Luc Verbeke : Recente politieke en andere actualiteiten - Vlaamse Beweging - Frans-Vlaanderen - 150 eigen gedichten ( 1944 tot nu )
14-03-2011
Kathleen Cools : ' In de wereld van Herman Van Rompuy '
We hebben het boek van Kathleen Cools ' In de wereld van Herman Van Rompuy ' met veel belangstelling doorgenomen. Het omvat negen hoofdstukken.
Het eerste hoofdstuk handelt over Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Van Rompuy blikt even terug op de geschiedenis van ons land. België bestaat al 180 jaar en de democratie 90 jaar, waarmee de dominantie van de Franse taalgroep werd afgebroken. Ons land leefde 100 jaar met miskenning van de Vlaamse identiteit. Daarop volgde Vlaamse ontvoogdingsstrijd. Maar vanaf de invoering van het enkelvoudig algemeen stemrecht groeien de gemeenschappen weer uit elkaar. De eentaligheid van de taalgebieden van de jaren 1930 was het gevolg van de Franstalige dominantie. Een cruciaal moment in de naoorlogse periode was het uiteenvallen van de unitaire partijen in 1968 na Leuven Vlaams. We werden zo de enige federale staat ter wereld met uitsluitend regionale partijen. In 1993 werden ook de rechtstreeks verkozen regionale partijen opgericht en in 1995 voor het eerst verkozen. Nu komen communautaire akkoorden zeer moeilijk tot stand. De eerste staatshervorming kwam er na bijna twee jaar onderhandelen in 1970, de tweede in 1980 na drie jaar. De grote doorbraak naar meer bevoegdheden werd gedurende drie maanden intensief onderhandeld tijdens een regeringsformatie. Telkens was de politieke wil om eruit te geraken. Toen in 1988 werd gestart met nieuwe onderhandelingen was die wil er, terwijl die er nu niet is of toch onvoldoende, denkt Van Rompuy. Het grote probleem voor België is de ongelijke economische ontwikkeling tussen Noord en Zuid: een verschil van 30% in bbp per hoofd. De Walen zijn te lang vastgeroest geweest in verouderde structuren en denkbeelden en Brussel kent een hoge werkloosheid. Splitsen is geen optie. De meeste Vlamingen willen een akkoord.
Voor elk hoofdstuk geeft Kathleen Cools de inleiding en bij het afsluiten ervan een nabeschouwing.
Het tweede hoofdstuk is meer filosofisch en handelt over ' Geluk en Onbehagen' Een zoektocht naar het geheim van het geluk. Kathleen Cools wil vernemen van Herman Van Rompuy, hoe hij gelukkig zijn ziet, wat hem al overkomen is en wat hij in de toekomst ziet. VR zegt dat voor velen het diepste streven van een mens is de zoektocht naar geluk. Volgens hem kan dat geen roes of extase zijn maar ' tevredenheid, waarbij men geleerd heeft in evenwicht te zijn met zichzelf, anderen en de wereld ' Een haalbaarder maar toch moeilijk ideaal. Het oerinstinct van alle levende wezens is leven en overleven. Zichzelf van het leven beroven is ' onnatuurlijk ' maar aan het einde van de rit staat toch de dood ons te wachten. We zijn allen ' ter dood veroordeelden '. Maar we moeten het onvermijdelijke in de beleving van het leven inbouwen. Een soort evenwicht vinden tussen de liefde voor het leven en de limieten van ons bestaan. Dat leidt tot tevredenheid, een innerlijke vrede, een sereniteit, die de mens toelaat naar anderen toe te gaan, risico's te nemen en hem sterk maakt om tegenslagen op te vangen. Omdat de dood onvermijdelijk is en het geluk onbereikbaar zegden godsdiensten dat het geluk niet van deze wereld is maar gezocht moet worden in het hiernamaals, waar onrecht en ongeluk zullen worden hersteld. De hemel is de harmonie. In de christelijke traditie moet die hemel echter op de aarde verdiend worden door de liefde tot God en de naaste. De moderne mens, die niet of minder in het hiernamaals gelooft blijft dan steken in het genieten van het leven of in het krampachtig zoeken naar geld, macht en succes. De rivaliteit, jaloersheid, concurrentie, na-ijver putten hem echter uit en maken hem ongelukkig. Ook de bestendige genieter wacht vereenzaming want hij is niet gewapend tegen het ongeluk, dat onvermijdelijk is. In het leven moet de mens een doel hebben, hij heeft nood aan 'zingeving ' en die overtreft altijd het individu. Mensen moeten zich verbonden voelen met elkaar. ' Ontkoppelde ' mensen zijn doelloos en zonder hoop. Vandaar de 'onnatuurlijke ' zelfdodingen. De mensen hebben ook het transcendente nodig. Dat kan God zijn maar ook wat anders. Over zichzelf zegt Van Rompuy dat hij ook een lange weg heeft afgelegd langs meanders van twijfels en onzekerheden maar dat de sereniteit hem overkwam toen hij in acht dagen tijd zijn vader en zijn moeder zag sterven en nu alleen zijn weg moest gaan. Hun dood bezorgde hem een ' rustige vastheid ' , een kracht die hem toegelaten heeft veel te realiseren. Teslotte zegt hij: ' Wat kan me overkomen, tenzij wat onvermijdelijk is? ' Vrees voor de toekomst heeft hij weinig. Hoe ouder men wordt hoe meer men begaan is met het lot van anderen, in elk geval met wie en voor wie je leeft. Maar ik ben wel telkens benieuwd wat de dag van morgen brengt. Niets is voorspelbaar '
Kathleen Cools wijdt een uitgebreide nabeschouwing aan ' de gezonde gelatenheid en de benijdenswaardige sereniteit ' van Van Rompuy en maakt de bedenking dat voor haar de belangrijkste bron van geluk is haar geliefden, haar gezin gelukkig te zien. Het zou haar grootste ongeluk zijn mocht haar geliefde of haar kinderen iets overkomen. Ze beseft dat ze tot nog toe veel geluk heeft gehad ' Op het vlak van liefde, genegenheid, vriendschap, familie en gezin, maar ook op het vlak van gezondheid - mentaal en fysiek - en werk. Het hield me in balans en maakte me sterk. '
Het vierde hoofdstuk is weer zakelijker. Hier gaat het over ' Economie en rechtvaardigheid '
Kathleen Cools constateert de grote ongelijkheid in de wereld tussen arm en rijk. ' Ondanks de vele politieke instellingen en internationale geldstromen leiden miljoenen mensen een onwaardig leven.' Ze vraagt aan Van Rompuy hoe hij als een overtuigde christendemocraat zijn onvermogen ervaart. En of het nooit aan zijn geweten knaagt dat hij zoveel geld verdient. Hij zegt dat de christendemocratie ' de sociale markteconomie ' met succes heeft tot stand gebracht. Maar voortdurend moeten we corrigeren om de ongelijkheden weg te werken, bestaanszekerheid te scheppen, de vervuiling te bestrijden, het klimaat in stand te houden.' Nu leven we in ons land en in de wereld in een aanvaardbaarder, rechtvaardiger en vredevoller wereld dan ooit in de geschiedenis van de mensheid. ' Wat zijn eigen loopbaan betreft. Nooit heeft hij iets alleen maar om het geld gedaan. Hij heeft altijd een politieke functie laten afhangen van het geld. Hij kloeg ook nooit en vervulde alles met groeiend plichtsbesef. Hij is niet aangetrokken door titels, status, vrouwen, geld e.a. ' Ik woon nog steeds in hetzelfde huis als in 1984, toen ik directeur werd van het studiecentrum van de CVP. ' Voor mensen die niets voor zichzelf zoeken heeft hij de grootste bewondering. ' Goedheid is de echte schoonheid en alleen goedheid zal de wereld overwinnen. ' Blijft het welvaartspeil behouden voor onze kinderen? Er zal wel langer gewerkt moeten worden zoals dat vroeger ook kon. Wat hem bekommert is de groeiende vervuiling door de enorme wereldeconomie en de gevolgen daarvan op het klimaat.
Kathleen Cools komt nog even terug op de financiële wereld , op corruptie, op enorme vergoedingen voor managers en bedrijfsleiders, royale ontslagvergoedingen en dies meer terwijl de kloof tussen arm en rijk toeneemt. Zijzelf leeft comfortabel, zonder rijkdom na te streven maar probeert ervoor te zorgen dat haar kinderen het goed maken, door haar werk op radio en TV dat niet over-betaald is. Ze mogen niets te weinig hebben maar ook niet veel te veel.
Het volgende hoofdstuk handelt over ' Huwelijk en liefde. '
Kathleen Cools wil van Herman Van Rompuy vernemen wat voor hem het geheim is van een goed huwelijk en of er zoiets bestaat als échte liefde? En kan liefde alles overwinnen? Van Rompuy zegt dat een van zijn favoriete uitdrukkingen is dat mensen niet veranderen, maar wel verouderen. We zijn erg ' genetisch' bepaald en onze opvoeding in een gezin vormt ons verder tot wie we later zullen zijn. In de loop der jaren verandert degene die we liefhebben wezenlijk niet. Wel is het zo dat we de ander niet kenden zoals ze werkelijk was in de periode van verliefdheid. Zo zet de fysieke aantrekkingskracht ook het karakter op de achtergrond terwijl we later moetyen leven met iemands karakter. Tijden de verloving moeten de blinde ogen opengaan. We leren de ander beter kennen en eens samen ontdekken we dan de ander in al zijn facetten. Die ontdekkingstocht is eigenlijk nooit volledig af. Verliefdheid ondergaat men maar een relatie is een wilsdaad. Men vindt de poging om samen te leven de moeite waard. De liefde is natuurlijk anders dan de verliefdheid. Ze geeft meestal meer voldoening, vreugde en geluk. Maar het geluk is een gezamenlijk werk. Een mislukking is altijd mogelijk. De vijand van elke liefde is het egoïsme. De liefde versterkt door de aanwezigheid van kinderen. De ouders moeten hierbij heel wat vrijheid opgeven en dragen een enorme verantwoordelijkheid. Kinderen kunen gehandicapt zijn en voor de ouders valt dat heel zwaar, ook al houden de ouders zielsveel van een geestelijk of fysiek lijdend of gehandicapt kind. Mensen hebben samen een enorm vermogen van toewijding en liefde. Van Rompuy pleit ook hier weer voor stabiliteit, duurzaamheid, de ' rustige vastheid '. Over zichzelf zegt hij dat hij in de loop der jaren meer en meer werd aangetrokken door goedheid dan door schoonheid. Goede mensen ontroeren hem wellicht nog meer door het zien van zoveel ijdelheid en egotripperij in de politiek. Hij wil meer dan al het andere kiezen voor authenticiteit.
Kathleen Cools contateert dat zijn bespiegelingen uiteindelijk weer overgaan in beschouwingen over het politieke bedrijf, een wereld die zo haaks zou staan op de voedingsbodem voor de liefde, namelijk goedheid en schoonheid. En wat is dan die authenciteit? Kathleen Cools gaat ervan uit dat het alleen maar die ' rustige vastheid ' kan zijn, een wat mysterieuze bron van stabiliteit, niet alleen in de politiek maar ook in de liefde. Maar dat rustige vastheid zou kunnen worden toegepast op het gemiddelde liefdesleven, is heel wat minder vanzelfsprekend. Want liefde is een van de heftigste emoties die er zijn. Daarvoor haalt Kathleen Cools het boek Anna Karenina van Leo Tolstoj aan want er is geen boek dat beter de meeslepende en soms vergiftigende complexiteit van liefde en relaties beschrijft. Zij houdt ook stil bij het boek over de verschillende soorten van liefde en de kracht van emoties en gevoelens in het algemeen, van de Amerikaanse filosofe Martha Nussbaum. Titel van dit boek: ' Oplevingen van het denken. Over de menselijke emoties. ' Zij stelt dat de emotie liefde, zoals ook mededogen en verdriet, best aanvaard worden in hun échte vorm, dat wil zeggen in hun onvolledigheid, getekend door de verrassingen van het menselijke leven. Onze idealen zijn even onvolmaakt als wij, onvolmaakte zoekers.
Van Rompuy reageert nog om te zeggen dat hier het woord 'emotie ' minder past. Hij spreekt liever van affectie, die veel duurzamer is dan de vluchtige emotie. Tenslotte vermeldt hij een en ander uit het leven van zijn eigen familie: ' Mijn grootmoeder was gescheiden voor de oorlog. Mijn moeder heeft haar vader nooit ontmoet. Ik heb dus mijn grootvader nooit gekend. Het was geen trauma, zei ze ons, want haar grootvader voedde haar samen met haar moeder op. Er was een man in huis! Hij was een boswachter bij een adellijke dame in het Hageland.'
Het vijfde hoofdstuk handelt over ' De Belgische Politiek '
Volgens Kathleen Cools getuigde de grote politicus Winston Churchill van ' lef, humor, intelligentie en redenaarschap '. De roep om meer wijsheid in de politiek is van alle tijden maar de jongste jaren klinkt die in ons land héél luid. De meerderheid van de Belgen geeft aan het vertrouwen in de politiek en de politici te verliezen. Maar politiek is een zwaar bedrijf bij ons geworden met een bijna onmogelijke combinatie met een privéleven en een gezin. Kathleen Cools vraagt aan Herman VAn Rompuy of de Europese instellingen worstelen met dezelfde problemen en welke raad zou hij geven aan iemand die in de politiek wil stappen?
Van Rompuy moet niet meer door de kiezer, die altijd gelijk heeft, verkozen worden. Hij kan dus vrijer hierover spreken. Hij zegt vooreerst dat de politieke instabililiteit de weergave is van de onzekerheid en de wispelturigheid van de maatschappij. De samenleving is meer versnipperd en de kiezer is in zijn stemgedrag ook veel vrijer dan vroeger. Hij volgt niet meer gedwee de Kerk of zijn vakbond. De mediatisering heeft ook bijgedragen tot het huidige politieke klimaat. Belangrijke politieke discussies worden via krant, radio en televisie mee uitgevochten. Zo kon Bart De Wever bij de verkiezingen op 16 juni 2010 een eclatante overwinnig behalen. De Wever is bijzonder intelligent, een politicus met een visie en ook iemand met lef die tegen de stroom durft in te gaan, schrijft Kathleen Cools.
Het zesde hoofdstuk bespreekt ' Normen en Waarden ' , een thema dat weer actueel is geworden.
