Naar de inhoud

Diaconaat: kerk in uitvoering

akke.beakke.be

Archief

Slaaf nog bedelaar mag de arbeider zijn!

PRIESTER DAENSJAAR OFFICIEEL VAN START GEGAAN

BRUSSEL (Kerknet) - Met een openingszitting in een nokvol Cultureel Centrum 'De Werf' - in aanwezigheid van de Gentse bisschop Luc Van Looy, kamervoorzitter Herman De Croo, baron Stijn Coninckx en burgemeester Ilse Uytersprot van Aalst - is het Daensjaar zaterdag officieel van start gegaan. De deelnemers kregen er onder meer een overzicht van de activiteiten die in de loop van dit jaar in Aalst, maar onder meer ook in Gent en in Brussel, plaatsvinden. Priester Daens blijft tot op vandaag een symbool, door zijn verdediging van de armen en minderbedeelden, die destijds zelfs leidde tot een pijnlijke confrontatie met de toenmalige bisschop, waarnaar ook Mgr. Luc Van Looy in zijn gelegenheidstoespraak verwees. Priester Adolf Daens voerde onverdroten een strijd voor een sociale en rechtvaardige samenleving en de ontplooiing van het Vlaamse volk, waarbij hij ook de confrontatie met de politieke en kerkelijke macht niet schuwde. Hij werd uiteindelijk ook parlementslid in het arro ndissement Aalst (1894-1898) en later nogmaals van het kiesarondissement Brussel (1902-1906).

Blijvende actualiteit

Op 14 juni 2007 is het precies honderd jaar geleden dat priester Adolf Daens overleed. Reden te over dus voor het Priester Daensfonds en de stad Aalst om de handen in elkaar te slaan en dit Daensjaar te organiseren. Het Daensfonds huldigt Daens omdat hij wars van elke vorm van eigenbelang en tegen de stroom en de gevestigde machten in opkwam voor een eerlijke, sociale en rechtvaardige wereld. Daarbij bleef hij zijn protest herhalen tegen de uitbuiting van de arbeiders, de mishandeling van vrouwen en het misbruik en de uitbuiting van kinderen. Toch wil het fonds zich tijdens dit jaar niet beperken tot de herinnering aan deze moedige man en zijn onophoudelijke strijd voor solidariteit en rechtvaardigheid. We moeten ons de vraag durven stellen of zijn gedachtegoed nog toekomst heeft en nagaan hoe we ook vandaag nog de profetische stem van priester Daens kunnen laten weerklinken. "Zoals bij het proces van de industrialisatie zal ook bij globalisering kritisch toezicht nodig zi jn en moeten er waar nodig correcties aangebracht worden. Het is mijn persoonlijke overtuiging dat daarbij de figuur van Daens, zijn engagement, zijn gedachtegoed een bron van inspiratie kunnen zijn", aldus voorzitter Rob Librecht van het Daensfonds.

"Slaaf nog bedelaar, mag de arbeider zijn"

Rob Librecht gaf in zijn inleiding de historiek van de Daensherdenking doorheen de laatste eeuw en beklemtoonde dat het Daensjaar 2007 bestaat uit een hulde aan Daens en vooral het actief 'her-denken' en actualiseren van diens gedachtegoed. "Geïnspireerd door de pauselijke encycliek 'Rerum Novarum' was het zijn overtuiging dat iedereen recht heeft op een menswaardig bestaan en structurele sociale rechtvaardigheid in de plaats moest komen van de gebruikelijke liefdadigheid. Hij ijverde voor de ontplooiing van het Vlaamse Volk. Taal en onderwijs waren daarbij belangrijke hefbomen. Vandaar zijn pleidooi voor middelbaar onderwijs dat voor iederéén toegankelijk is en in het Nederlands dient te gebeuren en voor de vernederlandsing van de universiteit van Gent." Librecht onderstreepte dat Daens zijn actualiteit blijft behouden, door zijn streven naar een solidaire samenleving. "Het verhaal van Daens is het verhaal van een solidaire rechtvaardige samenleving, waarin de zwakken ste eds sterker worden en de rijken steeds meer solidair." De herinnering aan Daens draagt ook een boodschap uit aan de samenleving, inzake de democratisering van de samenleving en actief pluralisme.

