Naar de inhoud

Hechtingsprobleem

akke.beakke.be
Voor ouders, hulpverleners, en leerkrachten, die zich zorgen maken over kinderen, met Hechtingsprobleem, Hechtingsproblemen, hechtingsstoornis, hechting, gehechtheid, ouders, babys, kinderen, pleegkinderen, stiefkinderen,jeugd, volwassenen, hulpverleners, onderwijs, jeugdzorg

Archief

Niet geborgen geboren (volwassenen)

NIET GEBORGEN GEBOREN

Een gewoon leven: gezin, familie, vrienden, werk. Toch kun je, volkomen onverwacht, het spoor in je leven helemaal bijster raken. En wat je ook probeert, het lijkt of niets helpt, of niets meer lukt.
De auteur van dit boek kwam in zo'n situatie terecht. Haar zoektocht naar herstel bracht haar na enige tijd tot de conclusie dat er een onderliggend probleem was, dat haar hele leven op de achtergrond een rol had gespeeld, en dat nu opeens op de voorgrond was beland: een primaire hechtingsstoornis, ook wel geen-bodem-syndroom genoemd.

De diagnose alleen bood nog geen perspectief op genezing. Hechtingsstoornissen lijken, zeker bij volwassenen, zeer moeilijk te behandelen. Mariëtte merkte dat er voor hen eigenlijk geen therapie bekend is. Noodgedwongen ging ze dus haar eigen weg. Het lukte haar om via nieuwe liefdevolle relaties en met behulp van de haptonomie, alsnog een bodem in haar bestaan te leggen. Deze zoektocht naar genezing bracht haar in contact met de meest basale emoties in het leven van een mens: geborgenheid, liefde, vertrouwen, wederkerigheid, autonomie. Het lukt haar relaties alsnog op een gezonde manier in te vullen.

Het verslag van het genezingsproces geeft inzicht in de wereld van iemand met een hechtingsstoornis en is daarom interessant voor ieder die te maken heeft met mensen bij wie de eerste levensfase niet harmonieus verlopen is, zoals bij couveusekinderen, adoptiekinderen, of kinderen van verslaafde ouders. Het boek werpt tevens een ander licht op sommige "etiketten in de hulpverlening, zoals depressief, te weinig assertief, borderline, etc. in plaats van "hechtingsstoornis". Daarmee wordt de achterliggende oorzaak van het gedrag, en de daarbij behorende noodzakelijke behandelingsrichting, vaak niet onderkend.

De bedoeling van het boek is vooral lotgenoten richting te geven aan hun eigen zoektocht. Bovendien hoopt Mariëtte dat het boek zal leiden tot erkenning van de problematiek door de mensen die om volwassenen met een hechtingstoornis heen staan, zoals hulpverleners, familie en vrienden.

Niet geborgen geboren - genezen van een hechtingsstoornis -
Mariette van Assen
1e druk september 2005
Uitgave in eigen beheer, informatie per e-mail: nietgeborgengeboren(ED)home.nl
Hoe vind je dit bericht? 8 stemmen
Geschreven door Webmaster om 10:22 Reageer op dit bericht

Reactive Hechtingsstoornis

Reactive Hechtingsstoornis  Diagnostische criteria DSM-IV, 313.89

1 In de meeste situaties opmerkelijk verstoorde en niet aan de ontwikkeling aangepaste sociale relatievormen, optredend voor het 5e jaar en duidelijk zichtbaar in:
* een voortdurend mislukken om op een aan de leeftijd aangepaste wijze sociale interacties te stellen of erop te antwoorden, zoals duidelijk door overdreven geremde, overalerte of erg ambivalente en tegenstrijdige reacties;
* een gebrek aan duidelijke bindingen, wat blijkt uit en onvermogen om in sociale relaties een onderscheid des persoons te maken, met een duidelijk onvermogen om op die verschillende personen passend te reageren.

2 De stoornis mag niet te wijten zijn aan een algemene ontwikkelingsstoornis zoals een mentale handicap, of een symptoom zijn van een pervasieve ontwikkelingsstoornis zoals het autisme.

