Naar de inhoud

Wie niet dient, dient tot niets

Een diaken senior over diaconie en o.a. stambomen
akke.beakke.be

Ook bomen zijn eindig

Laat de bomen leven.

maar laat ze ook sterven als hun tijd is gekomen.

Laat dendrologen zieke bomen genezen.

Maar houd stervend ebomen niet in leven

tegen hun wet enwil,

met injecties en ijzeren hoepels om hun stam.

Oude mensen zeggen: Eens

stond hier de linde op het plein.

Ook dat is goed.
Ik ben geen meester over leven en dood.

Ook bomen zijn eindig.

 

Frans Cromphout

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 09:09 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Bomen dringen zich niet op!

Bomen dringen zich niet op!


Mensen vragen om je aandacht.

Zie je me? Hoor je me?

Wil je? Kun je?

Mensen wekken en prikkelen je,

dagen je uit.

Bomen dringen zich niet op. Ze zijn er

als alle zwijgende dingen,

water, aarde, steen en plant.

Ze vragen of willen niets van je.

Ze zijn er, als je oog ze nodig heeft

of je hand.

Daarom zijn bomen herbergzaam.

Vogels wonen erin.

En kinderen soms.

Tussen bomen wandelen.

Opgenomen zijn.

Rust vinden.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 10:57 Reageer op dit bericht

De gestalte van de boom verandert met de seizoenen

Met de seizoenen

verandert zijn ( = de boom) gestalte.

Voor mij is hij het zuiverst boom in de winter:

naakt skelet,

boom tot zijn pure vorm herleid.

 

Met de seizoenen

verandert zijn relatie tot het licht.

Pril en speels het licht van het voorjaar

door nieuw groen en bloesems.
Hoog en ernstig de zomerzon

boven de volle kruinen.

Het wijkende, zinkende najaar

kleurt boom en blad en grond.
Het lage, schaarse winterlicht

rust op zijn lege takken.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 08:08 Reageer op dit bericht

Ik heb de donkerte nodig. Ik heb de hemel nodig!

 

De gestalte van de boom.

Zijn wortels. De donkerte waar alles begint.

Ik heb donkerte nodig, en

grond, diepte, slaap, onbewogenheid.
Zijn kruin. Reiken naar het licht.

Speling van twijgen en bladeren.

Ik heb de hemel nodig.
Hoogte. Licht. Bewogenheid.

De stam is ernst. Is kracht.

De zijtakken: spanning naar alle zijden.

Evenwicht van spanningen.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Temmermannen om 21:41 Reageer op dit bericht

Eén keer per jaar is voldoende!

Ik zou, denk ik, niet zoveel houden van boom

die “twaalf maal vrucht draagt, elke maand eens” (Apok. 22, 2).

Het is te veel.

Ik zou minder verwonderd zijn, minder dankbaar.

Eén keer per jaar is voldoende.

Dan ben ik weer diep met de tijd verbonden.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 18:22 Reageer op dit bericht

Waarom dragen 'macht'-hebbers lange kleding?

