Naar de inhoud

de hort op

akke.beakke.be

Archief

na een zonnige dag......komt een zonnige dag

19 december, gisteren de inspanning, vandaag een luie dag. De batterijen zijn vannacht niet volledig opgeladen.  Zegt Geert. Bij mij valt het nogal mee.  We moeten naar de winkel vandaag en dat doet me denken aan de markt in Nerja.  Die is op dinsdag.  Waar die juist is, dat weten we niet, op Google vinden we langs de n340.  Maar die loopt heel Nerja door, van links naar rechts en terug. :)  Dan zoeken we even, nemen we ons voor.  We vinden ze niet.  Andere ingeving : kan het zijn dat we maar een klein stukje van Nerja zagen, namelijk de westkant ? Er staat toch een wegwijzer naar Balcon de Europa ? We zullen daar eens gaan kijken. Het geluk lacht ons toe, we parkeren netjes buiten een betalende parking en gaan op zoek.  Inderdaad, er is een balkon van Europa, een mooie open plaats boven op de rotsen aan de zee met veel banken, restaurants, muzikanten en een prachtig zicht op de zee. Het is daar lekker vertoeven naast koning Fritzel van Ditzel die al eeuwen op dezelfde plaats staat.

En zelfs, naast het balkon loopt een promenade/straat met hier en daar kleine balkonnetjes met zicht op zee en winkeltjes in overvloed.  Spanje heeft goedkoop leder en dat zien we hier.  Er zijn prachtige leren tassen te koop.  Ook in trek zijn de keramieken onderleggertjes, kommetjes, koppen.... En ook veel rommel. We staan plots voor een kapperszaak.  Welcome, staat er, en cortado voor mannen en voor vrouwen.  Er is geen volk, de kapster rommelt wat in haar zaak, verdwijnt plots achter een deur en loert nog eens achterom.  Geen kapster beschikbaar voor verwilderde senioren roept ze rugwaarts en geluidloos.

Een hapje eten dan maar. Het hotel van het balkon ligt pal in de zon.  We zoeken een plekje, bestellen een fles water (jaja!) en een lasagne voor Geert, een slaatje voor mij. En frietjes !!!!De hele tijd dat we hier zijn hebben we nog geen enkel frietje gegeten.  De bloemkool in onze koelkast moet maar wachten tot morgen.  De tomaten en de avocado ook. Rondom ons lijkt het hotel Romantiek, allemaal oudere koppels in hun sjiekste outfit, rokend, hoestend, de krant lezend... Wat weerom niet ontbreekt zijn de zwarte verkopers met 'beautifull elephants' en armbandjes voor 1 euro.  We happen niet toe. Een dove man komt bedelen.  Hij stoot klanken uit die we niet verstaan.  De kelner probeert hem weg te jagen, maar de man laat zich niet doen en brabbelt in zijn doventaaltje dreigende boodschappen.  Wij doen niks, niet omdat we niet willen, maar omdat we geen kleingeld bij hebben.  En eigenlijk kan je je hele fortuin hier weggeven aan de bedelaars, ze zitten overal en ze lijden.  Maar wie, o wie, lijdt het meest en waar is de sociale bescherming ? We sluiten de ogen en stappen verder.

Nu hebben we natuurlijk nog altijd niet gewinkeld.  'We zullen in Frigiliana even langs de Turk gaan', zegt Geert, hoewel hij de Chinees bedoelt. Dan kunnen we hout kopen voor onze kachel en de andere boodschappen ook meteen doen. Een zak vol hout kan je geen vijftig meter voortslepen, dat ondervonden we vorige keer.  Maar parkeren vlak voor de deur van de Chinees zit er ook niet in. De miljaardemodus komt boven, we rijden dan maar naar huis met gesakker en gezeur.  Ik weet wat er scheelt.  Hij is moe, vooral van het rijden met de auto.  Hij is de enige chauffeur volgens het contract met de verhuurmaatschappij en de wegen kronkelen en hobbelen en het laatste stuk weg is helemaal een nagelbijter, vooral bij tegenliggers.  Hij behoeft een middagdutje.  Ook goed, het bedje is altijd paraat.

Ik waag mij nog aan een wandeling langs de brede grindweg vanuit Acebuchal, op zoek naar grote (zo groot mogelijk) dennenappels, als aanmaakhout voor de stoof. Er staan veel naaldbomen langs die kant en waar naaldbomen zijn vallen er appels.  Speurend ga ik op weg.  Van ver zie ik veel dennenappels, zowel links als rechts, maar als ik dichter kom blijken het hondendrollen te zijn. Heel Acebuchal laat hier zijn hond los, vermoed ik. Donkerbruine hoopjes, maar geen dennenappels. Of toch, een kleintje, en nog een kleintje en dan nog eentje dat ik uit een boom kan trekken, maar wat een povere sprokkeling. Ik kom Kai, onze buur, tegen, hij is druk aan het bellen en wuift naar mij. Zijn zwarte cocker spaniël springt enthousiast tegen me op.  Dag buurvrouw, een aaike asjeblief. Buurvrouw keert terug naar haar kot en, het is valavond, wat loopt daar plots op de helling van het bos ? Een reetje ! En even verder nog eentje.  Ze staan stokstijf en staren me aan.  Ik staar terug en vraag wat ze daar doen. Ze zeggen niks. Voor hen is deze mens een spel van leven en dood.  Als ik plots mijn buks op hen richt en pang pang hen in de borst schiet is het gedaan met op hellingen te lopen. Zo leert moeder ree aan haar kindjes.  Mensen zijn gevaarlijk. Achter elke boom, achter elke bocht, kan een gevaarlijke mens zitten.  Probeer daar maar mee te leven, als ree.  Moeilijk vind ik dat, als ik me in hun reeënhoofdjes verplaats. 

De kachel brandt met het laatste hout, Geert trekt een fles wijn open.  Hij is weer fit en verslindt Tineke Beekman. Ik typ een blog.  En lees seffens een boek in mijn e-reader over de jaren 1800 in tijden van tyfus en mirakels en doden die hun ogen niet willen sluiten. Intrigerend.  En ook wat bangelijk.



2576676-0a353e0c06e0de7b6b6fc08857099ca0.jpg



2576676-c71e7c2aeae1fceb2733c8d5f784ebca.jpg

2576676-eafae7229c4c32184b00501556be53cb.jpg

2576676-b2ab1a59fc2509026e50b6518701a5b9.jpg

2576676-498bfd150422302d5f8c545a587e90e1.jpg

2576676-93ba50870c892141577dc3116af3983f.jpg

2576676-9337a033d104a1561b28559a42d3c41f.jpg

Hoe vind je dit bericht? 8 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 20:56 4 reacties Reageer op dit bericht

alé hop naar de top

Maandag 18 december.  De dag kriekt en wij staan op, want vandaag gaan we naar de top. Als we vertrekken is de man van het restaurant al volop bezig met het klaarzetten van tafels en stoelen.  Hay frio, kraai ik naar hem. Si, un poco, roept hij terug.  Wat zouden we zijn als we niet over het weer zouden kunnen praten ? Een verstarde stomme mond, verstild van nietwetenwatgezegd.