3 Er moeten sporen zijn van een vroegkinderlijke verwaarlozing:

* voortdurende veronachtzaming van emotionele basisbehoeften (koestering, troost, aanmoediging van het kleine kind);
* verwaarlozing van de fysieke basisbehoeften (verzorging, voeding);
* herhaaldelijke wisseling van basisverzorgers, waardoor geen stabiele hechtingen mogelijk waren.

4 Men mag veronderstellen dat de verwaarlozing onder punt 3 verantwoordelijk is voor het gestoorde gedrag, dat ook volgde op die verwaarlozing.

• onder te verdelen in:
* het geremde type
* het ontremde type

De afkorting DSM-IV staat voor:
-Diagnostic
-Statistical
-Manual (of mental disorders)
-IV, vierde versie

Historische achtergrond
De DSM is een publikatie van de American Psychiatric Association.
De eerste versie verscheen in 1952;
de tweede in 1968 en
de derde versie in 1980.
Van de derde versie kwam in 1987 een herziene versie uit: de DSM-III-R.
Een vierde, huidige versie verscheen in 1994.
In 2000 verscheen een text revision de DSM-IV TR.
De doelstellingen van waaruit het handboek werd samen gesteld waren de volgende:
-een diagnostisch model dat niet gebaseerd is op een (etiologisch) verklaringsmodel
-eenduidige en betrouwbare diagnostische categorieën
Het diagnostisch systeem is inmiddels internationaal aanvaard, ondanks de (terechte) kritiek die op een aantal punten mogelijk is.

De werkwijze
De DSM-IV is een diagnostisch systeem waarbij patiënt op vijf assen beoordeeld wordt en op grond van deze beoordeling een code of een score op desbetreffende as krijgt.
As I: Klinische syndromen en/of andere aandoeningen en problemen die een reden voor zorg kunnen zijn
As II: Persoonlijkheidsstoornissen; Zwakzinnigheid; zwakbegaafdheid
As III: Lichaamlijke ziekten of aandoeningen
As IV: Psychosociale en omgevingsfactoren
As V: Algemene beoordeling van functioneren
Toelichtingen bij de assen.
As I - klinische syndromen en/of andere aandoeningen en problemen die een reden voor zorg kunnen zijn.
Deze bevat de classificatie van psychi(atri)sche stoornissen
Het systeem werkt met:
-insluitingscriteria
-uitsluitingscriteria
-in een aantal gevallen duur en/of beloop van de verschijnselen
Tevens worden op As-I aandoeningen en problemen die een reden voor zorg kunnen zijn gecodeerd, behoudens zwakegaafdheid(As-II).

