Het 4de Lansiers en 6A verlaten Soest op 11/05/1994
Universele Verklaring van de rechten van de Mens opgenomen onder artikel 19: "Eenieder heeft het recht op vrijheid van mening en van uiting van zijn mening, wat het het recht insluit nietverontrustte worden omwille van zijn meningen en het recht door om het even welk uitdrukkingsmiddel en zonder inachtneming van grenzen, inlichtingen en ideeën op te zoeken, te ontvangen en te verspreiden" Goedkeuring en publicatie Belgisch Staatsblad 31 maart 1949.
De rijkdom van
ons volk
ligt in de kennis van zijn herkomst.
Persoonlijk geloof ik er niet in, 70 eeuwen menselijke geschiedenis tonen ons wel een ander beeld. Maar het is een nobel doel natuurlijk en dromen mag ook. Een klik op de afbeelding en je bent op de webstek van deze mensen.
Land van melk en honing Geplaagd met een koning Die uw volk veracht Je hebt het ver gebracht
Geen volk op aard Dat uw slaafsheid evenaart En door eigen schuld Nestbevuilers duldt
En waar de minderheid De gulle gever in de handen bijt Waar de ministers blaffen En de rechters straffen Opdat gij Slaaf zult blijven Om het land niet uiteen te drijven
Sla de handen in mekaar En weet dat een gebaar Hier een eind kan aan maken En tronen zal doen kraken
Ook dit is een militair, vergeten we soms wel eens.
Wim maes was niet geleerd Zegden zij. Met hun bullen van ruggekruiperij-wetenschap. Wim Maes ambieerde geen zetel. Maar schonk velen een "zetel". Die dan spuwden op hem. Tot hij letterlijk doodgewroet was. Dan begonnen hun loftrompetten te tuiten. Met een zucht van verlichting, misschien? Tot ze weer 'n Wim Maes nodig hebben. Om dat zeteltje te behouden. Gelukkig weten wij dat Wim het allemaal niet voor hen deed. Maar voor zijn volk. Opportuun of niet. Fout of juist. Hij deed het. Wie nu? Ook zonder eigen ambitie. Ons klein volk heeft niet zovele grote mannen, Die voor zichzelf klein blijven. En daarom mens. En voor ons Vlaming. Zonder poeha. Beware dat het geen matu vu wordt. Die heeft Vlaanderen al zoveel. Met diploma's enzovoort. Tot hun tijd rijp is. Armer geworden Vlaanderen.
Om een kijkje te nemen in deze oude brochure: klik op de afbeelding
Foto's van personen die niet in openbaar belang staan, mogen niet zonder zijn toestemming openbaar gemaakt worden. Als er iemand niet akkoord gaat met het vertonen van foto's van hem/haar op deze blog, stuur dan een berichtje. Ik zal dan deze foto verwijderen of de persoon onherkenbaar maken. Natuurlijk ook vermelden welke foto het is.
Interessante boeken. Geen tijd om te lezen? Neem ze dan gewoon mee naar de voorbehouden plaats van Winston Churchill, leer je intussen nog wat.
-UIt Egypte heb ik hem geroepen - Over de wortels van het Christendom. (Ahmet Osman) - Gewetenconflict. (Raymond Franz) - De Holocaust-industrie - Bespiegeling over de exploitatie van het joods lijden. (Norman Finkelstein) Van God los. (Sam Harris) Dit boek is spijtig genoeg niet meer verkrijgbaar, ook niet tweedehands. Naar de bibliotheek dus! -Wij zijn ons brein - Van baarmoeder tot Alzheimer. (Dick Swaab)
Je leest wel eens graag een boek dat niet toegelaten is op de Boeken Beurs door het Belgische regime dankzij Jos Gheysels! Dan moet je bij deze uitgeverij zijn.
Ik weet heel goed dat de lezer helemaal niet zo'n behoefte heeft dit alles te weten, maar ik heb er behoefte aan hun dit te vertellen. Jean-Jacques Rousseau. (1712 - 1780)
28-03-2013
Het is niet alleen Sharia4Belgium,
Ik val in herhaling, ik weet het. Maar deze mensen geloven dat de wetten van God of Allah superieur zijn aan menselijke wetten en die wetten staan in de Koran, voor hen doodsimpel. Invloedrijke Sheik kondigt islamitische verovering van hele wereld aan - 'Als landen weigeren zich te voegen bij de islam, volgt er oorlog' Moslimleider Egypte wil christenen uitroeien en piramides sluiten voor toeristen
Als Sheik Shehato aan de macht komt wil hij het Egyptische leger gaan gebruiken voor een islamitische veroveringstocht, eerst door de buurlanden en daarna zelfs de hele wereld.
Sheik Adel Shehato, een snel rijzende ster binnen de islamitische beweging die na de val van president Mubarak grote invloed heeft gekregen in Egypte, heeft in een interview met een Egyptische krant gezegd dat de christenen in zijn land zich moeten bekeren of onderwerpen aan de islam of anders uitgeroeid moeten worden. Verder wil hij in Egypte de streng islamitische, extreem racistische Sharia wet invoeren en tevens de wereldberoemde piramides en de Sfinx sluiten voor toeristen.
Sheik Shehato is een hoge leider in de Egyptische tak van de Islamic Jihad terreurbeweging. Om die reden werd hij in 1991 gevangen gezet. Na de val van Mubarak begin dit jaar werd hij weer vrijgelaten.
'Bent u tegen het opblazen van (christelijke) kerken?' vroeg de Egyptische krant Aroz Al-Yousef hem. 'Ja en nee,' antwoordde hij. 'De christen is vrij om zijn God in zijn kerk te aanbidden, maar als hij problemen geeft voor de moslims, dan zal ik hen uitroeien.. Ik word geleid door de Sharia, en die bepaalt dat zij in een staat van vernedering de jizya (onderwerpings) belasting moeten betalen.'
'Deze standpunten maken ons Egyptenaren bang,' reageerde de interviewer. Sheik Shehato: 'Ik zal niet om mensen te plezieren tegen mijn geloof in handelen... Wij zeggen tegen de christenen: bekeer je tot de islam of betaal de jizya, anders zullen wij tegen jullie vechten. De Shariah is niet gebaseerd op logica maar op goddelijke wetten. Daarom zijn wij tegen universele, door mensen ingestelde wetgevingen.'
Geen toerisme, geen kunst, geen zang en dans
'Vanwege (medische) behandelingen zal er nog toerisme bestaan, maar de piramides, de Sfinx en Sharm Al-Sheikh zullen worden gesloten voor toeristen. Het is namelijk mijn taak om mensen Allah te laten dienen in plaats van andere mensen. Geen enkele trotse moslim zal ooit van het toerisme willen leven, omdat toeristen wijn drinken en ontucht plegen. Als ze hier willen komen moeten ze instemmen met de vereisten en wetten van de islam. We zullen hen uitleggen de piramides volgens de Sharia uit een heidense en polytheïstische tijd stammen.'
'In de islam bestaat er niet zoiets als kunst. Schilderen, zingen en dansen zijn verboden. Omdat ik de cultuur van de ongelovigen niet kan onderwijzen zal er in onze staat alleen maar islamitische cultuur zijn... Wij zullen terugkeren tot de juiste cultuur van de moslims en hun voorvaderen, en tot de islamitische geschiedenis.'
Democratie is anti-islam
Egypte krijgt volgens de Sheik dan ook géén democratie, zoals in het Westen wordt gehoopt. 'Als moslims moeten wij geloven dat de Koran onze wetgeving is, en dat het onmogelijk is een Westers democratisch regime te hebben. Ik ben tegen democratie omdat dit niet het geloof van de moslims is... Volgens de islam is het verboden dat het volk heerst en wetten uitvaardigt, omdat alleen Allah heerser is. Allah gaf ons als bestuursvorm niet de term (democratie), die zelfs totaal niet bestaat in de Arabische en islamitische woordenschat.'
'Zodra Allahs wet wordt ingesteld zal de rol van het volk ophouden en zal Allah de opperheerser zijn.' Volgens Sheik Shehato is het voor een islamitische leider zoals hij dan ook niet nodig te weten wat het volk wil. 'Er is geen overleg (door overheidsleiders) met de gewone man zoals arbeiders en fellahin. Ook is er geen overleg over zaken die tegen de Shariah ingaan.' De afgezette president Mubarak was volgens hem dan ook een afvallige moslim omdat hij zich niet aan de Shariah hield. 'Zij zijn, in tegenstelling tot ongelovigen als joden en christenen, afvallige ongelovigen. Iedereen die eraan twijfelt of zij ongelovigen zijn, is zelf een ongelovige.'
Opgepast voor christenen!
Moslims moeten volgens de Sheik vooral oppassen voor christenen en geen vrienden met hen zijn. 'Ik moet de moslim steunen en tegen de christen zijn. Als er een christen is die mij geen kwaad doet zal ik beperkt contact met hem houden. Islam staat bepaalde vormen van contact met de christen toe, namelijk: beloften nakomen, eerlijk met hem omgaan, hem vriendelijk behandelen en vrienden met hem worden. De eerste drie zijn toegestaan maar de vierde wordt als gevaarlijk beschouwd, omdat het tegen het (Koran)vers ingaat dat zegt: 'O gij die gelooft! Neem niet mijn vijand en uw vijand tot vriend...'
Sheik kondigt oorlog tegen alle niet-moslims aan
Als het aan Sheik Sehato ligt blijven zijn plannen niet beperkt tot Egypte. 'Natuurlijk zullen wij over de hele wereld een islamitische veroveringscampagne beginnen. Zodra de moslims en de islam de baas zijn in Egypte en de Sharia invoeren, zullen wij ons tot onze buurlanden en tot Libië en in het zuiden Soedan richten. Alle moslims in de wereld die de Sharia wereldwijd willen invoeren zullen zich bij het Egyptische leger voegen om zo islamitische bataljons te vormen, wiens taak het zal zijn te overwinnen...'
Over internationale betrekkingen was hij eveneens kort en duidelijk: 'Er zijn moslims en er zijn ongelovigen. Wij zullen in ieder land ambassadeurs hebben. Wij willen al die andere landen oproepen zich bij de islam te voegen, en dat zal dan ook de taak van de ambassadeurs zijn. Als deze landen weigeren, dan volgt er oorlog.'
Marokkaans cultuurhuis in Brussel gaat een miljoentje of 10 kosten. (U bespaart toch ook.)
Waarvan zes miljoen al gediend heeft om te verbouwen. En nu het eindelijk af is, vreten houtwormen de boel weer op. Vlaanderen trakteert!
Het was een idee van Bertje Bleit. Officieel om de Marokkaanse en de Vlaamse cultuur dichterbij te brengen. Volgens anderen was die cultuur ook zonder cultuurhuis al dichtbij genoeg en moest het gewoon dienen om hem verder door onze strot te duwen. Maar goed, het cultuurhuis kwam er en na zes miljoen verbouwingen in een sjiek spel aan de Wolvengracht konden de deuren eindelijk open gaan.
‘Daarkom’ heet het, wat Arabisch is voor ‘Jullie Huis’. Er kwam echter geen kat in Daarkom, temeer ook omdat er eigenlijk ook bijna niks georganiseerd werd. Toch werd er personeel bij aangenomen: men moest plots toch eens zin krijgen om iets gaan te ondernemen. Officieel luidde het dat de Marokkaanse Brusselaars geen geld hadden om iets te programmeren, maar Vlaanderen pompt er wel jaarlijks 515.000 euro in. Huur hoeven ze hiervan niet te betalen, want dat doet de Vlaamse overheid. 25.000 euro per maand, nog tot februari 2021.
In November 2011 ging Daarkom open, om vorige maand weer te sluiten. Er werden
namelijk beestjes gevonden. Geen korenbouten, maar houtwormen. Niet enkelen,
maar een heel leger waar geen bestrijdingsmiddel meer tegen opgewassen is. Half
verorberde tegels, muren en trappen, allen gemaakt met hout dat van een
Marokkaanse houtleverancier kwam, moeten verwijderd worden.
Joke
Schauvliege, Vlaams minister van geluidsnormen, vindt dat Marokko een evenredig
deel moet betalen voor de huur en de werking, maar Marokko ziet dat niet zitten.
Of met andere woorden: een leeg Marokkaans cultuurhuis zal Vlaanderen in totaal
een miljoentje of tien gaan kosten
Het moeten niet altijd mestkevers zijn!
Het is de wil van Allah.
.
U bespaart toch ook?
19-03-2013
N-VA wil Vlaamse autonomie - Vandaag actualiteitsdebat in Vlaams parlement
Het Vlaams parlement houdt deze namiddag een
actualiteitsdebat over de uitlatingen van minister Geert Bourgeois,
afgelopen weekend in De Standaard en Het Nieuwsblad. Open Vld, Groen,
LDD en Vlaams Belang willen de minister op de rooster leggen.
In een interview met De Standaard en Het Nieuwsblad liet Vlaams
viceminister-president Geert Bourgeois zaterdag weten dat N-VA bij de
verkiezingen van 2014 wil inzetten op volledige Vlaamse autonomie. De
partij denkt dat ze CD&V en Open Vld zal kunnen overtuigen om mee
te
gaan in dat verhaal.
De oppositiepartijen stellen daarom openlijk vragen bij de wil
van
regeringspartij N-VA om de zesde staatshervorming nog uit te voeren.
"Voor ons is het duidelijk dat N-VA daar geen zin meer in heeft",
zegt Sas van Rouveroij, fractieleider van Open Vld in het Vlaams
parlement. "Elke partij heeft het recht om over de verkiezingen van
2014
te zeggen wat ze wil, maar dit gaat over de huidige legislatuur,
over de komende dertien maanden."
Ook Groen heeft grote vragen bij het functioneren van de
minister.
"Dit is zeer angstaanjagend", zegt fractieleider Elisabeth Meuleman.
"Wij weten nog niet wat de gevolgen hiervan zullen zijn."
Van Rouveroij gelooft niet dat Geert Bourgeois cavalier seul
speelde in zijn interview. "Dit is duidelijk een partijstandpunt",
stelt
hij. "N-VA houdt CD&V en sp.a (de andere regeringspartijen, red.)
in
de tang."
Vlaams minister-president Kris Peeters bevindt zich momenteel in
Canada. Die missie loopt woensdag af.(Belga)
Persoonlijk vind ik een zesde, zevende, achtste.........staatshervorming angstaanjagend. Telkens laten de traditionele partijen zich vangen in het Franstalig politiek web, angstaanjagend!
13-03-2013
Wereldkampioen Gilbert haalt uit naar 'extremistische' N-VA:
.
Wereldkampioen Gilbert haalt uit naar 'extremistische' N-VA: "Vlaamse
Leeuw
hoort niet in koers"
"In 2011 nam Gilbert al eens leeuwenvlagjes af van zijn maats en smeet ze
op
de grond" Steven Vergauwen, Vlaamse Volksbeweging
Philippe Gilbert heeft in een interview zwaar uitgehaald naar de N-VA.
De
wereldkampioen wielrennen noemt de partij extremistisch en zegt dat
N-VA-kiezers niet weten waarvoor ze stemmen. Ook de mensen die met
een
Vlaamse Leeuw naar de koers trekken, vinden geen genade. "Ze willen
alleen
maar in beeld komen."
Het zijn maar twee paragrafen in Humo deze week, maar ze hakken er
stevig
in. Op de vraag hoe het voelde om in het Nederlandse Valkenburg
wereldkampioen te worden tussen een haag van leeuwenvlaggen,
antwoordt
Gilbert: "Op een wereldkampioenschap moet je zwaaien met de vlag van
je
land, niet met die van een regio. Die leeuwenvlaggen verdienen geen
plaats
in de koers. Die mannen staan trouwens alleen op plaatsen waar ze zeker
in
beeld komen." Vervolgens oppert de interviewer dat de N-VA goed is
voor
bijna 40% in de peilingen. "Dat is net zoals met het Front National
in
Frankrijk", antwoordt Gilbert. "Extremisten heb je overal, ook in
Wallonië.
De mensen geloven niet meer in de politiek en geven hun stem dan maar
aan
zulke partijen. Het is een negatieve keuze, hun kiezers weten niet waar
hun
programma voor staat." Kortom, de N-VA is volgens de drager van de
regenboogtrui een extremistische partij, hun kiezers zijn dom want ze
weten
niet waarvoor ze gestemd hebben en supporters met leeuwenvlaggen
worden
liefst zo snel mogelijk verzocht andere oorden op te zoeken. "We gaan
daar
niet op reageren", zeggen zowel N-VA-voorzitter Bart De Wever als
Philippe
Muyters, behalve Vlaams minister van Sport ook wielerliefhebber. "Dat
zou
alleen maar leiden tot een aanslepende polemiek en daar wordt niemand
beter
van." Iets dieper in Vlaams-nationalistische kringen komt het ongenoegen
wel
aan de oppervlakte borrelen. "Gilbert zou zich beter uitsluitend
bezighouden
met wielrennen", zegt Godfried Duprez van Vlaanderen Vlagt Verder, de
vereniging die steevast met Vlaamse Leeuwen zwaait tijdens
wielerwedstrijden. "Ik vind het spijtig dat de wereldkampioen zulke
uitspraken doet. Maar hij mag gerust zijn, ik ga hem niet uitjouwen bij
de
eerstvolgende wedstrijd. Ik hoop alleen dat hij in het vervolg ook wat
meer
respect toont voor onze opvatting." "Het verbaast me niet dat Gilbert
zo
anti-Vlaams uithaalt", zegt Steven Vergauwen, directeur van de
Vlaamse
Volksbeweging. "In 2011 stonden we in Parijs aan de aankomst van de
Ronde
van Frankrijk. Enkele Lotto-renners kwamen bij ons leeuwenvlaggen halen
om
er op de Champs Elysées een ererondje mee te rijden. Maar Gilbert nam ze
af
en smeet ze op de grond. De Duitsers Greipel en Sieberg keurden het
gebaar
van hun ploegmaat duidelijk af. Ze hebben de vlaggen achter Gilberts
rug
opgeraapt en er nog een hele tijd mee rondgereden."
Niet stoppen
De Vlaamse Volksbeweging deelt tijdens de Ronde van Vlaanderen elk
jaar
100.000 kleine leeuwenvlagjes uit en ze zijn niet van plan daarmee te
stoppen. "Gilbert heeft recht op zijn mening, wij op de onze. Dat we
het
alleen doen om in beeld te komen, is onzin. De helft van onze voorraad
delen
we uit op het deel van het parcours dat niet in de live-uitzending te
zien
is. Ik zie trouwens steeds vaker Waalse hanen langs het parcours van
koersen. Mij pleziert dat, maar ik vraag me af wat Gilbert daarvan
vindt.
Zou hij de Waalse vlag ook zomaar als een vod op de grond gooien?" De
wereldkampioen wenste gisteren niet verder in te gaan op de discussie.
"Ik
heb daar geen tijd voor", liet hij in een mail weten.
Auteur: Steven Vergauwen Vlaamse Volksbeweging DIETERT BERNAERS
Tags:Philippe Gilbert, Ronde van Vlaanderen, champs Elysées
11-03-2013
Golfbrekers: Splits zelf de sociale zekeheid.
Golfbrekers wil zijn steentje
bijdragen om de sociale zekerheid te helpen splitsen. Daarom plaatsen wij hier
het dubbelinterview met Jürgen Constandt en Erik Stoffelen, zoals het
gepubliceerd werd in Tegenstroom. Nog geen lid van het Vlaams & Neutraal
Ziekenfonds? Doe er iets aan!
Waar de Vlaamse Beweging beweegt
of schrijft, komen we het Vlaams & Neutraal Ziekenfonds tegen. Ook in deze
Tegenstroom trouwens. We trekken daarom met pen en papier naar de hoofdzetel van
dit bedrijf, in Mechelen. Algemeen directeur Jürgen Constandt en commercieel
directeur Erik Stoffelen (pro-senior van het KVHV te Antwerpen) heten er ons van
harte welkom.
TS: Wat is het Vlaams &
Neutraal Ziekenfonds?
J.C.: Het Vlaams & Neutraal
Ziekenfonds is het enige ziekenfonds in België dat én ongebonden is, én opkomt
voor de Vlaamse zaak. Er zijn naast ons een aantal neutrale en onafhankelijke
ziekenfondsen maar geen enkel stelt openlijk dat de ziekte- en
invaliditeitsverzekering een bevoegdheid moet worden van de deelstaten. Neutraal
betekent dat we ook totaal los staan van de partijpolitiek. Sterker nog: wij
genieten heel wat sympathie van diverse politici, verspreid over 5 verschillende
politieke partijen. Wij steunen ook tal van verenigingen uit de
niet-partijpolitieke Vlaamse Beweging. Zo sponsoren wij bijvoorbeeld het KVHV,
en kan het OVV voor de nationale vergaderingen steeds gebruik maken van onze
gebouwen.
E.S.: Eigenlijk zijn we een
middelgrote speler in het zogenaamde sociale middenveld. Naast de wettelijke
ziekteverzekering bieden wij een heel interessante aanvullende verzekering. Het
is dus niet alleen interessant uit idealisme om over te schakelen naar het
V&NZ. Ten slotte bieden wij in vergelijking met andere ziekenfondsen een
goede prijs-kwaliteitverhouding. De kracht van onze vooruitgang zit in ons uniek
profiel én ons ijzersterk voordelenpakket waarmee we de concurrentie perfect te
lijf kunnen gaan.
TS: Geef eens enkele
praktijkvoorbeelden waaruit dit Vlaams én ongebonden profiel
blijkt.
J.C.: Recent kwamen we nog in de
media met een eigen onderzoek naar de uitgavenkloof tussen Vlaanderen en
Wallonië in de ziekteverzekering. Ondanks alle hoera-berichten over een afname
van uitgavenverschillen, tonen we met cijfers van de Neutrale landsbond vanuit
de praktijk aan dat de uitgavenkloof in de ziekteverzekering nog toeneemt. In
Wallonië werd er in 2011 per hoofd 109,93 euro meer uitgegeven voor
gezondheidszorgen. Dit is een verdubbeling ten aanzien van 2010! Deze cijfers
staan bovendien los van de bijdragen aan de sociale zekerheid, waarvan algemeen
geweten is dat Vlaanderen ook meer dan proportioneel bijdraagt. Ook het aantal
dagen arbeidsongeschiktheid is opmerkelijk hoger in Wallonië. Het volledige
dossier kan u terugvinden op de webstekwww.vnz.be.
E.S.: We steken ons Vlaams én
ongebonden profiel niet onder stoelen of banken. Maar als er verkiezingen in
aantocht zijn, zullen onze leden geen stemadvies krijgen. In ons tijdschrift
zullen geen kandidaten staan om zich aan te prijzen aan onze leden. Hoeveel
ziekenfondsen zijn er niet die zich hier wel aan zondigen? Onlangs verscheen er
een interessant boek ‘Lof der gezondheid. Van apologie tot utopie?’ van senator
Louis Ide. Uiteraard interesseert ons dit, net zoals de ‘Ordelijke opdeling’ van
Gerolf Annemans, maar we zullen in ons tijdschrift geen boekbesprekingen opnemen
om te vermijden dat men ons partijpolitieke bindingen kan
verwijten.
TS: Waarom is een eigen Vlaamse
sociale zekerheid wenselijk?
J.C.: Het Vlaams & Neutraal
Ziekenfonds (203) ijvert al jaren voor een Vlaamse ziekte- en
invaliditeitsverzekering. Niet uit eigenbelang of groepsegoïsme, maar wel om een
doeltreffend gezondheidsbeleid te kunnen voeren en het sociaal zekerheidssysteem
op lange termijn overeind te houden. Daarbij moeten de deelstaten volledig
financieel verantwoordelijk worden voor hun specifieke beleidskeuzes. Zeker in
tijden van economische stagnatie is structureel hervormen meer dan ooit aan de
orde.
Wij betreuren ten zeerste dat bij
de komende staatshervorming er geen sprake is van de volledige
communautarisering van de ziekteverzekering. Een eis die zowaar door het hele
Vlaamse parlement gedragen werd in 1999. Wij stellen anderzijds vast dat de
Franstaligen dit dossier handig weten te blokkeren en er tevens in slagen hun
eigen verzuchtingen, zoals o.m. extra middelen voor Brussel, wel te
realiseren.
Deze beslissingen leiden
onvermijdelijk naar drastische besparingen in de sociale uitgaven, hogere lasten
voor de werkende Vlamingen en legt een hypotheek op de volgende
generaties.
E.S.: In de ziekteverzekering
willen we onze eigen accenten leggen, ons eigen sociaal model uitbouwen en
voluit gaan voor de eerstelijnszorg in Vlaanderen. We willen de vruchten plukken
van een verstandig preventiebeleid. Vandaag word je daar als deelstaat niet voor
beloond. En zoals uit bovenstaand voorbeeld blijkt, blijven ook de transfers
onverantwoord hoog. Onder het mom van federale solidariteit blijft men Vlaams
geld transfereren in bodemloze Waalse putten. Federaal PS-minister Onckelinx
voorkomt elke broodnodige structurele verandering. Als secretaris van het
Aktiekomitee Vlaamse Sociale Zekerheid werken we al jaren aan de totstandkoming
van een Vlaamse Sociale Zekerheid.
TS: Op welk vlak kan het V&NZ
deze doelstelling realiseren?
J.C.: Eigenlijk heeft iedereen
een ziekenfonds nodig. Men heeft dan de keuze tussen klassieke ziekenfondsen die
meestal unitair denken en een ongebonden Vlaams ziekenfonds. En op die manier
kunnen de mensen eigenlijk zelf eens iets doen. Binnen de politieke wereld
worden veel beloftes gemaakt, die door compromissen dikwijls niet worden
waargemaakt. Op dit moment vertegenwoordigt V&NZ slechts 1,5 % van de
Vlaamse markt. De Christelijke Ziekenfondsen hebben al een cordon rond het
V&NZ gelegd. Ze willen met ons niet meer in debat gaan. Ik ben er van
overtuigd dat wanneer we in aantal zouden verdubbelen, we de klassieke
ziekenfondsen een ander standpunt kunnen laten innemen. Enerzijds omdat wij dan
veel meer leden hebben, maar vooral omdat zij er anders nog meer zouden
verliezen. Momenteel verwelkomen we elke werkdag zo’n 25 nieuwe
leden!
E.S.: Het Vlaams & Neutraal
Ziekenfonds wil actief verandering brengen in het landschap van de unitaire
gezondheidszorg. Het moet gedaan zijn met enkel te filosoferen en te klagen,
terwijl de actieve Vlaming zèlf er al heel wat aan kan doen. Indien elke bewuste
Vlaming de overstap durft te maken naar het V&NZ zullen de traditionele
zuilen (uit opportuniteit) wel moeten bijdraaien. Politiek beweegt er tenslotte
niks dus moet de Vlaming zelf actie ondernemen om de sociale zekerheid te
splitsen. En die mogelijkheid bestaat dus. Vijf minuten persoonlijke politieke
moed volstaan!
TS: Welke concrete voordelen
mogen nieuwe leden verwachten als ze zouden veranderen van
ziekenfonds?
J.C.: Naast ons Vlaams én
ongebonden profiel bieden wij een goede prijs-kwaliteitverhouding en daarbovenop
heel wat extra’s. Zo hebben we geboortevoordelen tot 888 euro en betalen we
tandimplantaten tot 500 euro, brillen tot 100 euro of vaccinaties tot 75 euro
terug. Wie lid is van een van een sport- of fitnessclub kan jaarlijks rekenen op
een tussenkomst van 30 euro, ongeacht de leeftijd. Ook orthodontie en sinds kort
zelfs luiers worden stevig vergoed. Bovendien bieden we nog de keuze uit diverse
hospitalisatieverzekeringen en kan men vanaf 14 jaar nog starten met het
aantrekkelijke voorhuwelijkssparen.
E.S.: Ons enige nadeel ten
opzichte van andere ziekenfondsen is dat we niet in elke stad een kantoor
hebben, maar daar wordt hard aan gewerkt. De laatste maanden werden nieuwe
kantoren geopend in Westerlo en Diest. En uiteraard investeren we hard in ons
onlinekantoor.
TS: Is een overstap naar het
Vlaams & Neutraal Ziekenfonds moeilijk?
J.C.: Absoluut niet. Je kan
overschakelen met twee handtekeningen. Heel simpel. We komen hiervoor zelfs aan
huis. Men moet enkel ons gratis nummer 0800-179 75 draaien of een e-bericht
sturen en we komen er aan wanneer het past voor de cliënt. Het duurt slechts een
half uurtje en alles is in kannen en kruiken. Zonder onderbreking van de
wettelijke rechten! Er staat ook geen leeftijdsbeperking op de overschakeling.
Van mensen die al jaren bij een ander ziekenfonds hebben betaald voor
hospitalisatie of voorhuwelijkssparen nemen wij de anciënniteit gewoon over. Het
oudste lid dat ooit overschakelde naar het V&NZ was 102 jaar. Zo zie je maar
dat je nooit te oud bent om te veranderen.
E.S.: De mensen hoeven zelf
helemaal niks te doen voor hun aansluiting of overstap. Het V&NZ regelt
alles. Er is geen wachttijd, geen onderbreking van wettelijke rechten of
overstapkosten. Samengevat kunnen we stellen dat het Vlaams & Neutraal
Ziekenfonds de Vlamingen de mogelijkheid biedt zelf actie te ondernemen voor een
Vlaamse Sociale Zekerheid. Met behoud van recht én enkele nieuwe voordelen
erbovenop.
TS: Bedankt voor dit interview. Leden die meer informatie willen kunnen
terecht op het gratis nummer 0800-179 75 of via www.vnz.be,info@vnz.be .
09-03-2013
Jezus is terug!!!
.
Lapt Di Rupo de grondwet aan zijn laarzen?
.
Intussen
wordt onze staat hervormd. Dat gebeurt in een sfeer van verdacht grote
mediastilte. Wanneer liefst achtenzestig magistraten naar het Grondwettelijk Hof
stappen om een goedgekeurde wet te betwisten, is dat naar ons aanvoelen niets
minder dan hoofdnieuws, dat de grond onder de Wetstraat zou moeten doen daveren.
De pers meldde het feit net niet in de rubriek gebroken armen en benen. Meer dan
een "fait divers" leek het voor onze journalisten niet te zijn. Lees
verder in 't Pallieterke
En
verder in 't Pallieterke:
Op
de praatstoel: Manu Ruys
Zangfeest:
een toekomst voor Vlaanderen
Bluft
het ANC? Of Zimbabwe achterna?
Daar
is de eurocrisis weer
't Pallieterke is vanaf dinsdag te koop in de dagbladhandel. (prijs
1,95 euro)
08-03-2013
Tentoonstelling
.
04-03-2013
76ste Vlaams-Nationaal Zangfeest
.“Welk volk ter wereld wil de les gespeld worden door een ACW-zuil die België
dient, Vlaanderen minacht, ons allen moreel de les spelt, maar fiscale
spitstechnologie toepast en de gewone belastingbetaler laat opdraaien.”
ANZ-voorzitter Erik Stoffelen nam tijdens het Vlaams Nationaal Zangfeest geen
blad voor de mond. De 76ste editie van het zangfeest was opnieuw een schot in de
roos. Meer dan 5000 Vlaams-nationalisten kwamen hun batterijen opladen tijdens
een wervelend spektakel van zang en dans.
Wanneer we deze zomer, op 25 augustus, de twaalfde editie van IJzerwake vieren,
is het precies 65 jaar geleden dat enkele kilometers verder in Diksmuide een
eenvoudig wit kruis opgericht werd met de AVV-VVK leuze en de tekst 'Hier liggen
hun lijken als zaden in 't zand, hoop op de oogst, o Vlaanderland'. De tekst
komt uit een vers van priester-dichter Cyriel Verschaeve, kapelaan te Alveringem
tijdens de Grote Oorlog, en mede-bezieler van de Frontbeweging. Het eenvoudige
witte kruis werd opgericht op de puinen van de in maart 1946 door grenzeloze
haat gedynamiteerde IJzertoren. De schending van de IJzertoren, opgericht als
grafmonument voor de duizenden gesneuvelde Vlaamse piotten nadat hun zerkjes
waren verbrijzeld om de steenweg naar Adinkerke aan te leggen, was een schending
van hun nagedachtenis, uitgevoerd door handlangers van een staat die nooit het
vaderland heeft willen zijn van de meerderheid van zijn inwoners.
65 jaar later hebben we reeds geoogst, ja, ONDANKS het nog steeds bestaande
staatsapparaat dat België heet… . Maar 'de mei' kunnen we nog steeds niet
plaatsen, want Vlaanderen bezit niet de noodzakelijke troeven om zijn eigen lot
te bepalen. Onze rijkdom wordt stelselmatig afgeroomd om te verdwijnen in
bodemloze putten. Het 'Vlamingen, zwijgt en vecht!' uit de oorlog is
vervangen door het 'Vlamingen, zwijgt, werkt en betaalt!'. Ondertussen is een
BHV-regeling door onze maag gesplitst die helemaal geen regeling is, en worden
Brussel en de Rand belaagd door het Francofone imperialisme. Het Europa dat
groeit, lijkt een kopie van het Belgische huishouden, dat ver torent boven de
hoofden van de burgers en de volkeren die er leven.
Maar het tij kan keren... Schotland en Catalonië slaan verder de weg in van
fel bevochten autonomie naar onafhankelijkheid, evenals Vlaanderen. Een eigen
identiteit vormt het sleutelwoord van moderne nationalistische stromingen, en de
tegenkanting van de afgeleefde 19e eeuwse staten en hun lakeien is navenant. Ook
in Vlaanderen. Over de meningsverschillen van partijgrenzen en tactische
overwegingen heen, moet het toch mogelijk zijn om één keer per jaar rond de
leeuwenvlag te staan, op de plaats waar de moderne Vlaamse Beweging haar wortels
heeft: de weidse vlakten van de Westhoek. Hier moordden jonge Europeanen en hun
koloniale lotgenoten elkaar uit op last van staatslieden en legergeneraals in
een weerzinwekkende oorlog.
Hier moeten we ons vandaag bezinnen over de oogst met het plaatsen van de
'mei' voor Vlaanderen. Hier moeten we aan Europa tonen dat het zijn inwoners,
met hun verschillende identiteit , tradities, wetten en gebruiken niet tot
eenheidsworst kan vermalen. Vlaanderen, Schotland, Catalonië is drie maal JA
voor onafhankelijkheid. En drie maal JA voor een sterk en weerbaar en vooral
levend Europa, dat de identiteit van zijn inwoners respecteert. Daarom heten
wij alle Vlamingen welkom op de IJzerweide te Steenstrate! En, Vlaamse politici,
oppositie of beleidsmakers, wij respecteren uw inzet en uw werk als Vlaanderen
en onze identiteit uw uitgangspunt is. Wij weten dat IJzerwake graag in het
verdomhoekje van extremisten en dwazen wordt geplaatst, dat vermijdt een
democratisch debat… Heb daarom misschien voor één keer het lef van de Franse
president Mitterrand, en verantwoordt uw aanwezigheid op onze IJzerwake met de
simpele opmerking: 'Et alors?'.
Pourquoi respecteraient-ils un pays qui capitule devant eux ?
.....................
** 93% des étrangers ont voté Hollande !* : ça vous parle ..?
Voici ce que vient de déclarer " Mohamed Sabaoui " , jeune sociologue et
socialiste de l'université catholique de Lille, d'origine algérienne,
naturalisé français .
Ceci est plus que prometteur !
Je cite : « Notre invasion pacifique au niveau européen n'est pas encore
parvenue à son terme.
Nous entendons agir dans tous les pays simultanément .
Comme vous nous faites de plus en plus de place , il serait stupide de
notre part de ne pas en profiter.
Nous serons votre Cheval de Troie.
Les Droits de l'homme dont vous vous réclamez , vous en êtes devenus les
otages .
Ainsi , par exemple, si vous deviez vous adresser à moi en Algérie , ou en
Arabie Saoudite , comme je vous parle maintenant , vous seriez, dans le
meilleur des cas, arrêtés sur-le- champ.
Vous autres Français n'êtes pas en mesure d'imposer le respect à nos
jeunes.
Pourquoi respecteraient-ils un pays qui capitule devant eux ?
On ne respecte que ce qu'on craint.
Lorsque nous aurons le pouvoir, vous ne verrez plus un seul de nos jeunes
mettre le feu à une voiture ou braquer un magasin...
Les Arabes savent que la punition inexorable que mérite chez nous le
voleur, c'est l'amputation d'une main » .
Et, toujours du même Mohamed Sabaoui lors d'une interview récente du
10-01-2012 qu'il a cité :
Les lois de votre République ne sont pas conformes à celles du Coran et ne
doivent pas être imposées aux musulmans , qui ne peuvent être gouvernés que par
la Charia.
Nous allons donc oeuvrer pour prendre ce pouvoir qui nous est dû .
Nous allons commencer par Roubaix , qui est actuellement une ville
musulmane à plus de 65 %.
Lors des futures élections municipales, nous mobiliserons nos effectifs,
et le prochain maire sera musulman .
Après négociation avec l'État et la Région , nous déclarerons Roubaix
enclave musulmane indépendante comme le KOSOVO et nous imposerons la
Charia ( loi de Dieu ) à l'ensemble des habitants, ainsi que le voile
obligatoire.
La minorité chrétienne aura le statut de Dhimmis .
Ce sera une catégorie à part qui pourra racheter ses libertés et droits par
un impôt spécial .
En outre , nous ferons ce qu'il faut pour les amener par la persuasion dans
notre religion .
Des dizaines de milliers de Français ont déjà embrassé l'Islam de plein
gré comme Frank RIBERY, GARAUDY et d'autres .
Pourquoi pas les chrétiens de Roubaix ?
Et puis avec l'entrée prochaine de la TURQUIE en Europe , c'est plus 80
millions de Musulmans qui circuleront librement et se chargeront d'Islamiser
toute l'Europe.
Actuellement à l'université de Lille , nous mettons sur pied des brigades
de la foi, chargées de 'convertir' les Roubaisiens récalcitrants chrétiens , ou
juifs , pour les
faire rentrer dans notre religion , car c'est Dieu qui le veut ..!
Si nous sommes les plus forts, c'est que Dieu l'a voulu.
Nous n'avons pas les contraintes de l'obligation chrétienne de porter
assistance , à l'orphelin , aux faibles et handicapés ...!
Voir votre Soeur EMMANUELLE .
Nous pouvons et devons , au contraire , les écraser s'ils constituent un
obstacle ; surtout si ce sont des infidèles » ...!
.
....................
Une réalité que beaucoup prennent pour de la fiction , et rigolent en
lisant, mais c'est la vérité du futur de notre France.....
.........................
.........................
A MEDITER DONC ............ longuement ..!
Et à faire circuler largement ....!
Mails envoyé à plus de 362 144 personnes pour l'instant objectifs atteindre
les 500.000 personnes minimum !
Notre devoir est de dire la vérité à tous ce qui veulent protéger leur pays
d'origine sauvons la France je vous en supplie , ainsi que pour l'avenir de nos
enfants !!
Je précise ce mail à été vérifié auprès des services de police et a bien
été validé par l'élève en question après enquête sur son ordinateur grâce à
l'adresse IP de son PC.
In België bestaan er meer systemen om niet te werken dan om wel te werken!”
Patrick De Maeseneire is de baas van ’s werelds grootste uitzendbureau: Adecco. Gisteren was hij te gast in Reyers Laat: hij legde er uit waarom België volgens hem binnenkort Griekenland achterna gaat.
Patrick is een man met een duidelijke visie. Acht maand geleden kreeg hij nog bakken kritiek over zich heen omdat hij bedrijfsleiders aanraadde om België te verlaten. Volgens hem is België dan ook het Griekenland van morgen.
Lieven Van Gils wilde graag weten wat de Vlaming, die thans in Zwitserland woont, vindt van de indexsprong. Patrick liet weten daar geen voorstander van te zijn, maar hij had wel een beter idee om enigszins te besparen:
“Tien jaar geleden was het overheidsbeslag in België 43 procent, vandaag is dit 52. Dat wil zeggen dat de belastingen veel sneller gegroeid zijn dan de economie. Concreet: men heeft de mensen 9 procent meer belast. In geld is dat ongeveer 30 miljard meer. Tien jaar lang zijn de overheidsuitgaven elk met 5 procent gestegen. Men zou daar dan geen 5 procent in kunnen besparen? Daar geloof ik niet in!”