Vraag : hoe kijkt Van Rompuy aan tegende evolutie die ons land sedert 1999 doormaakte op het vlak van ethische dossiers, onder meer homohuwelijk en -adoptie en vooral euthanasie? Van Rompuy antwoordt dat in Vlaanderen en Nederland , de elites zich haast pathologisch willen afzetten tegenover het roomse of Bijbelse verleden. Elke gelijkenis met Kerken, met hun geboden en verboden moet worden gemeden.Het is een onderdeel van van het politiek en filosofisch correcte denken. Niet alleen God bestaat niet, ook het goede en zelfs iets goed bestaan niet. Onzin, natuurlijk. Tenslotte hebben we wetten die vastleggen wat goed en kwaad is en waarachter een ethiek schuilgaat. We bewandelen best een middenweg tussen de gezagsmoraal en de geïndividualiseerde moraal. Er is altijd evolutie. Zo is de slavernij nog maar 140 jaar geleden in de VS en Rusland afgeschaft. De positie van de vrouw is totaal veranderd. Het parlementaire stemrecht bestaat hier maar sinds 1946. De doodstraf is afgeschaft. Het personalisme is typisch voor het Westen. De rechten van elke mens moeten worden erkend. Respect maakt veel wetten overbodig. ' Bemin uw naaste zoals uzelf. ' Er is een fundamentele gerichtheid op het algemeen belang. Tegenover het eigenbelang van individu en structuren moeten er corrigerende tegenkrachten bestaan. Vandaar het belang van de politieke democratie. Het debat over normen en waarden wordt soms verengd tot de ethische dossiers terwijl ethiek zit in elke menselijke handeling. Maar alles wat met seksualiteitn leven en dood heeft te maken ligt gevoelig. Het vreemde is dat het debat in Nederland woedde over ' fatsoen 'terwijl ze daar als eersten een abortuswet invoerden en ook een euthanasiewet en een gedoogbeleid inzake drugs. Maar de moorden op Pim Fortuyn en Theo Van Gogh hebben een grote schokgolf door het land gejaagd, samen met de mislukte aanslagen op de koninklijke familie. Zo kwam de samenleving in Nederland snel van assertiviteit tor agressiviteit. Over de abortuswet bij ons zegt Van Rompuy dat hij CVP-voorzitter was toen het debat daarover werd gevoerd. In beide kamers was zijn partij toen in de minderheid en de wet werd goedgekeurd, tegen de wil in van koning Boudewijn. De euthanasiewet kwam tot stand tijdens het paars bewind. Wat het homohuwelijk betreft: Hij aanvaardde een wettelijke vorm van duurzame relatie tussen homo's maar geen huwelijk. Zijn partij stemde ook tegen de adoptie voor homoparen maar de wet werd met een nipte meerderheid goedgekeurd en werd trouwens een mislukking. Kathleen Cools denkt nog na over haar eigen levenseinde. Wat zal ze doen bij een lange slepende ziekte of bij dementie? Vragen heeft zij ook tegenover pleitbezorgers van kindereuthanasie.Van Rompuy pleit voor palliatieve zorg en haalt de dementie aan van zijn grootmoeder. De liefde gaat over de dementie heen. De mens is niet van nature goed en redelijk maar de beschaving is precies ' het goede ' een kans te geven.
Met ' Europa en identiteit ' zijn we aan het zevende hoofdstuk toe.
Wie zijn wij en welke is onze plaats in de menselijke samenleving, in ons land, in Europa, in de wereld? Welke is onze identiteit? Wat betekent dat precies? Tegenover de visie van Guy Verhofstadt, de liberale visie van de vrije mens of die van Bart De Wever: zeggen wie je bent, je laten opnemen in de groep, die solidariteit creëert en op langere termijn democratie. De visie eigenlijk van de Vlaamsnationalist die beseft dat hij in een volk leeft, dat hij wil vooruithelpen en cultureel wil verheffen, welvaart en welzijn bezorgen. Wat denkt Van Rompuy daarover? We hebben de indruk dat hij zich hier op de vlakte houdt. Identiteit is moeilijk te definiëren. We zijn relationele wezens, verbonden door het bloed, de taal en de plaats waar wij wonen.We zijn verbonden maar dragen ook verschillende identiteiten in ons maar het wordt gevaarlijk als men zich vereenzelvigt met één ervan. Dat leidt tot fanatisme en racisme...Maar het samenleven met verschillende culturen en religies is nergens gemakkelijk. Allochtonen moeten zich integreren, onze taal leren, zonder hun eigenheid op te geven. Vlamingen hebben zelf honderd jaar als meerderheid van de Belgische bevolking met miskenning van hun taal geleefd. Dat blijft nawerken als een collectief onrecht tot op vandaag. We menen persoonlijk dat bij ons het Vlaams nationaliteitsgevoel veel sterker is dan het Belgische en nog veel sterker dan het Europese.
Het sterkste en meest boeiende hoofdstuk van het boek is het achtste of voorlaatste hoofdstuk, over ' Mannen en Vrouwen '.
Kathleen Cools wil vooreerst weten hoe Herman Van Rompuy de rol van de vrouw ziet in de huidige samenleving en wat hij denkt over de emancipatie van de vrouw. Van Rompuy antwoordt, zoals altijd, heel zakelijk met kennis van zaken. Hij zegt vooreerst dat de grootste omwenteling in onze samenleving in de jongste vijftig jaar, de rol is die de vrouw speelde, op haast alle domeinen. Hij somt op: het stemrecht van de vrouw in 1946, de eerste vrouwelijke minister in 1966, de invoering van de anticonceptiepil in 1960, tegen het verzet in van het Vaticaan, de beroepsarbeid van de vrouw, vooral in opgang sinds 1960, de tweeverdieners met maximaal twee kinderen die het lot en de rol van man en vrouw veranderden. Op het gebied van het onderwijs nemen nu evenveel meisjes als jongens deel aan het hoger onderwijs. Wat blijft voor de vrouwen is de sterke affectieve band met hun kinderen, die ze hebben gedragen en gevoed. Die band maakt dat zelfs vrouwen met een universitair diploma bij hun job een gedeeltelijke of volledige prioriteit geven aan de opvoeding van hun kind tot aan de volwassenwording. Scheidingen komen wel meer voor dan vroeger door het feit dat vrouwen nu meer financieel onafhankelijk zijn. Zijn moeder, verklaart Herman Van Rompuy, bleef met haar vier kinderen ' moeder aan de haard ' zoals dat destijds de gewoonte was, ' maar mijn eigen vrouw werkte nog 22 jaar voltijds nadat onze kinderen volwassen waren geworden.' Een atypisch geval noemt hij dat, zoals ook het zijne, want als echtgenoot en vader kon hij de hoogste functies in de politiek bereiken. Hij zegt dat het enige bedrijf dat hij goed kent, het politieke bedrijf is en het is een hard bedrijf, soms meedogenloos, zeker aan de top. Verhoudingen onder politici zijn vooral ingegegeven door belangen en weinig door emotionele bindingen. Er is weinig ruimte voor sentimentaliteit omdat men niet enkel de eigen belangen moet verdedigen maar ook het algemeen belang. En toch: ' Ik heb meer mannen dan vrouwen zien wenen in mijn loopbaan.' Tenslotte zegt hij dat het een goeie zaak is dat de wet een grotere vrouwelijke aanwezigheid in de politiek toelaat.
Daarna is het de beurt aan Kathleen Cools. Ze begint haar verhaal in de beginjaren 1950, toen haar moeder bij de bank waar ze werkte ontslag moest nemen als bediende, omdat ze ging trouwen. Gingen ze ervan uit dat zij zich niet genoeg zou kunnen inzetten voor haar job zoals ook nu nog de Kerk de priesters in de ban houdt van het celibaat? Die anekdote illustreert hoe groot de inhaalbeweging is die vrouwen hebben moeten voeren op zo'n korte tijd. Een evolutie die onmogelijk was zonder verschillende generaties vrouwen die hun nek hebben uitgestoken om de absolute gelijkwaardigheid tussen man en vrouw te verdedigen, maar ook in de praktijk af te dwingen. En ook danzij de vele mannen die zich mee achter die missie schaarden. Zoals al gezegd door Herman Van Rompuy, betekende de anticonceptie, de pil, ronduit een revolutie voor de vrouw. Zo werd ze onafhankelijk en zelfstandig in alle betekenissen van het woord. De macht over kinderen hebben of niet, en over hun aantal had een grote impact op de westerse vrouw. Het gaf haar ook de macht over haar eigen toekomst. De economische boom van de jaren 60 en de technologische ontwikkeling in de periode daarna deden de rest. Mannen en vrouwen studeerden, floreerden volop op de arbeidsmarkt en maakten het zich thuis gemakkelijker met de modernste hulpmiddelen. Vanzelfsprekende apparaten zijn het maar zonder al die vaatwassers en droogkasten zouden de vrouwen beklagenswaaardig blijven.
Die eenvoudige vaststelling brengt Kathleen Cools terug bij hét boegbeeld uit de naoorlogse feministische filosofie, Simonne de Beauvoir. Maar de amoureuze sparringpartner van Jean-Paul Sartre raakte in ijltempo in de vergetelheid. Ingehaald door de vrouwelijke verworvenheden. Voorts vertelt Kathleen: ' Ik kocht haar magnus opus, Le Deuxième Sexe, toen ik achttien was. Het leek me iets dat ik moest doorworsteld hebben, als jonge vrouw bij de start van mijn filosofiestudies. Nu ik het, zoveel jaren later nog eens doorblader, illustreert het de grote sprong die onze samenleving maakte sinds de publicatie van De tweede Sekse. Meer nog de bezorgdheden van de Beauvoir klinken ouderwets en zijn ondertussen ronduit achterhaald. De absolute seksuele onwetendheid tussen man en vrouw is niet meer van deze tijd. De Beauvoir trekt ook het moederinstinct in twijfel en ze verzet zich tegen de bekrompen leefwereld van de huiselijke vrouw. Somber en terneerdrukkend is het beeld dat Simone de Beauvoir ophangt van de gehuwde vrouw, beledigend ook voor alle thuiswerkende moeders aller tijden. Het zijn meedogenloze woorden, die de toenmalige vrouwen moesten aansporen om uit hun cocon te breken. Maar het is merkwaardig dat zijzelf in een val van bizarre onderdanigheid trapte want ze ging op zoek voor haar geliefde Sartre naar jonge meisjes om hem ter wille te zijn... Nu vrouwen zoals mannen zelf hun toekomst bepalen is het niet helemaal een succesverhaal. Kathleen Cools vraagt zich af: ' Leggen wij, hyperactieve en sensitieve vrouwen, zoals ik ons durf te noemen, de lat voor onszelf nu niet heel hoog? Het lijkt alsof we alles kunnen. Diploma's, loopbaan, een kind, twee kindderen, drie, borstvoeding, fulltime werken, bijscholen, een vrolijke mama zijn en een begripvolle, sexy vrouw. Is dat voortdurend vol te houden? ' Ze ziet vrouwen die voorgoed uit het helse ritme zijn gestapt. Ze willen niet meer meedraaien in het afmattende systeem en willen meer tijd voor hun gezin én voor zichzelf, hoe hoog opgeleid ze ook mogen zijn. Dat ze nu anno 2010-2011 die bewuste keuze maken, komt volgens Kathleen Cools dat, hoe de vrouwen ook ijveren voor gelijkwaardigheid tussen man en vrouw, van een absolute gelijkheid nooit sprake kan zijn. Zoals Van Rompuy al aanstipte is er die sterke affectieve band tussen de moeder en het kind dat ze negen maanden hebben gedragen en daarna zelf gevoed. Hoe kan daaraan verholpen worden? Bijvoorbeeld door, zoals in Zweden, de vrouw recht te geven op één jaar zwanger- en ouderschapverlof, waarbij iemand als vervanger klaar staat. Het Skandinavische model kan ook interessant zijn voor een samenleving waar iedereen langer en meer zal moeten werken en waar de jongere generaties de toekomst voor heel veel ouderen veilig zullen moeten stellen.
Tenslotte spreekt Kathleen over haar eigen werk en zoals Van Rompuy zei ' Het enige bedrijf dat ik goed ken is het politieke bedrijf ', zegt zij: ' Het is voor mij niet anders, ook ik ken maar één bedrijf echt goed en dat is dat van de media en de journalistiek. Al biedt die wereld me het voordeel dat ik meteen ook het politieke bedrijf kan volgen - zij het vanuit een ander perspectief. ' Tussen beide werelden zijn er interessante gelijkenissen. ' Zowel de politicus als de journalist gaat in zijn of haar functie om met macht. zo moeten sletelposities worden ingenomen en verdedigd. De macht van de journalist schuilt in de impact die zij of hij uitoefent op kijkers en luisteraars en daardoor ook onrechtstreeks op de politiek.' En wat een wereld is de VRT? Na haar overstap van radio naar TV besefte ze de macht van de camera, en daarmee de strijd om de sleutelposities op het scherm, het armworstelen, kleine en grote intriges, milde intimidaties, eerlijke en oneerlijke wapens. Zoals ook in andere bedrijven: Wie wil meedraaien heeft haar op de tanden nodig. ' Ook al worden vrouwen dikwijls als harder omschreven dan hun mannelijke collega's, toch gedragen vrouwen zich ánders: ze zijn meestal intuïtiever en spontaner. Ze kunnen hun omgeving beter relativeren.' En verderop: ' Net zoals in de politiek bestaan er in de media vrouwen die over lijken gaan en mannen die in het harde klimaat niet kunnen standhouden. Vrouwen met een aaibaar imago blijken in het echte leven ijskoud, en oerdegelijke heren voor de camera zijn in werkelijkheid humoristisch en warm. Ik heb in de redactie gewerkt met veel vrouwen en met veel spanningen. Ik weerk nu op een redactie met veel mannen en de sfeer was nooit zo goed.' En haar besluit: ' Mannen en vrouwen zijn gelijkwaardig maar niet gelijk, en dat zal nooit veranderen. Maar we hebben nog een lange weg te gaan. '
Na het schitterend betoog en relaas van Kathleen Cools krijgt Herman Van Rompuy het laatste woord. Hij verheugt zich over het gemengd onderwijs dat zijn kinderen hebben genoten terwijl zijn generatie alleen mannelijke opvoeders kreeg en de gemengde wereld slechts kon en mocht ontdekken als zij achttien werden. En ' Onze moeder de heilige Kerk kent alleen maar zonen als bedienaars. Die eenzijdige wereld heeft veel nadelen. Zij heeft een soort omgekeerde seksuele obsessie doen ontstaan. Veel waardevolle mensen hebben omwille van het celibaat het priesterschap verlaten. Het celibaat is een onderdeel van de crisis in de Kerk. De échte crisis is echter die van het geloof. Toch zou een ' gemengde Kerk ' menselijker zijn.' Zijn besluit: ' We moeten durven te leven in een veelzijdige wereld: met gelovigen en ongelovigen, met hetero's en homo's, met Vlamingen, Belgen en buitenlanders, met blanken en kleurlingen, met gestudeerden en minder-opgeleiden, met leiders en volgers, en zeker met mannen en vrouwen. '
Het negende en laatste hoofdstuk handelt over ' Geloof en Kerk '
Kathleen Cools gaat uit van een tekst van de pedofiel Gerard Reve wiens katholicisme niet zomaar pose was of mediagenieke aanstellerij. ' Voor Reve was zijn geloof oprecht, en hij vond er troost. Troost ook dankzij de rijke roomse traditie, met zijn eeuwenoude rituelen. ' Kathleen Cools wil weten wat Herman Van Rompuy ' in deze periode van immense crisis binnen de katholieke Kerk met pedofilieschandalen en leeglopende kerken ' denkt over het katholicisme. Is er nog hoop? Hoe ervaart hij zijn geloof? Is het voor hem leidraad en houvast of biedt het eerder troost? Velen verkiezen nu te leven zonder religie en zien zichzelf als soeverein en onthecht. Hoe ziet een toppoliticus dat? En als intellectueel?
