Naar de inhoud

(Klein)fruitliefhebber

Voor de fruitliefhebber

Berichten van 24 november 2008 tot 30 november 2008

De Weg is vrij

De Weg is vrij

Zondag komt het jong volk van de familie. Voor enkelen is het de gelegenheid om bessenstruiken en stekken mee te nemen.

Er staat een speciale happening op het  programma: het verplanten van een vrij grote notenboom.

Ik heb die reeds helemaal rond gestoken. Nu nog de dikke touwen er rond,  om, na nog wat verder ontbloten van de wortels, met zijn twintigen de boom los te trekken en naar de nieuwe plantplaats te trekken.

Hopelijk blijft het voldoende lang droog, want er wordt regen voorspeld voor zondag.

Als titel van dit stukje koos ik: de weg is vrij.

Inderdaad. Op hetzelfde perceel van de okkernoot  stonden ook enkele jonge appelboompjes. Vandaag heb ik die uitgegraven en op hun definitieve plaats gezet.  Er is nu ruimte om te passeren met de noot.

Vorig jaar was de plaats waar nu de appelboompjes uitgeplant werden nog helemaal overgroeid met netels en bramen. Ik heb nog voor de winter die plaats afgedekt  met  worteldoek en alles eronder  is afgestorven en gecomposteerd. Het heeft mij dus niet het minste werk gekost om een propere plantgrond te bekomen!

Bij het maken van de plantputten heb ik enkel nog wat dikke wortelresten verwijderd.

Wat heb ik uitgeplant:

Koningin Emma, een Nederlandse appel, genoemd naar het  eerste vrouwelijke staatshoofd  in Nederland: koningin-regentes Emma. De 10 jarige Wilhelmina werd koningin bij het overlijden van haar vader Willem III. Tot haar 18 jaar  (1898) was haar moeder  koningin- regentes.          Ik heb nog niet kunnen achterhalen wie deze appel, koningin Emma gecreëerd heeft.

Het tweede boompje zou Sunset  moeten zijn (Nog niet gedragen). Sunset is een zaailing van Cox’s  Orange Pippin in Kent. Kwam in 1933 in de handel. Het is een kleine appel (te klein voor het commerciële circuit), doch met een goede Cox smaak. Het ras groeit veel gezonder dan de ouder. Een goed ras voor de liefhebber, zeer verbreid in de Engelse tuinen.

Nummer 3: : Jupp’S Russet. Een Nieuw Zeelandse appel die in 1951 naar Brogdale kwam. Ik kreeg een ent van mijn goede Engelse fruitvriend Howard Stringer. Joan Morgan omschrijft de vrucht aldus.

“Gelijkt op een bruinkleurige (russet) Sturmer Pippin. Een goede, rijke smaak, zoet maar evenwichtig, knapperig vruchtvlees. Groeit uit in de breedte. Boomri jp eind october, eetrijp januari- april.”

Nr. vier Santana, bekomen door Wageningen uit een kruising met Elstar. Sinds 1996 in de handel. Het is een schurftresistent ras. Wel vatbaar voor meeldauw, weinig kankergevoelig. De vrucht is rood, vast, sappig en knapperig, met een friszure, aromatische smaak. Pluk eind september. Eetrijp okt. Tot ?

Foto’s:

Emma

Sunset



182690-64f999d29f24cffcdaa737ee5c60c33e.JPG

182690-aeb5e50bcd5c0105d1285a3a46919a92.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Daantje om 21:32 1 reactie Reageer op dit bericht

Foto's Sapbedrijf Lombarts Calville te Voormezele

Foto’s Sapbedrijf Lombarts Calville te Voormezele

Eind september brachtten we (de foto's zijn van Aleide) onze lege bakken terug naar het sapbedrijf te Voormezele bij Ieper.

Bedrijfsleider Luc Goossens was volop bezig met vullen van het de vorige dag geperste sap. Het sap blijft een dag staan voor spontane filtering. De zware delen zakken naar de bodem en het klaardere, gepasteuriseerde sap gaat op fles. Bewaarbaar tot 2 jaar.

Van de gelegenheid maakten we gebruik om op bezoek te gaan bij Gerard en Irene Ameeuw te Houthulst.