We zijn goed in laagjes gekleed en hebben ons voorzien op lang en vermoeiend wandelen : veel water en veel boterhammen, knabbelnootjes en calorierepen hebben we in onze rugzakken gestopt.  Gemakkelijk vind ik dat niet, zo'n gevulde rugzak, maar liever dat dan terug in grote waternood te komen.  Het eerste stuk ligt volledig in de schaduw, in de bedding van een uitgedroogde rivier.  Af en toe wat kruipwerk, over en onder dwarse bomen, over grote keien.  Het is leuk stappen en het gaat goed vooruit.  Er komt een hond van de andere kant : ik schrik en deins terug, hij schrikt ook en zet zich schrap. We kijken elkaar diep in de ogen.  Als jij niks doet, dan ik ook niet, lijkt het beest te denken. 

De hond is niet alleen, er komt een tweede hond, en dan nog een derde en dan een man. Ik vraag of ze niks doen, die rakkers. Neen, zegt hij, maar welke taal spreken jullie ?  Engels suggereer ik, of Nederlands ? Ha, zegt de man in het Nederlands, dan maakt het makkelijker praten. De honden doen niks, zegt hij, want als ze iets zouden doen zouden ze niet loslopen. Toch ? Tja, meestal niet.  Maar als het een uitzonderingshond is en ik weet dat niet, wat dan ? Er is trouwens maar één hond van hem, de twee anderen lopen gewoon ettelijke kilometers mee. Vinden ze leuk, op wandel met de buurman. Hij probeert nog ons allerlei wandelwegen aan te prijzen, maar dat moeten we allemaal niet weten, we volgen GR249 richting Cómpeta, en stoppen aan de top.  Daaag!

De zon kruipt hoger en we doen ons te goed aan de lekkere warmte.  Zouden we iemand tegenkomen, vragen we ons af.  Ik voorspel dat we 4 mensen zullen tegenkomen.  Geert zegt : geen enkele mens, maar wel een dier en laat het maar een reebok zijn. Het pad is voorlopig breed, zo breed dat er een auto op kan rijden.  Het bewijs is er, langs de weg staat een pick-up, een betonmolen en 3 mannen van de gevestigde orde.  Gemeentediensten in de bergen! We zien algauw wat die mannen doen : ze verstevigen de boorden van de weg met specie. Vers gedraaid uit de betonmolen en nog zacht en nat.  Mijn voorspelling is al bijna uitgekomen : 3 mensen die we tegenkomen.  Nog geen enkel dier.  Ja maar, zegt Geert, het moeten wel toeristen zijn, geen werklui. Dat zegt hij nu, te laat.  Werkmannen zijn ook mensen.

We zijn al 7.5 km ver, dat is goed gevorderd van ons en eten een boterhammetje.  We weten dat nu nog een smal pad met een zware klim zal beginnen.  Een gesterkt mens is er twee waard. Het is een eenzame maar mooie klim, zigzaggend over het kleine paadje, stukjes tussen de bomen, maar meestal temidden kort struikgewas.  Veel rozemarijn overal.  Ik weet niet of er hier nog bijtjes zitten, ik denk het wel, want daarnet stonden er nog bijenkasten.  Ze houden van de rozemarijn, die nog steeds bloeit. Het gaat langzaam naar boven, er zitten steile stukken tussen.  Regelmatig stoppen en drinken is de boodschap. Maar kijk, daar is de top, 1.200m hoog. Dat hebben we goed gedaan!  De volgende keer mikken we ook op deze top, maar dan van de andere kant.  Nu verder lopen heeft geen zin, dan geraken we niet meer thuis.

Het afdalen is niet altijd leuk met de vele losse keien en ik ben blij als we terug op de bredere weg zijn aanbeland.  Nu nog flink doorstappen, anderhalf uur zou moeten voldoende zijn om terug in Acebuchal te geraken.  Ondertussen is de obsessie van de witte hartjes van de oude Zweed op mij overgeslagen.  Ik heb geen kauwgom, maar de specie van de versterkte boorden lonkt zo zacht en uitnodigend dat ik een wit steentje in de vorm van een hartje (nou ja!) in de boord probeer te duwen.  Er komt wat prutswerk en vuile vingers aan te pas, maar mijn wit hartje pronkt voor de eeuwigheid in de bergen van Malaga.  Er komt nog een boord, herinner ik me.  Eén hart is genoeg, de volgende krijgt twee witte longen (ik doe er een paar wensen bij en klaar is kees). Was er nog een boord geweest dan had ik ook nog een lever of een alvleesklier (zeer belangrijke organen in de klimsport!) of een zwezerik of schildklier kunnen in boetseren.  Helaas, het blijft bij hart en longen.

Nog steeds hebben we geen dier gezien (ook al zeggen de brochures dat de streek vol beesten zit). De winnaar is dus bekend en reikt zichzelf een glas sangria uit als beloning.  De verliezer krijgt er ook een. De elastieken benen komen zeker daar niet van, die zijn het gevolg van de 20kilometertocht en de 700 hoogtemeters.  Ja hoor!



2576638-a50f4e6d3c2fc250e99b346a2cf6dea6.jpg

2576638-3bfa67c2b61a5908e091d374d56fa608.jpg

2576638-dca23e7c1205f366b3ea5b2c0669f9ee.jpg

2576638-25e889fa8f253c01c181bc748584b4f9.jpg

2576638-5e9db69db6af65137a8a0f265442932f.jpg

2576638-005ca8a2fdcd04965abbef1552f85f45.jpg

2576638-5e85544169565cb764ff212051b413e3.jpg

2576638-3b71f3639d5bc04a161544a99312b53d.jpg

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

Terug met ons tweeën

Pieter en Mathieu nemen vandaag om 10u40 het vliegtuig in Malaga.  Die arme drommels behoren tot de actieve bevolking en kunnen niet zomaar dagen na elkaar passief in het zuiden zitten suffen en puffen.  Zij houden onze economie recht. Daar heeft Geert een boek over geschreven, maar nu val ik in herhaling en de interesse in onze Belgische economie is pooooverr. Dekke toch.

We zijn mooi op tijd in de luchthaven, we zeggen tot ziens (hasta luego), werpen een kushandje en weg zijn ze. Nu zitten we terug met twee in onze auto en gaat die plots geweldig goed vooruit. Als de politie dat te weten komt, zou er wel eens een boete op onze boterham kunnen terecht komen.  Maar Geert is een beetje moe en krijgt zijn voet niet meer van het gaspedaal.  Kan gebeuren.

We winkelen nog even in Nerja (goedkoop hier !), de Carrefour is open op zondag en dan is het platte rust voor Geert en half platte rust voor mij. We plannen niets voor vandaag, overgangsdag alweer en mentale voorbereiding voor morgen.  GR249 wacht op ons.  We zullen het stuk van Acebuchal naar Còmpeta doen, maar niet helemaal want we moeten ook nog terug geraken.  De top van 1200m, dat is ons doel. We hebben onze drinkbussen al gevuld, het zijn er zevenentwintig elk deze keer (dat zeg ik alleen om Margo gerust te stellen).