Uit zijn antwoord: ' Het geloof komt niet aan het einde van een redenering. Het behelst een sprong, zeker het christendom, dat nog verder gaat en zegt dat een mens ' de Zoon van God is 'Er zijn zoveel redenen om te twijfelen, om zich agnost te verklaren. Waarom zocht God die omweg langs de kosmos, langs de big bang, langs de langzame evolutie van het leven op onze planeet om uiteindelijk bij de mens terecht te komen? Christus zelf daagde met de ' Waarheid ' pas tweeduizend jaar geleden op en ontnam aan duizenden jaren mensheid de Blijde Boodschap. Daarnaast is er het probleem van het kwaad, de rots van het atheïsme, wordt gezegd. Waarom laat die algoede God zoveel onrecht toe in onze wereld, waar geen mens voor verantwoordelijk is?'
En nog tal van andere vragen die wijzelf als pratikerende katholieken kunnen stellen, bijvoorbeeld ' Waarom al die rampen met duizenden doden? En nog meer doden bij oorlogen, die door de Kerk vaak als rechtvaardig werden bestempeld? ' Allemaal vragen die bij velen geloofstwijfels oproepen. We kunnen hierbij het antwoord van Herman Van Rompuy voorleggen. Hij zegt: ' Voor de gelovige is God een aanwezigheid. Op al zijn vragen is er het antwoord van die ervaring. Hij kan daar niet omheen. ' Mysterium fidei ', wordt zelfs in de eucharistie gezegd. Hij ervaart de relatie tot zijn God als iets persoonlijks, niet als een redenering. Dat belet hem niet om na te denken en vragen te hebben, maar hij kan niet om het feit van Zijn aanwezigheid heen. ' Voorts ervaart een gelovige dat alles in het leven enerzijds belangrijk is, want God wil dat ik mij geef, mij inzet, teruggeef. Een grote ethische opgave omdat de totale toewijding aan de andere alleen heiligen gegeven is. Anderzijds ervaart de gelovige ook dat niets belangrijk is, want alles is relatief ' in het licht van de eeuwigheid '. Dan worden geld, macht en succes, tot hun ware proporties herleid. Dat leidt voor de gelovige tot onthechting, maar op mensenmaat.
Van Rompuy zezgt dat hij in zijn eerste boekje ' De kentering der tijden ' zich voor het eerst duidelijk als gelovige heeft uitgesproken, nadat het geloof vijftien jaar lang geen rol had gespeeld in zijn leven. Het was de tijd dat intellectuelen in Vlaanderen zich hilarisch excuseerden voor hun christelijke opvoeding ( en nog tot op vandaag ) maar zijn humaniora bij de jezuïeten speelde zich af in de jaren 1960, vlak voor en na het concilie, waarbij ' de vensters op de wereld ' werden geopend, met enthousiasme over wat in de Kerk gebeurde. De afkeer van God langs een afkeer voor een bepaalde vorm van Kerk heeft hij niet gekend. Dus kon hij onbevangen teruggrijpen naar het geloof en ingaan tegen een tijdsgeest of een mode. ' Ik was op die manier een non -conformist, een vrij man en dat ben ik nog steeds.'
Hij gaat dan in op bepaalde crisisperioden in de geschiedenis van de Kerk. De verstrengeling van macht sinds de vierde eeuw is de grootste ramp die haar is overkomen. Die ging verloren sinds de Franse revolutie maar sindsdien heeft zij een tegenmacht opgezet door een heerschappij over de seksualiteit. Die seksuele obsessie is waarschijnlijk de oorzaak van de seksschandalen in de Kerk. Die hebben inderdaad meer te maken met machtsmisbruik dan met de liefde, zo centraal in de christelijke boodschap. Maar de vijanden van de Kerk willen daarom nu de Kerk een nelslag toedienen. Ze maken daarvan gretig gebruik nu hier bij de bevolking een religieus indifferentisme overheerst.
Maar ondanks de haast permanente crisis waarin de Kerk in het licht van haar beginselen leeft, heeft ze wonderen verricht langs vele van haar bedienaars en haar gelovigen, die ver stonden en staan van de macht. ' Het zijn zij die bij de melaatsen, de zwakzinnigen, de wezen , de zieken, de gehandicapten waren. Naast de contemplatieven, die een waarachtige spiritualiteit ontwikkelden van ' werken en bidden ' en zich vier maal per dag tot de Heer richten om Hem te bedanken '
Persoonlijk herinner ik mij de woorden van Prof.Kan. Frans De Hovre, tijdens onze opleiding, die zei dat die contemplatieven de redders van de mensheid zijn, die door hun gebed meer voor het goede van de mens verrichten dan de ' werkers' in het veld. Tenslotte zegt Van Rompuy dat het nu eigenlijk geen crisis is van de Kerk maar een crisis van het geloof. ' In een beschaving van het tastbare, het meetbare, het bewijsbare, het onmiddellijke, is het geloof in het onzichtbare een steen des aanstoots ' Daardoor is echter een geestelijke leegte ontstaan, die een hernieuwde belangstelling teweegbrengt voor het sacrale, het spirituele, het genereuze. De schandalen van nu in de Kerk jagen hem niet van die Kerk weg. Hij blijft een trouw lid en een zondagse eucharistievierder. Hypocrisie, machtshonger en perversiteit zijn wijd verspreid in alle instellingen. Hij laat zich niet opjagen, omdat de Kerk een goddelijke instelling is en dat daarvan de mensen altijd zwakke instrumenten zullen zijn. Ook hierbij een persoonlijke noot van Prof.De Hovre: ' Het grootste mirakel van de Kerk is dat zij de enige bekende instelling is die al zolang bestaat en blijft bestaan, ondanks de zwakheid van haar leden en bedienaars. Zij is een rots, gebouwd op de zwakheid van Petrus, die ook maar een mens was.'
Van Rompuy besluit dat er altijd voldoende mensen zullen zijn de de Kerk bemannen, aan wier oprechtheid en onbaatzuchtigheid niet getwijfeld kan worden. Vandaag heeft de Kerk in het Westen de kans om haar boodschap zuiver te brengen, omdat ze geen politieke of economische macht meer vertegenwoordigt. Ze is arm in alle betekenissen van het woord. De huidige pedofiliecrisis moet haar uitzuiveren. Haar eigen structuren moeten ontdaan worden van absolute macht. Dan zal een nieuwe Tijd aanbreken. Wanneer jongeren een glimp van die authenticiteit bemerken, zoals bij Johannes Paulus II, komen ze er met miljoenen op af. Het verlangen naar het transcendente is niet dood, want het kleeft aan de menselijke natuur. Er is nog hoop. Het tweede boekje van Van Rompuy is trouwens getiteld ' Hopen na 1984 '.
Na deze woorden van geloof en hoop volgen nog vijftien bladzijden van Kathleen Cools en een kort slotwoord van Herman Van Rompuy. We kunnen om te beginnen al zeggen dat zij minder aansluiten bij die boodschap van geloof en hoop van Herman Van Rompuy. Ze begint nochtans goed met te wijzen op het belang van persoonlijke getuigenissen voor de verspreiding van het geloof, ook in de christelijke traditie. Maar, schrijft ze, in een verbluffend tempo werd Vlaanderen in nauwelijks drie decennia gelaïciseerd. We zouden eraan toe kunnen voegen: na de zestigerjaren van afbraak van het gezag en van de christelijke moraal. Kathleen Cools heeft dat onzes inziens te weinig in acht genomen, want de seksuele bevrijding werd in die jaren gepredikt, met aanvaarding ook van pedofilie ( zie recent in DS van 28 maart 2011 blz.6, waar Rik Torfs getuigt dat in zijn studententijd KUL-prof Steven De Batselier pedofielen liet zien in zijn colleges en dat proffen van de unief van Amsterdam spraken op het recht op seks met kinderen. ) We herinneren ons ook de oprichting van een Oecumenische Werkgroep Pedofilie waarvan de activiteiten werden aangekondigd in het parochieblad Kerk en Leven van 9 augustus 1984 ( dat ik heb bewaard ), het jaar dat Roger Vangheluwe tot bisschop werd gewijd. Die werkgroep, zo stelde het artikel ' wil de kerken sensibliseren voor het verschijnsel pedofilie, informatie doorgeven en vooroordelen wegnemen. Tevens was het de bedoeling een ontmoetingspunt te zijn voor pedofielen ' om elkaar te bemoedigen. Allen zijn welkom die pedofilie en pedofielen beter willen leren kennen onder voorwaarde dat dit in openheid, respect en betrouwbaarheid geschiedt' Die tekst staat ook te lezen in een artikel van Alexandra Colen over ' De duivel in de Kerk ' ( april 2010 )
Al te vaak wordt vergeten dat het kindermisbruik de vrucht is van de seksuele revolutie van 1966. Het is dus erger dan wat Kathleen Cools vermoedt n.l. dat die seksuele perversies in de Kerk te maken zouden hebben met ' de ondemocratische structuren, met het celibaat, of met de ongezonde hang naar ascese en zuiverheid, die tot kwalijke uitwassen leiden.' Het is juist dat het ' aartsmoeilijk is om in deze bewogen periode een beschouwende tekst te maken over geloof, laat staan over de katholieke Kerk'. Desondanks wil ze dieper ingaan op de rol van het geloof, in onze samenleving maar in acht genomen dat de katholieke Kerk niet samenvalt met het geloof. Het aangerichte kwaad mag ook de oprechtheid van de meerderheid van gewone gelovigen en priesters niet zomaar in twijfel doen trekken. Niemand kan ontkennen dat de concrete macht van de Kerk sterk is verminderd. Er blijven nog wel de katholieke scholen, ziekenhuizen, vakbonden, verenigingen, kerkfabrieken en een heel patrimonium van kerken, kloosters en kunstschatten. Wel zijn er hier geen katholieke politieke partijen meer maar nog wel christelijk geïnspireerde en voor zover ikzelf weet zijn er ook geen katholieke of christelijke omroepen meer, zoals in Nederland de KRO, evenmin zijn er nog katholieke kranten. De koepel is pluralistisch waaronder ook christenen met anders-of niet-gelovigen moeten samenleven. En toegegeven, de deelname aan de weekendmissen is sterk verminderd, van vroeger 30 en meer % naar nu 5 tot 10, maximum 15 %, verschillend toch, meen ik, volgens bisdom, stad of platteland, parochie of federatie. Ik betwijfel toch ook of het helemaal waar is dat niemand nog zich iets aantrekt van de seksuele Roomse moraal. Daarvoor is er wel een meerderheid maar de jongste betoging tegen abortus in Brussel, waar volgens sommige bronnen 3.000 deelnemers waren opgekomen, laat ons vermoeden dat er hier, zoals in Frankrijk en Groot-Brittannië, een revival van het geloof wordt geconstateerd. Ook op het wereldvlak groeit het geloof aan, ook het niet-katholieke, zoals vooral dat van de moslims, dat ons in het Westen dreigt te overvleugelen.
Om haar opvattingen te staven citeert Kathleen Cools een aantal namen als de bekende Richard Dawkins ( met zijn werk The God Delusion ) en een aantal filosofen ( als Wittgenstein ), die ze vrome ongelovigen noemt, aangetrokken door het religieuze en toch niet gelovig of zelfs atheïst. Iemand als Levinas ( 1906- 1995 ), met zijn God als de Ongrijpbare, past niet in dat kraam, evenmin als een aantal ouderen als Teilhard de Chardin, Descartes, Fichte en Romano Guardini, of Herman De Dijn, bij wie haar echtgenoot Wim Lemmens promoveerde. Ik zou er ook de Britse filosoof Prof. Antony Flew ( 1923 - 2010 ) aan toe willen voegen, die op 81-jarige leeftijd zijn atheïstische werken afzwoer en moest besluiten: ' Een superintelligentie is de enige goede verklaring voor de oorsprong van het leven en de complexiteit van de natuur ' ( There is a God, 2007 ). Waar we Kathleen Cools zouden plaatsen in dit geheel is niet zo makkelijk. Ze verklaart dat ze is opgevoed in de katholieke traditie, die haar veel heeft bijgebracht en die ze om die reden koestert en wil doorgeven aan haar kinderen. In die zin heeft de christelijke religie voor haar een cultuurhistorische waarde, een soort ' erfgoed ', dat ze haar kinderen en haarzelf niet wil onthouden. Ook vindt ze de Christus-figuur zonder meer een vetrekpunt voor een prachtig verhaal. Voor het overige wens ik mij niet uit te spreken over haar religieuze houding, haar vroomheid of haar geloof, dat in elk geval o.m. door de seksschandalen meer deuken heeft gekregen dan dat van Herman Van Rompuy, de hoofdfiguur van haar boek, die uitblinkt door zijn ' rustige vastheid ', ook in zijn geloof en geloofspraktijk.
Tenslotte een gelukwens aan Kathleen Cools voor haar eerste boek.
Kathleen Cools in de kijker
In De Standaard-Weekend van 6 en 7 november lazen we een boeiend interview van Guinevere Claeys met Kahtleen Cools, het TV-anker van Ter Zake, naar aanleiding van de publicatie van haar eerste boek ' Een mijmerboek over Grote Thema 's ' , met vraaggesprekken, die ze heeft gevoerd met Europees president Herman Van Rompuy en waarbij ze volgens Claeys ' royaal in haar hoofd laat kijken maar niet in haar hart ' We willen vooraf enkele persoonlijke herinneringen ophalen aan Kathleen en haar echtgenoot Wim Lemmens.( Nu professor Wijsbegeerte in Antwerpen ). Kathleen ( ° Deurne 30- 10-1963 ) Zij is iets jonger dan onze dochter Hilde ( ° Waregem 01-01- 1962- gehuwd met Lieven Lagae, nu prof. aan de K UL ) . Ze woonde in de beginjaren negentig in Heverlee in de Heidelaan op de parochie O.-L- Vrouw van Troost. Ze was er naaste gebuur van dochter Hilde, werkzaam als lerares in het Lyceum Heilig Hartinstituut, Naamse Steenweg. Terwijl Wim zijn doctoraat filosofie, met een thesis over ' David Hume als filosoof en moralist ' voorbereidde, bij Prof. Herman De Dijn, was Kathleen aanvankelijk werkzaam bij Studio Brussel om dan vanaf 1996 over te stappen naar de radionieuwsdienst van de VRT, waar ze zich zou specialiseren in Europees- en Wetstraatnieuws. Het waren voor beiden drukke jaren. Ze hadden toen al twee kinderen en het was Wim die er vooral moest voor zorgen, want hij studeerde thuis. In die tijd hebben we het gezin leren kennen bij Hilde of bij hen thuis. Die banden werden nooit verbroken, ook niet toen onze Hilde met Lieven en gezin gingen wonen in Oud-Heverlee en ook Kathleen en Wim inmiddels zijn verhuisd. Beide gezinnen komen nog geregeld bijeen.
