Dag 3 Gooik – Korbeek Dijle vrijdag 19 juni 2026


Dag 3 Gooik - Korbeek Dijle vrijdag 19 juni 2026

Onze derde dag start met een prachtig ontbijt en een uitvoerige babbel aan de keukentafel. We zouden hier nog uren kunnen blijven. Anita heeft meer dan haar best gedaan. Ze doet ons van alles proeven. En Dominique heeft er duidelijk plezier in om ons te zien genieten. Maar beste mensen wij moeten ophoepelen. Terwijl we onze fietsen beladen, plaatsen ons gastgezin een 12-tal fietsen op een aanhangwagen. Morgen moeten we deze ergen ter plaatse brengen voor een groep vrienden welke in het Pajottenland willen verkennen. Dominique bestudeert ons routeboekje en geeft ons enkele aanwijzingen hoe we veilig uit Gooik geraken. Na de afrekening en enkele foto’s, nemen we met spijt afscheid van onze sympathieke fietsvrienden.

Starten doen we langs de kerk op gps naar Bree-Eik, we volgen de plaatjes “Kasteel Gaasbeek”. Het kasteel werd aanvankelijk gebouwd als waterburcht, maar is meerdere malen verwoest en heropgebouwd. Het kasteel is sedert 1921 een museum, geschonken aan de staat door de laatste bewoonster “Markiezin Marie Arconati Visconti”.

Het is ondertussen bloedheet geworden en we houden hier een pauze, deppen ons zweet en moeten onze bidons aanspreken, dat belooft! Op wat zachtere glooiingen verlaten we het Pajottenland. Straks zijn we in de Zennevallei om vervolgens de Brusselse rand aan te doen. Na Gaasbeek en Lennik zijn we plots in de dorpskom van Sint-Pieters-Leeuw. Ik dacht dat hier rechtover de kerk een café was. Ik was er met mijn fietsvrienden van “de Bende van Bob” in 2008…Maar dat is lang verleden tijd. Ondertussen is er een prachtige muziek herstel atelier en winkel van “Music Company”. Terwijl mijn vriend Rik een rustpauze houdt, waag ik mij binnen. Ik voel mij altijd gefascineerd door muziekinstrumenten. De patron is een klarinet aan het repareren en een medewerker puzzelt aan een bugel. Na een kort praatje laat de baas mij met fierheid zijn zaak zien. Ik ben stomverbaasd hun assortiment grotere instrumenten, van bassaxofoon, piano’s tot drumstellen te kunnen bewonderen. Wat je op zo’n fietstocht toch allemaal meemaakt!

We hebben 23km op ons tellertje wanneer we de drukke Bergense steenweg kruisen. Langs een klein paadje bereiken we het kanaal Brussel-Charleroi. Grote verwondering wanneer we voorbij het depot “Egta” fietsen. Het is onherkenbaar en overgroeid, 40 jaar geleden waren hier onze torenkranen van de bouwfirma waar ik toen werkzaam was, opgeslagen. Nu lijkt het een waar stort. Waar is de fierheid van weleer gebleven? Na de kruising over de sluis van Lot en de spoorweg, vliegen we voorbij de “Lambik-O-Droom”. Mijn fietsvriend is in zijn nopjes. Rik is “Ridder in de Brouwersorde”, hij is een expert in de bierfabrikatie. Vol enthousiasme geeft hij mij uitleg over de techniek en de historie van het bijzonder bier welke hier in deze Zuun- en Zennevallei gebrouwen wordt “Geuze en Lambik”. Nergens anders mag dit zo genoemd worden. Deze bieren worden naar eeuwenoude traditie op spontane wijze gegist, daarna rijpt het verder in houten vaten. De Lambiek is een bier op zich, maar is ook het fundament voor de beroemde Geuzes en Kriekbieren. Geuzes bestaan uit een unieke mengeling van verschillende Lambieken.

