Een boer is met zijn knecht op het land als hij tot aan zijn enkels in de blubber zakt. "Ga mijn laarzen halen," zegt de boer. Als de knecht bij de boerderij is, komt hij de dochters van de boer tegen. "Hé, wat doe jij nou hier?" vragen de meiden. "Ik mag van de boer met jullie allebei naar bed!" zegt hij. "Daar geloven we niks van." "Oh nee? Wacht maar, dan vraag ik het hem wel even," en hij roept naar de boer op het land: "Moest ik er nou 1 pakken of 2?!" De boer: "Allebei natuurlijk!"
Er was eens een meisje in Lemmer Die had er een kut als een emmer En iedere haar Stond strak als een snaar Want haar vriendje was pianostemmer.
Een beeldschone dame uit Epe, Had het voltooid deelwoord niet goed begrepen. Ze vroeg na de daad, Met haar mond nog vol zaad: "Heb ik nu gepijpt of gepepen?"
Er was eens een man op Terschelling Die neukte zijn vrouw op een helling Maar, o wat een pech, Zijn vrouw, die gleed weg. En toen neukte hij met Terschelling.
Er was eens een boertje in Zwolle Die ging met de koe naar de bolle. De bolle had haast En spoot er dus naast Toen spoot hij de boer voor de holle.
Er was eens een meisje uit Londen, Die had een condoompie gevonden, Ze zei tegen een knul, "Doe dat ding om je lul, Want weggooien dat is zo zonde."
Een spermatozoom te Neerwinden Sprak tot zijn talrijke vrinden: "Eén ding staat vast We worden verbrast Daar we ons in de anus bevinden."
Er was eens een neger in Kabul Die neukte z`n vrouw op een klapstoel Dat ging met gemak Maar dat ding dat zei krak Wat trok toen die neger een rotsmoel.
Bill Clinton zit in de misère Door fellatio in zijn parterre Hillary werd heel kwaad Wil nu in de senaat Vanwege die uitzuigster van een stagiaire.
Niemand weet waar Monica nu heen is Of dat zij gewoon slim en gemeen is Niet tot mislukken gedoemd Maar zelfs wereldberoemd En dat alles door Clinton zijn p....
Er was eens een meisje in Naarden Die had er een hele behaarde Alleen een huzaar Die kwam er op klaar Want die had het geleerd op de paarden.
Een strontgeile kerel uit Laren, Kon door de seks niet bedaren, Hij zat met een stijve, Ging naar de wijven, En daar verdween zijn spel in de schaamharen.
Er was eens een boertje uit Drachten, Die wilde zijn varkens verkrachten, Maar o wat een strop, Zijn knecht zat er op, Toen moest hij nog eventjes wachten!
Er was eens een vent in Caïro, Die stuurde zijn kwakkie per giro, Zijn vrouw in Milaan, Die vond er niks aan: "Als je wilt neuken, kom je maar hiero!"
Er was eens een vent uit Wolfheze, Die zij dat hij schaamlip kon lezen, Daarop zei er een hoer: "Daarvan geloof ik geen moer, Het zal wel een kutsmoesje wezen."
Er was eens een meisje uit Putten, Die had niet één, maar twee kutten, Alleen een man, Met een dubbele jan, Kan die twee kutten benutten.
Een sletje uit Amsterdam, Die kamde haar kut met een kam, Maar heel bizar, Het ging steeds door de war, Omdat ieder in haar kwam.
Er was eens een meisje uit Liessel, Die had ene vibo op diesel, Maar oh, wat een strop, De diesel was op, Toen viet ze de steel van de griesel.
Er was eens een vrouw in Toulouse, Die had nogal wat in haar blouse, Er waren helaas, In haar maat geen behaas, Dus droeg ze twee volkswagenhoezen!
Een lesbische tante uit Essen, Had zoveel vijven en zessen, Dat geen enkele vrouw, Haar nog beffen wou, Dus doet ze het met kaarsen en flessen.
Van een piepjong meisje uit Geffen, Mocht haar hondje niet keffen, Dus likte het gedwee, Aan haar vochtige snee, En leerde op die manier beffen.
Er was een jongen uit Lisse, Die stond uit het dakraam te pissen, Maar o, wat een strop, Het raam viel erop. Toen moest hij zijn pissertje missen.
Er was eens een man uit Putten, Die lag in de zon te dutten, Het is echt waar, Hij kwam zeven keer klaar, Hij droomde van kletsnatte kutten.
Er was eens een jongen uit Lisse, Die stond aan de slootkant te pissen, Toen kwam er een snoek, Die dook in zijn broek, Toen moest hij zijn pikkie missen!
Een aantrekkelijk blond meisje uit Goor, Verzuchtte verdrietig: "Ik snap het niet hoor. Ik wil zo dolgraag een kindje. Toch lukt het maar niet met m´n vrindje. Ook al slik ik het dagelijks door!"
Er was eens een man in Istanboel, Die zat met zijn reet op een klapstoel, De klapstoel die brak, En omklemde zijn zak, O, wat trok die vent toen een rotsmoel.
Er was eens een vrouwtje uit Urk. Die had in haar kutje een kurk. Geen man kwam erdoor, Behalve de pastoor. Die ging achterom, de schurk!
Er was eens een man uit Timboektoe, Die ging naar de hoer op de hoek toe, Hij neukte haar gauw, De hoer die zei auw! En de man knoopte tevreden zijn broek toe.
Er was eens man van Terschelling, Die ging iets te hard van de helling, Zijn ketting die brak, Zijn hoofd in de kak, En zijn zak in de vierde versnelling.
Er was eens een konijntje in Laren, Dat wou meer kindjes gaan baren, Maar o wat een pech, Haar mannetje was weg, Nu heeft ze heel veel blaren.
Er was eens een meisje uit Lisse, Die zat daar eens lekker te pissen, Maar plots kwam Bert Koekoek, Die klom in haar broek, Nu moet ze haar kittelaar missen!
Er was eens een man uit Athene, Zijn pik was nog langer dan zijn benen, Geen flauwekul, Hij liep op zijn lul, Zo liep hij de Olympische Spelen!
Er was eens een ventje uit Drachten, Die wou zijn hondje verkrachten, Hij pakte hem beet, Vol in zijn reet, Hij kon gewoon niet meer wachten!
Er was eens een vrouwtje uit Londen. Dat had een plastic zakje gevonden. Zij zei tegen een knul: "Bind dit om je lul!" Zo werd het condoom uitgevonden.
Er was eens een meisje in Drente, Die stopte haar kut vol met centen, Haar vrijer, een kuiper, Kreeg een kopergroene druiper, En die loopt nu al sedert de lente.
Er was eens een schoothond in Knokke, Die keek zijn bazin onder de rokken, Toen zag hij pardoes, Haar enorme poes, Het beest is zich de pleuris geschrokken.
Een mooiweer zeiler op het Tjeukemeer, Zei: "´t Is met deze golfslag geen neuken meer, Met die hobbelende boten, Stoot je constant je kloten, En als je het niet doet, begint het jeuken weer!"
Er was eens een vrouw in Egypte, Die stiekem de harem uit glipte, Maar ze kwam snel weer terug, Ging meteen op haar rug, Omdat de sjeik zo verrukkelijk wipte!
Er was eens een zeer dolle Mina, Die ging op vakantie naar China, Ze werd als een beest, Door Chinezen gekeest, En nu heeft ze een dwarse vagina!
Er waren twee broers in Vianen, Met lullen zo lang als lianen, Ze hadden geen sjans, Geen vrouw kreeg een kans, Want ze hingen steeds vol bavianen.
Er was eens een boertje uit Nijkerk, Die zei: "Als ik onderaan de dijk werk, Dan fietst er zo´n meid, Met d´r benen gespreid, En dan kijk ik haar recht in haar zeikwerk!
Er was eens een jongen uit Lisse, Die aan zee stond te pissen, Toen was er een haai, Die hem toen had genaai´, Toen werd hij flikker en moest de vrouwen missen.
Een lelijk meisje genaamd Dickie, Wilde graag tussen haar benen een likkie, Haar vriend likte zich gek, Maar ging over zijn nek, Want ze had geen kut, maar een pikkie.
Er was eens een pausje in Rome, Die handelde grof in condomen. Hij maakte reclame, En schreef op de ramen: Zo lekker ben ik nog nooit klaargekomen!
Er waren eens twee nonnen uit Maarssen, Een Poolse en een Hongaarse, Ze hadden zo´n zin, En gingen de winkel in, Daar kochten zij twee druipvrije kaarsen.
Een lustige vrouw uit Sankt Gallen, Was bezig haar spel te verknallen, Haar partner ging goed, Dus zei ze heel zoet: "Geef mij jouw stok en jouw ballen."
Een zwoele pijpster uit Wenen, Kwam naar huis met pijnlijke benen. "Het Pijpen dat gaat, Best goed daar op straat, En je hoeft er geen pil voor te nemen."
Er kwam eens een man uit Dordrecht. Die neukte zijn vrouw op het aanrecht. Zijn pik stond stijf, Van zo´n lekker wijf, Ja, dat ding was kaarsrecht.
Er was eens een homo uit Vaassen, Die wilde graag palen met pasen, Hij zag toen een geit Die keek niet zo blij, Toen dacht hij: "Die neem ik te grazen!"
Er was eens een hoertje uit Mol, Die had er haar buik van vol, Ze zei: "O nee, Niet meer met twee, Ik maak voortaan wel alleen lol!"
Er was eens een man uit Boertange, Die had een verschrikkelijke lange, Hij zei heel relax: "´t Is niks voor de seks, Maar wel goed als je moet behangen!"
Er was eens een vent op Aruba, Die had me een lul als een tuba, Hij zei tot zijn wijf: "Toe, wrijf hem eens stijf, Dan spuit ik mijn kwakje naar Cuba!"
Er was eens een man uit Timboektoe, Die ging naar de hoer op de hoek toe, Even later kwam hij buiten, Met een zak zonder duiten, Hij knoopte tevreden zijn broek toe.
Er was eens een man uit Londen, Die had een condoom gevonden. Hij zei tegen een trut: "Kom hier met je kut." Want weggooien, dat vond hij zonde!
Er was eens een meisje uit Gent, Die had een zeer geile vent, Die nam haar anaal, Ze vond het banaal, Maar het kostte hem geen cent.
Een marathon schaatster uit Staphorst, Die zoog aan haar echtgenoots knakworst, Hij kwam bijna klaar, En zei tegen haar: "Kiek uut da´je niks van mien pap morst."
Er was eens een hoertje in Essen, Die deed het met vorken en messen, En bij het ontbijt, Deed zij haar beentjes wijd, En vingerde zichzelf met flessen.
Er was eens een meisje uit Lisse, Die zat achter een boompje te pissen, Toen kwam er een mol, Die kroop in haar hol, Toen moest ze haar kittelaartje missen.
Er was eens een meisje uit Rome. Zij handelde in condomen. Ze stond op de brug, Met een brief op haar rug: "Je kunt ze ook wassen en stomen."
Er was eens een vrouw op Terschelling, Die ging met haar fiets van de helling, Maar oh, wat een strop, Ze sloeg over de kop, Nu heeft ze een schaamlipontvelling.
