De vuurpad klopte op de deur van de egel. "Wie is daar?" vroeg de egel. "De vuurpad." - "Kom maar binnen, vuurpad," zei de egel. De vuurpad stapte naar binnen, liep naar de egel toe en trok met één ruk alle stekels uit zijn rug. "Au!" riep de egel. "Au!" De vuurpad deed een stapje achteruit en vroeg: "Hoe noem je wat je nu bent, egel?" - "Boos," huilde de egel. "Heel boos." De vuurpad bekeek hem aandachtig en schudde zijn hoofd. "Nee," zei hij, "je bent niet boos." - "Ik ben wel boos," huilde de egel. - "Niet echt boos," zei de vuurpad. Hij draaide zich om en ging de kamer uit. "Helaas," zei hij nog.
Even later klopte hij op de deur van de slak. "Binnen," zei de slak, die aan het nadenken was over stilstand en vertraging. De vuurpad stapte naar binnen en draaide de steeltjes van de slak om. "Au," zei de slak langzaam en smartelijk. "Nee," zei de vuurpad. "Dit is ook niet echt boos. Jammer, slak." En nog voor de slak voor de tweede keer "Au" had kunnen zeggen was de vuurpad alweer vertrokken.
Hij ging naar de olifant en legde een onontwarbare knoop in zijn slurf. Daarna plakte hij de bek van de kikker dicht, wierp de karper in de wilg en scheurde de jas van de sprinkhaan aan flarden. Alle dieren riepen: "Au!" en werden woedend, terwijl de kikker siste van razernij. Maar telkens zei de vuurpad: "Nee, dit is niet boos," of "Als dit boos moet heten..." of "Echt boos is wel wat anders!"
Aan het eind van de middag stond hij midden op de open plek in het bos, stampte twee keer op de grond, liet zich rood aanlopen, zwaaide met zijn armen en riep: "Is er dan niemand boos?" Overal vandaan klonken woedende kreten en pijnlijke jammerklachten. "Nee," zei de vuurpad toen. "Niemand dus." Hij schraapte zijn keel, haalde zijn schouders op en liep weg, tussen de bomen door, het bos uit.
Die avond zaten de dieren bedroefd bij elkaar. De krekel zette de stekels van de egel een voor een weer in zijn rug, en de schildpad draaide heel langzaam de steeltjes van de slak weer goed. De eekhoorn ontwarde de knoop in de slurf van de olifant en de lijster droeg de karper naar de rivier, terwijl de reiger met zijn snavel de bek van de kikker weer openmaakte. Woest kwaakte de kikker: "Was ik niet boos?" - "Nee," zei de reiger. "Niet echt, denk ik." - "Wat?" kwaakte de kikker. Maar het was meer gillen dan kwaken. Toen zweeg hij en keek verongelijkt naar de grond.
"Misschien kunnen we niet echt boos worden," zei de eekhoorn, die door de vuurpad aan zijn oren omhooggetrokken was en buiten op de tak voor zijn deur was neergezet. De dieren keken elkaar aan en er verschenen rimpels in hun voorhoofd. Niemand wist wat echt boos was. Misschien was het wel iets anders, iets wat helemaal niet op boos leek. Misschien leek het zelfs wel meer op vrolijk! Dat zou kunnen, dachten ze. "Of op iets zwaars," zei de schildpad. "Misschien lijkt het daar wel op. Op iets heel zwaars, wat niemand kan optillen." De dieren rilden. Het was donker en koud, en iedereen sjokte zwijgend naar huis.
Pairi Daiza (voorheen Parc Paradisio) is een dierenpark in Cambron-Casteau (Henegouwen), dat in 1993 zijn deuren opende. Hoewel het park in het begin vooral vogels huisvestte, is het nu meer en meer een volwaardig dierenpark aan het worden. Pairi Daiza is gevestigd op de site van een oude abdij. In het park zijn vele ruïnes te vinden die hieraan herinneren.
In 2006 is de "Droom van Han Wu Di" geopend, de grootste Chinese tuin van Europa, met kraanvogels, een drietal rode panda's en muntjakken. In 2007 werd het Roofvogeldorp geopend, een rij grote volières met verschillende soorten roofvogels en een heuse doorwandelvolière met gieren. In 2008 pakte Paradisio uit met een groot Indonesisch gebied.
Op 1 augustus 2005 werd begonnen met de aanleg van een 3000 vierkante meter grote Chinese tuin (de zesde van zijn soort in Europa). In deze tuin kan men rode panda's en Muntjaks (een hertensoort) aantreffen. Daarnaast zijn er ooievaars (zwarte, witte en zwartsnavel) en kraanvogels (Witnek, Mantsjoerijse, juffer, paradijs, zwartnek, Siberische witte, Florida en monniks) te vinden.
Madidi
Dit Apeneiland herbergt doodshoofdaapjes afkomstig uit het Amazoneregenwoud die zich vrijelijk tussen de bezoekers kunnen begeven. Men moet echter wel oppassen met het contact met deze aapjes, aangezien zij kunnen bijten.
Op 25 april 2003 werd, in samenwerking met WWF-België en gesteund door verscheidene overheidsinstanties, op een hiervoor gebouwde walvisvaarder (de Mersus Emergo) een permanente tentoonstelling geopend betreffende de gevaren waar ecosystemen aan onderhevig zijn.
Aan boord van de walvisvaarder kan men eveneens een vijftigtal vivariums terugvinden van het revalidatiecentrum "Carapace" waarin verwaarloosde dieren terug op krachten komen.
Sponsoring dier
Iedereen kan middels het geven van een financiële bijdrage (vanaf 50€ tot 2730€ afhankelijk van het dier), peter/meter worden van een specifiek dier of gewoonweg een financiële bijdrage leveren aan de programma's ter bescherming van bedreigde diersoorten.
Tegen de prijs van een pot honing hadden een wolf, een haas en een vos de taak op zich genomen om een stuk land te ontginnen. Om zeker van hun beloning te zijn hadden zij gevraagd de honing al vooraf te krijgen. De pot werd achter de schuur gezet en zij togen aan het werk. "Laten wij afspreken," zei de wolf nog, "dat we pas van de honing gaan eten als we helemaal klaar zijn. Anders zie ik nu al dat er van het werk niets terecht komt." - "Mogen we wel van te voren even proeven?" probeerde de vos. "Nee, geen sprake van," besliste de wolf. "We kennen jou!"
De vos drong niet verder aan en het werk begon. Maar na enige tijd begon het werk de vos te vervelen. Hij zou veel liever eens van de honing proeven. Toen hij eens een eind van de anderen af stond niets te doen liet hij plotseling "Skitsjie! Skitsjie" horen. De wolf en de haas kwamen naar hem toe en vroegen: "Hoorde jij dat ook? Het leek wel of er iemand geroepen werd." - "Klopt," antwoordde de vos, "ze hebben mij geroepen. Ik moet een kleintje ten doop komen houden. Vinden jullie goed, dat ik even wegga?" - "Vooruit dan maar," fronste de wolf, "maar maak het niet te lang. We moeten nog wel klaarkomen vandaag!"
De vos sloop naar de schuur en maakte de pot honing open. Gulzig als hij was schrokte hij achter elkaar er wel een derde van op. Voldaan keerde hij daarna terug naar het veld en zei: "Daar ben ik weer! Het heeft niet te lang geduurd, hè?" - "Dat heb je inderdaad vlug gedaan. Hoe heet je petekind?" vroeg de haas. "Eerste-hap," antwoordde de vos, "merkwaardige naam, niet?" Wel, dat vonden de anderen ook, maar in de familie van de vos kwamen wel meer vreemde namen voor. En dus kregen de wolf en de haas geen argwaan.
Na verloop van tijd begon de vos opnieuw trek in honing te krijgen. En evenals de vorige keer liet hij uit de verte "Skitsjie! Skitsjie!" horen. "Ik Geloof dat ze je alweer roepen!" schreeuwde de haas naar de vos. "Ja! Ik moet weer peter zijn. Mag ik weer even?" Opnieuw deed de vos zich achter de schuur tegoed aan de honing. "En hoe heet de kleine dit keer?" vroeg de wolf, nadat de vos weer terug was. "Tweede-hap," zei de vos terloops.
Weer werd er een poos hard gewerkt, toen de vos plotseling al weer zijn "Skitsjie! Skitsjie!" liet horen. "Zeg, blijft dat de hele dag zo?" vroeg de wolf verstoord. "Er moet hier gewerkt worden, niet in de kerk!" - "Heus, het is de laatste keer," beloofde vos, "als ze me nog een keer zouden roepen, ga ik gewoon niet. Maar voor deze keer vind je het toch nog wel goed?" - "Als het echt de laatste keer is tenminste. Schiet nu maar op!" bromde de wolf. Toen de vos korte tijd daarna weer verscheen, antwoordde hij op de vraag hoe het petekind nu genoemd was: "Laatste-hap."
Uren waren er inmiddels voorbijgegaan. De wolf en de haas voelden dat zij goed moe waren geworden. Daarom stelde de wolf voor: "Het is wel tegen onze afspraak, maar laten we toch maar vast iets van de honing gaan eten. Ik moet even nieuwe kracht opdoen."