As II - Zwakzinnigheid, zwakbegaafdheid en persoonlijkheidsstoornissen
Met persoonlijkheid bedoelen we een voor elke persoon kenmerkend ('karakter')patroon van interactie met de wereld en zichzelf (een soort ' levensstijl'). Gezien de uitgebreide variëteit aan persoonlijkheidstrekken en hun diverse accentueringen, mede gekleurd door socioculturele factoren, is het moeilijk hier een beperkende ordening aan te brengen en normaliteit van stoornis te scheiden. Vandaar dat deze as het meest ter discussie staat.
Persoonlijkheidstrekken en afweermechanismen kunnen ook op deze as vermeld worden (geen code)
As III - lichamelijke stoornissen en aandoeningen
Deze as biedt de mogelijkheid een lichamelijke stoornis (ziekte, aandoening, handicap; gecodeerde volgens de ICD-9`CM indeling van somatische stoornissen) te vermelden wanneer deze belangrijk wordt geacht voor het gestoord functioneren en/of de behandeling van de patiënt. Het kan dan gaan om een aandoening (b.v. een neurologische ziekte) die oorzakelijk samenhangt met de psychische stoornis (b.v. dementie, vermeld op as I). In andere gevallen heeft de lichamelijke aandoening geen etiologische betekenis, maar wel een therapeutisch belang (b.v. suikerziekte bij een kind met een gedragsstoornis).
As IV -Psychosociale en omgevingsfactoren
Op de As-IV worden psychosociale en omgevingsfactoren vermeld, die van invloed zijn op de behandeling van een as I of as II-stoornis.
Ook positieve gebeurtenissen (nieuwe baan, verhuizing e.d.),die een stress factor vormen die van invloed zijn op de behandeling van AS-I en/of As-II kunnen hier vermeld worden.
As V - globale beoordeling van het functioneren.
Men gebruikt hiervoor de GAF-schaal. Hier wordt het psychisch, maatschappelijk en beroepsmatig functioneren globaal beoordeeld volgens een hypothetisch continuum, gaande van geestelijke gezondheid (heeft men slechts alledaagse probleempjes, dan krijgt men een cijfer tussen 81 en 90) tot ernstige stoornis (een suïcidepoging met duidelijke bedoeling van zelfdoding wordt gecodeerd tussen 1 en 10).
Men kijkt enerzijds naar hoe patient sociaal functioneert anderzijds naar zijn symptomatologie. De laagste score in een van beide is de GAF-score
Naast een niveau van functioneren op het tijdstip van beoordeling moet men ook een schatting maken van het hoogste niveau in het afgelopen jaar. Ook hier kan men kritiek uiten op het gebruik van een schaalcodering. Toch is (de basisgedachte toe te juichen: het laat toe (samen met as IV) beoordeling in een ruimer kader en tijdsperspectief te plaatsen en rekening te houden met 'gezonde' aspecten in het psychosociaal functioneren. Zo krijgt een bepaalde stoornis op as I (b.v. een depressie) meer genuanceerde betekenis of vorm, wanneer men deze 'figuur' plaatst tegen de 'achtergrond' van het dagelijks leven in het afgelopen jaar assen IV en V).
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Webmaster om 21:12 Reageer op dit bericht

Gehechtheid en kinderbescherming

Gehechtheid en kinderbescherming

C. Schuengel, W. Slot en R. Bullens NIEUW

Kinderbeschermingsmaatregelen kunnen diep ingrijpen in het leven van kinderen en ouders, zeker als er sprake is van plaatsing in een pleeggezin of een tehuis. Maar waarop zijn deze ingrepen gefundeerd? Beschikken kinderbeschermers en kinderrechters over genoeg informatie om de gevolgen van maatregelen die leiden tot verbrekingen van gehechtheidsrelaties te overzien? Is er duidelijkheid te krijgen over gehechtheid van kinderen aan (pleeg)ouders? Hoe kan in het begeleiden van pleegouders en in het beleid van tehuizen het beste rekening gehouden worden met de gehechtheid van kinderen aan hun ouders, met het ontstaan van gehechtheid aan nieuwe opvoeders, en met de onvermijdelijke verbrekingen van nieuw aangegane gehechtheidrelaties? Praktijk en onderzoek leren (van) elkaar de goede vragen te stellen en kritisch te zijn op elkaars antwoorden. Deze bundel is van beide een voorbeeld.

Deze bundel probeert bij te dragen aan een eenduidig en actueel begrippenkader waarin vraagstellingen worden geformuleerd voor diagnose, indicatiestelling, interventie en beleid. Ook komen concrete aandachtspunten naar voren voor interventie en beleid, gebaseerd op Nederlands en buitenlands onderzoek. De bundel is interessant voor werkers binnen de kinderbescherming, maar ook voor juristen, beleidsbepalers en studenten (ortho-)pedagogiek.

