Nu even over dat lage zelfbeeld van je. Dat kan op allerlei manier ontstaan. Ikzelf vertelde ooit eens in mijn 'kwetsbare' jaren een mop in …
Nu even over dat lage zelfbeeld van je.
Dat kan op allerlei manier ontstaan. Ikzelf vertelde ooit eens in mijn 'kwetsbare' jaren een mop in groot gezelschap. Niemand lachte. Nu zul je zeggen:
"Nou....én..."
Maar ik zat er zó mee. Ik werd er helemaal schuw van. Ik legde zo het fundament voor een minderwaardigheidscomplex, en was bezig om een laag zelfbeeld te krijgen.
Maar toen schreef ik een brief naar het maandblad 'Succes', dat er toen nog was en ik kreeg zo'n vriendelijk antwoord.
Men zei:
"Ach.....de dingen komen altijd harder aan bij jezelf dan bij een ander. Zélf dacht je:
'O...wat rot'
...maar de anderen hadden niet zoveel in de gaten. En terwijl jij een complex begon te fokken, waren zíj de zaak alweer vergeten".
En nu....zestig jaar verder. Onlangs maakte ik in groot gezelschap weer een opmerking:
Algemene ontsteltenis:
"Die vraag mocht helemaal niet gesteld worden".
Besmuikt gelach:
"Die vraag brandde op ieders tong. Maar niemand durfde hem te stellen, uit angst , geen antwoord te krijgen. Maar Ger haalde de kastanjes uit het vuur en leed het gezichtsverlies, dat wij niet hoefden te lijden".
Later de vragen:
"O zeg....was je niet ontzettend bedroefd".
Maar ik had niets....was alleen maar goedgemutst.
Ik heb het dus wel overgroeid.
Maar jij Mary....éen keer is dat lage zelfbeeld ontstaan.
En je weet, hoe het met onze tegenstander is, de duivel. Hij zegt:
"Aha....een mensenkind, dat gevaarlijk kan worden. Maar hier hebben we iets! We proberen dit 'uit te bouwen' om er iets 'moois' van te maken. Uitschakelen die griet".
Maar Mary; wat doen wij: de duivel met zijn vervelende gedachten wegjagen in de naam van Jezus. Dat is nog veel probater dan die vriendelijke brief van dat maandblad.
En tegen de Heer kan je blij prijzen:
..............
"Dank Heer. U vond mij zó de moeite waard, dat U -in zekere zin zélf- uit de hemel op aarde kwam om mij te redden en te zegenen en vol te maken van alle goede gaven en...nog duizend dingen meer.
O Heer; een laag zelfbeeld hoort niet bij een meisje, dat van zo'n hoge hand zulke voortreffelijke hulp krijgt. In Christus ben ik meer dan overwinnaar.
Dank U Heer, dat bij al uw geschenken ook hoort het wegnemen van negatieve gedachten.
...................
Mary....wij gaan door met de strijd tegen al die vragen van je. De volgende keer gaan wij het hebben over je eigenwijsheid.
Daag
Ger
Maar goed: 1 Korinthe 14 v 34 en 35: Lees dat nu eens zó: Paulus haalt hier een uitspraak aan van de Judaïserende broeders in de gemeente. D…
Maar goed: 1 Korinthe 14 v 34 en 35:
Lees dat nu eens zó:
Paulus haalt hier een uitspraak aan van de Judaïserende broeders in de gemeente. Díe zeiden :
"Vrouwen moeten gedurende uw samenkomsten zwijgen. Ze mogen niet spreken, maar moeten ondergeschikt blijven, ZOALS OOK IN DE WET STAAT.
Als ze iets willen leren, moeten ze het thuis aan hun man vragen, want het is een schande voor een vrouw als ze tijdens een samenkomst spreekt".
'Het is dus gewoon een 'kopje'.
Dat doe ik ook dikwijls in mijn beantwoording. Dan heeft iemand bijvoorbeeld gezegd:
"Er is geen God".
En dan begin ik mijn beantwoording met:
Nu je eerste punt: "Er is geen God".
En dan trek ik van leer. Maar niemand zal toch zeggen, dat die 'aanhaling 'míjn mening weergeeft.
Dit kan toch ook helemaal Paulus' mening niet zijn geweest. Overal verder stelt hij 'de vrouw' in het middelpunt. Enkele voorbeelden deel ik later nog mede.
Bovendien wekt hij wel meer met 'kopjes'.
In hoofdstuk 6 v 12 ook zo'n 'kopje':
(De sterken zeggen):
"Alles is mij geoorloofd".
Maar Paulus geeft direct als commentaar:
" Maar niet alles is nuttig".
In 8.8 zeggen de 'sterken' in de gemeente:
"Het eten of het niet eten brengt ons niet bij God",
Maar Paulus vult aan;
"...we mogen de zwakken niet tot aanstoot zijn".
En hier is er dus weer sprake van 'een aanhaling van anderen', Judaïserende broeders in dit verband. En die anderen zeggen zo heel ontdekkend ten aanzien vasn hun eigen inzichten:
"gelijk ook de wet zegt".
Maar in het Oude testament, ( de wet) staat niets van dat alles.
Maar weet je, waar wel iets dergelijKs staat ? In de Talmud, een geschrift uit de Joodse traditie, staat:
"Het is een schande voor een vrouw om haar stem tussen de mannen te laten horen".
Dus dat is die wet, waarop de Judaïserende broeders zich beriepen. Maar voor de gelovige, die de Bijbel tot richtsnoer neemt, heeft die wet geen enkel gezag.
En nu is ook het verdere in dit hoofdstuk beter te begrijpen:
"Heeft het woord enkel u, (Judaïserende broeders) bereikt".
Het strijdt ook met lle verdere uitingen van Paulus om hem vrouw-onvriendelijk te noemen:
- Pauluas vertoeft in Corinthe geruime tijd in het gezin van Aquila en Priscilla. En later leggen Priscilla en Aquila ( let op de volgorde), de weg van God aan Apollos duidelijker uit.(Hand 18 v 2 en 26).