Moe gingen ze achter de schuur op de grond zitten. De haas maakte de pot open en zag dat alle honing er uit verdwenen was. "Wat een misselijke streek! Dat heb jij natuurlijk gedaan, sluwe vos," schold de wolf, buiten zichzelf van woede. "Ik? Hoe kom je daarbij? Als je het mij vraagt heeft de haas dat gedaan," sprak de vos verontwaardigd. "En ik ben geen minuut van het veld af geweest! Kom nou gauw!" De haas was diep beledigd. "En toch heb jij het gedaan," hield de vos vol. "Bij alle sterren in de hemel zweer ik jullie, dat ik onschuldig ben," riep de haas, "maar ik kom er wel achter, wie het wel gedaan heeft. Wacht maar! Het is nu bijna donker, laten we eerst maar gaan slapen. Als er morgenochtend bij een van ons de honing uit het lijf loopt, reken maar dat hij dan de dader is. En ik zal dat niet zijn!"
De anderen stemden daarmee in. "Maar er zal toch eerst gegeten moeten worden," vond de wolf, "vos, ga jij maar in het dorp wat voor jezelf opscharrelen. En haas, ga jij maar wat knabbelen in het klaverveld. In de tussentijd hoop ik ook iets te vinden, want ik rammel van de honger." De haas ging er vandoor, nadat hij beloofd had zo gauw mogelijk weer terug te zijn. Maar de vos zei, dat hij veel te moe was om nog helemaal naar het dorp te lopen. Hij had het immers de hele dag al drie keer gedaan! Nee, hij zou liever eerst wat gaan slapen. De haas was spoedig weer terug. Hij had de klaver gevonden en kon er weer even tegen.
Toen de vos de volgende morgen de eerste zonnestralen op zijn snuit voelde, schrok hij niet alleen daarvan wakker. Ook liep er gestadig honing uit zijn lijf. Wat moest hij doen? Voorzichtig sloop hij naar de haas en liet zich naast de haas helemaal leeglopen. Vervolgens maakte hij de wolf wakker: "Ga eens bij de haas kijken! Je weet niet wat je ziet!" Nu werd ook de haas wakker. Hij zag het stinkende vuil naast zijn bed en begreep welke kool de vos hem gestoofd had. Halsoverkop maakte hij dat hij wegkwam.
Dit was voldoende bewijs voor de wolf. Met een slaapdronken hoofd rende hij de haas achterna. Door bos en veld, door struiken heen en over greppels holde hij achter hem aan. Toen hij bij een schutting was gekomen probeerde de haas zich tussen twee planken door te wringen. Maar het lukte niet en dat was zijn ongeluk. De wolf had hem nu gauw te pakken en... beet een stuk van zijn staart af. Daarom heeft sinds die tijd de haas enkel nog een pluimstaart. En ook sinds die tijd jaagt de vos onvermoeibaar op de haas, bevreesd als hij is dat de haas ooit nog eens de kans zal krijgen om het allemaal aan de wolf uit te leggen.
Moulay Slimane was de koning van de geesten. Hij oefende, dat spreekt vanzelf, gezag uit over de geesten, maar ook over alle dieren. Over de vogels en de vissen, over de huisdieren en over de wilde dieren. En allen waren tevreden, want Moulay Slimane was rechtvaardig en goed. Maar... hij had een vrouw. En zijn vrouw was niet altijd even rechtvaardig en goed als haar man. Op een nacht toen zij de slaap niet kon vatten en ze onophoudelijk lag te woelen, verzuchtte zij dat het bed veel te hard was voor iemand zo teer gebouwd als zij. "Wat ik nodig zou hebben, is een bed gemaakt van de veren van alle vogels op aarde."
Moulay Slimane was dan wel rechtvaardig, maar hij hield ook veel van zijn vrouw. De volgende morgen riep hij dan ook alle vogels bijeen. "Ik heb jullie laten komen," zei hij tegen hen, "opdat jullie mij jullie veren zouden geven. Daarvan wil ik dan een bed voor mijn vrouw maken. Gaan jullie daarom allemaal bij mijn minister langs, zodat hij jullie veren kan plukken."
De vogels keken elkaar aan, verbluft als ze waren, vervolgens probeerden ze tijd te winnen. De adelaar wierp zich op als hun woordvoerder. "Zijn alle vogels wel bijeengeroepen?" - "Ja." - "Is er niemand die ontbreekt? Want we moeten allemaal, zonder uitzondering, aanwezig zijn. Over een dergelijke zaak kan slechts met algemene stemmen een besluit genomen worden."
Moulay Slimane was dus wel verplicht de namen af te roepen en zodoende ontdekten men dat de uil ontbrak. Onmiddellijk zond de koning van de geesten de valk weg, want hij was de snelste, om de uil te zoeken. Toen de uil tenslotte voor hem verscbeen, sprak Moulay Slimane tot hem op droge toon: "Welnu, vanwaar deze vertraging?" - "Vergeeft u me, ik had het erg druk. lk telde het aantal dagen en nachten, dat van de doden en van de levenden en dat: van de mannen en vrouwen."
"Ah!" riep Moulay Slimane geïnteresseerd uit. "En wat heb je ontdekt?" - "Er zijn meer dagen dan nachten." - "Bewijs me dat." - "De nachten dat de maan schijnt zijn gelijk aan dagen en worden dus tot dagen gerekend." - "Dat is waar," zei Moulay Slimane instemmend. "En wat de levenden en de doden betreft?" - "Er zijn meer levenden dan doden, want een dode die een gelukkige herinnering nalaat is even levend als voorheen." - "Dat is opnieuw waar," bevestigde Moulay Slimane. "En hoe staat het met de mannen en de vrouwen?" - "Er zijn meer vrouwen." - "Hoe kun je dat verklaren?" - "De man die de raadgevingen van een vrouw opvolgt, wordt hij daardoor zelf niet een vrouw?"
Moulay Slimane zei niets. Hij ontstak niet in woede, noch strafte hij de uil voor zijn vermetelheid. Maar hij gaf de vogels hun vrijheid terug en zwoer niet langer naar zijn vrouw te luisteren. En daarom hebben ook nu de vogels al hun veren nog...
Jantje komt bij zijn vader met de vraag: Papa, wat is een clitorus? Zegt zijn vader: Had je gisteravond bij me moeten komen, toen lag het op mijn puntje van me tong!
De Nationale Plantentuin van België is een plantentuin in de Vlaams-Brabantse gemeente Meise. Het is een van de grootste plantentuinen in de wereld. De plantentuin werd opgericht tijdens de Franse Revolutie. Deze tuin was gelegen op de 'Hofberg' en werd door de eerste directeur vanaf 1797 'Le Jardin Botanique de Bruxelles' genoemd.
De Plantentuin staat onder leiding van Jan Rammeloo en heeft twee onderzoeksafdelingen, het herbarium (ongeveer 3.000.000 specimens), een bibliotheek en uitgebreide levende verzamelingen. Samen met de Koninklijke Belgische Botanische Vereniging is de plantentuin verantwoordelijk voor het in 2010 geïntroduceerde wetenschappelijke tijdschrift Plant Ecology and Evolution.
De levende planten (18.000 soorten) zijn onder meer ondergebracht in het Plantenpaleis, een kassencomplex met dertien publiek toegankelijke broeikassen:
Moessonkas waar natte en droge seizoenen elkaar opvolgen
In de kassen vindt men ook de guave (Psidium guajava) en de tjampedak (Artocarpus integer).
De plantentuin is ook gespecialiseerd in het bewaren van zaden van wilde planten in een zaadbank. Dit gebeurt in diepvriezers die koelen tot -20 °C. De zadencollectie bevat onder andere 211 wilde boonsoorten. Dit is de grootste collectie ter wereld.
De plantentuin van Meise zou voor het behoud en bewaren van zaden ook gaan samenwerken met projecten als het Svalbard Global Seed Vault en het Millennium Seed Bank Project. De plantentuin is aangesloten bij Botanic Gardens Conservation International, een non-profitorganisatie die botanische tuinen samen wil brengen in een wereldwijd samenwerkend netwerk om te komen tot het behoud van de biodiversiteit van planten. De tuin is ook aangesloten bij de Council on Botanical and Horticultural Libraries, een internationale organisatie van individuen, organisaties en instituten die zich bezighouden met de ontwikkeling, het onderhouden en het gebruik van bibliotheken met botanische literatuur en literatuur over tuinen. Tevens is de plantentuin aangesloten bij de European Botanical and Horticultural Libraries Group (EBHL), een organisatie die zich richt op de promotie en facilitatie van samenwerking en communicatie tussen personen die werken in botanische en horticulturele bibliotheken, archieven en gerelateerde instituten in Europa.
Wollemia nobilis, een plant die enkel bekend was uit fossielen van 90 miljoen jaar oud, werd in 1994 ontdekt in Australië. Wetenschappers werden er geblinddoekt naar toe gebracht om de plaats geheim te houden. De tuin bezit er een exemplaar van.
Overdracht aan de Vlaamse Gemeenschap en verval door communautaire problemen
Na het Lambermontakkoord bereikten Vlaanderen en Wallonië in 2001 hierover een akkoord. De wetenschappelijke verzameling, het herbarium en de bibliotheek zouden evenwel eigendom blijven van de federale overheid, maar in bruikleen worden gegeven aan de Vlaamse overheid. De Franse Gemeenschap mocht, voor haar rekening, enkele wetenschappers in Meise tewerkstellen. Door allerlei interpretatieverschillen over het akkoord, raakte de situatie echter geblokkeerd. Ondertussen investeert de federale overheid niet meer in de Plantentuin en de infrastructuur en de werking van de Plantentuin lijden steeds meer onder de communautaire patstelling.
