Nu wat teksten over \'bekering\' uit het Nieuwe testament.
Wij beginnen met Mattheüs 3 v 2: \"Johannes de Doper predikte, zeggende: \'Bekeert u, want het koninkrijk der hemelen is nabij\'\".
Dat was bekende taal. De meeste Joden kenden wel Micha 4 v 7 en Zacharia 14 v 9. Daar werd gezegd, dat God zich eenmaal weer als Israels koning zou openbaren en dat zijn koningschap zich over de hele wereld zou uitbreiden.
Het Koninkrijk....: het koninkrijk der hemelen: met zijn afkomst uit de hemel, het koninkrijk, dat niet uit de aarde opkomt, maar uit de hemel neerdaalt...helemaal afhankelijk van goddelijk ingrijpen...wie verlangde er niet naar. En nu was dit het schokkende van de woorden van Johannes de Doper; dat koninkrijk, waarvan de mensen droomden, was vlakbij. Het stond voor de deur.
Goed; het was iets heerlijks. Maar anderszins sprak het van zware gerichten. En klemmend was het beroep, dat op hen werd gedaan: \"Bekeer je....je moet er klaar voor zijn; voor de heerlijkheden, die gaan komen. Maar je kunt er alleen maar deel aan hebben, wanneer je bekeerd bent\".
Dat was een boodschap, die actueel en begrijpelijk was. En velen gingen op de uitnodiging van de boeteprediker in.
Maar wat betekent dit allemaal voor nú. Wij weten, nu, dat het koninkrijk ís gekomen in de Persoon van Onze Heer Jezus Christus. Wij weten, dat Hij het startschot voor dat koninkrijk heeft gelost, toen Hij die verrukkelijke woorden sprak: \"Het is volbracht\".
Maar nu- in onze dagen- is dat koninkrijk, de Godsregering veel dichter bij dan toen. De dagen, dat de bazuinen zullen klinken, dat de aartsengel zal roepen en al de geweldige dingen zullen gebeuren, zijn in zekere zin \'vlakbij\'.
En de tijd van de benauwing door de antichrist is nog veel dichter bij. De geweldige verleidingen van de eindtijd zijn spoedig te verwachten.
Nu is dit woord van Johannes de Doper actueler dan ooit.
Denk er om, dat ik altijd spreek over \'voortgaande bekering\'. Het kan best zijn, dat je al wedergeboren bent, dat je de gaven en de vrucht van de Heilige Geest al ervaart in je leven. Maar bekering blijft een voortgaande zaak. Je bent wellicht in de goede omstandigheid om alle dingen tegemoet te treden, die gaan komen. Maar waakt, dat je in de goede conditie blijft, (Markus 13 v 37).
Ger
O ja: - doe als Muse; hij las met aandacht, bedankte - doe niet als Muse; hij bedankte hier, hij reageerde hier. Maar willen jullie eventueel reageren in serie 10. G
Wij houden het nog even op Amos. In 4 v 9 schrijft hij: "Ik heb u geslagen met brandkoren en met honigdauw ; uw vijgebomen en olijfbomen vrat de sprinkhaan op. Toch hebt gij u niet tot Mij bekeerd, luidt het woord des HEREN".
De Heer wilde zo graag zijn volk bij zich hebben. Maar toen zij bij Hem wegdwaalden en buiten zijn veilige omheining kwamen, kon Hij ze niet meer beschermen tegen de valkuilen daarbuiten. Maar God wilde de tegenslagen, die hen daar door eigen onvoorzichtigheid overkwamen, gebruiken om hen tot inkeer te brengen, zodat zij weer zijn kant uit zouden kijken, zich tot Hem bekeren. Maar zij deden het niet.
Naar de tegenwoordige tijd overgebracht, kan dit als volgt geduid worden: Honigdauw, brandkoren en sprinkhanen zeggen ons op zichzelf niets. Maar wij begrijpen, dat er voor een agrarische natie zoals de Israelieten van die tijd levensgevaar in was gelegen, wanneer het voornaamste volksvoedsel een prooi werd van: - door de hete woestijnwind veroorzaakte verbrandingen - door bladluizen-excrementen veroorzaakte ziekten - de vernietigende vraatzucht van sprinkhanen.