Zinnen die allemaal afkomstig zijn uit brieven die door de jaren heen gestuurd werden naar het Amsterdams gemeentelijk huisvestingsbureau (door ontevreden bewoners):
- Mijn vochtontwikkeling in de huiskamer is niet om te harden. - Even leg ik mij neer om u enkele letters toe te dienen. - Mag ik ruilen met mijn overbuurman daar die man weduwe is en geen kinderen heeft. - Ik heb een lekkaasje op zolder en dat is naar beneden gekomen. - Ik vraag u niet om een woning, want die heb ik, daarom vraag ik u om een andere woning. - Mijn 15-jarige zoon slaapt noodgedwongen bij mijn 13-jarige tweelingzusje in de kamer. - De hond blaft de hele avond door en met de kat is hetzelfde het geval. - De drollen drijven door de gang, daar moet in gegrepen worden. - Het vijfde kind is op komst en staat voor de deur. - Ik zit uit nood in een onverklaarbare woning. - Ik ben vrij van politiek en geloof. - Mijn man loopt met brongieters en mijn borsten piepen ook. - Ik moet elke dag bevallen, en zodoende wordt mijn woning te klein. - Ik ben zomers uitgeleverd aan een ijswagen en 's winters aan de steun. - Ik zou graag een aanval op uw goedheid doen. - Weleerwaarde heer burgemeester, hiermee kom ik u een aanzoek doen en wel voor een andere woning. - Reeds ruim zes jaar ben ik getrouwd met een kind van 2 jaar. - Mijn buurman stinkt naar gas, ik denk dat hij een lek heeft. Ik eis dat ik net zo opgeschilderd word als mijn buurman. - Met eerbiedig beschuldigen richt ik mij tot uw hoogheid. - De WC is lekt, aangezien wij er met z'n dertienen wonen. - Die woning is veel te klein want ik krijg er ieder jaar een kind bij, meneer de burgemeester, daar moet u toch wat aan doen. - Wilt u naar mijn bovenkamer laten kijken, die zit vol beesten. - Mijn water loopt steeds over. - Ik heb zo'n last van mieren in mijn fondament. - Wilt u het zaakje van mijn buurman eens goed onderzoeken, want er zit een luchtje aan. - Het vocht dringt door de muur van de slaapkamer van mijn schoonmoeder, die helemaal beschimmeld en verrot is. - U kunt voelen dat mijn geval niet in orde is, doet u het eens. - Ik wil mijn gat gedicht hebben, ik heb er last van. - Stelt u zich eens voor burgemeester, u en uw gezin, scheitend op een emmertje. - Ik ben een eenzame staande vrouw alleen, daarom heb ik me laten krabben voor vast recht. - Ik ben heus niet iemand die zijn gas zomaar laat vliegen. - Aan de ene kant ben ik in verwachting en aan de andere kant regent het in. - Vroeger deed ik een hoop op de kachel, nu moet ik het op gas doen.
Met ingang van heden zijn de volgende regels van kracht:
Het werk is een ontspanning. Iedere inspanning is ongeoorloofd. Wie bij het werk zweet, wordt op staande voet ontslagen.
Het tijdstip waarop de dagelijkse arbeid aanvangt is uitsluitend en alleen ter beoordeling van de werknemers. De aanvangstijd mag echter niet voor 10.00 uur liggen. Direct na het begin van de werkzaamheden dienen koffie en koek te worden geserveerd.
Het minimumloon bedraagt 40,00 euro netto per uur, terwijl als vergoeding in natura, voor maaltijden, bier, sigaretten en sigaren dient te worden gezorgd.
Het knippen van haren dient gedurende de werktijd te geschieden, daar deze ook in de werktijd groeien. De kosten hiervan worden eveneens door het bedrijf vergoed.
Medewerkers die langer dan zes maanden in dienst zijn, moeten per auto van en naar huis gereden worden. De hiervoor te gebruiken auto's mogen niet ouder zijn dan twaalf maanden en niet beneden de middenklasse liggen.
Gedurende het werk mag er gezongen en gefloten worden. Wordt een lied ingezet dan moet ook door de directie naar beste kunnen worden meegezongen en gefloten.
Wie tijdens het werk slaapt, mag niet gestoord worden.
Van 11.00 tot 13.00 uur is het middagpauze. Mannen en vrouwen nemen gemeenschappelijk aan de feestelijk gedekte tafels plaats.
Van 14.00 tot 15.00 uur is de gemeenschappelijke koffiepauze, gedurende welke tijd de werkgever voor gezellige muziek dient te zorgen.
Om 16.00 uur wordt het werk beëindigd. Bij het verlaten van het gebouw is de werkgever verplicht de werknemer de hand te schudden en hem of haar namens de firma voor zijn of haar inspannende werkzaamheden te bedanken.
Het gebruik van het toilet tijdens de pauzes is verboden. Hiervoor dient de werktijd te worden benut. Wie niet moet, moet zorgen dat hij wel moet.
Wil een werknemer trouwen, dan dient de werkgever voor een uitzet te zorgen. Het bruiloftsfeest vindt plaats in de woning van de werkgever. Het bedrijf blijft op zulke dagen gesloten.
Algemene stelregel: Werk kalm en degelijk. Wat vandaag niet klaarkomt, komt morgen wel.
De vissen waren al lang ontevreden, dat er geen orde heerste in hun rijk. Niemand bekommerde zich om de anderen. Dat zwom maar rechts en links door elkaar zoals het hun inviel, glipten tussen anderen door die samen wilden blijven, of versperden hen de weg en de sterkere gaf de zwakkere een slag met zijn staart, zodat hij ver weg raakte, of hij slokte hem zonder meer op.
"Wat zou het goed zijn als wij een koning hadden, die recht en gerechtigheid uitoefende over ons," zeiden ze, en ze verenigden zich om die vis tot hun heer te kiezen, die de wateren het vlugst kon doorschieten en de zwakke hulp kon brengen.
Dus stelden ze zich in rij en gelid op langs de oever, en de snoek gaf een teken met zijn staart, waarop ze allemaal tegelijk erop los gingen. Als een pijl schoot de snoek voort en met hem de haring, de grondel, de baars, de karper en hoe ze allemaal heten mogen. Ook de schol zwom mee, en hoopte bij het doel te komen.
Opeens weerklonk het: "De haring is vooraan! De haring is vooraan!"
"Wie is voor?" schreeuwde de platte, jaloerse schol verdrietig, want hij was ver achter, "wie is er voor?"
"De haring! De haring!" was het antwoord.
"Die naakte haring?" riep de schol, "die naakte haring?" En sinds die dag staat voor straf zijn bek scheef.
Press any key. Ongetwijfeld heb je dit vriendelijke verzoek ooit wel eens gehad op je beeldscherm. Meestal gaat het schuil achter correct engels, zoals bij:
» PRESS ANY KEY «
Maar sinds een groot aantal gebruikers terecht zijn gekomen in de geniepige valkuil die het in zich draagt, kreeg het in vakkringen de naam "Eniki". Een kennis van mij, van beroep "systeembeheerder" lichtte dit toe aan de hand van het volgende verhaal:
Op een mooie ochtend, hij had net zijn derde kopje koffie uit de automaat gehaald en was dus pas vijf minuten op zijn werk, ging zijn GSM. Hij nam op en een verontruste gebruiker antwoordde met: "Het programma barst van de fouten! U zei dat het op mijn PC kon lopen, maar het heeft helemaal niet zo'n toets!" Na het eerste gedeelte ("U zei dat het...") wilde de vriendelijke systeembeheerder eigenlijk al aankomen met een instructie over rustig achter de computer gaan zitten, maar het tweede gedeelte, over de "ontbrekende toets", hield hem tegen. "Pardon? Wat voor toets bedoelt u dan?" "Nou, de Eniki-toets! Op mijn beeldscherm staat: "Press Eniki", maar op het hele toetsenbord is geen enkele toets te vinden die zo heet! Hebben ze me belazerd of zo?" "Oh, ik snap het al. Nee hoor, dat is Engels en moet eigenlijk "Press ANY key" zijn, dus "Druk op een willekeurige toets."" "Een willekeurige?" "Een willekeurige." "OK" Door de telefoon was het geklik van een toets te horen en vervolgens weer de kwade beller: "Houd je mij voor de gek of wat is dit? Er gebeurt helemaal niks!" Dit kan zelfs een gerenommeerd specialist in gebruikersfouten aan het denken zetten. Maar wacht: "Op welke toets heeft u dan gedrukt?" "Nou, zomaar één, op die rechtse, naast het vraagteken!" "Rechts naast het vraagteken? O, dat is de SHIFT-toets! Die kunt u niet gebruiken, die is er alleen maar voor om met behulp van de normale letter-toetsen hoofdletters te kunnen maken. Probeert u eens een andere." "Ik dacht, dat u een willekeurige zei, maar goed." Opnieuw was er een paar keer geklik van toetsen te horen en opnieuw werkte het niet. Trefzeker had de gebruiker nu de toetsen CTRL en ALT uitgekozen. Die werken eveneens alleen in combinatie met andere toetsen; als je ze alleen indrukt geeft dat aan de kant van de computer geen reactie. Het programma is vervolgens veranderd. Op het beeldscherm verscheen vanaf dat moment alleen nog het verzoek:
» TO CONTINUE PRESS A «
In de tijd daarna werd het wat rustiger op zijn kantoor, aanvankelijk dan. Want enkele weken daarna stroomde een zee van e-mailberichten en faxen binnen, waarin gebruikers klaagden over de onbegrijpelijke, averechts werkende verbeteringen" en de opnieuw "bewerkelijke toepassing" van het programma, je moest nu kennelijk Shift+A typen om verder te komen, er werd tenslotte een hoofdletter A gevraagd (een Engelse gebruiker vroeg tenslotte nog "I should press a...what?!"). Dus werd ook dit probleem verholpen en verschijnt er sindsdien in onvriendelijke kleine letters:
» to continue press a «
Tot nu toe leek dit ook te werken, maar mijn collega heeft gisteren een open spreekuur (zoals hij dat noemt) gehouden met betrekking tot deze software. En het eerste telefoontje dat hij kreeg, was de klacht: "Op het toetsenbord zit helemaal geen toets met een kleine a erop!"
In het begin der tijden bestond de aarde met zijn bergen, zeeën en rivieren nog niet. Er was ook geen uitspansel, waaraan overdag de zon straalde en 's nachts de maan blonk en de sterren schitterden. Zonder vaste vormen zweefde de oerstof door een reusachtige bol, de chaos. Toen deze bol openbrak, kwam P'an Koe eruit tevoorschijn.
Hij scheidde de zwaardere delen van de bol van de lichtere. Zo ontstonden aarde en hemel. P'an Koe stond met beide voeten op de aarde en liet de hemel op zijn hoofd rusten. Hemel en aarde werden steeds groter, maar ook de afstand tussen beiden nam elke dag met drie meter toe. Dit duurde achttienduizend jaren, en in al die tijd groeide P'an Koe mee. Toen kwam de beweging tot stilstand en was het grote werk volbracht. P'an Koe strekte zich op de aarde uit en stierf.
Uit zijn adem ontstonden de wolken en de wind. Uit zijn stem kwam de donder voort. Uit zijn linkeroog groeide de zon en uit zijn rechter de maan. De haren van zijn hoofd werden sterren en planeten. Uit zijn lichaamsharen kwamen planten en bloemen voort. Uit de welvingen van zijn lichaam ontstonden bergen en uit zijn beenderen rotsen en stenen. Uit zijn tanden werden metalen gevormd. Zijn beenmerg stolde tot jade en zijn zaad tot parels. Uit het zweet dat zijn lichaam bedekte, nadat hij al die duizenden jaren het uitspansel had moeten stutten, ontstond de regen die de aarde vruchtbaarheid schonk. Uit zijn bloed ontstonden de rivieren en uit zijn aderen de wegen die zich in alle richtingen over het land verspreidden. Zo heeft alles op deze wereld zijn ontstaan aan P'an Koe te danken.
Maar de aarde was nog woest en verlaten. Moe Koea, die een drakenlichaam had met een menselijk hoofd, wilde de aarde bewoond zien door levende wezens. Met haar klauwen vormde zij mensen uit gele aarde. In plaats van een drakenlijf, gaf zij hen een menselijk lichaam met handen en voeten. Alleen het hoofd vormde zij als dat van haar zelf.
De eerste mensen die zij zorgvuldig gevormd had, waren volmaakt. Het werden edelen en rijken. Maar toen zij vermoeid van het werk raakte, doopte zij een touw in de klei en liet er stukken van afdruipen. Dat werden kreupelen en armen, zieken en gebrekkigen. Toen Moe Koea merkte dat het een eindeloos werk zou zijn om steeds nieuwe mensen te vormen, bracht zij een man en een vrouw tezamen en leerde hen zich te vermenigvuldigen. Hierna was haar werk volbracht en zouden de mensen in vrede en rust met elkaar kunnen leven.
Maar er ontstond een grote strijd tussen Koeng Koeng, de Watergeest en Tsjoe Joeng, de Vuurgeest. In het begin leek Koeng Koeng te winnen, maar uiteindelijk was hij niet tegen de kracht van het vuur opgewassen. Hij moest inderhaast vluchten en daarbij stootte hij zijn hoofd tegen de berg Roe Tsjoe S'an, de pilaar waar de westelijke hemel op rustte. De gehele wereld begon te wankelen en er ontstonden grote gaten in het uitspansel. De aarde helde in het westen naar boven en in het oosten naar beneden. In het westen ontstonden grote kloven en spleten, terwijl het water van alle rivieren naar het oosten stroomde, zodat hier een grote oceaan ontstond.