Door politieke onenigheid worden noodzakelijke en dringende investeringswerken aan de tuin al enkele jaren niet gedaan. In juni 2006 investeerde de Vlaamse regering éénzijdig anderhalf miljoen euro.
Nu Miriam Hargreves, de houdster van het wereldrecord, ons allen zo heeft teleurgesteld door bij de veertigste poging te slagen voor het rijexamen, is de strijd weer geheel open voor een veel- belovende nieuweling. Veel twijfelaars dachten echter dat haar schitterende totaal van 212 lessen wel nooit zou worden overtroffen. O gij kleingelovigen.... In maart 1980 was de kittige mevrouw Tudor uit Exeter negentien jaar in de leer en had ze het adembenemende getal van 273 lessen laten aantekenen. In die periode had ze negen rijinstructeurs versleten en hadden drie rijscholen haar de deur gewezen. Ze had maar zeven keer examen aangevraagd en elke keer zakte ze met vlag en wimpel. Haar sevende examen kwam ten einde toen ze tegen de stroom in over een rotonde reed, waarna de examinator haar toeschreeuwde dat hij wel achter het stuur zou gaan. Mevrouw Tudor zei tegen hem:'Als de auto's niet toeterend op ons af waren gekomen, zou U er niets van hebben gemerkt.' Hoewel mevrouw Tudor nu besloten heeft om de auto te verkopen, zou je vermoeden dat ze slechts een rustperiode heeft ingelast. Een talent van zo'n allure valt immers niet lang in toom te houden.
Een vrouw, zwanger van een drieling, staat in de bank voor het loket. Plots stormen drie gewapende mannen de bank binnen en schieten wild in het rond. De vrouw wordt door drie kogels geraakt in de buik. In allerijl brengen ze haar naar het hospitaal waar ze direct geopereerd wordt. Terug bij bewustzijn vraagt ze dokter hoe het is met haar 3 kindjes. De dokter zegt dat alles ok is! Ze hebben wel elk een kogel in hun lichaam maar die zullen ze later langs de natuurlijke weg wel kwijt raken. En inderdaad de drieling wordt gezond geboren, twee meisje en een jongen...
Twaalf jaar later komt de eerste dochter hysterisch bij haar moeder gekropen, zegt dat ze geplast heeft en dat er een kogel in het toilet ligt. Waarop de moeder haar het ganse verhaal vertelt.
Een paar weken later komt de tweede dochter al even erg over haar toeren bij moeder, waarop ze hetzelfde verhaal tegen haar moeder vertelt. Ze is in paniek, maar haar moeder doet de hele situatie opnieuw uit de doeken, waarna ze gerustgesteld is.
Een jaar later komt de zoon opgewonden en in paniek bij moeder gelopen, waarop moeder zegt: "ik weet wat er gebeurd is jongen, je ging plassen en er lag een kogel in het toilet". Waarop de jongen antwoordt: "Nee mama, veel erger !" Ik was me aan het aftrekken en toen schoot ik zo de hond dood !!!!!!!!!!!!!!
In 1872 stichtten monniken van Beuron er op een heuvelrug een abdij, gebouwd in neogotische stijl naar een ontwerp van architect Jean Bethune. Ze bestaat uit een grote kloosterkerk - in een van de twee torens hangt de op twee na grootste klok van België (na Mechelen en Doornik) - en een aantal gebouwen rond een vierkante binnenplaats. De kerk is publiek toegankelijk. Daarnaast is er een gastenverblijf en een ontvangstgebouw met winkels, museumruimte en restaurant.
Er is ook een middelbare school (internaat en externaat) voor jongens en meisjes. De school, Collège Saint Benoît genaamd, werd in 1881 gesticht.
De bibliotheek van de abdij, begonnen vanaf de stichting, herbergt thans circa 400.000 boeken en is op aanvraag consulteerbaar.
De abdij geeft sinds 1884 de Revue Bénédictine uit, wetenschappelijk tijdschrift gewijd aan kerkelijke geschiedenis en literatuur.
In de abdij bevinden zich ook de natuurwetenschappelijke collecties van Dom Grégoire Fournier (1863-1931). Het gaat om rijke collecties op het gebied van geologie, mineralogie, biologie, archeologie en vooral paleontologie. Het Centre Grégoire Fournier is een belangrijk wetenschappelijk museum, dat open staat voor bezoek.
De omgeving van Maredsous is een toeristisch geliefd oord. De uitgestrekte bossen geven gelegenheid tot wandelen, er zijn veel restaurants en campings in de buurt en er is op de voormalige spoorlijn door de vallei een "railbike" die zomer en winter in bedrijf is. In de Vallei van de Molignée bevinden zich ook de ruïnes van de gelijknamige burcht.
Plaatselijke specialiteiten die ook elders verkocht worden, zijn een abdijkaas en een abdijbier. De kaas bevat de naam "Maredsous" slechts als merknaam.
Maredsouskaas heeft een vetgehalte van 45% en is gemaakt van koemelk. De kaas wordt sinds 1953 bereid, en lijkt een beetje op de Franse kaas Port Salut. Vanaf 1959 wordt de kaasbereiding niet meer door het klooster gedaan maar door een melkcoöperatie. Dit bedrijf werd in 1990 overgenomen door de Franse groep BEL.
Een oude zeeman komt na zeer lange tijd op zee gezeten te hebben, voor het eerst weer aan wal. Omdat hij altijd maar in het gezelschap was van mannen, was het hoog tijd om vrouwelijk schoon op te zoeken. Hij loopt dan ook regelrecht naar de rosse buurt en stapt bij de eerst beste hoerentent naar binnen waar hij al vlug naakt op een bed ligt met een hoertje voor zich die zich aan het uitkleden is.
"Ik heb wel bepaalde wensen" zegt de zeeman. "Ik heb 30 jaar op zee gezeten en ben dus een bepaalde situatie en omgeving gewend. Die zullen nagebootst moeten worden, wil het überhaupt lukken bij mij". Het hoertje vraagt welke wensen de zeeman heeft.
"Nou, tijdens de sex wil ik dat je met je rechterhand deze houten lepel neemt en op deze emmer slaat. Daarbij trap je met je linkerbeen tegen de kast achter je, om het donderende onweer dat ik dag in dag uit heb meegemaakt, na te bootsen. Zonder lukt het niet!" En dus kruipt het hoertje bovenop de zeeman en beginnen ze te vrijen. Tijdens de sex slaat het hoertje zo hard als ze kan op de emmer naast het bed en trapt de kast achter haar bijna stuk met haar been.
"Nee nee, zo lukt het niet" zegt de zeeman. "Je moet ook nog een andere emmer met water vullen, links naast het bed zetten en me iedere 5 seconden met de linker hand water in het gezicht gooien, om de woeste zee waar ik altijd op heb geleefd, na te bootsen. Daarbij moet je iedere keer als je dat doet, "schip Ahoy!" roepen, dan denk ik aan mijn kaptein die ik nu al mis!" Nou daar begon het hoertje: gekletter met de lepel op de emmer, trappend met het been tegen de kast, spetterend met de rechterhand in het gezicht en "Schip Ahoy!" te roepen. Meteen daarna gooit de zeeman het hoertje van zich af en begint zich aan te kleden. "Wat? Doe ik het nog steeds niet goed?!"vraag het hoertje. "Och schei uit man" zegt de zeeman. "In dit hondeweer wilt toch niemand neuken!
Vanavond ga ik mee uit met een paar vriendinnen, ze klagen al weken dat ik dat ik weer eens mee moet gaan. Met mijn "misschien" nemen ze allang geen genoegen meer, vanavond moet ik echt mee. "Zo meteen word je nog een echte nerd!" roepen ze als ik ter verdediging aanvoer dat ik druk ben met school. "Dat ben ik toch al." antwoord ik gekscherend. Eigenlijk vind ik mijzelf ook wel een nerd, of in ieder geval erg saai. Als ze me op komen halen wordt er gelijk geklaagd dat ik er tuttig uit zie, "wil je dan geen sjans hebben vanavond?" We zijn net een half uurtje in de kroeg als er een groep jongens binnen komt lopen. We kijken of er wat tussen zit en dat wordt beloond! Er zit een super lekker ding bij, lang en atletisch gebouwd, beetje arrogant wel. Mijn vriendin vertelt dat het een goede vriend is van een jongen die zij leuk vindt, en de eerste denkbeeldige dubbeldates worden al gepland. Later op de avond krijg ik viavia te horen dat hij 'niet geïnteresseerd' is. Lekker dan. Niet veel later ga ik richting huis, mijn avond is toch al verpest door die arrogante zak.
Twee dagen later belt een vriendin: "we gaan volgend weekend weer stappen". Ik heb niet zo'n zin na die afgang en probeer er onderuit te komen, maar dat kan ik wel vergeten.
Als de meiden die zaterdag bij mij zijn wordt er gelijk gezegd dat ik iets anders aan moet. "Heb je geen kort rokje en sexy shirtje ofzo?" Dus ik haal een kort spijkerrokje zwart shirtje met lage hals te voorschijn. "En je zwarte hoge laarzen" is het advies. Stiekem voel ik me eigenlijk wel een beetje sexy in deze outfit. Helaas, geen respons van meneertje arrogant. Ik kom wel twee jongens tegen waar ik ooit mee heb lopen rotzooien, die me beiden gelijk weer beginnen te versieren. Ik heb lol, maar het irriteert me wel dat hij zelfs nu niet geïnteresseerd lijkt te zijn. Rond 6 uur loop ik al met mijn jas aan als hij opeens vraagt: "ga je nu al weg?" "Ja, ik zou al om 4 uur thuis zijn" zeg ik. "Dan kan je net zo goed nog even blijven" lacht hij. Oh, wat is hij lekker! Maar ik zeg dat ik nu toch echt moet gaan en denk bij mijzelf: dan had hij maar eerder wat moeten zeggen.