Als voorbeeld haalde hij er de socialistische president van Frankrijk, Hollande bij: “Die vertelde vorige week dat de loonkosten in Frankrijk, die lager liggen dan hier in België, met 6 procent zullen verlagen. Hoe komt het dat die het licht ziet en wij niet?”
Aan diezelfde tafel in Reyers Laat waren ook de sossen vertegenwoordigd, met name Maya en Leona Detiège. Ook zij kregen een veeg uit de pan: “In crisistijd is het altijd de schuld van iemand anders. Voor het Vlaams Belang zijn dit de migranten en voor jullie zijn dat de CEO’s. Enkele jaren geleden heeft een van uw partijgenoten het vaderschapsverlof uitgebreid, terwijl er eigenlijk niemand zit op te wachten. Maar als het goed gaat, beloven jullie allerlei dingen. Eigenlijk bestaan er in België meer systemen om niet te werken dan om te werken!”
Maya Detiège haalde er Ford Genk als grote boosdoener bij. De Maeseneire legde haar uit dat een bedrijf geen fabriek sluit voor het plezier, maar wel om de rest van de organisatie te redden. “De regering zou opnieuw rechtszekerheid moeten brengen voor bedrijven die bij ons willen investeren en de lasten op lonen verlagen”, zo klonk het besluit. (SL)
15-11-2012
Extreem katholiek?
Ik heb
mijn hele volwassen leven voor gelijkberechtiging en tegen discriminatie
geijverd en geschreven. Voor gelijkberechtiging van vrouwen, voor gelijk loon
voor gelijk werk, voor vrije toegang tot contraceptie en tot gelegaliseerde
abortus. Tegen elke vorm van discriminatie op basis van huidskleur of afkomst.
Tegen discriminatie van, en hoon en agressie jegens homoseksuelen. Ik geloof in
een seculiere maatschappij, dat wil zeggen een maatschappij die niet
antigodsdienstig is, maar die een neutrale ruimte vormt voor alle overtuigingen.
xml:namespace prefix = o />
En dan
krijg ik te horen dat ik een ‘extreme katholiek' ben. Het gebeurde zaterdag, op
de receptie na de uitstekende Pacificatie-lezing van Paul Scheffer in Gent, over
de grenzen van Europa. De aantijging kwam van een eminent lid van de Gentse
academische wereld. Durven zeggen dat de Kerk van Rome meer is dan schandalen,
durven zeggen en schrijven dat onze maatschappijen van sociale solidariteit
onder meer – en de nadruk ligt op ‘onder meer' – schatplichtig zijn aan de
intellectuele software van de evangeliën, dat is onaanvaardbaar ‘extreem'.
Twijfelen
aan de zogenaamd superieure rationaliteit van het atheïsme is dat duidelijk ook.
Nochtans, de communistische partijen, die gebaseerd zijn op het atheïsme, eisen
nog steeds dat men het verstand op nul zet en blindelings het dogma van de
partijlijn volgt. Maar communist zijn was nooit een scheldwoord voor de herauten
van de rede.
De blinde
vlek ten aanzien van het ‘reële socialisme', die zo lang een groot deel van onze
academische wereld behepte, ik heb er nooit de redelijkheid van ingezien.
Evenmin als ik enige rationaliteit zie in de huidige blinde vlek ten aanzien van
een onverdraagzame islam.
Aanbevolen
lectuur daarover is het pas verschenen boek ‘Kroniek van een aangekondigd
onheil' van de gewezen straathoekwerker Peter Calluy. Hier heb je een arbeider,
en arbeiderszoon, van huize uit socialist en militant. Opgegroeid in een
arbeiderswijk waar veel van zijn speelkameraden, en huidige vrienden, kinderen
van ingeweken Marokkaanse arbeiders waren. Iemand die zich als straathoekwerker
inzette voor een harmonisch samenleven. En die bij socialistische burgemeesters
jaar na jaar op een muur botste omdat hij waarschuwde voor de gevaarlijke
insijpeling van een radicale islam, een islam die moslimjongeren haat inboezemde
tegen de seculiere maatschappij, die jonge holebi's weg pestte uit een jeugdhuis
in Boom. Een van de mensen tegen wie hij vergeefs waarschuwde was nota bene
Fouad Belcacem, van Sharia4belgium. Maar het was de socialistische
straathoekwerker die in 2008 ontslagen werd, en nog steeds werkloos is. Net
zoals de atheïstische Peter Calluy wil ik geen regressieve intolerantie gedogen
in naam van de tolerantie. Dat is zeker ‘extreem katholiek'.
Aan de
faculteit Sociologie van de KULeuven floreert Nadia Fadil, die uitmunt door
onwetenschappelijke blinde vlekken. Reportages over specifieke problemen in
bepaalde allochtonenwijken, zoals ‘Femme de la rue' van Sofie Peeters, ze zijn
verdachte hersenspinsels, uitingen van ‘verwoede pogingen' om dergelijke wijken
‘ te temmen' (www.standaard.be/seksisme).
Inderdaad, waar gaan we heen als je in die vrolijke wijken geen westers geklede
vrouwen meer mag beledigen – of homo's bespuwen, zoals een recente
Volt-reportage toonde.
De KU
Leuven verlengt dan weer niet het contract van Fernando Pauwels, onderzoeker aan
diezelfde faculteit, die negen jaar geleden een mystieke ervaring had, en die
denkt dat handoplegging genezing kan brengen. De man zegt niet dat zieke mensen
niet naar de dokter moeten gaan, integendeel. Hij predikt geen haat. Er is niet
aangetoond dat zijn opinies de afgelopen negen jaar een invloed hadden op zijn
wetenschappelijk werk. Maar hij ‘tast de geloofwaardigheid van de universiteit
aan'. Ik deel Pauwels' mystieke beleving van het christendom absoluut niet. Maar
ik heb vragen bij selectief respect voor de gewetensvrijheid. Dat maakt mij
ongetwijfeld een ‘extreme katholiek'.
Onlangs
zei de ACV-vrijgestelde bij Ford Genk, Gaby Colebunders, dat hij zeker een keer
naar Cuba wil gaan, ‘zoals elke moslim een keer in zijn leven naar Mekka wil'
(DS 27 oktober). Verering voor een systeem dat mensen gevangen zette en zet,
soms levenslang, wegens vreedzame pleidooien voor meer democratie, behoort zeker
niet tot de basiswaarden van het Algemeen Christelijk Vakverbond. Vind ik dat
die man eruit moet gezet worden wegens zijn naïeve visie? Helemaal niet, want ik
geloof in gewetensvrijheid. Ook dat is zeker ‘extreem
katholiek'. (Mia Doornaert-De Stadaard)
Of ik geloof in gewetensvrijheid zolang het maar geen mestkevers van het Vlaams Belang zijn.......
02-11-2012
Elio een disaster?
Elio een disaster? Ik vind de traditionele Vlaamse(?) Partijen die Elio de macht hebben gegeven nogal een groter disaster!
27-10-2012
De makers vallen af: PVDA+ of de ware bedreiging voor onze democratie
Tijdens de
gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober 2012 is de PVDA + één van de grootste
winnaars. Het zou fout zijn en getuigen van verkropte arrogantie aan de
politieke linkerzijde om dit te ontkennen. Maar op wat is dit succes
opgebouwd?
Tijdens de voorbije jaren is men
er in geslaagd om de kiezers te laten geloven dat alle sociale verworvenheden
zullen afgenomen worden tenzij dat men in het verhaal van de communisten van de
PVDA+ meegaat. De campagne die deze partij voerde was ongemeen agressief en hard
. Zo hebben zij de minder begoede buurten wijs gemaakt dat er hospitalen in
Antwerpen zullen verdwijnen en dat zij voor banale ingrepen heel de stad moeten
doorkruisen. Daar voegde ze aan toe, dat zij ver van vrienden en familie zullen
gehospitaliseerd worden. Eenzaam en verlaten. Aan hun lot overgelaten volgens
hen.
Zij hebben ook informatie
rondgestuurd dat het zorgbedrijf er enkel is voor begoede ouderen. Er werd
geschermd met huurprijzen voor serviceflatjes van 700 euro tot 1100 euro per
maand. Maar men sprak niet over sociale correcties en dat senioren die dat niet
kunnen betalen altijd door het OCMW zullen worden verder geholpen. Men liet
uitschijnen dat de woonrechtcertificaten enkel werden aangeboden aan mensen die
enkele honderdduizenden euro’s teveel hadden. Men vergat er bij te zeggen dat
mensen gedurende 20 jaar een gratis woonrecht krijgen en dat zij daarna hun
VOLLEDIGE investering terugkrijgen.
Maar ook Geneeskunde Voor Het
Volk, de sponsors en financiële motor van de PVDA laat zich niet ontbetuigd.
Wanneer er fotoaffiches opgehangen worden van kandidaten van andere partijen dan
de PVDA + en indien geweten is dat deze mensen beroep doen op Geneeskunde Voor
Het Volk, dan wordt deze hulp afhankelijk gesteld van het wegnemen van deze
affiches. Dit zijn ondemocratische toestanden die zeer dicht aanleunen bij wat
Poetin doet met een meidengroep die kritiek heeft op het regime namelijk, deze
monddood maken.
PVDA+ is ook niet opgezet met
politici die rechts denken en leven. Daar kan ik nog inkomen. Maar dat deze
mensen worden bespuugd en weggehoond op markten door opgefokte militanten van de
PVDA +, is onaanvaardbaar. Respect voor mekaars mening moet er altijd zijn, hoe
scherp die tegenstellingen ook zijn.
De PVDA+ heeft de autochtone
bevolking opgegeven en is op jacht gegaan naar de allochtone kiezer. Meer dan
80% van hun kiezers zijn sociaal zwakkeren allochtonen en verarmde allochtonen.
Die verarming is verankerd en heeft niets te maken met geen kansen krijgen, maar
met het niet benutten van kansen. Maar het is gemakkelijk om alles in de
schoenen te schuiven van anderen, zonder zelf verantwoordelijkheid te willen
opnemen. Men kiest resoluut voor een positieve discriminatie ten voordele van de
allochtone bevolking. Maar is dit geen negatieve discriminatie ten opzichte van
de autochtone bevolking. Als men maar voldoende op de nagel blijft kloppen dat
werkloosheid, druggebruik en drugs dealen enkel de fout is van de anderen, dan
zal men nooit behoefte hebben om te ontvoogden. Wat de PVdA + doet, is
contraproductief naar deze mensen toe: men geeft hen de boodschap mee om te
berusten. Want indien men dit niet doet en uit de spiraal van de armoede
uitgeraakt dan heeft men geen reden meer om op de PVDA+ te
stemmen.
Dat zij nu een proces willen
inspannen tegen politici die dit allemaal niet zo democratisch vinden is het
zoveelste bewijs dat zij deze niet opgezet zijn met kritiek. Hun grote
voorbeeld, Jozef Stalin heeft zelf miljoenen mensenlevens op zijn geweten omdat
hij niet kon slapen van de kritiek. Zelf heb ik aan den lijve ondervonden dat
wanneer men ’s avonds een plakploeg van de PVDA+ tegenkwam en wanneer men alleen
bezig was, dat het beste was om het op lopen te zetten. Men wou immers die
rechtse fascist (sic) eens een lesje leren. In een ver verleden ben ik eens niet
kunnen gaan lopen en was een kopstoot en een gebroken neus mijn deel. En dat
Mertens niet over zijn vredelievende militanten komt zeuren.
Er moet geen cordon komen rond
deze partij. Dat is ondemocratisch. Maar alle andere partijen zouden inhoudelijk
in debat moeten gaan met de PVDA+. Dan zal blijken dat waar zij voor staan, wel
eens de ondergang van een verdraagzame en democratische samenleving zou kunnen
betekenen.
Wanneer dit debat niet wordt
gevoerd of wanneer men deze mensen nu opneemt in bestuursmeerderbeden, dan
zullen de gemeenteraadsverkiezingen in 2018 het einde betekenen van onze
westerse waarden en normen. Ik wil alvast de handschoen opnemen. De vraag is:
sta ik alleen in mijn strijd of gaat men binnenkort zeggen: wij wisten het maar
keken de andere richting op …. .
Hendrik Boonen
Voorzitter
VLOTT
24-10-2012
Uittreksel uit een Katholiek schoolboek voor de afdeling “Huishoudkunde” voor meisjes uitgegeven in 1960.
Maak dat het eten klaar is
Maak de zaken
op voorhand klaar, de avond voordien als het moet, zodat een heerlijke maaltijd
hem opwacht als hij terug keert van zijn werk. Het is een vorm van duidelijk
maken dat je aan hem hebt gedacht en je bezorgd bent over zijn noden. De meeste
mannen hebben honger als ze thuis komen en het vooruitzicht op een stevige
maaltijd (vooral als het hun lievelingskostje is) maakt deel uit van de
noodzakelijke warme verwelkoming.. Wees op tijd klaar Neem
voor jezelf een kwartier rust voor hij thuis komt om te ontspannen. Werk
uw opmaak een beetje bij, doe een band in je haren en wees fris en bevallig.
Hij heeft een zware dag achter de rug
samen met mensen die hem overladen met werk en zorgen. Wees
dus opgewekt en een beetje interessanter dan laatstgenoemden. Zijn zware dagtaak
moet opgevrolijkt worden en daar ligt ergens jouw taak dat het zo wordt.
Breng orde op zaken Maak
nog een laatste ronde door de voornaamste kamers van het huis juist voor je man
thuis komt. Verzamel de schoolboeken, speelgoed,
papieren enz. en neem nog vlug het stof af op de tafels.
Gedurende de koudste maanden van het
jaar Je
moet een gezellig vuurtje aanmaken waarnaast hij zich kan koesteren en
ontspannen. Uw man zal het gevoel krijgen van in een ordelijke en rustige haven
te zijn aangekomen en dat maakt jou ook gelukkig. Voor
zijn comfort zorgen bezorgt jou een enorme persoonlijke voldoening.
Breng het geluid op een minimaal
niveau Bij
zijn aankomst zet je best al het geluid af van wasmachineof stofzuiger. Probeer de kinderen kalm te krijgen. Wees
blij hem te zien. Verwelkom hem met een warme glimlach en toon de oprechtheid
van uw wil om hem te bevallen.
Luister naar hem Het
zou kunnen dat je een dozijn belangrijke zaakjes aan hem wilt vertellen, maar
daarvoor is zijn thuiskomst niet het geschikte moment. Laat hem eerst spreken,
herinner je dat zijn onderwerpen belangrijker zijn dan de uwe. Maak ongeveer dat
het zijn avond wordt..
Maak nooit je beklag als hij laat thuis
komt Klaag nooit als hij laat thuis komt voor
de maaltijd of zelfs als hij de hele nacht wegblijft. Bekijk het als
kleinschalig in vergelijking met wat hij heeft moeten doorstaan gedurende de
dag. Instaleer hem comfortabel. Vraag hem zich te ontspannen in de zetel of te
gaan rusten in bed. Maak een warme of frisdrank klaar. Schud de kussens op en stel voor zijn
schoenen uit te trekken. Spreek hem aan met een zachte, vredelievende en
plezante stem. Stel hem geen vragen wat hij heeft gedaan en twijfel nooit aan
zijn oordeel of zijn rechtschapenheid. Denk er aan dat hij de meester is in huis
en uit deze functie zal hij steeds zijn wil uitoefenen met eerlijkheid en
waarheid.
Wanneer hij klaar is met eten, ruim de
tafel af en doe vlug de afwas Als
je man vraagt om te helpen wijs zijn voorstel af want hij zou zich kunnen
verplicht voelen om het steeds weer te doen en na een zware dagtaak heeft hij
geen nood aan extra werk. Zet hem aan om zich aan zijn favoriete
bezigheden te wijden. Toon je interesse hiervoor zonder hem het gevoel te geven
dat je op gelijke voet komt op zijn gebied. Als je zelf kleine bezigheden hebt,
doe ze zonder praten en storen, want zijn interesse punten zijn meestal
belangrijker dan die van de vrouw.
Uiteindelijk de avond Breng het huis in orde zodat het klaar is
voor de volgende morgen. Denk er aan eventueel een ontbijt op voorhand klaar te
maken. Het ontbijt van je man is uiterst belangrijk als hij op een positieve
manier zijn zware dagtaak moet aanvatten. Eenmaal dat jullie in de slaapkamer zijn
aangekomen maak je je klaar om zo vlug mogelijk in bed te komen.
Niettegenstaande de vrouwelijke
hygiëne Een
grote rol speelt, mag het niet de bedoeling zijn dat uw man de rij moet doen om
in de badkamer te komen, zoals hij moet doen om zijn trein te halen. Zorg er
echter wel voor dat je het beste voorkomen hebt als je gaat slapen. Tracht een
voorkomen te hebben dat innemend is zonder uitdagend te zijn. Als je een
nachtcrème moet aanbrengen of krulspelden, wacht tot hij slaapt want het zou hem
kunnen ergeren bij het zien van een dergelijk schouwspel net voor hij slaapt.
Wat de intieme relaties betreft met je
man Het
is heel belangrijk je te herinneren wat jullie elkaar beloofden bij het huwelijk
en voornamelijk de belofte van gehoorzaamheid. Als hij van oordeel is
onmiddellijk te willen slapen dan zal het zo zijn. Te allen tijde word je geleid
door de wil van je man en oefen je op geen enkel moment druk op hem uit om hem
tot een intieme relatie te stimuleren..
Als je man voorstelt te
paren Aanvaardt met nederigheid maar houdt steeds
in het achterhoofd dat het plezier aan de man is besteed en veel belangrijker is
dan dat van een vrouw. Als hij zijn orgasme bereikt is een beetje gekreun van
jou kant niet misplaatst, integendeel het zal hem overtuigen dat jij er ook
plezier aan hebt beleefd. Als je man minder normale handelingen
voorstelt Gedraag je gehoorzamend en lijdzaam maar
geef je eventueel ongenoegen aan door een stilzwijgen. Het is waarschijnlijk dat
je man onmiddellijk zal inslapen. Breng je kledij weer in orde, breng je
schoonheidsproducten aan alsook je haarverzorging.
Nu mag je de wekker zetten
18-10-2012
studie van Vives over de electorale verfransing van de Vlaamse rand
.
In
bijlage een bijzonder goede studie van Vives over de electorale verfransing van
de Vlaamse rand. Dit is het vervolg op een masterstudie gemaakt door een iemand
van bij Maddens in Leuven. Een studie over de evolutie van de uitslagen sinds
1976 en dus nu bijgewerkt tot gisteren..
Tegen 2025 vormen moslims 30% van de wereldbevolking en ze worden ook steeds rijker. Daarom beginnen toeristische centra zich voor te bereiden op de komst van de moslimtoerist. Zo ontstaan er halal-hotels met pijlen die de richting van Mekka aangeven, aparte zwembaden voor mannen en vrouwen, en alcoholvrije restaurants. Tijdens de ramadan kan alleen ontbeten worden voor zonsopgang en gedineerd na zonsondergang
29-09-2012
Marokkanen krijgen eigen school in Borgerhout of het verhaal van een mislukte integratie.
.
In
Borgerhout gaat men van start met een eigen Marokkaanse school op 01 september
2013 die den aam Iqra (leren) zal heten. De kostprijs van de school bedraagt
850.000 euro waarvan de Vlaamse belastingbetaler 595.000 euro
zal betalen via
subsidies van de Vlaamse overheid. Zijn wij Vlamingen dan zo destructief ingesteld dat wij onze eigen ondergang financieren? Of
zijn onze scholen niet
goed genoeg voor deze allochtonen?
In de Borgerhoutse scholen zijn nu al meer dan 80% leerlingen van allochtone afkomst. Of is
er een verborgen agenda?
"Zij die ongelovig zijn in Onze tekenen, hen zullen wij in een vuur braden. Telkens als hun huid gaargebakken is, vervangen Wij die door een andere huid. opdat zij de bestraffing proeven. God is machtig en wijs. Koran 4:55,56
8- jarig meisje wil heilige oorlog.
Ook in Australië is het afgelopen weekend tot zware rellen gekomen
bij een betoging tegen de intussen beruchte anti-islamfilm ‘Innocence of
Muslims’. Zaterdag werd in Sydney een conferentie georganiseerd door Hizb
ut-Tahrir, een fundamentalistische organisatie met internationale vertakkingen.
Op de ‘Muslims Rise’ conferentie pleitte een 8-jarig meisje voor de ‘heilige
oorlog’. Ruqaya prees de opstanden in de Arabische wereld en riep moslimjongeren
wereldwijd op om te vechten voor de ‘umma’, een islamitisch kalifaat. Een
mondiale moslimregering gebaseerd op de wetten van de sharia. Australië reageert
geschokt.
Onthoofd iedereen die de profeet
beledigt!
“De liefde van de umma is de jihad. Kinderen zo jong
als ikzelf gaan mee de straten op tijdens de opstanden. Ze riskeren hun leven om
voedsel, water en medicijnen naar hun gewonde familieleden te brengen. Sommigen
van hen keren nooit meer naar hun moeder terug. Maar voor deze Heilige Oorlog is
niemand te jong”, riep de 8-jarige Ryqaya. Beangstigend. Maar de
gewelddadige betoging tegen de omstreden film roept nog meer verontwaardiging
op. De socialistische premier Julia Gillard noemt het hallucinant dat in de
betoging borden met haatboodschappen gedragen werden door jonge moslimkinderen.
Slogans als “Onthoofd iedereen die de profeet beledigt” of “Onze doden zijn in
de hemel, die van jullie in de hel.” Het politieke establishment in
Australië heeft heel lang het sprookje van de multiculturele verrijking
gekoesterd. Na dit weekend is Sydney met een fikse kater wakker geworden.
Het kind is natuurlijk zodanig gehersenspoeld dat ze vermoedelijk niet eens beseft wat ze staat te verkondigen!
Tags:kind, meisje, heilige oorlog, jihad
16-09-2012
Ze zijn de pedalen kwijt!
.
Het einde van de zachte aanpak bij Justitie is nog niet in zicht, al laten krantenberichten dezer dagen het tegendeel vermoeden en uitschijnen. Zo grijpt de Brusselse burgemeester Freddy Thielemans (PS) naar een uitbreiding van de zogenaamde GAS-boetes (Gemeentelijke Administratieve Sancties). En Annemie Turtelboom, minister van Justitie, zoekt haar heil in de uitbreiding van het huisarrest. De verkiezingen staan duidelijk voor de deur.
Geweld tegen de politie
Na een nieuw geval van zware agressie tegen de politie - in Brussel een ‘fait divers’ - kondigde burgemeester Freddy Thielemans begin deze week een beetje verrassend aan dat hij administratieve boetes zou instellen voor (nacht)winkels die na 22 uur nog alcohol verkopen en voor burgers die na 22 uur op straat alcohol bij zich hebben. Alsof alcohol de grote boosdoener zou zijn en aan de basis zou liggen van het toenemende geweld tegen agenten in functie. Bij de politie wordt de maatregel van Thielemans op ongeloof onthaald of weggelachen. Het probleem is een totaal gebrek aan respect voor gezagsdragers - en in het bijzonder de politie - bij een aantal jongeren. Het probleem is het klimaat van straffeloosheid en het feit dat jongerenbendes zich in Brussel en elders onaantastbaar voelen. Dat probleem los je natuurlijk niet op met een simpele administratieve boete.
Huisarrest
Minister Turtelboom kreeg met de welwillende steun van de media het imago van een minister die van aanpakken weet en die de Augiasstallen van Justitie wel eens zou opkuisen. De vraag is maar of dat imago overeenstemt met de realiteit. Turtelboom zou de straffeloosheid aanpakken, maar de manier waarop doet de wenkbrauwen fronsen. In de pers vernemen we dat Turtelboom in Antwerpen, Brugge en Vorst een systeem van spraakherkenning laat uittesten waarbij veroordeelden hun straf (tot acht maanden cel) thuis kunnen uitzitten. Daar worden ze dan opgebeld, om te controleren of ze echt wel braaf thuis zitten. Het is met andere woorden een nieuwe versie van de elektronische enkelband en dat is, bij gebrek aan personeel en toezicht, ook al geen succes. Enkele honderden veroordeelden of gedetineerden komen in aanmerking voor thuisdetentie met spraakherkenning. “Het (nieuwe) regime voor de thuisveroordeelden is even streng als nu”, schrijft Paul Geudens (Gazet van Antwerpen, 12.09.12). Even streng? Even laks zal hij bedoelen. Sinds 2005 worden straffen onder de drie jaar doorgaans niet meer uitgevoerd. Justitie heeft niet meer huisarrest nodig, maar meer gevangeniscellen. Misschien moet Turtelboom eerst daar maar eens werk van maken…
27-08-2012
Moslimextremisten stichten scholen in Vlaanderen
In navolging van een vraag van Vaams Belang-kamerlid Peter Logghe aan minister
Turtelboom waarschuwde de Belgische staatsveiligheid voor de verspreiding van
het salafistisch gedachtegoed in ons land.
Via de Saoedische overheid
worden radicale scholen en centra opgericht en wordt het letterlijke woord van
Allah in de grijze massa van talloze jonge moslims gepompt. De
veiligheidsdiensten vinden het verontrustend dat salafisten via het onderwijs
hun extremistisch islamistisch gedachtegoed proberen te verspreiden. “Zij
verwerpen de democratische staatsorde, het westerse rechtssysteem en
basisbeginselen zoals de maatschappelijke gelijkheid van man en vrouw", aldus de
inlichtingendiensten (De Morgen, 22.08.2012). Treffend is dat deze centra zich
niet langer beperken tot de centrumsteden. Ook in plattelandsgemeenten rijzen ze
als paddenstoelen uit de grond. Zo wordt er momenteel gewerkt aan een
Salafistisch centrum in het residentiële Beersel in Vlaams-Brabant.
Bureaucratisch surrealisme
Tevens opvallend was
dat Annemie Turtelboom in haar antwoord verklaarde “dat het lesmateriaal van
deze centra een bevoegdheid is van de gemeenschappen”. Deze laatsten beweren dan
weer het tegendeel gezien deze islamistische centra “niet erkend worden door de
Vlaamse overheid, omdat ze de taalwetten overtreden,” aldus Jean-Louis Leroy van
de onderwijsinspectie (De Tijd, 22.08.2012).
Terwijl de staatsveiligheid
formeel verklaart zich ‘ernstige zorgen te maken over deze verontrustende
ontwikkelingen’ wordt de verantwoordelijkheid van hot naar her geschoven en
kunnen de islamisten op beide oren slapen. Het Belgisch bureaucratisch
surrealisme bezorgt hen immers een unieke vrijhaven waarin zij ongestoord hun
gangen kunnen gaan.
VS waarschuwt
Niet toevallig
waarschuwden de Amerikaanse veiligheidsdiensten vorige week nog voor de lakse
houding van Europa tegenover moslimextremisten: “We gaan ervan uit dat men op
elk moment in Europa kan toeslaan, zonder waarschuwing vooraf”, verklaarde
Daniel Benjamin van de Amerikaanse anti-terreurcel (De Morgen, 17.08.2012).
Tags:Moslimscholen, Amerikaanse veiligheidsdiensten, Europa, Allah, beersel, moslimextremisten,
21-08-2012
Uit de oude doos
..................en toch nog nieuw!
Tags:De Elegasten,
19-08-2012
B H V - Briefke aan Michel - Gooik
.
Beste,
Gedurende ongeveer een decennium heb ik samen met Michel DOOMST en de
collega’s, tijdens tientallen vergaderingen, geijverd voor de splitsing
van
de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde, zonder enige compensatie en met
respect voor de grondwettelijke indeling van de federale staat in
gewesten,
gemeenschappen en taalgebieden die grondwettelijk territoriaal
begrensd
Commissie voor de infrastructuur, het verkeer en de
overheidsbedrijven
11 Vraag van de heer Tanguy Veys aan de minister van
Overheidsbedrijven, Wetenschapsbeleid en Ontwikkelingssamenwerking, belast met
Grote Steden, over "een veiligheidsincident op de trein en de evolutie van het
aantal zedendelicten bij de NMBS" (nr. 8402)
11.01 Tanguy Veys (VB): Mevrouw de voorzitter, mijnheer
de minister, volgens berichten in de media heeft de spoorwegpolitie op
maandagavond 31 oktober 2011 17 jongeren van een trein geplukt in de buurt van
het station van Etterbeek.
De jongeren kwamen blijkbaar terug van een dagje Walibi en
schopten keet in de trein, vernielden zitbanken, trokken aan het alarm en vielen
een vrouw lastig. De treinbestuurder onderbrak de rit en riep de politie die de
17 baldadige jongeren, die blijkbaar allemaal uit het Brusselse afkomstig waren,
oppakte. Na verhoor mochten zij beschikken omdat de politie niet kon bepalen wie
welke vernielingen had aangebracht.
Door het incident stond de trein drie uur stil. Bij wijze
van compensatie bood de NMBS de getroffen reizigers een gratis taxirit naar hun
bestemming aan.
Volgens getuigen ging het echter om een veertigtal
allochtone jongeren dat de controle had overgenomen van een aantal rijtuigen,
met een ware ravage als gevolg. Ramen moesten het ontgelden, elektrische
verbindingen tussen de rijtuigen werden losgemaakt, brandblussers werden op
andere reizigers leeggespoten en zitbanken werden vernield. Er was agressie op
reizigers, de treinbegeleider moest zich opsluiten omwille van doodsbedreigingen
en een vrouw werd lastiggevallen en daarna ook verkracht.
Dat zijn verhalen die in de media stonden. Ik zal het niet
hebben over het feit dat die 17 jongeren werden vrijgelaten, dat is een andere
zaak, maar ik verneem graag op basis van de rapporten van de diensten van de
NMBS wat er werkelijk is gebeurd. Is er effectief sprake van een verkrachting in
een rijtuig van de NMBS of bleef het enkel bij dreigementen?
Kunt u uitsluitsel geven over het aantal zedendelicten in
2010 en het eerste semester van 2011, wat betreft de aangifte van aanrandingen
van de eerbaarheid en van verkrachting in stations, passagiersrijtuigen
uitgebaat door de NMBS en andere locaties die behoren tot de uitrusting en de
infrastructuur van Infrabel?
De reden voor die laatste vraag is niet om hier veel
statistisch materiaal te krijgen, maar om te vernemen in hoeverre deze
problematiek acuut is.
11.02 Minister Paul Magnette: Mevrouw de voorzitter,
mijnheer Veys, op maandagavond 31 oktober 2011 werd het Security Operations
Center van de Corporate Security Service van de NMBS Holding omstreeks 21.30 uur
door de spoorwegpolitie Brussel op de hoogte gebracht dat zij een interventie
zou doen in Brussel-Luxemburg op trein 2142 voor jongeren komende van Walibi die
zeven ruiten hebben vernield.
Intussen kreeg de Corporate Security Service eveneens
meldingen van een Ticket Control Team van B-Mobility en van het Coördinatie- en
Informatiecentrum – C.I.C. – van Waals Brabant dat de vernielingen de spuigaten
uitliepen.
Een jongedame zou eveneens zijn lastiggevallen door de
jongeren. De lokale politie kwam een eerste maal tussen in Watermaal. De trein
werd door de politie begeleid tot Etterbeek. Een veertigtal politiemensen – een
versterking van de reserve van de federale politie en een ploeg van
Securail – evacueerde ongeveer 600 mensen van de trein.
Alle reizigers werden door de politie gecontroleerd. Er
waren blijkbaar doodsbedreigingen, bedreigingen van verkrachting en beledigingen
geuit.
Uiteindelijk wordt een aantal daders van de verschillende
feiten herkend en door de politie geboeid meegenomen. De reizigers worden bij
hun aankomst in Brussel-Zuid begeleid.
Volgens onze informatie die wij via de spoorwegpolitie
hebben verkregen, werden zeventien personen gerechtelijk aangehouden. Er is geen
weet van verkrachting.
De vraag over het aantal zedendelicten moet u stellen aan
de minister van Binnenlandse Zaken, die bevoegd is voor de
spoorwegpolitie.
11.03 Tanguy Veys (VB): Mevrouw de voorzitter, mijnheer
de minister, ik dank u voor uw toelichting.
De feiten die hebben plaatsgevonden, zijn bijzonder
ernstig. In een latere vraagstelling in de commissie voor de Infrastructuur
zullen wij zeker nog op de gevallen van agressie op de treinen terugkomen. Het
is echter duidelijk dat de feiten heel ernstig waren.
Ik hoop in ieder geval dat de NMBS het nodige zal doen, om
de daders te vatten. Ik hoop ook dat de daders voor de vergoeding van de geleden
schade zullen moeten instaan.
Inzake het aantal zedendelicten is een aspect te weten van
hoeveel gevallen de politie kennis heeft. Ook de NMBS doet zelf een aantal
registraties en moet volgens mij beschikken over statistisch materiaal van de
gevallen waarvan zij zelf kennis heeft.
Het incident is gesloten. (en de daders lopen vermoedelijk allemaal al vrij rond)
Op 3 december 2012 is het 200 jaar geleden dat Hendrik Conscience werd geboren. Reden genoeg voor een Conscience jaar. Zowat het volledige oeuvre van Conscience is gratis terug te vinden op:
Doet toch een beetje pijn, herinneringen komen boven, tja!
14-12-2010
Zogenaamde Jehovah Getuigen, moderne druïden?
Julius Caesar over de druïden:
Voegt iemand, hetzij privaat persoon of volksstam zich niet naar hun uitspraak, zo wordt hij in de kerkelijke ban gedaan. Hetgeen voor de Galliërs de zwaarste straf is. Die zo van de godsdienst zijn uitgesloten, worden voor goddeloze en misdadige mensen gehouden. Allen gaan hen uit de weg. Allen ontwijken een ontmoeting en een gesprek om niet door hen besmet te worden. Hen wordt, al vragen zij het, geen recht gedaan. Geen eer wordt met hen gedeeld. (De Bello Gallico, vert. Dr. J J. Doesburg).
Toen ik dit las dacht ik ongewild aan de getuigen van jehovah die uitgeslotenen op een identieke wijze bejegenen.
'Dat wat geworden is, dat was er al geweest, en wat zal worden heeft zich al voorgedaan'. (Prediker 3: 15a)
Nu zouden ze De Gaulle een racist noemen en interneren.
"Het is heel goed, dat er gele, zwarte en bruine Fransen zijn. Zij tonen aan, dat Frankrijk openstaat voor alle rassen en dat dit land een universele roeping heeft. Maar wel op voorwaarde, dat zij een kleine minderheid blijven. Zoniet, zal Frankrijk niet Frankrijk blijven. Wij zijn tenslotte voor alles een Europees volk van het blanke ras, met Griekse en Latijnse culturele achtergrond, en we behoren tot de christelijke godsdienst. We moeten mekaar geen verhaaltjes op de mouw spelden. Bent u de moslims al gaan bekijken met hun tulbanden en djellabas ? U ziet toch onmiddellijk dat dat geen Fransen zijn. Zij die de integratie prediken, hebben het brein van een colibri, ook al zijn ze heel geleerd. Probeert u olie en azijn samen te voegen door met de fles te schudden. Na enige ogenblikken scheiden ze zich terug. Arabieren zijn Arabieren en Fransen zijn Fransen. Gelooft u dat de Franse gemeenschap 10 miljoen moslims kan opslorpen, die er morgen 20 miljoen en overmorgen 40 miljoen zullen zijn ? Als we de integratie mochten nastreven en als alle Arabieren en Berbers van Algerië beschouwd zouden worden als Fransen, hoe zouden we kunnen verhinderen dat zij afzakken naar onze steden, waar een hogere levensstandaard bestaat ? Mijn dorp zou niet langer Colombey-les-Deux-Eglises heten, maar Colombey-les-Deux-Mosquées".
15-11-2010
Modern heidendom?
Zoals de eredienst van de Heilige Maagd Maria door moedergodinnen als Isis en Cybele werd beinvloed, zo zijn er ook opmerkelijk genoeg parallellen tussen de leer van Jezus Christus en de cultus van Mithras. Niet alleen de geboortedagen van Christus en van de Perzisch-Romeinse god vallen samen, maar ook geloofspunten als de heropstanding uit de dood na drie dagen en de hemelvaart waren gelijk. De geboortedatum van Christus staat wel niet in de bijbel vermeld, indien hij al ooit bestaan heeft is hij zeker niet geboren op 25 december. Deze datum was dus heidens en is door de latere kerk 'gekerstend'. Dat de Heilige Maagd Maria, door de katholieke kerk ook wel genoemd koningin des hemels of regina caeli is inderdaad ook zo heidens als maar kan. Men kan die regina caeli zelfs terugvinden in het oude testament. "De kinderen rapen hout, de vaders steken vuur aan en de vrouwen kneden deeg om offerkoeken te maken voor de koningin des hemels (Cybele) en zij brengen plengoffers aan andere goden teneinde Mij te krenken". Jeremia 8:18 Het was ook de heidense keirzer Theodosius I (379-395) die samen met zijn medekeizers Valentianus II en Gratianus in 380 in het edict Cunctos Polos (Alle Volkeren) alle niet-trinitaire christenen, zij die de drievuldigheid verwierpen onder wie de arianen (volgelingen van bisschop Arianus), tot ketters veroordeelde. De overige volgelingen van Christus zouden in de toekomst katholieken genoemd worden. Nu nog moeten christelijke kerken die willen toetreden tot de wereldraad van kerken de 'drievuldigheid erkennen. Alhoewel bisschop Arianus gelijk had, in de bijbel vind men geen bewijs voor een drievuldigheid.
03-12-2009
AL'Lat word Allah
De kaäba in Mekka, het islamitisch heiligste der heiligen is een voorbeeld van hoe een Godin-heiligdom ingelijfd werd in een patriarchale ideologie. In het pre-islamitisch Arabië wordt de Drievoudige Godin AI'Lat vereerd door de plaatselijke nomadische volken. De Drievoudige Godin AI'Lat is een oud religieus concept dat wereldwijd voorkomt. Het verwijst naar de drie fasen in het leven van vrouwen (het nog niet menstruerende meisje, de menstruerende volwassen vrouw en de oude, wijze vrouw na de menopauze) die van oudsher geassocieerd werden met de drie fasen van de maan (wassend, vol en afnemend). De Kaäba, de heilige steen in Mekka, is oorspronkelijk het heiligdom van de Godin Ai'Lat. haar drie verschijningsvormen worden verbeeld door de maagd Q're of Qure (de Griekse Hore), het moederlijk aspect door AI'Uzaa (de Griekse Demeter) en AI'Menat is de wijze oude vrouw die zich het lot van de mensen aantrekt en voorspellingen doet. De Kaäba is een zwarte meteoriet in de vorm van een yoni - waarvan niet bekend is of het die vorm van nature of aan mensenhanden te danken heeft. (Meteorieten zijn in vele culturen als hemelse gaven vereerd). Zeven priesteressen dienden de Godin AI'Lat door naakt zeven keer rond de heilige zwarte steen te dansen, voor elke oude planeet een ronde. (Nog steeds maken de bedevaartgangers blootvoets zeven rituele omgangen rond de heilige steen. Ook in het boedhisme is er een dergelijk ritueel). De Godin werd aanbeden als Moeder Aarde. Levenschenkster en helpster van vrouwen in barensweeën. Deze heilige plaats trok al duizenden jaren lang vele pelgrims, zowel van het Arabische schiereiland als uit nabijgelegen streken. Abraham (1900 vct) kwam hier met Sara die kinderloos was en hij sliep er met Hagar, zijn jonge Egyptische slavin, die zijn eertse zoon zou baren. (Dit hat hij beter niet gedaan, het zou de wereld veel leed bespaard hebben). In de zesde eeuw bereikte 'de mannelijke revolutie in de vorm van het jodendom en christendom' de nomadische stammen van de Arabische woestijn. Mohammed (570 nct) was een telg van de Quraysh-stam, die belast was met de bewaking van de Kaäba. Als wees groeit hij op bij kamelenhoeders, komt in dienst van een rijke vrouw, trouwt haar en wordt een succesvolle handelaar. Rond zijn veertigste hoort hij stemmen en begint de mannelijke hegemonie over vrouwen en de natuur te verkondigen en te preken over de Heetr (Allah). Hij wordt verbannen door zijn mensen en verlaat noodgedwongen Mekka. In Medina heeft hij wel succes en met een leger volgelingen keert hij terug naar Mekka om de stad te veroveren. 'Alhoewel het verhaal zegt dat Mohammed, de profeet van de Islam, alle idolen had verwoest toen hij de heilige stad Mekka overwon, had hij blijkbaar niet de grote Zwarte Steen uit de hemel durven aanraken; hij hervormde de Yoni van de Godin AL'Lat eenvoudigweg in de hand van Allah.' (Zoals trouwens ook het Christendom veel heidense gebruiken 'gekerstend' heeft). Nu hij als profeet zijn leiderschap heeft bewezen, verandert hij de goddelijke naam AI'lat in Allah, de mannelijke grammaticale vorm van AI'Lat, en de drie manifestaties van AL'Lat zijn in de islamitische traditie Allah's dochters geworden..
