Luc Verbeke : Recente politieke en andere actualiteiten - Vlaamse Beweging - Frans-Vlaanderen - 150 eigen gedichten ( 1944 tot nu )
13-02-2008
Denk niet...
Denk niet...
Denk niet dat ik naar de dood verlang. Achter de broze wand ven mijn lemen cel ben ik bang voor zijn grillig spel en zijn listig gezang. In de eeuwige cirkelgang van verrijzen en ondergang ben ik niets dan een huiverende vlam in de wind, een vuren stam aan de wassende rivier van de dood. Ik weet: er is geen dam die mij behoeden kan, maar denk niet dat ik naar de dood verlang Elke dag is mij lief en ik dank de Heer om het brood dat ik eet en de drank die ik drink, om de lucht die ik adem en het speelse licht dat mijn ogen doordringt. Ik wortel zo diep in aarde en water. Ik ben vergroeid met wat mij omringt. Ik min al wat leeft.En geliefde handen omstrengelen mij.Maar wie weet voor hoelang?
Ik voel mij bang achter de broze wand van mijn lemen cel. En ik zuig mij vast als een waterdier met duizend nappen aan zand en wier... Denk niet dat ik naar de dood verlang.
Luc Verbeke 1954
Uit " Van donker naar licht " ( 1965 )
11-02-2008
Ontmoeting
Donkere haren, gitzwarte klissen om ' t moede gelaat: een verwelkte tuil. Duistere verlangens als duikende vissen naar de bedding van modder en vuil. En ogen, grijperig naar buit in hun holle kassen, als schuilen er gier, vampier en uil.
O verzonken hart. Keer in en huil ...
Luc Verbeke 1956
Uit " Van donker naar licht " (1965 ) Ook in " Terugblik " ( 1994 )
Bede
Bede
Jaar van wanhoop en van tranen,Tsunami, Katrina en New-Orleans, orkanen, woeste oceanen, rampen, terrorisme, rellen, oorlog, drugs en moord, opstand tegen God Zijn eeuwig Woord en ongezien ' t geschonken leven in de kiem gesmoord.
En toch een jaar van hoop. Sinds de oude, zieke paus Johannes Paulus II, begon de ommekeer. Tot met Benedictus weer de Kerk, zoals in vroeger tijd, spruit als een bron van Geest en leven bij jongeren wereldwijd: herrijzenis van diep geloof in God en heiligheid.
Heer , wij bidden U, Gij die schept, bezielt en wasdom zijt: bekeer de mens van deze tijd, schenk hem weer ruimte en zin voor eeuwigheid.
Luc Verbeke 16 september 2005
Uit " Van morgenlicht tot avondzon " ( 2005 )
Klacht.
Uit de jeugdperiode
Boeien van mijn zwakheid, kluisters van de nacht. Matte mist van moeheid die mijn ziel ontkracht.
Ach, ik lig gebonden, aan mijn eigen bloed, door mezelf geschonden, in mijn euvelmoed.
Luc Verbeke 1947
Uit " Gezangen in de deemstering " ( 1951 )
Een onbekende...
Een onbekende...
Eén der eerst gepubliceerde gedichten van Luc Verbeke. Openingsgedicht van de debuutbundel " Gezangen in de Deemstering " Een zoektocht naar het diepste van zichzelf o.m. in de poëzie.
Een onbekende in pijn geboren en opgegroeid in eenzaamheid. Zijn klacht klinkt in de nacht verloren en niet één lied heeft hem bevrijd.
Wat zocht hij dan zichzelf te vinden in elk gedicht, in elke bron, in ' t warme hart van zijn beminden, in alles wat hij voedde en won.
Het diepste heeft hij nooit gevonden, alleen wat schaduw en wat schijn en op de meest verrukte stonden zijn diep gemis, onmacht en pijn.
Ach, als een vogel blijft hij zweven om de geheimenis van zijn hart. Peilt hij wel ooit het vólste leven, de hoogste vreugd, de diepste smart.
Wat kan hij dan vereenzaamd klagen: een delver , die zichzelf ontgint, en voor zijn zoeken en zijn vragen alleen zijn eigen onmacht vindt.
Luc Verbeke 1944 Gepubliceerd in het tijdschrift " Nieuwe stemmen " en in 1951 opgenomen in de debuutbundel "Gezangen in de deemstering " Uitg. Nieuwe Stemmen 1951
Wat is een mens...
Wat is een mens die drinkt en eet, méér dan een dier. Wat doet hij hier, waarom, waartoe? En toch hij is iemand die lacht en weent en leest, die werkt en bidt en maakt plezier. Waarom is dat, waarom is dit? Hij leeft en leeft in vreugde of verdriet, maar 't zoeken blijft en eindigt niet. Waarom dan en waartoe is hij net hier en nu, hij die hier als zovelen voor en na ook sterven moet zoals een dier. Hij vreest en bidt en zit geknield opdat hij Leven zou, omdat hij leven wou.
Luc Verbeke
Uit "Ik leef in taal en tijd - Herfstgedichten 2004 en nieuwjaarsgedichten 1985-2005 " Uitgegeven in beperkte kring, niet in de handel ( 2004 )
Ik leef in lucht en water...
Ik leef in lucht en water, nu eens vogel, dan weer vis. De dromen reiken hoog en ' t water is heel diep. Maar 'k wortel in de aarde en leef van lucht en water met voeten in de grond doch met het hoofd omhoog geheven dieper vragend naar mijn oorsprong in de tijd en al wat God mij nu en later nog bereidt in Zijn onbereikbaar hoge eeuwigheid.
Luc Verbeke
Uit " Ik leef in taal en tijd - Herfstgedichten 2004 en Nieuwjaarsgedichten 1985- 2005 "
Zal ik dan nimmermeer...
Zal ik dan nimmermeer...
Zal ik dan nimmermeer genezen van deze diep verdoken vrees, die ik - verslagen en verwezen - steeds weer in eigen ogen lees?
Ach, klein en broos is mijn verlangen en week dit al te bange kind, dat eenzaam, in zichzelf gevangen, geen volheid voor zijn wezen vindt.
O geef mij moed om groot te leven tot waar mijn laatste tocht begint en ik, van alle ding ontheven, - een kaarsvlam - uitwaai in de wind.
Luc Verbeke 1945
Uit de debuutbundel " Gezangen in de deemstering " ( 1951 )
Leven en sterven
Leven en sterven, sterven en leven, ze horen bij elkaar als licht en duisternis, vanaf het pril begin, tot aan het eind der dagen met vreugde om wat hier is en wat het leven biedt maar ook verdriet en pijn in nood en elke val tot op de dag dat ook de dood zich van het leven scheidt en God ons voor altijd Zijn Liefdeleven geven zal.
Luc Verbeke 26 september 2005
Uit " Van morgenlicht tot avondzon" ( 2006 )
God de Vader
God de Vader schiep het zaad voor de zachte Moedergrond waaruit het nieuwe zaad voor de eerste mens ontstond: eerste vader, eerste moeder, met het zaad dat altijd weer nieuwe wegen vond, altijd opnieuw, ononderbroken, de eeuwen door tot op vandaag, de wereld rond.