Naar de inhoud

(Klein)fruitliefhebber

Voor de fruitliefhebber
akke.beakke.be

HANEN EN KAPOENEN

In aansluiting op het mezenverhaal met de veranderende geslachtsorganen, het volgende:

 

Hanen en Kapoenen

 

Een kip legt evengoed eieren met een haan als zonder. Als je geen raskippen houdt en dus zelf niet kweekt kan een haan eerder een lastpost zijn, zowel voor de buren (met zijn gekraai) als voor de kippen, die meestal met te weinigen zijn voor zijn avances.  7 à 10 kippen per haan is de beste verhouding.

Bij weinig kippen en een te zware haan is dit te merken aan het beschadigde verenkleed  op de ruggen van de kippen.  Bij het paren wipt de haan op de kip. Met de snavel houdt hij zich vast aan de nekveren van de hen. In enkele tellen drukt hij zijn aars tegen deze van de kip en spuit zijn sperma in, dat 14 dagen de eieren kan bevruchten. Aan de buitenkant zie je geen geslachtsorgaan bij de haan ( en bij de andere vogels), die zitten van binnen, tegen de rugkant aan.

Je zal je dan wel afvragen hoe men dan hanen tot ‘kapoenen’ kan castreren?

De ingreep verloopt bij jonge haantjes van een geschikt ras (b.v. een Poule de Bresse) via een incisie tussen de laatste en voorlaatste rib rechts.

Kapoenen leven een rustig leven en leveren malser vlees.

Onlangs werd het wettelijk verboden om in België nog kapoenen te kweken…

 

(Uit de Veltkippenbrochure die ik enkele jaren geleden schreef en die door het machtsspelletje van een paar mensen niet kon uitgegeven worden.)

 

Hoe vind je dit bericht? 16 stemmen
Geschreven door Daantje om 17:17 Reageer op dit bericht

2 reacties op dit bericht

Ben de Sonnaville8 februari 2014 om 16:14

fruitteler in Altforst

Mijn vader heeft de peer Karmozijn de Sonnaville geteeld.
Dat is waarschijnlijk de rode peer die u bedoeld
Deze stoofpeer staat nog steeds in mijn boomgaard.
philippe2 mei 2010 om 09:25

Biologisch

Ik zou dat artikel graag eens lezen.Ik probeer al jaren het geheim van onze industriele kippen te achterhalen maar ben ook geinterresseerd hoe ze vroeger hun dieren afmesten.Ik ben ook een "Lowtechman"en biologisch tuinier.Ik vind dat oude technieken en kennis niet mag verloren gaan.
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

FRAMBOZEN ZIJN HEEL GEZOND

 

Frambozen zijn heel gezond

 

Frambozen bevatten veel meer gezonde stoffen dan bijvoorbeeld tomaten, kiwi’s en broccoli die bij de meeste mensen veel beter bekend zijn als gezonde voedingsmiddelen. Dat schrijven Nederlandse weten­schappers in het tijdschrift BioFactors.

Volgens de wetenschappers bevat de framboos een geneeskrach­tige stof die in die hoeveelheden tot nu toe in geen enkel ander voedingsmiddel werd teruggevonden. Wellicht komt de stof ook voor in enkele geneeskrachtige Chinese kruiden. Frambozen bevatten naast de geneeskrachtige stof per gram ook tien keer meer beschermende antioxidanten dan tomaten. De antioxi­danten neutraliseren agressieve moleculen in het lichaam en voorkomen celbeschadiging. Het nadeel van frambozen is dat de vrucht erg duur is en slechts in kleine hoeveelheden op de markt komt.

Uit De Morgen 24/03/2006

 
Tijdens de zomerreizen met de kinderen destijds, hebben we langs landelijke - en boswegen, in nogal wat landen van de wilde framboosjes gesnoept!

                                     

 

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Daantje om 13:53 Reageer op dit bericht

Met Guido naar Duitsland Vervolg

'Roter Ellerstädter'/'Kernechter vom Vorgebirge'/'Vorgebirgspfirsich' M 9 - E 9. Er ist wenig frostempfindlich wegen später Blüte und relativ robust, für Gärten gut geeignet. Fleisch steinlösend, Frucht mittelgross, aromatisch, süss, saftig, weiss. Selbstfruchtbar. Die Steine können für Nachzucht verwendet werden. Für Konservierung gut geeignet. Hauptanbaugebiet entlang von Main, Mosel und Rhein. Auch für weniger warme Lagen geeignet, am besten als Spalierobst an einer südlichen Hauswand. Wenig anfällig für Kräuselkrankheit, Mehltau und Monilia. Ernte 8/9. Kernechter vom Vorgebirge ist genauso, aber gelbfleischig.

mvg

guido

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Daantje om 12:52 Reageer op dit bericht

MET GUIDO NAAR DUITSLAND

Met Guido naar Duitsland

 

Op 15 maart, een zonnige winterdag, reed Guido met Louis en mij naar Der Sängerhof, das Garten-Center in Meckenheim, aan de autoweg naar Koblenz. Guido was fier te constateren dat zijn Mercedes het deed met een goede 5 l.

