NIEUW: Blog reclamevrij maken?
SCHUINE TEKSTEN
Inhoud blog
  • 321: Perte totale
  • 320: Goede man
  • 319: Enig kind
  • 318: Fibo
  • 317: Dialoog
  • 316: Etaoin shrdlu
  • 315: Roland
  • 314: Bermkip
  • 313: Men
  • 312: Bruder Lustig
  • 311: Signeergesprek
  • 310: Rook
  • 309: Ode aan mijn bh
  • 308: Alfa
  • 307: Vijgen voor Pasen
  • 306: Wereldsmart
  • 305: Jonge ouderen
  • 304: De Boekenkrijg
  • 303: www.zot.com.bébé
  • 302: Echte fictie
  • 301: Mundial
  • 300: De Felle
  • 299: Westlof
  • 298: Lam Gods
  • 297: Jacky
  • 296: Hop paardje hop!
  • 295: God?
  • 294: Acoliet
  • 293: PP
  • 292: Netwerk
  • 291: Leffaards
  • 290: Het varkensei
  • 289: Geheim
  • 288: Geknipt
  • 287: Geloof
  • 286: Stommeling
  • 285: Een aardig ding
  • 265: VRESELIJK
  • 284: Kloon
  • 283: Allojjo
  • 282: Schaakstuk
  • 281: Communicatie
  • 280: Figuur
  • 279: Hairbag
  • 278: Lijstjes
  • 277: Jos, Joste, Gejost
  • 276: Melk?
  • 274: Frinch fraais
  • 273: Mager Heineken
  • 272: Appartemens
  • 271: Gestopt
  • 270: Ik zou u schrijven
  • 269: Koksmonoloog
  • 268: Een photo
  • 267: Getetter & Getoeter
  • 266: Water
  • 264: Beu
  • 263: Acteur
  • 262: Vederlands
  • 261: Etters & Engelen
  • 260: Men spele...
  • 259: Kwaak
  • 258: Geschoold
  • 257: A la recherche
  • 256: WJZBJZ
  • 255: Eindelijk
  • 254: 'Het' gezin
  • 253: Repetitieruis
  • 252: Kiespijn
  • 251: Reis Hiernamaals
  • 249: Gezondheid
  • 248: Speeltijden
  • 247: Rood licht
  • 246: Ruis
  • 245: Weg
  • 244: Mom
  • 243: HET JAAR ELF
  • 242: Kloon
  • 241: In de put
  • 240: Huid & Haar
  • 239: Zomer 11
  • 238: Duimen maar
  • 237: Poirot
  • 236: Smoke
  • 235: Collateral
  • 234: Nachtraven
  • 233: Undercover
  • 232: Frietpeace
  • 231: Kopie-Kopie
  • 230: Gezeid is gezeid
  • 229: Vreemde man
  • 228: Een stuk
  • 227: België
  • 226: Mijn meesters
  • DRAMA
  • 225: GVD
  • 224: Veldinterview
  • 223: Sprook
  • 222: Zappa
  • 221: Een bod op God
  • 220: Curryculum Vitae
  • 219: Tovenaar
  • 218: Perspest
  • 217: Animatietype
  • 216: Ruim
  • 215: De erwt
  • 214: Podiumbeest
  • 213: Mobiliteit
  • 212: Twee tijgereieren
  • 211: De kus
  • 210: Wolf
  • 209: Een reus
  • 208: Opsporingsbericht
  • 207: K met zuurpruim
  • 206: Volksverlakkerij
  • 205: Doppedrop
  • 204: Kap
  • 203: Affiche
  • 202: Regen
  • 201: Stuk
  • 200: Hair
  • 199: Wie A zegt
  • 198: Bijsluiter
  • 197: TV
  • 196: Arno
  • 195: Letters & Letteren
  • 194: Taalkunde
  • 193: Onder de zon
  • 192: Besparen
  • 191: De goede man
  • 190: Van die dagen
  • 189: Zwarte zwaan
  • 188: Questionnaire
  • 187: Say cheese
  • 186: Loteling
  • 185: Een zwaluw
  • 184: Grijs
  • 183: Claus
  • 182: Liefhebber
  • 181: Monumenten
  • 180: Erger
  • 179: Landbouw
  • 178: Bijna
  • 177: Onafhankelijkheid
  • 176: Zo fout als wat
  • 175: Wei-gevoel
  • 174: Merk
  • 173: Mens
  • 172: Pikant
  • 171: 50 vragen
  • 170: Jinx
  • 169: Wiskunst
  • 167: Met alle Chinezen
  • 166: Mooiste woorden
  • 165: Rijm
  • 164: Internetman
  • 163: EVBO
  • 162: Hondenleven
  • 161: Carrière
  • 160: Coureur local
  • 159: Kip ik heb je
  • 158: Politiek programma
  • 157: Design
  • 156: Kreeft
  • 155: Nicotine
  • 154: Gastronomen
  • 153: Verleiden
  • 152: Opinie
  • 151: 1e hulp in gevallen
  • 150: Verzamelwoedend
  • 149: Fakir
  • 148: Cliché
  • 147: Iets anders
  • 146: Uit de kunst
  • 145: Appartemensen
  • 144: Wereldwoeden
  • 143: Ongerijmd
  • 142: Dagboek van 1 dief
  • 141: Vioolkist
  • 140: Ouden van dagen
  • 139: Automatische piloot
  • 138: Leugendetector
  • 137: Hotel Milan
  • 136: De Diepe Gedachte
  • 135: De weg vragen
  • 134: Mag ik overvaren?
  • 133: Leven op Mars
  • 132: Vogelvlucht
  • 131: Faer♠er-gevoel
  • 130: Lolbroek
  • 129: Sollicitatie
  • 128: De Q van Proust
  • 127: Volg je nog?
  • 126: Kerstmisdaad
  • 125: Hartstuk
  • 124: Mozart in november
  • 123: Heb je gedronken?
  • 122: Frambozen in melk
  • 121: Appelschudder
  • 120: Quo Vadis?
    Zoeken in blog

    Foto
    Aan de sneeuwzee in Vlaanderen, februari 2012
    Foto

    Jowan & Joris in Stotendorp Heule

    Foto

            Red shoes Wilma

    Foto

    Younger me, already salt 'n pepper

    DEZE KANT BOVEN (Sjors DNO)
    SCHUINE TEKSTEN
    06-06-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.206: Volksverlakkerij