We keren nu terug naar het interview. We lezen dat Kathleen van niemand bang is bij haar huidig werk in Ter Zake op VRT-TV 1, waar zij in haar praatprogramma de vele prominenten ontvangt en door sommigen wel gevreesd is om haar harde intervieus. Mark Eyskens omschrijft haar als ' de minzame onbarmhartigheid '. Ze geeft toe dat ze wat milder is geworden: ' Dat gebeurt, denk ik, automatisch als je ouder wordt. Als mens en als journalist. Maar ook omdat ik intussen wel mijn stek heb verworven. Als politiek journalist, zeker als vrouw, moet je eerst duidelijk maken aan de politici dat je er staat, dat ze niet me je moeten dollen '. Ze blijft het fijn vinden om een interview te maken, vooral als ze te doen heeft met interessante mensen, als een Bart De Wever, die ze een groot intellectueel noemt en iemand die op zijn manier bezig is, met de wijze waarop een samenleving moet evolueren. Iemand met zo'n gedreven visie vind je weinig, zegt ze.' En of je het nu met hem eens bent of niet, hij staat voor wat hij gelooft', voegt ze er nog aan toe. Behoren ook tot die categorie, vanzelfsprekend Herman Van Rompuy maar ook Louis Tobback en Karel De Gucht. ' Ze durven na te denken en ze durven dat ook te zeggen. ' Nooit heeft ze meer reacties gekregen als op het eerste interview met de politicus Siegfried Bracke, samen met Bart De Wever. Het werd geïnterpreteerd alsof ze haar vroegere baas nu eens een koekje van eigen deeg wou geven. Maar dat was niet het geval. Ze vroeg uit pure intellectuele eerlijkheid of hij bij de VRT was vertrokken omdat zijn liedje daar was uitgezongen. Ze vindt trouwens zijn overstap naar de politiek zeer moedig. Op de vraag of zij altijd zo zelfverzekerd is geweest, zegt ze dat ze vooral in het begin als radiojournaliste, veel heeft gebluft vooral als ze voor de eerste keer stond tegenover een Jean-Luc Dehaene. Haar onzekerheid kon ze toen goed camoufleren en ze kent ook de tekentjes van onzekerheid bij mensen die ze interviewt. En ' Je moet in deze wereld als vrouw heel wat testosteron kweken om overeind te blijven, ook tussen al het ellebogenwerk. Je moet haar op je tanden hebben. ' Haar kinderen zijn nu 19, 14 en 9 jaar. Het was soms hard bvb. als ze naar een Europese top moest gaan en daar hoorde dat een van haar kinderen ziek was. ' Dan bloedt het hart '. En ' Of ze de positieve discriminatie die er nu voor de vrouwen is gekomen zelf ondervonden heeft? ' Zeker, als ze een man mocht opvolgen die Europa versloeg, hoorde ze zelf mannelijke collega's klagen omdat ze werd verkozen omdat ze een vrouw was, maar het klopt dat het in se niet altijd rechtvaardig is als mannen met betere kwaliteiten niet worden gekozen. Het is wel zo dat het aangenamer is te werken op een redactie met mannen omdat concreet vrouwen mekaar wel eens tegenwerken. Ze noemt zich gelukkig omdat ze met Wim Lemmens zo'n goeie partner heeft omdat ze altijd van hem veel hulp heeft gehad, terwijl hijzelf aan de universiteit moest werken. ' Maar het lukt omdat we mekaar veel gunnen. Ik ben 's avonds vaak weg, dan laat ik hem zich in het weekend terugtrekken om te werken. En ja, we hebben ook altijd veel geïnvesteerd in kinderopvang.' Met deze positieve woorden over een mooi gezin sluiten we dit artikel af en laten nu de bespreking volgen van haar boek ' In de Wereld van Herman Van Rompuy. '
01-03-2011
Belangrijke vondst voor het christendom
Bij een Israëlitische bedoeïen, in een afgelegen vallei in het noorden van Jordanië, zijn tussen 2005 en 2007, zeventig boeken of codices in lood en koper gevonden, die geschreven zijn vlak na de kruisiging van Christus. Zij zijn even belangrijk als de vroeger ontdekte Dode Zeerollen, de Joodse teksten die in 1947 gevonden werden in een Israëlitische grot. Ze kunnen een nieuw licht werpen op het leven, de kruisiging en de wederopstanding van Jezus Christus. De loden boeken, die elk ongeveer 15 bladzijden tellen, zijn geschreven in het Hebreeuws, door de eerste generatie christenen, vlak na de kruisiging van Christus. Ze zouden ook symbolen bevatten die verwijzen naar de messias, zoals een kruis voor een leeg graf.Volgens de Jordaanse overheid zou een andere bedoeïn de codices naar Israël gesmokkeld hebben. De Israëlitische bedoeën, die de boeken nu in handen heeft, beweert evenwel dat ze al meer dan honderd jaar familiebezit zijn. Een Britse Egyptoloog, David Elkington, is een van de weinigen die de boeken mocht inzien. Hij probeert ze velig te stellen in een Jordaans museum. Volgens hem kan deze ontdekking van enorm belang zijn voor de christelijke geschiedenis. Hij zegt: ' Het is een adembenemende gedachte dat we objecten vasthouden die ook door de eerste generatie christenen werden vastgehouden.' De Jordaanse overheid meldt dat ze kosten noch moeite zal sparen om de relieken terug te krijgen van Israël. ( Zie De Standaard, rubriek Cultuur en Media, 31 maart 2011 )
Manu Ruys over de impasse
In het jongste nummer van ' Doorbraak ' maart 2011, het maandblad van de VVB, brengt Manu Ruys, de bekende oud-hoofdredacteur van De Standaard, boeiende beschouwingen in een vraaggesprek met Frans Crols en Pieter Bauwens, over de huidige politieke situatie.
Een eerste antwoord:
' Positief aan deze crisis is de radicalisering van de Vlamingen. Wij komen van ver, ik zie waar wij vertrokken zijn in 1949. Toen kreeg je de Vlamingen niet mee. Nu is de Vlaamse publieke opinie geradicaliseerd en dat is positief. Bovendien leren we stilaan dat ' neen, neen, neen ' ook onze taal is. Negatief is nu dat er geen beweging is. Niemand ziet hoe de politici uit de impasse zullen geraken. De vraag is wat zal De Wever doen. Zal hij Schiltz volgen, die hem vaak zei: ' Je moet soepel zijn en compromissen kunnen sluiten. ' Bart is een Antwerpenaar, dus een Midden-Brabander van het oude hertogdom Brabant, zoals Schiltz. West-Vlamingen, bijvoorbeeld Geert Bourgeois, zijn stug en Brabanders niet. Ik ben zelf Antwerpenaar en ken die mentaliteit. Wij zijn onderhandelaars, commercanten en bereid om ver te gaan, om toe te geven. Je moet kunnen praten met de andere, dat is de houding van de Antwerpenaar. Is Bart De Wever al zover vandaag? Neen, maar je ziet goed aan zijn houding in verband met Brussel dat hij evolueert en dat kan een begin zijn. Hij is geen man van ' neen, neen, neen '.
Optimistisch ?
' Ik bekijk veel vandaag vanuit het standpunt wat wij met Brussel zullen doen. Een belangrijk probleem. Echter een ander vraagstuk dan vijftig jaar geleden. Brussel was toen voor de Vlamingen een Belgische stad, bewoond door Nederlandstaligen en Franstaligen. Vandaag is het een kosmopolitische stad, waarvan de helft bestaat uit niet-Belgen. In de Nieuwstraat hoor je meer Arabisch, Turks en Berbers dan Frans of Nederlands. Ik denk niet dat we deze evolutie kunnen stoppen. Het algemene Europese probleem, zoals Brussel dat dagelijks demonstreert is de instroom vanuit de Maghreb en Turkije, nog steeds kandidaat EU-lid. Europa staat voor de vraag: wat doen wij met moslims? Europa moet zich bezinnen over zijn waarden, normen en identiteit '
Op de kritische vraag die we hier horen: ' Vlaanderen is slechts een voorschoot groot, waarom dan nog opsplitsen? ' antwoordt Manu Ruys:
' Ik zie op mijn 87 een grondig veranderende wereld. De VS zijn niet in vrije val maar moeten rekening houden met China en de ambities van andere landen en de verzwakkende bondgenoot die de EU is. Europa kent een steeds duidelijker wordende tweespalt tussen het noorden en het zuiden. De zachte onderbuik is Spanje, Portugal, Griekenland en Frankrijk. De Germaanse volkeren met Duitsland, Scandinavië, Nederland spelen hun geaardheid en economie sterker uit. Wat zal België doen, wat doet Vlaanderen, bij wie ligt ons toekomstbelang? Wij zullen moeten kiezen voor ons eigen volk. Moeten we rekening houden met de Walen? Ja en neen, als zij hun eigen gang willen gaan, moeten wij hen laten gaan. Ontbindt dan het Belgische huwelijk, liefst zonder vechtscheiding.
Wat zal er nu gebeuren met België? vraagt Doorbraak: confederalisme of separatisme?
Hij antwoordt dat hij eens wandelde met koning Boudewijn in het park van Laken en hij vroeg mij: ' Wat denkt u? ' Ik antwoordde: ' sire ,als u België wilt redden, dan moet er een confederatie komen. ' ' Dat is separatisme ' was zijn reactie, en Boudewijn was een intelligente man. Een confederaal België wil zeggen: twee soevereine staten, die een alliantie sluiten. En dat kan inderdaad een stap zijn naar separatisme. ' Vergeet niet we hebben een Vlaams parlement, een Vlaamse regering, dat geeft een grote legimiteit, en er is geen Belgische regering. De volgende fase is een confederaal België met alles erop en eraan. Als dat mislukt, dan gaan we uiteen, Vlaanderen zal handelen met België als het kan, zonder België als het moet.'
Over onze buitenlandse politiek zegt hij:
' Wij moeten meer praten over onze toekomst buiten de grenzen. Vlaamse diplomaten bevestigen dat je moet aanwezig zijn in het buitenland en de onafhankelijkheid voorbereiden. We staan hier tegenover de Davignons, Lippensen, Leysens met hun netwerken en die zijn klaar om ons te bekampen. Je moet contranetten opbouwen. Vlaanderen bestaat niet voor het buitenland. Fransen beschouwen Vlaanderen zoals ze de Bretoenen zien: ' Les Bretons avec leur patois ' . In dezelfde geest denken ze over ' les Flamands avec leur patois '.
En wat met Brussel als we uiteen gaan?
Manu Ruys herhaalt dat Brussel 90 % Franstalig is en meer en meer ook een Arabische stad. ' Ik vind het aangenaam dat Vlamingen zeggen: wij willen Brussel niet lossen. Maar iets dat je niet vast hebt kan je niet lossen! ' Wat er ook gebeurt, we kunnen als Vlaanderen moeilijk tot niet werken met Brussel, alhoewel Brussel naast en in ons ligt en niet verdwijnt, ook als het een zelfstandig statuut zou krijgen of nemen. Laat Brussel evolueren naar een onafhankelijk Europees district en doe het zichzelf besturen. Erken de autonomie van de Brusselaars en beschouw dat als een belangrijke stap naar een onafhankelijk Vlaanderen, een onafhankelijk Wallonië en een Europees district Brussel.
Komt er na een Brussel zonder Vlaanderen, niet een Wallo-Brux, om daarna aan te sluiten bij Frankrijk ? '
Manu Ruys zegt dat Europa dat nooit zal aanvaarden. Europa heeft Straatsburg in Frankrijk al geslikt en kan niet aanvaarden dat de hoofdstad van Europa eveneens in Frankrijk terechtkomt. Wallonië kan eventueel aansluiten bij Frankrijk maar Brussel niet. Frankrijk is maar één land van de 27 lidstaten.
Over de verhouding met de Walen heeft hij slechte ervaringen die al begonnen toen hij als parlementair journalist in 1949 voor De Standaard ging werken ( nota bene, als 25-jarige ...) Hij kreeg geen handdruk van de Franstalige collega's want hij was ' un flamin-boche ' Ook nu is de Waalse mentaliteit er nog een van misprijzen. Zie de dames Onkelinx en Milquet. Nochtans is Onkelinkx de dochter van een Limburger, Gaston Onkelinx, die Manu Ruys persoonlijk heeft gekend. Maar zijn dochter werd in het Frans opgevoed en erfde zo de typische mentaliteit van Walen tegenover de Vlamingen. Dergelijke mensen zijn geen landgenoten. Je kan ermee samenwerken maar niet in hetzelfde land leven. ' Op dat gebied ben ik separatist '
En wat zegt hij over de huidige Vlaamse partijen en de Vlaamse media?
- CD&V: ' de tijd van de oude krokodillen, de Dehaenes, De Eyskensen, de Tindemansen, de Martensen, is voorbij. CD&V kan zich niet meer veroorloven hen invloed te laten uitoefenen op de christendemocratie. De jonge ckristendemocraten kiezen voor Vlaanderen en CD&V zou ongelijk hebben om te breken met de N-VA
- N-VA en Vlaams Belang: De N-VA moet tot een overeenstemming komen met het Vlaams Belang. Het cordon sanitaire is een slinkse truc van Jos Geysels en zijn linkse vrienden om de democratie te fnuiken. De twee Vlaamsnationale partijen doen vandaag niets anders dan mekaar aanvallen en Bart De Wever is daar zeer actief in. Moet dat? Met het VB ga je niet op vakantie, zo prettig zijn die mensen ook weer niet, maar dat is geen reden om mekaar te bevechten.
- De Vlaamse socialisten bevechten de Vlaamse emancipatiebeweging. Ze waren een minderheid in het katholieke Vlaanderen en zijn dat nog. Ze hebben vandaag geen Vlaamsgezinde figuren meer als Max Lamberty, Lode Craeybeckx of Hendrik Fayat. Met de steun van de PS, betekent de SP.A nog iets. Daartegenover kan CD&V niet meer rekenen op de steun van de katholieke Walen.
- De Vlaamse media schipperen. De kwaliteitskranten doen niets, ze zitten stil. Trends, Mark Grammens, Rik Van Cauwelaert, 't Pallieterke, roeren zich nog en dat sijpelt door. ' Mijn generatie met Karel De Witte ( GVA ), met Piet Van Brabant ( HLN ) en ik van DS is voorbij. We steunden de harde richting en kelderden Egmont. Nu is gekozen voor een ' low profile en het status quo. Erg jammer. '
- Nederland en Vlaanderen?
