Dag ... Uitvoerig hebben we van gedachten gewisseld over de vóor-zondvloedleeftijden, leeftijden, die er ook ná de vloed nog wel waren, (Noa…
Dag ...
Uitvoerig hebben we van gedachten gewisseld over de vóor-zondvloedleeftijden, leeftijden, die er ook ná de vloed nog wel waren, (Noach was met 930 jaar nog heel goed), mzar die toen toch terugliepen.
Jij bleef het er wat moeilijk mee houden.
Dat komt, omdat jij een rechte curve aanneemt, in het verre verleden rapmpzalig, nu duidelijk omhooggericht.
Daaertegen huldig ik de mening, dat de mens, toen hij nog maar zo pas uit Gods hand kwam, op een hoogtepunt stond, waarvan hij geleidelijk aan is teruggevallen door de doorwerking van de zonde.
Inderdaad is er de laatste twee eeuwen in bepaalde gebieden van de wereld een zeker herstel waarneembaar. Dit herstel heeft de laatste vijftig jaar versneld doorgezet door allerlei ontwikkelingen op medisch gebied.
Maar dit partieel herstel in bepaalde delen van de wereld doet niet af aan de opvatting, dat het geloof in Jezus Christus de grote oplossing is voor elke neergang.
Je zult wel eens gehoord hebben, dat vele Christenen na de huidige periode een nieuwe, gelukkiger periode komende achten, die zij betitelen als 'het duizendjarig rijk'.
In de mening van zeer vele Christenen gaat dit 'duizendjarig rijk' beginnen , wanneer Onz Heer Jezus Christus weerkomt .
Over dat 'komende rijk', dat ook weer de overgang is naar een nóg gelukkiger tijd daarná wordt veel nagedacht.
Voor ons onderwerp is het van belang, dat een van de vele vingerwijzingen naar die tijd is; ( Jesaja 65 v 22):
"Zij zullen niet bouwen, opdat een ander er wone; zij zullen niet planten, opdat een ander het ete, want: als de levensduur der bomen zal de leeftijd van mijn volk zijn; en van het werk hunner handen zullen mijn uitverkorenen genieten".
Er valt nog niet veel te zeggen over de daadwerkelijke toestand in dat komende 'vrederijk', maar
'leeftijden der bómen voor de ménsen' vond ik toch wel interessant om deze discussie min of meer mee te besluiten.
Maar al deze dingen worden in hun volle heerlijkheid beleefd en begrepen door de mensen, die nú al Onze Heer Jezus Christus als hun redder, verlosser en bevrijder zien.
Ik zou haast zeggen met die bekende leus:
"..zorg dat je erbij komt".
Daag
Ger
Dag Felix, Je vroeg of merkte op: ....................... Over die leeftijden heb ik altijd getwijfeld. Misschien is het niet goed ve…
Dag Felix,
Je vroeg of merkte op: ....................... Over die leeftijden heb ik altijd getwijfeld. Misschien is het niet goed vertaald. Of meer geloofwaardig, overdreven om meer effect te weeg te brengen. Een goed boek behoeft natuurlijk wat drama.
Laten we Methusalem's (de oudste) leeftijd eens door 12 delen. Dat blijkt hij ruim 80 geworden te zijn. Een hoge leeftijd als je nagaat dat de mens volgens evolutionair oogpunt steeds ouder aan het worden is. In die tijd was de gemiddelde leeftijd vast geen 40 jaar. Zou het niet waarschijnlijker zijn dat de leeftijden van de stamvaders eigenlijk maanden of manen moeten zijn?
Na de zondvloed begon het met broers met zusters of nichten trouwen-proces opnieuw met Noach en zijn familie. ..................
Goed zeg; die vragen van jou ! Ik orden ze voor beantwoording als volgt: 1 Is het allemaal wel goed vertaald 2 Kan het ook wat overdreven of gedramatiseerd zijn 3 Kunnen met 'jaren' misschien 'maanden' of 'manen' bedoeld zijn. 4 Uit een oogpunt van evolutie moeten mensen toen toch veel jonger gestorven zijn dan nu. 40 jaar was al een hele leeftijd toen. 80 jaar was al 'heel knappies' 5 Na de zondvloed begon dat gedoe met broers en zussen en nichten en neven toch opnieuw.
ad 1: De algemene gedachte onder geleerden, die de bijbel erkennen als althans authentiek gegeven, is deze: Genesis 5, dat geslachtstregister, is een soort lijst geweest, blijkens het opschrfift, een schriftelijke vastlegging, die in de bijna oorspronkelijke vorm nog is bekend geweest bij de Israelieten tijdens hun verblijf in Egypte. Toen heeft een eerste codificatie plaats gehad van mondelinge kennisoverdracht en van documenten. Die persoonlijke kennisoverdcracht gaat vér. Toen Lamech, Noachs vader 140 was, overleed Adam. Lamech kan het verhaal dus nog rúim gehoord hebben van Adam, de ooggetuige van het eerste begin. Lamech weet sommige begin-bijzonderheden van vlak na de zondeval, (3 v 17), nog volkomen nauwkeurig te citeren. En hoever heeft de 930 jaar geworden Noach dit mondeling over te brengen verhaal kunnen doorvertellen volgens de regels van toen, dat er niets aan veranderd mocht worden, een methode, nu nog in gebruik bij stammen in Afrika.