30-07-2009
'Ziener' of 'racist'?
Op 5 maart 1959 sprak generaal Charles de Gaulle merkwaardige woorden. Ze zijn opgetekend door de Franse politicus, oud-minister en auteur Alain Peyrefitte "Het is heel goed, dat er gele, zwarte en bruine Fransen zijn. Zij tonen aan, dat Frankrijk openstaat voor alle rassen en dat dit land een universele roeping heeft. Maar wel op voorwaarde, dat zij een kleine minderheid blijven. Zoniet, zal Frankrijk niet Frankrijk blijven. Wij zijn tenslotte voor alles een Europees volk van het blanke ras, met Griekse en Latijnse culturele achtergrond, en we behoren tot de christelijke godsdienst. We moeten mekaar geen verhaaltjes op de mouw spelden. Bent u de moslims al gaan bekijken met hun tulbanden en djellabas ? U ziet toch onmiddellijk dat dat geen Fransen zijn. Zij die de integratieprediken, hebben het brein van een colibri, ook al zijn ze heel geleerd. Probeert u olie en azijn samen te voegen door met de fles te schudden. Na enige ogenblikken scheiden ze zich terug. Arabieren zijn Arabieren en Fransen zijn Fransen. Gelooft u dat de Franse gemeenschap 10 miljoen moslims kan opslorpen, die er morgen 20 miljoen en overmorgen 40 miljoen zullen zijn ? Als we de integratie mochten nastreven en als alle Arabieren en Berbers van Algerië beschouwd zouden worden als Fransen, hoe zouden we kunnen verhinderen dat zij afzakken naar onze steden, waar een hogere levensstandaard bestaat ? Mijn dorp zou niet langer Colombey-les-Deux-Eglises heten, maar Colombey-les-Deux-Mosquées".
Charles de Gaulle was trouwens een Frans-Vlaming, geboren te Rijsel op 22 november 1890.
« C'est très bien qu'il y ait des Français jaunes, des Français noirs, des Français bruns. Ils montrent que la France est ouverte à toutes les races et qu'elle a une vocation universelle. Mais à condition qu'ils restent une petite minorité. Sinon, la France ne serait plus la France . Nous sommes quand même avant tout un peuple européen de race blanche, de culture grecque et latine et de religion chrétienne. Qu'on ne se raconte pas d'histoire ! Les musulmans, vous êtes allés les voir ? Vous les avez regardés avec leurs turbans et leurs djellabas ? Vous voyez bien que ce ne sont pas des Français. Ceux qui prônent l'intégration ont une cervelle de colibri, même s'ils sont très savants. Essayez d'intégrer de l'huile et du vinaigre. Agitez la bouteille. Au bout d'un moment, ils se sépareront de nouveau. Les Arabes sont des Arabes, les Français sont des Français. Vous croyez que le corps français peut absorber dix millions de musulmans, qui demain seront vingt millions et après-demain quarante ? Si nous faisions l'intégration, si tous les Arabes et les Berbères d'Algérie étaient considérés comme Français, comment les empêcherez-vous de venir s'installer en métropole, alors que le niveau de vie y est tellement plus élevé ? Mon village ne s'appellerait plus Colombey-les-Deux-Eglises, mais Colombey-les-Deux-Mosquées.
CHARLES DE GAULLE
Tags:France,colibri,Rijsel,Lille, De Gaulle,Arabes,Français,France,integratie,Europees
06-04-2007
De La Rey
Op 'n berg in die nag
Lê ons in donker en wag
In die modder en bloed
Lê ek koud
Streepsak en reën kleef teen my
En my huis en my plaas
Tot kole verbrand
Sodat hulle ons kan vang
Maar daai vlamme en vuur
Brand nou diep
Diep binne my
REFREIN:
De la Rey De la Rey
Sal jy die Boere kom lei
De la Rey De la Rey
Generaal, Generaal
Soos een man sal ons om jou val
Generaal De la Rey
Hoor die kakkies wat lag
'n Handjie van ons
Teen 'n hele grootmag
En kranse lê hier in ons rug
Hulle dink dis verby
Maar die hart van 'n Boer
Lê dieper en wyer
Hulle gaan dit nog sien
Op 'n perd kom hy aan
Die leeu van die Wes-Transvaal
REFREIN
Want my vrou en my kind
Lê in 'n kamp en vergaan
Maar die kakkies se murg
Loop oor 'n nasie wat weer op sal staan
REFREIN
Laatste refrein
De la Rey De la Rey
Sal jy die Boere kom haal
Kakkies = Engelse kolonisten, trouwens ook de 'uitvinders' van de concentratiekampen.
15-03-2007
Inleiding
NEDERLAND BELGIË VLAANDEREN
OMNI BELGICA LIBERTAS AURO PRETlOSlOR (DE NEDERLANDSE VRIJHEID IS KOSTBAARDER DAN ALLE
Deze website bevat heel wat historische informatie! De teksten mogen gekopieerd, afgedrukt en gepubliceerd worden zonder vermelding van de naam van de auteur. Het onderwerp is: België, Vlaanderen, Nederland,Frankrijk. *
BELGIUM
De "Belgen" zijn trots op hun afstamming. Hun cultureel symbool, dat zij vergelijken met zulke symbolen als Athena, Olympos,EROS,APOLLO.. Dat is het bevallige Oud Vlaamse Manneken Pis, Then strange enough, all Belgian culture is Flemish. Belgica wil U de culturele grootheid van dit machtige koninkrijk niet onthouden. Lees verder; Gij die de Belgische Taal machtig zijt.
ALEX in het jaar 1939 als dienstplichtige in het Belgische leger 8st Linie regiment.. Eerste regiment waar het Nederlands (door Franstalige officieren)als bevelstaal gebruikt zou worden...109 jaar na het onstaan van het verfranste België! De Vlaamse soldaat kreeg voor het eerst in 1939 wat men vandaag mensenrechten zou heten. *
Selecteer tekst, kopieer, opslaan in tekstbestand,druk af in zwart-wit, and Read 'at yourease', later! .
En nu de Wereld kleiner wordt krimpt dit landje in het ridicule tot een puntje op de aarde, is alle Belgicisme idioot. Laat U niet verfransen word werelburger.
(DE NEDERLANDSE VRIJHEID IS KOSTBAARDER DAN ALLE GOUD).
OMNI BELGICA LIBERTAS AURO PRETlOSlOR
(DE VlAAMSE VRIJHEID IS KOSTBAARDER DAN ALLE GOUD).
14-03-2007
Frankrijk
PROGRESSIEVE GESCHIEDENIS van BELGIUM
Frankrijk
-
België is Vanuit...Parijs gezien.. Historisch Frans gebied. (Napoleon bezoekt de haven van Antwerpen)
Wij Vlamingen onderschatten onze tegenstrevers. Wij dachten dat met de taalwetten en het Egmontpakt en de Sint Elooi akkoorden er taal en cultuurvrede zou zijn,maar Franstaligen rusten niet. Om dit te begrijpen geven wij hier enkele onweerlegbare historisch gegroeide feiten weer. De zuidelijke Nederlanden, La Belgiqe, (van Belgica Nederland) zoals de Fransen het noemden, waren een internationaal erkend deel van Frankrijk geworden. Dit feit wordt verdoezeld in de 'Belgische' geschiedenis voor zo ver deze nog aangeleerd wordt. Maar is belangrijk om het streven van de Franstaligen te begrijpen. Kan Belgique niet heraangehecht worden aan Frankrijk dan moet er hier een klein Frans vaderland geschapen worden waar de Franstalige zich thuis voelen. Allen werken zij daarom er aan mede om het Nederlands zo veel mogelijk uit hun omgeving te weren en te doen verdwijnen. * Vandaag beweren zij zelfs dat zij door de Vlamingen onderdrukt worden ondanks het feit dat men overal in Vlaanderen in het Frans geholpen wordt. Kijken wij even in het verleden.
Napoleon had in 1797 de Oostenrijkers bloedig verslagen en maakte misbruik van zijn militaire macht om La Belgique (zoals de Fransen de Zuidelijke Nederlanden onder Oostenrijks bestuur noemden) dat door de Fransen bezet was als deel van Frankrijk internationaal te doen erkennen. Op de eerste wapenstilstand te Loeben dwong hij de Keizer van Oostenrijk dit te aanvaarden maar gaf hem later compensaties om de afstand van la Belgique te bevestigen. 19 avril 1797 Bonaparte, les accords de Loeben. L'empereur d'Autriche abandonne La Belgique a la France!- Later met de vrede van Campoformo op 17 okt. 1797 stond Oostenrijk officieel Belgique en de Illyrische provincie af aan Frankrijk in ruil voor het bezit van Venetië, wat een brutaal einde maakte aan de historische vrijheid van deze Venitiaanse republiek. Dit alles werd nog eens uitvoerig bepaald op het Congres van Rastatt in december 1797!
Later op terugtocht naar Frankrijk trachtte Napoléon een vrede te sluiten met het congres van de coalitie en zijn Aide de Camp Comte de Ségur schrijft in zijn mémoires "La Campagne de France" o.a.: "Bien plus, notre fuite, au travers de Lunéville, avait rencontré et entraîné le duc de Vicence avec eIle; rien n'était plus significatif. Ce ministre des affaires étrangères, comme celui de Louis XIV, y était venu pour demander la paix aux Alliés, jusque dans leur quartier général. On le sait, ce ne fût qu'après quatorze jours d'attente qu'il reçut ses passeports, et non pour Mannheim, mais pour Chatillon, et seulement quand le ministre des affaires étrangères anglais, Castlereagh, venu lui-même, eut décidé les Alliés a nous imposer la perte de la Belgique, c'est a dire la chute de l’ Empire."Verder, terwijl de onderhandelingen voortgezet werden viel Châtillon opnieuw in de handen van Napoleon. "Châtillon, séjour de ce Congres", schrijft Cormte de Ségur, " ou dominait l'Angleterre! C'était la qu'on prétendait arracher a Napoléon Anvers, La Belgique..."
Alhoewel de militaire positie van Napoleon, wat hij wel besefte, uiterst wankel was, weigerde hij deze verminking van Frankrijk te aanvaarden. Uiteindelijk moest hij abdiceren omdat hij de "frontières légitimes de la France" wou bewaren. "Que jamais il n'abandonnerait volontairement a l'ennemi des Français qui s'étaient dévoués a sa cause!". De erfelijke vorsten van de Oostenrijkse Nederlanden hadden hem immers La Belgique (het deel dat overbleef na de herhaalde annexaties van het gebied door de Koningen van Frankrijk), wettelijk aan het Franse Rijk van Napoléon afgestaan. Na de nederlaag van Napoléon de verbanning van Napoleon naar het eiland Elba en zijn ontsnapping en terugkeer, stelde Napoléon een nieuwe vrede in het vooruitzicht maar deze werd afgewezen omdat Napoleon België blijvend als een deel van Frankrijk beschouwde en de geallieerden dit gebied niet aan Frankrijk wilden teruggeven. Om België te behouden streed Napoléon, wat de aanleiding was voor zijn val te Waterloo. Want wat te Waterloo gebeurde was een veldslag om het heroveren van Belgique. Niets minder en niets meer... Engeland en Pruisen wilden Frankrijk beletten dit gebied ooit nog onder controle te krijgen.
De betekenis van dit gebeuren is geschiedkundig zeer belangrijk. Voortaan zouden de Fransen België beschouwen als een verloren Frans gebied! Vanuit Frans politiek standpunt bezien is de verfransing van België niets anders dan het terugwinnen van Frans territorium.
De Oostenrijkse Nederlanden waren in Europa een unicum van 200 jaar Contrareformatief Katholicisme geweest dat van het gewone volk een meerderheid van analfabeten gemaakt had. Slechts 3% van de bevolking bezocht de schaarse scholen Godsdienst en Frans.Erger, volgens brieven waarin reizigers in die tijd beschreven wat zij hier gezien hadden, was het een soort toeristische attractie geworden. Vooral Engelsen bezochten dit landje om de Katholieke erediensten, gebruiken en processies te bekijken. Voor protestanten was het een bezoek aan het rijk van occulte tovenarij en bijgeloof. Vooral de overdadige stijlloze kerkintérieurs met houten panelen beschilderd als marmer en de vergulden versieringen die meer aan een salon dan een Christelijke bidplaats deden denken, wekte hun lachlust op. Twintig jaar Franse bezetting, die in het begin schoon schip maakten met de eeuwenoude achterlijke tradities, kon dan ook gemakkelijk de elite totaal verfransen en onder voogdij van Franse intellectuelen stellen. Na 1814 was voor deze Franstalige intellectuelen de door Willem I opgelegde taalpolitiek, die het Nederlands als nationale taal bevestigde, een teken van misprijzen van de Franse taal. In 1900 schreef een Belgisch Generaal als argument voor de scheiding: 'de Hollanders verachtte onze taal‘. lIs méprisent notre langue. Hij bedoelde het Frans natuurlijk. Maar zijn boekje werd gewoon vertaald in het Vlaams voor gebruik in de Belgische Vaderlandse geschiedenisles voor Vlaamse kinderen en dat nog na de eerste wereldoorlog te Aalst b.v. Die Vlaamse kinderen leerden dan dat de Hollanders hun Vlaamse taal verachtten .Het geeft een voorbeeld van het intellectueel peil van de Belgische onderwijzer in 'Vlaamse' Katholieke, er waren geen andere, scholen van die tijd. Men hield inderdaad geen rekening met de meerderheid van de bevolking. Het waren immers slechts arbeiders en boeren! Voor de katholieke kerk waren België en het koningshuis heilig.
1830 was een revolutiejaar. De Grieken hadden in een opstand tegen de Turken hun nieuwe onafhankelijkheid verkregen. Pruisen en Rusland moesten een opstand in Polen dempen. Te Parijs waren er rellen van sociale aard. Ook te Brussel begon het volk te morren. Maar een gewapend conflict om België was voor de geallieerden onmogelijk op dit tijdstip, zo... Engeland zorgde voor de diplomatie. Hun afgezant kwam naar Leuven. Er werd een compromis uitgewerkt voor de Brusselse troebelen in zuidelijk België. Geen aansluiting bij Frankrijk, dan maar een nieuwe staat. Bij de oprichting van België werd er dan ook absoluut geen rekening gehouden met het feit dat de meerderheid van het volk Nederlandstalig was Alle Nederlandse cultuur was monddood gemaakt. Alleen een echte democratie had dit kunnen voorkomen maar, ondanks dat het Nieuwe België een grondwet in het Frans gesteld aannam dat voor alle Europese potentaten een gruwel scheen van Frans republicanisme, was de macht in de nieuwe staat volledig in handen van radicale Franstalige elite die een ondemocratische verfransing politiek inzette dat het cultuurloos gemaakte onmondige volk overspoelde. De definitieve grens tussen het Franse Keizerrijk en Holland vastgelegd in 1802. In 1802 had Napoleon, na zijn terugkeer uit Egypte in 1801, de vrede van Amiens gesloten tussen Engeland, Frankrijk en de Bataafse Republiek (die door de Fransen overheerst werd). De grens tussen Frankrijk en Holland werd vast gesteld als een grens die voor Frankrijk de scheldermonding omvatte en een gebied dat zich over Breda langs Maastricht tot aan Venlo uitsterkte. Het is precies deze Frans-Hollandse grens die de ‘Belgische’ rebellen eiste de grens van België met Holland zou worden. Daaruit blijkt dat het de bedoeling was het oude Franse gebied te herstellen. Engeland verijdelde die plannen.
Dat La Belgique deel van het Franse vaderland uitmaakte was zo diep in het geheugen van het Franse volk geprent, dat toen in 1848 een nieuwe revolutie ontstond, de revolutionairen, juist zoals de sansculotten gedaan hadden, een inval in het België van Leopold Ondernamen. Eerst beproefden ze te Quiévrain dan te Risquons- Tout (Moeskroen) waar ze op 29 maart 1848 teruggedrongen werden. Onder hen waren heel wat lieden die vanuit België naar Frankrijk uitgeweken waren en nu terug kwamen om een volksopstand uit te lokken maar zij waren te zwak om te slagen
Als commentaar op die gebeurtenissen schreef de Belgische ambassadeur te Londen, Sylvain van de Weyer, (lid van het vroeger Voorlopig Bewind), 'Tous ces hommes (en hij bedoelde hiermede Talleyrand, Sébastiani, Molé, Lamartine) -nous les avons vue a I'œuvre -n'ont eu et n'auront jamais qu'une pensée, c'est de reconquérir la Belgique en tout ou en partie, et de faire naître les occasions d'attendre ce but'. (Alle deze mannen hebben, ik heb ze aan het werk gezien, hebben slechts één doel, België geheel of gedeeltelijk te heroveren. En de mogelijkheden daartoe te organiseren.)
Napoleon III (neef van Napoléon I) Die overal trachtte de volksopstand uit te lokken en daarna naar de absolute macht greep, verklaarde openlijk dat het zijn politiek doel was het België van Leopold 1 aan zijn rijk toe te voegen. Merkwaardig dat hij voor zijn plannen de instemming van Pruisen bekwam. In de pogingen van de Keizer om de macht en het prestige van Frankrijk te versterken en zijn staatskunde van de 'natuurlijke grenzen' in de richting van de Rijn te verwezenlijken nam België een belangrijke plaats in: de herovering van België zou Frankrijk immers tot aan de Duitse grens brengen. Napoleon noch zijn gemalin, Keizerin Eugénie, maakte er een geheim van dat hun aandacht op de verwerving van België gericht was; zo hoopten zij bij de dood van Koning Leopold dat onlusten in België de opvolging door kroonprins Leopold ( de latere Leopold II) zouden verhinderen. Zo was zij ervan overtuigd dat de Belgen de aanhechting bij Frankrijk verlangden wat hen door de Britse diplomatie in 1830 verhinderd werd. Bij de spanningen tussen Oostenrijk en Pruisen trachtte Napoléon III. als tegenprestatie voor de Franse neutraliteit. bepaalde gebieden te verkrijgen, waaronder België. . Zo werd door de Franse ambassadeur te Berlijn Bendetti een voorstel overhandigd, dat de verovering van België uitstippelde, met instemming van Pruisen. Een op diplomatiek vlak mislukte poging om Luxemburg te verwerven, ontredderde de plannen van Napoléon. Napoléon III zou uiteindelijk in 1870 in een Oorlog met het Duitsland van Bismarck verwikkeld geraken en krijgsgevangenen genomen worden. Een beschamende vernedering voor een keizer.
Het Duitse leger veroverde Parijs. De Koning van Pruisen werd in de Spiegelzaal van het paleis te Versailles tot Keizer van Duitsland verheven. In de straten van Parijs fusilleerde het Franse leger honderden Parijzenaars die in opstand tegen het gezag de volkswijken tot de "Commune" uitgeroepen hadden en burgers, vertegenwoordigers van het gezag hadden vermoord. Belgica
Inderdaad zou L'Empereur Napoleon III met het sterke Franse leger Belgie weer hebben kunnen toevoegen aan het Franse Rijk. Maar op dat ogenblik regeerde er een Vorst van Saksen Coburg. Het huis van Saksen Coburg regeerde in Engeland, Belgie, Portugal en Bulgarije en had bloedverwantschap met de Koning van Pruisen en de Russische Tsarina. Het is juist daarom, het belang van het Huis Coburg, dat Belgie onafhankelijk van Frankrijk moest blijven en Leopold I die de militaire hulp van 90.000 Franse soldaten van zijn schoonvader,de Franse Koning Louis-Philippe, ingeroepen had moest nu zijn Kroon verdedigen tegen de Fransen.
Een groot deel van de Fransprekende Belgen waren voor de aanhechting bij Frankrijk.
Maar ondanks het feit dat Frankrijk nu als een gevaar voor Belgie_Saksen_Coburg gezien werd ging de verfransing van Vlaanderen en het zuiver Vlaamse Brussel ongehinderd verder.
En vandaag is dat nog zo.
Uit de krant:: “een ongewenste Leo Belgicus te Waterloo.” (Le Lion Belgique.)
Op 5 november 1826 rapporteerde het ‘Journal de Bruxelles’ dat er te Waterloo een reusachtige Leeuw op het slagveld te Waterloo was opgericht. * (Deze Leeuw zou uit het brons van buit gemaakte Franse kanonnen gegoten worden om de overwinning op de troepen van Napoleon te herdenken en was dreigend naar FRANKRIJK gericht!) * De toevloed van familieleden van oud soldaten en gesneuvelden, vooral Engelsen, was enorm en de boeren van de omliggende hoeven deden onverwacht gouden zaken. * In 1831, toen de conferentie van ongunstig oordeelde over de beslissingen van het voorlopig bewind in het kersverse België, dreigden fransgezinde heethoofden ermee het monument van Waterloo neer te halen. De extreem fransgezinde Alexandre Gendebien, de hoofdrolspeler in de Belgische politieke komedie, riep dat de Leeuw van Waterloo afschuwelijk was. “het nageslacht (sic) kan er alleen maar bij winnen wanneer het verdwijnt”. * Fransgezinden trachtten de Hollandse Leeuw van zijn voetstuk te halen maar gingen op de vuist met twee- driehonderd boeren die ‘hun’ broodwinning kwamen verdedigen. * Toen het Belgisch leger in 1832 hulp kreeg van het Franse leger bij het verjagen van de Hollanders,zag Gendebien de kans schoon om een wetsontwerp in te dienen waarvan artikel 2 bepaalde: ‘De Leeuw van Waterloo zal gebruikt worden om er bommen en granaten van te maken ter vrijwaring van onze beide volkeren (wij en de Fransen). * Het wetsontwerp werd niet goedgekeurd maar er bleven mensen vragen om de Leeuw neer te halen, dat symbool van de Hollandse onderdrukking! (sic) * In Vlaamse kringen waar de vrees voor het Franse expansionisme zeer groot was ging men in de Leeuw een symbool van verzet tegen Frankrijk gaan zien. Bij de vijftigste en de vijfenzeventigste verjaardag van de slag om Waterloo, zong men aan de voet van het monument ‘Die Wacht am Rhein’ - ‘Wien Neerlandsch bloed’ - ‘God save the King’ en...’De Vlaemsche Leeuw’. Maar geen ‘Marseillaise’! * De Leeuw had intussen ook tot de Waalse verbeelding gesproken, uiteraard in tegenovergestelde richting. Daar was immers de Napoleonistische mythe gegroeid en de afkeer voor het ‘Hollands’ monument dat maar moest weggehaald of ten minstens omgedraaid, niet meer zo uitdagend starend naar Parijs, veranderd in een symbool. * Er werd in 1928 voor het eerst een Francofone bedevaart naar Waterloo georganiseerd, die ook na w.0.1, met steeds minder succes, plaats had. * Zo dichtte in 1840 nog Prudens van Duysse: die, zoals alle Vlaamse intelectuelen, tegen de scheiding van 1830 was geweest zijn ‘Waterloosche Leeuw ‘: Daar staat hij nog, spijt Franse, - spijt die verfranste slaven - voor deze zon verzinkend in hun macht - daar staat hij nog, - ter wraak der heilge graven - van ‘t heldenvolk, - groot als ons voorgeslacht - op ‘t hoog gebergt.. , en verder, : rijs, dierenvorst, - met ogen naar het Zuiden - dat gij verplette in d’onvergeetbren strijd, - wie vaderland wil maken tot een weeuw, - gevoele uw klauw; - en stijg dan weer ten kimme, o Waterloosche Leeuw! (Le Lion Belgique.)(De Hollandse Leeuw) "Vlaamse Toeristen Bond" "V.T.B"
13-03-2007
Leopold.
NEDERLAND BELGIË VLAANDEREN Saxen Coburg
2-Leopold
1. Een vergeten huwelijk
Het Rampjaar 1830. Léopold I en Karoline Bauer Een vergeten huwelijk.
De eerste "koning der Belgen": weduwnaar van de Engelse troonopvolgster. Was Charlotte niet gestorven, hij zou ongetwijfeld als prins-gemaal van de Britse heerseres een belangrijke politieke rol gespeeld hebben.
Leopold I, echtgenoot van de Franse prinses Louise-Marie van Orléans: een politiek huwelijk. Maar een ander huwelijk van Leopold van Saksen Coburg wordt blijkbaar vergeten; zijn kortstondige echtverbintenis met de jonge Duitse toneelspeelster Karoline Bauer. Een morganatisch huwelijk, waarop mijn aandacht gevestigd werd door een artikel van J.B. (Jan Brans) in de "Standaard" van 13 januari 1966. Ook Theo Aronson schreef erover in zijn boek "De Coburgs van België". Het is een merkwaardig verhaal, waardoor men de mens in koning Leopold I beter leert kennen. Voor dit artikel gebruikten wij vooral de mémoires van Karoline Bauer zelf: "Aus meinem Bühnenleben", (Kiepenheuer Verlag, Weimar 1917).
In september 1828 was de jonge actrice Karoline Bauer opgetogen toen zij vernam dat een goedbekende van haar moeder: prins Leopold van Saksen-Koburg, te Potsdam aangekomen was en een voorstelling zou bijwonen. Leopold, weduwnaar, was toen 38 jaar; Karoline was er 21. Zij zag inderdaad de prins, eerst door het zogenaamde leeuwenoog in het gordijn voor de scène. Zij was onder de indruk; hij was groot en slank en droeg een fraaie rode (Britse) uniform. Zijn bleek gelaat scheen haar edel toe. Hij had kort zwart haar en grote, donkere, melancholische ogen. Zijn gelaat was veeleer interessant dan schoon. Wat haar ook trof, terwijl zij hem bekeek _ hij zittend op de eerste rij neven de koning van Pruisen: et vermoeide in zijn houding en blik.
DE PRINS OP BEZOEK. Leopold zag die avond Karoline in een betoverend dansnummer. De volgende morgen liet hij vragen of hij de "Frau Rittmeisterin" (Karolines moeder, weduwe) en haar dochter een bezoek mocht brengen . Dat mocht. De prins kwam, niet in een hofkoets maar in een gewone huurkoets. Blijkbaar wilde, de méér dan voorzichtige, zich niet compromitteren door een bezoek aan een toneelspeelster! Bij dit laatste bezoek maakte hij op Karoline niet dezelfde overweldigende indruk als de avond tevoren. Hij droeg nu niet meer het schitterende uniform maar een, van onder tot boven, toegeknoopte lange zwarte overjas. Zij zag nu dat hij een pruik droeg. Goed gemaakt, maar toch een pruik. De bleke vermoeide man deed haar veeleer denken aan een vijftigjarige pedante kamergeleerde dan aan een levenslustig prins van 38 jaar. Maar hij lachte bemoedigend. En zijn grote, melancholische ogen "boeiden" de jonge vrouw.
"ARME ZWAARBEPROEFDE MAN" Na een hoffelijk en vriendelijk gesprek met de moeder en dochter samen, vroeg Leopold of hij Karoline alléén mocht spreken. Dat mocht. Moeder kon het gesprek volgen, want de deur tussen de twee kamers bleef open. De prins ondervroeg Karoline over haar loopbaan, inkomsten en vooruitzichten. Tenslotte vroeg hij haar of zij bereid zou zijn om te trouwen met een eenzame, vermoeide, zwaarbeproefde man die dikwijls benijd werd maar even dikwijls ongelukkig was. Wat ‘n belevenis voor beide vrouwen! De moeder van Karoline meende dat haar dochter slechts bij zichzelf en bij haar oom; Kristiaan Frederick Stockmar, de vertrouwensman van de prins, kon te rade gaan. De prins, zei Stockmar, wenste stil, huiselijk huwelijksgeluk. Hij had na de dood van zijn vrouw menig liefdesavontuur gekend om zich te amuseren, niet om zich te binden. Dat was zeer nadelig voor lichaam en ziel. Schone, voorname dames hadden hun netten gespannen voor hem maar dat had tot niets geleid. Karoline moest ook weten dat prins Leopold niet rijk was maar zeer zuinig. Nù scheen hij, volgens zijn vertrouwensman, ernstig verliefd te zijn. Saksen Coburg
HUWELIJK MET DE LINKERHAND. Indien Karoline erin toestemde met hem te trouwen, zou het een zogezegd huwelijk met de linkerhand zijn, een morganatisch huwelijk Men zou in alle stilte trouwen. Karoline zou de titel van gravin Montgomery krijgen, maar ook dàt in alle stilte. Het huwelijk mocht niet bekend worden, want dan zou Leopold het jaargeld verliezen dat hij in Engeland genoot als weduwnaar van de troonopvolgster, en eveneens de positie die hij daar innam. Overigens - Stockmar was eerlijk - reeds sedert drie jaar werd Leopold de kroon van Griekenland in het vooruitzicht gesteld. De onderhandelingen daarover waren hervat. Indien Leopold koning van Griekenland werd, zou hij onmogelijk een morganatische echtgenote kunne meenemen. De politiek zou dan de wet stellen en gebieden dat Leopold een echte koningin zou meebrengen voor de Grieken. In dat geval zou het geheime huwelijk tussen Karoline en de prins in alle stilte ontbonden worden. Immers: enkel voor God en de naaste verwanten zou Karoline, indien zij in het huwelijk instemde, de gade van Leopold zijn. Indien het huwelijk met kinderen gezegend werd (hetgeen Stockmar niet hoopte), zouden die de graventitel van hun moeder erven en financieel behoorlijk verzorgd worden. Zoals er ook voor Karoline financieel zou gezorgd worden indien haar echtverbintenis met de prins na kortere of langere tijd ontbonden werd. Wat kon Stockmar dus beloven? Voor Karoline levenslang verzekerd, financieel zorgeloos bestaan, maar ook niets meer! Want, waarschuwde hij, Leopold is onstandvastig in de liefde. Wat dan? De volgende dag hadden Karoline en haar moeder een geheime ontmoeting met prins Leopold in een landhuis in de omgeving van Coburg. De prins was vriendelijk, ja hartelijk. Karoline vond hem jeugdiger en frisser, meer onbevangen en ongedwongen. Hij omarmde en kuste haar en verklaarde zijn liefde.
LACHEN EN WENEN.
Karoline aarzelde nochtans om met Leopold te trouwen, gezien de mogelijkheid dat hij koning van Griekenland zou worden. Haar moeder drong er echter op aan dat zij hem toch zou huwen. Den eens: een financieel onbezorgde toekomst, in ieder geval! Dezelfde avond nog schreef Karoline een ontslagbrief aan de directeur van het theater waaraan zij verbonden was. Zij moest op reis en optreden als gast in verschillende vreemde steden schreef zij. Het ontslag werd geweigerd, maar haar moeder wist een invloedrijke vriend ertoe te brengen de zaak voor te leggen aan de koning van Pruisen. De vorst bemoeide zich ermee en de actrice bekwam haar ontslag de 14de mei 1829. Zij lachte en weende. Behalve een drietal mensen, waaronder de koning van Pruisen, wist niemand dat zij naar Engeland reisde en met welke plannen.
PRACHTIGE GOUDEN KOOI. Stockmar had voor geld gezorgd en de twee vrouwen reisden naar Engeland. Zij werden zeer mooi en comfortabel gehuisvest in een cottage in Regent Park op veertien mijlen van Londen. Het was er fraai en aangenaam maar Karoline voelde zich als in een gouden kooi. Zij en haar moeder beseften dat zij zich dat zij geheel op de genade en ongenade in de handen van Leopold waren. De eerste dag kwam Kristiaan Stockmar op bezoek. Zijn meester liet de dames groeten en welkom heten, zie hij. Hij was hen niet komen begroeten bij hun aankomst omdat hij door mondaine verplichtingen weerhouden was: een diner bij de hoogste adel. Karoline was zeer ontgoocheld en boos en verborg dat niet. De prins had haar en haar moeder in Kales en Londen toch een eenvoudig welkomswoord kunnen zenden? Stockmar antwoordde dat de prins zeer voorzichtig was; Eérst komt de politiek en dan de liefde. Karoline's moeder zei: had je in Koburg zo gesproken dan zouden wij hier nu niet zitten! Tegen zeven uur ‘s avonds kwam Leopold per rijtuig op bezoek. Hij was zò aangekleed en hoog dichtgeknoopt dat hij als het ware vermomd leek. De begroeting was niet hartelijk. Karoline meende in hem "een dor hart" te voelen. Zij verweet hem dat zij alles op het spel gezet had, ook haar kunstenaars loopbaan, en dat hij nu zo koel was. Zij wilde de volgende dag terugkeren naar Duitsland! Leopold werd teder. Karoline weende, en na deze eerste "storm" waren zij opnieuw verzoend.
WANTROUWEND EN PEDANT. Bij Karoline bleef nochtans de ontgoocheling bestaan. Zij leerde nu een wantrouwende, onvoorzichtige en pedante Leopold kennen. Ook haar oom Stockmar scheen veranderd. Hij was zenuwachtig, ontstemd, ontevreden over zichzelf en over Leopold en Karoline. Evenals in de laatste meidagen kwam Leopold in juni dagelijks op bezoek in de cottage. Twee plechtige, voor Karoline vervelende uren. Zij speelde piano, zong, las voor uit romans. En de prins van Saksen-Koburg, ex-gemaal, Britse veldmaarschalk, Griekse kroonpretendent, drizzelde! Aronson beschrijft op bladzijde 20 dat spel als: "het verpulveren van goud en zilverdraad, van kwasten, epauletten en Brandebourgs"! Zo gingen in juni dagelijks uren voorbij, en verder gebeurde er niets. Door haar moeder werd Karoline tot geduld aangespoord. Tenslotte stelde Stockmar de prins een ultimatum. trouw met haar of wij gaan terug! De volgende dag was Leopold daar, als het ware geheel veranderd. Niet meer lethargisch afwachtend; diplomatisch. Hij sprak opnieuw over liefde zoals in Berlijn en bij de ontmoeting nabij Koburg. Hij vergat zijn pedantisme en (één dag!) het drizzelen. Karoline vond hem opnieuw beminnelijk en was ervan overtuigd dat hij haar beminde.
HUWELIJK. De 2de juli 1829 trouwde prins Leopold in de cottage met Karoline Bauer, in een heel eenvoudige plechtigheid - eigenlijk in’t geheel géén plechtigheid. Stockmar had een huwelijkscontract geschreven, waardoor Karoline de titel "gravin Montgomery" kreeg en een bescheiden jaargeld. En zo was Karoline dan getrouwd met Leopold, verbonden niet door een sacrament, zoals bij de katholieken, maar door een huwelijksverdrag dat "een natuurlijke, door God gewilde verbinding" bekrachtigt.
WITTEBROODSWEKEN. Leopold was de eerste weken stralend, levendig en fris, gelukkig. Niet meer pedant. Hij drizzelde niet meer. Integendeel, hij zong duetten met Karoline en speelde biljart met haar. Zelfs wandelde hij bij avondschemering met haar in het park dat de cottage omgaf. Maar na de maand juli reisde Leopold naar Karlsbad, voor een kuur. Karoline reisde als gravin Montgomery met haar moeder naar Parijs. Half november kwam ook Leopold naar Parijs. Hij verbleef in een ander hotel (geheim huwelijk) en bracht dagelijks een kort bezoek aan zijn vrouw. Begin december vertrok Leopold met Stockmar naar Engeland, en Karoline...bleef alleen achter in Parijs, waar zij met haar moeder zeer droevige kerstdagen doorbracht. Plots kwal er een "bevel" om naar Engeland terug te keren. Maar nooit in haar leven beleefde zij een zo droevige oudejaarsavond als die 31ste december 1829 in de cottage met haar moeder, terwijl haar man in Londen was.
GROOTVADERLIJKE BEGROETING. Op nieuwjaarsdag 1830 kwam Leopold te vier uur ‘s namiddags op bezoek, ingeduffeld zoals een grootvader. Grootvaderlijk ook waren begroeting en gesprek. Geen spoor meer van levensfrisheid, liefde, huiselijke warmte. Karoline speelde en zong gedurende een half uur, terwijl Leopold in bontmantel en met bontlaarzen voor het haardvuur zat. Het diner was ongezellig. Tot een écht gesprek kwam het niet. Na het diner las Karoline voor uit een roman en Leopold drizzelde. helemaal "Grootvader" , volgens zijn vrouw in haar mémoires. En toen hij te zeven uur vetrok, leek hij tevreden. Zo vergingen de dagen. Met de ene hand reikte Leopold en Stockmar naar de kroon van Griekenland, met de andere hand hadden zij Karoline naar Engeland gehaald, wetend (aldus de ontgoochelde vrouw) dat zij niet beiden tegelijk konden vasthouden, dat een van beide moest afgestoten worden: de kroon of Léopold’s geheime liefde. Beiden waren diplomaten, met koele diplomaten ogen, volgens Karoline, die zichzelf later beschouwde als speelgoed, gedurende enige uren, voor een zich vervelende pedant.
HET LIED IS UIT. Over de Griekse plannen van Leopold wist Karoline maar weinig. Terwijl zij in Parijs was, waren de besprekingen over de Griekse kroon opnieuw begonnen. In februari 1830 waarborgden Rusland, Frankrijk en Engeland de onafhankelijkheid van Griekenland, onder een christelijke koning. De kroon werd Leopold officieel aangeboden. Karoline was opgetogen toen ook oom Stockmar het haar vertelde. Zij zou opnieuw vrij zijn!...Daarna kwam de weemoed. Zij voelde zich ontgoocheld. Een korte geluksdroom was voorbij. Toch begroette zij haar man hartelijk en ontroerd als de toekomstige koning van Griekenland. En hij...sprak niet over de nakende scheiding, over hun uit-elkaar-gaan. Neen, hij sprak over wat Griekenland voor hem zou betekenen. Einde mei1830 kwam het nieuws dat Leopold toch geen koning van Griekenland zou worden. Karoline zou dus in Engeland blijven. Nu was zij ontgoocheld. Leopold zei haar geen woord als uitleg of verontschuldiging maar deed alsof er niets gebeurd was, en Karoline voelde zich opnieuw vernederd. Omwille van een broer van haar, die in financiële moeilijkheden verkeerde, kwam het tot een scène tussen haar en oom Stockmar, tussen haar en Leopold. En dàn was het uit! Karoline en haar moeder vertrokken naar Duitsland om nooit meer naar Engeland terug te keren.
HUWELIJK ONTBONDEN
In het reeds vermelde artikel van J.B. lezen wij dat in ieder geval werd het morganatisch huwelijk van de prins van Saksen-Koburg met Karoline Bauer - beiden waren evangelisch - in 1831 ontbonden. De ONVERWACHTE kans koning der Belgen te worden dwong de prins tot die stap. Afgezien van andere, politieke, financiële, opportuniteitsredenen, moest hij ook rekening houden met Frankrijk, dat zijn toestemming tot de troonsbestijging van de Saksen-Koburger afhankelijk maakte van zijn verloving met Louise-Marie, de dochter van Louis-Philippe".
De Bruyne
"'t Pallieterke"Louis Philippe had Charlex X in juli 1930 van de troon gestoten en was voorstander tot een terugkeer naar de principes van de Franse Revolutie en het herstel van de grenzen tot aan de Rijn dus het aanhechten van La Belgique. Uiteindelijk konden Pruisen en vooral Rusland dat een opstand in het Polen van 1830 moest onderdrukken niet ingrijpen om de Nederlanden te beschermen vooral omdat Frankrijk en Engeland voorstanders waren van een onafhankelijk Belgie.
De huidige Koning van België stamt af van een lid van het Nederlandse huis van Oranje-Nassau
.
Prins Willem Frederik Karel van Oranje-Nassau(1797-1881) en Prinses Louise Augusta Hohenzollern (1808-1870) kregen 1 kind:
Louise van Oranje-Nassau
(1828-1871) werd geboren als dochter van Prins Willem Frederik Karel van Oranje-Nassau (1797-1881) en Louise Augusta van Pruisen (1808-1870). Prins Willem Frederik Karel van Oranje-Nassau was de broer van Koning Willem II der Nederlanden (1792-1849). Louise Augusta van Pruisen was de nicht van Prins Willem Frederik Karel. De vader van Prins Willem Frederik Karel, Koning Willem I der Nederlanden (1772-1843), was ook getrouwd met zijn nicht Frederika Louise Wilhelmina van Pruisen (1774-1837).