- En in Romeinen 16 v 3 worden Priscilla en Aquila, (weer die volgorde), mede-arbeiders van Paulus genoemd.
- En later reizen Prsiscilla en Aquila met Paulus van Corinthe naar Syrië, (Hand 18 v 18)
Eigenlijk waarschuwt Paulus hier op dezelfde wijze als in Titus 1 v 14, waar hij ook ....
"...Joodse verdichtsels en geboden van mensen, die zich van de waarheid afkeren".
gispt.
In het Nieuwe Testament zijn nog vele voorbeelden te vinden van vrouwen, die allerminst hun mond hielden. En ook in het Oude testament komen wij ene Deborah tegen, die stevige uitspraken deed. En naast haar nog vele, vele anderen.
Steffanie...geef je vrijmoedigheid niet prijs. Je bent door de Heer met grote gaven bekleed. Dat is genade. Maar nu mag...nee móet je er ook gebruik van maken.
Sterkte met je verkering
Ger
Dit was dus je vraag: Wat doen jullie wanneer je twijfelt? Wat helpt het beste, ik zelf haal meestal verhalen voor mij die ik hier en daar g…
Dit was dus je vraag:
Wat doen jullie wanneer je twijfelt?
Wat helpt het beste, ik zelf haal meestal verhalen voor mij die ik hier en daar gehoordt heb.
Over hoe mensen tot het christelijke geloof zijn gekomen.
Mijn antwoord:
Wat zegt de bijbel over 'twijfelen'.
Ik neem alleen teksten uit het Nieuwe Testament. In het Oude Testament zie ik niet zo gauw iets en wij hebben aan de N.T.-teksten al heel wat stof.
Matth 14 v 31:
"Meteeen - toen Petrus begon te zinken - strekte Jezus zijn hand uit, hij greep hem vast en zei:
'Kleingelovige, waarom heb je getwijfeld' " .
Je moet toch niet mis denken over Petrus. De durf, die deze jongen had: hij deed het dan toch maar !
Natuurlijk...hij had de vorige dag geweldige dingen van Jezus gezien. Alleen door het omzetten van eneregie in materie, gevolg van dat krachtige geloof van Jezus, had hij ongeveer 30.000 mensen(v 21) zien eten van vijf broden en twee vissen, (17).
Maar toch; daarna die afschuwelijke ervaringen in de nacht, die storm, (24), dat verschijnsel, (26), het was warempel niet niks.
En om dan 'uit de boot te stappen'. (28) en over het water naar Jezus toe te lopen, (29)....doe het hem maar eens na.
Maar dán is zijn geloof ook óp, (30). En dan.....dan ziijn er die licht-berispende woorden van Jezus en ....zijn hulp.
Wat doe je dus bij twijfel; je hebt dan even 'over je geloof heen gehandeld'. Maar Jezus is er om jou te bemoedigen.
Ik denk dat met deze éne tekst de vraag eigenlijk al beantwoord is.
Een gelovige kan in vol vertrouwen op Jezus bij zijn bekering ' uit de boot van allerei zekerheden' stappen en met Jezus op pad gaan.
Maar al gauw zijn er dan de golven van de tegenslagen. Soms zijn die golven maar heel laag en schrik je je toch al een ongeluk. Zo had ik eens iemand voor diepere geloofservaringen geïnteresseerd. Hij ging een poosje mee naar de plekken, waar het Volle Evangelie werd gepredikt. Maar op een keer zei hij tegen mij:
"Ger...ik ga niet meer mee. Mijn zwager heeft gezegd tegen mij:
'Ik zou maar uitkijken met die club van Gerritse. 'Ze' hebben daar jou een paar keer gesignaleerd. Straks zeggen ' ze' nog, dat je erbij hoort'.
Dus Ger....je begrijpt....'
Maar soms gaan de golven heel hoog en in het gehuil van best wel wat zwaardere stormen , gilt satan zijn partijtje mee met allerlei twijfelzaaierij. Hij heeft zakken vol daarvan op zijn zoldertje staan.
Maar de gelovige weet, dat Jezus hem uit alle verzoekingen wil bevrijden en al die verzoekingen wil maken tot doorstane beproevingen.
Roep dan maar :
" Heer.red mij"
en Jezus steekt zijn hand al uit.
Maar er is nog een mogelijkheid. Altijd al heb je de satan kunnen verdrijven in de naam van Jezus, (Markus 16 v 17).
Vervuld echter met de Heilige Geest wordt de gelovige door de genade van Giod zo sterk, dat hij echt veel beter durft te lopen op allerlei wateren van onzekerheid. Die mogelijkheid heeft de Heer Jezus je ook achtergelaten.
Ik laat de andere teksten nu maar, denk dat je zo al heel wat remedie tegen twijfel hebt .
Daag
Ger
Zondag 17 juni 2007

Dag Hester, Altijd fijn om weer van je te horen. Je weet het; we hebben nog 148 psalmen met elkaar te gaan. Nu ja; die lopen niet weg. Maar …
Dag Hester,
Altijd fijn om weer van je te horen.
Je weet het; we hebben nog 148 psalmen met elkaar te gaan. Nu ja; die lopen niet weg. Maar nu heb je naar aanleiding van een goede preek déze vraag:
"Hoe zoek ik God".
Allereerst dit: je bent zeker niet de enige, die de Heer zoekt.
In 1 Kronieken 16 v 11 zegt David in een lofzang:
"Vraagt naar de HERE en zijn sterkte
Zoekt zijn aangezicht bestendig".
Hier zit al een gedachte in: zijn aangezicht zoeken zou ook gepaard kunnen gaan met een lofprijzing op Hem, vanwege zijn kracht, glorie en sterkte.
In 1 Kronieken 22 v 19 is er déze opwekking van David:
"Zet nu uw hart en uw ziel erop, den HERE uw God te zoeken. Op dan!...bouw het heiligdom!!"