daens.jpg

Mgr. Van Looy tijdens de opening van het Daensjaar

Priester Daens moest de zaken wel forceren

Burgemeester Uytersprot herinnerde zaterdag aan de impact van priester Daens op de sociale geschiedenis van ons land. Zij huldigde Daens als gedreven altruïstische dwarsligger met 'typisch Aalsterse anarchistische trekjes', wiens strijd voor rechtvaardigheid ook een strijd voor het algemeen belang was. "Daarom wordt Daens nu ook door iedereen geacht en aanvaard." Leerlingen van het Sint-Maarteninstituut brachten een preekscène van Daens, daar waar hij de via de parabel van de verdeling van de vissen en de broden de Aalsterse mistoestanden aan de kaak stelde, waarop de gegoede burgerij prompt de kerk verliet. Andere leerlingen actualiseerden Daens' boodschap door te wijzen op het analfabetisme, de velen die onder de armoedegrens leven, de onderbetaling van de vrouw, ondermaatse huisvesting, het importeren van sociale miserie en kinderarbeid door de import van goedkoop textiel etc. Mgr. Van Looy wees erop dat het vroeger en nu vaak de Kerk geweest is die als eerste de mensen organiseerde tegen onrecht. Hij verwees ook naar het conflict van priester Daens met de toenmalige bisschop van Gent Mgr. Stillemans en onderstreepte dat Daens de zaken wel moest forceren omdat hij met diplomatie weinig bereikte. "In de veranderende wereld en globalisering komen we wel voor nieuwe, gelijkaardige uitdagingen te staan. De Kerk moet zich daarop voorbereiden en haar rol spelen."
De laatste spreker was Marie Perdaens, ervaringsdeskundige betreffende armoede die nu de overheid ter zake adviseert. "14,8 % mensen bij ons leven onder de armoedegrens, waarbij ook werkende mensen. 17% van onze kinderen leven onder de armoedegrens en moeten permanent gesteund worden om gewoon de schoolse activiteiten te kunnen volgen . Het verhaal van arm en rijk is bij ons ook dat van een mentale kloof waarbij de armen een minderwaardigheidsgevoel hebben en de rijkeren vaak met tal van vooroordelen rondlopen. De eerste stap leren zetten naar cultuur, onderwijs en andere maats chappelijke domeinen, en dit in groep, is voor de armen belangrijk."

Eeuwfeest

Het Daensjaar moet het brede publiek duidelijk maken dat de boodschap van de priester actueel blijft in een geglobaliseerde wereld en een samenleving waar economische belangen steeds vaker de bovenhand halen en het individu steeds meer aangewezen lijkt op zichzelf. Die boodschap wordt dit jaar uitgedragen in tal van activiteiten waaronder tentoonstellingen, inclusief de vernieuwde Daensmodule, een Daenscantate, toneelvoorstellingen, eucharistievieringen (onder meer op 10 juni 2007 in de Sint-Martinuskerk in Aalst), een herdenking in het Vlaams Parlement (op 13 oktober 2007) en een wandelzoektocht in de sporen van priester Daens.
Het Priester Daensfonds organiseert in de loop van het jaar ook drie bezinningsdagen, waarin het gedachtegoed van de priester en de actuele betekenis daarvan centraal staan. De eerste bezinningsdag, met bisschoppelijk vicaris Luc De Geest, heeft plaats op 3 maart 2007 vanaf 9 uur in het Sint-Jozefscollege in Aalst. De dag wordt afgesloten met e en eucharistieviering met als voorganger de bisschop van Gent. Daarna volgen nog bezinningsdagen op 12 mei 2007 in Gent en het Vlaams Parlement in Brussel op 13 oktober 2007, telkens vanaf 9 uur. Ook de 11 juli-herdenking in Aalst zal dit jaar volledig in het teken staan van priester Adolf Daens. Het Daensjaar wordt op zaterdag 15 december afgesloten met een slotzitting in het Cultureel Centrum 'De Werf' in Aalst, waarbij in een videomontage wordt teruggeblikt op de hoogtepunten van het voorbije Daensjaar.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Tembug om 21:43 Reageer op dit bericht