De daarop volgende weken ben ik druk, maar na 4 weken ga ik weer mee uit. Ik heb stiekem wel zin om hem weer te zien, maar dat laat ik niet merken aan de meiden. Ik trek een kort strak zwart jurkje aan (op advies van een vriendin) en doe hoge laarzen aan. Iets sexiers heb ik echt niet, als dit het niet doet dan weet ik het niet meer. Stiekem heb ik ook een extra mooi lingeriesetje aangetrokken want je weet maar nooit. Anders hebben ze me gelijk door. We zijn laat, en als we binnenkomen is de groep jongens er al. Ook hij is er zoals altijd weer bij. Hij kijkt me aan, maar komt niet naar me toe. Ik ga ook niet naar hem toe. De avond vordert en ik wordt chagrijnig. Wat voor een vent is dat nou! Hij kijkt wel naar mijn kontje vertellen de meiden.
Als ik m’n jas ga halen om naar huis te gaan vraagt hij wat ik ga doen. “Ik ga naar huis” zeg ik. “Waarom? Het is het pas 5 uur” zegt hij. Heel even twijfel ik, maar dan zeg ik: “Wat wil je nou? Telkens als ik weg ga dan zeg je dat ik niet moet gaan, maar je doet verder niks!” Hij kijkt me aan en opeens pakt hij mijn hoofd en zoent me. Zijn handen glijden naar mijn kontje, en hij fluistert: “Jij hebt echt een lekker kontje, wist je dat?” Ik kijk hem aan. Hij zegt: “ik woon hier om de hoek en mijn ouders zijn op vakantie.” “Dus?” plaag ik hem. “Ga je mee?” vraagt hij. Opeens word ik bang, ik ken heel die gast niet, zo meteen is het een engerd! Dus ik krabbel terug: “Nee, ik moet echt naar huis!” Hij lacht en loopt met me mee naar de jassen. Vlak voordat we bij de jassen zijn lopen we langs de toiletten en opeens duwt hij me bij het damestoilet naar binnen. Er is niemand en hij duwt me een hokje in, doet de deur op slot en tilt me op. In een reflex sla ik mijn benen om zijn middel en mijn armen om zijn schouders. Hij grijnst en zegt: “Ik wist wel dat je niet zo verlegen bent als je doet.” Ik kijk hem alleen lachend aan en geniet even van het gevoel van zijn lichaam, sterk en lenig. Hij zoent me en laat langzaam zijn hand tussen mijn benen glijden. Even aarzel ik, wil ik dit wel? Maar hij begint me in mijn nek te zoenen en ik murmel zachtjes nog iets over onverstandig en ophouden maar hij geeft geen gehoor. Zachtjes wrijft hij tussen mijn benen en ik kan niet langer rationeel denken. Hij zet me neer en in één beweging trekt hij mijn jurkje over mijn hoofd en kijkt naar me, nu alleen nog gekleed in een kanten bh en stringetje en hoge laarzen. Hij grijnst en knikt goedkeurend: “Je bent nog lekkerder dan ik gehoopt had”. Ik trek zijn shirt uit en ook zijn lijf ziet er nog beter uit dan ik had durven dromen. Hij gaat zitten en trekt me op schoot. Ik knoop zachtjes zijn gulp open en laat mijn hand in zijn broek glijden. Zijn lul is al helemaal hard en voelt groot. Hij kreunt zachtjes en schuift mijn stringetje opzij om ook mij verder op te geilen. Zijn vingers spelen met mijn kutje en ik word steeds vochtiger. Ik bijt zachtjes in zijn oorlel om hem te plagen, hij kreunt nog iets harder en pakt mijn kin vast. “Wil je dat nooit meer doen!” zegt hij streng. “Waarom niet?” plaag ik hem. “Omdat je me daar helemaal gek mee maakt” zegt hij. Ik grijns en om wraak te nemen steekt hij onverwachts ruw een vinger in mijn kutje. Ik kreun en nu grijnst hij. Een tweede vinger erbij en ik kreun harder. Hij fluistert: “je hebt zo’n lekker strak kutje, ik hoop dat ik je niet al te teveel pijn ga doen zo”. Ik kijk hem aan, oh wat is hij heerlijk arrogant. Door zijn boxer heen grijp ik zijn ballen en kneed ze zachtjes. Hij doet even zijn ogen dicht van genot en ik kijk naar hem. Om zijn lippen speelt een glimlachje en kus hem, bijt hem zachtjes in zijn onderlip en zak langzaam via zijn nek en borst af naar beneden. Hij weet al wat er gaat komen en als ik van zijn schoot stap om op mijn knieën te gaan is zijn glimlachje veranderd in een grijns. Ik doe zijn broek en boxer uit en neem zijn lul in mijn mond. Hij is toch wel erg groot. Ik zuig en hij kreunt. Hij legt zijn hand op mijn hoofd en trekt een beetje aan mijn haar. Ik kijk hem aan en hij kreunt: “ga door!” dus dat doe ik. Als hij het niet meer kan houden trekt hij me naar zich toe, trekt ruw mijn stringetje uit en stopt zijn lul in mijn kutje. Het doet een beetje zeer en hij ziet het op mijn gezicht. Ik zie hem ervan genieten dat het zeer doet, de sadist! Hij pakt mijn heupen vast en trekt me nog wat strakker tegen zich aan. Ik hap naar adem. Hij doet mijn bh uit en bijt zachtjes op mijn tepel. Ik trek zijn hoofd wat naar achter en kijk hem arrogant aan als ik heel langzaam omhoog kom tot zijn lul nog net in mijn kutje zit. Hij kreunt zachtjes en ik zie dat hij er spijt van heeft dat ik bovenop zit. Heel langzaam maak ik hem helemaal gek tot hij het niet meer houdt en me eraf wil zetten om de leiding over de kunnen nemen. Hij kijkt me boos aan als ik er niet af wil gaan. Het is duidelijk dat hij gewend is de leiding te hebben. “Jouw tijd komt nog wel” zeg ik en ga langzaam door tot we beiden klaarkomen. Hij zet me eraf, draait me om met mijn handen tegen de muur en begint mijn borsten te kneden. “Nu zal ik je krijgen” gromt hij en knijpt net iets harder dan nodig. Langzaam zakt zijn hand af naar beneden en begint met mijn klitje te spelen. Zijn andere hand pakt mijn haar en hij begint in mijn nek te zoenen. Zogenaamd per ongeluk duwt hij me even tegen de koude muur aan. Ik wil wat terug doen maar dat laat hij niet toe. Als ik tegenstribbel pakt hij met één hand mijn beide polsen vast en houdt ze boven mijn hoofd tegen de muur terwijl zijn andere hand met mijn klitje speelt. Hij stopt zijn lul in mijn kutje en begint te stoten. Ik kreun dat hij iets zachter moet doen maar hij luistert niet en gaat gewoon door. Als we klaarkomen trekt hij mij strak tegen zich aan. Als hij uit mijn kutje glijdt loopt zijn geil langs mijn benen naar beneden. Hij kijkt er lachend naar, pakt wat toiletpapier en veegt het weg. Vervolgens pakt hij mijn kin en doet mijn hoofd wat naar achter. Hij zoent me zachtjes en fluistert dat hij ervan genoten heeft. Dat we dit vaker moeten doen, maar dan niet in zo’n klein hokje. "Mijn ouders zijn nog 3 weken op vakantie, wanneer heb je tijd?"
Virga Jessecomité herpakt zich met optocht Langeman
HASSELT - De eerste ommegang van de Virga Jessefeesten viel letterlijk in het water. Een dag later bleef de regen gelukkig uit tijdens de uittocht van de Hasseltse Langeman.
Het Virga Jessecomité en vooral ook de deelnemers aan de ommegang waren zondagnamiddag zwaar teleurgesteld. Het hoogtepunt van de Virga Jessefeesten, de ommegang, werd namelijk voor de eerste keer in de geschiedenis afgelast. Op maandag was er echter niet veel tijd om ontgoocheld te zijn, want het volgende evenement, de uittocht van de Hasseltse reus Don Christophe (die ook wel de Langeman wordt genoemd) stond op het programma.
'Gelukkig valt het weer vandaag mee', zegt Luc Smeets, persverantwoordelijke. 'Het is jammer dat de ommegang niet doorging, maar we laten de moed niet zakken en hopen voor de avondommegang van woensdag op beter weer.' Voorlopig is er ook nog geen nieuws over een mogelijke, bijkomende ommegang.
Uit een rondvraag bij de Hasseltse hotels blijkt dat er weinig tot geen boekingen werden geannuleerd.
Erwtensoep
De maandag na de eerste ommegang is het tijd voor de rondgang van de Hasseltse reus DonChristophe. De vijfmeter hoge, bronzen reus vertrok aan Het Stadsmus richting VirgaJessebasiliek waar de inwoners van Hasselt een gratis kopje erwtensoep kregen. Dat is een eeuwenoude traditie in Hasselt. Sinds de vijftiende eeuw wordt er al brood en soep uitgedeeld aan de armen tijdens de processie van de Langeman.
