Men ontdekt geen nieuwe werelddelen als men niet de moed heeft om alle kusten uit het oog te verliezen.
Gide
Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
Nieuwe werelddelen ontdekken
Het is beter...
Het is beter te verslijten dan weg te roesten.
Sheelan
God spreekt tot ons door onze kinderen!
Parabeltje van een plattelandsdiaken
God spreekt tot ons door de kinderen
Dokter Megglé vertelt: “Soms zijn het de kinderen zelf die aan hun ouders de rangorde van de prioriteiten in herinnering brengen. Toen onze tweede dochter twee jaar was, moest ik een examen in een grote kliniek afleggen. Wij woonden toen in een klein appartement. Wij waren in dat appartement als het ware met zessen opgestapeld. De eetplaats was dan ook mijn bureau. Door een auto-ongeluk was mijn rechterhand beschadigd en tot overmaat van ramp kon ik geen enkele aantekening of geen samenvatting maken. Het was zes uur ’s avonds en het moment om een bad te nemen. Ik beulde mij af met het doorploeteren van een groot handboek over psychiatrie, terwijl de kinderen kibbelden en lachten. Op de duur kon ik het niet meer aan. Niet meer wetend van welk hout pijlen maken en niet meer wetend tot welke heilige ik mij kon richten, liet ik het handboek voor wat het was en ging gedeprimeerd in de zetel liggen. Ik sloot mijn ogen zorgvuldig opdat de kinderen zouden denken dat ik sliep en mij zodoende met rust zouden laten. Ik moest eens stamel werk klaren, dat bovendien heel belangrijk was voor onze toekomst. Konden zij, al was het maar een beetje, rekening mee houden? Nauwelijks vijf minuten kon ik mij aan mijn stormachtige gedachten overlaten. Mieke schudde mij dooreen opdat ik naar haar schat zou kijken: het was eens stuk papier dat zij uit een tijdschrift had gescheurd. Zij wilde dat ik las wat op het blad was geschreven. Ik forceerde mij om naar haar te lachen en las toen tot mijn grote verbazing een citaat van paus Johannes-Paulus II: “ Geloof niet dat je in je leven iets belangrijker kunt doen dan een goede christelijke vader of moeder te worden.” Was dat verschieten! Marieke kan nog niet lezen en had dat vergeten stuk papier onderaan in een schuif gevonden. De engel Gods had tot mij gesproken. Ik had een directe communicatie met de hemel. En ik vond de rust in mezelf terug! Sedertdien heb ik de rangorde in de prioriteiten meer vergeten. Dank je wel, Marieke.”
Diaken Maurice Temmerman
Groeiende kloof tussen arm en rijk!
Startdag pastoraal werkjaar te Aalter


Over Baziel Maes: onze professor logica
Onze fiere mémé leerde ons dat we Baziel steeds aanspraken met nonkel paster en het is met dezelfde fierheid dat ik nu zijn boekje in huis wil halen.
Vandaag heb ik afscheid genomen van die eenvoudige, maar tegelijkertijd grote mijnheer Maes, voor mij blijft hij de nonkel die toen we kind waren zo fantastisch kon vertellen als we op nieuwjaarsdag samen waren bij mémé, we begrepen toen als kind niet altijd waarover hij het precies had en toch hingen we aan zijn lippen, hij had het over verre oorde, onverstaanbare talen, reizen, het ene moment Europa, het volgende Amerika of Afrika, het was voor ons toen ook van geen belang, het was de rustige manier waarop hij ons vertelde dat mij zo is bijgebleven.
Vandaag wens ik je een behouden laatste reis Baziel, hou van daarboven een oogje op ons. Rosane
29-10-2007 om 10:05 geschreven door Hoste Rosane
Door 'biobrandstoffen' eten wij de derde wereld op!
