NIEUW: Blog reclamevrij maken?
ONDERWIJS ... TAAL ... EN ANDERE LEUKE DINGEN ... ZOALS KINDEREN ...
Inhoud blog
  • Pauze
  • Hogeschoolvos (16)
  • Hogeschoolvos (15)
  • Verlichte gedichten
  • Hogeschoolvos (14)
  • Hogeschoolvos (13)
  • Hogeschoolvos (12)
  • Hogeschoolvos (11)
  • Hogeschoolvos (10)
  • Hogeschoolvos (9)
  • Hogeschoolvos (8)
  • Hogeschoolvos (7)
  • Hogeschoolvos (6)
  • Hogeschoolvos (5)
  • Hogeschoolvos (4)
  • Hogeschoolvos (3)
  • Hogeschoolvos (2)
  • Hogeschoolvos (1)
  • Biebjong 30: EENHOORN
  • Biebjong 29: SCHAAK!
  • Biebjong 28: HOP!
  • Biebjong 27: HOORSPEL
  • Biebjong 26: WUIF
  • Biebjong 25: VALLEN
  • Biebjong 24: SCHOENEN
  • Biebjong 23: STILTE!
  • Biebjong 22: ELIOTT
  • Biebjong 21: MAANREIS
  • Biebjong 20: DE GANS
  • Biebjong 19: KIEZEN
  • Biebjong 18: VIS
  • Biebjong 17: NIET NAT
  • Biebjong 16: BLOOT
  • Biebjong 15: TINGELING!
  • Biebjong 14: WINDEKIND
  • Biebjong 13: JASMIEN 13
  • Biebjong 12: SPLASH!
  • Biebjong 11: POËZIE
  • Biebjong 10: HELP!
  • Biebjong 9: BLOSSEN
  • Biebjong 8: REVOLUTIE
  • Biebjong 7: KIND TOCH!
  • Biebjong 6: KR-PRAAT
  • Biebjong 5: STOEF!
  • Biebjong 4: KLETSKAAS
  • Biebjong 3: APPELONIA
  • Biebjong 2: APPELEN
  • Biebjong 1: ARISTIDE
  • Award?
  • Kersverse boekjes
  • Bieb bieb bieb
  • Wonderklas
  • Van A tot Z
  • Verrekijker
  • HOE IK BRIDGE LEERDE
  • Defence House BV
  • Sybren Polet
  • Lente a/d Leie
  • Kanalfabetisme
  • Abraham op Kulak
  • R-woord
  • Verrekijker
  • Friesland
  • And the winner is...
  • Bij leven & welzijn
  • Too far
  • Muilpeer
  • AMUZEMENTEN
  • Taalstrijd
  • Taaltreur
  • PVO in de klas
  • Staat van medewerking
  • Raf
  • Gedichtendag 2014
  • Kweetet !
  • 2014
  • Ik had jullie willen schrijven
  • Amusant
  • Oprotregeling
  • Sentimental journey
  • Zwanenzang
  • Papa Langkous
  • 175 jaar
  • Etters & Engelen (KT)
  • 13
  • Vives
  • 'Het' gezin
  • IM Virginie V.
  • Ode aan de aldi
  • Verlengingen (55)
  • HET JAAR ELF
  • Hier al verschenen
  • Zomer 2012
  • 175 jaar
  • Een Vlaemsch gezin
  • Verlengingen (54)
  • Schaak!
  • Gedichtendag 2012
  • Wisselkoers 2011-2012
  • Zzoéff!
  • Verlengingen (53)
  • BB A'pen 11
  • Verlengingen (52)
  • Verlengingen (51)
  • Verlengingen (50)
  • Mijn meesters
  • AMUZEMENTEN
  • Taal is een aardig ding
  • D-day
  • Reces
  • Verlengingen (49)
  • Verlengingen (48)
  • Rotkop
  • Lof & Sof
  • Hoegaarden
  • Old skool
  • VREEMDE HEMELVAART
  • Verlengingen (47)
  • Verlengingen (46)
  • Verlengingen (45)
  • Verlengingen (44)
  • Diversiteit
  • Negen
  • Verlengingen (43)
  • I.M.
  • KunstKunst
  • Flashback
  • Verlengingen (42)
  • Aan mijn slechte leraren
  • Aan mijn goede leraren
  • Vakantiegangster
  • De bel
  • Visioen
  • Verlengingen (41)
  • Verlengingen (40)
  • Verlengingen (39)
  • Dofferd tris
  • Dofferd bis
  • Verlengingen (38)
  • Het GND
  • Verlengingen (37)
  • Spelling
  • Dofferd
  • Hete kolen
  • Verlengingen (36)
  • Gedichtendag
  • Verlengingen (35)
  • SPELING
  • Verlengingen (34)
  • Verlengingen (33)
  • Verlengingen (32)
  • Boom der kennis
  • Verlengingen (31)
  • Beurs van boeken
  • Verlengingen (30)
  • Verlengingen (29)
  • Verlengingen (28)
  • Verlengingen (27)
  • Verlengingen (26)
  • Verlengingen (25)
  • Verlengingen (24)
  • DRAMA
  • Kwakkel
  • Verlengingen (23)
  • Verlengingen (22)
  • Verlengingen (21)
  • Verlengingen (20)
  • Verlengingen (19)
  • Verlengingen (18)
  • Verlengingen (17)
  • Verlengingen (16)
  • Verlengingen (15)
  • Verlengingen (14)
  • Verlengingen (13)
  • Verlengingen (12)
  • Verlengingen (11)
  • Verlengingen (10)
  • Verlengingen (09)
  • Verlengingen (08)
  • OBLOMOW
  • Verlengingen (07)
  • Verlengingen (06)
  • Verlengingen (05)
  • Verlengingen (04)
  • Verlengingen (03)
  • Verlengingen (02)
  • Verlengingen (01)
  • Leefbaar Vlaanderen
  • * * *
  • Ken uw klassiekers (2)
  • Ken uw klassiekers (1)
  • Krantenpraat
  • Boekhouder
  • Liberale schoenen
  • GVD ! (Gebed om liefde)
  • Vieze Madeleine
  • Kleermaker van de maffia
  • Mijn eerste Frans
  • Vrouwtje Miserie
  • Oudgedienden/Stiefzusjes
    Zoeken in blog

    Foto
    Noordzee, 2012, -10°C, met strandjutter Wilma
    Foto
    Vertellen over mijn boeken in Savio Gits
    Foto
    Wilma viert kerst 2013
    Foto
    Me reading HARDZIEK, Sarah Denoo
    (M/V): MEESTER IN DE VAKKEN (Sjors DNO)
    JEUGDBOEKERIJ & SCHOOLVOSSERIJ VOOR EX-KINDEREN & KINDEREN OP JONGER FORMAAT
    20-04-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Pauze

    ALS DE ROOK OM JE HOOFD IS VERDWENEN

    (Herinnering aan de oude rookkamer in het Sint-Jozefsinstituut in Torhout)

    Het was het tijdperk van ‘Sprint, de sigaret voor de sportman’. De voltallige rookkamer van het instituut is inmiddels… nou: uitgerookt. Vroeger rook het hele instituut naar een rokerij. Allemaal rokerigheid. In de gangen en lokalen hing permanent een verschaalde lucht, bijwijlen zelfs zichtbaar zeilend in slierten die op lijkwaden leken. Half gedronken koppen koffie en te haastig uitgedrukte peuken zorgden daarvoor. De cultus van de sigaret heerste zo ontegensprekelijk dat zelfs niemand er aanstoot aan nam dat peuken op de grond werden gegooid en simpelweg platgetrapt. Zoals in vrijwel elke film. Daarna kwamen er toch asbakken. Eerst van die grote lelijke ijzeren ondingen die op tafels werden neergepoot, in het middelpunt van de belangstelling. Vervolgens nog lelijker gedrochten in de vorm van metalen zuilen op handhoogte naast elke denkbare deur. Nog later verdwenen ook die dan, aan het einde van het tijdperk met gedoogbeleid. Er kwamen hele batterijen politiek correcte verse afvalbakken voor in de plaats: papier, plastic, resten, fruit, groente, batterijen, glas… Die hielden de gebouwen en de omgeving wat schoner, maar ontsierden die ook. In elke hoek of gang trof je zo’n hongerige slagorde ongelijke monsters-met-kleppen aan, in de lelijkste kleuren en bepleisterd met pictogrammen. Afval moest opvallen. Want er waren altijd hardleerse bewoners van Moeder Aarde, die hun klokhuis in de blauwe bak mikten, of die hun boekbespreking in de grijze klep van het restafval propten. Ze konden niet met het luxeprobleem omgaan. Ze hielpen de wereld om zeep.

    Naast de lerarenkamer (waar dapper gerookt werd) was er ook nog een speciale rookkamer, een verdieping hoger. Daar werd koffie gedronken tussen de middag. De leraren speelden er kaart en rookten er nog intenser dan in de lerarenkamer. Het oude hout van de bekleding en de meubels vertoonde ettelijke lagen nicotine, als de jaarringen van een boom. (‘Starcke Tronck, Altijt Jonc’: die spreuk prijkte in een brandglasraam op de eerste verdieping, naast het obligate ‘Ora et labora’).

    In de loop der moderne tijden (computer, gemengd onderwijs, vernieuwde spelling, Europa) begon het: af en toe stopte iemand met roken, met vallen en opstaan, opgeschrikt door de dood van een bekende. Hij bleef wel kaarten en koffiedrinken. De vingers waarmee hij zijn waaiertje kaarten bijeenhield, werden minder geel. Hij werd een kleine held of een rare snuiter in de rokerige wereld van de leraren. Stiekem keek hij wel toe hoe zijn kaartkornuiten hun rook verzaligd inhaleerden en smakelijk weer uitbliezen. Hoe tussen de praatballonnetjes zich ook rookgordijntjes ontwikkelden. Hij was er ‘nog niet van af’. Maar naarmate er meer gestorven werd, werd er ook meer gestopt met roken. De laatste der Mohikanen waren met z’n vieren. Ze speelden kaart aan eenzelfde tafel, vaak bespied door afgunstige ‘stoppers’ die zich afvroegen waarom ze ook alweer gestopt waren. Want die vier bleven maar leven. In dit mekka van de mokka ontbrak er iets. Maar het wende. Uiteindelijk rookten tijd en ouderdom de hele leraren- en rookkamer van het instituut uit. De ultieme democratie, waar de lat voor iedereen gelijk ligt: plat. Nieuwe generaties hebben de oude lokalen een verse bestemming gegeven. Ja: het leven is een sprint naar het graf.


    18-04-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (16)

    HOGESCHOOLVOS (16)


    Men vond – mee met de trends – allerlei benamingen uit voor wie aan het roer van de hogeschool stond: directeur, prefect, departementshoofd… Maar lang voor daarvan concreet sprake was, lag de echte macht bij de algemeen directeur van het hele jongensscholencomplex (later ‘gemengd’) in mijn stadje. Jozef Noterdaeme, een priester van indrukwekkende hoogte, was letterlijk en figuurlijk de grote man, van lagere school tot regentaat-normaalschool. Hij straalde autoriteit uit, maar legde ook veel begrip aan de dag in diverse moeilijke situaties. Jarenlang nog zat hij de deliberaties op onze hogeschool voor, en hij kende iedere student. Hij was ook als pionier rechtstreeks betrokken bij diverse experimenten in het onderwijs. Zo aarzelde hij bijvoorbeeld niet om als eerste school in Vlaanderen de vernieuwende afdeling Mens-Wetenschappen op te starten, waarbij ikzelf ook een van de proefkonijnen was na drie jaar ‘gewoon' middelbaar. In de middeleeuwen van mijn prillere jeugd, toen ik het eerste leerjaar achter de rug had, zag ik hem voor het eerst op de toenmalige prijsuitreiking in de feestzaal van het instituut: een rijzige statige kerel met zwart krulhaar in een zwart gewaad met oneindig veel knoopjes gehuld. Ik ontving mijn prijsboek (‘Van een konijntje en een ei’) en mijn palmares uit zijn handen. Daarna keken we met z’n allen film: ‘Bambi’. Decennia later zou ik altijd goede contacten blijven hebben met deze uitzonderlijke man: eerst als leerling, daarna als scholier, later als lector aan ‘zijn’ hogeschool, waar hij ook ooit lesgegeven had. Jozef Noterdaeme was een uitermate intelligent en tolerant mens, die ook van bepaalde aspecten van het ontspannende leven kon genieten. Hij loodste diverse probleemgevallen onder zijn personeel doorheen de stormen van de jaren zeventig, tachtig en negentig. Legendarisch waren zijn werkruimtes, die telkens weer op andere plekken ingericht werden, omdat alles ‘groter’ en ‘meer’ werd, vlak voor de computers hun intrede deden. Blijkbaar verhuisde hij zijn werkzaamheden graag eens. De uren waarop hij ’s ochtends begon te werken, spraken evenzeer tot de verbeelding. Ook zijn wijnkelder veroorzaakte wel eens eerbiedig gefluister bij intimi. Toen hij later uit beeld verdween en op een appartement in het stadje ging wonen, belde hij me nog elk jaar op mijn verjaardag op. Mijn respect voor deze man is groot. Latere ‘roergangers’ van de hogeschool hadden best wel weer even bij hem in de leer mogen gaan, om oefeningen te doen in intelligentie, begrip, bevattingsvermogen, ontspanningstalent en verdraagzaamheid. Jozef Noterdaeme was de meest humane religieus die ik aan de frontlinie van het ‘vrij’ onderwijs leerde kennen. Hij maakte onze school zowel groot als bekend.


    25-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (15)

    HOGESCHOOLVOS (15)

    Lang geleden, toen de dieren nog West-Vlaams spraken, was er een ‘verzonken’ bibliotheek, in de souterrainverdieping. Beregezellig, vooral bij slecht weer. Door de ramen van het leeszaaltje zag je een parade van benen passeren. Ik heb er aangename herinneringen aan. Ik correcteerde er onder andere de proefdruk van een van mijn eerste romans. De bibliotheek had een hoofdingang onder aan de trappen benedenwaarts en een achteruitgang die zelden gebruikt werd. Om de haverklap was er wateroverlast. Andere schade betrof boekendieven. Lesgevers ontleenden vakliteratuur. Die bleef jarenlang in hun schooltas of werkkamer. Zo dunde de voorraad boeken zienderogen uit. Honderden werken verdwenen in de loop der jaren. De toenmalige biebbaas liet dit oogluikend toe. Enkele boekendieven waren immers oud-leraars van hem. Later verhuisde de bibliotheek, naar hogere verdiepingen. ‘Oude’ exemplaren werden verramsjt. Nog later drong de mediatheek de ouderwetse boekenbieb terug. Cassettes, videobanden, dvd’s, computers, USB-sticks, laptops en tablets deden hun intrede en eisten hun plek op. Weldra nam de – in eigen pr-teksten – zo geroemde vakbibliotheek van de hogeschool veel minder ruimte in dan de ‘moderne’ vleugel. De oude boekerij verbleekte. Bovendien werd uit boeken vooral gekopieerd, o.a. voor lesvoorbereidingen en stages. Vier à vijf fotokopiemachines zoemden dagelijks gezwind. Paradoxaal: in de ruime nieuwe leeszaal zag je bijna niemand echt lezen.


    05-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verlichte gedichten

    PERSBERICHT VERLICHTE GEDICHTEN


    Na ‘Amuzementen’ (Leerboek met concrete sessies Muzisch Taalgebruik) publiceert uitgeverij Acco Leuven/Den Haag nu ‘Verlichte gedichten’ (Leerboek over omgaan met poëzie + bloemlezing gedichten) van Joris Denoo. De doelgroep is opnieuw jongeren van 9 tot 14 plus hun juffen, meesters, leraren, docenten of begeleiders. Ook buiten een schoolcontext kan ‘Verlichte gedichten’ functioneren. Leuk, concreet en leerzaam. Net als ‘Amuzementen’ dat kan. Denkt u hieraan ter vervanging van het klassieke paasei, de nieuwe vulpen, het zoveelste kookboek voor een verjaardag, het moeizaam bedachte sintcadeau, de eindeschooljaarsgift aan uw teamgenoten of bij bezoek aan de Boekenbeurs. U kan dit leukste en leerrijkste poëzieboek voor jongeren en ex-jongeren ook vlot bestellen via www.acco.be, rubriek Uitgeverij. Ook voor 'Amuzementen' kan dit nog. Lukt dit niet, dan kan dat ook via joris.denoo@telenet.be of 0479630279. Hier kan u ook een concrete Taalmuzische workshop voor juffen en meesters bestellen, en voor uw pedagogische studiedagen, waarin de beide leerboeken geconcretiseerd worden. September 2017 publiceert de Nederlandse uitgeverij Kleinood & Grootzeer ook een nieuwe dichtbundel van Joris Denoo:  ‘Zwaartekracht’. De gedichten hebben een heel specifiek thema.

    Bron van inspiratie

    'Verlichte gedichten' biedt een mooie bloemlezing poëzie, waarin niet alleen leraren, maar ook leerlingen inspiratie kunnen vinden. Het boek levert bovendien gespreksstof over poëtische teksten van allerlei slag.

    De auteur

    Joris Denoo heeft jarenlang ervaring als docent aan de Lerarenopleiding van Vives, campus Torhout. Hij is ook schrijver, dichter, blogger en columnist en werd bekroond met allerlei verhalenprijzen.

    Contact

    Voor een persexemplaar, de boekcover en de contactgegevens van de auteur:
    Camille Vielvoye, camille.vielvoye@acco.be, 016 62 80 51


    Amuzementen. Muzische momenten met taal, Acco, ISBN 9 789033 480591
    Verlichte gedichten. Omgaan met poëzie, Acco, ISBN 9 789463 441216

    September 2017

    Zwaartekracht. Gedichten, Kleinood & Grootzeer (Nl), ISBN/EAN 978-90-76644-83-7

    Bijlagen:
    CoverVG.pdf (264.5 KB)   


    17-02-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (14)

    HOGESCHOOLVOS (14)


    Doorlichtingen… Visitaties… Controlecommissies… Er was de voortdurende vrees dat ‘the old skool’ gesloten zou worden, of onherkenbaar opgeslorpt en vermalen door een groter geheel, waardoor de ‘eigenheid’ zou verdwijnen. Oudere collega’s woonden ook vaak in de omgeving. Ze hadden er een huis gebouwd. Ze waren er blijven of komen wonen in de waan dat die oude wereld nooit op zou houden te bestaan. Toen de eerste golf van fusies bekend werd – de hogescholen van Torhout, Tielt en Roeselare zouden samengaan met de hoofdcampus in Kortrijk, waar er een vijftal hogescholen floreerden – sloeg de paniek toe. Het oude bestel beefde op zijn grondvesten. Zouden ze dan naar ‘ginder’ moeten om les te geven? Maar allez… dat kon toch niet! Terwijl ikzelf wel een aantal keren per week de omgekeerde beweging beschreef: ‘woonachtig’ zijnde ‘te’ Kortrijk, pendelend naar mijn geboortestadje, om er om den brode les te geven. Enkele grijze muizen verklaarden me ‘zot’. Nee: ik had helemaal geen fusievrees. Van mij mochten alle campussen in Kortrijk gegroepeerd worden, op het Hoge, halleluja. Maar de vrees van de honkvaste oldskoolers was ongegrond. We hadden zo diep wortel geschoten in hartje Houtland dat we mochten blijven bestaan. De lokale angsthazen en doemdenkers konden op beide oren slapen. Sterker nog: ze solliciteerden dankzij die schaalvergroting enkele jaren later zelf naar internationale contacten en stages. Maar daar waren Europese centen voor. Snap je?


    Wat mij betreft: hoe meer en hoe groter er gefusioneerd werd, hoe liever ik het had. Ik kreeg het gevoel dat we, na het ancien regime, eindelijk een volwassen en volwaardige hogeschool geworden waren. Bovendien leverden de samensmeltingen tal van extra contacten op, niet alleen met vakgenoten en gelijkgestemde collega’s, maar ook met andere onbekende werelden. Er was maar één zaak waar wij zelf in uitblonken: ons product betrof onderwijs. Maar was dat wel een product? Nou: eerder een proces. We gaven les over onderwijs. We onderwezen onderwijs. En net die wetenschap maakte dat de andere hogescholen uit onze constellatie ons soms ietwat vinnig of achterdochtig behandelden. We konden immers beschouwd worden als de betweters uit het onderwijs, de pedagoochelaars die best wel wisten welke de aangewezen onderwijsvormen waren en dat ook door wensten te drukken. Ook hier dus woekerden clichés. We waren nooit de meest geliefde afdeling. Leraar? Een beroep dat blijvend gemengde gevoelens oproept. Het zal nooit anders zijn. Tenzij het verdwijnt. En er bestaat een vreselijk gezegde over: ‘Those who can, do. Those who can’t, teach.’


