Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
Categorieën
Natuurvereniging DEN BUNT vzw
Welkom op de blog van Natuurvereniging DEN BUNT. Onze vereniging is gestart in 1981 en bestaat nu dus meer dan 40 jaar en telt ruim 200 leden in de Kempense regio. Alles wat te maken heeft met milieu, natuur en natuurfotografie, activiteiten van onze vereniging...enz. vind je terug op deze blog. En deze blog is er voor en door de leden. Wil je een bericht plaatsen, dan kan dat door mij een mailtje te sturen met de te plaatsen tekst en foto's. Volg ons ook op onze Facebookpagina.
29-08-2025
PRINSENPARK
Hoe kunnen palingen overleven bij droogte?
Onderstaande foto werd gemaakt in het Prinsenpark door Achiel CLAESSEN. Door de langdurige droogte zijn de vijvers nagenoeg zonder water…. en beginnen de palingen het moeilijk te krijgen om te overleven.
Maar paniek is nog niet nodig want palingen kunnen overleven bij weinig water doordat ze vochtig blijven dankzij hun slijmlaag, waarmee ze ook een deel van hun zuurstof opnemen. Ze kunnen tot 24 uur buiten het water blijven en gebruiken hun vermogen om te kruipen en zich te verplaatsen over vochtig gras of land om nieuwe wateren te bereiken en te ontsnappen aan de droogte. En misschien komt er ondertussen ook wel nog wat regen!
Klik eventueel ook nog op onderstaande foto om kort filmfragment te bekijken.
Deze prachtige natuurdocumentaire was te zien op “PlattelandsTV” Woensdag 27 augustus (17 tot 18 uur).
Maar het is nog niet te laat: je kan alsnog alle tv-programma’s gedurende 7 dagen terug opvragen (bij Telenet in elk geval, maar ik weet niet of dat ook zo is bij Proximus en Orange)
Op 4 april 2019 kwam Hafts natuurfilm "Die Wiese" uit in de Duitse bioscopen. Naast de diversiteit aan flora en fauna in inheemse natuurweiden, toont de film ook de degradatie van weiden door overbemesting en pesticiden. Volgens het dagblad “Die Welt” presenteert de film "adembenemende beelden van de inheemse natuur". De weide is echter ook "een oproep tot zorgvuldige omgang met een habitat waarvan de progressieve achteruitgang het uitsterven van soorten verder zou kunnen versnellen.”
Bekijk alvast onderstaande trailer en zo mogelijk ook de complete film. Klik op de "play-knop" om het filmfragment te bekijken (geluid aan).
Behangersbijen danken hun naam aan de gewoonte van de vrouwtjes om hun nestcellen te 'behangen' met stukjes blad. Deze stukjes knippen ze zelf met hun kaken uit de bladeren van allerlei planten. Zo kan het gebeuren dat de rozenstruik in de tuin opeens in een gatenkaas verandert. Aan dit gedrag zijn behangersbijen direct te herkennen. Een bij die met een bladstukje tussen kaken en poten geklemd langsvliegt, is een behangersbij. Dit is soms te zien bij bijenhotels, waarin behangersbijen regelmatig hun nesten bouwen. Ze gebruiken soms ook bloemblaadjes om hun nesten mee te behangen.
Wie kent het verschijnsel niet? Langs de kant van de weg hangt een roofvogel klapwiekend stil in de lucht, speurend naar voedsel: een ‘biddende’ torenvalk. Helaas gaat het slecht met deze muizeneter. In Nederland en België is het een vrij schaarse broedvogel die is opgenomen op de rode lijst. Daarom vragen Vogelbescherming samen met enkele andere organisaties in 2025 extra aandacht voor de torenvalk. Het ophangen van een geschikte nestkast betekent al heel veel steun…..
Nu het hooi binnen is en het nieuwe gras er nog kort bij staat, is de beverdam op de Werbeekse Nete, ter hoogte van de Aberg in Retie, goed bereikbaar. Ik schat dat het verschil in waterpeil tussen stroomopwaarts en -afwaarts zo’n halve meter moet bedragen.