Louise van Oranje-Nassau (1828-1871) trouwde in 1850 met Karl XV van Zweden and Noorwegen, (1826-1872). Zij kregen 2 kinderen: Karl Oscar van Zweden (1852-1854). Louisa van Zweden (1851-1926). Louisa trouwde in 1869 met Frederik VIII van Denemarken (1843-1912) en zij kregen de volgende kinderen: 1) Christian X (1870-1947), Koning van Denemarken. Hij trouwde in 1888 met Alexandrina von Mecklenburg-Schwerin (1879-1952), zij zijn de stamouders van de huidige Deense Koningin. 2) Haakon VII (1872-1957), Koning van Noorwegen. Hij trouwde in 1896 met Maud van Great-Britain (1869-1938). Zij kregen een kind, Olav V (1903-1991) Koning van Noorwegen. Hij trouwde in 1929 met zijn nicht Martha van Zweden (1901-1954), zij zijn de ouders van de huidige Koning van Noorwegen. 3) Louisa van Denemarken (1875-1906). Zij trouwde in 1896 met Frederik von Schaumburg-Lippe (1868-1945). 4) Harald van Denemarken (1876-1949). Hij trouwde in 1909 met Helena von Holstein-Sonderburg-Glucksburg (1888-1962).
5) Ingeborg van Denemarken (1878-1958). Zij trouwde in 1897 met Karl van Zweden (1861-1951) en kregen de volgende kinderen:
.Margareta van Zweden (1899-1977). Zij trouwde in 1919 met Axel van Denemarken (1888-1964) .Martha Sophia Louisa Dagmar Thyra, Bernadotte van Zweden (1901-1954) trouwde in 1929 met Olav V Glücksburg Koning van Noorwegen (1903-1991). Zoon: Harald V Glücksburg, Koning van Noorwegen (1937- ) .Astrid van Zweden (1905-1935) trouwde in 1926 met Koning Leopold III van België (1901-1983).
De overleden Konigin Astrid stamt dus af van Louise van Oranje-Nassau (1828-1871)
Er is iets hallucinants te ontwaren in een zogezegdeVolksopstand ter herwinning van de vrijheid, waarin het Volk de eigen historische Volkstaal vernietigt. Ook dit maakt de opstand van het Belgische Volk onwaarschijnlijk uniek in de geschiedenis. Was het een STAATSGREEP of een opstand? 1518, "Onse ghemeene Nederlandse Tale”. OMNI BELGICA LIBERTAS AURO PRETlOSlOR (DE NEDERLANDSE VRIJHEID IS KOSTBAARDER DAN ALLE GOUD). 1673
12-03-2007
België
NEDERLAND BELGIË VLAANDEREN 4-Belgisch praten
You speak Dutch and French! Do you also speak Belgian? YOU SPEAK DUTCH and FRENCH? Do you also speak BELGIAN?
Wie heeft deze vraag niet in het buitenland - op reis - , of op het werk gekregen? Het is moeilijk voor hen die geen Belgen zijn zich een beeld te vormen van wat de geschiedenis van het ontstaan van dit land eigenlijk is.
Engelse en Amerikaanse protestanten komen hier wel eens op bezoek omdat hier de geschiedenis van hun godsdienst begint. Zij hebben misschien `The Rise of the Dutch Republic'
Van de Amerikaanse historicus J.L.Motley gelezen verschenen in 1856, een in de Angelsaksische wereld zeer bekend standaardwerk over de opstand in de Nederlanden tegen de Spanjaarden, en denken onmiddellijk aan `The Netherlands', of aan de `Low Countries' en zijn zeer verwonderd dat er zoiets als België bestaat en Dat dan niet The Netherlands zou zijn. The Netherlands, (met o.a. De Belgische edelen Egmont en Van Hoorn), was die plek op de wereld waar de eerste werkelijke Vrije Republiek ontstond die op zijn beurt model zou staan, volgens Motley, voor het Amerikaans democratisch systeem. Hoe komt het dan, dat buiten het historisch begrip De Nederlanden, in het Latijn als Belgium vertaald, er ook een land bestaat dat België heet en waarvan de Latijnse benaming ook Belgium blijkt te zijn? * Om dit te begrijpen gaan we hier de termen Belgo, Belgica, Belgium, Belgicus trachten te omschrijven.
Het zijn Latijnse termen voor NEDERLANDSE woorden. Vertalingen dus!
* De wetenschappers, ten tijde van de Renaissance, zagen de noodzaak in om Nederlandse woorden, geografische en andere, in de toenmalige geldige wetenschappelijke taal, het Latijn, te vertalen. Joost Lips genaamd Justus Lipsius (Leuven-Leiden-Leuven) was een kenner van de klassieke talen. Het is hij die de vergeten benamingen Belgica,Belgium weer in omloop bracht. (B.v. In de cartografie van Mercator, de geometrie van Simon Stevin, en vooral in de werken van de
Nederlandse Humanisten.)
Vooral omdat, na de scheiding van de Nederlanden, meer dan 200.000 Brabanders en Vlamingen naar het Noorden vluchtten en daar de eerste Universiteiten gingen bevolken. Al de wetenschap die in de hele Nederlanden vergaard geworden was, werd zo als het ware gecondenseerd in het Noorden in de nieuwe Republiek.
De huidige Franse termen - Belgique, Belge - zijn eigenlijk terug uit dat Latijn vertaalde woorden Van de oorspronkelijke Nederlandse begrippen die gelatiniseerd waren.
*(Nederlantse oorloghen, beroerten ende borgerlijcke oneenicheyden. Zinnebeeldige voorstelling van een
Nederlantse Maegd in he Latijn BElGIA genoemd, die rouwt naast de lijkkist van Willem de Zwijger.
Algemeen wordt in België aangenomen dat de naam Belgica (Gallia Belgica) Rechtstreeks aan dit land gegeven werd door de Romeinse veldheer Julius Caesar en Dat de bewoners ook de rechtstreekse afstammelingen zij van die -"Oude Belgen." Niets is minder waar!
*
Caesar had op zijn veroveringstochten in het Noorden een verzamelnaam bedacht voor de Gallische (Keltische?) stammen die leefden tussen de Seine, de Marne, de Noordzee, het Fries gebied en de Rijn. Hij noemde ze Belgae. Hij zou dat woord nog eens gebruiken in verband met Britanica. Een neologisme dus, door verscheidene Stammen in één woord aan te duiden. Hij was ook niet in de juistheid van zijn beschrijvingen geïnteresseerd want die dienden Alleen en uitsluitend om zijn rapport aan ROME op te smukken. Het is onwaarschijnlijk dat deze stammen Zichzelf Belgae noemden. Zij konden lezen noch schrijven, leefden geïsoleerd in de ruwe natuur zonder communicatie naar buiten en kenden geen Latijn. Zij zijn er zich nooit van bewust geweest dat zij die naam droegen. Het is te Rome dat alles beslist werd. Waar haalde Caesar dan het woord Belgae?
Men neemt aan dat hij doodgewoon een Keltische benaming in het Latijn weergaf.
De oorsprong isonbekend.
*
Nu is iedereen het er over eens dat Caesar veel te intelligent was om zelf het woord `Belgae' te fabriceren. Hij luisterde naar wat de mensen zeiden, ook al verstond hij het niet. Het oorspronkelijk woord was voor hem dan ook niet moeilijk te vinden. Uit het Keltische woord `bhelgh', opgeblazen, waren er veel woorden afgeleid die allen doorgaans te maken hadden met ronde voorwerpen gevuld met lucht. Zo noemde de Galliërs, iedere zak `bulga', en in het Bretoens werd dat `bolgh' een blaasbalg, bal, blaas, maag, buik, kussen, het was allemaal `Belg'. Ons Nederlands heeft er het woord balg aan over gehouden, het Engels belly. * Er werd ooit geponeerd dat Caesar die vloeiend Grieks sprak, de culturele taal van het Romeinse Rijk, zich misschien ook liet leiden door de herinnering aan zijn , ook uit Gallië afkomstige, historische collega Bolgios die zich, net zoals de legendarische Spartaanse Koning Leonidas twee eeuwen vroeger, door zijn dapperheid in de slag bij de Thermopylea had onderscheiden. In dit verband kan men veronderstellen dat Caesar in zijn rapporten aan Rome, zichzelf boven alle anderen als held wou voorstellen. Van alle Galliërs zijn de Belgae (afgeleid van Bolgios) de dappersten en luister O Rome, ik Julius heb hen overwonnen en ben dus de dapperste! -
Wat er ook van zij, het woord Belgica zal, DUIZEND jaar na de verdwijning van het Romeinse Rijk, verbonden worden met de gemeenschappelijke Nederlandse taal en cultuur , van Bonen, Kales, Duinkerken tot in het noorden aan de zee, Mare Belgicam.
Maar veel belangrijker dan die duistere prehistorie van de naam Belgae is de latere geschiedenis ervan die wij zeer goed kennen. In 51 vóór Christus werd het gebied van de Belgae bij het Romeinse rijk ingelijfd, zoals daarvoor met Gallië ten zuiden van de Seine al eerder gebeurd was. Keizer Augustus, niet Caesar, gaf het vanuit Rome, de naam `Gallia Belgica' vaak verkort tot `BELGICA'. * Later in 17 vóór Christus werd door Keizer Tiberius, Belgica ingedeeld in Belgica prima (hoofdplaats Trier) en Belgica secunda (hoofdplaats Reims). Dit Belgica strekte zich uit langs Marne en Seine langs de kust tot aan het hedendaagse Den Haag, langs het gebied van de onoverwinnelijke Friezen, boven Utrecht langs Arnhem. Langs de gehele Rijn tot aan de Bodensee en binnen de Zwitserse Alpen. Doordat de Germanen van over de Rijn steeds meer de Romeinen in het nauw dreven werd een gedeelte van Belgica afgescheiden in Germania Inferior (hoofdplaats Keulen) en Germania superior.
Een soort oorlogsgebied.
*
Eens de Romeinen zich moesten terugtrekken werd het een lopen en de Franken veroverden steeds meer gebied en stichten het nieuwe Frankische rijk met als zetel eerst Doornik, dan Parijs en later Aken, waar dan de nieuwe Wereldlijke Keizer zoals vroeger de Romeinse Keizer, Karel de Grote, Duitstalige heerser van het christendom , zijn troon ging opstellen met hulp van de Paus te Rome. Alle oude Romeinse benamingen voor de Romeinse provincies waren nu verdwenen en vergeten. Geen Belgica prima noch Belgica secunda meer. De Franken de nieuwe Frankische bewoners verdreven of assimileerden de Kelten. Zij brachten nieuwe namen mee. Neustrie¨, Austrasië, Bourgondië. Bij de verdeling van het Keizerrijk van Karel de Grote ontstonden West-Francië; Lotharingen en Oost-Francië. West-Francië zou Frankrijk worden. Oost-Francië Duitsland. Het gebied ten Westen van de Schelde (Vlaanderen) kwam bij West-Francië. Het gebied ten Oosten (Brabant) kwam bij het Duitse Rijk.
De bevolking was trouwen grondig veranderd, zij spraken Germaanse streektalen maar konden lezen noch schrijven. Onze voorouders zijn dus niet de zogenoemde Oude Belgen maar de Franken.
Na duizend jaar uit de geschiedenis van Europa te zijn verdwenen, heeft men
eeuwen later deze vergeten historische Latijnse namen zoals Belgica en Belgicus , weer uit de mottenkist gehaald en opgepoetst. Hoe dat kon gebeuren zullen wij nu zien.
Na duizend jaar uit de geschiedenis van Europa te zijn verdwenen, heeft men eeuwen later deze vergeten historische Latijnse namen zoals Belgica en Belgicus , weer uit de mottenkist gehaald en opgepoetst. Hoe dat kon gebeuren zullen wij nu zien.
Het is in de tweede helft van de 15de eeuw, als er een hernieuwde belangstelling vastgesteld werd in de studie van het klassieke Latijn dat de namen Belgica en Belgicus weer opduiken. Niet als aardrijkskundige namen maar als vertaalformules. Monniken, die ook de klerken waren, gebruikten een vereenvoudigd Latijn in hun geschriften. Het kerklatijn, waarvan zij, buiten de liturgie, geen woordenschat bezaten. Als zij dagelijkse woorden uit de mond van het volk moesten neerschrijven loste zij dat eenvoudig op, zij bootste ze na in een soort Latijnse vorm. Bijvoorbeeld Karel werd Carolus. Van de toenmalige benaming voor de volkstaal ; Diutiek, Thiudisk, Ditesc, Duuysc, maakte, ze Theodiscus, Theodisca, Lingua Theodisca enz. Het is zelfs de eerste poging om aan de gemeenschappelijke Dietse streektalen gesproken in het gebied aan de Noordzee een wetenschappelijke naam te geven. In de Siegfriedsaga (1100) heet Siegfried, `den helt uoz Niderlant'. Met `Nederland' werd het gehele Neder-Rijnse gebied, later de gehele Noord-Duitse laagvlakte, bedoeld. Prof.Dcr.W.J.H. Jonckbloet (1888) beschreef de Siegfriedsaga als behorende bij de Nederlandse Literatuur.
De opkomst van de Humanisten die met elkaar in het Latijn over geheel Europa wilden corresponderen en die in onze streken vooral in de Gouden Eeuw in Noord Nederland aan bod kwamen, vonden dit alles maar een barbaars gedoe. Zij wisselden de overgebleven kopieën van de oude klassiek Latijnse schrijvers uit en raadpleegden ze om benamingen te vinden in het Latijn voor de bewoners van dit land en hun taal van wat zij `landen van herwaarts over' of `t'Nederland' noemden, maar geen klassieke namen hadden. Ze haalden de woorden Belgae, Belgico enz., woorden die duizend jaar lang ongekend in onbruik geraakt waren, weer voor de dag met de vorm Belgium en het bijvoeglijk naamwoord Belgicus. Maar dan als de vertalingen van de begrippen `Lagelanders', `de Lage landen' en `Lagelands'. Bijgevolg werd de door het Volk in de Nederlanden gesproken taal, het Diets of Duuts, in het Latijn van de geleerden de Lingua Belgica genoemd. * In de 16de en 17de eeuw cultirveerden en bestudeerden de Humanisten - de geleerden van die tijd - het Latijn als internationale taal. Het Latijn was voor hen de Lingua Franca, die ongeveerde dezelfde rol speelde als vandaag het Engels. Als een soort statussymbool vertaalden ze hun naam meestal in het Latijn. Desiderius Erasmus (ca. 1475-1536) is daar een goed voorbeeld van. Hij heette eigenlijk Geert Geertzoon. Hij vertaalde zijn naam op heel stuntelige wijze, een groot Humanist onwaardig. Hij dacht dat Geert iets te maken had met "begeren" en vertaalde zijn voornaam in het Latijn als Desiderius (van het Latijn desiderare - begeren) en zijn achtenaam in het Grieks als Erasmus (van erao "beminnen", denk aan Eros) De Belgische Francophonen gaan nog een stapje idioter. Zij vertalen Erasmus - Geert Geerstzoon - (net als zij doen met Vesalius - Andries van Wezel ) als ERASME en VESALE en denken dat het dan dat het Belgen zijn geworden. Hun bedoeling is alle sporen van Nederlandse cultuur uit te wissen te Brussel en omstreken of om Europa te doen geloven dat deze twee zuiver Nederlandse geleerden tot de cultuur van de huidige Francophonie behoren.
* Nijhoffs Geschiedenis Lexicon. 1981 `s Gravenhage vermeld onder België: "In de 16de eeuw hebben de Humanisten de naam (Belgae, Belgium) weer doen herleven ter aanduiding van De Nederlanden. Na 1790 beperkt tot de Zuidelijke Nederlanden." * Het volk dat geen Latijn kende sprak van de eigen taal. De Volkstaal. Het Diets. In oude handschriften gemaakt te Gouda in 1482, en te Antwerpen in 1514, leest men: "Nederlants, Overlants." In een Brussels handschrift van 1518, "Onse ghemeene Nederlandse Tale”.
De krant `Nieuwe Tijdinghen`, Antwerpen 1621; Nederlandse Tale."
*
PRO(vinciarum) CONFOEDER(atarum) BELG(icarum) (Belgicae Confoederatae), dat was de republiekvan `de Verenigde Nederlanden in de engste betekenis’ Holland’ en in de ruimste alle gebieden tot in Picardië. U kent wellicht de beroemde kaart van de Mechelse cartograaf Jan van Hogenberg einde 16de eeuw getekend onder het koningschap van Hispaniac Rex Fhilipp waarop de Zeventien Provinciën getekend zijn binnen de figuur van een leeuw, De LEO BELGICUS. Het is de Nederlandse leeuw! Le Lion Belgique Zij werd uitgegeven nadat de Nederlanden in twee delen gescheiden waren en zelfs na de Vrede van Munster wat aantoont dat wetenschappelijk het gehele gebied van de Nederlanden beschouwd werd als één geheel ondanks de bestuurlijke scheiding.
Joan BLAEU, Nova Belgica et Anglia Nova. Amsterdam, Joan Blaeu, 1642. Schaal in Duitse mijlen, 30 x 50,6 cm. Deze met het Noorden rechts georiënteerde kaart van Joan Blaeu geeft het door de Hollanders gekoloniseerde deel van Noord-Amerika weer. De titel staat in een door twee Indianen omlijste cartouche. De kaart geeft vooral details van de kusten, van Nieuw-Frankrijk, Novae Franciae Pars, over Nieu Engeland, Nova Anglia of Almouchicosen en Nieu Nederlandt of Novum Belgium, tot de Chesapeake-baai, Virginiae Pars. In het Noorden, rechts dus, wordt de kaart begrensd door de loop van de Sint-Laurens; zijn bovenloop wordt Magnus fluvius Novi Belgij of De groote Rivier van Nieu Nederlandt genoemd en vertoont enkele verbredingen - een vage aanduiding van de Grote Meren ? - en de aanduiding De groote afval, waarschijnlijk de Niagara watervallen wier bestaan bekend was. Deze kaart verscheen in 1635, in het tweede deel van deDuitse, Nederlandse, Franse en Latijnse uitgaven van het Theatrum Orbis Terrarum of Novus Atlas. Zij had een grote invloed op talrijke Europese cartografen van de 17e eeuw.
IN 1648 schreef Huigh de Groot (Hugo Grotius) zijn werk over de opstand tegen de Spanjaarden onder de titel : `Annales et Historiae de Rebus Belgica. * In de grote atlas van Blaeu (1662) staan de Verenigde Provinciën als Belgicae Foederatae vermeld. Belgica Regia heette het gebied dat onder het gezag van de Spaanse koning was gebleven. * Valerius Andreas verzamelde in zijn Bibliotheca Belgica de biografieën van beroemde Nederlanders. *
Joost Lips of Justus Lipsius (1547 - 1606)
.De perfecte Groot Nederlandse intelectueel die in België in de Belgicistische geschiedschrijving nog al populair is omdat juist deze kenner van de classieke talen het begrip:"Belgica" weer ingevoerd zou hebben in de Nederlandse Gouden Eeuw(Leuven-Leiden - Leuven) beschreef de Bourgondische Hertog Philippe le Bon als de `Conditor BELGII '(schepper der Nederlanden), omdat hij door erfenis, aankoop en invloed ongeveer het grondgebied van de Verenigde Nederlanden had verenigd. Zo ontstond ook het begrip `Lingua Belgica' voor de Nederlandse taal.
*
Belgium
In 1563, in de nieuwe Republiek van het Noorden noemden de Hollandse Calvinisten zich Belgen.
We lezen het in het werk van Karl Leder `Die Kirche im Zeitalter des Konfessionellen Absolutismus 1555 - 1648' (Linz 1949) wat volgt: "Die Verbreitung des Calvinismus spiegelt sich in den Calvinistischen Bekenntnisschrifte wieder. Ein Privatbekenntnis Bullingers wurde 1566 zur Confessio Helvetica erklaert. Nach seinem Übertritt zum Calvinismus veröffentlichte Kurfurst Friederich III van Pfalz diese Bekenntnisschrift. In 1563 erschien der Heidelberger Katechismus. IN DIE NIEDERLANDEN erschien die `CONFESSIO BELGICA.' Im Frankreich die Confessio Gallicana. Deze Confessio Belgica of de Nederlandse Geloofsbelijdenis werd in 1563 opgesteld door een Guido de Brès lid van de Zuyd Hollandtse Synode. Hij zou uiteindelijk sterven als martelaar op de brandstapel te Valencienes. The Belgic Confession THE oldest of the doctrinal standards of the Christian Reformed Church is the Confession of Faith, popularly known as the Belgic Confession, following the seventeenth-century Latin designation "Confessio Belgica." "Belgica" referred to the whole of the Netherlands, both north and south, which today is divided into the Netherlands and Belgium. The confession's chief author was Guido de Bräs, a preacher of the Reformed churches of the Netherlands, who died a martyr to the faith in the year 1567. (English Bible Studies)
In de 17de eeuw verscheen te Amsterdam een boek getiteld `De Bello Belgo', met als ondertitel de `Hollandse Oorlogen.' Het woord Belgo werd dus als Hollands gebruikt. De Hollandse Calvinisten gebruikten het woord Belgo voor Holland want het was Holland dat in de nieuwe natie van het noorden de hegemonie over de andere provincies uitoefende. De katholieke provincies situeerden zich in het oorlogsgebied (generaliteitslanden) en hadden niet eens medezeggenschap
Linguae Belgicae. De Belgische (Nederduitse) taal.
Een titelblad van een boek uitgegeven te Rotterdam omstreeks 1580, toont de Nederlandse (of Hollandse) maagd, bedreigd door de Spaanse plakkaten, die de titel BELGICA op haar kleed draagt. Dus Belgische maagd als Nederlandse, wat toen ook de wetenschappelijk betekenis van het woord Belgica was.
=
Catharina Belgica, de dochter van Willem van Oranje en Charlotte van Bourbon, geboren te Antwerpen werd zo genoemd naar het begrip Belgica, Nederlanden. Men kan toch niet beweren dat Willem toen hij zijn dochter zo liet noemen hij aan het kleine staatje Belgie dacht?
AD EPISCOPUM PADERBORNENSEM CUM POESI MEA BELGICA C. Huygens. Constantijn Huygens (1596 - 1687). Hooft, Vondel en Bredero waren alle drie Amsterdammers:
Om bij het taalkundige aspect van het begrip Belgica te blijven doen wij een greep uit de vele publicaties op hoog intellectueel niveau die te Leiden en in de Engelse National Library bewaard worden. H.Tollius; Dictata in Liguae Belgicae Artem Grammatica, post ferias hibernas R.Bondam scripsit 1773. - Schetze eener Nederduitse Spraakkunst met aantekeningen van R.Bondam en register. M.Tydeman ; Annotationes ad A Verwer; Ideam Linguae Belgicae. * Het achttalig woordenboek gedrukt in Engeland Colloquia et Dictionarolium octo Linguariarum ; Latinae, Gallicae, Belgicae, Teutonicae, Hispanicae, Italicae, Anglicae et Portvgallicae, van 1646 tot 1467 uitgegeven. * In de Browse Furness Shakespeare Library in Engeland wordt een dergelijk zeventalig woordenboek bewaard uit 1583 waarin het Nederduits als Belgicae vermeld wordt. *
De Persius-vertalingen worden voorafgegaan door een `Brief Aan den Heere N.N.' van Emilius Elmeguidi, gedateerd "Deinopolis, 1 April 1709". Plaatsnaam en datering lijken fictief-satirisch, hoewel `Grimstad' (= Deinopolis of `Albedil-stad') als benaming voor Rotterdam op de dag waarop men grappen uithaalt, misschien toch verwijst naar iets dat de huidige lezer ontgaat. In die brief zet De Mey zijn opvattingen uiteen over het vertalen. Hij pleit daarbij voor het hanteren van levend Nederlands en het vermijden van archaïsche termen en gaat tekeer tegen de grammatici van zijn tijd die niet onderling tot overeenstemming kunnen komen over de regels die de taal regeren. Hij prijst in het bijzonder hetgeen de anonieme grammaticus van de Linguae Belgicae Idea opmerkt over de "welluidendheit van onze taal".
*
Atlassen van steden in de Nederlanden getekend door Joan Blaeu (1598-1673) zijn getiteld;
Novum ac Magnum Theatrum Urbaiam Belgicae. In een Franse uitgave van de Groote Atlas worden de verenigde Nederlanden aangeduid als"Belgique Confédérée." Ook Abraham Ortelius in 1595 gebruikt het woord Belgicae Regionis voor gebieden als Zeeland en Picardië in zijn atlassen die te Amsterdam nog uitgegeven werden in 1649. Petrus de Herenthals († 1391), Chronicon Imperatorum et Paparum, in: Magnum Chronicon Belgicum, hrsg. von J. PISTORIUS, Rerum germanicarum veteres scriptores, Bd. III, Regensburg 31726, S. 327 f. Das »Florianum Temporum« (1472), auf der das Magnum Chronicon Belgicum (nicht vor 1498) beruht, folgt in dieser Passage dem noch nicht edierten »Compendium chronicorum« des Petrus von Herenthals.
De Geuzen veroverden den Briel. Belgicae Libertatis Brilae 1599! Het stadszegel van Den Briel is een kopie van het zegel van de Hervormde Kerk. Deze liet in het jaar 1592 een zegel snijden met het randschrift; Primitiae Belgicae Libertatis Brilae.
.
inderdaad
Briel was bevrijd door de Belgen MAAR er waren toch nog geen Belgische Belgen zoals Albert Leopold Filip nu
ra,ra, wat waren zij dan? NEDERLANDERS van Frankische afstamming (Vive La France)
allemaal.
De Engelse en Duitse culturen zijn verwant aan de Nederlandse. Het Nederlands weerspiegelt zich in het Deens,het Noors en het Zweeds.
Wij zijn wereldburgers. De echte Belgen van de Vlaams laat middeleeuwse en Nederlandse renaissance Gouden eeuwen www."alex.vrijzijn.be"
Och hoe vreedsaem sou Belgica schoon bloeyen,
Uit:Nederlandse gezangen van 1600
Belgische ZILVEREN DUKATEN OOK VANDAAG NOG!
De Latijnse tekst op de keerzijde luidt: CONCORDIA RES PARVAE CRESCUNT (Door eendracht groeien kleine zaken, of vrij vertaald:‘Eendracht maakt macht’). Eendracht maakt macht' was de wapenspreuk van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden,
1588-1795. Voor het eerst komt de uitdrukking voor in de (al) Gemeene Duytsche Spreekwoorden (Kampen, 1550). De spreuk werd o.a. gebruikt op munten en onder de Nederlandse leeuw
1995
Op wapenschilden en is zo op vele plaatsen in de Nederlanden te zien. Als uitdrukking van het Nederlands nationaal gevoel vond de spreuk ook zijn weg in de overzeese vestigingen. Zo is het tot op heden te lezen op een standbeeld dat de plaats Brooklyn ( Brooklyn museum, New York) symboliseert, ooit Breukelen geheten.
Naast de vertaling `Eendracht maakt macht', kwamen aanvankelijk nog enkele andere vertalingen voor. Zo schreef Hendrick Laurensz. Spieghel: `Eendracht heeft macht' (Bijspraecx Almanak 1606, 10 juni) en Jacob Cats: `Eendracht geeft macht' (Spiegel van den ouden en nieuwen tijd, 1632) Bij de vestiging van het Koninkrijk der Nederlanden in 1815 raakte de uitdrukking in onbruik, het nieuwe koninkrijk koos voor Je maintiendrai. Na de oprichting van een ‘Belgische’ staat in 1831 werd de spreuk, maar dan in het Frans – L'union fait la force – de wapenspreuk van België. Met de gelijkstelling van het Nederlands aan het Frans kreeg ook het `Eendracht maakt macht' zijn plaats onder de Belgische (Brabantse) leeuw.
De tekst op de voorzijde luidde destijds in verkorte vorm – MO(neta) NOV(a) ARG(gentea)
PRO(vinciarum) CONFOEDER(atarum) BELG(icarum) COM(itatus) ZEL(andiae) – hetgeen wil zeggen: nieuwe zilveren munt van de Provinciën der Verenigde Nederlanden, graafschap Zeeland.
De provincie van herkomst is herkenbaar aan het wapenschild vóór de ridder en de toevoeging van de provincienaam aan het omschrift op de voorzijde. Deze variant in de Zeven Provinciën serie is een replica van een dukaat uit 1659. In dat jaar – door middel van het Plakkaat van 11 augustus 1659 – werd de zilveren dukaat geïntroduceerd als nieuwe munt van de Republiek. De originele tekeningen werden vervaardigd door de Haagse zegelsnijder Pieter Pijl. Op basis van die tekeningen werden de muntstempels gesneden door de stempelsnijders’ van de provinciale munthuizen
De tekst en het Nederlandse wapenschild werd in 1816 aangepast aan de nieuwe staatsinrichting. Sindsdien luidt de tekst op de voorzijde – MO(neta) NO(va) ARG(gentea) REG(ni) BELGII – een Latijnse afkorting voor: nieuwe zilveren munt van het Koninkrijk der Nederlanden. Omdat de dukaat als internationale handelsmunt gehanteerd werd, bevat de munt geen waarde-indicatie. De waarde van de munt werd gebaseerd op het gewicht aan zilver. Ook na de invoering van de euro zullen de gouden en zilveren dukaat in de Muntwet blijven staan.
Ontwerptekeniging van een florijn uit 1673, waarde: 28 stuivers.. (1 gulden = 20 St.) plus afbeelding van een florijn uit 1674. Voorzijde: Halve man met geschouderd zwaard naar rechts kijkend tussen jaartal. met of zonder binnen cirkel
Tekst: OMNI BELGICA LIBERTAS AURO PRETlOSlOR (DE NEDERLANDSE VRIJHEID IS KOSTBAARDER DAN ALLE GOUD).
Keerzijde: Gekroond provincie wapen tussen 28 en ST Tekst: FLOR(enus) ARGENT(eum) ORD(inum) GRON(inga) ET OML(andiae) (ZILVEREN FLORIJN VAN DE STATEN VAN GRONINGEN EN OMMELANDEN).
-
11-03-2007
België 2
-
NEDERLAND BELGIË VLAANDEREN
3-Moeder der Omwentelingen
De Belgische Omwenteling van 1830 HET OPTREDEN DER FRANSCHE PARTIJ.
Thans echter gaat een derde partij ten staatstooneele verschijnen, de Fransche partij. Ze bestond uit gewezen Fransche ambtenaren, die door de Nederlandsche regeering in de administratie waren opgenomen; uit talrijke Fransche ballingen, meestal Jacobijnen of Napoleonisten en... uit Waalsche advocaten. De leider van deze Iaatsten was de jonge fransman Alexandre Gendebien, wiens
franschgezindheid even hoog liep als zijn anti-hollandschgezindheid. Menigeen onder hen was fransch van oorsprong Zoo werd Charles Rogier geboren te Saint Quentin en was Frédéric de Mérode, «maire.» geweest van St. Luperce-bij-Chartres. Allen waren fransch van opvoeding en droomden van aanhechting bij «Ia grande patrie». Gendebien besloot in verbinding te treden met de revolutionaire clubs te Parijs, die ook in de om liggende landen revolutie wilden stichten; alsook met de groep van generaal Lamarque, die de omstandigheden gunstig achtte om den eeuwenouden droom der fransche politiek, de verovering der Rijngrens, in werkelijkheid om te zetten. «Sedert dn 2n of 3n Oogst», aldus Gendebien in een zijner brieven, «heb ik naar Parijs geschreven om te vragen dat men klaar en duidelijk zou zeggen of men de Rijngrens verlangde en ik waarborgde hun een succes over heel de lijn als zij tot den aanval wilden overgaan.» * Vooraanstaande leden der fransche partij in België, als de Brouckere, Le Bon,. De Stassart voerden te Parijs onderhandelingen met generaal Lamarque en met Barrot, leider..der liberalen, over de aanhechting van België bij Frankrijk. Bij hun terugkeer te Brussel belegde de partij een vergadering in de bureel en van de «Courrier des Pays-Bas» en op één na verklaarden allen zich partijganger van de inlijving bij Frankrijk (8 Oogst 1830). Rond midden.Augustus zond de club «Les amis du Peuple» uit Parijs verscheidene agenten naar België om er hun opruierswerk te verrichten. Onder de lagere volksklasse werd met ruime hand fransch geld uitgedeeld; strikken met de fransche driekleur waren overal te zien en er kwamen vliegende blaadjes uit met aanprijzing van de vereeniging met Frankrijk. Op I5 Oogst zond de fransche regeering, die weinig neiging voelde voor een avontuur, een geheimen agent naar Gendebien met verzoek, om, gezien den tijd noodig tot het herinrichten van het fransche leger, den opstand een jaar uit te stellen. Tegen de meening in van Gendebien en Van De Weyer , tegenstanders van elk uitstel, besloot de fransche factie niet vóór midden September de revolutie te doen losbreken.
De reden was dat de troon van le Roi Louis Philippe erg wankel was. Hij had de troon van de Bourbon Charles X bezet in juli 1830 als een soort Koning die de principes van de Franse revolutie toegedaan was. Een revolutie die de vergroting van Frankrijk met het aanhechten van La Belgique zou verwezelijken! Napoleon III zou hem verjagen in 1848 om zelf de troon te bestijgen en La Belgique trachten te heroveren..,
DE NACHT VAN 25 AUGUSTUS.
In den nacht van 25 Augustus, na de opvoering van «La Muette de Portici» ontstonden, dank zij de Fransche opruiers, relletjes: er werden ruiten stukgeslagen, het patriciërshuis van den minister van justitie werd in brand .gestoken. De bij elke voksopstoot aanwezige plunderaars lieten zich niet onbetuigd: handelshuizen werden geplunderd, wapenwinkels opengebroken. Benden arbeiders gingen in de fabrieken de machines stukslaan, die ze aansprakelijk stelden voor de heerschende werkeloosheid. Den 26 Oogst had een vreemde opruier de fransche vlag op het stadhuis geheschen. Ducpétiaux.echter had ze dadelijk vervangen door de driekleur van de vroegere brabantsche omwenteling. De overheden lieten maar betijen en keken lijdzaam toe. Daarop besloten een aantal burgers over te gaan tot het heroprichten der burgerwacht; en, o wonder, de meeste Franschen -en wij hebben gezien dat zij in groot getal te Brussel gevestigd,waren -sloten er zich bij aan, ja, namen zelfs, daar zij oud-gedienden waren, de leidende plaatsen in. Aan het hoofd stond baron d'Hoogvorst. De feitelijke macht berustte reeds bij de kwartiergeneraal der burgerwacht de wettelijke overheden waren zonder invloed. Op 28 Augustus kwamen op het stadhuis te Brussel vijftig vooraanstaande personen bijeen om een adres aan den koning op te stellen waarin zij den koning bezweerden de eischen der Belgen in te willigen. Intusschen had koning Willem aan zijn twee zonen bevel gegeven met 6000 man naar Brussel op te marscheeren. Op verzoek van sommige Brusselsche leiders besloot de prins van Oranje zijn leger te Vilvoorde te laten en enkel van zijn staf vergezeld deed hij zijn intrede te Brussel. Hij werd echter ijskoud onthaald en allerwegen ging de kreet: Leve de vrijheid! In dezelfde dagen kwamen de Belgische gezanten uit Den Haag terug. Koning Willem wilde voorals nog van geen toegevingen hooren, maar hij beloofde toch een buitengewone vergadering der StatengeneraaI te zullen bijeenroepen voor 19 September. In een onderhoud met minister La Coste had Gendebien de onmiddellijke scheiding van België en Holland verdedigd en voorgesteld den prins van Oranje te laten uitroepen tot onderkoning of luitenant-generaal over het Belgisch landsgedeelte. In denzelfden zin luidde het advies van de leden der Staten-Generaal, die door den prins van Oranje op 3 September te Brussel werden ontvangen. Het was ook de zienswijze van den opperbevelhebber der burgerwacht, baron d'Hoogvorst, die tevens aandrong op den aftocht der troepen, die rond Brussel legerden. De prins was onnoozel genoeg om op dit voorstel in te gaan. Met zijn afreis steeg natuurlijk de durf der separatisten en der fransche woelmakers, te meer daar in menige provinciestad de anti-hollandsche elementen duchtig aan 't roeren waren. Uit Bergen, Namen en Doornik trokken honderden vrijwilligers naar de hoofdstad. Alleen Gent en Antwerpen, waar de grootnijverheid en de groothandel niet bij een oproer te winnen hadden en heel wat te verliezen, bleven rustig. Op 7 September kwamen 300 Luikerwaalsche vrijwilligers de Brusselsche opstandelingen vervoegen tot groote vreugde van de franschgezinde partij. Barricaden werden opgeworpen. Ook vele vreemdelingen, die te Brussel woonachtig waren, stelden zich ter beschikking van de leiders der revolutie en aldoor stroomden nieuwe Franschen toe, onder dewelke talrijke agenten der clubs van Parijs. De regeering van Louis-Philippe, die hoopte door een vredelievende houding zich te doen erkennen door de mogendheden, kwam niet tusschen te Brussel, te meer daar de om wenteling vroeger losgebroken was dan haar franco-belgische leiders voorzien hadden.en daar het fransche leger niet gereed was. Deze lijdzaamheid maakte Gendebien korzelig, die aan de koning van Frankrijk liet zeggen :dat Frankrijk hier 200.000 Belgen zou vinden, die bereid waren om de Rijngrens met geestdrift te verdedigen. Later, als Frankrijk gedwongen zal zijn oorlog te voeren, zullen wij vrede gesloten hebben met de Nederlandsche regeering en zal Frankrijk 60.000 Belgen te bestrijden hebben. Waarheidshalve moeten wij hier aan toevoegen dat sommigen onder dezen, die steun van Frankrijk verlangden, daarmede enkel het welslagen van den opstand wilden verzekeren, zonder van de vereeniging met Frankrijk te willen. Gendebien, het hoofd der Fransche partij, kwam nu met een nieuw voorstel op de proppen. Zijn plan om een voorloopige regeering samen te stellen vond gretig onthaal bij de notabelen, maar de volksvertegenwoordigers sloten zich, toen zij vernamen dat Gent en .Antwerpen niet roerden, bij dit voorstel niet aan. Op dit oogenblik scheen de bestuurlijke scheiding het meest kans te hebben, te meer daar adel, geestelijkheid en burgerij van inlijving bij Frankrijk niet weten wilde. Koning WiIlem kantte zich echter halsstarrig tegen elke scheiding en aan den anderen kant liet hij het leger werkeloos. Dit gemis van doordrijvendheid heeft de revolutie tot de overwinning geholpen.
DE COMMISSIE VAN OPENBARE VEILIGHEID.
