Foto
Zoeken in blog

Beoordeel dit blog
  Zeer goed
  Goed
  Voldoende
  Nog wat bijwerken
  Nog veel werk aan
 
Inhoud blog
  • praktisch
  • bloemen
  • vogel
  • de jonge
  • lied
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Altijd in beweging met van alles en nog wat...

    27-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.het licht

    Een gedicht van Jan Prins 1876-1948

    HET LICHT.

    Wij zaten aan het kalme plein,
    voor 't open venster van ons klein
    vertrek, de avond te beschouwen.
    Wij zagen hoe de hemel, bleek
    en ver, over de gevels week
    van de ons omringende gebouwen.

    De gave stammen, vast en rond,
    van olmen stegen uit de grond
    en hoog, om de verspreide kronen,
    zagen wij voorjaarsvogels al
    de uitgebreide schemerhal
    met hunne omzwervingen bewonen.

    Wij konden nog het klaar geluid
    horen voorbij ons gaan, dat uit
    de verte kinderstemmen maken.
    Een late zang bereikte ons, die
    verliep. Toen zei-je aandachtig: „zie
    „o zie het licht over de daken ..."

    Wij liepen in de luide stad,
    waar onze liefde zoveel had
    gevonden en zoveel geleden.

    Getijden (1917)

    schrijver

    27-05-2017 om 21:32 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    26-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.vlas

    Een gedicht van René de Clercq 1877-1932

    Het vlas staat in de blom.

    Het vlas staat in de blom,
    Al groen en blauwig; 
    En 't windje vliegt er om
    Zo vleiend lauwig. 

    De herels rechten flinks
    Hun tere topkens, 
    En keren, rechts en links,
    Hun kleene kopkens. 

    Hoe zot en preuts ze zijn,
    Elk met zijn vaantje 
    Van hemelblauw satijn
    Op 't groene staantje! 

    Hier beet een bruine bie;
    En ginder, ginder, 
    Vlug weg en weder, zie!
    Een witte vlinder! 

    En voort, tot waar dat blauw
    En groen in 't koren, 
    Vol lokkend grijs en grauw,
    Verloopt, verloren; 

    Zo ver als om-en-dom
    Het oog kan dragen, 
    Het vlas staat in de blom
    Te wiegewagen.

    Gedichten (1910)

    schrijver

    26-05-2017 om 21:59 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    25-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.hart

    Een gedicht van Guid Gezelle 1830-1899

    Brand los, mijn hert

    Brand los, mijn hert, van al dat uw
    gevlerkte vlucht ombindt;
    brand los van kot en ketens, nu
    de wenende oge ontblind;
    brand los, mijn hert, 't is nu, 't is nu
    dat de hemelvaart begint!

    Kleengedichtjes (1860)

    schrijver

    25-05-2017 om 22:49 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    24-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Sint Jan

    Een gedicht van Albertine Steenhoff-Smulders  1871-1930

    Sint Jan

    Nu is de nacht alleen een waas van dauw
    Dat strelend op de warme weiden daalt
    En vóór ’t opaal vervloeit in donkerblauw
    Teerrood alrêe de morgenschemer straalt,
    Het zijn de lichte nachten van Sint Jan.
    Zwaar wolkt een geur van rozen door het woud,
    Daar is geen vogel, die nu slapen kan,
    Geen bloem, die niet haar kelke openvouwt.

    Stil-stralend ligt de Plas in zilverlicht;
    Heel zacht bewogen door de morgenwind
    Wuift suizend riet; in ’t wijde vergezicht
    Sluimren de dorpen in matgrijze tint.
    ’t Is hoogfeest van het blije zomertij,
    Reeds juicht de merel als de vreugde ervan,
    De zomerdroomen ruisen ons voorbij …
    Het zijn de lichte nachten van Sint Jan.

    schrijver

    24-05-2017 om 21:51 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    22-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.mensheid

    Een gedicht van P.L. van de Kasteele 1748-1810

    De voortreffelijkheid der mensheid.

    De Vleizucht moog een lofzang zingen,
    Als Heerszucht mensenbloed vergiet,
    Om volken door haar wenk te dwingen;
    Zij schat, onsterflijk mens! zij kent uw grootheid niet.

    Geen troon verheft, geen stulp vernedert;
    Het goud versmelt, en de eer is schijn;
    Maar 't hart, door eedler smaak vertederd,
    Zingt vrolijk; ‘'t Is voor mij genoeg, een mens te zijn.’