Een monument van barmhartigheid

EEN MONUMENT VAN BARMHARTIGHEID

Kardinaal Godfried Danneels over abbé Pierre naar aanleiding van diens overlijden

BRUSSEL (Kerknet) - In een perscommuniqué naar aanleiding van de dood van abbé Pierre heeft kardinaal Godfried Danneels de bij leven al legendarische Franse priester "een monument van barmhartigheid" genoemd. Het communiqué wordt hierna onverkort weergegeven.
"In naam van de bisschoppen van België en van de katholieke gemeenschap in ons land wil ik uitdrukkelijk eer betuigen aan abbé Pierre, die deze nacht is overleden.
Wij danken God voor zijn leven en gedenken hem in onze gebeden.
Terecht wordt hij 'de rebel van de goedheid' genoemd. Hij was immers een monument van barmhartigheid.
Boven alle religieuze en filosofische overtuigen uit herinnerde hij iedereen aan de plicht van medemenselijkheid.
Meer dan een halve eeuw lang belichaamde deze priester met de onafscheidelijke baret Jezus' boodschap van liefde: 'Ik verzeker jullie, alles wat je voor een van de minste broeders van Mij hebt gedaan, heb je voor Mij gedaan'.
Dat hij in vrede moge rusten bij de Heer en bij velen het vuur van zijn strijd voor gerechtigheid en broederlijkheid brandend moge houden.
Getekend, Godfried kardinaal Danneels, aartsbisschop van Mechelen-Brussel en voorzitter van de Bisschoppenconferentie van België."

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Tembug om 20:10 Reageer op dit bericht

Het evangelie in werkwoorden

Evangelische werkwoorden

Indien wij het evangelie opnieuw ter hand nemen en gaan bedenken vanuit de vraag wat ons te doen staat lijkt het dat wij het evangelische handwerk opnieuw zullen moeten leren.

Nieuwe omstandigheden, een nieuwe situatie, nieuwe uitdagingen nodigen ons uit om – althans in ons leven – het evangelie meer een zaak te laten zijn van hand-werk dan van hoofd-werk, meer van praktijk ( het ten volle ‘pratikeren’) dan van theorie, meer van vaardigheid dan van bespiegeling, meer van beleven dan van belijden.

Om een idee te krijgen van wat dit evangelisch handwerk inhoudt zouden wij de evangelische werkwoorden bij elkaar kunnen lezen.

In deze lijst van evangelische werkwoorden komen dan ongetwijfeld de volgende werkwoorden voor:

Bevrijden – genezen - biddende mens worden – menselijkheid herstellen – gemeenschap stichten – geven – vergeven – je zelf onteigenen – minste worden – dienaar zijn – ter beschikking stellen – kinderen opnemen – het hart van de arme binnengaan – God beminnen – mens beminnen – geven waarvan je zelf moet leven – doen wat je kunt – ten bate staan – vrede stichten – gerechtigheid nastreven – van destructieve krachten bevrijden – enz.

De variëteit, die h

et evangelie aanbiedt, is wel zo groot dat ieder wel een werkwoord vindt dat bij hem past en dat hij of zij in zijn of haar situatie kan proberen te verwerkelijken.

Dat betekent dan ook dat allen samen een heel stuk evangelie gestalte kunnen geven in onderlinge samenwerking en aanvulling.

Deze evangelische werkwoorden zouden opnieuw het christen-bestaan kunnen programmeren voor het dagelijkse leven en voor het dagelijkse samen-leven in de situatie waarin wij bestaan.

Ieder zou naar eigen geaardheid en mogelijkheid een keuze kunnen maken uit deze evangelische grond-woorden en samen met anderen één of meer van deze evangelische werkwoorden kunnen uitwerken tot praktische programma’s, tot modellen of projecten, waarin denken en werken, sturen en bijsturen, inspanning en ontspanning, situatie-verkenning en stratiegie-ontwikkeling hun plaats hebben.