Een test kon niet tot een goed einde gebracht worden. Bij 180 lag een voorganger in de weg.

Guido had een speciale perzik besteld. Gelukkig had men die in een pot staan. Met vliesdoek werden de rijen potten beschermd. Restjes sneeuw lagen er nog tussen.

Het was de bedoeling ook de abrikoos Hargrand ® aan te schaffen. Die zat echter vastgevroren in de grond.

Deze abrikoos rijpt begin augustus. Het is een grote, mat oranje, gladde, vast vlezige vrucht, met zeer goed loskomende steen, een gezonde groeier. De smaak is zeer goed, met een fijn zurig accent.

 

Een maand terug had ik gevraagd naar de Meibessen (Lonicera kamtschatica) Mailon en Amur. Men zei dat de Zwitserse firma Häberli pas in april leverde. Blijkbaar was die persoon onvoldoende op de hoogte, want Häberli had net geleverd. Vorig jaar had ik reeds Maistar aangeschaft.

Meibessen vormen struiken van 1 tot 1,5 m, zoals Blauwbessen. Ze groeien op alle voedselrijke bodems. Blauwbessen integendeel vergen een zure grond. Meibessen zijn zeer winterhard ( tot -45 ° C). De bloemen verschijnen in maart en verdragen vorst tot – 8 ° C ) (Vand     aag de 19 de met de koude maart, zijn de knoppen nog helemaal gesloten.)

De langwerpige, blauwe vruchten, rijk aan vitamine C en B, beginnen al eind mei te rijpen en zouden wat smaak betreft wat van Blauwbessen weg hebben. Onderling verschillen de rassen niet zoveel. Maistar en Amur zijn zoeter, Mailon wat zuurder.

Voor een betere bestuiving raadt men aan 2 verschillende rassen te planten.

 

Nog van Häberli hebben ze en assortiment druiven, maar mijn muren zijn praktisch volledig bekleed.

Er zijn nog 2 plaatsen tegen het kippenhok.

Tonia®, commerciële naam voor het nieuwe ras Hobrevt, is een nieuw, pitloos ras, zoet en aromatisch, grote, witte bessen, knakkig vruchtvlees en zachte pel. Zou weinig ziektegevoelig zijn. Grote bladeren. Rijpt begin oktober.

 

Birsztaler Muskat is een vroeg ras met gele, middelgrote, knapperige, zoete bessen met duidelijke muskaatsmaak. Middelgrote, losse trossen.

Gemiddelde tot hoge productiviteit. Gemiddelde groeikracht.

 

In het Häberli assortiment zit ook de stekelbes Rote Eva®, met als soortnaam Redeva. Resistent tegen meeldauw (Sphaerotheca mors uvae) en bladval. Het is een krachtige groeier. De rode, gladde vruchten zijn laat rijp en hebben een aangename, zoete smaak.

 

Ik schafte ook de nieuwe mirabelle Bellamira® aan.

De gele vruchten zijn vroeg rijpend (augustus), goede smaak. Ze zijn groot, vast, sappig. De steen komt goed los.

De dracht zet vroeg in en is hoog.

Weinig ziektegevoelig. De onderstam is een Fereley. De groeikracht hiervan is te vergelijken met de bij ons gebruikelijke St Julien onderstam.

 

Op mijn vorige boom, een Mirabelle de Nancy, had ik zeldzaam enkele vruchten. Onlangs heb ik die geveld. Het was een hoge boom geworden, die pas na vele jaren soms iets was beginnen dragen. Aan opslag te oordelen was hij veredeld op een myrobolaan of kerspruim.

In andere streken kan men niet klagen over de vruchtbaarheid van de Mirabelle de Nancy.

 

Guido schafte zich de perzik Rote Ellerstädter aan. De boom is minder vatbaar voor krulziekte en monilia. Late bloei, zelfvruchtbaar.

De vrucht is middelgroot, witvlezig, aromatisch, zoet, sappig. Rijp midden september. De steen komt gemakkelijk los. (Dit is bijvoorbeeld niet het geval bij Reine de Vergers). Het ras is tamelijk zaadvast.

 

De aanwinst voor de reeds zeer uitgebreide pruimencollectie van Louis was een Katinka.

De vruchten zijn middelgroot, eirond, blauwviolet, rijp eind juli, begin augustus. De steen komt goed los. De vrucht leent zich voor verse consumptie en bakken (hierbij loopt het sap niet uit). Het ras is zelfvruchtbaar en begint vroeg te dragen.

 

Op de terugweg stopten we bij Boomkwekerij Jos Frijns te Margraten (Ned. Limburg).

 

Enkel daar kon Louis een Strival vinden. Strival heeft grote, zwart-blauwe vruchten. Strival behoort tot de Japanse pruimen (Prunus salicina), een aparte soort, die zeer vroeg bloeit (als de kerspruimen). Een meer bekend ras is bijvoorbeeld Burbank. Met het warmer wordende klimaat – wat je niet zou zeggen met het late vriesweer van de laatste weken!- is aanplant van Japanse pruimen ook bij ons te overwegen.