De rederijkerskamer 'De Roode Roos' trekt met de Langeman door de straten en onderweg worden ook Hendrik en Katrien, volgens een legende de oudste inwoners van de stad, opgehaald. Tijdens het uitdelen van de erwtensoep aan de VirgaJessebasiliek is het altijd lang aanschuiven.
'De soep is heel lekker', zegt Jan Martens (60) uit Hasselt. 'De uittocht van de Langeman is altijd een sociaal gebeuren in Hasselt. De soep die op het einde gratis wordt uitgedeeld, is een verwijzing naar de hongersnood van vroeger. Nu is het vooral een leuke gebeurtenis.' Na vandaag wordt de Langeman opnieuw opgesteld in het Stadsmus.
Gaat een Hollander naar de dokter. Hollander: Dokter, ik wil graag Belg worden. Dokter: Dat kan tegenwoordig, er wordt dan operatief 20% van de hersenen weg gesneden en je bent Belg. Hollander: Nou, dat lijkt me wel wat. De Hollander wordt geopereerd en komt bij uit zijn narcose. Staan er toch heel wat dokters om hem heen. Een dokter vertelt: Ja, meneer de operatie is geslaagd maar in plaats van 20% is er 40% weggesneden. Wat vindt u hier van?? Ach, macht nichts
Het is warm in het oerwoud. Zó warm dat alle apen lui onderuit hangen in de bananenboom of in de schaduw eronder. Ze schrokken af en toe een lekker banaantje naar binnen, krabben een beetje in hun vacht, maar verder gebeurt er hélemaal niets. En het is ook muisstil. Totdat …
“Ehm jongens”, begint de bananenboom voorzichtig. “Nu het alweer bijna kerst is enzo, zit ik er aan te denken om, nou ja, eh … om ook eens lampjes te nemen. Dat lijkt me toch zo verschrikkelijk gezellig.” Verwachtingsvol kijkt hij in het rond. Zijn apenvriendjes doen alsof ze niets gehoord hebben. “Nou, wat vinden jullie ervan?”, probeert de bananenboom nog maar eens. “Whaaahahaaa, whoehoehoe, hihihiiii!”, barst het ineens los. Alle apen rollen over de grond van het lachen. “Zoiets belachelijks hebben we nog nooit gehoord! Doe even normaal joh, je bent toch een bananenboom en geen kerstboom. Jij zorgt voor de bananen en een kerstboom zorgt voor de kerstsfeer. En in ons oerwoud staan geen kerstbomen dus hebben we hier geen lampjes. Zo is het nu eenmaal. Tssss, die bananenboom, die heeft zeker de tropenkolder in zijn hoofd.” Hoofdschuddend en nog nagrinnikend om zoveel onzin gaan de apen weer liggen. Beteuterd staart de bananenboom voor zich uit. Dit was niet de reactie waar hij op gehoopt had. Daar ging zijn mooie plannetje om eens te laten zien dat hij ook mooi kon zijn en heus niet alleen maar nuttig. Nou ja, de apen zouden wel gelijk hebben, die wisten vast veel meer van oerwoudzaken dan hij.
’s Avonds als het donker is en al zijn vriendjes op apegapen liggen, staat Monkie heel stilletjes op. Voorzichtig om de andere apen niet wakker te maken pakt hij zijn rugzakje, gooit er een paar trossen bananen in en glipt er tussenuit. Klauterend in bomen en springend van tak tot tak gaat hij op pad. Op naar de open plek in het oerwoud want daar staat het huis van de mensenfamilie die met kerst altijd overal vrolijke lampjes ophangt. Monkie houdt van die schitterende lichtjes en is bovendien gek op bananen. Nee, híj had niet mee gelachen die middag toen de bananenboom over zijn kerstidee begon. “Wat deden die saaie apen toch flauw”, moppert hij zachtjes in zichzelf. “Ze zijn ook nooit eens in voor iets nieuws. En waarom? Omdat het nu eenmaal zo is. Pfff, dat is toch geen reden?”
Wanneer Monkie bij het mensenhuis aankomt, holt hij meteen richting de schuur. Daar, in dat houten gebouwtje ligt precies wat hij zoekt. Met zijn kleine vingers prutst hij wat aan het slot en met een luid gekraak gaat de deur open. Geschrokken kijkt hij om zich heen. Gelukkig, niemand heeft het gehoord. Snel schiet hij de schuur in en valt bijna ondersteboven van verbazing. “Wauw!”, roept hij uit. Even is Monkie vergeten dat hij geen lawaai moet maken, maar zoveel lampjes heeft hij in zijn hele apenleven echt nog nooit bij elkaar gezien. Het ontglipt hem gewoon. “Het lijkt wel een kerstwinkel”, glundert hij. “Nou, wie er zoveel heeft, kan er vast wel een paar missen.” En hij pakt twee lange snoeren met wel honderd lampjes van een van de planken. Daarna opent hij zijn rugzakje, haalt de bananen eruit en legt ze op de lege plek. “Dank u wel en alstublieft”, mompelt hij zachtjes. Ook al doet hij iets wat eigenlijk niet mag, Monkie heeft wél goede manieren en hij is ook geen echte dief. In ruil voor de lampjes geeft hij de mensenfamilie een paar trossen zelfgeplukte bananen van de allerbeste oerwoudkwaliteit. Zo, dat was geregeld en nu gauw weer terug naar huis voordat de andere apen wakker worden.
Terug bij de bananenboom zijn alle apen nog in diepe slaap. Monkie gooit zijn rugzakje af, grijpt de snoeren met lampjes en klimt razendsnel naar boven. “Hé, pssst bananenboom”, fluistert hij. “Kom op, doe je ogen nou eens open. Ik heb een verrassing voor je.” Hij schudt wat aan de grote bananenbladeren. “Wat, huh, watisser, ik ben zo moehoe”, geeuwt de bananenboom hardop. “Sssst, zachtjes”, zegt Monkie binnensmonds. “Kijk eens wat ik voor je heb?” De bananenboom is op slag helemaal wakker. “O, Monkie, wat geweldig, wat super, wat … o joepieee.” De bananenboom staat van spanning te trillen op zijn stam. “Hou je nou even rustig. Zo kan ik die lampjes toch niet in je bladeren hangen.” Monkie is nu druk bezig de lichtjes zo goed mogelijk te verdelen over de hele bananenboom. “Is het al af, ben ik al mooi, mogen de lampjes al aan?” Een beetje ongeduldig is de bananenboom wel, maar dat vindt Monkie niet erg. Hij kan zelf ook haast niet wachten. Nog twee bladeren en jawel, alle lampjes zitten erin. ‘Nou joh, daar gaat ‘ie.” Monkie pakt de stekker en sjeest ermee naar het stopcontact. Met ingehouden adem stopt hij de stekker erin en knijpt zijn oogjes stijf dicht. Zou het wel mooi worden? Hij durft haast niet te kijken. Stiekem gluurt hij door zijn wimpers en ziet daar een breeduit lachende bananenboom. Glimmend van trots en van de honderden schitterend gekleurde lampjes. Monkie is even sprakeloos. “Aaahh”, verzucht hij dan. “Dit is nog veel en veel en veel mooier dan ik had gedacht. Je ziet er poepie-sjiek uit. “ Samen staan ze even stilletjes te genieten van de lichtjespracht.
Wanneer ze naar beneden kijken zien ze alle andere apen met grote ogen en hun mond wijd open naar de bananenboom staren. “Nou, wat vinden jullie ervan”, roepen Monkie en de bananenboom tegelijkertijd. “Is dit feestelijk of niet?” Stomverbaasd halen de apen hun schouders op. “Mwah, gaat wel”, doen ze stoer. Eigenwijs als ze zijn willen ze natuurlijk niet toegeven dat ze er helemaal naast zaten. Maar ondertussen blijven ze wel vanuit hun ooghoeken naar de wonderschone bananenboom gluren. Monkie en de bananenboom geven elkaar een dikke knipoog. Zij weten wel beter … dit wordt het mooiste kerstfeest van hun leven
Een toestel van de Belgische luchtvaart maatschappij Sabena
Een toestel van de Belgische luchtvaart maatschappij Sabena
Een toestel van de Belgische luchtvaart maatschappij Sabena wil gaan landen op Schiphol. De piloot en zijn co-piloot zetten de daling in en zien beneden hun de landingsbaan al verschijnen. De piloot laat de wielen zakken en zet het toestel op de grond. Om tot stilstaan te kunnen komen gaan de twee vol in de remmen. Ze remmen, remmen, remmen; de rook schiet van de blokkerende banden. Vlak voor het einde van de baan staat het toestel stil. Met zweet op hun voorhoofd kijken de piloten elkaar aan. Zegt de een tegen de ander: “Awel zulle, wat een korte baan van die Hollanders”. Zegt de co-piloot terwijl hij opzij kijkt:”Zeker en vast, maar wat is ‘t ie breed zeg!!!”
De bal van de prins is vandaag. Hij wilt zijn haar heel mooi hebben. Het kapsel van de prins heeft hij in het boek staan. Hij belt de kapper. Het meisje komt en knipt het haar zoals het in het boekje staat. Nu zit het heel mooi. Het bal begint.
Een meisje staat voor het raam maar er zijn heel veel meisjes al binnen. Ze was heel verdrietig maar ze had een plannetje bedacht. Als de prins niet op let gaat ze stiekem naar hem toe.
