Ik ben Braet Michel
Ik ben een man en woon in 9280 Lebbeke (België) en mijn beroep is Gepensionneerde.
Ik ben geboren op 07/01/1943 en ben nu dus 78 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: Wandelen - Fietsen - Uit eten gaan - Film meepikken - Reizen (met bus) - Toneelopvoering bijwonen - Lezen - TVkijken - Weekendtrips naar Brugge, Gent, Belgische Kust, enz. en alhoewel het niet dikwijls bij mannen voorkomt ga ik ook graag winkelen..
Christel en Kelly zijn mijn kinderen.
Danny is de vriend van Christel en David is de echtgenoot van Kelly.
Rica is mijn kleinkind (waar ik enorm trots op ben). Zij is de dochter van Kelly en David. Nicole is mijn vriendin.
Lebbeekse Blog
22-07-2007
Op 21 juli was het 39 jaar geleden dat ...
Herman Vanspringel de ronde van Frankrijk verloor.Gans België was in rouw.
Lees hierna de korte biografie van een der sympathiekse renners die er ooit in België rondgelopen heeft.
Herman Vanspringel is geboren op 14 augustus 1943 te Ranst. Hij was beroepsrenner van 1965 tot 1981. Zijn bijnaam was Monsieur Bordeaux-Paris. Vanspringel won op 22 augustus 1972 de tweede Grote Prijs Groot-Zottegem en Herinneringsprijs Dr. Tistaert. In 1973
eindigde hij vijfde en in 1979 derde.
Hij werd vooral populair door wedstrijden die hij bijna won. In de Ronde van Frankrijk
van 1968 leek op de laatste dag de tijdritspecialist uit de Belgische Kempen met een voorsprong van 16 seconden op Jan Janssen bijna zeker van zijn zaak. Maar dat pakte dus heel anders uit. Herman Vanspringel blokkeerde in de slotfase, terwijl Janssen juist toen pas
goed op stoom kwam. Het kostte Vanspringel de eindzege: hij kwam 38 seconden tekort voor de Tourzege. Hij werd ook nog eens tweede in de Giro (1971) en derde in de Vuelta 1970. Hij pakte ook twee keer naast de zege in Paris-Roubaix. Bij het wereldkampioenschap van 1968 stuitte hij op de Italiaan Vittorio Adorni en moest Herman VansSpringel genoegen nemen met de zilveren medaille.
In 1971 had Vanspringel een contract getekend bij de Molteni-ploeg van Eddy Merckx.
De Kempenaar werd dus een superknecht voor de kannibaal en mocht slechts af en toe voor zijn eigen kansen rijden. In 1972 werd de meesterknecht op het allerlaatste moment uit de Tourploeg geschrapt, omdat hij voor het volgende jaar al een overeenkomst had getekend met
Rokado. In de periode na de Tour mocht hij geen grote wedstrijden meer rijden en kwam hij als enige van zijn ploeg aan de start in Zottegem: toch wist hij de overwinning te behalen.
Ondertussen had Herman Vanspringel wel de bijnaam Monsieur Bordeaux-Paris gekregen. Met zeven overwinningen in Bordeaux-Parijs is Herman Van Springel de recordman in de monsterrit Bordeaux-Parijs. Rond 2 uur met slaperige ogen verzamelen in het duister van Bordeaux. Vervolgens in Poittiers achter de brommer en 560 km achter de brommer en fietsen naar Parijs.
In 1974 deelde hij met de Fransman Régis Délépine de eerste prijs na verkeerd te zijn gereden. Hij won vijf tourritten en in 1973 pakte hij (als niet-sprinter) toch de groene trui van het puntenklassement. Op de indrukwekkende erelijst van Herman Vanspringel staan bijna alle grote eendagskoersen. Zo won hij Gent-Wevelgem (1966), de Ronde van Lombardije (1968), de Omloop Het Volk (1968), Parijs-Tours (1969), de Grand Prix des Nations (1969, 1970), de Trofeo Baracchi (1969), de Brabantse Pijl (1970, 1974), het Kampioenschap van
Zürich (1971), het Belgisch kampioenschap (1971) en de E3-prijs (1974).
In de grote ronden behaalde hij ritzeges en ereplaatsen. Zo werd hij in 1970 in de Vuelta derde en in 1971 in de Giro tweede. In de zeventien jaar dat Herman Vanspringel beroepsrenner was won hij in totaal 136 wegwedstrijden.
Laatst was Herman te gast in het laatavond tourprogramma bij de VRT en hij is nog steeds dezelfde minzame persoon als toendertijd.
Herman ik ben en blijf nog steeds fan van U.
Bron : http://www.gpzottegem.be/GP/index2.php?option=com_content&do_pdf=1&id=99
...William Dafoe. Als jongste van acht kinderen zag hij het levenslicht op 22 juli 1955 in Appleton. Nadat hij was geslaagd aan de Appleton East High School ging hij drama studeren aan de Universiteit van Wisconsin-Madison, waar hij mee stopte om deel te nemen aan de nieuwe avant-garde groep Theatre X.