"Mijn man wordt gewijd"
Verzonden op: 24 10 2007
Verzonden door: icc@interdio.be
------------------------------------------------------
UTRECHT (RKnieuws.net) - Afgelopen zaterdag heeft Lex Janssen de diakenwijding ontvangen. Aan het eind van de wijdingsplechtigheid overhandigde de nieuwe permanente diaken aan mgr de Korte een boek dat de titel draagt: ’Mijn man wordt gewijd’. Het boek bevat dagboekaantekingen van zijn echtgenote, Renilde van Wieringen.
“Mijn man wordt gewijd” vertelt het verhaal van een jong gezin waarvan de vader een deeltijdopleiding - de diakenopleiding Utrecht - volgt om onbetaald diaken te worden in de rooms-katholieke kerk. Vijf jaar gezinsleven in dagboekfragmenten, afgewisseld met teksten van Augustinus tot en met de krant anno nu.
De auteur, Renilde van Wieringen is theologe en kunstenares, en echtgenote van Lex Janssen. Zij publiceerde tekeningen en wetenschappelijke artikelen alsmede –in 2004– een theologisch proefschrift.
De bisschoppelijk gedelegeerde voor de diakens, professor dr. Henk Schoot schrijft op de website van de diakenopleiding van het aartsbisdom Utrecht:
’Dit boek is op de eerste plaats een getuigenis van liefde. Een getuigenis van de liefde tussen vrouw en man, die ook en juist gestalte krijgt in de liefdevolle omgang met hun kinderen én hun leven in de kerk, en leeft van aandacht, meeleven, samenspraak, respect, steun, begrip, correctie en richting. Daarin en daardoor getuigt het tevens van de liefde van God voor zijn mensen, van mensen voor de kerk, van broer en zus, van vrienden voor elkaar. Het is ook en op de tweede plaats een getuigenis van de andere kant van de opleiding. Als docent en gedelegeerde ben je altijd bezig te kijken naar hoe wat je zegt en doet verwerkt wordt, in vragen en andere reacties, in werkstukken, in gedrag, in integratie; je let op, je spreekt, ook met echtgenotes. Maar nu komt de andere kant echt in beeld. Wat de opleiding voor de echtgenote, en daarmee toch indirect ook weer voor de student betekent. Het is een mooi beeld dat oprijst, om trots op te zijn óók als opleiding. Op de derde plaats is het boek een getuigenis van intelligentie en prudentie. De stukken geestelijke lezing zijn goed gekozen, en niemand wordt door het dagboek nadelig belicht of zal er hinder van ondervinden. Geen personen, maar ook niet het beleid, of de inhoud van de cursussen: sociale leer, theologie van het diaconaat, spiritualiteit, theologie van het huwelijk, vrouw en wijding, allen komen op een evenwichtige en rustige, aandachtige manier aan bod. En ten slotte vind ik het boek een getuigenis van katholieke evenwichtigheid. Wat belangrijk is, is dat altijd geweest en zal dat ook altijd blijven: de liefde en het respect voor ouders en familie, het kerkelijk leven, de eucharistie, de Schrift, de heiligen, zorg, gerechtigheid, trouw. En dat alles met de nodige nuchterheid beschreven, zonder sentimentaliteit of dweepzucht.
Eén van de mooiste zinnen vond ik nog dat Lex katechese heeft leren zien als een vorm van diakonaat: "Want wie woorden geeft aan waar het nu werkelijk om gaat in het leven, verlaat de weg van de geestelijke armoede." (blz. 176). Het maakte mij duidelijk waarom de stola van Lex getooid wordt met het Boek."
Het boek kan direct besteld worden bij www.skandalon.nl voor de prijs van € 15,-.
Renilde van Wieringen, Mijn man wordt gewijd, Vught: Uitgeverij Het Zuiden, 2007. ISBN 978-90-76564-661
God is onze schrijnwerker - beeldhouwer
Parabeltje van een plattelandsdiaken
God is onze schrijnwerker – beeldhouwer!