Weer aandachtpunten:
- concentratie; je diepere persoon en je meer naar buiten toe gerichte persoonlijkheid éen in deze wens: ik wil God zoeken
- En dat zoeken uit zich niet in dadenloos zuchten, maar in gerichte daden om Gods heiligdom te bouwen.
Ach; Oude en Nieuwe Testament staan vól opwekkingen om God te zoeken.
Maar het best zoek je God, wanneer je in zijn sfeer bent. Wanneer je iemand in Waddinxveen wilt zoeken, dan begin je toch niet in Purmerend.
Nee; je gaat naar de woonplaats. Wie gedoopt wordt in Gods Geest en vervuld mét die Geest, komt in Gods sfeer en dan wordt het veel gemakkelijker om je inner- en outerperson in een gemeenschappelijke actie te richten op God.
Dan is het zo, dat onder al je drukke werkzaamheden overdag door, de gedachte aan God diep in je innerlijk altijd aanwezig is. Dan denk je niet, thuiskomende:
"O ja; dat is waar ook: God is er ook nog". Maar omdat je in zijn sfeer bent gekomen, is Hij altijd in jouw gedachten aanwezig, volstrekt niet storend, maar als een stille , rustgevende ondergrond. En dan valt het zoeken eigenlijk veel gemakkelijker, omdat je steeds meer in Gods stad, in zijn tempel aanwezig bent, doordat je zijn sfeer begint in te ademen.
En dan wordt de lofprijzing een deel van je persoonlijkheid en dan wil je ook bouwen aan Gods tempel, waarvan jij je een levende steen begint te voelen.
Hes; zomaar wat gedachten. Kom je met vervolgvragen, want 'het zoeken van God' is 'un mer í boire, (een zee om leeg te drinken).
Daag
Ger
Dag Mary, Je volgende vraag; "Ik zou meer contact met God willen, maar ik snap niets van het boek, dat Hij aan mij geschreven heeft, de bijb…
Dag Mary,
Je volgende vraag;
"Ik zou meer contact met God willen, maar ik snap niets van het boek, dat Hij aan mij geschreven heeft, de bijbel. Ik kan ook nooit tijd vinden om erin te lezen en ik weet ook niet, waar ik nu eens moet beginnen".
Mijn antwoord;
Je zou best meer contact met God willen.
Maar stel, dat je eens een jongen leerde kennen op de een of andere E.O.-dag. Kán toch!
En hij woonde in Waddinxveen en jij in Joure. Wat zou je dan doen?: veel e-mailen, sms-en en msm-en en vooral veel e-mailen . En vergeet niet: opbellen. En misschien zelfs , heel ouderwets, brieven schrijven. En misschien zelfs, nieuwerwets, gelijk zichtbaar worden in de display van een wel héel modern apparaat.
Je zou elkaar beter willen leren kennen dan die eenmaal per twee weken : jij naar Wadinxveen en hij naar Joure.
Dat is toch de gewoonste zaak van de wereld. En je zou al je best doen om zijn handgeschreven brieven te ontcijferen...en wanneer je een keer las:"roorharkje", zou je net zo lang op dat schrift studeren, tot je begreep, dat er stond: "Hoor hartje". Zo pakte mijn vrouw dat in onze verkeringestijd aan, waarmee ik niet wil zeggen, dat wij bovengenoemde woonplaatsen hadden.
Je zou alle tijd nemen voor alle communicatie en je zou je best doen om al die berichten van hem werkelijk te begrijpen en zijn innerlijk te doorgronden. En bij je eerste 'brief' zou je best weten, waar je ergens moest beginnen.
Maar dan moet dat toch ook zo gaan, wanneer je met God in contact wil komen. Hij wil op velerlei manier met jou spreken, maar laten wij nu eens éen van die vele manieren nemen: de bijbel.
Op 27 oktober presenteert Hare Majesteit de Koningin de allernieuwste, breed gedragen, op de meest originele manuscripten gegronde vertaling.
Schaf die bijbel nu eens aan ...je hoeft maar een maandje te wachten...en begin dan de eerste dag met het nauwkeurig lezen van bladzijde éen. Sla dan een dag over, want je moet die dingen niet 'overspannen' en lees dan bladzijde 101. Wéer een tussendag en dan bladzijde 201...weer een tussendag en dan bladzijde 301. En zo door. Het Nieuwe Testament nummert meest weer nieuw, maar daar vind jij wel wat op.
Het grote voordeel is dít: je bent ergens begonnen en je hebt afwisseling. Want' saaie' en 'onbegrijpelijke' stukken wisselen af met bladzijden, waar best doorheen te komen is. En zelfs bij al die registers uit 1 Kronieken : beetje volhouden in liefde.
En wanneer je bij 'Obadja' bent, niet denken:
"Wat een klein, stom briefje. Wat kan daar nu in staan", maar dapper lezen en even geboeid worden door vers 21 en echt even prakkizeren:
"Wie zouden die verlossers dan wel zijn?"
Ach...ik noem maar wat.
Eén keer in de twee dagen en volgens een gemakkelijk systeem en- zo mogelijk- met een de tekst-volgende verklaring erbij. En bij van die geweldige moeilijkheden als:
"Toen de regen nog maar een póosje was opgehouden, kwam de berg Ararat al met zijn top boven. Maar de Himalaya is toch tot 8800 meter hoog, veel meer dan die voddige 5500 meter. Was die berg ' de Mount Everest' zogezegd, dan wel helemaal onder"...
bij zulk soort vragen ben ik er toch altijd.
En dan maken we samen van al die 'roorharkjes' best wel 'hoor hartjes'.
En Mary; ik ben er zeker van, dat God zich aan je kenbaar maakt als je grote , geestelijke 'Minnaar', wanneer je zo dapper dag in dag uit, maand in maand uit, doorgaat, je soms door de duivel aangeblazen tegenzin overwinnend en die kwade influisteringen in de naam van Jezus wegjagende.
En dan komt God nog met extra verrassingen.
