt zich veelal onder de tepel of in het gedeelte naar de oksel toe.  Meestal voelt het gezwel duidelijk harder dan het omringende borstweefsel.  De verharding wordt geleidelijk groter en schommelt niet met de menstruatie.

    In het begin is een borstkanker meestal niet pijnlijk, tenzij hij snel groeit. Gevorderde kankers kunnen pijn veroorzaken wanneer ze de omgevende normale weefsels aanvreten of als ze gepaard gaan met een ontstekingsreactie. Het feit dat een borstkanker meestal niet pijnlijk is, leidt dikwijls tot een valse geruststelling. Veel vrouwen denken immers dat de verharding die ze voelen niet ernstig kan zijn omdat ze geen pijn hebben.  Sommige vrouwen gaan te laat naar de dokter met het argument 'Dokter, het deed geen pijn' of 'Het is vanzelf gekomen en ik dacht dat het vanzelf zou weggaan'.  Een verharding die voor het eerst gevoeld wordt na de overgang is zeer verdacht.

     

    Andere afwijkingen

    Afhankelijk van zijn ligging veroorzaakt een kanker, naarmate hij groter wordt, zichtbare afwijkingen in de borst. Een zichtbare verandering in het uiterlijk van de borst duidt vaak op een kwaadaardig letsel.

     

    Een lijnvormige inkeping in de huid of een afvlakking van de huid zijn verdacht.

    Ook verdacht is een verandering van de omtreklijn van de borst, die in de onderste helft soms alleen zichtbaar is met opgegeven armen. Een gezwel dat oppervlakkig gesitueerd is of vrij groot is geworden, kan een zichtbare welving veroorzaken,

               

    Als het gezwel in de buurt van de tepel ligt, kan er eerst een afvlakking zijn en later geleidelijk een intrekking van de tepel, waarbij die soms volledig verdwijnt. Opgelet! Er zijn vrouwen die reeds jaren een goedaardige intrekking of inkeping van de tepel hebben, soms aan beide kanten. Die is vaak omkeerbaar, wat betekent dat men de tepel met de vingers of met een zuigpompje terug kan halen. Bij een kwaadaardige intrekking is dat niet het geval.

    Soms verandert het niveau of de oriëntatie van de tepel.  De ene kijkt naar het noorden en de andere naar het  oosten. Er kan wat vochtverlies zijn van de tepel, al komt dit meer voor bij goedaardige aandoeningen van de borst. Meer verdacht is bloederig tepelverlies. De ziekte van Paget is een borstkanker die begint in de melkgangen net onder de tepel. Hij breidt zich uit naar de huid van de tepel en de tepelhof. Hij manifesteert zich dan als een huidirritatie, een soort eczeem of korstvorming met jeuk, een branderig gevoel met vocht- of bloedverlies. Deze zeldzame kanker kan vrij verraderlijk zijn en wordt soms lang niet onderkend of verkeerd behandeld.

     

    Als de borstkanker niet behandeld wordt breiden de afwijkingen zich uit. De huid van de borst neemt soms het uiterlijk aan van een sinaasappel. In de huid boven het gezwel kan zich een licht rode of roodpaarse verkleuring ontwikkelen of een verharding door rechtstreekse aantasting van de huid.  In vergevorderde kankers kan de hele borst groter worden. In andere gevallen wordt ze geleidelijk kleiner en harder.

     

    Nu worden ook meer kankers vastgesteld tijdens bevolkingsonderzoek.  Vermits deze veelal in een vroegtijdig stadium ontdekt worden veroorzaken ze meestal geen zichtbare of voelbare veranderingen in de borst.

     

    Op   http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf   staat een diapresentatie die een aantal veranderingen in de borst veroorzaakt door kanker illustreren. Een foto zegt dikwijls veel meer dan een beschrijving.
    Dr. A. Clarysse Senoloog - Oncoloog (3/2007)


    >> Reageer (0)
    18-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hoe wordt een borstafwijking onderzocht ?

    Wanneer een twijfelachtig of verdacht letsel in uw borst ontdekt wordt, moet verder onderzoek uitmaken of het al dan niet kwaadaardig is en of het moet worden verwijderd. Voor veel vrouwen zijn het angstige dagen: er kan niet vlug genoeg een antwoord komen, en er wordt vaak paniekerig gereageerd. Sommige artsen plannen inderhaast een operatie, soms al de volgende dag. Ook in deze situatie geldt grootmoeders gezegde: 'haast en spoed is zelden goed'. U kunt het best een week de tijd nemen om u degelijk te laten onderzoeken en u te documenteren alvorens er ingegrepen wordt.

    Wanneer raadplegen?

    Als u een van de volgende veranderingen vaststelt. Een intrekking van de tepel of vochtverlies uit de tepel. Eczeem of korstvorming van de tepel of de tepelhof. Een inkeping, afvlakking of welving van de huid van de borst of een verandering in de omtreklijn. Een gezwel, knobbel of harde schijf in de borst. Pijn, steken of een zwaartegevoel. Een volumetoename of -afname, of een globale verharding van de borst. Een zich ontwikkelende roodheid, warmte of oedeem van de huid (sinaasappelhuid). Gezwellen of klieren in een oksel. Een abnormale mammografie.

    Wie raadplegen?

    Als er zich veranderingen voordoen in de borst zal het onderzoek door uw huisarts alleen wellicht niet volstaan. Het klinisch onderzoek kan misschien de aanwezigheid van een afwijking bevestigen maar er zijn bijkomende technische onderzoeken nodig zijn om de natuur en de ernst van de afwijking te bepalen. U wordt best verwezen naar een geneesheer die gespecialiseerd is in borstaandoeningen, liefst in een borstcentrum. Dit is een consultatie in een ziekenhuis die speciaal uitgerust is voor onderzoek en behandeling van borstaandoeningen. Dat lijkt me de ideale situatie omdat er bij de diagnose en de behandeling van borstaandoeningen verschillende specialisten te pas komen: een clinicus, een radioloog, een expert in de echografie en in het MR-onderzoek, een patholoog, een chirurg, een plastisch chirurg, een oncoloog, een radiotherapeut en eventueel een specialist in erfelijkheidsonderzoek. Deze verschillende specialisten moeten met elkaar samenwerken en overleggen, en dat is uiteraard een stuk makkelijker als ze binnen hetzelfde ziekenhuis werkzaam zijn. Een groot en gespecialiseerd centrum beschikt bovendien over de beste apparatuur en de nodige ervaring. Natuurlijk zal niet iedere vrouw met een borstprobleem met al die specialisten in contact komen, zeker niet als het goedaardig is. In geval van borstkanker kan het wel gebeuren. Het is dan ook belangrijk dat één arts zich over u ontfermt en zorgt dat u niet verloren loopt tussen al die specialisten.

    Het Klinisch Borstonderzoek door een arts: kijken en voelen

    De arts die u raadpleegt zal u eerst enkele vragen stellen in verband met uw borsten. Wat zijn uw klachten, hoe lang zijn die er al, nemen ze toe, veranderen ze met de maandstonden, had u vroeger al eens gelijkaardige klachten? Had u eerder al borstaandoeningen, puncties of operaties? Hebt u ooit mammografieën of echografieën gehad? Werden toen afwijkingen gesignaleerd? Zijn de foto's en resultaten van die vroegere onderzoeken in uw bezit?

    Verder zal hij ook nagaan of u een verhoogd borstkankerrisico heeft. Hiervoor doet hij navraag over gevallen van borstkanker en andere kankers in uw familie, het gebruik van de pil of andere hormonen. Hoe oud was u bij de eerste menstruatie, de menopauze, de eerste en de laatste bevalling? Hoeveel kinderen hebt u? Hebt u borstvoeding gegeven, en hoe lang? Verder stelt hij vragen in verband met uw leefwijze, voeding, roken en alcoholverbruik.

    Het onderzoek van uw borsten door een arts, of het klinisch onderzoek, is het eerste. Het is een moeilijk onderzoek dat veel ervaring vergt, vooral bij jongere vrouwen. De arts bekijkt uw borsten in verschillende houdingen. Daarna worden ze afgetast terwijl u zit en terwijl u ligt. Er wordt nagegaan of er klieren zijn in de oksels en de hals. Bij een vermoeden van borstkanker volgt een volledig internistisch onderzoek om uitzaaiïngen op te sporen.

    Het klinisch onderzoek is nooit voldoende om met zekerheid een kanker uit te sluiten. De clinicus beslist welke technische onderzoeken moeten worden uitgevoerd om tot een zekerheidsdiagnose te komen. De meest gebruikte zijn de mammografie, de echografie en een weefselonderzoek.