Welke bedoeling had God toen hij het heelal schiep? Het was voor hem geen speeltje, geen tijdverdrijf en zeker niet een manier om zich te laten gelden. Hij wil(de) zijn leven mee-delen, zijn volheid van liefde! Hij wil(de) vrije zonen en dochters die hem liefde om liefde geven. Daarom stuurt de Vader zijn Zoon, God uit God, Licht uit Licht. De Zoon wordt de stielman die gedurende dertig jaar druk in de weer is om uit te zeggen hoe zijn Vader zich inspant opdat wij zijn kinderen zouden worden.
Hij kende de kwaliteiten van het hout. Er stonden bomen op de heuvels van zijn omgeving: eiken, esdoornen, cypressen, …. Deze bomen leverden goed hout voor de verschillende behoeften van de schrijnwerker. Een schrijnwerker is er goed van op de hoogte dat hij geen groen hout mag bewerken, zeker niet alvorens alle vocht is uitgezweet. Het groene hout moet bewaard worden tot dat het gedroogd is. Pas dan kan hij het bewerken zonder het risico te lopen dat het achteraf gaat vervormen. Hout bewerken eist geduld en een zekere sympathie voor het hout. Een schrijnwerker kent het hout zoals een vriend zijn vriend kent, zoals een echtgenoot zijn echtgenote kent. Hij kent de mogelijkheden van het hout, de knopen, de zwakke plekken en de verschillende kwaliteiten naargelang de soort. Het hout is levend materiaal dat enige verwantschap (gelijkenis) vertoont met het menselijk lichaam, een zekere levensduur, een beperkte weerstand, een eigen soepelheid en hardheid, een eigen waardigheid en schoonheid. Men zegt van het hout dat het aders heeft. Als men groen hout kapt, weent of bloedt het hout.
Ik koester de gedachte dat God ons als een goede schrijnwerker uitkiest, bewerkt, ons met precisie ineenvoegt, om er een werk van te maken dat ons ver te boven gaat.
Beschikken wij over voldoende inschikkelijkheid en geduld om hem toe te laten zijn werk aan ons tot een goed einde te brengen?
Een oude diaken hield er aan te vertellen over een gebed dat hem geweldig had ontroerd. Tijdens zijn ziekenbezoek kwam hij regelmatig bij een hoogbejaarde dame. Op zekere dag vertelde deze totaal afhankelijke vrouw hem het volgende: “Mijnheer de diaken, U weet waarschijnlijk niet wat tot God zeg? Ik zeg hem het volgende: U zijt een goede metser, neem dan de steen die ik ben, kap hem naar behoren en plaats hem naar je goeddunken.”
Het komt er op aan zich door de goddelijk Bouwer te laten kappen, zich te laten beitelen, opdat wij de goede plaats zouden innemen in de Kerk die hij sedert twintig eeuwen aan het bouwen is op zijn apostelen…
Misschien ken je de volgende parabel: van zodra een kind uit het huis van zijn ouders kon ontsnappen, ging het bij hun buur: een kunstenaar beeldhouwer. Het bracht in het atelier van zijn vriend uren achtereen door, zonder een woord te zeggen. Het was gefascineerd door het marmer, de beitels, de geuren, het ritme, de nauwkeurige en delicate handelingen, de oogopslag van de kunstenaar…Op zekere dag had de kunstenaar eindelijk zijn kunstwerk af. Er bleef geen grote vormeloze blok marmer over, maar een schitterend werk, echter dan in de natuur. En het kind, in verrukking voor dat wonder kunstwerk, vroeg aan zijn vriend: “Hoe wist je dat er een paard verborgen zat in het marmer?”
De Heer, onze schrijnwerker-beeldhouwer, weet heel goed wat welke schat verborgen zit onder onze buitenste korst
Diaken Maurice Temmerman
Baziel Maes overleden

Het geschenk
Parabeltje van een plattelandsdiaken
Het geschenk of…den Ahthayet
‘Met open handen’ is een prachtig boekje over bidden. Het heeft een tijd geduurd voor ik de betekenis er van begreep.
Wij, mensen, willen alles zelf in de hand houden.
