Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
Denk eens even na.
Na het lezen van een goed boek zou u zich vele ervaringen rijker, en lichtelijk uitgeput moeten voelen. Al lezend leeft u namelijk ettelijke levens.
Qnwetendheid verbergen, is haar doen groeien ( ??? )
------------------------
De weg van Blues.
Ik zie mijn weg, maar weet niet waar die heen voert. Achter elke bocht kan weer een verassing, een teleurstelling liggen. Het bergpad kan moeilijk zijn, maar eens daar boven is het uitzicht zeker de moeite waard.
En zo zal mijn weg, bergen en dalen aandoen, eens ben je boven op een piek de andere keer zit je beneden in een dal, dan zal het pad omhoog, naar boven ,in het begin weer moeilijk te belopen zijn maar bijt op uw tanden, ga hoger en hoger, bekijk of vereer het eldelweisje maar pluk hem niet, op die schrale rotsachtige grond staat hij daar niet voor jouw alleen.
Blues ( denk er maar eens over na )
Waar gaan we naar toe?
Luchtbezoedeling, watervervuiling, varkenspest, vogelpest,
oorlogen en onlusten overal ter wereld. De zee kon tot nu toe alle vervuiling filteren, maar dat blijft niet duren, de lucht is elke morgend weer blauw, maar dat blijft niet duren. Het spreekwoord zegt de pot gaat zolang te water tot hij breekt, en dat kan misschien nog vele, vele jaren duren, maar neem het van mij aan eens is er die druppel, en wat dan.
Misschien ben ik wel pesimistisch van aard, maar het is een feit, we werken ons zelf de put in.
Dus laten we er met zijn allen iets aan doen........... wat, wat kunnen we doen??
Weet jij het, dan ben je slimmer dan blueske.
Blues ( met een cafard )
Even recht zetten.
Met deze woorden opende ik elke dag mijn chatuurtje.
Sommige onder u zullen zich al zeker hebben afgevraagd, waar zit den Blues. Wel toen ik verleden week, een woord gebruikte dat schijnbaar niet mocht gebruikt worden op het chatnet, ik twijfelde eraan, en had het telkens voorzien van een ruimte tussen elke letter, zodat ik niet onnodig van het net kon vliegen(?????), en Jonghart gebruikte dit woord ook maar zonder de ruimte tussen de letters, vloog hij van\'t net. En dan vind ik het niet zo fraai wanneer Mr. Jonghart terug kwam om aatje Ikke50, erop te wijzen,\" heb je gezien wat blues heeft getypt\"? Meester hij doet het weer.......Waarop Manna replikeerde \"ja ik heb het ook gezien en nogal in hoofdletters. \"Dat vind ik kleinzielig vrienden, ik dacht we echte kameraden waren en dan zo die aanval, ook nog gevolgd van een uitbrander van dat aatje. Bekijk in de woordenboek het gewraakte woord, dat ik toen aarzelend typte dat is een goed normaal nederlands woord.
En daarom heb ik de chatbox opzij gezet, ik kom misschien wel eens terug, met de gekende opening,
DAG SCHATTERKES ALLEMAAL. BEURK.
Blues. ( in zijn wiek geschoten )
Verwarrend
Vrienden die op zoek zijn naar mijn blog onthouden het woord "Dwarsligger", dus zij zoeken naar die dwarsligger,
en vinden hem niet, maar komen terecht bij satiricon.
Wees gerust kameraden dwarsligger, Blues, en Satiricon zijn een en dezelfde persoon.
Hoe noemt men zo iemand??
Blues ( met de puntjes op de i ).
Frustaties
Ik was in de tuin, toen ik binnen de telefoon hoorde bellen.
Dat haal ik nooit dacht ik, terwijl ik mijn tuingereedschap liet vallen, de scherpe bocht van de veranda naar de keuken bijna miste ,binnen in volle ren mijn werkschoenen uitschopte waarop de honden, die waarschijnlijk dachten dat ik wou spelen, voor en tussen mijn voeten liepen. Half struikelend die gevaarlijke punt van de tafel, die altijd in de weg stond, juist miste, tolde ik de living binnen, en grabbelde ik enigzins buiten adem de telefoon vast.
De beller vroeg heel verbaasd \" Wat doe jij met dit prachtige weer binnen?\".
Toen mijn kinderen nog klein waren, werden we tijdens de maaltijden regelmatig gestoord door de vriendjes uit de buurt, die wilde weten of deze of gene, buiten mochten komen spelen. Om daarvan verlost te zijn hingen we een bordje aan de voordeur: \" We zijn aan het eten kom straks maar terug!\" Die avond dachten we zonder onderbrekingen gezellig te kunnen eten. Maar we waren nauwelijks begonnen of er werd al gebeld.
