NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Foto

Lezingen.
Ook voor senioren.

Inhoud van de lezingen:

Lezing 1 : ”Mensen aanzetten tot lezen + het ontstaan van een boek”
Tijdens de lezing maken we kennis met de schrijver en zien we hoe een boek ontstaat, van in het hoofd van de schrijver tot wanneer de lezer het in zijn/haar handen heeft.
We leggen ook uit wat de taken zijn van de verschillende personages, zoals de onderzoeksrechter, de commissaris, de procureur en de wetsdokter.
We zien ook dat lezen en omgaan met taal aangenaam kan zijn door gebruik van komische woordspelingen. We doorlopen de boeken aan de hand van beelden/plaatsen waar de verhalen zich afspelen.
We lezen ook enkele fragmenten uit mijn boeken voor en tenslotte is er aandacht/tijd voor vragen en discussie.
De lezing duurt ongeveer 1,5 uur. Het is de bedoeling om dit te doen voor kleine groepen ( +/- 20 a 40 personen) (kan natuurlijk ook voor meer aanwezigen)

Lezing 2 : “Plezante gezegden en spreekwoorden”:

Tijdens deze lezing hebben we vooral aandacht voor komische/grappige gezegden, spreekwoorden en uitdrukkingen.
We bekijken ook kort de inhoud van mijn boeken.
En tenslotte is er aandacht/tijd voor vragen en discussie.
De lezing duurt ongeveer 60 a 75 minuten. Het is de bedoeling om dit te doen voor kleine groepen ( +/- 20 a 40 personen) (kan natuurlijk ook voor meer aanwezigen)


Graag wat meer info? Stuur even een mailtje.


Inhoud blog
  • "De riviermoorden" (2019) Inkijk leesmoment.
  • VOORSTELLING NIEUW BOEK "DE RIVIERMOORDEN"
  • Inkijkversie van de nieuwe "Somers en De Winter" (nr 9 in de reeks)
  • Afrekening in het bedrijf 2
  • Afrekening in het bedrijf 1
  • Uitnodiging (klik op foto)
  • Nieuwjaarswensen.
  • Boekenbeurs & Kerstmarkten.
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Politiethrillers
    Blog van schrijver Ludo Geluykens. Hier kan je ook kennismaken met mijn nieuwe politiethriller 'De riviermoorden' Kijk ook eens op www.ludogeluykens.be (zie favorieten rechts)
    08-03-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen."De riviermoorden" (2019) Inkijk leesmoment.

    1 

    1 augustus, Oelegem.

     

    Paul De Winter, hoofdinspecteur bij de politie van Lier, was vanmorgen pas om zeven uur opgestaan. Hij kon zich rustig klaar maken voor een nieuwe werkweek. Zijn baas commissaris Bruno Somers was op reis, dus die moest hij vandaag niet oppikken. De grote chef, hoofdcommissaris Frans Peeters, kwam vandaag wel terug werken, maar die zou pas tegen tien uur naar kantoor komen. Peeters was enkele maanden buiten strijd geweest nadat hij een hartoperatie had ondergaan. Paul had Martine, de assistente van Peeters, verwittigd dat hij pas tegen negen uur zou arriveren op het werk.

    Betty had Paul om zeven uur wakker gemaakt. Ze had al koffie gezet en ze had de broodjes, die ze nog over had van gisteren, opgewarmd. De verse eitjes stonden te koken.

    “Wat ben je toch een echte schat”, zei Paul en hij gaf haar een flinke zoen.

    “Ik dacht, ik verwen hem nog snel voor hij alweer aan een nieuwe werkweek begint”, zei Betty.

    “En je verwacht hiervoor helemaal geen tegenprestatie van mij?” zei Paul.

    “Jij mag mij voor de rest van de week verwennen”, lachte Betty.

    “Ik dacht wel dat hier iets achter zat”, zei Paul.

    Tijdens het ontbijt doorbladerde Paul de krant en bekeek hij ook de websites van de verschillende kranten en van de VRT, zodat hij volledig op de hoogte was van de laatste gebeurtenissen zowel in het binnenland als in het buitenland.

    Betty was constant bezig op Facebook.

    “Wat zit je toch altijd te doen op Facebook?” vroeg Paul.

    “Ik moet toch op de hoogte blijven van wat al mijn vriendinnen doen”, zei Betty.

    Paul moest lachen.

    “Jaja”, zei hij. “Belangrijke dingen op Facebook. Wanneer ze vertrekken, wanneer ze aankomen, wie ze tegengekomen zijn, met wie ze nu weer een afspraak versierd hebben.”

    “Jij verstaat dat allemaal niet”, zei Betty. “Voor jullie moet het altijd ernstig zijn.”

    “Je hebt helemaal gelijk, schat”, zei hij. “Ik ga me klaarmaken. Zet dat al maar op Facebook.”

    Om half negen vertrok hoofdinspecteur De Winter naar het politiekantoor van Lier. Het voordeel van de verlofperiode tijdens de maanden juli en augustus was dat je helemaal geen verkeer had tussen Oelegem en Lier. Tenzij er iets gebeurde kon je gemakkelijk op twintig minuten ter plaatse zijn. Het was dan ook nog geen negen uur toen Paul het kantoor aan het Paradeplein binnenstapte.

    “Goedemorgen, Paul”, zei Martine.

    “Morgen, Martine”, antwoordde Paul. “Heb je een goed weekend gehad?”

    “Jaja, ik heb me goed geamuseerd”, antwoordde ze. “Ik breng je dadelijk een tas koffie.”

    De Winter passeerde nog langs Roger Wuytack, de planton, nam daar zijn post mee en verdween naar zijn kantoor.

    Martine bracht zijn koffie en vroeg of Paul om tien uur naar het kantoor van hoofdcommissaris Peeters kon komen om hem te verwelkomen na zijn lange afwezigheid.

    “Ik zorg dat ik er ben”, antwoordde hij.

    Paul nam zijn post door, bekeek de dringendste mailtjes en ging tegen kwart voor tien naar Martine. Die was al druk bezig in het kantoor van Frans Peeters. Ze had enkele slingers opgehangen en op de deur van zijn kantoor had ze een blad gekleefd met de tekst: “Welkom terug.”

    “Amaai, je hebt er je werk van gemaakt”, zei Paul.

    “Ja, hij verdient dat ook”, zei Martine.

    Om vijf voor tien kwam Peeters binnen in zijn kantoor.

    “Is dat allemaal speciaal voor mij?” lachte hij.

    “Ja, allemaal voor jou”, zei Martine. “Welkom terug, hoe gaat het ermee?”

    “Ik voel me goed en ik mag terug komen werken, wat moet een mens nog meer hebben”, zei Peeters.

    “Een lekkere tas koffie” zei Martine.

    “Dat zou al een goed begin zijn”, zei Frans.

    Martine verdween en de hoofdcommissaris nam plaats achter zijn bureau, waarop Martine drie verschillende stapels met dossiers had gelegd.

    “Is Bruno er niet?” vroeg Frans.

    “Neen, die is de hele week nog met verlof”, antwoordde De Winter.

    “Is hij naar Middelkerke?” vroeg Frans.

    “Neen, ze zijn op riviercruise op de Seine”, zei Martine, die terug binnengekomen was.

    “Aha, dan heeft hij Sonja toch kunnen overtuigen om nog eens een riviercruise te proberen na het debacle van vorig jaar op de Rijn”, zei Peeters.

    “Ja, ik denk het wel. Ze zijn toch met twee vertrokken”, antwoordde Paul.

    Martine schonk ondertussen de versgemaakte koffie uit en opende daarna een Tupperware doos waaruit ze een zelfgebakken cake haalde.

    “Deze heb ik gisteren speciaal voor jou gebakken”, zei Martine.

    “Straks ga ik nog denken dat je me echt gemist hebt”, lachte Frans.

    “We hebben je zo hard gemist”, zei Martine.”Iedereen is blij dat je terug bent.”

    Ze gaf Frans en Paul een groot stuk cake en nam zelf een klein stukje.