    26-01-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (13)

    HOGESCHOOLVOS (13)


    Een nagel aan mijn doodskist betrof het zogenaamde studentenblad ‘Renoveren’ (cf. ReNo, lees Reno-veren, hebbes?). Jarenlang kweet ik me met grote tegenzin van deze opgelegde taak: het hoofdredacteurschap van een blad ‘voor en door studenten’ dat vooral door immer dezelfde lectoren volgeschreven werd. Het verscheen driemaal per academisch jaar en werd gratis uitgedeeld. Een tijdlang werd het op de moedercampus in Kortrijk gekopieerd. Later werd het uitbesteed aan een heuse drukker vlak bij onze hogeschool in Torhout. Helaas veroorzaakte diens personeel in de behandeling van de teksten om onbegrijpelijke redenen (ik leverde alles op toenmalige diskettes aan) ettelijke druk- en spelfouten. Zelfs na mijn correcties van de proefdruk. Tot grote woede van de auteurs van de teksten. Ik kreeg dan uiteraard telkens de volle laag, terwijl ik nooit heb kunnen achterhalen wat voor geheimzinnigs of vreemds er in de drukkerij met de diskettes en de teksten gebeurde. Het leek er soms op alsof iemand alles nog eens overgetypt had. Nog later mailden we alles rechtstreeks door, en toen ging het wat beter. Tijdens mijn laatste jaren op de hogeschool werd er een kleinere oplage van het blad gedrukt, want weinigen lazen het en je moest al hemel en aarde bewegen om enkele studenten zover te krijgen dat ze eens iets schreven. Het waren dan ook vooral de collega’s die op internationalisering trokken die reportages over hun buitenlandse ervaringen voor Renoveren inleverden. Enkele andere collega’s beloofden jarenlang ‘een stuk’. Zulke stukken schitterden telkenmale door hun afwezigheid. En de makers van die abstracte ‘stukken’ hadden gewoonlijk ook wel aanmerkingen op vorm of inhoud van het blad. Renoveren? Pek en veren.


    11-01-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (12)

    HOGESCHOOLVOS (12)

    Internationalisering, diversiteit en multicultuur werden wel hoog in het vaandel gedragen, maar de eigen ‘allochtone’ studenten vormden in onze hogeschool hoge uitzonderingen, zij het als student, zij het als lector. De provincie West-Vlaanderen lag natuurlijk wel het verst van de grote wereld verwijderd. Vooral mijn eigen campus, in Torhout, hartje Houtland, kreeg zelden een kleurtje. Misschien ook was een lerarenopleiding het laatste waar men dan aan dacht. Ik heb drie zwarte medemensen gekend in het stadje mijner jeugd. En een Hongaars gezin. Lange jaren ook vormde de katholieke godsdienst, niet alleen als schoolvak, maar ook als levenshouding en geloof, een struikelblok voor al wie anders dacht of op een of andere manier van ergens anders afkomstig was. De verstikkende greep van de clerus en hun krampachtige vazallen op het ‘vrije’ onderwijsnet bleef echter nog lang een feit. Ondanks hun evangelie. De katholieken zijn sterk in hun katholicisme onder hun eigen kerktoren. Daar is veel schaduw. Daar ‘verdragen’ ze de zon. Gezegend zij de kerel of de vrouwe die KATHO verving door VIVES.


    What’s in a name? Naamveranderingen hebben, buiten ‘beu’, een reden. Dexia werd Belfius om blamages en schaamrood uit te gommen. PMS werd CLB omdat de leerling centraal moest komen te staan. PVV werd Open VLD omdat er kiezers wegliepen. CVP werd CD&V omwille van dat modernistisch ogend ampersandje. BSP werd sp.a in een wanhopige poging om de oude cultuur de rug toe te keren en weer nederig te worden. Agalev werd Groen! omdat die hippie-afko er te Oostblokachtig uitzag. Het Blok werd juridisch afgeblokt en werd Belang. Lijst Dedecker dekte zichzelf toe. KATHO werd VIVES om andersdenkende ouders, voogden of nieuw samengestelde gezinnen met abituriënten in hemelsnaam niet af te schrikken. Het klonk ook een stuk vrolijker dan die ‘eerbiedwaardige’ mottenballennaam. Mensen vielen of knielden niet meer voor de wierookwalmen van de grote K. En de heidense concurrenten boerden bovendien verdraaid goed. ‘Innovatief’: alle hogescholen stalen voortdurend dat woord van elkaar, zoals tientallen firma’s en bedrijven zich de slogan ‘Wij maken het verschil’ toegeëigend hadden. Wanneer alles en iedereen op elkaar begint te lijken, kies je een andere naam. Ook onze lerarenopleiding zelf onderging diverse facelifts wat de naam betreft. De bloemlezing:


    Regentaat-Normaalschool (de ReNo – leuk bedoeld letterwoord)
    PS (Post-Secundair – ze raakten maar niet van dat middelbaar los)
    PHO (Pedagogisch Hoger Onderwijs – eindelijk ernst)
    LNS (Lagere Normaalschool – klonk zelfbeschuldigend)
    MNS (Middelbare Normaalschool – klonk ook al zo guldenmiddenwegachtig)
    ILLO (Initiële Lerarenopleiding Lager Onderwijs – hogerhand begon zich te moeien – klonk als een koffiemerk)
    ILSO (Initiële Lerarenopleiding Middelbaar Onderwijs – klonk als een meisjesnaam)
    BALO (Bachelor Lager Onderwijs – de intrede van de bavianentaal)
    BASO (Bachelor Secundair Onderwijs)
    En op den duur hadden we ook OAR: Open Avond Regentaat (door sommigen als ‘bo(a)ring’ ervaren)


    26-12-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (11)

    HOGESCHOOLVOS (11)


    Hoelang kan een weetgierige student (soms met ADHD, een variant van de snelle verbinding ADSL) stilzitten om te luisteren naar de hem of haar gepredikte kennis? Soms op oersaaie PowerPoint presentaties in halfverduisterde lokalen waar de lector ook nog eens doorheen ijsbeert? Mijn hogeschool bevond zich op de terreinen van een groot scholencomplex (lager en middelbaar onderwijs in alle varianten). Dat waren ook onze oefenscholen. Later kwamen er nog bij, door de groei van de studentenaantallen. Maar door deze vervlechting met middelbare opleidingen vlakbij hanteerde de campus van mijn hogeschool ook lesuren (later genoemd: contacturen) van vijftig minuten. Zoals bij de leerlingen dus. In andere departementen van onze hogeschoolconstellatie was dat gewoonlijk zestig minuten, eufemisme voor een uur. Later werden we daar wel op afgerekend. Onze ‘lesuren’ vermenigvuldigden zich plotseling. We presteerden alleszins meer dan voldoende werkuren. Overleef maar eens elke dag een (half)volle aula Sturm und Drang, testosteron en ongenadige fashionistablikken. Voorwaar: het waren intense sessies. En sommige liepen vanzelf al uit tot dat symbolische ‘uur’.


    Kwamen ze nog op straat? Om achter borden en spandoeken aan te lopen en leuzen te scanderen? Ik maakte tijdens mijn vier jaar aan de universiteit meer betogingen mee dan tijdens mijn pakweg vier decennia aan de hogeschool. Ik was dan ook extreem geëngageerd, in studententermen althans. Mijn betogingen en stakingen waren puur politiek gekleurd. Een keer bezetten we ook drie weken lang de centrale bibliotheek in Leuven, uit protest tegen de lesinhouden van een Zuid-Afrikaanse professor in onze faculteit. De opstandjes van de hogeschoolpopulatie en hun directies plus lectoren hadden altijd te maken met een tekort aan centen en in den beginne met de vrees voor fusies. De opeenvolgende ministers van Onderwijs kregen ervan langs, maar drukten toch telkens weer hun maatregelen door. Overigens was er ook weinig sympathie van het volk of de burger voor een bende betogende leraren, de recordhouders van ‘vakantiedagen’. En iedereen had in zijn prille jeugd wel eens een muilpeer om de oren of een stevige tik op de knokkels gehad van zo’n schoolvos. Nee: niemand vreesde de onderwijsbetogingen. Vooral niet die van de ‘niche’ van de hogescholen, die toen voor Meat Pie Johnny en House Cooking Sally onbekend terrein was. Later kwamen de hogescholen beter in beeld, via pr, sociale media en een nieuwe beroepscultuur.


    01-12-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (10)

    HOGESCHOOLVOS (10)


    Het oersaaie gedoe van Zinsleer en Grammatica, dat bloederige slachthuis van taal waarin ze de kop en de buik van een zin (‘onderwerp’ en ‘gezegde’) om god weet welke reden van elkaar scheidden, vermeed ik door Tekstvergelijkende Taalbeschouwing in te voeren. Wie spreekt of schrijft met één zin in het werkelijke communicatieve leven? Bijna niemand. Dus ging ik voor tekstfragmenten, die ik onderling vergeleek via een tiental eenvoudige vragen. Ik kopieerde een stuk tekst uit een jeugdboek, een krant, een reglement, een sprookje, een weerbericht, een recept… en bracht er daarnaast ook in een tweede of derde versie naargelang van de aard van de tekst veranderingen in aan: weglatingen, tegengestelde woorden, toevoegingen. De studenten of leerlingen onderstreepten in één tekst de verschilwoorden. Dan volgden de vragen. Kun je bijvoorbeeld in een jeugdverhaal overal mensennamen gebruiken? Zijn alle bijvoeglijke naamwoorden in een sprookje belangrijk? Wat gebeurt er als je de tegengestelde woorden gebruikt? Kun je plaatsnamen of dagen en uren weglaten in een krantenbericht? Hoe klinkt een reglement als je gewone zinnen gebruikt? Welke versie klinkt het best? Is het kortst? Kun je zelf een naam bedenken voor de verschilwoorden die je hebt onderstreept? Heb je al die woorden wel nodig? Kun je ze soms vervangen door andere? Klinkt het fragment beter in een andere tijd? Welke van twee of drie versies komt uit een boek? Een krant? Zo bedreven we Taalbeschouwing die rechtstreeks verband hield met de werkelijkheid, en niet wereldvreemd gebaseerd was op één geïsoleerde zin. We trokken conclusies op stilistisch vak. Bijvoorbeeld: varieer je mensnamen en korte persoonswoordjes. Anders wordt je tekst te onduidelijk of te lang. Overdrijf niet met versierwoorden. Kies consequent voor tegenwoordige of verleden tijd. En ja: de kern van de boodschap van een zin heeft vaak best wel een tijdstip en een plaats nodig, hoewel de muffe grammatica de traditionele bijwoordelijke bepalingen niet tot de korte zin of zinskern rekende. Die konden wegvallen, asjeblief! Laat eens tijd en plaats achterwege op je uitnodiging voor een feestje… !


    Creatief Schrijven had helemaal niks te zien met muffe opstellen over klassieke onderwerpen. Ik lanceerde de OPERA-methode. Elk verhaal, elke film, elk scenario, elk toneelstuk kent ongeveer wel die structuur: Opening, Probleem, Evolutie, Rust, Afloop. Ik gaf de keuze tussen een aantal openingszinnen, waarin een selectie uit wie-wat-waar-wanneer stak. ‘Op de fuif schonk de leider alleen maar rode limonade.’ ‘Ik moet morgenavond om 19 uur in Moskou zijn.’ ‘De zangeres schraapte haar keel en probeerde de eerste noot.’ Daarna moest er iets gebeuren, in de tweede zin. Er moest een probleem opduiken. Dat bracht in de derde regel de motor van het verhaal op gang. Dat moesten we in de vierde regel zien op te lossen. Om in de vijfde regel het deksel op de doos te doen. Leuk? Ze smeekten om meer. Geen probleem: verdubbel elke regel. Geen idee of inspiratie? Geen probleem: jij illustreert het verhaaltje. Leuk het op met typograpjes, kleurwoorden, lettertypes op computer. Bedenk een leuke titel. Wanneer iedereen klaar is, luisteren we naar de verhalen. Wie dat wil, leest voor. Of prikt ze aan het publicatiebord. We vergelijken ook even de opera’s die op eenzelfde beginregel zijn gebaseerd. Leuk! Een kleine raadgeving: ‘Wissel je zinsbouw af.’ ‘Zet er eens een vraag tussen.’ ‘Laat eens iemand iets zeggen of uitroepen.’ ‘Gebruik in je vijf of tien zinnen overal dezelfde tijd.’ ‘Probeer het nu eens in de verleden tijd.’ Alweer zinvolle stilistiek dus. Ik hoorde het wel vaker: ‘Wanneer schrijven we nog eens een opera?’ ‘Ik heb gisteravond zomaar drie nieuwe opera’s geschreven!’. Of omgekeerd: ‘Ik heb de opera gezien in die film op tv.’ ‘Ik herken de opera van dat jeugdboek.’ Ja: schrijven werd een hit. De schrijver in mij juichte. Het was afgelopen met de opstellen over sneeuwtapijten en mijn vakantie.


    04-11-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (9)

    HOGESCHOOLVOS (9)

    We publiceerden onze inzichten en tactieken bij diverse bekende uitgeverijen, in Vlaanderen en Nederland. Soms werden we daardoor zelfs concullega’s, op een ander vlak dan. Een deel van mijn schrijverscarrière is op die manier omgebogen naar de educatieve sector. Eerst kreeg ik zelf kinderen, later gaf ik les aan studenten die les zouden geven aan leerlingen en kinderen. Je moest het als lector ook zelf kunnen. Dus ging ik kinder- en jeugdboeken schrijven en publiceren. En ik ging er het land mee rond, voor grote en kleine groepen kinderen, in biebs, op scholen, in cultuurcentra. Ik leerde daardoor ook op niveau schrijven. Een van mijn oud-studenten werd inspecteur, en daarna uitgeefdirecteur van een grote educatieve uitgeverij. Al jarenlang ben ik daar ook actief als medewerker aan taalmethodes en organisator en schrijver van leesbibliotheken. Ik hou aldus ‘voeling met het veld’ – met excuus voor dit stafrijmende directeurencliché.
    Ik had enkele tactiekjes waar ik me kiplekker bij voelde. De studenten ook. En het zette zoden aan de dijk. De grijze muisjes van leerplannen, eindtermen en diverse doelen konden op hun beide oortjes slapen. Zowel het proces als het product waren zinvol. En verweven met de realiteit. We bereikten ermee wat we wilden en moesten bereiken, op het vlak van Spelling, Taalbeschouwing en Creatief Schrijven. En er heerste vreugde.


    Spelling, dat zwarte beest van velen, betreft maar een technische kant van taal. Nochtans word je er als intellectueel soms zwaar op afgerekend. Vooral die fameuze dt-affaire blijkt een struikelblok te zijn. Terwijl het ‘probleem’ hem enkel en alleen zit in het al of niet toevoegen van een t. Of even luisteren naar de verlengde vorm in geval van voltooid deelwoord. Terwijl bovendien eigenlijk de ei/ij-verwarring nog hoger scoort in de statistieken van de euvels. Spelling is een vaardigheid. Een vaardigheid moet je trainen en onderhouden. Elke les begon ik met tien minuten woordentennis. Ik mepte woorden de groep in. Die schreven ze op. Een twintigtal betwijfelbare woordvormen, enkele werkwoordvormen. Onmiddellijk daarna bood ik de correcte vormen aan. Spelling oefenen via een spelelement: het fietste er op den duur wel in. Ik zorgde er ook voor dat sommige woorden werden herhaald. Op het einde van een semester scoorden veel studenten prima voor Spelling. En na een (zelfs korte) vakantieperiode zag je de curve zo weer dalen: ja, Spelling is een vaardigheid. Elke dag even boven de put, als het kan. Desgewenst quizmatig, spelenderwijs.


    07-10-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (8)

    HOGESCHOOLVOS (8)


    Het sjabloon ‘leraar’ (juf, meester, kleuterleider, lector, docent, professor) krijgt vaak zijn invulling met clichés als ‘vakantie’, ‘stofjas’, ‘krijt’, ‘bord’, ‘punten’, ‘straf’ en nogmaals ‘vakantie’. Ook die ‘cultuur’ is aan het tanen, hoewel de clichés nog hardnekkig de ronde doen, vooral die in verband met vrije tijd en vakantiedagen. Piet-uit-de-Polder en Marina Meesmuiltje mogen daar graag over fulmineren. Zowel mijn collega’s als de juffen, meesters en leraars te velde die we ter gelegenheid van stages bezochten, werkten een behoorlijk aantal uren, ook na schooltijd en tijdens weekends. Ik heb er onderdoor zien gaan aan werkdruk en taaklast. Op de hogeschool kregen we met steeds grotere aantallen studenten te maken, die vaak ook nog een heel eigen parcours volgden. We gaven onze lessen steeds vaker in aula’s. Je kon jezelf een lawine van taken en opdrachten berokkenen.

    Tegelijkertijd werd je ook geacht voor een stuk deel te nemen aan het leven op de campus, soms wel in het kader van Operatie Charme. Ik heb geen enkele leraar of lerares gekend die nooit eens het woord ‘papierwinkel’ in de mond nam. Wie waren toch die onzichtbare grijze mannetjes die iedereen die lesgaf met papieren en documenten om de oren wapperden? We zagen het met lede ogen gebeuren: hoe de tweede klasse van talentloze leraren aan het roer van scholen ging staan en dictaten de wereld in zond. Hoe de directeurtjes van de lege dozen de ‘arbeidssatisfactie’ en het ‘welbevinden’ van hun ‘personeel’ (allemaal woorden die ze zelf hanteerden, omdat ze die ergens gelezen of gehoord hadden) smoorden en hun zogenaamde beleid via opgelegde krampachtige functioneringsgesprekken voerden. En toch had ik parels van collega’s. Krachtige karakters, autoriteiten op hun vakgebied, die zich niet van de wijs lieten brengen door de papieren winden van de nieuwe lichting bureaucraatjes en warmeluchtverkopers.


    12-09-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (7)

    HOGESCHOOLVOS (7)

    Ook het oude geloof verloor van zijn pluimen. We behoorden met onze hogeschool tot het zogenaamde ‘vrij’ onderwijs. Anderhalve eeuw lang zwaaide een bepaald genre clerus er de plak. Na de jaren zeventig begonnen ze al vlug uit te dunnen. Ze trouwden, of ze belandden in de gevangenis, of ze gooiden simpelweg hun kap over de haag. De secularisering van onze hogeschool verliep vrij snel. Bij mijn einde loopbaan werden we ook eindelijk van de onwelriekende benaming ‘KATHO’ verlost. Het werd ‘VIVES’. Ik heb jarenlang het afkowoord voor Katholieke Hogeschool Zuid-West-Vlaanderen met tegenzin uitgesproken. Ik ergerde me ook aan dat opgelegde e-mailadres. ‘VIVES’ bekt ietwat humaner. Erasmus was namelijk een tijdlang een goede bekende van bedoelde man. En het is geen duistere afkorting. Hoewel twee van mijn drie departementshoofden priester waren, heb ik me nooit belemmerd gevoeld in doen en laten wat religie betreft. Gaandeweg verviel de verplichting om bepaalde rituelen massaal mee te maken. Het vreemde ‘vak’ Godsdienst werd door de betrokken collega’s ook meer en meer filosofisch ingevuld. Internationalisering zat daar voor een flink stuk tussen: de wereld woei onze school binnen, en wijzelf waaierden ook uit. De laatste twee decennia van mijn carrière merkte ik ook dat onze studenten meer en meer stage liepen in andere onderwijsnetten, en er zelfs definitief werkzaam bleven. Ook in het buitenland.


    Ze zeggen dat je twee beroepen met veel kansen op een correcte gok kunt herkennen: apotheker en leraar. Over de pillendraaier kan ik het niet hebben. Ik wou ooit wel van poedertjes, pillen en drankjes mijn beroep maken, tot ik besefte dat ik daartoe ook ‘winkel’ moest houden en dagelijks met zieke oude vrouwtjes en mannetjes te maken zou krijgen, tot laat in de avond en ’s zaterdags. Dat plan werd door mij geaborteerd; ik werd geen witjas die hoestpastilles verhandelde en onnodig kuchte bij de verkoop van condooms.


    21-08-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (6)

    HOGESCHOOLVOS (6)


    De almacht van de leraar en zijn school taande. Ouders of voogden werden mondiger; advocaten roerden zich. Cijfers moesten gestaafd kunnen worden. Vaag gemompel over gebrek aan kennis, onvolkomen vaardigheden of twijfelachtige attitude werd niet langer aanvaard. Ooit werd een telefoongesprek van mij met een oudere broer van een gezakte student opgenomen; mijn gesprekspartner bleek advocaat zijn. Ik kwam heelhuids uit de situatie, maar was een verwittigd man. Een andere keer probeerde een vader me te beïnvloeden middels huisbezoek met een reusachtige zak snoep voor mijn kinderen. Ik stuurde mijn vrouw wandelen en werkte op een zo beleefd mogelijke manier de kerel naar buiten. Ik zond daarna de gezakte student nog extra documentatie en oefeningen, maar die liet niets meer van zich horen en koos na die zomer voor een andere hogeschool. Zonder dank.