Aan de voordeur stond het vijfjarig jongetje van de overkant. \" Wat staat er op het bordje?\" vroeg hij.
Jaren geleden, toen ik nog actief brandweerman was, belde de voorzitster van een clubje nederlandse zakenvrouwen, mij op. Ze vroeg of ik lezingen hield in verband met brandveiligheid, en zo ja, hoeveel ik daarvoor rekende? Ik hield inderdaad van die soort voordrachten, zei ik, maar bracht daarvoor niets in rekening.
\"Dan gaat het niet door,\" zei de vrouw.\" we hebben laatst op een ledenvergadering vastgesteld, dat een spreker die niet minstens duizend frank vraagt, niet de moeite waard is.\" Begrijpe wie begrijpen kan.
Blues (gefrustreerd)
Er is geen kind zo lief of zijn moeder is blij als het slaapt.
te behouden, het te koesteren, als een relikwie.
----------
Stel je voor een dag in het weekeinde, auto\'s haasten zich naar hun garage, ofwel nog snel langs de winkel om de zo broodnodige laatste boodschappen binnen te halen.
Op een bank, enkele meters verder op, in het park, moegespeeld, zit een jongetje, ik schat het 8 à 9 jaren jong. Van de andere kant komt een andere (b)engel, schoorvoetend nadert hij de rustplaats van de andere kleine, die heeft hem al zien aankomen, maar gebaard van kromme haas, schijnbaar is hij de late namiddagvogels, in de bomen aan het observeren. Het verschil tussen deze twee deugnieten is, a is blank b is er eentje van het donkere type. Voor de rest, ze hebben allebei een geelgroene snotneus hangen, is bij de ene zijn broek en bij de andere zijn hemdje gescheurd, ravotters, peuters die nog, denk ik toch op het eerste gezicht, kunnen spelen. Die nog op hun knieën door het zand (mogen) kruipen, die knikkers tussen duim en wijsvinger kunnen laten weg kaprioleren, op zoek naar een ander fel gekleurd stukje rond glas. Het zwartje gaat op de andere uiterste hoek van de bank zitten, en begint ook hoofdje achterover, de gevederde bevolking, in het groen der takken te aanschouwen. \"Een merel,\" roept de kleine vogelkenner, wijzend naar een donkere vogel hoog in de toppen van de bomen, \" hij zit zijn biotoop te aanschouwen, \'t is een manneke dat zie je aan zijn gele bek.\" \"Ja, een merel,\"
antwoord het andere wezentje, blijkbaar niet zo op de hoogte van de ornithologie, als de andere rakker. \" Kijk, een eend,\" roept plots het zwartje, en wijst in de richting van het voorbijrazende verkeer. \" Een eend, waar? \" reikhalst het blonde krullenkopje, \"\'k zie niks vliegen?\" \"Daar die groene aan de verkeerslichten,\" verduidelijkt, zichtbaar geamuseerd, de deugniet, nu met lichtjes in de ogen, \" van het merk citroën, een 2 PK, verbruikt 3 liter per 100 kilometer.\" voegt de lachende kroezelkop er nog aan toe.
Met ontzag in de ogen, schuift de schijnbaar geschrokken merelkenner, tot vlak tegen de olijk lachende autospotter, legt zijn arm om zijn schouder, en zecht dan plechtig,
\"wat zijn wij twee toch slim, niet waar?\"
Blues ( verzoening )
Visje stuur me a u b geen e-mails meer, als u iets te zeggen hebt doe het dan dat alleman dat kan lezen.
Blues (teleurgesteld)
Voor elke oprechte, romantische liefde,
pingelt een priemende lentezon, in\'t rozewit van een
kersenboom.
Zwelt een kristallen dauwdruppel aarzellend,
aan een volle korenaarskroon.
Merkt gij, deze natuurikonen, en begrijpt ge hun
ware zin,
dan is het zeker nog niet te laat, dan wilt ge nog leven,
genieten het volle leven in,
Je verlangd van uw geliefde het lichamelijke,
en een ridderlijke trouw,
als bewijzen van een eeuwigdurende liefde
voor jou.
Jij met deze wensen, innerlijk een teer
maar gouden hart,
Staat in deze levensrace geheel appart,
Kwetsbaar oprecht romantisch open, voor hem die het
eerlijk meent, geen loze ijdele beloften preekt,
Ontlukend, allesgevend, opofferend, tot
het laatste licht in je ogen breekt.
Blues ( op den romantischen toer )
avond-
zon dook
weg,in prach-
tige roodoranje
nevels. We waren
zoals elke avond weer
op post, om dit steeds
weerkomend natuurtoneel,
tot in de laatste akte te volgen.