Twee jaar naeen waren er heel veel Kerspruimen (Prunus cerasifera) en die bloeien ook zeer vroeg. Japanse pruimen, die eveneens zeer vroeg bloeien, zijn zeer groot en behoorlijk lekker.

 

Frijns afficeert een assortiment ‘Eko appels’, die het vrij goed doen zonder behandeling.

 

Ik vulde mijn resistente (vooral tegen schurft) rassen aan met Red Devil, Rubinola en Svatava.

 

Red Devil® was het eerste ras dat Huge Ermen, na zijn pensionering als medewerker op Brogdale creëerde (1975). Kwam in 1990 op de markt.

Het is een kruising tussen Discovery en Kent. Matig sterke groeikracht. Middentijdse bloeitijd. Het is een rode appel, met roodachtig vlees, fruitig (frambozensmaak), zoet en sappig, die rijpt begin september en kan bewaren tot december. Geeft een roosachtig sap.

Het is een gezond en vruchtbaar ras.

 

Rubinola® Vorig jaar kreeg Minister Tobback de eerste vrucht bij Danny Billens, te Oetingen (Pajottenland), een van de toonaangevende biologische fruittelers. ( Zie blog van 18 september 2005).

Rubinola is een Tsjechische kruising (te Strizovice) tussen de Amerikaanse schurftresistente appel Prima en Rubin. Introductiejaar: 1980.

De boom is groeikrachtig met opengaande takken, die iets later begint te dragen. Heeft niet veel snoei nodig. Later draagt de boom regelmatig. Weinig beurtjaar gevoelig. Men raadt, omwille van de sterke groeikracht en een iets latere vruchtbaarheid, een zwak groeiende onderstam aan (M9).

Bloei middentijds. Goed stuifmeel. Goede resistentie tegen schurft en voldoende tegen meeldauw.

Middelmatige, wat afgeplatte appels, met rode blos. Aan de steelholte is er een bruine verruwing. Een kenmerk om dit ras te herkennen.

Plukken tussen half september en begin oktober. Kunnen natuurlijk bewaard worden tot begin maart.

Het vlees is geel, vast, fijn van structuur, sappig en heeft een zeer goede zuur-zoete, aromatische smaak.

 

Svatava® is een kruising, eveneens uit Tsjechië, tussen Golden en een schurftresistent ras.

De boom groeit tamelijk sterk met een opwaartse groeiwijze. De bloeitijd is eerder vroeg.

De vruchten zijn eerder klein, afgeplat rond, met een rode blos.

Vaste, zoete, lekkere appel. Plukken tijdens de maand oktober.

Op een proefsessie (begin november 2003) met 60 man op de biologische boomgaard De Wielewaal te Eindhoven, de vroegere boomgaard van de Philipsfabrieken, kwam Svatava er als eerste uit. Het ging om 6 rassen, geteeld in de eigen biologische boomgaard.

Hoe vind je dit bericht? 14 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:00 Reageer op dit bericht

Slot GM Gewassen kunnen het Bodemleven verstoren

Slot

 

GM Gewassen kunnen het Bodemleven verstoren

 

HUMUSCOMPOST

 

Om zich een goed beeld van het bodemleven te kunnen vormen kan de chromatogramtechniek erg van nut zijn.

 

Aardbeien groeien het best op een schimmelrijke bodem.

Bij humuscompost is de humusvorming reeds achter de rug.

Door bijvoeging bij de compost van voldoende houtsnippers, stimuleert men de schimmelgroei.

Aanbrengen van deze compost bij het aanleggen van aardbeibedden - vooral in de herfst – zal een uitstekende omgeving creëren voor de nuttige micro-organismen.

 

Het andere zeer goede nieuws is, dat wanneer de grond besmet is met G M residu’s (Bijvoorbeeld door mest van koeien die genetisch gemanipuleerde maïs als voer kregen) humuscompost de negatieve effecten van deze contaminatie kan neutraliseren.

We zullen weer een goed chromatogram bekomen.

 

&&&

 

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:11 Reageer op dit bericht

VERVOLG 2 GM GEWASSEN KUNNEN HET BODEMLEVEN VERSTOREN

Vervolg 2
 

GM Gewassen kunnen het Bodemleven verstoren

 

Bodemleven

 

Het is zeer belangrijk rekening te houden met het feit dat 30 % van de stoffen ( suikers, aminozuren, eiwitten enz.) die de plant aangemaakt heeft, via de wortels in de grond afgescheiden worden.

 

De plant doet dit om aldus een gezond bodemleven rond de wortels te creëren.

In dit bodemweefsel zitten bacteriën, schimmels, nematoden, protozoa enz. die de plant helpen beschermen tegen ziekmakers en helpen bij de opname van mineralen.