Níet aan Abraham, al maakt Genesis 10 dit rekenkundig mogelijk. Maar dat zou mij te ver voeren. In iedergeval: een heel eind.
Maar goed; we hadden het over 'die lijst'; die komt zo authentiek over ! zie die leeftijden: 930,912, 905, 910, 895, 962, 365 (!), (maar dat was de speciale 'Henoch-situatie, en hij stierf ook niet, maar werd 'ten hemel opgenomen'),...weer verder;969, 777. In deze lijst is geen enkele, bedachte regelmaat te ontdekken. Dat zou in een verzonnen lijst wél het geval zijn. Dan had men Adam het oudst laten worden en dan keurig de leeftijden laten afnemen door de voortschrijdende verzondiging. Nee; deze lijst, misschien oorspronkelijk in een soort 'spijkerschrift' uitgevoerd, maar voor de 'Israelieten in Egypte', 2000 jaar voor Christus, in ieder geval nog toegankelijk, maakt een hoogst betrouwbare indruk.
ad 2: Nee; er is niet overdreven of gedramatiseerd. De hele bijbel is al drama genoeg met die machtige uitroep van Onze Heer Jezus Christus: "Het is volbracht", als het grote hoogtepunt. Het is een nuchter verslag, waarbij het volgende nog als bewijs 'van opzij' kan dienen.
300 jaar voor Christus was er in Babylonië een priester, zekere Berosus, die een 'Vaderlandse kroniek' schreef om alles eens vast te leggen, onder andere wat nog aan herinneringen over de oude en oudste tijden leefde.
Bekend was al het 'Gilgamesh-epos', dat de gebeurteniissen rond de Zondvloed, verbasterd tot een 'slecht naverteld verhaal' vastlegde. Maar Berosus wilde vérder terug en vond als oerverhaal: .................. Vóor de vloed, dus nog vóor de enige familie, die de vloed doorstond, waren er ook al mensen; Er hebben tien koningen geregeerd...... (precies evenveel als in de lijst van Genesis 5 als namen voorkomen. Sem, Cham e en Japheth meegerekend). ....Die koningen leefden ongelooflijk lang...van 10.000 tot 65.000 jaar. ....................... Verder kwam Berosus niet. Maar men ziet hier een algemene erkenning van enorme leeftijden vóor de vloed, al zijn die dan door Berosus, in navolging van de herinneringen, daaraan bestaande, zeer verbasterd.
ad 3: Met maanden kom je er niet: - Adam zou dan 11 jaar zijn geweesrt, toen hij na Kaïn en Abel Seth verwekte. - en Seth was 9, toen hij voor het eerst vader werd. - En Kenan uit vers 12 was 6, toen hij Jered in zijn wiegje zag spartelen. Nee....die kant moeten wij niet uit. Leg je nu maar neer bij die hoge leeftijden. Ze zijn logisch.
ad 4: uit een oogpunt van evolutie kunnen de mensen toen hooguit 40 zijn geworden, zeg je. Vanuit mijn standpunt kan ik helemaal níets met 'evolutie' en zo.
ad 5: Bij Noach ging het weer op dezelfde manier toe, denk je: broers en zussen, neven en nichten. Broers en zussen kan niet. Er kwamen acht mensen uit de ark, vier mannen en vier vrouwen. Noach met zijn vrouw, zijn zonen Sem, Cham en Japhet met hun vrouwen. En dat was het dan. Neven en nichten, tantes en tantezeggers, ooms en oomzegsters wel, dat kan zo geweest zijn in het begin, maar al gauw was er weer keus genoeg.
Nou; dat was het dan weer voor dit keer . ik houd mij aanbevolen voor verdere vragen, maar ook voor al die vragen van de vele onbekende lezers en lezeressen.
Daag Ger | |
|
Dag ...., Dit was dus je vraag: Hoe zit het Ger, met zeden volgens de Bijbel. In de Bijbel wordt er met de eigen kinderen seks gehad, en mog…
Dag ....,
Dit was dus je vraag:
Hoe zit het Ger, met zeden volgens de Bijbel. In de Bijbel wordt er met de eigen kinderen seks gehad, en mogen broers met zusters of nichten trouwen.
Tegenwoordig vinden we dat uit den boze..
Mijn antwoord:
Inderdaad is er een voorbeeld bekend van 'sex met eigen kinderen'.
We lezen het in Genesis 19 verzen 30- 38.
Het gaat hier over Lot, die geslachtsgemeenschap heeft met zijn twee dochters, waarvan de een een zoon krijgt, Moab en de ander een zoon, genaamd Ben-Ammi.