    VOLKSVERLAKKERIJ

    Een onderwerp dat duizenden bladzijden kan beslaan: volksverlakkerij. Moeten we bijvoorbeeld blij zijn met de ongeveer tien nieuwe (literaire) uitgeverijen in Vlaanderen? Helemaal niet. Zonder blikken of blozen verkondigen die in en tussen hun regels dat ze vooral op zoek zijn naar boeken van BV's, Beroerde Vlamingen. Je moet met je kop op tv komen en dan pas geven ze je boekje uit. Paul D'Hoore heeft vooral zichzelf en zijn uitgeverij rijk gemaakt door een boekje te schrijven dat zogezegd vertelt hoe je rijk kunt worden. Zag u hem niet uitdijen telkens hij weer op tv verscheen omdat we een crisis hebben? Echte schrijvers komen niet meer aan de bak bij de uitgeverijen. De Boekenbeurs is een belachelijke signeershow geworden. Nee, nooit koop ik nog een boek.
    Recent zat ik noodgedwongen ook vlak bij de zoo van Kortrijk: een restaurant dat enkel en alleen door de heilige televisie succes kent. Oetlullen van allerlei rang en stand en slag stonden zich dagelijks hysterisch te vergapen op het pleintje voor het restaurant. De meesten konden en kunnen zich zelfs niet eens een etentje veroorloven in die gehypete mensenzoo. De gevierde en bekende apen in de keuken slaagden er niet in één fatsoenlijke zin te bouwen. Op tv namen breedsmoelkikkers geregeld de woorden 'heel Vlaanderen' in de mond. Alsof iedereen naar dat idiote gezever zou kijken. Walgelijk. 


    15-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.205: Doppedrop

    DOPPEDROP

    Die zomer bracht ik geruime tijd door in de ondergrondse jeugdbibliotheek van de stad Kortrijk. Als een stad op Pompei begint te gelijken, moet je onder de grond gaan duiken om nog iets te beleven. Om een of andere goeie reden plukte ik daar tientallen boeken uit de rekken, alle van Vlaamse schrijvers. Het allereerste boek dat ik vrij lukraak uit zijn slagorde kantelde, had als thema: doping. En dat nou net in de zomer van 2004. Elke zomer heeft wat speciaals in petto. Een koning sterft bijvoorbeeld. Of zo’n Dutroux wordt opgepakt. Of er is een hittegolf. Of er is geen hittegolf. Wat de zomer van 2004 betreft: die zullen we ook als een warme zomer bestempelen. Er waren branden en gasontploffingen, in binnen- en buitenland. En om de haverklap hoorden we ook over doping, luttele weken voor de Olympische Spelen. En zelfs nog tijdens de Spelen. De twee bekendste Griekse atleten vonden een mysterieus motorongeval uit om toch maar niet te moeten toegeven dat ze geslikt of gespoten hadden. Afgodjes tuimelden van hun sokkel, gekweld door wroeging of smekend om aandacht. In het verhaal dat ik in de bieb las (van de (West)-Vlaamse schrijfster Anne Provoost), heeft een kind af te rekenen met dopinggedoe rond zijn vader, die kampioen-hardloper is. Het is een thema dat je niet vaak in kinder- of jeugdboeken aantreft. Ik was een beetje verbaasd over mijn vondst, gezien de timing. Het omgekeerde gebeurde een tijd later ook. Ik kocht in het verre Nederland een zwaarlijvig boek over de Cosa Nostra, de misdaadorganisatie in Sicilië en Calabrië. Diezelfde avond werd op tv de aanhouding gemeld van het kopstuk van de Ndrangheta in Calabrië, de ‘regionale’ maffia-organisatie. Boeken gebeuren dus vaak echt. Je leest ze en hop, ze slaan toe. In het echt. Doppedrop. Gek toeval. Déjà vu want déjà lu. Of op weg om het te lezen. Toeval is een gek beestje. Het zet je soms aan het denken. Enschede wou Ath komen helpen, als ervaringsdeskundigen in ontploffingen, en zie: in de omgeving van Boedapest was het enkele dagen later ook vuurwerk geblazen. Doppedrop. Ik ga nu zelf verder verhalen en boeken schrijven waarin het voortdurend gezellig waait en regent. Dat blust het vuur. Droppedrop. Tiens, ik merk nu dat er zich in mijn recentste verhaal een ontploffing voordoet annex brand. Niettemin, van harte, uw liefste dopingkindje X.


    22-04-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.204: Kap

    KAP

    De laatste jaren worden op televisie steeds meer beelden getoond in en rond gerechtsgebouwen. Mensen worden ‘gevankelijk’ op- en aangevoerd, al dan niet meer of minder verdacht van iets, tot het tegendeel bewezen is. Ze stappen in en uit auto’s of celwagens, ze dalen van of bestijgen trappen, ze verschijnen of verdwijnen door kleine zijdeurtjes en achterpoortjes. Daarbij verbergen ze vaak hun gezicht, hoe zou je zelf zijn. Dat doen ze onder hun jas, achter een krant die ze als een te groot hoedje van papier gebruiken, en recent zelfs in een stedelijke vuilniszak. Een ter verantwoording geroepen vrouwelijke onderzoeksrechter beschutte haar aangelaat voor het aanschijn van de heilige kijkdichtheid zelfs met haar piepklein handtasje; die beelden zijn dagenlang heruitgezonden en waren natuurlijk koren op de molen van alle Belgen die niet meer in hun rechtspraak geloven, iedereen dus. Waar ik het echter over wil hebben: waarom voorziet men geen kap voor die al dan niet terecht verdachten? Systeem valkenkapje? Een leuke, bijvoorbeeld muisgrijze kap met voldoende gaten of spleten in voor ogen en mond. Zoals de beulen en de overvallers er een dragen. Of zoals de valken voor en na de jacht er een over hun kopje krijgen. Dan is het afgelopen met het potsierlijke recycleren van allerlei materiaal om zichzelf onherkenbaar te maken. Dan kan een verdachte ook rustig zijn jas aanhouden in verband met het barre klimaat om en rond Belgische gerechtsgebouwen. Het schijnt dat er in Broekzele al een modeontwerper aan de slag is om zo’n transportkap te bedenken. Een type voor vrouwen, een type voor mannen, en een variant voor advocaten en onderzoeksrechters, mochten die ook zo’n hoofdbedekking wensen. En sommigen van die laatste categorie zullen dat echt wel willen. Uit goede bron hebben we vernomen dat die ontwerper het begrip ‘roodkapje’ een nieuwe wending wil geven. Overigens zal hierdoor ook het woord ‘kapsalon’ misschien een verse betekenis krijgen. Het ministerie van Justitie zou al een bestelling geplaatst hebben voor een duizendtal van dergelijke kappen. Die transportkappen zouden niet hergebruikbaar zijn. Na gebruik (door eenzelfde persoon gedurende een bepaalde periode) wordt zo’n kap onder toezicht van een gerechtsdeurwaarder verbrand. Nieuwe verdachten krijgen telkens hun eigen, nieuwe kappen, desgewenst roodkapjes dus, als die ontwerper uit Broekzele zijn zin krijgt. Nou, Michael Jackson, een zanger uit plastic opgetrokken, legde het anders aan boord toen hij min of meer gevankelijk naar het gerecht ging om zich aan te melden. Onder een stralende Oost-Amerikaanse zon schreed hij onder een donkere paraplu handenschuddend naar het gerechtsgebouw. Er was toch geen ontkomen aan, en de hele wereld kende zijn plastic babyface toch al door en door. Hij had al zoveel bekijks gehad al die jaren, dat zijn neus er zelfs afgevallen was. Maar dat brengt me te ver. Da-ag. Kap smiling!