  • De traditionele Romeinse klederdracht voor mannen was de toga: een grote lap stof, soms met geverfde randen, maar verder zonder franje, die op een bepaalde manier om het lichaam geplooid werd; niet echt handig om in te werken, daarom vooral gedragen door senatoren. Deed ook denken aan de republiek.
  • Als de toga over het hoofd geslagen is (capite velato, ‘met bedekt hoofd’) komen we op het religieus vlak: dit is de dracht van de genius van de keizer, van de genius van de pater familias, verder van iedere offerende priester, in het bijzonder van de Pontifex Maximus (opperpriester).
  • Voor vrouwen was de stola (jurk tot op de enkels) de tegenhanger van de mannelijke toga als traditioneel kledingstuk en teken van deugdzaamheid.
  • Offerassistenten zijn vaak te zien in een soort rok/schort.
  • Werken kon je het best in een tunica, een eenvoudig jurkachtig kledingstuk tot aan de knieën. Ook gedragen door de Laren.
  • Broeken droegen de Romeinen niet. Een figuur met een broek aan is dan ook steeds een provinciebewoner of een buitenlander, of een personificatie daarvan.
  • Een ruwe wollen mantel (laena) werd o.a. gedragen door bepaalde priesters. Zie ook aegis.
  • Sandalen waren niet alleen het typische schoeisel van Romeinse soldaten, maar ook van senatoren .
  • Een typisch Kleinaziatisch hoofddeksel is de Phrygische muts, kegelvormig met naar voren vallende punt (als een smurfenmuts). Hij wordt gedragen door Mithras en verder door iedereen die zich – zoals de Romeinen - wil laten kennen als een Trojaan of een afstammeling van de Trojanen.
  • Een eenvoudige bolle muts (pileus) kan een vrijheidsmuts zijn. Een pileus met een ijzeren punt (apex) erop is de dracht van een bepaald soort priesters.
  • Een hoed met brede rand wordt gedragen door herders en reizigers.
  • Wapenrusting: zie wapens
  • Bolstaand kleed: wind
  • Een brede halsband (torques of bulla) was, net als de Phrygische muts hierboven, iets typisch Trojaans en duidde daarmee op de Trojaanse afstamming van de Romeinen; maar hij werd ook veel gedragen door buitenlanders ten in het/ten Noorden van het Romeinse Rijk.
  • Het ontbreken van kleding ofwel naaktheid, geheel of ten dele, laat de afgebeelde persoon zien als een min of meer goddelijk wezen.
  • Eén van de twee borsten ontbloot: kenmerk van de personificatie Roma.

    Vinden wij in deze tekst een antwoord op onze vraag: waarom dragen 'macht'-hebbers, 'gezag'-dragers lange kledij?
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 09:18 Reageer op dit bericht

Fruit is geweldloos voedsel!

Fruit is geweldloos voedsel

In de krant van las ik ooit, Mother Lea Provo,

stichteres van Seevapoor, bij Madras,

een dorpsgemeenschap in de geest van Gandhi:

“De aanleg van een tuin was één van de eerste dingen.

We plantten er fruitbomen in.
Je doet er niets aan

en toch vallen de vruchten, elk seizoen.
Je moet alleen je hand uitsteken.

Fruit is geweldloos voedsel.”

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 09:00 Reageer op dit bericht

Alles heeft zijn tijd: dat leren ons de fruitbomen!

In verzamel de bloesem van linde en vlier;
ik pluk de vruchten van kerselaar en pruimeboom.

Dan peren, de appelen.

De najaarswind slaat de okkernoten los:

ik raap de laatste vrucht van het jaar

uit het vochtige gras.

Nu komt de winter.

Alles heeft zijn tijd.

 

Zolang je er de kracht toe hebt,

moet je één keer per jaar in een appelboom klimmen.

Om te voelen hoe de boom gewillig loslaat

wat hij maanden lang heeft gedragen.

Om dankbaar te zijn en te zeggen dat het goed is.

Het bestaan is gezegend.

En als de oogst schraal is,

méér genieten van minder.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 11:45 Reageer op dit bericht

Iedere boom is een levensboom

Iedere boom is levensboom.

Sappen worden omhooggezogen door de schors.

Groei is onzichtbaar, onhoorbaar.

Jaarringen zijn de traagst denkbare zandlopers.

Wie een boom plant,

gaat een verbond aan met de tijd.

En leer wat geduld is.

 

Plant een boom,

als er een kind geboren wordt.

Dan zie je ze samen groeien.

Het kind groeit snel, de boom langzamer.
Maar hij wordt groter dan het kind, de vrouw, de man.

En het duurt langer.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 09:14 Reageer op dit bericht

Waarom dragen 'macht'-hebbers langer kleren?

Waarom dragen 'macht'-hebbers lange kleren?