Wanneer je dit gedeelte goed leest in zijn verband, dan zul je zien, dat de bijbel dit afschuwelijke gebeuren absoluut niet 'zomaar voorbij laat gaan', maar duidelijk een verband legt met de verwording van Sodom en Gomorra, uit welker verwoesting Lot en zijn dochters wel zijn ontsnápt, maar welker giftige geestelijke erfenis de dochters nog helemaal met zich meedragen.
Dit gebeuren hoorde toen niet tot de dagelijkse zeden, maar er werd evenzeer van gehuiverd als thans nog.
En wat je daar schrijft over broers en zusters en nichten en neven, splits ik nog even in twee aparte punten.
Bekend en altijd weer naar voren komende is de vraag naar 'Kaïns vrouw'.
In Genesis 4 v 17 lezen wij, dat :
"Kaïn gemeenschap had met zijn vrouw en zij werd zwanger en bracht Henoch ter wereld".
En dan wordt er gevraagd:
"Hoe kan dat nu ?? Van Adam en Eva zijn alleen als kinderen bekend: Kaïn en Abel (Gen 4 v 1 en 2)....en later Set dan (25). Waar komt die vrouw dan vandaan ?".
Het antwoord is haast teleurstellend eenvoudig: een van de dochters, die Adam en Eva kregen, (5 v 4).
Dus: Kaïn trouwde met zijn zúster. Inderdaad !! Maar dat was toen helemaal geen bezwaar. De mensheid kwam net 'puntgaaf' uit de hand van God. Adam leek op God, (5 v 1). Set leek weer op Adam, (v 3).
Wat een geslacht was dat: De duivel was nog maar nauwelijks zijn stormloop begonnen om de mens lichamelijk, in zijn zielenleven en in zijn geestelijk leven van elke glans te beroven.
De mensen bereikten geweldige leeftijden:
- Adam 930, Set 912
- Mahalel 895, Jered 965
- en Methusalem zelfs 969,( v 25).
Kom daar nu ereis om !
Bij zulke sterke mensen deed het er niet zozeer toe of de bloedbanden erg nauw waren. Al gauw was er overigens keus genoeg.
Een ander verband is er weer bij 'Abraham en Saraï'. Abraham is de halfbroer van Sara, (Genesis 20 v 12). Let op dat Abraham hier zegt;
"Sara is de dochter van mijn váder. Ze is alleen niet de dochter van mijn móeder en zó kon ze mijn vrouw worden".
Daaruit blijkt dat in Abrahams dagen een huwelijk met een 'volle zus' al 'not done' was.
En nu heb ik tóch nog in later dagen een tante-neef- verbintenis voor je.
Exodus 6 v 20 zegt:
"Amram trouwde met Jochebed, een zuster van zijn vader. Zij baarde hem Aäron en Mozes. Amram werd honderdzevenendertig jaar".
Een huwelijk zo nauw in de linies stuit ons tegenwoordig tegen de borst.
Denk maar aan het oorlogsversje over Ir.A.A.Mussert, de leider van de N.S.B.:
"Wie een nieuwe staat wil bouwen,
moet niet met zijn tante trouwen".
Maar ook toen nog waren de mensen behoorlijk sterk, getuige Amrams leefijtd.
Overigens gaf God kort daarna in Leviticus strenge regels, waardoor huwelijken in de naaste familie voor altijd werden verboden. (Hoofdstuk 18 bijvoorbeeld).
De conclusie is deze: bij het ontwikkelen van het menselijke geslacht werden de regels strenger. In Adams dagen was trouwen in de naaste familie aanvankelijk niet te voorkomen en ook niet gevaarlijk bij dit ongeschonden geslacht.
Veel later trouwde Izaäk met een verre bloedverwante, omdat er geen vrouwen in zijn omgeving te vinden waren van voldoende 'religieus kaliber'. (Genesis 24 v 3). Maar later zie je dat alles aan strakkere regels werd gebonden, zoals wij die nu ook kennen. Een en ander werd dus niet veroorzaakt door een 'nu overwonnen verwording', maar door de voortschrijdende ontwikkelingen.
Daag
Ger
Dag allemaal, De vraag werd gesteld: "Waarom zijn wij op aarde". Een eenvoudig antwoord luidt: "Om God te dienen". In dat antwoord wordt er …
Dag allemaal,
De vraag werd gesteld:
"Waarom zijn wij op aarde".
Een eenvoudig antwoord luidt:
"Om God te dienen".
In dat antwoord wordt er dan nog bijgevoegd:
"....en om later in de hemel te komen".
Deze toevoeging lijkt mij overbodig en verwarrend.
De God, die eeuwig is en alomtegenwoordig en ver boven onze begrippen uitgaat, heeft van eeuwigheid besloten, dat Hij zich wilde omringen met een schare van wezens, die later bekend werden als ENGELEN en MENSEN.
Het voegt ons niet om te formuleren, waarom dit besluit van eeuwigheid viel. Maar gezegd zou kunnen worden, dat God zijn oeverloze vreugde wilde delen. ' God de Vader' had al een Persoon, die hij liefhad. Zijn ZOON: 'God de Zoon'. Die grote onderlinge liefde werd tussen deze twee overgebracht door de derde in het verbond, 'God de Heilige Geest'.