    Voortreflijkst Schepsel! Heer der Aarde!
    Uws Makers liefde! Uws Makers beeld!
    Gevoel, als Gods geslacht, uw waarde,
    En toon, dat in uw geest de Geest der Godheid speelt!

    Zo pronkte ge eens, gelijk een ceder;
    Dan ach! nu ligt ge in 't stof geveld:
    Gij stortte van uw hoogte neder,
    Daar ge, al wat u omringt, hier tot verwoesting stelt.

    En nog wil God de mensheid eren:
    Gods Zoon werd mens, en stierf op aard',
    Leer mensdom, leer uw zelf waarderen;
    Zo veel is uw behoud zelfs aan de Godheid waard.

    Al moog deze Aarde een handvol schijnen
    Bij 't groot Heelal, een stip bij God;
    Al ziet ge u op dit stip verdwijnen;
    De mensheid van Gods Zoon plaatst mensen naast bij God.

    Hij heeft uw schuld op zich genomen,
    En is tot ons met 's Vaders Geest,
    Tot God met ons rantsoen gekomen:
    Hij is een mens bij God, en God bij ons geweest.

    Hij heeft de mensheid hoogst verheven,
    God zag in Hem, schoon 's Mensen Zoon,
    De heiligheid der Godheid leven;
    En wij, wij zien in Hem de mensheid op Gods troon.

    Daar mag Zij 's Wereld lot bestieren,
    Ten nutte van de Broederschaar:
    Wij zullen ook eens zegevieren;
    De kroon is in de hand van onze Middelaar.

    Wat is het groot, een mens te wezen!
    Schoon de Englenrang ons hoger schijn;
    Wij, in 't verheerlijkt vlees verrezen,
    Wij zullen, meer dan zij, gelijk aan Jesus zijn.

    Hij, die met ons als broedren handelt,
    Liet ons zijn Woord en Geest te pand,
    Welaan! zijn voetspoor nagewandeld!
    Daar Jesu's mensheid is, daar is ons Vaderland.

    ô Mens! hoe Godlijk zijn uw schatten!
    Het stof is voor 't gewormt bereid;
    Niets eindigs kan uw heil omvatten.
    Gods rijkdom is uw schat, uw leven de Eeuwigheid.

    Vaderlandsche letteroefeningen, jrg 1792

    schrijver

    22-05-2017 om 21:32 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    21-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.rozeneiland

    Een gedicht van J.A. van der Mouw 1863-1919

    't Rozeneiland

    't Rozeneiland Cyprus betrad een zeeman;
    tempelwaarts eerbiedig zijn schreên hij richtte,
    tot hij kwam, waar spieglen in groene golven
    marmeren zuilen:

    'Priesters, op! brand 't geurigst, het kostelijkst wierook,
    stijg' zijn damp naar 't dak van deez' heil'ge tempel,
    pleng op 't altaar purperen wijn en helder
           rijzen uw hymnen:

    Diensters, op! pluk rozen en kronklend eiloof,
    geur'ge bloemkrans vlecht op het heilig altaar
    haar ter eer, die erfde de op 't ruim der wat'ren
           dartlende glimlach.'

    Hem, die Mij eert, schenk Ik Mijn gunst der liefde
    vaste trouw; u, maagd, in het nev'lig noorden
    zend dit pand Ik, heil'ge van 't zonnig Cyprus,
           Ik, Afrodite.

    schrijver

    21-05-2017 om 21:42 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    20-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.gesprek

    Een gedicht van Willem de Merode 1887-1939

    GESPREK

    Er was geen nood, er was geen zonde,
    Die ik niet aan u zeggen konde.
    En alle zorg en alle wee
    Verzonk in uwer liefde zee.

    Gij had geen woorden en gebaren,
    Het licht, dat fonkelde in uw haren,
    De glans die in uw ogen lag,
    Uw klaarheid wàs: de nieuwe dag,

    De milde zon, de frisse winden,
    't Onwrikbaar aan elkaar verbinden
    Van morgenkalmte en avondvreê,
    Van stervens- en geboortesteê.

    God laat de sferen soms verschuiven,
    Even zijn de heemlen openwuiven,
    Opdat wij weder vreugde en moed
    Veroveren voor ziel en bloed.

    En zo zijt gij ... maar waarom beven
    Uw wimpers en uw lippen even?
    'Omdat ik voor die vrede en pracht,
    Als gij, op Gods genade wacht.'

