Naar de inhoud

Wie niet dient, dient tot niets

Een diaken senior over diaconie en o.a. stambomen
seniorennet.beseniorennet.be

Het belangrijkste is dat God in mij kan geloven

 

Er was eens een meisje dat opdiende in een restaurant.

Zij geloofde dat God haar persoonlijk nodig had om elke dag weer, met een glimlach, de mensen op te dienen.

Daarom deed ze haar werk stipt en vol toewijding. Haar cheffin kwam dit te weten en vroeg haar spottend: ‘Is het waar dat jij in God gelooft?’

Het meisje gaf haar onmiddellijk ten antwoord: ‘Ja, ik geloof in God, maar het belangrijkste is dat God in mij kan geloven!’

 

Op zekere dag ging de romeinse gouverneur van Palestina, Timaieus Rufus, Rabbi Aquiba opzoeken en stelde hem deze vraag: ‘Uw God houdt van de armen, zegt ge; maar waaromlaat hij ze dan omkomen? Waarom geeft hij zich geen moeite om in hun noden te voorzien?’

Daarop antwoordde Rabbi Aquiba: ‘Dit is opdat wij en zouden kunnen helpen, en opdat wij aldus aan de hel zouden kunnen ontkomen!’

 

God heeft geen andere handen,

geen ander hart, geen andere inzet

dan die van u

om zijn droom van liefde, recht en vrede,

op deze wereld gestalte te geven.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 17:48 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

In het juiste perspektief

 

Bisschop Edwin Hughes preekte op zekere dag over het onderwerp: God, Heer en Meester van alle dingen. Het sermoen was best, maar het viel toch maar weinig in de smaak van een van de rijkste grondbezitters uit de streek. De man liet het niet bij een zwijgend protest. Hij nodigde de bisschop aan zijn tafel, en liet hem daarna zijn tuinen, bossen en hoeven bewonderen.

“En wat denkt u er nu van”, vroeg de eigenaar een beetje korzelig, “blijft u nog altijd bij uw idee dat dit alles mij niet toebehoort?”

De bisschop glimlachte en zei: “Laten wij hier over honderd jaar nog eens terugkeren en dan verder praten”.

De fout zit hem inderdaad zeer dikwijls in het feit dat wij de zaken te kortzichtig beoordelen. De juiste norm om ons leven te bekijken en alles wat ons leven kruist, ligt in het perspectief van God. Wij kunnen onszelf veel wijsmaken, maar uiteindelijk moeten wij bekennen dat wij vals hebben gespeeld. Voor God en de eeuwigheidsgedachte wordt alles tot zijn echte waarde en tot de ware proporties teruggebracht.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 20:23 Reageer op dit bericht

Ik weet het niet, ik vind geen naam,

Ik krijg het met geen woorden saam

wat er nu omgaat in mijn ziele.

Is het soms blijdschap? Is ’t verdriet?

of allebei? En ook weer niet…

Ik kan slechts zwijgend knielen.

 

Felix Timmermans

 

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Temmermannen om 19:38 Reageer op dit bericht

Suzanne van Herman van Veen

Herman van Veen - Suzanne

Suzanne neemt je mee,
naar een bank aan het water,
duizend schepen gaan voorbij
en toch wordt 't maar niet later,
en je weet dat zij fijn gek is,
want daarom zit je naast haar
en ze geeft je pepermuntjes,
want ze geeft je graag iets tastbaars

En net als je haar wilt zeggen:
'Ik kan jou geen liefde geven'
komt heel de stad tot leven
en hoor je meeuwen schreeuwen,

Je hebt steeds van haar gehouden,
en je wilt wel met haar meegaan,
samen naar de overkant
en je moet haar wel vertrouwen,
want ze houdt al jouw gedachten in haar hand

En Jezus was een visser,
die het water zo vertrouwde,
dat Hij zomaar over zee liep,
omdat Hij had leren houden
van de golven en de branding,
waarin niemand kan verdrinken,

Hij zei: 'Als men blijft geloven,
kan de zwaarste steen niet zinken'.
Maar de hemel ging pas open,
toen Zijn lichaam was gebroken
En hoe Hij heeft geleden,
dat weet alleen die Visser aan 't kruis

En je wilt wel met Hem meegaan,
samen naar de overkant
en je moet Hem wel vertrouwen,
want Hij houdt al jouw gedachten in Zijn hand.