Maar mensen op aarde, die gelukkig zijn, willen anderen in die vreugde doen delen en zo de kring van blijdschap verbreden. Mogelijk is het zo, dat God uit zo'n soort motief handelde, maar op eindeloos veel hoger niveau.
Van de te scheppen wezens verwachtte hij wederliefde uit vrijwilligheid gegeven. Maar de 'wezens' moesten dan wel een vrije wil hebben. Wanneer zij zonder vrije wil als robots alleen maar 'ja' tegen God konden zeggen, was dat waardeloos.
De mogelijkheid bestond echter, dat ze vanuit die vrije wil 'Nee' tegen God zouden zeggen en hoe ging dat dan passen in Gods almacht. Maar van eeuwigheid was het besluit, dat de 'neezeggers' net zo goed in Gods plan gingen passen als de 'jazeggers'. Zij zouden er met hun negatieve daden inpassen, zoals de 'jazeggers' er in pasten met hun positieve gedragingen.
Tezamen zouden alle daden van alle mensen en engelen passen in Gods grote plan: zijn eeuwige tempel, waarin hij ooit voor eeuwig samen zou zijn met zijn 'kinderen'.
Toen God allereerst de engelen schiep als zijn 'dienaren', kwam éen van hen in opstand, liet zijn duidelijk 'nee' horen en werd uit Gods nabijheid gebannen. Hij werd degene, die wij nu 'duivel' noemen. Hij kreeg de taak opgelegd om engelen en mensen te verzoeken, waardoor aan de dag zou komen of die 'jazeggers' of 'neezeggers' zouden zijn.
Later werden de mensen geschapen met de mogelijkheid in zich om uit te groeien tot 'kinderen ( en geen dienaren) van God en bekend is, dat de eerste mensen zondigden en daardoor de hele , komende mensheid uit de gemeenschap met God trokken.
En nu is dit jouw opgave in dit leven:
Jij bent hier omdat God jou wilde als '
medegelukkige' in zijn heerlijk rijk.
Maar om daar te komen, is deel van jouw taak, deel van jouw 'zijn op aarde' om de duivel weerstand te bieden , wanneer hij komt om jou af te testen. Deel van jouw aardse leven is om je te bewijzen als iemand, die God lief heeft en wil doen,wat God wil, doordat je in de verzoekingen van satan stand houdt.
Daag
Ger
Dag Mark, Je vroeg , wanneer je iemand mag zegenen. Is dat een speciale bevoegdheid, die alleen aan oudsten en voorgangers toekomt. In Lucas…
Dag Mark,
Je vroeg , wanneer je iemand mag zegenen. Is dat een speciale bevoegdheid, die alleen aan oudsten en voorgangers toekomt.
In Lucas 6 v 28 zegt Jezus:
"Tot jullie die naar mij luisteren zeg ik:
'heb je vijanden lief, wees goed voor wie jullie haten, zegent wie jullie vervloeken, bid voor wie jullie slecht behandelen' ".
Deze tekst spreekt van een positieve gezindheid tegen alle medemensen.
Jezus richt zich hier nadrukkelijk tot de algemene kring van omstanders. Wat hij zegt, moet een leefregel voor alle mensen zijn.
In ons leven kunnen wij van alles tegenkomen:
- mensen die ons vijandig gezind zijn en vijandig tegen ons handelen
- mensen die ons haten in hun harten en dat tonen door wat zij tegen ons doen of misdrijven.
- mensen die ons onterend , krenkend, kwetsend, dreigend of handtastelijkheden plegend benaderen.
En daartegenover hebben wij te plaatsen:
- niet enkel een innerlijke stemming of gezindheid...maar: een liefdevolle werkzaamheid, een daadwerkelijk betonen van liefde door dienovereenkomstige handelingen
- ZEGENEN, dat is: het goede wensen en toebidden, het goede voor hen vragen van God. Het goede voor hen werken.
- slechteriken hun slechte daden liefdevol onder het oog brengen, hen liefdevol van hun slechte weg aftrekken
- aan die anderen doen, wat in zichzelf goed is, en wat voor hén goed is.
Let vooral op dat woord ZEGENEN, gedefineerd als: het goede wensen en toebidden.
Dat mag dus ieder mens doen en wie zich een volgeling van Jezus noemt, behóort het ook te doen.
Nu is er nog een andere vorm van zegenen: in de 'altarcall' komen mensen naar voren en door de gemeente gemachtigde , beproefde gelovigen, leggen aan de 'naar voren gegane mensen' de handen op. Dat is dus een voorbeeld van 'limitering' van 'zegenen'.
Maar er blijft zo'n ruim veld van zegeningen over:
Eerste voorbeeld: een Christen had een buurman, die hem op allerlei wijze zijn minachting toonde, hem in beginsel onterend, krenkend, kwetsend, hatend en grievend bejegende.