    “Zie dat je niet te veel eet, hé”, zei Frans. “Nog altijd ‘aan de lijn’?”

    “Dat is een blijvend probleem”, lachte Martine.

    “Een probleem?” lachte Paul. “Je hebt een lijn van een fotomodel.”

    “Jaja, dat zal wel”, lachte Martine. “Je hebt ook struise foto-modellen hé.”

    “De cake is in ieder geval heel lekker, Martine”, zei Frans. “Ik stel voor dat je vanaf nu elke maandag een lekkere cake meebrengt.”

    “Mag jij dat eigenlijk nog wel eten?” vroeg Paul.

    “Ik moet wel wat opletten, maar normaal gezien mag ik alles weer eten. Maar wel met mate”, zei Frans.

    “En waar moet je nog allemaal op letten, buiten op je eten?” vroeg Martine.

    “Ik moet mijn oefeningen blijven doen. Blijven bewegen, elke dag weer”, antwoordde Frans.

    “Doe je die oefeningen thuis?” vroeg Paul.

    “Is dat een programma dat de specialist je heeft opgelegd?” vroeg Martine.

    “Voorlopig doe ik de oefeningen in het ziekenhuis. Ze hebben daar een speciaal ingerichte sportzaal voor patiënten zoals ik”, antwoordde Frans.

    “En daar sta je ook onder toezicht van de artsen, voor in geval van nood”, zei Paul.

    “Ja, vooral dat vind ik belangrijk, zeker in het begin voel je je niet zeker. Je moet inspanningen doen en je belast je hart zodanig dat je je afvraagt of je niet te ver gaat”, antwoordde Frans.

    “Maar je kan ook gewoon naar de sportschool gaan ergens anders?” vroeg Martine.

    “Dat zou kunnen, maar ik denk dat ik zo lang mogelijk hier in het ziekenhuis ga blijven oefenen”, antwoordde Peeters.

    “Ik ga eens aan de slag “, zei Paul. Hij dronk zijn koffie uit en vertrok.

    “Je hebt hier drie hoopjes met papieren liggen”, zei Frans tegen Martine. “Wat is de bedoeling?”

    “De eerste stapel zijn dringende dossiers, de tweede zijn dingen die nog even kunnen wachten en de laatste stapel zijn papieren die je, als je nog eens heel veel tijd hebt, kan lezen”, zei Martine.

    “Dan zullen we al eens met de eerste stapel beginnen”, zei Frans.

    “Als ik nog iets kan doen, roep je maar hé”, zei Martine en ze verdween naar haar eigen kantoor.

    De hoofdcommissaris begon aan zijn inhaalrace, maar hij kwam niet ver. Iedereen die zijn kantoor passeerde, sprong even binnen om te vragen hoe het met zijn gezondheid was gesteld.

    Martine kwam om twaalf uur binnen en ze vroeg of hij mee een broodje ging eten.

    “Ik denk dat je er best even tussenuit kan gaan om wat tot rust te komen”, zei ze. “Ik zie hier al gans de voormiddag mensen binnen en buiten gaan.”

    “Misschien heb je wel gelijk”, zei Frans. “Ik ga met je mee. Naar waar wil je?”

    “Naar het Zimmerplein?” stelde Martine voor.

    “We zullen te voet gaan, dan heb ik ineens al wat beweging”, zei Peeters.

    Ze sloten hun kantoor af en vertrokken.

    Het was heel druk op het Zimmerplein en ze besloten om maar binnen te gaan zitten om te lunchen. Als je op het terras wilde zitten moest je minstens een half uur wachten.

    Ze namen beiden een broodje gezond, al was het om verschillende redenen. Voor Martine was het voor de lijn, voor Frans omdat het moest van de dokter.

    Peeters genoot van zijn lunch. Hij gebruikte de tijd om tot rust te komen. Martine begreep dat de chef wat stoom afliet en ze aten dan ook hun lunch zonder dat er veel gezegd werd. Na het broodje gezond nam Frans nog een Cola zero en daarna gingen ze terug naar kantoor.

    Tegen half twee kwamen ze terug aan op het Paradeplein.

    “De burgemeester zit in de cafetaria op je te wachten”, zei Roger Wuytack.

    “Ik zal hem gaan halen”, zei Martine.

    Ze bracht burgemeester Walter De Vos naar het kantoor van de hoofdcommissaris.

    “Ik hoorde dat je terug was, dus ik dacht ik spring even binnen”, zei de burgemeester.

    Martine trok de deur dicht en liet de twee mannen rustig bijpraten.

    De burgemeester vertrok pas om drie uur zodat Peeters er niet echt toe gekomen was om zijn eerste stapel met dringende zaken te behandelen.

    “De rest zal voor morgen zijn”, zei Frans. “Ik moet naar het ziekenhuis voor mijn oefeningen.

    “Wil je deze nog eerst ondertekenen?” vroeg Martine.

    Peeters ondertekende nog snel de twee dossiers en vertrok.

    “Tot morgen”, zei Martine.

     

    Er waren nog enkele stukken cake over en Martine ging ermee tot bij Paul.

    “Wil jij nog een stukje?” vroeg ze.

    “Ik zal nog het stukje voor Bruno nemen”, lachte hij.

    “Ja, die zou dat niet afslaan”, lachte Martine. “Heb je nog iets van hem gehoord?”

    “Neen.”

    “Volgende week zullen we wel het ganse verhaal te horen krijgen”, zei Martine en ze vertrok.

    Paul deed nog wat klasseerwerk en vertrok ook naar huis.

    Hij dacht er nog even aan om iets te gaan drinken, maar zonder Bruno was dat toch niet zoals anders. En De Solsleutel, hun stamkroeg, was op maandag trouwens gesloten.

     

     

    08-03-2019 om 11:36 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    11-02-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VOORSTELLING NIEUW BOEK "DE RIVIERMOORDEN"

    Op 6 maart is de voorstelling van “De riviermoorden” de TIENDE 'Somers en De Winter’. Iedereen welkom, graag wel even een seintje.
    Je kan het boek vanaf 15 februari aankopen in de boekhandel, bij mij thuis kan je het boek nu al afhalen (wel even een seintje geven) of via Bol Com. 
    het boek is ook al te verkrijgen als e-book http://www.boekboek.com/tag/ludo-geluykens/

    Afbeelding kan het volgende bevatten: tekst

    11-02-2019 om 20:26 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    07-02-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Inkijkversie van de nieuwe "Somers en De Winter" (nr 9 in de reeks)

    De golfmoorden - Maart 2018

    1

    4 juli, Ranst.

    Pas gisterenavond laat waren commissaris Bruno Somers en zijn vrouw Sonja geland op de luchthaven van Zaventem. Omdat het begin juni zo’n slecht weer was geweest hadden ze besloten om toch nog even een last minute te boeken naar de zon. Aangezien er wel meer mensen waren die het slechte weer hier beu waren, hadden ze niet veel keuze meer gehad. Bruno wilde naar Spanje, zeker niet naar Turkije omdat hij de toestand daar al enkele jaren niet meer vertrouwde.

    “Dan zal Benidorm de beste keuze zijn”, had de reisagent gezegd.

    “Tussen al die oude mensen”, had Sonja geantwoord.

    “Als het niet anders kan, zal het Benidorm worden”, antwoord-de Bruno. “Alles is beter dan dat rotweer hier.”

    En zo waren ze vorig weekend vertrokken voor een weekje Spanje. Nadat ze gisterenavond laat waren thuisgekomen was de commissaris onmiddellijk in zijn bed gekropen. Het zou vandaag immers alweer terug werken geblazen zijn.

    Nu zaten ze samen te ontbijten aan de tafel die omgeven was met openstaande reiskoffers.

    “Zie maar dat je niet over die valiezen valt”, zei Bruno. “Zou ik die niet beter al naar boven doen?”

    “Ik zal er eerst de vuile was uit halen”, antwoordde Sonja. “Daarna mag je ze naar boven brengen.”