    De mammografie

    Bij een mammografie worden röntgenfoto's genomen van de borsten. Elke borst wordt afzonderlijk tussen twee platen gedrukt in drie verschillende richtingen. Het onderzoek kan onaangenaam zijn bij vrouwen met gevoelige borsten. De kwaliteit van de mammografische beelden is veel verbeterd, o.a. met de digitale mammografie. De radioloog zal, indien nodig, detailfoto's maken van een twijfelachtige zone. Laat geen puncties uitvoeren tot na de mammografie. De weefselreactie die door de punctie veroorzaakt wordt, kan het mammografisch beeld wijzigen.

    Bewaar uw mammografieën altijd. Ze kunnen zeer nuttig zijn ter vergelijking, als later een afwijking wordt vastgesteld. Als die onveranderd teruggevonden wordt op de vorige foto's, is er veel kans dat het letsel goedaardig is en dat het niet moet worden verwijderd.

    De mammografie is momenteel de beste techniek voor het opsporen van borstkanker, individueel of tijdens een bevolkingsonderzoek. Kankers kunnen ontdekt worden zes maanden tot drie jaar vóór ze voelbaar zijn of vóór er klachten zijn.

    De normale mammografie: Als de foto's met de nodige zorg genomen werden, zijn de beelden van beide borsten praktisch elkaars spiegelbeeld. De mammografische beelden van de normale borst variëren volgens de samenstelling van de borst. Bij jonge vrouwen zorgt het overvloedige klier- en steunweefsel voor veel witte schaduwen. Naarmate de vrouw ouder wordt en vet de plaats inneemt van het klier- en steunweefsel, worden de beelden eerder zwartgrijs. De meeste borstaandoeningen geven ook witte schaduwbeelden. Ze zijn dus veel makkelijker zichtbaar bij oudere vrouwen. Bij jonge vrouwen worden nogal eens fouten gemaakt omdat een kanker dikwijls gemaskeerd wordt door het dichte klier- en steunweefsel.

    De echografie

    Het echografisch onderzoek werkt niet met radioactieve stralen. Onhoorbaar hoge geluidsgolven worden door het borstweefsel gestuurd. De specialist tast de borsten af met een sonde, nadat ze met een gel ingesmeerd werden. Het onderzoek duurt een tiental minuten en is meestal niet pijnlijk. Het resultaat is sterk afhankelijk van de gebruikte apparatuur en van de ervaring van de onderzoeker. De echografie is vooral bedoeld om een plaatselijke afwijking te bestuderen. Een echografie geeft geen globaal beeld van de borst op één foto, maar bestaat uit verschillende foto's van delen van de borst.

    Het echografisch onderzoek is aangewezen bij vrouwen die een klacht hebben of een afwijking vertonen bij het klinisch onderzoek of op een mammografie. Ook bij vrouwen met knobbelige borsten met een dichte weefselstructuur, waarbij de mammografie weinig betrouwbaar is, kan een echografie nuttig zijn, net als bij zwangere vrouwen, om de bestraling van de foetus te vermijden. In veel gevallen vullen de mammografie en de echografie elkaar aan.

    De echografie is zeer geschikt om borstcysten, holten gevuld met vocht, te onderscheiden van vaste gezwellen . De echografist kan ze, indien nodig, makkelijk volledig leegzuigen. Het echografisch onderzoek zal beter dan een mammografie een abcesvorming aantonen bij een ontsteking in de borst. Bij tepelvochtverlies toont de echografie geregeld afwijkingen in de melkgangen. Een ervaren echografist kan dikwijls een onderscheid maken tussen goedaardige en kwaadaardige gezwellen. Hij kan een naaldbiopsie nemen van allerlei letsels. Zo'n onderzoek is praktisch even betrouwbaar als een heelkundige biopsie, maar veel minder ingrijpend (geen litteken) en veel goedkoper.

    De verschillende klierstreken rond de borst kunnen met een echografie onderzocht worden. Met de echo kleurendoppler wordt de bloedvoorziening van een borstafwijking bestudeerd. Een borstkanker heeft, in vergelijking met een goedaardig letsel, meestal veel meer en abnormaal kronkelige bloedvaten.

    Magnetische resonantie (MR) of kernspintomografie

    Magnetische resonantie of kernspin-tomografie is een nieuwe techniek waarbij geen straling wordt gebruikt. De apparatuur is vrij duur en enkel in grotere ziekenhuizen in gebruik. Bij MR wordt de patiënte liggend op de buik, met neerhangende borsten, in een tunnelvormig apparaat geschoven. Dat kan een probleem zijn voor vrouwen die zwaarlijvig zijn of aan claustrofobie lijden.

    Het MR-onderzoek is niet geschikt voor bevolkingsonderzoek. Het is alleen aangewezen bij vrouwen met afwijkingen in het klinisch onderzoek, de mammografie of de echografie. Het is dus een aanvullend onderzoek om in moeilijke gevallen meer duidelijkheid te brengen. Het MRI-onderzoek kan, net als de overige borstonderzoeken, niet alle borstkankers ontdekken. Een normaal MR-onderzoek sluit kanker nooit met honderd procent zekerheid uit. Het MRI onderzoek wordt ook aanbevolen voor screening van vrouwen die erfelijk belast zijn.

    Het Weefselonderzoek

    Bij de meeste borstafwijkingen komt men pas tot een definitieve diagnose door een stukje van de abnormale zone onder de microscoop te onderzoeken, d.i. is weefselonderzoek of een biopsie. Dit gebeurt onder echografie of mammografie controle om zeker te zijn dat weefsel uit de verdachte plaats genomen wordt en gebeurt met een naald (naaldbiopsie) of de mammotoom.

    Naaldbiopsie

    Na een lokale verdoving wordt een dikkere naald in het borstletsel ingebracht, waardoor een stukje weefsel (2 x 20 mm onderzocht kan worden.

    Mammotoom

    Met een mammotoom kan nog veel meer weefsel verwijderd worden uit de borst. Kleine letsels kunnen zelfs volledig verwijderd worden (niet aanbevolen voor borstkankers). De vrouw ligt op de buik op een speciale tafel met een holte waarin de borsten afhangen. Het onderzoek gebeurt, computer gestuurd, onder lokale verdoving. Met een zuigapparaat wordt weefsel uit de borst verwijderd.

    Vroeger werd dikwijls weefsel bekomen tijdens een operatie door een stukje te nemen uit de verdachte zone (incisie-biopsie) of door het letsel/gezwel volledig te verwijderen (excisie). Ik raad dit niet meer aan.

    Besluit
    De arts moet vertrouwd zijn met de interpretatie, de waarde en de beperkingen van elk onderzoek. Geen enkele test, met uitzondering van het weefselonderzoek, is voor honderd procent betrouwbaar. Een normale mammografie, echografie, MR of fijne naaldpunctie sluit een borstkanker nooit volledig uit, vooral niet bij jongere vrouwen. Veel borstkankers zijn bij jonge vrouwen niet zichtbaar op de mammografie. Vraag een tweede opinie als u een duidelijke afwijking voelt terwijl de onderzoeken zogezegd geen letsel aantonen.

    Laat u niet inderhaast opereren zonder dat u vooraf zorgvuldig onderzocht werd. Dat is vooral belangrijk als het letsel een kanker is. Men kan dan een definitieve borstkankerbehandeling en kankeroperatie plannen. U zult niet wakker worden met een onverwachte amputatie waarvan nooit sprake geweest is vóór de operatie. In sommige gevallen van borstkanker kan het beter zijn om niet onmiddellijk te opereren, maar de operatie voor te bereiden met chemotherapie.

    Als één test (de mammografie, de echografie, het naaldaspiraat of de MR) positief of verdacht is, moet worden geopereerd; zelfs al zijn alle andere tests negatief.

    Soms kan borstkanker zich snel ontwikkelen, vooral bij jonge vrouwen. Het gebeurt nogal eens dat een vrouw die zich regelmatig laat onderzoeken door b.v. haar gynaecoloog plots, een kanker ontwikkelt. Die vrouw kan dan niet goed begrijpen dat de kanker niet vroeger ontdekt werd. Ze voelt zich bedrogen: 'Ik ben altijd op controle geweest, wat kon ik nog meer doen - en toch die grote kanker.'

    Op de site http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf staat een diapresentatie met talrijke afbeeldingen die het onderzoek van de borsten verduidelijken. (3/2007)

    Dr. A. Clarysse Senoloog - Oncoloog


    >> Reageer (0)
    17-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Behandeling van Borstkanker

    De behandeling van een borstkanker

    Het hoofddoel van de behandeling van een borstkanker is genezing. Een tweede doelstelling is het behoud van de borst, tenminste als dat mogelijk is zonder de genezingskansen in het gedrang te brengen. Om een borstkanker te kunnen genezen moet al het kwaadaardige weefsel verwijderd of vernietigd worden. Dus niet alleen de tumor in de borst, maar ook eventuele uitzaaiingen in de lymfeklieren of op andere plaatsen in het lichaam.