    Uit: De Kringloop (1912 - 1935) (12-04-1934) .

    schrijver

    20-05-2017 om 21:58 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    18-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.avond

    Een gedicht van Alfrad Hegenscheidt 1866-1964

    Avond aan Zee

    De gladde golven glippen naar de rede
    Met klaterend even, weer gesmoord gekoos,
    De hemel schemert over zee, en mede
    Is vrede wijd en zijd en tijdeloos.

    En uit de haven komen zij gegleden
    De boten met hun zeilen roereloos,
    Een kantige schaduw tegen donkerheden,
    In 't spiegelende nat een schaduw broos.

    De nacht is peilloos; waar de verte zwicht,
    Verschijnt, verdwijnt het wezenloze licht
    Van ene baken in de zee verloren.

    De boten, onbeweeglijk, gaan te lore.
    Ginds in de nachtelijke wederschijn,
    Schaduw en schaduwbeeld verschemerd zijn.

    Van Nu en Straks, jrg 4 (1900)

    schrijver

    18-05-2017 om 21:24 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    17-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.reizen

    Een gedicht van Hein Boeken 1861-1933

    REIZEN

    Ligt aan de tint des gronds verscheiden verve,
    Hangt aan het licht der zon verscheiden aard
    Der mensen? Dán, o laat mij, laat mij zwerven,
    O laat mij dolen, dolen Oost-, West-waart.

    Hoe zoude ik in dit eenzaam kluisken derven.
    Kennis dier allen, die in weelde-gaard'
    Of woestenij van stad of zand-zee erven
    Des levens vonk, uw gave, o Moeder Aard',

    Uw gave, o Vader Zon. 0 laat mij drinken
    De blik van ogen, zwart, bruin, hemels-blauw,
    O laat mij diep in kelk van stem wegzinken,
    Daar pure ziel als bie puurt honig-dauw...

    Ach, oov'ral beedlaar zijn, slechts gaven gaeren?
    Geen stem doen helder zijn, geen smart-blik klaren?

    15 maart 1919

    schrijver

    17-05-2017 om 21:54 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    16-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.vonkelt

    Een gedicht van Emanuel Hiel 1834-1899

    Vonkelt er een straal der zonne

    Vonkelt er een straal der zonne,
    lachend in het hart der bronne,
    borr’lend zingt ze in heilige wonne:
    liefde, liefde zoet! 

    Kom, terwijl die zielestralen
    van het liefke in mij dalen,
    zal ik moedig haar herhalen:
    liefde, liefde zoet! 

    Hebt ge, kind, de straal der minne,
    ‘k voel in mijne ziel en zinnen,
    d’eeuwige bronne voor u rinnen:
    liefde, liefde zoet!

    Uit de liefde in het leven (1870)

    schrijver

    16-05-2017 om 21:55 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    15-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.dichter

    Een gedicht van Aart van der Leeuw 1876-1931

    DE DICHTER

    Toen ik nog daar was, twistten om mijn ziel,
    En voerden, met het zwaard gewapend, strijd,
    Twee machten, die ik in de handen vie!,
    De worm zo noemde ik ze en de oneindigheid.

    Maar zie nu naast mijn grafstee opgericht,
    Tezaam gebeiteld uit het kuis albast,
    En warm besprenkeld door het weemlend licht,
    De beide knapen bij hun kus verrast.

    Het aardsche paradijs (1927)

    schrijver

    15-05-2017 om 21:18 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    14-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.tred

    Een gedicht van Henriette Roland Holst-van der Schalk 1869-1952

     

    Ik zie ze gaan, met de vermoeide tred

    Ik zie ze gaan, met de vermoeide tred
    van hen die moedeloos-ontkrachtigd leven,
    die nooit op banen van manmoedig streven
    een veerkrachtige voet hebben gezet.

    Ik zie ze gaan, met de slepende gang
    van wie niets wacht, na de doorzwoegde uren,
    dan even 't kort opflikkren van de vuren
    der lust, en weergalm van haar rauw gezang.

    Ik zie ze willoos vallen naar de nacht
    en neerstorten in de slaap zonder beelden
    die hun trillende lijven maakt als lood...

    Heeft àl ons wete' ons dan hiertoe gebracht
    en àl ons kunnen? Tot zielloze weelde
    voor weinge' en voor de velen 't leve'-in-dood?

    Dietsche Warande en Belfort. jrg 1929

    schrijver

    14-05-2017 om 22:31 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    13-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Een gedicht van Frans Bastiaanse 1868-1947

    ALLES IN ËEN.