Een groot-Nederlandse beweging leeft in Vlaanderen. Mathias Storme ijvert ervoor ( Plan N) en er is het tijdschrift ' Het Verbond.'Op een zeer lange termijn is een verweving met Nederland mogelijk. Bart De Wever is door zijn opvoeding een Groot-Nederlander. Zo ook Jan Jambon, Geert Bourgeois en Frieda Brepoels. Die zwijgen echter wijselijk over dat perspectief.
En de katholieke kerk?
De Kerk van Vangheluwe ( die hij goed heeft gekend) , le chanoine Houtaet en Luc Versteylen speelt geen rol meer. Bij de oudere clerus is er een malaise, bij de jongere zijn er uitzonderingen. De jeugd komt uit katholieke colleges en weet niet meer wat katholicisme is. Het christelijk opnieblad ' Tertio ' vecht tegen de degradatie.
En wat met de moslims van Vlaanderen?
We moeten hun godsdienst en hun jonge cultuur aanvaarden. Praten met de Turken is gemakkelijker, ze komen van het Ottomaanse Rijk, werken harder dan de Marokkanen ( uit de Franse denkwereld ) en zijn persoonlijkheden. De Vlamingen in Brussel kunnen een alliantie vormen met de Turken achter de Gesu-kerk.
Met wie samenwerken?
- Vlaanderen en Duitsland horen nauwer samen te werken. De Vlaamse regering moet dat doen zonder schroom. ' Ik ben germanist en mijn generatie spreekt behoorlijk Duits. De Vlaamse jongeren kennen geen Duits meer en toch is het onze belangrijkste handelspartner. Economisch, politiek en mentaal zijn het onze vrienden in de EU. De huidige Vlaamse regering doet trouwens haar best en er zijn interressante ministers bij, bijvoorbeeld Geert Bourgeois. Hij is stug. Ik houd van West-Vlamingen, woon hier nu al 21 jaar, en ervaar hen als beginselvaste, hardwerkende mensen.
- We onderschatten de invloed van Europa en de internationale kringen op Vlaanderen. In zijn knap boek ' Ordelijk opdelen ' schrijft Gerolf Annemans dat de EU onze grenzen zal vastleggen op de taalgrens en dat we ervoor moeten zorgen dat Brussel niet mag worden uitgebreid. Als je dat doet dan valt de taalgrens weg. Wij moeten aan Europa zeggen: ' Wij willen onafhankelijk worden maar Brussel ligt in ons territorium. Een vergelijking: Baarle-Nassau en Baarle-Hertog aan onze noordergrens vormen eveneens een gemengde rand.
- Belang van de taal.
Vlaanderen had zich kunnen laten verfransen, zoals de Ieren hun taal verloren maar Ieren zijn gebleven. ' Je wordt geboren als Vlaming. Ik behoorde tot de elitaire bourgeoisie. In de kelder zat de keukenmeid met haar plat Antwerps en boven spraken wij Frans. De Vlaamsgezinde jezuïeten van de Frankrijklei zeiden ons: ' jullie moeten de leiders van jullie volk worden. ' Het volk? ' Maar dat sprak ' plat ' Een jonge pater zei me: hier, je moet ' Eer Vlaanderen vergaat ' van Jozef Simons lezen. Zo groeide mijn Vlaamse overtuiging, uit zin voor de realiteit, en niet uit idealisme. Geen sprake van om ooit Vlaanderen te hebben laten verfransen om het volkerenprobleem van België op te lossen.
14-02-2011
Maria ontvangt 1e exemplaar
Na voorlezing van het gedicht " Al tachtig jaar " overhandigt Dirk Verbeke het eerste exemplaar van de bundel " Van morgenlicht tot avondzon " aan zijn moeder. Aan tafel bemerk je, benevens mijzelf, nog schoonzoon Lieven Lagae ( Prof. KUL- Leuven ) en zoon Wim ( Pneumoloog aan het Stedelijk Ziekenhuis, Roeselare )
06-02-2011
Marie- Rose Morel
De foto is die van haar bidprentje. In bijlage is er een foto van haar postuum werk: ' Geloof, hoop en liefde ' met een foto van haarzelf en haar twee kinderen.
- We gedenken Marie-Rose Morel, die in het bijzijn van Frank Vanhecke, overleed in het Wilrijkse Sint-Augustinesziekenhuis, na een heroïsche strijd tegen baarmoederkanker. Ze was nauwelijks 38 jaar oud ( ° Antwerpen 26 augustus 1972- + Wilrijk 8 februari 2011 ). Ze laat twee kinderen achter. Ze heeft een bewogen leven achter de rug, zowel in de politiek als in de liefde. Ze was de dochter van een groot zakenman, Chris Morel ( die manager was van Alcatel in Sjanghai en als rechts CD&V-er goed geïntroduceerd was in industriële kringen ), en van Myriam Van Loon. Een vriendin aan huis was Wivina Demeester ( CD&V). We herinneren ons nog het bezoek van ons prinsenpaar aan China, waar Chris Morel het paar begeleidde maar waar dochter Marie-Rose op het achterplan moest blijven omdat ze lid was van een staatsgevaarlijke partij...
Ze groeit op in Merksem en loopt school in Antwerpen en Berchem. Na haar humaniora gaat ze geschiedenis studeren aan de UFSIA en de K.U. Leuven waar ze als studie-genoot Bart De Wever leert kennen. Ze studeerden beiden af in 1995. Ze behaalde haar licentiaat in de geschiedenis met een thesis over ' Het Nationaal Gedenkteken van het Fort van Breendonk.' Niet zo verwonderlijk dat zij haar politieke loopbaan begon bij de N-VA van Bart De Wever. Ze beklom echter al in 1992 het publieke forum als schoonheidskoningin ( Aardbeiprinses in 1992, miss Vlaanderen in 1993 en finaliste miss België in 1994 ).
Na het uiteenvallen van de Volksunie in 2001 wordt ze lid van de N-VA . Bart De Wever overtuigt haar om in 2003 op de N-VA-Senaatslijst te gaan staan op de tweede plaats, achter Geert Bourgeois, maar ze raakt niet verkozen. Uit onvrede met het kartel tussen N-VA en CD&V stapt ze in 2004 over naar het Vlaams Blok, als 'verruimer ' ingehaald, net als programmamaker Jurgen Verstrepen, tot groot ongenoegen van Bart De Wever. Ze wordt meteen verkozen in het Vlaams parlement en ontpopt zich daar snel tot een van de boegbeelden van de partij, later het Vlaams Belang. ( Het Vlaams Blok ), de partij die in 2004 veroordeeld werd wegens racisme, maar precies daardoor bij de Vlaamse verkiezingen 34 % behaalde en de grootste Vlaamse partij werd. Een goed begin voor Marie-Rose Morel, die parlementslid bleef tot 2009- 2010, toen ze haar ontslag gaf en trouwens de strijd moest staken wegens kanker. In 2006 werd ze bij de gemeenteraadsverkiezingen als lijsttrekker in Schoten verkozen met 35 % van de stemmen. Ze bleef in de gemeenteraad tot aan haar dood.
Voor het VB was ze een vrouw met een grote ambitie en met een verbluffende presense en taalvaardigheid. Wat een geluk voor Dewinter, die haar naar het VB had gebracht, maar bij wie ze later in ongenade viel. De partij mocht vijf jaar genieten van haar talent en haar charmante persoonlijkheid. In het VB startte ze in 2007 met een juridisch offensief tegen de vakbonden en ze boekte daar enkele successen. De relatie met het VB werd echter vertroebeld, ook in 2007, toen Frank Vanhecke, met wie ze na de echtscheiding met haar man, bevriend geraakte niet meer als voorzitter van het VB werd herkozen. Ze geraakte in ongenade bij de partijtop omdat ze geregeld in de pers ongezouten haar mening ventileerde over het reilen en zeilen in de partij. Ook het feit dat het VB bij de federale verkiezingen een minder goed resultaat behaalde viel uit in het nadeel van Morel en Vanhecke. De zaak escaleerde toen Annemans en Dewinter het duo tegenwerkten om samen naar Europa te trekken en eindigde in 2009, toen Marie-Rose baarmoederkanker kreeg en voor de politiek verloren was. Haar officieel ontslag gaf ze maar in 2010.
Met alle mogelijke middelen bleef ze vechten tegen de kanker tot ze uiteindelijk ook die strijd verloor. Ze was net gehuwd met Frank Van Hecke om haar kinderen te beveiligen. In het ziekenhuis heeft ze samen met Frank Van Hecke haar uitvaart geregeld. Die vond plaats op zaterdag 12 februari om 10.30 uur in de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal van Antwerpen. Bart De Wever, die zich al een hele tijd met haar had verzoend, bracht haar hulde ( zie verder ). De VU-top was niet welkom op de begrafenis. Filip Dewinter, Gerolf Annemans en Bruno Valkeniers werden expliciet gevraagd om niet naar de begrafenis te komen. Marie-Rose schreef het zelfs uitdrukkelijk in haar testament zegt haar echtgenoot Frank Vanhecke. ' De drie Vlaamse Belangers zullen zich aan haar laatste wens houden, Uit respect voor de overledene ' zei Dewinter. Bruno Valkeniers vond het spijtig maar hij zal op afstand voor haar en haar familie bidden. Vanhecke reikt wel de hand naar haar ex, de vader van haar kinderen. ' Roos heeft mij tijdens haar laatste dagen meermaals gezegd dat ze beseft dat hij de kinderen heel graag ziet en dat die vechtscheiding zo brutaal is geweest.' zegt Vanhecke. Haar ex was de cardioloog Christian Schellemans, die ook de voogd blijft van de erfenis van hun kinderen: Alexander ( 5 jaar ) en Marnix ( 4 jaar ).
- De begrafenis is voorbij. In de kathedraal waren al 1.100 mensen een half uur voor het begin van dienst. Dan moest de toegang worden ontzegd aan evenveel mensen die buiten moesten blijven staan. De politie schatte het aantal deelnemers op 2.500. De uitvaartplechtigheid was aangrijpend en zeer emotioneel en op de TV-beelden zagen we veel tranen, niet enkel bij familieleden maar ook bij politici. Frank Vanhecke kon bij de vele steunbetuigingen zijn tranenvloed niet bedwingen, evenmin Bart De Wever bij zijn schitterend eerbetoon. Hij herinnerde aan hun studietijd waar ze mekaar leerden kennen en waarderen. Het best kon hij genieten van haar rustige gesprekken. Met tranen in de ogen zei hij dan: ' Lieve Marie-Rose, de politiek heeft ons uit mekaar gedreven. Ik was zeer boos op jou, ik voelde me emotioneel zwaar geraakt - omdat je voor een andere partij koos, en daarom heb ik lelijke dingen gezegd. Na de eerste 'sorry ' heb ik de draad nooit meer opgepikt. Partijpolitieke trots stonden jarenlang als een muur tussen ons. Dat het drama van je ziekte nodig was om onze vriendschap te herstellen, kan ik mezelf moeilijk vergeven. Ik had veel spijt van onze breuk. De verloren jaren tussen ons zijn nu definitief verloren, dat is mijn straf. Ik verdien het niet om hier te staan. Ik heb je altijd in mijn hart blijven dragen en zal dit blijven doen zolang ik leef.' Veel aanwezigen konden hun tranen niet bedwingen en de toespraak van De Wever werd onthaald op luid applaus. Myriam Van Loon, de moeder van Marie-Rose omhelsde hem. Ze hield zelf de laatste toespraak, zij die haar op de wereld bracht en haar nu zo vroegtijdig moest zien vertrekken. Ze dankte ook de vele aanwezigen.
We stippen nog aan dat de kist werd gedragen door Frank Van Hecke, voormalig europarlementslid Koen Dillen, partijgenoot senator Jurgen Ceder en partijwoordvoerder Tom Van Den Troost. Bij het binnendragen van de kist zong een ontroerde Free Souffriau ' De Roos 'van Ann Christy, die zelf op net dezelfde leeftijd stierf aan baarmoederkanker. Op de kist met kruisje werd daarna de Vlaamse leeuwenvlag gelegd. Vooraan zaten de familie van Marie-Rose Morel, haar ouders, haar twee zoontjes en Frank Van Hecke. Voorts Bart De Wever en Jan Peumans. Pastoor Paul Smets schetste het persoonlijke en politieke leven van Marie -Rose en hij noemde haar ' een bijzondere vrouw die ten volle heeft geleefd. Of we haar nu kenden of niet hebben we een gevoel van verbondenheid met haar. ' Hij zei nog dat zij een kostbare diamant was met vele facetten, een politica die een eigenzinnig parcours liep, wat soms tegenstanders opleverde. We noteren nog dat ook familieleden aan het woord kwamen en ook de twee dochters van Frank Van Hecke, uit zijn eerste huwelijk.
Op de heel lange offerande werden de bidprentjes uitgedeeld, waarop de foto is te zien van een lachende moeder met haar twee kindjes. De tekst is van haar, opgebouwd uit vier door haar geschreven briefjes: aan haar kinderen, haar ouders, zus en broer, haar lotgenoten en vrienden en aan Frank Vanhecke. Op de plechtigheid waren veel politici aanwezig, niet enkel uit het VB ( Jurgen Ceder, Bert Laeremans, Francis Van den Eynde, Yves Buysse, Wim en Rob Verreycken ...) maar ook heel veel uit N-VA ( o.m. Siegfried Bracke,Jan Peumans, Liesbeth Homans ) en ook van CD&V, zoals oud-minister Leo Delcroix, Ludwig Caluwé ).
Er werden 2000 bidprentjes uitgereikt en toch waren er honderden mensen die het zonder moesten doen. Wie nog een rouwprentje wil krijgen kan dit echter door een gefrankeerde enveloppe met het eigen adres op te sturen naar Wouwersdreef 1, 2900 Schoten.
Drie weken na zijn verdwijning werd het lijk van de sinds 20 februari verdwenen pastoor-deken van Kortrijk, Marc Gesquière, op 11 maart 2011 om 11.30 uur door een schipper uit de Leie in Wielsbeke opgevist, tien kilometer stroomafwaarts van Kortrijk. Volgens het Kortrijkse parket heeft hij zich in het centrum in de Leie gestort op zondag 20 februari, de dag dat hij verdween. In de late namiddag werd hij door drie getuigen opgemerkt in de buurt van de Leie. Onafhankelijk van mekaar zeggen zij dat hij zich vreemd gedroeg. Aan de noodbrug over de Leie aan het Buda-eiland zou hij in het water zijn gesprongen. Die drie getuigen hebben onmiddellijk aan zelfmoord gedacht toen zij vernamen dat hij verdwenen was.
De naaste omgeving van de deken had die zelfmoord echter niet zien aankomen. ' Het is goed dat er uitsluitsel is gekomen en dat we nu niet meer in onzekerheid leven. We zijn natuurlijk heel bedroefd om wat er gebeurd is. We delen in de rouw en het verdriet van zijn oude vader, van heel zijn familie en van de vele medewerkers die hem in Kortrijk omringden. Nu kunnen niets anders meer doen dan hem toevertrouwen aan Gods barlhartigheid. ' Dat zei mgr. Jozef De Kesel, bisschop van Brugge, die ook de uitvaartplechtigheid heeft geleid op zaterdag 19 maart om 11 uur in de Onze Lieve Vrouwekerk in Kortrijk, in aanwezigheid van minister De Clerck, gouverneur Breyne en een talrijk publiek: een nokvolle kerk.