Suzanne neemt je mee,
naar een bank aan het water,
je onthoudt waar ze naar kijkt,
als herinnering voor later
En het zonlicht lijkt wel honing,
waaraan kinderen zich te goed doen
en het grasveld ligt bezaaid met wat de mensen zoal weg doen,

In de goot liggen de helden,
met een glimlach op de lippen
En de meeuwen in de lucht,
lijken net verdwaalde stippen,
als Suzanne je lachend aankijkt

En je wilt wel met haar meegaan,
samen naar de overkant
En je moet haar wel vertrouwen,
want ze houdt al jouw gedachten in haar hand.

 

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 14:56 Reageer op dit bericht

Heiligen

Heiligen. Dat zijn niet alleen de met stof en romantiek beladen dames en heren uit een grijs verleden, die als zoete gipsfiguren vanaf hoge sokkeltjes naar omlaag kijken.

Er is een leger heiligen op de been, nog altijd, die iedere sokkel ontlopen en elke hulde ontwijken.

Een legen onopvallende mannen en vrouwen, die met hun overwinningen wel niet de voorpagina halen, maar er ook hoegenaamd geen prijs opstellen omdat zij de fratsen van de publiciteit al lang hebben doorzien. Zij wijzen niet met teksten naar de nood op de wereld, maar gaan erheen.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 21:26 Reageer op dit bericht

Over onze eigenaar!

God is een eigenaar

 

Ik was wel sterk onder de indruk bij mijn bezoek in het appartement van die twee jongen mensen. Bij de eerste aanblik zie je reeds dat ze niet op grote voet leven.

We gaan zitten en het gesprek komt spontaan op hun levensstijl.

Hij beweert dat je nier rijk hoeft te zijn om je gelukkig te voelen.

“We vinden allebei dat we dankbaar moeten zijn”, zegt ze.

“We voelen ons sterk aangesproken door de figuur van Jezus en de zorg van de Vader voor zijn kinderen. U weet wel: kijk naar de leliën op het veld, kijk naar de mussen en…de haren van ons hoofd zijn geteld. Het geeft je een wonderlijk gevoel als je dat ernstig neemt, als je dat gelooft.”

Toen viel het gesprek even stil. Ze zaten daar zo naast elkaar, glimlachend, gelukkig. Toen keek de vrouw guitig naar hem op en zei: “Vertel eens dat verhaal van onze eigenaar”.

“Hebt u narigheden met uw huisbaas?” Ze begonnen allebei te lachen.

“Wel”, zei de man, “een huisbaas hebben we niet, want we hebben dit appartement gekocht. Maar we zeggen dikwijls tegen elkaar: eigenlijk is God onze eigenaar. Al wat we bezitten, al wat we met werken bereiken, de kinderen die we krijgen, het komt allemaal door de talenten die we van de Vader gratis ontvangen. Daarom heeft mijn vrouw op een avond eens gezegd: “Feitelijk mogen we wonen in een gemeubileerd appartement dat aan God toebehoort.”

Sedertdien spreken we dikwijls van “de Eigenaar”.  Ziet u, als je in iemands appartement je vakantie moogt doorbrengen, dan beschouw je je niet als een rijke bezitter. Dat spoort je aan om zuinig om te springen met de voorraad. Niet zo maar je gang gaan, verkwisten of rijk doen’.

“Je krijgt”, voegde de vrouw er aan toe, “zo een soort eerbied voor al die dingen die God je laat gebruiken. Hoe moet ik het uitdrukken? Een verantwoordelijkheidsgevoel: hoe wenst God dat ik het hier doe?

En bij tijd en wijle stuur je een kaartje met een : Dan U!”