    05-04-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.203: Affiche

    AFFICHE

    Het verhaal van de man die een pak rammel kreeg omdat zijn aandacht door een affiche getrokken werd. In die tijd passeerde een man op zijn wandeling door de stad een huis in de rij met een affiche aan een van de vensters. Geïnteresseerd bleef hij staan om de informatie grondiger te ontcijferen en in zich op te nemen. Daartoe boog hij zich even om wat scherper toe te kijken, want hij had zijn leesbril niet bij zich. Luttele seconden later verscheen een woedende kerel in de deuropening.
    'Zijn dat manieren, ja? Kijkt gij bij iedereen zo schaamteloos naar binnen, ja?’
    Voor de verbouwereerde wandelaar iets kon zeggen, vloog de man op hem af en joeg hem slaand en stompend een heel eind de straat door. Gedeukt, gekreukt en met een bloedneus strompelde het slachtoffer naar huis.


    14-03-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.202: Regen

    REGEN

    In een land ver van hier ving een man een hoeveelheid regen op. Hij begroef die in een plastic zak in de grond. Door deze teraardebestelling haalde hij zich de woede van de hele gemeenschap op de hals. Na een martelperiode van anderhalve week, waar men om de minuut een druppel water op zijn kaalgeschoren knikker liet vallen, werd hij drie jaar lang opgesloten in een gevangenis naast een waterval. Ondertussen bevrijdde men ook de regen weer. Toen de dader eindelijk weer vrijkwam, werd hij op straat met benzine overgoten en in brand gestoken. Diezelfde dag brak een vreselijk onweer uit dat heel Malawi overspande.


    03-03-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.201: Stuk

    STUK

    Ik ga liefhebberen in de dichtstbijgelegen schouwburg. Gelukkig woon ik in een middelgrote provinciestad. Dat bespaart me snelheidsovertredingen en filevorming. Of mist. Vanavond wil ik rood. Ik wil ook pluche zien en voelen. Ik ben misschien niet alleen. Dat maakt het natuurlijk nog avontuurlijker. Als ik om mij heen kijk, wil ik evenveel vrouwen als mannen zien. Een volle zaal, graag: eivol, tjokvol, nokvol. ‘Afgeladen’, om es een cliché als een kathedraal met duivenstront op te gebruiken. Ik kijk weer voor me. Zit ikzelf nou voor of achter wat men ‘het doek’ noemt? Waarom niet ‘doeken’? Hoelang is het geleden dat ik ‘achter de coulissen’ vertoefde, terwijl ik dat woord amper correct kon spellen? Telt een godsdienstige stoet uit de jaren zestig in een provincienestje mee als theaterervaring? Heb ik me thuis of op school ooit es ‘verkleed’ en iets fantasierijks of na-apends gezegd? Zulke theatrale gedachten blijven haperen in het gebladerte van mijn hoofd, terwijl om mij heen het geroezemoes aanzwelt en weer weg kabbelt. Ik zeg nog iets tegen de mij-vergezellende vlak voor het duister wordt. Anders dan elders doven de lichten hier pijnloos, en vol verwachting. Fictie doet zijn intrede. Of zal het een kopie van de rauwe werkelijkheid worden? Het lijkt er alvast op, want we lijken volledig in het duister gehuld. Een volstrekt knullige gedachte bliksemt plotseling als een serpentine door mijn hersenpan. Ik weet niet hoe het komt. Misschien door te vaak de Fast Show op BBC gezien te hebben. In gedachten zie ik iemand hier midden in dit maandenlang voorbereide stuk na een kwartier opstaan in het halfduister en hardop vragen, zich half naar de zaal wendend: ‘Iemand zin in een pint?’ Bijna barst ik los in een schaterbui. Dat mag ik niet doen, want we zijn gekomen voor een tragikomedie. Even afwachten dus. Maar dat is prima. Een veilige keuze. Dat ‘komedie’ lokt velen. Lachen geblazen, eventueel? Het ‘tragi’ lokt ook velen. Tissuetjes in de aanslag, s.v.p. De combinatie zorgt natuurlijk voor tjokvolheid. Vermoedelijk wordt het dus een lach en een traan. Na een halfuurtje kijk ik even van het ‘stuk’ weg. Zoals een schilder even van de heftigheid van zijn kleuren weg moet en in een zwarte spiegel staart om te genezen van felheid. Ik laat mijn hoofd wat op mijn borst zinken en ik sluit de doeken voor mijn ogen. Plotseling ben ik op een ander schouwtoneel. Lang mag dat niet duren. Of ik ben de draad kwijt. Terug naar binnen. ‘Nu nog op de planken, straks ertussen’, herinner ik me nog net een boutade van een tafelspringer op een podium uit de jaren tachtig. Daarna tik ik weer aan. Ik ben weer ‘mee’. Ik juich inwendig zonder dat iemand het hoort mijn goedkeuring uit voor de ‘amateurs’ die op deze planken van deze aloude schouwburg staan te doen alsof ze iemand anders zijn, zeggende zinnen die ze niet zelf geschreven hebben. O ja, o nee: nog nooit heb ik mijn mama in zo’n fantastische rol gezien. O ja: dat roept om cafetaria!