De vraag blijft: Waarom toch heeft de deken zelfmoord gepleegd? Hij had zich in de tien jaar dat hij in Kortrijk deken was, met hart en ziel ingezet voor zijn parochies. Hij had de gave van het woord, kon bijzonder goed preken, kreeg nog een volle kerk samen voor de zondagsvieringen, was ook een gevierd pastoor geweest in Bredene, waar hij voor zijn inzet o. m voor de Duynewake, het ere-burgerschap van de gemeente Bredene kreeg toegekend . Hij hield mooie eucharistievieringen voor radio en TV en verzorgde o.m. ook de Zeewijding. Hij leefde dicht bij de mensen, haalde velen uit hun zorgen en depressies, werd op de handen gedragen, tot vermoedens begonnen te rijzen over zijn geaardheid en zijn dekenij als bijnaam kreeg ' de roze dekenij ' en hijzelf als een deken die zich door homo's liet omringen, iets wat zijn parochieassistent Bart Pieters ontkent. Maar in de drie weken van zijn afwezigheid sinds 20 februari, kwamen de tongen los. Zo kwam het verhaal dat hij op parkings betaalde seks had met mannen. En nog erger, een nummer van het weekblad Humo onthulde dat hij SM-clubs van Antwerpen en Rijsel had opgezocht. Was hij wellicht gechanteerd door iemand uit dat gore milieu ? Wist hij iets af van wat over hem op papier zou komen? Was dat niet de reden waarvoor hij zichzelf van het leven heeft beroofd? Het blijven vragen waarop niemand het antwoord kan geven. Bart Pieters zegt daarover: ' Als die verhalen kloppen vraag ik me toch af wanneer hij dat allemaal zou hebben gedaan. Hij was van 's morgens vroeg tot 's avonds in de weer, ook in de weekends '. Het is inderdaad ook vreemd dat hem niemand 's avonds met zijn wagen zag vetrekken of terugkeren. En zijn opvolger deken ad-interim zei : ' Ik ben vooral blij dat dit niets afdoet van het verdriet bij onze parochianen. De mensen kijken vooral naar alle goeie dingen die hij hier heeft gedaan. '
De deken laat zijn 91-jarige vader en een zus na. Kort voor zijn verdwijning bezocht hij nog zijn vader in het rusthuis.
Meer gegevens over zijn leven en werk:
Marc Gesquière werd geboren in Ieper op 9 oktober 1950, als zoon van Gerard Gesquière en Jeanne Leterme ( + ), een landbouwersgezin. Hij was vooreerst leraar in de VTI -Ieper. Als een late roeping studeerde hij aan het C.P.R.L. in Antwerpen. Hij werd priester gewijd te Ieper-Brielen op 17 juni 1984. Hij bekwam het graduaat godsdienstige wetenschappen. Van 1995 tot 2000 was hij president van het CPRL in Antwerpen.
Er wordt geroddeld over vele van die late roepingen, die homo's waren maar daar was op zichzelf niets verkeerds aan. De bekende priester Borremans, die een tijdje door de kardinaal werd ontslagen omdat hij een vriend had, was bij de intrede in het CPRL een collega van Marc Gesquière.
Hij werd pastoor in de federatie Bredene op 28 oktober1997. Op 23 oktober 2000 werd hij door Mgr.Roger Vangheluwe, die hem zeer genegen was, tot deken benoemd in Kortrijk en moderator van de federatie Kortrijk-Groeninge. Op 4 juni 2002 werd hij ook streekvicaris Zuid. Hij kreeg onderscheidingen als: Kapelaan van de Hospitaalridders van de orde van Sint-Jan van Jeruzalem ( Slype-Caestre - Kaaster ) , Ereburger van Bredene en Erelid van de Rotary Kortrijk. Dus een zeer gevuld en gewaardeerd leven.
Hoe kon dat zo veranderen? De zaak van kindermisbruik van Mgr.Vangheluwe was voor hem verrassend en een zware slag. Ook de vele schandalen in de kerk, die daarna aan het licht kwamen, hebben hem diep geraakt. Over wat hijzelf mispikkelde in diezelfde periode was niemand in zijn dekenij op de hoogte. Hij was er zeer graag gezien. Koster Xavier zegt van hem: ' Hij was geliefd, enthousiast en stond met beide voeten op de grond. Hij verzorgde zijn liturgie maar wilde ook iets betekenen voor de mensen, via buurtwerk. '
Na zijn verdwijning werd door zijn parochianen veel voor hem gebeden. Toen aan het licht kwam dat hij zelfmoord had gepleegd was dat voor hen eerst ongeloofwaardig en daarna een groot verdriet. Ondanks alles blijven velen hem trouw. Dat bleek ook bij zijn uitvaart.
28-01-2011
Jaarnummer KFV-Mededelingen 2010, 38e Jaargang
Naar aanleiding van de 63e Frans-Vlaamse Cultuurdag, die dit jaar plaats vond in Belle, op zondag 26 september 2010, in het stadhuis, verscheen het Jaarnummer 2010 van de vzw-KFV-Mededelingen 38e Jaargang. De foto op het voorplat is van Annemie Dheedene, lid van de WARO-fotoclub, en de foto op het achterplat is van Etienne Deman, stichter en erevoorzitter van WARO. Ook de reeks foto's over de Academische zitting zijn van hem.
We bekijken nu de KFV-Mededelingen:
- In de KFV-Mededelingen handelt het eerste artikel over de laureaat van de 11e Vital Celenprijs, de Frans-Vlaming Pascal Heveraet, met foto. Dan volgt de uitgebreide bio-bibliografie van de naamdrager van de prijs, Prof.dr. Vital Celen ( ° Hulshout 9 februari 1887 - + Antwerpen 8 september 1956 ), geschreven door Luc Verbeke.
De rubriek ' Uit en over Frans-Vlaanderen ' brengt vooreerst het ' Activiteitenverslag 62e Werkjaar 2006 van de vzw-KFV-Mededelingen ' van de hand van Dirk Verbeke.
Punt 1 van dit verslag handelt over het onderwijs van het Nederlands in Frans-Vlaanderen met de KFV-cursussen Nederlandse taal en cultuur in 2009. ( 51e en 52e cursusjaar ) Na een historisch overzicht over de impact van de vrije KFV-cursussen op de officiële initiatieven lezen we over de overdracht van die cursussen aan het Huis van het Nederlands in Belle. Dat gebeurde aanvankelijk niet zonder heel wat praktische problemen tot op 19 juni 2008 een contract werd ondertekend tussen het KFV en het MNL waarbij bepaald werd dat het Huis van het Nederlands vanaf september 2008 de cursussen zou overnemen met logistieke en financiële steun van het KFV. Aldus zou het KFV de reiskosten van de leraren blijven betalen en de cursussen financieren via een reductie van 20 euro per leerder, die nu een inschrijvingsbijdrage ten voordele van het MNL moest betalen. Ten gevolge van deze regeling daalde vanzelfsprekend het aantal leerders gevoelig: een vermindering van het aantal cursussen van 33 tot 18 en van het aantal leerders van 366 naar 159. Daarna zou het aantal cursisten weer stijgen 78 in Belle en 140 buiten Belle ( Rijsel, Steenvoorde, Duinkerke, Marck, Halewijn, Hazebroek en Lannoy ) met een totaal van 218 voor het schooljaar 2009 - 2010.
Maar gelukkig kon nog een ander initiatief worden genomen: een samenwerkingsverband tussen het KFV en de Frans-Vlaamse vereniging Yserhouck uit Volkerinkhove, met co-fianciering van hun cursussen door de vzw-KFV-Mededelingen. Aldus worden nu 7 cursussen in de hele regio ( Zuidkote, Blaringem, Ekelsbeke met 2 niveau's , Waten, Rubroek en Wormhout ) ondersteund met 70 cursisten. Zo komt het aantal cursisten in Frans-Vlaanderen weer op 288.
In punten 2 en 3 volgen enkele bladzijden over de eerste Luc Verbekeprijs, uitgereikt op zondag 27 september in Waregem. Guido Carron sprak een welkom uit en hield de openingstoespraak. Francis Persyn belichtte de persoon en het werk van Luc Verbeke. Na het rapport van de jury werden de prijzen uitgereikt. De laureaten waren Luc Devoldere met ' Het grote rivierenboek ' en Annie Degroote, Luc Buerman en Ludo Milis voor de Franstalige publicatie ' La Flandre de France'. De naamdrager van de prijs overhandigde de prijzen en sprak daarna een dankwoord uit. Daarna volgde het verslag van de 44e Nederlandse taalprijsvraag van het KFV door Dirk Verbeke, met als laureaat Claude Ségard uit Zandgat -Sangatte De talrijke prijswinnaars volgden. Ze kregen allen een pakket boeken. De laureaat kreeg ook de prijs van de stad Nieuwpoort, uitgereikt door Etienne Desaever. We lezen in het nieuwe nummer enkele mooie gedichten van deelnemers.
Vervolgens wordt aandacht gewijd aan de 40e André Demedtsprijs 2009, toegekend aan Luc Vranckx en zijn groep Euvo. Cyriel Moeyaert sprak de laudatio uit. Er is een verslag van Dirk Verbeke.
Dan volgt een uitgebreid verslag over de 36e Frans-Vlaamse Dagen Nieuwpoort, 3 -18 april 2010, van de hand van Roger Vynckier. Belangrijk was de banden die gelegd werden tussen Hazebroek en Nieuwpoort. Hazebroeks burgemeester Allossery kwam zijn stad voorstellen nadat burgemeester Crabbe dit al gedaan had voor Nieuwpoort.
Op blz.40 wordt 20 jaar Yser Houck herdacht door Dirk Verbeke. Yserhouck, met zetel in Volkerinkhove, werd in 1989 opgericht door o.m. Felix Boutu, die nog altijd de ijverige voorzitter is. Persoonlijk hebben we goed zijn vader Felix Boutu gekend, burgemeester van Broxeele, de gemeente die verbroederde met Brussel. Felix was ook Ridder in de Orde van het Manneke uit de Mane.
In de rubriek Nieuwe Publicaties i.v.m. Frans- Vlaanderen bespreekt Johan Strobbe het boek ' De Zuidelijke Nederlanden. Hij constateert dat het KFV berooid uit dit boek te voorschijn komt en dat het boek inhoudelijk te fragmentarisch is en een te nostaligisch beeld brengt van de Frans-Vlaamse regio. Dirk Verbeke bespreekt nog een aantal andere werken . Vooreerst wat Jacques Fermaut op het getouw heeft staan: de vertaling van het historisch oeuvre van de Nederlandse archivaris- historicus wijlen Albert Delahaye, die heeft aangetoond dat de vaderlandse geschiedenis van Nederland zich heeft afgespeeld, in de Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen, in Frans-Vlaanderen en het Franse noorden. Ook de vertaling is klaar van De Morinus et Moninorum Rebus van Jacobus Malbrancq ( 1639 ), die schreef dat de Cimbri of Saxones, vanaf de stichting van Rome ( 753 voor Christus ) bij de Morijnen het gebied bezetten dat door de Schelde, de Lieve en de zee omsloten is, terwijl historici totnogtoe de Cimbri in Denemarken plaatsten, waar ze nooit verbleven hebben, evenmin als de Saksen in Noord-Duitsland , waar ze maar aankwamen na de achtste eeuw. Dit volledig werk van Jacques Fermaut ' Deplacements historiques ' telt 314 blz. ( met 31 kaarten en illustraties ) kost 30 euro en is te verkrijgen bij Jacques Fermaut, 13 Rue de l' Eglise, F 59380 Bierne. E-mailpost: jacfermaut@nordnet.fr
In de 32e editie van De Nederlanden extra muros, vindt Dirk Verbeke twee grondig geannoteerde historische bijdragen van Cyriel Moeyaert: Een Vlaams college in Sint-Omaars: het Sint Bertijnscollege en ( in samenwerking met Kristof Papin ): De rol en betekenis van Renaat Despicht voor de Zuid-Vlaamse beweging.