    Geen najaar nog, maar in zijn volle zomer
    Strekt zich voor mij het land des Levens uit;
    Na 't blanke bloemscherm voor de jonge dromer,
    Rijpt voor den man 't geboomt zijn vroegste fruit.

    Veel donkre dalen liet ik stijgend achter,
    En 't morgenland, dat diep teruggeblauwt:
    Een werelds paradijs, waar zacht en zachter
    Kleuren vervloeien en het licht verflauwt.

    Maar lust het mij somtijds terug te keren,
    Dat land der Jeugd te zien met mannelijk oog,
    Dan brengt Herdenken 's harten teerst begeren
    Zo toovrig schoon als 't eéns dat hart bewoog,

    En zet in brand, wat lang zijn vlam verloren,
    En maakt zelfs zoet, wat eind te bitter had,
    En wijst de oude weg, door 't zonnig koren,
    Naar 't schaduwkoele van der wouden pad,

    En doet mij, schoon of 't werkelijk waar herleven
    Het uur, dat nooit op aarde weerga vond,
    Een lach, die leeft, langs dode lippen zweven,
    En wekt het woord uit lang gestorven mond.

    Heeft mij dan dus een eeuwig trouw Herdenken
    Opnieuw geschonken vreugd van vroeger tijd,
    Dan zie ik 't Leven voor mijn voeten drenken
    In glans van Uwe tegenwoordigheid;

    Dan ligt, zo ver als achter mij 't verleden,
    Het Leven vóór me' in volle zonnegloed;
    Dan, 't licht verschiet, van 't Leven nieuw betreden
    De voller vreugd, die 'k eenmaal vond, vergoedt,

    Daar zingend klinkt door mijn verjeugdigd wezen
    De klare vreugdklank Uwer stemme heen,
    En ogen zeggen, wat ze' in ogen lezen:
    "Niet meer alleen, nooit meer op aarde alleen."

    Gedichten (1918)

    schrijver

    13-05-2017 om 23:02 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    12-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.waarom?

    Een gedicht van P.A.M. Boele van Hensbroek

    Waarom die dromen?

    ‘Waarom die dromen? - Weer ze uit uw leven!’
    Zo hoor ik stemmen. - Wrede werkelijkheid
    Is 't, die van 't wiegje naar het graf U leidt,
    Wat kunnen dromen U voor 't leven geven? -

    En tóch, tóch acht ik ze mijn hoogste goed,
    Die dromen. Of ze ook nevelbeelden blijken,
    Zij komen daaglijks heel mijn zin verrijken
    Met schatten van genot, van licht en gloed.

    schrijver

    12-05-2017 om 21:55 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    10-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.omhoog

    Een gedicht van J.A. dèr Mouw 1863-1919

    Omhoog zien naar de zon de waterrozen

    Omhoog zien naar de zon de waterrozen,
    Kinderlijk, alsof 't Rafaels eng'len waren;
    Grauw slib en wijde schem'ringen bewaren,
    Die hier de dood stilde tot smartelozen.

    Opzuigt de bliksemstorm het meer tot hozen:
    Dan staan in blauw doorschijnende pilaren
    De doden: hun zwarte ogengaten staren
    Boven hun grijns om macabre apotheozen.

    Naar Brahman's zonlicht bloeien mijn gedachten;
    Schem'ringen, koel, van zielegronden brachten
    Rust aan mijn smart om wensen, lang gebroken:

    Vlaag van herinn'ring woelt uit grauw vergeten
    'T verleden op bij flits van plots'ling weten -
    'T herrijst, 't herrijst; mijn dode wensen spoken.

    Brahman II (1920)

    schrijver

    10-05-2017 om 20:01 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    09-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.treur

    Een gedicht van J.P.Hasebroek 1812-1896

    Ja, treur vrij omdat u de Jonkheid ontvlood

    Ja, treur vrij omdat u de Jonkheid ontvlood,
    En met haar de dromen der hoopvolle jeugd.
    Want arm wordt ons 't leven aan heil en geneugt,
    Zo ras ons verbeelding haar lusthoven sloot.
    Geen pantser beschut ons voor 's ongeluks prang,
    Als wat onzer Jonkheid de boezem omtoog:
    De traan, door de Droefheid ontlokt aan haar oog,
    Is zoeter dan 't lachj' op de rimplende wang.

