Naar de inhoud

2026 Heuvel & Maas Fietstocht

Berichten van 1 oktober 2026 tot 31 oktober 2026

Dag 3 Gooik – Korbeek Dijle vrijdag 19 juni 2026

Dag 3 Gooik - Korbeek Dijle vrijdag 19 juni 2026

 Onze derde dag start met een prachtig ontbijt en een uitvoerige babbel aan de keukentafel. We zouden hier nog uren kunnen blijven. Anita heeft meer dan haar best gedaan. Ze doet ons van alles proeven. En Dominique heeft er duidelijk plezier in om ons te zien genieten. Maar beste mensen wij moeten ophoepelen. Terwijl we onze fietsen beladen, plaatsen ons gastgezin een 12-tal fietsen op een aanhangwagen. Morgen moeten we deze ergen ter plaatse brengen voor een groep vrienden welke in het Pajottenland willen verkennen. Dominique bestudeert ons routeboekje en geeft ons enkele aanwijzingen hoe we veilig uit Gooik geraken. Na de afrekening en enkele foto’s, nemen we met spijt afscheid van onze sympathieke fietsvrienden.

Starten doen we langs de kerk op gps naar Bree-Eik, we volgen de plaatjes “Kasteel Gaasbeek”. Het kasteel werd aanvankelijk gebouwd als waterburcht, maar is meerdere malen verwoest en heropgebouwd. Het kasteel is sedert 1921 een museum, geschonken aan de staat door de laatste bewoonster “Markiezin Marie Arconati Visconti”.

 Het is ondertussen bloedheet geworden en we houden hier een pauze, deppen ons zweet en moeten onze bidons aanspreken, dat belooft! Op wat zachtere glooiingen verlaten we het Pajottenland. Straks zijn we in de Zennevallei om vervolgens de Brusselse rand aan te doen. Na Gaasbeek en Lennik zijn we plots in de dorpskom van Sint-Pieters-Leeuw. Ik dacht dat hier rechtover de kerk een café was. Ik was er met mijn fietsvrienden van “de Bende van Bob” in 2008…Maar dat is lang verleden tijd. Ondertussen is er een prachtige muziek herstel atelier en winkel van “Music Company”. Terwijl mijn vriend Rik een rustpauze houdt, waag ik mij binnen. Ik voel mij altijd gefascineerd door muziekinstrumenten. De patron is een klarinet aan het repareren en een medewerker puzzelt aan een bugel.  Na een kort praatje laat de baas mij met fierheid zijn zaak zien. Ik ben stomverbaasd hun assortiment grotere instrumenten, van bassaxofoon, piano’s tot drumstellen te kunnen bewonderen. Wat je op zo’n fietstocht toch allemaal meemaakt!

We hebben 23km op ons tellertje wanneer we de drukke Bergense steenweg kruisen. Langs een klein paadje bereiken we het kanaal Brussel-Charleroi. Grote verwondering wanneer we voorbij het depot “Egta” fietsen. Het is onherkenbaar en overgroeid, 40 jaar geleden waren hier onze torenkranen van de bouwfirma waar ik toen werkzaam was, opgeslagen. Nu lijkt het een waar stort.  Waar is de fierheid van weleer gebleven? Na de kruising over de sluis van Lot en de spoorweg, vliegen we voorbij de “Lambik-O-Droom”. Mijn fietsvriend is in zijn nopjes. Rik is “Ridder in de Brouwersorde”, hij is een expert in de bierfabrikatie. Vol enthousiasme geeft hij mij uitleg over de techniek en de historie van het bijzonder bier welke hier in deze Zuun- en Zennevallei gebrouwen wordt “Geuze en Lambik”. Nergens anders mag dit zo genoemd worden. Deze bieren worden naar eeuwenoude traditie op spontane wijze gegist, daarna rijpt het verder in houten vaten. De Lambiek is een bier op zich, maar is ook het fundament voor de beroemde Geuzes en Kriekbieren. Geuzes bestaan uit een unieke mengeling van verschillende Lambieken. 