Vermoedelijk zullen wij wel niet in staat zijn om al deze evangelische werkwoorden in ons leven gestalte te geven. Dat hoeft waarschijnlijk ook niet.
Want indien iemand één evangelisch werkwoord tot richtsnoer neemt, wordt zijn leven en zijn levenshouding waarschijnlijk zodaning, dat alle andere werkwoorden op de een of andere wijze toch medeverwerkelijkt worden.

Zo kunnen wederom christen-gemeenten ontstaan waarin het evangelische handwerk ter plaatse en direct verwerkelijkt wordt.

Hoe de praktische verwerkelijking dient te gebeuren kan alleen ter plaatse en met allen die betrokken zijn bij het plaatselijk gebeuren overlegd en uitgewerkt worden. Vanuit dit proberen kunnen opnieuw modellen groeien en nieuwe gemeenten zich vormen als pluisjes op de wind, als zaadjes in de akker.

Het einde of in ieder geval het verbleken van bepaalde verleden modellen van christen-zijn kan de mogelijkheid openen tot een ongekend open bloeien en verwerkelijken van de boodschap van Jezus van Nazareth ten bate van mensen.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Tembug om 11:23 Reageer op dit bericht

Is het 'één uur op zondag' model alleen zaligmakend???

Het één ‘uur-op-zondag’ model

De aandacht die besteed wordt aan het teruglopende kerkbezoek op zondag en de angstige bezorgdheid die geuit wordt bij het constateren van het voortdurende achteruitgaan van het zondagsmisbezoek en daar boven op is het zo “dat van het opdragen van een zondagsmis door een man die zeven missen moet doen, weinig intensiteit uitgaat” (zie De Standaard van vrijdag 19 januari ll.) wijzen in ieder geval op het feit dat het ‘uur-op-zondag’ model van christen-zijn en kerkelijk meeleven nog steeds hoog genoteerd staat en voor velen hét model van christen-zijn is.

Het feit dat aan dit ‘uur-op-zondag’ model praktisch alle bestaanvoorwaarden en activiteiten van de kerken verbonden zijn – het bij elkaar brengen van mensen en gezinnen, de vorming, bezieling en bemoediging van de gelovigen, de financiële ondersteuning van de kerken – wijst er op dat dit ‘uur-op-zondag’ model een basismodel van christen-zijn is.

Wij zouden ons echter af kunnen vragen of dit ‘uur-op-zondag’ model wel hét model van christen-zijn en van het kerkelijke meeleven en betrokken voelen, moet zijn.

Wordt in de aandacht en de bezorgdheid voor de feitelijke ontwikkeling niet al te zeer uitgegaan van de keuze en de vooronderstelling dat dit rituele en liturgische uur hét model van christen-zijn en hét model van evangelie-beleven moet zijn?

We zijn zo gewend om het christen-zijn en het evangelie-beleven te bedenken binnen een ritueel kader en binnen een liturgisch model dat het ons ternauwernood mogelijk is om andere modellen waar te nemen en serieus te bedenken en als – voor onze tijd tenminste – gelijkwaardige gestalten van christen-zijn te zien en te waarderen.

Een grote inspanning wordt geleverd om de ritueel-liturgische gestalte van christen-zijn aan te passen, te vernieuwen, te herbouwen en aantrekkelijk te maken. Grote inspanningen worden gedaan om daarvoor nog celibataire priesterkandidaten voor te vinden.

Maar afgezien van het feit dat al deze inspanningen maar zeer ten dele het ‘uur-op-zondag’ in zijn functie en betekenis herstellen, is het zeer de vraag of deze inspanning de problemen oplost.

Misschien moeten wij zelfs zeggen dat deze inspanningen de problemen eerder bedekt.

Het immers de vraag of inderdaad een ritueel-liturgisch model van christen-zijn in onze tijd hét model van christen-zijn moet en kan zijn.

Het is ook de vraag of dit liturgische-ritueel model al deze aandacht en energie opeisende inspanning om bij de tijd te geraken waard is.