    Ja, schoonst is de bloem, als haar purper en goud
    Nog schuilt in het groen van de omzwachtlende bot,
    En 't leven het zoetst als de roos van 't Genot
    Nog niet uit de knop van de Hoop zich ontvouwt.
    Zelfs, wat ons ontga, de gedachte aan die vreugd
    Is 't lusthof waaruit ons geen Cherubszwaard drijft:
    En geen zwerft er rond over de aarde of hem blijft
    't Herdenken aan 't Eden van Onschuld en Jeugd.

    Poëzij (1836)

    schrijver

    09-05-2017 om 21:45 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    08-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.wijn

    Een gedicht van O.C.F Hoffham 1744-1799

    WIJN, LIEFDE EN SLAAP.

    De muzelman weerstaat god Bacchus,
    De monnik god Cupido;
    Men biedt die goden trots:
    God Hypnus slechts is onweerstaanbaar;
    Hem volgt, gedwee en willig,
    En turk en kloosterling.

    De wijn baart dronkenschap, de liefde
    Onkuisheid; maar het slapen
    Schenkt nuchterheid en tucht.
    De dronkaard zoekt alom krakelen,
    De onkuise vuile vreugden;
    De slapende ademt deugd.

    't Vermaak, te drinken en te minnen,
    Is vluchtig, als ons leven;
    De dood fnuikt liefde en wijn.
    De slaap bepaalt zich aan gene eeuwen:
    Want sterven wij in 't einde,
    ô Dan eerst slapen wij!

    De schrandere arts verbiedt de kranken
    't Gebruik des wijns, en tevens
    't Genot der zoete min;
    Terwijl zijn kunst daarop bedacht is,
    Dat hij de zwakke lijder
    Een zachte slaap verschaff'.

    De stervenden walgt dartle wellust,
    Ook walgt hem de eêlste nectar,
    In 't vege tijdgewricht:
    En, vrij van 't ondermaanse, haakt hij
    In de uiterste ogenblikken
    Naar de armen van de slaap.

    Proeve van Slaapdichten (1784)

    Illustratie: Hypnus, god van de slaap.

    schrijver

    08-05-2017 om 21:25 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    07-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.krekels

    Een gedicht van C.S. Adama van Scheltema 1877-1924

    De krekels en de wandelaar

    De dag ging heen, zonk eenzaam achter
    Een oude wijze vlier,
    De meiliedjes werden al zachter,
    De wei lag vol getier -
    De kleine krekels riepen:
    Kom hier! kom hier! kom hier!

    'k Sloop zachtjes door de bronzen wei,
    Het zong er als een lier, -
    Ik hoorde 't - ik was heel dichtbij -
    Dan zweeg 't - ik zag geen zier, -
    't Was verder dat ze 't riepen:
    Kom hier! kom hier! kom hier!

    De avond borg zijn schoonheid weg
    - Zijn schatkist op een kier -
    Ik zag het niet, 'k zocht langs de weg,
    Ik zocht zo'n zingend dier, -
    't Was ginder dat ze 't riepen:
    Kom hier! kom hier! kom hier!

    Ik voelde mij alleen in 't donker,
    Een sterretje had plezier
    En lachte met zijn fijn geflonker
    Door de oude wijze vlier, - -
    Alleen de krekels riepen:
    Kom hier! kom hier! kom hier!

    Van zon en zomer (1902)

    schrijver

    07-05-2017 om 20:50 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    06-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.liefdesuur

    Een gedicht van P.F. Kerckhoven 1818-1857

    Liefdesuur

    Schuitje, dobber zachtjes voort,
    Voer mij naar dit eenzaam oord,
    Waar in groene frisse dreven,
    Door de zomergeur omgeven,
    Niets de kalme ruste stoort.

    Schuitje, dobber, dobber zacht;
    Weldra zendt de koele nacht
    Zijne frisse schaduw neder,
    En de nachtegaal zingt teder
    Zijne zoete minneklacht.

    Weldra zal de zilvren maan
    Aan de starrenhemel staan,
    En het ondoordringbaar donker
    Zal voor 't zacht en lief geflonker
    Der vorstin des nachts vergaan.

    Zielbetoovrend is die stond;
    Dartel, zefier, dartel rond,
    Meng uw zuchten bij 't geklater
    Van het kabbelende water,
    Dartel, zefier, vrij in 't rond.

    Zie de schaduw daalt reeds neer
    Op het spieglend kalme meer,
    Rijkgetint door duizend kleuren,
    En der waatren frisse geuren
    Klimmen telkens meer en meer.