 

Mgr De Smet

 

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
Geschreven door Temmermannen om 18:24 Reageer op dit bericht

Lieve Vader!

Abba! Lieve Vader!

 

Als vertrekpunt nemen wij een menselijk en christelijk oerwoord, het stamelwoord van een klein kind tegen zijn vader: ‘abba’, ‘pappa’. Jezus heeft het gebruikt bij zijn gebed (Mc 14, 36). Ook de eerste christenen gebruikten het  (Rom 8, 15; Gal 4, 6).
‘Abba’ betekent dus ‘vader’ – zoals de meer volwassenen zeggen.

Voor iedereen is het goed dit woord uit te spreken, het telkens en telkens weer te herhalen en zo tot een steeds diepere, levende verhouding met God te komen – op voorwaarde dat hij het echt vanuit zijn innerlijk tot God roept.

Maar voor de christen kan het woord ook een weg zijn die tot diep in de grond van zijn christen-zijn voert.

Zo kan dat woord ons hele leven begeleiden, tot het einde toe. We zullen het nooit moe worden: we zullen almaar rijker worden, dieper worden, door het vele dat het ons te bieden heeft. Het zal heel ons christen-zijn kunnen bezielen: ons gebed, de eucharistieviering, elke dienst aan de naaste – onze ‘broeder’ immers en ‘zuster’.

 

T. Tilman

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Temmermannen om 17:36 Reageer op dit bericht

Wie zijn wij? Wat het lief bezielt en niemand kan beschrijven!

Wij zijn niet

wat wij zijn

in onze lijven ’n kampioen, ’n vorst, ’n lellebel

maar wat het lijf bezielt

en niemand kan beschrijven

is wat het oog niet ziet

dat zijn wij wel

 

Toon Hermans

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 11:41 Reageer op dit bericht

Zij wijzen niet met teksten naar denood op de wrel, maar gaan erheen.

Heiligen. Dat zijn niet alleen de met stof en romantiek beladen dames en heren uit een grijs verleden, die als zoete gipsfiguren vanaf hoge sokkeltjes naar omlaag kijken.

Er is een leger heiligen op de been, nog altijd, die iedere sokkel ontlopen en elke hulde ontwijken.

Een leger onopvallende mannen en vrouwen, die met hun overwinningen wel niet de voorpagina halen, maar er ook hoegenaamd geen prijs opstellen omdat zij de fratsen van de publiciteit al lang hebben doorzien. Zij wijzen niet met teksten naar de nood op de wereld, maar gaan erheen.

 

Toon Hermans

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Temmermannen om 18:19 Reageer op dit bericht

Wijn zijn Gods bijbel!

Wij zijn Gods bijbel

 

Een lekenhelpster is werkzaam in Indië. Ze heeft het in

al die ellende moeilijk met haar geloof in  een goede God.
Op zekere dag moet ze in het hospitaal waar ze werkt

een ouden man verzorgen die ze juist hebben binnengebracht.

Hij ligt op de grond: uitgemergeld – hij weegt geen 40 kilo meer.

Ze neemt hem voorzichtig op en legt hem op een bed. Daarbij

prevelt deze hindoe haar in het oor: Dank u, Heer God, dank u wel.

Zij vraagt hem: ‘Gelooft gij nog in God?’

‘Jazeker’, fluisterde hij ‘als ik u zie en de dokters en al de mensen die zich inspannen om ons te helpen, dan moet God toch een wonderbaar iemand zijn.’

 

God heeft geen handen op aarde,

Hij heeft alleen onze handen

om zijn werk te doen vandaag.

Christus heeft geen lippen,

Hij heeft alleen onze lippen

om de mensen over zichzelf te vertellen.

Wij zijn de enige bijbel

die de volkeren nog lezen, 

wij zijn de enige boodschap van God

in woord en werken.

 

Uit een 14de-eeuws gebed

 

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Temmermannen om 09:35 Reageer op dit bericht

Over geweldloosheid

 

Geweldloosheid

 

Wij onderscheiden niet: goede en slechte mensen:

maar: goede en slechte maatschappelijke verhoudingen.