    Borstkanker kan behandeld worden met een operatie, bestraling, chemotherapie en hormoontherapie. Meestal worden combinaties van verschillende behandelingen gebruikt, met andere combinaties voor elk individueel geval. Operatie en bestraling zijn lokale behandelingen die alleen effect hebben op de plaats waar ze toegepast worden. Chemotherapie en hormoontherapieën worden 'systeem behandelingen' genoemd omdat ze via het bloed overal in het lichaam terechtkomen.

    De verschillende stappen in de behandeling:

    De behandeling gebeurt stapsgewijs. Eerst moet de diagnose van borstkanker gesteld worden. Vervolgens is er een reeks onderzoeken (foto’s, bloedonderzoeken … ook 'stagingonderzoeken' genaamd), om na te gaan of de kanker al of niet uitgezaaid is. Pas daarna kan een behandeling voorgesteld worden. In veel gevallen, maar niet altijd, is er eerst een operatie waarbij de tumor en de okselklieren (geheel of gedeeltelijk) verwijderd worden. Op de verwijderde weefsels worden na de operatie allerlei onderzoeken uitgevoerd. Die geven de oncoloog informatie over het soort borstkanker, zijn graad van agressiviteit, gevoeligheid aan hormonen, klieraantasting enzovoort. Op basis van deze informatie evalueert de oncoloog de genezingskansen (prognose) en wordt beslist of er een nabehandeling nodig is. Dat kan een bestraling zijn om te voorkomen dat de tumor in de borststreek terugkeert (lokaal recidief) en/of een nabehandeling met chemotherapie en/of hormoontherapie (adjuvante therapie) om uitzaaiingen te voorkomen. Dr. A. Clarysse (4/2007).


    >> Reageer (0)
    16-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De soorten operaties voor borstkanker
     De soorten operaties voor borstkanker.

    In de praktijk zijn er twee belangrijke: de amputatie en de borstsparende operatie. Bij beide operaties worden de okselklieren volledig of gedeeltelijk (sentinelklier) verwijderd. Na een borstsparende operatie volgt praktisch altijd een bestraling van het overblijvende borstweefsel.

    Amputatie:

    Voordeel: er kan geen kanker meer terugkeren (recidief) in de borst vermits die volledig verwijderd werd. Er kunnen zich later wel nog kankercellen ontwikkelen in de huid van de borststreek of in de oksel (lokaal of regionaal recidief). Een ander voordeel is dat u minder kans hebt om te moeten nabestraald worden.

    Nadeel: meer verminkend dan een borstsparende operatie. De verminking kan opgevangen worden door een reconstructie.

    Borstparende operatie:

    Voordeel: veel minder verminkend – hoe goed het esthetisch resultaat hangt wel af van de ervaring van de chirurg die de operatie uitvoert en van de radiotherapeut die de bestraling toepast.

    Nadeel: Vermits u de borst behoudt is het mogelijk dat er zich later nog kanker in ontwikkeld. De kans op een lokaal recidief is dus groter dan na een amputatie. Om recidief te voorkomen moet de chirurg tijdens de operatie ervvoor zorgen dat hij de kanker volledig verwijdert; ook de fijne uitlopers - met een rand normaal borstweefsel er rond. Soms is de kanker redelijk goed omlijnd. In andere gevallen breidt hij zich verder uit dan men op eerste zicht zou vermoeden of is hij omringd door een min of meer uitgebreide zone precancereus weefsel. Dit alles moet verwijderd worden. De borstsparende operatie is dus een veel delicatere ingreep dan een amputatie. U kunt dit vergelijken met het wegsnijden van een bedorven stuk uit een appel. Bij een borstkankeroperatie ligt het moeilijker, omdat de kanker geen verschillende kleur heeft. Het gezwel voelt meestal harder aan, maar er kunnen onzichtbare uitlopers zijn. Om zeker te zijn dat de tumor volledig verwijderd wordt raad ik aan dat een patholoog tijdens de operatie met een vriescoupe-onderzoek, en desnoods met mammografie van het verwijderde weefsel, controleert of de tumor volledig verwijderd wordt. Als oncoloog was ik ook altijd aanwezig bij dit onderzoek tijdens de operatie. Samen met de patholoog stond ik tijdens de operatie in verbinding met de chirurg om instructies te geven wanneer en waar hij verder moet snijden.
    Een ander nadeel is dat u moet rekening houden met een reeks bestralingen.

    Preoperatoire chemotherapie

    In sommige gevallen kan het ook voordelig zijn niet onmiddellijk te opereren, maar eerst enkele kuren chemotherapie toe te dienen. Dit kan de kanker kleiner maken zodat een borstsparende operatie mogelijk wordt, daar waar ze op eerste zicht niet mogelijk leek. Er zijn zelfs (eerder zeldzame) gevallen waar de kanker door die voorbereidende chemotherapie volledig verdwijnt en een operatie overbodig wordt; er wordt dan wel altijd nog nabestraald. Preoperatoire chemotherapie wordt ook aanbevolen bij grote kankers, b.v. als er ook aantasting is van de huid (mastitis carcinomatosa). Ik zou aanraden ook een oncoloog te raadplegen alvorens u te laten opereren.

    De voornaamste keuze gaat dus tussen een amputatie en een borstsparende operatie. In sommige gevallen dringt zich één bepaalde operatie op. In andere blijft de keuze open. Welke operatie uiteindelijk gekozen wordt, zal op de eerste plaats bepaald worden door de grootte en de situering van de tumor. De leeftijd en de algemene toestand zijn mee bepalend. Er kunnen medische problemen zijn waardoor een bepaalde operatie of bestraling niet aangewezen is. Een borstsparende operatie is b.v. af te raden in families met erfelijke borstkankers. In de mate van het mogelijke worden uw persoonlijke wensen in acht genomen. Ten slotte kan dikwijls pas tijdens de operatie beslist kan worden of een borstsparende operatie veilig is.
    Om in aanmerking te komen voor een borstsparende operatie, mag de tumor niet te groot zijn in verhouding tot het volume van borst. Als men niet zorgvuldig controleert tijdens de operatie, bestaat het gevaar dat de chirurg enkele dagen later opnieuw zal moeten opereren omdat de kanker niet volledig verwijderd werd of omdat de veiligheidsmarge rond de tumor te krap is.. Gewoonlijk eindigt deze operatie met een veel minder goed esthetisch resultaat of zelfs een amputatie. Het is duidelijk dat borstkankeroperaties het best uitgevoerd worden in grotere centra door chirurgen die veel ervaring hebben en die samenwerken met oncologen, pathologen, plastisch chirurgen en radiotherapeuten.

    Chirurgen worden nu steeds meer geconfronteerd met vrouwen waarbij een verdacht letsel ontdekt werd op een mammografie. Meestal zijn die afwijkingen niet voelbaar. Bij dergelijke gevallen wordt vóór de operatie een harpoen (een speciale naald) geplaatst vlakbij het letsel, zodat de chirurg het kan terugvinden.

    Na een amputatie zijn er verschillende technieken om later een nieuwe borst te reconstrueren. Sommige chirurgen geven er de voorkeur aan onmiddellijk een reconstructie uit voeren tijdens een amputatie. Beide methodes hebben hun voor- en nadelen.

    (1) Voorbeeld amputatie
    (2) Voorbeeld van borstsparende operatie en bestraling (rechter borst)
    (3) Voorbeeld van borstkankerbehandeling met properatoire chemotherapie en radiotherapie zonder operatie (de rechter borst van deze vrouw werd behandeld in 1990 en is nog steeds kankervrij)
    (4) Harpoennaald geplaatst voor de operatie
    (5) De punt van die fijne naald bevindt zich bij de verdachte plaats op de mammografie
    (6) Voorbeeld van een reconstructie met eigen weefsel (nieuwe linkerborst met buikweefsel)

    Voor uitleg over de vriescoupe of harpoen zie de rubriek weefselonderzoek op:  http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf   Foto's
    copyright Dr. A. Clarysse  (4/2007).














    >> Reageer (0)
    15-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wat staat er mij te wachten na een behandeling voor borstkanker
     Wat gebeurt er na een behandeling voor borstkanker?

     

    Er kunnen zich verschillende scenario's voordoen.