In de namiddag een kort wandelingetje en we gaan op zoek naar de chewinggumhartjes van de oude Zweed.  Die heeft nogal geproduceerd.  Ik fotografeer ze (zelfs) niet allemaal.  Als elk hartje voor een romance staat, dan heeft die man wel zijn deel gehad.  Eén boom heeft zelfs 7 hartjes, ik interpreteer dat als 7 liefdes tezelfdertijd.  Een ongelooflijk liefhebbende man! En bovendien, soms heeft hij in zijn oude dag, een krachttoer moeten uithalen om zo'n hartje tegen een boom te kunnen plakken.  Wij zouden er in elk geval niet aankunnen, zo schuin is die helling.  Dat moet een avontuurlijke, gevaarlijke schat geweest zijn.  Misschien moeten we het hem eens vragen.

Hij zit niet in de bar, wij zitten er wel. De mensen zijn nog aan het eten of beginnen nu te eten.  Ook al is het 16u, altijd wordt er hier gegeten.  En gedronken. Voor ons geen sangria vandaag, we moeten nog zelfbeheerst kunnen koken.

We maken een kippenlapje met tomaat/avocado en geroosterde meloen in de oven (zo noem ik dat als uitvinder van het recept, maar het roosteren laat te wensen over, dat ligt zeker niet aan mij, maar aan de oven).  Externe attributie is een heerlijke ingesteldheid. Nooit, maar dan ook nooit ben je zelf de oorzaak of schuld van iets dat fout loopt.  Zo simpel is dat.



2576334-8bad232ae776023cd869a25ad4ccace9.jpg

2576334-f1c6626603e71c09ef1f92430d479597.jpg



2576334-a3adb3ee496978d97d2c38e456016570.jpg

2576334-dc4ed5d53a07bf7e6e1cc6771565521c.jpg

2576334-0f05dfdcf1f3ad555614885fbbbdd10b.jpg

2576334-35980638a47fa92d66fa703e23dcac80.jpg

2576334-eaab2ad5771c8bdf64281ba7f40bc33d.jpg

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 18:42 3 reacties Reageer op dit bericht

We groeten de grotten

16 december, we hebben om 11u een bezoek gepland aan de grotten van Nerja (cueva de Nerja), die uitgegroeid zijn tot een grote attractie hier in de buurt, nadat een paar jongens de grotten per ongeluk ontdekten. Het kunnen ook meisjes geweest zijn. Ik denk het eigenlijk wel. Eigenlijk ben ik er zeker van : het waren meisjes, maar de pers heeft er jongens van gemaakt omdat dat stoerder klinkt. We moeten om 11u aan de ingang zijn.  Per half uur worden toeristen binnengelaten. Het maakt dat we onze wekker zetten (Geert en ik), want het is toch een half uur rijden. :)  In de vroege ochtend heeft Mathieu al een wandelingetje gemaakt en een olijf opgegeten.  Hij vond die onder een boom en die olijf zag er goed rijp uit. Maar, hoe bitter was dat ! Een fake olijf, slecht ding, miljaardemiljaarde (de miljaardemodus staat gemakkelijk aan hier in Spanje). Olijven zijn niet zomaar eetbaar, ze moeten te week gelegd worden, minstens 6 maanden in zout en nog wat en alsje ontpitte olijven wilt, neem dan de groene, want de zwarte zijn eigenlijk ook groene die ze geschilderd hebben. Zo begrijp ik Olijvopedia.

Er staat een hoopje volk te wachten aan de ingang, bij het binnengaan worden we onmiddellijk gefotografeerd (misschien om ons te kunnen identificeren als we er niet meer uit geraken en verdrogen in het binnenste der aarde ?) en dan dalen we af en zijn verwonderd dat het er niet koud is en ook niet nat.  Maar wat een prachtige grotten.  Indrukwekkend!! Het lijkt alsof we in een andere wereld terecht komen, een van sprookjes en mythes en het is tegelijkertijd betoverend en wat angstaanjagend.  Want er hangen zo van die grote pinnen aan de plafonds op een hoogte van een vijftal meter en wat als zo'n pin lost ?  Daar hebben ze in Nerja nog niet over nagedacht, ha ja! Het zijn de stalagmieten en -tieten en naar het schijnt hangt hier de grootste van .... euh, ik weet het niet meer. Wat zou dit een prachtig decor zijn om een koor in te laten zingen, de carmina burrana of onze nationale trots van Philippe van Herreweghe met oude gezangen !  Van de weeromstuit krijg ik een vreselijke aandrang om zelf te beginnen zingen, maar Geert stopt vlug zijn zakdoek in mijn mond. Een andere aandrang is ook aanwezig, dus ik spoed me naar buiten om de aseos te vinden.

In ons ticket zit ook een rondrit met een toeristisch treintje doorheen Nerja.  Dat willen we meemaken, vooral Pieter vindt zoiets hilarisch. We wachten geduldig tot het treintje komt aangebold, maar de madame chauffeur zegt dat we mis zijn.  We hebben helemaal geen ticket voor dat treintje, we hebben een solootje voor de grotten en dat is het. Het treintje vertrekt (leeg!) en wij moeten met de auto voort.  Pieter wil dat we dat treintje volgen, dan hebben we toch nog een idee van hoe het voelt in een treintje te zitten.  Hoho, dat ding gaat niet vooruit en bovendien slaat het plots af en wij niet. We gaan naar zee, dat is een beter idee.

De zee, weerom zo blauw, en de lucht, nog blauwer, en wij, zacht rose langs de promenade, zoals menig toerist hier doet. Er zijn dappere krijgers bij : senioren die niet goed meer te been zijn, maar toch aan de arm of met rollator of met stok, een flink eind stappen.  Sommigen zijn zelfs in jogmodus en wandellopen terwijl ze hun armen wild bewegen. Een enkele zwemmer waagt zich in zee, maar dat is berekoud. Wij zijn te oud voor zo'n koudeshock, maar Mathieu heeft zijn zwembroek wel bij maar niet hier.  Hij is ze vergeten aandoen (zegt hij). Dat geloven wij op zijn woord.  En Pieter is een nonzwemmer.

Vóór het begin van de promenade, aan het strand van de honden en mobilhomes (die twee gaan perfect samen), hebben we de GR249 weer ontdekt.  Die loopt van Torrox costa naar Nerja, iets meer dan 7 km.  Een mooi idee om wat stappen te zetten.  Het valt wat tegen. De route loopt de hele tijd over het strand, maar dat is grijs en leeg, onze voeten zakken diep weg, het zand loopt in onze schoenen, de strandhutjes verkopen geen ijsjes, en we keren op onze stappen terug. Op naar de banana split ijsbar die we al kennen. Wat is hier meer gepast dan een selfie maken ?  Hoe kunnen we de thuisblijvers anders doen klappertanden van jaloezie omdat niet zij, maar wij....