Op zekere dag was die buurman in de modder vastgeraakt met zijn wagen. De Christen starte zijn auto en trok 'de boze buurman' uit de blubber.
Er werd geen woord gewisseld dan het hoognodige. Beiden waren met de zaak verlegen. Ik weet niet, hoe het verder liep.
Maar hier was wel sprake bij de Christen van een 'zich in daden uitende 'innerlijke liefde,
goede dingen voor die andere werkend'.
Tweede voorbeeld: zeker meisje van 14 had op school een vijandin, die alles aan haar smaadde.
Op zekere dag kwam ons 'voorbeeldmeisje' op school met modieuze laarsjes. Ze zag er echt leuk uit. Maar die ander was zo onaardig, spande samen tegen haar, kreeg wat meelopers aan haar kant, die de laarsjes ook 'echt gek' vonden.
Stijf van zenuwen liep de belaagde naar binnen, innerlijk wiltgloeiend, maar uiterlijk niets tonende, want denkende:
"Niets laten merken van mijn geschoktheid, anders is dat het begin van 'het gepeste kind in de klas' ".
Maar tot rust gekomen in het lokaal onder de les, besloot ze voor haar vijandin te bidden.
En alweer ...ik weet niet, hoe het afgelopen is, maar ze had wel 'een positieve grondhouding' ontwikkeld, een term, waarin ooit onze ex-premier Ruud Lubbers zo goed was. Ze voldeed wel op ideale wijze aan de huidge campagne van onze regering, waarin wordt aangedrongen op meer zelfbeheersing en minder ruwheid in de onderlinge omgang.
Kan het zo, Mark?
O, je wilde nog iets zeggen:
"Hoe het dan moet met een pizzabezorger op het moment, dat een aantal jongeren hem van zijn geld beroven onder zijn werk".
Ja, dat is weer een apart geval. Soms kunnen die anderen zo'n direct gevaar vormen, dat er direct iets moet gebeuren. Maar wanneer die pizzabezorger een Christelijk jochie is, zal hij, wanneer de anderen roepen:
"We maken je helemaal dood, we steken je dood, wanneer je niet direct je geld geeft",
roepen tot God.
En wanneer hij dan zijn geld kwijt is, (eventueel), want er kan 'van alles' gebeuren, heeft God toch weer middelen en wegen om hem te troosten en de verdere weg te wijzen.
Daag
Ger
Dag Niem, Je vraag herhaal ik nog even hieronder: Hoe kan het dat er in de bijbel geschreven wordt dat mensen slecht zijn en dat ze in zonde…
Dag Niem,
Je vraag herhaal ik nog even hieronder:
Hoe kan het dat er in de bijbel geschreven wordt dat mensen slecht zijn en dat ze in zonde geboren worden en dergelijke. Terwijl er in een ander deel geschreven wordt dat mensen uniek en waardevol zijn? Dat is toch niet in overeenstemming met elkaar?
Mijn antwoord;
In de bijbel staat inderdaad letterlijk; Psalm 51 v 7:
"Zie...in ongerechtigheid ben ik geboren,
in zonden heeft mijn moeder mij ontvangen".(NBG).
Dit is een uitspraak van David. maar ga nu eens na, onder welke omstandigheden hij die uitspraak deed.
De profeet Nathan was net bij hem gekomen en had hem meegedeeld dat de zoon, uit het overspel met Bathseba geboren, zou sterven, (2 Samuel 12 v 14).
Staat je hoofd er dan naar om een ingewikkelde uitspraak te doen, waaraan later in sommige westerse delen van de wereld Christelijke theologen enorme consequenties zouden verbinden, zoals : erfzonde, erfschuld en erfsmet.
Wel nee; David denkt aan zijn twijfelachtige afkomst:
Het is niet voor niets:
- dat David bij de zalving door Samuel pas wordt geroepen als zijn zeven broers al voorgeleid zijn, zo in deze geest:
"Gunst ja....die hebben we ook nog".
Hij moet van het veld geroepen worden, terwijl iedereen verder thuis is.
- David was 'roodachtig', blond zeggen weer andere vertalingen, ( 1 Samuel 16 v 12 en 17 v 42), heel ongebruikelijk in Israel, want het wordt afzonderlijk meegedeeld. Hij had' vreemd bloed'.
- dat met betrekking tot Davids verwekking zo'n vreemd woord wordt gebruikt, door de bijbelvertalers wel overgebracht als 'ontvangen', maar Calvijn merkt al op, dat het bevreemdt, dat hier van grove, dierlijke hartstocht wordt gesproken, te vergelijken met 'overspel'.
- dat de naam 'David' in de bijbel verder nooit meer voorkomt en van Babylonische afkomst is
- dat David even later in deze psalm zegt;
"Neem met 'majoraan', (met hysop), ( een soort 'cultisch' reinigende plant), mijn zonden weg en ik word rein"
- dat de gedachte achter deze woorden is:
"de mens is van nature niet slecht, want hij wordt gereinigd van vuil dat niet wezenlijk bij hem hoort. Hij wordt zuiver wit".