Hij 'e-mailt-' door middel van ongedachte contacten....hij sms't door je gebeden, die veel doelgerichter worden; hij msm't met antwoorden, die in je innerlijk opwellen....Hij schrijft brieven via oude lieve oma's , die waardevolle dingen zeggen....Hij verschijnt op je display bij visioenen, die je gaat ontvangen....
Van start Mary.
Daag
Ger
Dag Mary, Je volgende vraag: "Ik wil best meer contact met God hebben, maar ik ben bang, dat ik dan vrienden kwijtraak en dat de pesterij…
Dag Mary,
Je volgende vraag:
"Ik wil best meer contact met God hebben, maar ik ben bang, dat ik dan vrienden kwijtraak en dat de pesterijen en uitsluitingen van vroeger herleven".
Mary; er zijn vele bijbelteksten, die dit denken van jou betreffen:
Allereerst zegt Spreuken 29 v 25: "Vrees voor mensen spant een strik....maar wie op de HERE vertrouwt, is onaantastbaar". Je zegt dat zo haarscherp: "Ik ben zo bang, dat pesterijen en uitsluitingen herleven". Wat heb je daaronder geleden! Wanneer je op het schoolplein aankwam, was daar die hechte kring meisjes, waaronder je zo graag als vriendin zou hebben verkeerd. Maar het is wel gebeurd, dat die kring voor jou gesloten bleef en dat je geschokt elders op het plein stond. Niet altijd, het was geen regel, maar....de herinnering staat je toch scherp voor ogen.
En de pesterijen....ook dat was er niet altijd. Maar het kwam voor....en je droomt er nog wel eens van. Je hebt een brekelijke rust bereikt, maar je bent o zo bang, dat dat gesar weer terugkomt.
Maar de Heer zegt tegen jou: "Van nu aan hoef je niet bang en schuw meer naar school te gaan. Als ze zóuden zeggen: ' Zijn we Christelijk geworden hí¨... moet je nu ook een hoedje gaan dragen...en mag je van die lui nog wel op zondag fietsen?!' ", (omdat er toevallig een kerk, waar dat gebruikelijk is, bij jullie in de buurt is)... dan hoef je niet meer bloedrood en zenuwachtig te worden...maar dan kun je tegen jezelf zeggen: "Ik vertrouw op de Heer....en in Hem, mijn grote beschermer en vriend, ben ik onaantastbaar".
En als ze roepen: "Kijk ze eens blozen....zeker een knul bij hullie, waar je op verliefd bent", dan kun jij zeggen: "Bloosde ik dan...zie je iets...nee...nou dan".
Let wel, Mary; je kunt zeggen: "Wat kinderlijk allemaal...die leeftijd heb ik toch al gehad. Zó klein liggen mijn problemen niet!", Bedenk echter, dat ik 'over jouw hoofd heen' ook voor anderen schrijf.
En Mary ....nog een andere bijbeltekst: Markus 10 v 29-30: "Jezus zei: 'Voorwaar, Ik zeg u, er is niemand, die huis of broeders of zusters of moeder of vader of kinderen of akkers heeft prijsgegeven om Mij en om het evangelie, of hij ontvangt honderdvoudig terug: nu in deze tijd , huizen en broeders en zusters en moeders en kinderen en akkers, met vervolgingen, en in de toekomst het eeuwige leven...' ".
Mary....'Vrienden en vriendinnen' staat er niet bij. maar de opsomming is niet limitatief. Wanneer jij, omdat jij voor de Heer Jezus en de Heer God kiest, vriendinnen zou kwijtraken. Nou....als het daarom is, dan zijn zij ook niet zo heel kostbaar. En de Heer zegt, dat je voor elke verloren vriend er anderen voor terug krijgt...als je het zou kunnen verwerken wel honderd vrienden en vriendinnen van veel hoger gehalte.
Mary; ik had veel meer willen zeggen. Maar ik heb mijn huis vol volk zitten. Voor ditmaal gaan we afscheid nemen.
Nee; ik laat dit nog even staan. Het bezoek blijft niet eeuwig. Mogelijk valt mij nog iets in.
Ja; ze zijn weg. En nu nog allereerst dit Mary:
Wanneer je dit leest, dan zeg je misschien: "Mooi, mooi allemaal; maar waarom moest dat er nu weer bij van'vervolgingen'".
Mary; laten wij realistisch blijven. Wanneer jij dichter bij God wil komen en wanneer jij dapper standhoudt bij een beetje herlevende nare dingen van vroeger en wanneer er leuke, 'gouden' vrienden op je pad beginnen te komen, dan is het in zekere zin niet meer dan redelijk, dat aan de donkere kant van de onzichtbare wereld rode lampjes beginnen te knipperen:
"Baas; Mary begint vervelend te worden. Ze wil naar 'de vijand' toe en de laatste tijd blijft het niet alleen bij woorden, maar er komen daden".
En dan komen de pesterijen van de duivel, zoals Paulus dat begon te ervaren, toen híj 'ernst met de zaak begon te maken'.(Romeinen 7 v 13-26).
Maar God helpt je ook daarin: - Hij zorgt dat de verzoeking niet te zwaar wordt, je leert er bestand tegen zijn, ( 1Cor. 10 v 13) - Hij leert je weerstand bieden en de duivel met zijn plagerijen zal moeten vluchten, (Jacobus 4 v 7).
Mary; ook híer ga je weer doorkomen.
Daag Ger |
| |
Re: Jezus wel of geen God / hoe Jehovahs getuigen weerleggen - 2005/07/21 14:17 Deze vraag werd ook gesteld in 'Vraag het Ger'. Het daar …
Re: Jezus wel of geen God / hoe Jehovahs getuigen weerleggen - 2005/07/21 14:17 Deze vraag werd ook gesteld in 'Vraag het Ger'. Het daar gegeven antwoord herhaal ik voor de volledigheid hier. Ger
Dag Vraagteken,
Wat een moeilijke correspondentienaam. Ik noemde jou toch Celeste, of was dat iemand anders. Vertel je dat nog even.
Maar nu je vraag: "een Jehovah getuige zei tegen mij, dat Jezus geen GOD is, maar 'een god'. En hij zei ook, dat 'de Drieí«enheid' een verzinsel is. Wat móet ik daar nu mee?"