Geen geluk het “Bierhuis Oud Beersel” is gesloten.  Langs het Gasthuisbos door Beersel naar Alsemberg. Het centrum van de gemeente Alsemberg wordt gedomineerd door de “kerkenberg”. Ook deze heuvel waar we langs de Onze-Lieve-Vrouwkerk afdalen, is een helling vooral bekend door de wielerwedstrijd de Brabantse Pijl. Wanneer we Sint-Genesius-Rode binnen rijden is het 13h hoog tijd om ons innerlijk te versterken. We vleien ons op een beschaduwd terras van “Pizzeria Piazza”.  Niettegenstaande we hier in een Nederlandstalige faciliteitengemeente zijn, doet de dienster als wilt ze ons Vlaams niet verstaan. We doen niet zo belachelijk en bestellen “Carpaccio en Carbonara” met enkele flinke Primussen. We voelen ons wat loom, de warme en fel stralende zon eist zijn tol, een middagdutje zou welkom zijn!

  Toch hebben we geluk, we rijden de schaduw van het Zoniënwoud tegemoet. We duiken het bos binnen langs Middenhut, een wijk van Sint-Genesius-Rode. Het Zoniënwoud is een groot bos, centraal gelegen, ten zuidoosten van Brussel. Het is een beukenbos en maakt deel uit van het Nationaal Park Brabantse Wouden en ligt in de vallei van de Woluwe. Na Groenendaal, een residentiële wijk aan de rand van het Zoniënwoud komen we langs het in verval geraakte Groenendaal-station en de in onbruik geraakte renbaan, in Hoeilaart.  Wanneer we aan FKP 42 uit het park komen kunnen we niet voorbij het terras van “’t Boske” waar we samen met enkele dorpsbewoners genieten van het bezoek van een zwaan. De bazin is het blijkbaar gewoon en geeft het aandringend dier wat snoep. Wij lessen onze dorst met een flinke frisse Stella en een Karmeliet. 

Hoeilaart is een gemeente in het Dijleland en de Druivenstreek.  Het ligt In het glooiende landschap samen met Overijse, Tervuren, Bertem en Huldenberg. Af en toe duiken er hier druivenserres van deze plaatselijke delicatesse op. Marc Sleen de geestelijke vader van stripheld Nero schreef hier talloze verhalen en woonde in Hoeilaart en was er ook ereburger. We volgen De IJse, een zijrivier van de Dijle tot in het dorp van Overijse. Bekend als aankomstplaats van de Brabantse Pijl en de jaarlijkse Druivencross veldrit. De hellende bocht in het centrum aan de Sint-Martinuskerk, is een alom bekend dorpsgezicht. Op het gezellige terras van café “de Met” kunnen we ons zweet laten drogen en onze dorst lessen voor we naar ons overnachtings adres fietsen, we zijn toch nog veel tevroeg…. 

We verlaten Overijse en moeten deftig op de trappers in Noordelijke richting naar Eizer. Het dorp is een gehucht van Overijse. Het ligt op de helling van de Horenberg met een maximum van 15%. Iets verder zijn we in Duisburg. We vorderen goed op een soort plateau tussen de Voer en de IJse. We genieten van het weidse uitzicht, gelukkig is er hier niet al te veel bebouwing. Langs de "Bredeweg” is het zalig keuvelend fietsen, tot we plots aan FKP 2 rechtsaf in de Groeneweg moeten afdalen. Ai…dit is een 2km lange gevaarlijk onverharde slijkerige holleweg. Eerder een mountainbike parcours. Tot we plots op een drukke weg uitkomen vlak bij ons overnachtings adres. Met veel enthousiasme worden we begroet door Bruno onze gastheer. Onmiddellijk moeten we samen met hem onze dorst lessen. We krijgen elk een afzonderlijke kamer en een prachtige badkamer op de verdieping van het nieuwbouwhuis.  Na een deugddoende verfrissing en een veel te lang uitgelopen praatstonde willen we souperen.

Op aanwijzen van onze sympathieke gastheer rijden we naar “het Zoet Water”.  Zo’n 3km verder komen we aan de Waversebaan. We kunnen niet weerstaan aan het sfeervolle terras van “Brasserie St-Jean”. We krijgen een gezellig plaatsje onder de bomen met zicht op het water. Het wordt heel druk en toch genieten we van een heerlijk stoofvlees potje met een flesje Merlot. Na nog een ijstoetje haasten we ons huiswaarts en verlangen naar onze bedjes. Slaapwel. 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door bob.claerbout om 17:51 Reageer op dit bericht