Deze organismen zetten het organisch materiaal om in humus. De vorming van humus gebeurt in elke gezonde grond. Dit betekent een excellente opslag van voeding, en minder uitspoelen van mineralen.

De opbouw van humus creëert een gezonde bodem en een perfecte kwaliteit en optimale opbrengst.

 

Bij G M planten is de opbouw van eiwitten compleet veranderd.

Het blijkt dat de bodemorganismen deze genetisch gewijzigde eiwitten niet kunnen opnemen en dat het bodemleven sterft.

Dit leidt onvermijdelijk tot uitputting van de humusvoorraad en verlies van bodemvruchtbaarheid.

Het eindresultaat is dat men moet gebruik maken van scheikundig bemesten en spuiten, daar de grond al zijn ziekteweerstand en minerale reserves verloren is.

 

Een goed voorbeeld dat men werkelijk niet weet wat er gebeurt bij het introduceren van een G(enetisch) G(ewijzigd) O(rganisme) werd gegeven door Dr Elaine Ingham, prof Microbiologie aan de Oregon State University.

Dr Elaine Ingham verwijst naar de genetisch gewijzigde bacterie Klebsiella planticola , die het normale controleproces, waarbij 13 verschillende laboratoria betrokken waren, had doorlopen en goed gekeurd was voor de veldproeven.

Dit veel geprezen GGO had de eigenschap goedkoop alcohol te maken, ter vervanging van fossiele brandstof.

Als materie hiervoor zou men de oogstresten gebruiken en het organisch afval na verwerking – dat tevens nog GGO’s bevatte- was bestemd om als organische bemesting terug te voeren naar de boerderijen.

Ergens in dit simplistisch scenario was men vergeten de GGObacterie te testen op levende planten.

Het onderzoeksteam van Dr Ingham deed deze tests wel en onmiddellijk bleek dat deze GGO’s van de suikers, afgezet in de wortelzone van de plant (ironisch genoeg ter bevordering van de goede micro-organismen), alcohol produceerden.

Het probleem was dat er een dodelijke dosis alcohol geproduceerd werd, 5 maal meer dan een plant kon verdragen.

Dr Ingham beschreef proeven waarbij, in zeven dagen, al de tarweplanten verslijmden.

Indien dit organisme op de velden terechtgekomen was, - de vrijgave was nakend dichtbij – was het goed mogelijk dat een ruim deel van het plantenleven besmet zou raken, wat zijn weerslag kon hebben op al het leven op aarde.

 

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
Geschreven door Daantje om 13:29 Reageer op dit bericht

VERVOLG GM GEWASSEN KUNNEN HET BODEMLEVEN VERSTOREN

Vervolg

 

GM Gewassen kunnen het Bodemleven verstoren

 

Chromatogram

 

In Nederland nemen aardbeitelers grondstalen om de voedingsbalans en het bodemleven te testen.

Hierbij maken zij gebruik van de Chromatogram Techniek.

Men druppelt een alkalisch gemaakt extract van een bodem – of compoststaal op een rond filterpapier, dat men vooraf behandeld heeft met zilvernitraat.

Als de oplossing zich traag verspreidt over het filterpapier verschijnt door capillariteit de scheiding van de humusfracties.

Het zilvernitaat werkt als een fotofixerende stof voor de fracties en maakt deze zichtbaar.

Deze techniek kan gebruikt worden zowel voor het testen van de aardbeiplant, van de vruchten als van de bodem.

Goede, gezonde levenskracht uit zich in een goed beeld, regelmatig van vorm, waarbij de verschillende cirkels op de afbeelding intact en symmetrisch zijn, met een heldere kleur.

 

Telkens wanneer men met een GM gewas te maken heeft ziet men een betekenisvol verstoord chromatogram, zowel bij dit van de bodem, als bij dit van het gewas.

De orde en de symmetrie verdwijnt. De buitenkant barst open en in het centrum blijft enkel een wit gat over.

 

Bekijk de chromatogrammen hieronder.

 

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Daantje om 14:14 Reageer op dit bericht

GM GEWASSEN KUNNEN HET BODEMLEVEN VERSTOREN

 

Een artikel uit The Fruit Grower, het Engels vakblad voor de traditionele fruittelers heeft mij sterk getroffen. Er staan zeer behartenswaardige zaken in.

 

GM Gewassen kunnen het Bodemleven verstoren


Stephan Timmermans van Lucel Horticultural   in  The Fruit Grower March 2006

 

Recent heeft de EU beslist  GM (Genetic Modified: genetisch gewijzigde) gewassen toe te laten. Zeer dikwijls worden nieuwe ontwikkelingen aan ons voorgesteld als goed nieuws en als hulp voor de telers om problemen te overwinnen.

Plagen en ziektes zijn voor de telers een grote uitdaging omdat deze een grote weerslag hebben op opbrengst en kwaliteit.

 
Velen van ons leven in de mening dat plagen en ziektes niet te vermijden zijn
.