Wij hebben hooger gezien dat voor 19 September een vergadering der Staten-Generaal belegd .was in Den Haag. De Belgische afgevaardigden gingen er heen: de revolutionnaire groep te Brussel verheug de zich over hun afreis daar hun gematigdheid tegen de vorderingen der omwenteling een hinderpaal opwierp. Gendebien deed een «commissie van open bare veiligheid» aanstellen met de uitdrukkelijke goedkeuring van het stadsbestuur. Maar, ondanks de bemoeiingen van de revolutionnaire groep, kreeg de commissie een vrij beperkte opdracht: Zij moest namelijk de trouw aan het Nederlandsch vorstenhuis verzekeren, het beginsel der scheiding tusschen Noord en Zuid handhaven en de openbare orde herstellen. Erger was dat de leden der 'commissie' op en top anti-hollandsch waren en meestal tot de fransche partij behoorden: Gendebien, Van de Weyer, Rouppe, Felix de Merode en Meeus. Zij ontzetten den procureur-generaal uit zijn ambt de gouverneur van Brabant, de burgemeester van Brussel en talrijke hoogere ambtenaren verlieten de stad. Driemaal dus waren de pogingen der liberale leiders om een voorloopige regeering aan te stellen, verijdeld door den tegenstand der gematigden, die een opene deur voor de verzoening wilden behouden. Intusschen was de zitting der staten-general geopend in Den Haag, waar heel wat verbittering tegen de belgische muiters zich lucht gaf. De belgische afgevaardigde, baron de Gerlache, moest door de politie tegen de woelige menigte beschermd worden. Tijdens het debat over de noodzakelijkheid om de nationale instellingen te wijzigen, vielen beiderzijds harde woorden. Na de troonrede van koning Willem verzocht de reeds vermelde «Commissie van openbare veiligheid» de belgische afgevaardigden Holland te verlaten. Deze laatsten gingen niet in op dit verzoek en verkozen te onderhandelen met den prins van Oranje. ,
Het nieuws wekte de verontwaardiging der revolutionnairen en de Luiker-waalsche vrijwilligers besloten een aanval te wagen op het stadhuis, waar de «commissie van openbare veiligheid» zetelde. Haantjes-vooruit, als Charles Rogier, Ducpétaux, Renard en de Fransche Niellon, Grégoire en Chazal hadden ondertusschen, in verstandhouding met Gendebien, het «Centraal verbond» gesticht, waar vooral Luikenaars, Luxemburgers en andere Walen hoogen toon voerden. Talrijke leden van dit verbond wilden de fransche vlag opsteken (16 Sept.) De agenten der fransche clubs, die sedert het straatoproer en elders lieten drinken en schinken, bezorgden wapens aan het gepeupel, dat, aldus in de mogelijkheid werd gesteld om zich van het stadhuis meester te maken en de bugerwacht te ontwapenen. Schrik sloeg om het hart der burgerij. Bang voor plundering zond zij aanstonds een vertoogschrift naar prins Frederic te Antwerpen om de terugkeer van het leger te vragen. In Den Haag scheen ook de wettelijkheid te zegevieren: het adres op de troon rede, dat zich uitsprak in belgischen zin, werd door de leden der Tweede Kamer aangenomen met 86 stemmen tegen 19; en de belgische afgevaardigden, bevreesd voor de regeeringloosheid te Brussel, drongen bij den koning aan opdat hij zonder verwijl zijn toevlucht zou nemen tot het geweld. In den nacht van 20 op 21 September ontving Prins Frederik te Antwerpen het bevel Brussel binnen te rukken.
DE SEPTEMBERDAGEN TE BRUSSEL. Had de prins onmiddellijk de stad aangetast, hij zou waarschijnlijk op weinig of geen tegenstand zijn gebotst. Hij was echter zoo naief officieel zijn intrede te Brussel aan te kondigen voor den 23sten en liet aldus aan de muiters den tijd om barricaden op te werpen en hulp te ontvangen, vooral uit Wallonië. De burgerij nochtans helde hoe langer hoe meer over tot overgave. De revolutionnaire kopstukken hadden; op een paar na, bij 't naderen van 't gevaar, het hazenpad gekozen. Op 21 September vluchtten Van de Weyer en Rouppe in allerijl naar Valenciennes in Frankrijk, waar zij in het «Hótel du grand Canard".aan Gendebien, Chazal en De Potter kwamen zeggen dat alles verloren was. Felix de Merode begaf zich naar zijn kasteel in Frankrijk en Rogier, bevelhebber der Luiker-waalsche vrijwilligers, liet zijn bende in den steek en ging zich in het Zoniênbosch verschuilen. De Franschen en andere vreemdelingen, als Don Juan van Halen, besloten toen de verdediging van de stad op zich te nemen, samen met de opgekomen boeren, de vrijwilligers uit Luik en het Brusselsche werkvolk en gepeupel. Den 23 September rukten de koninklijke troepen Brussel binnen; op den Vlaamschen steenweg werden zij door een barricade tegen gehouden. Zij concentreerden zich in de Warande en om het bloedvergieten te beletten alsook de verwoesting der stad. liet de prins het vuur staken. Na den taptoe verlieten de «kielen" hun barricaden om in de omliggende herbergen over hun heldendaden te gaan zwetsen en... prins Frederik stak geen hand uit de mouw alhoewel de barricaden voor het grijpen lagen ! Des nachts ging baron d'Hoogvorst den prins verzoeken de stad te ontruimen. Dit weigerde de prins maar hij zou zich tot een verdedigende houding beperken. En inderdaad gedurende de drie volgende dagen verlieten zijn troepen hun stellingen niet meer! Zoo weinig snapte Frederik den toestand dat hij nog hoopte “op de beteugeling der anarchie door de burgerwacht.” Den zelfden nacht, bij het nieuws van de “zegepraal” kwam Rogier terug, vrijwilligers uit Halle, Genappe, Waver, Nijvel en Binche kwamen zich.aanmelden. En de «leiders" uit het “Hôtel du grand Canard” kwamen zich opnieuw “aan het hoofdstellen”. . De blauwe kielen slopen in de patriciershuizen langs de Koningsstraat en de Wetstraat en vuurden van daaruit op de Hollandsche troepen. Alsdan liet de prins de stad onder vuur nemen, wat de burgerij uit hare onzijdigheid deed opschrikken. Om die goeie zielen dan bepaald tot de omwenteling te bekeeren richtte de Commissie, die sedert den Barrikaden-opstand op het stadhuis zetelde, een oproep tot de burgerij waarbij aan deze op logenachtige wijze werd kond gedaan als dat vanwege het Hollandsch legerbestuur aan de hollandsche troepen een tweedagenlange plundering was toegezeid ! Dit deed dan de patriottische maat overloopen en de bedrogen burgerij sloot zich bij de barricade-mannen aan.
DE VOORLOOPIGE REGEERING.
Op Zondag 26 September werd dan eindelijk een voorloopige regeering aangesteld, waarvan d'Hoogvorst, Rogier, lolly, Felix de Merode, Gendebien en Van de Weyer deel uitmaakten. Hun eerste werk was een oproep tot de belgische soldaten in het Nederlandsche leger, die zij van hun eed van trouw ontsloegen. Talrijke soldaten gingen op vaandelvlucht, zoodanig dat het leger met ontbinding werd bedreigd. Prins Frederik, vernemende dat in Henegouw, de garnizoenen één voor één opgelost werden door het vuur der revolutie, oordeelde dat herstel der rust tot de onmogelijkheden behoorde en trok er in den nacht van 26 Sept. met de stille trom vandoor. Tot groote verbazing der vrijwilligers lag des anderendaags de Warande verlaten. De overwinning verzoende natuurlijkerwijze alle partijen. De gematigden en de vreedzame burgerij die nog tien dagen tevoren den Prins gesmeekt had de stad te komen bezetten, sloten zich aan bij de revolutionnairen en het doelwit van allen was thans het leger naar Holland te drijven. Volgens Blok telden de Hollandsche troepen 750 dooden en 2000 gewonden, terwijl de opstandelingen 400 dooden en 1100 gekwetsten hadden. Het nieuws van den Hollandschen aftocht verspreidde zich als een loopend vuur: in de meeste steden grepen de inwoners naar de wapens, verjoegen de troepen en kwamen de rangen der Brusselsche overwinnaars vergrooten, Ook de geestelijkheid in Vlaanderen, die afgewacht had welke wending de zaken te Brussel zouden nemen, sloot zich thans bij de beweging aan. Het Hollandsche leger ging door de desertie der Belgen in weinige dagen tot ontbinding over . Terwijl te Brussel geweerschoten vielen hadden de Staten-Generaal in Den Haag eindelijk de bestuurlijke scheiding tusschen Noord en Zuid aangenomen. Koning Willem, na ontvangst van een Adres geteekend door vele aanzienlijke Belgen, stelde op 4 October den prins van Oranje aan het hoofd der Zuidelijke Nederlanden. Het denkbeeld der volledige afscheuring was echter in de laatste dagen fel opgeschoten. Wel hadden de Vlaamsche steden Gent, Antwerpen, St Niklaas en Dendermonde verzet aangeteekend tegen alle scheiding, zelfs tegen bestuurlijke scheiding. Het mocht niet baten. Op 4'October vaardigde het Hoofdcomiteit te Brussel,de uitvoerende raad van het voorloopig bewind, een decreet uit, waarvan artikel 1 luidde als volgt : "De Belgische provinciën, met geweld van Holland losgerukt, zullen een onafhankelijken staat vormen." En tegen einde October stond geen hollandsch:soldaat meer op belgischen bodem, met uitzondering van Antwerpen, waar generaal Chassé den:aanloop der belgische benden door zijn krachtdadig-optreden had gestuit en de citadel bezet hield. Zoo was door de herhaalde weifelingen van de Nederlandsche gezagvoerders een revolutie geslaagd, waarvan Vlaanderen het slachtoffer zou wezen.
DE BURGERWACHT ONTWAPEND.
Enkele korte inlichtingen over de diplomatische geschiedenis der omwenteling mogen hier nog volgen.
Noch noch Pruisen, noch Oostenrijk. voelden sympathie Voor de Belgische muiters. Frankrijk zag begrijpelijkerwijze met gejubel de ineenstorting van een staat die in 1814 opgericht was geworden als een slagboom tegen Frankrijk. Ook Engeland zag niet ongaarne de zwakking van een geduchten economischen concurent, die, in het bezit van dezelfde handels- en nijverheidselementen als Engeland. dit land op alle wereldmarkten een heftige mededinging had aangedaan, dank zij Vooral de ontzaglijke ontwikkeling der Nederlandsche Vloot. Engeland dan en ook de koning van Frankrijk, deze laatste niettegenstaande de revanche-partij in zijn land, besloten niet tusschen te komen in België. Deze beslissing was een koud stortbad op de vurige bemoeiïngen van Gendebien en van de fransche partij om toch hetzij rechtstreeks hetzij onrechtstreeks België aan Frankrijk te hechten. De andere mogendheden - het waarom hunner houding blijven hier buiten beschouwing - sloten zich na eenige weifeling bij deze opvatting aan. Het feit dat op 17 November de liberalen in Engeland' aan de regeering waren gekomen, met Palmerston aan Buitenlandsche Zaken, was koren op den Belgischen molen. Palmerston wist de leiding der onderhandeling en betreffende het Belgisch vraagstuk te bemachtigen en stuwde ze naar zijn doel dat tweevoudig was: eenerzijds de inlijving van België bij Frankrijk te beletten en anderzijds België onder een Engelschgezinden koning tot een onafhankelijken staat, los van Holland, te stichten. Gendebien, het meer genoemde hoofd der fransche partij in België, liet echter nog niet los.
De fransche koning Louis-Philippe weigerde in te gaan: op de voorstellen van den franschgezinden Waalschen advocaat. Hij weigerde zelfs zijn zoon, den hertog van Nemours, aan de Belgen als koning te geven en verklaarde, uit vrees zijn eigen troon kwijt te spelen, den vrede en niets dan den vrede te willen. De fransche gezant te Londen, de listenrijke Talleyrand en de Engelsche minister van buitenlandsche zaken, Palmerston, kwamen op 14 December tot éénzelfde standpunt: dat namelijk het koningschap van Leopold van Saksen-Coburg en zijn huwelijk met de dochter van Louis-Philippe het eenige middel was om iedereen tevreden te stelen. Op 20 December werd dan door de gezanten der mogendheden "het protocol onderteekend waarbij, tot verwondering van beide partijen, het Rijk der Nederlanden ontbonden werd verklaard". Wel protesteerde koning Willem maar de gezanten lieten zich daaraan weinig gelegen daar zij wisten dat niemand in Holland de hereeniging met België wenschte. De franschgezinde groep te Brussel liet het ook nog niet tot rust komen. Gendebien, reeds herhaaldelijk afgescheept door de fransche regeering, schreef aan zijn ambtgenooten van het voorloopig bewind «dat het beste plan was de vereeniging met Frankrijk uit te roepen, om aldus Louis-Philippe bij de Mogendheden in verdenking te brengen en hem te dwingen partij te. kiezen voor de Belgen en desnoods met de Belgen... Ook Van de Weyer drong nog aan bij Louis-Philippe opdat hij aan zijn zoon, den hertog van Nemours, toelating zou geven om de belgische kroon te aanvaarden. Aan Firmin Rogier werd opdracht gegeven aan de fransche regeering te vragen of, in geval de Belgen de aanhechting bij Frankrijk vroegen, zij de Belgen zou steunen. En op Gendebien's raad dreigde het Belgisch Voorloopig Bewind .op 31 December de Conferentie te Londen met het uitroepen van de vereeniging van België met Frankrijk. De sluwe fransche gezant ter Londensche Conferentie, Talleyrand, die bij het afzien van de aanhechting, toch een vermeerdering van grondgebied hoopte te verkrijgen, bracht allerlei slinksche voorstellen te berde: nu eens stelde hij voor Saksen aan Pruisen te geven, terwijl de koning van Saksen België in ruil zou krijgen en het Rijnland bij Frankrijk zou worden gevoegd; dan weer kwam hij met het voorstel vóór den dag Luxemburg of Philippeville en Mariembourg aan Frankrijk af te staan. Palmerston echter weigerde een duim gronds te geven (5-9 Januari 1931). Kort daarop kondigden de vijf mogendheden de altijddurende onzijdigheid van België af. Talleyrand, bewust ervan dat deze maatregel een tegen Frankrijk gerichte waarborg was, had zich heftig geweerd om ook Luxemburg tot onzijdigheid te verplichten of zooniet dan toch Philippeville en Mariembourg voor Frankrijk te verkrijgen; hij kon echter den tegenstand, vooral van Palmerston, nietoverwinnen.
OP ZOEK NAAR EEN KONING.
Hoe groot de franschelarij was in de belgische kringen blijkt nog uit volgen feit: Het Belgisch Nationaal Congres, dat intusschen bijeengeroepen was en zich moest uitspreken over de koningskeuze, besloot de conferentie te Londen, waaraan de onafhankelijkheid van België toch goeddeels te .danken was, niet te raadplegen, wel echter besloot het Congres, met 80 stemmen tegen 75 bij den franschen koning Louis-Philippe te rade te gaan. Niettegenstaande de aanvallen van de annexatie partij in de fransche Kamer, verklaarde de fransche regeering dat zij niet zou toestemmen in de annexatie van België, dat zij evenmin de kroon van België voor den hertog van Nemours zou aanvaarden, maar ook dat zij de keus van den hertog van Leuchtenberg ,deze was de lieveling der Napoleonisten, niet.zou erkennen.Om Louis-Phlllppe van houding te doen veranderen verzonnen de franschgezinden toen volgende list: Zij besloten de candidatuur van den hertog van Leuchtenberg door te drijven om aldus Louis-Philippe te dwingen zijn toestemming te verleenen aan de verkiezing van den hertog van Nemours. En werkelijk de list scheen te slagen. Op 28 Januari liet Louis-Philippe zeggen dat hij de kroon voor zijn zoon zou aanvaarden. Bij het votum op 3 Februari 1831 werd de hertog van Nemours met 97 stemmen tot koning der Belgen uitgeroepen, tegen 74 aan Leuchtenberg en 21 aan Karel van Oostenrijk. De Vlamingen hadden t' meerendeels gekozen voor Leuchtenberg terwijl de Walen zich voor den zoon van den koning van Frankrijk hadden uitgesproken. Maar sedert 1 Februari had de Londensche Conferentie, bij geheim protocol, de hertogen van Nemours en Leuchtenberg uitgesloten, en de fransche gezant, die eerst Palmerston had gepolst nopens de verkiezing van den hertog van Nemours, en met bedreigingen was afgewezen, had dit besluit moeten onderteekenen Daar stond België weer zonder koning '! De aanzienlijkste leden van het Nationaal Congres gaven toen den raad een regent aan te stellen, in afwachting dat de fransche politiek wat meer durf zou krijgen.
TIJDENS HET REGENTSCHAP.
De regent, de Luikerwaal Surlet de Shokier, regeerde als was hij hier goeverneur van Frankrijk : hij streefde er naar, hierbij geholpen door zijn ministers, aan de handelingen zijner regeering een eenzijdig fransche strekking te geven, bij zooverre dat de Engelschman Palmerston hem erop wees hoe weinig eervol die afkeer voor de Belgische onafhankelijkheid was. Zoo erg was trouwens de regeeringsloosheid dat de Conferentie te Londen ernstig aan verdeeling van België begon te denken. De partij van het Vereenigde Koninkrijk der Nederlanden, de orangisten lijk men ze toen noemde, stak het hoofd op te Gent, te Antwerpen en te Maastricht. . Daarop stichtte Gendebien op 23 Maart te Brussel met behulp van de regeering, de «Association nationale» die een soort van schrikbewind over het land deed heerschen en om oorlog riep tegen Holland. De nieuwe belgische staat beleefde toen bange dagen. Lord Ponsonby, de Engelsche gezant trachtte baron Van der Smissen tot een opstand ten voordeele van den prins van Oranje aan te zetten. Het mislukte echter door het krachtdadig optreden van kolonel Clump (25 Maart 1831). Gent was het middenpunt der Orangisten: de oppositie had er reeds tweemaal de Orangisten naar het stadhuis gestuurd en tweemaal had de belgische regeering den gemeenteraad ontbonden.
De regeering had te Gent en te Antwerpen den staat van beleg verklaard. De Orangisten aldaar waren voor het meerendeel grootnijveraars en groothandelaars. Patroons en arbeiders stonden scherp tegenover mekaar en dit werd nog erger door het stilvallen der getouwen wegens de breuk met Holland. Die werkloozen werden nu, veelal nog opgehitst door .de patriotische vereenigingen, losgelaten tegen de orangisten, terwijl de politie liet gebeuren. Er bestond een soort geheime overeenkomst tusschen de. belgische gezagvoerders en de plunderaars, onder dewelke zich talrijke betaalde of betalende Franschen bevonden. Begin April was de toestand zóó dat de Congres leden, vreezende dat de oorlogsgezinden van de «Association Nationale»- de overhand zouden nemen dank zij de zwakheid van den regent, en anderzijds onzeker over den uitslag der verkiezingen die wellicht de Orangisten de meerderheid zou bezorgen, hun ontslag weigerden te nemen en besloten
in Mei opnieuw te vergaderen, aldus een staatsgreep plegende ( 12 April). "
(België werd in 1830 in illegaliteit geboren.Verklarende nota ingevoegd in dit origineel document)
België werd in 1830 in illegaliteit geboren
Daarvan waren de stichters van de nieuwe staat zich terdege bewust. De Luikse jurist Joseph Lebeau, een van de leiders der Belgische opstand, verklaarde tijdens het Nationaal Congres dat er geen onafhankelijkheidsverklaring moest komen om het bestaan van België te legitimeren. "De bajonetten hebben gesproken. Teksten zijn niet nodig," aldus Lebeau. Het doel van de revolutionairen was rattachisme bij Frankrijk. Dus moest, stelde de racist Charles Rogier, "de taal van de Vlamingen worden uitgeroeid" en "het Germaanse element in België worden vernietigd." Toen het er bij de verkiezingen in april 183I op leek dat de pro-Orangistische partijen de meerderheid zouden behalen, pleegde het Voorlopig Bewind bijgevolg een staatsgreep. * Er kwam een langdurig terreurregime. "Het plunderen van de huizen van Orangisten, hoewel betreurenswaardig, is een vreselijke noodzaak om de vijanden van de publieke orde te onderdrukken," zei minister van Justitie Lebeau in 1834. Ook Leopold van Saksen-Coburg, de Duits-Britse prins die de Belgische revolutionairen tegen hun zin was opgedrongen, werd van meet af aan duidelijk gemaakt waar in België de prioriteiten lagen. Hij moest niet denken, zo dreigde Alexandre Gendebien in maart 1834 in de Kamer, dat hij de belangen van Wallonië kon opofferen aan die van "het Orangistische Antwerpen". Gendebien was kwaad omdat de eerste Belgische spoorlijn niet in Wallonië werd aangelegd. "Houd er rekening mee," aldus Gendebien tot de vorst, .'dat wij u desnoods de taal van het geweld zullen laten verstaan." De koninklijke familie hield er sindsdien rekening mee. * Omkoperij Leopold I was een briljante machiavellist. Hij wist zeer goed dat hij het staatshoofd was van een artificiële natie. Naar het einde van zijn leven toe deed het hem zelfs wanhopen. '"Vader blijft herhalen dat niets het land samenhoudt en dat het niet kan blijven bestaan," zo schreef Filip, de Graaf van Vlaanderen, in het voorjaar van 1865 aan zijn broer, kroonprins Leopold. * De eerste Coburg-koningen maakten corruptie tot fundament van België. Vaderlandsliefde is in België, zoals in alle artificiële naties, uitsluitend een liefde voor de eigen portemonnee. De rattachisten die de revolutie van 1830 hadden gemaakt kregen betrekkingen en vergoedingen die te verleidelijk waren om te weigeren. Eén voorbeeld: de 22-jarige Felix Chazal, een felle Bonapartist, ontving een jaarinkomen dat 23 keer zo hoog was als dat van een onderwijzer. Hij verkoos op slag België boven Frankrijk. Zelfs Vlaamsgezinden konden gekocht worden. Jan de Laet werd in 1863 in de Kamer verkozen voor de flamingantische Meetingpartij... Hij legde als allereerste parlementslid de eed in het Nederlands af. Daarna sprak hij enkel nog Frans. Het regime betaalde hem 100.000 toenmalige franken {zo'n half miljoen euro) aan smeergeld. Zo leerde zelfs De Laet van België houden. * Toch was corruptie als basis,van een staat een wankel fundament. Daarom had België een ideologie nodig waarmee goedgelovige zielen kon worden wijsgemaakt dat Belgisch patriottisme een deugd was, in plaats van een ondeugd. Die ideologie, het belgicisme,ontsproot in 1897 aan de pen van de Waalse antisemiet Edmond Picard. Tussen twee vuige anti-joodse schotschriften ("La revision des origines du christianisme" en "L'Aryano-Sémitisme") in, schreef hij "L'ame belge." De Belgen waren geen twee volkeren, aldus Picard, maar "één ras," en hoorden dus samen in één land. Henri Pirenne werkte de ideeën van Picard verder uit. Hij herschreef de hele geschiedenis in functie van het belgicisme en verzon de idee dat Vlaanderen "altijd tweetalig" was geweest, maar Wallonië niet. Bijgevolg diende Vlaanderen altijd tweetalig te blijven, maar hoefde Wallonië dat niet te worden. (een Waalse historicus schrijft het volgende vandaag:II. Une mal aimée de l'Histoire
En Belgique, comme dans beaucoup de pays, la conception et l'enseignement de l'histoire ont été intimement liés à une certaine idée du patriotisme : on voulait montrer que la Belgique présentait un caractère d'unité foncière; la Belgique était une nécessité de l'histoire et il fallait bannir tout ce qui mettait l'accent sur les différences. Cette tendance se précisa surtout à l'extrême fin du XIXe siècle. Edmond Picard, en 1897, croit découvrir "l'âme belge" - "l'âme belge existe puisque je la sens"; selon le célèbre avocat, une évidence historique s'impose, "le caractère indestructible de la Belgique, cette nécessité mystérieuse que rien n'a pu détruire". Publiée à partir de 1899, l'Histoire de Belgique d'Henri Pirenne donne un contenu scientifique, ou du moins considéré comme tel, à l'affirmation péremptoire de Picard; l'historien verviétois, professeur à l'Université de Gand, croit pouvoir démontrer qu'il existe un "peuple belge" depuis le Moyen Age, bien avant les ducs de Bourgogne par ailleurs glorifiés pour leur action centralisatrice; l'unité nationale, et c'est un cas exceptionnel clame Pirenne, a donc précédé chez nous l'unité de gouvernement. Le “phénomène belge" si l'on en croit l'illustre historien est un savant mélange d'influence romane et d'influence germanique; la Flandre, province bilingue dès le Moyen Age, en est le meilleur exemple et c'est ce qui explique que l'Histoire de Belgique de Pirenne soit construite autour de la Flandre qui a vu se former une "civilisation originale".
Histoire et patriotisme Cette vision unitariste de l'histoire fut bientôt confondue avec le patriotisme car elle rencontrait un besoin. Diverses raisons expliquent, en effet, la consolidation de l'amalgame au début du XXe siècle. Le mouvement flamand affermissait ses positions; les Wallons commençaient à réagir et il en résultait inévitablement une tension entre communautés. On voulut donc donner aux fêtes qui marquèrent les septante-cinq ans de l'indépendance en 1905 un caractère particulièrement grandiose et l'on s'empressa d'utiliser à des fins politiques les thèses de Pirenne; il fallait raviser la flamme patriotique. N'oublions pas non plus que dans les années qui suivirent, la tempête souffla sur la scène internationale; la défense du sol natal figura au premier chef des préoccupations à la veille de la guerre 1914-18; on craignait pour la Belgique les conséquences d'un affrontement entre le coq gaulois et l'aigle flamand. )
(einde verklarende nota ingevoegd in origineel document) Prof.Lode Wils van het Davidsfonds onderschrijft de stellingen van H.Pirenne Ook oud-minister Marc Eyskens glorifieert la Belgique dat volgens hem misschien niet democratisch aan de macht kwan maar sind de 1900, dus door de twingste eeuw heen steeds door een democratisch gekozen regering ge ruggesteend werd.
Les Cerises Belgiques
LEOPOLD VAN SAKSEN-COBURG TOT KONING VERKOZEN
Onder het tweede ministerie van den regent ging men, daar de fransche druiven te groen waren, dan over tot een nieuwe koningskeus en bood de kroon aan den veertigjarigen weduwnaar van de kroonprinses van Engeland, Leopold van Saksen-Coburg Deze aanvaardde op voorwaarde dat het Congres het verdrag der XVIII art., dat in Belgisch opzicht een heele verbetering beteekende op het protocol van 20 Januari, zou aannemen. Bij zijn tócht van Oostende naar Brussel werd hij feestelijk onthaald. Te Gent echter was het onthaal zeer koel Leopold's verkiezing Was een triomf voor de Engelsche diplomatie. Maar door de scheuring van het schoone Rijk der Nederlanden was dit ook voor de fransche politiek; wel moest deze tegen haar wil, de onafhankelijkheid van Bergië erkennen, maar Talleyrand en vele Franschen gaven nog hun hoop op een latere inlijving niet ver1oren. Reeds in April had Talleyrand bij protocol de slechting der vestingen bekomen, die door de Sainte-Alliance in 1815 op de Zuiderlijke grenzen van België waren opgericht.
DE TIENDAAGSCHE VELDTOCHT.
En toen koning Willem het verdrag der XVIII artikelen weigerde te onderteekenen en het Belgisch leger versloeg in den tiendaagschen veldtocht kwam een fransch leger, door koning Leopold geroepen, opdagen, om het jonge franschgezinde staatje te steunen. Gezien de overmacht der Franschen sloot Oranje een overeenkomst waarbij zijn leger over de grens terugtrok. Had koning Willem bij het begin van den oproer dezelfde krachtdadigheid aan den dag gelegd, waarschijnlijk was de fransch-waalsche toeleg nooit met welslagen bekroond geworden. België zou echter zijn nederlaag duur betalen. Reeds op 11 Augustus had de fransche gezant Talleyrand zich op de conferentie te Londen smalend uitgelaten over de Belgen: «Leopold was een armzalig wezen en de Belgen een hoop vagebonden, de Onafhankelijkheid onwaardig.Een zelfstandig België was onmogelijk en de eenige oplossing was het te verdeelen.» Palmerston zond echter een ultimatum aan Frankrijk met verzoek om dadelijk zijn troepen uit België terug te trekken. en Louis-Philippe kon niets anders dan gehoorzamen. Op verzoek van Léopold bleven hier evenwel enkele duizenden Fransche soldate n om mede te werken aan de herinrichting van het Belgisch leger, dat sedertdien een model van verfransching werd en is gebleven. Op de conferentie te Londen werd het verdrag der XVIII artikelen thans gewijzigd door het verdrag der XXIV artikelen, waarbij aan België heel wat zwaardere voorwaarden werden opgedrongen
*
Een Frans leger van 90000 manschappen trok België binnen om de 4000 'Hollanders' uit de Antwerpse citadel te verjagen. En dat op verzoek van een wanhopige machteloze Duitser die bijna Prins gemaal van een Engelse Koningin geweest was of Koning van Griekenland en nu regeerde over een moestuintje in Europa waar hij de meerderheid van de bevolking niet kon verstaan en zijn schoonvader (een samenvoegen van Frankrijk en Belgie onder een troonopvolger was het doel van het huwelijk) in Frankrijk verzocht tegen alle internationale verdragen in een leger Fransen te sturen om België af te scheuren met geweld.
Wie was de werkelijke baas?
Jonge Belgicistisch prins de la nature met ontblootte kroon en met lid van gesteld lichaam!
(wat een officieel taal Belgicisme is of het Vlaams van Francofonen)
De Hollandse druppel die de Belgische beker deed overlopen (zo beweren de Franstaligen) was dat Willem I in navolging van de Jakobijnse traditie van de Franse Revolutie (een staat, een volk, een taal) het Nederlands als bestuurtaal verplicht maakte. Nederlands was de taal van 4/5 de van de bevolking!
Vlaamse boeren die konden lezen noch schrijven tekenden met een kruisje een petitie om het Frans te behouden op aandrang van hun Katholieke parochiepriesters. En zo komen wij dan tot vandaag aan de Belgische Gestelde Lichamen met ontblote kronen............ Niet lachen a.U.b. 1518, "Onse ghemeene Nederlandse Tale”.
lees verder in Portici het spannend verhaal Op 16 oktober riep de Prins van Oranje vanuit Antwerpen de onafhankelijkheid van België uit. Eigenlijk zou dat de Belgische feestdag moeten zijn.
10-03-2007
Vlaanderen
NEDERLAND BELGIË VLAANDEREN
5-Vlaanderen
Uit het archief. Een boekje verschenen in het jaar 1930. België's Eeuwfeest!
Vlaamsche Lezer Dees jaar 1930 viert de Belgische staat zijn honderdjarig onafhankelijk bestaan. Ook de Vlamingen werden uitgenoodigd tot deze Belgische Kermis. Uit de volgende bladzijden zult gij vernemen -of wij, Vlamingen, redenen hebben om op die uitnoodiging in te gaan. Lees en overweeg. 1830 1930
De Leo Belgicus, Le Lion Belgique, De Nederlandse Leeuw wordt de prooi van de buitenlandse politiek.
(History of the lion map INGELAST IN DE OORSPRONKELIJKE TEKST The lion map's birth was not accidental and its development has been conspicuous; this in itself confirms its symbolic significance. There are four main versions: The first version We owe the original first version, of around 1579, to the Austrian Michael von Aitzing (Aitsinger, Eyzinger, Eytzing). In 1583 it was inserted into the book De Leone Belgico (Map I) that Von Aitzing wrote on the war of independence of the Netherlands, shortly after the Florentine Ludovico Guicciardini had published his work on the same topic. In the preface to his book Von Aitzing put forth his motives for choosing this particular title and for inserting the lion map. His basic idea is clear: the lion as a symbol of strength and bravery in its heraldic representation: 'Ego vero, Salomonis illius sapientissimi, qui leonem ad nullius pavere occursum, sed fortissimum esse bestiarum asserit, sententiam considerans; praeterea et ex Julii Caesaris commentariis, Belgas omnium fortissimmos animadvertens, Belgio non absque ratione, leonis formam inducere visus sum. Maxime cum laudatissimae memoriae Carolus Quintus Imp. Vel hoc etiam nomine Belgium aliquando in regni fastigium evecturus, nominandum deliberaverat esse regnum leonum; ob id forte quod fere omnes provinciae illae leonibus insignantur. Quare, ut primo quoque intuitu, non solurn totam inferiorem Germaniam sub totius alicuius leonis forma, verum singulas etiam regionum partes, sub singulis leonis ipsius membris conspiceres, diligenter elaboravi; armisque suis atque insigniis manu elegantissima Francisci Hogenbergii expressis ordine atque loco suo quaeque collocavi, non minore, ut spero, gratia quam is qui totam Europam, in virginis reginae a Lusitania coronatae formam, aliquando redactam Imperatori eidem Carolo, in Italia presentavit totique postea mundo communicavit'
(EINDE INGELASTE TEKST)
HET VOORSPEL. VLAANDEREN DOOR DE EEUWEN HEEN. In sinds de verovering door Julius Caesar langzamerhand geromaniseerde gebied van Maas en Schelde, het lage bosch- en broekland bij de Noordzee kwamen in de eerste eeuwen der christelijke tijdrekening de Germanen zich vestigen; Franken, Friesen en Saksen. Van dien tijd dagteekent de germaansch-romaansche taalgrens, die ten huidigen dage den Belgischen Staat in twee helften verdeelt: benoorden het Kolenwoud, waarvan het Zoniënbosch b.v. Nog een overblijfsel is, sprak men hoofdzakelijk Frankisch, terwijl ten Zuiden, romaansche dialecten, afkomstig van het volkslátijn, heerschen bleven. Een deel dezer Franken zakte af naar de Somme en later naar de Seine en de Loire en stichtte er het koninkrijk der Franken, waaruit het moderne Frankrijk zou ontstaan Deze Frankische veroveraars, klein in aantal, gingen weldra op in de meerbeschaafde inheemsche bevolking. Toen daarna onder de opvolgers van Karel den Groote het Rijk der Franken in den loop der 9e-eeuw gesplitst werd in Duitschland en Frankrijk, kwam een deel van het huidige Vlaanderen, n.l. Het grootste deel van Oost- en West- Vlaanderen, onder de Fransche Kroon; de overige Vlaamsche gewesten en Noord-Nederland behoorden tot het Duitsche Rijk. Aan beide zijden der Schelde ontwikkelden zich echter, dank zij de zwakheid der centrale regering, en in Frankrijk en Duitschland, half-onafhankelijke staatjes, waaronder vooral het graafschaft Vlaanderen en het hertogdom Brabant dienen vermeld. In Frankrijk was ondertusschen de macht van den koning zienderoogen gaan stijgen. Waar.'s konings macht eertijds deze zijner groote leenmannen al niet ver overtrof, voerden zij nu, in die in onze gewesten. Einde 13e eeuw hechtte Philips12e en 13e eeuw een politiek van verovering, ook de Schoone de parel van het graafschap Vlaanderen aan de Fransche Kroon. In dit begeerde Vlaanderen waren machtige steden gerezen: Brugge, Gent, Ieper, steden van volders en van wevers, die de wereldmarkt van toen overstroomden met de Vlaamsche wollen lakens. Met den bloei der nijverheid en den aanwas der arbeidersbevolking groeide de 'volksbeweging', die de macht in de gemeente uit de handen der patriciërs rukken wilde, tot een zegepralende macht. Op het veld te Groeninge werd de veroveringszucht der Fransche koningen verpletterd door de kleine lieden uit Vlaanderen, aangevoerd door enkele den graaf van Vlaanderen trouw gebleven edellieden. Daar werd het zaad gestrooid eener eigene Nederlandsche beschaving. Heel de veertiende eeuw door woedde de kamp. Vlaanderen was het bolwerk der nieuwe gedachte : de regeering door en voor het volk. Een heldhaftig gebeuren doet zich op voor onze oogen : het kleine graafschap Vlaanderen houdt het vol tegen de machtige Fransche koningen in een strijd, die door Professor Pirenne geroemd wordt als een der meest grootsche en bewonderenswaardige episoden in heel de geschiedenis der Middeleeuwen. De namen des Artevelden leven nu nog in het hart der Vlamingen . Prachtige kerken en stadhuizen, stoere hallen en belforten rijzen nu nog in onze oude steden, adelbrieven onzer trotsche Vlaamsche gemeenten. Ophet einde van de 14e eeuw , kwam, door het huwelijk van de eenige dochter van den graaf van Vlaanderen met den hertog van Boergondië, een fransch vorstenhuis zich vestigen .in ons land. Met geduld, list of geweld wist het zich op te dringen aan de eene Nederlandsche provincie na de andere : Brabant, Henegouw, Holland en Zeeland. En wanneer Keizer Karel Gelderland en de overige Noord-Oostelijke provinciën der Nederlanden verovert. staan de zeventien provinciën der Nederlanden, met behoud evenwel van een ruime autonomie, onder de heerschappij van één vorst vereenigd. Voor de kunst was die tijd er een van schoone bloei. Vlaanderen en Brabant waren als het hart der Nederlanden, "van waaruit alom alover de Nederlandsche gouwen leven en licht van wetenschappen schoonheid stroomen ging". Daar, te Leuven. rees de eerste universiteit in onze gewesten. Juweelige stadhuizen, als daar zijn te Leuven en te Brussel, het steenen borduurwerk van de 0. L. Vrouwentoren te Antwerpen, de Europa-door-vermaarde schilderschool der Nederlandsche primitieven, met Van Eyck en Memlinc omkransten den Vlaamschen naam met hoogen luister.