Celeste -ik waag het er maar op- alle eeuwen door, sinds Jezus , bij zijn menswording voor de eerste maal bij ons was.... ( dat hij als 'de Engel des HEREN' in het Oude Testament al 'het terrein verkende', laat ik nu buiten beschouwing) ....heeft de duivel storm gelopen tegen de idee, dat Jezus ook God is. Als hij dat maar kon ondergraven....als hij Jezus maar kon neérpraten, dan zou het wégpraten ook wel een keer lukken.
En een weg tot dat doel was: het ontkennen van de Goddelijke Drieí«enheid. Dat God de Heilige Geest ook deel uitmaakt van die Drieí«enheid, kon hem niet schelen. Daar besteedde hij geen aandacht aan, omdat 'De Heilige Geest' toch niet zo bij de mensen leefde. Maar Jezus....die leefde wel in de harten....die moest neergesabeld worden en een eerste stap was: Jezus wegpraten door te zeggen, dat er geen Drieí«enheid was, dus dat Jezus er ook geen deel van kon uitmaken, dus ook geen God was, maar uiteindelijk alleen mens. En voor die mening waren altijd wel mensen te porren, beste brave mensen met prachtige bedoelingen, maar op dit punt waren zij toch maar al te vaak ongewild en onbedoeld het voertuig van helse gedachten.
Nu weet jij ook wel, dat er op HQ aan de de lopende band topics zijn, waar over het mysterie van de Goddelijke Drieí«enheid gestreden wordt. Naar mijn mening zijn van die Drieí«enheid overduidelijke schriftbewijzen. Maar altijd, wanneer bijvoorbeeld gezegd wordt: "In Genesis 1 alleen al staan er zulke overduidelijke bewijzen: - God schiep de hemel en de aarde - Gods Geest zweefde over de wateren. - ...en in Johannes 1 staat, dat er zonder het Woord, dat God was, niets is ontstaan, dat ontstaan is. ...Alsjeblieft...toen al waren de drie verschijningsvormen van God gezamenlijk en in volle overeenstemming actief", dan lachen de 'anderen' maar eens en ze beginnen weer te ..práten.. Want....de duivel is een beste prater...hij praatte indertijd Eva(Manninne) al ondersteboven en doorredeneren is echt 'de moriaan geschuurd'. En deze geí¯ndoctrineerden 'hebben d'r bekkie best bij zich', ook al hebben ze meest niet in de gaten, dat heel die woordenvloed 'made in hell' is.
En wanneer je daarna zegt: "Er staat toch in Johannes: 'Het woord was GOD' en even later (14): het woord is méns geworden en heeft onder ons gewoond...", dan praten ze maar weer door, de 'gesprekpartners'.
Echt: wanneer je Jezus wilt verdonkeremanen en daartoe een aanval op de Drieí«enheid inzet, dan blijf je maar doorratelen, totdat de andere partij vermoeid en verward dan maar zwijgt.
Niet doen dus. Ik geef nog enkele teksten over de Drieí«enheid, maar mogelijke tegenstanders zullen ook daarover glimlachend en superieur het hoofd schudden, zo van : "Die Celeste toch. Wat doet het kind haar best met een ijver, een betere zaak waardig". Hier komen ze nochtans: - De Engel des HEEREN komt in gesprek met Hagar, die voor haar meesteres Sara vlucht, (Genesis 16) De Engel des HEREN is dezelfde als de Heer Jezus; immers: 'het Woord is méns geworden', lazen wij zoí«ven. - ...en zo staat het Oude Testament vól van deze verschijningsvorm van de Heilige Drieí«enheid. En dat is juist het zwakke punt vanb de bestrijders. Zij hebben zich- bijvoorbeeld- gebaseerd op 1 Johannes 5 v 7: " Er zijn dus drie getuigen in de hemel: de Vader, het Woord en de Heilige geest: en deze drie zijn éen". Als ze je daarheen weten te brengen, dan krult hun neus: "En het staat niet eens meer in '2004' ", kraaien ze. "Allemaal onbetrouwbare handschriften". Maar op 'de Engel des Heren' hebben ze zich niet zo toegelegd. Blijf daarom weg van hun 'succesnummer'.
Wel kun je vragen: "En wat denk je van 'de Heilige Geest'. Die wordt toch op vele plekken "God" genoemd. En ook dan zijn ze even vleugellam, totdat ze ook maar weer gaan ...praten.
Maar goed: geloof jij nu maar , dat er in dat prachtige overweldigende mysterie van de voor het verstand niet in de verste verte te peilen GOD nog een ander mysterie schuilt; dat hij zich op drie verschillende, rijke manieren aan ons openbaart, voor zover mogelijk: - als de centrale figuur... want gelijkheid( allemaal God) kan heel goed samengaan met een rangschikking: GOD DE VADER. - als hem, die de weg van God naar ons heeft gebaand, zodat wij 'de Onnoemelijke' Vader, zelfs pappie (abba) mogen noemen: GOD DE ZOON - als hem, die de weg van ons naar de Vader altijd maar weer wijst en ons begeleidt: GOD DE HEILIGE GEEST.
En nu nog enkele teksten, die wijzen op de Godheid van Onze Heer Jezus Christus. Die anderen' zullen altijd weer komen met hun 'ja maars'. maar goed; hier zijn ze: - In Matth 3 v 17 zegt God over Jezus sprekende: "Deze is mijn Zoon, de geliefde". (En 'zij' zullen zeggen: "Nou...én....wat bewijst dat: ik ben toch ook een geliefde van God") - in Matth 4 v 6 zegt de duivel in directe confrontatie met Jezus: "Indien gij Gods Zoon zijt, werp uzelf dan van de tinnen van de tempel". En in dat gesprek, waarin beide partijen heel persoonlijk met elkaar omgaan, blijft Jezus overwinnaar. - In Math 8 v 29 zeggen een legioen duivelen tegen Jezus: "Wat hebt gij met ons te maken, Zoon van God".