Het lijkt ook mogelijk dat het verdampen van het ‘uur-op-zondag’ model veel eer en veel meer een uitnodiging is om nieuwe varianten van christen-zijn te zoeken, te vinden en te verwerkelijken, varianten die, getoetst aan de boodschap van Jezus van Nazaret, als minstens gelijkwaardig aan dit liturgisch-ritueel model gewaardeerd kunnen worden.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Tembug om 20:28 Reageer op dit bericht

Van geloofsbelijdenis naar geloofsbelevenis!

Mogen wij ons afvragen...
Zouden wij ons niet mogen afvragen of het
met-de-mond-geloofbelijden niet vaak een vlucht
is voor het met-de-hand-geloof beleven,
of het mislukken van het geloof-beleven
ons niet doet vluchten in het geloof-belijden
en of mensen die zich zo intens bezig houden met
het formuleren van de geloofsbelijdenis
wel iets bijdragen aan de zoveel dringender
opgave van het omschrijven van het geloofs-
beleven in onze dagen?

Waarom zouden wij ons dat niet mogen afvragen?!
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Tembug om 17:20 Reageer op dit bericht

Met de hulp van de sterren en Boedddha

Uit de 'Naakte Mens', De Standaard van vrijdag 19 januari 2007,p. 6 - 7=

"Met de hulp van de sterren en Boeddha"

"Religie is voor mij het werkelijk kunnen voelen dat je deel uitmaakt van een groter geheel. Daar ben ik bewust mee bezig. Ik heb voor mezelf uitgemaakt dat ik mijn reliegieuze kant meer ga ontwikkelen. Ik vind het jammer dat religie in het verdomhoekje is geraakt omdat mensen het oneens zijn met bepaalde visies van bepaalde godsdiensten. Een men kan pas gelukkig zijn als ook met zijn reliegieuze kant -wat die ook moge zijn - rekening wordt gehouden.
Ik ben katholiek opgevoed, onze parochie was een heel actieve gemeenschap.
Ik ben er nog altijd dankbaar voor dat ik dat heb mogen meemaken.
Nu ga ik niet meer naar de zondagsmis.
Ik heb dat ritueel niet meer nodig om het religieuze een plaats te geven in mijn leven.
Voor mij zijn de teksten van het boeddhisme en het taoïsme momenteel een grote bron van inspiratie.
Lao Tse zegt: "Wie een ander kent is wijs, wie zichzelf kent, is verlicht."
Dat is een bijzonder actuele uitspraak."

Het is niet dat het christendom mij niet meer inspireert, mar van een zondagsmis opgedragen door een man die zeven missen moet doen, gat weinig intensiteit uit.
Het is trouwens niet menselijk.
En precies die intensiteit is essentieel om mensen te kunnen aanspreken.
Maar het is niet aan mij om de kerk goede raad te geven.

Maar ik voel heel goed aan dat mensen heel actief op zoek zijn naar inspiratie en als ze die niet vinden in de kerk, gaan ze die elders halen.
Dat ik een shoppende religieus ben, vind ik geen scheldwoord."

Een tekst als een spiegel. Een spiegeltekst!
Er zij veel gegadigden die er nut zouden uithalen op in te kijken!
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Tembug om 14:47 Reageer op dit bericht

Statistieken diaconaat

Statistieken over het diaconaat van december 2005

- In Afrika : in 27 landen 385 diakens

- In Amerika: in 36 landen 22 584 diakens (in USA 15.763

- In Azië: in 20 landen 148 diakens

- In Australië en Oceanië: in 15 landen 215 diakens

- In Europa: in 35 landen 10.701 diakens

Bijgevolg zijn er in 132 landen (Aziatische Rusland en Europees Rusland als één land geteld) 34.033 diakens.

450 diakens in 21 landen zijn lid van een orde of congregatie.

Diakens die de leiding van een christelijke gemeenschap verzorgen ( CIC Can.517 § 2)

- In Afrika: in 4 landen 22 diakens

- In Amerika: in 16 landen 249 diakens

- In Azië: in 5 landen 18 diakens

- In Australië en Oceanië: in 3 landen 14 diakens

- In Europa: in 14 landen 296 diakens (in België 8)

Bijgevolg zijn 599 diakens in 42 landen met de ‘gemeenteleiding’, volgens CIC 517§ 2, belast.