De beste vraag die men zichzelf kan stellen als deze problemen zich voordoen is :

Waarom tast dit insect of deze schimmel mijn gewas aan?

Is het om mij een kwade periode te bezorgen? Of zou het kunnen dat ik iets verkeerd heb gedaan?

De natuur heeft simpel haar eigen manier om ons te vertellen wat er gaande is.


Botritis

 
Als je bijvoorbeeld kijkt naar botrytis in aardbeien is het interessant om te zien dat de Elsanta’s van kweker A al gaan rotten na één vlaag en dat deze van kweker B zelfs na 10 regendagen nog niet rotten. Is dat omdat B meer spuit?

Helemaal niet. Het ligt aan de goede plantenvoeding.

Zolang als de teler zorgt voor voldoende voedingsstoffen om de plant in evenwicht te houden, kan botrytis de plant niet infecteren.

Regelmatige bodem – en bladanalyses kunnen hierbij helpen.

Overmaat aan nitraten (stikstof) zorgen wel voor een donkergroen en weelderig bladerdek, maar voor waterige vruchten, die meteen geïnfecteerd geraken.

De sleutel voor goede, stevige vruchten is een gezonde, evenwichtige voeding.

In Nederland heeft een onderzoeker een GM aardbei ontwikkeld die resistent is tegen botrytis.

Het is ongelukkig dat, in plaats van naar een duurzame oplossing te streven, genetische modificatie van een plant voorgesteld wordt als een manier om plagen en ziektes op te lossen.

                                                                                          Vervolgt

Genetische Modificatie

 

Genetische modificatie is het kunstmatig veranderen van de genetische opmaak van organismen (planten of dieren): GGO’s: Genetisch Gewijzigde Organismen. Via ingewikkelde laboratoriumtechnieken worden hierbij stukjes DNA van één organisme gebruikt, om eigenschappen van een ander organisme te veranderen. Synoniemen voor genetische modificatie zijn genetische manipulatie, gentechnologie, recombinant DNA-techniek, genetische transformatie en moderne biotechnologie.

 

De theorie zegt dat het alleen gaat om het inbrengen van een stukje erfelijk materiaal, een gen. Ongelukkiglijk is dit niet het geval.

Dr Anne Clark van de Universiteit van Guelph in Ontario, Canada heeft hiernaar veel onderzoek verricht en zegt het volgende: “Ik wil duidelijk maken dat de problemen niet noodzakelijk liggen in de mate van de genetische verwantschap tussen donor en gast. Dezelfde problemen doen zich voor bij organismen van dezelfde soort (species). Aldus – alhoewel het veel ingrijpender en meer verstorend lijkt een gen te nemen uit een vis en dit bijvoorbeeld in te planten bij een tomaat - zijn de neveneffecten , die volledig onvoorspelbaar zijn en daarom in potentie gevaarlijk, dezelfde, onafgezien vanwaar het gen komt.

Het doel is dus met opzet een gen in te brengen in het genenstel van de ontvanger.

Hierbij speelt het toeval een rol, welke methode van inbrengen men ook gebruikt.

Men weet niet welk chromosoom op welke plaats ingrijpt in de andere chromosomen.  Men weet ook niet hoeveel kopieën van een bepaald paketje in een bepaalde cel zullen geraken. Dit kan één zijn, maar ook tien.

Deze zaken maken een heel verschil, niet simpel om een bedoelde trek tot uiting te doen komen, maar ook bij een onverwachte zaak, of bij niet tot uiting komen, of bij nog andere zaken, zonder verband."

 



Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:00 Reageer op dit bericht

WASSENBERGER PERZIK

Wassenberger Perzik

 

Onlangs bezorgde Eddy Vets mij een jong exemplaar van de Wassenberger perzik. Als je naar de pruimenproefdag van de Nationale Boomgaardenstichting gaat, is Eddy steeds de man van dienst.

Hij heeft dit ras al een tijdje en ondervond dat deze perzik duidelijk minder krulziekte gevoelig is.

Krulziekte is een specifieke ziekte bij perziken waarbij de bladeren in het voorjaar aangetast worden door een schimmel. De bladeren zwellen rood-geel verkleurend en getorst op en vallen daarna af. Bij nat weer kunnen erg veel bladeren aangetast worden. Voor de boom betekent dit een serieuze verzwakking. De nieuwe bladeren die daarna gevormd worden blijven wel gaaf.

In Nederlands Limburg is dit een bekend perzikras. Het komt van net over de grens in Duitsland. Wassenberg ligt tegen Mönchen-Gladbach en onder Roermond. Het  zijn smakelijke vruchten, witvlezig en ze rijpen half september; net als de Reine de Vergers, waarvan ze veel weg hebben.

Beide rassen komen tamelijk zaadvast terug uit gezaaide stenen.

Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door Daantje om 22:26 Reageer op dit bericht

DE STRAAT LIGT KLAAR

De straat voor Fluxys ligt klaar

 

Gisteren kwam de werkploeg van de Nationale Boomgaardenstichting de laatste verplantingen doen met het oog op de verbreding van de piste voor het leggen van de bijkomende aardgasleiding.