Geen geluk het “Bierhuis Oud Beersel” is gesloten. Langs het Gasthuisbos door Beersel naar Alsemberg. Het centrum van de gemeente Alsemberg wordt gedomineerd door de “kerkenberg”. Ook deze heuvel waar we langs de Onze-Lieve-Vrouwkerk afdalen, is een helling vooral bekend door de wielerwedstrijd de Brabantse Pijl. Wanneer we Sint-Genesius-Rode binnen rijden is het 13h hoog tijd om ons innerlijk te versterken. We vleien ons op een beschaduwd terras van “Pizzeria Piazza”. Niettegenstaande we hier in een Nederlandstalige faciliteitengemeente zijn, doet de dienster als wilt ze ons Vlaams niet verstaan. We doen niet zo belachelijk en bestellen “Carpaccio en Carbonara” met enkele flinke Primussen. We voelen ons wat loom, de warme en fel stralende zon eist zijn tol, een middagdutje zou welkom zijn!

Toch hebben we geluk, we rijden de schaduw van het Zoniënwoud tegemoet. We duiken het bos binnen langs Middenhut, een wijk van Sint-Genesius-Rode. Het Zoniënwoud is een groot bos, centraal gelegen, ten zuidoosten van Brussel. Het is een beukenbos en maakt deel uit van het Nationaal Park Brabantse Wouden en ligt in de vallei van de Woluwe. Na Groenendaal, een residentiële wijk aan de rand van het Zoniënwoud komen we langs het in verval geraakte Groenendaal-station en de in onbruik geraakte renbaan, in Hoeilaart. Wanneer we aan FKP 42 uit het park komen kunnen we niet voorbij het terras van “’t Boske” waar we samen met enkele dorpsbewoners genieten van het bezoek van een zwaan. De bazin is het blijkbaar gewoon en geeft het aandringend dier wat snoep. Wij lessen onze dorst met een flinke frisse Stella en een Karmeliet.

Hoeilaart is een gemeente in het Dijleland en de Druivenstreek. Het ligt In het glooiende landschap samen met Overijse, Tervuren, Bertem en Huldenberg. Af en toe duiken er hier druivenserres van deze plaatselijke delicatesse op. Marc Sleen de geestelijke vader van stripheld Nero schreef hier talloze verhalen en woonde in Hoeilaart en was er ook ereburger. We volgen De IJse, een zijrivier van de Dijle tot in het dorp van Overijse. Bekend als aankomstplaats van de Brabantse Pijl en de jaarlijkse Druivencross veldrit. De hellende bocht in het centrum aan de Sint-Martinuskerk, is een alom bekend dorpsgezicht. Op het gezellige terras van café “de Met” kunnen we ons zweet laten drogen en onze dorst lessen voor we naar ons overnachtings adres fietsen, we zijn toch nog veel tevroeg….

We verlaten Overijse en moeten deftig op de trappers in Noordelijke richting naar Eizer. Het dorp is een gehucht van Overijse. Het ligt op de helling van de Horenberg met een maximum van 15%. Iets verder zijn we in Duisburg. We vorderen goed op een soort plateau tussen de Voer en de IJse. We genieten van het weidse uitzicht, gelukkig is er hier niet al te veel bebouwing. Langs de "Bredeweg” is het zalig keuvelend fietsen, tot we plots aan FKP 2 rechtsaf in de Groeneweg moeten afdalen. Ai…dit is een 2km lange gevaarlijk onverharde slijkerige holleweg. Eerder een mountainbike parcours. Tot we plots op een drukke weg uitkomen vlak bij ons overnachtings adres. Met veel enthousiasme worden we begroet door Bruno onze gastheer. Onmiddellijk moeten we samen met hem onze dorst lessen. We krijgen elk een afzonderlijke kamer en een prachtige badkamer op de verdieping van het nieuwbouwhuis. Na een deugddoende verfrissing en een veel te lang uitgelopen praatstonde willen we souperen.

Op aanwijzen van onze sympathieke gastheer rijden we naar “het Zoet Water”. Zo’n 3km verder komen we aan de Waversebaan. We kunnen niet weerstaan aan het sfeervolle terras van “Brasserie St-Jean”. We krijgen een gezellig plaatsje onder de bomen met zicht op het water. Het wordt heel druk en toch genieten we van een heerlijk stoofvlees potje met een flesje Merlot. Na nog een ijstoetje haasten we ons huiswaarts en verlangen naar onze bedjes. Slaapwel.




