Wie eet nu graag uit iemands anders hand. Neen, wij geven liever als dat wij krijgen. Als wij krijgen ‘moeten’ wij ‘dank je wel’ zeggen. Dan voelen wij ons klein, kleiner dan de ‘milde’ gever.
Afhankelijk zijn van anderen is ons een gruwel.
Wij willen geven als een ‘grand seigneur’. Dan zijn wij groter, de anderen kleiner; zij zijn dan van ons afhankelijk.
Wij merken dat reeds als wij bezoek ontvangen. Altijd horen wij de gastvrouw, gastheer, onszelf zeggen: “Dat hadden jullie niet moeten doen!”. En echt, wij voelen ons ‘verveeld en verlegen’: wij moeten ons hand uitsteken. En krijgen. Terwijl wij liever geven.
Bij het eerst volgende tegenbezoek geven wij iets navenant: dan staan wij effen. Wij geven zelfs meer: dan liggen wij boven!
Daarom zijn onze ‘feesten’ dikwijls zo duur! “Zij moeten niet denken dat wij dat niet kunnen!” En wij gaan lenen om nog groter receptie, nog grotere menu, nog betere wijn te kunnen schenken. De afbetaling nemen wij er graag bij. Wij hebben immers gewonnen in het spel: ‘de grootste zijn’.
Het vraagt veel wijsheid om te leren dat leven ‘met open handen’ een van onze belangrijkste houdingen is; een van onze belangrijkste verworvenheden.
Waarom?
Het belangrijkste in het leven krijgen wij immers. Namelijk het leven en dat wat ons leven de moeite waard maakt, de liefde, krijgen wij eveneens.
Onze Nederlandse taal heeft daar een mooi woord voor: ‘onze om – geving’: dat wat rondom ons ge-geven is.
Mij bekruipt de bekoring om nu te beginnen opsommen.
Beste lezer, ga even zitten met open handen. Bekijk je ‘open handen’ en zie wat allemaal in je handen werd gelegd als een grote ‘ahthayet’, ‘een groot geschenk’. Alles hebben wij gekregen van de grote Gever, langs de vele, vele kleine gevers!
Als je euro valt, ga je misschien eindelijk ‘dank je wel’ zeggen.
En je voelt: ik moet mij voor die ‘ahthayet’* niet schamen: het belangrijkste leven krijgen wij!
* ‘Den Ahthayet’ is een ideaal oord indien je op zoek bent naar rust, stilte, ontspanning, onthaasting. Je kan het vinden in het stiltegebied van Vlaanderen, ‘omgeving’ Geraardsbergen.
Diaken Maurice Temmerman
Twintig jaar verzet tegen armoede
Benedicere
Parabeltjes van een plattelandsdiaken
Hij nodigt ons uit om van het heden te genieten
of om de maaltijd te zegenen!
Bij het lezen van het evangelie valt het op dat Jezus aan vele maaltijden heeft deelgenomen. Bij Zacheüs, Martha en Lazarus, bij Simon de Farizeeër, bij de schoonmoeder van Simon Petrus, enz. Na de verrijzenis zien wij hem weer aan tafel schuiven: in de herberg van Emmaüs, smullend van de gegrilde vis aan het meer van Tiberias,… Het is een teken: Jezus wilde ons ontmoeten in Eucharistie. Maar niet alleen daarom. Het is een knipoogje van God. Jezus wilde ons uitnodigen om van onze maaltijden een plaats van broederlijke en zusterlijke ontmoeting te maken. Wij zijn daar samen in een geest die mijlen ver verwijderd is van die in een fast-food en van deze triestige definitie van het gezin: “Een verzameling van personen die dezelfde ijskast gebruiken.” Waarbij wordt verondersteld dat moeder die ijskast vult zodanig dat ieder zich naar zijn goesting kan bedienen, wanneer men wil, van hetgeen men wil.