Intussen raasde het vuur over de aarde voort en verbrandde alle mensen en dieren die het op zijn weg ontmoette. Moe Koea, die het menselijk geslacht geschapen had, kon niet langer aanzien dat haar schepselen zo moesten lijden. Zij doofde het vuur en herstelde de gaten aan het firmament door ze met grote stenen op te vullen. Daarna doodde zij een reusachtige schildpad en maakte van zijn vier poten pilaren die zij aan de uiteinden van de vier windrichtingen plaatste. Hierop zou de hemel voortaan stevig rusten en ook de aarde kon op haar plaats blijven.
Stap 1: Vestiging Ga wonen in Lonneker, als het niet lukt (Lonneker is namelijk een besloten gemeenschap waar je niet gauw tussen komt) treur dan niet, zie het wonen in Lonneker als de kroon op je carrière als boer. Zie het als een Olympische medaille, slechts weinigen halen het, verder volstaan nog vele andere plaatsen in Twente.
Stap 2: Het vervoer Koop één van de volgende brommers (liefst voordat je 16 bent):
Honda MT
Honda MB
Yamaha DT
Voor een echt goed resultaat dient een oude Zündapp of Kreidler te worden aangeschaft, maar let op, de onderdelen hiervan zijn moeilijk verkrijgbaar.
Koop één van de volgende auto’s (liefst voordat je 18 bent):
Opel Kadett
Volkswagen Golf
Mercedes
Audi
BMW
Voor alle bovenstaande merken geldt GTI als hoogst haalbare.
De brommer Verricht aan de brommer onder meer de volgende aanpassingen:
Het uitvijlen of "uuthoo'n" van in- en uitlaat spoelpoort.
Het "uuthoo'n" van de cilinder (hierbij wordt dan wel een grotere zuiger vereist).
Het uitvijlen c.q. boren van de carburateur.
Een uitlaat met een dikkere bocht en een dikkere "piepe" monteren.
Een expansie pot monteren.
Demper uit de uitlaat en hier en daar gaten boren voor een stoer en hard geluid.
Vlak de pet af.
Plaats een zogenaamde "viefbak" (versnellingsbak met 5 versnellingen).
Monteer minimaal een 50cc cilinder of liever iets groter.
Monteer een snelheidsbegrenzer om de politie voor de gek te houden.
Plaats een 12, 13, 14, 15, 16 of maar liefst een 17 mm carburateur.
Monteer snelle zuigerveren.
Plaats een Paris Dakar tank.
Verf de letters op de banden wit.
Plak fluorescerende stickers lukraak op de brommer.
Plaats twee achteruitkijk spiegels.
Plaats een radio (muziek wordt verderop behandeld).
Plaats vier knipperlichten.
Plaats minimaal vier verstralers (hoe meer hoe beter).
Plaats een Amerikaans nummerbord.
Last but not least haal je een Heima of Luvro jas.
Mocht je gepakt worden, vertel je vrienden dan nooit dat je hebt staan janken bij de rollerbank.
De auto
Leg een strooien hoed op de hoedenplank.
Plaats een bordje met opschrift "rabbit injection" (twee wippende konijnen).
Monteer een dubbele uitlaat.
Haal elke vorm van geluidsdemping van de auto.
Hang een FC Twente vaantje in de auto.
Plak een grote Pioneer of Kenwood sticker op de achterruit.
Plaats zoveel mogelijk spoilers.
Plaats meerdere verstralers (bij voorkeur Hella).
Plaats een vette geluidsinstallatie.
Plaats een "bakkie" (27 mc) en kies een geheim of eender achternaam.
En zorg ervoor dat je rijgedrag ronduit asociaal is.
Stap 3: De muziek
Luister alleen nog maar naar geheime zenders en zwaar verouderde House (Rednex, 2 unlimited, Snap enzovoort).
Geheime zenders zijn meestal te vinden boven de 100 MHz.
Begin zelf met een groepje kamereu (vrienden) een geheime zender.
Kies een naam als "de stille stroper" of "radio accapolco" of "de vrije vogel".
Probeer het wereldrecord marathon uitzenden van de geheime zender te verbreken, los elkaar zonodig af.
Heb altijd extra zenders achter de hand voor het geval dat je gepakt wordt.
Laat Bello of Wodan voor de deur liggen zodat de politie er niet in kan.
Neem een plaatje op met z'n allen met geneugten teksten des levens.
Stap 4: Persoonlijke verzorging
Trek kleren aan die het liefst al 10 jaar uit de mode zijn, heeft je moeder de kleren al weggegeven aan het legers des heils of degelijke instellingen vergeet het dan maar, want de moeder van een echte boer gooit nooit iets weg.
Is bovenstaande van toepassing ga dan naar de markt en haal daar spijkerbroeken van het merk Brams Paris (spreek uit: brems perris).
Een andere broek is toegestaan als deze aan de achterkant slechts 1 broekzak heeft die afsluitbaar is met een knoop.
Trek een blouse aan en stop deze zo strak mogelijk in je broek.
Koop een verzilverde schakelketting.
Kweek zoveel mogelijk roos in je haar en klop dit nooit van je schouders.
Gebruik geen after shave, dit is niet nodig: je hebt al eau de oksel, wil je toch een geurtje gebruik dan Fresh up met opstrijkschuimpje.
Na het melken 's ochtends NOOIT douchen, de mensen bij je op school of werk moeten ruiken dat je al flink aan het werk bent geweest.
Stap 5: Het boerenjargon
Bruunwarker = Flikker
Smeerdear = Flikker
Teerpoal = Allochtoon (pigment gehandicapte)
Tot de as'n in 'n drek = Tot de assen in de modder.
Kadavestaaf = Frikandel
Blikkie vruchtwater = Blikje sinas.
Knalpot = Halve liter Grolsch.
Drietjaag'n of mestjaag'n = Drijfmest uitrijden.
Aal'n kettel = Giertank.
Koor'n = Volkssport in Brekkelenkamp.
Kamereu = Vrienden
Favoriete stopwoorden en uitdrukkingen,
Dat wicht hef 'n beste bult holt vuur de duur = Dat meisje heeft grote borsten.
Dat meen ie nig = Dat meen je niet.
Ie bun nie wies = Je bent niet goed snik.
Kloot'n weer = Rotweer.
Is 'n ool'n nog nie dood = we zitten in geldnood.
He'j 't nust unner 'n boom lig'n? = Heb je de verkering uit?
Eem 'n sik verzet'n = Ik moet even urineren.
Zak oe de balg vol jaag'n? = Zullen we gaan vrijen?
Ik zal oe is ef'n de miegert unner 't vel stek'n = Ik zal je eens lekker neuken.
Ef'n met de miegert duur 'n unnerbalg hen houw'n = Even snel neuken.
Ef'n met de miegers in mekare = Even snel neuken.
Bi'j geil of moj driet'n = Wat kijk je raar.
Stap 6: Het gedrag
Je leven staat NIET in dienst van je vrouw, maar van de kamereu en bier.
Zorg dat je aan het werk gaat zo gauw je niet meer leerplichtig bent, boeren hebben een aangeboren argwaan tegen alles dat heeft doorgeleerd.
Probeer als je uitgaat met de kamereu zoveel mogelijk meisjes in te sluiten dit is DE boeren methode om verkering te krijgen.
Het insluiten van meisjes geeft een enorme kick en versterkt de band met de kamereu. Als je deze stappen goed volgt ben je al een aardige Twentse boer.
Hier nog een paar handige tips:
Maak lompe opmerkingen over meisjes, vooral als ze erbij staan. Woorden en zinnen als: "beste bos holt vuur de duur" en "zoeg'n kreng" maken bij de andere sekse een onuitwisbare indruk.
Verhef je stem als je aan het praten bent.
Tijdens het uitgaan enorm schreeuwen geeft een enorme kick en een zekere status bij de kamereu.
Zorg dat je een vriendin krijgt die sigaren rookt, dat valt bijzonder goed bij de kamereu.
"dit is al het vijfde slachtoffer in de maand" Ik keek met bange ogen naar de televisie. "niemand weet wie de moordenaar is. Er is nog geen enkel spoor,alleen dat de dader telkens hetzelfde mes gebr..." KLIK. de televisie flitste uit. ik draaide me om en zag mijn broer grijnsend staan. "Wiebeeee." klaagde ik. "het is tijd voor school" zei hij nog steeds grijnzend. ik stond op en liep naar de gang. Daar pakte ik mijn jas en deed mijn schoenen aan, Wiebe volgde me en deed hetzelfde. samen liepen we naar de schuur om onze fietsen te pakken. we moesten nooit lang fietsen, de eerste straat naar rechts en dan twee keer naar links. dan kwamen we aan mijn lievelingsstukje van de tocht: het park. het was er altijd heerlijk stil en in de zomer zag je ganzen en eenden op de vijver zitten, maar het was vooral mijn lievelingsplekje omdat kyle hier ook voorbij kwam en ik hem dan vaak zag. Kyle was een jongen in mijn klas waar ik verliefd op was. ik dacht dat hij ook op mij was, ik hoopte het toch. De twee uren die ik had op school was wiskunde en nederlands: poepsimpel dus. tijdens de pauze hoorde ik meteen dat het om die moordenaar ging. iedereen was bang dat zij de volgende zou zijn. ik vroeg me af waarom alleen de meisjes bang waren en het antwoord kreeg ik het volgende moment: de moordenaar had 5 meisjes vermoordt, geen jongens. "misschien toeval" zei ik nog. ik geloofde het zelf niet eens. mijn broer en ik gingen tijdens de middag altijd thuis eten, maar die dag bleef hij op school bij zijn vrienden. ik pakte mijn fiets en reed de poort uit. in het park kreeg ik het gevoel dat ik gevolgd werd. ik keek achterom en zag Kyle. ik remde en hij kwam recht op me af. hij naderde tot drie meter van mij af en stopte daar. "ik... ik moet... ik moet je iets vragen." stotterde hij. op slag werd ik knalrood. "mag... mag het asjeblieft achter de struiken?" vroeg hij me. ik dacht niet na en knikte meteen van ja. ton we op een goed plekje waren, kwam hij ineens dichterbij. een beetje heel dicht. toen zijn neus bijna de mijne raakte, haalde hij iets ui zijn zak. het was een mes. ik sperde mijn ogen open van angst en paniek. in een flits bedacht ik dat de 5 meisjes die vermoord zijn, meisjes waren die op Kyle verliefd waren. blijkbaar had hij dat niet zo graag,maar hij is toch op mij ook? het volgende moment voelde ik een brandend gevoel in mijn buik. alles werd zwart.