    “Wat ga jij vandaag doen?” vroeg Bruno.

    Sonja bekeek hem en keek daarna naar de valiezen op de grond en zei:

    “Wat denk je? Wassen, wassen en wassen.”

    Bruno dronk zijn koffie uit en ging naar de badkamer voor een deugddoende douche. Daarna scheerde hij zich en trok hij zijn kleren aan. Toen hij terug beneden kwam, hoorde hij de claxon van de Golf. Hoofdinspecteur Paul De Winter kwam, zoals steeds, de commissaris oppikken.

    “Paul staat al te wachten”, zei Sonja. “Ik zal wel even de deur open doen, wil jij ondertussen de koffers nog snel naar boven brengen?”

    Toen Bruno de tweede keer terug naar beneden kwam, de koffers moesten één voor één naar boven gebracht worden, stond Paul in de deur naar hem te kijken.

    “Straks ben je alweer terug toe aan verlof”, lachte hij. “Zulke zware arbeid op een maandagmorgen.”

    “Lach jij maar”, antwoordde Bruno. “Maar ik heb mijn training voor vanmorgen alweer gehad.”

    De commissaris nam nog snel een slok koffie, gaf Sonja een kus en daarna stapte hij bij Paul in de Golf.

    Het was goed te zien dat het vakantie was. Nergens opstoppingen, geen files.

    “Zalig hé”, zei Paul. “Zo moest het altijd zijn.”

    “Ja, dat zou ons enkele uren minder stress geven op een werkweek”, antwoordde Bruno.

    “Hoe was het weer in Spanje?” vroeg Paul.

    “Schitterend, elke dag een blauwe hemel en een temperatuur van rond de dertig graden”, antwoordde Bruno.

    “Dat zou voor mij al veel te warm zijn”, zei Paul.

    “Als je niet moet werken is dat best te doen”, zei Bruno.

    “Ik vind het wel mooi dat je de zon meegebracht hebt”, zei Paul. “Vanaf zaterdag is het weer hier beter geworden.”

    Ze kwamen toe aan het politiekantoor op het Paradeplein en ook daar viel het op dat het verlof was. Er was plaats genoeg om te parkeren.

    Toen de speurders binnenkwamen, stond hoofdcommissaris Frans Peeters hen op te wachten in de deur van zijn kantoor. Martine Verhaegen, de assistente stond aan de overkant van de gang aan haar kantoor.

    “Onze vakantieganger is alweer terug”, zei Frans Peeters. “Mooi bruingebrand, klaar voor de actie. Kom binnen, dan kunnen we wat bijpraten. Martine zal voor ons wel een tas koffie halen.”

    Ze gingen aan de grote tafel zitten in het kantoor van de hoofdcommissaris.

    “Hier ben ik met de koffie voor die Benidorm bastard”, zei Martine.

    “Martine, daar moet je niet mee lachen hé, die bestaan dus echt, ‘De Benidorm Bastards.’ Iedereen rijdt daar met zo’n karretje rond. Op elke hoek van de straat zijn er oplaadpunten voorzien”, zei Bruno.

    “Hoe is het verlof geweest?” vroeg Peeters.

    “Het weer was goed, het eten was goed, het drinken was goed” zei Bruno.

    “Dus jullie gaan nog terug?” vroeg Martine.

    “Dat denk ik niet. De eerste twintig jaar toch niet”, zei Bruno. “Dat is nu echt een stad voor oude mensen.”

    “Dan was je toch op de goede plaats”, lachte Martine.

    “Martinneke, je gaat niet beginnen hé. Als jij eens meegaat, wil ik me nog wel eens opofferen”, lachte Bruno.

    ‘Was dat dan echt zo erg?” vroeg Paul.

    “Polle, een kwart van de mensen rijdt daar rond in een elektrisch karretje. Je moet daar opletten of ze rijden je van het voetpad”, zei Bruno.

    “Zijn daar dan geen jonge toeristen?” vroeg Peeters.

    “Sus, wij zijn daar geland en de gemiddelde leeftijd van Benidorm is toen met drie jaar gedaald”, lachte Bruno.

    “En op het strand?” vroeg Martine.

    “Allemaal zeventigplussers”, antwoordde Bruno. “We gingen een keer in de voormiddag naar een grote markt. Het was inderdaad een grote markt met honderden kramen. Allemaal kramen met zonnebrillen, T-shirten, marcellekes en… badpakken.”

    “En die badpakken passen ze zeker gewoon op straat”, zei Martine.

    “Juist”, lachte Bruno. “Al die, toch wat uitgezette, oma’s zoeken een badpak uit en trekken dat aan over hun andere kleren om te passen. Het is een hilarisch zicht.”

    “Ik kan me al voorstellen hoe je daar stond te lachen”, zei Martine.

    “Dat was nog niets”, zei Bruno. “In de namiddag was het dan ‘showtime’ op het strand. Daar flaneerden ze dan in hun nieuwe badpakken voor de heren die daar in hun strandstoelen lagen.”

    “Allee, je hebt je daar toch goed geamuseerd”, lachte Frans Peeters.

    “Goed voor één keer”, lachte Bruno.

    “Maar je hebt nu al wel een beeld van hoe je je verlof binnen twintig jaar kan doorbrengen”, lachte Martine.

    “Ja”, lachte Bruno. “Dan kom ik je oppikken met zo’n duo-karretje. Die reden daar ook rond, dan zitten ze met twee achter elkaar en scheuren zo door de stad.”

    “Zullen we maar eens aan de slag gaan?” zei Peeters. “Even de stranden van Benidorm vergeten.”

    “Dat zal geen probleem zijn”, lachte Bruno.

    Ze vertrokken naar hun eigen kantoor een beetje verder in de gang. De planton, Roger Wuytack, vroeg in het voorbijgaan nog hoe het verlof van de commissaris was geweest en gaf hem de post mee die hij nog had liggen.

    Eenmaal in hun kantoor aangekomen startten ze hun computers op en begonnen ze aan het doornemen van de post en de mails die waren binnengekomen. In deze verlofperiode viel het aantal achterstallige mailtjes voor de commissaris uiteindelijk nog best mee.

    Paul was met enkele dossiers bezig waarin hij het advies van zijn chef nodig had.

    “Kunnen we deze dossiers straks even samen doornemen?” vroeg hij.

    “Geen probleem”, antwoordde Bruno. “Ik ben zo klaar met mijn mailtjes.”

    Tijdens de middag gingen Bruno, Paul en Martine snel een broodje eten in een taverne een beetje verder in de straat.

    Rond twee uur belde Martine en vroeg aan Bruno of hij even tot bij Peeters kon komen.

    “Ik moest langskomen?” vroeg Bruno toen hij bij Frans Peeters binnenkwam.

    “Vraag of Martine er ook even bij komt”, zei Frans.

    Bruno ging de assistente halen en samen gingen ze aan het bureau van de hoofdcommissaris zitten.

    “Ik heb wat problemen met mijn gezondheid”, begon Frans Peeters.

    “Toch niets ernstig?” vroeg Martine bezorgd.

    “Het is maar wat je ernstig noemt”, zei Frans. “Sinds enkele maanden voel ik meermaals per dag een druk op mijn borst. Soms heb ik het gevoel dat mijn linkerarm veel zwaarder is dan mijn rechter. Ik heb ook regelmatig moeilijkheden met mijn ademhaling.”

    “Ben je met je klachten al eens naar de dokter geweest?” vroeg Bruno.

    “Ja, helemaal in het begin.”

    “En wat zei hij?” vroeg Martine.

    “Hij heeft mij pilletjes voorgeschreven en als het met die pillen beter werd dan zou hij waarschijnlijk een paar stents kunnen steken en dat zou het probleem grotendeels moeten oplossen”, zei Frans.

    “Maar het gaat niet beter?” vroeg Bruno.