Priesters liepen tot voor kort in lange kleren rond en dragen nog altijd lange kleren tijden liturgische vieringen. Rechters dragen een lange toga en de advokaten evenzeer. Koningen en keizers liepen vroeger - zeker in statiegewaad - met lange kleren getooid. Waarschijnlijk kan je zelf nog talrijke andere voorbeelde geven.
De vraag is: Waarom dragen 'macht'-hebbers of als je wil 'gezags'-dragers lange kleren?
Wie kan mij helpen aan een zinvol antwoord?

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 16:54 Reageer op dit bericht

Omgaan met bomen

Omgang met bomen

 

Bomen zijn niet alleen natuur.

Ze zijn evenzeer  cultuur.

In het oerwoud is de boom naamloos onderdeel van blinde woekering.

De mens heeft de boom apart gezet.
Hij plant een boom bij het huis, bij het water,

Aan weerszijden van de weg.
Ik heb tuinen en parken aangelegd, zegt koning Salomo,

En ze met allerlei fruitbomen volgeplant.

Bomen hebben namen gekregen,

Zoals de dieren, de planten, de sterren.

De mens snoeit bomen, ent en veredelt ze.

Door de boom wordt hij mens:

Verzorger, behoeder.

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Temmermannen om 15:38 Reageer op dit bericht

Vluchteling

Vluchteling?

Maar ik ben geen vluchteling
Want ik ben niet gevlucht,
ik ben weggewaaid
als een blad van een boom.

Er is in ons land
een verschrikkelijke wind opgestoken,
een wind vol vuur en verkrachting
en op een dag,
op een dag die ik me niet meer durf te herinneren,
ben ik weggewaaid.

Wie zou er uit zichzelf vluchten,
wie zou zonder afscheid te nemen
z’n eigen huis,
z’n eigen dorp of stad,
z’n eigen land,
z’n eigen familie in de steek laten
en dan
ergens komen
waar je niet welkom bent?

Vluchtelingen zijn nooit welkom,
nergens,
dat weet iedereen,
dat heeft de geschiedenis
al zo vaak bewezen.

Waarom zou je dan vluchten,
waarom een langzame dood
in een vreemd land
als je op de drempel van je eigen huis
ook kunt sterven?

Vluchtelingen bestaan niet,
er bestaan alleen weggewaaide mensen
die door de wind
over de wereld zijn geblazen.

(uit: Mirad, een jongen uit Bosnië)

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Temmermannen om 21:38 Reageer op dit bericht

Help mij a.u.b.! Ik zit met een moeilijke vraag?

Waarom dragen mannelijke mannelijke 'gezags' - dragers of  'macht' -dragers lange klederen of moeten wij zeggen :'vrouwen' - kleren?

Onze buurvrouw Renée zit met een vraag. Zelf heb ik er geen antwoord op. Kan iemand van jullie ons helpen?
Graag je antwoord op mijn e-mailadres?
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 20:01 Reageer op dit bericht

Het gebed van boer Wortel

Gebed van boer Wortel

Morgen verzorg ik de gebedsdienst bij de begrafenis van dhr Maurice Schoukens.
Maurice Schoukens was een boer in hart en nieren. Een man die heel zijn leven onder twee werkwoorden stelde: WERKEN en ZORGEN.
Op 5 september ll., reeds opgenomen in de kliniek, vierde hij zijn tachtigste verjaardag. Op de vraag van zijn broer: "Hoe oud ben je nu?" antwoordde Maurice: "Ik ben nu tachtig jaar en daar kan je niet kwaad voor zijn, daar kan je alleen DANKBAAR voor zijn". Het zijn zijn laatste bewuste woorden geweest. Woorden om als kinderen en kleinkinderen in het hart te bewaren.
Daarom kozen wij als eerst lezing het gebed van boer Wortel.