Dag 2 Kluisbergen – Gooik donderdag 18 juni 2026

Dag 2 Kluisbergen - Gooik donderdag 18 juni 2026

Na een zalige nacht springen we met veel enthousiasme uit onze bedjes. De stralende zon en een staalblauwe hemel doet ons iets vroeger opstaan. Geen nood, ons gastgezin laat ons onmiddellijk genieten van een prachtig verzorgd ontbijt. Terwijl we ons tegoed doen aan al dat lekkers is onze gastvrouw Marijke wat bezorgd, volgens de media wordt er een hittegolf aangekondigd. We moeten haar beloven ons goed te beschermen, regelmatig in te smeren en genoeg te drinken. Na nog een wat lange babbel roept de plicht, fietsen beladen en afscheid nemen van onze bezorgde fietsvrienden.

Heel vlug is het klimmen geblazen. Aan camping “Panorama, waar ik samen met mijn “Bende van Bob”- fietsvrienden in 2008 in een trekkershut overnacht heb. Moeten wij extra duwen om op de ”Kluisberg” of “Mont-de-l'Enclus” op te geraken.  

Op een slijkerige karrenweg, fietsen we licht dalend door het donkere Kluisbos. Dit 300 hectare groot bos, ligt pal op de taalgrens. Hoewel de beuk prominent aanwezig is, zie je ook andere soorten in dit gemengde bos. Op vele plaatsen zorgt het dichte bladerdek voor het ontbreken van ondergroei. Het pad is duidelijk door zware machines, welke denkelijk bomen geveld hebben, stuk gereden. Net voorbij de Toren-parking waag ik het om op het mooie wandelpad verder te rijden. Maar plots lig ik, zonder het goed te beseffen, languit op de grond, met mijn fiets boven op mij. Dwars op het pad ligt er een boomstam, welke ik in het duistere beschaduwde bos, niet opgemerkt heb. Ik ben wat duizelig en verward. Mijn vriend Rik, samen met een toevallige fietser helpen mij recht. Zij zoeken voor mij, alle bagage en de spullen welke uit de stuurtas gevlogen zijn bij elkaar. Ik voel hier en daar pijn en mijn voorwiel heeft een flinke deuk gekregen. Na een poos waag ik het toch om verder te fietsen, gelukkig lukt het wonderwel, ook al is de wieldeuk duidelijk voelbaar. 

 Iets verder op de “Knokteberg of Côte de Trieu” moet ik toch, even bekomen van dit hachelijke voorval, op een rustplaats met bankjes. We bedenken wat is er nu feitelijk gebeurd?  Vol adrenaline, is het nu samen met mijn bezorgde vriend, op hoop van zegen verder fietsen. Op de Kwaremont willen we het monument van “Karel Van Wijnendaele” een bezoekje brengen. Deze Vlaamse sportjournalist, organiseerde de eerste Ronde van Vlaanderen. Hij verbond de koers met de Vlaamse ontvoogding en de mythe van de Flandriën, de eenvoudige volksjongen die door middel van taaie wilskracht een kampioen kon worden. Met deze bedenking mag je een val in het bos wel vergeten, toch! 

Aan het bekende restaurant “’t Konijntje” op de grens met Wallonië, dalen we door een loofbos “de Karnemelkbeekstraat” richting Ronse af.  Dit is sinds 2019 de "E3-col" in de beroemde E3 wielerwedstrijd. Op een oude spoorwegbedding, de voormalige lijn 85, staan we plots aan het station. Dit gebouw was het vroegere Station van Brugge. Het gebouw werd namelijk eerst opgetrokken op 't Zand in Brugge en verhuisde pas in 1879 naar Ronse, waar het steen voor steen werd heropgebouwd. Ronse noemt men wel de “koningin van de Vlaamse Ardennen” omwille van haar ligging en groene omgeving. De stad ligt in een vallei en was vroeger een textielcentrum. 

We zoeken het begin van het Mijnwerkerspad, de oude spoorweglijn 87. Deze route, die ooit mijnwerkers van Zottegem naar de Henegouwse steenkoolmijnen bracht, is nu een geasfalteerd weggetje. We buigen af naar de “Kanarieberg” bij knooppunt 79 en slingeren tussen de velden traag de 1km lange helling op. Nu langs en door het  “Muziekbos”. Volgens kenners??? Hoor je de ruisende melodie van de bladeren die ritselen in de wind, een zacht muziekspel in de bomen. Wij hebben niets gehoor van dit alles……….

