Naar de inhoud

(Klein)fruitliefhebber

Voor de fruitliefhebber

Berichten van 23 januari 2006 tot 29 januari 2006

NATUURAPPELS OP SCHIERMONNIKOOG

NATUURAPPELS OP SCHIERMONNIKOOG

 

Enkele jaren geleden maakte Wouter Tigges, verbonden aan de universiteit Wageningen mij attent op een artikel over Tijs Visser, een vroegere fruitonderzoeker bij het I.V.T., het Instituut voor Veredeling van Tuinbouwgewassen te Wageningen en aldus betrokken bij het ontstaan van de Elstar, de Nederlandse appel bij uitstek.

Deze heer Tijs Visser, afkomstig van Schiermonnikoog, het verste van de Waddeneilanden, werd getroffen door de vele gezonde natuurappels langs de wandelwegen op dit eiland.

 

Vanaf het begin der tachtiger jaren begon Tijs Visser deze zaailingen te registreren.

In eerste instantie was hij getroffen door het gezond voorkomen: vooral geen of nauwelijks schurftaantasting.

In zijn jeugd had hij er geen appelzaailingen gezien.

De bomen die hij nu aantrof waren ten hoogste 30 jaar oud. Tot begin der jaren vijftig krioelde het er nog van konijnen. Toen sloeg de Myxomatose toe. Ik herinner mij die plaag van in mijn jeugd. Overal rond en in het Wijnendalebos lagen rottende kadavers. De drie boswachters hadden hun handen te vol met het ingraven.

Voordien werd alles opgepeuzeld door de konijnen. Maar evenzeer speelde mee de grote groei van appeletende toeristen, die vele klokhuizen wegwierpen.

Slechts een zeer kleine fractie van de zaailingen zagen kans op te groeien: de sterkste. Dit wil zeggen vooral bestand tegen de ergste appelziekte: schurft. Minder dan 1 % van de zaailingen van consumptieappels zijn resistent.

Tijs Visser schat dat er 10.000 pitten uit een paar duizend klokhuizen nodig zijn om 1 goed groeiende zaailing in het duin te vinden.

 

Wat hem speciaal interesseerde was uit te zoeken of deze appelaars ook in het binnenland gezond bleven.

Ze werden geënt op een onderstam en op een paar plaatsen opgeplant in het binnenland. En wat bleek: de resistentie tegen ziekten kwam er evengoed tot uiting. Hun gezondheid steunde dus op hun erfelijke aanleg.

Vervolgens werd hun gebruikswaarde (vooral uitzicht en smaak) getoetst.

Van de eerst onderzochte appels stak er naar uitzicht en smaak één bovenuit. Hij kreeg de naam AMBRO.
                                          (ZIE FOTO BOVENAAN)

Het kwekersrecht berust bij de Vermeerderingstuinen Nederland te Horst.

Tienrayseweg 9a

5961 NK Horst

Tel 31 (0)77 39869 69

info@vermeerderingstuinen.nl

 

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Daantje om 14:33 Reageer op dit bericht

COMTESSE DE PARIS

Comtesse De Paris

Een goede, gezonde bewaarpeer

 

Dit is de peer die mij veertig jaar geleden voor de streek (zand) aangeraden werd. In het Broechemse, van oudsher een rijke fruitstreek, groeit het ras nog beter.  

Het zijn struikvormen met korte stammen. Ik heb enkel een ladder nodig om de hoogste vruchten te bereiken.

Nu genieten we van de laatste vruchten: wit, zacht, zoet, vrij sappig vruchtvlees. De late herfstzon van vorig jaar heeft ze extra smakelijk gemaakt.

De vruchten die ik de laatste jaren oogst zijn duidelijk groter en mooier, sinds ik de bomen wat beter bemest en van compost voorzie.

Ik zie ook hoe ze duidelijk baat hebben met het korter snoeien van de vruchttakken. Ik doe dit meestal net voor de knoppen gaan openbarsten.

Ik laat een tweetal botten staan. De rest van de tak met meerdere bloembotten wordt weggeknipt. Aldus wordt verhinderd dat te veel energie verloren gaat in nutteloze bloei en uitputting van de boom. Jonge scheuten zonder bloembot worden onberoerd gelaten. Volgend jaar zijn het excellente vruchttakken.

Een boom geeft vruchten voor de zaden, niet voor het vruchtvlees waarop wij verlekkerd zijn.

Voor de natuur komt het niet aan op grote vruchten, maar op veel zaden van een groot aantal (kleine) vruchten.

Wie mooie vruchten wil moet zelf wat ingrijpen.

Hoe vind je dit bericht? 21 stemmen
Geschreven door Daantje om 17:23 Reageer op dit bericht

Meer van (Klein)fruitliefhebber

↑ Terug naar de berichten