Deze statistieken werden overgenomen uit de Wereldstatistiek van Vaticaanstad van december 2005! Bron: Diaconia Christi.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Tembug om 18:06 Reageer op dit bericht

Parabeltje van het ongetrouwde echtpaar

Parabeltje van een plattelandsdiaken

De parabel van het ongetrouwde echtpaar!

Stel je voor, een koppel had reeds vijf jaar ruzie gemaakt , en voor hun vijfde huwelijksverjaardag besloten ze dat er iets moest veranderen in hun relatie. Daarom gingen ze naar een oude wijze man, en vroegen hem om raad.

- “Kom op jullie huwelijksverjaardag bij mij op bezoek”, zei de wijze man, “en ik zal jullie een fijn etentje voorzetten.”

Op hun huwelijksverjaardag kwam het jonge koppel uiterlijk welgezind bij de oude man. Ze hadden hun twee kinderen ook meegebracht, een jongen van vier en een half jaar en een meisje van drie.

Als geschenk gaven ze de oude man mooie bloemen.

Groot was hun verbazing toen hij ze aannam en ze zonder verpinken met de steel omhoog in een vaas zette.

De oude man excuseerde zich niet en bovendien vroeg hij zijn gasten om eerst in de keuken de afwas te willen doen. Het etentje begon met een kop koffie en taart. Vervolgens diende de gastheer een chocolademousse als voorgerecht op. Na het hoofdgerecht volgde een bord soep waarop een visschoteltje de maaltijd afrondde. In twee grote waterglazen goot de man rode en witte wijn, en in het wijnglas water.

Toen de jong man bruisend water vroeg kreeg hij water uit de kraan, en de vrouw die normaal plat water dronk schonk hij borrelend bronwater in.

Met stijgende woede had de jonge vrouw dit eigenaardige schouwspel gevolgd, tot ze beledigd rechtsprong.

- “Nu is het genoeg”, riep ze uit, “wij komen hier om wijze raad, niet om een maal waar alles op zijn kop staat” .

Rustig keek de wijze man haar aan en deed haar weer zitten.

- “Kijk”, zei hij, “zoals ik jullie nu behandeld heb, zo doen jullie al sinds je verlovingstijd met elkaar. Je kende elkaar nog maar pas en je at al van het zoet dessert der intimiteit. Je had thuis geleerd om wijs te zijn en je was niet eens voorzichtig – en hij knipoogde even naar het oudste kind, dat onverwachts vroeg geboren was. Je had je zelf nog niet gevonden en je wou de ander al bezitten. En toen je – veel te vlug – getrouwd was, heb je niet opgehouden de ander te bewijzen dat jij als vrouw of jij als man baas in huis bent. Als de ander plat water vroeg, dan gaf je bruisend water om te laten zien dat jij de sterkste was. Als je verwachtte dat de ander de afwas of een bepaald werk voor jullie gezin ging doen, dan werd je gevraagd om je eigen boontjes te doppen. Denk je dat je op die manier van het huwelijk een feest kunt maken?”

Er viel een lange stilte.

En toen de man de tranen in twee paar ogen zag en twee handen die voor het eerst mekaar echt zochten, dan wist hij dat een sinds lang gescheiden koppel, nu pas voorgoed aan ‘trouwen’ was begonnen.

Naar een verhaal van jan Van Raemdonck)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Tembug om 10:33 Reageer op dit bericht

Waarom is God onzichtbaar? Hij heeft zichzelf weggegeven!

Waarom is God onzichtbaar? Omdat Hij zich heeft weggegeven!

In mijn vroeger leven, toen ik godsdienstleraar was, kreeg ik af en toe de vraag: ‘Hoe weet u dat God bestaat? Waarom kun je Hem niet zien?”

De Oude Catechismus antwoordde, dat je God niet kon zien, omdat hij geen lichaam had. Dat God geest was.

Maar je zou ook kunnen zeggen: we kunnen God niet zien, omdat Hij Zichzelf heeft weg-gegeven.