Merels kan je het hele jaar door in je tuin zien. Toch hoeft het niet altijd dezelfde vogel te zijn, want merels zijn ook in ons land deels trek- en standvogels. In de winter komen veel noordelijke vogels naar ons land. De meeste merels die bij ons broeden, blijven ook hier, maar sommige trekken naar zuidelijke gebieden. Het zijn echte alleseters en ze hangen vaak rond in de buurt van voedertafels. Ze gaan er niet altijd op zitten, maar eten ook graag van de grond. Merels komen ook af op rommelhoekjes in je tuin. Je hoort ze vaak scharrelen in een bladerhoop, op zoek naar eten. Niet te veel opruimen dus! En misschien bouwt er wel eentje zijn nest in Uw tuin en kan je dagelijks luisteren naar zijn mooie liedjes.
De witte kwikstaartis een fraaie plattelandsvogel met een zwart, wit en grijs verenpak. Deze bij ons talrijk voorkomende broedvogel heeft zijn naam niet gestolen, de lange zwarte staart met opvallend witte zijden is voortdurend in beweging. De witte kwikstaart staat behoorlijk hoog op de poten en heeft een wit gezicht met zwarte kap. Deze trekvogel verplaatst zich zuidwaarts tijdens de wintermaanden. Je vindt hun nestplaatsen in de vreemdste hoekjes en gaatjes terug en dit meestal in menselijke omgeving. Het zijn halfholenbroeders (vogels die graag in halfopen nestkasten broeden) zoals roodborstjes en grauwe vliegenvangers. De nestkasten zijn dan ook deels open zodat ze de tuin goed in het oog blijven houden.
Tijdens een wandeling kom je het soms tegen: een drol midden op het pad. Meestal is dat het werk van een vos. Vossen poepen namelijk graag op een plek die goed zichtbaar is: naast een paaltje, op een molshoop of midden op een bospad. Dat doen ze om hun territorium te markeren. De uitwerpselen hebben een grote variatie in kleur, vorm en afmeting. Dat komt omdat vossen een zeer divers dieet hebben. Opgedroogd krijgen ze een grijze tot witte kleur.
Duizenblad is een inheemse soort en komt vrij algemeen voor. Het is een mooie, kruidachtige plant met zachte, varenachtige, decoratieve bladeren. Duizendblad dankt zijn naam aan de geveerde bladeren, die ieder op zich weer bestaan uit vele kleine blaadjes (zie middelste foto). De plant is geurend en lokt bijgevolg heel wat insecten. De bloei duurt van juni tot november (en soms zelfs december). De bloei bestaat uit platte schermen met kleine witte en soms ook roze bloempjes. Bijgaande foto’s zijn gemaakt langsheen het Buntpad, op het ruige terrein naast de Witte Neet.
Er bestaan verschillende soorten oorzwammen, die lastig uit elkaar te houden zijn. Oorzwammen zijn relatief klein en hebben geen steel. Hun sierlijke hoed heeft de vorm van een oortje. Net als de meeste paddenstoelen houden ze van vochtige omstandigheden en groeien ze op dood hout. De meest voorkomende is het wit oorzwammetje, dat overigens lang niet altijd wit is. Ze verkleuren ook naar wasgeel, lichtbruin of beige. Je kunt het in ons land vooral zien in de herfst, van ongeveer september tot november, maar soms ook al vanaf augustus en tot in december als het weer zacht en vochtig blijft.
Roze, wit en paars… bont kroonkruid doet zijn naam alle eer aan! Deze prachtige bermplant is een uitbundige bloeier en het is dan ook een feestje als je deze schoonheid in de zomer tegenkomt. In de zuidelijke landen bloeit het talrijk in de bermen. Bij ons is de soort vrij zeldzaam. De plant lijkt zich wel steeds meer uit te breiden, waarschijnlijk dankzij het opwarmende klimaat.
De rosse woelmuis (kop-romplengte 80-135 mm en gewicht 12-40 g) is gemakkelijk te herkennen aan haar rossige vacht, de duidelijk zichtbare oorschelpen en de relatief grote ogen. Ze heeft, in vergelijking met de andere woelmuizen, een vrij lange, tweekleurige staart. De rosse woelmuis heeft een voorkeur voor loofbossen met een dichte ondergroei, maar kan in zeer uiteenlopende biotopen leven als er voldoende bodembedekking is en er een paar bomen of struiken in de buurt zijn.