In ‘Boerenpsalm” van Felix Timmermans lezen wij het gebed van boer Wortel. Dat gebed kan ook het gebed van Maurice geweest zijn:

“O, Heer, laat mij nog lang werken. Laat het nog lang duren! Het is zo goed en schoon en ik heb nog niet genoeg heimwee naar Uwe hemel om er mijn schup bij neer te leggen. Ik heb maar heimwee naar mijn veld. O mijn God, en ik zeg U dank voor dit open veld, waar Gij onzichtbaar overheen staat tot in het hoogste der luchten. Ik zeg U dank ’s nachts als ik U tussen de sterren hoor ruisen. Ik zeg U dank om de lente, de zomer, de herfst en de winter, want het zijn vier gebaren van uw goedheid, en hun genot en vrucht zijn telkens dezelfde en toch immer als voor de allereerste keer.

 

Ik zeg U dank om de regenbogen die Gij op de donderwolken spant, om de regen die mijn gewas verkwikt, om de zon die hen uit de grond zuigt, om de winden die ’t kwaad wegjagen en de windmolens doen draaien, en om de sneeuw die ’t winterkoren induffelt. Dank om de maan als ze op of afgaat, zo doet toch altijd iets goeds, als haar kattestreken kent. Dank om de vallende blaren, ze zijn mest, dank om het gras dat melk wordt! Dank om de wolken, om de beek, om de knotwilgen, en om al de gewassen, zowel om den biet als om de radeskens; onder Uwe asem bekomen zij de wil om te leven, hun nodige smaak, kleur en grootte. Dank om Uw bezigheid dag en nacht. Gij zijt onze hulp, Uw heerschappij wroet als een knecht.

 

Ik dank U Heer, in de hemel, op de aarde en op alle plaatsen. Dank tot U in het Heilig Sacrament, wiens hostie broederlijk van hetzelfde koren komt waar wij onze boterham van eten, en die wij aanbiddend in de processie door de velden met keerslicht en wierook omringen. Dank zelfs tot Jezus die ik uit hout gesneden heb en de grote donkerte en ’t weinig licht van hart heeft nagegaan.

 

Ik dank U Heer ! … Op harpen en snaren ! Staat er in mijn kerkboek, maar ik heb niets dan mijn heel en hevig hart! Uit heel de volheid van mijn ziel !

 

En laat Uw Wortel als tegendank nog vele jaren op Uw veld (dat spijtig, ook van ’t kasteel is) in het zweet zijns aanschijns mogen werken!

Dank op voorhand!

 

Uit: ‘Boerenpsalm’, Felix Timmermans

 

 

 

 

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Temmermannen om 18:55 Reageer op dit bericht

Waarom zoveel over bomen?

Waarom zoveel over bomen?

 

Kruipt eens in de ‘huid’ van een kevertje dat zich op de grond tussen het hoge gras voortbeweegt. En sta dan stil, om verbaasd rond te kijken naar die hoog boven je hoofd oprijzende reuzenhalmen… Dat doet zo’n insect natuurlijk niet. Maar wij mensen zijn niet altijd zoveel beter. Als we namelijk door een bos lopen, zijn we ongeveer in dezelfde situatie als dat beestje tussen het gras…Met dit verschil, dat de boom het hoogtepunt, de bekroning vormt van het plantenrijk.

 

De boom – in het enkelvoud. Waarbij we liefst denken aan een min of meer alleenstaande boom. Want in een bos komt de boom minder tot zijn recht: we dreigen door het bos de boom niet te zien. Daar gaat het ons om: de boom leren zien.

 

Maar hebben we dan niets belangrijkers te doen? Dat is het juist: sommige ‘onbelangrijke’ dingen zijn in het leven (‘léven’) van een mens nu eenmaal niét zo onbelangrijk. Onder meer meditatief bezig zijn. Een pleidooi hiervoor achten we overbodig: er is voldoende literatuur over meditatie als tegenwicht tegen drukte en gejaagdheid; als herstel van dát stuk van onszelf waarvan het verlies de psycholoog M. Wertheimer ertoe bracht een volwassene te definiëren als een ‘ontaard kind’; als een manier om meer te beantwoorden aan de bedoeling van een Schepper die de mens vreugde wilde zien beleven aan de tuin van zijn schepping.