Maar hoe moet je je dat voorstellen?

Halverwege de vorige eeuw in België trad bij de missiepaters een jongen in die Pierre heette. Hij sloot al gauw vriendschap met een zekere Jean. Samen spraken ze vaak over hun ideaal: pater in de missie.

Totdat Pierre een boek leest over het Melaatseneiland.

Het boek schrijft, dat de melaatsen er waarschijnlijk eerder doodgaan aan lusteloosheid, apathie of zelfs aan honger en dorst, dan aan hun ziekte.

Pierre wordt daar zo door gegrepen, dat hij aan niets anders meer kan denken. Het melaatseneiland achtervolgt hem overal. Jean kan het zich allemaal niet zo goed indenken. Na een lange innerlijke strijd komt het voor Pierre vast te staan, dat hij de aangewezen man is om naar het melaatseneiland toe te gaan.

Hij nam afscheid van Jean. Eenmaal aangekomen op het eiland moet hij eerst zijn walging overwinnen, voor hij een melaatse aanspreekt:

“Is er niemand die voor je zorgt?”

- “Nee!”

- “Zou je het fijn vinden?”

- “D’r is toch niemand.”

- “Zouden de anderen het ook fijn vinden?”

- “Allicht.”

- “Waarom ben je dan zelf niet ermee begonnen: je weet zelf hoe het zou zijn…?”

- “U hebt gemakkelijk praten: u bent gezond.”

Pater Pierre gaat aan het werk. Het eiland moet bewoonbaar worden. Hij hakt bomen, zaagt, timmert, bouwt huisjes. Pas na een paar maanden komen de eerste helpen. Maar dan gaat het ook vlot. Het melaatseneiland wordt een menselijk eiland.

Als iedereen een dak boven zijn hoofd heeft, komt er zelfs een kerk.

Tevreden bidt pater Pierre in zijn kerk. Hij heeft wat tot stand gebracht.

Dan valt zijn oog op witte plekjes op zijn handen; en op zijn armen. Ze zitten overal. “Ik heb het ook! Nee God, dat niet. Dat kan U niet van me vragen… .”

Drie dagen en nachten is pater Pierre in paniek. Hij wil weg. Terug naar huis.

In de derde nacht schiet het hem te binnen: “Nu kunnen ze nooit meer zeggen: U hebt gemakkelijk praten, u bent gezond.”

Nu begon het eigenlijke werk pas. Hij bleef.

Voortaan was hij melaatse pater van het melaatseneiland.

Na jaren was pater Jean in de gelegenheid het eiland te bezoeken.

Hij zocht zijn oude vriend Pierre, maar zag hem nergens. Hij riep op een afstand naar een melaatse: “Is pater Pierre hier ergens?” De melaatse begreep het meteen, en zei: “Ga terug naar de kerk, en als u hem nog niet ziet, dan moet u maar roepen.”

Pater Jean deed het.

U kunt zich voorstellen wat erdoor pater Jean heengegaan zal zijn, toen op zijn geroep één van de melaatsen in de kerk opstond en hem toeriep: “Jean!”

Waarom kan pater Jean pater Pierre niet zien?

Deze had zichzelf weggegeven, en nu zag hij er heel anders uit dan zijn oude vriend Jean dacht.

Waarom kunnen wij God niet zien?

Die heeft zichzelf weggegeven, en nu ziet Hij er anders uit dan wij denken.

Diamautem

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Tembug om 10:02 Reageer op dit bericht

Nog een parabeltje van een plattelandsdiaken

Parabeltje van een plattelandsdiaken

Bidden op jouw manier

Het feest van de heilige Antonius abt te Grimminge

Op woensdag 17 januari vieren wij in de kerk van Grimminge de heilige Antonius abt. (Zie bedevaartvaantje!). Ook dit jaar is er een gebedsdienst gepland om deze grote heilige te vieren.

Er wordt door de oudste inwoners van Grimminge verteld dat vroeger, op het feest van sint Antonius abt, de kerk van Grimminge volledig bezet werd door bedevaarders. Meestal bleven zij daarna ‘hangen’ in een van de talrijke herbergen die Grimminge toen rijk was. Je gelooft het niet? Vraag het maar aan de oudste inwoners!