Christenen laten de maaltijd vooraf gaan door een zegen. Sommigen zingen in het Nederlands een of ander lied of een canon op de tonen van Broeder Jakob. Anderen lezen een gebed uit een boek(je). Nog anderen lezen een pericope (tekstgedeelte) uit het evangelie of beelden een lied uit.
Het kortste gebed is zeker en vast het Latijnse gebed: Benedictus Benedicat: “Dat de Gezegende ons zegene.”
Het meest solidaire gebed dat ik ken is dat van de voddenrapers van Emmaüs van abbé Pierre: “ Heer geef brood aan degenen die honger hebben … en geef honger aan degenen die brood hebben.” Uit Guadelupe komt het meest wijze gebed: “Het brood van gisteren is oudbakken. Het brood van morgen is nog niet gebakken. Dank U Heer voor het brood van vandaag!” Het nodigt ons uit om van het heden te genieten.
Op zekere dag werd een kind van zes jaar uitgenodigd in de katholieke familie van haar beste vriendin. Bij het begin van de maaltijd hoort zij de hele familie het gebed voor de maaltijd bidden: “ Zegen ons Heer. Zegen ook deze maaltijd, en al degenen die de bereiding er van hebben mogelijk gemaakt en bezorg brood aan al degenen die er geen hebben.”
Bij het gaan zitten, zegt de zesjarige: “Bij ons bidt men niet voor de maaltijd omdat mijn moeder goed kan koken.”
Er wordt een verhaal uit de missie in Afrika verteld. Een missionaris trekt er alleen op uit naar de woonplaats van een afgelegen stam, aan de andere kant van savanne. Als enige bagage neemt hij wat eten mee, een drinkbus en een wandelstok. Plots staat hij oog in oog met een enorme grote leeuw. Die leeuw heeft duidelijk geeuwhonger! “Wat nu gedaan, denkt de missionaris. Met mijn wandelstok kan ik mij niet verdedigen. Alleen mijn geloof kan mij redden.” Hij valt op zijn knieën en bidt: “Heer, heb medelijden met mij. Inspireer deze leeuw met christelijke gevoelens.” Plots ziet hij de leeuw op zijn knieën zakken en een kruisteken maken. Dan hoort hij hem zeggen: “Heer, zegen dit voedsel dat wij tot ons gaan nemen.”
Diaken Maurice Temmerman
Rechten van vluchtelingen
VN-secretaris doet een beroep op christenen in strijd tegen armoede
Voedsel is een recht
17 oktober Werelddag van Verzet tegen armoede

TV spot
17 oktober Werelddag van Verzet tegen armoede
Ontsnappen uit armoede is een zaak van iedereen!
Knoop mee de strijd aan!!
Het Belgisch Netwerk Armoedebestrijding wil 17 oktober als Werelddag van Verzet tegen armoede meer bekendheid geven in België. 17 oktober moet een dag worden waarop burgers, politici en organisaties stilstaan bij het onrecht dat voor onze neus bestaat. 17 oktober moet een dag worden waarop we tot actie over gaan om armoede en uitsluiting uit onze wereld te verbannen.
We voeren dit jaar dan ook een nationale campagne rond 17 oktober – Werelddag van Verzet tegen Armoede.
De campagne bestaat uit
- lokale evenementen in heel Vlaanderen, Brussel en Wallonië waar armen het woord nemen
- een nationaal evenement in Brussel, waar armen en hun vereniging het woord nemen
- een affiche
- een tv spot
- een website
- geknoopte-lakens-tegen-armoede-actie
We doen met deze campagne een oproep. De oproep is simpel: doe met ons mee!
Hang op 17 oktober een geknoopt laken uit uw raam
en laat mee zien…
Dat ontsnappen uit Armoede een zaak is van iedereen!!
ook jij kan meedoen.
Hang op 17 oktober een geknoopt laken uit je raam. Dat toont aan dat ook jij een land, een wereld zonder armoede wil.
Kom op woensdag 17 oktober naar Brussel. Je vindt ons tussen 13.00u en 18.00u aan en in de KVS, de schouwburg aan de Lakensestraat in het centrum van Brussel.