    De oude cultuur verbleekte zienderogen. Ook in dit bastion van onderwijs, bijna per definitie een heel conservatieve burcht. Diplomaplechtigheden werden opgeleukt met prettige speeches, waar ik na verloop van jaren voor aangesproken werd. Ik maakte er telkens een orgelpunt van, onder de spetterende zon van juni of september. Leuke reizen en internationale uitwisseling gingen tot de mogelijkheden behoren. Struikelblokken en obstakelvakken konden de studenten meenemen naar een volgend studiejaar, om het euvel pas dan aan te pakken. De student moest centraal staan. Enjoy Learning: de Centrale Diensten van onze hogeschool bekten een mondvol Engels om duidelijk te maken dat het er leuk aan toeging. Nou, leuk was alvast de jaarlijkse driedaagse trip naar Parijs met de laatstejaars, waar ik, samen met twee andere collega’s, ’titularis’ van was. Het werd telkenjare meer een kroon op het werk dan een pedagogische trip. De laatste jaren bezochten we zelfs geen scholen meer; we vervingen alle schoolvosserij door cultuur en amusement. Want bij thuiskomst wachtten de slotkilometers van de opleiding, met o.a. ook het afleveren en verdedigen van het eindwerk. Vaak kreeg ik in die gezellige bus naar Parijs een achterwaarts visioen, zeg maar nachtmerrie: hoe ik als scholier op woensdagnamiddagen een lange sliert ‘normalisten’ en ‘regenten’ door mijn stad zag trekken, per twee, in een ‘rang’, begeleid maar vooral in de gaten gehouden door een paar onnodig strenge ‘studiemeesters’. Dat betrof een portie ‘ontspanning’ op de toenmalige hogeschool. Gedachten aan gevangenissen en concentratiekampen lagen voor het rapen. Nee: ik heb er nooit van gedroomd in zo’n muffe rij te stappen. Of ooit zo’n kudde te leiden.


    28-07-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (5)

    HOGESCHOOLVOS (5)


    Onder mijn collega’s was ik de schrijver en de notenkraker. Ik slaagde er na verloop van jaren zelfs in om zo’n in onbruik gebleven internaatskamertje op de hoogste verdieping in te palmen als werkplekje en stapelplaats. Men gunde me dat als schrijver. Het notenkraken bedreef ik allang. Ik was verslingerd aan okkernoten. Misschien ook omdat ze op hersentjes leken. Elk jaar kreeg ik zakken van dat lekkers cadeau van collega’s met dergelijke bomen. Ik kon er het hele jaar mee door, in die mate zelfs dat ik er een flinke hoeveelheid van verder liet drogen en ze pas een jaar (of twee) later kraakte, want ik hield vooral van de droge. Mijn werkplekje werd aldus ook een voorraadschuurtje. Het droevigste moment van mijn afscheid aan de hogeschool betrof de vijf foto’s die ik van mijn biotoopje nam. Ik zou de fluitende wind missen, het uitzicht op de spoorweg en het even alleen-zijn midden een prettige drukte.


    Drie jaar lang ongeveer, nog net voor de grote gelijkmakers en de uniforme verordenaars hun intrede deden, liet ik mijn syllabi op geel papier kopiëren, omhuld met een rozerode cover. Mijn studenten hadden dat graag. Ze vergaten hun syllabus Nederlands ’s ochtends niet, wanneer het vak die dag op het rooster stond: hij viel zo op tussen de andere bleke syllabi. Wanneer ze mijn syllabus in de klas of de aula open spreidden, soms zo’n veertig à vijftig, werd het een bijzonder kleurrijke les. Overal bloeiden zonnebloemen. Maar toen sloop de goedkope gelijkmakende uniformiteit van de grijze muizen in de hogeschool binnen. Terwijl net die dassendragers hun mond en PowerPoints vol hadden van creativiteit en diversiteit. En het werd met de jaren erger, toen alles even plat gemaakt werd. Veiligheid, grijsheid, herkenbaarheid. En dan maar gastsprekers over laten komen in verband met expressie, creativiteit en muzische vorming. Het is een van de weinige redenen waarom ik blij ben dat ik daar geen deel meer van hoef uit te maken. Ik zou stikken.


    06-07-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (4)

    HOGESCHOOLVOS (4)

    Het was mijn droom niet. Vooral niet wat de plek betreft: terug naar af, zo voelde het aan. Maar het wende. En ik begon er van te houden. (Zelfs op zo’n antieke Dag van de Arbeid, 1 mei, spoedde ik me ooit naar ‘mijn werk’, in het gezelschap van een al net zo werkwillige student. Bij aankomst verwonderden we ons over de stilte om ons heen. Dat is maar eenmaal gebeurd.) De hogeschool, waar ik tijdens mijn jeugdjaren met argwaan naar gekeken had (die lag vlak naast onze middelbare school), werd gaandeweg ‘mijn’ hogeschool. Maar nog vele jaren zeiden en schreven we: Normaalschool en Regentaat. Pas later werden die oubollige termen vervangen door deftiger aanduidingen. De trein was ook altijd een beetje reizen, zoals een van de slogans toen luidde: het pendelen, hoewel het zich in mijn geval provinciaal voltrok, gaf me toch een klein beetje een gevoel van vrijheid, al moest ik er soms vroeg voor uit de veren.


    Mocht men me naar mijn beste ervaring of herinnering vragen, dan zou ik ongetwijfeld mijn omgang en contact met de studenten vermelden. Nog altijd is er mail- en mediaverkeer tussen tientallen van ze en ikzelf, in mijn hoedanigheid van oud-lector of schrijver. Met sommige ervan ben ik levenslang bevriend geworden. Enkele zijn zelf schrijver geworden. Of acteur. Zelfs stand-upper. Ik ontmoette er ook die ik voor mijn vakken gezakt had. Dat liep nooit op een schermutseling uit. Er heerste begrip. Een politieagent uit Brugge laat nog af en toe iets van zich horen… en dat is zielenzalf. Idem dito voor een slager uit de polders, die me bijna veertig jaar na datum in een brief bedankt voor de bijlessen Engels die ik hem in mijn debuutjaar gaf. En mijn jongste zus (en mijn pa) hebben het me ondertussen, naar ik hoop, vergeven dat ik haar voor Spelling een onvoldoende gaf. Maar er gaat ook geen jaar voorbij, of er wordt onder die duizenden oud-studenten gesneuveld. Iemand verongelukte. Iemand hing zich op. Iemand viel uit een raam. Iemand werd vermoord. Iemand (maak hier maar meervoud van) verloor de strijd met de grote K. Iemand verdronk. Iemand verdween. Ik zie ze nog voor mij, waar ze zaten in de klas: Ludo, Carine, Jan, Gino, Els, Lieven, nogmaals Jan, Sophie, Bianca, Patrick, Virginie, Emmy, Sarah… en de anderen. Ik hoor het nog zeggen: ‘We zullen je nooit vergeten’.


    Drie jaar voor ik de hogeschool verliet, lag er een anoniem briefje in mijn correspondentiebakje in de hall: ‘I wish I’d had a father like you’. Nauwkeurig leesbaar gekalligrafeerd. Ik heb nooit geweten van wie het kwam. Een mooier compliment kon ik me niet wensen.


    06-06-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (3)

    HOGESCHOOLVOS (3)


    Carpooling en kotleven hadden al geruime tijd het ancien regime van inslapende studenten in piepkleine instituutkamertjes verdrongen. Van klassieke reguliere studenten was ook in mindere mate sprake. Velen deden aan gevarieerd leren, aan gecombineerd werken en studeren, aan avondonderwijs, aan afstandsopleiding. Ze waren mobiel geworden. Propageerde de hogeschool immers zichzelf niet middels de wervende woorden ‘centraal gelegen – vlot bereikbaar’? Koketteerde ze niet met de metafoor ‘de navel van de provincie’?

    Oude tuchtmeesters hadden geen vat meer op dit alles. De school plooide zich naar de realiteit. Alleen nog voor zware delicten tijdens contacturen, examens of op stage kon je geschorst worden. Voor de rest kon geen enkele pedagogische dinosaurus je nog aanspreken in verband met haartooi, klederdracht, neusringetje, tatoeage of seksuele voorkeuren. De gezagsverhouding meester - leerling was volwassen geworden. Er kon gepraat en gediscussieerd worden. Op deliberaties over stage- en examenpunten werden objectieve maatstaven gehanteerd, want hier was de computer de baas.

    Het is nooit mijn droom geweest om leraar te worden. Ik ben er wel van gaan houden, in de loop van de jaren. Mijn keuze voor Germaanse filologie aan de universiteit had enkel en alleen te maken met mijn liefde voor taal en boeken. We waren de erudiete post-zestig generatie. ‘Under the Volcano’ van Malcolm Lowry en ‘Harvest’ onder de naald van Neil Young waren onze bijbels. Tot ons afgrijzen doemde in het eerste licentiejaar van onze ‘masteropleiding’ het spook van het ‘aggregaat’ op: een pakket theoretische en praktische zaken die leidden tot het verwerven van een extra getuigschrift om les te mogen geven. Dat stond haaks op onze wereld, waarin helaas weinig plek was voor journalisten, kunstenaars en schrijvers. Twee gedrochten gaapten de meesten van ons aan: het leger en het onderwijs. Na een afketsende poging tot vervangende culturele burgerdienst ging ik omwille van familiale omstandigheden nogal laat in mijn leven dan maar het Belgisch leger in, afdeling Medische Dienst, sectie Personeel. Ik was zelfs al getrouwd, en in volle verwachting van een tweeling. Ik leerde er met ambulances, jeeps en vrachtwagens rijden, banden wisselen, dokters assisteren, marsbevelen en treintickets uitschrijven en gewonde dronken militairen transporteren. Voor boekenwurmen als ik leek het onderwijs de minst slechte van de mogelijkheden. Het ging toen echter niet goed op die arbeidsmarkt, medio jaren zeventig. Maar uiteindelijk, na korte omzwervingen in een middelbare school en in een hoger instituut voor toerisme en vertaler-tolk (waar een aantal van mijn studenten ouder waren dan ikzelf), belandde ik in de hogeschool voor lerarenopleiding, in mijn eigen geboortestad dan nog wel, waar ik inmiddels uit verhuisd was.


    18-05-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (2)

    HOGESCHOOLVOS (2)

    Er schiet me een ‘schoolvoorbeeld’ te binnen van de oude cultuur waarin ik aanvankelijk belandde. Op dinsdagvoormiddagen stonden voor bepaalde groepen demonstratielessen gepland in onze lagere oefenschool. Op mijn uurrooster merkte ik dat ik op diezelfde tijdstippen ook theoretische lessen moest geven aan andere groepen. Ik informeerde naar de haalbaarheid hiervan. ‘Geen probleem’, vertrouwde de toenmalige directie me toe. ‘Dat zijn onzichtbare uren. Je kiest zelf. Maar probeer toch de eigenlijke lesuren voorrang te geven.’ Ja: het was er oud, maar ook ‘rekkelijk’.


    ‘Uitgesleten’. Het is het woord dat het best weergeeft hoe de gangen, deuren, trappen, banken er in dat oude gebouw bij lagen, hingen of stonden. Koelte en warmte tegelijk. Niets kon er stuk gaan. Alles was er te stevig. Op termijn voorzien op passages door duizenden jongelui met Sturm und Drang. Dit gebouw kon de wildste betogingen en hevigste samenscholingen aan. Zijn gangen konden kolken van verzet en oproer slikken. Zijn deuren konden traditie barricaderen. Zelfs de oude complete collectie Encyclopaedia Britannica, die zich niet in de bibliotheek maar in geprangde slagorde in een pronkkast in de ‘club’ bevond, leek een deel van de versterkte vesting te vormen. Een onderdeel eruit wrikken, zou krachten vergen. In die ‘club’ kwamen de studenten tijdens de lespauzes samen, zittend op lange banken die tegen de wanden aan waren gemonteerd. Verder was er vrijwel niets, tenzij enkele grote metalen asbakken op een zestal tafels. Het binnenplein was van eenzelfde orde. Het bestond anderhalve eeuw uit niets. Steen. Het was een kopie van zoveel speelplaatsen of schoolpleinen in de middelbare en de lagere scholen, maar er werd niet meer gespeeld, wegens te oud en te ernstig. Er werd alleen maar gerookt. Pas eind twintigste eeuw plantte de burgemeester van de stad er een boom. Er kwam een heuse binnentuin, met zitbanken, asemmers en vuilnisbakken. Tolerantie, diversiteit en milieu, weet je wel. Ik herinner me zowel de oorlogsdampen in examentijd en de platgetrapte peuken in de gangen als het latere extreme rookbeleid op milieubewust recyclagepapier. Met de nieuwe verdraagzaamheid had een ander soort intolerantie zijn intrede gedaan.


    ‘Glas’. Dat is het transparante woord dat het best weergeeft hoe het nieuwe gebouw het oude uitbreidde, ja: stutte. De overgang tussen oud en nieuw, gelijk de entree tot de nieuwe kathedraal, werd gevormd door een commercieel uitgebate eetruimte voor de studenten. Makkelijke zitplaatsen, ronde tafels, fruitbalie, vlotte aanschuifmogelijkheid met zicht op allerlei snacks. Vanuit deze pitstop had je een panoramisch zicht op de nieuwe sporthal. Brood en spelen, moderne versie. Zelfs de vloer waarop je liep om bepaalde praktijklokalen te bereiken, was van glas. Dit nieuwe gedeelte werd omgeven door een gazon met een kunstwerk en een aantal parkeerplaatsen. Op de interessantste zijde van de kale huls van deze robuuste kathedraal prijkten in rode en zwarte koeienletters op een gigantisch canvas de naam van de hogeschool en zijn afdelingen: de kant gericht naar de spoorlijnen. Onbetaalbare reclame. Eerbiedwaardigheid kreeg marktwaarde. Ook op het nabijgelegen voetbalveld verrees een houten paneel met dezelfde barnumbedoelingen.


    28-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hogeschoolvos (1)

    HOGESCHOOLVOS (1)

    Eerst was er alleen maar het oude centrale gebouw. Dat was natuurlijk ooit nieuw geweest, maar ze gingen er prat op dat hier de oudste vestigingsplaats van het land was voor lerarenopleiding. Daar hoorde dus een vroegoud pand bij. De grens tussen mufheid en vintage was makkelijk te trekken: muffe mensen kenden het begrip ‘vintage’ niet, vintage folks moesten geen mottenballenmensen. Vroegoud dus. Een tijdelijke sarcofaag voor duizenden jonge mensen die meester wilden worden. Of leraar. Veel later kwamen er stukken bij, wegens gebrek aan ruimte, en om te kunnen concurreren met andere hogescholen, meer dan honderd vijftig jaar moderner dan het moederschip. In die nieuwste gedeelten werden ook de meer praktische vakken ondergebracht: muziek, beweging, sport, dans, biologie. Gaandeweg zelfs voedingsleer, verzorging en bio-esthetiek. De theoretische en pedagogische vakken bleven in het oude gebouw, waarvan de ruime souterrains onderdak boden aan de beeldende vorming van de studenten. Informatica kreeg de middelste verdieping toegewezen.


    Vanuit bijna het hele gebouw keek je op een begraafplaats uit, daterend uit de tijd dat het nog voor een groot deel een kerkhof was, vooral bestemd voor het kruisleger van de katholieken. In de loop der jaren was aan de periferie van de stad een nieuwe begraafplaats verrezen, met meer oog voor diversiteit, hoewel die ook voor driekwart bestond uit egale krijtwitte kruisen met egale inktzwarte letters en cijfers.


    In de lerarenkamer van weleer kwamen alleen wereldvreemde dinosaurussen: de heren die doceerden. Ze hadden ieder hun voorbehouden stoel, predikten hun kennis van achter katheders en hingen wekenlang hun doorrookte lijf in hetzelfde grijze kostuum op. Een oudere poetsvrouw voorzag ze van koffie middels een rochelend en smachtend apparaat uit de tijd toen de kippetjes nog keurslijven droegen. Er hing een geur van geleerde mufheid in die antieke lerarenkamer. Portretten van oude directeuren en een afbeelding van piramiden ontsierden de ene wand. Voor de andere stond een gigantische kast op hoge poten, waar de docenten papieren in kwijt konden. In een latere epoque, toen public relations, gemengd onderricht en sociale media belangrijk werden, barstte de oude hogeschool uit haar voegen. De lerarenkamer, waar ondertussen ook al vrouwenstemmen in weerklonken, verhuisde naar een ruimere plek, en het korps (m/v) vervijfvoudigde.


    Sommige studenten vonden het er vreselijk; andere beleefden er de tijd van hun leven. Er werden er zowel verwijderd als bevoordeeld. Na de jaren zeventig groeide de tolerantie, maar die werd nog meer en vooral benadrukt door de concurrentie met andere hogescholen, hakbijlcomités die nauwgezet studentenaantallen en lectorenopdrachten in de gaten hielden en allerlei controlecommissies. Als je als instituut wilde overleven, moest je scoren met aantallen. Werven werd de boodschap. Iedereen welkom. Offensief Charme. Diversiteit, tolerantie. Bovendien kwam de oude lerarenschool in de jaren negentig terecht in een extra stroomversnelling: die van de grotere gehelen. Weldra was de oudste ‘normaalschool’ van het land een onderdeel van een constellatie die zich provinciaal, later nationaal voordeed. Alleen de onderwijsnetten veroorzaakten nog scheidingen, niet langer de geografie. De docenten van de lerarenopleiding kregen nu ook collega’s op vakgebieden als biotechnologie, dierenzorg, handelswetenschappen, bedrijfskunde, agro-industrie, informatica, verpleging, vroedkunde, recreatiemanagement, hotelwezen, eventorganisatie en toerisme.


    Van medio jaren zeventig tot medio tweede decennium van de daaropvolgende eeuw was ik er lector Taal, Letterkunde, Nederlands, Expressie, later aangevuld met Culturele Animatie, Uitdieping Expressie, Taalmuzische Vorming en Omgaan met Anderstaligen. Na de fusies van de hogescholen in de jaren negentig, vaardigde men uit dat de term ‘lector’ geprefereerd werd boven ‘docent’ om onze functie aan te duiden. Net toen ik van deze arbeidsmarkt verdween, veranderde de naam van mijn hogeschool. KATHO werd VIVES. Ik heb dus de oude en de nieuwe tijden meegemaakt. Ook wat ruimte betreft, maakte ik bewegingen mee. Ik ben geboren in Torhout, waar mijn hogeschool gevestigd is. Na mijn studies in Leuven verhuisde ik naar Kortrijk, waar de centrale diensten en een flink deel van de andere hogescholen zijn. Dat werd dus pendelen… naar waar ik oorspronkelijk vandaan kwam. Ietwat bizar, maar de wereld is klein. Andere factoren speelden daar een rol in.


    12-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 30: EENHOORN

    EEN EENHOORN IN JE TUIN


    Pippa ziet af en toe een eenhoorn in de tuin van Opoe. Wie anders kan die mooie tulpen opgegeten hebben? Wie gelooft haar? Wie gelooft haar niet? En bestaat de eenhoorn nu echt? Meester Brekebeen heeft er alvast grote problemen mee.

    Bijlagen:
    EENHOORN.pdf (603.3 KB)   


    10-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 29: SCHAAK!

    SCHAAK!


    Is schaken moeilijk? Kun je het makkelijk leren? Is het leuk? Hoe zit het in elkaar? De piepjonge Wilma heeft er alvast weinig problemen mee. Leer schaken samen met haar!

    Bijlagen:
    SCHAAK.pdf (331.1 KB)   


    08-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 28: HOP!

    HOP PAARDJE HOP!


    Wie kent het paard van Troje niet? Het is wat men noemt een klassieker. Maar hoe zat het ook weer in elkaar? Dit verhaal vertelt het.

    Bijlagen:
    HOP.pdf (2.4 MB)   


    06-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 27: HOORSPEL

    SPANNING IN HET HAVERMANSNEST

    LUISTERSPEL

    Wist je dat leerlingenhoofden na schooltijd opzwellen?

    Bijlagen:
    HAVERMANSNEST.pdf (1.6 MB)   


    05-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 26: WUIF

    DE WOENSDAGWUIF

    De opa van Wilma is een beetje gek. Nou: niet echt gek, maar leuk gek. Hij zegt soms dat hij Europa heet. Dan tovert hij chocoladen euro’s uit je oren. Hij zegt dat meeuwen schreeuwen omdat ze bang zijn dat ze kunnen vallen. De oma van Wilma bakt lekkere cake met noten. Die gekke Europa noemt haar soms Aroma omdat het dan zo heerlijk ruikt in de keuken. Ze maakt ook soldaatjes van brood. Die gaan kopje-onder in het geel van een ei. Of in een zeetje van melk.

    Bijlagen:
    DE WOENSDAGWUIF.pdf (180.9 KB)   


    04-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 25: VALLEN

     ZWAARTEKRACHT                                                                                         

     

     

    Boekhouder Arend en lerares Rapunzel ontmoeten elkaar doordat ze allebei van de wind houden. Ze trouwen en krijgen een dochter: Sheree. Het is een heel speciaal kind. Een verhaal over vliegeren, een spiegel, graffiti en zwaartekracht. Met een echte getuigenis erbij.