Zo is het ook tegenwoordig wel met Christenen. Zij dwalen weg bij Gods veiligheden en komen in de onveilige plekken van de duivel terecht. Gods bedoeling is het, dat zij door hun tegenheden tot nadenken worden gestemd en zijn veiligheid weer zoeken door hun gezicht in zijn richting te wenden.
Maar velen zeggen; "Wat heb ik toch tegenwoordig een pech", zonder zich iets af te vragen.
Ik heb het zelf meegemaakt, in 1983, ik vergeet dat jaartal nooit meer, dat ik op een gegeven ogenblik, tijdens vacantie, toen ik wat tijd had om mij te bezinnen, mezelf afvroeg: "Waar komt toch al die pech vandaan".
Ik kende toen deze tekst al wel oppervlakkig, maar zag die toen opeens veel duidelijker. En ik bespeurde, wáar ik fout was gegaan en herstelde dat.
En mijn 'brandkoren, honigdauw en sprinkhanen' waren opeens veel minder hinderlijk, bliezen de aftocht.
Zo kan het ook met jullie, mijn lezers, wel eens gaan. Doe dan net als ik. Herstel de dingen, die fout gingen, voor zover dat nog mogelijk is, vraag vergeving aan God. En zoek de omtuining van God door berouw en bekering weer op.
En laat het ook in gesprek met je vrienden en vriendinnen zo zijn, dat je heel opmerkzaam wordt, wanneer ze zoiets zeggen als: "Ik weet niet, waar het allemaal vandaan komt, maar mijn proefwerken mislukken, met allerlei kennissen heb ik misverstanden en nu heb ik nog een koortslip ook".
Het hoeft er niet aan te liggen, dat zij zijn weggedwaald bij God. Er is een verwarrende omstandigheid. De duivel loopt ook door het hele stuk met zijn volstrekte wetteloosheid, om zijn boze dingen te doen, waar hij die maar kan plaatsen.
Maar neem de tijd om de zaak goed uit te spreken. Laat je leiden door de gaven van kennis, wijsheid en onderscheiden van geesten, waarvan ik toch aanneem, dat jullie die als Geestvervulde Christenen geregeld oefenen.
En begeleid die relaties van jullie naar de veilige plekken van God.
Bekering: we lezen nog even verder in Amos; ( 4 v 7)
"En Ik, Ik heb u de regen onthouden, toen het nog drie maanden voor de oogst was; en Ik liet het regenen op de ene stad, maar op de andere stad liet Ik Ik het niet regenen, de ene akker werd beregend, en de andere, waarop geen regen viel, droogde uit. En twee, drie steden, wankelden naar éen stad om water te drinken, maar zij werden niet verzadigd. ..... Toch hebt gij u niet tot Mij bekeerd, luidt het woord des HEREN".
De gang van zaken, zoals hier geschetst, was als volgt: er is hongersnood, die is een gevolg van droogte en regengebrek op het beslissende tijdstip voor de oogst. De oogst begon eind april en deze is mislukt door het uitblijven van de late regen, (einde maart-begin april). De droogte is niet algemeen geweest; ze was plaatselijk. De HERE toonde, dat Hij wel regen kon geven, maar hield deze toch over het algemeen in. De droogte bracht niet alleen honger, maar ook dorst, zodat de bewoners van díe steden, die het ergste onder de droogte geleden hadden, met wankele schreden, (vanwege de dorst), heengingen naar een meer bevoorrechte stad, om drinkwater te halen, maar hun zoeken naar water bleef vruchteloos, er was niet genoeg voor allen.
En dan steeds weer dat refrein: "Toch hebt gij u niet bekeerd".
Wat kúnnen jullie hier nu mee?
In komende jaren zullen jullie gaan meemaken, dat je om je heen mensen ziet, die omkomen van geestelijke honger en dorst. Ze zullen dit best weten te verbergen onder zure opmerkingen of schijnbaar diepe gezegden. maar jullie, door de genade van God met zijn Heilige Geest vervulden, zullen door jullie gaven van kennis, wijsheid en onderscheiden van geesten haarscherp zien, dat achter oeverloos gekanker en gezwollen, diepzinnige woorden, zich in feite niets verbergt. Om in het beeld te blijven, wat ze zeggen, staat eigenlijk gelijk met wolken, die geen water dragen en met 'knetterende dorens onder een pot', (Pred 7 v 6).