Vandaag is er geen grote bedevaart meer en toch blijven heel wat mensen het belangrijk vinden om de heilige Antonius te herdenken. Sommigen doen daar meewarig over. Maar is het gedenken van een heilige niet een vorm van geloven in de verrijzenis. God is een God van levenden en niét van doden, ook niet van ‘dode’ heiligen. Een heilige vereren betekent dat je gelooft dat hij/zij leeft bij God.

Er is echter nog een andere reden waarom het zinvol is een heilige te vieren. Een heilige is een patroon. Dat woord ‘patroon’ is heerlijk dubbelzinnig: het betekent zowel een ‘model’ als een ’voorspreker’. De heilige Antonius is vandaag nog altijd een ‘patroon’, ‘een model’. Hij leert ons hoe wij in onze levensomstandigheden op enthousiaste wijze kunnen geloven. Deze heilige is een ook een ‘voorspreker’. Ook vandaag pleit hij voor ons bij God.

Toch blijven sommigen dit soort vroomheid bedenkelijk vinden. Doen zij dat terecht? Lees dan onderstaand parabeltje!

Mozes en de herder

In het leven van Mozes komt volgens een joodse volkstraditie een opmerkelijke passage voor.

Mozes ontmoet in de woestijn een herder.
Hij brengt de dag samen met de herder door en helpt hem bij het melken van zijn schapen.

Aan het eind van de dag ziet hij dat de herder de beste melk die hij heeft in een houten nap giet, die hij op enige afstand op een platte steen plaatst.

Dan vraagt Mozes hem waar dat voor dient, en de herder antwoordt:

- “Dat is de melk voor God.”

Mozes snapt het niet en vraagt wat hij bedoelt.

De herder zegt:

- “Ik neem altijd de beste melk die ik heb om die aan God te offeren.”

Mozes die veel meer verstand heeft dan de herder met zijn naïeve geloof, vraagt hem:

- “En drinkt God die op?”

- “Ja”, antwoord de herder, “dat doet hij”.

Dan ziet Mozes zich verplicht de arme herder voor te lichten en hij legt hem uit, omdat God zuiver geest is, geen melk drinkt.

Toch is de herder er zeker van de Hij dat wel doet, en zo redetwisten zij een poosje. Het loopt hier op uit dat Mozes tegen de herder zegt dat hij zich achter de bosjes moet verbergen om te zien of God inderdaad de melk komt opdrinken.

Mozes gaat dan de woestijn in om te bidden.

De herder verbergt zich, het wordt nacht en in het maanlicht ziet de herder een klein vosje uit de woestijn komen aantippelen; het kijkt rechts, het lijkt links en gaat recht op de melk af, likt die op en verdwijnt weer in de woestijn.

De volgende morgen vindt Mozes de herder helemaal ontdaan en terneergeslagen.

- “Wat is er aan de hand?” vraagt hij.

De herder zegt:

- “U had gelijk, God is zuiver geest en Hij heeft mijn melk niet nodig.”

Mozes is verbaasd. Hij zegt:

- “Je zou blij moeten zijn; je weet nu meer van God dan eerst.”

- “Dat wel”, zegt de herder, “maar het enige wat ik kon doen om mijn liefde voor Hem tot uitdrukking te brengen is mij nu ontnomen.”

Mozes begrijpt wat hij zeggen wil. Hij trekt zich terug in de woestijn en bidt met aandrang. In de nacht spreekt God tot hem in een visioen:

- “Mozes, je hebt verkeerd gedaan. Het is waar dat Ik zuiver geest ben. Maar toch heb Ik de melk die de herder mij offerde altijd in dank aanvaard als het bewijs van zijn liefde, maar omdat Ik als zuivere geest die melk niet nodig had, deelde Ik hem met dat kleine vosje, dat zo dol is op melk.”

Wie heeft volgens jou het gelijk aan zijn kant: Mozes of God?

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Tembug om 10:17 Reageer op dit bericht

Meer van Diaconaat: kerk in uitvoering

↑ Terug naar de berichten