Zoo talrijk en zoo bloeiend waren er de steden dat de Spanjaards, die naar hier werden gezonden, En de Italiaan Guicciardini in zijn «Beschrijving van alle de Nederlanden> schrijft geestdriftig: «Dit landt wordt een haven stapel ende marckt van gantsch Europa, jae, soo men segt, van de gantsche werelt van Oost tot West. En verder nog getuigt dezelfde dat er aan deze zijde der Alpen, met uitzondering van Parijs, geen rijker noch machtiger stad was dan Antwerpen, waar zich sedert het verzanden van het Zwin en het verval van Brugge, de handel der Nederlanden samengetrokken had. Een prachtige toekomst scheen boven de Verenigde Nederlanden te gaan lichten. De godsdienstoorlogen der 16e eeuw kwamen, deze schoone toekomstmuziek oplossen in felle dissonanten. Wel scheen het een tijd alsof al de Nederlandsche provinciën, waar het volk in groote meerderheid den alouden Roomsch-katholiekengodsdienst was trouw gebleven, het zouden vinden om hand in hand de Spaansche dwingelanden te verdrijven. Maar het calvinistische schrikbewind, te Gent bv de opdrang der Spaansche legers en de afval der Waalsche malcontenten maakten dat de zuidelijke Nederlanden weder moesten bukken onder de wet van Spanje, terwijl daarentegen de Noordelijke provinciën zich nauwer samensloten in de Unie van Utrecht -die evenwel nog werd geteekend door de meeste steden van Vlaanderen en Brabant -in den strijd voor de onafhankelijkheid voortzetten. Het einde van de strijd was de stichting van de onafhankelijke republiek der Vereenigde Noordelijke Nederlanden. Aan dezen nieuwen staat viel dra een heerlijke toekomst te beurt. Niet het minst dank zij de cultureele en economische bijdrage van talrijke hoog ontwikkelde Zuid-Nederlanders ging de 17e eeuw in Holland schitteren als de gulden eeuw. Het kleine Nederland werd een koloniale en zeevarende mogendheid; kunsten en-- wetenschappen stegen tot hoogen luister. Ook de Zuidelijke Nederlanden kenden nog, onder de aartshertogen Albrecht en Isabella, een schoone bloei. De school van Rubens veroverde Europeesche vermaardheid; onze metsers en beeldhouwers stonden aan de spits, de tapijten van Brussel en Oudenaarde pronkten aan alle hoven. Maar met de terugkeer van ons land onder den scepter der slappe Spaansche vorsten, treedt een verval in, dat heel de 17e en 18e eeuw blijft voortduren. De troepen der Hollandschen republiek, eerst in verbond met de Fransche legers, en daarna, tijdens de regeering van Lodewijk XIV, als tegenstanders der Fransche legermacht, vertrappen ons land. Door de vrede van Munster (1648) hadden de Amsterdamsche kooplieden de sluiting van de haven van Antwerpen weten te bezegelen. Het bareelentractaat in 1715 -toen de Zuidelijke Nederlanden reeds onder Oostenrijksch bewind stonden kwam nog de vrede van Munster bezwaren. Laten wij hier een oogenblik de Noord-Nederlandsche geschiedschrijver, Professor Geyl, aan het,voord: «Daar de nieuwe Oostenrijksche regeerder waarschijnlijk maar half belang zou stellen in de verdediging van zijn Nederlanden, werd aan Holland het recht gegeven om garnizoenen te leggen in een aantal Belgische steden op de Fransche grens. In de praktijk had Holland nooit veel voordeel van deze regeling, die de Belgen evenwel zeer griefde. Maar veel erger waren de ekonomische-, bepalingen van 1715 en hier exploiteerde en profiteerde Engeland samen met Holland. België werd stelselmatig en onbeschaamd opgeofferd aan de handelsbelangen van de twee zeemogendheden. Het is een diep treurige en onverkwikkelijke geschiedenis. We mogen natuurlijk niet vergeten dat de 18e eeuw onze opvattingen van internationale moraliteit niet kende. Nochtans moeten wij daarom niet trachten deze snoode en onverdedigbare regelingen te verdedigen. Zij waren volkomen onverdedigbaar. » Een paar feiten mogen volstaan om de diepte van het economisch verval te peilen: In het weleer zoo ijverige Gent telde men in 1700 nog 12 weefstoelen. voor laken. De haven van Antwerpen werd in een tijdsverloop van 147 jaar door 62 schepen aangedaan, dit is nog niet één schip om de twee jaar. Na een periode van opluchting onder Maria Thersia werden onze gewesten op het einde der eeuw veroverd door de fransche revolutionnaire legers. Nevens een aantal voordelen, als de opheffing van verouderde standsvoorrechten, de vrijheid der Antwerpsche haven, de opbloei der weefnijverheid te Gent, bracht het nieuwe bewind nieuwe kommer. Onze kunstschatten werden naar de Parijsche muzea weggevoerd, de godsdienst werd vervolgd, de volkstaal werd stelselmatig uitgeroeid en er mochten geen Vlaamsche bladen verschijnen, tenzij vergezeld van een Fransche vertaling! Onze jongelingenschap werd opgeeischt door de conscriptie om op de slagvelden van Europa Napoleon's machtshonger te helpen verzadigen. In de Kempen, in Klein-Brabant en het Hageland haakten onze boeren hun roer van de berookte zolderingen, maar hun opstand werd in het bloed gesmoord te Hasselt. Laten wij hier nog aan toevoeren dat ook Holland, enkele jaren na België, ingelijfd was geworden bij het Fransche keizerrijk. De smadelijke aftocht van zijn legermacht uit Rusland beteekende voor Napoleon, die lange jaren Europa had beheerscht, het begin van het einde. Wel poogde de Fransche keizer met frische troepen den aanval der verbondene Europeesche mogendheden te keeren. Waar echter tot nog toe de strijd er een was geweest van koning tot koning en niet van volk tot volk, werd het thans meer een nationale oorlog: in den slag bij Leipzig (1813),door de Duitschers de veldslag der volkeren geheeten, moest Napoleon het onderspit delven. HET VEREENIGDE KONINKRIJK.. In Holland schudde het volk reeds in 1813 de fransche heerschappij af, nog vóór de legers der verbondenen de Hollandsche grenzen hadden overschreden. Willem van Oranje, de zoon van de laatste stadhouder die uit het land was gedreven in1795, kwam terug onder het gejuich der bevolking. De onafhankelijkheid van Holland werd door de Verbondenen erkend. In België echter brak geen opstand uit. Men wachtte er lijdzaam tot de Bondgenooten de Franschen verdreven. Velen immers hadden naar Frankrijk leeren opzien als naar hun vaderland. Wel voelde de meerderheid niet veel voor het fransche stelsel maar er. was geen sterk nationaal gevoel en men wist eigenlijk niet al te best wat aan te vangen. Nog vóór hij bezit had genomen van de Hollandsche kroon had Willem van. Oranje van de Engelsche regeering de toezegging gekregen van een «vergrooting van grondgebied». De onderhandelingen werden verder gevoerd en het besluit was dat nagenoeg heel de Oostenrijksche Nederlanden, alsook het voormalige prins-bisdom Luik vereenigd werden met Holland. Op de conferentie te Londen werd door de mogendheden beslist dat die vereeniging innig en volkomen moest zijn: beide landen zouden een eenheidsstaat vormen, geregeerd door koning Willem volgens de reeds in Holland aangenomen grondwet, die thans zou gewijzigd worden volgens de nieuwe omstandigheden. De Conferentie verzekerde aan alle godsdiensten gelijke rechten en bescherming, aan alle burgers gelijke benoembaarheid tot de openbare ambten. Met een gunstig oog liet de Vereeniging zich niet aanzien. TEGENSTELLINGEN TUSSCHEN NOORD EN ZUID. De Hollandsche provinciën, trotsch op hun verleden en op hun huidige intellectueele meerderwaardigheid, keken zoo wat van uit de hoogte neder op het Zuiden, dat daarenboven voor het gevoel van de overheerschende calvinisten uit het Noorden, het gebrek had... roomsch-katholiek te zijn. Met uitzondering van koning Willem en ettelijke zijner raadslieden tel~men in Holland geen voorstanders van de Vereeniging. Die waren trouwens al evenmin te vinden in België: geestelijkheid en adel verlangden veeleer de terugkeer van het Oostenrijksch bewind, dat, naar zij hoopten, den stand van zaken van vóór de fransche omwenteling, zou herstellen. Daarnevens was er, lijk de Oostenrijksche zaakgelastigde reeds schreef in 1815, een groote fransche partij, die de hereeniging met Frankrijk wenschte en door dit land gesteund werd: aanhangers van den nieuwen liberalen tijd, oud-soldaten en gewezen ambtenaren van Napoleon, Franschen, die vóór de vervolgingen, ingespannen tegen de oud-revolutionnairen en bonapartisten, Frankrijk waren ontvlucht, vormden er de woelzieke elementen van. Trouwens in cultureelopzicht was België maar een verlengstuk van Frankrijk. In de 18e eeuw voerde de Fransche taal en het Fransche gezelschap leven de boventoon aan de hoven en bij den adel van het Europeesche vasteland. De taal van Voltaire geldt als het meest volmaakte instrument bij het gedachtenverkeer. Ineen door de Academie te Berlijn bekroonde verhandeling, noemt Rivarol haar niet langer de taal der Franschen, maar de taal der menschen. Onder Katharina II worden de Russische hoogere standen verfranscht in zulke mate, dat eerst op het einde der 19de eeuw het Russisch weer burgerrecht verkreeg in de kringen. Frederik de groote, koning van Pruisen, schreef zijn werken in het fransch. Het spreekt vanzelf dat Vlaanderen, als grensland tusschen de germaansche en de latijnsche beschavingen, maar vooral wegens het ontbreken van een sterk nationaal bewustzijn, de mode van den dag: sterk moest ondergaan. Nog onder het «ancien régime~ had de Brusselsche advokaat Verloo bitter geklaagdover «de onacht der moederlijke taal in,de zuidelijke Nederlanden,>. De fransche overheersching op het einde der: 18e eeuw kwam de verfransching nog in de hand werken. In onderwijs, gerecht, bestuur, pers, kortom in het openbaar leven heerschte het Fransch onbetwist en overmachtig, terwijl de hoogere standen boven de Moerdijk veelal trouw waren gebleven aan de eigene, voorvaderlijke taal. Wel was ook in de Vlaamsche gewesten het volk nog Vlaamsch gebleven: in 1814 nadat de fransche ratten hun matten hadden gerold, wendden de dekens der ambachten te Brussel zich tot den generaal-gouverneur met het verzoek om het Vlaamsch in zijn voorvaderlijke rechten te herstellen; en het was als gevolg op dit verzoek dat aan de notarissen toelating werd verleend hun akten in de volkstaal op te stellen. Van bedrijvigheid op Vlaamsch-cultureel gebied was echter haast niets te merken: met uitzondering van enkele stichtelijke volksboekjes bracht de Vlaamsche pers niets, op de markt. Overigens was in die jaren de politieke invloed nog het monopool der hoogere standen. En noch in het Zuiden, noch in het Noorden was er-enkele uitzonderingen niet te na gesproken een Nederlandsch samenhoorigheidsgevoel aanwezig. Daarbij kwam dan nog de kerkelijke tegenstelling. In Noord-Nederland heerschte het Calvinisme: I oppermachtig. Wel waren op het einde der 16eeeuw belangrijke stukken van het roomsch-katholieke Vlaanderen, Brabant en Limburg door de legers der zeven vereenigde Nederlandsche provinciën op de Spanjaard veroverd. Deze streken. kregen echter geen vertegenwoordigers in de, Statengeneraal;, zij ~regen zelfs geen eigen provinciale vergadering; ze.werden bestuurd in naam van deStaten-generaal en beschouwd als grondgebied toebehoorend aan de generaliteit, t.t.z. aan de gezamenlijke zeven provincies. Die toestand duurde tot1795, datum van den Franschen inval in Holland. Eerst dan kwam er gelijkstelling zonder aanzien van den beoefenden godsdienst. Maar door deze twee -eeuwen -lange verdrukking waren de Roomsch-katholieken in Holland de minderen gevorderd in economisch en intellectueelopzicht. Aan de regeering en in de administratie, aan de universiteiten en in de litteratuur varen de katholieken nog uitzondering. De katholieke ontvoogdingstrijd in Holland zou eerst later beginnen met Alberdingk-Thym en Schaepman. In de Vlaamsche provinciën integendeel was het Katholicisme overheerschend en de geestelijkheidbeschikte er over een grooten invloed op het volk. De Hollandsche katholieken, die het bindmiddel zouden hebben kunnen vormen tusschen het calvinistische Noord en het katholieke Zuid, speelden ongelukkigerwijze nog geen politieke rol. DE STRIJD VOOR DE GRONDWET IN EUROPA. Alvorens onze aandacht te wijden aan het regeeringbeleid. van koning Willem moeten wij nog even wijzen op de politieke atmosfeer in het Europa van die dagen. De eerste helft der 1ge eeuw wordt haast in alle Europeesche landen gekenmerkt door de strijd tot het bekomen van een grondwet, die de macht der vorsten zou beperken en de rechten, zoo individuele als politieke, van het volk zou bepalen. Na de overwinning te Waterloo hadden de geallieerde vorsten een «heilig verbond» 'gesloten, waarbij het sommigen, als den keizer van Oostenrijk met zijn raadsman, den zeer anti-liberalen Metternich, ( «den man van hetgeen was», lijk hij zich zelf noemde), vooral te doen was om de monarchistische gedachte, lees de alleenheerschappij van de vorsten, te versterken en de strevingen van de burgerij naar politieke en nationale ontvoogding te dwarsboomen.. Tusschen 1815 en 1820 braken in Duitschland"Italië en Spanje onlusten los, die gewapenderhand werden onderdrukt. Wie zich partijganger van een grondvet durfde te verklaren werd vervolgd, verbannen, gekerkerd. In Frankrijk was, na den val van Napoleon, een grondwettelijke monarchie opgericht, waarbij de afgevaardigden, verkozen door dezen die 300 frank rechtstreeksche belastingen betaalden ( er waren toen in heel Frankrijk ongeveer 90.000 kiezers) eenigen invloed op de regeering konden laten gelden. De koning Louis XVIII, een zestigjarige, verlangde in de eerste plaats zijn troon te behouden, wat, volgens hem, onmogelijk was indien men, lijk de ultra-royalisten het verklaarden te willen,. het ancien régime, t.t.z. de toestand van vóór de fransche omventeling, trachtte te herstellen. Het was een tijd van feilen strijd tusschen de liberale aanhangers van de grondwet en de conservatieve tegenstanders ervan, tusschen katholieken en anticlericalen. . Met den opvolger van Louis XVIII, n.l. Charles X kwam om zoo te zeggen de partij der ultra's zelf aan het bewind. En toen in 1830 de koning van-15 Frankrijk de vrijheid van drukpers ophief en het kiesrecht tot het monopool van de groote grondeigenaars maakte, brak in Juli 1830 te Parijs een revolutie uit, die Charles X wegvaagde en Louis Philippe op den troon bracht. In het nieuwe koninkrijk der vereenigde Nederlanden waren de politieke verhoudingen geregeld door een grondwet. In 1815 werd koning Willem door de liberalen aanzien als de meest liberale vorst van zijn tijd. De nieuwe grondwet voorzag twee Kamers de eerste, bestaande uit leden voor hun leven benoemd door den koning, de tweede Kamer, gevormd door 55 Hollanders en 55 Belgen, verkozen door de provincieraden (Laten wij hier tusschenhaakjes aan toevoegen dat België toen 3 millioen , inwoners telde tegen 2 millioen in Holland). De ministers waren niet verantwoordelijk tegenover het parlement, dat trouwens noch het recht van 'amendement, noch het recht van initiatief op wetgevend gebied bezat. De persvrijheid was tamelijk beperkt..Koning Willem had zich dus een aanzienlijk overwicht in de regeering voorbehouden.
HET KARAKTER VAN KONING WILLEM. Van koning Willem geeft Prof. Dr Blok in zijn«Geschiedenis van het Nederlandsche volk» volgende karakterschets « Onvermoeid, rechtschapen en eerlijk, gewend het oog te houden op alles, tot in het kleine toe, was hij vooral een goed beheerder. Hij was in vele opzichten ruim van blik, met groote kennis en een helder verstand, tot in kleinigheden nauwlettend. Hij was voor iedereen toegankelijk~ begaafd meteen ijzersterk geheugen en een helderen kijk op menschen en dingen, eenvoudig, matig en zuinig oor zich zeIven, doordrongen van ernstig plichtgevoel, tevens vol, dikwijls al te vol zelfvertrouwen en vast overtuigd van het eindelijk welgelukken van zijn pogen. Deze hoedanigheden stemden hem tot een werkzaam en krachtig bestuurder, geen geniale maar een veelszins begaafde persoonlijkheidhoog en idealistisch, eerder nuchter en burgerlijk praktisch van opvatting en neigingen, zooals ook zijn uiterlijk dat van een burgerman was en zich afkeerig toonde van alle vertoon, vooral van militair vertoon, zelfs van militaire kleeding en omgeving. Men zou hem op het oog eerder voor een Hollandschen burger, een. rentenier, een koopman uit de middenstand dan voor een vorst gehouden hebben. Zijn groot gebrek: eigenwilligheid, koppig vasthouden aan eigen macht en eigen meening, bracht hem er toe alles tot in de kleinste bijzonderheden zelf te willen doen en in alles eigen zin te volgen, niemands raad in te roepen dan alleen om eigen handelswijze te dekken, alle verschil van gevoelen als ongehoorzaamheid of gebrek aan inzicht aan te 1llerken. Het zou hem een ernstige hinderpaal blijken. »ECONOMISCHE BLOEI. In economisch en intellectueelopzicht maakte koning Wille1ll zich tijdens zijn kort bewind zeerverdienstelijk voor de Zuidelijke Nederlanden. De Belgische nijverheid.producten vonden, dank zij de bemiddeling der hollandsche koopvaardijvloot, grooten afzet in de nederlandsche koloniën. Aan de Scheldekaai en stapelplaats te Antwerpen werd de laatste hand gelegd. Het aantal aldaar binnengeloopen schepen, dat in 1818, 585 bedroeg, was in 1829 reeds tot 1028 gestegen. De Oostendsche haven zag jaarlijks meer dan 500 schepen binnenloopen. Het Gent-Terneuzenkanaal schonk aan Gent een flinke haven. Nog verscheidene andere kanalen dagteekenen uit die jaren en over heel het land werden steenwegen aangelegd. Over 't algemeen, aldus de Vlaamsche historicus Fris, mag men zeggen dat de Koning, wat de stoffelijke belangen betreft, België meer begunstigde dan Holland. In 1824 wordt de «Algemeene HandeIsmaatschappij» opgericht, met een kapitaal van 37 millioen, waarvan 4 door den koning zelf onderschreven; de handel die in gemeld jaar 215 millioen beliep om in drie jaren tijds tot 350 millioen. Reeds in 1822 was de «Algemeene Maatschappij tot begunstiging der nationale nijverheid» begonnen met het verleenen van gedeeltelijke voorschotten aan de nijveraars. Bijna al het katoen dat Java verbruikte, werd gefabriceerd te Gent, waar 16.000- spinners en wevers werkten. Van 1823 tot 1825 werden aldaar elf nieuwe textielfabrieken opgericht, John Cockerill kreeg steun van 's koningswege voor zijn onderneming te Seraing. Daar en elders werden met regeeringsteun hoogovens in werking gebracht. In 1825 begon het" kristalfabriek van Val-Saint~Lambert zijn werkzaamheid. De stoommachines en de gasverlichting komen i.tl gebruik. Nieuwe nijverheden omtstaan. Dank zij den uitvoer naar den Oost bereikte het arbeidsloon een, fatsoenlijk peil en was er weinig werkeloosheid. Ook voor landbouw en veeteelt had de regeering van koning Willem een open oog. De tentoonstellingen te Gent (1820), te Haarlem (1825) en te Brussel (1830) lieten schitterend den voorspoed der nationale nijverheid blijken. Daarvan getuigde ook de aangroei der bevolking, die op 13 jaren tijds tot 118.000 klom 111 Oost Vlaanderen alleen. . -
INTELLECTUEELE OPGANG ONDERWIJS
Ook op gebied van onderwijs en verstandelijke ontwikkeling liet Willem zich niet onbetuigd. Het lager onderwijs was een voorwerp van aan houdende zorg van vege de regering. Van 1815tot 1830 werden meer dan 1100 schoolgebouwen en650 onderwijzerswoningen opgetrokken en de 4000staatsscholen telden rond het jaar dertig meer dan300.000 leerlingen. Op het gebied van het middelbaar onderwijs werden. nevens de twee nog bestaande keizerlijke lyceaten Brussel en te Luik, athenea opgericht te Brugge, Gent, Antwerpen, Maastricht, Doornik, Namen en Luxemburg. Op 10 jaren klom het aantal leerlingen in de latijnsche scholen met een derde. In het Zujden werden evenveel universiteiten opgericht als in het Noorden, namelijk te Leuven, Luik en Gent. In 1820 telde men er 892 studenten, in 1828, 1557. De Academie voor wetenschappen en letterkunde, weleer door keizerin Maria Theresia gesticht, daarna door de Fransche Republiek afgeschaft, werd in 1816 heropgericht. Te Gent werd de «Maatschappij voor Nederlandsche letterkunde» gesticht.
Laten wij er nog aan toevoegen dat de bedelarij, een der plagen van het land vóór de vereniging,.dank zij het optreden van de «Maatschappij van weldadigheid», door het initiatief van koning Willem in 1821 gesticht, in zeer opmerkenswaardige wijze ging slinken. Over de politieke bezwaren tegen het staatsmonopool op onderwijs gebied zullen wij straks de;aandacht moeten vestigen.
DE KATHOLIEKE OPPOSITIE. In een vertrouwelijk schrijven aan zijn regeering liet de Oostenrijksche gezant, graaf de Mier, zich 0p 21 Juni 1830 uit als volgt «Sedert de tien jaren dat ik dit land bewoon heb ik slechts een voortdurend veranderen van stelsel, in alle takken van bestuur gezien.Ik heb aldoor zien breken en maken, zich eerst aan Iets wagen en koppig volharden om dan achteruit te gaan en met; kwade luim toe te geven; een slechte wet voorstellen, veranderen, intrekken, dan opnieuw aanbieden het gemaal belasten, dan vrijstellen; het «wijsgerig college» verplicht, later facultatief maken en het eindelijk afschaffen; de studiën in den vreemde verbieden en ze weer toelaten; eene zoogezeg de nationale taal opdringen die door de helft der natieniet begrepen wordt en dan met tegenzin op die willekeurige handelwijze terugkomen; de pers vrijlaten en daarna ze weer aan band leggen; kortom, Onbestendigheid overal. »Voeg erbij dat op enkele jaren tijds koning Willem erin slaagde zich de twee bestaande partijen op den hals te halen, zoodat vanaf 1829 én katholieken én liberalen hand in hand gingen in hun oppositie tegen de regeering. De eerste moeilijkheden deden zich voor toen de grondwet van het nieuwe koninkrijk moest aanvaard worden door de notabelen van Holland en België. De oppositie ging uit van de katholieken. De Gent. Deze, een geboren Franschman en een strijdlustig temperament, had zich onderscheiden door zijn tegenstand tegen de kerkelijke Politiek van~ Napoleon. Toen deze later echter, na de nederlaag te Leipzig, de. plaats moest ruimen voor koning Louis XVIII, nam de bisschop van Gent het op voor , , ;de Bourbons en in een herderlijke brief aan zijn geloovigen sprak hij de hoop uit dat, «nu de verwoestende adelaar (Napoleon) verdreven was en de heerlijke leliënstam (Louis XVIII) verder aan het bloeien ging, de Belgische provinciën deel zouden: blijven uitmaken van het fransche koninkrijk. » Zijn hoop ging evenwel niet in vervulling. Toen de Nederlandsche provinciën van Noord en Zuid onder den scepter van Oranje waren vereenigd. had koning Willem, op voorschrift der mogendheden in het ontwerp van grondwet, de volkol1len geloofsvrijheid, de gelijke bescherming van alle godsdiensten en de benoembaarheid van alle burgers tot alle openbare ambten laten schrijven. Voor de Hollandsche katholieken was die grondwettelijke bepaling een voordeelige zaak. Het beteekende voor hen het begin der vrijheid. Maar de bisschop van Gent zou gewild hebben dat koningVillel1l, wat de bescherming van alle godsdiensten betreft. onderscheid zou hebben gemaakt tusschen Noord en Zuid en dat in België namelijk alleen de katholieke godsdienst zou steun genieten. Voor een katholiek, die overtuigd is dat de Hollandsch-katholieke Kerk de hoedster is der godsdienstige Waarheid, is de gelijke bescherming der godsdiensten door den Staat in beginsel niet te aanvaarden. Ik zeg in beginsel, want in de ,werkelijkheid kan men, met het oog op een bestaande toestand, meenen' dat niet enkel de verdraagzaamheid, l1laar zelfs de gelijkstelling de beste oplossing Men beschouwt de zaken dal:1 uit een burgerlijk oogpunt. OI1l kort te gaan, de bisschop van Gent verboo0 aan de l1otabelefl van zijn bildom voor het regeeringsol1twerp te stemmen en toen koning Willem I..niettegentaande een meerderheid van neen-stemmen, het ontwerp toch voor aanvaard verklaarde, verbood de bisschop den eed van getrouwheid aan de grondwet. Hieraan was door den koning makkelijk een uitweg te vinden.namelijk door aan de katholieken toe te laten een `restrictio mentalis' een voorbehoud te maken. Maar de koppigheid van Willem lokte een strijd uit, die licht had kunnen voorkomen worden.- In 1817 had de aartsbisschop van Mechelen verklaard dat hij de grondwettelijke bescherming, zonder onderscheid aan alle eerediensten toegezegd, slechts uit een burgerlijk oogpunt opvatte. Het:c:tuurde toch nog tot 1821, datum van het overlijden van Mgr de Broglie, vooraleer een verzoening met de geestelijkheid tot stand kwam. Na zes jaren strijd legden de vicarissen-generaal van Gent den voorwaardelijken eed af. Ook op andere gebieden kwam het tot wrijving met de katholieken. Willem trachtte de kloosterstegen te werken en vooral de «nuttelooze» kloosters, t.t.z. de contemplatieve orden. Daarbij was de koning partijganger van de overheersching van het staatsonderwijs. Zoo trachtte hij het oprichten van katholieke lagere schoolen te verhinderen en bij besluit: van 14 Juni 1825 werden alleen de wereldlijke latijnsche scholen toegelaten en bisschoppelijke kleine seminaries gesloten. Waarheidshalve dient hier aan toegevoegd dat de staatsathenea in godsdienstig opzicht, naar het oordeel van Pater Delplace, doorgaans voldeden: te Bergen b.v. en te Namen was de principaal een priester. Erger was dat Willem zich wilde bemoeien met de opleiding der toekomstige priesters. Hij verbood in de groote seminaries studenten te aanvaarden, die niet gestudeerd hadden aan het door hem te Leuven opgerichte Wijsgeerig college. Deze.maatregel een der grofste misslagen van s koningsbeleid ~ was voor de geestelijkheid volledig onaanneembaar. Verzet vanwege Paus en, bisschoppen bleef dan ook niet uit, terwijl, de katholieke bladen zich hardnekkig kantten tegen. de staatsinmenging in kerkelijke zaken. Koning Willem ging alsdan beseffen dat hij toegevingen moest doen. Hij zond een gevolmachtigde naar Rome om te onderhandelen nopens het afsluiten van een concordaat, dat eindelijk in 1827 werd geteekend en luidens hetwelk ieder bisdom een seminarie zou bezitten. Wat de bisschopskeuze betrof, zou het kapittel aan den koning een kandidatenlijst voorleggen, waarop deze de kandidaten, die hem niet bevielen, zou schrappen; uit deze lijst duidde de Paus dan den titularis aan. Ook voorzag het Concordaat de oprichting van drie nieuwe bisdommen en voortaan zou de zorg voor de opvoeding der geestelijkheid alleen bij de bisschoppen berusten. Het concordaat 'genoot een dankbaar onthaal bij de katholieken, terwijl de hollandsche calvinisten en de Belgische liberalen het afkeurden. Om de liberalen te paaien zond een van 's koningsministers een vertrouwelijk schrijven aan de gouverneur waarin hij de feitelijke waarde van het concordaat trachtte te verzwakken. Toen een liberaal blad dit schrijven publiceerde en de katholieken zagen dat men ten slotte het status quo trachtte te behouden, kwam opnieuw de katholieke oppositie' los. Menig pastoor werd wegens zijn felle taal vóór het gerecht gedaagd en de katholieke parlementairen, wier verzet tot nog toe steeds eerbiedig was geweest, namen een heftigen toon aan. KLACHTEN EN GRIEVEN. In België werd ook geklaagd over het feit dat de Hollanders meer dan hun deel der openbare ambten bezetten. Veel mistevredenheid, vooral in liberale kringen, :werd gewekt door het koninklijk reglement van 20 April. 1815 dat de persmisdrijven, in zeer vage bewoordingen aangeduid, op zeer strengé wijze strafte, terwijl, de in Vlaanderen gevestigde Walen en de franskiljons een keel opzetten omdat koning Wil1em het Nederlandsch tot de officiële taal van de Vlaamsche provinciën liet uitroepen: de ambtenaars, die na den vastgestelde termijn het Nederlandsch niet machtig zouden zijn, moesten naar Wallonië overgeplaatst worden. Voegen wij hier nog aan toe dat, ten einde de staatsschulden te delgen, de regeering zich genoodzaakt zag nieuwe belastingen in te voeren, wat steeds bedenkelijk is geweest voor de populariteit van een regeering. Vooral kwam er heftig verzet tegen de belasting op het gemaal en het geslachtte.t.z. op brood en vleesch, te meer daar boeren en arbeiders zich hier hoofdzakelijk met brood voedden, terwijl in het Noorden de aardappelteelt vrij.wel algemeen geworden was. Wij hebben hooger gezien hoe in 1827 de oppositie der katholieken tegen de regeering met vernieuwde heftigheid losveerde. Terzelfdertijd haalde koning Willem zich den haat der liberale perslui op den hals door de kleingeestige strengheid vaarmede hij de persvrijheid kortwiekte. Verscheidene dagbladschrijvers, als Ducpétiaux en De Potter, werden voor een tijdje in 't drogegezet. Naar aanleiding van laatstgenoemd vonnis werden de ruiten van het ministerie van rechtswezen met steenen ingegooid. Toen dan deze twee oppositiën, mekaar vonden en mekaar de hand reikten, nam de politieke toestand een gevaarlijke vending voor .s konings regeering
HET KATHOLIEK.LIBERAAL -, MONSTERVERBOND.
HET KATHOLIEK.LIBERAAL -, MONSTERVERBOND.
In Frankrijk had priester Lamenais, in tegenstelling met de vroegere katholieke leiders die afwijzend stonden tegenover de moderne vrijheden, een soort katholiek liberalisme verdedigd. Deze houding vond hier heel wat succes bij de katholieken, sedert een hunner leiders, de Gerlache, verklaard had dat de vrijheid van onderwijs niet te scheiden was van de vrijheid van godsdienst en van drukpers. Door het toedoen van de gematigde liberalen en van de liberaliseerende katholieken ontstond toenadering tusschen de twee voorheen zoo vijandige partijen. De geschilpunten werden terzijde gezet en men besloot te ijveren voor de opheffing van bepaalde grieven en «de vrijheid in alles en voor allen» op te eischen. Reeds den 23 Juli 1828kondigde een Luiker-Waalsch liberaal blad de sluiting der katholiek-liberaale Unie aan.:Een grootscheepsch petitionnement weid ingericht. Wallonië en Brussel vroeg in de eerste plaatsafschaffing van de belasting op het gemaal en afkondiging van de persvrijheid, terwijl Vlaanderen vooral ijverde voor opheffing van het staatsmonopool in zake onderwijs. Rond deze en andere echte of denkbeeldige grieven voerde de pers een fe11e anti-hollandsche campagne. zoodat koning Willem begreep dat hij moest inbinden. De zeer liberale pers,vet van 16 Mei 1829verving het gehate dwangreglement van 1815. En toen de koning zag dat de liberale stokebroers alsmaar niet tot bedaren te brengen waren, deed hij toegevingen aan de katholieken, ten einde het katholiek-liberaal monsterverbond, lijk hij het smalend noemde, op te lossen... Er kwam echter geen 'rust. De katholieken eischten thans de algemeene vrijheid van onderwijs zonder toezicht. De pers, zoo katholieke als liberale, werd des te driester, daar regeering en gerecht het hoofd verloren hadden en de persovertredingen zich zoodanig vermenigvuldigden, dat de gevangenissen met dat bladschrijvers opgepropt waren. En weer gooide Willem het over een anderen boeg de pas aangenomen perswet van 16 Mei 1829, die naar zijt1 oordeel al te liberaal was, wilde hij opnieuw verscherpen. Maar de strijd werd zoo heftig.dat de koning. die intusschen zelf naar Brussel was gekomen om polshoogte te nemen, tot nieuwe toegevingen besloot, n.l. aan de katholieken in zake onderwijs, terwijl hij om de liberale advocaten te paaien het gebruik van het Fransch in Vlaanderen als gerechts en officiële taal opnieuw toeliet. Nochtans was er niettegenstaande de felheid der oppositie op dit oogenblik geen spraak van scheiding of van omwenteling. Op 21 Juni 1830 schreef de Oostenrijksche gezant De Mier nog aan zijn regeering : Indien er geen:beweging in Frankrijk ontstaat, mag men gerust .zijn dat dit land hier niet zal verroeren. Enkele weken nadien brak, onder het gejuich van:alle liberale elementen in Europa, te Parijs de Juli revolutie los: Charles X werd gedwongen afstand te doen van den troon ten voordeele van zijn neef Louis-Philippe. In België, waar de pers, zich blind staarde op Frankrijk -de redactiebureelen zaten trouwens Opgepropt met Franschen -verwekte natuurlijk het nieuws van den Parijzer opstand groote opschudding: de liberalen begroetten de revolutie als een overwinning der grondwettelijkheid, terwijl vele katholieken den val van Charles X betreurden, die tegenover de geestelijkheid goedgezind was,geweest..
De Belgische Omwenteling van 1830 HET OPTREDEN DER FRANSCHE PARTIJ.
Thans echter gaat een derde partij ten staatstooneele verschijnen, de Fransche partij. Ze bestond uit gewezen Fransche ambtenaren, die door de Nederlandsche regeering in de administratie waren opgenomen; uit talrijke Fransche ballingen, meestal Jacobijnen of Napoleonisten en... Uit Waalsche advocaten. De leider van deze Iaatsten was de jonge fransman Alexandre Gendebien, wiens
Franschgezindheid even hoog liep als zijn anti-hollandschgezindheid. Menigeen onder hen was fransch van oorsprong Zoo werd Charles Rogier geboren te Saint Quentin en was Frédéric de Mérode, «maire.» geweest van St. Luperce-bij-Chartres. Allen waren fransch van opvoeding en droomden van aanhechting bij «Ia grande patrie». Gendebien besloot in verbinding te treden met de revolutionaire clubs te Parijs, die ook in de om liggende landen revolutie wilden stichten; alsook met de groep van generaal Lamarque, die de omstandigheden gunstig achtte om den eeuwenouden droom der fransche politiek, de verovering der Rijngrens, in werkelijkheid om te zetten. «Sedert dn 2n of 3n Oogst», aldus Gendebien in een zijner brieven, «heb ik naar Parijs geschreven om te vragen dat men klaar en duidelijk zou zeggen of men de Rijngrens verlangde en ik waarborgde hun een succes over heel de lijn als zij tot den aanval wilden overgaan.» * Vooraanstaande leden der fransche partij in België, als de Brouckere, Le Bon,. De Stassart voerden te Parijs onderhandelingen met generaal Lamarque en met Barrot, leider..der liberalen, over de aanhechting van België bij Frankrijk. Bij hun terugkeer te Brussel belegde de partij een vergadering in de bureel en van de «Courrier des Pays-Bas» en op één na verklaarden allen zich partijganger van de inlijving bij Frankrijk (8 Oogst 1830). Rond midden.Augustus zond de club «Les amis du Peuple» uit Parijs verscheidene agenten naar België om er hun opruierswerk te verrichten. Onder de lagere volksklasse werd met ruime hand fransch geld uitgedeeld; strikken met de fransche driekleur waren overal te zien en er kwamen vliegende blaadjes uit met aanprijzing van de vereeniging met Frankrijk. Op I5 Oogst zond de fransche regeering, die weinig neiging voelde voor een avontuur, een geheimen agent naar Gendebien met verzoek, om, gezien den tijd noodig tot het herinrichten van het fransche leger, den opstand een jaar uit te stellen. Tegen de meening in van Gendebien en Van De Weyer , tegenstanders van elk uitstel, besloot de fransche factie niet vóór midden September de revolutie te doen losbreken.
De reden was dat de troon van le Roi Louis Philippe erg wankel was. Hij had de troon van de Bourbon Charles X bezet in juli 1830 als een soort Koning die de principes van de Franse revolutie toegedaan was. Een revolutie die de vergroting van Frankrijk met het aanhechten van La Belgique zou verwezelijken! Napoleon III zou hem verjagen in 1848 om zelf de troon te bestijgen en La Belgique trachten te heroveren..,
DE NACHT VAN 25 AUGUSTUS.
In den nacht van 25 Augustus, na de opvoering van «La Muette de Portici» ontstonden, dank zij de Fransche opruiers, relletjes: er werden ruiten stukgeslagen, het patriciërshuis van den minister van justitie werd in brand .gestoken. De bij elke voksopstoot aanwezige plunderaars lieten zich niet onbetuigd: handelshuizen werden geplunderd, wapenwinkels opengebroken. Benden arbeiders gingen in de fabrieken de machines stukslaan, die ze aansprakelijk stelden voor de heerschende werkeloosheid. Den 26 Oogst had een vreemde opruier de fransche vlag op het stadhuis geheschen. Ducpétiaux.echter had ze dadelijk vervangen door de driekleur van de vroegere brabantsche omwenteling. De overheden lieten maar betijen en keken lijdzaam toe. Daarop besloten een aantal burgers over te gaan tot het heroprichten der burgerwacht; en, o wonder, de meeste Franschen -en wij hebben gezien dat zij in groot getal te Brussel gevestigd,waren -sloten er zich bij aan, ja, namen zelfs, daar zij oud-gedienden waren, de leidende plaatsen in. Aan het hoofd stond baron d'Hoogvorst. De feitelijke macht berustte reeds bij de kwartiergeneraal der burgerwacht de wettelijke overheden waren zonder invloed. Op 28 Augustus kwamen op het stadhuis te Brussel vijftig vooraanstaande personen bijeen om een adres aan den koning op te stellen waarin zij den koning bezweerden de eischen der Belgen in te willigen. Intusschen had koning Willem aan zijn twee zonen bevel gegeven met 6000 man naar Brussel op te marscheeren. Op verzoek van sommige Brusselsche leiders besloot de prins van Oranje zijn leger te Vilvoorde te laten en enkel van zijn staf vergezeld deed hij zijn intrede te Brussel. Hij werd echter ijskoud onthaald en allerwegen ging de kreet: Leve de vrijheid! In dezelfde dagen kwamen de Belgische gezanten uit Den Haag terug. Koning Willem wilde voorals nog van geen toegevingen hooren, maar hij beloofde toch een buitengewone vergadering der StatengeneraaI te zullen bijeenroepen voor 19 September. In een onderhoud met minister La Coste had Gendebien de onmiddellijke scheiding van België en Holland verdedigd en voorgesteld den prins van Oranje te laten uitroepen tot onderkoning of luitenant-generaal over het Belgisch landsgedeelte. In denzelfden zin luidde het advies van de leden der Staten-Generaal, die door den prins van Oranje op 3 September te Brussel werden ontvangen. Het was ook de zienswijze van den opperbevelhebber der burgerwacht, baron d'Hoogvorst, die tevens aandrong op den aftocht der troepen, die rond Brussel legerden. De prins was onnoozel genoeg om op dit voorstel in te gaan. Met zijn afreis steeg natuurlijk de durf der separatisten en der fransche woelmakers, te meer daar in menige provinciestad de anti-hollandsche elementen duchtig aan 't roeren waren. Uit Bergen, Namen en Doornik trokken honderden vrijwilligers naar de hoofdstad. Alleen Gent en Antwerpen, waar de grootnijverheid en de groothandel niet bij een oproer te winnen hadden en heel wat te verliezen, bleven rustig. Op 7 September kwamen 300 Luikerwaalsche vrijwilligers de Brusselsche opstandelingen vervoegen tot groote vreugde van de franschgezinde partij. Barricaden werden opgeworpen. Ook vele vreemdelingen, die te Brussel woonachtig waren, stelden zich ter beschikking van de leiders der revolutie en aldoor stroomden nieuwe Franschen toe, onder dewelke talrijke agenten der clubs van Parijs. De regeering van Louis-Philippe, die hoopte door een vredelievende houding zich te doen erkennen door de mogendheden, kwam niet tusschen te Brussel, te meer daar de om wenteling vroeger losgebroken was dan haar franco-belgische leiders voorzien hadden.en daar het fransche leger niet gereed was. Deze lijdzaamheid maakte Gendebien korzelig, die aan de koning van Frankrijk liet zeggen :dat Frankrijk hier 200.000 Belgen zou vinden, die bereid waren om de Rijngrens met geestdrift te verdedigen. Later, als Frankrijk gedwongen zal zijn oorlog te voeren, zullen wij vrede gesloten hebben met de Nederlandsche regeering en zal Frankrijk 60.000 Belgen te bestrijden hebben. Waarheidshalve moeten wij hier aan toevoegen dat sommigen onder dezen, die steun van Frankrijk verlangden, daarmede enkel het welslagen van den opstand wilden verzekeren, zonder van de vereeniging met Frankrijk te willen. Gendebien, het hoofd der Fransche partij, kwam nu met een nieuw voorstel op de proppen. Zijn plan om een voorloopige regeering samen te stellen vond gretig onthaal bij de notabelen, maar de volksvertegenwoordigers sloten zich, toen zij vernamen dat Gent en .Antwerpen niet roerden, bij dit voorstel niet aan. Op dit oogenblik scheen de bestuurlijke scheiding het meest kans te hebben, te meer daar adel, geestelijkheid en burgerij van inlijving bij Frankrijk niet weten wilde. Koning WiIlem kantte zich echter halsstarrig tegen elke scheiding en aan den anderen kant liet hij het leger werkeloos. Dit gemis van doordrijvendheid heeft de revolutie tot de overwinning geholpen.
DE COMMISSIE VAN OPENBARE VEILIGHEID.