EEN PAAR DAGEN LATER...
ik werd wakker met een bonkend gevoel in mijn hoofd. ik wou rechtop gaan zitten, maar botste met mijn hoofd ergens tegen. ik strekte mijn armen horizontaal uit. BONK BONK klonk het, toen mijn knokels hard tegen iets botsten? ik volgde met mijn vingers de contouren van het ding waar ik inzat. het was een kist, een doodskist. opeens wist ik alles weer: het park, Kyle, het mes en het brandende gevoel in mijn buik. ze dachten dat ik dood was. ik begon zwart te zien, mijn zuurstof raakte op. 'ik ben pas begraven' dacht ik. 'anders was ik nu allang dood' ik was in paniek. ik voelde plots een briefje in mijn hand. ik pakte het lampje dat altijd in mijn zak steekt en las de 5 letters die erop stonden:
SORRY
einde?
over de schrijfster: ik ben nog maar een kind :p voor degene die weinig fanbtasie hebben: Liesje (mijn echt naam!!!) werd net op tijd gered. hoe dat komt, kun je te weten komen door het boek: "what happened to cass mcbride?" (een nederlands boek!!!) te lezen, daar is immers dit verhaal op gebasseerd. bedankt voor het lezen!! Liesjexxx
Hé Mike, wat heb je daar nou? Ik heb iets heel bijzonders. Iets waar de wereld al lang op zit te wachten. Ongelooflijk, vertel ons snel wat het is... Ik heb een wit vierkant materiaal en een stokje. U zult zich wel afvragen, wat is dit nu weer. Ja Mike, laat ons niet in spanning. Als ik met dit stokje over het witte materiaal beweeg, dan verkleurt het op de plek waar ik met het stokje over heen ben gegaan. Ongelooflijk... Ja, maar dat is nog niet alles. Als ik met het stokje, wat overigens een Pen heet, een letter, zoals je die normaal op het scherm ziet, op het materiaal teken... Ongelooflijk, ik begin het te snappen... dus als je meerdere letters neerzet kan je gewoon lezen *zonder* dat je een beeldscherm nodig hebt. Inderdaad, jij snapt het. Als dat geen amazing discovery is; het materiaal heet trouwens Papier. Ongelooflijk, en je hebt helemaal geen stroom nodig Mike? Nee, geweldig he, er zitten zelfs geen batterijen of accu in. Nou, nou, nou zeg. Onvoorstelbaar. Ha, Mike, je klapt het dicht. Dat kan mijn notebook ook. Nee, dit is anders, je kan het zovaak vouwen als je wilt tot het de door jouw gewenste afmeting heeft. Oooh, Mike je gaat maar door en het wordt kleiner en kleiner. Ja, nu past het zelfs in mijn portefeuille. Ongelooflijk, dus ik kan het altijd bij me dragen. Kom eens Mike, mag ik het eens vasthouden. Maar natuurlijk, ga je gang. Maar dit is ongelooflijk, het weegt bijna niets. Dat klopt, het weegt 100 maal lichter dan het kleinst verkrijgbare notebook. Dat komt natuurlijk omdat er geen accu in zit. Nee, nee, je droomt niet, knijp maar flink in je arm. Kijk, ik vouw het weer uit en.... Maar Mike, wat doe je nu? Nee, dat kan niet, je scheurt het papier doormidden. Dit materiaal is zo geweldig. Kijk, ik houd de helften gewoon tegen elkaar aan en je kan het gewoon weer lezen. Ongelooflijk, dat moet je met een diskette niet proberen, ha ha ha. Maar wat doe je nu? Nee, niet doen, niet doen! Je gaat er zomaar op staan springen. Ongelooflijk, en je kan het nog steeds lezen! Stel je voor zeg, als je zo op je monitor zou gaan springen. Ongelooflijk, wat een discovery! Zeg Mike, hoe lang kan je papier eigenlijk bewaren? Nou, veel langer dan een diskette of harddisk waarvan de magnetische gevoeligheid op den duur verdwijnt. Ongelooflijk, wat een amazing discovery. Maar dat is nog niet alles! Nee? Je kan het overal mee naar toe nemen, je kan het gebruiken bij hoge en lage temperaturen. En als je het niet meer nodig hebt, kan je altijd nog je neus erin snuiten en.... Ja Mike, ongelooflijk... Zeg Mike, maar dat zou betekenen dat we op een dag helemaal geen beeldschermen, computers en notebooks meer nodig hebben. Inderdaad, is dat niet ongelooooooflijk.
Drie vriendinnen zitten te kletsen. "Zeg, weet je, als ik mijn Peter pijp, heeft hij altijd koude ballen." "Dat is grappig", zegt de tweede, "als ik dat bij mijn Dirk doe, is dat ook zo." "En jij", vragen ze aan de derde, "heeft jouw Jeremy dat ook als je hem pijpt?" "Euh, weet je dat ik dat nooit gedurft heb?" "Oh jee, meisje toch, jij bent niet goed wijs zeker? Als je dat niet doet, gaat hij het misschien wel bij een ander zoeken en dan enz enz..." Zo gezegd zo gedaan, 's avonds verwent ze haar Jeremy eens goed door hem te pijpen. De volgende dag komt ze aan met een blauw oog. "Ja", zegt ze, "ben ik hem aan het pijpen en in een keer wordt hij kwaad en geeft hij me een knal op mijn oog." "Die is zeker gek geworden, waarom doet hij nou zoiets?" "Ja, dat weet ik ook niet, ik zei hem nog, 'hé dat is gaaf, jouw ballen zijn warm wanneer ik je pijp en die van Peter en Dirk niet.'"
Pa komt net van onder de douche vandaan, als ineens zijn kinderen hem zien. "Maar pa, wat heb je daar tussen je benen?", vragen ze geschrokken. "O, dat is een vogeltje." "Maar wat hangt daar dan onder?" "Dat zijn natuurlijk zijn eieren." "Maar wat zit daar dan omheen?" "Dat is zijn nestje." De kinderen zijn tevreden en pa is blij met de mooie oplossing. De volgende morgen wordt hij wakker in het ziekenhuis met een gigantische pijn in zijn kruis! Als hij opkijkt, ziet hij zijn gezin om hem heen staan. "Wat is er gebeurd?" vraagt hij. Waarop één van de kinderen antwoordt: "We wilden met je vogeltje spelen, maar die begon te spugen, dus hebben we hem de nek omgedraaid, zijn eieren kapot getrapt en zijn nest in de fik gestoken."
President Bush bezoekt een lagere school, 4e leerjaar. Ze zijn aan het discussiëren over de betekenis van bepaalde woorden. De leraar vraagt aan Bush om de discussie te leiden over het woord 'tragedie' Bush vraagt aan de klas of er iemand een voorbeeld kan geven van een tragedie. Een jongen staat op en zegt 'als mijn beste vriend de straat oversteekt en hij wordt doodgereden, dat is een tragedie' 'Neen' zegt Bush 'dat is geen tragedie, dat is een accident' Een meisje doet een poging 'Wanneer een schoolbus met 50 leerlingen erin, in een ravijn rijdt en iedereen is dood, dat is een tragedie' 'Neen' zegt Bush 'dat is een groot verlies' Heel de klas zit stil te kijken maar Bush dringt aan en zegt 'Is er dan niemand die een voorbeeld kan geven van een tragedie?' In de hoek van de klas zit een tenger kereltje. Bedeesd zegt hij 'Als een Amerikaans Air Force One vliegtuig, met Meneer en Mevrouw Bush aan boord, door een raket van Osama Bin Laden wordt geraakt en daardoor helemaal vernietigd wordt, dat is een tragedie' 'Fantastisch' zegt Bush 'Kun je me ook uitleggen waarom dat een tragedie is?' 'Wel' zegt het jongetje 'Omdat het geen accident is en zeker geen groot verlies'
Een man moet op zakenreis, maar weet dat als hij weg is, vrouwlief zich gaat vervelen en met de eerste de beste man in bed duikt. Om dat te voorkomen gaat hij naar een sexshop om eens een leuk speeltje voor haar te kopen. De verkoper toont hem allerlei opwindende speeltjes: vibrators, crèmes, opblaaspoppen, noem maar op, maar de man vindt geen van alle wat. Na wat aarzelen zegt de verkoper: "Kom maar even mee naar achter, ik heb hier iets heel speciaals." Nieuwsgierig loopt de man mee en ziet een houten doos staan. De verkoper opent de doos en toont een op het eerste gezicht doodgewone dildo. "Ja, hallo, ben ik hiervoor naar achter gekomen?", vraagt de man. "Wacht, dit is niet zomaar een dildo, dit is een voodoo dildo", zegt de verkoper. "Ja, ja, voodoo dildo, daar geloof ik niets van!", zegt de man. "Ik zal het je laten zien", zegt de verkoper, "voodoo dildo, deur!" En tot verbazing van de man begint de dildo te zoemen en vliegt op de deur af en begint het sleutelgat te neuken als een gek. "Voodoo dildo, in je doos!" en de dildo gaat terug in de doos. "Fantastisch! Ik koop hem!", roept de man. Thuisgekomen en 300 euro armer, toont hij de dildo aan zijn vrouw: "Als je zin hebt, hoef je alleen maar te roepen wat je wilt en de dildo doet het", zegt hij bij het naar buiten gaan. Manlief is al een week weg en zijn vrouwt begint nu toch wel een beetje zin te krijgen. Plotseling herinnert ze zich de dildo, die ze cadeau heeft gekregen. Ze maakt de doos open en zegt: "Dildo, mijn poesje!" De dildo begint te zoemen en dringt bij haar binnen. Na slechts enkele minuten komt ze al klaar. "Maar hoe zet ik dat ding uit?" Dat is manlief vergeten te vertellen! Kreunend en klaarkomend van de pompende dildo rent ze naar buiten, met de dildo nog steeds aan het werk. "Naar het ziekenhuis," denkt ze, "daar kunnen ze er wel wat doen." Slingerend rijdt ze weg en wordt door een politieman gezien. "Zo, die heeft flink wat op, dat wordt een mooie bon," denkt de agent en houdt haar aan. "Zo mevrouwtje, een beetje diep in het glaasje gekeken?", vraagt agent. "Nee, het is die voodoo dildo!", kreunt de vrouw. "Ja, ja, voodoo dildo...., mijn reet!" zegt de agent..............
Een man klaagt tegen zijn vriend: "Mijn elleboog doet echt pijn, ik denk dat ik maar eens naar de dokter moet." Zijn vriend antwoordt: "Nee, dat hoeft niet. In de supermarkt staat nu een computer die sneller en goedkoper een diagnose kan stellen! Je plaatst gewoon een urinestaal in die computer en deze vertelt je onmiddellijk wat er met je aan de hand is en hoe je het kunt verhelpen. En dat voor slechts 1 euro." De man denkt: "Hierbij heb ik niets te verliezen," en vult een potje met urine en gaat naar de supermarkt. Bij de computer gekomen giet hij zijn urinestaal erin en doet 1 euro in de gleuf. Hierop maakt de computer een piepend geluid en gaan er wat lichtjes flikkeren. Na een poosje schuift er een smal strookje papier uit met het volgende opschrift: "Je hebt een tenniselleboog. Hou je arm enkele dagen warm en vermijd zwaar werk. Na enkele weken zal de pijn verdwenen zijn." Later op de avond denkt hij hier over na en vraagt zich af of dit toestel niet te misleiden zou zijn. De volgende ochtend vult hij een potje met wat afwaswater, mengt daar wat uitwerpselen van de hond bij. Dan voegt hij een urinestaal van zijn vrouw en zijn dochter erbij en masturbeert nog eens in het potje. Deze cocktail brengt hij gniffelend naar de computer en giet het erin, stopt er weer een euro in en wacht ongeduldig op het resultaat. Weer maakt deze hetzelfde geluid, gaan dezelfde lichtjes branden en komt er een briefje uit met het opschrift: "Uw leidingwater bevat teveel kalk. Koop een wasverzachter. Uw hond heeft wormen. Geef hem vitamines. Uw dochter is aan de drugs. Help haar met een ontwenningskuur. Uw vrouw is zwanger en u bent niet de vader. Zorg voor een goede advocaat. En als u niet stopt met masturberen dan raakt u nooit van die tenniselleboog af!"
Jan en Piet ontmoeten elkaar in de kroeg. Jan: "Hoe is het met de sex?" Piet: "Slecht, telkens als ik met mijn vrouw vrij, verliest ze halverwege de aandacht." Jan: "Dat heb ik ook gehad met mijn vrouw, nu gebruik ik altijd een startpistool. Telkens als ik merk dat de aandacht van mijn vrouw verzwakt, schiet ik een keer met dat startpistool, waarna ze zo schrikt dat al haar spieren zich spannen en ze weer helemaal bij de les is. Ons sexleven is weer geweldig." Piet: "Oké, ik zal het eens proberen." De volgende week komen ze elkaar weer tegen in dezelfde kroeg. Jan: "Ha, die Piet, startpistool nog geprobeerd?" Piet: "Praat me niet van dat startpistool, ik kan het woord niet meer horen!" Jan: "Hoezo, wat is er gebeurd?" Piet: "Ach.. ik lig met mijn vrouw in een 69 stand en ik merk dat haar aandacht wat verzwakt. Ik pak het startpistool onder het bed vandaan en schiet een keer. Mijn vrouw schrikt verschrikkelijk, bijt in mijn lul, poept op mijn gezicht en tegelijkertijd komt er een naakte kerel uit de kast met zijn armen omhoog."