Mogelijk vinden jullie dan woorden om zoiets uit te drukken als: .............. Zou je nu wel verder gaan met zoeken op deze manier. Je hebt toch ook werkelijk van alles gedaan...je Boeddhabeeld heb je de hoogste plaats in je huiskamer gegeven, zodat het altijd boven alles en allen staat. En je hebt alle boeken over reikie gelezen, die er maar waren. En je huis stond vol klankschalen. En toen gooide je het over een heel andere boeg: veel noten eten, omdat de bewoners van de een of andere vallei van gelukzaligen dat ook deden en met gemak 140 jaar werden. En toen waren er weer mensen, die tegen je zeiden: "Er is een nieuwe voedingstheorie met diepzinnige achtergronden....en je wankelde maar meer achter die anderen aan....en nu heb je nóg geestelijke honger en geestelijke dorst. .......... En het zou kunnen zijn, dat de Heer net op die levensakker aan het werk is geweest : - de platgetreden paden heeft Hij- op welke manier dan ook- omgewoeld, zodat het daar gestrooide zaad niet meer open en bloot voor de vogels ligt - nu mag jij mischien wat dorens uittrekken, zodat het zaad, door een ander gestrooid, een nieuwe kans krijgt - of je mag wat grond aanbrengen, zodat het allemaal niet meer zo'n hopeloss dun laagje is over de keien van misverstand heen.
Er kunnen akkers zijn, die jaren daar gelegen hebben, hopeloss verknoeid, maar via anderen of hoe dan ook, is de Heer bezig geweest om van alles beter te maken.
Je hoorders hebben- ik weet niet wat allemaal- onbewogen over zich heen laten gaan, maar nu is het zo, dat er goede grond is, waarin jullie zaad valt en eindelijk is daar: Bekering. (Matth 13).
Een keer was het zo, dat jezelf door Jezus, de grote Koning, bekoord werd. Je verlangde toen als het ware: "O....trek mij met U mee, Koning van de gerechtigheid en de blijdschap en de vreugde en de vrede...laten wij ons spoeden naar alle goede dingen, die U te geven hebt", (Hooglied 1 v 4).
Wat is het een vreugde om -soms volkomen onverwacht- anderen te ontmoeten, die uitroepen: "Ja...ik wil met je mee..."
Het overkwam een van mijn lieve geloofsvriendinnen. Zij viste in de vijver, waar het goed vissen is. Met vele andere jonge moeders stond ze voor de lagere school om haar tedere panden op te halen. En onder al die jonge moeders waren er velen, die naar haar wijze, aangepaste woorden, waarin de kennis en het onderscheiden van geesten terdege een rol speelden, wilden luisteren.
En toch was er die haaat radeloze, perplexe vreugd, toen een van die lieve, jonge mevrouwen zei: "Ik wíl dit...o...eindelijk iets, dat echt ETEN en DRINKEN is..."
Jullie bezoeken al regelmatig: - geloofsaangelegenheden - Bijbelstudie - Jan en Joke - Mijn boeken.
Nu kan ik de geboorte aankondigen van mijn vijfde blog: - Mijn leven.
Daarin ga ik in vele afleveringen vertellen van momenten in mijn leven, waarop ik -achteraf- duidelijk de invloed van God en- helaas helaas- ook wel van de duivel ervaarde.
Aanstaande zaterdag komt mijn eerste vertelling en zo wekelijks.
In Amos , hoofdstuk 4, schetst de Heer, dat Hij herhaalde malen gewaarschwd heeft, dat het de hoogste tijd was om zich te bekeren. Bekeren is namelijk niet iets dat je wel of niet kunt doen. Je kunt er ook de gek niet mee steken door een plakstrook op je voordeur te doen: "Dank u...wij hebben alles....en bekeerd zijn we ook al". Nee: bekering is levensnoodzaak.