En altijd zullen 'zij' zeggen: "Niet overtuigend", hoewel in mijn concordance een bladzijde vol van dergelijke teksten staan.
Denk aan dat oud-Nederlandse spreekwoord: Ach.....wat baten kaars en bril als den uyl niet sien en wil".
Vasthouden aan wat wij hebben en je niet in de war laten brengen.
En als ik hiervóor soms wat badinerend gesproken heb over 'zij', neem dan van mij aan, dat ik ook van 'hen' houd. Ze zijn zo ontroerend 'te goeder trouw', soms houden zij zo ziels veel van de Heer Jezus. Als ik mij hier en daar wat ongenadig uitlaat, weet dan: dat God genadiger is dan de mensen'.
Daag Ger |
| |
Dag allemaal, Narnia: goed of fout, daar gaat het over. Ik wilde het eens van een heel andere kant bekijken: Alles bereidt zich op dit ogenb…
Dag allemaal,
Narnia: goed of fout, daar gaat het over.
Ik wilde het eens van een heel andere kant bekijken:
Alles bereidt zich op dit ogenblik voor in hemel en op aarde, op de grote strijd, waarin Satan als zijn grote troef heeft de antichrist, de valse profeet, het beest uit de aarde....en waarin de gelovigen als hun grote troef hebben Onze Heer Jezus Christus.
En als voorbode van die grote, komende strijd is er nu een wereldbeweging, (volgens mij door God) op gang gebracht, van een verhevigde belangstelling van de mensheid in de 'smaakbepalende' gebieden, (het Westen), naar de onzienlijke wereld.
Dezer dagen hoorde ik het een 'moderne' Christen, zo een van :
"Jezus was een goed mens, maar al die dingen van opstanding en zo, zijn maar flauwe, achterhaalde praat",
met bevreemde verwondering zeggen:
"Hé zeg....God was toch dood....en nu mág hij weer.
En ze gooien je tegenwoordig ook maar om de oren met engelen of het zo niks is.
En wat ik nú toch bemerkte: de duivel mag ook weer".
En inderdaad: men kan weer veel meer over die dingen spreken. Zo'n column als die van mij in 'Vraag het Ger'......dat zou een aantal jaren geleden niet mógelijk zijn geweest, nog afgezien van de technische ambiance.
En wat ik zondag toch weer van Anne van der Bijl hoorde; over een geweldige beweging in de Islam-wereld...naar Jezus en God en de Heilige Geest toe.
Mensen; er is wat aan de hand!
En daar speelt de duivel op in. De goede ideeí«n komen van God; de duivel is zo onvruchtbaar; hij kan niet op eigen ideeí«n komen, is alleen maar knap in het aanhaken bij een initiatief van God om dat te verzieken.
En nu ligt er weer een initiatief bij de mensheid. Er zijn altijd mensen, die 'de markt afspeuren naar een gat daarin'.
En de honger naar de dingen van 'de onzienlijke wereld' wordt door allerlei mensen- soms heel argeloos en onbedoeld- gestild met boeken en anderszins.
En het gaat weer net als met het uitvinden van de boekdrukkunst: het is een stap naar de hemel of naar de hel. Bijbels kwamen toen in overvloed ter beschikking, maar ook allerlei andere lectuur.
Tussen al die vele lectuur vallen aan satan de boeken over Harry Potter op en hij vraagt zich af:
"Wat kan ik daarmee doen".
En dat is heel wat: de paar naar goede, opbouwende gedachten heenwijzende elementen daarin maken maar 20 procent uit, (ik stel maar wat).
Voor zover die via het boek nog wat hinderlijk voor de duivel zijn, kan hij die via de 'altijd wat vergrovende' film nog wat wegdrukken.
Vervolgens bekijkt satan de immens populaire verhalenreeks van 'the lord of the ring'. Dat is al veel moeilijker;
- die argeloze Hobbits, ongevoelig voor macht en dus ook voor de betovering van de ring
- en nog zovele elementen,
Er wijzen wel '40 procent' van de impulsen in de richting van het rijk van God. Via de film praat de duivel die nog voor een flink deel weg. Want wat was er in het verfilmde deel 'De twee torens' weinig opbouwends te bemerken.
En dan is het de beurt aan 'Narnia'. Echt; daarin zit wel 60 procent, dat een impuls kan zijn 'naar God toe'.
En weer zul je zien dat de film daarvan heel wat wegpraat.
Maar zo liggen de zaken, geestelijk bezien. En dan leggen goedbedoelende Christenen 'Narnia' onder het fileermes. Ja....en dan is er heel wat op aan te merken.
Maar jullie, jonge Christenen van deze tijd. Jullie zijn toch bekend met ' de strijd in de hemelse gewesten'. Dit alles komt toch bekend aan jullie voor. Jullie zijn toch voor een groot deel in aanraking gekomen met de doop in de Heilige Geest. Er zijn er onder jullie die al verder zijn gegaan in het beoefenen van de Geestesgaven en het bouwen aan de Geestesvrucht.
En jullie zijn toch voor een nog groter deel al ver gevorderd met die inleidcende stap: de wedergeboorte.
De schouders zijn toch al sterk geworden, althans íets sterker.
Jullie behoeven toch niet meer zo heel erg 'met melk gevoed te worden', ( 1Corinte 3 v 2); er is toch wel een begin van datgene, wat de flinke Christenen van Thesssalonica in voldoende mate hadden, zodat ook tegen jullie al met enige gerustheid kan worden gezegd:
"Onderzoek alles, behoud het goede".( 1 Thessalonicenzen 5 v 21).
Kom nou, jongens en meisjes; jullie vallen toch niet om van een knulletje met een panfluitje. Je bent toch door Sorensen en al die anderen voldoende gewaarschuwd. En: een gewaarschuwd mens geldt voor twee.
En dan nog dit:
sommigen van jullie hebben alle tot nu toe verschenen zes Harry Potterboeken gelezen. En jullie hebben al de vier Harry Potter fims gezien.