    “Neen, integendeel. Sinds vorige week is het erger geworden. Bij de minste activiteit die ik doe, is het zover. Moeilijk ademen, pijn in de borst en in mijn linkerarm. En tijdens het weekend ben ik enkele keren ‘s nachts wakker geworden van de pijn. Ik heb net met mijn dokter gebeld en die heeft me aangeraden om onmiddellijk binnen te gaan in het ziekenhuis”, zei Frans. “Hij raadde me zelfs af om nog zelf met de auto te rijden.”

    Bruno en Martine bekeken mekaar en zeiden even niets. Ze waren geschrokken van het verhaal van hun chef. Dit hadden ze niet zien aankomen.

    “Zal ik je naar het ziekenhuis voeren?” vroeg Bruno.

    “Ik denk dat dat het beste is”, antwoordde Peeters.

    “Nu direct?” vroeg Bruno, nog steeds een beetje van de kaart.

    “Ja.”

    Bruno ging de sleutels van de Golf halen bij Paul en ging samen met Frans naar de parking.

    “We zouden ook te voet kunnen gaan”, zei Bruno. “Het is maar vijfhonderd meter.”

    “Ik ben al blij dat ik tot hier geraakt ben”, zuchtte Frans Peeters.

    Bruno zette zijn chef af aan de spoedafdeling en vroeg of hij nog moest wachten.

    “Neen, neen. Ga maar terug. En hou de boel daar een beetje in de gaten, hé”, zei de hoofdcommissaris.

    “Zal ik doen. Trek je van het werk nu maar even niets aan”, antwoordde Bruno.

    “Dat zal ik proberen”, besloot Frans.

    Bruno reed terug naar het Paradeplein, parkeerde de Golf en ging binnen.

    Martine stond hem op te wachten.

    “Moeten wij de burgemeester niet verwittigen?” vroeg ze.

    “Als chef van onze hoofdcommissaris moet die dat inderdaad wel weten”, zei Bruno. “Ik zal eens gaan kijken of hij in zijn kantoor is”.

    Hij ging terug buiten en stak de parking over naar het gebouw waar burgemeester Walter De Vos zijn kantoor had. Aan de receptie vroeg hij of de burgemeester aanwezig was. Dat was het geval en hij mocht doorlopen naar boven. De deur van zijn kantoor stond open en De Vos, die aan het telefoneren was, deed teken dat Bruno mocht binnenkomen.

    Nadat de burgemeester zijn telefoongesprek had afgerond kwam hij bij Somers aan de tafel zitten.

    “Met wat kan ik je van dienst zijn, commissaris?” vroeg Walter De Vos.

    Bruno bracht hem op de hoogte van de gezondheidsproblemen van Frans Peeters.

    “Dat ziet er niet zo goed uit”, zei De Vos. “Maar je weet nog niet of hij in het ziekenhuis zal moeten blijven?”

    “Neen, maar ik denk niet dat hij direct terug aan het werk zal kunnen”, stelde Bruno. “Ik zal hem straks nog eens bellen en dan zien we wel.”

    “Ik ga hem zeker ook nog bellen. In afwachting neem jij voorlopig de leiding van het korps over”, zei de burgemeester. “Als er problemen zijn, laat het mij dan weten.”

    “Oké”, besloot Bruno.

    Hij ging terug naar kantoor en ging bij Martine in haar kantoor binnen.

    “Zijn er dringende dingen die we onmiddellijk moeten aanpak-ken?” vroeg hij.

    “Eigenlijk niet. Ik denk dat hij eerst alle dringende zaken nog afgewerkt heeft en dan zijn krak gehad heeft”, antwoordde Martine.

    “Ja, zo kennen we hem, hé”, zei Bruno.

    “Ik hoop dat het niet te erg is”, zuchtte Martine.

    “Altijd het beste hopen”, zei Bruno. “Niet te pessimistisch worden.”

    Roger Wuytack kwam binnen en zei:

    “Ik word al heel de namiddag door iedereen gebeld met de vraag wat er aan de hand is met de hoofdcommissaris, wat moet ik antwoorden?”

    “Misschien sturen we best een mailtje rond om de gemoederen wat te bedaren”, zei Bruno.

    “Ik zal een tekstje maken”, zei Martine.

    Martine stuurde de mail rond.

    Ondertussen was het al half zes geworden. Bruno en Paul sloten alles af en reden naar huis.

    Thuis vertelde Bruno het nieuws aan Sonja, die ook schrok. Frans Peeters was dan ook eerder een vriend geworden dan de baas van Bruno.

    Bruno belde rond acht uur naar Frans en vernam dat hij de nacht zou moeten doorbrengen op de afdeling intensieve zorgen en dat er morgen onderzoeken volgden om te zien welke acties ze zouden ondernemen.


    5 juli, Bossenstein, Broechem.

    Het was reeds na de middag wanneer Bart Swinkels en zijn vrouw Irma hun golfmateriaal namen en zich opmaakten om te gaan golfen. Zondag was er weer een wedstrijd en ze wilden per se nog wat gaan oefenen. Voor Bart was dat om zijn afslag wat bij te werken. Irma wilde zeker nog wat oefenen op het putten van de bal.

    Om twee uur vertrokken ze vanuit hun woning in de Berkenlaan in Ranst. Via de Zevenbergenlaan reed Bart naar de Laarstraat om zo aan het golfterrein van Bossenstein in Broechem aan te komen.

    Hij parkeerde zijn Rover op de grote parking tussen de bomen zodat deze een beetje uit de zon stond. Terwijl Irma naar het secretariaat ging om te betalen en de scorekaarten op te halen nam Bart de golftassen en de golfkarren uit de koffer en bracht hij alles in orde om te beginnen. Ondertussen was Irma terug. Ze trokken beiden hun golfschoenen aan en vertrokken naar de driving range waar Bart zijn afslag kon oefenen. Irma ging wat verder oefenen op het putten van de bal.

    Bart sloeg enkele ballen met zijn ijzer 7 en met zijn ijzer 5 en schakelde dan over op de driver. De lange ballen gingen verder dan honderdtachtig meter. De conditie was dus oké.

    Na de opwarming ging hij naar de putting green om Irma op te pikken en trokken ze samen naar het terrein om een rondje af te werken.

    Bart maakte zich klaar voor de eerste afslag. Hij concentreerde zich en sloeg enkele proefslagen. Dan legde hij de bal op de tee en sloeg hij zijn eerste afslag. Hij raakte de bal op de juiste plaats met de juiste snelheid en de bal vloog naast de bomen rechtdoor richting vlag.

    Pracht afslag!

    Nu was het de beurt aan Irma. Haar afslag ging helemaal fout. De bal vloog helemaal naar rechts. Het zou voor haar moeilijk worden om hier nog punten te scoren.

    Bart slaagde erin om in nog twee extra slagen zijn bal op de green te leggen en dus in drie slagen de driehonderdzevenen-dertig meter van de eerste hole af te leggen. (green = kort gemaaid stuk gras aan het einde van iedere hole)
    Het putten ging minder goed. Hij had nog drie slagen nodig alvorens het balletje in de hole verdween. Zes slagen op een par 4, dat bracht hem toch nog twee punten op. (par = het aantal slagen waarin een gemiddelde professionele golfer een hole zou moeten kunnen spelen)
    Irma slaagde er niet in om, na haar slechte afslag, nog punten te halen op deze hole.

    Op de tweede hole, een par 3, haalde Irma drie punten en Bart slechts één. Hole drie ging dan weer heel goed voor Bart, vier punten tegen twee voor Irma.

    Zo kwamen ze aan de afslagplaats van hole vier, een par 3 van honderdzestig meter. Voor Bart een dilemma. Als hij met zijn driver afsloeg, zou hij waarschijnlijk voorbij de vlag slagen en dan liep hij het risico dat de bal zelfs over de Bistweg zou vliegen. Wanneer hij met zijn wood zou slagen kwam hij, indien alles perfect liep, juist aan de green. Maar met de wood liep het vandaag niet zo lekker. Hij had er op de afslagplaats al drie slechte ballen mee geslagen. Bart besloot om toch met de driver te slaan en te proberen iets minder ver te slaan.