In een tuin groeide een rozestruik die helemaal vol rozen stond, en in een ervan, de mooiste van alle, woonde een elf. Hij was zo pieterig klein dat een menselijk oog hem niet kon zien; achter elk blaadje van de roos had hij een slaapkamer; hij was welgevormd en mooi als een kind maar wezen kon en had vleugels die van zijn schouders tot zijn voeten reikten. O, wat rook het heerlijk in zijn kamers en wat waren de muren mooi! Het waren immers de rose bloemblaadjes. De hele dag vermaakte hij zich in de zonneschijn. Hij vloog van bloem tot bloem, danste op de vleugeltjes van de fladderende vlinder en mat hoeveel passen hij moest doen om over alle wegjes en paadjes van een lindeblad te lopen. Dat waren wat wij de nerven in het blad noemen, die hij voor wegen en paden aanzag; ja, dat waren voor hem eeuwige wegen. Voor hij ermee klaar was ging de zon onder. Hij was er ook zo laat mee begonnen. Het werd koud, de dauw viel en de wind blies; nu was het toch het best weer naar huis te gaan; hij haastte zich wat hij kon, maar de roos had zich gesloten, hij kon niet binnen komen. Niet één roos was geopend; de arme elf schrok erg. Hij was nog nooit tevoren 's nachts buiten geweest, hij had altijd zo heerlijk zacht achter de koesterende rozenblaadjes geslapen. O, dit zou zeker zijn dood zijn! Aan de andere kant van de tuin, wist hij, stond een prieel met heerlijke kamper foelies, de bloemen leken wel grote, beschilderde hoorns; in een ervan wilde hij kruipen en tot morgen slapen. Hij vloog erheen! Stt!, daar zaten twee mensen in het prieel! Een knappe jongeman en een heel mooi meisje; ze zaten naast elkaar en wensten dat zij nooit in der eeuwigheid gescheiden zouden worden. Zij hielden zoveel van elkaar, veel meer dan het beste kind van zijn vader en moeder kan houden. "Toch moeten we scheiden!" zei de jongeman, "je broer is ons niet goed gezind, daarom zendt hij mij op reis, ver weg over bergen en zeeën! Vaarwel, mijn lieve bruid, want voor mij ben je dat toch!" En toen kusten ze elkaar en het jonge meisje huilde en gaf hem een roos, maar vóór ze hem die reikte drukte zij een kus op de roos, zo vast en innig dat de bloem openging. Toen vloog het elfje naar binnen en leunde zijn hoofdje tegen de tere geurige wanden. Maar hij kon goed horen, dat er afscheid genomen werd: vaarwel, vaarwel! en hij voelde dat de roos een plaats kreeg op de borst van de jongeman. O, wat klopte dat hart daarbinnen. Het elfje kon helemaal niet in slaap komen, zo klopte het. Lang zat de roos niet op die borst. De man haalde haar te voorschijn en terwijl hij eenzaam door het donkere bos ging kuste hij de bloem, o, zo vaak en zo hartstochtelijk dat het elfje bijna werd doodgedrukt. Hij kon door het blad voelen hoe de lippen van de man brandden, en de roos zelf had zich geopend, als onder de stralende middagzon. Toen kwam er een andere man, donker en toornig, hij was de boze broer van het mooie meisje. Hij haalde een scherp groot mes te voorschijn en terwijl de andere de roos kuste stak de boze man hem dood. Hij sneed zijn hoofd af en begroef het met het lichaam in de rulle aarde onder de lindeboom. Nu is hij vergeten en weg, dacht de boze broer, hij komt nooit meer terug. Een lange reis moest hij maken, over bergen en zeeën, dan kan je best het leven verliezen en dat heeft hij dan ook gedaan. Hij komt niet weer en mij durft mijn zuster nooit naar hem vragen. Toen woelde hij met zijn voet door de dorre bladeren over de omgespitte aarde en ging weer naar huis in de duistere nacht. Maar hij ging niet alleen zoals hij dacht, het elfje ging mee; het zat in een verdord, samengerold lindeblad dat op het haar van de boze man was gevallen toen hij het graf groef. Zijn hoed had hij erop gezet. Het was zo donker daaronder, en de elf beefde van schrik en toorn over die afschuwelijke daad. Vroeg in de morgen kwam de boze man thuis; hij nam zijn hoed af en ging de slaapkamer van zijn zuster binnen. Daar lag het schone meisje te dromen van hem van wie ze zoveel hield en die nu, naar ze meende, over bergen en door bossen liep. En de boze broer boog zich over haar en lachte kwaadaardig, zoals een duivel kan lachen. Toen viel het dorre blad uit zijn haar op de deken, maar hij merkte het niet en ging weer weg om zelf nog wat in de morgenstond te slapen. Maar de elf kroop uit het dorre blad in het oor van het slapende meisje en vertelde haar als in een droom van de verschrikkelijke moord, beschreef haar de plaats waar haar broer hem had vermoord en zijn lijk verborgen. Hij vertelde van de bloeiende lindeboom daar dichtbij en zei: "Opdat je niet zult denken dat het een droom is die ik je vertel zul je op je bed een dor blad vinden!" En dat vond ze ook toen ze ontwaakte. O, wat huilde ze, en niemand durfde ze haar verdriet toevertrouwen. Het venster stond de hele dag open. Het elfje kon gemakkelijk buiten in de tuin komen bij de rozen en alle andere bloemen, maar hij kon het niet over zijn hart krijgen het treurende meisje te verlaten. In het venster stond een struik met maandroosjes, in een van de bloemen ging hij zitten en keek naar het arme meisje. Haar broer kwam heel wat keren de kamer binnen en hij was opgewekt en kwaadaardig, maar zij durfde met geen woord over haar hartsverdriet spreken. Toen de nacht viel sloop ze het huis uit. Ze liep het bos in naar de plek waar de lindeboom stond, schoof haastig de bladeren opzij, groef in de aarde en vond dadelijk de gedode liefste. O, wat huilde zij en hoe vurig smeekte zij God dat zij ook spoedig mocht sterven. Graag had ze het lijk mee naar huis genomen, maar dat kon ze niet; toen nam ze het bleke hoofd met de gesloten ogen, kuste de koude mond en schudde de aarde uit zijn prachtig haar. "Dat is mijn eigendom!" zei ze, en toen ze aarde en bladeren weer op het dode lichaam gelegd had nam zij het hoofd met zich mee naar huis, en een takje van de jasmijn die bloeide in het bos, waar hij gedood was. Zodra zij in haar kamer terug was haalde ze de grootste bloempot die er te vinden was, legde daarin het hoofd van de dode, wierp er aarde overheen en plantte toen de jasmijntak in de pot. "Vaarwel, vaarwel!" fluisterde de kleine elf. Hij kon het niet langer aanzien al die droefheid en vloog daarom naar buiten, de tuin in, naar zijn roos; maar die was uitgebloeid, er hingen slechts enkele bleke blaadjes aan de groene rozenbottel. "Ach, wat is het toch gauw voorbij met al het mooie en goede!" zuchtte de elf. Ten slotte vond hij een roos die nu zijn tehuis werd, achter haar tere, geurende blaadjes kon hij goed wonen. Iedere morgen vloog hij naar het venster van het arme meisje. Daar stond zij altijd bij de bloempot te huilen; de zilte tranen vielen op de jasmijntak en naarmate zij bleker 1 en bleker werd, werd de tak steeds frisser en groener: de ene twijg schoot op na de andere, er kwamen kleine witte bloemknopjes en zij kuste ze, maar de boze broer schold haar uit en vroeg of ze gek was geworden. Hij kon het niet uitstaan en begreep ook niet waarom zij altijd bij de bloempot stond te huilen. Hij wist niet welke ogen daar gesloten waren en welke rode lippen daar tot stof waren geworden; en zij lag haar hoofd bij de bloempot toen het elfje uit de roos haar eens slapend vond. Toen klom hij in haar oor. Hij vertelde van de avond in het prieel, van de geur van de roos en van de liefde van de elfen. Zij droomde zo heerlijk en terwijl zij droomde gleed het leven uit haar weg: zij was een stille dood gestorven. Zij was in de hemel bij hem, die ze liefhad. En de jasmijnbloesem opende haar grote witte kelken, ze geurden zo wonderlijk, dat was hun manier om de dode te bewenen. Maar de boze broer keek naar de schone bloeiende struik, nam hem in bezit als een erfstuk en zette hem in zijn slaapkamer, dicht bij zijn bed want het was een prachtstuk en de geur was zo zoet en zo opwekkend. Het rozenelfje ging mee, vloog van bloem tot bloem, in ieder woonde er een ziel en hun vertelde hij van de gedode jongeman, wiens hoofd nu aarde was onder aarde, vertelde van de boze broer en de arme zuster. "Wij weten het!" zeiden de zielen in de bloemen, "wij weten het! Zijn wij niet gegroeid uit de ogen van de dode en uit zijn lippen! Wij weten het! Wij weten het!" En toen knikten ze zo wonderlijk met hun hoofdje. De rozenelf kon onmogelijk begrijpen hoe ze toch zo rustig konden blijven, en toen vloog hij naar buiten naar de bijen die honing verzamelden. Hij vertelde ze de geschiedenis van de boze broer, en de bijen vertelden het weer aan hun koningin die gebood, dat ze alle de volgende morgen de moordenaar zouden doden. Maar de nacht tevoren, dat was de eerste nacht na de dood van het zusje, toen de broer in zijn bed sliep dicht bij de geurende jasmijnstruik, opende iedere bloemkelk zich en onzichtbaar maar met giftige speren, kwamen de bloemenzielen te voorschijn. En ze gingen eerst bij zijn oor zitten en fluisterden hem boze dromen in, vlogen toen over zijn lippen en staken met hun giftige speer in zijn tong. "Nu hebben wij de dode gewroken!" zeiden ze en ze kropen weer in de witte jasmijnkelken. Toen het morgen werd en het raam naar de slaapkamer met een ruk werd geopend, vloog de rozenelf met de bijenkoningin en de hele zwerm bijen naar binnen om hem te vermoorden. Maar hij was al dood; er stonden mensen om zijn bed die zeiden: "De jasmijngeur heeft hem gedood!" Toen begreep de rozenelf de wraak van de bloemen en hij vertelde het aan de bijenkoningin en deze gonsde met haar hele zwerm om de bloempot — de bijen waren niet te verjagen. Toen nam een man de bloempot weg en een van de bijen stak hem in zijn hand, zodat hij de pot in stukken liet vallen. Toen zagen ze daar het witte doodshoofd en ze wisten nu dat de dode in bed een moordenaar was. En de bijenkoningin gonsde in de lucht en zong van de wraak van de bloemen en van de rozenelf, en dat achter het kleinste blaadje iemand kan wonen die kan vertellen en het kwaad wreken!
Drie heren zitten aan de bar, zegt de de linker "ik ben een hetero, ik doe het met vrouwen". Oh dat is niets zegt de rechter man "ik ben een homo, ik doe het met mannen". De middelste man kan niet achter blijven en moet ook ze`n sexuele voorkeur bekennen, "ik ben een hubo, ik doe het zelf".
Een wanhopig vrouwtje heeft steeds last van rare gevoelens in haar buik en gaat naar de dokter. De dokter neemt een röntgenfoto en zegt tegen het vrouwtje: "Ach mevrouw, zo erg is het allemaal niet. Er zit namelijk een vliegje in uw buik. Waarschijnlijk tijdens het vrijen binnengeraakt maar dat is niet zo erg. Ik geef u enkele pillen en dan moet het vliegje binnen de twee dagen weg zijn." Na een paar dagen staat het vrouwtje weer bij de dokter met dezelfde klachten. "Dokter, dat vliegje zit er nog steeds. Ik denk dat die medicatie niet heeft geholpen!", klaagt ze vervelend. De dokter maakt weer een foto en moet inderdaad bekennen dat het vliegje er nog steeds zit. "Nu," zegt hij, "ik heb ook nog een tweede methode: ze is misschien wat verouderd maar nog steeds doeltreffend. Je moet aan je man vragen of hij wat jam op zijn penis wil strijken. Hij gaat dan traag in en uit bij u en hij moet kijken of het vliegje niet op de jam gaat zitten. Hij moet het wel traag doen!" Zo gezegd, zo gedaan. Na enkele dagen staat het vrouwtje weer bij de dokter, nog wanhopiger. "Dokter, dat vliegje wil er maar niet uitkomen. Het zit er nog steeds!" Waarop de dokter vraagt: "Heeft uw man wel de goede methode gebruikt?" "Ik denk het wel," antwoordt het vrouwtje. "Misschien vind je het wat vervelend," zegt de dokter, "maar mag ik het zelf misschien ook eens proberen, tenslotte ken ik de methode uitstekend?" Het vrouwtje laat zich overhalen. Ze kleedt zich uit terwijl de dokter zijn penis instrijkt met jam. "Bent u er klaar voor?", vraagt de dokter. De dokter gaat bij het vrouwtje traag in ... en ... uit. Steeds traag in... en ...uit, in...en...uit,in..en..uit,in en uit,in-uit,in-uit,...De dokter versnelt steeds maar zijn tempo waarop het vrouwtje verontwaardigd vraagt: "Maar dokter, wat bent u aan het doen?" Waarop de dokter antwoordt: "Ik ben van methode veranderd, ik ga de vlieg doodschieten!"