De avond kent nog een andere geneugte.  We gaan op restaurant in Frigiliana, de afsluiter van het bezoek van de boys. Na zijn eerste glas wijn, begint Mathieu vlotter en vlotter Spaans te spreken.  We moeten hem tegenhouden of hij gaat aan de toog tussen de andere Spanjaarden staan.  Maar het zit hem tegen : hoe meer hij Spaanse volzinnen naar buiten laat vloeien, hoe hardnekkiger de ober in het Engels antwoordt. Hij begint wat boos uit zijn ogen te kijken en dat die ober maar oplet, want seffens een djoef tegen zijn muile, in 't Westvlaams dan nog! De vorige keer kregen we hier een digestiefje, vandaag kan het er niet af. Ook goed, dan rijden we tenminste recht naar huis en niet in slalom.

We krijgen nog telefoon van Thomas die volop in de verbouwingswerken zit en best een weekje met ons wil ruilen.  Het zal voor later zijn.  Bedje roept, morgen moeten we om 7u op.



2576298-16e83eb863daa2dd2f210a79834c3c3d.jpg

2576298-c43ccf2d4c0bd7ee407bba3b7f0a689d.jpg

2576298-b4cd3a95459d8fce1213bc960998d7c7.jpg

2576298-825d467db7bea2f323b61f8e9f95ad0a.jpg

2576298-8313820b8ded4d9ddcee31d6463058f1.jpg

2576298-a8b508a6bbaac32cddd85efc195448ca.jpg

2576298-bb97dbfa79b81023df02bfffc5ad7f53.jpg

2576298-032d09427eca2458f8e904bc3c09516c.jpg

2576298-45d6c87b1961c8a5181cc23442952a73.jpg
Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 14:53 2 reacties Reageer op dit bericht

batterijen opladen

15 december, Pieter en Mathieu zijn, naar onze maatstaven, al vroeg op.  Wij volgen op het gemakje.  Een wandeling wordt gepland.  We kiezen voor een rondje Acebuchal, ongeveer 7km lang en 250 hoogtemeters te overbruggen.  Niet zo straf als wandeling, maar de boys hebben geen echte wandelschoenen en ze zijn hier vooral om hun batterijen op te laden, dus ducamente (doucement).  Het is nog koud, maar helder en zuiver.  We doen eerst een rondje langs de bar/restaurant waar de kelners met dikke truien hun eerste uurtje werken (in dit geval wachten op klandizie).

Het eerste stuk is een keienpad dat langzaam omhoog klimt en makkelijk te veroveren.  Dan komen we op een bredere weg en door het stijgen ook langzamerhand in de zon.  Dat doet deugd, die langzaam ontwakende vurige bol die hoofd en hart en handen verwarmt. Er worden wat truien uitgespeeld, de handen komen uit de zakken, hop hop hop, de weg ligt uitstekend.

Er volgt een smaller paadje langs de bergflank en dan lopen we over de kam naar de andere kant van de berg waar een steile afdaling wacht. Er staat nog prachtige gele brem (?) in volle bloei, ook veel rozemarijn en we horen de bijen bedrijvig zoemen. Het afdalen loopt over keien en zand en bosgrond en ik doe een maneuver, ik weet niet meer wat, maar plots lig ik op de grond en schuif nog wat verder met mijn hoofd naar beneden.  Het schuurt hier en daar, maar verder heb ik me niet pijn gedaan.  Vallen is niks, maar terug recht geraken op zo'n helling als je bergaf ligt, dat is wat anders. Er schieten twee paar handen toe en ze hijsen me terug omhoog. Ik kan er wel om lachen, maar Pieter vindt dat we zo'n wandelingen niet meer moeten doen op onze leeftijd.  We kunnen toch ook op asfalt een toertje doen. Ja, er komt een tijd dat kinderen zeggen aan ouders wat ze wel en niet meer mogen doen.  Langzaam belanden we in die periode.  Maar we beloven niks en doen toch onze eigen zin.

We eindigen door het bos boven ons dorpje en gaan nog even langs de loebas van het dorp, een grote aandoenlijke hond met veel te veel vel en dikke poten, die over het muurtje van zijn huis komt kijken.  We smelten door zijn aanblik en hij jankt zachtjes onder al die belangstelling. Wat een schat!

We eten in het restaurant van Acebuchal, een sangria voor de boys als aperitief in vazen o zo groot, een wit wijntje voor mij en water voor Geert. We kiezen allen voor hertenvlees met aardappelen in olie en paprika's.  Het is lekker en het vult goed. Aan een ander tafeltje zit de oude Zweed met een harem vrouwen, waar heeft hij die vandaan getoverd ?  Geen wonder dat hij kauwgomhartjes aan de bomen plakt.

De namiddag is goed voor een bezoekje aan Frigiliana, het mooie dorpje met de trappenstraten.  Mathieu en ik kopen een souveniertje, ik roep hem om in het Spaans te vertalen wat ik wil, maar de madame zegt : 'zeggetmorintvloms'.  Een Belgische uit Antwerpen en blijkbaar bevriend met onze buur Luc van de b&b. Nu Mathieu bij ons is  en kan vertalen proberen we nog een afspraak te versieren met de kapper, maar die geeft niet thuis, helaas!

Pieter heeft het ontwerp van zijn boek voor KOTK ontvangen op zijn mail, we bekijken het en zijn blij met het resultaat.  Ik wou dat het al gedrukt was en dat we het konden vastnemen en er in bladeren.  Een tastbaar boek is toch nog heel iets anders dan een ontwerp op computer. Terwijl we aan het wandelen waren geraakt Geert trouwens in gesprek met Mathieu (alletwee economiekrakken) en vertelt hij droogweg dat hij ook een boek heeft geschreven van 700 bladzijden.  Op zijn werk en in het Engels en voor mij en Pieter niet te verstaan.  We bewonderen het wel, maar het gaan lezen, nee, daar beginnen we niet aan.  Mathieu ook niet, denk ik.

We hebben nog een gezelschapsspelletje in petto, waarbij we allevier moeten samenwerken, maar helaas, uitspelen zit er niet in.  Eén keer stranden we op de eindmeet. Ondertussen zit er een boy te geeuwen dat er een ware tocht onstaat en we sluiten de boeken.  Bed in allemaal.  Alleen dat ene oude vrouwtje moet nog op de computer, in overurenmodus.  De blog moet gevuld!!!