Willy Spillebeen krijgt veel lof voor zijn boek ' Rubroeks reizen', Davidsfonds Leuven, 498 blz.- 24,95 euro. Een historische roman over de Frans-Vlaamse Marco Polo, Willem van Rubroek ( Rubrouck is een gemeente tussen Kassel en Sint-Omaars, waar Willem werd geboren in de 13e eeuw ) Als franciscaan werd hij door de Franse koning Lodewijk IX op missie gestuurd en hij belandde na duizenden kilometer in Mongolië. Daarover schreef hij een reisverslag, zijn Itinerarium. Willy Spillebeen is in zijn huid gekropen en brengt van hem een authentiek portret. Dirk Verbeke looft ook meteen de andere werken van Spillebeen over Frans-Vlaamse figuren o.m. Emmanuel Looten en Ogier Gisleen van Busbeke. Hij bespreekt daarna nog de hiernavolgende werken: - Een boekje van Jean- Pierre Popelier, Belges et Français du Nord. Une histoire partagée- Lille: La Voix du Nord- 51 p. Popelier ( ° 1936 Roubaix - Robeke ) is een achterkleinzoon van een immigrant uit het Gentse. ( Popeliers zijn er heel wat. In mijn geboortedorp Wakken waren er ook, die een grote hoeve bezaten aan de overzijde van De Trog, dichtbij de weg naar Markegem ) De auteur schetst kort maar goed de geschiedenis van de Belgische immigratie in de 19e en de eerste helft van de twintigste eeuw, hun wel en wee, hun bijdrage tot de economie en hun opvallend vlugge integratie. ( Ik heb ook familieleden die immigreerden naar Robeke en Torkonje )
- Het tweetalige jaarboek De Franse Nederlanden nr 35, waarbij een overzicht van bijdragen van o.m. Wim Chielens, Ludo Milis, prof.ém. Gent, over de Eurometropool Rijsel-Kortrijk- Doornik ), tuinjournalist Paul Geerts, stedenbouwkundige Jef van Staeyen en in de toegevoegde Kroniek een artikel van Steven Masil en Jan Yperman, over de taalsituatie in Menen en Wervik, en een uitgebreid artikel van hemzelf, Dirk Verbeke, over de film ' Hadewijch ' van de controversiële filmregisseur Bruno Dumont, die in Belle werd geboren en er ook woonde tot zijn dertigste. Doelbewust gebruikt hij Frans-Vlaanderen als decor voor zijn films. Absolute recordcijfers ( 20 miljoen kijkers ) zoals Danny Boon bereikte met ' Bienvenue chez les Ch'itis ', die zich ook afspeelt in Frans-Vlaaderen, n.l. in Sint-Winoksbergen, die Boon voorstelt als een stad die aansluit met de hele regio van Rijsel tot Duinkerke, waar de taal Ch'tis wordt gesproken en dus geen Vlaams, iets wat Dirk Verbeke, hem toen in een vorige filmbespreking sterk heeft verweten. Zo'n succes kan de film van Dumont met zijn jongste en vijfde productie, over Hadewijch, niet bereiken. De film werd in eigen land voorgesteld op 25 november 2009, en verdween al na enkele weken van het scherm in Rijsel maar ook in Parijs. Nochtans schrijft het gerennomeerde tijdschrift Cahiers du Cinéma dat ' Hadewijch ' behoort tot de wereld-toptien van 2009. Meteen bespreekt Dirk Verbeke kort ook de vorige films van Dumont, die binnen de cinefiele wereld niet onopgemerkt zijn gebleven. Zo ontving hij voor zijn eerste langspeelfilm ' La vie de Jésus ' de prijs Jean Vigo en de Gouden Camera in Cannes. Er staat nog veel meer in deze lange en interessante bespreking, maar daarvoor doet men er goed aan dat alles in het 35e Jaarboek zelf te lezen. Dat betreft ook de andere waardevolle bijdragen van o.m. Joost De Geest, Luc Devoldere ( over De welsprekendheid van een zwijgende voettocht ) en Cyriel Moeyaert over ' Een kerstspel uit Belle )
- Een nieuw boek van de Frans-Vlaamse schrijver Jacques Messiant over magie, hekserij en volksgeloof ( 2009 ) en nog een meer recent werk ( 2010 ) over Hazebrouck de A à Z ' - Een werk van Mark Deltour over Renaat Lecluyse, een getuigenis over de vele initiatieven ten voordele van Frans-Vlaanderen door hem genomen. - Een kleinood van Wido Bourel over 'Wintertijd in Frans-Vlaanderen ' , ( 13 blz.) gestuurd naar vrienden als nieuwjaarsgeschenk. een werkje over zijn kinderjaren in Kaaster met bijzondere aandacht voor zijn Vlaamssprekende grootouders. - Tenslotte worden nog enkele kleiner werkjes en tijdschriften besproken o.m.van de MDSK met een historiek over Euvo o.l.v. Luc Vranckx en de resolutie van de MDSK op een FUEV-congres in Brussel, met 200 congresgangers uit een dertigtal landen.De resolutie vraagt het gebruik van het Frans-Vlaamse dialect in de kleuterscholen en van het Nederlands in de lagere scholen en het voortgezet onderwijs als tweede taal. Binnenkort verschijnt een boek ' Van Noord-Berkin naar Vieux-Berquin ' 850 jaar geschiedenis over het geslacht Berquin, dat de naam gaf aan het dorp. Een luxe-editie, geschreven door Jean-Pascal Vanhove en uitgegeven door erenotaris Hans Berquin, die samen met de auteur Vanhove op de Cultuurdag in Belle aanwezig was.
- Na een bespreking van drie films die zich afspelen in Frans-Vlaanderen besteedt Dirk Verbeke in een rubriek 'Personaal', aandacht aan het 65-jarig priesterjubileum van de 90-jarige Cyriel Moeyaert, de 99-jarige Daniël Merlevede en van mijzelf, nu ook al 86 jaar, om te besluiten dat werken voor Frans-Vlaanderen niet zo ongezond is... Hij stelt ook Philippe Masingarbe ( ° Hazebroek 1950 ) voor als nieuwe voorzitter van het Comité Flamand de France in opvolging van mevrouw Christiane Lesage.
- In een nieuwe rubriek ' Gastauteurs over Frans-Vlaanderen ' is de eerste auteur Wido Bourel ( geboren op 16 februari 1955 in Hazebroek en opgegroeid in Kaaster dat hij in 1974 verliet om in Belgisch Vlaanderen te gaan werken en wonen n.l. in Bouwel , Antwerpen. Onder de titel ' Een erfenis zonder testament. Hoe en waarom ik Nederlands leerde ' schrijft hij uitgebreid ( 8 bladzijden ) over de wijze waarop hij eerst autodidactisch Nederlands leerde, nadat hij in de huiskring het Vlaams had geleerd. Hij speurde in zijn familiegeschiedenis en vond er verre verwanten met grote namen als priester Albertus Josephus Bourel met gedenkplaat op de muur van de kerk van Herzele, en ook een rederijker en schrijver Winok Bourel ( 1802-1880 ). Hij vertelt ook over zijn taalstrijd als student in Hazebroek waar hij het onderwijs van het Nederlands eiste, zelf Nederlands ging leren in een KFV-cursus in Steenvoorde, zijn ontmoetingen met mij, André Demedts en Cyriel Moeyaert, de Nederlandse KFV-cursus die hij oprichtte in zijn geboortedorp Kaaster, zijn verblijf in het Nederlandse Groningen, zijn initiatief tot oprichting van de vereniging Hekkerschreeuwen in Steenvoorde, voor opbouwwerk en volkscultuur, zijn medewerking aan de Frans-Vlaamse Cultuurdagen, aan radio West-Vlaanderen ( toen onder directie van André Demedts ), zijn verdere studie in Antwerpen, waaruit voortvloeide dat hij daar ook werk vond, huwde met Vera Versweyfeld en met haar drie kinderen heeft en dus woont in Bouwel. Hij is sinds 1994 algemeen directeur voor de Benelux van de Rajagroep, de Europese marktleider voor de verkoop van verpakkingen en toebehoren aan ondernemingen.
De tweede gastauteur is de Frans-Vlaming Philippe Ducourant die schrijft over ' Flandre française: une identité culturelle aujourd'hui bien fragile ' Hij is een goed waarnemer van alles wat er nu omgaat in Frans-Vlaanderen en de problematiek van het identiteitsgevoel aldaar. Vooreerst moet er een onderscheid gemaakt worden tussen de Frans-Vlaamse Westhoek, van de Leie tot de Noordzee, de oorspronkelijk Vlaamsprekende regio ' La Flandre française de langue flamande ' ( titel van het werk van Emile Coornaert, 1970), door anderen ook genoemd ' La Flandre flamingante ' of nog ' La Flandre maritime'. Daartegenover is het Rijselse Vlaanderen of ' La Flandre gallicante ', bezuiden de Leie van Armentiers tot Dowaai. De identiteit is sterk verbonden met de taal: in de Westhoek het Vlaams, in Rijsels Vlaanderen of la Flandre gallicante het Ch'tis maar ook het picardisch. In een artikel dat Ducourant daaropvolgend nog schrijft zegt hij dat Rijsel vooral het gebruik van het Nederlands stimuleert. Voor de regionale hoofdstad is het gebruik van het Nederlands voor toeristen ook gebruikelijk geworden. We mogen ook niet vergeten dat het Nederlands in de beide universiteiten ( in de katholieke al vanaf 1926 ) onderwezen wordt, dit als persoonlijke toevoeging aan het artikel. Hij vindt dat alle actoren uit de culturele en toeristische wereld zullen moeten samenwerken voor de promotie van de Vlaamse cultuur in Noord-Frankrijk om te voorkomen dat het identiteitsgevoel zou verzwakken of verdwijnen. Het hernieuwde museum van Kassel dat, na lange renovatiewerken door de ' Conseil Général du Nord ', in oktober 2010 de deuren opent zal heten: Musée de Flandre. Le musée de l'identité culturelle flamande. Dat is in elk geval een stap in de goede richting, besluit Philippe Ducourant. ( Inmiddels is het meseum geopend. In De Standaard deel II van 15 oktober 2010 staat daarover een mooi artikel ). In een volgend stuk schrijft Ducourant over ' De noodzaak van het gebruik van het Nederlands en het Vlaams bij de ontwikkeling van het toerisme in Frans-Vlaanderen ' Hier moet een harmonieus huwelijk ontstaan tussen de Vammse cultuur in Frans-Vlaanderen ( met zijn Vlaamse streektaal ) en de Nederlandse cultuurtaal van onze buren ( de dichtste zijn Belgisch-Vlaanderen en Nederland ) als de sleutel tot het succes van het toerisme in de Westhoek. De Frans-Vlaamse verenigingen en de nieuwe intercommunales, die nu de vectoren zijn voor de verspreiding van het Nederlands. Zo is nu Le Pays de Flandre ( het rurale Frans-Vlaanderen ) een officiële vereniging, belast met cultuur en toerisme voor het geheel van het oorspronkelijke Frans-Vlaanderen. Voor het logo werd zonder meer gekozen voor een ...leeuw. Webstek: www.paysdeflandre.fr Philippe Ducourant ( ° Hazebroek 1976 ) is sinds 2008 voltijds animator en tweetalige gids van het Maison de la Bataille in Noordpeene.
In een volgende stuk schrijft de zeer verdienstelijke Hedwig van Hemel ( ° Leeuwarden 1963 ), die een grote rol speelde voor het Nederlands onderwijs en het Vlaams cultuurleven in Belle, uitgebreid over het kleine maar rijke museum De Puydt in Belle, met kunstwerken van hoge kwaliteit. Een artikel van 5 bladzijden met foto's. Hedwig Van Hemel is sinds 2009 Hoofd van de administratie van het Museum De Puydt, nadat ze al sinds 1988 werkte in Belle, eerst als taalassistente en medewerkster bij de Culturele Dienst en sinds 2001 als Diensthoofd voor de organisatie van de lagere scholen. In 2008 was ze al interim-directrice van het Museum De Puydt. Ze is tevens ondervoorzitter van het Huis van het Nederlands en is voor het KFV sinds 1988 een vaste en gewaardeerde medewerkster en de aangewezen contactpersoon tussen het KFV en het stadsbestuur, eerst onder leiding van burgemeester Jean Delobel en nu van Michel Gilloen. Zij is er onontbeerlijk voor de organisatie van de Frans-Vlaamse Cultuurdagen in samenwerking met Dirk Verbeke.
Wordt voortgezet.
23-01-2011
Derk Jan Eppink over België en Vlaanderen.
De bekende Nederlandse journalist Derk Jan Eppink publiceerde onlangs in het NRC- Handelsblad ( 18 januari 2011, pagina 9 ) een treffende beschouxing over de huidige politieke situatie. Hij beschrijft hoe hij de evolutie ziet van Vlaanderen en België in de strijd van Bart De Wever tegen het Belgisch establishment. Hij begint zijn column met de vermelding van het Communistisch manifest, dat Marx eind 1847 in Brussel schreef en die toen nooit zal hebben vermoed hoe België het beste voorbeeld zou worden van zijn politieke theorie over - de socio-economische onderbouw ' die de ' politiek culturele bovenbouw' determineert. In België stelde de 'bovenbouw ' zich moeiteloos in op de veranderende ' socio-economische onderbouw' . Zo was Wallonië eens rijk en Vlaanderen was arm. Vlaanderen was arm maar werd dan rijk en Wallonië werd arm en leeft sindsdien van de transfers van Noord naar Zuid tot op heden toe. De gemeenschappelijke hoofdstad Brussel is de hoofdstad van vergane glorie.
Toch is er een transformatieproces waarop België mogelijk stukbreekt: de Vlaamse natievorming.Het Belgisch establishment staat nu oog in oog met Bart De Wever, de leider van de Vlaamse nationalisten, die het Vlaams autonomiestreven verpersoonlijkt.
Het establishment, met aan het hoofd de koning, zijn entourage en de heersende elite, is altijd geslaagd in het beheersen van transformaties, door zijn exponenten een belang te geven in België. Waalse socialisten, ook staatsgevaarlijk, werden trouwe landgenoten dankzij de subsidiekassen van de Belgische staat. Links Vlaanderen, socialisten en groenen werden bondgenoten. Ze wonen liever in een links België dan in een rechts Vlaanderen. De Vlaamse culturele elite werd ingepalmd door een België dat zich afficheerde als multicultureel. Dat was stijlvoller dan kneuterige Vlaamse dorpstrots met pensenkermissen rond parochiezalen.
De Wever is een probleem. Hoe kan het Belgische establishment een politicus incorporeren die geen voostander is van België? Hij die zelfs het koningshuis een poppenkast durft noemen... Hij is anders dan de meeste politici die ontzag koesteren voor het gezag en gemakkelijk te paaien zijn met audiënties, eretitels en erebanen. België heeft circa vijftig ministers van staat. Succesvolle Vlamingen van charmezanger tot zakenman, maken kans op een adellijke titel - baronnen bij de vleet. Het Belgische esthablisment kon zo voorkomen dat zich een politiek-cultureel zelfbewuste Vlaamse bovenlaag ontwikkelde.
Het esthablishment heeft echter het autonomiestreven in Vlaanderen, de ' onderbouw ' onderschat. Jarenlang werd het Vlaams nationalisme, samen met het Vlaams Blok, veilig verbannen achter een cordon sanitaire - de uitsluiting van de macht. Het werd geblokt met etiketten als ' fascisme ' en ' racisme '. Vlaamse, traditionele partijen hadden een eigen recept om het autonomiegevoel electoraal veilig op te vangen. Voor de verkiezingen voerden ze een luidruchtige pro-Vlaamse campagne om de dag na de verkiezingen te verstommen. Het establishment vond het prima. De Vlaming die premier werd, verloochende alles wat hij zei. De liberale premier Guy Verhofstadt ( 1999 - 2008 ) deed dat met verve.Juist in die periode ging het mis. De christen-democratische CD&V, de natuurlijke regeringspartij, kwam in de oppositie en volgde een pro-Vlaamse koers. Dat deed zij in kartel met een Vlaams nationalistische partij ( de N-VA ). Yves Leterme sloeg onder luid applaus van zijn junior kartelgenoot De Wever, op de Vlaamse trommel. België moest confederaal worden. De christen-democraten boorden zo de bron aan van het Vlaams nationalisme. Het werd een eclatant succes.
In 2007 zegevierde het koppel Leterme-De Wever. Leterme kwam voor de keus te staan: Vlaams minister-president blijven ( n.b. zoals hij dat schitterend had gedaan ) of Belgisch premier worden. Daarna schrijft Eppink: ' Hij verkoos dat laatste en verloochende zijn Vlaamse beloften. Het kartel ontplofte.' Ik meen dat Leterme dat premierschap verkoos met goede bedoelingen n.l. de Franstalige overheersing breken maar hij mislukte ook door de schuld van eigen, misschien afgunstige partijgenoten, als Herman Van Rompuy, die toen voorzitter van de kamer was en hem deed sneuvelen i.v.m. de Fortis-affaire.
We citeren nu verder: ' De christen-democraten hadden wel het Vlaamse autonomiestreven gelegitimeerd. De N-VA begon te groeien. Het CD&V zakte weg. De Vlamingen zijn trots. Ze zien in De Wever een man die pal staat voor de Vlaamse autonomie en die het durft te zeggen. De Vlaamse partijen die het Belgische establishment altijd hielpen, liggen in puin.' Wat kanhet establishment nog doen? Interne correctiemiddelen ( afkopen, inkopen, omkopen ) werken niet bij De Wever. Wat resteert is externe druk, bangmakerij. Het establishment kent de psyche van de Vlaming: moedig aan de toog maar minder strijdvaardig naarmate het gevaar dichterbij komt. Daarom verschijnen in de media verhalen over speculanten die het als aasgieren hebben voorzien op België. De schuldige is bekend: Bart De Wever. Want hij kan geen compromissen sluiten, Oproepen volgen om een noodregering te vormen zonder de N-VA. Ook Europa wordt erbij gesleept.Europees Commissievoorzitter Barroso moet zeggen dat België snel een regering moet hebben.