    12-02-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.200: Hair

    KRANIG

     

    Het korte droevige verhaal van de man wiens haar nooit nat werd, zelfs nadat hij in het water was gedoken. Deze man woonde bij een vrouw met mooi halflang haar, dat het ene ogenblik aan de westelijke kant, het ogenblik daarop aan de oostelijke kant van haar hoofd hing. Zo kreeg men altijd verrassende beelden en was men eigenlijk ook vaak afgeleid van het aan de gang zijnde gesprek. Maar het gaat niet over haar.

     

    Het gaat over de droge man. De eigenschap die hij niet bezat, namelijk dat zijn haren in het water nat werden, zoals die van de anderen, bezorgde hem achter zijn rug om de bijnaam droogkloot. Het betrof een zeer belangrijk man die hoog in aanzien stond. Als aannemer had hij de stad bevolkt met fraaie gebouwen. Noch kappers, noch dokters, noch kruidenverkoopsters, noch psychiaters konden hem echter helpen. Ze vleiden of troostten hem met opgewekte vaagheden, valse voorspellingen of niet ter zake doende verzuchtingen. Er was niets aan te doen.

     

    Hij was zo kaal als een kei. Altijd geweest.

     

    Hij werd daar gaandeweg zo treurig door, dat hij zichzelf een lange nagel zonder kop door de schedel sloeg en zich van een hoge kraan te pletter liet vallen. De smak was zo hevig dat er terstond één dodelijk geschrokken grijs haar uit zijn schedel priemde. Het was zijn eerste en enige haar. Het regende die dag ook treurig.

     

    Het was niet lang zoeken naar de doodsoorzaak van de droge man. Men sloeg de nagel op de kop.

     


    25-01-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.199: Wie A zegt

    WIE A ZEGT

    A en B. Krekel en mier. Gas en elektriciteit. Os en ezel. Wit en zwart. Spic en span. Kerst en kind. Tijl en Nele. M & M. Auto en file. Schots en scheef. Belgisch en gerecht. Plus en min. Braaf en stout. Jan en alleman. 14 – 18. Pen en papier. Moord en brand. 40 – 45. Oorlog en vrede. Koetjes en kalfjes. Oostende en Westende. Mossel en vis. Engel en duivel. Maria en Jozef. Sneeuw en dooi. Dooi en dooier. Vlag en wimpel. Winter en zomer. Zoet en zuur. Jip en Janneke. Sint en Piet. Dag en nacht. Grauw en grijs. Eb en vloed. Dash en een ander merk. Ditjes en datjes. Dik en dun. Vergeten en vergeven. Hou en jou. Blauw en kou. Brood en spelen. Jong en oud. Prinses en puit. Neemt en eet. Oog en naald. Heinde en verre. Laurel en Hardy. Eend en bijt. Appel en peer. Mis en poes. Kip en ei. Zout en pap. Nagel en gat. Kat en muis. Geit en kool. Hart en nieren. Spek en bonen. Blind en vink. Geven en nemen. 1000 en 1 nacht. Kaf en koren. Urbi et orbi. Bommen en granaten. Kaas en wijn. Ot en Sien. Vuur en vlam. Potten en pannen. Aan en uit. Nu en nooit. Over en uit. Eén god. Twee duobanen. Drie koningen. Vier musketiers. Vijf op een rij. Zesde zintuig. Zeven hoofdzonden. Acht wereldwonderen. Negen maanden. Tien kleine negertjes. Een elfje. Twaalf apostelen. Dertien aan tafel. Veertien bloemen, zoals daar zijn zeven anjers, zeven rozen … voor jou, van harte, proficiat, en veel geluk.


    09-01-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.198: Bijsluiter

    BIJSLUITER

    Achtentachtig soorten dronkenschappen.Vierenvijftig misverstanden op een rij. Net zo goed en net zo min een aantal goden, wetten, dromen, daden, regels en bezwaren. Hersens, bloed, been, merg en pis. Dat is wat de mens is. Een steak pretentie. Duizend keer zag ik je zitten. Duizend keer kwam ik weer thuis. Boeken en verhalen proberen steeds weer te herhalen dat het waait omwille van de wind, dat als het regent dat een reden heeft, en dat de zon het zout is in een ander zuiden dan in de stomme films van wij die dromen. Maar dit is leven, liefje, tussen wee en reutel. Dit is leven, liefje, gekakel en een keutel. Dit is een Rusland omwille van de liefde. En het moet waaien. En het moet sneeuwen. En wat ver is, moet echt wel heel ver zijn. En treinen moeten pijn hebben, die je kan horen. En afstand moet gelijk zijn aan ongeneeslijk ziek. Nietwaar, dokter Zjivago? Nietwaar? En ook Gainsbourg herinnert zich de bomen en de wind in hun gebladerte. En spreidt in al zijn dromen rookgordijnen uit, en bladert, bladert, door het Rusland van zijn hart, de hoofdstad van zijn lijf en leden, dit Parijs waar licht en liefde blijven weifelen tussen dromen en bedrog en ongeneeslijk gezond. Zevenentwintig Oscars voor de beste bijrol. Honderden verhalen met een open einde. Longen, nieren, ogen, handen, ballen en maar één luttel hart. Enkelvoudig enkelvoud aan de ene linkerkant. Als ik met mondjesmaat jouw gif ben, laat ik je heden weten: ik hou van jou. Op de bodem van elk glas, in de rook van zeppelins, aan koudefronten, keerkringen en polen, in alle staten, en vooral de mijne, over datumgrenzen, in tantetearooms, na zovele treinen, o tsarina, laat mij je zachte revolutie zijn. Dit is mijn bijsluiter, niet eens gedicht, maar vaak gedacht: wacht, ik hou van jou.