    1. Er gebeurt niets meer, je bent genezen.
    2. Sommige vrouwen  krijgen later terug kanker in de borststreek na amputatie of in de borst die geopereerd en bestraald werd (borstsparende operatie). Dit is een lokaal recidief. Als dit gepaard gaat met aantasting van de klieren in de oksel of onder het sleutelbeen spreekt men van een locoregionaal recidief.
    3. Een aantal vrouwen zal later uitzaaiingen (metastasen) ontwikkelen  in andere organen: longen, lever, botten, hersenen komen het meest voor.
    4. Als je pech hebt kan je later een kanker ontwikkelen in de gezonde borst (contralaterale borstkanker).

    Voorval 2 en 4 kunnen met aangepaste behandeling nog genezen. Eens er uitzaaiingen zijn in andere organen is genezing nog uiterst zelden mogelijk maar met behandeling kan dikwijls nog een vrij lange periode, soms vele jaren, levensverlenging bekomen worden, ja zelfs van vrij goede kwaliteit.

    Tachtig procent van de uitzaaiingen ontwikkelen zich in de eerste vijf jaar. Na tien jaar komen uitzaaiingen nog zelden voor, maar het kan.

    Het is duidelijk dat een vrouw na een behandeling voor borstkanker vele jaren moet onder controle blijven, liefst bij een oncoloog die vertrouwd is met die verschillende scenario’s. 

     

    Waarom moet u lang gecontroleerd worden?

    Vooral de eerste jaren na de diagnose moet u regelmatig controles ondergaan om de ontwikkeling van lokale recidieven of uitzaaiingen vroegtijdig te ontdekken. In die periode kan ook een behandeling nodig zijn van de lichamelijke en de psychische gevolgen van de ziekte of van haar behandeling: arm- en schouderklachten of psychosociale problemen. Het is ook de periode dat veel patiënten aan een borstreconstructie denken.

    Hoewel vijf tot tien jaar na de operatie het gevaar voor recidieven en uitzaaiingen gering wordt, is verder een jaarlijkse controle wenselijk wegens het blijvende risico voor aantasting van de andere borst. Zoals iedere vrouw moet je die blijven zelf onderzoeken en laten onderzoeken. Zie  http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf  Dr. A. Clarysse Senoloog-Oncoloog  (4/2007)

     






    >> Reageer (0)
    14-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wanneer genezen van kanker?

    Ik lees in een krant het verhaal van een man bij wie 7 maanden geleden een longkanker werd vastgesteld. Nu reeds kreeg hij blijkbaar te horen dat hij genezen is. Overgelukkig doet hij zijn verhaal onder de titel “Genezen van kanker!”.  Ik wil die man niet ontmoedigen. Wellicht zal hij dit nooit lezen. Wel wil ik er op duiden dat niemand zo kort na de behandeling van een kankerpatiënt kan bevestigen dat hij/zij genezen is. Het kan zijn dat die man genezen is maar men kan dit niet zwart op wit bevestigen. Als alle onderzoeken normaal uitvallen kan gezegd worden dat er geen aanwijzingen van kanker zijn.  Die testen kunnen evenwel niet uitsluiten dat er nog microscopisch kankercellen aanwezig zijn die in de toekomst herval zullen veroorzaken. Als die man in de eerste 5 jaar niet hervalt kan men beginnen denken aan genezing. Voor borstkanker moet men zelfs langer wachten. Ervaring leert dat borstkanker soms vele jaren na de oorspronkelijke behandeling nog hervalt. Als een vrouw 5 jaar na de behandeling tumorvrij blijft heeft ze 80% kans dat ze genezen is. Tien jaar tumorvrij betekent 90% kans op genezing; 20 jaar tumorvrij geeft 99% kans op genezing. Dr. A. Clarysse. (4/2008)


    >> Reageer (0)
    13-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Een borstreconstructie met eigen weefsel
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Vrouwen die een amputatie moeten ondergaan, omdat een borstsparende operatie niet mogelijk of niet veilig is, kunnen een nieuwe borst laten maken. De laatste jaren wordt daarvoor steeds meer eigen weefsel gebruikt; meestal het vetweefsel van de buik: de z.g.n. TRAM-operatie. Onlangs werd daarvoor een terugbetaling voorzien. Die operatie kan ofwel onmiddellijk uitgevoerd worden, dus terzelfdertijd met de amputatie, ofwel op een later tijdstip. Ik adviseerde de uitgestelde operatie om de aanvang van de nabehandeling (chemotherapie en / of radiothearpie) niet te lang te moeten uitstellen. Een TRAM-reconstructie is een zware operatie, die een paar maanden recuperatie vergt en meerdere ingrepen vereist, als er geen verwikkelingen zijn. Alvorens deze operatie aan te gaan moet u vooral nagaan hoeveel ervaring de chirurg heeft en hoeveel de operatie zal kosten. Hou er ook rekening mee dat het in elk geval minder mooi zal zijn dan het origineel en dat de operatie ook nieuwe littekens meebrengt.

    De foto (klik erop voor groter formaat) illustreert de verschillende etapes bij een goed-ontwikkelde vrouw. De reconstructie werd uitgevoerd 2 jaar na de amputatie (foto 1). In een eerste stap werd een nieuw borstvolume gemaakt van het buikvet (2). Het litteken op de onderbuik is niet te onderschatten (3). Bij deze vrouw (52j) werd vervolgens de linkerborst aangepast aan de nieuwe (4). In een laatste fase werden tepels nagebootst (5).
    Dr. A. Clarysse (4/2008)


    >> Reageer (0)
    12-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De dikke arm na een operatie voor borstkanker
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     Het arm-oedeem

     Een zwelling van de arm (lymf-oedeem) aan de geopereerde zijde is een van de meer gevreesde complicaties van een borstkankeroperatie. De okselklieren voeren het lymfevocht van de arm en de schouder- en borststreek terug naar de bloedcirculatie. Als ze verwijderd werden, moet het lymfevocht via omwegen in de bloedsomloop raken. Lukt dit niet, dan ontstaat er zwelling van de arm.

     

    De ernst van het armzwelling is zeer wisselend. Bij lymfoedeem kan er ofwel alleen zwelling zijn van de handrug, of alleen van de voorarm, of alleen van de bovenarm. In andere gevallen is de hele arm gezwollen. Hij voelt dan strak, gespannen aan en wordt steeds zwaarder en moeilijker te gebruiken. Soms zijn er tintelingen. De zwelling kan nauwelijks zichtbaar zijn, of tot meer dan tien centimeter verschil in omtrek veroorzaken. Een verschil van drie centimeter of meer is meestal reeds duidelijk zichtbaar. In mijn praktijk had 90 procent van de patiënten geen zwelling van de arm. Slechts vier procent had een contourverschil van meer dan 2,5 centimeter. <

    De zwelling neemt gedurende een zekere tijd langzaam toe, om zich dan uiteindelijk op een bepaald niveau te stabiliseren. In het begin is het oedeem nog omkeerbaar, het is nog zacht en men kan er met de vinger een putje in drukken. Blijft het oedeem onbehandeld, dan zal het geleidelijk harder worden door de ontwikkeling van bindweefsel. Het wordt dan onomkeerbaar en permanent.

    De zwelling kan optreden kort na de operatie of pas jaren later. 75 procent van de vrouwen die armzwelling ontwikkelen doen dit binnen het jaar. Het komt nog zelden voor 4 jaar na de operatie. Het wordt zelden veroorzaakt door een  hervallen van de kanker.

     

    Een arm-oedeem voorkomen

     

    Om een arm-oedeem te voorkomen, moet u vermijden om uw arm te laten 'hangen' terwijl u een last draagt. Laat bij het wandelen desnoods uw arm rusten in de zak van uw jas. Vermijd het dragen van een zware koffer of boodschappentas. Gebruik een reiskoffer op wielen of een caddie. Laat het tillen van zware gewichten, meubels en dergelijke aan anderen over. Een zware borstprothese kan uitzonderlijk de af vloeiing van lymfevocht belemmeren.

    Lang dezelfde beweging uitvoeren of de arm overmatig gebruiken, kan de zwelling in de hand werken. Als u na bijvoorbeeld breien, strijken, schilderen, behangen, dweilen, aardappelen schillen, tuinieren of ruiten wassen, merkt dat uw arm of een deel ervan gezwollen is, dan moet u die taken ofwel laten, ofwel meer opsplitsen. Vermijd activiteiten waarvan u weet dat ze de zwelling veroorzaken. Zoek het risico niet op, want bij een oedeem weet men wel wanneer het begint, maar niet wanneer het eindigt. Als u niet voorzichtig bent, raakt u er nooit van af.

    Blijf niet te lang in de zon, onder de zonnebank, in een te warm bad of sauna.