     

    Bijlagen:
    ZWAARTEKRACHT.pdf (425.8 KB)   


    03-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 24: SCHOENEN

    STOUTE SCHOENEN & SPIKES                                               

    (0f hoe ik kampioen hardlopen werd)     

     

    In de straat van Tom (de ik-figuur), broer Bart en broer Filipje is een groothandel die lelijke schoenen verkoopt. Er is ook een kleine bieb in dat gebouw, dat bewaakt wordt door een vervaarlijke hond aan een ketting. Tom heeft twee grote problemen en zoekt naar een oplossing …

     

    Bijlagen:
    STOUTE SCHOENEN.pdf (434.7 KB)   


    02-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 23: STILTE!

    STILTE !                                                                                                         

     

     

    Het smartboard in de klas van meester Tim vormt de grens tussen een stille wereld en een lawaaiwereld. Voorbij die grens worden de meester en zijn zesdeklassers andere mensen. Na een uitstapje in de stiltewereld openen de kinderen van de zesde klas een stiltewinkel midden in de dreunende stad. Wat verkopen ze daar allemaal?

    Bijlagen:
    STILTE!.pdf (420.7 KB)   


    01-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 22: ELIOTT

    ELIOTT DE RAAF                                                             

    (3, 7, 21, 28, 39, 42, -5-)

     

     

    Terwijl de redactieleden van magazine AHA! vergaderen in café De Noorman, steelt een getemde raaf een winnend loterijbriefje van een oude vrouw en vliegt ermee weg. Op hetzelfde ogenblik hebben ergens in een stadsparkje Gwenny en Arne ruzie …

    Bijlagen:
    ELIOTT DE RAAF.pdf (442 KB)   


    31-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 21: MAANREIS

    EEN VLAMING OP DE MAAN                                                   

    (Een historisch scifiverhaal)

    2024. Sidderend van verlangen om aan de aardse zwaartekracht te ontsnappen, stijgt de raket ALICE van op de Amerikaanse basis MOONSHINE op naar de maan. Aan boord bevinden zich een Mexicaans-Canadese en een Vlaamse astronaut. De landing op de maan wordt door miljoenen mensen via satelliet gevolgd. En dan gebeurt het…

    Bijlagen:
    EEN VLAMING OP DE MAAN Joris Denoo.pdf (553 KB)   


    30-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 20: DE GANS

    DE SNEEUWGANS                                                                          

    Een verhaal van Duinkerken

     

    Af en toe wordt de wereld opgeschrikt door oorlogen. Vroeger moesten we de plaatsen en de data van al dat krijgsgewoel uit het hoofd leren. Om goede punten te behalen? Om de wereld van vandaag beter te kunnen begrijpen? De mooiste verhalen en geschiedenissen zijn echter niet in de leerboeken beschreven. Die moet je zelf zoeken. Of toevallig ontdekken. Je krijgt er ook geen goede punten voor. Maar als iedereen ze zou lezen, zouden het wapengekletter en kanongebulder op deze planeet al vlug verstommen. Het verhaal dat hier volgt, is er zo een. Het werd geschreven door Paul Gallico (1897 – 1976). Het is een verhaal over liefde, oorlog, opgroeien, kunst en natuur. Het heet De Sneeuwgans, een verhaal van Duinkerken. Maar het speelt zich ook voor een stuk in ons land af. Het is het ontroerendste verhaal dat ik ooit las. Het verscheen (in het Engels) voor het eerst in 1941. Na de Tweede Wereldoorlog, in 1946, werd het in het Nederlands vertaald. Op mijn beurt vertel ik het na.

    Bijlagen:
    De Sneeuwgans Joris Denoo.pdf (494 KB)   


    29-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 19: KIEZEN

    ROOD OF GEEL

    (eerste leerjaar)

    Bijlagen:
    Rood of geel.pdf (297.7 KB)   


    28-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 18: VIS

    IRMA LUST GEEN VIS

    (eerste leerjaar)

    Bijlagen:
    Irma lust geen vis Joris Denoo.pdf (305.7 KB)   


    27-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 17: NIET NAT

    NIET NAT, LIN!

    (eerste leerjaar)

    Bijlagen:
    Niet nat.pdf (253.7 KB)   


    26-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 16: BLOOT

    BLOOT IN DE BOOT!

    (eerste leerjaar)

    Bijlagen:
    Bloot in de boot Joris Denoo.pdf (235.3 KB)   


    25-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 15: TINGELING!

    TINGELINGELING!   

     

     

    Winkelen, shoppen, kopen, verkopen, het winkeltje, de kiosk, de markt, de galerij: waar hebben we allemaal centen voor nodig? En waar halen we wat?

     

    Bijlagen:
    TINGELINGELING.pdf (104 KB)   


    24-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 14: WINDEKIND

    WINDEKIND                                                    

     

      

    Windekind houdt zielsveel van waaiweer. In dit verhaal droomt en schrijft het over de grillen en de fratsen van de wind.

    Bijlagen:
    WINDEKIND.pdf (142.5 KB)   


    23-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 13: JASMIEN 13

    JASMIEN DERTIEN

     

    Het is kwart over vier. Oktober, een rustige herfst. In villa Perlefina in de Anjelierenlaan in Engeldam is het zo stil als op de maan. Alleen als je je oren spitst, dringt het rinkelbelkabaal van het schoolpiekuur tot hier door. Villa Perlefina is een oase van groen, bruin en oker. In de tuin lispelt de herfstwind in de boomkruinen. In huis is het bladstil, op het tikken van de staande klok na. Achter in de tuin ligt de gevlekte hond Pavlov kwijlend aan zijn ketting te suffen. Hij is al zo oud als de straat waar hij woont, en eigenlijk helemaal niet gevaarlijk. Van de meeste villahonden kun je dat laatste niet zeggen. Die ketting belet hem te verdwalen in de uitgestrekte tuin voor, naast en achter villa Perlefina. Hij heeft zoveel vlekken op zijn huid dat het lijkt alsof hij hevig ziek is. Maar Pavlov heeft noch de mazelen, noch de windpokken. In zijn hondenleven heeft hij alle pupziektes al gehad. Hij is alleen maar een bejaarde, vermoeide, gevlekte viervoeter met een Russische naam. Pavlov mag dan al oud zijn, zijn dromen zijn wel nog altijd zo rood als de vitrine bij slager Hennebel in de Lenteslastraat. Het bord aan het ijzeren toegangshek is dus een waarschuwing die je rustig in de wind kunt slaan: HIER WAAK IK! OPGEPAST: GEVAARLIJKE HOND.

    Bijlagen:
    JASMIEN DERTIEN.pdf (322.4 KB)   


    22-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 12: SPLASH!

    SPLASH !

     

    (TSUNAMI IN DE PEPERSTRAAT)

                                                                                          

    De lucht boven de stad zag zo grijs als een olifantenvel. Vele liters hemelwater waren daarnet naar beneden gesausd. Het regende nu nog wat na. Auto’s passeerden op pletsende banden. In de grote winkelstraat was het een ballet van paraplu’s geweest. Nu verdwenen die een na een in het niets, als bellen die stukspatten.

    Bijlagen:
    SPLASH!.pdf (1.8 MB)   


    21-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 11: POËZIE

    DE VUILNISKAR ZINGT HALLELUJA

     
    Poëzie voor jong en ouder

     

     

                                                    

    De vuilniskar zingt halleluja, de zeehond traint de oppasser, de aardbeientaart is jarig, de bomen veroorzaken wind: in deze poëzie voor jong en ouder krijgt taal een halve draai om de oren, zodat een en ander eens vanuit een ongewone invalshoek wordt bekeken. Door de ogen van de dichter krijgen de dingen een kleurtje, zodat ze soms zelfs ophouden gewoon ding te zijn. Dat proberen deze gedichten te doen: vuilniswagens te doen zingen. Gesnopen?

    Bijlagen:
    VUILNISKAR.pdf (2.4 MB)   


    20-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 10: HELP!

    HELP! WOORD OVERBOORD!

     

     

    Goedemorgen, lezeressen, lezers

    Hier sterreporter Elvies Pokkepop van Krantenpraat.

     

    Bijlagen:
    HELP.pdf (2.7 MB)   


    19-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 9: BLOSSEN

    RODE BLOSSEN

     

     

    Verlegenheid, opwinding, vreugde, verliefdheid, woede, schaam­te, verdriet hebben alle iets gemeen. Ze doen de mensen er anders uitzien. Ze kleuren bijvoorbeeld hun gezicht. In dit verhaal worden de belangrijkste rollen gespeeld door rode blossen. Het zijn soms leuke, soms vervelende dingen, die ook op wangen van kinderen kunnen verschijnen. Dan krijgen die een hoofd als een biet. Of een hoogoven. Het worden bewolkte kinderen. Of gloei­ende. Waarom? Hoe komt dat?

     

    Om dat te weten te komen, moet je de avonturen van Frederik, Hannes, Lies, Tim, Bram, Evelien, Pieter, Brahim, Fiene, Aisheh, Elien en vele andere kinderen eens lezen. Je kunt er zelf rode blossen van krijgen. Nog iets: er is ook een hond in het spel. Het is een bijna-rode hond met een gekke naam.

     

     

    Bijlagen:
    RODEBLOSSEN.pdf (700.1 KB)   


    18-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 8: REVOLUTIE

    KINDERREVOLUTIE

    Kinderen de baas?? Waar heb ik dat nog gehoord? In dit verhaal gebeurt het echt. De ouderdagverblijven zitten eivol. Maar die ex-kinderen komen ook in opstand. Hoe zal dat allemaal opgelost raken? En… loert er alweer geen nieuwe revolutie om het hoekje? Wat is de burgemeesterin bijvoorbeeld van plan? Een razend spannend en grappig verhaal voor kinderen en ex-kinderen die niet zitten te suffen of te surfen.

     

    Waarin kinderen de baas worden over de ex-kinderen                                                               

     

     

     

    'Hier linksaf draaien, mam. Rustig maar. En kijk uit voor die voetgangers op het trottoir: met ouders kan je niet voorzichtig genoeg zijn'.

    'Ja, Franklin'.

    'En vergeet je boterhammetjes niet mee te nemen als je uitstapt'.

    'Nee hoor, Anaïs'.

    Een minuut later parkeert mam de auto netjes in de rij. Het is al een drukte vanjewelste bij het ouderdagverblijf BRAAF!

    'Heb je je pilletje bij je?'

    'Jaja'.

    'Om twaalf uur vanmiddag slik je dat netjes door, hé. Anders is er weer geen huis met je te houden'.

    'Maar hoe weet ik dat het twaalf uur is? Kloklezen is voor oude ouders. Het is zo moeilijk'.

    'Je vraagt het maar aan de ouderoppas'.

    'En als die dan net op het toilet zit?'

    'Dan luister je zelf maar naar het belletje van de klok, mam'.

    Anaïs, Franklin en mam stappen uit. Als een brave ouder geeft mam de autosleutels aan Franklin af.

    Bijlagen:
    KINDERREVOLUTIE.pdf (306.6 KB)   


    17-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 7: KIND TOCH!

    KIND TOCH!                                                                                      

                                         

     

    Een bad op straat

     

     

    Bom bom bom bom

    Bom bom bom bom

    doet de klok op het plein.

    Het is acht uur.

    Noor stapt naar haar school.

    Het is erg nat op straat.

    En ook op het plein.

    Kijk, daar staat Vik al op de hoek.

    Hij wacht op Noor.

      Dag Noor, wuift Vik.

      Hei Vik, roept Noor.

    Ze gaan naar school.

      Waar is de zon, Noor?

      Die neemt nu een bad, Vik.

      Ha, dat wil ik ook wel.

                                                                                 

    Bijlagen:
    KINDTOCH!.pdf (103.5 KB)   


    16-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 6: KR-PRAAT

    KRANTENPRAAT

     

     
    Zeven jongeren geven een bescheiden weekblad uit: Krantenpraat. Ze hebben ieder hun eigen rubriek. In de loop van hun eerste jaargang krijgen ze af te rekenen met enkele problemen: moet er geadverteerd worden om zaad in het bakje te krijgen? Hoe bied je de concurrentie het hoofd? Wat doe je met neplezersbrieven? En als je eigen tante zichzelf op de voorpagina wil zien staan? Er gebeuren ook leuke dingen. Zo kaapt de huisfotograaf van Krantenpraat de Junior Persprijs weg. En een zonderlinge kerel met een raket in zijn tuin heeft warempel de maan gekocht. Wordt Krantenpraat ooit een heuse krant? Je weet nooit hoe een euro rollen kan… 

     

     

    Wie doen met name mee?

     

     

    Eenvoudige Ivan, ook E.I., jong, hoofdredacteur.

    Oom Inkt (Antonie), niet meer van de jongsten, de drukker van Krantenpraat. Er is geen tante Inkt.

    Elvies Pokkepop, jong, wil wat, schrijver van de wekelijkse rubriek ‘Help! Woord overboord!’, branieschopper.

    Merel, jong, tweelingzus van Mikkel, redactielid.

    Mikkel, jong, tweelingbroer van Merel, fotograaf.

    Dubbelgeoorlelde Veroniek, jong, redactielid. Zij heeft iets wat niemand heeft.

    K’leen, jong, redactielid, knap, verstandig, ietwat stil: het brein!

    Marian van Munkhuizen, jong (wat dacht je), schrijfster van de wekelijkse rubriek ‘Het Wonderbaarlijke Dagboek van Marian van Munkhuizen’. 

    Pamela P.J. Doornroos, tante van Veroniek, op even dagen zuurpruim, op oneven dagen gifkikker. Abonnee op Krantenpraat, later ex-abonnee.

    Piek Harold, 52 jaar, reiziger in hamburgers, bitterballen en frikadellen, maar bovenal maankundige. Slachtoffer van de pers, maar daar doet hij wat aan.

                                                  

    Bijlagen:
    KRANTENPRAAT.pdf (714.4 KB)   


    15-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 5: STOEF!

    STOEF !          

     

    Dag.

    Ik heet Marian. Voluit is dat: Marianne. Misschien zelfs Marie-Anne. (Mijn voormoederen bewoonden kastelen). Maar bescheiden als ik ben, hou ik het liever kort.

    Marian dus.

    Wil je nog het toetje erbij? Nou dan, voor een keer: Marianne Demuynck. Met een toefje verbeelding: Marian van Munkhuizen.

    Marian van Munkhuizen is mijn schuilnaam. Veel schrijfsters gebruiken zo’n pseudoniem. Het beschermt ze tegen opdringerige mensen in warenhuizen en op straat. Misschien weet je ook waar ik mijn mooie schuilnaam vandaan haal?

    Bijlagen:
    STOEF!.pdf (175.8 KB)   


    14-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 4: KLETSKAAS

    KLETSKAAS

     

    Anoniemuis was klein en grijs. Ze werd achternagezeten door haar staart. Daarom keerde ze altijd terug naar haar holletje. Dat was piepklein. Er kon net een staart in waar een muisje aan hing.

    Op een dag kon Anoniemuis niet meer in haar hol. Was haar staart te lang geworden? Werd ze te dik? Het was allemaal de schuld van die lekkere kletskaas.

    Luister maar even.

    Bijlagen:
    KLETSKAAS.pdf (371.3 KB)   


    13-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 3: APPELONIA

    APPELONIA

                                                

    1. Een ommetje in Tuinesië

    De zomer is voorbij. De school is alweer aan. Op een dag komt de appelschudder langs in Tuinesië, de boomgaard van Moes en Pap Appelaar. Het eerste briesje van de herfst. Hij geeft alle bomen in Tuinesië een luchtkus. O! Wat een verrassing!
    Sommige appels ploffen van pret in het gras.
    Enkele appels schrikken en worden rood.
    Sommige appels worden geplukt.
    Enkele appels springen zelf.
    Zoveel takken zonder appels!
    Enkele appels willen groen als het gras zijn.
    Sommige appels zijn geel als de zon.
    Enkele appels glanzen als goud.
    Rode, groene, gouden en gele appels liggen overal als sproeten in het gras.
    Kort daarna verhuizen ze weer.

    Bijlagen:
    APPELONIA.pdf (171.9 KB)   


    12-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 2: APPELEN

    APPELEN                                                                                      

    Een vertel-, Voorlees-, Hoor- & Kijkstuk voor jong en oud, in stukjes    

    Ook een dichtbundel.     

     

    Toegangsprijs 1 appel                           

     

    Personages

    Appelman, Appelvrouw & dichte of verre verwanten

    Rekwisieten

    Een mand appelen; alle rekwisieten worden vertolkt door appelen

     

    OM OP TE WARMEN

     

     

    (1)

     

    A – Wat eet jij het aller-, allerliefst?

    B – Een kilo chocolade. En jij?

    A – Een hele emmer  ijs met een liter cola erbij.

    B – Appelsap is ook lekker, mm!

    A – Zou een appel pijn hebben als je erin bijt?

    B – Maar neen. Doe niet zo flauw.

    A – Weet je hoe je water in je mond krijgt?

    B – Nou, gewoon een slok water nemen.

    A – Of door heel hard op een appel te denken.

    B – Met een appelsien lukt het ook.

    A – Appels houden van monden.

    B – Appels verlangen naar het gehemelte.

    A – Doe je ogen eens dicht.

    B – Nou, oké, en nu?

    A – Proef je welke kleur jouw appel heeft?

    B – De smaak is altijd raak: geel, groen, rood.

    A –Maar welke kleur?

    B – Ik proef er altijd de zomer in – gewoon, alle leuke kleuren samen.

    A – Ook in appeltjes van oranje?

    B – Ook in appeltjes van oranje.

    A – Heb je ook klokhuiswerk vandaag?

    B – Reken maar. Ik moet twintig appeltjes voor de dorst schillen.

    A – O, ga je appelmoes maken?

    B – Nee, mijn oma Appolonia bakt een appeltaart.

    A – Mm …

    B – Met een hele emmer ijs op.

    A – En een liter cola bij?

    B – Nee, twee liter appelsap.

    A – Zo, nu is mijn appel op.

    B – De mijne ook.

     

    (2)

     

    P – Jij bloost wel, zeg!

    A – Dat komt door jou.

    P – O?

    A – Ik vind je een toffe peer.

    P – Maar dat is te veel eer!

    Bijlagen:
    APPELEN.pdf (339 KB)   


    11-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Biebjong 1: ARISTIDE

    ARISTIDE

    (of)

    DIE KAT KOMT WEER

     

    De twintigste eeuw was een hel voor kinderen. Sommige vervelende dingen uit die droevige, ouderwetse tijd gebeuren nu nog af en toe. Gelukkig doet zich dat niet zo vaak meer voor. Maar toch. Dat gedoe met limonade bijvoorbeeld. Is een half glas limonade halfvol of halfleeg? Luister naar een gesprek uit de twintigste eeuw tussen een grote mens (1 meter 83, ex-kind) en een kind (1 meter 57).
    'Je drinkt verdorie weer te gulzig'.
    'Mmpff'.
    'Slokop!'
    'Mmpff'.

    Bijlagen:
    ARISTIDE.pdf (1.1 MB)   


    09-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Award?

    Het educatieve gameplatform Kweetet van uitgeverij die Keure komt in aanmerking voor een International Excellence Award op The London Book Fair - uitsluitsel op 12 april 2016. Blij voor doctor Kosmon, Madame Q, Oculientje, Monocle en andere trawanten.


    06-02-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kersverse boekjes

    KERSVERSE BOEKJES

    Een eenhoorn in je tuin: jeugdtheater

    Kletskaas: een volslanke muis loopt in de val

    Schaak!: leer schaken met Wilma

    De vuilniswagen zingt halleluja: gedichten die een draai om hun oren hebben gekregen

    Bijlagen:
    V-boekjes1.pdf (881.5 KB)   
    Vboekjes2.pdf (961.1 KB)   


    15-01-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bieb bieb bieb

    De Verrekijker-bieb van uitgeverij die Keure verovert de scholen: tientallen hardcover boekjes op maat geschreven en geïllustreerd door vakkundige auteurs en illustratoren voor alle leerjaren van het lager onderwijs, zowel fictie als non-fictie, waaronder reportage, strip, luisterspel, toneelstuk, interview, biografie, musical, reisverhaal, etc...