Wij hebben hooger gezien dat voor 19 September een vergadering der Staten-Generaal belegd .was in Den Haag. De Belgische afgevaardigden gingen er heen: de revolutionnaire groep te Brussel verheug de zich over hun afreis daar hun gematigdheid tegen de vorderingen der omwenteling een hinderpaal opwierp. Gendebien deed een «commissie van open bare veiligheid» aanstellen met de uitdrukkelijke goedkeuring van het stadsbestuur. Maar, ondanks de bemoeiingen van de revolutionnaire groep, kreeg de commissie een vrij beperkte opdracht: Zij moest namelijk de trouw aan het Nederlandsch vorstenhuis verzekeren, het beginsel der scheiding tusschen Noord en Zuid handhaven en de openbare orde herstellen. Erger was dat de leden der 'commissie' op en top anti-hollandsch waren en meestal tot de fransche partij behoorden: Gendebien, Van de Weyer, Rouppe, Felix de Merode en Meeus. Zij ontzetten den procureur-generaal uit zijn ambt de gouverneur van Brabant, de burgemeester van Brussel en talrijke hoogere ambtenaren verlieten de stad. Driemaal dus waren de pogingen der liberale leiders om een voorloopige regeering aan te stellen, verijdeld door den tegenstand der gematigden, die een opene deur voor de verzoening wilden behouden. Intusschen was de zitting der staten-general geopend in Den Haag, waar heel wat verbittering tegen de belgische muiters zich lucht gaf. De belgische afgevaardigde, baron de Gerlache, moest door de politie tegen de woelige menigte beschermd worden. Tijdens het debat over de noodzakelijkheid om de nationale instellingen te wijzigen, vielen beiderzijds harde woorden. Na de troonrede van koning Willem verzocht de reeds vermelde «Commissie van openbare veiligheid» de belgische afgevaardigden Holland te verlaten. Deze laatsten gingen niet in op dit verzoek en verkozen te onderhandelen met den prins van Oranje. ,
Het nieuws wekte de verontwaardiging der revolutionnairen en de Luiker-waalsche vrijwilligers besloten een aanval te wagen op het stadhuis, waar de «commissie van openbare veiligheid» zetelde. Haantjes-vooruit, als Charles Rogier, Ducpétaux, Renard en de Fransche Niellon, Grégoire en Chazal hadden ondertusschen, in verstandhouding met Gendebien, het «Centraal verbond» gesticht, waar vooral Luikenaars, Luxemburgers en andere Walen hoogen toon voerden. Talrijke leden van dit verbond wilden de fransche vlag opsteken (16 Sept.) De agenten der fransche clubs, die sedert het straatoproer en elders lieten drinken en schinken, bezorgden wapens aan het gepeupel, dat, aldus in de mogelijkheid werd gesteld om zich van het stadhuis meester te maken en de bugerwacht te ontwapenen. Schrik sloeg om het hart der burgerij. Bang voor plundering zond zij aanstonds een vertoogschrift naar prins Frederic te Antwerpen om de terugkeer van het leger te vragen. In Den Haag scheen ook de wettelijkheid te zegevieren: het adres op de troon rede, dat zich uitsprak in belgischen zin, werd door de leden der Tweede Kamer aangenomen met 86 stemmen tegen 19; en de belgische afgevaardigden, bevreesd voor de regeeringloosheid te Brussel, drongen bij den koning aan opdat hij zonder verwijl zijn toevlucht zou nemen tot het geweld. In den nacht van 20 op 21 September ontving Prins Frederik te Antwerpen het bevel Brussel binnen te rukken.
DE SEPTEMBERDAGEN TE BRUSSEL. Had de prins onmiddellijk de stad aangetast, hij zou waarschijnlijk op weinig of geen tegenstand zijn gebotst. Hij was echter zoo naief officieel zijn intrede te Brussel aan te kondigen voor den 23sten en liet aldus aan de muiters den tijd om barricaden op te werpen en hulp te ontvangen, vooral uit Wallonië. De burgerij nochtans helde hoe langer hoe meer over tot overgave. De revolutionnaire kopstukken hadden; op een paar na, bij 't naderen van 't gevaar, het hazenpad gekozen. Op 21 September vluchtten Van de Weyer en Rouppe in allerijl naar Valenciennes in Frankrijk, waar zij in het «Hótel du grand Canard".aan Gendebien, Chazal en De Potter kwamen zeggen dat alles verloren was. Felix de Merode begaf zich naar zijn kasteel in Frankrijk en Rogier, bevelhebber der Luiker-waalsche vrijwilligers, liet zijn bende in den steek en ging zich in het Zoniênbosch verschuilen. De Franschen en andere vreemdelingen, als Don Juan van Halen, besloten toen de verdediging van de stad op zich te nemen, samen met de opgekomen boeren, de vrijwilligers uit Luik en het Brusselsche werkvolk en gepeupel. Den 23 September rukten de koninklijke troepen Brussel binnen; op den Vlaamschen steenweg werden zij door een barricade tegen gehouden. Zij concentreerden zich in de Warande en om het bloedvergieten te beletten alsook de verwoesting der stad. liet de prins het vuur staken. Na den taptoe verlieten de «kielen" hun barricaden om in de omliggende herbergen over hun heldendaden te gaan zwetsen en... prins Frederik stak geen hand uit de mouw alhoewel de barricaden voor het grijpen lagen ! Des nachts ging baron d'Hoogvorst den prins verzoeken de stad te ontruimen. Dit weigerde de prins maar hij zou zich tot een verdedigende houding beperken. En inderdaad gedurende de drie volgende dagen verlieten zijn troepen hun stellingen niet meer! Zoo weinig snapte Frederik den toestand dat hij nog hoopte “op de beteugeling der anarchie door de burgerwacht.” Den zelfden nacht, bij het nieuws van de “zegepraal” kwam Rogier terug, vrijwilligers uit Halle, Genappe, Waver, Nijvel en Binche kwamen zich.aanmelden. En de «leiders" uit het “Hôtel du grand Canard” kwamen zich opnieuw “aan het hoofdstellen”. . De blauwe kielen slopen in de patriciershuizen langs de Koningsstraat en de Wetstraat en vuurden van daaruit op de Hollandsche troepen. Alsdan liet de prins de stad onder vuur nemen, wat de burgerij uit hare onzijdigheid deed opschrikken. Om die goeie zielen dan bepaald tot de omwenteling te bekeeren richtte de Commissie, die sedert den Barrikaden-opstand op het stadhuis zetelde, een oproep tot de burgerij waarbij aan deze op logenachtige wijze werd kond gedaan als dat vanwege het Hollandsch legerbestuur aan de hollandsche troepen een tweedagenlange plundering was toegezeid ! Dit deed dan de patriottische maat overloopen en de bedrogen burgerij sloot zich bij de barricade-mannen aan.
DE VOORLOOPIGE REGEERING.
Op Zondag 26 September werd dan eindelijk een voorloopige regeering aangesteld, waarvan d'Hoogvorst, Rogier, lolly, Felix de Merode, Gendebien en Van de Weyer deel uitmaakten. Hun eerste werk was een oproep tot de belgische soldaten in het Nederlandsche leger, die zij van hun eed van trouw ontsloegen. Talrijke soldaten gingen op vaandelvlucht, zoodanig dat het leger met ontbinding werd bedreigd. Prins Frederik, vernemende dat in Henegouw, de garnizoenen één voor één opgelost werden door het vuur der revolutie, oordeelde dat herstel der rust tot de onmogelijkheden behoorde en trok er in den nacht van 26 Sept. met de stille trom vandoor. Tot groote verbazing der vrijwilligers lag des anderendaags de Warande verlaten. De overwinning verzoende natuurlijkerwijze alle partijen. De gematigden en de vreedzame burgerij die nog tien dagen tevoren den Prins gesmeekt had de stad te komen bezetten, sloten zich aan bij de revolutionnairen en het doelwit van allen was thans het leger naar Holland te drijven. Volgens Blok telden de Hollandsche troepen 750 dooden en 2000 gewonden, terwijl de opstandelingen 400 dooden en 1100 gekwetsten hadden. Het nieuws van den Hollandschen aftocht verspreidde zich als een loopend vuur: in de meeste steden grepen de inwoners naar de wapens, verjoegen de troepen en kwamen de rangen der Brusselsche overwinnaars vergrooten, Ook de geestelijkheid in Vlaanderen, die afgewacht had welke wending de zaken te Brussel zouden nemen, sloot zich thans bij de beweging aan. Het Hollandsche leger ging door de desertie der Belgen in weinige dagen tot ontbinding over . Terwijl te Brussel geweerschoten vielen hadden de Staten-Generaal in Den Haag eindelijk de bestuurlijke scheiding tusschen Noord en Zuid aangenomen. Koning Willem, na ontvangst van een Adres geteekend door vele aanzienlijke Belgen, stelde op 4 October den prins van Oranje aan het hoofd der Zuidelijke Nederlanden. Het denkbeeld der volledige afscheuring was echter in de laatste dagen fel opgeschoten. Wel hadden de Vlaamsche steden Gent, Antwerpen, St Niklaas en Dendermonde verzet aangeteekend tegen alle scheiding, zelfs tegen bestuurlijke scheiding. Het mocht niet baten. Op 4'October vaardigde het Hoofdcomiteit te Brussel,de uitvoerende raad van het voorloopig bewind, een decreet uit, waarvan artikel 1 luidde als volgt : "De Belgische provinciën, met geweld van Holland losgerukt, zullen een onafhankelijken staat vormen." En tegen einde October stond geen hollandsch:soldaat meer op belgischen bodem, met uitzondering van Antwerpen, waar generaal Chassé den:aanloop der belgische benden door zijn krachtdadig-optreden had gestuit en de citadel bezet hield. Zoo was door de herhaalde weifelingen van de Nederlandsche gezagvoerders een revolutie geslaagd, waarvan Vlaanderen het slachtoffer zou wezen.
DE BURGERWACHT ONTWAPEND.
Enkele korte inlichtingen over de diplomatische geschiedenis der omwenteling mogen hier nog volgen.
Noch noch Pruisen, noch Oostenrijk. voelden sympathie Voor de Belgische muiters. Frankrijk zag begrijpelijkerwijze met gejubel de ineenstorting van een staat die in 1814 opgericht was geworden als een slagboom tegen Frankrijk. Ook Engeland zag niet ongaarne de zwakking van een geduchten economischen concurent, die, in het bezit van dezelfde handels- en nijverheidselementen als Engeland. dit land op alle wereldmarkten een heftige mededinging had aangedaan, dank zij Vooral de ontzaglijke ontwikkeling der Nederlandsche Vloot. Engeland dan en ook de koning van Frankrijk, deze laatste niettegenstaande de revanche-partij in zijn land, besloten niet tusschen te komen in België. Deze beslissing was een koud stortbad op de vurige bemoeiïngen van Gendebien en van de fransche partij om toch hetzij rechtstreeks hetzij onrechtstreeks België aan Frankrijk te hechten. De andere mogendheden - het waarom hunner houding blijven hier buiten beschouwing - sloten zich na eenige weifeling bij deze opvatting aan. Het feit dat op 17 November de liberalen in Engeland' aan de regeering waren gekomen, met Palmerston aan Buitenlandsche Zaken, was koren op den Belgischen molen. Palmerston wist de leiding der onderhandeling en betreffende het Belgisch vraagstuk te bemachtigen en stuwde ze naar zijn doel dat tweevoudig was: eenerzijds de inlijving van België bij Frankrijk te beletten en anderzijds België onder een Engelschgezinden koning tot een onafhankelijken staat, los van Holland, te stichten. Gendebien, het meer genoemde hoofd der fransche partij in België, liet echter nog niet los.
De fransche koning Louis-Philippe weigerde in te gaan: op de voorstellen van den franschgezinden Waalschen advocaat. Hij weigerde zelfs zijn zoon, den hertog van Nemours, aan de Belgen als koning te geven en verklaarde, uit vrees zijn eigen troon kwijt te spelen, den vrede en niets dan den vrede te willen. De fransche gezant te Londen, de listenrijke Talleyrand en de Engelsche minister van buitenlandsche zaken, Palmerston, kwamen op 14 December tot éénzelfde standpunt: dat namelijk het koningschap van Leopold van Saksen-Coburg en zijn huwelijk met de dochter van Louis-Philippe het eenige middel was om iedereen tevreden te stelen. Op 20 December werd dan door de gezanten der mogendheden "het protocol onderteekend waarbij, tot verwondering van beide partijen, het Rijk der Nederlanden ontbonden werd verklaard". Wel protesteerde koning Willem maar de gezanten lieten zich daaraan weinig gelegen daar zij wisten dat niemand in Holland de hereeniging met België wenschte. De franschgezinde groep te Brussel liet het ook nog niet tot rust komen. Gendebien, reeds herhaaldelijk afgescheept door de fransche regeering, schreef aan zijn ambtgenooten van het voorloopig bewind «dat het beste plan was de vereeniging met Frankrijk uit te roepen, om aldus Louis-Philippe bij de Mogendheden in verdenking te brengen en hem te dwingen partij te. kiezen voor de Belgen en desnoods met de Belgen... Ook Van de Weyer drong nog aan bij Louis-Philippe opdat hij aan zijn zoon, den hertog van Nemours, toelating zou geven om de belgische kroon te aanvaarden. Aan Firmin Rogier werd opdracht gegeven aan de fransche regeering te vragen of, in geval de Belgen de aanhechting bij Frankrijk vroegen, zij de Belgen zou steunen. En op Gendebien's raad dreigde het Belgisch Voorloopig Bewind .op 31 December de Conferentie te Londen met het uitroepen van de vereeniging van België met Frankrijk. De sluwe fransche gezant ter Londensche Conferentie, Talleyrand, die bij het afzien van de aanhechting, toch een vermeerdering van grondgebied hoopte te verkrijgen, bracht allerlei slinksche voorstellen te berde: nu eens stelde hij voor Saksen aan Pruisen te geven, terwijl de koning van Saksen België in ruil zou krijgen en het Rijnland bij Frankrijk zou worden gevoegd; dan weer kwam hij met het voorstel vóór den dag Luxemburg of Philippeville en Mariembourg aan Frankrijk af te staan. Palmerston echter weigerde een duim gronds te geven (5-9 Januari 1931). Kort daarop kondigden de vijf mogendheden de altijddurende onzijdigheid van België af. Talleyrand, bewust ervan dat deze maatregel een tegen Frankrijk gerichte waarborg was, had zich heftig geweerd om ook Luxemburg tot onzijdigheid te verplichten of zooniet dan toch Philippeville en Mariembourg voor Frankrijk te verkrijgen; hij kon echter den tegenstand, vooral van Palmerston, nietoverwinnen.
OP ZOEK NAAR EEN KONING.
Hoe groot de franschelarij was in de belgische kringen blijkt nog uit volgen feit: Het Belgisch Nationaal Congres, dat intusschen bijeengeroepen was en zich moest uitspreken over de koningskeuze, besloot de conferentie te Londen, waaraan de onafhankelijkheid van België toch goeddeels te .danken was, niet te raadplegen, wel echter besloot het Congres, met 80 stemmen tegen 75 bij den franschen koning Louis-Philippe te rade te gaan. Niettegenstaande de aanvallen van de annexatie partij in de fransche Kamer, verklaarde de fransche regeering dat zij niet zou toestemmen in de annexatie van België, dat zij evenmin de kroon van België voor den hertog van Nemours zou aanvaarden, maar ook dat zij de keus van den hertog van Leuchtenberg ,deze was de lieveling der Napoleonisten, niet.zou erkennen.Om Louis-Phlllppe van houding te doen veranderen verzonnen de franschgezinden toen volgende list: Zij besloten de candidatuur van den hertog van Leuchtenberg door te drijven om aldus Louis-Philippe te dwingen zijn toestemming te verleenen aan de verkiezing van den hertog van Nemours. En werkelijk de list scheen te slagen. Op 28 Januari liet Louis-Philippe zeggen dat hij de kroon voor zijn zoon zou aanvaarden. Bij het votum op 3 Februari 1831 werd de hertog van Nemours met 97 stemmen tot koning der Belgen uitgeroepen, tegen 74 aan Leuchtenberg en 21 aan Karel van Oostenrijk. De Vlamingen hadden t' meerendeels gekozen voor Leuchtenberg terwijl de Walen zich voor den zoon van den koning van Frankrijk hadden uitgesproken. Maar sedert 1 Februari had de Londensche Conferentie, bij geheim protocol, de hertogen van Nemours en Leuchtenberg uitgesloten, en de fransche gezant, die eerst Palmerston had gepolst nopens de verkiezing van den hertog van Nemours, en met bedreigingen was afgewezen, had dit besluit moeten onderteekenen Daar stond België weer zonder koning '! De aanzienlijkste leden van het Nationaal Congres gaven toen den raad een regent aan te stellen, in afwachting dat de fransche politiek wat meer durf zou krijgen.
TIJDENS HET REGENTSCHAP.
De regent, de Luikerwaal Surlet de Shokier, regeerde als was hij hier goeverneur van Frankrijk : hij streefde er naar, hierbij geholpen door zijn ministers, aan de handelingen zijner regeering een eenzijdig fransche strekking te geven, bij zooverre dat de Engelschman Palmerston hem erop wees hoe weinig eervol die afkeer voor de Belgische onafhankelijkheid was. Zoo erg was trouwens de regeeringsloosheid dat de Conferentie te Londen ernstig aan verdeeling van België begon te denken. De partij van het Vereenigde Koninkrijk der Nederlanden, de orangisten lijk men ze toen noemde, stak het hoofd op te Gent, te Antwerpen en te Maastricht. . Daarop stichtte Gendebien op 23 Maart te Brussel met behulp van de regeering, de «Association nationale» die een soort van schrikbewind over het land deed heerschen en om oorlog riep tegen Holland. De nieuwe belgische staat beleefde toen bange dagen. Lord Ponsonby, de Engelsche gezant trachtte baron Van der Smissen tot een opstand ten voordeele van den prins van Oranje aan te zetten. Het mislukte echter door het krachtdadig optreden van kolonel Clump (25 Maart 1831). Gent was het middenpunt der Orangisten: de oppositie had er reeds tweemaal de Orangisten naar het stadhuis gestuurd en tweemaal had de belgische regeering den gemeenteraad ontbonden.
De regeering had te Gent en te Antwerpen den staat van beleg verklaard. De Orangisten aldaar waren voor het meerendeel grootnijveraars en groothandelaars. Patroons en arbeiders stonden scherp tegenover mekaar en dit werd nog erger door het stilvallen der getouwen wegens de breuk met Holland. Die werkloozen werden nu, veelal nog opgehitst door .de patriotische vereenigingen, losgelaten tegen de orangisten, terwijl de politie liet gebeuren. Er bestond een soort geheime overeenkomst tusschen de. belgische gezagvoerders en de plunderaars, onder dewelke zich talrijke betaalde of betalende Franschen bevonden. Begin April was de toestand zóó dat de Congres leden, vreezende dat de oorlogsgezinden van de «Association Nationale»- de overhand zouden nemen dank zij de zwakheid van den regent, en anderzijds onzeker over den uitslag der verkiezingen die wellicht de Orangisten de meerderheid zou bezorgen, hun ontslag weigerden te nemen en besloten
in Mei opnieuw te vergaderen, aldus een staatsgreep plegende ( 12 April). "
(België werd in 1830 in illegaliteit geboren.Verklarende nota ingevoegd in dit origineel document)
België werd in 1830 in illegaliteit geboren
Daarvan waren de stichters van de nieuwe staat zich terdege bewust. De Luikse jurist Joseph Lebeau, een van de leiders der Belgische opstand, verklaarde tijdens het Nationaal Congres dat er geen onafhankelijkheidsverklaring moest komen om het bestaan van België te legitimeren. "De bajonetten hebben gesproken. Teksten zijn niet nodig," aldus Lebeau. Het doel van de revolutionairen was rattachisme bij Frankrijk. Dus moest, stelde de racist Charles Rogier, "de taal van de Vlamingen worden uitgeroeid" en "het Germaanse element in België worden vernietigd." Toen het er bij de verkiezingen in april 183I op leek dat de pro-Orangistische partijen de meerderheid zouden behalen, pleegde het Voorlopig Bewind bijgevolg een staatsgreep. * Er kwam een langdurig terreurregime. "Het plunderen van de huizen van Orangisten, hoewel betreurenswaardig, is een vreselijke noodzaak om de vijanden van de publieke orde te onderdrukken," zei minister van Justitie Lebeau in 1834. Ook Leopold van Saksen-Coburg, de Duits-Britse prins die de Belgische revolutionairen tegen hun zin was opgedrongen, werd van meet af aan duidelijk gemaakt waar in België de prioriteiten lagen. Hij moest niet denken, zo dreigde Alexandre Gendebien in maart 1834 in de Kamer, dat hij de belangen van Wallonië kon opofferen aan die van "het Orangistische Antwerpen". Gendebien was kwaad omdat de eerste Belgische spoorlijn niet in Wallonië werd aangelegd. "Houd er rekening mee," aldus Gendebien tot de vorst, .'dat wij u desnoods de taal van het geweld zullen laten verstaan." De koninklijke familie hield er sindsdien rekening mee. * Omkoperij Leopold I was een briljante machiavellist. Hij wist zeer goed dat hij het staatshoofd was van een artificiële natie. Naar het einde van zijn leven toe deed het hem zelfs wanhopen. '"Vader blijft herhalen dat niets het land samenhoudt en dat het niet kan blijven bestaan," zo schreef Filip, de Graaf van Vlaanderen, in het voorjaar van 1865 aan zijn broer, kroonprins Leopold. * De eerste Coburg-koningen maakten corruptie tot fundament van België. Vaderlandsliefde is in België, zoals in alle artificiële naties, uitsluitend een liefde voor de eigen portemonnee. De rattachisten die de revolutie van 1830 hadden gemaakt kregen betrekkingen en vergoedingen die te verleidelijk waren om te weigeren. Eén voorbeeld: de 22-jarige Felix Chazal, een felle Bonapartist, ontving een jaarinkomen dat 23 keer zo hoog was als dat van een onderwijzer. Hij verkoos op slag België boven Frankrijk. Zelfs Vlaamsgezinden konden gekocht worden. Jan de Laet werd in 1863 in de Kamer verkozen voor de flamingantische Meetingpartij... Hij legde als allereerste parlementslid de eed in het Nederlands af. Daarna sprak hij enkel nog Frans. Het regime betaalde hem 100.000 toenmalige franken {zo'n half miljoen euro) aan smeergeld. Zo leerde zelfs De Laet van België houden. * Toch was corruptie als basis,van een staat een wankel fundament. Daarom had België een ideologie nodig waarmee goedgelovige zielen kon worden wijsgemaakt dat Belgisch patriottisme een deugd was, in plaats van een ondeugd. Die ideologie, het belgicisme,ontsproot in 1897 aan de pen van de Waalse antisemiet Edmond Picard. Tussen twee vuige anti-joodse schotschriften ("La revision des origines du christianisme" en "L'Aryano-Sémitisme") in, schreef hij "L'ame belge." De Belgen waren geen twee volkeren, aldus Picard, maar "één ras," en hoorden dus samen in één land. Henri Pirenne werkte de ideeën van Picard verder uit. Hij herschreef de hele geschiedenis in functie van het belgicisme en verzon de idee dat Vlaanderen "altijd tweetalig" was geweest, maar Wallonië niet. Bijgevolg diende Vlaanderen altijd tweetalig te blijven, maar hoefde Wallonië dat niet te worden. (een Waalse historicus schrijft het volgende vandaag:II. Une mal aimée de l'Histoire
En Belgique, comme dans beaucoup de pays, la conception et l'enseignement de l'histoire ont été intimement liés à une certaine idée du patriotisme : on voulait montrer que la Belgique présentait un caractère d'unité foncière; la Belgique était une nécessité de l'histoire et il fallait bannir tout ce qui mettait l'accent sur les différences. Cette tendance se précisa surtout à l'extrême fin du XIXe siècle. Edmond Picard, en 1897, croit découvrir "l'âme belge" - "l'âme belge existe puisque je la sens"; selon le célèbre avocat, une évidence historique s'impose, "le caractère indestructible de la Belgique, cette nécessité mystérieuse que rien n'a pu détruire". Publiée à partir de 1899, l'Histoire de Belgique d'Henri Pirenne donne un contenu scientifique, ou du moins considéré comme tel, à l'affirmation péremptoire de Picard; l'historien verviétois, professeur à l'Université de Gand, croit pouvoir démontrer qu'il existe un "peuple belge" depuis le Moyen Age, bien avant les ducs de Bourgogne par ailleurs glorifiés pour leur action centralisatrice; l'unité nationale, et c'est un cas exceptionnel clame Pirenne, a donc précédé chez nous l'unité de gouvernement. Le “phénomène belge" si l'on en croit l'illustre historien est un savant mélange d'influence romane et d'influence germanique; la Flandre, province bilingue dès le Moyen Age, en est le meilleur exemple et c'est ce qui explique que l'Histoire de Belgique de Pirenne soit construite autour de la Flandre qui a vu se former une "civilisation originale".
Histoire et patriotisme Cette vision unitariste de l'histoire fut bientôt confondue avec le patriotisme car elle rencontrait un besoin. Diverses raisons expliquent, en effet, la consolidation de l'amalgame au début du XXe siècle. Le mouvement flamand affermissait ses positions; les Wallons commençaient à réagir et il en résultait inévitablement une tension entre communautés. On voulut donc donner aux fêtes qui marquèrent les septante-cinq ans de l'indépendance en 1905 un caractère particulièrement grandiose et l'on s'empressa d'utiliser à des fins politiques les thèses de Pirenne; il fallait raviser la flamme patriotique. N'oublions pas non plus que dans les années qui suivirent, la tempête souffla sur la scène internationale; la défense du sol natal figura au premier chef des préoccupations à la veille de la guerre 1914-18; on craignait pour la Belgique les conséquences d'un affrontement entre le coq gaulois et l'aigle flamand. )
(einde verklarende nota ingevoegd in origineel document) Prof.Lode Wils van het Davidsfonds onderschrijft de stellingen van H.Pirenne Ook oud-minister Marc Eyskens glorifieert la Belgique dat volgens hem misschien niet democratisch aan de macht kwan maar sind de 1900, dus door de twingste eeuw heen steeds door een democratisch gekozen regering ge ruggesteend werd.
Les Cerises Belgiques
LEOPOLD VAN SAKSEN-COBURG TOT KONING VERKOZEN
Onder het tweede ministerie van den regent ging men, daar de fransche druiven te groen waren, dan over tot een nieuwe koningskeus en bood de kroon aan den veertigjarigen weduwnaar van de kroonprinses van Engeland, Leopold van Saksen-Coburg Deze aanvaardde op voorwaarde dat het Congres het verdrag der XVIII art., dat in Belgisch opzicht een heele verbetering beteekende op het protocol van 20 Januari, zou aannemen. Bij zijn tócht van Oostende naar Brussel werd hij feestelijk onthaald. Te Gent echter was het onthaal zeer koel Leopold's verkiezing Was een triomf voor de Engelsche diplomatie. Maar door de scheuring van het schoone Rijk der Nederlanden was dit ook voor de fransche politiek; wel moest deze tegen haar wil, de onafhankelijkheid van Bergië erkennen, maar Talleyrand en vele Franschen gaven nog hun hoop op een latere inlijving niet ver1oren. Reeds in April had Talleyrand bij protocol de slechting der vestingen bekomen, die door de Sainte-Alliance in 1815 op de Zuiderlijke grenzen van België waren opgericht.
DE TIENDAAGSCHE VELDTOCHT.
En toen koning Willem het verdrag der XVIII artikelen weigerde te onderteekenen en het Belgisch leger versloeg in den tiendaagschen veldtocht kwam een fransch leger, door koning Leopold geroepen, opdagen, om het jonge franschgezinde staatje te steunen. Gezien de overmacht der Franschen sloot Oranje een overeenkomst waarbij zijn leger over de grens terugtrok. Had koning Willem bij het begin van den oproer dezelfde krachtdadigheid aan den dag gelegd, waarschijnlijk was de fransch-waalsche toeleg nooit met welslagen bekroond geworden. België zou echter zijn nederlaag duur betalen. Reeds op 11 Augustus had de fransche gezant Talleyrand zich op de conferentie te Londen smalend uitgelaten over de Belgen: «Leopold was een armzalig wezen en de Belgen een hoop vagebonden, de Onafhankelijkheid onwaardig.Een zelfstandig België was onmogelijk en de eenige oplossing was het te verdeelen.» Palmerston zond echter een ultimatum aan Frankrijk met verzoek om dadelijk zijn troepen uit België terug te trekken. en Louis-Philippe kon niets anders dan gehoorzamen. Op verzoek van Léopold bleven hier evenwel enkele duizenden Fransche soldate n om mede te werken aan de herinrichting van het Belgisch leger, dat sedertdien een model van verfransching werd en is gebleven. Op de conferentie te Londen werd het verdrag der XVIII artikelen thans gewijzigd door het verdrag der XXIV artikelen, waarbij aan België heel wat zwaardere voorwaarden werden opgedrongen
*
Een Frans leger van 90000 manschappen trok België binnen om de 4000 'Hollanders' uit de Antwerpse citadel te verjagen. En dat op verzoek van een wanhopige machteloze Duitser die bijna Prins gemaal van een Engelse Koningin geweest was of Koning van Griekenland en nu regeerde over een moestuintje in Europa waar hij de meerderheid van de bevolking niet kon verstaan en zijn schoonvader (een samenvoegen van Frankrijk en Belgie onder een troonopvolger was het doel van het huwelijk) in Frankrijk verzocht tegen alle internationale verdragen in een leger Fransen te sturen om België af te scheuren met geweld.
Wie was de werkelijke baas?
Jonge Belgicistisch prins de la nature met ontblootte kroon en met lid van gesteld lichaam!
(wat een officieel taal Belgicisme is of het Vlaams van Francofonen)
De Hollandse druppel die de Belgische beker deed overlopen (zo beweren de Franstaligen) was dat Willem I in navolging van de Jakobijnse traditie van de Franse Revolutie (een staat, een volk, een taal) het Nederlands als bestuurtaal verplicht maakte. Nederlands was de taal van 4/5 de van de bevolking!
Vlaamse boeren die konden lezen noch schrijven tekenden met een kruisje een petitie om het Frans te behouden op aandrang van hun Katholieke parochiepriesters. En zo komen wij dan tot vandaag aan de Belgische Gestelde Lichamen met ontblote kronen............ Niet lachen a.U.b. 1518, "Onse ghemeene Nederlandse Tale”.
lees verder in Portici het spannend verhaal Op 16 oktober riep de Prins van Oranje vanuit Antwerpen de onafhankelijkheid van België uit. Eigenlijk zou dat de Belgische feestdag moeten zijn.
08-03-2007
Besluit.
NEDERLAND BELGIË VLAANDEREN 7- ons Besluit
Ceterum censeo "Belgicam presentam" esse delendam
ONS BESLUlT
OMNI BELGICA LIBERTAS AURO PRETlOSlOR
(DE NEDERLANDSE VRIJHEID IS KOSTBAARDER DAN ALLE GOUD).
1676
Zo werden de Nederlanden, voorgesteld door de Leo Belgicus, De Nederlandse Leeuw, door de Bourgondiers en de Spanjaarden uitgeperst.
In economisch opzicht ging het de nieuwbakken Staat niet erg voor den wind: De steeds weer terugkerende crisissen, in handel en nijverheid, die na de Septemberdagen begonnen, Zijn er het bewijs voor. Het verbruik van katoen door de Gentsche nijverheid, dat in 1829 7.500.000 kilo overtrof, was in 1832 tot 2 millioen kilo gevallen en ging de 5 millioen kilo in lange jaren niet te boven. Het dagloon van een katoenwever op 1 Oogst 1830 nog 2 frank was op 1 Januari 1835 tot 0,62 fr. Teruggevallen. Antwerpen en Oostende zagen hun handelsvloot verhuizen of in de dokken verrotten. Vooral in Vlaanderen was het economisch verval zoo diepgaande dat zelfs Louis-Philippe er de aandacht van Talleyrand op vestigde. In een zijner volksliedjes zong; Door van Rijswijck :
Miserie, miserie, De Waal aan 't ministerie, Dat deugt voor Vlaanderen niet.
Arm Vlaanderen.
In Vlaanderen vormden de landbouw en de vlasnijverheid nog altijd de basis van De bestaanzekerheid van de meeste mensen. In West Vlaanderen werkten zelfs 73pc. In deze sector. In 1845 begon echter de vlaskrisis. Goedkoop Engels textiel overspoelde de Franse markt terwijl Vlaanderen nu totaal afgesneden was van de Hollandse afzetgebieden en handelsposten In de wereld. Daarbij kwam de Scheldetol en ook de aardappeloogst mislukte hier zoals elders in Europa. Tussen 1843 en 1846 sloeg de aardappel ziekte toe. Er heerste hongersnoodop het platte land waarvan de Gevolgen Voor de Vlaamse samenleving talrijk en ingewikkeld waren. Vele Vlamingen emigreerden naar Amerika of Frankrijk Terwijl anderen gewoon stierven in het land van hun geboorte. De sterfte als gevolg van de honger was meestal wegens ziekte zoals tyfus , waterzucht, terugkerende koorts die vele mensen troffen. Nochtans waren er voedingsmiddelen Genoeg maar de markteconomie was ingesteld op betaling met cash en dat hadden de mensen niet.
In 1930 werd de schooljeugd nog geleerd dat Koningin Marie Louise d’Orleans haar gouden Ring schonk als gift om de hongersnood in Vlaanderen te lenigen . Waarschijnlijk is men vandaag beschaamd om te vertellen hoe hoogmoedig een Franse koningsdochter
En gemalin van een Duitse Prins zo op het volk kon neerzien. (ook in Ierland sloeg de aardappelenpest-The Blight- toe. De Engelse Koningin Victoria schonk vijf Gouden Ponden om de Ierse hongersnood te lenigen. Vandaag nog wordt dit feit vermeld in de Ierse geschiedenis als het voorbeeld van de hardvochigheid van het Engels koningshuis tegenover het Ierse volk.)
Het was de algemene opinie van Walen, Fransen en buitenlanders, (en ook later van de socialist Eedje Anseele) Dat de Vlamingen hun lot te wijten hadden aan hun Lethargie. Dat zij verouderde technieken bleven toepassen, dat zijn niet mobiel genoeg waren en vooral, en dat is typisch Voor de Belgische situatie, dat zij hardnekkig bleven vasthouden aan hun tradities en hun Taal. Geëduceerden mensen spraken immers Allemaal Frans wat de Vlaamse boeren niet deden en zij er dus de gevolgen moesten van dragen.
Rijk Wallonië.
Koning Willem I ontvangt de industrieel John Cockeril en geeft hem de opdracht de Waalse Kool En Staalindutrie op te Richten en te ontwikkelen.
In Wallonië daarentegen oogsten de Walen de welvaart waarvan Koning Willem I de grondslag gelegd had. Zo profiteerden zij van de wijsheid en voorzienigheid die Willem, die door hen verjaagd was, aan de dag had gelegd. De eerste stoom machine van John Cockeril werkte in 1816 De eerste cokeshoogoven werkte in 1818 en de eerste stoomboot van het Europese vastenland werd in 1820 gebouwd. Onder Willem waren ook de eerste infrastructuurwerken begonnen die het kolengebied moesten ontginbaar maken. Het nodige kapitaal werd bijeengebracht door de door Willem I opgerichte Generale Bankmaatschappij ter Ontwikkeling Van de Nederlanden. De latere societé Génerale.
Reeds in 1831 liet de afgevaardigde voor Roeselare, C. Rodenbach, Uitschijnen dat er op 380 beambten van de centrale besturen slechts 22 Vlamingen waren. Natuurlijkerwijze ging de belangstelling dier Waalsche beambten in de Eerste plaats naar de streek hunner jeugd. Daarbij komt nog dat men maar oog had voor de grootindustrie. De Waalsche koolmijnen werden de kern van een machtige nijverheid, Die weldra in België den boventoon voerde en die zich in groote belangstelling van Staatswege mocht verheugen. Vlaanderen integendeel scheen een schoon verleden zonder toekomst. Het door koning Willemontworpen kanaal van Terneuzen werd niet voltooid; de haven van Oostende wachtte lang en vruchteloos naar verbetering; de ontworpen vaarten in Vlaanderen en in de Kempen werden voor geruim en tijd verdaagd. Terwijl een net van spoorwegen Wallonië omspande bleven West- Vlaanderen en Limburg er zonder. Te Brussel scheen men te vergeten dat Vlaanderen aan zee lag: met liet de visserij kwijnen.
* * *
De leiders der omwenteling
trachtten onze taal uit te roeien:
De eerste daad van het Voorloopig Bewind was het staatsblad uitsluitend in het Fransch te laten verschijnen (5 Oktober). Tien dagen nadien schafte zij de Vlaamsche Kamer af, die bij het Hof van beroep te Luik uitspraak deed over de vonnissen uit Limburg. Einde Oktober werd het Vlaamsch uit het leger te bannen : commando en beheer, 't was al fransch dat de klok sloeg. De 2700 officieren in 1831 waren allen Franschen op 150 na: de generale staf telde 24 Franschen en 4 Belgen.
Op 16 November 1830 riep hét Voorloopig Bewind het
fransch uit als eenige officiële taal.
«Overwegende dat de tael die door de inwoners van zekere plaatsen gesproken, verschilt van provincie tot provincie en soms van omschrijving tot omschrijving, zoodat het onmogelijk zou zijn den tekst der wetten en besluiten in die taal af te kondigen, zal het fransch in België de eenige officieele taal zijn. Wel werd in de grondwet de «vrijheid der talen» geschreven en mocht de staatsburger de taal gebruiken die hij verkoos, maar volgens hoogergenoemd besluit van 16 November moest dit recht «geregeld worden om in overeenkomst met den dienst der algemeene regeering en der recht banken gebracht te worden», wat beteekende dat wanneer de rechten der burgers in botsing kwamen met de belangen of de grillen der ambtenaren, de rechten der burgers moesten zwichten. In bestuur en leger was de verhouding tusschen het aantal Vlamingen en Walen wraakroepend. Dit was het gevolg van de geweldige «plaatskensjacht» waarmede de Walen hun taalgenooten van het voorloopig Bewind bestookt hadden. En als kroon op dit hatelijk verfranschingwerk drongen de ministeries van koning Leopold I legt de officieele onderwijsgestichten het Fransch als voertaal op. De universiteit te Gent werd een fransche universiteit. Vlaanderen scheen enkel nog een mooie bladzijde oude geschiedenis. Maar toen kwam Willems en Snellaert en David en uit het stof der bibliotheken brachten zij de overoude adelbrieven van onze taal in het licht: En Conscience leerde ons volk lezen en schreef zijn leeuw van Vlaanderen, het volksboek van den Vlaamschen trots. Deze jongens van boer en arbeider en burger begonnen een nieuw hoofdstuk in de VIaamsche geschiedenis.
De Vlaamsche beweging was begonnen. Vlaanderen zou niet sterven. Gij zegt dat 't Vlaamsch teniet zal gaan't En zal dichtte Guido Gezelle, voor wiens luisterende ziel 't lijzigste gefluister taal en teeken had. Hij verheerlijkte Vlaanderen, werk van Gods handen. Een . ander kind uit West- Vlaanderen, Rodenbach, joeg den blauwvoet over 't land. " En niettegenstaande de verlokking van het vreemde werd «onze misprezen moedertaal» naar den troon gebracht van het volkshart. We hebben moeten jaren en jaren strijden voor. een brokje recht. Heel de negentiende eeuw is een eeuw van Vlaamsche schande en van Belgische verdrukking. En dat zouden wij móeten vieren ! Wij vergeten niet dat bij de tonen van de Brabançonne onze taal naar den stal werd verwezen. Wij kussen de hand niet die ons slaat als dezen die aldus hopen wat kruimels te krijgen van de belgische tafel. Wij vieren niet het jaar dat het schoone Nederland vaneen scheurde. Noch in economisch opzicht, noch in Vlaamsch cultureel opzicht hebben wij eenige reden tot dankbaarheid jegens de Waalsch-fransch.franskiljonsche belhamels van 1830 En in godsdienstig opzicht ? Zeker, wij hebben geen blad voor de mond genomen bij de bespreking van de regeeringsdaden van koning Willem. Maar om wille van zijn despotische neigingen moesten wij niet scheiden. Enkele jaren na 1830 moest Willem vaarwel zeggen ook aan den Hollandschen troon. De belgische katholieken kregen de schoolvrijheid zonder toezicht en zonder een cent! De hollandsche katholieken leven thans onder het regiem van de gesubsidieerde vrijheid. Onze colleges zijn arme luidjes in vergelijking met de mooie katholieke lycea bij onze noorderbroeders en in heel de katholieke wereld beschouwt men als een ideaal de schoolvrijheid lijk... in Holland.
De Vlamingen hebben in 1830 het ongelijk gehad zich te laten
op sleeptouw nemen door de Walen en de Franschen
.
Wij hebben geleerd en zullen thans niet meezingen in het belgisch koor, maar meer dan ooit zullen wij streven naar de samenwerking van Noord- en Zuid-Nederland Leve Vlaanderen ! Leve Belgica! Leve Belgium! Dat wil zeggen... Leve de Nederlanden ! . Et ceterum censeo "Belgicam presentam " esse delendam! door « VOLKSHEIL » V. z. W. PRIJS: 1 FRANK -uitgeven in 1930 ZO Schreef MEN IN 1930
De Hollandse druppel die de Belgische beker deed overlopen (zo beweren de Franstaligen) was dat Willem I in navolging van de Jakobijnse traditie van de Franse Revolutie (een staat, een volk, een taal) het Nederlands als bestuurtaal verplicht maakte. Nederlands was de taal van 4/5 de van de bevolking! Vlaamse boeren die niet konden lezen noch schrijven tekenden met een kruisje een petitie om het Frans te behouden op aandrang van hun Katholieke parochiepriesters. En zo komen wij dan tot vandaag aan de Belgische Gestelde Lichamen met ontblote kronen....... ..... Niet lachen a.U.b.