 

Een uitstekend middel hiertoe: aandacht overhebben voor een boom, tijd verliezen aan die boom. Waarom juist een boom? Omdat, als we een algemeen menselijk symbool zoeken, een symbool dat aansluit bij diepere lagen van ons wezen en dat, bewust gemaakt, de opbouw van onze persoonlijkheid ten goede komt, we het best terecht kunnen bij de boom: hij ligt – in een tweevoudige betekenis – het meest binnen ons bereik.

 

Het protest tegen het ondoordacht vellen van bomen en de populariteit van het boompjes-planten zijn slechts de buitenkant van een diepere liefde en verering voor de boom, waarto we de aanleg in ons dragen.

 

Probeert u maar eens die aanleg tot ontwikkeling te brengen. Begin met iets over bomen te lezen. Verzamel mooie afbeeldingen van bomen. Blader eens rustig in een boek met afbeeldingen van het boom-symbool. Maar vooral bekijk bomen in levende lijve.

 

Kijk er b.v. naar als u in de trein zit. Ook in de winter! En natuurlijk in de lente, als ze allen nog maar met fijne tule of met donzige gaas zijn omhangen. Verwonder u over de vele vormen die ze aannemen: lange fijne pluimen of kort dikke vederbossen, reusachtige sparrekegels of opengevouwen waaiers. Zelfs geteisterde, gehavende bomen zijn het bezien waard: meer nog dan gave bomen spreken zijn van levenskracht en levensmoed.

 

We kunnen van de ‘primitieve’ mens nog wel wat leren, zegt men vaak. Zonder dat we daarom bomen hoeven te vergoddelijken. Bij de verkondiging van het christendom door Bonifatius ging er af en toe een heilige eik voor de bijl. Jammer misschien, maar doordat die ene boom werd geofferd, konden we de overige bekijken als wat ze zijn: beeld van onszelf, van de mens, die geschapen is naar het beeld van God.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 16:46 Reageer op dit bericht

Trainen

Trainen

(bij Mt 5, 48)

"Weest dus volmaakt, zoals jullie hemelse Vader volmaakt is"
 

Weinig hebben we van nature,

veel moeten we aanleren,

met moeite verwerven en vasthouden.

 

Een lichamelijke behendigheid eist uren training,

armen en benen en andere spieren soepel maken,

door steeds dezelfde oefenstof,

eindeloos saai, maar noodzakelijk,

om conditie te krijgen en te houden,

om mee te kunnen en de eindstreep te halen.

 

Maar ons trainingsveld is veel groter;

wat vroeger schijnbaar van nature kon,

omgaan met elkaar,

lijkt tegenwoordig een probleem.

Waarom anders woorden als: eenzaamheid,

communicatiestoornis, polarisatie?

Daarom trainen in omgaan met elkaar,

oefenen in luisteren en spreken,

van mens tot mens, in grote groepen,

oefenen in democratisch denken,

in breken en delen…

 

Ook zullen we moeten trainen in bidden,

in luisteren naar God, in spreken met God,

we zullen bij Jezus in de leer moeten

om te ontdekken, wie de Vader is,

wat Hij van ons vraagt,

om te kunnen zijn zoals Hij,

want dat is toch de opdracht:

wees volmaakt, zoals uw Vader in de hemel.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 16:41 Reageer op dit bericht

"hebt meêlijen met de bomen"

“hebt meêlijen met de bomen”

 

Als het waar is dat wij ons innerlijk in de uiterlijke wereld weerspiegeld zien, dan is het te verwachten dat de nabije wonderen die de bomen zijn, daarin een grote rol spelen. De psycholoog C.G.Jung noemt de volgende betekenis-aspecten op: groei, leven, ontvouwing van lichamelijke en geestelijke vorm, ontwikkeling, groei van onder naar boven en andersom, moederlijkheid (bescherming, schaduw, dak, vruchten), levensbron, vastheid, duurzaamheid, worteling (ook: niet van de plaats kunnen), ouderdom, persoonlijkheid en tenslotte dood en wedergeboorte.