En op welke situatie doelt Amos nu?: " Op eengegeven ogenblik merkte je,dat er niets meer te eten was in huis. Maar hoewel dat een duidelijk teken was, dat bekering tot Mij nodig was...je volstond met op te merken: "Wat zit alles tegen hè" en ging gewoon met je leven verder, zonder je naar Mij om te keren".
Hoe vertalen wij dat nu eens naar de moderne tijd. Jullie en ik; wij ademen altijd in dit welstandsklimaat. Het is voor jullie en voor mij ondenkbaar, dat de provisiekast níet gevuld zou zijn. Maar...probeer dit nu eens geestelijk 'in te kleuren'. Geestelijk kan het zo zijn, dat er niets meer te eten is. Ik bevond mij eens in een gezelschap, waar opeens een vrouw uitriep, midden in een gedachtenwisseling over 'van alles': "O, wat verlang ik ernaar, dat er nu eens iemand hier was, in deze treincoupé, die eindelijk met iets kwam, dat werkelijk voedde"
Nu kan je zeggen: "Nou Ger; dat was dan toch wel 'de kat op het spek binden'.Je bent zeker losgebrand".
Nee lui; ik was nog maar 25 en had nog geen enkele geestelijke inhoud van betekenis. De dame ging zelfs zo ver, dat zij op mijn lectuur wees en uitriep: "O....de klassikale kerkbode voor Warffum. Wat een heerlijk brave leesstof" Maar ik bleef verlegen zwijgen. Tot de huidige dag zit dat mij wel een beetje dwars. Maar dan zend ik maar een gebed op om die gemiste kans voor open doel achteraf nog bij de Heer te brengen.
Maar snappen jullie, wat ik bedoel. Het kan in een mensenleven zo worden, dat je merkt: "Het lijkt wel, of alle meningen op de hele wereld zijn vergiftigd. Altijd brand ik mijn mond maar weer aan harde, zure opinies". Onbewust neem je dan waar,dat woord uit Openbaring 8 v 10 en 11: "En de derde engel blies de bazuin, en er viel een grote ster, brandend als een fakkel, uit de hemel en zij viel op het derdedeel der rivieren en op de bronnen der wateren. En de naam der ster wasgenoemdAlsem. En het derde deel der wateren werd alsem en velen van de mensen stierven van het water, omdat het bitter geworden was".
Even kijken, of wij niet te ver zijn weggeraakt. Het kan nog, maar nu ijlings terug. Wanneer je merkt, dat sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen, door de huichelarij van leugensprekers, (1 Timotheüs 4 v 1), wend je dan door bekering van dat besmette 'derde deel van de wereldopinie' af en keer je naar die andere ster, die geen 'Alsem', (bitterheid) heet, maar waarvan 2 Petrus 1 v 19 spreekt: "En wij achten het profetisch woord daarom des te vaster en gij doet wel, er acht op te geven als op een lamp (fakkel) , die schijnt in een duistere plaats, totdat de dag aanbreekt en de morgenster opgaat in uw harten".
Bekeringis pure noodzaak. Jullie staan allemaal in de tijden, dat de ster Alsem valt en meningen vergiftigt. Let erop, dat in je naaste omgeving de vriendelijkheid geen plaats maakt voor respectloosheid en grofheid; ook dat kenmerkt de ster Alsem.
Ik weet, dat er vrij veel lezenden zijn. Daaronderzijn er , die zich nog niet bekeerd hebben of die geen ernst maken met de dagelijkse bekering. Merk je iets van bitterheid of onwellevendheid of iets anders, dat vreugde rooft, zoek je toevlucht totdat 'tweederde deel der wateren'dat volgens de zojuist genoemde tekst heilzaam is.
Bekeren; teksten uit het Oude Testament: Joël 2 v 12: "Maar ook nu nog luidt het woord des HEREN: 'Bekeert u tot Mij met uw ganse hart, en met vasten en geween en met rouwklacht. Scheur uw hart en niet uw klederen en bekeert u tot de HERE uw God".