Voor onze kinderen
Engels tweede taal een recht voor alle Vlaamse kinderen. Engels, als neutrale taal, moet de taal worden van België in alle internationale betrekkingen in plaats van het Frans, want dat geeft het buitenland de verkeerde indruk dat wij allemaal Franstalig zijn.
Eerst dan zal Vlaanderen haar rechtmatige plaats tussen de naties in de wereld heroveren.
Met Vlaanderen naar het Millennium, In 1830 ontnam de Staat België met zijn 40.000 cijnkiezers ( De nobiljons en de Rijken mochten stemmen) op een ondemocratische manier de mensenrechten aan haar Vlaamse onderdanen. Bij een wet van 21 augustus 1814 was bepaald dat alle militaire rechtspraak in het Koninkrijk der Nederlanden in het Nederlands moest gebeuren. Dat was het wetboek van de “Regtpleging bij de Landmagt.” Zo vlug het Belgisch Voorlopig bewind in het zadel zat werd dit Wetboek afgeschaft en dan weer ingevoerd, omdat anders de nieuwe militairen internationaal als muiters zouden doorgaan, maar met die verandering dat het woord Nederlands vervangen werd door het woord Frans. Zo werden de mensenrechten die de Vlamingen in het Hollands bewind genoten bij het ontstaan van België aan de Vlamingen ontnomen. Het leger was een instelling geworden waar de uitsluiting van de Vlamingen nog het meest onmenselijk werd toegepast, zoals de Grievencommissie toen moest vaststellen. Eerst in het jaar 1898 werd die toestand na vele schuchtere pogingen (want de Vlaamse politici zijn nooit erg moedig geweest en het volk mocht niet stemmen) iets verbeterd maar toch bleven de Vlamingen in de verdrukking. Het zou duren tot 1935 (105 jaar na 1830) met de wet van 15 juni dat Vlaamse beschuldigden voor de militaire rechtbanken in het Nederlands zouden onderhoord worden..
Maar voordien in 1898 wekte het feit dat Vlamingen in België als Vlamingen zouden erkend worden de wrevel op van heel wat Walen
Zo riep de toenmalige Socialistische volksvertegenwoordiger Furnemont van Charleroi de Vlamingen toe ; “Demandez la séperation, faites une monarchie flamande et laissez-nous en république socialiste! !” Nu weer eens honderd jaar nadien hebben de Vlamingen nog steeds geen Vlaamse monarchie ...en zijn het de waalse socialisten die weigeren Nederlands te leren. Integendeel wij leven nog altijd in een door de Waalse socialisten gedicteerde staat en onder een Franstalige monarchie. Het enige dat de Vlamingen moet zoethouden is een machteloze Vlaamse eerste minister en saaie preken en sussende woorden op nutteloze Ijzerbedevaarten. Waren Wij Vlamingen in het Verenigd Koninkrijk gebleven dat was onze taal nu de officiële taal van het land . Wij hadden toen een vaderland. Wat hebben wij aan België? Het is zeer duidelijk geen democratisch land en de Vlaamse politici durven geen democratische rechten opeisen. Hopen wij dat de Waalse socialisten eindelijk in het komende Millennium hun Socialistische Republiek zullen oprichten en de Vlamingen verlossen uit hun knechtschap. "Eyskens Lionel"
Er is iets hallucinants te ontwaren in een zogezegdeVolksopstand ter herwinning van de vrijheid, waarin het Volk de eigen historische Volkstaal vernietigt. Ook dit maakt de opstand van het Belgische Volk onwaarschijnlijk uniek in de Wereld geschiedenis. Was het een STAATSGREEP of een opstand of was er geen Belgisch volk?
07-03-2007
Portici.
NEDERLAND BELGIË VLAANDEREN
7 - Portici
OMNI BELGICA LIBERTAS AURO PRETlOSlOR (DE NEDERLANDSE VRIJHEID IS KOSTBAARDER DAN ALLE GOUD). 1648
JULI 1830 PARIJS
Ok.1830
1848 PARIJS
1830 ! Te Parijs in de maand juli breekt er een opstand uit tegen de Franse Koning Charlex X en die wordt vervangen door de nieuwe Koning Louis Philippe wiens vader voor de executie van Louis de 16de gestemd had en dus de principes van de Franse Revolutie verdedigd had. Deze beweging van een terugkeer tot de revolutie tegen het monarchisme had grote weerklank ook te Brussel in september waar de Fransgezinden weer hoopten op een rattachement bij Frankrijk.
Verteld door Paul Belgicus ;"Secessie"
OPERETTE TE BRUSSEL
Op de avond van 25 augustus 1830 begon de Belgische opstand met een relletje vanwege Franse provocateurs na de opvoering van Aubert's "Stomme van Portici". Daarbij werd een boekhandel leeggeroofd, brand gesticht in het huis van de minister van Justitie en vandalisme gepleegd in een paar fabrieken. Dat was het. Al bij al een klein opstootje. Heeft iemand zich ooit afgevraagd hoe uit zo'n opstootje van niemendal een nieuwe staat kon ontstaan? De burgerwacht herstelde de rust en wachtte de komst af van het leger onder leiding van Prins Willem, de kroonprins, die ook de minister van Landsverdediging was. Het was pas omdat die Prins weigerde de stad binnen te trekken met het leger en zijn troepen in Vilvoorde achterliet om alléén naar Brussel te komen in het gezelschap van uitgerekend de Franse provocateurs die de relletjes van 25 augustus hadden aangericht, dat de stad Brussel in een vacuüm terecht kwam .
*
Dit is weinig geweten, maar wij, Vlamingen, werden verraden, verkocht zelfs, door de Prins van Oranje.
Willem junior voelde zich immers te groot voor het platte Nederland dat hij misprees. Hij had er trouwens nooit gewoond. Hij was als kind en als jongeman niet in Holland opgevoed, maar was tijdens de Napoleontische bezetting aan buitenlandse hoven opgegroeid waar Frans de voertaal was. Hij voelde zich verwant met de Franse cultuur. Hij was een heimelijke bewonderaar geweest van Napoleon. Hij had wel tegen Napoleon gevochten als generaal in het leger van de hertog van Wellington, maar Wellington zelf getuigde dat de prins "niet al te snugger was" en dat "als men hem een opdracht gaf, hij er altijd een zootje van maakte". Bovendien, nog steeds volgens Wellington, was hij "extreem ijdel en had een hoge dunk van zichzelf". Kortom een echte Hollander, die dus liever Frans sprak dan Nederlands en graag "weg met ons" riep. * Het was altijd zijn droom geweest om koning van Frankrijk te worden. Toen zijn vader in 1815 koning van de Verenigde Nederlanden werd, was de kroonprins in Brussel gaan wonen omdat hij er zich in Franse kringen kon bewegen. * De stad was immers het ballingsoord geworden van zowel Franse Jacobijnen als Bonapartisten, die na de restauratie van de Bourbon-monarchie in Parijs, in 1815 hun land waren ontvlucht. Die ballingen werden Willems vrienden. Ze vleiden hem en begonnen plannen te smeden tegen Willems vader, koning Willem. * De ballingen beloofden de Nederlandse kroonprins dat zij hem na het verdrijven van de Bourbons, de Franse troon zouden aanbieden, als hij het zuiden van zijn vaders koninkrijk, de huidige Belgische provincies plus Noord-Brabant, met zich mee naar Frankrijk zou brengen. * Een eerste samenzwering van de Prins van Oranje om België aan Frankrijk uit te leveren, deed zich voor in de winter van 1816-1817. Samen met de Brusselse Franse bannelingen zette de jonge Willem een plan op om de Bourbon monarchie in Parijs af te zetten. Het plan kwam ter ore van de Russische tsaar, die Koning Willem I inlichtte, waarop deze laatste zijn zoon adviseerde om dringend andere vrienden te kiezen. De prins nam dit op als een persoonlijk affront. Hij weigerde geruime tijd met zijn vader te spreken en bleef, hoewel hij regeringslid was -hij was, zoals reeds gezegd minister van Landsverdediging -het hele jaar door in Brussel, terwijl de regering nochtans elke zes maanden van standplaats wisselde tussen de twee hoofdsteden, Brussel in het Zuiden en Den Haag in het noorden . * Hij veranderde evenmin van vrienden zoals bleek op 19 augustus 1820 toen de Franse Bourbon-regering een complot ontdekte van hoge officieren die een militaire staatsgreep wilden plegen om de Prins van Oranje op de Franse troon te krijgen. Koning Willem was razend. Hij waarschuwde zijn zoon eens te meer tegen diens vrienden, de Franse ballingen in Brussel. "Zonder u betekenen ze niets, maar als u met hen optrekt, dan zullen ze u gebruiken als een stuk speelgoed" zo zei de koning in een onderhoud met zijn zoon op 20 februari. Het waren profetische woorden. Vader had gelijk, maar de zoon bleef mokken. Hij hield zich echter wel tien jaar op de vlakte, zodat de vergevingsgezinde vader ten onrechte dacht dat zijn zoon, die hem en zijn vaderland al twee keer had verraden, zijn lesje geleerd had. * Aldus beging koning Willem eind augustus 1830 de grote dwaasheid om na de door de Franse vrienden van de Prins van Oranje uitgelokte relletjes, uitgerekend die Prins van Oranje naar Brussel te sturen om het Nederlandse gezag te herstellen. *
De Prins had het leger de stad moeten binnenbrengen, de buitenlandse oproerkraaiers arresteren en over de grens zetten. Wat deed hij echter? Hij pleegde een derde keer verraad. Prins Willem liet het leger achter in Vilvoorde, knoopte onmiddellijk gesprekken aan met de Franse ballingen, ontving op 2 september op zijn paleis in Brussel de Fransgezinde revolutionair Alexandre Gendebien die hem de kroon van België kwam aanbieden als een eerste stap op weg naar de kroon van Frankrijk, en hij hielp ettelijke Franse ballingen aan een post van officier bij de Brusselse burgerwacht. * In Londen wist men onmiddellijk hoe Iaat het was. Aangezien de Prins van Oranje in België het Nederlands gezag moet herstellen, heeft Nederland België kwijtgespeeld, zo concludeerde de hertog van Wellington, de Britse eerste minister, reeds op 8 september in een boodschap aan Lord Aberdeen, zijn minister van Buitenlandse Zaken. "De Prins", legde Wellington uit, "is een ijdele zwakkeling met een zodanige dorst voor populaire vulgariteit, dat ik er schrik van krijg. Als hij de macht in Brussel in handen van de burgerwacht Iaat, dan is de monarchie verloren I'. * En inderdaad, dat was zo. Terwijl de Vlaamse steden Antwerpen, Mechelen, Gent, Dendermonde en Sint-Niklaas zich op 8, 9 en 10 september uitspraken tegen scheiding tussen Noord en Zuid, met inbegrip van een louter administratieve, vielen Brussel en Wallonië door de weigering van de Prins van Oranje om het wettelijk gezag te herstellen in een machtsvacuüm. dat opgevuld werd door revolutionairen die toestroomden vanuit Parijs naar België.
GUILLAUME,PRINCE D'ORANGE aux COMPATRIOTES 16october 1830
Cartwright, de Britse consul in Brussel, zond bijna dagelijks rapporten naar Londen over de toestand in de stad. "De gewelddadige partij betaalt het uitschot en kan het op elk gewenst ogenblik in beweging zetten ", zo waarschuwde hij op 10 september. Op 16 september ontvluchtten de Brusselse burgemeester, de meeste gemeenteraadsleden en de gouverneur van Zuid-Brabant de stad en trokken naar Antwerpen waar zij het leger vroegen om het wettelijk gezag van koning Willem te herstellen. Zelfs het nominale hoofd van de burgerwacht, baron d'Hoogvorst vroeg hierom. Binnen de burgerwacht was er immers een machtsstrijd aan de gang. "Een zeer gewelddadige strijd is momenteel gaande tussen twee groepen binnen de burgerwacht", schreef Cartwright op 14 september. Een week later was het pleit beslecht. "Hoogvorst staat alleen. Niemand helpt hem nog en hij heeft geen greintje macht meer", zo meldde de Britse consul. * De koning stuurde op 21 september het leger naar Brussel. Deze keer stond het onder het bevel van prins Frederik, zijn jongste zoon.
De dappere revolutionaire leiders sloegen allemaal op de vlucht. Ze lieten hun voetvolk in de steek en liepen naar Frankrijk. Alleen Charles Rogier, een Luikenaar, maar eveneens een geboren Fransman, bleef in de buurt. Hij verschool zich in het Zoniënwoud. - "Alles is verloren: " zei Louis de Potter, één van de weinige revolutionairen van autochtone Belgische afkomst, toen hij de Franse grens overstak. * Prins Frederik trok Brussel binnen op 23 september. Helaas, Frederik was een jonge en onervaren bevelhebber. In plaats van op te rukken naar de beneden-stad en het Luikse en Henegouwse schorremorrie te verdrijven dat de voorbije drie weken de stad was binnengestroomd, besloot hij, omdat het avond was en omdat er in de straten barricades waren opgeworpen, om het leger zijn tenten op te laten opslaan In de warande, het stadspark tussen het koninklijk paleis en het parlementsgebouw. Achteraf zou blijken welk een stommiteit hij daarmee beging. * Die avond hadden de opstandelingen immers hun barricaden verlaten om zich te gaan bezuipen in de kroegen. De prins had de boel gewoon kunnen opruimen. Hij ging echter slapen. Gendebien arrive !Bij het krieken van de volgende morgen arriveerde Gendebien in de stad met een groep Franse revolutionairen uit Parijs. Deze mannen hadden begin juli in Parijs revolutie gemaakt en koning Karel X van Bourbon verdreven. Zij kenden het klappen van de zweep en waren geduchte straatvechters. Ze namen de barricaden in en beschoten de Nederlanders in het park. Prins Frederik, die nog nooit in zijn leven gevochten had, liet terugschieten, maar was bevreesd om de stad in te trekken. Hij besloot om op versterkingen te wachten. * De volgende nacht herhaalde zich hetzelfde scenario: de barricaden waren grotendeels verlaten, maar de prins bewoog niet. Op 26 september besloot Frederik, nog steeds in het park, om de benedenstad te bombarderen. De schrik sloeg hem echter om het hart en 's avonds trok hij zich met het leger uit de stad terug. * Toen de revolutionairen zich de volgende ochtend, 27 september, opmaakten om het park te bestormen, ontdekten ze dat het leeg was. * In Wallonië en Brussel grepen de revolutionairen nu de macht, maar Vlaanderen bleef rustig. Het leger bleef eveneens in Vlaanderen en er gebeurde niets. De koning besloot de onbekwame bange Frederik van het bevel van het leger te ontlasten en een nieuwe kans te geven aan zijn oudste zoon, prins Willem, die aldus opnieuw opperbevelhebber werd. * Willem begaf zich naar Antwerpen. Daar ontving hij Edouard Ducpétiaux, een van de leidende Brusselse revolutionairen. Hij gooide het met hem op een akkoord.. De prins zou de Nederlandse troepen in België het bevel geven om zich op te delen in noordelijke en zuidelijke regimenten. De noordelijke moesten zich terugtrekken ten noorden van de Rijn, de zuidelijke zouden zich moeten omvormen tot een Belgisch leger. Dat leger zou hij onder het gezag van het Voorlopige Bewind van Brusselse revolutionairen plaatsen, indien dit Bewind beloofde om hem tot koning van België te verkiezen. Ducpétiaux liet Willem in de waan dat dit zou gebeuren. *
Op 16 oktober riep de Prins van Oranje vanuit Antwerpen de onafhankelijkheid van België uit.
*
Dit België omvatte alle provincies ten zuiden van de Rijn, de rivier die door Frankrijk als zijn natuurlijke noordgrens werd beschouwd. * Prins Willem wilde immers dit hele gebied aan Frankrijk uitleveren als hem de Franse kroon aangeboden zou worden. Koning Willem was verbijsterd na dit vierde verraad van zijn zoon. "Ik ben even verrast als aangedaan ", schreef hij geschokt aan de Prins van Oranje. * De meeste Nederlandse militaire regimenten volgden het bevel van de leger opperbevelhebber echter op. De noordelijke soldaten trokken zich terug boven de Rijn, en de zuidelijke verkeerden in verwarring. Een voorbeeld van de verwarring is de houding van generaal Daine. Die bood als zuiderling zijn diensten aan het Voorlopige Bewind aan, maar liep enkele maanden daarna terug over naar het Noorden. Door het terugtrekken van de noordelijke troepen uit Vlaanderen en het feit dat verscheidene zuidelijke soldaten de wapens neerlegden en besloten om naar huis te gaan, kwam midden oktober, anderhalve maand na de Brusselse oproer, ook in de huidige Vlaamse provincies een machtsvacuüm tot stand. * Dit vacuüm werd onmiddellijk opgevuld door revolutionaire bendes uit Wallonië en Frankrijk. * Gelukkig voor koning Willem waren er een aantal generaals die weigerden om de bevelen van de prinsopperbevelhebber uit te voeren. Toen generaal Dibbers ,de commandant in Maastricht, van de kroonprins het bevel kreeg om de stad over te dragen aan het Belgische revolutionaire bestuur, weigerde hij met de woorden: "Ik ken geen prins. Ik ken alleen de koning". Aldus bleef Maastricht in Nederlandse handen. Generaal Wilmars in Luxemburg weigerde eveneens om de prinselijke bevelen op te volgen. Zo bleef ook Luxemburg in handen van de koning. Generaal Van Geen, een Gentenaar, die bevelhebber was in Namen, trok zijn troepen uit Namen terug en marcheerde ermee naar Antwerpen. Toen hij vaststelde dat de prins nog steeds in de stad was, ging hij naar Breda, dat hij tegen de Belgische revolutionairen begon te verdedigen. Daarna trok hij naar Tilburg en Eindhoven, twee plaatsen die reeds in handen van het Voorlopig Bewind gevallen waren en verjoeg er de revolutionairen. * Aldus bleef Noord-Brabant, dankzij deze moedige Gentenaar in handen van de Nederlanders. Van Geen bleef zijn koning trouwen stierf in 1846 als een Vlaamse banneling in Den Haag. In Gent volgde het leger wel de bevelen van de prins op. Het trok zich terug ondanks de smeekbeden van het stadsbestuur om niet weg te gaan. Alle Nederlandse legereenheden ten westen van de Schelde deden hetzelfde, met uitzondering van een zekere kolonel Ledel die zich verschanst te in Sluis en .aldus het westen van Zeeuws-Vlaanderen kon behouden voor koning Willem. * Vandaar trok Ledel langs de Schelde naar Terneuzen en Hulst en verdreef de Belgen. Ook het fort Liefkenshoek op de Oost-Vlaamse Schelde-oever ten noorden van Antwerpen bleef in handen van het koninklijke leger. * Het vacuüm dat het Nederlandse leger naliet werd onmiddellijk opgevuld door revolutionaire benden uit Henegouwen en Luik en, wat beide Vlaanders betreft, ook uit Noord-Frankrijk. Dit waren bandietenbendes die zich georganiseerd hadden in zg. Belgische legerregimenten met namen zoals de 'Têtes Mort", de "doodshoofden"
LES TÊTES MORT
* In Gent, leper, Menen en Nieuwpoort sloegen ze aan het plunderen. In Brugge sloegen ze een anti-Belgische opstand neer, maar toen ze in Oostburg bij Sluis op manschappen van kolonel Ledel botsten, volgde een veldslag waarbij 30 van de zogenaamde doodskoppen de dood vonden. De rest droop af. * De revolutionairen waren niet mals voor Belgische militairen die de koning trouw bleven, wanneer ze die te pakken kregen. In Mechelen slaagden ze erin om kolonel Gaillard gevangen te nemen. Hij was afkomstig van Luik, maar diende de koning. Gaillard werd naar Leuven gestuurd, een stad die in handen van Luikse revolutionairen was gevallen. Daar werd hij door een menigte gelyncht en op 28 oktober opgehangen aan de zogenaamde vrijheidsboom op de Oude Markt. In Antwerpen zat generaal Chassé met het probleem dat de prins in de stad verbleef. Chassé die de koning wilde trouw blijven, sloot daarom een akkoord met het Voorlopig Bewind. Het leger zou zich terugtrekken in de zuidercitadel, als de revolutionairen een wapenstilstand respecteerden. Toen deze laatsten dat niet deden, bombardeerde Chassé de stad. * Doordat Chassé Antwerpen gebombardeerd had, waarna een brand een deel van de binnenstad platlegde, kwam de Prins van Oranje echter in nauwe schoentjes te zitten. Hij had platte broodjes willen bakken met de revolutionairen. Ze gaven de prins de schuld van Chassé's optreden en verklaarden met veel bombast dat het Huis van Oranje voortaan "door een muur van vuur en bloed" van België gescheiden was. Het Voorlopig Bewind stemde een decreet dat leden van het Huis van Oranje voor eeuwig vervallen verklaarde van elke machtsuitoefening in België. De prins vluchtte daarop uit Antwerpen weg en trok naar Londen, waar hij enkele maanden in ballingschap verbleef alvorens, je raadt het nooit, zijn vader zich met hem verzoende en hem toestond om naar Nederland terug te keren. * De volledig uit de hand gelopen situatie in de Zuidelijke Nederlanden baarde de Britse regering intussen grote zorgen. Er is geen land dat geopolitiek voor Engeland zo belangrijk was, en is, als Vlaanderen. Leopold I heeft ooit gezegd dat vanuit strategisch opzicht België -en daarmee bedoelde hij Vlaanderen, want Wallonië is in dit verband irrelevant -voor de Engelsen belangrijker is dan het bezit van sommige delen van de Britse Eilanden zelf. Alles draait daarbij om Antwerpen, de stad die Napoleon heel terecht 'het pistool gericht op het hart van Engeland" had genoemd. * De controle over Antwerpen is voor de Engelsen van levensbelang. Antwerpen moest daarom in 1830 in bevriende handen blijven. *
De Britten vreesden dat de Belgische revolutionairen België zouden overleveren aan de Fransen. Dat waren de Belgen trouwens ook van plan.
* De Britten wilden de Nederlanden kost wat kost samenhouden, maar toen de prins van Oranje de zaak totaal verknoeid had, konden ze enkel nog proberen om de opslokking van België door Frankrijk te beletten. Laat ons België verdelen, zo stelde de sluwe Franse diplomaat Talleyrand daarom eind december 1830 aan de Engelsen voor. Hij had een plan getekend, waarbij de Belgische provincies opgedeeld werden in vier stukken, namelijk een deel voor Pruisen, een deel voor Frankrijk, een deel voor Nederland plus een onafhankelijke Vrijstaat Antwerpen onder Brits gezag. De hele linkeroever van de Schelde -dat zijn de huidige provincies West-Vlaanderen plus geheel Oost-Vlaanderen op het land van Aalst na, plus Zeeuws Vlaanderen, alsook de stad Antwerpen met zijn bastions op de rechter Schelde oever zouden een Brits protectoraat worden: een soort onafhankelijk Vlaanderen avant la lettre. * Pruisen zou de hele rechteroever van de Maas krijgen, dus de huidige provincies Nederlands Limburg en driekwart van de provincie Luik, de helft van Namen plus Luxemburg, plus daarenboven op de linker Maas oever ook nog de steden Maastricht en Luik. * De grens tussen Nederland en Frankrijk zou langs de Demer worden gelegd. Dit wil zeggen dat het grootste deel van de huidige provincie Belgisch Limburg plus de provincie Antwerpen op de stad Antwerpen na, plus de oude Oranje- stad Diest in het uiterste noordoosten van de huidige provincie Vlaams-Brabant bij Nederland zouden blijven. * De rest van het land -de huidige provincie Henegouwen, de westelijke helft van Namen en Vlaams-en Waals Brabant plus Brussel en het land van Aalst zouden bij Frankrijk komen. * De Britten wezen dit voorstel van de hand. Dat is een spijtige zaak geweest, want het zou het hele huidige Vlaanderen, op Brabant en het land van Aalst na, in 1830 in Nederlandstalige handen gelaten hebben. De Britten wezen het voorstel echter af omdat ze, na de verzoening tussen koning Willem en zijn zoon, een nieuwe poging wilden ondernemen om de Nederlandse eenheid alsnog te redden. Eind maart 1831 zette Lord Ponsomby, de Britse gezant in België en de schoonbroer van de nieuwe Britse eerste minister Lord Grey, een aantal Belgische officieren waaronder generaal Jacob Vandersmissen, de militaire commandant van Antwerpen, ertoe aan een pro-Orangistische staats greep te plegen. Het Voorlopig Bewind te Brussel, aldus Ponsomby in een rapport van 19 februari aan Lord Granville, werd immers "verworpen door de grote meerderheid van de bevolking", die terug onder het gezag van Oranje wilde komen. * Het Voorlopig Bewind, dat België sinds oktober bestuurde, werd inderdaad gewaar dat de bevolking hen niet goed gezind was. Er moesten eind april nieuwe verkiezingen komen, en die zouden ongetwijfeld een pro-Orangistische meerderheid aan de macht brengen. Daarom pleegde het Voorlopig Bewind op 12 april 1831 zelf een staatsgreep en legde de macht bij de onverkozen II Association Nationale" van Gendebien. Die ontketende een golf van terreur tegen al wie ook maar van orangistische sympathieën verdacht werd. In de Vlaamse steden waren de Nederlandsgezinden vogelvrij. Vandersmissen werd ontslagen. Er volgde een vreselijke repressie, de eerste maar niet de laatste in de Belgische geschiedenis. * De burgemeester van Antwerpen, Willem Andries de Caters, vluchtte naar Aken uit vrees voor zijn leven terwijl zijn huis geplunderd werd, de lokalen van Nederlandsgezinde dagbladen gingen in diverse steden in vlammen op, terwijl in Gent de Britse industrieel Dixon, een vriend van koning Willem, op straat in elkaar geslagen werd door een bende hooligans die de Brabançonne zongen. *
De Belgische eerste minister, de liberale jurist Joseph Lebeau verklaarde dat -ik citeer- de plunderingen bij de orangisten, hoe betreurenswaardig ook, een verschrikkelijke noodzakelijkheid zijn om de vijanden van de openbare orde te beteugelen -einde citaat.
De geschiedenis van België begon zodoende in terreur en onwettigheid.
Maar omdat de Belgische onafhankelijkheid niet ongedaan te maken scheen, veranderde Londen in april 1831 van tactiek. Het verklaarde zich akkoord met de afscheuring van België op voorwaarde dat de nieuwe staat een voor de Britten aanvaardbare koning kreeg. Dat werd prins Leopold van Saksen-Coburg, een aangetrouwd lid van de Britse koninklijke familie. Hij was de broer van prinses Victoria van Saksen-Coburg, de moeder van de jonge Victoria die in 1837 koningin van Groot-Brittannië zou worden. Deze Victoria trouwde met haar kozijn, Albert, de zoon van Leopolds oudste broer. Aldus kwamen twee takken van dezelfde Saksen-Coburg familie op de troon in Engeland zowel als in België. Zo kwam het dat de Britten, zeker tot aan Victoria's dood in 1901, de grootste verdedigers werden van de Belgische belangen. Niet zozeer uit liefde voor de nieuwe staat België, maar wel omwille van het familiebelang van de Coburgs. Diezelfde familie kwam in 1837 bovendien ook op de troon in Portugal terecht en had grote belangen in Oostenrijk. Een aantal Britse politici waren daar allerminst mee gediend. Zo sprak Lord Palmerston zeer afwijzend van de Oostenrijks-Portugese-Belgiclstlsche Coburg-kliek" die het in Londen voor het zeggen had en de Britse belangen stelselmatig ondergeschikt maakte aan die van de Coburg-familie. * Madame Lieven, de vrouw van de Russische ambassadeur in Engeland, schreef zelfs dat "Groot-Brittannië zuchtte onder de Belgische tirannie". * In België zelf waren de Coburgs niet geliefd.
Er waren enkele pogingen om de Belgische onafhankelijkheid ongedaan te maken. De orangisten wonnen zelfs in Brussel de gemeenteraadsverkiezingen. In 1834 gingen in het land petities rond met sympathiebetuigingen voor het Huis van Oranje. De namen van de ondertekenaars werden in de kranten afgedrukt. Op 6 april 1834 besloot het Belgisch regime er een eind aan te stellen. Het Belgisch leger dat grotendeels uit Fransen bestond, begon, zogezegd uit spontane sympathie met koning Leopold, de huizen te plunderen van al wie van orangisme werd verdacht.
"Moet je nu wat weten, mama", zo schreef Leopolds vrouw, koningin Louise-Marie, aan haar moeder, "er is hier een muiterij aan de gang. Je zal me niet willen geloven, maar het is geen muiterij tegen de regering, maar voor de regering. * " Verontwaardigde buitenlandse diplomaten, zoals Lord Adair, de ambassadeur van Engeland, en graaf Dietrichstein, de ambassadeur van Oostenrijk, begaven zich naar Leopold om te protesteren ten voordele van de orangisten. De koning was zeer kortaf: "Ze krijgen waar ze om gevraagd hebben ", zei hij. * De orangisten waren door de terreur geïntimideerd, en de meesten trokken zich terug als kandidaten bij de gemeenteraadsverkiezingen. Alleen in Gent durfden ze nog opkomen. Ze wonnen, maar de koning weigerde de orangist Jozef van Crombrugghe te benoemen. In 1839 schreef een teleurgestelde Louis De Potter, die in 1830 een van de vooraanstaande leiders van de revolutie was geweest, dat er in de nieuwe staat minder vrijheid was dan vroeger onder koning Willem en dat naar zijn mening België en Nederland herenigd meesten worden. "Met of zonder het huis van Oranje-Nassau, dat doet er zelfs niet toe. " aldus De Potter. * In 1841 probeerden een aantal ontevreden orangisten om koning Leopold te kidnappen. Ze hoopten op die manier de Nederlanden te kunnen herenigen. * De leider van de samenzweerders was de afgezette voormalige militaire commandant van Antwerpen, generaal Jacob Vandersmissen. Het complot werd echter verraden. De generaals Vandersmissen en Vander Meere werden gearresteerd. Ook de Belgische minister van Landsverdediging, generaal Buzen, die de samenzweerders eigenhandig geholpen had bij het gieten van kogels ten huize Vandersmissen, werd opgepakt. Buzen pleegde zelfmoord in de cel terwijl hij op zijn proces wachtte, en Vandersmissen en Vander Meere kregen de doodstraf. *
* Ze waren echter populair en de regering durfde de straf niet uitvoeren. Vander Meere kreeg daarom gratie op voorwaarde dat hij naar Brazilië emigreerde -hetgeen hij ook deed. Jacob Vandersmissen ontsnapte op een nacht met verbazend gemak uit de gevangenis, vluchtte het land uit en ,stierf in 1856 in ballingschap in Duitsland. * Sommigen onder u kennen misschien de naam Vandersmissen in een ander verband. De commandant van de Belgische expeditietroepen die in 1863 in Mexico de lijfwacht vormde van de Mexicaanse keizerin Charlotte, die een dochter van Leopold I was, heette Alfred Vandersmissen. Die Alfred was een zoon van de samenzweerder Jacob Vandersmissen. Van Alfred wordt gezegd dat hij een affaire had met de keizerin en bij haar een zoon verwekte, die later onder de naam Maxime Weygand carrière maakte in het Franse leger en het tot generaal bracht. Het was Weygand die in 1940 de overgave van het Franse leger aan Hitler ondertekende. Als dit verhaal waar is, dan waren de twee groot- vaders van Weygand, enerzijds Leopold I en anderzijds Jacob Vandersmissen, de man die Leopold I had willen ontvoeren en van zijn kroon beroven. * Zoals gezegd konden Vander Meere en Vandersmissen bij de bevolking op ruime sympathie rekenen. Toch kwam het volk niet in opstand toen de samenzweerders werden opgepakt. De Vlamingen kwamen nooit in opstand tegen België. * De reden is wellicht de nuchterheid van het Vlaamse volk. VIaanderen is een plat en dichtbevolkt land, zonder bergen en uitgestrekte bossen, en is dus niet geschikt voor een guerrillaoorlog. Bovendien maakt een opstand hier geen enkele kans op slagen indien men niet op buitenlandse steun kan rekenen. In alle oorlogen en opstanden die Vlaanderen ooit in zijn geschiedenis tegen bezetters heeft gevoerd, heeft het steun gehad van de Engelsen. Engelse steun is voor de Vlamingen onontbeerlijk. Tegen de Coburgs was die steun er niet, omdat koningin Victoria haar nonkel Leopold steunde door dik en dun. * In juli 1844 rapporteerde de Pruisische diplomaat graaf Konigsmarck aan zijn regering vanuit Antwerpen dat, ik citeer: "koning Leopold in dit land even ongeliefd is als de koning van Nederland geliefd is". Op hetzelfde moment schreef koningin Victoria echter in haar dagboek: "Nonkel wordt zozeer bewonderd, bemind en zelfs verafgood door zijn onderdanen dat dit voor hem een grote steun moet zijn in al zijn vreselijke moeilijkheden. Laat dit dus duidelijk zijn: tegen de Coburgs konden de VIamingen op de Britse steun niet rekenen, zolang de koningin van Engeland zelf een Coburg was; Maar zonder Britse steun maakten de Vlamingen geen enkele kans. *
In 1830 onstond een staat die geen geschiedenis had, geen taal en geen wortels en geen volks eigen Vorstelijk huis. De Franse Bezetting maakte als een pletrol een geheel samengevoegd gebied van verschillende staatjes, Steden,graafschapjes tot eigen Franse bodem. Een stuk daarvan werd door de Fransen Belgique genoemd!
Een totaal nieuwe jonge staat zonder verleden.
Dit Belgique had niets uit te staan met de Oostenrijkse Nederlanden. ,want die waren verwoest, noch met De Nederlanden en hun cultuur en taal, noch met de Franken van Carolus Magnus en zeker niets met de Romeinen en nog minder met de oude Belgicae van Ceasar. Zelfs een fanatieke Belgicistische historicus als Lode Wils van het Davidsfonds kan geen echt bewijs van een historische achtergrond voor Belgique aanbrengen. Het congres van Wenen richtte een sterke staat op door Noord Nederlanden het deel van Frankrijk dat de Fransen Belgique noemden en Luxemburg bijeen te brengen. Die bufferstaat had de vrede in Europa kunnen bewaren. *
In 1870 vernederden de Vlamingen de Coburg-monarchie opnieuw door hun antimilitaristische houding. Er dreigde een oorlog tussen Duitsland en Frankrijk. De Britten sloeg de schrik om het hart dat Napoleon III België zou binnenrukken. Koningin Victoria schreef een brief aan haar kozijn, Leopold II om hem ertoe aan te zetten het Belgisch leger te mobiliseren. Op 17 juli beloofde Leopold aan Victoria dat hij binnen de week 60.000 man zou stationeren langs de Belgische zuidgrens en 30.000 man in Antwerpen. De gemeenten werden aangeschreven om alle mannen op te roepen die in de loop van de jaren 1860 militaire dienst hadden vervuld. Vele gemeenten lieten echter weten dat ze van de meeste van deze mannen geen benul hadden waar die uithingen en dat ze de middelen niet hadden op ze op te sporen. De miliciens ware immers doorgaans lotelingen geweest. Alleen de armsten konden zich van loting niet vrijkopen en de rijken die zich erin geloot hadden lieten zich vervangen door een arme. Bijgevolg deden alleen arme mensen uit de allerlaagste klassen militaire dienst, maar die hadden dikwijls geen vast adres. De mobilisatie werd een catastrofe. Leopold kreeg niet de helft van zijn leger bij elkaar. Victoria was woedend. Terwijl de oorlogsdreiging opliep, begon de Belgische regering bovendien ook nog onderling te kibbelen over een binnenlandse politieke kwestie. Tot wanhoop van Leopold, viel de regering op een ogenblik dat het land in doodsgevaar was. De politici trokken er zich geen barst van aan en de bevolking al evenmin. Er kwamen verkiezingen die gewonnen werden door de anti-militaristische vleugel van de katholieke partij en de pacifistische Meetingpartij. Het was alsof de Belgen aan Victoria wilden zeggen "Wij hebben dit land niet gewild. Wij gaan er ook niet voor vechten. Als je het wil in stand houden, vecht er dan zelf maar voor". * De Britten brachten hun vloot in staat van paraatheid. Napoleon III verklaarde de oorlog aan Pruisen, maar de Duitsers maakten op een mum van tijd gehakt van de Fransen. Na de slag bij Sedan op 2 september gaf Napoleon zich over en deed troonsafstand. * Leopold II, onzeker dat de Belgen zouden vechten voor zijn koninkrijk, werd bang voor zijn kroon en zijn geld. Hij liet een speciaal treinspoor aanleggen van het station van Schaarbeek naar het kasteel van Laken, waar een volledig ondergronds station werd gebouwd. Hij gaf opdracht aan zijn privé-secretaris baron Goffine om de koninklijke waardepapieren, zijn goud en zijn juwelen voortaan steeds vertrekkensklaar te houden. Als er zich nog eens een militaire crisis zou voordoen, zou de koninklijke trein in Laken klaar staan. De trein zou richting Duitsland gaan. "Wir sind doch eine Deutsche Familie" zei koning Leopold II aan de Duitse architect Stubben. De koning bezat bovendien een kasteel in Niederfullbach nabij Coburg, waar hij waardevolle kunstwerken en een deel van zijn fortuin liet onderbrengen.
* Het was duidelijk dat de Belgen hun land niet hadden gewild en er ook niet wensten voor te vechten. Daarom ging Leopold II zich vanaf 1870 met alle energie op een herziening van de militiewet toeleggen. Hij wilde een algemene dienstplicht zodat in het leger de mannen ook wat Belgisch patriottisme kon worden bijgebracht. De katholieken wilden van die herziening van de militiewet niet weten, de flaminganten evenmin. Het heeft Leopold liefst 39 jaar gekost namelijk tot 1909 alvorens hij op zijn sterfbed de algemene militaire dienstplicht kon invoeren. En ook toen werd die door het parlement slechts met een minieme meerderheid goedgekeurd. De goedkeuring gebeurde echter wel net op tijd om het Belgisch leger min of meer in orde te hebben bij het begin van de eerste wereldoorlog. Op het westelijke front begon die oorlog, zoals algemeen bekend is, omdat Duitsland België binnenrukte tijdens zijn aanval op Frankrijk. De Britten die zich in 1831 garant hadden gesteld voor de Belgische onafhankelijkheid en neutraliteit waren daardoor verplicht zich aan de zijde van de Belgen en de Fransen in de oorlog te mengen. Als het de Fransen waren geweest die België als eerste hadden binnengevallen, hadden de Britten verplicht geweest de kant van de Duitsers te kiezen. De Britten werden omwille van België in de oorlog gezogen, en de Engelsen zouden steeds aan Belgische kant gevochten hebben, ongeacht bij welk bondgenootschap België terecht zou zijn gekomen. " Groot-Brittannië verloor in de eerste wereldoorlog miljoenen soldaten bij een oorlog waar het strikt genomen niets mee te maken had. In feite betaalde Londen daarmee de zware en bloedige prijs van zijn beslissing in 1831 om België uiteindelijk toe te staan zich van Nederland af te scheuren.
-
Indien België bij Nederland was gebleven, dan waren de Verenigde Nederlanden een sterke, middelgrote natie geweest, die de Duitsers wellicht niet binnengerukt zouden zijn, dan had Groot-Brittannië, net zoals in 1870, nooit betrokken geraakt bij een Frans-Duitse oorlog, dan had de eerste wereldoorlog in het westen inderdaad beperkt gebleven tot een oorlog tussen Frankrijk en Duitsland, die vermoedelijk door Duitsland gewonnen zou zijn, of die minstens op een compromis zou zijn uitgelopen; dan had Duitsland nooit de vernederende nederlaag geleden die het nu zou lijden, dan was er geen dictaat van Versailles geweest; dan had Hitler geen kans gekregen; dan zou er vermoedelijk ook geen tweede wereldoorlog zijn geweest en geen jodenvervolging. Er zijn dus argumenten om te zeggen, dat dit allemaal de schuld is geweest van de dwaze Belgische revolutie van 1830.