De massa mensen die daarjuist een
vijftiental drukke minuten geleden ,
nog het dagelijkse nieuws uitwisselden,
keken nu geboeid, naar die Griekse zon,
die achter de hagelwitte gebouwen zou weg-
duiken. Nu kon men echt een griekse muis horen
lopen. Mensen voor ons, mag wel zeggen smoorver-
liefden, omarmden elkaar. De man van een ouder kop-
peltje sloeg zijn jas om de schouders van zijn vierkop-
pen kleinere vrouwtje. In die sacrale stilte, begon plots
ergens even verderop, iemand op een gitaar te spelen. Nu
vormde zich tussen het fel geeloranje hemellichaam, en de
blanke huizen, getopict met het zachte groen van de olijf-
boom, een purperen laag. Dus stel je voor, die goudgele
bol, daaronder roodoranje nevels,en dan die purper-
blauwe waas. De onderste ronde zonnekant, brak
nu door die mysterieuze wasem.Nu ging het snel,
de goud gele bol, werd nu hevig oranjerood.
Hoe dieper ze nu door die laatste barrière
zakte, hoe fel roder ze werd. Het ouderer
paartje, voor ons, kusten elkaar innig.
En dan, wanneer de hoofdpersoon van
dit prachtige schouwspel, van de we
-reldbune verdween, begon alleman
in de handen te klappen. Die eene
gitaar werd nu een orkestje,
het feest kon nu beginnen.
Blues ( heeft op Santorini de sirtaki gedanst)
Soms vraag ik mij af,
wanneer ik mijn beeld zie in een spiegel of vensterraam,
wie ben je eigenlijk, hee vreemdeling hoe is je naam?
Op mijn paspoort,
prijkt mijn foto, netjes onder cellofaan,
maar ben jij dat wel, verdien jij dat wel om daar te staan.
Ken ik mezelf,
dat zal welzijn, want ik zie je telkens weer,
maak eens kennis met jezelf, stel je voor als diè mijnheer.
Aangenaam, evenbeeld,
je ziet er niet zo goed uit, hoe is het vandaag,
gaat nogal, even scheren, heb het 's mogens aan mijn maag.
En wat brengt de dag,
wat staat er op het menu, kunst of buiten met de honden,
word het vrijwilligerswerk of een weekeind Barcelona, of Londen.
Draag je weer die versleten jeans,
dat witte t-shirt, en die zwarte cowboy boots,
zit je met je neus weer in de boeken, op zoek naar je roots.
Zoek je weer je geliefde of dikke vrienden op,
Gerda, Monique en Guy, Rita, Nico of die blonde Yvon.
Ga eens niet onder de zonnebank, jog liever in de zon.
Wel evenbeeld, hij bevalt me wel,
die persoon hierboven, is zo, zo echt,
ik blijf wel in zijn vel, hij heeft het nog niet zo slecht.
Blues (with my shadow)
Weet je nog,
wij krasten,
onze namen in het hout,
wanneer ik nu die plaats passeer,
zochten mijn ogen steeds die fout.
Die fout?
Onze liefde was top,
net een contract,
en op een houten schutting,
zelfs ondertekend, onze namen erop.
Wij zagen, het
als een verbond,
een verbintenis, misschien wel enig,
op deze wereldrond.
Dan brak men,
het staketsel af, heel onverwacht,
gelijk met de grond,
wie had dit nu bedacht?
Ik kon wel huilen,
sloeg mezelf op mijn kop,
maar wat lag daar even verder,
mooie uitgezaagd, het plankje,
met onze namen erop.
Blues ( in herinnering )
Zacht nam ze mijn hand,
"kom,
we gaan onze droom
samen
beleven."
"Kom, volg mij,
wij vertrekken, naar daar,
waar het woord,
zorgen,
nooit word geschreven."
"Waar,
fata morgana,
ook,
dromen
bedoeld."
"De zwoele passaat,
tussen,
tussen
de keerkringen,
spoelt."
"Duizend
en één nacht,
wil ik,
daar nog,
beleven met jou.
en dan
's morgens
ben ik,
weer gewoon,
je vrouw."
Blues ( blijft zoeken)
Sonnet voor \"Happyland.\"
Laten we samen zoeken, naar \'t geluk in andere oorden,
Laten we dolend, \"Happyland\" ontdekken,
Zien hoe anderen, zich geven zonder woorden,
Veel met de mantel der liefde bedekken.
Waar die vrede heerst, waar men veel kan verdragen,
Waar men waarom, weinig zal gebruiken,
Moederkes nog op handen worden gedragen,
Waar kinderen de kans nog krijgen om te ontluiken.