En sommigen hebben ook al een belezenheid en filmkennis van The lord of the rings.
En jullie hebben allemaal al gezegd: (bij HP):
"Wat er nog aardig was in het boek, is in de film behoorlijk weggemoffeld. Als zovele malen : het boek is beter dan de film"
En bij 'the ring' :
"Dat gedoe met Gollem.....en die geweldscenes...zo veel van de fijne lijntjes uit het boek weg. Viel toch tegen: de film".
En na 'Narnia-de film' zal je ook zeggen:
"Het was wel waar, wat over de makers werd gezegd; dat ze helemaal geen erg in de bijbelse lijn hadden.
Er bleef wel veel over om blij over te zijn. Maar het had beter gekund. Toch blij dat ik de film gezien heb".
Maar bovenal hoop ik, dat jullie kunt zeggen:
"Wat mogen wij blij zijn, dat wij door de genade van God de Vader en de overwinning van God de Zoon, (Onze Heer Jezus Christus) en de leiding van God de de Heilige Geest veel mooiere landen hebben ontdekt dan ons zelfs in 'Narnia' voor ogen worden geschilderd. Wij hebben -door Gods genade- een altaar, waarvan al die anderen niet eten mogen", (Hebreeí«n 13 v 10).
Wij weten van bekering, van wedergeboorte, van de doop en de vervulling met de Heilige Geest. Wij mogen ons -door de diepere inleiding door de Heilige Geest- erin verheugen, dat wij een begin krijgen van 'de gave van onderscheiden van geesten'.(*) Daarom konden wij ook de 'Narniafilm' beter toetsen.
Wij hebben de gemeente, onze dagelijkse practijk, waaraan wij samen met alle heiligen mogen bouwen, totdat wij via die gemeente en met alle zich heiligende mensen daarin de lengte, de breedte en de hoogte en bovenal de DIEPTE van God mogen leren begrijpen".
Wees maar blij met alle heerlijke dingen, die je als jonge, vooruitstrevende, vooruitstormende gelovigen al hebt en toets onbevreesd 'Narnia'.
Daag
Ger
(*): de behandeling van 'de gave van onderscheiden van geesten' is nét begonnen in BIJBELSTUDIE, zie mijn forum.
G
Dag Mary, Je volgende vraag: "Ik zou best van mijn geloof in God willen getuigen, maar ik heb er vrees voor, dat allerlei kennissen zich van…
Dag Mary,
Je volgende vraag:
"Ik zou best van mijn geloof in God willen getuigen, maar ik heb er vrees voor, dat allerlei kennissen zich van mij zullen afwenden, wanneer ik met 'dat overdreven gedoe' begin".
Mary; getuigen is niet: altijd en overal aan iedereen vertellen, dat je het eigendom van Jezus bent.
Dat weet jij ook wel. En je kent ook best de tekst, die zegt:
"Geef het heilige niet aan de honden en werpt uw paarlen niet voor de zwijnen, opdat zij die niet vertrappen met hun poten, en zich omkerende, u verscheuren",
(Matth 7 v 6).
Mary, je zult best eens in een kring van jongelui verkeren, die 'er echt niet voor in de stemming zijn' om dingen van God te horen. Dan zul je toch ook niet op het idee komen om in die sfeer, op dat ogenblik van je geloof in Jezus te vertellen. Van sierlijke, jonge meisjes, kan niet gesproken worden in termen van 'vertrappen met hun poten en jou verscheuren', maar overdrachtelijk kan dat heel best.
Het geloof is iets heiligs en kostbaars, dat als een delicatesse aangeboden dient te worden op de goede plaatsen en tijden aan door de Heilige Geest aan jou aangewezen personen.
Spreuken zegt toch ook:
"Iemand heeft vreugde, als hij een gepast antwoord geeft...
en hoe goed is een woord op zijn tijd".
(15 v 23)
Door de Heilige Geest zul je weten:
"Nu is het de tijd om aan deze vriendin, die ik in het zwembad absoluut niet kon benaderen, iets vertroostends te zeggen...nu zij daar zo zenuwachtig aan haar handen zit te plukken..hier in de rust van dat 'even samen zijn' ".
En dan zal je later zo'n intense vreugde hebben, na dat gesprek, toen je een woord 'op zijn tijd' hebt kunnen spreken.
Het wordt vast zo, Mary, dat er geen kwestie van 'zich afwenden' zal zijn van de kennissen, die waardevol zijn.
En zij, die voor het eeuwige leven bestemd zijn, zullen de woorden, die je , in overleg met de Heilige Geest spreekt, zeker niet als 'overgedreven gedoe' bestempelen.
Getuigen is een goede zaak. Je kunt al getuigen door je houding. Een kaarsvlam kletst niet, maar verspreidt licht.
Een liefdevolle , bescheiden, vriendelijke, vredevolle, zachtmoedige, reine , ontfermende levenshouding, vol van innerlijke vreugde en harmonie is een zeer goed getuigenis.
Het is al heel wat, wanneer je vriendinnen kunnen zeggen:
"Je kunt zeggen van Mary, wat je wilt: maar ze is een trouwe vriendin, een helper in de nood....en: ze kletst nooit...ze roddelt nooit".
Mary....getuig op allerlei manieren. Wees als een bloem, die het licht van God opvangt. Je zult middelen en wegen vinden om dat licht door te geven.
Daag
Ger
Hallo Steffanie, Wat goed hè: 31 leden voor jullie Praiseband, veel meer dan waarop jullie gerekend hadden. Dat brengt mij een tekst te b…
Hallo Steffanie,
Wat goed hè: 31 leden voor jullie Praiseband, veel meer dan waarop jullie gerekend hadden.
Dat brengt mij een tekst te binnen, die ik -shame- de laatste tijd veel te weinig aan mijn lezers heb voorgehouden. Komt-ie: Efeze 3 v 20: "Aan hem die door de kracht die in ons werkt bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij vragen of denken, aan hem komt alle eer toe..."
Wat een grootse uitspraak hè !!