De vraag is hoe koel De Wever kan blijven in het politieke schaakspel met het establishment. Marx zou dit waarschijnlijk zien als de klassieke spanningen die onvermijdelijk een einde maken aan het systeem. De politiek-culturele bovenbouw ontsnapt niet aan de wurggreep van de socio-economische onderbouw. De tijd speelt in het voordeel van De Wever. De Belgische staat verkeert in politieke en financiële ademnood. Wallonië en Brussel zitten structureel krap bij kas. Nieuwe verkiezingen kunnen alleen maar Vlaanderen en Wallonië radicaliseren tot 40 % voor De Wever en 40 % voor Di Rupo. De twee kunnen dan om tafel zitten om de koek te verdelen. Wallonië wil geld en Vlaanderen zijn ' eigen bovenbouw.' Marx wees erop dat de instemming van het establishment niet is vereist voor een politieke omwenteling, integendeel. Geen establishment is gezelliger en minzamer dan het Belgische, dat de beste champagne schenkt, maar de geschiedenis kent geen genade met wie zich de leerrijke lessen van het Marxisme niet eigen maakt. Aldus Derk Jan Eppink in zijn column in het NRC-Handelsblad.
19-01-2011
In Memoriam Bernard Viaene
Bernard Viaene ( 59 jaar ) uit Rekkem, bekend als chef van de administratie bij ' Ons Erfdeel ', is na een slepende ziekte overleden. Hij werkte al 40 jaar bij Ons Erfdeel en hij was altijd aanwezig op de Frans-Vlaamse Cultuurdagen om de tijdschriften Ons Erfdeel en Septentrion en ook andere publicaties van de Stichting voor te leggen en te propageren. We bewaren aan deze jonge vriend de herinnering van een zeer eenvoudig man, altijd vriendelijk en met goed humeur, nauwgezet en correct. Jozef Deleu getuigt over hem: ' Voor zijn collega's was hij een ware toeverlaat, maar ook het levende geheugen van Ons Erfdeel. ' Ondanks zijn ziekte bleef hij tot zijn laatste weken en zelfs dagen werken voor de Stichting. Een zwaar verlies voor Ons Erfdeel, maar zegt Jozef Deleu: ' Ondanks verdriet en verslagenheid, overheersen bij mij gevoelens van grote waardering en oprechte erkentelijkheid '. Bernard werd vrijdag 21 januari om 10 uur begraven in de Sint-Niklaaskerk in Rekkem. De kerk was nokvol en velen konden er niet binnen. Vooraan zaten de echtgenote van Bernard, Rosette Vanthournout en kinderen en dan de vrij grote familie. Rechts zaten Jozef Deleu, Luc Devoldere en de collega's van Ons Erfdeel. De celebrant zei o.m. bij de verwelkoming: ' Wij bidden tot U, God, bewaar in ons het beeld van deze mens, roep in ons het goede op dat Bernard voor ons betekende. Ontsluit in ons de dankbaarheid om wie hij was. Nu wij hem toevertrouwen aan de aarde bidden wij dat zijn diepste verlangens tot voltooiing mogen komen en dat hij vrede vindt in U ' Een innige uitvaartplechtigheid met mooie gedichten en muziek o.m. van Willem Vermandere ' Kasteel van schelpjes en zand ' en van Bram Vermeulen ' De steen ' waaruit we de slotverzen citeren: ' Ik heb een steen gelegd/ in een rivier op aarde./ Nu weet ik dat ik nooit zal zijn vergeten./ Ik leverde bewijs van mijn bestaan. / Omdat, door het verleggen van die ene steen, de stroom nooit meer dezelfde weg zal gaan. ' Tijdens de offerande hoorden we liederen van o.m. Stef Bos ' Ik mis jou.', Wim Sonneveld ' Het Dorp ', Liesbeth List en Ramses Shaffy ' Pastorale '. Kinderen en kleinkinderen lazen getuigenissen en gebeden. Bij het einde hoorden we een bezinning naar Nelly Maes en een heel mooie laatste groet: ' Ga nu mijn lieve man, pa, opa. zoon/ broer/ nonkel Bernard/ trouwe vriend en collega./ Word zandkorrel,/ Word druppel in de zee,/ Word ademtocht, / Word innige gloed. / Ga onder Gods hoede, / In de stilste stilte, / Tot de diepste diepte, / Naar de verste verte. ' We hoorden ook nog de tekst en muziek van Bram Vermeulen: ' Testament '. bij het heengaan.
27-12-2010
Denkend aan grootvader.
Denkend aan grootvader
Grootvader, nu ik je foto zie denk ik aan jou met jouw hand-gekromde wandelstok, die mijn erfdeel werd en die zich nu als een kleinood in onze hal bevindt, staande in een oude, bruin-glazuren pot. De wandelstok, waarnaast ik vaak als kind blij dartelend aan jouw hand mocht lopen. Ik koester hem omdat hij mij verbindt met een al ver verleden: toen jij bijna elke dag naast mij bij ons aan tafel zat en als een taartje de patatjes plat streek vóór jij ze at, met jouw tandeloze mond. Of ook nog toen jij met mij langs velden en langs weiden liep en achter de prikkeldraad van onze wei ik aan jouw zij door jouw gepinde wandelstok beveiligd werd voor een verstierde koe die altijd naar mij toe, het bange kind, kwam aangerend. Tot ik, acht jaar geworden, in een zijkamer van jouw huis - naast de kamer ons bekend met jouw klein hand-weefgetouw op kleien vloer - mocht binnengaan en ik jezelf dan met gevouwen handen, afgeleefd, nu als een dode op jouw sterfbed liggen zag: jij de sterke man, die jarenlang met groot gezag als meestergast gewerkt had met z'n zes zonen - ook m'n vader - in een klodden - vlasbedrijf.
Ik wist met mijn emoties nog geen blijf maar keek je aan met stil verdriet. Grootvader, herinneringen leven in mij voort en ik vergeet je niet.
Luc Verbeke
8 november 2006.
Uit " Nieuw en Oud " blzn.12-13
24-12-2010
De ouders van Luc Verbeke
Dit is een foto van mijn ouders: Daniël ( ° Wakken 2 april 1893 - + Waregem 16 september 1973 ) en Maria Decock ( ° Wakken 18 mei 1895 - + Wakken 6 september 1974 ). De foto werd genomen op hun gouden jubileum op 19 januari 1971. Hun burgerlijk huwelijk dateert immers van 19 januari 1921 en hun kerkelijk van 20 januari 1921. De franstalige baron Kervyn de Lettenhove was toen burgemeester. De viering werd ingezet in het Wakkense stadhuis met een toespraak van burgemeester Camiel Cluyse ( die in de lagere school een klasgenoot was van mij ) en met een heildronk. De hele familie zette dan het feest voort in " Het Schaak "
Bij het overlijden van vader en moeder schreef ik voor hun bidprentje een " In Memoriam ".
23-12-2010
Witte Kerstdag. André Demedts
Klein broertje heeft gebeden om deze Kerstdag wit te zien, met voetstappen in de verse sneeuw voor het raam, en een roodborstje op een twijg, dat zingt van de verre lente en de bloemen misschien, en als de middagklokken over de vlakte ontwaken, een vage glans van de zon op bomen en daken en de mensen zo zwart in de sneeuw, zeer groot en eenzaam.
Maar ons hart is zo licht te dragen vandaag, het is of we opnieuw mochten beginnen en alles vergeten wat niet meer is; in ieder oog blinkt een vlam en een traan, er is zo'n blij welwillen in ons, vandaag zullen wij allen met een grote liefde beminnen en niet één zal zijn blik in wantrouwen nederslaan. Want ieder mens die een eindweegs met ons gaat, kan Christus zijn, die voor één dag over de wereld gaat, en daarom willen we allen weerhouden: Blijf nog wat want het wordt nacht, ieder jaar is er maar eenmaal Kerstdag en ons hart heeft zolang op uw komst gewacht.
Want zoveel moeten we zeggen en vragen, wat ons verheugde, wat leed heeft gedaan en ik kom bedelen ieder jaar weer op deze dag, want mijn armoe en honger eindigen niet. As ik vanavond door de sneeuw naar huis zal gaan, Jezus en Gij Moeder, genees mijn verdriet en help ons allen, die over de vlakte het rinkelen van sleebellen horen en die geen meester zijn over het heimwee van ons bloed; help on allen, die vruchteloos sjouwen onder de mensen en die onze hoop verloren, wij zijn dompelaars en boeven ook, maar over alle sneeuwpaden komen we U en de sterren tegemoet.
Moeder, voor allen laat me bidden vandaag: voor mijn dode vriend, geef vader en moeder geluk en ook mijn kameraden en wat liefde aan uw dwaas, die het niet verdient en veel trouwe liefde aan Vlaanderen, Moeder, want het werd zo dikwijls verraden. Ik ben maar een schamel arbeider, die U niets geven kan dan wat scherven van zijn hart, het is zo weinig, het is niets um dat alles te vragen... maar als het niet mag, wees voor allen niet even hard en laat één, die jong is en sterk, het lastigste dragen.
Moeder, klein broertje heeft gebeden opdat Uw Kerstdag wit zou zijn, geef aan ons allen over de sneeuw veel zonneschijn!
Uit: JASMIJNEN, 2e druk, 1930, blz.47.
Het gezin van Luc Verbeke in 1964
Op deze foto zien we ons gezin in 1964, dus 43 jaar geleden.
Van links naar rechts zoon Mark, nu huisdokter in Kessel ( Station ), zoon Dirk, nu als germanist leraar aan het Klein Seminarie in Roeselare, ikzelf en Maria met de kleine Hilde, Hilde is nu als germaniste lerares in het H.-Hart-instituut van Heverlee, en zoon Wim is als pneumoloog verbonden aan het Stedelijk Ziekenhuis van Roeselare. De echtgenote van Dirk ( Lut Vanbrussel ) is kleuteronderwijzeres in Roeselare, de echtgenote van Mark ( Hilde Degrauwe ) is directeur van het Sint-Ursula- Instituut in Lier en de echtgenote van Wim ( Ilka Vossaert ) is lerares in Waregem, de echtgenoot van Hilde ( Lieven Lagae ) is hoogleraar aan de K.U.L.
Van de 13 kleinkinderen zijn er momenteel al vier afgestudeerd aan de universiteit: Reinout ( Germaanse filologie + Journalistiek ), werkzaam als Chef on-line bij het populair wetenschappelijk tijdschrift Eos, Heleen ( Arabistiek en neerlandistiek) werkzaam in Brussel en aan de universiteit Antwerpen, Gijs ( Rechten ), werkzaam als advocaat in Brussel, en Eef ( Master Italiaanse Taal en Letterkunde en ook journalistiek. ), op zoek naar een betrekking.
22-12-2010
Onze kinderen op nieuwjaar 2011
Dit is de jongste foto van onze vier kinderen, genomen bij ons thuis in Waregem op nieuwjaar 2011.
Staande van links naar rechts volgens leeftijd Hilde, Wim, Mark en Dirk. Zittend wijzelf.
Kerstmis
Jezus Christus, onze broeder, onze Redder en behoeder die ons optilt naar het Licht. Zoon van God maar ook een mens, voor ons geboren uit de Geest en uit Maria, maagd en moeder. Boven allen uitverkoren en toch aan ons gelijk: aarde en water, as en slijk, been en vlees met hart en bloed, lichaam dat ééns sterven moet.
Vrijwillig koos Hijzelf voor ons de kruis-en schandedood om de zonde en de dood voorgoed te overwinnen en het Heil voor ons te winnen.
Nu vieren wij de Kerst, het Kind, het diep geheim van Zijn geboorte, in de donkerkoude wintertijd, maar die ons straks weer, lentelijk, naar Zijn Pasen leidt: Hoogfeest van Zijn Verrijzenis, met belofte dat Hij wederkomt op het einde van ons leven, met het bijzonder oordeel over eigen goed en kwaad maar op het einde van de tijd, het naar Zijn Woord, laatste oordeel, en de collectieve opstanding van de hele mensheid voor de hele eeuwigheid.
Luc Verbeke 23 december 2006
Uit " Nieuw en Oud " ( 2006 )
Stamboom familie Lieven en Hilde Lagae- Verbeke
Dit is een foto van de familie Lieven en Hilde Lagae-Verbeke.
Links bovenaan: moeder Odette Lagae-Vandewaelle en vader Gabriël Lagae. - eerste pijl links: Koen en Hilde Devriendt - Lagae en hun drie kinderen. Van links naar rechts: Karel, Annelies, Bart. Volgens leeftijd: Bart, Annelies, Karel.
- tweede pijl rechts: Lieven en Hilde Lagae-Verbeke en kinderen: van links naar rechts: Dries, Leen, Wout en Kaat ( met ernaast verloofde Wouter Heynderickx ) Volgens leeftijd: Kaat, Dries, Wout en Leen.
Rechts bovenaan: vader en moeder Luc en Maria Verbeke-Bossuyt.
- eerste pijl naar onder: Dirk en Lut Verbeke-Vanbrussel en kinderen Heleen ( 2e in leeftijd ) en Reinout en Catherine Baele met kind Maurien ( dus achterkleinkind van Luc en Maria )
- tweede pijl midden: Mark en Hilde Verbeke- Degrauwe met kinderen Nel, Eef en Gijs. Volgens leeftijd: Gijs, Eef en Nel.
- derde pijl rechts: Wim en Ilka Verbeke-Vossaert met kinderen: rechts Liselot, links Annelien, Nikolaas en Dieter. Volgens leeftijd: Nikolaas, Dieter, Liselot en Annelien.
Klikken op de foto en dan nog maximaliseren.
Eerste achterkleinkind
Als dochtertje van Reinout en Catherine Verbeke - Baele werd op 8 oktober 2008 ons eerste achterkleinkind geboren met naam Maurien. Meteen het eerste kleinkind van onze oudste zoon Dirk en Lut Vanbrussel, uit Roeselare.
Op de foto: eerste glimlach van Maurien ( twee maanden oud )
21-12-2010
Eerste achterkleinkind Maurien
Enkele foto's van Maurien op 15 augustus 2009 bij ons thuis op bezoek met grootouders Dirk en Lut en tante Heleen. Maurien is nu ongeveer 10 maanden oud.
20-12-2010
Irene
We zijn gelukkig met de geboorte van ons tweede achterkleinkind met naam Irene, dochtertje van Reinout en Catherine ( zie ook Marien, hun eerste dochtertje )
Op de foto: mijn echtgenote Maria met de kleine Irene ( datum 26 februari 2011 )