Met het koude weer van de laatste weken is de groei wat afgeremd. Aldus heeft het nu nog verplanten meer kans op succes. Men zorgde voor een goede wortelkluit en de bomen werden daarenboven flink teruggesnoeid.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Daantje om 23:51 Reageer op dit bericht

KNEEPJE MET AS UIT GROOTMOEDERS TIJD

Deze tip las ik gisteren in de mailgroep tuinieren op het seniorennet.

Echt het doorgeven waard.

Kneepje met As uit Grootmoeders Tijd.

Plantuien en sjalotten kiemen vrij snel, terwijl de beworteling nog vrij los zit.
Dit jong groen wordt ook opgemerkt door de vogels en het gevaar is groot dat ze de bolletjes uit de grond trekken.
Om deze schade te vermijden leg je over elke bol een hoopje as van de open haard of kachel. Deze as isoleert ook én bevordert het kiemen. Als het groen verschijnt, zitten de uien al goed vast in de grond.

Scoebidoe

 

Dit lospikken maak je inderdaad geregeld mee.

 
Met een hoopje houtasse worden de jonge pijpjes iets meer gecamoufleerd en is de beworteling steviger.

Bovendien is ui dankbaar voor wat extra kalk en kalium (potas).

 

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:58 Reageer op dit bericht

KORNELLEBESSEN BIJ KALKOEN

Kornellebessen bij Kalkoen

 

De laatste dagen eten we kalkoen. Nu schieten er nog een mannetje met twee wijfjes over. Mijn bedoeling is die straks te laten broeden. Ik heb gelezen dat kalkoenen goede broedsters en moeders zijn. Wait and see.

In vergelijking met de klassieke witte kalkoenen, die ik enkele jaren kweekte voor de eindejaarsfeesten en waarvan er soms nog zeer weinigen de eindmeet bereikten, was er vorig jaar maar een van de jonge bronskalkoenen bezweken. Bronskalkoenen hebben een zwart met wit verenkleed.

Rond hun hok in de pruimenboomgaard heb ik een bijkomende afsluiting gemaakt. De beesten slapen nooit in het hok maar boven op de nok.

Het net van de fruitkooi kwam van pas. Ik was blij met de hulp van Miel Van Der Auwera, eveneens compostmeester en Veltlid om het net erboven aan te brengen.

Aleide heeft uit de diepvriezer de rode bessen van de Cornus Mas opgediept. Vorig jaar droegen de kornellebessen als nooit te voren. Wat wordt het dit jaar? Zijn die ook beurtjaargevoelig?

De vruchten gaan uitstekend bij vlees. Als zoetstof komt er een scheutje ahornsiroop bij.

Binnen een paar weken staan de bomen weer in hun goudgele kleurenweelde.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Daantje om 12:46 Reageer op dit bericht

OPHOKPLICHT

OPHOKPLICHT

 

Mijn kippen kunnen hun werk niet meer doen en blijven verstoken van menige lekkernij. Voor een deel zorgen ze bij ons voor het biologisch evenwicht.

In november zaten we ver genoeg van de vijver in Zoerselbos, maar nu met de algemene ophokplicht…

Tot voor een paar dagen waren ze nog druk doende met krabben en pikken aan de voet van bomen en struiken, op zoek naar eieren, larven, wormen en insecten.

 

Over Kippen als Opruimers schreef ik vorig jaar op 2 november.

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:28 Reageer op dit bericht

ANDEGA EN BONA

 

Van André Hendrickx-Fruitbomen bracht ik ook 2 ‘Paters’ -  West-Vlaams voor zwarte bessen - mee.

 

ANDEGA

 

Andega is een ras van het Institut National de la Recherche Agronomique (INRA) te 49071 Beaucouzé Cedex  France.

 

Het is een kruising tussen Noir de Bourgogne en Öjebin.

 

Plant:

Groeikrachtig, half opgericht - half open.

Sterke resistentie tegen meeldauw.

Bloeit eerder laat. Dit is een voordeel om lentenachtvorsten te ontlopen.

 

Vrucht:

Rijpt toch tamelijk vroeg.

Middelgrote bessen: 0,65 - 0,9 gram. Vergelijk: Titania: 1,1-1,25; Ben Connan: 1,2 – 1,59 en Ben Sarek: 1,3 – 1,59.

Vast, zuur, veel aroma, goede smaak.

Voor verse consumptie en confituur.

 

BONA

 

Dit ras werd ontwikkeld in het Poolse Onderzoeksstation Brzezna te  Skierniewice.

Kwam in de handel in 1992.

(Tussen haakjes: Polen is het land met de hoogste productie van zwarte bessen).

 

Plant:

Gemiddelde groeikracht. Eerst opgaande groeiwijze, dan breder wordend. Vroege bloei. (Een nadeel bij lentenachtvorst).

Sterk tegen bladziekten.