Op 24/11/2024 kregen we onderstaand bericht van Isabella Van de Velde om te melden dat er een valse website van onze vereniging gelanceerd was. Isabella heeft daarna onmiddellijk het nodige gedaan bij de bevoegde instanties om dit te melden..... en vandaag laat zij weten dat Google nog steeds melding maakt van deze valse versie.... maar de link is verwijderd zodat niemand er nog naar toe kan. Dat is dus goed nieuws. Bedankt Isabella !!
Let goed op !! - Er is een nep-website van "Natuurvereniging Den Bunt"
Van Isabella Van de Velde kregen we een bericht dat er een nep-website van Natuurvereniging Den Bunt bestaat, compleet met alle gegevens van onze vereniging en zelfs de gegevens van drie van onze bestuursleden (wel met valse gegevens en foto's !!) Erger nog: - via een knop "Donate now" probeert men bezoekers te overhalen onze vereniging te steunen en een gift te doen. Wees dus voorzichtig en ga hier dus zeker niet op in !!
Deze website lijkt evenwel helemaal niet op die van onze blog zodat je ze zeker zal herkennen als je er toch zou op inloggen . Voor wie inlogt via "Google" :
- https://www.denbuntvzw.be/ is de juiste link
- https://natuurverenigingdenbunt.org/ is de foute link
Klik op onderstaande afbeelding als je ook de valse pagina wil bekijken
Kinderen gaan op oma- en opakamp in woonzorgcentrum Alfons Smet Residentie te Dessel
“Fantastisch, je voelt je weer helemaal opleven”
(Uit: Het Nieuwsblad online – Woensdag 13 augustus 2025)
Dessel. De zomerzon brandt, maar in de tuin van Alfons Smet Residenties zorgt een verrassingsijsje voor de nodige verkoeling en blije gezichten. Kinderen komen naar het woonzorgcentrum voor een bijzonder kamp waarbij ze alle bewoners oma of opa mogen noemen. Want in de feeërieke achtertuin vindt een uniek ‘Oma- en Opakamp’ plaats. Terwijl kinderhanden en gerimpelde handen samen vogelhuisjes beschilderen, smelten niet alleen de ijsjes, maar ook de harten van de bewoners.
Klik op onderstaande afbeelding om het volledige artikel te lezen.
De ringpootroofvlieg is een vliegensoort uit de familie van de roofvliegen en is 10-15 mm groot. Het is een warmbruine roofvlieg, dijen zwart met een rode streep op de achterzijde en aan de voorzijde een lichte vlek vlak voor de top. Poten zijn zwart met opvallende oranje of roodachtige ringen (vandaar de naam "ringpoot"). De soort zit vaak dicht bij de grond op grashalmen, kruiden en struiken bij bosranden, op heidevelden en schrale graslanden op zandgrond. Vrij algemeen te vinden op zandgronden. Vliegtijd eind juni tot begin oktober.
"Knopsprietje" is een informele Nederlandse naam die meestal verwijst naar een sprinkhaan met knotsvormige sprieten. De term is niet wetenschappelijk, maar wordt vaak gebruikt voor bepaalde soorten sprinkhanen.
Kenmerken van een "knopsprietje" (zoals de naam suggereert):
Sprieten met verdikte uiteinden ("knotsvormig")
Vaak klein en onopvallend groen of bruin
Komt voor in graslanden, bossen of tuinen
Geen officieel erkende soortnaam, maar eerder een volksnaam
Onderstaande foto heb ik gemaakt op de Schansheide, een zandwinningsgebied van Sibelco (niet zo ver van de fabriek) dat nu deels omgevormd is tot toegankelijk natuurgebied.
Als je regelmatig wandelt in de natuur, dan kom je ze vaak tegen: de diverse vlindersoorten “blauwtje”. De mannetjes van de meeste soorten vallen op door de blauwe bovenkant van de vleugels, de vrouwtjes zijn vaak meer bruinig van kleur. Het fel blauw gekleurde Icarusblauwtje valt het meeste op, maar ook het veel voorkomende boomblauwtje heeft zijn naam niet gestolen. Van sommige soorten is evenwel ook het mannetje bruin en die wordt dan ook “bruin blauwtje” genoemd. Deze soort was in het verleden vrij zeldzaam maar is de laatste jaren terug toegenomen en (plaatselijk) vrij algemeen. En dan is er ook nog het heideblauwtje. Het is een schaarse standvlinder die leeft op heidevelden met voldoende variatie.