2576105-afd9d8dfbb0cab80dccfe1e7dd615f39.jpg

2576105-cbd36372c1d13dd735a0f1765235d60a.jpg

2576105-db9e58e7f0f855eee5a1bdf37bfd556b.jpg

2576105-faf3bca31c5b9cb18da419358aa55c24.jpg

2576105-7129809e10d31c36cc8f22aa2914aece.jpg

2576105-e6267c6c87e25948036b7f72828f3d22.jpg

2576105-ac98489a4c561321997193d84e0e35b1.jpg

2576105-d0690afe33005dea5704a023dc5857b9.jpg

2576105-fc8c6efd1c0301748ef3feecf9534806.jpg

2576105-a6a8d9445b88e5d98a760e6f2cd618fe.jpg

2576105-2dfc60886ea1ea0b05cd55d12f7cdaa3.jpg
Hoe vind je dit bericht? 8 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 22:50 3 reacties Reageer op dit bericht

2 jongemannen snakkend naar de zon, Malaga

We staan op om 8u15, voor ons lijkt dat ontieglijk vroeg, we moesten de wekker zetten.  Pieter en Mathieu zijn in aantocht, we gaan ze oppikken in Malaga, aeropuerto. Mathieu heeft een rondleiding voor ons in petto, maar de boys hebben in de eerste plaats vooral behoefte aan wat zon. Dus kuieren we wat door de oude stad van Malaga, waar het al behaaglijk warm is en zetten ons dan op een terrasje op de Plaza de Merced, het plein met het geboortehuis van Picasso.  We nestelen ons op een terrasje in de zon en nemen al iets om te drinken.  Het is aangenaam druk en de dienster is vriendelijk.  Kan niet beter zijn. Waarom zouden we hier ook niet een kleinigheidje eten ? Spanje is wereldberoemd om zijn tapas, Mathieu kent al die tapas als zijn eigen broekzak, vooral omdat hij goed Spaans kan en we laten het aan hem over om de bestelling te doen.  We delen broederlijk en worden ondertussen opgevrolijkt door 2 troubadours, die nadien met hn hoedje rondgaan.  Ze hebben hun best gedaan, ze krijgen een fooi. Ze hebben hun rug nog niet gedraaid of daar staat de volgende artiest al.  Dat is een merkwaardig en sjofel oud mannetje.  Hij heeft een geluidsbox bij en laat zich daardoor begeleiden terwijl hij op een melodica vrolijke wijsjes produceert.  Ja, dat manneke kan nog goed spelen, vinden we.  Tot we zien dat hij eigenlijk helemaal niets doet met zijn vingers en dus helemaal niets speelt. Ja maar, zo niet hé, dat ventje krijgt niks. (al ziet hij er tot onze schaamte het meest zorgwekkend uit, alleen zijn schoenen zijn in goede staat). Ventje weg, de volgende artiesten zijn er. Jonge acrobaten die flikflakken en salto's draaien, op elkaars schouders kruipen en vreemdsoortige standbeelden maken, het is mooi om te zien. Ze krijgen ook een cent.  Tussendoor is er een vrouw, nog niet zo oud, met één tand op een bank gekropen en zij begint een act, we denken dat ze poëzie brengt, maar als ze begint te wenen om haar eigen gedichten, zien we dat het toch iets anders moet zijn en dat ze haar ellende aan het uitschreeuwen is en hulp vraagt.  Het is erg, maar het is ook zeer theatraal en we weten niet goed wat we er van moeten denken.

Tijd om de Castillo te bezoeken.  Die staat op een rots dicht tegen de zee en was een uitstekende vesting om de stad te verdedigen.  Eerst door de Moren bezet, maar later ook in handen van katholieke vorsten.  Het kasteel is een wirwar van kamers en gangen, met patio's en baden, zuilen, wonderlijk mooie plafonds en ook een kleine voorraad archeologische vondsten, voornamelijk kruiken. Het verleden lijkt wel één grote kruik. Eén grote waterverzameling en wellicht ook een wijnvoorraad.  Ik herken ook een stenen vergiet, die mensen moesten hun spaghetti toch kunnen afgieten.  Veel meer komen we er niet te weten, maar we hebben dan ook geen audio genomen om meer uitleg te horen.

Als we ons dorp vóór het donker willen bereiken, hetgeen toch leuk moet zijn voor de boys, dan moeten we nu wel vertrekken. Eerst nog een ijsje eten.  Aan het ijskraam staan we braaf onze tijd af te wachten, hetgeen 3 oude sloebers volledig negeren.  Ze steken schaamteloos voor en madame 1, 2 en 3 wil ook een ijsje en welke soorten zijn er eigenlijk en eerst nog eens gaan vragen aan madame 1,2 en 3 wat ze ook alweer willen. We hebben zin om miljaardemiljaarde te gaan zeggen tegen het ouwemensengesjoemel.  We doen het toch maar niet, zijn al tevreden met ons eigen snoepje.

De jongens zijn al heel vroeg opgestaan deze morgen (4u15) en hebben gestresst omdat hun trein te veel vertraging had en ze de auto hebben moeten nemen om hun vliegtuig te halen en na een kwartiertje in de auto ligt Pieter al achterover met de mond lichtjes open te slapen. Ik mag vooral niet schrijven dat zijn mond wijdopen was, want met de mond wijdopen slapen, dat geeft geen pas.

Het huisje moet lichtjes gereorganiseerd worden nu we met vieren aan tafel moeten. Het lukt wel, hij die aan de kant van de keukenschuiven zit is het doorgeefluik.  Ook de zetel moet gedeeld worden.  Er kunnen twee personen in. Als er iemand durft op te staan, is hij zijn plaats kwijt.  Het wordt chillen in shiften.  We gaan niet lang na de kippen op stok, het was een rijke en vermoeiende dag.



2575952-11bd8c7542f9724e6930449be04383ee.jpg

2575952-46f9180e4f135f5a3d82ff57a74f0130.jpg

2575952-d350b3155182907dee4491ae7a0a98b6.jpg

2575952-80d9bfcb838f06459bed9e299f886d55.jpg

2575952-2885966b88503e6b4377314e1c4dd6e0.jpg

2575952-e4eb0ffbbf759ee06c39084af54567d9.jpg

2575952-a4f71c1c43d6027f2967c5fab082c4a0.jpg

2575952-4d908d8f6fe1c436f563c172d108a644.jpg

2575952-e1791141977ac0ec9524aa2a29983efc.jpg
Hoe vind je dit bericht? 8 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 21:50 2 reacties Reageer op dit bericht

in de tour zou dit een overgangsdag zijn, wij noemen het een baaldag

smiley-undecided.gif Een bekomdagje, we zijn beiden nog moe.  Wat kan ik beter doen dan een wasje ? Het waait, het droogt dus. En Geert maakt spaghettisaus.  Want morgen komen de boys en dan moet er eten op de plank zijn. Mathieu heeft beloofd ons een rondleiding te geven in Malaga, dat is leuk. 

Ik zoek nog wat op rond de GR249 en ontdek dat er nog supermooie wandelingen tussen zitten.  Met meer water en wat vroeger vertrekken moet dat lukken.

We moeten toch iets doen vandaag, met onze benen bedoel ik, en dus plannen we een korte wandeling van Torrox pueblo naar Torrox costa.  Ik heb een gevonden op mijn app, ze is 4.7km en bergaf. Het begint goed door het dorpje Torrox dat zich aantrekkelijk maakt door veel kuipplanten, bloeiende en andere. Wanneer die bloeiende planten tijd hebben om te rusten, ik weet het niet. Ze zullen dat zelf wel regelen zeker? We verlaten het dorp en dalen af naar de kust.  Het is een goede verbinding voor hen die vlug naar het strand willen, maar voor ons is het teleurstellend.  Het is gewoon een vuile weg, met stukken plastiek, lege flesjes, lege blikjes, verpakkingen... We zijn tevreden als we beneden zijn en die weg gaan we niet terug op.  We nemen de bus en we hebben geluk : de eerste bushalte die we tegenkomen is er een voor de bus naar Torrox. Binnen 52 minuten komt ze langs.  Dat is nog even, maar dan stappen we nog maar wat in het wilde weg. We rapen nog wat afgevallen mandarijntjes, terwijl de boer niet kijkt.  Het zijn net steentjes, zo hard.  Is dat wel te eten ?