Foto van de oprit met rechts een kleine glimp op zijn ‘Potager du Roi’ met een zeer interessant perenassortiment.



180435-17d7a883de6aa0c9adf001497b7534dd.JPG

180435-2ea40656f0e2d9771abe404f268fc96a.JPG

180435-2f9569ecb72f88861c6b0064e012a25c.JPG

180435-e3358db2d73661ae77842e655db5204f.JPG

180435-efa89db2017976ca3331ed54ff667208.JPG

180435-cba12bbce1e6973f5cd75fe67071dabd.JPG
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Daantje om 17:32 Reageer op dit bericht

Historie van de Pruimen

 

Historie van de Pruimen

Van Nevers bracht ik het deze maand door de Crocqueurs de Pommes uitgegeven CARNET nr 2  LE PRUNIER mee.

Over de verspreiding van de  pruimen in Europa moet ik mijn kennis, zeker wat de myrobolanen of kerspruimen betreft, helemaal herzien.

 

De Prunus spinosa (sleepruim, sleedoorn, prunellier, spine noire) is bijna over gans Europa verspreid, in de Kau­kasus en in het noorden van Afrika. De soort groeit tot op een hoogte van 1500 m . In Europa vindt men stenen vanaf  3 000 en 2 000 voor J.-C

Soms vormt de sleedoorn met zijn doornen ondoordringbare hagen. De kleine (7-12 mm), donkere vruchten hangen lang aan de takken. De bittere smaak verdwijnt pas na vorst.

Men kan de sleedoorn als onderstam gebruiken.

 

De Prunus cerasifera of Myrobolaan, Kerspruim afkomstig uit de Balkan en geacclimatiseerd tot in Siberië, van oorsprong komende uit de Kaukasus, werd pas sinds de 19de eeuw verspreid in West-Europa!

De kerspruim groeit tot 8m, bloeit zeer vroeg, een maand voor de sleepruim, die samen bloeit met de vroege eetpruimen. De 2-3 cm dikke, groen, gele of rode vruchten variëren van sappig tot melig. Sommige smaken tamelijk goed. Sommige geven een uitstekend confituur.

Geselecteerde types werden gebruikt als onderstam voor hoogstampruimen.

 

De Prunus insititia, in het Frans prunéolier, afkomstig uit centraal Azië, is minder verspreid, maar bezet praktisch hetzelfde gebied als de sleepruim. De verspreiding in Europa zou gestart zijn in de 10 de eeuw na Christus.

De boom of struik heeft weinig of geen doornen. De gele of zwarte vruchten (2,2 cm doormeter)rijpen laat, vanaf september. De mirabel en de Saint julien worden gebruikt als onderstam.

 

 

De Prunus domestica. Hierin steekt domus = huis in het latijn, gekweekt in bewoond gebied. Deze pruim komt van de Kaukasus en het Midden-Oosten en stamt af van de Prunus insititia.  De Prunus insititia is dan weer het kruisingsproduct van de sleedoorn met de kerspruim.

 

De Prunus domestica bestaat uit 3 ondersoorten: 1. De (cultuur)pruim 2. De Reine Claude 3. De kwets.

De cultuur van de pruim dateert al van de oudheid. Ze was al zeer verspreid in de streek van Damascus.

 

2.000 jaar voor chr. werd de pruim al geteeld in China. Gedroogde pruimen werden in het graf van Kha, de architect van Thebe (Egypte) gevonden. Een eeuw voor Chr. kenden de Romeinen al een 12 tal variëteiten of rassen.

De kruisvaders in de 12 de eeuw brachten pruimen uit Damascus mee naar Zuid-Frankrijk.

Een eeuw later entten de monniken van Clairac bij Agen locale rassen en bekwamen de pruim d’Ente (van enter), de basis voor de pruimedant, pruneau in het Frans, de droogpruim van Agen.

Later ontstonden nog meerdere rassen.

In Brogdale (Kent) heeft men er 350 verzameld.

Hoe vind je dit bericht? 16 stemmen
Geschreven door Daantje om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van (Klein)fruitliefhebber

↑ Terug naar de berichten