 

Deze waarlijk niet oppervlakkige betekenismogelijkheden maken waarschijnlijk dat er zeer sterke emoties rond bomen ontstaan kunnen.

 

Bomen zijn werkelijk.

Hun bladeren praten werkelijk

met woorden veelzeggend en letterloos.

 

Hun toppen zingen.
Hun stammen zwijgen

hoorbaar.

 

Hun wortels houden

van de aarde.

 

Bij een boom

staande moet ik wel

ademen als een boom.

 

Naar een boom

ziende zie ik

hemel en aarde in elkanders

armen.

 

Want een boom,

een boom is een bruiloft                                                      Hans Andreus

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 14:46 Reageer op dit bericht

Onze wortels wijzen erop dat wij ergens vandaan komen

Onze wortels wijzen erop dat wij ergens vandaan komen

“Voor een kind reeds wijzen wortels erop dat wij ergens vandaan komen, dat Leven leven geeft en dat er een harmonische verbondenheid bestaat tussen al wat leeft. En mystieken worden stil bij de oergrond van alle bestaan. Zij voelen hun wezenskern geboren worden van Elders diep binnenin. Zij weten dat hun eigen diepste wortels slechts leven doordat ze zich drenken aan de heldere rivier in de Stad van Kristal, zoals de boom des levens (Apocalyps 22, 1 – 3). En steeds opnieuw worden zij uitgedaagd die onzichtbare oergrond te vertrouwen: dat deze trouw zal blijven, ook wanneer de eigen levensboom breekt, ook wanneer de andere boom, met wiens wortels en takken men vergroeid was, sterft en men eenzaam de resterende wintertijd moet trotseren. Tot het ogenblik komt dat aan allen openbaar wordt dat ieder, van welke cultuur of religie, van welke historische of vergeten periode ook, elkaar erkent – zoals Rilke het dichtte – als bloeiende takken op één wortelstronk. Tot alle eenzame bomen elkaar terugvinden als bloesems op één Levensboom. Tot in elk gelaat de oorsprong gezien wordt en de voltooiing, de trekken van het Gelaat van de Ene, waardoor allen Gods volk worden, een woud van eindelijk levenden.”

Jan Kerkhofs

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 19:53 Reageer op dit bericht

Onze wortels mogen niet verzuren in de modder

Onze wortels mogen niet verzuren in de modder

“Maar ook de krachtigste wortels zijn nooit helemaal gezond. Zij lopen gevaar te verzuren in modder. En wanneer de boom dan omvalt is de verwoesting pijnlijk om te zien. In ‘Also sprach Zarathustra’ heeft Friedrich Nietzshe dit scherp aangevoeld: “Het is met de mens als met die boom. Hoe meer hij op oprijst omhoog en naar het licht, des te dieper willen zijn wortels doordringen in de aarde, de duisternis, de diepte en – het kwade.” Daarom moet elke mens ervoor zorgen dat de bodem waarin hij verworteld is, gezond blijft, en hij mag deze, zoals in de natuur, lang niet met alles voeden of hij wordt vergiftigd en de takken rotten en de bladeren vallen af, definitief. Ook in het woud der mensen staan giftige en dode bomen, alsof hun wortels zuigen in de hel. Mensen moeten elkaars wortels verzorgen door klaarheid in levensstijl en door neen te kunnen zeggen tegen wie onze wortels bedreigd. Zoals bij bomen vergt dit alles een zekere afstandelijkheid om niet te verstikken; ook wortels hebben een eigen, veilige ruimte nodig.”

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Temmermannen om 10:12 Reageer op dit bericht

Meer van Wie niet dient, dient tot niets

↑ Terug naar de berichten