 In het liefelijke dorpje Louise-Marie willen wij onze dorst lessen. We toeren voorbij het prachtige kerkje op het dorpsplein. Hier staat het kunstwerk "Louise-Marie daar zit muziek in” een wat bizarre sculptuur. Maar een café, neen dat vinden we hier niet. Gelukkig hebben we een extra bidon bij ons! Na de “Donderij “een kassei-klim van 1,7 km, in Etikhove, dokkeren we richting “Maarkedal-helling”. En ja het is nu naar de “Taaienberg” met zijn 800 meter, beschermde kasseistrook. Deze kuitenbijter is niet weg te denken uit de Vlaamse wielerklassiekers. Al zwijmelend geraken we op de top. Hier wacht ons een flinke beloning met een beklijvend vergezicht op de vallei en het Muziekbos. De Taaienberg wordt ook in wielertaal de Boonenberg genoemd. Het was de favoriete beklimming van Tom Boonen. 

Het blijven maar nijdige klimmetjes. Na een korte afdaling komt de Kaperij, een kasseistraat nabij Schorisse, het Bosgat en de Steenbeekberg. Bij Rovorst en de Kanakendries is onze watervoorraad bijna op, we krijgen ook honger. Een plaat met “Nederbrakel” geeft ons moed en we drammen door tot op het gemeenteplein. Bistro “’t Zwart Light” is onze redding we ploffen ons neer op het terras en bestellen onmiddellijk een “Le Fort” en “Croque Bolognaise. De attente ober wijst ons op de batterij oplaadmogelijkheid bij de fietsenstalling op het plein. Wat een luxe! 

Wat kan een lange middagrustpauzen deugd doen. Onze fietsbatterijen zijn opnieuw bijna vol. Op naar een volgende helling “de Ten Bossestraat ”. Nabij Parike peddelen we langs glooiende wegels tussen akkers, graslanden en bossen voorbij enkele kleine kapelletjes naar Geraardsbergen. Deze stad nabij de Vlaamse Ardennen is bekend voor zijn “Muur” en het oudste “Manneke Pis” en de “Mattetaarten”. Wij rijden over de Dender naar de Grote Markt en de Vesten. Maar de kasseiweg naar de top met zijn kapel doen wij niet, neen neen, 20% op grillige keien is niets voor ons!

We verlaten Geraardsbergen en dalen op een betonbaan richting Onkerzele. Bij knooppunt 76 zijn we in Atembeke, hier is het weer zwoegen om boven te geraken. Deze “Bosberg” is bekend als laatste beklimming van de Ronde van Vlaanderen, toen deze nog aankwam in Meerbeke. Een flinke kuitenbijter op kasseien. Bij deze klim zit het venijn in de staart. Wanneer je langs het bord van de Bosberg rijdt beginnen de kasseien en wordt het echt steil. Het is een korte maar intense inspanning van ongeveer 1,1 km met steile stukken die tot 12 à 15% gaan. De kasseien zijn beschermd als monument. Boven op de top genieten we van een schaduwrijk terras van een Ename en een Roman. Waar is de tijd dat hier het legendarisch wielercafé de “Kijkuit” stond. Op de gevel hing er een herdenkingsplaat met een ode aan 2-voudig Ronde Van Vlaanderen winnaar “Edwin Van Hooydonck” welke hier telkens op deze berg iedereen uit het wiel reed.  

 Na onze lange rustpauze beloof ik aan Rik dat het zware klimwerk achter ons ligt. We vliegen kronkelend bergaf tot in het dorpscentrum van Galmaarden. Deze gemeente vormt samen met Gooik en Herne “Pajottegem”. Een echt groene gemeente in Vlaams-Brabant. Iets verder is het toch opnieuw omhoog naar de “Congoberg” een heuvel met een opvallend kunstwerk “De ontvoering van Europa”. Het zou een venusfiguur uit de oudheid moeten voorstellen.  Ze staat recht op de rug van een rennende stier, de god Zeus! Wij zien echter een groep grazende werkpaarden.  In Vollezele vliegen we zelfs voorbij het “Museum van het Belgisch Trekpaard”. Net voorbij het standbeeld van “Dekhengst Brillant” moeten we linksaf naar Oetingen. Normaal zouden we hier overnachten bij VOF “Mieke Sevenans” maar ze heeft ons enkele dagen geleden doorverwezen naar een VOF in Gooik bij haar ouders Anita en Dominique. Langs de “Valleitjes Route” zijn wij 6km verder op onze overnachtingsplaats. 