    Hij raakte de bal niet helemaal op de juiste plaats en deze maakte een bocht naar rechts en kwam naast de zandbak tussen de bomen terecht.

    “Verdomme, had ik nu toch maar mijn wood genomen”, zuchtte hij.

    Irma haar afslag daarentegen liep perfect. Haar bal kwam net voor de green te liggen.

    “Pitchen en putten, en een par noteren”, lachte ze.

    “Ik hoop dat ik mijn bal nog terug kan vinden”, gromde Bart.

    Ze gingen samen naar de green, plaatsten hun golfkarren naast de bal van Irma en gingen dan tussen de bomen op zoek naar de bal van Bart.

    Ze kwamen aan de boom waarachter hij vermoedde dat zijn bal terecht gekomen was.

    Geen bal te zien.

    Ze zochten verder naast en in de gracht. Irma had haar putter meegenomen en verwijderde daarmee wat bladeren om te zien of de bal eronder lag.

    De witte bal kwam tevoorschijn na enkele opruimbewegingen van de bladeren. Zij nam de bal op en schoof weg op de natte bladeren.
    Groot was haar verbazing toen zij merkte dat er een hand boven de bladeren uitkwam.

    “BAAAART!!!!”, riep ze.


    07-02-2018 om 12:30 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    09-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Inkijkversie van de nieuwe "Somers en De Winter" (nr 8 in de reeks)

    Wraak in de familie

    Eerste druk maart 2017
    Copyright © Ludo Geluykens / Leesgenot, 2017

    Site van de auteur: www.ludogeluykens.be

    Uitgeverij Leesgenot: Dennenlaan 32 2520 Ranst
    +32 3 485.72.63
    www.leesgenot.be

    Ontwerp omslag: Shutterstock
    Foto omslag Kris Geluykens/slidedesigners

    ISBN: 9789490660123
    D 2017/12.183/1
    NUR-Code: 330

    Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur. De personages in dit boek zijn niet gerelateerd aan bepaalde personen. Indien we toch die indruk zouden wekken, hebben we nooit de bedoeling om gelijk wie te kwetsen.
    Ludo Geluykens

    Wraak in de familie

    Uitgeverij: Leesgenot - © - 2017


    Van dezelfde auteur :
    Moord op de scheidsrechter
    Adellijke intriges
    Een drug te ver
    Losgeld voor een kind
    Moord aan de balie
    Chantage in het schepencollege
    Afrekening in het bedrijf
    Wraak in de familie


    I

    Het eerste deel speelt zich tien jaar geleden af.

    1

    7 maart, Mechelsesteenweg, Lier.

    Mark Van Beeumen zat met zijn vriendin Brigitte aan de ontbijttafel in hun woning aan de Mechelsesteenweg in Lier. Mark was een gelukkig man. Zijn vriendin was vijftien jaar jonger dan hij en samen baten ze haar discotheek uit in Emblem. Ooit was het anders geweest, tien jaar geleden, Mark was toen postbode in Lier en stond in die tijd bekend als de play-boy van De Post. Op verschillende plaatsen van zijn dagelijkse ronde mocht Mark bij de vrouwen die alleen thuis waren een kop koffie komen drinken en meestal bleef het daar niet bij. ‘The postman always rings twice’, was op hem niet van toepassing. De deuren gingen open zonder dat hij moest aanbellen. Dat was voor hem ook een fantastische tijd, maar zijn toenmalige vrouw Ria kreeg weet van zijn amoureuze uitspattingen en had hem op staande voet uit huis gezet. Dat was het begin van een moeilijke periode waar hij liever niet aan werd herinnerd. Hij had toen op een kleine gemeubelde studio gewoond aan de Grote Markt in Lier en leefde op pizza’s en bier. Maar de situatie klaarde op toen hij Brigitte leerde kennen. Brigitte was gevallen voor de charmes van de play-boy-postbode. Brigitte was toen al eigenaar van discotheek ‘The Moonlight’, in Emblem. Mark zijn geluk kon vanaf toen niet meer op. Een knappe vriendin die vijftien jaar jonger was dan hij en die aan geld geen gebrek had. Al snel had hij zijn job als postbode opgegeven en was hij mee gaan helpen in de discotheek. Dat wil zeggen: hij hielp als supervisor tijdens de weekends. Hij moest controleren of de garçons niet te veel geld in hun zakken staken in plaats van af te rekenen aan de kassa. Tijdens de week reed hij rond in chique auto’s, dan eens in de Porsche van Brigitte en dan weer eens in zijn Mercedes Sport.

    Vandaag moest hij eerst naar de discotheek om te kijken of de leveranciers alle bestelde dranken en andere benodigdheden voor het weekend hadden geleverd en daarna kon hij nog eens langsgaan bij zijn ouders in Ranst.

    “Ga jij mee de leveringen controleren, schat?” vroeg hij.

    “Ik zou liever thuisblijven. Kan jij dat niet alleen?” antwoordde Brigitte.

    “Geen probleem, alleen zal dat ook wel lukken denk ik”, zei Mark. “Ik rij nadien nog eens bij ons thuis langs dan. Is dat goed?”

    “Natuurlijk. Blijf je daar dan eten?”

    “Ons moeder zal dat wel willen denk ik”, lachte Mark.

    “Doe dat dan maar, dan moet ik geen eten maken.”

    “Moet jij dan niet eten?”

    “Ik eet wel snel een broodje in de stad.”

    Mark trok naar de badkamer, nam een douche, scheerde zich en vertrok naar Emblem.

    In de voorraadkamer van discotheek ‘The Moonlight’ controleerde hij aan de hand van de leverbonnen of de geleverde hoeveelheid klopte. Bij de vaten bier was er iets fout. Er stonden twintig vaten bier op de bon en hij telde er maar negentien.

    Hij belde naar Brigitte en vroeg of zij soms iets gehoord had van de brouwer over deze onvolledige levering.

    “Ik weet er alles van”, zei Brigitte. “Nadja heeft morgen een feestje en zij had daarvoor een vat gevraagd. Ik heb dat daar laten leveren.”

    “Oké, dan is alles in orde. Je ziet dat ik alles goed in het oog houd, hé”, zei Mark.

    “Ja, ja”, antwoordde Brigitte. “Je bent al goed wakker. Je wordt nog een echte zakenman.”

    Mark sloot alles af en reed naar zijn ouders in Ranst.

    Jos Van Beeumen en zijn vrouw Greta, de ouders van Mark hadden een bedrijf in afbraakwerken op het industrieterrein in Ranst. Ze hadden nog twee zonen, Geert en Frank, en een dochter Vera.

    Afbraakwerken Van Beeumen was jaren geleden klein begonnen, maar was ondertussen uitgegroeid tot een gespecialiseerd bedrijf, één van de grootste van de provincie Antwerpen.

    Het huis van de Van Beeumens stond op een groot stuk grond dat vlak naast de bedrijfsterreinen lag. Vader Jos had de gewoonte om alle middagen thuis te zijn voor het eten, Mark wist dat en daarom passeerde hij regelmatig rond de middag langs het ouderlijke huis.

    Toen Mark zijn auto parkeerde op de oprit van het huis stond Greta op een laddertje de ramen te poetsen, haar vaste job op woensdagmorgen. Moeder had de punctuele gewoonten van vader Jos overgenomen. Alles moest op zijn tijd.

    “Een vast stramien in je leven geeft je een goed gevoel”, zei Jos Van Beeumen altijd.

    Greta was blij toen ze Mark zag.

    “Blijf je eten?” vroeg ze.

    “Daar ben ik speciaal voor gekomen”, lachte Mark.

    “Dan ga ik nog snel wat vlees uitleggen.”

    “Ik ga ondertussen eens langs bij ons vader hiernaast”, zei Mark.

    Hij ging door de tuin naar de magazijnen.

    Tegen twaalf uur kwamen vader en zoon Van Beeumen eten. De geur van de worsten kwam hen al tegemoet van in de tuin.