    22-12-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.197: TV

    TV 

    Ik stel voor de afkoterm BV meteen maar te vervangen door TV. Je bent hier in dit apenland immers alleen maar bekend omdat je bekend bent. En dat kan alleen maar gebeuren door op tv te komen, die rechthoek van afgrijzen, die treurbak. Het is eender wat je hebt uitgespookt. Je hoeft zelfs niet eens iets gedaan te hebben. Met of (liefst – kijkcijfers!) zonder kleren. Zoals Jan met de pet en Tettenmie. Voluit wordt dat dan: TelevisieVlaming. Aaneengeschreven natuurlijk, volgens die onnozele trend die overal toeslaat: VlaamsProgressieven, deBuren, deSingel, JIMtv, RingTV, GaultMillau, ArcelorMittal en meer van dat zogezegd originele fraais. Het afzichtelijke scherm dat zovele huis- en slaapkamers ontsiert, is al geruime tijd het evangelie. Het predikt populisme, domheid, verkleutering en massaliteit. Sommige verkopers pakken zelfs uit met de idiote slogan ‘Gezien op tv!’ Alsof dat godgenageld wat betekent. Ooit hield een krant een competitie: wie was de West-Vlaming van het jaar? Er stond verdorie een tv-presentatrice op de lijst. Haar verdienste(n)? Nou: ze deed gewoon haar job. Meer niet. Anderen moesten er boeken voor gepubliceerd hebben, films gemaakt, prijzen gewonnen. De bête bewondering voor het teeveemonster neemt vele vormen aan en slaat overal toe. Vooral sedert de realityrage er is. Ikzelf snoer dat onding de mond. Ik kijk alleen naar films en BBC-series of –docu’s. De rest kan me feestelijk gestolen worden: pathetische voetbal’analisten’, Algemeenantwerpssprekende tweederangsacteurs, dijenkletsende bekendelingen, blote Jan Luls, zwanzende realitysletten, hyperventilerende benefietsmoelen, overbepamperde voetballisten en opgepepte veldrijders. Zappen, die handel!


    02-12-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.196: Arno

    ARNO

    Watten wolken dreven aan het mariablauwe zwerk in Dranouter, gebruiksklaar om uitgelopen dronkenschappen te betten. Hier hadden The Simpsons en Magritte samengewerkt. Ik vroeg mijn ex-correspondentievriendin Emiko Takamori of ze in Japan ook over zulke luchten beschikten.
    ‘Onze luchtkastelen bestaan uit hout,’ antwoordde ze, want ze had mijn vraag verkeerd begrepen. Ik kreeg geen tijd voor een wedersamenstelling, want waar ik daarnet nog gestut werd door een tweetal beschonkenen, of omgekeerd, daar vielen nu om mij heen de mensen bij bosjes, omdat de bekende zanger Arno opkwam. De gelederen werden dooreen gehutseld en dat zou een tijdlang zo blijven. Er zat stuwing in de vaart der volken en hun muziek. Verbale communicatie zou fonetisch gebrul worden, waarbij men kon kiezen uit een reeks van vijf klanken. ‘WIE IS DAT?’ gilde E.T. in mijn linkeroor. ‘ARNO!’ ‘EEN DUITSER?’ ‘WWW.NEE.BE!’
    ‘HET LIJKT OP DUITS!’

    (Vertaald in het Festivals:

    ‘IE I A ?’

    ‘A O !’

    ‘UI ?’

    ‘EE EE EE EE EE !’

    ‘IJ UI !’)

    (Noot: schr. dezes communiceerde met Emiko Takamori wel voortdurend in het Duits en het Engels, maar geeft in dit stukje de mededelingen in het Nederlands weer – voor de goede verstaander)

    Arno, wiens haar weer door een koude kapper leek geknipt (en waarmee hij uitdrukkelijk heen en weer zwiepte, in en uit de ogen, weet je wel), kende succes onder de bewusten, de onbewusten, de bewustelozen en de onderbewusten in de tent. Iedereen probeerde op hem te gelijken en idem dito te zweten.

    ‘EE IJ IE IE EU ?’ riep Emiko me toe.

    ‘ A ?’

    ‘HEEFT HIJ MISSCHIEN EEN NIEUWE HEUP?’

    Ik lachte zwetend van nee en probeerde ondertussen uit het gesproei van lichaamssappen van omstanders te blijven. Kokhalzend onderging ik de rest van dit optreden, dat ik in mijn latere annalen wellicht een aftreden zal noemen, omwille van de walg betreff. de anderen. Toen we weer op een rustiger weitje aan het flaneren waren, vroeg ik Emiko wat ze van de zwiepende en schokkende Vlaamse zanger dacht. ‘Was hij dronken?’ informeerde ze eerst zelf. ‘Dat weten we nooit met zekerheid.’ ‘Verkouden?’ ‘Iedereen is hier altijd verkouden.’ 'Waarover heeft hij het in zijn liederen?’ ‘Over Leven, Liefde en Dood.’ ‘In het Frans?’ ‘Eigenlijk in het Fraams, ook gekend als het Vlans.‘Vinden jullie hem goed?’ ‘In België word je gemaakt of gekraakt door de pers, een zootje ongeregeld.’ ‘Hij was waarschijnlijk de stoute jongen van de klas hé?’ ‘Of net helemaal niet.’
    Ik monsterde de watten wolken weer. Er zouden er vandaag veel van doen zijn.


    23-11-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.195: Letters & Letteren

    LETTERS & LETTEREN

    Heden ten dage (en eigenlijk al lange tijd) bestaat mijn geliefkoosde lectuur uit atlassen en woordenboeken van divers, maar hoogstaand allooi. Het is begonnen met het tv-dictee winter 07. Ik zat thuis plotseling te beslissen dat ik mee zou schrijven. Tot mijn verbazing had ik geen fouten. Toegegeven: tot driemaal toe gokte ik goed. Een maand later besloot ik me aan te melden voor het veel moeilijker Groot Nederlands Dictee van Davidsfonds/Knack. Dat ging weer goed: primus van de preselecties categorie Liefhebbers (ik was immers debutant in de wedstrijd) met 92 % en een 5e plaats in de finale in het Vlaams Parlement enkele weken later. Mijn kompanen-treinreizigers-Specialisten (die al jaren meedoen en fameuze kleppers geworden zijn) overhaalden me om verder dit pad te bewandelen. Tja, er moet wel geblokt worden. Voorwaar: dat doe ik nu. Ik ben nu nog meer dan vroeger aan het (op)schrijven. Een bedenking: schrijven staat tot opschrijven zoals letteren staat tot letters. Met spelling kun je moeilijk creatief zijn. En toch is het lekker boeiend. Je kunt nl. redeneren en verbanden leggen. Het is niet klakkeloos vanbuiten leren. Je moet geografie en historie kennen. Scheikunde. Cultuur. Geneeskunde. Biologie. Ik ken nu het verschil tussen pensee en pencee. En meringue en merengue. Elisabeth en Elizabeth. Speculaas en speculoos. Ik kan de angst voor lange woorden verwoorden: hippopotomonstrosesquippedaliofobie. Het is heerlijk, want het is voedsel voor de geest. Wat je met pakweg 26 letters al niet kan doen. Ik proef, eet en drink elke dag woorden en letters. Om te ontspannen combineer ik die dan dusdanig, dat ze proberen literatuur te zijn: gedicht, theater, verhaal. De volgorde is van belang. De boodschap natuurlijk ook. Wat vindt u bv. van deze zin: De mater dolorosa met de bête monalisaglimlach kon ten langen leste het münchhausen-by-proxysyndroom niet meer ontkennen en vlijde zich ontmaskerd op de canapé van de shrink neer. Een korte waarschuwing: letteren kunnen ook etteren.