Als je dit nu leest en je denkt: "Goeiemorgen....ik ben zestien en ik wil bij Jezus horen. Is die tekst niet veel te zwaar voor mij", dan heb ik voor jullie althans deze gerustistelling: wij gaan hem een beetje masseren. Iemand zou kunnen zeggen: "Je mag een tekst uit de bijbel niet kneden tot hij een beetje handzaam is geworden".Maar zulk masseren bedoel ik ook niet. Herinner je, wat ik een vorig maal gezegd heb: er is ook sprake van voortgaande bekering, die tijdens wedergeboorte en doop in de Heilige Geest toch nog doorgaat.
Wanneer je heel eenvoudig begint met: "Ja ...'k wil U dienen Heer", dan zal zeker de tijd komen, dat je merkt, dat bekering tot de Heer een proces is, waarbij op de duur je hele hart is betrokken. In het begin van je bekering zal het wel eens zo zijn, dat je nog helemaal niet 'vast' van je slechte gewoonten, die ongetwijfeld in je gedrag zijn binnengeslopen. Je zult niet direct ophouden om kwaadsprekerig of onrein van lippen of....noem maar op...te zijn. Maar gaandeweg zul je al die zonden van je weg leren doen, zodat je hele hart rein is voor de Heer. Daarbij komt de doop in de Heilige Geest mij voor als iets, dat helemaal onmisbaar is.
Je zult op de duur ook wel eens huilen over de gaten, die je met spijkers van ruwheid hier en daar in andere mensenlevens geslagen hebt. maar je zult die daden aan de Heer belijden onder -wellicht innerlijke- tranen en je zult wel vaak met schaamte terugdenken aan de dingen, die je ooit verkeerd deed, maar toch met opluchting, omdat je met de Heer op de goede weg bent. Natuurlijk zal je altijd proberen, schade, teweeggebracht in het verleden, te herstellen. Uiterlijk zal er heus niet zoveel te merken zijn van al die innerlijke roerselen, maar ze zijn daarom in het oog van de Heer niet minder evident.
Zo is het proces van de bekering een steeds voortgaande, heilzame karakterverandering.
Mijn vierde blog: 'Mijn boeken' is operationeel! Ger
Dag allemaal,
Daar is dan het vierde van de vijf door mij geplande blogs.
In dit blog geef ik een steeds maar voortschrijdende verklaring van bijbelteksten . Ik heb daarbij de bedoeling om u stap voor stap in te leiden in mijn gedachtewereld met betrekking tot 'de goede wereld van God'.
Achtereenvolgens zal ik met u behandelen: - bekering - wedergeboorte - ...en alle verdere belangrijke zaken, het koninkrijk Gods betreffende.
U zou kunnen zeggen: "Ja...maar we hebben 'bijbelstudie' toch al.
Dat is waar. Maar dit is meer uitgebreid en meer eenvoudig. Ach; u ziet wel.
Aanstaande zaterdag begin ik met het ingeven van het eerste artikel.
Gods huis i is niet van hout of steen maar is in je en overal om je heen!!! Gods liefde werkt door mensen heen ,als we het maar willen zien!!! groetjes Manna(blog manna )
Dag Manna,
Je zegt dat nu wel allemaal zo lief. maar bedenk dat ik een wat stijve Nederlander ben, beetje zwaar op de hand zoals veel Nederlanders. En dan zeg ik: "Jawel Manna....allemaal tot je dienst. maar de nare dingen van de duivel zijn óok allemaal om ons heen"
En....Manna. Inderdaad: de liefde van God werkt door mensen heen en ik ben er eerlijk van overtuigd dat die liefde ook door míj heen werkt. Na een werkzaam leven in dienst van de Heer ben ik als 79 - jarige vier jaar geleden een werk gestart onder jongeren in Nederland, 15-25, En in dat liefdevolle werk wil ik ze verder wijzen naar de Heer God en naar de Here Jezus en naar de Heilige Geest..
Manna...ik ben zo blij om in Vlaanderen nu ook eens te kunnen spreken tot 50-plussers. Srtel maar gerust je vragen. Ik ben er blij mee.
Gods huis i is niet van hot of steen maar is in je en overal om je heen!!! Gods liefde werkt door mensen heen ,als we het maar willen zien!!! groetjes Manna(blog manna