    Vermijd verwondingen, vooral vuile wondjes en insectenbeten. Als de oksel klieren verwijderd zijn, biedt de arm minder weerstand tegen ontsteking. Een kleine verwonding aan de kant van de operatie zal vlugger ontsteken. Elke open wonde moet onmiddellijk ontsmet worden. Ze kan het begin zijn van een plotse zwelling van de arm. Bij tuinarbeid, werken met bijtende producten of bij werkzaamheden in water (wassen, afwassen) gebruikt u het best beschermende handschoenen om schrammen te vermijden. Gebruik een vingerhoed bij het naaien. Draag ovenhandschoenen bij het koken. Ze helpen brandwonden te voorkomen. Wees voorzichtig bij het manicuren en scheer uw oksels het liefst met een elektrisch apparaat. Laat bij voorkeur bloed afnemen en vaccinaties of inspuitingen geven in de gezonde arm.

    Omstandigheden die de circulatie in de arm afsnoeren, moeten worden vermeden. Draag geen spannende elastische mouwen, armbanden of horloges, of een zware schoudertas. Slaap niet op de geopereerde arm. Laat uw bloeddruk nemen aan de gezonde kant.

    Laat u niet afschrikken door die lange lijst van wat wel en niet kan.

    U kunt de indruk krijgen dat het leven vol hinderpalen is. In werkelijkheid is het nu ook niet zo erg. Mijn persoonlijke ervaring is dat het hoofdzakelijk het overmatig gebruik is van de arm dat de zwelling uitlokt. Auteurs die schrijven dat u 'nooit' een inspuiting mag krijgen of nooit bloed mag laten nemen aan de geopereerde kant, vergeten dat tien procent van de vrouwen met borstkanker later een kanker krijgen in de andere borst. Ik heb 54 vrouwen onder behandeling gehad die beiderzijds geopereerd werden, en waar dus steeds chemotherapie toegediend werd, bloed afgenomen werd - in een arm zonder okselklieren. Dat alles zonder speciale problemen. Let dus op, maar vertoon geen hysterisch gedrag.

     

    De behandeling van arm-oedeem

    Lymf-oedeem voorkomen is beter dan het te behandelen. Na een ernstige langdurige zwelling kan niet veel resultaat van een behandeling verwacht worden.

    Bij ieder controlebezoek op mijn afdeling werd de armomtrek op verschillende plaatsen gemeten en vergeleken met de gezonde arm.

     

    Laat, tussen controles in, thuis van tijd tot tijd uw armomtrek meten. Zodra er een verschil van twee of drie centimeter is, naargelang uw lichaamsbouw, wordt er ingegrepen.  Neem extra tijd om uw arm geregeld te laten rusten in hoogstand (rustend op een kussen). Slaap desnoods in deze positie.  Het dragen van een spannende elastische kous en een afzonderlijk handje, op maat gemaakt, kan het oedeem voorkomen, verminderen of stabiliseren. Draag beide zoveel mogelijk, zeker voor activiteiten die met een toename van het oedeem gepaard gaan. Sommige vrouwen die de kous overdag niet willen dragen, slapen ermee. Men kan ook de arm laten inzwachtelen met een al dan niet elastisch verband.

    Met een drukapparaat kan druk uitgeoefend worden op de gezwollen arm. Er zijn verschillende modellen. Het hoofdonderdeel is een wijde mouw waarin de arm ingebracht wordt. De mouw wordt onder druk opgeblazen, wat het vocht uit de arm terug in de circulatie perst. Die apparaten zijn nuttig bij een beginnend oedeem. Zodra de zwelling verhard is, kan er niet zoveel meer van verwacht worden. Na de behandeling moet u een kous dragen. Die toestellen worden gekocht of gehuurd.

     

    Manuele lymfdrainage volgens Vodder is een tijdrovende therapie, zowel voor de patiënte als voor de therapeut(e). Met bepaalde handbewegingen duwt die het vocht weg uit de arm. De bedoeling is om nieuwe verbindingswegen mechanisch te creëren en smalle lymfwegen te verbreden. Deze behandeling geeft zelden indrukwekkende resultaten. Sommige vrouwen voelen zich beter met lymfedrainage, al ziet men geen meetbare afname van de zwelling. Om nuttig te zijn, moet de drainage heel vroeg bij het ontstaan van het oedeem worden begonnen. De behandeling duurt minstens drie maanden, met een behandelingsfrequentie van twee- tot driemaal per week.

    Zoutbeperking en waterafdrijvende geneesmiddelen worden aanbevolen, maar leveren op zichzelf meestal weinig resultaat. Sommige medicamenten veroorzaken een resorptie van het oedeem. Het zijn langdurige behandelingen. Uw arts kan ze voorschrijven.

    Sommige chirurgen opereren op de gezwollen arm. Er zijn ingrepen waarbij nieuwe verbindingen gemaakt worden tussen het verstopte gebied en een lymf- of bloedvat dat goed gedraineerd wordt. Anderen verwijderen vetweefsel of nemen hun toevlucht tot liposuctie.  Verwacht geen spectaculaire resultaten met operatie voor armzwelling die reeds lang aanwezig is.

     

    De complicaties van een arm-oedeem

    De gezwollen arm biedt minder weerstand tegen ontstekingen. Met of zonder zichtbare verwonding kan een vrouw met arm-oedeem plots rillingen krijgen, kort daarop gevolgd door koorts en pijn in de arm die meer gezwollen is en rode strepen vertoont (lymfangitis). Er moet onmiddellijk een antibioticum toegediend worden. Gelukkig komt dit niet zoveel voor. Wie eenmaal lymfangitis gehad heeft, kan het later makkelijker opnieuw krijgen.

    Soms kunnen de zenuwen van de arm lijden onder de druk van het lymfoedeem met als gevolg de verzwakking o[ verlamming van de armspieren, het zogenaamde plexus-brachialissyndroom.

     

    In uiterst zeldzame gevallen kan een lymfangiosarcoom ontstaan in de gezwollen arm. Dit is een soort kanker die meestal pas ontstaat na een arm-oedeem dat er al vele jaren is, gemiddeld tien jaar. 
    De foto toont een extreem voorbeeld van dikke arm bij een vrouw die na de operatie zwaar werk bleef verrichten waartegen de arm niet opgewassen was. 10 jaar lymfedrainage was zonder enig effect.

    Foto copyright Dr. A. Clarysse
    A. Clarysse Senoloog - Oncoloog  (4/2007)

     


    >> Reageer (0)
    07-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Borstkanker de voornaamste doodsoorzaak bij vrouwen 40-69 j.

    Vandaag krijg ik de brochure Vlaanderen in Actie in de bus. Daarin staat een grafiek met de Belangrijkste doodsoorzaak per leeftijdscategorie, mannen en vrouwen, Vlaams Gewest, 2006.  Voor vrouwen tussen de 40 en de 69 jaar is borstkanker dé belangrijkste doodsoorzaak!

    Het spijtige is dat borstkanker een van de kankers is die het gemakkelijkst kan worden opgespoord (veel gemakkelijker dan de inwendige kankers, zoals maag, darmen, nieren, hersenen, longen …) en waar de behandeling dikwijls genezing tot gevolg heeft, tenminste als we er vroeg bij zijn. Toch is het dé voornaamste doodsoorzaak. Het vraagt nog geen 5 minuten moed om eenmaal per maand zelf uw borsten te onderzoeken. Als u daarbij om de 2 jaar een mammografie, al of niet met echografie, laat uitvoeren, is de kans groot dat, als u  met de ziekte geconfronteerd wordt, er tenminste vroeg zal bijzijn. De leeftijd waarop men begint met mammografies en/of echografies wordt medebepaald door het soort borsten dat u hebt en uw familiegeschiedenis.  Zie verder. Dr. A. Clarysse


    >> Reageer (0)
    05-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wat is een senoloog?

    Velen vragen zich wellicht af wat een Senoloog – Oncoloog is. De term  Senoloog komt in Nederlandstalig België en Nederland niet veel voor; eerder in de Angelsaksische landen en vooral in de Franssprekende.  In senoloog vindt je trouwens sein (borst in het Frans) terug. Een senoloog is dus een geneesheer die alles zou moeten kennen over de borsten: het klinisch onderzoek, de interpretatie van de mammografie, echografie en MRI van de borsten, en het microscopisch onderzoek van het borstweefsel. Hij (zij)  is het die het onderscheidt maakt tussen een goedaardig letsel van de borst en een borstkanker. Hij (zij) kent best ook zoveel mogelijk over de evolutie en de behandelingsmogelijkheden van een borstkanker.  Nogal wat gynaecologen oordelen van zichzelf dat ze senoloog zijn. Sommigen hebben inderdaad de nodige kennis en ervaring, anderen heel wat minder. Iedereen in België kan zich senoloog noemen, het is geen beschermde titel en er bestaan geen kwalificatievereisten voor.