    27-10-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.194: Taalkunde

    TAALKUNDE

    Kinderen in de twintigste eeuw. Waar is de tijd. Een marteling. Dat gedoe met limonade bijvoorbeeld. Is een half glas limonade halfvol of halfleeg? Luister naar een gesprek uit de vorige eeuw tussen een grote mens (ex-kind, 1 m 83) en een kind (1 m 57). ‘Je drinkt weer te gulzig. Je ogen zijn groter dan … ‘ ‘Mmpff.’ ‘Slokop.’ ‘Mmpff.’ ‘Het staat nog maar voor je neus en het is al halfleeg. Je zus is toch zo gulzig niet!? Kijk!’ ‘Maar nee! Het is nu nog halfvol. Kijk maar!’ ‘Weet je het weer beter?’ ‘Maar ik kreeg ook minder limonade dan de anderen.’ ‘Dat is niet waar. Iedereen kreeg gelijk.’ ‘Jennifer kreeg veel meer.’ ‘Nee. Moet ik een vergrootglas halen? Een glas is een glas hé!’ ‘Jongens hebben meer dorst.’ ‘O, is dat zo? Moet je een optater misschien?’ ‘Nee, nog een beetje limonade graag.’ ‘Welhebjevanje … hiér!’ Lap. ‘Au!!’
    Sommige oorlogen zijn er gekomen door gekijf over stukken land of zee. Iedereen wil meer. Sommige ruzies zijn oranje of citroengeel, en sprankelend, met veel prik. Ouders zijn uitgevonden om hun kinderen te hinderen. Zij overtreffen ze trapsgewijs. Nooit kunnen die kinderen hun ouderen, pardon, ouders, inhalen. Of toch: de ouder wordt ingehaald door het kind als het gaat om trouwen of rouwen. Dan ligt de lat voor beide partijen gelijk: zeer plat. Misschien is ‘jongeren’ de overspelige trap van ‘jong’. ‘Jongeren’ is ook een verontrustend meervoud. Zijn er eigenlijk wel zoveel jongeren? Die bevolkingspiramide van ons landje ziet er op dat vlak bedenkelijk uit. Je denkt bij dat woord ‘jongeren’ ook gewoonlijk aan andere woorden, afhankelijk van de context: ‘schade’, ‘ongewassen’, ‘onwel’, ‘duizenden’. Zoals je bij ‘oud’ misschien aan ‘pensioen’ en ‘grijs’ en ‘stok’ denkt. ‘Jongen’ klinkt dan weer zo zoogdier- of eierschaalachtig. Terwijl ‘meisje’ niet eens een verkleinwoord is. ‘Jippie zeg, heb ik daar een aardige meis ontmoet.’ ‘Ouder’ is de vergelijkende trap van ‘oud’. Wee de man, de vrouw, die op zeer jonge leeftijd kinderen veroorzaken: zij zijn dan ‘ouder’. Meervoudsvarianten: ouders, oké, ouderen, ai. ‘Jongeren’ doet dan weer denken aan ‘worp’: de jongeren rolden als rapen uit de schoot van de vruchtbare boerin. Wat te doen? Ach, tegen de taal ingaan. Anders gaat die dicteren hoe je je moet gedragen. Waarom bijvoorbeeld kwispelt de hond met zijn staart? Omdat hij slimmer is dan zijn staart. Mocht hij dat niet zijn, dan zou de staart met de hond kwispelen. Ik vind dit een van de grootste wijsheden die ik al gelezen heb. Waarom, dat verklap ik u niet. U moet het zelf maar uitvissen. Feit is dat veel wijsheden in de vorm van een mop worden verkocht, ogenschijnlijk onnozel. Nee nee, gij daar kluchtigaard op de tiende rij, ik heb het niet over ‘Het is groen en het klimt zonder handen naar beneden.’  Drink maar uw limonade op. 


    02-10-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.193: Onder de zon

    ONDER DE ZON

    Het vuur, het wiel, de trap, penicilline, laser, de chip, de boekdrukkunst, de camera: je vraagt je af welke belangwekkende uitvindingen, ontdekkingen of vondsten nog gedaan kunnen worden. Soms kan er alleen nog maar verbeterd worden. Het is zoals een boek van Jules Verne: geen sciencefiction, maar een verbetering van reeds bestaande technieken. Voorbeeld. Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog werden duikboten gebruikt. Maar die lekten. Dat is erg voor die dingen. Verne las dat bericht in een krant. Hij dacht na over het probleem, schreef een boek en bracht op papier verbeteringen aan voor de onderzeeër. Latere toepassing ervan ‘in het echt’ bleek uitvoerbaar en succesvol. Zo zie je maar: schrijvers helpen de wereld vooruit, zelfs onder water. ‘Nieuwe dingen’ betekent ook ‘nieuwe woorden’. Voorbeelden uit de 20ste eeuw: aids, epo, asiel, ozongat. Hoera voor de Dappere Nieuwe Wereld. Nog een uitvinding van de 20e eeuw: Michael Jackson. Hij verschoot af en toe van kleur en sommige van zijn lichaamsdelen lieten los. Maar het megadom heeft hij uitgevonden. Hij vond ook zichzelf uit. Wat moet er verder nog uitgevonden worden? Een pil tegen BV’s. Een tv die alleen maar uit kan. Een oorlog waarbij iedereen gespaard wordt. Een geluidsdemper voor op de aardbol. Eetbare kleren. Eigen liedjesteksten voor Nicole en Hugo. Er is nog veel te doen. Komaan, aan het werk. Maar geen uitsloverij. Hef geen belastingen op goudvissen. Schaf feestdagen niet af. Schrijf geen boeken die uit de rekken liggen. Draag geen strikjes. Hef wel belastingen op karaoke, playback, piepschuim en moppen en hun tappers. Er is immers niets nieuws onder de zon. Zo daar al sprake van is.


    18-09-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.192: Besparen
    BSPRN

    N Tns (Nrd-Frk) hbbn z mr dr klnkrs. N ht Ndrlnds hbbn w r vf. Gnlk hb j d nt ns ndg. Ls mr ns d dvrtnts n d krnt. Mn zkt. vrw, wt j wl. Ls j r tch ng n prblm m hbt: vrvng vrl dr n e. D kmt ht mst vr. N tdn vn cnmsch crss bsprn w ds k p lttrs. Vndt . nt dt ht r lk tzt?

