Naar de inhoud

(Klein)fruitliefhebber

Voor de fruitliefhebber

Berichten van 13 februari 2006 tot 19 februari 2006

WEGNEMEN VAN PLANTENDELEN

Snoeien is het wegnemen van plantendelen

 

Het doel hiervan is een regelmatige verdeling van energie door de gehele plant te verkrijgen, teneinde daardoor de kwaliteit en de opbrengst te verbeteren.

Uit ervaring weten we dat de boom in de jeugdfase het krachtigst groeit.

In de productiefase is er meer evenwicht tussen groei en vruchtbaarheid. Maar zoals we verder zullen zien, dient ook hier wat gesnoeid.  Deze groei en vruchtbaarheid laten het in de ouderdomsfase steeds meer afweten en dan trachten we meer prikkelend te snoeien om nieuwe scheutvorming te bekomen.

 

Het groeiproces verloopt met grote wetmatigheid.

De eerste die dit duidelijk onderkende was Vöchting.

De naar hem genoemde groeiwetten maken ons duidelijk hoe door de onderlinge stand van de takken de energie over de boom wordt verdeeld.

 

De Groeiwetten van Vöchting:

 

Als 2 even lange en even dikke takken op de harttak staan

  - en ze maken dezelfde hoek,  dan groeien ze even hard.

  - indien ze een verschillende hoek maken, dan groeit de steilste tak het hardtst.

  - indien deze op verschillende hoogten staan, dan groeit de hoogste tak het hardst.

 

Als 2 takken op dezelfde hoogte staan en dezelfde hoek maken, maar verschillen in dikte, dan groeit de dikste tak het hardst.

 

Als 2 gelijke takken op verschillende afstand van de harttak staan, dan groeit de tak die het dichtst bij de harttak staat het hardst.

 

Hierop aansluitend herhalen we

 

De Snoeiregels van Koopman:

 

1.    De grootste totale lengte van één plus tweejarig hout te samen wordt

    verkregen als niet wordt gesnoeid.

2.    De grootste hoeveelheid groei wordt verkregen als 70 % van de

    scheut wordt afgesnoeid.

3.    De grootste verdikking van de scheut wordt verkregen als van de scheut de helft of iets minder wordt afgesnoeid.

4.    De groei is het sterkst aan de toppen van de scheuten.

5.  De neiging tot verlenging neemt af en de bloemvorming neemt toe

    naarmate de stand van de takken horizontaler wordt. Appel mag men

    zelfs iets door het horizontale buigen. 

 

    Doch hierbij moeten we letten op de inplanthoek van de tak.

    Staat deze steil ingeplant dan blijft de groei sterk, ook al buigen we

    de tak zoveel mogelijk horizontaal.

    Deze takken staan dikwijls op ruggen. Deze takken kan men      

    wegsnoeien.                  

    Doch de meer schuin ingeplante takken laat men ongesnoeid. Deze

    buigt men wel horizontaal, waardoor de lengtegroei wat afgeremd

    wordt ten voordele van de vorming van vruchttakjes met

    bloembotten.

    Een goed groeiende boom geeft echter te veel bloembot. Dit is zeker

    het geval na een beurtjaar, een jaar zoals we in 2005 kenden.

    Zonder ingrijpen zal de boom te uitputtend bloeien en te veel, doch

    te kleine vruchten voortbrengen en daarbij te weinig energie

    overhouden voor de vruchtzetting in 2007.

       

    Verwijder wat vruchttakken. Knip takken met te

    veel bloembotten door of knip een deel van de bloembotten weg.

    Ik begin met de slecht belichte takken in de broek van de boom weg

    te nemen.

 

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Daantje om 13:22 1 reactie Reageer op dit bericht

FLUXYS

Fluxys verbreekt contract van 24 november 2004

 

Met de hoofdingenieur van Fluxys werd destijds voor het leggen van de gasleiding een versmald tracé afgesproken en contractueel vastgelegd. Het tracé loopt dwars door onze fruittuin; voor zover we weten de rijkste aan fruitvariëteiten in Vlaanderen.

Bemiddelaar A. Wauters en expert A. Lamberts hadden de best mogelijke oplossing uitgewerkt voor de verplaatsing van de unieke fruitverzameling.

De Nationale Boomgaardenstichting had de bomen tijdens de winter van 2005 voorbereid op de verplanting en in de herfst samen met het Kleinfruit verplant.

Aldus lag de piste klaar om de gasleiding in te graven.

 

Groot was onze ontzetting toen op 16 februari 2006 bleek dat nu een veel breder tracé was aangeduid, zonder ons medeweten.

Bij de twaalf meter tekende men nog 5,5 meters bij dwars door de boomgaard.  De nieuwe strook moet dienen om de uitgegraven aarde te deponeren. De eerste afspraak was dit op een andere plaats te doen.