Er komt een man bij de dokter en zegt: "Dokter, het sexleven met mijn vrouw is niet meer wat het geweest is. We zijn wel al 25 jaar getrouwd, maar ik zou zo graag weer een goed sexleven willen hebben". Zegt de dokter: Daar weet ik wel wat op, dan moet je je vrouw gewoon eens een ongelovelijke goede bef beurt geven. Dan komt het weer helemaal goed." De man gaat blij naar huis en denkt dat gaan we eens even regelen. s Avonds gaat hij de slaapkamer in en kruipt aan de achterkant het bed in, doet de benen wijd en begint me daar toch een potje te beffen. Na een kwartier, nog helemaal geen reactie. Ondertussen heeft hij een lamme tong gekregen en stapt uit het bed om wat te gaan drinken beneden. Komt ie beneden, ziet ie daar zijn vrouw staan. Hij zegt: "Hoe kom jij nou zo snel hier?" Zegt zij: "Wat bedoel je?" Hij: "Net lag je nog in ons bed." Zij: "Schat, ik had je toch gezegd dat wij vanavond op de logeerkamer zouden slapen, omdat mijn moeder kwam logeren!"
Een al wat oudere man had een afspraak met een uroloog die zijn kamer deelde met een aantal andere dokters. De wachtkamer zat vol met patiënten. Hij ging naar de receptioniste. De receptioniste was een grote imposante vrouw die er uitzag als een worstelaar. Hij gaf haar zijn naam. Met een luide stem zei de receptioniste: "Ja, ik zie uw naam hier, u wilt de dokter spreken in verband met impotentie is het niet?" Alle andere patiënten in de wachtkamer keerden hun hoofd naar de man die behoorlijk in verlegenheid gebracht was. Hij dacht snel na en met een even luide stem antwoordde hij: "Nee, ik ben gekomen voor informatie met betrekking tot de mogelijkheden van een transseksuele operatie en ik zou graag dezelfde dokter willen hebben die u ook geopereerd heeft!"
Wanneer Pa en Ma volop met de daad bezig zijn komt hun zoontje binnen en vraagt: "Pa, wat ben je aan het doen?" De vader antwoordt: "Ik ben je moeders tank aan het bijvullen". Waarop de jongen zegt: "Nou, dan kun je haar beter inruilen voor een zuiniger model, want dat heeft de buurman vanmorgen ook al gedaan".
George Bush was benieuwd of hij nog een beetje poplair was onder de amerikaanse jeugd en bezocht een school. Hij hield een korte toespraak en vroeg de kinderen of ze misschien vragen aan hem wilden stellen... Bob stak zijn hand op en zei: "Ik heb 3 vragen voor u." 1) Hoe heeft u de verkiezingen kunnen winnen, ook al had u minder stemmen? 2) Waarom wilt u Irak aanvallen zonder geldige regels? 3) Denkt u, net als ik, dat de bom op Hiroshima de grootste terroristische daad van de vorige eeuw is? Op dat moment gaat de bel en de kinderen rennen de klas uit. Na een kwartier zit ieder weer op zijn plek en Bush stelt de kinderen opnieuw voor om hem wat vragen te stellen. Nu steekt Joe zijn hand op en zegt: "Ik heb 5 vragen voor u." 1) Hoe heeft u de verkiezingen kunnen winnen, ook al had u minder stemmen? 2) Waarom wilt u Irak aanvallen zonder geldige regels? 3) Denkt u, net als ik, dat de bom op Hiroshima de grootste terroristische daad van de vorige eeuw is? 4) Waarom ging de bel 20 minuten te vroeg? 5) Waar is Bob?
opa, gaat nog een keer naar de hoeren in zijn zondagse pak. De lieve vrouw van lichte zeden kleedt opa ietwat erotisch uit en flikkert het pak naar buiten, waarop Opa schreeuwt...trut dat is mijn beste en duurste pak. De hoer antwoord direct: Zeg Opa voordat jij het hoogtepunt hebt bereikt is dat pak allang niet meer in de mode.
President Bush & Colin Powell zitten samen in een bar. De kastelein benadert hen en zegt "Wow", het is een eer jullie hier te mogen verwelkomen. Maar wat doen jullie hier eigenlijk ??? En Bush zegt. We zijn wereldoorlog III aan het voorbereiden.. We gaan 24 miljoen Irakezen uitroeien & 1 mooie blonde met grote borsten. De kastelein vraagt. Een mooie blonde met grote borsten??? Waarom een mooie blonde met grote borsten vermoorden ??? En Bush keert zich naar Powell, geeft hem een schouderklopje, lacht & zegt... Ziet ge wel, slimmerik, ik heb U toch gezegd dat niemand zich wat aantrekt van 24 miljoen Irakezen!
Bill Clinton, Bill Gates, Prins Bernhard en een student zitten met z'n drieën in een vliegtuig. Op een gegeven moment vallen allebei de motoren uit en begint het vliegtuig hoogte te verliezen. Er is echter één probleem: er zijn maar drie parachutes. Bill Clinton springt op en roept :" ik ben de machtigste man ter wereld dus ik moet het overleven!", hij pakt een parachute en springt uit het vliegtuig. Bill Gates pakt er ook één en zegt :" en ik ben de slimste dus ik pak er ook één", en ook hij verlaat het vliegtuig. Prins Bernhard en de student kijken elkaar aan, waarop Prins Bernhard zegt:" Jongen pak jij de laatste parachute maar, jij hebt nog een heel leven voor je, en ik heb al een mooi leven gehad". Waarop de student antwoord:" maakt u zich maar niet druk, want de slimste man ter wereld is net met mijn rugzak het vliegtuig uitgesprongen!".
Er loopt een man over de wallen en ziet daar allerlei mooie vrouwen acher de ramen zitten, maar die kosten 50 gulden. Nou denkt de man. Balen zeg. Ik heb geen 50 gulden. Teleurgesteld loopt hij verder en ziet daar een pijpmachine staan. Het kost 5 gulden. De man betaald en stopt zijn lul erin. Hij vindt het heel lekker en wil nog een keer en nog een keer, totdat hij nog maar 2,50 heeft. Hij denkt: "Nou voor 2,50 doet ie het ook wel" Dus hij betaald met een rijksdaalder en stopt zijn lul er weer in. Al snel trekt hij hem eruit en schreeuwt het uit. Zijn hele lul is aan flarden. Kwaad loopt hij het gebouw binnen waar het apparaat aan staat. Zit er een oud vrouwtje achter de balie. De man legt zijn lul op de balie en zegt:" Kijk wat dat apparaat met mijn lul heeft gedaan!" "Ja" zegt die vrouw " je denkt toch niet dat ik voor 2, 50 mijn kunstgebit uitdoe"
Er was eens een keer een meisje en die heette Maraposa. Die besloot om lekker te gaan wandelen, maar het ging keihard regenen. Toen zei ze: "Oh nee! Nu kan ik niet meer wandelen." Toen de regen klaar was, toen ging ze helemaal naar een mooi landje. Maar het was heel ver, dus was ze moe.
Toen zag ze een konijn die kon vliegen. Die konijn zei: "Er is een klein sterretje, als jij de goede uitkiest dan zal jij heel mooi worden." Ze koos de kleine ster. Toen werd het een bloem en die bloem die toverde haar mooie vlinders. En die vlinders ging rondjes om Maraposa maken. En toen de vlinders klaar waren toen was Maraposa helemaal mooi.
Toen moest ze even weg naar school. Maar om naar school te kunnen, deed ze haar vleugels even af. Toen ging ze naar school. Op school zag ze een nieuw vriendje. Ze wouden graag trouwen. Het duurde wel lang voordat ze groot waren. Eindelijk waren ze groot. Toen gingen ze naar de winkel, ze zeiden: "Heb je kleding voor bruiloften?" Ze zei: "Ja hier zijn ze." Ze had 1 jurk. De ander had een mannenpak. Ze waren klaar. De mevrouw zei: "Er zit geen spiegel in het pashokje." De meneer zei: "Maar dan kan ik ook niet kijken hoe ik eruit zie." "Daar voor uw neus staat een spiegel." Hij keek in de spiegel en hij zei: "Wat stom." Toen zei de mevrouw: "Zal ik een ander pak voor u uitzoeken?" Hij zei: "Ja hoor anders lacht iedereen me straks uit." Toen had hij een nieuw pak. "Deze vind ik wel mooi." "Kijkt u maar even in de spiegel. Hij is zo mooi." Ze lopen naar buiten met hun kleding aan. Hij gluurt zachtjes in haar oor. Hij gluurt van "Ik ben blij dat we nu gaan trouwen, en fijn dat jij mijn vrouw bent. Wat zullen we plezier hebben."
Toen waren ze bij de bruiloft. Ze loepen in de gang. Toen waren ze bij de meneer. Alleen het jongentjes was bij de meneer. Toen ging de muziek al aan en de meisje loopt zo naar de prins, met de muziek aan. De meneer zei: "Maraposa, wil jij je liefje als echtgenoot?" Ze zeiden allebei: "Ja." De meneer zei: "Dan nu de ringen." Het jongentje gaf het meisje de ringen. En het meisje gaf het jongentje weer een ring. En ze zei dan: "Nu de kus." Ze kuste de hele dag, tot ze niet meer konden. Fijne trouwdag.
Een jongen en een meisje van het platteland liggen naast elkaar langs de dijk. Klimt er opeens een stier bovenop een koe. Zegt die jongen tegen dat meisje: "Zal ik dat ook eens doen?" Zegt het meisje: "Wat kan mij het schelen? Het zijn mijn koeien niet."
De dubbelgangers van Saddam worden bijeengeroepen na een aanslag op de echte Saddam. De persvoorlichter deelt mede: "Heren ik heb een goed bericht en een slecht bericht voor u. Het goede bericht is; Saddam leeft nog. Het slechte bericht is; hij mist een arm...
Twee homos gaan voor het eerst samen op vakantie naar het platteland. Tijdens een wandeling langs de velden is de boer bezig zijn land aan t bemesten. Zegt de ene homo tegen de andere: "Ruik jij dat ook?", "Ja", zegt de andere "Love is in the air".