    02-09-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.191: De goede man

    DE GOEDE MAN

    Nog drie maanden slapen en het is weer zover. Dan komt de goede man. Wij hebben al zomerklaaskoeken gegeten. Een schande is het. Toen ik nog een uk was, rookte mijn pa Almos. Later werden dat andere merken. We wisten maar al te goed waar hij zijn voorraad verstopte. Ma dacht dus dat hij veel rookte. Het gebeurde wel vaker dat hij in het donker nog om een pakje holde, naar zo’n gezellig winkeltje uit oude tijden. Het rook er altijd naar zaterdag. Je kon er alles krijgen. Ik heb er eens mijn broer met zijn kont in een emmer haring geduwd. Elk jaar op één welgemikte decemberavond mochten we mee op stap om een pakje sigaretten te kopen. De wandeling heen en terug duurde een halfuur. Het was 5 december. Toen we weer thuiskwamen, mijn pa gehuld in verse Almos-wolkjes, was een andere goede man hem voor geweest. De Sint was gepasseerd! We hadden hem niet gezien. Toch woonden we in een doodlopende straat. De spoorboom aan het einde was al enkele jaren definitief neergelaten. De heilige man had bij ons wat speelgoed gedropt. Zo moesten we nooit wachten tot 6 december: vaak een ellendige schooldag waar Pieten op deuren bonkten en meesters vraagstukken opgaven met picknicken erin. (‘Jan heeft 10 picknicken. An 7. Als Jan er 6 opeet en An 2, hebben ze samenveel pret’). Elk jaar echter was ik sterk ontgoocheld in de Sint. Want ik hoopte altijd op een echt berenvel. Het stond lange jaren bovenaan op mijn verlanglijstje. Ik wou een heus berenvel om me in te vermommen en de mensen de stuipen op het lijf te jagen. Nooit kreeg ik het. In de derde kleuterklas had ik al sterke vermoedens omtrent de identiteit van de goede man. Hij rook namelijk naar Almos-sigaretten. Samen met mijn vriend Pol-zaliger deelde ik die vermoedens. Diens Sint rook naar Zemir, ook een merk van toen. De juf had dat door en parkeerde ons op 6 december in een bank vlak bij de deur. ‘Niet te hard schrikken als er hard gebonsd wordt hé. Je weet wel wie er dan komt hé … Maar: mondje dicht, hé!’  We knikten ijverig. Maar op 6 december wipten we net als alle andere babyboomers geschrokken op, toen er knoerthard op de deur gebonsd werd en een regen van picknicken over de kortgeknipte koppen scheerde. Pol en ik keken ondertussen door de baard van de goede man heen: herkenden we één van onze vaders? Buren? Meesters van de grote school? En wat betekende dat gedoe met die vier Pieten? ‘Hulppieten,’  legde de juf uit, na het gewelddadige Sint-bezoek aan onze klas. ‘De goede man wordt oud en kan niet alles zelf meer doen.’  Ze keek Pol en ik staalhard in de ogen. Het leven ging later door. Ik kreeg nooit een berenvel en Pol stierf jong. En mijn pa stopte met roken. Ik ook.


    15-08-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.190: Van die dagen

    VAN DIE DAGEN

    Soms heb je van die dagen. De duivel is ermee gemoeid, zoals ze zeggen. Je let de hele dag onbewust maar koppig op alle nummerplaten die in je vizier verschijnen. ’s Ochtends nestelt er zich een al net zo koppig meezingertje in je hoofd en dat blijft daar zitten voor de rest van de dag. Niks lukt en alles valt zelfs tegen. Er hangt overal een waas voor, waar je niet doorheen geraakt met je zintuigen. Mensen nemen voortdurend aanstoot aan je en aan alles wat je doet. Het kan ook een stralende dag zijn met ononderbroken stom geluk. Om de haverklap kom je mensen tegen die je al lang niet meer ontmoette. Je koopt de hele santenboetiek van lottobiljetten, maar je wint natuurlijk € 2,50. Je moet drie keer terug naar het warenhuis (twee keer voor de middag, een keer na de middag), want ze hebben zich echt wel vergist hoor, telkens opnieuw. Er ontstaat ruzie aan de kassa met een andere ongeduldige klant achter je. Tot je oneindig afgrijzen staat er een papegaai op de rug van haar jeans. Thuis rinkelen de telefoons alsof het de laatste dag van je leven betrof. De dag kan ook passeren zonder ook maar één luttel telefoontje, zelfs geen per vergissing, zelfs niet eentje met dat langverwachte stellig beloofde bericht. Je wacht en wacht en de huisarts komt pas tegen de avond nadat je eerst doodziek bent geweest en vervolgens weer kerngezond bent geworden. De postbode belt aan, maar je vergat de voorraad toiletpapier aan te vullen en dus moet je blijven waar je bent. De dag daarna belt hij weer aan: taks wegens porttekort. Je hebt vandaag al alles laten vallen wat je vastpakte. Hoe komt dat toch. Diezelfde gekke naam spookt zonder reden de godganse dag onder je schedelpan en je weet godgenageld niet waarom. Je gebruikt zelfs die naam of dat woord om ritmisch je voetstappen mee te begeleiden. Ja, van die dagen … waarop de hele dag lang iets in je hoofd dansen blijft, of weergalmen, en het wil er maar niet uit. Het zijn ook meestal van die dagen waarop je de lotto niet wint. Hoe hard je ook overal naartoe rent, hoe begripvol je je ook voordoet, hoe schalks de zon ook over de daken spettert, hoe heerlijk ook de Vlaamse regen in je gezicht kletst. Termijndenken noch domweg duiken helpen. Allemaal mierengewriemel, constateer je aan het eind van zo’n dag. En dan pesten ze je nog wat met een schrikkeljaar, een zomer- en een winteruur. En je moet weer die parade van dwaze koppen op de televisie ondergaan. En de krant herhaalt nog eens die dwazekoppenparade. Ja, je hebt van die dagen waarop je luid gillend of hikkend van het lachen onder de wol wil duiken.


