Oostense Kreken
De polders en kreken van Oostende en omgeving hebben allemaal dezelfde ontstaangeschiedenis. Het zijn restanten van de doorbraak van de zee doorheen de kustduinen in het begin van de zeventiende eeuw tijdens het beleg van Oostende (1601-1604). Toen belegerden het katholieke Spaanse leger gedurende drie jaar lang de protestantse geuzen.
Om de stad beter te kunnen verdedegen werd een bres in de duinen gegraven waardoor gewild of niet de zeen het land binnendrong. Zo ontstond een heel systeem van kreken en overstromingsgebieden.
Later trachte men door de aannleg van dijken het overstroomde land terug te winnen op de zee. De dijken zijn tot op vandaag nog altijd zichbaar. De grootste kreek is het natuurgebied van de Keignaert, een opmerkelijk stykje natuur.





























|