Deze gedachte is in zijn volkomen heerlijkheid naar voren gekomen in de overwinning van Christus, die uiteraard als eeuwige verzoening ook gold voor David.
- dat de afstamming van David uit de bijbel niet is na te gaan, terwijl er aanwijzingen zijn dat er een nauwe band was met een buitenlandse koning, ene Nahas
- dat zijn zeven broers hem aanleiding gaven tot deze uitroep,(Ps 69 v 9):
"Ik ben voor mijn broers een vreemde geworden"
- dat geen van die broers onder Davids regering ooit tot een ambt werd geroepen, terwijl dit toch de handelwijze was van koningen in die tijd.
Kort en goed: David was zelf in overspel verwekt en had als klacht déze:
"Ik ben, net als dit kind van mij, in overspel verwekt....en ik mocht blijven leven. Waarom dit kind dan níet",
een heel begrijpelijke uitroep, waarop men geen 'in zijn cosquenties ingrijpend en verwarring zaaiend gebouw' mag laten verrijzen.
(Gelukkig dat mijn jonge lezers hier helemaal niet meer van weten. Deze kwalijke leer heeft onder een ouder geslacht zijn duizenden verslagen, maar jullie weten gelukkig van niets meer).
Nee; de mens is- zoals ik al zei, niet in wezen verdorven.
Elk mens wordt weer opnieuw door de duivel gecompromiteerd. In 'Mijn leven' heb ik in mijn laatste posting aangegeven, hoe de duivel zijn stormloop op mijn ziel begon, toen ik zes jaar was.
En het is deze stormloop, die ertoe leidt, dat het oordeel van Romeinen 3 v 12 luidt:
"Allen hebben zich afgewend,
heel de mensheid is verdorven".
Maar die conclusie zegt, dat wij ons hebben afgewend, toen wij persoonlijk door de duivel verleid werden om kwaad te doen.
Geen mens,uitgenomen de Heer Jezus....
met die heel speciale bescherming in zijn jonge jaren, die later vervangen werd door de volkomen doop in de Heilige Geest
...ontkomt aan die nederlaag, toegebracht door een vijand, die opereert vanuit de onzienlijke wereld.
Dat is dus iets volkomen anders dan de Dordtse leerregels het zo náar zeggen in Hoofdst III/iV, artikel 2:
"Zodanig als nu de mens geweest is na de val, zodanige kinderen heeft hij ook voortgebracht, namelijk hij, verdorven zijnde , verdorvene; alzo dat de verdorvenheid, naar Gods rechtvaardig oordeel, van Adam op al zijn nakomelingen, (uitgenomen alleen Christus) gekomen is....door voortplanting der verdorvene natuur".
En....door de verzoening, die Christus heeft aangebracht, kan de mens, in wezen niet slecht van oorsprong, maar door persoonlijke zonde zichzelf 'strafwaardig gemaakt hebbende voor God', gereinigd worden als met hysop door die verzoening van Christus, (mits aanvaard).
En dán komt uit, wat God in wezen met de mens bedoeld heeft te scheppen:
het hoogste wezen in het heelal, boven de engelen verheven, zoals een zoon verheven is boven 'de bedienden'. Slechts de Drieënige God boven die unieke mens, geheiligd door God de Heilige Geest, teruggeleid door die Geest tot Christus en tot God en daarna doorstijgende door Gods genade tot steeds hogere toppen, in dít leven en vooral in het eeuwige leven, dat wacht.
En op déze manier bekeken, is er geen sprake van een onderlinge tegenstelling, maar van een machtig heldendicht met een schitterende ontknoping.
Daag
Ger
Dag Niem, Dit was dus je vraag: ................. "Waarom bidden wij eigenlijk vóor het eten en danken wij ná het eten. Dat staat toch niet …
Dag Niem,
Dit was dus je vraag:
.................
"Waarom bidden wij eigenlijk vóor het eten en danken wij ná het eten. Dat staat toch niet letterlijk zó voorgeschreven in de bijbel.
..................
Mijn antwoord:
.............
In 1 Timotheüs 4 v 3 en 4 ataat:
"God heeft het voedsel geschapen om door de gelovigen , die de waarheid kennen onder dankzegging te worden gegeten.
(4) Alles wat God geschapen heeft is goed. Níets hoeft te worden verworpen als het onder dank wordt aangenomen, want het is geheiligd door het woord vzn God en door het gebed".
(Ik ga nu even voorbij aan de hoofdgedachten:
- Gods woord, -de Schriftlezing aan tafel- heiligt voedsel, waaraan een nare herinnering kleeft- bijvoorbeeld; in die tijd : aanvankelijk aan de afgoden gewijd-
- dit geldt natuurlijk alleen voor alles, wat goed geschapen is. Marihuana enze enz zijn later door de duivel zó verwórdend beïnvloed, dat zij 'niet goed' meer zijn).