    Een Oncoloog is een canceroloog, dus iemand die kankers diagnosticeert, behandelt en opvolgt. Veel dokters houden zich bezig met een of ander aspect van de diagnose en / of de behandeling van kankers, o.a. radiotherapeuten, medisch-oncologen, chirurgen en orgaanspecialisten. Ook hier is er weer ruimte voor fantasie en bestaan er geen voldoende criteria waaraan een arts moet voldoen om de titel van oncoloog te kunnen gebruiken. Enkel die artsen die zich voor het grootste gedeelte van hun activiteit met kankerpatiënten bezighouden en die bovendien een speciale opleiding in cancerologie genoten hebben verdienen de titel bijtitel oncoloog. Bovendien moeten ze zo georganiseerd zijn dat ze geregeld overleggen met  andere kankerspecialisten en orgaanspecialisten (multidisciplinair overleg) en zich geregeld bijscholen.  Pas sedert mei 2006 stelt een Ministerieel Besluit de criteria vast voor de erkenning van artsen-specialisten in de medische oncologie. Medisch-oncologen hebben een opleiding genoten als internist en hebben zich bovendien nog 2-3 jaar gespecialiseerd in de cancerologie, vooral de behandeling met medicamenten.  

    Of de lezer veel wijzer zal geworden zijn weet ik niet. Feit is dat het veld voor de leek ongetwijfeld onoverzichtelijk zal zijn. Wat zij / hij wil weten is waar naartoe, in welke geneesheer kan men zijn vertrouwen stellen. Of zoals ik zo dikwijls gehoord heb “dokter, moest ik u vrouw zijn, wat zou u doen?”.  Ik zal in een volgende aflevering pogen een beetje de tip van de sluier op te lichten.

    Dr. A. Clarysse, Senoloog-Medisch oncoloog (op pensioen). 16/7/2009.

     


    >> Reageer (0)
    03-01-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Medische informatie op het Internet - Alternatieve geneeswijzen

    Terecht wijst Testaankoop op de problemen i.v.m. medische informatie op het Internet. Het kan voor niet-medici moeilijk zijn betrouwbare informatie te onderscheiden van onbetrouwbare. Niet zolang geleden las ik op een Nederlandse website: “Dr. Moerman vond opereren, bestralen en chemotherapie niet de aangewezen weg om een tumor te bestrijden. …”. Dergelijke uitspraken zijn, voor wat betreft borstkanker, nog min nog meer crimineel. De enige manier om van borstkanker te genezen is een operatie, al of niet gecombineerd met chemotherapie, hormoontherapie, en/of bestraling. In mijn lange carrière heb ik enkele vrouwen gezien die zich door dergelijke boodschappen hebben laten misleiden, die zich niet klassiek hebben laten behandelen. Ik durf de foto’s met het resultaat niet op deze site plaatsen, ze zijn te afschrikwekkend. Ik weet beter dan wie ook dat kankerbehandelingen niet prettig zijn. Daarom zou ik de eerste zijn om alternatieve, zachte behandelingen te gebruiken, moesten ze maar effectief zijn.  Maar dat zijn ze niet. Er zijn niet zoveel alternatieve genezers meer die nog beweren dat ze kanker kunnen genezen met een of ander middel. In de jaren ’80 hadden we daar veel meer last van. Alternatieve genezers zijn verstandiger geworden. Nu leggen ze eerder de nadruk op het vermeerderen van de weerstand. Ik werd ook dikwijls door vrouwen gepolst, “Dokter het kan toch geen kwaad als ik rode bietensap drink, paardenmelk …”.  Daarmee had ik geen probleem, zolang patiënte ook maar mijn therapie volgde. Het ligt al wat moeilijker met z.g. voedingssupplementen, vitamines…. Die heb ik niet aanbevolen, vergeet niet dat een tumor ook vitamines kan gebruiken! In een normale, gevarieerde Westerse voeding zitten al de vitamines die we nodig hebben en zijn supplementen niet nodig. Dr. A. Clarysse.


    >> Reageer (0)
    27-12-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Weer gaan werken na een behandeling voor borstkanker

    In VISIE, het weekblad van de CM van 24 oct 2008 getuigt een verpleegster, die behandeld werd voor borstkanker, dat weer aan de slag kunnen echt een stuk van haar benezingsproces was.

    Vele jaren ervaring met het behandelen van borstkanker hebben mij geleerd dat het goed is dat de patiënten zo vlug mogelijk hun leven van voorheen trachten te hervatten. In de eerste maanden na het beëindigen van de chemotherapie en / of radiotherapie is het normaal om onderhevig te zijn aan een moeheidsgevoel. Bij sommige vrouwen duurt dit maar enkele maanden, bij andere een paar jaar. Toch heb ik zoveel mogelijk vrouwen aangemoedig om hun werk te hernemen, in het begin meestal parttime, zodra ik de indruk had dat het moest mogelijk zijn. Een aanmoediging van de behandelende arts dat het mag en kan is soms nodig in het begin, evenals wat begrip van de werkgever en eventuele medewerk(st)ers. Eens ze het aangedurfd hebben de stap te zetten ervaren veel vrouwen dat het effectief beter is voor hun moraal en hun levenskwaliteit. Er is minder tijd om te piekeren en depressief te zijn. Vele vrouwen nemen, na de confrontatie met borstkanker, het leven en het werk meer filosofisch op, relativeren en maken zich minder druk over banaliteiten.

    Dr. A. Clarysse (canceroloog met pensioen) (10/2008)


    >> Reageer (0)
    24-12-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Borstkanker de meest frequente kanker bij vrouwen
    Klik op de afbeelding om de link te volgen Onlangs verschenen de statistieken van het aantal nieuwe gevallen van kanker voor het jaar 2004 (www.kankerregister.org). Voor vrouwen blijft borstkanker de meest frequente tumor. Ik heb altijd aan vrouwen gezegd “als je dan toch moet kanker hebben, liefst borstkanker.”  Ik verduidelijk. Borstkanker is een kanker die we redelijk vroeg kunnen ontdekken: hij is uitwendig, dus in vergelijking met inwendige kankers zoals darm-, maag- of longkanker, gemakkelijker en vroeger te ontdekken door zelfonderzoek, mammografie, echografie en naaldbiopsie. Vroeg ontdekt zijn de genezingskansen vrij goed. Het is ook een kanker waarvoor we goede behandelingsmogelijkheden hebben. Zelfs in gevorderde gevallen zijn de resultaten met chemotherapie duidelijk beter dan voor de meeste andere frequent voorkomende kankers. Bovendien beschikken we ook over een ganse reeks hormonale behandelingen waarmee het kwaadaardig proces dikwijls lange tijd kan onder controle gehouden worden. De boodschap blijft: hou een oogje in het zeil (www.bsmo.be/borstonderzoek.html) en laat u bij twijfel tijdig onderzoeken in een ervaren borstcentrum.  Dr. A. Clarysse (3/2008)

    >> Reageer (0)
    23-12-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Borstkankerbehandeling geeft dikwijls goede resultaten

    Vandaag had ik toevallig een ontmoeting die me veel plezier gaf.  Ik liep een vrouw tegen het lijf waarbij ik dec. 1979 een behandeling gestart heb voor een borstkanker met uitzaaiingen in de okselklieren en in het beenderstelsel. Dus een uitgezaaide borstkanker.  Ze was 40 jaar oud. Ik heb ze toen gedurende twee jaar zware chemotherapie toegediend. Na die chemo waren er geen sporen meer van tumoraktiviteit. Ze was zoals we in medische termen zeggen in volledige remissie. Ze heeft dan nog een aantal jaren een hormonale behandelingen gekregen met Nolvadex (tamoxifen – dagelijks 1 pil). Dertig jaar later ontmoet ik haar dus weer, kerngezond, volop genietend van het leven.

    Ik zal er onmiddellijk bijvoegen dat dit een uitzonderlijk geval is. Maar het illustreert toch dat we bij de behandeling van borstkanker goeie resultaten kunnen bekomen. Veel vrouwen met borstkanker genezen, des te meer naarmate ze vroeger behandeld worden.  Maar ook bij  uitgezaaide borstkankers kan men soms verrassend goede resultaten bekomen. Cancerologen weten nooit op voorhand hoe het zal aflopen in een individueel geval. Ik heb altijd met een zeker enthousiasme de behandeling begonnen, bij lokale borstkankers met de ambitie om genezing te bekomen, bij uitgezaaide om een lange tumorcontrole (levensverlenging liefst van goede kwaliteit) te bekomen. Het is de eerste behandeling die de cancereloog instelt die de beste kans geeft op een goed en duurzaam resultaat. Vooral waar genezing nog mogelijk is moet de behandeling intens genoeg zijn om de tumorresten na de operatie volledig uit te roeien.  Ik heb destijds collegas (meestal geen medisch oncologen) gezien die, omdat ze vreesden dat mevrouw teveel haar zou verliezen of ziek zou zijn, de dosering van de chemo verminderden. Een lichte vermindering van de hoeveelheid chemo heeft vlug nefaste gevolgen voor het eindresultaat. De kans vergroot vlug dat de tumor niet volledig uitgeroeid wordt en later terugkeert (recidiveert). Na een recidief wordt het al heel wat moeilijker om nog genezing te bekomen. Liever zwaar behandelen de eerste keer in de hoop dat het dan amen en uit is, dat de kanker nooit meer terugkeert.