    “Er staat stoemp met worst op het menu”, zei Greta.

    “En daar een goede pint bier bij, meer moet dat niet zijn”, zei Jos.

    “Daar ben ik nu speciaal voor langsgekomen”, zei Mark.

    Om één uur trok Jos terug naar het magazijn en vertrok Mark naar huis.


    2

    7 maart, Paradeplein, Lier.

    Het was al druk in het kantoor van hoofdcommissaris Frans Peeters. Commissaris Bruno Somers en hoofdinspecteur Paul De Winter zaten samen met Roger Wuytack, de planton, bij de chef in een werkoverleg toen Martine Verhaegen, de assistente van de hoofdcommissaris, binnenkwam met een brede glimlach op haar gezicht.

    “Willen jullie verse koffie?” vroeg ze.

    “Daar zitten we op te wachten”, zei Peeters.

    “En als je die dan met zo’n lach op je gezicht binnenbrengt, zijn we nog gelukkiger”, zei Paul.

    “Wanneer een vrouw lacht, moet ik altijd denken aan het liedje van Golden Earring ‘When the lady smiles’”, zei Bruno en hij begon te zingen:

    “When the lady smiles, you know it drives me wild.”

    “Ik moet dan vooral aan de volgende strofe denken”, lachte Martine en zij begon ook te zingen:

    “When the lady smiles, she holds me in her hand.”

    “Ze hebben toch altijd het laatste woord, hé”, lachte Frans.

    “Die vrouwen toch”, zei Wuytack. “Uiteindelijk draait alles rond hen.”

    Martine was ondertussen al onderweg om koffie te halen.

    “Wat staat er op jullie programma voor vandaag?” vroeg Frans Peeters.

    “We gaan onze dossiers bijwerken zodat we deze kunnen klasseren”, antwoordde Bruno.

    “Kan Paul dat niet alleen?” vroeg Frans.

    “Als dat moet, wel”, antwoordde De Winter.

    “En wat heb je voor mij in gedachten?” vroeg Bruno.

    “De gouverneur komt vandaag op bezoek bij de burgemeester op het stadhuis en ik zou nog wel wat extra mensen kunnen gebruiken om de boel in het oog te houden”, zei de hoofdcom-missaris.

    “Dan ga ik mee naar het stadhuis”, antwoordde Bruno. “De veiligheid van de burgemeester gaat voor alles.”

    “Het gaat hier over de veiligheid van de gouverneur, hé”, zei Peeters.

    “Voor ons is de burgemeester veel belangrijker, hé chef”, zei Bruno.

    “Ik vertrek om tien uur, je kan met mij meerijden”, besloot Peeters.

    Somers en De Winter trokken naar hun kantoor. Bruno keek nog snel zijn mails na en beantwoordde de dringendste onmid-dellijk.

    De Winter begon met het bijwerken van de lopende, en het afsluiten van de afgewerkte dossiers.

    Tegen tien uur ging Bruno naar het kantoor van Frans en vertrokken ze samen naar het stadhuis waar de gouverneur om half twaalf zou arriveren voor een werklunch.

    Op alle hoeken van de straten die op de Grote Markt uitkwamen stonden politieagenten en in het stadhuis zelf was op de tweede verdieping een kamer ingericht waar de coördinatie van de veiligheid plaatsvond. Frans en Bruno gingen onmiddellijk naar boven.

    “Waarom zijn er zo’n grote veiligheidmaatregelen genomen?” vroeg Bruno.

    “De gouverneur heeft blijkbaar anonieme bedreigingen ont-vangen”, antwoordde Frans.

    Somers kreeg een walkietalkie en moest plaats nemen op het balkon van het stadhuis om van daaruit de Grote Markt te observeren. De veiligheidscoördinator riep alle agenten die op wacht stonden één voor één op om de toestellen uit te testen. Er mochten geen problemen ontstaan vandaag. Het korps van Lier had een naam hoog te houden.

    Alle toestellen werkten en Bruno nam plaats op het balkon van het stadhuis, vanwaar hij oogcontact had met alle agenten die op de hoeken van de straten stonden.

    Om elf uur kwam vanuit de Koningin Elisabethlei in Antwerpen het bericht dat de gouverneur vertrokken was. Het circus was op gang getrokken. De burgemeester kwam een luchtje scheppen op het balkon.

    “De bedreiging van de gouverneur wordt precies nogal serieus genomen”, zei Somers.

    “Ja, de opdracht is vanuit de nationale veiligheid gekomen”, antwoordde de burgemeester.

    “Er lopen tegenwoordig nogal wat gekken rond die op deze manier in de kijker willen lopen”, zei Somers.

    “En die beseffen totaal niet wat ze in gang zetten”, zei de burgemeester.

    Toen de gouverneur stipt om halftwaalf aankwam, ontstond er even paniek wanneer een man de Grote Markt kwam opgelopen. De man werd tegengehouden maar onmiddellijk weer vrijgelaten toen bleek dat hij gewoon op weg was naar het station om zijn trein te halen.

    “We kunnen geen enkel risico nemen”, zei Peeters naar aanleiding van dit voorval.

    De werklunch verliep verder zonder incidenten.

    Om twee uur verliet de gouverneur met zijn gevolg het stadhuis en werd de situatie terug normaal. Iedereen mocht terugkeren naar zijn dagelijkse werkzaamheden.

    Hoofdcommissaris Peeters en commissaris Somers woonden nog de afsluitende evaluatievergadering bij op de tweede verdieping van het stadhuis. De burgemeester had voor de mannen van de beveiliging broodjes voorzien zodat de agenten toch ook iets te eten hadden.

    “Is dat de overschot van de werklunch?” vroeg Somers.

    “Zij zullen wel wat beters gehad hebben zeker”, antwoordde Peeters.

    Rond drie uur waren Peeters en Somers terug op het kantoor aan het Paradeplein.

    De hoofdcommissaris kreeg bericht dat de gouverneur veilig en wel terug in Antwerpen was aangekomen en de verantwoor-delijke van de nationale veiligheid bedankte hem voor de goede samenwerking.

    Bruno hielp Paul nog met het afwerken van de dossiers en tegen vijf uur gingen de speurders naar huis.

    “Tot morgen”, riep Bruno naar de chef.

    “Nu heb je vandaag toch wel een makkelijk dagje gehad, hé”, riep Martine.

    “Lang geleden dat ik nog zo ontspannen gewerkt heb”, zei Bruno. “Zouden ze bij de nationale beveiliging geen mannen meer kunnen gebruiken?”

    “Mannen misschien wel”, zei Martine.

    “Martine, daag hem niet uit”, lachte Frans.

    “Altijd bereid om een proef af te leggen, hé, Martinneke”, lachte Bruno.

    “Ga dat maar bij Sonja bewijzen”, lachte Frans. “Tot morgen.”

    Paul zette Bruno thuis af en reed verder naar Oelegem.

    09-03-2017 om 10:46 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    13-01-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De gemeente Ranst en uitgeverij Leesgenot
    nodigen u uit op de voorstelling van:


    “Wraak in de familie.”


    De nieuwe politiethriller van
    Ludo Geluykens

    Programma

    • Deuren: 18.45 uur

    • 19.00 uur : Verwelkoming.

    • Hilde Goris, schepen van feestelijkheden, communicatie, jeugd en gezinsbeleid, leidt het boek in.

    • Mogelijkheid tot aankopen van boek (€ 19,90)

    • Aansluitend bieden wij u graag een drankje aan en signeert de auteur zijn nieuwste boek


    Op woensdag 8 maart 2017 om 19 uur
    In de bibliotheek van Ranst.
    Gasthuisstraat 17
    2520 Ranst

    Gelieve uw komst te bevestigen via:
    ludogeluykens@skynet.be / 0478 450 150

    13-01-2017 om 14:00 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    08-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Afrekening in het bedrijf 2

    Voor informatie en het aankopen van boeken zie "aankopen boek" bij mijn favorieten.
    We gaan verder met het tweede deel van 'Afrekening in het bedrijf’.

