|
ALTIJDWITTE KERST
De kou ziet blauw als wintermelk. Er is geen huis dat niet iets van kerst heeft: kalkoen, cognac, Ebenezer Scrooge, groen, pakpapier in oorlogskleuren, verkoudheid. Als de kerstverlichting in de stad aanfloept, moet het echt wel donker worden. Zo geschiedt. De kou kan je nu niet meer zien. Alleen voelen. De hoop op een witte kerst is zo ijl als de donkere kou. Ijdele hoop wordt bij velen nederige hoop, bijna smeekbede, want hoe lang is het al geleden dat hagelwitte poedersuiker alom tot inkeer noopte? Winters zich konden meten met zovele oude schilderijen en ansichtkaarten? Is Vlaanderen veroordeeld misschien tot een altijdgroene kerst? Ach, niet getreurd. Voor een flink deel van de Vlaamse mensen is het alweer een witte kerst. De vergrijzing van de bevolking, een cliché als een kabouter op een paddenstoel, is namelijk meer en meer een voldongen feit. De welvaartstaat kan het sterftecijfer ernstige schade toebrengen. Blijven de natuur en de sneeuw in gebreke, nou, hup, vooruit dan maar, geen tandengeknars: de mensen doen het. De grijzen, de witten, de pigmentlozen, de ouden-van-dagen, de bejaarden, de hoogbejaarden, de oude jongeren, de jonge ouderen, de derde leeftijd, de vierde leeftijd, de prepensioeners, de gepensioneerden, de zilvervossen, de grootouders, de gewone ouders, de stiefouders, de generatiepacters: die zorgen elk jaar weer voor een algehele witte kerst. Jàren zijn ze herkenbaar geweest aan hun zwarte schoenen, hun kinderbijslag, hun slapeloze nachten. Nu kun je er ze zo uitplukken aan hun haren: wit, zilver, peper-en-zout, muisgrijs, loodgrijs, olifantengrijs, lijkwit, sneeuwwit, hagelwit. Groen en rood, de kabouteroutfit, de kerstkleuren bij uitstek, halen het nooit van het verhoopte wit. Na de zinsnede ‘een witte … ‘ vullen we trouwens bij voorkeur aan: ‘kerst’. Niks anders. Het is zoiets als ‘belendende … percelen’, ‘aangetekende … brief’ en ‘Baskische … afscheidingsbeweging ETA’. Oud, vertrouwd nieuws dus. In het geval van ‘witte kerst’ is het nieuws dat verhoopt mag worden. Zoals we vroeger op nieuwjaardag op uitkijk stonden tot de dronken postbode langskwam met de wenskaarten. En na sneeuw komt dooi. Opspattende donkergrijze kledder. Gegorgel en gekokhals in rioleringen. Grijze koortswind. Nu, voor mij is het toch elk jaar weer een flinke witte kerst: ik heb de ballen en het engelenhaar.
|