    Dit geval heeft me destijds in conflict gebracht met de Orde van Geneesheren van W-Vl. maar daar vertel ik in een volgende aflevering meer over (zie 22/12/2009).

    Dr. A. Clarysse (oncoloog – senoloog op pensioen).


    >> Reageer (0)
    22-12-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Op TV: borstkanker behandelen is de moeite waard

    In 1992 heb ik een eerste boek bepubliceerd over borstkanker. J. Van Rompaey vroeg mij het boek voor te stellen in zijn VRT programma “Zeker Weten”.  Om het programma te illustreren werd ik verzocht enkele patiënten als getuigen mee te brengen.  Ik maakte van de gelegenheid gebruik om enkele aspecten van het borstkankerprobleem  te verduidelijken voor het lekenpubliek.

    Het 1e geval was de vrouw die ik zojuist beschreven heb. In 1992 stond ze 13 jaar na het begin van mijn behandeling in goede gezondheid op het podium van Zeker Weten. Met dit geval wilde ik duidelijk maken dat we over goede behandelingsmogelijkheden beschikken die het kunnen toelaten een langdurige palliatie te verwezenlijken… het laat aan patiënten met uitgezaaide borstkanker toe te hopen, dat ook zij misschien uitzonderlijk goed zullen reageren, dat het de moeite is om te proberen … hoop doet leven.  Ik moet er op wijzen dat er ondertussen, sedert 1979, heel wat nieuwe en nog meer doeltreffende antikanker-medicamenten bijgekomen zijn en dat de resultaten die we hedentendage bekomen zeker nog beter zijn.

    Het 2de geval  was een dame van 63 jaar die zelf een verharding gevoeld had in de borst. Haar huisartse verzekerde haar dat ze niet moest ongerust zijn.  Op een mammografie werd ook geen kanker gezien en een punctie toonde evenmin kankercellen. Die dame was toch niet gerust en kwam op mijn consultatie terecht. Wat ik voelde stond mij niet aan en ik heb die dame doen opereren hoewel mammografie en punctie zogezegd normaal waren. Dit geval illustreerde het feit dat de technische onderzoeken niet altijd betrouwbaar zijn. Vandaag de dag zijn de technische onderzoeken ook een stuk beter dan in 1992 maar vooral bij jonge vrouwen met harde, knobbelige borsten kan een borstkanker nog miskend worden.

    De derde vrouw, 50j, had ook zelf een verharding gevoeld in linker borst. Haar gynaecoloog stelde haar gerust: “verkalkte melkklier”. Drie maanden later kreeg ze pijn in de linker oksel en arm. Ze consulteerde terug haar gynaecoloog. Groot alarm: een gezwel van meer dan 5 cm in de borst en gezwollen okselklieren. Hij stelde onmiddellijke amputatie voor. Ze stond daar zeer huiverig tegenover en consulteerde een plastisch chirurg die haar naar mij verwees (oct 1990). In samenwerking met het Instituut Bordet te Brussel was ik in 1985  gestart met een nieuwe borstkankerbehandeling.  Bij grote gezwellen werd eerst chemotherapie toegediend, dus nog vóór de operatie, om de kanker kleiner te maken. Op deze wijze konden we dikwijls een borstsparende operatie mogelijk maken in plaats van een amputatie. Na 4 maanden chemotherapie was bij deze vrouw de tumor bijna volledig verdwenen. Er werd dan een borstsparende operatie uitgevoerd waarbij nog nauwelijks enkele kankercellen gevonden werden. Ook de okselklieren werden verwijderd. Na de operatie kreeg ze nog 5 kuren chemotherapie en tenslotte bestraling van het resterende borstklierweefsel.  Deze dame was dus een voorbeeld van het nut van een nieuwe kankerbehandeling die op dit ogenblik enkel in het Instituut Bordet en op mijn dienst in het AZ Sint-Jan te Brugge toegepast werd, een methode die in veel gevallen toeliet een borstsparende operatie uit te voeren in plaats van een amputatie.

    Volgens de gedragscode van de Orde der Geneesheren mag een arts geen reclame maken. Ik heb dan ook mijn uiterste best gedaan om tijdens de TV uitzending nergens te vermelden in welk ziekenhuis ik werkzaam was. Het was zeker niet mijn bedoeling reclame te maken voor mijn eigen dienst. Ik had trouwens geen behoefte aan reclame. Ik ben jarenlang verplicht geweest vrouwen op mijn consultatie te weigeren wegens teveel werk.  

    Een collega gynaecoloog, werkzaam in een universiteit in Antwerpen, jaloers dat niet hij een boek geschreven had, vond  het nodig mij (naamloos en  achterbaks) aan te klagen bij de Orde der geneesheren van W.Vlaanderen wegens maken van reclame. Door de Orde der Geneesheren werd ik veroordeeld (hoewel slechts 1/10 leden de uitzending gezien had).  Ik moet bekennen dat ik die veroordeling nooit verteerd heb. Al mijn voordrachten, publicaties, studies, boeken, videos en CD’s hadden steeds enkel als doel gehad het lot van borstkankerpatiënten te verbeteren.

    Dr. A. Clarysse (senoloog – oncoloog op pensioen).
    Foto 1: drie patiënten in 1992 op Zeker Weten. Ze zijn tot op heden nog steeds kankervrij.
    Foto 2: De borsten van het 2de geval: door chemotherapie te geven vóór de operatie hebben we een borstsparende operatie mogelijk gemaakt ipv een amputatie. Resultaat na chemo, operatie en radiotherapie op de linkerborst.

    25/6/2009




    >> Reageer (0)
    20-12-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Boeken over borstkanker

    Er bestaan twee soorten boeken over borstkanker. De meeste zijn geschreven door vrouwen die zelf de ziekte meegemaakt hebben. Ze beschrijven er hun eigen ervaringen. Lotgenoten kunnen er zichzelf eventueel in terugvinden en steun zoeken. De geneeskundige informatie is meestal beperkt en niet altijd wetenschappelijk correct, soms zelfs onjuist en niet betrouwbaar. Minder talrijk zijn boeken geschreven door kankerspecialisten. Ik heb het eerste geschreven in 1992. Borstkanker, een canceroloog geeft een antwoord op uw vragen. Uitgeverij String. Dit boek was gericht tot geneesheren, verpleegsters en vrouwen. Vermits het voor deze laatste soms wellicht wat moeilijk was heb ik het in 1996 herwerkt: Omgaan met borstkanker. Uitgeverij Lannoo / Terra. Veel informatie in deze boeken is nog steeds van toepassing. Wel is de behandeling, vooral met chemotherapie, achterhaald. Meerdere nieuwe medicamenten en behandelingen komen er niet in voor.

    Op http://www.borstkanker.net/hoofdframe.html?boeken.html&2 vind je een beschrijving van een ganse reeks boeken over borstkanker. Dr. A. Clarysse, senoloog-oncoloog (op pensioen).

     


    >> Reageer (0)
    25-11-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Huisarts vrijgepleit voor vijfvoudige moord - Euthanasie

    Als canceroloog ben ik gedurende 40 jaar praktijk nooit gevraagd geweest door een patiënt(e) om een spuitje (versta euthanasie) toe te dienen. Ik verduidelijk dat ik hier hoofdzakelijk spreek over vrouwen met borstkanker.

    Soms had ik een dame die zei “dokter als het slecht gaat, zal je me een spuitje geven?”. Ik antwoordde daarop steeds “Ik zal zorgen, moest het zover komen, dat je niet zal afzien”.  Als het zover was heeft nooit meer een van die vrouwen om het spuitje gevraagd. Ik heb nooit euthanasie toegediend en werd er nooit effectief om gevraagd. Als een geneesheer er voor zorgt dat de patiënt(e) niet afziet, als hij voldoende pijnstilling geeft, en ook geen zinloze therapieën (acharnement thérapeutique) toedient eens het duidelijk wordt dat de situatie hopeloos,  eens er geen zinvolle levensverwachting meer is, zal hij niet veel met de vraag voor euthanasie geconfronteerd worden. Als een patiënt(e) euthanasie vraagt is het wellicht veelal te wijten aan de zorgverstrekkers die niet voor voldoende palliatie zorgen. Het kan best zijn dat door mijn pijnstilling het einde wat vroeger gekomen is, maar dat is iets anders dan doelbewust een spuit toedienen opdat het binnen de zoveel minuten zou gedaan zijn. Dr. A. Clarysse (oncoloog – senoloog, op pensioen) (12/12/2009)


    >> Reageer (0)
    23-11-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Herrie in de VS over borstkankerscreening

    De laatste week is er heel wat discussie ontstaan in de V.S. over borstkankerscreening.