Waar akkers vol met het gouden koren,
Naast groene weiden liggen te grazen,
Waar een wiegelied nog kan bekoren,
Waar kinderen nog bellen blazen.
Fata morgana, illusie, \'t land van Eden, waar ik naar zocht,
Heb ik gevonden, \'t lag in mijn dorpje, juist achter de bocht.
Blues (op zoek)
Dwalend,
even boven, de drogevoetenlijn,
volgend, het zigzaggendchaosspoor,
van de laatste vloed.
Spoelde mij,
vanuit, groen-witte bruisende
koppen schuim.
een, fles, met boodschap te gemoet.
Binnenin, in een plasje verschaald nat,
zag ik dat er een papiertje in zat.
Druipend,
van't zilte nat, getooid met wier,
en andere planten,
uit de tuin der zee gemaaid,
wikkelde ,
ik haar, in een plastieken, boodschappentas,
die me door een kille wester, juist op dàt ogenblik
kwam toegewaaid.
Al neurieënd het liedje," message in a bottle...." van mijn idool Sting,
koesterde ik, tegen mijn lijf, het natte kleffe pakje, als een waatdevol ding.
Hijgend,
van't ploegen,
door het mulle zand,
ben ik nu aan de voet der duinen aanbeland.
Zet me neer,
de rug, tegen een vermoeiede visserssloep, en uit de wind,
om te kijken,
wat ik in die fles wel vindt.
De kurk, half in de flessenhals, trek ik met mijn tanden eruit,
het papiertje rolt in mijn hand, waardeloos of buit??
Ik lees,
"Ga verder, vinder, lees
dit is misschien het begin van miljoenen."
zou het dan toch kunnen, ik krijg reeds groteske visioenen.
Ik lees,
" Ga naar de winkel, lever deze fles in,
als leeggoed,
met die twintig eurocent ga je vast je eerste miljoen te gemoet.
Blues ( geen miljonair )
Bede.
'k Durf niet gelukkig te zijn,
ik heb schrik van het onbekende andere.
Een panische angst,
dat dit alles eens zou veranderen.
Ik zou moeten zingen, dansen, dagenlang,
maar ik durf niet, ben veel te bang.
Ik ben te benijden, weinigen hebben zulk een vriendin,
juist daarom durf ik het volle leven niet in.
God, als er nu iets moet gebeuren,
als het ergens toch zo geschreven staat,
Neem dan mij, .........en bescherm diegene,
die ik achterlaat.
Blues
Een lentebriesje fladdert door mijn grijze lokken,
het voorjaar is bijna terug,
zien we weer overal schapen fokken,
daar komen lammekes van, met krollekes op hunne rug.
Komen er in de wei, weer boterbloemen aan,
blijft in't bonte weerhuisje het vrouwtje buiten staan,
's Morgens gewekt door gevleugelde sopraantjes,
geen mooier ouverture om de dag te beginne,
aan de kale takjes hangen kristallen traantjes,
met wel duizend zonnekes van binne.
Nu zit ik binnen, te schrijven, geniet niet van een waterzonnetje,
ik geef de natuur alle lof,
weet je wat, in't vervolg kom ik buiten, en schrijf mijn gedichtjes in den hof.
Blues (naturel)
Aquarel.
't Gespannen vel strekt onder de regenboog,
basiskleuren vullen bijna het hele blad.
Laat nog wat witte plekken droog,
ik werk misschien te snel te nat.
Een druppel water schuift nu over mijn werk,
schiet een wolk in het natte pigment.
Er ontstaat vuurwerk, mist, een vlerk,
een oude muur, terra cota, of cement.
Er was niets tienden van seconden tevoren,
geelen en blauwen werden groen.
Daar wordt nu een bloemkool geboren,
'k laat de verf nu het werk doen.
Ik versterk de kleuren, dan is't gedaan,
ik stop, mijn werk is nu afgemaakt,
mijn naam eronder,
hoop dat het uw hart ook raakt.
Blues (in de verf)
Ik luister graag naar mensen,
ik maak me dan klein en val niet op.
Ik luister naar hun grieven, naar hun wensen,
naar het laatste nieuws op de wereldtop.
Van mensen die kwaad spreken,
schuif ik enkele plaatsen weg,
ook niet van zogenaamde zedepreken,
luister ik niet, die hebben pech.
Nog 't liefst spreek ik over de tijd van toen,
dan verschiet ik, God ben ik al zo oud,
't Ja daar valt toch niets aan te doen,
al wat ik nu beleef is goud.
Jij die juist komt piepen aan de levensdeur,
neem deze raadgevingen gratis aan,
is je leven een en al sleur,
steek het niet op een ander,
dat heb je meestal zelf gedaan.
Methusalem (Blueske voor de vrienden)