Clinton roept alle belangrijke mensen over de hele wereld bij elkaar. Hij moet namelijk iets belangrijks laten zien. Een week later... Iedereen zit aan de grote ronde tafel en is benieuwd wat ze te zien gaan krijgen. Opeens gaan de deuren van de zaal open. 4 mannen komen met een kist binnen en leggen het op tafel. Vervolgens maakt Clinton de kist open en zegt, -zie hier, het skelet van Adolf Hitler-. Iedereen begint luid te applaudisseren, behalve de Belgische koning. Hij is een beetje jaloers. Altijd zijn het de Amerikanen die belangrijke vondsten doen, en nooit wij. Een maand verstrijkt.... Nu roept de Belgische koning iedereen bij elkaar. Een week later... Iedereen zit nu aan de grote tafel van de Belgische koning. Hij wil de mensen iets belangrijks laten zien. De deuren van de zaal gaan open, en er komt een man met een kistje binnen. Hij legt het kistje op tafel en de koning maakt het open... het was een skeletje... De koning: " Zie hier het skelet van Hitler toen hij nog een kindje was ".
er waren eens een kat en een hond. die natuurlijk elkaars grootste vijand waaren. ze deden nooit eens een keer lief of zo tegen elkaar. altijd vechten. maar toen de kat jonge katjes kreeg. waaaren de hond ende kat heel erg lief tegen elkaar. even later kreeg al snel ook de hond jonge hondjes. ze deden nooit meer stout tegen elkaar. en iederen hond vroeg aan de hond: waarom loop jij met die kat. jij hoort hem te buiten en achter hem aan te rennen. en dan zij de hond terug: ten eerste: die kat daar is geen hij maar een zij ten tweede ze is heel erg aardig en ten derde het is wel mijn aller aller aller beste vriendin en geen hond zelfs jij niet kan dat veranderen. ende katten vroegen dan natuurlijk: waarom loop jij met die hond jij hoort hemte krabben en weg te rennen. en dan zij de kat hetzelfde als de hond. ze waaren de beste vriendinnetjes. en al snel groeide de jonge hondjes en katje op. en die werden ook de beste vriendjes en vriendinetjes. maar de anderen honden en katten vonden het maar niets. dus ging de kat naar de katten en zij: je moet het proberen ze kunnen super lief zijn hoor. en de hond ging naar de honden en zij ... proobeer het maar jongens zijden de kat en hond in koor. en een paar weekjes later waaren alle honden en katten vriendjes. end van demi tijssens.
toen beer op een morgen een wandeling maake, zag hij bij het meer drie eieren liggen hij keek om zich heen er was niemand te zien hallooo riep hij luid van wie zijn die eieren hij wachte en wachtte er kwam geen antwoord ik laat jullie hier niet alleen zei beer voorzichtig raapte hij de eieren op. onderweg naar huis kwam hij egel tegen ha die beer wat heb je daar bij je trots liet beer hem de eieren zien die heb ik gevonden ik ga op ze passen egel schudde zijn kop dat wordt niks zei hij daar heb je toch echt een nest voor nodig goed dan bouw ik dat even zei beer hij legde de ieren in zijn hol plukte wat gras en maakte een nest een nest alleen is niet genoeg je moet er ook op gaan zitten zei egel zal ik je voordoen hoe het moet neeee riep beer jij prikt te veel ik ben zacht en warm precies zoals het hoort egel zuchte ik ga naar huis voorzichtig ging beer op het nest liggen al snel viel hij in slaap hij werd wakker toen er iets in zijn buik prikte verschrikt sprong hij op drie kleine kuikentjes keken hem aan ze piepenten zachtjes egel brulde beer egel kwam meteen aangerend tja zei hij kalmpjes dat komt er nou van wat moet ik doen vroeg beer wanhopig gewoon ze beschermen en voor ze zorgen voor ze zorgen? ik? maar hoe dan?! eten geven, leren zwemmen, ging egel verder ,zwemmen? ja maar ... egel , kan jij dat niet doen nee hoor riep egel ik moet naar huis ik heb het veel te druk! beer keek naar de kuikens ze staarden hem hoopvol aan hij dacht diep na en vroeg willen jullie wat honing of een paar bramen misschien de kuikentjes zeiden niets wat nou? dacht beer ze willen niet eten wat zei egel liep nog meer oja leren zwemmen op een drafje liep hij naar het meer en met een grote sprong was hij in het water de kuikentjes bleven luid piepend op de kant staan. egel! brulde beer ze willen niet zwemmen egel kwam meteen aangerend je doet veel te wild daar schrikken ze van neem ze maar liever op je rug goed goed bromde beer voorzichtig zwom hij het meer op een voor een plonsden de kuikens in het water ze bleven dicht naarst hem peddelen ha lachte beer trots dat hebben ze van mij geleerd mooi hoor zei egel nu moet je ze wat te eten geven beer klom op een steen en keek strak in het water zijn poot schoot uit en ... hij had een vis te pakken vlug zwommen de kuikentjes weg ze hebben geen honger zei beer teleurgesteld egel moest lachen die vis is ook veel te groot steek je kop maar eens in het water dan zul je wel zien wat er gebeurd! beer haalde diep adem en dook de kuikentjes deden hem na hun snaveltjes gingen snel open en dicht.. en jah hoor ze aten! beer was diep onder de indruk dag in dag uit zorgde beer voor zijn kuikens s'ochtend maakten ze hem wakker en s' avonds bracht hij ze naar bed hij speelde met ze beschermde ze maar op een dag kwamen ze voor hem staan ze klapperden met hun vleugels egel riep beer daar kwam egel al aan weet jij waarom ze dat doen vroeg beer ze willen dat jij ze leert vliegen dat doen jonge ganzen eenmaal beer schudde zijn kop dat kan ik evht niet egel wreefde langs zijn neus ach dat lukt best we gaan het gewoon proberen hij nam beer mee naar een hoge heuvel nu moet je hier naar beneden rennen en flink met je voorpoten wapperen beer rende wild zwaaiend met zijn poten de gansjes hobbelden achter hem aan vlieg nou toch eens hijgde beer maar hoe hard hij ook rende het lukte niet wat nu ze dachten allebei heel diep na en opeens bromde beer ik weet iets beer nam de drie gansjes in zijn armen en klom in een hogen boom hij kneep zijn ogen stijf dicht telde tot drie en sprong egel hield zijn adem in met een geweldige plons kwam beer in het water terecht de gansjes schrokken ze fladderden wild... en ze vlogen luid snaterend maakten ze een grote boog in de lucht. egel sloeg beer op zijn schouder ik ben trots op je! dat hebben ze allemaal van jouw geleerd beer liet zich in het gras vallen dat noot meer mompelde hij nooit meer naast hem ritselde iets een stemmetje eiepte zo nu zijn wij aan de beurt
Kom de ene lul de andere lul tegen en vraagt: "Kom we gaan naar de bioscoop." Waarop de ene lul zegt: "Als het maar geen pornofilm is." Zegt de andere lul: "Hoezo niet?" Waarop de ene lul antwoord: "Dan zal ik de hele dag moeten blijven staan."
In een nieuwe woonwijk komen twee nieuwe buren naast elkaar te wonen. De ene is nogal lui. Op een dag ziet hij zijn buurman de tuin op meten en aangezien hij ook nog zijn tuin moet aanleggen gaat hij naar zijn buurman en vraagt hoe groot deze is. De buurman zegt 45 vierkante meter. Hij besteld stenen en laat een stratenmaker zijn tuin aanleggen. Tot grote verbazing houden ze 15 meter over. Pissig loopt hij naar zijn buurman en zegt dat hij 15 meter over heeft. Klopt, zegt de buurman, ik ook!!!
er was een dag dat jefke ging solliciteren. om binnen te raken moest hij veel relaties hebben. "geen probleem" zei hij. "ik ken de koning van belgie." die man dan: "bewijs het." zogezegd zo gedaan. die twee naar de koning. jefke belt aan en zegt:" eej koning, tis hier met jefke hé". "ah jefke, hoe gaat het? kom binnen dan drinken we een kopje koffie." die gasten gaan binnen en na de koffie gaan ze weer weg. "de koning alleen is niet genoeg" zegt die vent."o, maar ik ken ook nog bush." "bewijs het". die 2 mannen dus weer naar amerika, waar jefke aanbelt aan het witte huis."hallo bush, het is hier met jefke". "ah jefke. hoe gaat het ermee? kom binnen en drink een pintje". die twee mannen naar binnen en na het pintje komen ze terug buiten. "wie ken je nog allemaal?" vraagt die vent." ik ken ook nog de paus". die twee dus naar de paus. zegt jefke:" hier moet je wel buiten blijven staan. het is een heiligdom. ik kom zo meteen met de paus op het balkon". zo gezegd zo gedaan. jefke komt met de paus op het balkon en gaat dan terug naar beneden. daar vind hij die gast op de grond. hij is flauwgevallen. na een minuut of 5 komt hij weer bij. "waarom viel je flauw? omdat ik de paus ken?". "nee, toen je op het balkon verscheen kwam er een chinees naar mij en vroeg:"wie is de kerel met zijn wit petje naast jefke??""
Bert kan niet slapen en maakt Ernie wakker. "Ernie, ik kan niet slapen... Ernie zegt:"Drink dan een glas water!" Bert staat op en gaat een glas water drinken.Bert kruipt daarna terug in zijn bed en slaapt 10 min..Dan wordt hij weer wakker en maakt Ernie wakker.Hij zegt:" Ernie, ik nog altijd niet slapen...Ernie antwoordt:"Tel dan schaapjes!"Ok" zegt Bert."1 Schaapje over het hekje, 2 schaapjes over het hekje, 3 bots bats aaaaaaaaah dat moetpijn doen"roept Ernie ineens heel luid."Wwwat is er Bert?"Stamelt Ernie."Het schaapje sprong niet over het hekje!!!"
Een vertegenwoordiger in voorbehoedsmiddelen belt aan bij een boerderij en de boerin doet open. De man begint een verhaal over z'n handel, maar al snel valt de boerin hem in de rede en zegt "dat hebben wij niet nodig, wij gebruiken een emmer". Een emmer?, vraagt de vertegenwoordiger die dit totaal niet begreep. Ja legt de boerin uit, m'n man is nogal klein en als we sex hebben staat hij altijd op een emmer en als z'n oogjes nou beginnen te glimmen schop ik de emmer onder hem vandaan.
BIG, britney spears en shaggy zitte in de kamer. er laat op eens iemand een scheet. zegt BIG: what te hell is going on? zegt shaggy: it wasn't me. zegt britney: oops I did it again!
Er waren eens twee zusters, Lucida en Troccola, die ieder een dochter hadden, Marziella en Puccia. Marziella was even schoon van uiterlijk als van inborst; en daar tegenover waren het hart en gezicht van Puccia in alle opzichten een ware kanker en pest, en wat dit betreft leek zij op haar ouders, want Troccola was een heks van binnen en van buiten.
Op zekere dag gebeurde het, dat zij, toen Lucida wat peentjes moest koken, om ze op te dienen met groene saus, tegen haar dochter zei: "Marziella, lief kind, wil je even naar de bron gaan en een kruik water halen?"
"Graag, moederlief," antwoordde de dochter, "maar als je veel van me houdt, geef me dan een koek, want die wil ik graag met dat frisse water opeten!"
"Best," zei de moeder, en zij nam een lekkere koek uit een mand, die aan een haak hing (want de vorige dag had ze ze juist gebakken) en gaf hem aan Marziella. En deze zette de kruik op een draagkussentje op het hoofd en liep naar de bron, die gelijk aan een kwakzalver op de markt op een marmeren toonbank bij de muziek van vallend water geheime middeltjes verkocht om de dorst te verdrijven.
Terwijl zij de kruik vulde, kwam er een oude vrouw, die op het toneel van een grote bochel de tragedie van de tijd vertoonde. En toen deze de lekkere koek zag, die Marziella in de hand hield en waar zij juist de tanden in wilde zetten, sprak ze tegen haar: "Schoon meisje, de hemel moge jou veel geluk zenden, toe, geef mij dan een stukje van je koek?"
En Marziella, die een koninklijke inborst had, antwoordde dadelijk: "Hier heb je alles, best vrouwtje; het spijt me, dat het niet een amandelkoek met suiker is, want die zou ik je ook van ganser harte geven!"
De oude vrouw, die Marziella's goedhartigheid nu op de proef gesteld had, sprak: "Moge de hemel je steeds begunstigen om je lieve daad tegenover mij, en ik bid alle sterren, dat jij altijd gelukkig en tevreden zal zijn; dat uit je mond rozen en jasmijnen komen, wanneer je ademt; dat steeds parels en granaatjes van je hoofd vallen als jij je kamt en dat, wanneer jij je voet op de aarde zet, er lelies en violen uit mogen opschieten!"
Het meisje bedankte haar en keerde naar huis terug, waar zij, nadat de moeder gekookt had, voldeden aan wat men van nature tegenover het lichaam verschuldigd is.
Toen de volgende morgen de zon op de markt van de hemelvelden de koopwaar van licht uitstalde, welke zij uit het oosten meegebracht had, bemerkte Marziella, hoe haar bij het opmaken van de haren een regen van parels en granaatjes in de schoot viel. Vol vreugde riep zij haar moeder en verzamelde de juwelen in een mand; en Lucida begaf zich vervolgens naar een goudsmid, een vriend van haar, om er een flink gedeelte van te verkopen.
Intussen kwam Troccola heel toevallig haar zuster opzoeken en toen zij Marziella druk in de weer met die parels vond, vroeg zij, hoe en wanneer en waar zij ze gekregen had. Het meisje kon nooit iets vertroebelen en had misschien ook nooit geleerd, wat men pleegt te noemen: "Niet doen, wat je kunt doen, niet eten, wat je wilt, niet uitgeven wat je hebt en niet zeggen wat je weet." Zo kwam het, dat zij het gehele geval ronduit aan haar tante vertelde.