Je vindt de dove heidelucifer op droge heide, in schraallanden en stuifzanden, direct op de grond maar ook vaak op rottende boomstronken, mits deze niet teveel in de schaduw liggen. Als je goed zoekt, zal je hem altijd wel vinden, want hij is niet zeldzaam en onmiskenbaar met zijn rode kopjes. Toch is deze korstmossoort gemakkelijk te verwarren met de rode heidelucifer.
Wandeling + gezellig samenzijn aan vijver Robert en Eliane (Gierle) Zondag 24 augustus 2025
U heeft de omzendbrief ongetwijfeld reeds ontvangen. Samenkomst om 13 uur (ipv 14 uur zoals vermeld op kalender) Vooraf inschrijven kan tot woensdag 20 augustus Kostprijs: 10 € / per persoon (Hapje en drankje) Bellen naar ANNY en Charlie SLEGERS (014/37.14.58 of 0472/58.49.45) na 17 uur
Klik op onderstaande afbeelding om de omzendbrief nog eens na te lezen.
De Grote kattenstaart is een vrij makkelijk te herkennen soort van natte ruigten en oevers. Het is een middelhoge tot zeer hoge plant met paarse, soms vertakte bloempluimen die oevers en ruigten heel kleurrijk kan maken. De bloemen staan schijnbaar in kransen en de bloemblaadjes zijn typisch verkreukeld. Die bloei begint overigens pas in de zomer. De bladeren zijn smal lancetvormig.
Grote kattenstaart (Alle foto's: Karel VERBRUGGEN)
Prinsenpark Retie - Ravotten in de speelzones en het speelbos
Kinderen kunnen zich naar hartenlust uitleven in het avontuurlijke speelbos. Kampen bouwen, verstoppertje spelen tussen de varens, … en nog veel meer Het speelbos ligt vlakbij het nieuwe bezoekerscentrum, de 6 speelzones strekken zich van hieruit uit over een parcours van ongeveer 1 km. Het speelbos is voor iedereen toegankelijk en dé plaats in het park waar je van de paden mag afwijken.
Klik op de "play-knop" om het foto/film verslag te bekijken (Geluid aan) MP4 Klik daarna rechts onder in beeld op het vierkantje "volledigscherm"
De gomplant is een kruidachtige plant met vlezige bladeren. De op asters lijkende bloemen zijn geel van kleur. Er kleeft een plakkerige stof over de plant vandaar de nederlandse benaming. De plant wordt in de geneeskunde gebruikt. Deze planten bloeien vanaf mei t/m oktober. Gomplant is zeer geliefd bij bijen, vlinders en andere nuttige insecten.
Klik op de "play-knop" om het fotoverslag te bekijken (Geluid aan) MP4 Klik daarna rechts onder in beeld op het vierkantje "volledigscherm" Klik zo nodig op de pauze/play knop om foto's langer te bekijken.
Op bijgaande foto’s zie je de larve van een libelle die klaar is met zich te vervellen en in het proces van uitsluipen zit. Dit is een overgangsfase van het larvale stadium naar het volwassen stadium (imago), waarbij de larve haar oude huid (exuvia) afwerpt. Dit proces gebeurt meestal net voordat de libelle haar vleugels ontwikkelt en het water verlaat.
Op de eerste foto zit het diertje nog deels in zijn oude huid.
Op de tweede foto ligt de larve volledig buiten zijn exuvia.
Het dier is net uitgeslopen, maar is nog niet volledig uitgehard of op kleur gekomen. Dit gebeurt vaak in de eerste paar uren na de uitsluiping. Hoewel een exacte soortbepaling in deze fase lastig is doet ChatGPT een gok en laat weten dat de blauwe glazenmaker een waarschijnlijke kandidaat is.
In Engeland noemt men de bosbeekjuffer bewonderend ‘beautiful demoiselle’ ( wonderschone jonkvrouw). Het is dan ook een prachtige opvallende verschijning aan het water. De bosbeekjuffer heeft uiterlijk veel overeenkomst met de weidebeekjuffer, maar is donkerder van kleur. Mannetjes hebben een donkerblauw lichaam en bijna volledig donkere paarsblauwe vleugels, met een metaalachtige glans. De vrouwtjes hebben een groen tot bruin metaalglanzend lichaam met goudbruine vleugels. Bosbeekjuffers zijn vrij grote juffers en ze hebben een karakteristieke fladderende vlucht als een vlinder.