    Ludwig Vandenbergh, de General Services Manager, die instond voor zowat de gehele organisatie ter plaatse, wist te melden dat voor alle aanwezige managers overnachtingen waren voorzien. Hij had voldoende huisjes geboekt op het terrein van Sunparks De Haan.

    “Hoe heb je de indeling van de huisjes geregeld?” vroeg Ivan Raeymaekers.

    “Ik heb het zodanig uitgewerkt dat de meeste managers samen liggen met hun landgenoten. Alleen de Security Managers uit de verschillende landen verblijven allemaal samen in een huisje, dat heeft Luk Geerts zo gevraagd”, antwoordde Ludwig Vandenbergh.

    “Dat klopt”, zei Geerts. “Zo kan ik als het moet één van mijn collega’s inzetten en zij willen ook allemaal betrokken worden zodat ze kunnen zien hoe de meeting geregeld is op gebied van security. Zo zijn ze al voorbereid voor wanneer ze zelf de meeting moeten organiseren in de toekomst.”

    “Slapen de mannen en de vrouwen samen?” vroeg Flor De Bruyn.

    “Dat zou je wel willen, hé”, lachte Luk Geerts.

    “Neen, natuurlijk niet, de vrouwen slapen apart”, antwoordde Ludwig Vandenbergh.

    “Laat ons dat vooral zo houden”, zei Ivan Raeymaekers.

    “Zijn er ook managers die niet blijven overnachten?” vroeg Magda Vossen.

    “Ja, twee managers van depot Waregem en een Nederlander die in Zeeuws-Vlaanderen woont”, antwoordde Ludwig Vanden-bergh.

    “Wil je hen een brief sturen waarin we hen als bedrijf erop wijzen dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor hun verplaatsingen en dat ze moeten letten op hun drankgebruik?” vroeg de General Manager.

    “Daar zal ik voor zorgen”, antwoordde de Human Resources Manager.

    De General Services Manager legde nog uit dat alle maaltijden geregeld waren voor zowel de twee avonden als voor tussen de meeting door. Er was een aparte zaal voorzien waar ze samen met alle managers de maaltijden konden nemen. Deze zaal lag vlak naast de grote zaal waarin ze op vrijdagavond de ‘ontspanningsavond’ hadden gepland.

    “En is voor die avond ook alles geregeld?” vroeg Ivan Raeymaekers.

    “Alles wordt door Sunparks zelf geregeld: muziek, drank, broodjes. We moeten alleen betalen”, lachte Ludwig Vanden-bergh.

    “En wat met de mensen die iets anders willen doen?” vroeg Magda Vossen.

    “Alle faciliteiten staan steeds ter beschikking van de aanwezigen”, antwoordde de General Services Manager. “Ze kunnen gaan zwemmen, biljarten, tennissen, squashen en zelfs de sauna staat ter beschikking.”

    “De sauna zegt me wel iets”, zei Magda.

    “Als je iemand nodig hebt om je handdoek te dragen, laat het dan maar weten”, lachte Luk Geerts. “De afdeling Security staat steeds ten dienste.”

    “Dat geloof ik vast”, lachte Ivan Raeymaekers.

    “En hoever staat het met de agenda voor de meeting?” vroeg de General Manager.

    “We beginnen met de verwelkoming op vrijdagnamiddag om half drie. Dan krijgen de managers ook de sleutel van hun huisje en kunnen ze hun spullen daar achter laten. Om vier uur stipt beginnen we met de meeting. Eerst verwelkom jij de managers en daarna neemt Alvin Johnson over. Hij zal dan de rest van de namiddag voor zijn rekening nemen tot zes uur”, zei Magda Vossen.

    “Wanneer moeten we aan tafel zitten?” vroeg Flor De Bruyn.

    “Het avondeten is tegen zeven uur voorzien zodat we rond negen uur kunnen beginnen met het avondprogramma”, antwoordde Magda.

    “En wanneer beginnen we zaterdagmorgen?”

    “Vanaf zeven uur is er ontbijt voorzien. De meeting begint om half negen. In de voormiddag is de afdeling Sales aan de beurt. Om twaalf uur hebben we de lunch en om half twee neemt Operations over tot vier uur. Alvin Johnson sluit dan de meeting af daarna hebben we nog een buffet voorzien zodat iedereen nog wat kan eten alvorens naar huis te vertrekken”, antwoordde Magda.

    “Dus alle voorbereidingen zijn getroffen?” vroeg de General Manager. “Is ginder in De Haan ook alles geregeld?”

    “Normaal zou daar ook alles in orde moeten zijn. En Luk Geerts gaat straks nog een laatste controle uitvoeren”, zei Ludwig Vandenbergh.

    “Ik vertrek vanavond al naar ginder en kan dan indien nodig nog bijsturen”, antwoordde Luk Geerts.

    “Dan zien we mekaar morgen allemaal in De Haan”, besloot Ivan Raeymaekers.

    Ze verlieten allemaal de meetingroom en gingen op weg naar hun eigen kantoor.

    “Kan ik je even spreken?” vroeg Mark Schouppe, de Financiële Manager, aan Luk Geerts.

    “Natuurlijk”, antwoordde Luk en hij bleef staan om het gesprek te beginnen.

    “In je kantoor graag”, antwoordde Schouppe.

    Ze gingen een verdieping hoger naar het kantoor van de Security Manager.

    “Ik heb dit briefje tussen mijn ruitenwisser gevonden vanmorgen toen ik thuis vertrok”, zei Schouppe en hij gaf het papiertje aan Geerts, die het hardop las.

    “Als je nog wat langer wil blijven leven stop dan met die spelletjes. Ik weet je overal te vinden!”

    “Moet ik dat serieus nemen?” vroeg Schouppe.

    “Dat is je eigen beslissing. Ik weet niet waarover het hier gaat”, antwoordde Geerts.

    “Ik ook niet”, zei de Financiële Manager.

    “Echt niet?” vroeg Luk.

    “Neen.”

    “Dan zou ik dit toch maar even melden bij de politie”, antwoordde de Security Manager.

    “Ik zal er nog eens over nadenken”, besloot Schouppe en hij vertrok.

    Geerts wist wel dat Schouppe het niet zo nauw nam met de huwelijkstrouw. Hij had al jaren een verhouding met Magda Vossen de secretaresse van Ivan Raeymaekers, de General Manager.

    “Misschien was het één wel een gevolg van het ander”, dacht hij.

    Hij stak het papiertje in een lade van zijn bureau.

    08-04-2016 om 08:01 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    15-03-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Afrekening in het bedrijf 1

    Voor informatie en het aankopen van boeken zie "aankopen boek" bij mijn favorieten.

    We gaan verder met het eerste deel van 'Afrekening in het bedrijf’.


    I

    Het eerste deel speelt zich vijf jaar geleden af.


    1

    8 april, Industriestraat, Lier.

    Bij het transportbedrijf WWT (WorldWide Transport) waren ze volop bezig met de laatste voorbereidingen van de managementdagen die zouden doorgaan volgend weekend van vrijdagavond tot zaterdagavond in het domein van Sunparks De Haan. De Belgische afdeling van WWT was door de hoofdzetel in Amsterdam aangeduid om deze managementmeeting voor alle wereldwijde afdelingen te organiseren. Ze hadden ge-opteerd voor Sunparks De Haan omdat het zo gemakkelijk was om alle managers te laten overnachten in één van de huisjes op het domein en omdat de omgeving ook uitnodigde om te ontspannen buiten de meetings. Zo kon men bijvoorbeeld gemakkelijk eens tot aan zee wandelen om een frisse neus te halen. Een gezonde geest in een gezond lichaam.