De samenstellers Carlo Schuengel, Wim Slot en Ruud Bullens zijn als hoogleraar verbonden aan het Amsterdams Centrum voor Kinderstudies (ACK) van de Vrije Universiteit Amsterdam. Het ACK is een interfacultair onderzoeksinstituut voor psychologen, pedagogen, juristen en psychiaters

2002, 1e druk
ISBN 90 6665 486 4

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Webmaster om 17:22 Reageer op dit bericht

Twee opvoedingswijzen bij hechtingsstoornissen

Relatiegestoorde kinderen

Door: Dr. G. de Lange,

Dit boek is een geactualiseerde en sterk uitgebreide versie van het eerder bij Van Gorcum verschenen Hechtingsstoornissen. Orthopedagogische behandelingsstrategieën van Dr. G. de Lange. De titel van het boek is gewijzigd om het relationele aspect van de hechtingsstoornis te benadrukken.
De auteur heeft als orthopedagoog jarenlang met fundamenteel relatiegestoorde kinderen gewerkt. Op basis van zijn ervaringen heeft hij de in dit boek beschreven opvoedingswijzen
ontwikkeld om ouders, onderwijsgevenden en hulpverleners toe te rusten om deze kinderen te helpen uit hun isolement te komen. De eerder door de auteur geïntroduceerde
opvoedingswijzen zijn inmiddels toegepast en in dit boek wordt daarvan verslag gedaan.

Relatiegestoorde kinderen is onder meer bedoeld voor medewerkers van de eerstelijnsgezondheidszorg, voor diagnostici en voor hulpverleners die kinderen met
gedragsproblemen in hun praktijk krijgen. Ook is het bedoeld voor onderwijsinstellingen, zowel basis- als speciaal onderwijs, waar het van groot belang is dat fundamenteel relatiegestoorde kinderen adequate begeleiding krijgen.
Tevens is het boek belangrijk voor iedereen die met de pleegzorg of de adoptie van deze kinderen te maken krijgt en voor diegenen die verantwoordelijk zijn voor de opvoeding van deze kinderen in tehuizen en inrichtingen.

2002, Van Gorcum
ISBN 90 232 3800 1
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Webmaster om 19:59 Reageer op dit bericht

Hechting en therapeutische pleegzorg

Hechting en therapeutische pleegzorg
Een behandelmethodiek voor kinderen met een bedreigd perspectief

Most van der G.H.F., Bax H., Horn ten G.H.M.M., Hoogwater A., Trooster B.M. (red.)
ISBN 90 232 3644 0

Jantiene is agressief naar leeftijdgenootjes, ze pikt en ze liegt op een manier dat het lijkt of ze haar eigen verhalen gelooft. Tijdens de zwangerschap tien jaar geleden was haar moeder verslaafd en werkzaam in de prostitutie. Aanvankelijk werd Jantiene ernstig verwaarloosd en mogelijk ook mishandeld. De komst van de stiefvader bracht rust in het leven van moeder, maar met Jantiene ging het steeds slechter. Uiteindelijk wordt met moeder een ondertoezichtstelling en een plaatsing in een therapeutisch pleeggezin overeengekomen.

Therapeutische pleegzorg als revaliderende en resocialiserende behandelvorm ontstond vijftig jaar geleden en is tot op de dag van vandaag een waardevolle aanpak gebleken voor kinderen met psychiatrische problemen en een tekortschietende opvoedingsomgeving. De ontwikkeling van deze vorm van (pleeg)zorg, die zich beweegt op het grensvlak tussen kinder- en jeugdpsychiatrie en jeugdzorg, wordt geschetst tegen de achtergrond van de veranderingen in de maatschappelijke context. Probleemkinderen als Jantiene staan daarbij centraal. De problematiek wordt vanuit uiteenlopende invalshoeken beschreven, de multidisciplinaire en multimethodische zorg wordt uiteengezet en ook de juridische haken en ogen komen aan bod. Op basis van de concrete, praktische ervaringen van betrokkenen – de kinderen, hun ouders en pleegouders – beoogt dit boek de lezer een kritische beschouwing van de aanpak te bieden, waarbij er tevens aandacht is voor de positionering ten opzichte van andere zorgprogramma’s. Een therapeutisch pleeggezin kan, zo blijkt, een uitkomst zijn voor kinderen die graag zo gewoon mogelijk leven, ondanks hun problemen en problematische levensstart.

