
Het steekt hen dat Ben Ali in het verleden met alle eerbetuigingen in Frankrijk ontvangen werd, terwijl zij niet welkom zijn. Ze vragen zich af of ze niet beter asiel zouden aanvragen. Ze hebben alle vijf een blanco strafblad. Issam gelooft er niet in. Hij meent dat racisme hem ook hier – Issam heeft een donkere huidskleur – de das zal omdoen.
Daarom grijpen ze naar een nieuw actieplan: een huwelijk met een Franse vrouw. Daarop gaan ze zich nu concentreren: “Bij een vrouw, die mij papieren verschaft, zou ik heel mijn leven blijven en goed voor haar zijn. We zouden op het platteland gaan wonen: huisje, tuintje, kinderen, dieren.”
Het eerste probleem om uit de startblokken te geraken is een bereidwillig slachtoffer te leren kennen. Issam weet eigenlijk niet hoe zich dat in Europa afspeelt. De stad is zo groot – men heeft geen enkele kans eentje, waar men eventueel geïnteresseerd in is, opnieuw te ontmoeten. De Françaises van Tunesische afstamming kijken op hen neer en willen slechts Fransen huwen: dat hoeven ze zelfs niet te proberen.
De portiers van de Parijse discotheken laten hen niet binnen. Issam probeert dan maar meisjes aan te spreken die een toegangsticket voor de Eiffeltoren willen kopen. Tot hij begrijpt dat daar ook geen bruid te vinden is, want de kans haar terug te zien is zo goed als onbestaande.
Een restaurantuitbater meent dat de ouders der illegale jongens wel degelijk op de hoogte zijn van de uitzichtloze situatie hunner zonen in Frankrijk – ze kunnen dat tenslotte ook op televisie volgen. Het dilemma is dat niemand het waagt zijn fout toe te geven. Een tragedie, waarvan het einde niet te voorzien is.
Semi is 18, een melkmuilgezichtje met donshaartjes op zijn wangen. Thuis in Sousse, in het restaurant van zijn ouders, luisterden ze naar de sprookjes van de toeristen. Samen met zijn broer zou hij in Parijs zijn geluk gaan zoeken: elk in een andere boot richting Lampedusa. Zijn broer kwam nooit aan. Semi kreeg voorlopige papieren in Italië, trok verder naar Parijs, belandde in Belleville, dichtbij de beroemde Père Lachaise-begraafplaats. Semi gelooft niet meer dat zijn toekomst in Frankrijk ligt: “De mensen willen ons niet. Ze wijzen ons af zonder ons te kennen.” De ontgoocheling staat hem op het gezicht geschreven: “Ik wil alleen nog terug naar huis.”. Hij heeft er genoeg van ’s avonds niet te weten waar hij de nacht kan doorbrengen. Afwisselend is dat in een tentje dat hij en lotgenoten gekregen hebben in het Parc de Belleville, of onder een stuk karton op een luchtschacht van de metro.
Assad Samara, een 29-jarige architect van Tunesische oorsprong met een Frans paspoort, helpt hen waar hij kan met een douchegelegenheid, een gsm, met warm eten en sigaretten. Hij neemt een enorm risico want illegalen helpen is in Frankrijk strafbaar. Hij raadt de illegalen aan niet in de buurt van het Parc de la Villette te komen. Dit park in het noorden van Parijs is het verzamelpunt van honderden Tunesische illegalen geworden, die in Parijs noch familie, noch vrienden hebben. Onder hen - naar verluidt - ook voormalige gevangenen; de politie houdt regelmatig razzia’s, verricht tientallen arrestaties en wijst hen uit naar Italië. Maar de meesten keren weer terug.
Ook Oussama werd tijdens een politiecontrole meegenomen naar het commissariaat; hij beweert dat de politie zijn Italiaanse verblijfsvergunning niet teruggegeven heeft. Hij werd onder politiebegeleiding van Parijs naar Nice overgevlogen; van daaruit in een bus, samen met andere Tunesiërs, over de Italiaanse grens. Oussama keerde terug naar Parijs, via Ventimiglia. Hij hoopt nog altijd dat hij “in het zwart” kan gaan werken in een restaurant. Zijn vriend is daarin geslaagd – zonder sociale verzekering – maar met betaling in harde euro’s.
De 32-jarige Fawzi is van opleiding ziekenverzorger en werkte in een wellnesshotel bij Sfax. Hij geloofde niet dat de toeristen snel zouden terugkomen en daarom besloot hij zijn geluk in Frankrijk te zoeken. Fawzi beschouwt de Italiaanse verblijfsvergunning als een soort “vloek”: niemand wil hem in dienst nemen.
Het socialistische boegbeeld Ségolène Royal wil haar partij tot een andere immigratiepoltiek omvormen. Als partij van de “kleine man” moeten de socialisten vastbesloten tegen de illegale immigratie handelen. Het Front National stelt het duidelijker: “nul immigratie”. Marine Le Pen toonde dat duidelijk door in Lampedusa zelf tegen de “mislukte immigratiepolitiek” van Europa te protesteren.
Minister van Binnenlandse Zaken, Guéant, heeft politie en gendarmerie opdracht gegeven de Schengenakkoorden strikt na te leven. De tijdelijke Italiaanse verblijfsvergunningen zijn ongeldig indien de betrokkenen niet kunnen aantonen over voldoende financiële middelen te beschikken.
Blijft de vraag wanneer de Tunesiërs in Parijs zich realiseren dat er op een afstand van ca. 3 uurtjes rijden het land b zijn grenzen, zijn hotels, zijn sociale woningen en OCMW-kassa’s vrij toegankelijk maakt voor iedereen die daarop wil aanspraak maken. En het is voor de Franstaligen in dit land een bonus dat de Tunesiërs de taalonevenwichten nog meer naar het zuidelijk landsdeel zullen doen overhellen.
Bewerking uit FAZ door Floriaan Terbeke