In die strook staan 25 van onze waardevolste bomen en heel wat kleinfruit. Een onoverkomelijke aanslag.

Aan de oostkant neemt men nu een meter minder; doch aan de westzijde schuift men een 6 tal meter op.

Men heeft bij het herzetten van de afbakening, die gebeurde zonder dat wij het wisten, niet alleen de strook verbreed, maar ook een meter naar het westen verschoven. Dit betekent een bijkomende meter kaalslag.

Op 16 februari hebben wij samen met de bemiddelaars vastgesteld dat men aan de westzijde bij de eerste opmeting anderhalve verder moest afgebakend hebben.

In deze anderhalve meter vallen slechts 3 bomen en praktisch al het resterende kleinfruit; hoofdzakelijk de lange rij bramen-braambozen en een 15 tal, allemaal verschillende blauwbessen.

 

De laatste afbakening betekent een verwoesting van de tuin over de ganse lengte, op zijn beste groeiplaatsen. De bomen, allemaal verschillende variëten, zijn in volle dracht en verscheidene, speciale rassen werden persoonlijk in het buitenland aangeschaft.

 

De werken vangen aan begin volgende maand maart! 

 

WIJ ZIJN WOEST.

 

We vinden een dergelijke handelswijze van de firma Fluxys ongehoord.

 

Welke rechtsmiddelen hebben wij om ons hiertegen te verzetten?

 

 

Hoe vind je dit bericht? 8 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:00 Reageer op dit bericht

ESPERANTO

Aleide en ik volgen nu het 3 de en laatste jaar Esperanto

Ik beschouw mezelf niet als de meest ijverige leerling, maar sta toch te kijken hoeveel je op zo\'n korte tijd opsteekt. Bij een andere taal is dit niet mogelijk.

Hieronder geven we de onverdachte mening van een Engelse prof betreffende een gemeenschappelijke taal voor het toekomstige Europa

ENGELS OF ESPERANTO ALS GEMEENSCHAPOPELIJKE TAAL IN EUROPA?

Over die vraag volgt  hier de opinie van John C. Wells, hoogleraar in de fonetiek aan de Universiteit van Londen.

 

Esperanto

De gebruikers van het Esperanto hebben bewezen - en bewijzen elke dag opnieuw - dat er een andere weg is. Als een „ontworpen” taal, gebaseerd op Europese wortels maar verregaand gestandaardiseerd, biedt het Esperanto het voordeel dat het veel gemakkelijker te leren is dan etnische talen. Een eeuw van effectief gebruik in tal van landen heeft bewezen dat het een levende, functionerende taal is en niet het één of ander studeerkamerproject. (Het is nog steeds niet algemeen geweten dat Esperanto een echte taal is waarin honderdduizenden mensen met elkaar spreken: elkaar ontmoeten, trouwen en kinderen groot brengen.)

Daarom betekent het Esperanto een eerlijke oplossing voor het probleem. Het Esperanto behoort niet toe aan een bepaalde natie of etnische groep - het is ieders eigendom op gelijkwaardige wijze. Het geeft aan geen enkele taalgroep een overwicht over alle anderen. Het is ongetwijfeld oneindig veel eerlijker dat 100 % van de wereldbevolking een gemakkelijke taal moet leren, dan dat 90 % een moeilijke taal moet leren, terwijl 10 % - door het stom toeval dat zij toevallig in een bepaald land geboren zijn - die taal gratis voor niets krijgen.

Besluit

Het Esperanto verdedigen en naar voren schuiven betekent een radicaal herdenken van onze houding tegenover het taalprobleem in de wereld. De kracht van een status-quo is zeer groot - er zijn tal van politieke, economische en sociale factoren om het huidige gebruik van het Engels voort te zetten. Toch wil ik er met aandrang op wijzen dat de argumenten die voor het invoeren van het Esperanto pleiten, op lange termijn sterker zullen blijken. Esperanto vertegenwoordigt ontegensprekelijk een gelijkere en een efficiëntere oplossing voor het taalprobleem in de wereld.






Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:00 Reageer op dit bericht

SNOEIEN

EN NU SNOEIEN !

 
De voorbije paar weken waren helemaal gewijd aan de inrichting van het grotere appartement van mijn dochter Mieke met Jonas en Yamsi.

Naast de hulp van vrienden en familie was ik toch het meest inzetbaar voor het effenen van de muren, het wassen van de plafonds, het schilderen en het leggen van laminaat, waarbij veel zaagwerk te pas komt. Dat ik het tot een goed einde kon brengen heeft mij voldoening gegeven.

Nu kan ik aan het snoeiwerk beginnen. Een werk dat de ganse zomer doorgaat.

 

Het lijkt mij interessant mijn inzicht ter zake weer wat op te frissen.