Ook niet: rechtvaardigen en onrechtvaardigen;

maar : recht en onrecht.

Wij vechten dus ook niet tegen mensen,

maar wij gaan de staat op om te laten zien,

wat rechtvaardigheid is.

Lafaards kunnen we niet gebruiken. De weg van geweldloosheid

is de weg van de sterken.

Uit geweldloosheid kan verbondenheid groeien

tussen vroegere vijanden. Geweld verhevigt de verbittering.

Wij zijn bereid vernedering te doorstaan,

zonder ons te wreken; en slagen te dulden,

zonder terug te slaan.

Als er bloed moet vloeien voor dat ons recht zal worden gedaan,

dan moet dat ons bloed zijn; niet het bloed van onze vijanden.

Wie vecht voor zijn medemensen

vindt zijn grootste kracht in het lijden;

onverdiend lijden is verlossing.

De kracht van het lijden kan de wereld veranderen.

Wie lijden kan is sterker dan de wet van de jungle:

hij kan zijn tegenstreven tot inzicht brengen

en de oren openen van hen die doof zijn voor de vrede.

Wij weigeren tegenstanders neer te schieten.

En wij weigeren ook hen te haten.

De wetten van de vergelding

doen de haat in onze wereld groeien.

Wij geloven, dat het recht een sterker bondgenoot

heeft dan het onrecht.

En daarom zien wij geduldig uit naar de toekomst.

 

Martin Luther King

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 20:23 Reageer op dit bericht

Vader is nog zó vitaal!

Vader is nog zó vitaal

vader heeft ’n topconditie

ook al is z’n koppie kaal

en al hijgt ie soms ’n pietsie

 

Vader tennist elke dag

doet wat jonge kerels dejen

gist’ren is ie onverwacht

bij de ping-pong uitgegelejen

 

En nou mot’ie onder ’t mes

tot zijn grote droefenis

ik denk dat hij nu op zaal zes

weer zo oud wordt as ie is

Toon Hermans

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Temmermannen om 09:28 Reageer op dit bericht

De tv-slaven

Als ik ’s avonds door de donkere straten rijd, op weg naar het theater, kijk ik dikwijls door de halfverlichte erkers binnen in de huiskamers, waar in grote verscheidenheid een aantal mensenlevens is uitgestald. Het is ontmoedigend te zien hoe de mensen huis aan huis halfverdoofd in hun stoelen hangen, uitgeblust; geen tekst, geen lach, geen lied, geen spel, gefixeerd als het ware door het brutale beeldbuislicht dat zich avond aan avond indringerig aandient met de glimlach van een vriendelijk dametje, of als een binnendringer die als het ware de voet aanmatigend tussen de deur heeft gezet bij al diegenen die eingelijk zouden willen zeggen dat ze vanavond niets nodig hebben.

Toon Hermans

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 19:46 Reageer op dit bericht

De lach heeft een kans om het oog van de mensen te doen stralen

Talen

 

Chinees is geen Turks

en Japans geen Javaans

Hebreeuw is geen Urks

Joranees is geen Spaanse

maar of je lacht in Manilla

in het Zwitsers of Frans

in een krot of een villa

de lach heeft een kans

om het oog van de mensen

te doen stralen op slag

want verder dan de taal

reikt de klank van de lach.


Toon Hermans 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 20:32 Reageer op dit bericht

Waarvoor een hoge trap ook kan dienen!

Mijn gebedstrap

 

Mister J. Arthur Rank, een van de bigbosses uit de engelse filmindustrie, had de eigenaardige gewoonte altijd langs de lange trap naar zijn bureau te lopen, in plaats van de snelle lift te nemen zoals iedereen.