Zij was nog niet uitgesproken, of de tante holde naar huis, zonder nog op haar zuster te wachten, wat volgens haar wel duizend jaar duren kon, en zij gaf gauw haar dochter een koekje en stuurde haar naar de bron.
Puccia vond er hetzelfde oudje, maar toen dit haar een stukje van haar koek vroeg, antwoordde zij: "Ik zou wel wat anders, dan jou het koekje geven! Hoe haal je het in je hoofd, om mij te vragen, wat van mij is? Het hemd is nader dan de rok, weet je ook?"
Bij deze woorden schrokte zij in vier happen de koek naar binnen en wekte de begeerte bij het oudje op, dat, toen ze het laatste hapje zag verdwijnen en daarmee tegelijk haar hoop, heel kwaad zei: "Als jij adem haalt moge je schuim uitgooien, zoals het lastdier van een dokter. En wanneer jij je haren kamt, mogen de luizen bij hopen van je hoofd vallen, en dat er overal, waar jij je voeten zet, varens en kroontjeskruid mogen opgroeien, dat wens ik jou toe!"
Toen de moeder Puccia zag terugkomen met het water, talmde zij niet om haar te kammen. Zij spreidde een schone handdoek op haar schoot uit en liet haar dochter het hoofd er over buigen. En zo gauw ze er met de kam door ging, zie, daar vielen er een stroom van diertjes uit van het soort, dat door kwik tegen te gaan is. Het is niet te vertellen, hoe de moeder er toen aan toe was, die bij de sneeuw van de jaloezie het vuur van de verontwaardiging voegde en vlammen schoot en giftige damp uit neus en mond.
Enige tijd later, toen Ciommo, Marziella's broer zich aan het hof van de koning van Chiunzo bevond, werd er eens van gedachten gewisseld over de schoonheid van verscheidene vrouwen en toen kwam hij ongevraagd tussenbeide met de bewering, dat al die schoonheden hun gebeente gerust op de vuilnisbelt konden gaan werpen, als zijn zuster op de proppen kwam, die, behalve dat zij schoon naar lichaam was, een schone ziel vertoonde gelijk aan de schoonste Gregoriaanse zang, en in haar haren, mond en voeten buitengewone deugden bezat, welke een goede fee haar geschonken had.
Toen de koning deze grootspraak hoorde, beval hij Ciommo, haar te laten komen, omdat hij haar tot vrouw zou nemen, als hij haar zo vond, als die haar geroemd had. Dit leek Ciommo niet een gelegenheid om voorbij te laten gaan en hij stuurde een speciale koerier naar zijn moeder, om haar over het feit in te lichten en haar te verzoeken, dadelijk met haar dochter te komen, om haar dit gelukje niet te laten ontglippen. Lucida, die zich niet lekker voelde, vroeg aan haar zuster, zonder te beseffen, dat zij het schaap bij de wolf aanbeval, Marziella te vergezellen naar het hof van Chiunzo voor genoemde aangelegenheid.
En Troccola, die zag, dat het zaakje verliep volgens haar zin, beloofde, het meisje gezond en wel naar haar broer te zullen brengen. Zij ging dus in een schip, met Marziella en Puccia bij zich; maar toen ze midden op zee gekomen waren, nam zij het ogenblik, waarop de matrozen sliepen, waar en duwde Marziella het water in. En reeds was de ongelukkige op het punt te verdrinken, toen een beeldschone zeemeermin haar in de armen nam en met zich mede droeg.
Toen Troccola in Chiunzo aangekomen was en Ciommo Puccia ontving alsof zij Marziella was, daar hij zich wegens de lange scheiding niet meer herinnerde, hoe zij er precies uitzag, geleidde hij haar dadelijk voor de koning. En deze liet haar de haren opmaken en zag er de diertjes uit regenen, die als doodsvijanden van de waarheid steeds de getuigen beledigen, en hij keek haar in het gezicht, waarbij hij opmerkte, dat zij hijgend van het harde lopen schuim aan de mond gekregen had, zodat zij een lakenvollerij leek; en toen hij zijn blikken naar de grond sloeg, begon zijn maag te draaien, zo naar werd hij van haar.
Verontwaardigd joeg hij onmiddellijk Puccia met haar moeder weg en strafte Ciommo door hem de ganzen van het hof te laten hoeden. Ciommo was wanhopig om dit geval en wist er de reden niet van te verzinnen. Hij leidde de ganzen over de velden, liet ze dwalen naar hun zin langs de zee en trok zich zelf terug in een hooischuur, waar hij tot de avond, wanneer het tijd wordt zich te slapen te leggen, zijn lot beweende. Maar voor de ganzen, die langs de zee liepen, dook Marziella uit het water op en zij voerde ze met koninklijk gebak en drenkte ze met rozenwater, tot ze tenslotte zo vet werden dat ze de ogen haast niet konden open doen. En 's avonds drongen ze door tot een tuintje, waar een venster van de koning op uitzag, en begonnen te kwaken:
"Pire, pire, pire! De zon is schoon, schoon is de maan, edoch, wie voor ons zorgt, is schoner nog!"
De koning hoorde iedere avond deze ganzenmuziek en liet Ciommo halen, om te weten, waar en hoe en waarmee hij zijn ganzen weidde; en Ciommo antwoordde: "Ik geef hun niet anders te eten dan het malse gras van de weiden!" Doch de koning, die zich niet door dit antwoord liet overtuigen, stuurde heimelijk een betrouwbare knecht achter hem aan, om op te letten, waar hij de ganzen naar toe bracht. De knecht, die zijn sporen volgde, zag hem de hooischuur binnengaan en de ganzen alleen laten; die zich naar de kust wendden en bij zee kwamen, waar Marziella uit opdook zo schoon, dat Venus niet schoner uit de golven was kunnen oprijzen.
De knecht van de koning was buitengewoon verbaasd en holde naar zijn heer, om hem te vertellen, welk schoon schouwspel hij op het toneel bij de zee meegemaakt had. En dit wekte de nieuwsgierigheid bij de koning op en bewoog hem, persoonlijk er heen te gaan om het te aanschouwen. En 's morgens, toen de haan, de leider van de vogels, hen allen opwekte, om de levende wezens tegen de nacht onder de wapenen te roepen en Ciommo met de ganzen naar de gebruikelijke plek gegaan was, liep de koning hem na, zonder hem een ogenblik uit het oog te verliezen.
Ciommo bleef in de schuur en de ganzen begaven zich naar de zee, en de koning zag Marziella tevoorschijn komen, die de ganzen een mandje vol taartjes te eten en een keteltje vol rozenwater te drinken gaf en daarna op een steen ging zitten om zich de haren te kammen, waaruit bij handen tegelijk parels en granaatjes vielen, en ondertussen vlood haar uit de mond een geur van bloemen en onder haar voeten kwam een Perzisch tapijt van lelies en violen gespreid. De koning riep Ciommo en vroeg hem, of hij dat schone meisje kende; en Ciommo herkende haar en ging haar gauw in zijn armen sluiten en in tegenwoordigheid van de koning hoorde hij van het verraad, haar door Troccola aangedaan en hoe de jaloezie van dit lelijke wijf dat schone liefdesvuur er toe gebracht had, in het water van de zee te wonen.
Het is niet te vertellen, hoe de koning zich vermeide in het vooruitzicht, ooit nog eens zo'n juweel te mogen verkrijgen. Hij wendde zich tot haar broer en zei hem, dat hij groot gelijk, haar zo geprezen te hebben en dat hij twee derde en nog meer vond van wat hij beschreven had; daarom achtte hij haar meer dan waardig, zijn vrouw te worden, als zij er zich mee vergenoegen wilde, de scepter van zijn rijk te aanvaarden!
"O, als de zon dat wilde," antwoordde Marziella, "en als ik u dan zou mogen dienen als slavin van uw kroon! Maar ziet u niet deze gouden ketting, die mij de voet bindt en waarmee de tovenares mij gevangen houdt en mij, wanneer ik teveel lucht schep en mij te lang aan het strand ophoud, binnen de vergulde slavernij trekt, vastgeklonken met goud?"
"Welk middel zou er bestaan," informeerde de koning, "om u uit de klauwen van die zeemeermin te halen?"
"Het middel zou wezen" antwoordde Marziella, "met een onhoorbare vijl deze ketting door te zagen, om mij dan uit de voeten te maken!"
"Wacht morgenochtend op mij," antwoordde de koning, "dan zal ik terugkomen met het werktuig bij me en zal ik u naar mijn huis brengen, waar u mijn dierbaarste oog, mijn hartendief en de hoogste vreugde van mijn ziel zult zijn!"
En na elkaar een handgeld op hun liefde gegeven te hebben, door elkaars handen te raken, verdween zij in het water en hij in het vuur, en wel naar een dusdanig vuur, dat het hem de ganse dag geen moment van rust gaf. En toen de Moorse slavin van de nacht weer dansen ging met de sterren, deed hij geen oog dicht en ging met de kaken van het geheugen de schoonheden van Marziella herkauwen. Met zijn gedachten toefde hij bij de wonderschone haren, de bekoorlijkheden van haar mond en haar verbluffend sierlijk gevormd voetje. En wanneer hij het goud van haar bevalligheid aan de toetssteen van het oordeel raakte, bevond hij ze 24 karaats. Hij verwenste de nacht, omdat deze zo talmde met uit te rusten van het borduren, dat hij met sterretjes doet, en schold de zon uit, dat ze niet snel komen wilde met haar lading licht, om zijn huis te verrijken met het zo vurig verlangde geluk, met de bedoeling naar zijn kamer te brengen een goudmijn, die parels gaf, een parelschelp, die bloemen schonk.
Maar onderwijl hij in een zee van verlangens zwom in gedachten aan haar, die in de zee verbleef, daar effenden de pioniers van de zon de weg, waarlangs ze moest trekken met haar leger van stralen; en de koning kleedde zich aan en begaf zich in gezelschap van Ciommo naar het strand. En toen Marziella uit de golven opgestegen was, zaagde hij eigenhandig met een vijl, die hij meegebracht had, de ketting van de voet van de beminde persoonlijkheid door, hoewel hij door diezelfde handeling een andere, sterkere aan zijn hart klonk. En hij nam haar, die zijn hart bereed, achter zich te paard en draafde naar het koninklijk paleis, waar Marziella op bevel van de koning alle schone vrouwen uit het hele land aantrof, die haar ontvingen en eerden als hun gebiedster.
Toen de koning haar huwde werd bij het grandioze feest, dat volgde, onder de vele teertonnen die men ter illuminatie aanstak, ook als klein tonnetje gevoegd de persoon van Troccola, opdat deze boeten zou voor al het bedrog, dat zij tegen Marziella bedreven had.
Lucida werd geroepen en leefde verder als een dame, samen met Ciommo. Doch Puccia werd uit het rijk verjaagd en moest verder gaan bedelen. Zij had geen stukje van haar koek willen weggeven en daardoor leed zij voor altijd gebrek. Want, wie geen erbarmen met anderen heeft, ondervindt zelf ook geen erbarmen.
God de vader nodigt Clinton,Jeltsin en Bill Gates uit voor een vergadering. Kijk zegt God, jullie zijn de 3 belangrijkste personen op de aarde, ik heb jullie bij mij geroepen om mijn boodschap aan de mensen te verkondigen: morgen vernietig ik de aarde. Jeltsin tot het parlement: ik heb slecht nieuws 1ste: God bestaat echt 2de: Morgen vernietigt Hij de aarde Clinton tot het congres: Ik heb goed en slecht nieuws: Het goede is: God bestaat echt en het slechte: morgen vernietigt hij de aarde Gates tot het microsoft personeel: Ik heb verschrikkelijk goed nieuws: 1ste: Ik ben een van de 3 belangrijkste mensen op aarde 2de: het jaar 2000 computer probleem is opgelost
De nieuwe Paus Benedictus XVI is tegen het gebruik van condooms en heeft bij de keuze van zijn naam al een nieuw Voorbehoedsmiddel uitgevonden. Wie niet in verwachting wil raken houdt beter de Bene-dicht-dus !