Hier zie je twee elementen, gebed en dankzegging, die in ietwat afgesleten vorm nochtans redelijk zuiver worden teruggevomnden in de 'tafelgebeden':
- Here zegen deze spijze amem
- Here, ik dank u voor deze spijze amen.
Ik weet nog, hoe vertederd ik naar mijn blondkopjes keek , wanneer zij deze zinnetjes - nog een beetje krom soms- uiitspraken.
En dan dacht ik aan mijn moeder, die op een vraag mijnerzijds:
"Moeder"...( zo zei je dat toen)..."waarom bidden wij eigenlijk voor het eten",
antwoordde op die 'wat hoekige' manier van tóen; (zie ook 'Mijn leven', tweede posting):
"Hoor eens hier....wij zijn toch geen varkens die maar op de trog aanvallen".
En inderdaad; onze hele wijze van leven als mensen is al anders dan die van de dieren. En 'kinderen van God' maken zich nog iets extra's eigen; gebed, schriftlezing en dankzegging 'veredelen' de maaltijd.
Jezus zegende ook zélf een massale maaltijd, (de wonderbare spijziging), (Johannes 14 v 19) als volgt:
"Jezus keek omhoog naar de hemel, sprak het zegengebed uit en brak de broden".
Hij volgde hierbij de al millennia bestaande Joodse gewoonte.
En dezelfde gewoonte bij de eerste Christenen vinden wij in Romeinen 14 v 6, al is het dan ook als 'bijgedachte':
"Wie álles eet, doet dat om God te eren en...hij dankt God voor zijn voedsel.
Wie iets níet wil eten, laat het staat om de Heer te eren en ook hij dankt God".
(De hoofdgedachte, 'dat er destijds sommigen waren, die tegen bepaald voedsel, in eerdere aanleg aan de afgoden gewijd, bezwaar hadden', laten we nu even ter zijde).
Er staat: "Hij dankt God".
Dus Niem; vroeger heb ook jij gestameld:
"Here, zegen deze spijze amen".
Maar bid jij nu maar, tot je verstand gekomen, voor je witlof met sudderlapjes gezeten, gereed om aan te vallen op de kruimige aardappels, uiteraard ongehaast, elk woord wegend, want aan een afgeraffeld gebed heeft niemand iets:
"O Vader die al 't leven voedt,
Kroon onze tafel met uw zegen
En spijs en drenk ons met dit goed",
(want er is een toetje)
"Van uwe milde hand verkregen
Doe ons voor overdaad ons wachten
Dat w'ons gedragen als 't behoort.
Doe ons het hemelse betrachten
Sterk onze zielen met uw woord",
(De schriftlezing, waarover jij niet eens sprak, die nog vóor het dankgebed komt).
Je kunt uiteraard andere woorden kiezen.
Hád je nog iets Niem?
..."of ik ook een suggestie heb voor het dankgebed?!"
Nee; dat 'standaardgebed' is me even ontschoten. Misschien helpt iemand mij.
Daag
Ger
Dag ....., Je vroeg, waaraan men een Christen herkent. Je noemde zelf al voorbeelden: - in de naam van Jezus demonen uitdrijven - in klankta…
Dag .....,
Je vroeg, waaraan men een Christen herkent.
Je noemde zelf al voorbeelden:
- in de naam van Jezus demonen uitdrijven
- in klanktaal spreken
- op zieken de handen leggen ter genezing.
Maar de bijbel verhaalt van een gesprek bij het laatste oordeel:( Matth 7 v 22)
"Op die dag zullen velen tegen Mij (Jezus) zeggen:
'Heer...Heer!!...heben wij niet in uw naam geprofeteerd, hebben wij niet in uw naam demonen uitgedreven en hebben wij niet vele wonderen verricht in uw naam'.
En dan zal ik hun rechtuit zeggen:
'Ik heb jullie nooit gekend. Weg met jullie, wetsverkrachters' ".
Het is dus mogelijk om gote tekenen te doen in de naam van Jezus en toch een onbekeerd hart te hebben. Judas Iskariot heeft ook duivelen uitgedreven.
Natuurlijk is het ook weer niet zo, als sommigen zeggen:
"Omdát je demonen uitdrijft, ben je een vervloekte".
Het is zó; zelfs als je 'op zieken de handen legt', is dat nóg niet een voldoende waarmerk.
Let op wat Jezus zegt in vers 20:
"Je zult de mensen kennen aan hun vruchten".
Wanneer iemand de vrucht van de Geest heeft:
"liefde, blijdschap, vrede
vriendelijkheid, lankmoedigheid,
-zachtmoedigheid, goedheid, trouw
- zelfbeheersing",
of - om het iets anders te zeggen-:
"De wijsheid van boven is vooreerst: rein, vervolgens ook vreedzaam, vriendelijk, gezeglijk, vol van ontferming en goede vruchten, onpartijdig en ongeveinsd, (Jacobus)",
dan straalt dat van hem of haar uit. Al die heerlijke dingen kunnen niet verborgen blijven.