Na vier jaar met Theatre X getourd te hebben in de Verenigde Staten en in Europa, verhuisde hij naar New York en nam hij deel aan de Performance Group, waar hij regisseur Elizabeth LeCompte ontmoette. Met haar richtte hij de Performance Group opnieuw in en zocht hij leden voor The Wooster Group. Ze kregen een relatie en in 1982 werd hun zoon Jack geboren. Op 25 maart 2005 trouwde hij met de Italiaanse regisseur en actrice Giada Colagrande.
Zijn filmcarrière begon in 1981, toen hij een rol kreeg in Heaven's Gate, maar zijn rol werd tijdens de bewerking uit de film geknipt. Een jaar later was hij te zien als de leider van een motorbende in The Loveless (later zou hij een vergelijkbare rol hebben in Streets of Fire), maar zijn doorbraak maakte hij met zijn rol als Sergeant Elias in de film Platoon uit 1986.
In 1992 stelde hij enkele fans teleur met zijn rol in het erotische drama Body of Evidence waarin ook Madonna te zien was. In deze film verscheen hij helemaal naakt en geeft hij Madonna cunnilingus in de beroemde scène op een parkeerplaats.
Hij werkte regelmatig als model in een Prada-campagne in 1990. In 2004 leende hij zijn stem voor het zeer succesvolle James Bond-spel Everything or Nothing waarin hij te horen is als de schurk Nikolai Diavolo.
In 2007 speelt hij de NYPD detective Stan Aubray die op jacht is naar een seriemoordenaar in de thriller Anamorph, waarin ook Scott Speedman en Peter Stormare te zien zijn. Ook is hij dan te zien in Mr. Bean's Holiday samen met Rowan Atkinson.
Bron : Wikipedia
Graag wat meer uitleg over zijn grootste succesfilm, nl. "PLATOON"
Regie en scenario: Oliver Stone Met: Charlie Sheen, Tom Berenger, Willem Dafoe, Francesco Quinn, John C. McGinley, Forest Whitaker, Johnny Depp, Kevin Dillon, Keith David e.a. 120 min. / USA / 16 jaar / 1986
Iedereen herinnert zich dat moment. Willem Dafoe die in slow motion een open plek in de jungle oploopt, tientallen Viëtnamese soldaten achter hem aan, die hem langzaam maar zeker aan flarden knallen. We zien hem geraakt worden, keer op keer, tot hij niet verder kan, en zich op zn knieën laat zakken, zijn armen uitgestrekt naar de helikopter die hem achter heeft gelaten, of simpelweg naar de hemel. Ondertussen horen we het Adagio for strings op de soundtrack. Iedereen herinnert zich dit moment. Het is één van de redenen waarom Platoon een klassieker is geworden.
Niet zozeer dat moment op zichzelf, maar wel de oprechtheid die erachter schuilt. Oliver Stone is zelf een Viëtnamveteraan, hij weet waar hij over praat, en gedurende de hele film krijg je een niet bepaald comfortabel gevoel dat we rechtstreeks in zijn herinneringen aan het tappen zijn, dat we toegang hebben gekregen tot het geheugen van iemand die geen leuke dingen heeft meegemaakt. Elke seconde knettert met Stones persoonlijke ervaringen, met het besef dat dit echt is gebeurd.
Platoon was niet de eerste Viëtnamfilm, maar wel de eerste die een dergelijk niveau aan realisme wist te bereiken. The Deer Hunter ging in de eerste plaats over de traumas waarmee soldaten thuiskwamen, en spendeerde relatief weinig tijd in Viëtnam zelf. Apocalypse Now was briljante cinema, en erg kritisch op het beleid dat de oorlog begonnen was, maar in hoge mate surrealistisch, symbolisch. Platoon gooit alle symboliek overboord, is een zeer letterlijke film, die het ons probeert te tonen zoals het was: duister, smerig, angstaanjagend. Politieke ideeën worden slechts zeer oppervlakkig aangeraakt de soldaten die ginder hun jaar moesten uitzitten, hadden maar weinig boodschap aan de machten die hen daar gekregen hadden. Hun enige zorg was te overleven. En Stone heeft met deze film geen enkele andere agenda dan duidelijk te maken hoe moeilijk dat wel was.
Hoofdfiguur in de film is Chris Taylor, gespeeld door Charlie Sheen als een duidelijke stand-in voor Stone. Net als de regisseur zelf, is Chris een hoog opgeleide jongen, die makkelijk onder de dienst uit had gekund, maar wilde proeven van het echte leven, het leven zoals anderen het leiden die minder bevoorrecht waren dan hij. Hij gaat vrijwillig voor het vaderland vechten in de brousse van Viëtnam. Een beslissing waar hij zeer snel spijt van zal hebben.