    26-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.189: Zwarte zwaan

    DE ZWARTE ZWAAN

    Een hevig, leuk, origineel boek gelezen, verschenen bij uitgeverij Nieuwezijds (via Epo Berchem). Geen verhaaltje. Veel beter. De Zwarte Zwaan: de impact van het hoogst onwaarschijnlijke. Schrijver: Nassim Taleb, ex-beurshandelaar en professor onzekerheidskunde plus sceptisch empiricus. Een zwarte zwaan is onvoorspelbaar, heeft een grote invloed en achteraf proberen we die aannemelijk te maken. Of … we denken ze voorspeld te hebben. Het kan ook iets zijn wat tegen alle verwachtingen in niet gebeurt. Bekende voorbeelden: Harry Potter, 11 september, laserstralen, het internet, de lotto. Het enige voorspelbare is het onvoorspelbare. Hoe weten we wat we weten? Thema van dit boeiende non-fictieboek: onze blindheid t.o.v. toevallige variatie en grote afwijkingen. Initiatieven om dingen te voorkomen, worden nauwelijks beloond. Nochtans is voorkomen beter dan genezen. Zichtbare daden worden wel beloond. Wil je iemand goed leren kennen? Doe dat dan wanneer hij zwaar beproefd wordt. Je krijgt nl. geen inzicht in gezondheid zonder acht te slaan op ziekte of epidemieën. Het normale is vaak irrelevant. Probabilist Taleb heeft het over de hoogst onwaarschijnlijke maar ingrijpende gebeurtenis op alle fronten en in alle geledingen van de maatschappij. Gevallen uit het verleden die je eigen theorie moeten ondersteunen, vindt hij geen bewijzen zijn. Zijn voorbeelden zijn indrukwekkend leuk. Ik geef er eentje: de kalkoen. De kalkoen kent een hoogtepunt qua gevoel van veiligheid en welbevinden na vele dagen van intense voedertijden door een verzorgende mensenhand. Het vertrouwen groeit echter zienderogen naarmate ook het gevaar groter wordt, en grootst: vlak voor Thanksgiving – zijn doodsdag. Een totaal onverwachte gebeurtenis trekt dan abrupt een streep onder een leven van welbevinden, hem gegund door dezelfde hand die hem zal slachten. Dit boek gaat veel verder dan leuke voorbeelden. Nee, witte zwanen bevestigen niet dat zwarte zwanen niet bestaan. We worden beetgenomen door het onverwachte. Lees hoe Taleb daarover denkt en hoe die professor onzekerheidskunde daarmee omgaat.


    07-07-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.188: Questionnaire

    Questionnaire

    Kan het schuimen van gebladerte vergeleken worden met het ruisen van de zee?

    Is een wapperende bliksemserpentine de voorbode van carnaval in het walhalla?

    Doen we de donder na omdat we bang zijn in het donker?

    Valt er in een spikkelwoud van duizend blaren en miljarden flarden nog een vleermuis te ontdekken?

    Doet de regenboog je nooit vermoeden dat er nog onontdekte windstreken moeten zijn?

    Als de vollemaan van kaas gemaakt is, hoeveel sterren geef je dan aan haar firmament?

    Zouden bomen eens van plaats verwisselen zonder dat we er erg in hebben?

    Herhaalt de boomkruin ook de wortel en herhaalt de wortel ook de boomkruin?

    Waarom trekt een heksenkring zich van de vierkante meetkunde geen lor aan?

    Heeft de tijd dan werkelijk de laatste vogel uitgestippeld?

    Kunnen bomen zichzelf schorsen en in der eeuwigheid verdwijnen?

    Is dat een eenhoorn daar?

    Noteer je elke bladscène gefilterd door het inzicht van het licht of gooi je overvloedigheid te grabbel?

    Veranderen de hemelwatervallen iets aan gedane zaken?

    Moet regen niet een meervoud zijn zoals Vlaanderen en kinderen?

    Valt aan de duizendbladerboom een toeval af te lezen?

    Is de wirwar van de runen en de röntgen een geval van logica?

    Sneeuwt het spikkels licht en vuur en vlucht daar een takkewijf de struiken in?

    Kunnen verloren voorwerpen verdriet hebben?

    Hebben geur en reuk een zeker gewicht?


    08-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.187: Say cheese

    SAY CHEESE

    Heeft u er kaas van gegeten? Dan bent u een van de gelukkigen. Kom en volg mij op een kort kaasje-uit. Het lelijkste cliché over kaas: hoe meer kaas, hoe meer gaten, hoe minder kaas. O Afgod van Alle Kazen: straf de pseudofilosofische pummel die dit ooit lanceerde. Kaas is heilig. De patroonheilige van alle vaste kazen en smeerkazen is Willem Elsschot. Hij schreef een bekend boek met het heerlijke vierletterwoord als titel. Kaas is België. Kaas is Holland. Kaas is Frankrijk. Kaas is Engeland. Passendale. Gouda. Camembert. Stilton. De namen alleen al zijn mondverwennertjes. Een van mijn prilste jeugdherinneringen betreft een lachende koe. Tevens was het mijn eerste Frans: la vache qui rit. Een hele mondvol. Iets later leerde ik Herve kennen. De stinkerskazen droegen ook onmiddellijk mijn voorkeur weg. Dat was mijn eerste aardrijkskundeles. De stap van de kazen naar andere heerlijkheden zoals mosterd en wijn was daarna vlug gezet. Om de haverklap moest ik ook cheese zeggen … voor op de foto. Zelfs de feestelijkheden hadden dus altijd iets met kaas te zien. Een prangende vraag die altijd zal blijven hangen: is de maan van kaas gemaakt? Als dat zo is, doe mij dan maar een hele bol. Vollemaan graag. Ik ben immers een volbloed kaaskop. En ik weet ook waar Abraham de mosterd haalt.




                                                  COPYRIGHT JORIS DENOO
    ZIELSVERWANTE LINKS
  • Een blauwe plek
  • Moord !
  • Meester in de Vakken
  • De ongecomponeerde noot
  • Poëzie
  • Romaneske boeken
  • Satisfiction
  • Romans & Theater
  • Vreeslijke verhalen
  • Miljarden flarden

    Blog als favoriet !

    Foto

    Foto

    Sjors DNO eind vorige eeuw in een sneeuwstorm in Chicago


    Mail

    Druk op de knop


    Archief per jaar
  • 2017
  • 2016
  • 2015
  • 2014
  • 2013
  • 2012
  • 2011
  • 2010
  • 2009
  • 2008
  • 2007
  • 2006
  • 2005

    Foto

    Foto

    Foto

                       IK ALS UK
    Foto

    Me reading HARDZIEK, romandebuut Sarah Denoo

    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!