    14-12-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wonderklas

    WONDERKLAS


    In de donkere dagen van december 2015, terwijl de klimaattop in Parijs ononderbroken bij 10° Celsius plaatsvond, zag ik na 17 jaar een deel van mijn 'wonderklas' uit de lerarenopleiding terug. Een emotioneel hoogtepunt voor mij, terwijl er zich diezelfde week ook een dieptepunt voordeed: mijn nicht Greet V. overleed. Anno 1998 zette ik met de studenten uit de 'wonderklas' een zelfgeschreven stuk op de planken van cultureel centrum De Brouckère in Torhout, na enkele herfstmaanden voorbereiding. Het werd de prettigste en meest deugddoende samenwerking met een groep studenten die ik ooit meemaakte. Zielenzalf. Vandaar dat ik ze aansprak met de eretitel 'Wonderklas' - nu nog altijd. Oud-studente Maaike M. - één van hen - (die als Pippi Langkous in het stuk figureerde) vroeg ik onlangs, pakweg een jaar geleden, om enkele boekjes te schrijven voor een jongerenleesbieb in het kader van een taalmethode.
    Ik las immers een ander manuscript van haar, waardoor ik haar contacteerde. Talent, zeker weten. Na vele maanden mailverkeer besloten we tot een date in levenden lijve, op Ieperse bodem. Na een deugddoend weerzien bij een snack in een praat- en eetcafé nam Maaike me nogal overtuigend en doelgericht mee de stad in. Er zat verdacht vaart achter, vond ik. Daar botsten we op een tiental oud-studenten uit de wonderklas van toen. Opgezet spel natuurlijk van Maaike, de daderes. Gek, maar ik was bijna te verbouwereerd om het goed te bevatten. Maar het betrof wel degelijk een tiental van die memorabele mensen. Zielenzalf bis! Voetnoot: jammer dat we die avond vooral water moesten drinken, omwille van het aangekondigde 'meer blauw' op straat.


    14-10-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van A tot Z

    Zijnde de curator van de 2de editie van deze poëziewedstrijd nodig ik bij dezen de schrijvende lezers van deze blog uit tot deelname. 


    (Skuus voor deze dezerigheid)

    Bijlagen:
    2016_POEZIE_van_A_tot_Z_poeziewedstrijd.pdf (707.4 KB)   


    08-10-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verrekijker

    Taalmethode en leesbieb Verrekijker is de opvolger van Kameleon bij uitgeverij die Keure Brugge. Ben andermaal een week stand-by geweest om 144 leesboekjes fictie en non-fictie voor derde graad lager onderwijs te organiseren. Drieëndertig auteurs leveren een breed gamma aan verrassende onderwerpen, thema's en genres. Geïllustreerd met tekeningen of foto's. De Kameleonbieb was een succes; de Verrekijkerbieb wordt successer. Nu met hardcover!

    Bijlagen:
    http://www.diekeure.be   


    29-09-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HOE IK BRIDGE LEERDE

    HOE IK LEERDE BRIDGEN

    In de middeleeuwen van mijn jeugd was ik een stevig dammer. De goede man gooide namelijk vooral gezelschapsspelen door de schoorsteen. Later bedreef ik – met lange tussenpozen – decennialang het edele schaakspel. Er zat zelfs even een jaar intens correspondentieschaak tussen. Vele veldslagen later leerde ik ook mijn vierjarige kleindochter Wilma de beide schuifdenksporten aan.

    Toen ik zestig werd, kreeg ik uitzicht op een zee van tijd. Ik wou die zee zinvol bezeilen en verkennen. Eerst zou ik een brug bouwen. Ik leerde bridge.

    Bijlagen:
    HOE IK LEERDE BRIDGEN.pdf (456.2 KB)   


    01-09-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Defence House BV

    GEWEID DEFENCE HOUSE BERT VANWYNSBERGHE 28 AUG 15

    Joris Denoo

    (Inwijding tuinhuis met gewei van kunstschilder Bert Vanwynsberghe)


    In de achterhoede van het huis van de schilder – die geen gewone huisschilder is – staat een defence house met twee speerpunten. Die twee speerpunten zijn vertakt in meerdere speerpunten. Deze vertakkingen verdedigen het huis van de schilder met verve. Een passive attack. Een glimlach die een grimlach kan worden. Typisch Bert, typisch glossy. Die vertakkingen maken er ook een geweid huis van. Met gekipte ei. Inwijding is hier dus op zijn plaats. Ten huize zelf is uiteraard ook een maquette geboren. En de defence loveboat steekt binnenkort eveneens van wal. Met uw alziend jagersoog hebt u dat wellicht ook al gespot. De bewoner van dit geweide huis gaat gebukt onder de initialen B.V. Daarom verschanst hij zich op gezette tijdstippen en met de regelmaat van een boeddha bij zijn defence house. Het is quasi-brandbaar. Daarom rookt B.V. met een zekere onregelmaat. Hij houdt van risico’s en tart de afgoden. Dat gewei op zijn defence house is trouwens ook bedoeld om de afgoden te pesten en eenhoorns en neushoorns jaloers te maken. Het dient dus niet alleen als symbool van een brons(t)tijdperk. De beide uitsteeksels waren de ingewikkelde vooruitzichten van een hartelijk beest dat nu dood is. De een z’n dood is de ander z’n schroot: B.V. heeft er zijn eigen hiernamaals in zijn tuin mee opgesmukt. Dat is termijndenken. Het defence house staat verder ook open voor onverklaarbare bezoekers, schilderachtige vampen met leuke dampen, wodkapriesteressen en Bengaalse vuurwerksters. Een waarschuwing: tuin er niet in en haper niet met uw Hugo Boss of Talking French aan een van die vooruitzichten. Anders ‘hebt u het te hoog op’, zoals ze hier zeggen. Vier meter, met name. Aan textiele werkvormen heeft Bert geen behoefte. Hij heeft wel graag dat je gebruik maakt van zijn kunst. Dat je er dus figuurlijk aan hapert. Humor is nooit ver weg. Vandaar de gloss. Zelf heeft Bert op een bepaald moment ook plaatsgenomen op het gewei. Een beeld dat we ons dankzij de sociale media haarscherp herinneren. Deze Atlantik Wall in de onrustige Markebeekgemeente Marke beschermt en verdedigt Bert tegen aanvallen van onderdanen van Koning Onbenul, Kroonprins Middelmaat, Jantje Pedantje en Miet Stoverij met Friet. Omdat hij niet altijd als Andy Warhol rond kan lopen, heeft hij deze defensie opgetrokken. Zijn laatste echte pruik dateert overigens van de tijd toen hij nog Viking was. Het defence house is een verweerhuis, dat je op het eerste zicht van symmetrie kunt verdenken. Dat is onjuist. Want het ding (soms een mens) tegen wie je je verweert, moet je verrassen met onverwachte asymmetrie. Want perfectie is gewoonlijk saai. Moet de ene Griekse zuil per se een andere Griekse zuil oproepen? Moet je ook bèta zeggen als je al alfa hebt gezegd? Kijk wat er geworden is van Griekenland. Alsof ook symmetrie voor structuur of perfectie zou staan. Zoek dus de zeven verschillen. Het defencehouse in dit platte Vlaanderen is echter ook geen blijf-van-mijn-lijfhuis. De compartimenten van het gewei steken uitnodigend als armen uiteen, klaar om u te omarmen. Want het hertelijk gehalte is hoog. Bert is namelijk in hoge mate… nou: Bert. Maar gelijkt hij nu op een… hert?

    Gedaan te Heule en te Marke, zomer 2015








    29-07-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Sybren Polet

    De Nederlandse schrijver en dichter Sybren Polet is op 91-jarige leeftijd overleden. Hij heette voor de burgerlijke stand Sybe Minnema. Hij is vooral bekend van de roman "Mannekino" uit 1968. En als 'experimenteel' schrijver.

    In 1975 schreef ik aan de KULeuven een licentiaatsverhandeling over zijn dichtbundels. Voor sommige ervan moest ik Amsterdamse antiquariaten bezoeken.

    Polet publiceerde naast proza ook poëzie en teksten voor toneel. Hij kreeg in 2003 de Constantijn Huygensprijs. Daarnaast werd hij bekroond met nog andere literaire prijzen gedurende zijn carrière.

    Polet was een van de minder bekende Vijftigers, een groep jonge vooruitstrevende dichters die na de Tweede Wereldoorlog opkwamen. Tot die groep behoorden ook Simon Vinkenoog, Remco Campert, Jan Hanlo en Lucebert.

    Klop klop.
    Hier komt de dichter met zijn woorden,
    als een vriendelijk geklede avond,
    een avond in sportkostuum.


    31-05-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lente a/d Leie

    In aanwezigheid van koning Filip werd op 31 mei 2015 in Kortrijk de Leieslag uit WOII herdacht, die 75 jaar geleden plaatsvond. Dit zijn de drie reflectieteksten die ik voor die gelegenheid schreef en voordroeg. Dominique Lannoo vertaalde een tekst in het Frans en droeg die ook voor.

    HERDENKING LEIESLAG KORTRIJK 2015                                             Reflectieteksten Joris Denoo

    01

    Samenkomen om niet te vergeten.
    Samenkomen om steen te laten spreken.
    Hier aan het water herdenken we voor later.
    Omwille van de lieve vrede.
    Omwille van de wrede oorlog.
    Omwille van zij die hier vielen voor vrede.
    Omwille van zij die eind mei
    in de lente aan de Leie
    hier hun leven lieten.
    Als er licht is in de ziel, zal er schoonheid zijn in de mens.
    Als er schoonheid is in de mens, zal er harmonie zijn in het huis.
    Als er harmonie is in het huis, zal er rust zijn in het land.
    Als er rust is in het land, zal er vrede zijn op aarde.
    Vrede is een voorschot op geluk.
    We hopen dat de voorraad zeer lang strekt.
    Want soms was en is de wereld verkaveld in schootsvelden.
    Soms hangt er een schroeilucht onder de zon.
    Soms vertoont een landschap littekens,
    en is er een gedenkteken nodig.
    Verse vrede mag geen opmaat naar een nieuwe oorlog zijn.
    Laten we daarom dit gedenken
    aan dit water, ook voor later.


    02

    Samenkomen om niet te vergeten.
    Samenkomen om steen te laten spreken.
    Hier aan het water herdenken we voor later.
    Omwille van de lieve vrede.
    Omwille van de wrede oorlog.
    Omwille van zij die hier vielen voor vrede.
    Omwille van zij die eind mei
    in de lente aan de Leie
    hier hun leven lieten.
    In de boekenkasten groeien de boeken over oorlog en vrede.
    Er zijn witte en er zijn zwarte bladzijden.
    Op de schermen spelen de films over oorlog en vrede.
    Er zijn witte en er zijn zwarte doeken.
    Wat is makkelijker te nemen:
    de foto van de vrede of de foto van de oorlog?
    De dood zaait en maait met mensenhanden:
    meervoudig, makkelijk.
    Gelederen, gemoederen:
    moeilijke meervouden,
    zoals in kinderen.
    Zij reizen herrijzen verdwijnen verschijnen.
    Zij vallen ter plaatse van heinde en verre
    in dalen terneer in talen ter wereld
    in namen van zonen
    in namen van vaders.
    Zij kruisen symmetrisch, zij krijsen voor eeuwig.
    Zij doemen weer op, zij huilen om vrede.
    En altijd nieuwe wind waaiert over steen
    en bladert steeds nieuwsgierig weer in kruinen van bomen
    en lispelt in de stad van steen en stilte
    de namen van de vaders en de zonen.
    Laten we daarom dat gedenken
    aan dit water, ook voor later.

    03

    Samenkomen om niet te vergeten.
    Samenkomen om steen te laten spreken.
    Hier aan het water herdenken we voor later.
    Omwille van de lieve vrede.
    Omwille van de wrede oorlog.
    Omwille van zij die hier vielen voor vrede.
    Omwille van zij die eind mei
    in de lente aan de Leie
    hier hun leven lieten.
    Vrede is de geur na verse regen.
    Vrede is het uitzicht op een zon.
    Vrede is de duif die veilig landt.
    Vrede zijn de mensen op het plein.
    Vrede is een stille zegen.
    Vrede is de smaak van veilig water.
    Vrede is een speelbal in het zand.
    Vrede zou er altijd moeten zijn.
    Vrede valt niet op.
    Bewaar daarom de vrede goed.
    Want vrede is grenzeloos
    en oorlog gaat om grondgebieden.
    Laten we daarom dat gedenken
    aan dit water, ook voor later.

    02 (vertaling Dominique Lannoo)

    Se réunir pour ne pas oublier.
    Se réunir pour écouter les pierres.
    Ici, au bord de l’eau, nous nous souvenons pour plus tard.
    A cause de la paix si douce.
    A cause de la guerre cruelle.
    A cause de ceux tombés pour la paix.
    A cause de ceux qui, fin mai,
    Au printemps, aux bords de la Lys,
    Ici, ont laissé leur vie.
    Dans les bibliothèques s’entassent les livres de guerre et de paix.
    Il y a des pages blanches et il y a des pages noires.
    Sur les écrans passent les films de guerre et de paix.
    Il y a des tissus blancs et des tissus noirs.
    Qu’est-ce qui se prend plus facilement :
    La photo de la guerre ou la photo de la paix ?
    La mort sème et récolte de mains humaines :
    répétitif, facile.
    Rangs, esprits, et … enfants aussi:
    mots trop difficiles au pluriel.
    Ils voyagent ressuscitent disparaissent paraissent.
    Ils meurent sur place de loin et de près
    abattus dans les vallées dans toutes les langues du monde
    au nom des fils
    au nom des pères.
    Ils se croisent en symétrie, ils se crient pour l’éternité.
    Ils resurgissent, ils implorent la paix.
    Et toujours un nouveau vent lèche les pierres
    et feuillette encore curieusement les faîtes des arbres
    et murmure dans la ville de pierre et de silence
    les noms des pères et des fils.
    Pour cela souvenons-nous-en
    Au bord de cette eau, ici, pour plus tard.

    Bijlagen:
    IMG_0940.JPG (60.7 KB)   
    IMG_0954.JPG (49.6 KB)   
    IMG_0957.JPG (52.4 KB)   
    KINGSPEECH1.jpg (44.7 KB)   


    20-03-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kanalfabetisme

    KANALFABETISME

    ( . . . en het woord werd tot chip geplet op het aambeeld van communicatie . . . )

    'Wie schrijft die blijft, maar buiten beeld'

    'De analfabeet van de toekomst is hij die de machtige taal van het beeld niet begrijpt'.

    Dooddoener? Cliché? Boutade? Profetie? Oprisping? Het is een twoliner uit de late jaren tachtig. Hij is opgetekend uit de mond van een docent Beeldende Opvoeding aan een instituut voor lerarenopleiding ergens in Vlaanderen. Hierover nemen we even het woord…

    PS Dit essay werd bekroond met de A.H. Cornette Essayprijs, periode 91-95, Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde 96

    Bijlagen:
    KANALFABETISME.pdf (222.6 KB)   


    09-03-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Abraham op Kulak

    Onlangs werd de Kulak, de Kortrijkse Universiteit van Leuven, jaja, vijftig jaar. Ook ik was ooit een van hen. Lang geleden, toen de dieren nog West-Vlaams spraken. Er waren (gelukkig) enkele leuke speeches. Hilde Crevits bezwoer een kulakiaanse midlifecrisis. Rik Torfs - een klein kereltje in onderwijsribfluweel gehuld, weliswaar zonder elleboogstukjes - deed zijn uiterste best om zonder briefje de Kortrijkse unief niet als een kolonie van de Leuvense Alma Mater te bestempelen. In die optiek verklaarde hij guitig dat A'pen en Brussel provinciestadjes waren. Vincent Van Quickenborne memoreerde enkele proffen en plekken uit het Kulakverleden - gevat en gedurfd. Zijn liberale opvattingen kregen volgens hem mede vorm door de colleges filosofie aan de Kulak. Ikzelf heb als oud-Kulakker met plezier naar deze sprekerds geluisterd. Humor en tempo, weet je wel. Om mij heen stond allerlei grof geschut uit de politieke, de academische en de zakelijke wereld. Een gedicht zat er echter niet in. Anders zou mijn oude professor Taalkunde en Taalhygiëne, de gierige Hollandse gruwel P.C. Paardekooper, zich omdraaien in zijn graf. Hij had het in mijn tijd altijd al moeilijk met fictie, hoewel hijzelf als een vampier over de campus wapperde. Ach, die goede oude tijden.


    27-02-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.R-woord

    Een generatie oud-studenten van de hogeschool voor lerarenopleiding waar ik Taal doceerde, plant nog eens een reünie. Na rijp beraad met mezelf heb ik besloten te spijbelen. De beleeftijdspolitie zal me daarvoor niet beboeten. 'Reünie' lijkt te veel op 'ruïne'.


    14-01-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verrekijker

    VERREKIJKER wordt de opvolger van KAMELEON, de taalmethode annex leesbieb van uitgeverij die Keure voor de lagere school. Wanneer de leerlingen even uitblazen van KWEETET, het educatieve gaming platform van dezelfde uitgeverij, zullen ze in een alleraardigste verzameling teksten kunnen duiken om die vloeiend te lezen. Er komt ook weer een geïllustreerde bieb per leerjaar, speciaal geschreven en getekend of gefotografeerd door diverse Vlaamse auteurs en illustratoren.


    26-12-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Friesland

    Ik was zeven jaar geleden in Harlingen, Friesland. Het was september; de remsporen van de zomer waren nog in de lucht te zien. Dichters en beeldend kunstenaars ontmoetten er elkaar. Ik zag er o.a. ook Jan Roos. Hij maakte het jaar daarvoor een tekening van mij terwijl ik aan het voorlezen was uit eigen werk. (Zie bijlage). Dat gebeurde ter gelegenheid van de ontmoeting Vlaanderen - Friesland, in Transfo Zwevegem. In Harlingen vond een jaar later (of twee?) de tweede editie plaats. Tweemaal leerde ik ook de schilderijen van Gea Koevoets kennen. Ik moet dringend es weer naar Harlingen, waar bij stormweer op zee de toeristen liggen te schudden in hun bedden.

    Bijlagen:
    JROOSjd.pdf (102.5 KB)   


    15-12-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.And the winner is...

    Het waaide en regende die vrijdag dat het een lieve lust was. Een hoogdag voor mij. Des avonds echter ging de wind wat liggen. Dat was geen goed teken. Ik spoedde me naar het Cultureel Centrum De Brouckère in mijn geboortestad Torhout. Reden: mijn nominatie door de Cultuurraad voor een Life Time Achievement. Er waren nog vier genomineerden. Ik was beduidend de jongste in de rij. En ik was al meer dan 35 jaar geleden verhuisd uit mijn geboortestad. Paste ik daar wel in? Was ik niet beter thuis gebleven? Ik had al een slecht gevoel bij de clichévragen die de presentator (zo'n vlotte microjongen die ijverig articuleert) aan de nominees stelde. (Ik zat op de laatste stoel in het rijtje feestvarkens op het podium). Een kunstschilder begon zelfs over zijn rugoperatie. Toen het mijn beurt was, was de inspiratie blijkbaar opgedroogd. Ik kreeg de meest dwaze vraag die je op zo'n ogenblik te horen kunt krijgen: 'Bent u veel veranderd sedert u in 1977 begon te publiceren?' Of zoiets. Nou moe. Vooral verouderd, zeker? Ik kukelde bijna van mijn podiumstoel door deze fantastische vraagstelling. En hij had er nog eentje in voorraad, nadat ik het 'interview' eigenlijk al geaborteerd had door een noodgedwongen nietszeggend antwoord te geven: 'Wat zijn uw plannen voor volgend jaar?' Of zoiets. Nou moe. Voortdoen, zeker? De kunstschilder met de rugklachten won de Life Time Achievement. Troost in domme dagen: op maandag arriveerde mijn interview met redacteuren van het Leuvense Germanistenblad.


    02-12-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bij leven & welzijn

    Ik ben door de Cultuurraad genomineerd voor Life Time Achievement van de stad Torhout. Dat is leuk.


    19-11-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Too far

    Laat me gerust. Ik beantwoord aan een van de grootste clichés op aarde. Ik leer bridge.


    03-09-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Muilpeer

    MUILPEER

    - Ai! Ai! Al die kleuren! Dat doet pijn aan mijn ogen!
    - Waarom ben je dan gekomen?
    - Ik zoek Zure Appel.
    - Hoe heet je? Ben je Zuurpruim misschien?
    - Maar nee. Muilpeer. Ik heet Muilpeer. En wie zijn jullie?
    - Oogappel.
    - Adamsappel.
    - Appeltje van Oranje.
    - Dennenappel.
    - Appelflap.
    - Kilo appelen.
    - Waar kan ik Zure Appel vinden?
    - Hier is geen Zure Appel.
    - Kijk nog eens goed: hij lacht zo groen als ik.
    - Zo groen als een Muilpeer?
    - Ja. We verdragen geen andere kleuren.
    - Rep je dan maar vlug terug, groentje.
    - Ja, of je loopt een blauwtje.


    01-09-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.AMUZEMENTEN

    AMUZEMENTEN                                                                                  JORIS DENOO

    Muzisch omgaan met taal

    Een sessie Muzisch Taalgebruik begin ik met twee afschuwelijke Nederlandse woorden: ‘Ik heb geen hand-out of PowerPoint gemaakt. Ik ben een aanhanger van de Zwitserse eenthemapartij Anti PowerPoint. PP’s zijn niet muzisch. Ze doen zich voor in halfverduisterde leslokalen, via saaie projecties en herhaling van die saaie projecties op papieren hand-outs die je in dat halfduistere leslokaal eigenlijk maar half ziet. En vooraan loopt iemand voortdurend heen en weer door en voor het beeld. Ik weet: er bestaan fantastische leerboeken en leerlijnen en didactische werkbundels, maar ik mis er de taalvreugde in. Ik tref er vaak bloedloos en vreugdeloos getheoretiseer in aan.