    Het hoofdkantoor van WWT Belgium was gevestigd in de Industriestraat in Lier, naast de Ring. Er waren ook depots in Waregem, Antwerpen, Luik en Luxemburg, die rapporteerden aan de hoofdzetel in Lier. Het depot van Luxemburg was gemakkelijkheidshalve aan de Belgische tak van het bedrijf toegevoegd omdat het te klein was om zelfstandig te werken. Een bijkomende reden was ook dat in België zowat iedereen Frans sprak in tegenstelling tot op de hoofdzetel in Nederland, waar iemand vinden die de Franse taal beheerste, vergelijkbaar was met het zoeken naar een speld in een hooiberg. Vandaag, donderdag, moesten alle presentaties die men zou gebruiken tijdens het weekend, binnen zijn op de afdeling Human Resources.

    Op de afdeling General Services was Ludwig Vandenbergh, de manager van deze afdeling, volop bezig met controleren of alle bestellingen ook afgeleverd waren. De controle verliep moeizaam, want sommige dingen waren in Lier afgeleverd en andere waren dan weer rechtstreeks bij Sunparks in De Haan afgezet.

    Luk Geerts, de manager van de afdeling Safety & Security, bekeek zijn actieplan nog eens. Er was vanuit de hoofdzetel speciale aandacht gevraagd voor de security omdat men de nieuwe strategie van het bedrijf wilde bespreken die zou worden uitgezet in de gehele organisatie. Het zou niet de eerste keer zijn dat een concurrent van de gelegenheid gebruik zou maken om bij de presentaties binnen te glippen om zo al onmiddellijk te kunnen inspelen op de nieuwe strategie van WWT.

    Om drie uur in de namiddag was een laatste meeting gepland waarop alle managers die betrokken waren bij de organisatie waren uitgenodigd. Ivan Raeymaekers, de General Manager, was als eerste aanwezig in de meetingroom, samen met zijn secretaresse Magda Vossen. Tien minuten later was iedereen aanwezig en opende Ivan Raeymaekers de meeting. De bedoeling was dat alle managers een update gaven van hun voorbereidingen.

    Luk Geerts mocht beginnen. Hij legde uit dat voor alle uitgenodigde managers een securitybadge was gemaakt die bij het onthaal uitgereikt zou worden en dat hij zijn mensen, die de toegang tot de zaal controleerden, de opdracht had gegeven om geen enkel persoon zonder badge in de zaal binnen te laten.

    Flor De Bruyn, Human Resources Manager, kon melden dat hij alle presentaties voor de meeting binnen had gekregen met uitzondering van deze van Alvin Johnson, de General Director, die zouden ze pas op het laatste moment binnenkrijgen. Luk Geerts legde uit dat hij dat omwille van securityredenen zo had afgesproken met de General Director.

    15-03-2016 om 18:02 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-01-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Uitnodiging (klik op foto)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    30-01-2016 om 00:00 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    27-12-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Nieuwjaarswensen.

    Beste vrienden, lezers,

    In deze eindejaarsperiode wil ik jullie allemaal een gelukkig en vooral een gezond 2016 wensen.

    Hopelijk vinden jullie ook in 2016 weer de tijd om af en toe eens een boek te lezen.

    Daarom alvast deze tip:

    De nieuwe Somers en De Winter met de titel "Afrekening in het bedrijf" verschijnt op 1 maart.Voorstelling van het boek gaat door in de BIB van Emblem op 9 maart 2016 om 19 uur.

    Zet die dag alvast in je agenda.

    Met vriendelijke groeten,

    Ludo Geluykens

    Dennenlaan 32 2520 Ranst

    ludogeluykens@skynet.be

    gsm : 0478 450 150

    27-12-2015 om 11:21 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    24-10-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Boekenbeurs & Kerstmarkten.

    Beste vrienden, lezers,

    Het einde van het jaar is alweer in zicht en dan beginnen we weer aan de feestdagen en de bijhorende geschenken te denken…
    Een ideaal geschenk is nog steeds een goed boek. Vandaar dat ik jullie informeer waar jullie mij de volgende weken kunnen vinden en waar jullie dan ook mijn boeken kunnen kopen.

    Hierbij de informatie:

    Op 28 en 29 november sta ik op de tentoonstelling van de Gouden Handen in het Gildenhuis in Broechem.

    Op 6 december ben ik aanwezig op de kerstmarkt van Amakuzand in de Populierenhoeve in Zandhoven.

    Op 11, 12 en 13 december sta ik op de kerstmarkt in Lier.

    Op 20 december sta ik op de kerstmarkt in Emblem.

    De boekenbeurs en de kerstmarkten zijn natuurlijk ideale gelegenheden om een boek aan te kopen dat je dan ofwel zelf kan lezen ofwel eerst kan lezen en daarna als geschenk aan iemand geven.


    KERSTSPEL:

    Ik heb een nieuw kerstspel geschreven dat in openlucht wordt opgevoerd in Zoersel op 20, 21, 22, 23 en 26 december.

    Ik hoop jullie op één (of meer) van deze evenementen te ontmoeten, dan kunnen we weer eens bijpraten.

    Met vriendelijke groeten,
    Ludo Geluykens
    Dennenlaan 32
    2520 Ranst
    ludogeluykens@skynet.be
    gsm : 0478 450 150

    24-10-2015 om 00:00 geschreven door Ludo Geluykens

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Foto

    Mijn favorieten
  • Ludo Geluykens
  • Aankopen boek
  • Uitgeverij Leesgenot
  • Bistro Columbus Middelkerke

  • E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Archief per week
  • 04/03-10/03 2019
  • 11/02-17/02 2019
  • 05/02-11/02 2018
  • 06/03-12/03 2017
  • 09/01-15/01 2017
  • 04/04-10/04 2016
  • 14/03-20/03 2016
  • 25/01-31/01 2016
  • 21/12-27/12 2015
  • 19/10-25/10 2015
  • 01/06-07/06 2015
  • 16/03-22/03 2015
  • 19/01-25/01 2015
  • 18/08-24/08 2014
  • 14/07-20/07 2014
  • 16/06-22/06 2014
  • 26/05-01/06 2014
  • 12/05-18/05 2014
  • 28/04-04/05 2014
  • 21/04-27/04 2014
  • 13/01-19/01 2014
  • 30/09-06/10 2013
  • 22/07-28/07 2013
  • 24/06-30/06 2013
  • 20/05-26/05 2013
  • 29/04-05/05 2013
  • 08/04-14/04 2013
  • 18/03-24/03 2013
  • 11/02-17/02 2013
  • 10/09-16/09 2012
  • 30/07-05/08 2012
  • 09/07-15/07 2012
  • 18/06-24/06 2012
  • 04/06-10/06 2012
  • 14/05-20/05 2012
  • 23/04-29/04 2012
  • 19/03-25/03 2012
  • 05/03-11/03 2012
  • 30/01-05/02 2012
  • 16/01-22/01 2012
  • 26/12-01/01 2012
  • 12/12-18/12 2011
  • 21/11-27/11 2011
  • 31/10-06/11 2011
  • 03/10-09/10 2011
  • 05/09-11/09 2011
  • 08/08-14/08 2011
  • 04/07-10/07 2011
  • 27/06-03/07 2011
  • 30/05-05/06 2011
  • 02/05-08/05 2011
  • 04/04-10/04 2011
  • 14/03-20/03 2011
  • 28/02-06/03 2011
  • 21/02-27/02 2011
  • 24/01-30/01 2011
  • 03/01-09/01 2011
  • 27/12-02/01 2011
  • 13/12-19/12 2010
  • 06/12-12/12 2010
  • 15/11-21/11 2010
  • 04/10-10/10 2010
  • 13/09-19/09 2010
  • 23/08-29/08 2010
  • 26/07-01/08 2010
  • 05/07-11/07 2010
  • 14/06-20/06 2010
  • 24/05-30/05 2010
  • 19/04-25/04 2010
  • 29/03-04/04 2010
  • 08/03-14/03 2010
  • 15/02-21/02 2010
  • 01/02-07/02 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 11/01-17/01 2010
  • 04/01-10/01 2010
  • 21/12-27/12 2009
  • 31/08-06/09 2009
  • 17/08-23/08 2009
  • 08/06-14/06 2009
  • 01/06-07/06 2009

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!