Aan een journaliste die hem vroeg waarom, zei meneer Rank: “Mij te gemakkelijk, die lift! Ik gebruik liever mijn gebedstrap”.
“Uw wat?” vroeg de kranteman verwonderd.
“Mijn gebedstrap”, herhaalde de glimlachende mister Rank.
“Iedere morgen, terwijl ik naar boven loop, heb ik even de tijd om in een paar gebedjes te vragen dat ik de beslissingen van die dag altijd zal kunnen verantwoorden tegenover de duizende mensen die voor mijn firma werken, en tegenover de miljoenen die onze films zullen zien. En ’s avonds, als ik weer naar beneden kom, geeft die traploperij me de kans om God te danken voor zijn leiding”.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 11:14 Reageer op dit bericht

Zoals een kleine aap laten wij ons vangen

Wij laten ons vangen

 

Om een klein aapje te vangen stop je wat lekkers in een fles. De aap grijpt door de hals van de fles en houdt de lekkernij in zijn vuist geklemd. Zo krijgt hij zijn pootje niet meer vrij. Want hij wil de fles van zich afschudden en toch zijn buit niet loslaten.

 

Mensen laten zich even gemakkelijk vangen. Het principe in precies hetzelfde. Ze willen grijpen en bezitten, zonder los te laten. Ze verlangen vrij te zijn en hoeven daarvoor alleen maar hun hand te openen en de gegrepen buit prijs te geven. Ze beseffen niet dat wanhopig grijpen en vasthouden hen onvrij maakt.

 

U en ik, wij allemaal, springen hopeloos in het rond, met aan onze armen ontelbare flessen, en intussen lachten we om die domme aap, met die éne fles om zijn pooit.

 

Karel Staes.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 14:39 Reageer op dit bericht

Plant een bloem

Plant een bloem

 

Enkele weken geleden ontmoette ik een man, een rijzige vijftiger. Op de revers van zijn jasje droeg hij een speldje, zoals ik er nog niet eerder een had gezien. Het stelde een stukje aardbol voor met daarop een zich bukkend figuurtje. Op een daarvoor gelegen moment wees ik ernaar en vroeg hem:

“Wilt U iets over dat speldje vertellen?”

“Jazeker”, glimlachte hij.

“Ziet u wat dat figuurtje doet? Wat hij in zijn hand heeft?”

“Het lijken bloemen”.

“Ja, dit ventje plant een bloem op de plaats waar hij staat. Het speldje vraagt aan de drager ervan en aan iedereen die er naar kijkt, om hetzelfde te doen: een bloem te planten op de plaats waar wij staan, waar wij dagelijks zijn.

Zo’n bloem is dan een vriendelijk woord, een helpende hand, het inslikken van een nare opmerking, een beetje aandacht en begrip voor de ander, een waarderend woord, een schouderklop, een lach, eerlijkheid.

Dit zijn bloemen die geen geld kosten, wel een beetje moeite, maar die de aarde vol kleur maken, veel mooier, veel beter.”

 

Het mannetje op het speldje…Kijk, hier is hij. Hij gaf mij een boodschap dat wij machtig zijn, al vinden wij onszelf en onze situatie nog zo onbelangrijk. Wij zijn immers in staat om van ons huis, onze straat, onze stad, ons land, onze aarde een feest te maken, een paradijs, een hemel.

 

Joke Vijn

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 09:29 Reageer op dit bericht

Alles voorbij lopen!

Wat moet ik veel inhalen. Kijken, ruiken, luisteren, voelen. Ik ben zolang in de weer geweest, in mijn leven, heb zo’n haast gehad. Ik heb hele lentes overgeslagen. Amper gemerkt dat hun bloei begon. Toen de bladeren al langs de weg lagen, was het me niet eens opgevallen dat ze ooit gebloeid hadden. Ik ben er als een gek aan voorbij gerend, in mijn razendsnelle open auto, op weg naar niets. Zoveel herfsten niet opgemerkt. Zomers en winters met al hun tovenarij overgeslagen. Geruild voor wat eigenlijk? In de race voor de suikerspin-medailles.

 

Toon Hermans

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Temmermannen om 18:22 Reageer op dit bericht

Meer van Wie niet dient, dient tot niets

↑ Terug naar de berichten