Lange marsen, gevechten met een onzichtbare vijand die overal en nergens kan zijn, mieren, slangen, hitte, vochtigheid... Alle elementen spannen samen om de soldaten in Platoon op het randje van hun fysieke en mentale vermogens te brengen. Geen wonder dan, dat sommigen over het randje gaan. Sergeant Barnes (Tom Berenger), is al meer dan tien keer neergeschoten, maar leeft nog steeds, een zware bonk van een kerel, zijn gezicht bedekt met littekens. Hij beschouwt zichzelf als onsterfelijk en gedraagt zich dan ook navenant: als een god onder de mensen. Tegenover hem staat de humane, sympathieke sergeant Elias (Willem Dafoe), die op de één of andere manier erin geslaagd is zn menselijkheid te bewaren.
Het conflict tussen Barnes en Elias, tussen de oorlogsduivel en de kracht van het goede, staat centraal in Platoon, en echoot door de hele film, op verschillende niveaus. Tijdens een sleutelscène zien we hoe de soldaten een klein dorpje binnenvallen waar ze denken dat er wapens verborgen zijn. Stone laat die sequens tien ellendig lange minuten aanslepen de Amerikanen laten zich helemaal gaan, al hun angst, al hun frustraties komen naar boven. Ze martelen de dorpsbewoners, Barnes zet zn pistool tegen het hoofd van een kind, en uiteindelijk steken ze het hele dorpje in de fik. Dat hele stukje is moeilijk om naar te kijken, maar kijk hoe het afloopt: we zien diezelfde soldaten de kinderen wegdragen, niet om hen kwaad te doen, maar om hen weg te krijgen van het vuur dat hun dorp platlegt. Elk personage in Platoon, elke soldaat die we te zien krijgen, heeft een Barnes en een Elias in zich. De vraag is alleen welke de voorrang krijgt.
Oliver Stone geeft zijn film hier een ongekende intensiteit mee: het hele ding is doordrongen van vuile, groene en bruine kleuren, tot we bijna de indruk krijgen naar een zwart-wit film te kijken, met af en toe een geut kleur ertussen gegooid. En hij maakt van de actiescènes zeer bewust desoriënterende schouwspelen, waarin het nooit duidelijk is wie zich waar bevindt en wie op wie aan het schieten is. Het gebrek aan een choreografie voor de gevechten, zorgt ervoor dat we ons op geen enkel moment veilig kunnen voelen, want wie weet waar de volgende kogel vandaan komt? Op die manier wordt oorlog ontdaan van elke laatste notie van romantiek het is geen eervol strijden, geen gevecht met een duidelijke vijand, maar eerder een loterij, waarin je overleven of sterven bepaald wordt door puur geluk. Het eindresultaat is dat Platoon een zenuwslopende film is, waarin je continu probeert om duidelijk in focus te krijgen wat er precies gaande is tijdens de gevechtscènes, maar net wanneer je denkt dat je er een duidelijk beeld van hebt, verhuist Stone naar een ander deel van het slagveld. De kijker moet steeds verward blijven, de chaos van de oorlog moet duidelijk doordringen.
Charlie Sheen speelt een goeie rol als Chris, maar het zijn zn twee vaderfiguren, Berenger en Dafoe, die de show stelen. Berenger zou nadien steeds meer wegzakken in straight to video-hell, Willem Dafoe is nog steeds een succesvol indie-acteur. Hier geven ze beide een onvergetelijke vertolking. Dafoes sterfscène is wellicht één van de meest memorabele in de filmgeschiedenis, en Berenger krijgt ruimschoots de gelegenheid om zijn Zuidelijke mannelijke charisma te laten gelden, en goed klinkende replieken te spuien, zoals: You smoke that shit to escape from reality? I dont need that shit. I am reality. Voorwaar een deprimerende gedachte.
Dat Platoon geen perfecte film is geworden, heeft te maken met de manier waarop de voice-over zich soms komt opdringen om dingen duidelijk te maken die we al lang begrepen hadden uit de beelden. Someone once wrote: hell is the impossibility of reason. Wat dat in minder pretentieuze bewoordingen wil zeggen, is dat de oorlog een hel is. Chris zn brieven aan zn grootmoeder, waarin deze teksten fungeren, zijn strikt genomen overbodig, en vaak verwoord op een manier die niet past bij het bewust lelijke, down-to-earth realisme van de rest van de film.
Voor het overige is dit een immens indrukwekkende filmervaring niet alleen ontzettend bekwaam gemaakt op een technisch niveau, maar bovenal voelbaar persoonlijk, een film die Stone moést maken of hij werd gek. We zien hier een regisseur twee uur lang worstelen met zijn eigen demonen, zijn eigen Barnes en Elias. Het is een volstrekt fascinerend schouwspel.
Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
Over mijzelf
Ik ben Braet Michel
Ik ben een man en woon in 9280 Lebbeke () en mijn beroep is .
Ik ben geboren op 07/01/1943 en ben nu dus 78 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: Kijk eens naar mijn 1e blog, nl. "Lebbeekse Blog".
Op deze foto ziet U me met mijn jongste dochter Kelly.