    Het is niet omdat je met een stift een snor op je bovenlip schildert, even in de verkleedkoffer graait en met een halve kilogram gel je haar steil achterover harkt dat je muzisch bezig bent. Soms helpt het wel. Haaks op deze goedkope theatrale verkleedpartij staat de taalmuzische grondhouding (attitude, mentaliteit, roeping). Te vaak is taal het Assepoesje van de Muzische Opvoeding. Taal blijft vaak verweesd achter in het verdomhoekje van de creativiteit. U kent het cliché wel: iedere leraar is leraar taal. Taal zit in elk vak. Nou, ik had ongaarne mijn taal van mijn leraren wiskunde geleerd. Muziek, drama, beweging: we kennen dat. Stukje spelen, liedje zingen, gedicht voordragen en uitbeelden, tekening maken, dansje doen en hopla, om het geweten te sussen gooien we dat op een namiddag allemaal samen in één collectieve creatieve kramp. De doorlichters/visitatoren zullen wel tevreden zijn. De bachelorproeven en leerboeken staan bol van dergelijke initiatieven. Wat taal betreft zou dat moeten zijn: onbevangen creativiteit, verwondering, originaliteit, durf, ongewoonheid, plezier, ontvankelijkheid, communicatie, een open mind voor onverwachte of onbekende zaken, het onderhouden van een dagelijks sinterklaas- of paaseierengevoel. Verwondering dus, en sympathie voor dat vehikel van gedachten, gevoelens, gedichten, moppen, raadsels, verhalen en ideeën. Taal(onderwijs) is nog te vaak gevangen als een leeuw in een kooi… van grammatica en ‘zinsleer’. Hier situeert zich dan het slachthuis van de taal. Men neemt een alleenstaande zin, afgezonderd van zijn normale kuddecontext, en men hakt de kop van de romp. Het bloed spuit eruit. Waarom? Waartoe? Wat is de zin van zinsleer waarin we zinnen in tweeën hakken en het onderwerp van het gezegde scheiden? Dan nog niet eens in een natuurlijke context van tekst en communicatie?

    Taal kan onverdacht veel leuker en net zo goed al de doelen bereiken die de grijze meneren dicteren. In mijn sessie Muzisch Taalgebruik geef ik welgeteld 300 seconden verantwoording en uitleg over wat ik ga doen. Daarna voeren we (zo de tijd dit toelaat) elke sessie uit: 120 seconden instructie en opstap, daarna aan de slag: alle leeftijden, collectief, veilig, leuk, gezellig. We bedrijven liefdevol voorlezen, luisteren, spreken, bewegen, kiezen, schrijven, illustreren, improviseren, raden, denken, vergelijken, roepen, fluisteren, tekenen, herkennen, beschouwen, zoeken, dromen en spelen.
    Er heerst collectieve en individuele arbeidsvreugde op elk eilandje. Iedereen doet mee, beschut door de groep. En een stil talent kan niettemin ook plotseling opglanzen, wanneer blijkt dat we in ons midden een dichteres hebben, een regisseur, een actrice, een quizzer, een goede verstaander, een rappe anagrammer, een talenknobbel, een detective, een rekenaar, een stand-upcomedian, een sit-downcopywriter.  

    Ik ben aan mijn sessies AMUZEMENTEN begonnen nadat ik collega’s (moeder)taal en mezelf wel vaker hoorde verzuchten:

    - Nederlands is toch zo’n bestraffend repetitief vak; ik moet altijd alles herhalen.
    - Hebben wij eigenlijk wel een inhoud?
    - Elke dag moet dat krakende vehikel boven de smeerput.
    - Taal bestaat uit honderden details.
    - Ik voel me altijd vermanend en betuttelend: zeg niet… zeg wel…
    - Perfectie is saai; waarom moet ik dat bekakte Nederlands propageren?
    - Wat is de zin van zinsleer, dat slachthuis van de taal? Bloederig en ongezond!
    - Talloos zijn de taallozen.

    Het taalplezier was ver te zoeken. Ik zocht dus andere invalshoeken. Leuke maar daarom niet minder interessante. Een vreselijke les Creatief Schrijven (die ik moest beoordelen) deed voor mij de deur dicht. Ik ontwierp een dertigtal Muzische Taalsessies waar ik (en met mij vele (oud-)studenten) ondertussen met alle leeftijden en in heel diverse opleidingen veel plezier aan beleef. En de grijze meneren zijn tevreden. Kinderen, leerlingen, scholieren en studenten verlangen weer naar Taal. Assepoesje schittert.

    En wel hierom.

    AMUZEMENTEN voegt in leuke sessies met muzische taal de daad bij het woord en het woord bij de daad. Je kunt er zo mee aan de slag; het is helemaal niet zoeken naar woorden.

    AMUZEMENTEN is in de praktijk gebracht in vele sessies met leerlingen, scholieren, studenten en volwassenen. Dat leverde muzische momenten met taal op, in diverse opleidingen en in alle geledingen van de creatieve communicatie.

    AMUZEMENTEN is een uitermate praktische en leuke gids voor wie creatief met taal wil werken. De instructies zijn kort, de oefeningen concreet. Voorop elke sessie geven we u een kontje via een opstapje.

    Bijlagen:
    AMUZEsyll.pdf (627.7 KB)   


    24-07-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Taalstrijd

    TAALSTRIJD

     

    Toen Sananas naar de taalgevangenis werd gebracht, was het geenszins de bedoeling zijn tong eruit te rukken. Hij moest wel van zijn moedertaal beroofd worden, maar, erger nog: een nieuwe taal in plaats daarvan gebruiken. Het was zoals de KGB in Rusland vroeger opereerde: kinderen van dissidenten in weeshuizen onderbrengen en dan daaruit rekruteren voor de KGB, zodat die kinderen later werden wat hun ouders verafschuwden.

    De taalgevangenis bevond zich op het eiland Ei, omgeven door permanent springtij. De wateren eromheen waren bevolkt door palindromische hamerhaaien, zelfverwijzende elektrische sidderalen en metatalige kwallen. Ontsnappen via glottisslagen of gekloofde zinnen was onmogelijk. Een cynisch bord verwelkomde de gevangenen: ‘Wat is mooier dan een dooier?’

    Eerst werden Sananas’ klinkers (ofte sonore klanken) weg gemarteld. Daartoe werd hij op ouderwetse wijze op het reuzenbed uitgerekt aan zijn ledematen, terwijl ter hoogte van zijn teelballen met een lasapparaat en een kolonie mieren werd gedreigd. Weldra waren zijn a’s, o’, e’s, i’s en u’s in alle mogelijke varianten onherstelbaar beschadigd en blijvend onherkenbaar geworden. Dat was al iets. Maar het was nog niet genoeg: veel Arabische talen bijvoorbeeld bedienden zich niet eens of in zeer geringe mate van die overbodige klanken of klinkers. Er moest dus nog steviger gemarteld worden. Nadat de taalbeulen de basisklanken met blijvend letsel geradbraakt hadden, was het de beurt aan de medeklinkers en de meerklanken.

    Ook moest Sananas verder van zijn zinnen beroofd worden. Zijn voetzolen werden beslagen met punaises en daarna omgord met ijzeren schoenen waar een slot op zat. Dagen- en nachtenlang werd zijn cel volgepompt met snoeiharde decibels dialect uit de Vlaamse Ardennen en Limburgse heide, terwijl ook versleten clichés niet van de lucht waren. Een ware kakofonie. Sananas werd knettergek van miljoenen keren ‘Ik heb zoiets van’, ‘Er hangt een prijskaartje aan vast’ en ‘Laat ons duidelijk zijn’ in de ergste dialecten. Ook onderging hij bij herhaling Facebook-geleuter: ‘Oei. Da’s minder’. ‘Tsss…’ ‘Ah, je weet het.’ Bovendien werd er permanent Vlaamse regen veroorzaakt in zijn cel, versterkt door afwisselend geklots en gebulder van zeegolven. Men wou hem zodoende de snelheid van de waterdialecten eigen maken.

    Toen hij al zevenmaal uitgeplast was, voelde hij nog hevige aandrang om te plassen.
    Na drie weken werd de taalgevangene gelucht en onderzocht. Hij stiet alleen nog wartaal uit. Gevraagd naar zijn naam zei hij deze achterstevoren. Tijd dus voor de implementatie van een verse taal. Sananas werd uit de taalgevangenis op Ei ontslagen en op stage gezonden in de politiek om zich te vervolmaken in holle woorden en wartaal. Daarna moest hij in de leer bij enkele advocaten om worstenzinnen en eufemismen te oefenen en bij de tv-nieuwsdienst, waar elk nieuwsitem driemaal herhaald werd: door de nieuwslezer, nog eens door een stem buiten beeld en nog eens door de geïnterviewde. En zie, voorwaar: het duurde geen kwartaal of Sananas had zich de nieuwe taal eigen gemaakt. Hoe meer hij sprak, hoe minder hij zei. En men hoorde dat het goed was.           


    19-06-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Taaltreur

    TAALTREUR               

             

    De bomgenoten bleken samen dezelfde kotsschool in het Ouderwesten van Angelland ondergaan te hebben. Ze spraken eenzelfde krastaal. Gedragzagers mochten ‘m nog zo van latje of jetje geven, er was geen lievemoederend huishouden aan met die twee nietsnuiten. Geen mirakel dus dat ze later vliegtuigen opbloesden en treinen verschaakten. Metaal gehandicapt sluisden ze door eender welke detector – overal hadden ze namelijk vermolmde linksharige en roodhandige tarwanten die hun crime de la crime perfect voorbereidden tot in de verste plintjes. Toen Karel De Gucht ook de keukenhanddoek op Yasser Arafats hoofd verbood, naar aanleiding van diens bezoek aan de Belgische Vereniging van Bommoeders, waren de maten vol. De twee kornieten planden een afslag op het levende lijf van de onvermetele. In de nacht van vrijdag op maandag klapten de bomgenoten toe. De hierboven vernoemde en hieronder niet meer vernoemde Karel De Gucht werd in achthonderd stukjes verkaveld aangetroffen in de omgeving van een gezinsvervangende wagen die de zijne moest zijn geweest. Aan de hand van de reepjes zwaluwstaart en de met rood bloed bespatte nulvingerige witte handschoenen stelde men op het parket vast: ‘Voorwaar, hij was het, hij is er geweest’. Maar in het Ouderwesten konden ze er niet mee lachen. Zonder vlag of stoot werd het naderende vliegtuig van Arafat weer afgelijnd naar het verdere oosten. Er kwam een giganteske autozoektocht naar de daders, waarbij de regenbanden niet werden gespaard. Al wie er verwacht uitzag, werd voorgefouilleerd en weggeleid. Niemand ontsnapte aan deze innige daad van aandacht. En terwijl enkele dagen later de koude terreurwilgen klapperbladerden in de wind, werd de vermoorde bilaterale politicus ter aarde gedragen. Deze onderdegrondstopping werd mede bijgewoond door enkele afwezigen die zich dienaangaande jammerlijk verontschuldigden. Van de wrede bomgenoten werd geen voetspoor aangetroffen. Hoewel hun ondaad lang bleef nadeinzen onder de bevolkerende landgenoten onder en over de taalgrens, verbijsterde men elke aanwijzing. Zelfs een slopjacht in hartje-Brussel bood geen vingerwijziging. Het is zeer het antwoord dat de politie dit schuim der aarde nooit in de ketenen zal kunnen slaan. Het onderzoek wees tot nu toe niet veel zeeps uit. Men verstruikelde zich in allerlei netwerken. Voor eenzelfde geld zaten de twee daders zich nu te verkneutelen bij een van hun bomma’s in een land dat vele onderdaken bood aan dergelijke sujajetten. Wellicht zal deze sluier nooit ofte immer getipt worden. Ondertussen bloeden de zaken van de alarminstallateurs en andere dranghekkens natuurlijk welig. Nog even en we krijgen met z’n allemaal een avondhorloge om de enkel. Is dàt de vrijheid waar we van droomden toen we tot onze trouwe viervoeters gewapend Jeruzalem gingen bevrijden van allerlei ongespuis met kromme zwaarden? Of ben ik hier over aan het drijven? Nee toch? 


    08-05-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.PVO in de klas

    Gedicht bekroond t.g.v. Poëziewedstrijd 'Verwondering' tijdschrift Klasse (2014)

     

    Paul Van Ostaijen in de klas

    (Slagen en verwonderingen) 

    Drukke letters op een blad.
    Dansende woorden als dronken soldaten.
    Maar ikzelf moet altijd schoner schrijven
    en eindelik en typies mogen ook al niet.

    's Morgens groet ook ik de dingen:
    dag linkerbeen, dag zere teen.
    Maar beroemd? Vergeet het maar.
    Eerder betoeterd, zeggen ze allemaal.

    Ja, ik slaap als een rozeke
    en pluk gezwind uit het zoetekoeksdozeke.
    Zucht, krijg ik, wonderkind, daarvoor dan een prijs?
    Nee, nog eerder vliegt een varken door de lucht.

    Wees dan maar dichter; doe maar de woorden
    marsjeren, reeds op je dertiende! Talent,
    beste dames, fijne heren, wordt nooit op z'n tijd
    erkend. Ach, ik word maar gewoon bediende.

    Geen wonder dus dat ik na al dat gedonder
    het woord racecar achterstevoren schrijf
    en uit pure dichterlijke vrijheid vier vogels
    vang en verschuil in het woord valkuil.

    Zij zien het niet en ik slaag voor schrijven.
    Rijm is het enige waar ze nog over kijven.


    26-02-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Staat van medewerking

    Binnenkort ben ik al een halfjaar van de officiële arbeidsmarkt verdwenen. Ik heb ondertussen twee korte romans en vier verhalen geschreven, zesentwintig boeken gelezen, mijn kleindochter leren schaken, Kreta bezocht en een onnoemlijk aantal kleine zaken en dingen gedaan die nu eenmaal bij een mensenleven horen. Iets is me duidelijk geworden: aan het eind van zo'n mensenleven - zelf kunnen we daar vooralsnog geen mijlpaaltje bij neerpoten - zit een (oud?) nijdasje dat steeds strakker aan het tijdstouw trekt. Dat is niet rechtlijnig, maar cirkelvormig, zodat het als een lus werkt. Vergeet dus maar de tijdsfriezen uit de jonge jaren van je lagere school, met de pijlen en de stroken van links naar rechts. Tijd is inderdaad een wervelende kolk, een wurgende spiraal, of een dodelijke lus. Het helpt echter niet om die tijd in vicieuze cirkels aan muren op te hangen, op klokken- en kerktorens te bevestigen of die om je pols vast te binden in de ijdele hoop die te beheersen. De nijdas (zijn gezicht zo gerimpeld als een appeltje uit de vorige herfst) weet beter. 


    15-02-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Raf

    Vandaag hebben we Raf F. begraven. Het is 15 februari. Sprokkelmaand. De wind gierde om de kerk in Varsenare. Raf was eredocent aan onze Vives hogeschool voor lerarenopleiding. Hij was een bijzonder geliefd man. Ik vind hem een van de fijnste en gezelligste collega's die ik heb gehad.


    28-01-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gedichtendag 2014

    Vrijdag 31 januari 2014 lezen Sarah Denoo (dochter/schrijfster) en Joris Denoo (vader/schrijver) in het KVK-café (voetbalstadion KVK, Moorseelsestraat 111, 8500 Kortrijk) een kwartet uit hun voorkeurpoëzie voor. Dat doen dan ook Jozef Allijns (voorzitter KVK), Thomas Jacques (blogger/journalist), Stefaan De Clerck (politicus) en Koen Byttebier (politicus).

    Net op Gedichtendag 14 krijg ik heuglijke tijdingen: ik ben medewinnaar van de 'Verwondering' Poëzieprijs van het tijdschrift Klasse (met het gedicht 'Paul van Ostaijen in de klas') en Holland Park Press (Londen) nomineert mijn gedicht 'Foto van een oude straat'. Vorig jaar was ik in de Holland Park Press literaire wedstrijd ook de 'Dutch runner-up'. Eind februari lees ik voor in Great Western Studios, Alfred Road, London.


    16-01-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kweetet !

    Op donderdag 23 januari 2014 wordt in het Hadewijchauditorium van het Vlaams ministerie van Onderwijs & Vorming KWEETET aan de pers voorgesteld, het eerste full 3D educatief takenplatform voor het basisonderwijs van uitgeverij die Keure. KWEETET.be (LEERet, SPEELet, WEETet) motiveert kinderen moeiteloos om de leerstof te oefenen. Begeleiders (ouders, leerkrachten, logopedisten...) kunnen de resultaten van nabij opvolgen. Bij de ontwikkeling van dit platform werd rekening gehouden met de resultaten van twee jaar onderzoek met de steun van de universiteiten Gent, Leuven en Brussel. KWEETET.be sluit aan bij de methodes voor alle leergebieden van het basisonderwijs. Een team jeugdauteurs onder leiding van Joris Denoo schreef een spannende verhaallijn voor KWEETET.be. Een schitterende cast geeft stem aan de hoofdpersonages, o.a. Linde Merckpoel, Jelle Cleymans en Joyce Beullens. Op de persvoorstelling voert ook Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet het woord over het VAF Gamefonds en het belang van games voor het onderwijs, terwijl Vlaams minister van Innovatie, mevr. Lieten, voor een videoboodschap zorgt. Uitgevers Nic Pappijn en Vicky Vermeulen stellen KWEETET.be voor. Met muzikale omlijsting door The Chambers Players, het huisorkest van KWEETET.

    www.facebook.com/Kweetet 


    22-12-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.2014

    2014

    De veerman wenkt.
    Wie niet weg is, is gezien.
    Veertien komt eraan.
    Dertien is ribbedebie
    en krijgt zijn vertrekpremie.
    De beleeftijd van dat getal
    bedroeg alweer goede en kwade dagen,
    boze buien, brede opklaringen en vlagen,
    365 om samen te beramen.
    Moge de Groote Vrede nu eindelijk aanbreken,
    honderd jaar na een ander ouder veertien.
    Laat u niet pramen:
    veertien tikt al tegen de ramen.
    RENO wenst u en de uwen
    een rinkelende twinkelende wisseling
    en een vaardige passage met de veerman
    naar de velden van tweeduizend veertien.

    Namens VIVES-RENO,
    Joris Denoo
    oud-docent Taal 


    17-12-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Ik had jullie willen schrijven

    IK HAD JULLIE WILLEN SCHRIJVEN

     

    In deze briefroman schuiven twee werelden in elkaar en naast elkaar heen: het kunstenaarschap en het lerarendom. Weemoed en begrip kleuren van herfst tot zomer dit verhaal, dat vorm krijgt in brieven en intermezzi.

     

                                                      

     IK  HAD  JULLIE  WILLEN  SCHRIJVEN        

                     

     Briefroman

      

                           ''t Is toch maar goed, dat niemand,

                            ook m'n vrouw niet, dit dagboek leest,

                            want wat zouden ze wel denken van

                            't opschrijven, 't serieus opschrijven

                            van zulke pure schoolmeesterij?'

     

                             (Theo Thijssen, Schoolland, 1925)

    Bijlagen:
    IKHAD.pdf (375.4 KB)   


    11-11-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Amusant
    Ik ga deze herfst op minitournee in mijn eigen provincie met mijn leerboek AMUZEMENTEN. (MUZISCHE MOMENTEN MET TAAL) - uitgeverij Acco Leuven/Den Haag. Op uitnodiging van een oud-collega gebeurt dat onder andere in Vives Torhout, mijn eigen 'oude' hogeschool voor lerarenopleiding, waar ik tot september 2013 werkzaam was. Daarna doe ik de workshop in Oostende en andere leuke plekken in deze lage streek waar het momenteel wemelt van de geruchten over De Groote Oorlog. Ik probeer plezierige dingen met taal te doen: na een drieminuteninstructiemoment kan iedereen concreet aan de slag. Ik voeg de daad bij het woord en het woord bij de daad. Goede herinneringen bewaar ik aan de sessies met mijn eigen hogeschoolstudenten. Het helpt natuurlijk geweldig als je zelf ook schrijver bent...

    07-10-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Oprotregeling
    Ik ben al ruim een maand vrijwillig afgezwaaid van mijn hogeschool. Van nu af aan ontvang ik elke maand een uitwuifpremie van Vadertje Staat. Let wel: niet in één keer, maar gespreid over elke maand. Mocht ik immers 'komen te gaan', dan stopt dit. Net win for life. Ik zal die premie alleen maar aan goede daden besteden. Meer zit er niet in.