Onze aankomst in Gooik vormt voor mij een echt wonder, we worden vol geestdrift begroet door onze hospita’s. Dominique heeft onmiddellijk gezien dat er met mijn voorwiel iets niet in orde is wanneer ik de fietstassen afneem. Zo kan je niet verder verklaart hij en loopt met mijn fiets een bergplaats binnen. Wat wij helemaal niet weten is dat onze vrienden, fietsenmakers zijn met een verhuur en hersteldienst” De Spaak”. Onze gastheer komt mij, mijn voorwiel met deuk, tonen. Hij belooft mij een nieuw wiel te maken. Is dat geluk hebben en ja terwijl we allen samen enkele frisse “Geuzen” drinken, vlecht Dominique een nieuw wiel in elkaar. Ondertussen komen wij teweet dat hij lesgever was bij de opleiding van “Fietsenherstellers”…..Hoeveel geluk kan je hebben! Bedankt Dominique en Anita wat een service. 

 Op aanwijzen van ons gastenpaar wandelen we naar het dorp in dalende lijn is het ongeveer 1km tot aan het volkscafé “de Cam”.  Het is nog zeer warm maar er komen onweerswolken dreigen. We vleien ons op het terras en genieten van een “Vol au vent” en een frisse Geuze tussen de talrijke klanten. Met een goed gevuld buikje haasten we ons naar ons verblijf. Net wanneer we binnenkomen breekt er een hevig onweer los. We genieten nog een poosje van een onderhoud met ons gastgezin. Toch voelen we stillaan onze vermoeidheid, bedtijd jongens…Slaapwel!

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door bob.claerbout om 18:36 Reageer op dit bericht

Dag 1 Kortrijk – Kluisbergen woensdag 17 juni 2026

2026

Heuvel & Maasland

Fietstocht

 

Dagboek van een fietstocht van

17 juni tot 27 juni 2026

Deze tocht is een combinatie van een uitgestippelde, maar niet uitgevoerde voorjaarstocht, nu toch in onze grote jaarlijkse fietstocht bijgevoegd. Te beginnen met de Vlaamse Heuvelroute met de “Ronde van Vlaanderen” bergjes. Deze route verbonden met een stuk “Gordel onder Brussel”. Om daarna door het Hageland en Limburg in Thorn op de Maasroute te komen en deze te verlaten in Woudrichem om te eindigen na 11 dagen in Antwerpen.

Rik & Bob

Dag 1 Kortrijk - Kluisbergen woensdag 17 juni 2026

 We starten onze fietstocht in Kortrijk, na een reinrit. Bob vanuit Brugge, Rik vanuit Mechelen.  Zoals je meestal kan verwachten met de NMBS, wordt het een bewogen onderneming dit zeker voor Rik. Wij zouden elkaar ontmoeten om +/- 12 uur bij het station Kortrijk. Doch voor Rik wordt het één uur later, zijn trein wordt omgeleid via Brussel en Ronse. Vol enthousiasme ontmoet ik Rik aan de uitgang van het station Kortrijk. 

Vandaag is het de eerste dag van de eerste hittegolf 2026. Dorst en goesting doet ons op de grote markt van Kortrijk belanden. Wat kan een frisse La Chouffe met een vleespannetje smaken op een schaduwrijk terras. Kortrijk, de grote West-Vlaamse stad aan de Leie, staat bekend als de Guldensporenstad vanwege de historische slag in 1302. De stad combineert een rijk middeleeuws verleden met een moderne rol als centrum voor textiel, design en handel. Richting AZ Groeninge langs het Bruyninpad bereiken we gemakkelijk de Heuvelroute bij Hoog Kortrijk. We zijn nog geen 10 kilometer ver en peddelen rustig voorbij de befaamde brouwerij Omer Vander Ghinste in Bellegem. 

Na dit dorp rijden in een natuurgebied op een heuvel die deel uitmaakt van de kam die de scheidingslijn vormt tussen het Schelde- en Leiebekken. In de verte duikt de “Molen ter Claere” op. Dit is de enige van de vijf windmolens van Sint-Denijs die de tijd getrotseerd heeft. Het is een stenen molen en staat op het hoogste punt van de streek.