De Proeftuin voor Houtig Kleinfruit stelde wel een hoge gevoeligheid vast voor luizen en spint.

 

Vrucht:

Grote bessen; zeer vroeg rijpend, goede, milde smaak.

De Proeftuin voor Houtig Kleinfruit te Tongeren , in zijn 27ste Jaarverslag (Gegevens betreffende 2004) geeft zijn mening als volgt: ‘een Pools ras waarvan de bessen uitzonderlijk goed smaken, bleek extreem gevoelig voor luizen en spint’.

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door Daantje om 23:59 Reageer op dit bericht

POKUSA EN POLKA

Van André Hendrickx-Fruitbomen te Stabroek bracht ik ook nog 2 Poolse frambozen mee: Pokusa en Polka. Beiden herfstframbozen.

Beiden komen van het Onderzoeksstation Brzezna te  Skierniewice. Beide rassen zijn het werk van J. Danek.

 

POKUSA

 

Dit nieuwe ras is het resultaat van meervoudige kruisingen met: Autumn Bliss, Hertitage (een late herfstframboos), Rubus odoratus en Rubus occidentalis.

Introductiejaar: 2001

 

Vrucht:

groot tot zeer groot, gemiddeld vast, rood tot donkerrood, wat dof. Rijpend in augustus, zoals Polana, een vorig ras van hetzelfde onderzoeksstation. Gemiddelde vatbaarheid voor rot.

 

Plant:

Groeikrachtig; rechtop groeiend met gekromd uiteinde; niet zo productief als Polana, maar veel grotere vruchten. Matig vatbaar voor het Mosaic virus.

 

POLKA

 

Vroegrijpende herfstframboos (iets na Autumn Bliss). Het ras werd bekomen uit open bestuiving door Autumn Bliss.

Introductiejaar: 2001

 

Vrucht:

Gemiddeld tot groot; glanzend rood, langwerpige, conische vorm, vast (belangrijk voor de bewaarbaarheid), kleine vruchtkorrels, uitstekende, zoete smaak, aromatisch, eerder sappig. De vruchtsortering is opvallend goed (weinig kleine vruchten). Rijpt 10 dagen voor Polana.

Relatief lage vatbaarheid voor rot.

 

Plant:

Gemiddelde groeikracht, zoals Polana. Vormt minder, maar gelijkvormige, stevige, stengels met stekels.

Relatief lage gevoeligheid voor wortelrot en Mosaïc virus.

Productief.

 

Teelt:

Zeer gemakkelijk. Behoeven geen steun. Enkel in +/- januari stengels tot tegen de grond afknippen.

Herfstframbozen groeien, bloeien en geven vruchten in hetzelfde jaar.

(Worden ze niet afgeknipt, dan geven ze nog wat vruchtjes in de volgende zomer ( zoals de gewone tweejaarse zomerframbozen), maar dan groeien de nieuwe stengels veel minder goed uit en brengen eveneens beduidend kleinere vruchten voort. )

 

Uit de jarenlange vergelijkende proeven op de Proeftuin voor Houtig Kleinfruit te Tongeren bleek Polka de interessantste herfstframboos en wordt dit ras als nummer één aanbevolen voor de beroepsteelt.

 

 

 

Hoe vind je dit bericht? 14 stemmen
Geschreven door Daantje om 22:38 Reageer op dit bericht

ELIDA

 

ELIDA ®

 

Gisteren kon ik via André Hendrickx – Fruitbomen te Stabroek deze nieuwe, Zwitserse framboos bekomen.

 

Dit ras werd door Peter Hauenstein in zijn kwekerij Edelobst und Beeren te 8197 Rafz/Schweiz ontwikkeld.

Het is een kruising tussen ‘Malling M en Chilcotin’. De rasnaam is eigenlijk Rafzmach. Elida is de commerciële merknaam.

Peter Hauenstein ontwikkelde ook de appel Rubinette. Een lekkere appel, maar veel te schurftgevoelig voor de liefhebber.

Van hem komt ook de kruising tussen een Nashi en een gewone peer: Benita. Die gaat nu zijn derde groeijaar in. Dit jaar verwacht ik weer vruchten. In het jaar van aanplant liet ik een paar vruchten hangen om de smaak te kunnen beoordelen. Deze viel mee.

 

Planteigenschappen:

De groei is middelsterk; middellange, vaste zijtakken. Vormt veel uitlopers. Eerder dunne takken.

Het ras is vrij resistent tegen wortel – en stengelziektes.

De rijpheid is zeer vroeg: tweede helft juni. (In Zwitserland).

De productiviteit ligt hoog.

 

Vruchteigenschappen:

 

Relatief grote ( 4 gram) , vaste, glanzend rode vruchten. Minder regengevoelig.

Door zijn vastheid geschikt om in te vriezen.

Men zegt dat de vrucht met zijn helle kleur zeer aantrekkelijk oogt, maar over de smaak wordt niet gesproken!

Als troeven voor de huistuin heeft men het over de robuustheid, de hoge opbrengst en de vroege rijpheid, voor de grote vakantie.