 

Achtergronden van de snoei

 

Snoei kan het best en het meest eenvoudig worden gedefinieerd als het wegnemen van plantendelen.

Het doel van snoeien in de fruitteelt is een evenwicht te bewerkstelligen tussen de groei en de vruchtbaarheid.

Andere vaak niet minder belangrijke redenen zijn: de productie, de grootte en de kwaliteit van het fruit te verbeteren, de gewenste boomvorm in stand te houden of te herstellen en de groeikracht en de gezondheid van de bomen te behouden.

In de fruitteelt vormt de snoei dan ook de meest besproken en toegepaste cultuurmaatregel, vaak zonder voldoende theoretische achtergrond.

De kennis van de snoei berust nog steeds voornamelijk op ervaring. Ook die is broodnodig en die moet je zelf verwerven op snoeidemonstraties. Vele jaren lang was dit een van de best bijgewoonde initiatieven uit mijn VELTperiode.

 

De Snoeiregels van Koopmann

De belangrijke regels die in­zicht geven in de groei van de takken in de boom, maar dan na de snoei, zijn door Koop­mann in 1896 opgesteld.

Als hoofdopzichter van de keizerlijke tuinen in Duitsland heeft hij verscheidene jaren achtereen proeven gedaan naar de invloed van de snoei op de lengte- en diktegroei van de takken.

Aan de basis van zijn bevindingen ligt een belangrijke planteneigen­schap, die apicale dominantie genoemd wordt. Deze eigenschap houdt in dat de top van de scheut een remmende invloed uitoefent op het uitgroeien van zijknoppen. Hormonen in de plant spelen hierbij een belangrijke rol.

Door de scheuten te toppen of in te knippen kan de apicale dominantie worden opgeheven, waardoor de zijknoppen tot uitlopen worden aangezet. Een goed voorbeeld van een volledig opheffen van deze remmende invloed is een zogenaamde heksenbezem: een infectie met schimmels doet ter plaatse alle slapende knoppen uitlopen, waardoor een groot bos fijne scheuten op één plaats ontstaan.

De apicale dominantie eigenschap is niet bij alle soorten of zelfs rassen even sterk.

Ondanks dit verschil gelden voor de hergroei na het snoeien de vol­gende algemene regels:

 

·        Hoe meer een twijg wordt ingekort, hoe krachtiger de nieuwe scheuten. Dit gaat echter niet meer op wanneer een twijg zover wordt teruggeknipt, dat de ver­lengenissen moeten ontstaan uit de slapen­de knoppen van de twijgbasis.

·        De totale lengte van de tak plus de verlen­genis blijft na niet of nauwelijks insnoeien vrijwel gelijk. Na diep inknippen wordt de totale lengte kleiner .

         Sterke snoei remt de groei dus af.

 

·        De totale scheutgroei, met inbegrip van de zijscheuten, blijft min of meer constant zoIang niet meer dan 2/3 van de twijg wordt verwijderd. Wordt meer weggesnoeid, dan wordt de totale lengte minder.

·        Het aantal langloten, maar vooral het aantal kortloten neemt af naarmate verder wordt ingesnoeid.

 
·        Naarmate een twijg dieper wordt Ingesnoeid, vormen de nieuwe scheuten minder vruchtknoppen. In combinatie met de vorige regel betekent dit verschijnsel dat diep insnoeien van twijgen nadelig is voor de vruchtdracht. Het is echter voor een goede vormingssnoei veelal onontbeerlijk, want dan wil men vooral twijggroei.

 

Op Evenwicht komt het aan

 

Tussen de bladeren en de wortels van een boom bestaat een zeker evenwicht.

Dit blijkt duidelijk als een deel van de wortels beschadigd is. Door de verstoring van het evenwicht is het aantal wortels te klein geworden ten opzichte van de hoeveelheid blad en wordt er te weinig water met daarin opgeloste voedingsstoffen aangevoerd. Het gevolg is dat een deel van de bladeren verdort of hangt te treuren tot het evenwicht weer is hersteld. ( Denk even aan een grotere, verplante boom.)

Het omgekeerde treedt op als het wortelstelsel intact blijft, maar een groot deel van de takken wordt verwijderd. Het gevolg is dat zich veel nieuwe scheuten met bladeren gaan ontwikkelen om de hoeveelheid groene delen weer op peil te krijgen.

Conclusie: sterke snoei bevordert de scheutvorming: hoe sterker we snoeien, hoe sterker de nieuwe groei zal zijn.

Bij een dragende boom is het de kunst evenwicht te bereiken tussen nieuwe scheutvorming en vorming van stevige vruchtknoppen, vooral op kortloten.

 

 

Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door Daantje om 16:29 Reageer op dit bericht

Meer van (Klein)fruitliefhebber

↑ Terug naar de berichten