    01-07-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Sentimental journey

    Vrijdag 28 juni 2013 bekokstoven mijn collega's Pieter VB, Jo V en Danny W een schitterend surprisedagje voor mijn afscheid aan de hogeschool. Na een glas ochtendchampagne bij mij thuis exploreren we Cassel en Saint-Omer. Een droomdag. Gewapend met de geheime slogan 'WEG VAN T... ' geven we ons over aan gastronomie, liquide degustaties, moerassen, boeken, Oud Vlomsch en gehavend Frans. Een dag om nooit te vergeten in het gezelschap van (oud-)collega's die ik bovenal waardeer. Hier schieten voor een keer woorden te kort. De krop in de keel betekent een heel boekdeel.


    28-06-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zwanenzang

    ZWANENZANG VAN M/V – MEESTER IN DE VAKKEN                                                              

    Het laatste decennium van mijn beroepscarrière als lector Nederlandse taal aan de hogeschool voor lerarenopleiding voel ik me als een otter in het water. Ik krijg er nochtans (zoals veel collega’s) op gezette tijdstippen nog wat hooi bij op mijn reeds ruim bedeelde vork: titularisschap (als niet-pedagoog) van een aanzienlijke ouderejaarsgroep, extra engagement uitdieping keuzevak Drama, hoofdredactie studenten- en docentenblad, inhoudelijk trekker werkgroep Taalbeleid op nationaal niveau, medebetrokkene Muzische vorming, docent optie ‘Omgaan met anderstaligen’ (ik noem het OMA), docent Taalvaardigheid en Expressie voor zowel lager als secundair onderwijs. Er dient geregeld opgedraafd te worden. Sommige zaterdagen zijn niet meer zo sabbatical als voorheen. Bovendien worden bijna elk academisch jaar de organisatie en het programma van ons derde jaar bachelor lager onderwijs (‘curriculum’) telkens weer anders ingevuld. En daarnaast hebben we met de lesgevende collega’s vaak het gevoel geregeerd te worden door een papieren tweede klasse. Perfectie is saai…

    Ik hou echter voldoende grip op de zaak, zodat arbeidsvreugde en welbevinden niet teloor gaan. Een goede agenda is belangrijk; die strikt bijhouden en desgewenst realiseren, is nog belangrijker. Termijndenken, weet je wel. Er schiet bijvoorbeeld nog genoeg tijd over voor dat andere beroep van mij: schrijven en publiceren. Literatuur, met name. Er komt zelfs in deze heuglijke tijden een tussenschotprestatie, zich situerend tussen mijn twee werelden in: ik publiceer bij de universitaire uitgeverij Acco Leuven een praktisch leerboek Taalmuzische vorming voor (hoge)scholen en aanverwanten: Amuzementen – Muzische momenten met taal. Een buitenbeentje in mijn lange reeks literaire fictie. En dat krijgt er (vlak na mijn afscheid aan de hogeschool) een broertje bij in de vorm van Verlichte gedichten – Omgaan met poëzie in het lager en secundair onderwijs (die Keure Brugge). Ondertussen ben ik – jawel – verhaallijnen aan het ontwerpen voor een gaming project bij diezelfde Keure. Mijn uitgever is een oud-student…

    Mijn eigen hogeschool heeft het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw ook een upgrade gekregen wat faciliteiten betreft. Oude en nieuwe gebouwen en voorzieningen communiceren nu perfect met elkaar en lopen naadloos in elkaar over. We hebben altijd geflirt met de termen traditie en toekomst. Vele externe organisaties maken nu gebruik van onze accommodaties. De lampen blijven er laat branden, niet alleen voor het Open Avond Regentaat.

    Het is september 1975 wanneer ik effectief in het onderwijs stap. Op 1 september 2013 stap ik er weer uit. Ik beklaag me die 38 jaren niet. Mijn generatie (en ook die ervoor en erna) heeft op korte tijd veel veranderingen meegemaakt. Alleen al de opeenvolgende afko’s waarmee de lerarenopleiding basisonderwijs in onze hogeschool aangeduid wordt! PS (Post-Secundair), PHO (Pedagogisch Hoger Onderwijs), PA (Pedagogische Academie), LNS (Lagere Normaalschool), ILLO (Initiële Lerarenopleiding Lager Onderwijs), ILSO (idem dito Secundair), BALO (Bachelor Lager Onderwijs), BASO (idem dito Secundair): Latijn voor velen, voor ons epoques met een etiket. Ik hou wel  van die afwisseling, maar niet altijd van die woordkeuze. Vooral bij PS en BALO steigert mijn taalgevoeligheid. En ik ga al helemaal niet akkoord met de term ‘lager’. En ‘middelbaar’ of ‘secundair’ klinken ook al zo tweedehands. Net voor ik afzwaai wordt mijn hogeschool KATHO ook herdoopt: het zal VIVES worden.

    Iedere minister wil via veranderingen en omvormingen zijn of haar stempel drukken en beklijvende realisaties nalaten voor de geschiedenisboeken. Dat voelen we dan ook duidelijk aan den lijve. Alom wordt gefusioneerd. Tussendoor doet de computer zijn intrede, rekenen we plotseling in euro, behoren we tot Europa en wordt er op regelmatige basis aan de spelling gesleuteld. Vakken en hun leerinhouden verdwijnen; nieuwe vaardigheden en manieren van evalueren palmen de roosters en gemoederen in. Onderricht en de organisatie ervan worden anders georganiseerd. Aan de oeroude verhouding leraar – leerling, gebaseerd op orde, tucht en respect, lijkt een einde gekomen te zijn. Anno 2013 maakt een hogeschool middels een enquête de round-up: vele studenten uit de lerarenopleidingen ontbreekt het aan (zelfs elementaire) kennis.  

    Ondanks alle (pogingen tot) gelijkstrijkerij en betutteling van her en der (vooral van de hierboven vermelde papieren tweede klasse) is mijn eigen hogeschool altijd een schoolvoorbeeld geweest en gebleven van autonomie en tolerantie. De docent wordt er gewaardeerd in zijn eigenheid. Zij/Hij is, haaks op de zucht naar uniformiteit en fusie (die vreemd genoeg ook paradoxaal haaks staat op de roep om creativiteit en diversiteit), in hoge mate onafhankelijk. Intern moeien zich weinigen met zijn leerinhouden en de wijze waarop hij die doorgeeft. Als het maar ‘klopt’ met wat de buitenwacht aan papieren tijgertjes de wereld in zendt. En dat klinkt nog veel te pejoratief. Want we weten altijd van wanten. We tellen een behoorlijk aantal bekende vakpublicisten in ons korps. In een notendop: vertrouwen is belangrijk. De docent moet zijn gang kunnen gaan. Ik loof mijn hogeschool daarvoor.

    De term ‘hogeschool’ kan wat stijf klinken, maar sedert de democratisering van het onderwijs biedt ook die hogeschool een staalkaart of doorsnede van onze maatschappij. Ik maak zowel verwende paardrijdende wereldreizende studenten mee als jobstudenten die noodgedwongen zelfs tijdens weekavonden werken. Zelfdodingen. Verslavingen. Affaires. Familiale drama’s. Succesverhalen. Doffe ellende. Er zijn er gehuldigd, verguisd, geprezen, veroordeeld, vermoord, bekroond, gevangen, verongelukt. De hogeschoolstudent ontsnapt niet aan het woeden van de wereld. Een opvallende wijziging doet zich wel voor in de samenstelling van onze groepen lerarenopleiding basisonderwijs: sedert een half decennium zijn de mannelijke studenten erg dun gezaaid. Dan te weten dat o.a. mijn hogeschool vroeger zo’n stevig masculien bastion was, bewaakt door strenge mannen in lange rokken. En het begrip ‘vader’ krijgt al vaker het voorvoegsel ‘stief’ bij zich.

    (Een deugddoenertje zowel als een nadenkertje: I wish I had a father like you. Dit anonieme snippertje, netjes maar ‘onnaspeurbaar’ gekalligrafeerd, tref ik in mijn lerarenschuif aan, enkele jaren geleden. Ik heb er weken over lopen piekeren: vereerd, maar ook verontrust. Ik denk er nog vaak aan: het hangt voor mijn neus op mijn docentenkamertje in de hogeschool. Het zal het enige stukje papier zijn dat ik niet weg zal gooien).

    En, over papier gesproken: in de loop der jaren is er nog iets uit het zicht verdwenen. De vensterbank in de voorhal ligt niet langer vol met papierale brieven van liefjes en lieven, elke dag via de ouderwetse post besteld en aldaar geëtaleerd.

    Niets blijft hetzelfde. Alles verandert. Van dit alles kon ik telkens de polsslag van heel nabij voelen. Ik ben blij in twee eeuwen gewerkt te hebben: zelfs aan het einde van een millennium en aan het begin ervan. Deze tijdsgewrichten hebben de zaken misschien doen accelereren. En ik had ook geluk met mijn hogeschool, pal in het hart van de meest westelijke provincie van dit land. Hoofdzakelijk een lage streek. Skuus voor de woordspeling.

    A propos: ik tel meer dan zesduizend oud-studenten. Een legertje herinneringen dus. Elke dag één zo’n herinnering is goed voor een dikke vijftien jaren mijmering. Maar misschien mag het een ietsje meer zijn, zolang de voorraad gezondheid strekt. Want niets blijft hetzelfde. Alles verandert.

     

    ZWANENZANG


    Ik ben zestig. Mijn ouders zijn vorig jaar ook zolang getrouwd ondertussen. Dat vieren we op een zonnige septemberzondag. En ik zie het einde van mijn hoofdwerkzaamheden naderen: mijn onderwijscarrière in de lerarenopleiding aan de hogeschool KATHO-RENO, campus Torhout.

    Ik heb ettelijke toespraken voor anderen geschreven; ik heb er ettelijke zelf bekokstoofd, o.a. ter gelegenheid van de diplomeringen van onze studenten. Mijn laatste officiële speech in het kader van mijn hoofdberoep is mijn kortste en gaat over mezelf en mijn afscheid aan de ‘Normaalschool van Torhout’.

    Een bekend filosoof zei ooit eens niets. Ik ben geen bekend filosoof. Dus zeg ik iets. Ik heb 38 jaar lang het geluk gehad dat ik een vak doceerde dat tegelijk inhoud en vorm is. Ik mocht in taal over taal spreken en schrijven en het betrof bovendien mijn moedertaal. Dat heb ik graag gedaan. Ik zal dat op een andere manier blijven doen, tenminste als mijn vege lijf dezelfde kathedraal blijft als waarin ik zovele hoogmissen (en soms begrafenissen) heb mogen en kunnen vieren.

    Mijn mijlpaaltjes.

    Anno 1958 ontcijfer ik in de derde kleuterklas het lange woord ‘liefdesverdriet’ in de krant. Mijn mama kan dat getuigen. Ook probeer ik mijn eerste gedicht uit, maar ik ben boos dat ‘knieën’ in het mooie Nederlands niet met ‘gezien’ rijmt, zoals in mijn dialect. (‘Heb je nog entwat gezien? De beer zit op z’n knieën’) Van mijn papa verneem ik dat wij eigenlijk twee talen spreken.

    Anno 1960 reikt de indrukwekkend grote zwarte krullenbol Jozef Noterdaeme me mijn palmares van het eerste leerjaar uit. Mijn prijsboek heet ‘Van een konijntje en een ei’. Een kip wil haar werk niet doen; vooruit dan maar, dul konijn!  Na de prijsuitreiking kijken we naar de film ‘Bambi’.

    Anno 1966 krijg ik van priester-studiebewaker Tisten Vanheule (what’s in a name!? Ik ga later in Heule wonen) – de zwartrok had 79 knoopjes aan zijn soutane – in de allereerste week van mijn allereerste jaar secundair onderwijs twee uren strafstudie omdat ik met ‘Villa des roses’ van Willem Elsschot op mijn knieën lag.

    Anno 1970 draai ik op volle toeren, nou: volleytoeren, in het Torhoutse volleybal. Detente 1m02 met gestrekte zolen.

    Anno 1973 geef ik op een zomertaalkamp in Dendermonde als jobstudent twee weken aanvankelijk Nederlands aan de 14-jarige prins Filip van België. Ik vrees voor het voortbestaan van België, dit druilerige min of meer driehoekige koninkrijkje.

    Anno 1976 geef ik Engels aan de afdelingen Vertaler-Tolk en Toerisme aan het Hoger
    Technisch Instituut in Brugge. Een aantal van mijn studenten zijn bij mijn debuut als leraar in het hoger onderwijs ouder dan ikzelf. Een van die toenmalige studenten zal mijn begrafenisondernemer zijn – reizen hiernamaals: ook toerisme, weet je wel.

    In 1977 publiceer ik mijn eerste literaire boek. Er volgen er nog een flink aantal. Mijn nieuwste zal heten: Pleidooi voor achteruitgang. Onlangs debuteerde ook een van mijn dochters met een roman.

    Vanaf 1978 zijn mijn tweelingdochters elk jaar jarig op een verschillende dag. Het scheelt twintig minuten. Nu zaterdag treed ik met allebei op in Standaard Boekhandel Kortrijk.

    Vanaf 1981 is mijn zoon elke minuut van mijn leven in mijn gedachten.

    Anno 2009 mis ik de zomer compleet door een dubbele beenbreuk op 1 juli. Ik tolereer mezelf horizontaal.

    Anno 2010 winnen twee van mijn bachelorproeven een award. Collega Rik Van den Bergh wint ook. Sedert dan begroeten we elkaar met de term ‘champ’. Zij die gaan verdwijnen, groeten u, champ!

    Anno 2013 hou ik hier voor bekeken. Ik meen mijn eindtermen bereikt te hebben.

    Ik dank jullie voor het gezelschap in dit instituut en zal met meestal ongemengde gevoelens aan mijn jaren op RENO terugdenken. Ik was en ben fier een lid van dit Torhoutse team geweest te zijn.

     

    JORIS DENOO

    2013


    09-06-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Papa Langkous

    PAPA LANGKOUS

     

    ‘Wat zal ik doen vandaag?’ ‘Wat zal ik doen vandaag?’

    Met mijn kleinkinderen Wilma en Leo kijk ik vaak naar de animatiefilmpjes met Pipi Langkous. Die beginnen met het hierboven geciteerde liedje. Ik word er altijd onmiddellijk vrolijk van. De roodharige besproete ongelijkkousige beresterke Pipi is een olijk en vrij wicht dat elke ochtend een hele lange leuke dag voor zich heeft, vol met avonturen. Zo voel ik me momenteel ook, met dat verschil dat ik inmiddels witte haren tors, meestal blootsvoets loop, elke dag wat moet oefenen om fit te blijven en geen paard heb dat ik met één hand op kan tillen. Toen ik het de afgelopen maanden niet laten kon af en toe een ervaringsdeskundige te vertellen dat ik met pensioen zou gaan, kreeg ik gewoonlijk de volgende reacties: ‘Je zal niet weten wat eerst doen’, of: ‘Het gevoel van niet-meer-moeten is ongeëvenaard’. Zo voel ik het ook, al bevind ik me nog in de uitwuiffase op mijn hogeschool: examens, diplomeringen, een slotfeestje, herexamens, weet je wel. Pipi zou er om schaterlachen.

    Papa Langkous herrijst des morgens uit zijn bedstee (op een zelfbepaald tijdstip) en slaakt een zucht van opluchting. Wat zal hij eens doen vandaag? Geen verplichte vergaderingen bijwonen. Geen papiermolen draaiende houden. Geen roosters invullen. Geen schema’s opvolgen. Geen mails omgaand beantwoorden. Hij zal avonturen beleven. De klok rond. Geen hoofddrol, betuttelaar, directeur van de lege dozen of omhooggevallen pipo zal daarbij een rol spelen. Papa Langkous zal verder boeken schrijven en lezen, een film maken en films kijken, gamen en zo min mogelijk zijn gezondheid schaden. Ongelijksokkig galopperend op een inktzwarte vouwfiets die hij met één hand kan dragen, zal hij weidse zeesteden en zijn eigen provinciestad met zeven Leiebruggen verkennen. Ook de buitenlanden blijven niet gespaard. Zal hij verder Hongaars leren? Of Esperanto? En omdat sporten gezond is, vooruit dan maar: laten we maar weer gaan schaken. Met een bodempje whisky erbij. Nee: vier decennia onderwijs hebben me niet van de wijs gebracht.


    24-02-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.175 jaar

    175 JAAR NORMAALSCHOOL TORHOUT                                     

     

    (Op de valreep voor VIVES)

     

    Hoelang blijft het goed? Wat is de houdbaarheidsdatum van de Torhoutse Normaalschool? 175 jaar klinkt eerbiedwaardig en indrukwekkend. We hebben al een gedenkboek 150 jaar Normaalschool. En nog niet zo lang geleden huldigden we nagelnieuwe studio’s, labo’s en zalen in onze Torhoutse kathodraal in. We kregen er o.a. een sportcomplex bij. Vakkenoverschrijding? Bouwvakkenoverschrijdend werken!

     

    Van Renoveren kennen we hier wat. Op dat territorium tussen spoorlijn en voetbalveld en kerkhof en ons twintigste-eeuwse oude gebouw voltrok zich in de breedte en in de hoogte maar ook vlak voor onze neus een gloednieuwe reus als extra vleugel aan ons instituut. Amper was de grote kathodraal van de centrale diensten op de campus ’t Hoge in Kortrijk verrezen, of zie: hier in hartje Houtland deed zich alweer een nieuwe erectie van bouwkunde voor. De bouwvakkers hadden eindelijk weer iets om naar te fluiten.

     

    Men stootte hierbij om de haverklap op allerlei artefacten in de ondergrond. Dat zijn voorwerpen uit lang vervlogen tijden: ‘prehistorisch’ noemen ze die. Bij het doorgronden en afkalven en zeven van deze heilige Moeder Aarde (noem het een soort voorspel op bouwlust) doken dingen op die dateerden uit de epoque van het monologische lesgeven, toen de verhouding meester - leerling nog in voege was en het pupitergevoel alom heerste. Er werd bijvoorbeeld een krijtlaag ontdekt met fossiele vormen van stofjassen, ezelsoren, katheders en aanwijsstokjes met vermoedelijk dubbelzinnige functie. Een andere meer recente laag bevatte in verpulverde vorm een tiental opeenvolgende onderwijshervormingen annex een tiental boze manifesten aan het adres van evenveel ministers van onderwijs.

     

    Het zijn de bewijzen van goede en van kwade dagen, leenroerige tijdperken en verlichte epoques. In veler herinnering – en in de educatie daarvan – is Torhout misschien een front geweest… van frontaal onderwijs. We kunnen dat gedenken, bedenken, en denken: iedereen is een kind van zijn tijd; het was zo; het is zo. Het front verlegt zich af en toe. Onze Normale Schole is van alle tijden. We staan er, we zijn er, we blijven er. Meer dan ooit is de Torhoutse Normaalschool springlevend. Het blijft lang goed…

     

    Als we kathedralen van onderwijs optrekken, mogen we het ook hebben over traditie en toekomst: clichés zijn gewoonlijk waar, zo waar als we elkaar een goede gezondheid en veel geluk toewensen. We zijn mee met onze tijd. We liggen hier niet buiten westen en we kennen de wijsheid uit het oosten. De trein naar het noorden en het zuiden passeert hier al jaren. Die trein is altijd een beetje reizen. Hij doet aan de lijn. Hier in deze halte hartje Houtland kun je ook al die jaren aan de lijn doen, want hier wordt getraind: de geest, het lichaam. We steken het niet onder stoelen of banken: stilstaan hebben we nooit gedaan. Dat verhaal wordt ons nog altijd verteld door het duo oude gebouw - nieuwe vleugel, de monumentale sculptuur ervoor en bovenal door het team en de ettelijke generaties studenten die deze Normaalschool maken.

    En nu ook door een tweede boek.

     

    Torhout heeft met zijn Normaalschool naam en faam verworven in het onderwijslandschap. Het gedenkboek getuigt ervan. We wensen de eventuele lezer(es) veel aanvankelijk, technisch, denkend en begrijpend leesplezier!

     

    JORIS DENOO

     

    Docent Nederlands, Expressie, Communicatieve vaardigheden & Taalmuzische vorming


    11-02-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Etters & Engelen (KT)

    ETTERS & ENGELEN (KT)

    Kinderen, engelen zonder vakbond, ettertjes zonder stemplicht, hebben me al vaker geïnspireerd om te schrijven. Soms ook inspireren ze me om ze vierkant bij hun lurven te vatten en ze te doen kiezen tussen een half pak rammel of een volle week ouderwets internaat op levertraan en vis en melk met vellen. Kinderen: volwassenen op maquetteformaat? Volwassenen: ex-kinderen? Het hangt er waarschijnlijk van af hoe je je zelf op een bepaald ogenblik voelt. Ooit, lang geleden, maakte ik op één en dezelfde dag drie dingen mee waardoor ik andermaal over kinderen begon na te denken en waardoor ik dit stukje ging schrijven.