De prins ziet een meisje. Hij wilt met haar dansen. Als hij dansend naar buiten gaat, wilt hij haar zoenen. Maar toen hij net met haar wilde zoenen draaide hij zijn hoofd om. Hij kan het niet geloven dat hij gaat zoenen!
Toen hij zijn hoofd weer omdraaide, stond er opeens een ander meisje. Toen wou hij daar wel mee zoenen. Hij vindt het heel raar. Hoe kan een meisje verdwijnen en verschijnen.
Hij draaide zijn hoofd weer om. Dan ziet hij een grote gele straal. De straal glinstert mooi. Hij dacht wat raar. Hoe kan dat nou? Toen hij zijn hoofd weer omdraaide ging hij nadenken. Toen hij zijn hoofd weer terug draaide zag hij een meisje met geel haar!
Het meisje was veel mooier dan de andere meisjes. Hij zei: "Je bent heel mooi." Het meisje zei: "Dank je, jij bent ook best mooi met die krul in je haar, je lijkt net op een hele mooie prins. Hoe krijg je je haar zo?" "Ik belde de kapper die keek in een boekje hoet het moest zijn."
Maar ik vind het raar. Hoe kan jij hier verschijnen? "Ik ging thuis huilen, maar een Fee verscheen. ze zei dat om middennacht me jurk zal verdwijnen. Toen je net met een meisje wou zoenen, stond ik voor je, maar te laat. Je zag me jurk niet en mezelf niet. Toen kwam er een grote flits en nu heb ik deze kleren aan."
Hij wou dansen met haar en ging naar het kasteel. Daar kleedde het meisje zich aan en ze was mooi, maar niet zo mooi als ze eerst was. Ze gingen dansen de hele dag. Dag en nacht. Zo lang, de prinses werd moe en de prins ook. Dus stopte ze. Ze gingen naar huis, maar de prins niet. Die ging naar het kasteel. Ze gingen allebei slapen en alles meisjes in het kasteel waren ook thuis.
Ben jij ook aan het slapen? Dan zeg ik dit voor jou: Weltrusten, slaap lekker en fijne dromen.
Het park heeft vooral familie-attracties: de darkrideHet Bos Van Plop, de Ploptuin, De Draak, De Boomstammetjes, SuperSplash en de Kermis van Samson en Gert met enkele kermis-attracties. Deze zijn meestal aangekleed in de stijl van de programma's van Studio 100. In het park hebben optredens plaats van kinderhelden als Samson en Gert en Kabouter Plop. Andere attracties zijn een treintje, een uitzichttorenlift, een kinderboerderij, een carrousel en een piratenschip.
Melipark
In 1932 werd het park gesticht door Albéric Florizoone, bekend van de honingfabrikantMeli; het heette toen Melipark. In die tijd waren educatieve shows met bijen (waarbij Albéric zich liet steken), dieren en een speeltuin de belangrijkste attracties. In 1952 opende het sprookjesbos. Het park trok vooral veel kustgangers en Noord-Fransen aan. Indertijd spectaculaire ritten, zoals het Apirama (de Wereld van de Bijtjes) werden geopend. In de jaren '90 verloor het park aan populariteit en bezoekers. De familie Florizoone verkocht eind 1999 het park aan Studio 100 samen met VTM. Albéric Florizoone werd na zijn dood opgenomen in de IAAPA Hall Of Fame, die alle belangrijke pioniers van de pretparkindustrie samenbrengt. Hij vertoeft er in het gezelschap van onder anderen Walt Disney.
Plopsaland De Panne
Op 29 april2000 opende het park de deuren met vele veranderingen en nieuwigheden zoals een gigantische paddenstoel die dienst doet als Plop's Hamburger Restaurant. Een van de belangrijkste veranderingen was het Apirama. Alle bijen verdwenen er en maakten plaats voor de kabouters uit de populaire reeks Kabouter Plop. Deze attractie heet nu: Het Bos van Plop.
Het volgende seizoen (2001) werden enkele "foutjes" weggewerkt zoals het tekort aan horeca en parkeerplaats. Het tekort aan horeca werd eenvoudig opgelost door de opening van een nieuw restaurant: Wizzy's Fornuis. De nieuwe attracties van dat jaar zijn Storm op Zee en De Dansende Fonteinen.
In 2002 reden de Tractors van Big en Betsy voor het eerst uit. Ook luistert Plopsaland naar de mening van de bezoekers d.m.v een enquête.
In 2004 werd De Draak geopend. Deze vlammende achtbaan staat in een totaal vernieuwde Kasteelzone waar in het nieuwe kasteel ook een nieuwe winkel (De Kasteelwinkel), restaurant (De Gouden Wafel) en sanitairblok te vinden zijn. De Draak raast enkele keren voorbij De Boomstammetjes (voorheen Het kasteel van Koning Samson en Splash).
Bumba kreeg in seizoen 2005 een eigen show in het Kleine Theater. Dansen en swingen op allerhande liedjes van K3, Spring en de SixTeens kon men in de Kinderdisco, later Disco BemBem. Voor de kleinsten opende er in de hoeve van Big en Betsy De Tuin van Big. De Brandweer en De Carrousel openden dan weer op de Kermis van Samson en Gert.
In 2006 werden twee spectaculaire attracties aan het park toegevoegd: een Duitse Mack SuperSplash, die de naam SuperSplash kreeg, en een Starflyer van ongeveer 70 meter hoog. Ze zijn allebei uniek in België. De SuperSplash kreeg een plaatsje in de totaal vernieuwde Piratenzone. Het is een zogenaamde waterachtbaan, een combinatie van een achtbaan en een splash. Ook Piet Piraat en zijn kornuiten bevinden zich in de Piratenzone en voor kleine kinderen de Bumperboats, kleine bootjes in ondiep water. Begin mei 2006 opende de SpringFlyer, genoemd naar de bekende muziekgroep Spring. Op 10 en 11 juni 2006 werd een groot feest gegeven voor het tienjarig bestaan van Studio 100. Het K3-museum werd geopend.
In 2006 werd het logo veranderd en sindsdien heet het pretpark voluit Plopsaland De Panne. In 2009 is op de achtergrond van het logo de rails van een achtbaan, verwijzend naar de nieuwe attractie Anubis: The Ride, bijgetekend.
In 2007 werd vooral gekeken naar de iets kleinere kinderen. De Ploptuin werd vernieuwd met 3 nieuwe attracties. De Emmer, De Kikkers en De Konijntjes zijn een groot succes. Ook werden enkele nieuwe horeca-punten toegevoegd zoals Plops IJskraampje, IJs en Snoep Kraampje, Friedas Corner, Holandsche Gebakkraam, Pannenkoekenhuisje en de Springmobiel. Er zijn ook nieuwe evenementen: Ketnet Freezzz (hiervoor is Plopsaland De Panne in de winter open), Sinterklaas en de K3-Prinsessendagen.
In 2008 werd het park grotendeels gerenoveerd. Er kwamen vier nieuwe attracties: De Jetski's en De Vliegende Fietsen van Mega Mindy zijn een groot succes. Voor de allerkleinsten werd naast Het bos van Plop een kleine speeltuin aangelegd: De Bumbaspeeltuin. Ook De draaimolen, een kleinere versie van De Carrousel, is nieuw in het park. Aan de attractie De Rollerskater van Wizzy en Woppy werd een reuzegroot rek geplaatst, zodat het lijkt alsof de bezoekers zo klein zijn als Wizzy, Woppy en hun maatjes. De ingang is verkleind, zodat het inkomplein groter wordt. Een groot gedeelte aan de rechterkant van de inkom is afgesloten, waaronder de fotostand. In juni 2008 werd tevens de nieuwe ingang en de nieuwe Plopsa-winkel geopend, aan de linkerkant van het park, met de grote deur. In het begin van het park staat De Carrousel. Waar De Carrousel vroeger stond (voor de grote tent) staat nu De Balloon Race. Op de plaats van De Balloon Race staat De Draaimolen voor de allerkleinsten.
Disco BemBem werd vervangen door het K3 Museum, dat van locatie veranderde. De attractie Space verhuisde naar een ander pretpark, in de plaats kwam het horeca-punt Hollandsche Gebakkraam. Voor de attracties van Mega Mindy is ook een nieuw horeca-punt geplaatst: De Fonkel-mobiel. Aan de inkom van het vroegere Sprookjesbos werd een resterend hutje omgetoverd tot een inkijkhuisje waar men aan de hand van een video kan zien hoe het Melipark er vroeger uitzag. Tevens liggen hier enkele bijen uit het vroegere Apirama (nu Het bos van Plop) en poppen uit het vroegere sprookjesbos.
Op 28 mei 2008 nam Plopsaland De Panne een nieuwe ingang in gebruik. Het nieuwe ingangsplein is voor Plopsaland een laatste belangrijke stap in de omvorming van het oude Melipark tot Plopsaland en tegelijk een eerste opstap naar het Plopsaland Resort, dat onder meer wordt uitgebreid met een hotel. De zes miljoen euro kostende nieuwe entree heeft een twaalf meter hoge deur die altijd op een kier zal staan als blikvanger, omzoomd door zes sokkels met gouden beelden van de belangrijkste Studio 100-figuren: Samson, Kabouter Plop, Piet Piraat, Bumba, Woppy en Mega Mindy. De entree geeft uit op de nieuwe Plopsaboulevard, een overdekte straat waar onder meer de nieuwe gastenservice en de grootste Studio 100-winkel van de Benelux te vinden zijn. Om de opening van de nieuwe ingang te vieren, plaatste Plopsaland het grootste springkasteel van België in het park.