De bus moet zeker op komst zijn, nog 12 minuten geeft het elektronisch bord aan.  We kijken nog eens goed : 4 minuten staat er nu. En een andere bestemming : 314 minuten. Dat vinden we raar.  We kijken nog eens goed, onze bus staat weer op 12 minuten.  Gelukkig komt er nog volk bij ons staan, locals volgens we kunnen beoordelen.  Dus moet het toch lukken.  En inderdaad, voor 1 euro kunnen we weer naar Torrox tegen de bergflank, al weten we niet goed waar we moeten afstappen.  En als we dat dan toch vlug doen omdat Geert een rond punt meent te herkennen, blijkt dat een vergissing en weten we niet waar we zijn.  We kennen ook niet de naam van de straat waar onze auto geparkeerd staat.  Een echte patjessituatie, zou Margo zeggen. Die patjes, dat zijn wij.  Geert verkeert al in miljaaardemiljaaardemodus, nooit meer thuisgeraken, alles om zeep... Maar er is nog google maps, we tikken Frigiliana in, in die richting moeten we. En dat lukt via de circumvalención. Onderweg plukken we een mandarijn die daar langs de openbare weg toch maar hangt te hangen.  'Dat ziet er een goeie uit', zegt Geert, 'die eten we direct op'.  Ze is zurig, heel zuur eigenlijk, en bitter, en slecht, bah, vergif.  Ik spuw de helft er van terug uit. Openbare mandarijnen deugen niet.  Benieuwd wat de geraapte steenmandarijnen morgen zullen geven.

De foto's zijn enkele sfeerbeelden van onze straat én de paarse akkerwinde die zich uitstekend voelt op de vuile wandelweg.  Niemand die haar temt, ongeremd en overvloedig mag ze bloeien tussen de afval.



2575808-ec02588ea74b972935b8645accde7506.jpg

2575808-c0a74f982cb70b895ff002a19625eb19.jpg

2575808-f34e1dbcbb7ddfe31efeae07e0b795a7.jpg

2575808-457903ef6b278d4501ba4371e33f4cf7.jpg

2575808-1f4e68b53df24e85d1beb1baa3d106d1.jpg

2575808-5cbf620b5e5fbe2b194ba0b62bf939be.jpg
Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 21:19 2 reacties Reageer op dit bericht

GR249 van Frigiliana naar Nerja

Jochei, jochei, ik ben zo blij want vandaag vinden we de GR249. Ik heb een straatnaam, ik heb google maps, dus klaar is kees. En inderdaad we stevenen er recht op af.  Hoeveel keer zijn we hier al voorbij gelopen en zagen we de wegwijzer niet ? Hij geeft direct het aantal kilometers mee : 14.8.  We rekenen snel, het is nu 11 uur, dat valt goed mee.  4 uurtjes wandelen, dan de bus van Nerja naar Frigiliana en dan naar restaurant Sacristan, waar we een lekkere paëlla gaan eten.

Het begint goed : een felle afdaling naar de rio Higuero en die moeten we een tijdje volgen.  De rivier is droog, zoals zoveel rivieren in het Zuiden.  (we kwamen zelfs een rivier tegen die rio seco heette, is dat geen contradictio in terminis en zelfs, als die droge rivier ooit water had, waarom werd die dan rio seco geheten?  droog water, moet kunnen wellicht, maar het gaat mijn verstand te boven) We komen een vader en zoon tegen en ik heb medelijden met de vader omwille van de steile klim naar het dorpje.  Achteraf denk ik dat die vader nog veel meer medelijden met mij had (al wist hij natuurlijk niet waar we naartoe wilden).

Als we links langs de flank omhoog kijken zien we plots twee witte spoken. Al gauw wordt het duidelijk dat het imkers zijn die aan het foefelen zijn aan bijenkasten.  Op hun auto staat polinización en daar weet Geert alles over.  Ik denk nog vaag dat het iets met politie te doen heeft, maar het gaat blijkbaar over het bestuiven door de bijen van fruitbomen en andere bestoofde. Het gaat niet zo goed met de bijen en indien er geen bijen meer zijn is er ook geen fruit meer.  Zoiets.  En die twee spoken helpen die bijen een handje wellicht.  Ik zou het eens allemaal goed moeten vragen aan mijn nonkel Jef, die zelf imker is en was.  Ik zal een audiëntie aanvragen.

Al snel verlaten we de brede weg naast de rivier en klimmen steil naar boven door een bos.  Dat blijft aan de ribben kleven.  Boven staat een koppel wat meewarig naar ons gepuf te kijken. We zeggen blijmoedig dat we naar Nerja gaan.  Zij moeten de andere kant op.

De zon staat hoog te blinken in een azuurblauwe lucht, het is 24graden, we vinden het toch wel dorstig weer. Het begint ons te dagen dat het water dat we bij hebben niet erg ruim is en dat we spaarzaam gaan moeten zijn.  Bovendien draait de weg niet naar de zee, maar weg van de zee, de bergen in.  We stellen vast dat we 2km/h stappen. Het gaat dus niet vooruit.  Het is een sendero met best wel platte stukken, maar ook plotse steile afdalingen en, daaraan vasthangend, altijd weer stevige klimpartijen. Het wordt stil tussen ons, we zeggen niet veel meer, het stappen kost al energie genoeg. Het water slinkt en het tempo daalt.

Ik kan op de kaart zien dat we bij een rivier een scherpe bocht gaan maken en daarna op een mountainbike parcours gaan uitkomen. Dat zal wel beter begaanbaar zijn. Inderdaad, we dalen af en horen een rivier ruisen en bruisen, het lijkt wel een oerwoud waar we in verzeild zijn.  De rivier moeten we oversteken en ik denk en hoop dat we nu langs die rivier verder zullen afdalen. Niets is minder waar.  Ik zie het bedenkelijk gezicht als ik nog wat water vraag.  Het mijne is al lang doorgeslikschuurd. 'Ik ga water halen in de rivier', zegt hij, 'er is niks mis met dat water'.  Ik steek een vetokaart in de lucht.  Geen sprake van dat wij dat rivierwater gaan drinken en morgen met dysenterie of buiktyfus, cholera of salmonella in de kliniek liggen. Liever droog van de dorst dan leeggelopen van beestjes in het water.

Het smalle pad blijft maar klimmen. Het is voor mij echt genoeg geweest en moet meer dan me lief is rust nemen.  Onze hoop blijft het mountainbikepad, dat zeker en vast zal afdalen naar zee. Ik roep naar Geert, die een stuk voorop is dat hij moet jodelen als het klimmen stopt.  Hij jodelt niet, maar roept dat we nog niet boven zijn. Ik vraag me af hoe we het verder gaan doen met het beetje water.  Gaan we beginnen vechten om nog een laatste slok ? Ga ik blijven zitten en niet meer verder willen (en kunnen). Hij geeft mij nog een ferme slok.  Zelf drinkt die jongen bijna niet. Dat is ook zo in het dagelijks leven, dus zal er nog wel wat in zijn reservoir zitten, zo denk ik.