    Eén. Mijn vrouw en ik zaten ons blauw te ergeren tijdens een schoolvoorstelling van Midzomernachtsdroom, Schaakspier. Reden: frequent gefluister tussen twee prepubers vlak voor ons. Het stoorde grondig. Vooral omdat Shake’s dialogen veel beter waren. Net op het ogenblik dat we wilden ingrijpen, deed een andere vrouw dat. Maar… met een van onze kinderen, die met een vriendinnetje enkele ongemakkelijke stoelen verder blijkbaar ook stoorzender zat te zijn. ‘… blijft ge maar beter thuis…’, vingen we nog net op. Familiale interpellatie tijdens de pauze: het was natuurlijk weer niet de schuld van mijn dochter. ’t Is altijd de ander.

    Twee. Een shoppingkoffie aan een tafeltje bij het raam van een taverne. Een gezellig plasje inktzwarte troost midden in een propvolle drukke dag. Achter mij zat een wettelijk geregeld koppel. Hun nageslacht, in de vorm van een kind, liep rondjes in de taverne. Plotse, dreigende acceleratie van ruziënde stemmen: een theeënde dame kon die rondjes niet langer aanzien. Of kon ze niet tegen het uiterlijk van de beide verwekkers? De papa had lang haar en de mama zag er ook goed uit. Gekrakeel dus. ‘… blijft ge maar beter thuis…’, ving ik andermaal op. De dienster en de gerant werden er zelfs bijgeroepen. In stilte koos ik partij voor het kind. ‘Je mag hier wel vrij rondlopen, Sofietje’ hoorde ik de stoute papa tegen zijn kind zeggen. ‘Natuurlijk,’ beaamde ik inwendig. ‘Of hinderen uw kinderen u soms?’

    Drie. Ik stapte door de stad op weg naar een Zeer Belangrijk Gebouw. Op het trottoir ving ik een flard van twee woorden op, gewisseld tussen twee vrouwen: ‘Tante Pijn’. Ik dacht onmiddellijk te weten waarover dit ging. Een zekere gok. Een van de twee was verpleegster. Die moest haar nichtje af en toe een spuit toedienen. En dat kind zag ‘Tante Pijn’ niet graag komen.

    En alzo, terwijl de Grote Beslommeringen des Levens zich in die tijd aan mij voltrokken, stond die dag eigenlijk in het teken van kinderen. Allemaal door details: zaalgevezel, een rondje ‘dame-erger-je-niet’, twee woorden in de regen.

    Kinderen? Echte etterbakken. Engelen zonder vakbond. Mensjes op zakformaat, maar er staat reeds een hoofd op en er zit een hart in. Als je ze eenmaal koopt, heb je ze voor lange jaren. Ik wens die twee stoorzenders een babbelzieke tweeling toe die dag en nacht doortatert. Ik geef Sofietje in de Shopping nog een rondje van de baas. En deze week is Tante Spuit zelf ziek. Halleluja voor de engelen!


    01-01-2013
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.13

    2013

     

    Van dozijn naar dertien.

    Misschien was het vroeger beter

    met een weerman als Armand Pien.

    Nochtans werd de aarde warmer

    en leerden we leven met Sabine

    en een frank minder op de bank.

    Toch laten we nu niet na

    u een milde wisseling te wensen

    tussen twee getallen in deze eurozone.

    Laat de koortskromme van klimaat en centen

    een frisse blos op uw wangen prenten,

    want daar komen Kerst en Nieuwjaar.

    Moge het sneeuwen op deze evenaar.

    Van op de Leerkeerkring van RENO

    wensen we u goede buien

    en grafieken die weer eens pieken.

    Thirteen@Torhout:

    our best wishes voor jong en oud.


    Joris Denoo

    voor VIVES-RENO campus Torhout


    24-12-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vives

    Mijn hogeschool KATHO Kortrijk gaat in fusie met KHBO Brugge & Oostende. Meteen gaat deze vervelling met een naamverandering gepaard. We worden Vives. Of (sommigen houden van hoofdletters) VIVES. Wikipedia maakt u wijzer.

    Nou, wat mij betreft: ik teken hoogstwaarschijnlijk een stopcontract met Vives, klokslag 1 september 2013. Ik wacht nog de oudnieuwbeslissingen van de regering af, in verband met dat -oenwoord: pensioen. Doén!


    02-12-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.'Het' gezin

    ‘HET' GEZIN

    Herfst 2012. Mijn afstudeerstudenten Lerarenopleiding Secundair Onderwijs kiezen ervoor om Het gezin Van Paemel (1903) te spelen voor hun slotproject Drama. Ik schrik me een hoedje. Ik hou niet van sociale bloedbaden (te erg), van het Oost-Vlaamse dialect (nog erger), van Vlaemsche papeters (slurp). Maar troost is nabij: de studenten schrijven hun eigen versie van het stuk, zonder de kern van de zaak uit het oog te verliezen. In het AN: het Aanvaardbaar Nederlands. In your face, Buysse! We hebben er officieel maar één luttel uur per week voor, maar dat breiden we uit tot ettelijke uren. Er doen zich ook nog andere ingrepen voor. Mijn studenten passen de namen aan. Ze introduceren de tablet in het gezin, de microgolfoven, Afghanistan en een lesbisch koppel. Dat wordt dus de microgolfovenversie van Het gezin Van Paemel. Ping!! Dit alles in het Cultureel Centrum De Brouckère in het studentenstadje Torhout, op een boogschot van het kasteel van Wijnendale. Twee werelden: de Torhoutse Van Paemels (pikante mosterd) versus de Wijnendaalse baron en barones en aanhorigheden (dure wijn). 12-12-12 wordt de magische datum, pakweg twintig dagen voor deze wereld schijnt te zullen vergaan. Twaalf studenten op de echte planken. Hopelijk straks niet ertussen. Elke dag bid ik tot mijn afgod dat er toch niet eentje ziek zou worden. Met gekrulde tenen duik ik de donkere maand december in. Break a leg.

    PS Het werd een gedenkwaardige avond: volle zaal, staande ovatie.


    20-11-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.IM Virginie V.

    In de donkerste der novemberdagen van 2012 werd Virginie V. (derdejaarsstudente aan de lerarenopleiding KATHO-RENO campus Torhout) bruusk uit dit leven weggerukt.
     
    Virginie

    Zo stil
    - hoe heerlijk goed je daar in was.

    Nu nog zoveel stiller
    - tot groot verdriet van velen.

    Woorden zijn te klein
    om de pijn te helpen stelpen.

    Maar vergeten doen we niet.
     


    18-10-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Ode aan de aldi

    Onze eerste algemeen directeur van de hogeschool KATHO Zuid-West-Vlaanderen (gezegd aldi) is anno 2012 met pensioen gegaan. Eric Halsberghe wordt opgevolgd door Joris Hindryckx. Voor beiden hield ik een berijmde afscheidspeech eind augustus 2012.

      

    ODE AAN DE ALDI                                                      

     

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet een heer op het Hoge zijn

    En generaal van de KATHO-kathedraal

    Aldi wil ter KATHO varen

    Is admiraal met strepen van vele schepen

    Over schuimkoppen en woeste baren

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet een menner op het Forum zijn

    En een dirigent van diverse instrumenten

    Aldi wil ter KATHO varen

    Is een heerser over hogescholen

    En over helden op onderwijsjachtvelden

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet een kapitein over competenties zijn

    En hoofdman van alle horden

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet somtijds een bokser in Brussel zijn

    En vechten om de centen en percenten

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet kunnen reilen, zeilen met

    Diverse departementen en hun experimenten

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet reddend kunnen zwemmen

    En plonzen met de vakbonzen

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet niet alleen de klus in Kortrijk klaren

    Maar ook zijn wegen banen in Roeselare

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet uit het goede Torhout gesneden zijn

    En ook de villa van Tielt genegen zijn

    Aldi wil ter KATHO varen

    Moet, kortom, op alle campussen

    Kamperen tussen Erasmussen en terrasmussen

    In binnen-, buiten- of het hinterland

    En zich ook jaarlijks kunnen wenden tot Oostende

    Waar hij als een nachtwacht blijft als laatste van de bende

     

    Wij kunnen er maar wel bij varen

    Als een Aldi al die dingen

    Mixt en fikst en weet te herbergen

    Hij heette tot nu toe Eric Halsberghe

    Hij was de eerste Aldi van de KATHO

    Maar ja, schepen verwelken,

    Bloemen vergaan, of zo.

    Hoor es: nu is het de beurt aan Joris.

    Deze piraat staat nu al paraat

    Want als Aldi wil ook hij ter KATHO varen

    En al heeft geen van beiden een zeeroversbaard

    We wensen deze stuurlui een goede vaart!

     

    Joris Denoo


    13-09-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verlengingen (55)

    Ik zit nu echt in de verlengingen. Voor de babyboomers geboren anno '53 komt er hoogstwaarschijnlijk een halfjaar dienst bij. Nou: dat wordt dus nog twee jaar voor mij. Wie geeft er nou de brui aan midden in een academisch jaar...
    (Voor de pensioenheisa zag het er wel duidelijker uit: niet zolang geleden dacht ik 'nog een wereldoorlog'; onlangs dacht ik 'nog een zwangerschap').
    Van een uitloopregeling voor jonge ouderen of oude jongeren is bij ons evenmin sprake: deze jonge oudere (oude jongere?) krijgt er andermaal een nieuwe extra opdracht bij. Afgelopen zomer heb ik o.a. aan mijn hogeschoolprojecten gewerkt. Met mijn derdejaars Nederlands lerarenopleiding secundair onderwijs bekokstoof ik een bewerking van Het Gezin Van Paemel. Dat wordt hun afstudeerproject Drama/Expressie. Opvoering op 12-12-12 in CC De Brouckère Torhout. Dat wordt andermaal een wedloop tegen de tijd. Hoe ouder, hoe gekker. Iemand een stuk?
    O ja: ik maak ook nog een film. Maar niet op school.


    02-08-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HET JAAR ELF

    Reportageroman in hapklare brokken over het aardige jaar 2011

    Bijlagen:
    HET JAAR ELF.pdf (1.3 MB)   


    01-08-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hier al verschenen
    HIER REEDS VERSCHENEN

    Bijlagen:
    TAAL.pdf (283.9 KB)   
    VREEMDE HEMELVAART.pdf (214.1 KB)   


    11-07-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zomer 2012

    Het regende oude wijven, katten, honden en haaientanden in de hemelsblauwe maand juli. Zouden de kaarten van de  mensheid dooreen gehutseld worden? Of minstens eens op een verrassende manier gedeeld worden? Deze symbolische zomermaand die naar hout en teer en vertrekkende treinen zou moeten geuren, geleek in alles op een carwash op een valavond in november. Boven de stad was permanent een strak loodgrijs zeil gespannen. Daaronder was iedere sterveling op straat een potentiële moordenaar. Auto’s voerden groot licht. Binnen bepaalde kunstlicht de stemming: onwezenlijk, depri, tegennatuurlijk. Door een samenloop van omstandigheden (start schoolvakantie, einde eerste examenkans, uittocht reizen, koopjes, barslecht weer, wegenwerken alom) reden overal te lande auto’s en vrachtwagens op elkaar in. Daarin bevond zich dus al een deel van de moordenaars. Mobilhomes en caravans, die rijdende schijthuizen, baanden zich treurig een weg doorheen de opake grijsheid, waaiers van hemelwater om zich heen sproeiend. In de stad K., die om absoluut niets bekend stond en juist daarom iets aantrekkelijks had, bewoog ik me voort. Ik was op weg naar taverne De Woede der Noormannen. Het was 14:08, 06-07-12, een van de tijdstippen op zo'n doemdag waarop je het meest kans liep jezelf voor de kop te schieten. Of naar de Leie te lopen en van de Consciencebrug te springen in de hoop niet op het jaagpad terecht te komen annex traumatologie. Hier en daar flakkerden tv-schermen in etalages en woonhuizen. Men deed aan topsport in sofa’s. In taverne De Woede der Noormannen had ik een diepgaand gesprek met de bijna comateuze tapheer. ‘Dag’, zei ik. ‘Dag’, antwoordde hij. ‘Hoe maak je het?’ ‘Dat verklap ik je niet’. ‘Waarom niet?’ ‘Omdat je het dan zelf ook gaat maken’. 'Vakantie?' 'Nee'. ‘Een Westmalle?’ ‘Nee, een Leffe. Of nee: toch maar een Westmalle’. ‘Schitterend weertje, hé?’ ‘Ja’. ‘Maar dat heb jij graag, hé?’ ‘Ja, uit de grond van mijn hart’. De tapheer keek me vernietigend aan. Hoe goed hij me ook kende, veel liever zou hij nu die Westmalle over mijn regenkop uitgewaaierd hebben. De haat spoot uit zijn oren. Ik zag het. ‘En Malisse?’ knikte ik naar het scherm in de hoogte. ‘Pff … ‘. De tapheer schoof me de bol bier toe en ging weer comateus over zijn kranen hangen. De juliregen biggelde onverdroten van de ramen. De kaarten van de mensheid zouden ook vandaag geen geluk brengen.


    07-06-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.175 jaar

    Mijn hogeschool - destijds gemakshalve genoemd: de Normaalschool - bestaat volgend academiejaar 175 jaar. Dat is eerbiedwaardig lang en oud. Die school heeft ook Torhout op de kaart gezet, samen met (een tijdlang toch) T/W, ofte Torhout/Werchter.
    We plannen een boek (hoe raad je 't) en een kijkzaterdag, waarop in een veertiental staties het wel en het wee of het reilen en zeilen van zovele jaren onderwijs geëvoceerd of tentoongesteld wordt. Het krijttijdperk, weet je wel, maar ook de iPad-epoque. Het pupitergevoel en het openleercentrum. Ik heb alvast het Woord vooraf op dat gedenkboek geschreven (later op deze site te lezen). Enkele oud-collega's of deskundigen-ter-zake (met meer vrije tijd) leveren bijdragen aan die compilatie. Eén conclusie: we zijn allemaal onmiskenbaar kinderen van onze tijd geweest. En gelukkig zaten er af en toe stoute kinderen tussen.
    De viering 175 jaar Normaalschool Torhout valt in de sprokkelmaand van mijn laatste academisch jaar aan mijn geliefde hogeschool. Vieren? Ik vier alleen het touw...
     


    09-05-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Een Vlaemsch gezin

    Mijn huidige tweedejaarsstudenten Nederlands aan de Lerarenopleiding Secundair Onderwijs spelen volgend academisch jaar als afstudeerproject Drama & Expressie het stuk Het gezin Van Paemel in een eigen bewerking. We kiezen voor het algemeen Nederlands, hoewel we ons op de 'Oost-Vlaamse' versie baseren. Er waren immers bij onze vorige editie aanmerkingen betreffende het gebruik van dialect in bepaalde scènes (... bedenkingen vooral gemaakt door schoolvossen die het in hun lessen dan hebben over het gebruik van diverse 'registers van taal'... nota bene). We zijn alvast vlot van start gegaan met de voorbereidingen. Een mogelijke beginscène diende zich vrijwel onmiddellijk aan en kon op collectieve goedkeuring rekenen: we zien woedend tafelen en we zien ... (hier rust een embargo op). Een mooie vondst, voorwaar. Komt dat zien, begin december 2012, in Torhout. 


    29-03-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verlengingen (54)
    Bovenstebeste Paashaas

    We zitten zelf met een ei.
    Een heel nest zelfs. Allemaal lelijke stiefbroertjes en gespikkelde stiefzusjes van elkaar. Ze heten Betutteling, Bemoeizucht, Werkdruk, Paperasserij, Uniformiteit, Domheid. Ik vraag u in deze paarspurperen rouwperiode: wat is mooier dan een dooier? Bent u het roerend met mij eens?

    Ter harte

    M/V

    22-02-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Schaak!
    Vanaf volgend academiejaar bestaat op onze hogeschool de mogelijkheid om het vak schaken te volgen. Zelf schaker zijnde (ooit zelfs correspondentieschaker) kan ik dit alleen maar toejuichen. Schaken vormt ook wel eens een thema in een verhaal of boek van mij. Mijn helden: Fischer, Aljechin, Buburin, Capablanca, Kasparov, Euwe, Botvinnik, Spassky, Karpov, Leko, Anand, Kramnik, Morozevich. 

    23-01-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gedichtendag 2012
    De vierde editie van Gedichtendag op onze hogeschool brengt weer een hoogst interessante affiche: Joke van Leeuwen, Miriam Van hee, Vrouwkje Tuinman, Anton Korteweg. Zij treden op in Club de B. in Torhout op vrijdagavond 27 januari. Mijn jonge collega B. (ook tijdschrift Plebs) is de grote roerganger. Ikzelf assisteer, zoals elk jaar. Mijn tweedejaarsstudenten verzorgen de introductie op de dichters. Ik 'vang' de dichters op, omdat ik de meeste wel ken, en zij mij. Soms zit daar een etentje in. Naar aanleiding van onze hogeschooldichtwedstrijd voor studenten en docenten bekommer ik me ook om de inzendingen en de jurering. Vier collega's uit andere departementen jureren mee. Een paar jaar na elkaar hadden we een hogeschooldichteres op hoog niveau: Charlene Winne. Ondertussen is zij afgestudeerd. Ik denk niet dat wij de komende jaren nog zo iemand zullen vinden. Gedichtendag in Torhout: al vier keer een memorabele avond.

    28-12-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wisselkoers 2011-2012

    Wisselkoers 2011-2012



    Het is elf voor twaalf.

    Het eerste dozijn is een feit

    en we staan in het krijt.

    We snoeien in kerstbomen

    en besparen op lampen,

    maar blijven toch dromen

    dat Piet Krediet af en toe zal komen.

    Na de Belgische winter wensen we u

    een vreugdevol slotakkoord

    en een bruisende Europese lente.



    Nog dichterbij, van op de vredegraad

    hier in hogeschool RENO Torhout,

    wensen we u een mild klimaat

    voor de wisselkoers van nieuw en oud.

    Moge het kwik van Heer Celsius

    uw eigen kerstwensen verzilveren.

    Moge de adem van Beaufort

    mild strijken over uw coffre fort.

    Bijlagen:
    HET JAAR ELF.docx (564.2 KB)   


    18-12-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zzoéff!
    Het leven gaat snel. Je hebt er maar één. Dat is de rode draad in mijn theaterstuk ZZOEFF!. Medio september kreeg ik een (voor mij) kersverse groep ouderejaarsstudenten (afdeling Nederlands) onder mijn hoede wat het vak Expressie betreft. De traditie op onze hogeschool wil dat het afstudeerjaar Nederlands iets op de planken brengt. Dat is gelijk hun afstudeerproject Drama & Expressie. De keuze was vlug gemaakt. In plaats van een bestaand stuk te kiezen of (een stuk van) het oeuvre van een auteur speelbaar te bewerken, gingen we voor ZZOEFF!: een stuk dat ik schreef voor een twintigtal rollen (m/v). Zo kon iedereen de planken op. De grootste barrières waren de wederzijdse onbekendheid met elkaar en de tijdsdruk. Ik had die groep het jaar daarvoor geen les gegeven en we beschikten over amper acht semesteruren. Aan beide problemen werd gesleuteld. Ik liet de studenten opwarmend tonen wat ze in hun mars hadden via het spel 'Sketch'. Zo leerde ik ze ook vrij vlug kennen, in het licht van de casting. Aan de tijd deden we ook iets: maal twee, soms maal drie. We bleven dus tot het donker was, in een steeds dapperder tempo.

    Op woensdagavond 14 december zagen we tot onze verwondering de aula volstromen met veel meer toeschouwers dan we hadden gedacht. De vertoning verliep zoals ik het had verhoopt. Een leuke receptie achteraf zette het kroontje op het werk. Andermaal een goede herinnering gevangen in the windmills of my mind: ZZOEFF!
     

    Bijlagen:
    Affiche Zzoeff (1).pdf (951.4 KB)   




    ZIELSVERWANTE LINKS
  • Poëzie
  • Een blauwe plek
  • Schuine teksten
  • Moord !
  • De ongecomponeerde noot
  • Romaneske boeken
  • Satisfiction
  • Romans & Theater
  • Vreeslijke verhalen
  • Miljarden flarden

                                           COPYRIGHT JORIS DENOO
    Foto

    Blog als favoriet !

    Foto

    TAAL IS EEN AARDIG DING
    Archief per jaar
  • 2017
  • 2016
  • 2015
  • 2014
  • 2013
  • 2012
  • 2011
  • 2009
  • 2008
  • 2007
  • 2006
  • 2005

    Foto

                Opa & Wilma 2009


    Foto

                  Opa & Leo 2011
    Foto

    Wat je zegt, ben je zelf


    Foto

           Vallen en opstaan
    Foto

    Eén paar kinderen, graag


    Foto

    Het mysterie van Merlijn


    Foto

    Met Sarah & Hanne in Standaard Boekhandel Kortrijk: presentatie romandebuut HARDZIEK van Sarah Denoo
    Foto

    Me & Wilma 30 june 13
    Foto

    Me & Leo & 'Tutta'

    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!