Vraag de affiche aan en hang ze op aan jouw raam, dat van je stamkroeg, je buurtvereniging,...
"Hier kan je de solidariteitsoproep van de Internationale Beweging ATD Vierde Wereld online onderteken. Deze wordt op 17 oktober overhandigd aan de Verenigde Naties."
Armoede is een onrecht. Mensen die in armoede moeten leven zijn het slachtoffer van structuren en krachten in de (globale) samenleving waar ze zelf geen invloed op hebben. We denken dan bijvoorbeeld aan kleine landbouwers in het zuiden die niet op kunnen tegen de overproductie in het Westen, maar ook alle slachtoffers van oorlogen en hongersnoden overal ter wereld.
Maar ook hier bij ons, één van de welvarendste landen ter wereld, bestaat het onrecht. Ook in België zijn honderdduizenden mensen het slachtoffer van Armoede en Uitsluiting. Willen we hier iets aan doen dan moeten we de maatschappelijke structuren die armoede veroorzaken en in stand houden, aanpakken. Denk maar aan het tekort aan betaalbare woningen, de ongelijke onderwijskansen van mensen in armoede, de problemen met de energiemarkt en de onmenselijke toestanden die hieruit voortkomen,…
Mensen in armoede kunnen deze structuren niet alleen veranderen. De samenleving als geheel moet mee de strijd tegen armoede en uitsluiting aangaan!!
Het milieualarm van de rooms-katholieke kerk
Wanneer de wereld ons dorp was...
Wanneer de wereld een dorp was…dan zou blijken dat de arme de missionaris van de rijk is!
Wanneer de wereld een dorp was met 1000 inwoners
zouden er 564 Aziaten wonen,
210 Europeanen, 80 Zuid-Amerikanen
en 60 Noord-Amerikanen, 86 Afrikanen.
Wanneer de wereld een dorp was met 1000 inwoners
zouden er 700 niet-blanken wonen en 300 blanken.
Wanneer de wereld een dorp was met 1000 inwoners
zouden er 300 christenen wonen,
159 met een gekleurde huid en 141 blanken.
Naast hen zouden er 700 niet-christenen leven.
Wanneer de wereld een dorp was met 1000 inwoners
zouden er 700 niet kunnen lezen of schrijven,
zouden er 600 in sloppenwijken of mensonwaardige hutten leven,
zouden er 500 hongerig of onvoldoende gevoed
naar bed gaan elke dag,
zou de helft van het inkomen bij 60 mensen terecht komen.
De andere helft zou door de 940 overigen mogen gedeeld worden.
Wanneer dit de situatie van ons dorp zou zijn,
zou zij ons te denken geven.
Wat een uitdaging om vanuit zo veel
verschillende radicale, culturele en religieuze
achtergronden elkaar te vinden.
Wat een mogelijkheid tot uitwisseling
en onderlinge verrijking.
Maar ook: wat een noodzaak om een aantal toestanden te veranderen.
De lezingen van de vijf- en zesentwintigste zondag door het jaar kunnen ons daarbij helpen.
Wie kommerloos rijk is (en dat zijn wij toch in het Westen!) mag geen minuut verliezen. Het is vijf voor twaalf. Nu moet de rijkaard (wij!) komen tot kritische levensherziening, omkeer, beslissing, ten gunste van de Lazarus ( = God redt!).
De arme van zijn kant, liggend bij de open poort van de rijke, mag en moet blijven aankloppen en eisen dat hem recht verschaft wordt.
De arme is de missionaris van de rijke.
Hij is noch min noch meer de samenvatting van de Wet en de Profeten voor de rijke.
Bij de rijke heeft de arme absolute zeggingskracht. Hij is de unieke heilskans van de rijke.
Als dit ons dorp zou zijn, dan wisten we het wel.
Maar het is in feite ons dorp,
want het is onze wereld,
en zó groot is die ook niet meer.
Diaken Maurice Temmerman (naar een onbekend auteur)