Op 4 april 2009 opende Plopsaland zijn tiende seizoen met de komst van Anubis: The Ride, een achtbaan van de fabrikant Gerstlauer. De achtbaan bestaat uit een horizontale lancering waarbij de wagentjes in 2 seconden tot 90km per uur worden gelanceerd om vervolgens verticaal op een 'droptower' 34 meter omhoog te rijden en daarna een duik naar beneden te nemen. Er zitten 3 inversies in verwerkt. De wagentjes zijn ook vooruitstrevend en zijn volgens een tribune gebouwd met een gradatieverschil zodat elke passagier het gevoel moet krijgen vooraan te zitten. Het station van de achtbaan is overigens een replica van het echte Anubis-gebouw op 2/3 van de werkelijke grootte, waardoor de bezoeker het gevoel krijgt dat hij in de echte serie rond loopt.
Toekomst
Voor de opening van het feestjaar ter ere van 10 jaar Plopsaland De Panne in 2010 zal onder andere 'Het Bos Van Plop' grondig vernieuwd worden. In dit jaar komen er ook heel wat festiviteiten.
Er komt een man het cafe binnen maakt twee saltoos en belandt zo op de kruk de man achter de bar vraagt:waar heb je dat geleerd?ik werk in het circus zegt de man.Komt er een tweede man binnen maakt 2 saltoos en belandt zo op de kruk de man achter de bar vraagt waar heb je dat geleerd?ik werk in het circus zegt de man.Komt er een derde man binnen maakt 20 slatoos en 2 flikflakken de man achter de bar zegt jij werkt zeker ook in het circus?zegt de man nee ik struikelde over de deurmat!
Een Belg en een Nederlander willen ontsnappen uit een concentratiekamp
Een Belg en een Nederlander willen ontsnappen uit een concentratiekamp
Een Belg en een Nederlander willen ontsnappen uit een concentratiekamp. Eerst gaat de Belg over de omheining maar een bewaker hoort gerits en roept: HALT WIE IS DAS. De Belg doet AOE AOE Bewaker zegt ha het is maar een hond. Als de Nederlanderd volgt roept de bewaker weer HALT WIE IS DAS. Antwoord de Nederlander: IK BEN OOK EEN HOND
Het Boudewijn Seapark, vaak nog "Boudewijnpark" genoemd, is een thema- en attractiepark in Sint-Michiels, een deelgemeente van de stad Brugge. Het werd genoemd naar koning Boudewijn.
Er is een dolfinarium met zeeleeuwen en dolfijnen, een zeehondenhabitat, een roofvogelshow met zeearenden, gieren, uilen, buizerds en valken, een show met papegaaien en een dierenpark met onder meer alpaca's, Vietnamese hangbuikvarkentjes, nandoes, rendieren, pauwen en ezels.
In het park staan ook onder andere een reuzenrad, een carrousel, een schaatspiste en expo-hallen. Er is ook een meer waarop Mississipistoomboten varen.
Geschiedenis
Boudewijn Seapark opende in 1963 de deuren als het Boudewijnpark, genoemd naar de toenmalige koning Boudewijn, die op dat moment pas getrouwd was met de Spaanse Fabiola de Mora y Aragón. De locatie was op en rond een meer dat voordien de naam "Cloetjesput" had. Het was een lokaal recreatiepark voor de buurt, met wat trapveldjes, een speelpleintje, tennisvelden, een zwembad en een theehuis.
Eigenaren waren burgemeester Michel Van Maele en enkele bevriende financiers. Het park werd in 2004 overgenomen door de Spaanse Aspro Ocio-groep, eigenaar van tweeëntwintig water- en dierenparken in Europa, waarvan twaalf al over een dolfinarium beschikten.
Het Boudewijnpark opende in 2005 als Boudewijn Seapark. In 1977 kwam vanuit Sint-Niklaas de bijzondere Heirmanklok naar het Boudewijnpark. Dit astronomisch uurwerk, vervaardigd door horloge- en klokkenmaker Edgard Heirman (1919-2002), is acht meter breed en vijf meter hoog en bestaat uit meer dan 90.000 vaste en bewegende onderdelen. In 2008 werd de klok echter verkocht en verhuisde uiteindelijk naar Kasteel Roos in Waasmunster. In de plaats van de klok komt een filmzaal met 220 zitplaatsen.
Dolfinarium
Het dolfinarium opende in 1972. Een brand in 1988, waarbij het gebouw en een waardevolle reptielenzoo geheel in de vlammen opgingen, zorgde ervoor dat het park in 1990 verplicht was een nieuw Dolfinarium te openen, één van de modernste van Europa.
Het telt 1600 zitplaatsen en herbergt dolfijnen en zeeleeuwen. Het bassin heeft een wateroppervlak van 850m², is 6 meter diep en bevat 3 miljoen liter zeewater. Een aantal keer per dag worden er shows gegeven. Als decor is er een Caraïbisch vissershaventje.
Sinds 2007 is er ook een gloednieuw zeeleeuwentheater. Om het publiek de dolfijnen goed te laten bekijken is er een doorkijkwand in acrylglas van 40 meter lang, 1,6 meter hoog en 6 cm dik.
Dit verhaal gaat over Peer, hij is een jongen van 11, hij heeft alleen maar een pollepel een poppetje van zichzelf en een poppetje van een geit.
Peer zit te thuis zoals altijd te spelen met zijn poppetjes. Hij pakt de pollepel en slaat de geit, maar de geit zwiert hem in de lucht, als hij op de grond licht, ziet hij dat het zijn fantasie maar is.
De volgende ochtend verteld hij aan zijn vrienden wat hij allemaal had mee gemaakt, maar zij dachten: "Ach, het is peer". S'avonds verteld hij het aan zijn moeder, maar zei denkt: "Ach, het is Peer". Peer bedenkt dat hij maar weg moet lopen, hij verzameld al zijn moed en gaat weg. Hij hoordt buiten in het bos een eng geluid: "Raaauuuw". Hij schrikt een beetje en dan is het geluid er weer: "Raaauuuw". Nu is hij bang. Hij loopt voorzichtig veder en komt bij een rivier uit. "Hoe kom ik daar nou overheen" denkt hij. Hij gaat zitten bij een boom en laat zijn fantasie op de vrije loop: Hij ziet een walvis die hem meeneemt naar allemaal landen. Op een keer is het heele erge vloed, hij valt van de walvis en word aangespoeld op een strand. Als hij opstaat ziet hij een klein mannetje die aan zijn pijp trekt. Hij pakt het mannetje op en praat hem.
Hij komt weer terug in het echte leven en kijkt naar de rivier: "Er is niks om er over heen te gaan" zegt hij tegen zichzelf. Hij valt weer in slaap, want het is al laat.
Hij word wakker en hoort een geluid: "Sjjjj". "Wat is dat" zegt hij. Hij hoort het weer: "Sjjjjj". Hij ziet iets eerst weet hij niet wat het is en denkt goed na: "Dat is mijn vader, maar die is toch al lang dood". "Ga terug, ga terug, ga terug" zegt de geest. Hij loopt terug maar weet niet waar heen...hij ziet een huisje en klopt aan, er wordt opengedaan. Dat is zijn vriend, nou ja geen vriend, want hij peste hem altijd. "Wat doe jij hier" vraagt de vriend. "Uh, uh, ik, ik was verdwaald" zegt Peer zacht. "He, jongens bange peer is hier" roept de vriend. Als een jongen hem wilt slaan, pakt Peer zijn pollepel en slaat ze allemaal neer. Hij slaat zichzelf ook neer en word wakker in zijn kamer. Het blijkt dat het allemaal maar een droom was.
Sonja de reporter van een lokale nieuwszender gaat naar een boerderij om achter de oorzaak van de Gekke Koeienziekte te komen. Ze belt aan en de boer opent de deur. "Goedendag, mijn naam is Sonja van de lokale omroep en wij maken een rapportage over oorzaken van de Gekke Koeienziekte. Kunt u hier iets meer over zeggen?" en ze wijst de microfoon naar de boer terwijl de camera start met filmen. De boer kijkt Sonja raar aan en zegt op verveelde toon "Een koe wordt ieder maand 6 keer gemelkt". Sonja snapt het niet en vraagt: "eeuh ok...maar wat heeft dat er mee te maken?" De boer kijkt nog vreemder en zegt "Eens per jaar wordt een koe gedekt door een stier". Sonja krijgt een rode kleur in haar gezicht en vraagt: "wat heeft dat nu te maken met de Gekke Koeienziekte?" waarop de boer zegt:
"Als ik iedere maand 6 keer met je tieten zou spelen en ik zou je maar een keer per jaar nemen, zou je dan ook niet compleet gek worden?!"
Het GaiaPark is een dierentuin, gelegen in Kerkrade, in het zuidoosten van de Nederlandse provincie Limburg. Het park is de eerste dierentuin die in de provincie werd geopend. Hoewel het publiek al op 23 april toegang had was de officiële opening op 1 juli 2005, daarmee is het de eerste dierentuin in Nederland die volledig in de 21e eeuw is ontwikkeld. Apenheul in Apeldoorn is een medeoprichter van het park.
Het park heeft één centraal thema, de zogenaamde ‘Gaia-gedachte’, dat over de aarde gaat (Gaia is de naam van de Griekse aardgodin).