Cultuur:

Planten op 40-50 cm in de rij. Per lopende meter 8 à 10 stengels laten staan. De overtallige van zodra ze 20 -30 cm hoog zijn wegknippen. Vormen anders veel te veel takken.

 

Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door Daantje om 13:14 Reageer op dit bericht

FLUXYS

Fluxys

 

Vanmiddag kwamen de projectverantwoordelijken van Fluxys ter plaatse kijken.

Beslist werd van op de as van de eerste leiding aan de oostzijde 8,5m aan te houden. Deze strook is reeds beschikbaar.

Aan de westkant wordt dat 4,5 m.

 

Dit betekent dat ook de 2 de rij van de bramen en braambozen (Dit zijn kruisingen tussen braam en framboos, waarvan de interessantste vertegenwoordiger de Taybes is.) dient verplant te worden.

Verder 10-15 Blauwe bessen en nog wat ander kleinfruit.

 

Verder moet de kwee Champion, de Reinette Blanche , die ik van het eerste Congres van Les Crocqueurs de Pommes te Montbéliard (Frankrijk) in 1987 meebracht en de Reinette de Chenée nog overgeplant worden.

Het zijn niet te grote bomen en de Nationale Boomgaardenstichting zal dit deskundig doen, met zo’n groot mogelijke wortelkluit.

 

 

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:00 Reageer op dit bericht

WEGNEMEN VAN PLANTENDELEN

Snoeien is het wegnemen van plantendelen

 

Het doel hiervan is een regelmatige verdeling van energie door de gehele plant te verkrijgen, teneinde daardoor de kwaliteit en de opbrengst te verbeteren.

Uit ervaring weten we dat de boom in de jeugdfase het krachtigst groeit.

In de productiefase is er meer evenwicht tussen groei en vruchtbaarheid. Maar zoals we verder zullen zien, dient ook hier wat gesnoeid.  Deze groei en vruchtbaarheid laten het in de ouderdomsfase steeds meer afweten en dan trachten we meer prikkelend te snoeien om nieuwe scheutvorming te bekomen.

 

Het groeiproces verloopt met grote wetmatigheid.

De eerste die dit duidelijk onderkende was Vöchting.

De naar hem genoemde groeiwetten maken ons duidelijk hoe door de onderlinge stand van de takken de energie over de boom wordt verdeeld.

 

De Groeiwetten van Vöchting:

 

Als 2 even lange en even dikke takken op de harttak staan

  - en ze maken dezelfde hoek,  dan groeien ze even hard.

  - indien ze een verschillende hoek maken, dan groeit de steilste tak het hardtst.

  - indien deze op verschillende hoogten staan, dan groeit de hoogste tak het hardst.

 

Als 2 takken op dezelfde hoogte staan en dezelfde hoek maken, maar verschillen in dikte, dan groeit de dikste tak het hardst.

 

Als 2 gelijke takken op verschillende afstand van de harttak staan, dan groeit de tak die het dichtst bij de harttak staat het hardst.

 

Hierop aansluitend herhalen we

 

De Snoeiregels van Koopman:

 

1.    De grootste totale lengte van één plus tweejarig hout te samen wordt

    verkregen als niet wordt gesnoeid.

2.    De grootste hoeveelheid groei wordt verkregen als 70 % van de

    scheut wordt afgesnoeid.

3.    De grootste verdikking van de scheut wordt verkregen als van de scheut de helft of iets minder wordt afgesnoeid.

4.    De groei is het sterkst aan de toppen van de scheuten.

5.  De neiging tot verlenging neemt af en de bloemvorming neemt toe

    naarmate de stand van de takken horizontaler wordt. Appel mag men

    zelfs iets door het horizontale buigen. 

 

    Doch hierbij moeten we letten op de inplanthoek van de tak.

    Staat deze steil ingeplant dan blijft de groei sterk, ook al buigen we

    de tak zoveel mogelijk horizontaal.

    Deze takken staan dikwijls op ruggen. Deze takken kan men      

    wegsnoeien.                  

    Doch de meer schuin ingeplante takken laat men ongesnoeid. Deze

    buigt men wel horizontaal, waardoor de lengtegroei wat afgeremd

    wordt ten voordele van de vorming van vruchttakjes met

    bloembotten.

    Een goed groeiende boom geeft echter te veel bloembot. Dit is zeker

    het geval na een beurtjaar, een jaar zoals we in 2005 kenden.

    Zonder ingrijpen zal de boom te uitputtend bloeien en te veel, doch

    te kleine vruchten voortbrengen en daarbij te weinig energie

    overhouden voor de vruchtzetting in 2007.

       

    Verwijder wat vruchttakken. Knip takken met te

    veel bloembotten door of knip een deel van de bloembotten weg.

    Ik begin met de slecht belichte takken in de broek van de boom weg

    te nemen.

 

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Daantje om 13:22 1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van (Klein)fruitliefhebber

↑ Terug naar de berichten