Hechting en therapeutische pleegzorg is als methodiekboek bij uitstek geschikt voor medewerkers in de jeugdzorg en in de kinder- en jeugdpsychiatrie, en voor studenten aan HBO- en universitaire opleidingen tot functies als maatschappelijk werker, (ontwikkelings)psycholoog, orthopedagoog en (kinder- en jeugd)psychiater.
Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door Webmaster om 14:27 1 reactie Reageer op dit bericht

Verbinding verbroken / Adoptie in adolescentie

Verbinding verbroken - Adoptie in adolescentie

Het Geen-Bodem- Syndroom II

Het eerste deel van ‘Verbinding verbroken’ beschrijft de volgende aangrijpende fase in de geschiedenis van Isabel en haar familie en is uiteraard gelijkgebleven aan de eerste druk.
Het tweede deel van het boek bestaat uit een uitgebreid theoretisch deel onder de titel ‘ Het Geen - Bodem - Syndroom II’. De essentie van het syndroom wordt hierin verder uitgediept. Ook wordt uitvoerig ingegaan op eventuele overeenkomsten en/of verschillen met andere ontwikkelings- en gedragsstoornissen bij kinderen en jeugdigen die tegenwoordig vaak ‘bodemloos’ worden genoemd.
Verder bevat dit deel praktische ideeën en tips voor allen die met deze handicap worden geconfronteerd. Deze inzichten kunnen ouders, leerkrachten, hulpverleners en (opgroeiende) kinderen nu en later helpen om beter te leren leven en omgaan met het Geen-Bodem-Syndroom.
Tenslotte formuleert Geertje van Egond haar visie op een verantwoorde wijze waarop adoptie zou kunnen plaatsvinden. 

Geertje van Egmond:
2001, Tweede herziene druk.
Uitgebreide editie met nieuw theoretisch deel,
Ambo, Amsterdam
ISBN 90 263 1702 6

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Webmaster om 13:35 Reageer op dit bericht

Geen-Bodem-Syndroom / Bodemloos bestaan

Geertje van Egmond: Bodemloos bestaan,
Problemen met adoptiekinderen
Vijfde herziene druk, Ambo, Amsterdam
ISBN 90 263 1703 4

Het Geen-Bodem-Syndroom I

‘Bodemloos bestaan’ bestaat uit twee delen. Het eerste deel bevat het indringende verhaal van een gezin met een buitenlands adoptiekind, Isabel. In de loop van de tijd wordt steeds duide-lijker dat zij emotioneel diep beschadigd is en niet meer in staat om een gezonde hechting aan te gaan. Isabel vertoont ernstige gedragsstoornissen die een ontwrichtend effect hebben op het dagelijks leven in het gezin.

Deze handicap heeft van Egmond benoemd als het Geen-Bodem-Syndroom. Deze term heeft inmiddels overal ingang gevonden.
Het gezin komt door Isabel onder grote druk te staan en wanneer de gebeurtenissen plotseling in een stroomversnelling raken moet Isabel worden opgenomen in een instelling voor kinder- en jeugdpsychiatrie. Toch houdt het gezin het contact met haar in stand, en langzamerhand gloort er een spoortje hoop.

In het tweede deel wordt het Geen-Bodem-Syndroom theoretisch uitgewerkt en worden de uitingen ervan systematisch verklaard. Het richt zich met name tot ouders, hulpverleners en leerkrachten. Sinds zijn verschijnen in 1987 heeft ‘Bodemloos bestaan’ veel losgemaakt, zowel bij ouders als in de hulpverlening.

Ook de ouders van biologisch eigen kinderen met hechtings-, gedrags- en ontwikkelingsstoornissen herkennen veel in de beschrijving van het syndroom.
In deze vijfde herziene druk is alleen het hoofdstuk ‘Het ideale adoptiegezin?’ herschreven. Verder is deze druk in grote lijnen identiek aan de vorige.
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Webmaster om 00:00 Reageer op dit bericht

"Gek hé, mensen zonder gevoel?"