We komen boven aan het mountainbikepad, het is breed en het daalt lichtjes. En, er komen twee mensen op ons afgestapt uit de andere richting. We zeggen hello en praten wat Engels, maar het zijn Belgen.  We vragen of zij water op overschot hebben.  Ja, dat hebben ze en we krijgen een spuitwaterfles waar nog een vol glas water uit kan. Hebben ze zelf toch nog ?  Ja, ze hebben nog een volle fles.  Dat zullen ze nodig hebben, denk ik, als ze weer vertrokken zijn.  Het water is lauw, maar dat deert niet. 'We zijn nu in de helft', zegt Geert, die altijd een toonbeeld van optimisme is. Ja, weerleg ik, maar het is de gemakkelijkste helft.  Dalen.  En bovendien zachtjes dalen. 

Op de kaart staat een areo recreativo vermeld, wie weet is daar een cafeetje. Die gedachte verheugt ons buitenmatig en we stappen er op los. Het recreatiedomein is verlaten, er is een cafeetje, maar het is verlaten, er zijn barbecues en ik zie....een kraan.  Een dun straaltje loopt uit de kraan, het gaat over in druppelen.  We houden er toch onze fles onder, elke druppel telt. Het wordt één slok, voor mij. :)

Het gaat wel goed vooruit nu, het blijft langzaam dalen en we stappen de kilometers weg en weg en weg. En komen aan in Maro, een gehucht van Nerja. Er staan nogal wat villa's, maar wij zoeken een café. Dat vinden we niet, maar wel een hotel en daar mogen we iets drinken.  Geert droomde de hele tijd van een cervesa, ik neem een spuitwater.  Het is heerlijk fris, we drinken als twee kamelen.

Nu moeten we nog de bus nemen naar Nerja zelf en dan de bus terug naar Frigiliana, maar het kan ons allemaal niet meer deren.  In Frigiliana eten we een lekkere paëlla, zoals voorzien, zij het dat het twee uur later is dan ingeschat. En we kunnen maar één ding besluiten : wat zijn wij ongelooflijk DOM geweest om te vertrekken met ieder een halve liter water op zak en de gedachte dat we die GR eens rap gingen klaren.  Nooit een GR onderschatten, hij laat zich moeilijk vinden en hij laat zich moeilijk temmen. Graaauw!!!!!



2575645-153fa6157326b8eabebe721a0b04b207.jpg

2575645-e0879f113a410beaa1bf0d0550c47baa.jpg

2575645-c3b19d62b798e7bb000dcd1789a1525c.jpg

2575645-12cd5f2c60fce01f77bd200ed4eb13de.jpg

2575645-01306ed53066bbdcd85a52c979a246e6.jpg

2575645-f1bc68594a6cd35b999ffc31bad8ddc6.jpg

2575645-d09c5e279beb1b6b5423acf7127220c9.jpg

2575645-d950bcf710ed06ee2da0a12be109e1df.jpg

2575645-51c1329db07ab6b3769e8c6efe0a6bfa.jpg

2575645-d6fb68a042c068838fdcd4f26de3cd85.jpg

2575645-dd7af397437961cfbdc71be27b63c135.jpg
Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 21:25 2 reacties Reageer op dit bericht

de onvindbare GR249

Maandag, wasdag.  Fout, we doen niet mee, we zijn niet planmatig en gestructureerd.  We zoeken vandaag de Grote Route van Malaga, die we al een stukje deden toen we van Frigiliana naar Acebuchal wandelden. Als die route van Frigiliana naar ons bergdorpje loopt, dan moet ze ook in de andere richting vanuit Frigiliana naar Nerja lopen.  Maar hoe vinden we die dekselse route ? Op de topografische kaarten staat geen GR.  OP mijn wandelapp die ik plots niet meer zo aantrekkelijk vind, staat geen GR, die app wil alleen zelf wandelroutes genereren. Op de wandelkaart die we kochten staat de GR wél!!! Hij vertrekt van de westkant van het stadje en loopt door het gebergte in een grote boog naar Nerja.  En zagen we onderweg naar Frigiliana niet een wegwijzer naar de westelijke kant met 'sendero' op ? Pad, paadje, wandelpad, dat moet de GR toch zijn ?

De wegwijzer wijst ons de weg, maar maakt ons verder niet veel wijzer.  We beklimmen het hakkelige baantje steil omhoog met onze Hyundai, zo ver we kunnen.  Ik hoor een nerveuze vloek naast me als we alsmaar steiler en smaller omhoog moeten, maar er zit echt niks anders op, ons kar keren is hier onmogelijk. En jawel, boven is een parking en er is een pad. Dat gaan we volgen, hoera, hier is onze GR.  Maar ondertussen hebben we al ondervonden dat de aanduidingen van de GR over het algemeen duidelijk zijn, en hier staat geen enkele aanduiding en bovendien, dat pad wordt altijd maar smaller en smaller en wordt dan een geul met dikke darmen (waterslangen) in en dan plots niets meer.  Enkel ... een ezel.  Die wordt algauw de beste vriend van Geert, het afscheid is droevig en een kwartier later horen we hem nog balken.

De mensen hierboven zijn de toeristen duidelijk zo beu als kouwe pap, want overal staan bordjes met Privado en Entrada prohibida. Als ze het zo schoon vragen zullen we maar de andere kant oplopen, ziggezaggend, tot we een bord naar de Castillo zien. Een kasteel, interessant is dat.  We komen andere mensen tegen die ook op zoek zijn naar het kasteel.  We overleggen met hen en moeten besluiten dat er van het kasteel niets meer overblijft dan een paar kleine muurtjes.  Arm kasteel. Het uitzicht is omgekeerd evenredig met de glans van het kasteel : We zien Frigiliana beneden liggen en het witte dorp ziet er prachtig uit.

Maar wij zijn nog altijd op zoek naar de GR249. Misschien moeten we toch de andere kant nog eens onderzoeken.  We vinden een wegwijzer naar Frigiliana.  Afdalen dan maar en ginds verder zoeken. Er staan nogal wat villa's langs de smalle onberijdbare weg en we vragen ons af hoe die mensen hier ter plaatse komen. En hoe ze hun boodschappen boven krijgen.  Een man plukt de rijpe appelsienen in zijn tuin. Ik groet hem vrolijk en denk dat hij wel een appelsientje over de draad zal werpen naar dat vriendelijk wezen.  Niet dus.

Frigiliana ligt aan onze voeten en Geert vindt dat we terug de berg op moeten naar de auto.  Ik stel voor dat hij de auto haalt en dat ik ondertussen verder zoek naar die dekselse GR.  'Niks van', zegt hij beslist, 'ik rijd niet alleen met die auto naar beneden'.  Oeps, dan zal ik maar stilletjes meegaan. Het wordt een warme klim, de zon schijnt ongenadig, het is pal op de middag.  De auto staat er nog en we eten onze boterhammetjes boven op. Het is koel daar, onder de sparren en er staat een muurtje waar we comfortabel kunnen op zitten.  Ik eet een stuk kruidenkarton, ttz een stuk karton met daarop wat rucola.  Dat karton is niet echt karton, maar een wrap die stijf staat van droogte. Het is niet lekker maar het is eten en er zit ook nog een boterham met mortadella in mijn brooddoos. Mortadella, het is mijn guilty pleasure.