Paulus, die deze heerlijke woorden mag uitspreken, is vol van de Heilige Geest. Deze heerlijke belofte geldt- voluit- de gelovige, die aan God geen belemmeringen meer in de weg legt, die, evenals Paulus, gedoopt is in de Heilige Geest. Maar ook al leggen wij nog aan onszelf belemmeringen op, doordat wij nu eenmaal niet zo ver gevorderd zijn als hij, toch blijft dít staan: - kracht van God probeert te werken in iedere gelovige - Die gelovigen bidden wel , bedenken van alles waartoe Gods zegen wel zou kunnen leiden. - Maar wat God kan en wil is altijd veel meer dan wij ons kunnen voorstellen.
De wijde vlucht van Paulus' gedachten spaar ik je nu maar. Hij was ooit opgetrokken tot in het paradijs en had daar zulke onuitsprekelijk heerlijke dingen gezien,( 2 Corinthe 12 v 4), dat hij ze niet eens onder wooorden kon brengen. en in dit vers zegt hij ons, dat de gelovigen dáarheen op weg zijn.
Maar - nu weer met de voetjes op de grond- bij jullie gaat het om een praiseband van tieners en misschien een enkele twen. Maar ook in de kleine dingen en bij die bescheiden gedachten is de Heer groots in zijn aanmoediging van prille, lieve initiatieven.
In 2 Kronieken 16 v 9 zegt de Heer eigenlijk hetzelfde, vanuit een iets ander gezichtspunt: "De HEER laat immers voortdurend zijn ogen over de aarde rondgaan en biedt iedereen hulp die hem met heel zijn hart is toegedaan".
Wat hebben wij toch een Heer !!!...we willen toch nooit meer bij hem weg.
Steffanie.....laat ik het hier even bij laten. In een volgende posting ga ik op andere aspecten van je brief in.
Daag Ger |
| |
reageer | citeer | bewerk |
gerritse
|
Antwoord:serie 19 - 2007/05/21 16:58 Steffanie....,
De talenten die bij die tieners van jullie schuilgaan.
Maarschalk Ney, een van de legeraanvoerders van Napoleon, zei het indertijd al: "Elke soldaat draagt de maarschalksstaf in zijn ransel. Jullie weten van hoe nederige afkomst ik ben. En nu ben ik híer. Als ik zover kon komen dan kan iedereen zover komen".
Deze gedachte vind je ook terug in de zegswijze, die negers in Amerika gebruiken om de jeugd te bemoedigen: "Too many of us have made it than that you could say: ' I cannnot' ".
Maar in geestelijke zin sluimeren in alle mensen geestelijke talenten, die maar even bescheiden behoeven te flonkeren, of God is er al bij, om bij zijn rondgaan over de gehele aarde zo'n talent-ontwikkelaar krachtig bij te staan, wanneer hij of zij oprecht de Heer wil dienen. En we zagen het: de mogelijkheden van de Heer zijn onbegrend en onbeperkt. Zingen en een instrument bespelen, creatief zijn en aanstekelijk-vrolijk bewegen.
De bijbel zegt over talenten: - als je begint te werken met twee talenten, geeft de Heer er twee bij, (Matth 25 v 17).
En zelfs als je maar éen talent hebt, doe er wat mee. Allicht geeft de Heer er éen bij en dan ga je werken met die -nu- twee...enz.
Maar laat niemand het, door onzekerheid of verongelijktheid in de grond begraven...: "Die anderen heben alles...ik heb niks". Dat wordt niet in dank afgenomen, Matth 25 v 24-28).
Bid samen met die onzekere jeugd, met al die complexen en die al ondervonden mislukkingen en teleurstellingen op allerlei gebied, voor ' geloofszekerheid'. Voor wijsheid kun je bidden, (Jacobus 1 v 5) ...maar ook voor geloofszekerheid,
We laten het er weer even bij.
Tot straks, na het avondeten.
Daag Ger |
| |
reageer | citeer | bewerk |
gerritse
|
Antwoord:serie 19 - 2007/05/21 18:29 .....Steffanie,
Nogmaals je brief.
Je schrijft over ouders die soms echt niet kunnen geloven, dat er in die jongen van hen, die zulke ruwe dingen kan zeggen, of in dat meisje, dat je wel eens ' achter het behang zou willen plakken' , een talent schuilt om mooi te zingen of wat dan ook.
Ouders maken hun kinderen zo van dichtbij mee en soms ook wel in hun meest onvoordelige ogenblikken. Bemoedig zulke ouders. wijs op de blanke pit die jij ontdekt hebt onder de ruwe bolster.
Ik herinner mij nog onze oudste zoon. Thuis toonde hij een kant van zijn karakter, die ons weinig blij stemde. Maar hij moest eens ergens oppassen en die mensen zeiden: "Wat een keurige, verstandige, rustige jongren. een genoegen om die om je heen te hebben". We knapten er zó van op. Het was in de jaren vijftig, maar ik weet het nu nog.
En dan die mensen, die zeggen: "Leuk initiatief, maar bereid je maar voor op teleurstellingen. Die wispelturige jeugd. Na éen of twee keer is het nieuwtje er af". Uitstkend idee om juist met die ' moeilijke vertroosters', (Job 16 v 2) te gaan bidden voor positieve ontwikkelingen.
Ook zou ik willen zeggen: Houd rekening met teleurstellingen. maar doorleef ze met God. En dan gaan de sterkende dingen, die ik eerder zei, ook weer gelden.
Houd rekening met de duivel.
Als God oneindig veel mogelijkheden wil schenken, is de duivel er op uit om ook de kleinste mogelijkheid nog 'de grond in te trappen'. Weersta hem in de naam van Jezus en hij zal van jullie vlieden, ( Jacobus 4 v 7). En als satans werk niet zo duidelijk te onderkennen is, dan blijven jullie in ieder geval ijveren voor een goede sfeer, die de tieners bindt.
Nou, Stef...zo moet-ie maar kunnen.
Daag Ger |
| |
reageer | citeer | bewerk |