    De meeste Amerikaanse openbare instanties en kankerverenigingen raadden vrouwen aan om jaarlijks een screening mammografie te ondergaan vanaf de leeftijd van 40 jaar tot  hun 75 jaar. Op basis van een onderzoek van vele screening studies heeft de US Preventive Services Task Force nu de screening aanbevelingen als volgt gewijzigd: van 50 tot 75 jaar een mammografie om de 2 jaar. Dit is wat in de meeste landen in Europa aanbevolen wordt, wel meestal niet langer dan tot de leeftijd van 70 jaar.

    De grootste verwarring bestaat nu voor de groep 40 – 50 jaar:  geen screening mammografie meer, nadat ze jarenlang aangespoord werden om dit onderzoek te laten uitvoeren. Ik heb er al meerdere malen opgewezen dat dit een moeilijke groep is. Op die leeftijd komen redelijk veel goedaardige afwijkingen voor (b.v. cysten, knobbelige borsten, borstpijnen … ). Anderzijds is de mammografie minder betrouwbaar bij vrouwen vóór de menopauze, omdat er nog veel klierweefsel aanwezig is in de borst. Dit klierweefsel komt als witte beelden voor op de fotos en goedaardige afwijkingen en kankers geven ook witte beelden: wit op wit is uiteraard moeilijk om te onderscheiden.  Het is bij jonge vrouwen dat de meeste fouten gemaakt worden op mammografie.

    Een andere reden waarom de screening mammografie bij vrouwen onder de 50 afgeraden wordt is dat er bijna even veel nadelen zijn als voordeel (vermindering van de sterfte door borstkanker). Als voornaamste nadeel worden aangehaald vals positieve resultaten. Dit betekent dat de mammografie iets verdachts of twijfelachtig toont. Dit nieuws veroorzaakt veel angst bij de vrouw en leidt tot bijkomende onderzoeken die uiteindelijk geen kanker aantonen. Het lijkt alsof de angst en de onderzoeken nutteloos waren. Ik moet erop wijzen dat er inderdaad teveel onderzoeken uitgevoerd worden, zeker in de V.S. waar de geneesheren heilige schrik hebben om met een proces geconfronteerd te worden omdat ze een kanker gemist hebben. Het is belangrijk dat je in een ervaren centrum terechtkomt voor uw borstonderzoeken. Die zijn niet gemakkelijk, vergen veel ervaring en zijn het werk van specialisten die durven hun verantwoordelijkheid nemen.

    Dit debat brengt me ook op nut van het zelfonderzoek van de borsten.  Sedert vele jaren wordt er onder specialisten gedebatteerd of dit onderzoek nuttig is.  Er zijn studies die aantonen dat borstkankers vroeger ontdekt worden bij vrouwen die zelfonderzoek doen en dat er minder sterven of dat ze langer overleven; andere studies vinden dit gunstig resultaat niet. Het zou me te ver brengen om verder in te gaan op dit debat en die verschillende studies. Zoals ik reeds meerdere malen heb duidelijk gemaakt ben ik, na vele jaren ervaring met borstletsels, overtuigd dat het nuttig is dat vrouwen zelf een oogje in het zeil houden. Ik verwijs naar mijn bijdrage gedateerd 25/10/2009.  Nu screening mammografie niet meer aangeraden wordt bij vrouwen onder de 50, blijft het borstzelfonderzoek het voornaamste middel om een borstkanker nog enigszins vroegtijdig te ontdekken,liever 1 cm dan 4 cm groot. Men kan zich ook laten onderzoeken door een geneesheer-specialist (zie 16/7/2009) maar hoeveel jonge, gezonde vrouwen doen dit in de praktijk?

    Sommige artsen en kankerorganisaties, die niet bepaald het borstzelfonderzoek aanbevelen, hebben het nu over “breast awareness”, in het Vlaams vrij vertaald bedoelen ze dat een vrouw moet leren haar borsten kennen en veranderingen vaststellen. Ik vraag me alleen af hoe een vrouw haar borsten kan leren kennen zonder ze zelf te onderzoeken?

    In gans dit debat wordt geen rekening gehouden met het individuele borstkankerrisico dat een vrouw heeft. Om te bepalen vanaf welke leeftijd en hoe frequent en met welke onderzoeken een vrouw moet onderzocht worden moet men rekening houden met de aanwezigheid van risicofactoren (zie 23/1/2009), met het soort borsten. Bij sommige vrouwen die erfelijk belast zijn zal men b.v. reeds beginnen op 25 jaar.

    http://www.bsmo.be/faq/inhoud.pdf.

    Dr. A. Clarysse, senoloog-oncoloog (op pensioen), 23/11/2009.


    >> Reageer (0)
    07-10-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gewicht onder controle houden

    Door gezond te leven kan men de kans om kanker te krijgen verminderen (maar niet uitsluiten). De voornaamste aspecten van een gezonde leefwijze zijn:

    Vermijd overgewicht, beperk calorieën, vetten en zout.

          -  Eet gevarieerd met veel groenten, fruit en vezels.

    Zorg voor de nodige lichaamsbeweging en sport.

    -  Rook niet en wees matig met alcohol (1 drank/d voor vrouwen 2/d voor mannen).

    Ik wil wat dieper ingaan op het probleem van overgewicht. Vandaag hoor ik van een studie waarbij 1 vrouw op 2 vindt dat ze te zwaar is. Borstkanker komt meer voor bij vrouwen die na de menopauze zwaarlijvig zijn.

    In mijn praktijk destijds werd er nogal eens gepraat over het gewicht. Ik spoorde zwaarlijvige vrouwen aan om er iets aan te doen. Ik hoorde dan geregeld van die vrouwen dat ze eigenlijk “niet zoveel aten”, dat ze “al van alles geprobeerd hadden, dat het in hun genen zat… “.  Sommige individuen stapelen gemakkelijker vet op dan andere maar uiteindelijk passeert alles langs de mond! Ik vind daar een bewijs voor op de foto’s van de concentratiekampen. De politieke gevangenen kregen weinig te eten en we zien alleen maar skeletten op de foto’s van Buchenwald … .  Er zullen daar nochtans ook individuen geweest zijn die bij opname veel te zwaar waren, slechte genen hadden. Weinig eten = vermageren. Uiteraard is ook de activiteit belangrijk. Mensen die zwaar werk verrichten hebben meer calorieën nodig dan mensen die de ganse dag zittend doorbrengen.  Om te vermageren komt het erop aan minder calorieën in te nemen in verhouding tot wat men verbruikt.

    Vermits ik nogal eens predikte over het gezond leven moest ik wel het voorbeeld geven. Ik heb dit ook altijd gedaan (ik heb alleen gezondigd met teveel werken en teveel stress, maar gelukkig was ik nogal stressbestendig). Mijn BMI = 24.7 (normaal is minder dan 25). Voor iemand van mijn leeftijd valt dit dus best mee.  Het is evident dat de neiging om te verzwaren duidelijk toeneemt vanaf de leeftijd 35 – 40 jaar, de z.g. blokjaren.

    Ik moet bekennen dat als mijn gewicht toeneemt ik goed weet waarom (teveel tussendoortjes: koekjes, chocolade, kaas, roomijs …).  Anderzijds kan ik gewicht verliezen als ik wil.  De laatste jaren laat ik tijdens de vastenperiode (komt na de zware kerst- en nieuwjaarsdagen) radicaal alle tussendoortjes. Ik moet het radicaal doen, anders lukt het niet. Iedere vasten verlies ik een goeie 3 kg op 40 dagen.  De eerste twee weken van september ben ik op reis geweest in Italië (Rome, Napels, Pompei, Herculaneum). Ik had mezelf een extra zwaar programma opgelegd. Ik heb allerlei sites bezocht, vele kilometers gestapt, het was vrij warm (dagelijks +/- 30°), zo had ik minder honger en heb enorm veel gedronken. Resultaat: op 2 weken was ik 4 kg. kwijt. Persoonlijk ben ik ervan overtuigd dat we ons gewicht grotelijks in eigen handen hebben. Er is wel een groot stuk discipline mee gemoeid.  Dr. A. Clarysse. 7 okt 2009.                

     


    >> Reageer (0)

    >

    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!