Ook deze heerlijke verworvenheden kunnen teloorgaan, als men 'de Geest uitblust', maar zolang die eigenschappen er zijn, zijn zij een beter herkenningspunt.
Bovendien is het zo, dat een Christen niet 'in klanktaal sprekende' over straat loopt om even naar de supermarkt te gaan, daarbij demonen uitdrijvende en op zieken de handen leggende.
Wanneer je echter als jong Christen iemand ontmoet, waarbij je je geestelijk op je gemak voelt, terwijl je bespeurt:
"Hij of zij héeft iets",
ga daarmee aan het werk.
Daag
Ger
Dag Marina, Franske en Spoorman,
Zo leuk, die lieve reacties van jullie.
Zeg....als jullie eens wat te vragen hebben, kán dat hoor: hier e…
Dag Marina, Franske en Spoorman,
Zo leuk, die lieve reacties van jullie.
Zeg....als jullie eens wat te vragen hebben, kán dat hoor: hier en ook op www.heavenlyquality.nl
Dáar dan wel even doorclicken naar : Community/vraag het Ger/serie 17
Daag
Ger
Dag Zarra, Je vierde vraag: "Jij zegt, dat vrede een regel is. Maar ik wil in voorkomende gevallen 'terugvechten'. Zarra; we hebben het dan …
Dag Zarra,
Je vierde vraag:
"Jij zegt, dat vrede een regel is. Maar ik wil in voorkomende gevallen 'terugvechten'.
Zarra; we hebben het dan niet over hetzelfde.
- Ik heb het over innerlijke vrede, die een Christen in zijn hart hoort te hebben.
- Jij hebt het over iets heel anders: conflictueuze situaties, waarin je verzeilt. En dan wil je in zo'n toestand kunnen 'terugvechten'.
Het een sluit het ander niet uit. Wij Christenen geloven, dat wij een duidelijke tegenstander hebben, satan, vroeger 'Lichtdrager', een tegen God in opstand gekomen aartsengel.
En omdat die engel God haat, heeft hij ook een felle haat tegen 'Gods oogappel', de mensheid, waarmee God grote plannen heeft.
En dikwijls valt de duivel aan met verleidingen en verzoekingen en afleidingsmanoeuvres en rookgordijnen en wat niet al, om de mensen het zicht op God te ontnemen en God en de mensen uit elkaar te jagen.
En tegen die duivel hebben wij nu onze overwinnende strijd. Want sedert hij op beslissende wijze is verslagen door Onze Heer Jezus Christus, kunnen wij ons altijd op de naam van Jezus beroepen. Wanneer satan ons plaagt met een verleiding tot het verliezen van onze zelfbeheersing, kunnen wij terugvechten en zeggen:
"Satan...in de naam van Jezus, wijk van mij met dat mij aanzetten tot een driftbui".
Maar dat is heel iets anders dan jij bedoelt: iemand roept krenkende dingen tegen jou en jij weet die ander met jouw weerbare tong van repliek te dienen.
-En dan dat begrip : vrede. Jij denkt, dat de vrede is verbroken, wanneer er een conflict gaande is.
Maar een Christen vecht zijn geestelijke conflicten met satan uit en stelt zich vriendelijk-bescheiden tegen mensen op, want hij weet, dat satan de eigenlijke tegenstander is, die zich achter mensen verschuilt.
En terwijl jij, wanneer je je te weer stelt tegen hoon of anderszins, je adrenalinegehalte voelt stijgen en wanneer de ruzie achter de rug is, je behoorlijk ontregeld voelt en echt even op de een of andere manier tot rust moet komen, is het bij de Christen zo, dat hij zelfs in felle gevechten met satan en in de veel mindere voorkomende gevechten met mensen....
immers hij heeft geleerd de-escalerend te werk te gaan
....een innerlijke rust behoudt...een innerlijke vrede:immers, de Here Jezus heeft bij zijn afscheidrede gezegd, ( Johannes 14 v 27):
"Vrede laat ik u...mijn vrede geef ik u...niet gelijk de wereld die geeft, geef ik hem u".
In Israel was het een gewone groet bij het weggaan:
"Vrede laat ik u".
Maar Jezus geeft een verdieping aan de wereldse groet. Immers ; op dat eigenste moment is hij zich aan het voorbereiden op de grote eindstrijd, die over enkele uren gaat beginnen. In Gethsemane gaat hij de beker drinken met alle zonden van alle mensen van alle tijden. En wanneer hij die beker tot de bodem leeggedronken zal hebben, zogezegd tot op de laatste druppel....
mischien jouw druppel Zarra...misschien mijn druppel
....en wanneer hij geroepen zal hebben :
"Het is volbracht",
heeft hij de wereld een bovenaardse vrede geschonken, die zich in de loop van vele eeuwen gaat tonen in zijn volheid.
En naar die regel: 'de door onze Heer Jezus Christus verworven vrede' leven de Christenen in gelovig uitzien naar het volkomen worden van die innerlijke vrede, waarna wij worden toegeleid door 'God de Heilige Geest'.
Daag
Ger