Indeling
De indeling van het park, waar circa 80 diersoorten leven, bestaat uit verschillende nagebootste leefgebieden, waaronder Europa, de Amazonebekken, het Kongogebied en Namibië.
Europa
In het gedeelte ‘Europa’ wordt ook veel aandacht geschonken aan Limburg en de geschiedenis van de provincie. Je kunt hier drie historische tijdvakken bezoeken die zijn nagemaakt, met naast levende diersoorten uit de ijstijd (10.000 jaar geleden) ook enkele replica's van uitgestorven dieren uit het Carboon (300 miljoen jaar geleden) en het Krijt (100 miljoen jaar geleden), zoals de mammoet en de Eryops.
Omgeving
Het park vormt met ongeveer 15 hectare een onderdeel van de toeristische zone Park Gravenrode, waar ook attracties zijn te vinden als Mondo Verde en Megaland.
Er komt een man bij een Indische hoertje en vraagt of ze tijd heeft voor een goede wip, ze vond het goed, alleen dan wel in Indische sferen. Ze zijn bezig en het hoertje laat in eens een super harde scheet. De man vraagt waar dat goed voor is en ze zegt dat ze de goden van de wind daarmee eren. Als ze spiernaakt is, begint ze in eens gigantisch te pissen, de man vraagt waar dat voor is en ze zegt dat ze zo de goden van de regen eren. De man kleedt zich aan en zegt: Ik ga hier, veel te slecht weer vandaag!
De opdracht tot de bouw van de stad werd gegeven door de Romeinse keizer Augustus in 16 v.Chr.. De stad heette oorspronkelijk Augusta Treverorum en was bedoeld als hoofdstad van de Romeinse provincie Belgica Prima. Gedurende enige tijd was Trier de hoofdstad van het hele West-Romeinse Rijk.
Een historisch monument in de stad is de 2e-eeuwse Porta Nigra, de best bewaarde Romeinse stadspoort ten noorden van de Alpen. Er zijn nog verschillende andere monumenten uit de Romeinse tijd, b.v. de Kaiserthermen, de Barbarathermen en het amfitheater. Ook uit latere perioden heeft Trier veel monumenten, waaronder de 11e- tot 18e-eeuwse Dom waarvan de bouw reeds in de 4e eeuw begon, en vele andere kerken. Door haar rijke verleden en vanwege haar mooie ligging in het Moezeldal is Trier een veelbezochte toeristenplaats geworden.
Trier is een centrum van wijnhandel en heeft een belangrijke functie als winkelcentrum voor een grote regio. Trier is ook bekend als geboorteplaats van Karl Marx. Zijn geboortehuis is thans ingericht als museum: het Karl Marx-huis.
Geschiedenis
Op het “Rote Haus” aan de Grote Markt van Trier bevindt zich een inscriptie die luidt: “Ante Romam Treveris Stetit Annis Mille Trecentis” (Voor Rome bestond Trier al dertienhonderd jaar). Dit is ongetwijfeld een mythe die in de Middeleeuwen ontstaan is, maar toch…. In het dal van de Moezel bestonden al 3000 jaar v.Chr. menselijke nederzettingen en Trier kan met recht één van de oudste steden ten noorden van de Alpen genoemd worden.
Van 27 v.- tot 14 n. Chr. was Augustus keizer van het Romeinse Rijk. Omstreeks 16 v.Chr. werd door de Romeinen in de buurt van het Keltische stamheiligdom Treviren de nederzetting Augusta Treverorum gesticht. Aan het eind van de 3e eeuw verhief keizer Diocletianus de stad, die inmiddels Treveris werd genoemd tot Romeinse keizerlijke residentie en tot hoofdstad van het westelijke deel van het Romeinse rijk. De stad kreeg de bijnaam “Roma Secunda”, het tweede Rome. Eveneens aan het eind van de 3e eeuw ontwikkelde zich hier een centrum van het vroege christendom.
In de 5e eeuw werd Trier door de Franken veroverd. In 870 komt het bij het Oostfrankisch-Duitse Rijk. In 958 werd met het plaatsen van het marktkruis de huidige Grote Markt (Hauptmarkt) het centrum van de middeleeuwse stad. In de 14e eeuw werden de Trierse aartsbisschoppen ook keurvorst. Trier werd de hoofdstad van het keurvorstendom, ook Keur-Trier genoemd, tot ca. 1800. Trier kwam korte tijd in Franse handen, maar in 1815 werd het weer Duits en kwam het bij Pruisen.
De Grote Markt
De Grote Markt (Hauptmarkt) van Trier behoort tot de mooiste stadspleinen (innerstädtische Plätze) van Duitsland. Op het plein bevindt zich het Marktkruis, dat stamt uit 958, en dat het symbool was van het verkrijgen van marktrechten. Aan het plein staan schitterende panden in verschillende stijlen. Het geheel wordt gedomineerd door de St. Gangolfkerk (gewijd in 1459). (marktrechten gegeven door Koning Otto 1)
Basilica van Constantijn
De basilica, of zoals ze vroeger genoemd werd de Aula Palatina, is een uit baksteen opgetrokken gebouw, dat waarschijnlijk omstreeks 310 gebouwd is tijdens de regeringsperiode van Constantijn de Grote. Het was een troonzaal van het paleis van Constantijn.
De St. Petersdom
De Dom van Trier is gebouwd door de Romeinse keizer Constantijn (306 -337), die in 326 begon met de bouw ervan.
Amfitheater Trier
In Trier is een Romeins amfitheater. Het is rond het jaar 100 gebouwd tegen de helling van de Petrisberg. De arena beschikte over zo’n 20.000 zitplaatsen. Het complex is door een verdedigingsmuur omringd. De grote openingen waren bestemd om de kooien met dieren door te kunnen laten. In de kelder onder de arena bevonden zich de cellen voor de ter dood veroordeelde gevangenen en de dierenverblijven. De gevangenen werden in de arena opgevoerd aan de eerst uitgehongerde wilde dieren. De kelder is momenteel te bezichtigen. In de arena zelf worden in de zomer openluchtvoorstellingen gegeven. Het amfitheater is opgenomen op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO.
Porta Nigra
Porta Nigra is een poort in de Romeinse stadsmuur van Trier. De Porta Nigra is gemaakt van zandsteen dat in de loop van de eeuwen, onder invloed van het weer verkleurd is. Vandaar de naam : Porta ( poort ) Nigra ( zwart ).
Een groep vrouwen gaat naar de jungle. ��n vrouw moet op een bepaald moment haar veters strikken en blijft achter. als ze klaar is dan is ze de groep kwijt en gaat ze zoeken, maar na lang zoeken heeft ze nog niets gevonden en gaat ze maar bij de pakken neerzitten. op een gegeven moment komt Tarzan aan en die vrouw zegt tegen hem: Zo, ben u nou Tarzan?
Ja zegt Tarzan. Zegt die vrouw: ben u nou niet heel erg eenzaam in het oerwoud . Zegt Tarzan: nou een beetje . Ja zegt die vrouw maar ik bedoel: hebt u nu geen behoeftes . Ja maar ik heb de bomen en als ik zin heb dan steek ik hem effe in een gat en danne ehh... . Zou u niet is wat willen dan met een echte vrouw . Jaa zegt Tarzan. Zou u het met mij willen doen dan
Ja zeker wel Nou die vrouw kleed zich helemaal uit en ligt daar poedelnaakt in het oerwoud en Tarzan komt aanzetten en geeft een flinke trap in d'r poesje. Wat doet u nou? zegt ze. Nou eerst kijken of er geen eekhoorntjes in zitten
Komt een man in een toilet-gebouw en hij wordt aangesproken door een andere man: Misschien een beetje rare vraag, maar ik moet ont-zet-tend nodig naar het toilet, kunt u mij misschien even helpen? De man wil niet lullig doen, dus hij maakt de broek van de andere man los, doet de onderbroek naar beneden en ziet tot z'n schrik dat de lul van de man helemaal onder de zweren, puisten en pus zit. Om geen spelbreker te zijn pakt de man toch het zwerende ding vast en laat de man plassen. Als de man klaar is zegt de ander: Als ik jouw was, dan zou ik toch een keer naar de dokter gaan
Monschau ligt in de smalle en diepe vallei van de Roer, op amper vier kilometer van de Belgische grens. Het is oorspronkelijk een Waalse plaats in het hertogdom Limburg. Rond de Dertigjarige Oorlog verduitste het stadje door de toevloed van protestantse Duitstalige vluchtelingen op zoek naar godsdienstvrijheid. Het stadje hoorde hierna bij het hertogdom Gulik. In de Franse tijd was Montjoie een kantonhoofdplaats in het Roerdepartement. Pas in 1918 veranderde het stadje onder keizerlijk bevel zijn naam officieel van Montjoie naar de Duitse uitspraak hiervan: Monschau.
De oude Franse oorlogskreet "Montjoie-Saint-Denis" verwijst niet naar de Franse naam van het stadje, maar wel naar het lijdensverhaal van bisschop Dionysius op de "Montmartre" bij Parijs
Toerisme
De ligging in een diep dal langs een riviertje, de historische architectuur en het vele groen maken Monschau populair bij toeristen. Het stadje kent een grote hoeveelheid vakwerkhuizen. Eén van de bezienswaardige gebouwen is het "Rode Huis" ("Rote Haus"). Daarnaast trekt Monschau toeristen die het Nationaal Park Eifel bezoeken.