 Nu een zalige afdaling voorbij het Mortagnebos naar het Orveytbos aangelegd op een oud kleistort. Na het gerestaureerd “St-Pietersbrugje” en het oude sas zijn we aan het kanaal Bossuit-Kortrijk. Nu over de Sluis van Moen. Tussen de overwoekerende struiken stoppen we bij de vroeger “De Souterrain” een scheepstunnel welke dwars door de Moense heuvels liep, toen een onoverkomelijke hindernis. Na de verbreding van het kanaal werd deze om veiligheidsredenen afgebroken.  Het kanaal Kortrijk-Bossuit werd gegraven om West-Vlaanderen te voorzien van steenkool uit de Waalse streek van de Borinage. Het kanaal verbindt de Leie en Kortrijk met de Schelde in Bossuit. 

De Vaarttaluds van het kanaal zijn een natuurreservaat, waar Roodborsttapuit, Meervleermuis, Hazelworm, Koninginnepage en Kamsalamander waargenomen worden. Na de Keiberg bij Heestert rijden we naar Otegem een landelijke gemeente deel van Zwevegem. We hebben al 27 kilometer op onze teller wanneer we na Ingooigem aan het “Lijsternest”, een landwegel inrijden. Schrijver Stijn Streuvels wilde geen standbeeld, maar hoopte wel dat Het Lijsternest na zijn dood intact bewaard zou blijven. Waar is de tijd dat we romans als De Vlaschaard, De teleurgang van den Waterhoek, Prutske en de novelle Het leven en de dood in den ast moeste lezen…….

Langs een rustige landweg zien we de Tiegemberg opduiken, het is wat meer op de trappers duwen om deze idyllische heuvel met een adembenemend uitzicht op de omringende groenrijke landschappen te bereiken. Maar we worden beloond met een zalige afdaling voorbij het Sint-Arnolduspark, een ware oase van groenen met het Vossenhol.  Deze Tiegemberg wordt door wielerliefhebbers de poort tot de Vlaamse Ardennen genoemd. In Tiegem dorp willen we onze dorst lessen, helaas alles is dicht. Dan maar verder langs kronkelende paadjes tot bij en langs een oude Scheldearm naar het Avelgemse gehucht “De Waterhoek”. En we ploffen ons neer tussen medefietsers op het terras van café De Meerschblomme.

Tussen de wielertoeristen genieten we van meer dan één trippel, ’t is wel van de dorst! Na een prettige babbel met onze tafelgenoten komen we teweet dat Avelgem, nog in West-Vlaanderen ligt. Pal op de grens van Oost-Vlaanderen en Henegouwen aan de oevers van de Schelde. Plots vliegen onze wielergekke tafelgenoten het café binnen ’t is aankomst van een wielerwedstrijd en hun plaatselijke idool “Tim Merlier” kan de wedstrijd winnen. Na Avelgem dorp volgen we de fietsknooppunten naar de Schelde. Hier moeten we over de “IJzerwegbrug” of “le Pont du chemin de fer” De Schelde is de grens tussen Vlaanderen en Wallonië.

 

 Het fietsnetwerk van de Leiestreek sluit hier op het netwerk Picardisch Wallonië en op het fietsnetwerk Vlaamse Ardennen. Vroeger was hier de spoorlijn Kortrijk-Ronse. Twee kilometer verder zijn we in het Oost-Vlaamse Ruien en na 45 kilometer bellen we aan bij de familie Casier, ons vrienden op de fiets gastgezin.

Marijke komt ons met veel enthousiasme tegemoet. Na een ontvangst drankje en een gezellige babbel met Yves, kunnen we onze ruime slaapkamer betrekken….Na een korte rustpauze fietsen we op aanwijzen van het gastgezin naar het dorp Ruien. Vlak naast het fietsroute F45 vinden wij het gezellig “café T’helle4”. Op het ruime terras genieten we van enkele trippel Sint-Bernardus en een spaghetti. Na nog een lange gezellig babbel met het gastgezin kruipen we onder de lakens. Morgen wacht ons een spannende lange heuvelrit. Slaapwel.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door bob.claerbout om 15:28 Reageer op dit bericht