    Alles ademt ruim en vrij,
    Alles spreekt van melodij;
    En de beekjes, die daar bruisen,
    En de windjes, die daar ruisen,
    Vormen mee de harmonij.

    ’t Zonnevuur is thans geblust,
    Gans het aardrijk haakt naar rust;
    Door de schaduw overtrokken,
    Voelt het zich ter sluimring lokken,
    Door natuur in zwijm gekust.

    Zachte sluimring der natuur,
    Gij verkondigt mij het uur,
    't Uur der heilge, reine liefde
    Die mij eens de boezem griefde
    En nu streelt - het hemels uur!

    Schuitje, vlieg nu, vlieg nu voort,
    Tover mij in 't eenzaam oord,
    Bij die frisse hoge linden,
    'k Zal er thans mijn meisje vinden:
    Trouw en heilig is haar woord.

    schrijver

    06-05-2017 om 17:15 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)
    05-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.sluimer

    Een gedicht van Jacques Perk 1859-1881

    Sluimer

    Stil! - Duizendogig spiegelt zich in 't meer
    De nacht, en laat haar bleke luchter beven,
    Die gloeiend witte glanzen heen doet zweven
    Om 't, rond de diepte reiend, rotsenheer.

    En Sluimer daalt op vlinderwieken neer,
    Met wuivend rijs, waaraan de druppen beven,
    Die dauwend droom en zoet vergeten geven,
    En zweeft in schaduw peinzend heen en weer.

    En in mijn dolend hulkje, dat er glijdt
    Langs 't kabblend zilver, zet hij zich; ik zie
    Hem tederblikkend over mij gebogen.

    Hij lacht mij aan, ontplooit de wieken wijd...
    Ik hoor een sluimerende melodie,
    En weet niet wat mij loodzwaar viel op de ogen...

    schrijver

    05-05-2017 om 21:58 geschreven door Dora


    >> Reageer (0)


    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Archief per maand
  • 09-2020
  • 08-2020
  • 01-2019
  • 12-2018
  • 11-2018
  • 10-2018
  • 09-2018
  • 08-2018
  • 07-2018
  • 06-2018
  • 05-2018
  • 04-2018
  • 03-2018
  • 02-2018
  • 01-2018
  • 12-2017
  • 11-2017
  • 10-2017
  • 09-2017
  • 08-2017
  • 07-2017
  • 06-2017
  • 05-2017
  • 04-2017
  • 03-2017
  • 02-2017
  • 01-2017
  • 12-2016
  • 11-2016
  • 10-2016
  • 09-2016
  • 08-2016
  • 07-2016
  • 06-2016
  • 05-2016
  • 04-2016
  • 03-2016
  • 02-2016
  • 01-2016
  • 12-2015
  • 11-2015
  • 10-2015
  • 09-2015
  • 08-2015
  • 07-2015
  • 06-2015
  • 05-2015
  • 04-2015
  • 03-2015
  • 02-2015
  • 01-2015
  • 12-2014
  • 11-2014
  • 10-2014
  • 09-2014
  • 08-2014
  • 07-2014
  • 06-2014
  • 05-2014
  • 04-2014
  • 03-2014
  • 02-2014
  • 01-2014
  • 12-2013
  • 11-2013
  • 10-2013
  • 09-2013
  • 08-2013
  • 07-2013
  • 06-2013
  • 05-2013
  • 04-2013
  • 03-2013
  • 02-2013
  • 01-2013
  • 12-2012
  • 11-2012
  • 10-2012
  • 09-2012
  • 08-2012
  • 07-2012
  • 06-2012
  • 05-2012
  • 04-2012
  • 03-2012
  • 02-2012
  • 01-2012
  • 12-2011
  • 11-2011
  • 10-2011
  • 09-2011
  • 08-2011
  • 07-2011
  • 06-2011
  • 05-2011
  • 04-2011
  • 03-2011
  • 02-2011
  • 01-2011
  • 12-2010
  • 11-2010
  • 10-2010
  • 09-2010
  • 08-2010
  • 07-2010
  • 06-2010
  • 05-2010
  • 04-2010
  • 03-2010
  • 02-2010
  • 01-2010
  • 12-2009
  • 11-2009
  • 10-2009
  • 09-2009
  • 08-2009
  • 07-2009
  • 06-2009
  • 05-2009
  • 04-2009
  • 03-2009
  • 01-2009
  • 12-2008
  • 11-2008
  • 10-2008
  • 09-2008
  • 08-2008
  • 07-2008
  • 06-2008
  • 05-2006


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!