Hoe meer je gaat wandelen…. hoe meer planten je leert kennen. En tot mijn verbazing kom ik regelmatig toch nog planten tegen die ik voordien nog nooit gezien had. Tijdens een wandeling in natuurgebied Scheps in Balen, een vrij moerassig gebied, zag ik onlangs voor de eerste keer watertorkruid.
Watertorkruid is een plant uit de schermbloemenfamilie. Het is een éénjarige tot soms tweejarige plant die groeit in ondiep water, langs slootkanten, moerassen en in natte graslanden. De plant wordt 30 cm tot 1 meter hoog en bloeit van juni tot augustus met witte, 2 mm grote bloemen die in schermen met vijf tot vijftien schermstralen zitten. Het is een belangrijke plant voor water-ecosystemen want hij biedt schuilplaats voor insecten en kleine waterdieren en de bloemen trekken bijen en andere bestuivers aan.
Nee, je ziet hier niet de wesp zelf maar wel de gal die deze wesp doet ontstaan nadat ze haar eitjes heeft gelegd. De gal zelf noemt men Ananasgal.
De Ananasgalwesp is een galwesp die op eiken voorkomt. De ananasgal (2 tot 4 cm groot) wordt veroorzaakt door de agame generatie (vrouwtjes). Uit deze gallen komen, nadat de larven overwinteren in de gallen, de bigame generatie. De bigame generatie verschijnt in het late voorjaar en legt eitjes tussen de meeldraden van de eikenbloesems. Hierdoor ontstaan 2 mm grote witbehaarde meeldraadgallen waaruit in juni weer een agame generatie wespen tevoorschijn komt.
Onder de vele voorkomende soorten varens in ons land groeien er een aantal voornamelijk op muren. Eén van deze muurvarens is de zeldzame en beschermde schubvaren. De schubvaren is van nature een rotsplant en werd in ons land, vanwege het ontbreken van rotsen, tot voor kort uitsluitend op oude muren aangetroffen.
Schubvaren heeft bochtig gelobde, ongeveer tien centimeter lange bladeren. Aan weerszijden van de hoofdnerf staan zigzagsgewijs minstens tien driehoekig afgeronde lobben met een doorsnee van nog geen centimeter. Aan deze schubjes dankt de plant zijn naam.
De paardenbijter is een prachtige, grote libel uit de familie van de glazenmakers. Je kunt hem vooral in de nazomer tegenkomen tot in november als het weer een beetje meezit, bij langzaam stromend of stilstaand water. Maar hoe komt deze soort aan zijn aparte naam?
De paardenbijter bijt, ondanks zijn naam, geen paarden. Hij dankt zijn naam aan het feit dat hij vaak jaagt op insecten in de buurt van paarden, waardoor het lijkt dat hij de paarden bijt. Overigens jagen de libellen ook vaak in groepjes op insecten die zich dichtbij het lijf van andere dieren of zelfs mensen ophouden. Het gaat de paardenbijter dus niet om de paarden zelf, maar om de insecten die ze aantrekken!
Je ziet ze moeilijk over het hoofd, die vrolijke, gele bloemen van gele plomp in vijvers, plassen en meren. De gele plomp bloeit van mei tot augustus. Je ziet deze waterplant vaak samen met de witte waterlelie, die van dezelfde watercondities houdt. In hun wirwar van drijvende bladeren pik je die van de gele plomp er makkelijk tussenuit. Het zijn de eironde bladeren die vlak op het water drijven, in plaats van de ronde bladeren met vaak een opstaande rand van de waterlelie. De nectar van gele plomp geurt onweerstaanbaar voor de vele soorten insecten die de bloemen bestuiven. Kijk dus eens van dichtbij wat er in zo’n bloem rondkruipt. Maar val niet in de sloot!
Tijdens de bloei in de maanden juni/juli is de wateraardbei gemakkelijk te herkennen aan de paarsrode bloemen van zo'n 3 cm in doorsnee met zwart stuifmeel. De bladeren zijn veervormig en de plant is te vinden aan de waterkant in het water, maar ook in de begroeiing op de kant. De wortelstokken drijven in het water of liggen op de natte bodem, bijvoorbeeld tussen het veenmos. Wachten op een wilde oogst heeft weinig zin: de vrucht van de wateraardbei smaakt niet lekker.