Er komt een andere auto boven, het zijn locals, want ik heb die man al gezien.  Op de achterbank zit een hond en die ken ik nog beter.  Nog nooit heb ik zo'n versleten hond gezien. Hij geraakt niet uit de auto, zijn baas moet hem zachtjes ondersteunen.  Eens de auto uit, blijft hij staan waar hij staat.  Baasje spoort hem aan om te stappen, hij verzet moeizaam een paar artrosepoten. Gaat terug zitten.  Blaast luidruchtig in en uit.  Baasje geeft hem water.  Slobberslobber.  Hij gaat weer zitten.  Ik vraag of hij pijn heeft.  Nee, geen pijn, zegt het vrouwtje, hij is heel oud. Ze lokt hem verder met het water, hij zet nog een paar pootjes.  Dan zet hij zich in positie om een kakje te doen en ik denk dat zijn laatste uur geslagen is.  Hij hijgt en hij gromt en zijn lichaam schokt, het is niet om aan te zien.  Maar het lukt want het kakje wordt mooi opgeruimd door het baasje.  Het uitstapje is beëindigd, de hond klimt terug in de auto met een flinke duw in zijn poep.  Weg zijn ze. 'Ik zou niet graag die hond zijn', zegt Geert vol medelijden.  Maar ik denk dat die hond blij mag zijn dat hij zo goed verzorgd wordt en dat tot zijn laatste dagen, want een pretje kan het voor de baasjes ook niet zijn.

Nu wil ik toch nog een laatste poging wagen om de GR te vinden, niet om hem vandaag nog te doen, maar morgen komt er nog een dag.   We struinen Frigiliana af, maar nergens, nergens is er een teken van GR te zien, dat zo bekende rood-witte embleem. We denken, we redeneren, we bekijken de kaart. Het is te zeggen, ik doe dit alles, want Geert, het kan hem niet bekoren waar dat ding ligt.  Als we terug thuis komen, veel vroeger dan verwacht, ga ik op google en daar vind ik alles over GR249. Ook de straat in Frigiliana waar hij doorloopt.  Hoe dom kan je zijn ? vraag ik aan mezelf. Niet aan Geert, want die zou een grote grijns te voorschijn toveren en dan zou ik zin hebben om hem te slaan. :)

De achtertuin (nou ja) is nog heerlijk om te zitten lezen. Elk nadeel heb zijn voordeel.  Wie zei dat ook alweer ?



2575498-cecacf0dce11918d2d5a65199fc533e5.jpg

2575498-2f6348509a890e1037e33c08fe1674eb.jpg

2575498-c7f6dcd537d93c3876d110b0c23f91c8.jpg

2575498-49b5923df89dc722bb08fd0383d6df83.jpg

2575498-92a7deda3ceed16ed78753f3adbb0a1f.jpg
Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 21:14 3 reacties Reageer op dit bericht

playa de Torrox

Zondag zonnige dag.  Zo is het hier. Het geeft ons de kans om een machine te wassen en buiten te drogen te hangen.  Geert probeert ook een zonnebadje in de achtertuin/terras, maar moet het opgeven, want het is te warm.

Het wordt een dagje naar de kust, de playa de Torrox. We vrezen dat het druk gaat zijn, maar dat valt ontzettend goed mee.  Onze auto geraakt zowaar heel vlug geparkeerd, niet ver van de vuurtoren van het stadje.  Het is een uitstekend referentiepunt om de auto straks terug te vinden.

Wat zouden we eens doen ? Een boterhammetje eten, de pier verkennen...en dan, wat iedereen hier lijkt te doen, flaneren langs de dijk.  We nemen ons voor om zo ver te stappen als mogelijk en dat blijken toch enkele kilometers.  Je kunt niet zeggen dat het strand mooi is, het is zo anders dan ons witte zandstrand.  Hier is het grijs, met veel kiezel en keitjes. Het belet de kinderen niet om kastelen en greppels te bouwen. Zwemmers zien we niet, zonnebaders zijn ook niet talrijk. Het is bijna uitsluitend een seniorenpopulatie.  Ja, wij horen daar ook bij.

In de palmbomen klinkt gekrijs.  Wat wij in een kooi verwachten zit hier vrij en vrolijk in de bomen : parkieten.  Geert merkt een nest op : mama parkiet zit met haar staart uit het raam. Zit er daar nog iemand binnen ? Kleine parkietjes, in december ?  We weten het niet. In elk geval hebben ze heel wat meer noten op hun zang dan de duiven die ook in die bomen willen zitten.  Zeevogels, we zien ze niet, met uitzondering van een paar meeuwen die inspectie doen op het water. 

In de verte zien we een vreemd tafereel : een oud (denken we) vrouwtje (denken we ook) met een lange gebloemde zonnige schort en een hoed is met een borstel zand aan het vegen.  In het zand. Ijverig veegt ze een hoopje zand naar links en daarna weer een hoopje naar rechts. Resultaat is nul. Ze kijkt niet op of om en veegt alsof haar leven er van afhangt.  Als we nog dichter bij komen zien we een baard vanonder de hoed.  Het is geen vrouwtje, het is een mannetje. En het is zinloos werk.  Er zijn wel meer mensen die vreemd naar de man kijken.  Het kan hem niet deren, dat zand moet bewegen en hij zorgt er voor. Als we later op onze passen terugkeren is de man nog bezig.  Ik zeg dat ik hem ga vragen waarom hij dat doet.  'Niet doen', zegt Geert, 'die man zijn hoofd werkt niet goed'. Misschien is het gewoon een act, denk ik, en wil hij ons iets duidelijk maken.  Hoe we allemaal wat in het rond krabben en denken dat we belangrijke dingen doen. Het kan, ik geef het een kans.

We kijken uit naar een gelateria, al twijfel ik tussen een stevige vissoep en een sorbet. Het wordt het ijsje. Geert glundert achter zijn banana split, ik smul van een sorbet.  De benidorm bastards whatsappen onze kinderen als ze de foto zien. Daar beginnen we stilaan wat van weg te hebben, ja.  Zolang het vuur maar niet uit onze ogen is, is het allang goed.



2575346-cae4a95093c2511431bf3469fdc67e2c.jpg

2575346-49d7c13694a875618090769bf89b3e2e.jpg

2575346-3f916e8c6fae3ab82283952baacaf04e.jpg

2575346-08fb56a93d07e5677613cccc8492b122.jpg

2575346-3f8ff35f4f5fcb2f39ef2be5dcac1641.jpg

2575346-a288385e87499bcdc660ab4544c969d2.jpg
Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door geert en hilde op de fiets om 20:06 4 reacties Reageer op dit bericht

Meer van de hort op

↑ Terug naar de berichten