"Gek hé, mensen zonder gevoel?"  

 

De Morgen  24 november 2001 - Marijke Libert.

De duivel had zich deze week, volgens een chargerende gerechtspers, in menselijke gedaante aan het publiek getoond, via Luc en Maggy. Maggy had in een hotelkamer in Aalst een kwartier lang op haar drie maanden oude baby gezeten om het te verstikken. Luc had een kappersschaar in de rug van zijn zevenjarige zoon geploft. De daders kregen donderdag levenslang. De vraag is of de twee niet reeds hun hele leven lang zaten opgesloten in een syndroom dat zich 'bodemloos gedrag' laat noemen. Steeds meer kinderen en jongeren met die problematiek melden zich in instellingen of in de psychiatrie.

http://www2.demorgen.be/archief.demol/index.html


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Webmaster om 16:32 Reageer op dit bericht

Bodemloos bestaan, problemen met adoptiekinderen

* Er is geen bodem in het bestaan (geen affectieve banden in de allereerste levensfase)

* Er is geen lijn in het leven, daardoor weinig gevoel voor tijd en ruimte, de wereld blijft ongestructureerd. Er ontstaan hierdoor vaak specifieke leerproblemen: geen of weinig getalbegrip, niet kunnen abstraheren, slecht woordbeeld, leerstof beklijft niet.

* De gewetensontwikkeling is niet opgang gekomen.

* Er is geen ik, daarnaast geen basaal vertrouwen in volwassenen, met als gevolg onvermogen en / of diepgewortelde angst om relaties aan te gaan.

* Er is een sterke neiging tot het leggen van oppervlakkige, inwisselbare contacten. Hierdoor is de problematiek van het gezin voor anderen slecht invoelbaar. Die anderen, inclusief hulpverleners, ‘zien’ niets of weinig.

* Het kind vertoont survivors gedrag. Schijnaanpassing. Het probeert zich staande te houden door de wereld om zich heen voortdurend onder controle te houden. Het is geniaal in het observeren, taxeren en manipuleren van de mensen om zich heen. Het besteedt hieraan een groot deel van zijn energie, waardoor bijvoorbeeld leerprestaties en creativiteit achterblijven.

* De intieme emotionele banden binnen het gezin worden als bedreigend ervaren. Het appèl van de gezinsleden op een vertrouwensrelatie is voor het kind slecht invoelbaar en verwarrend. Het geeft het kind soms ook een gevoel van anders-zijn, tekortschieten en eenzaamheid.

* Het vroegste ervaren – misschien reeds voor de geboorte – van ‘ontkend’, ‘niet gewenst’, ‘afgewezen’ en ‘weggedaan’ te zijn, is onvoorstelbaar vernietigend. De basale pijn zoekt vaak een uitweg in vernietigingsdrang die zich richt tegen zichzelf (automutilatie), maar vaak ook tegen anderen (moeder). Andere bekende uitingen van agressie zijn fysiek geweld, uitingen van wreedheid jegens dieren, (dwangmatig) vreten, stelen, vernielen, slapeloosheid, provocerend seksueel gedrag en weglopen. Meestal ziet men een onverzadigbare honger naar aandacht.

* Bij zijn handelen gaat het kind meestal te werk volgens het lustprincipe, het heeft nauwelijks ‘remmen’ en ‘drempels’.

* Uitingen van het geen-bodem syndroom zijn niet of nauwelijks gebonden aan bepaalde landen van herkomst, leeftijd, huidkleur, culturele achtergrond, enz.


Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Webmaster om 20:09 Reageer op dit bericht

'Eén wereld' over tienervaders, dinsdag 11 maart om 21.30 uur op Eén.

'Eén wereld' over tienervaders
9 maart 2008

In onze moderne samenleving is het de norm dat mensen wachten met kinderen krijgen tot ze volwassen zijn. Jongeren moeten eerst een carrière uitbouwen, van het leven genieten, de wereld verkennen, en rationeel een partner kiezen. En toch zijn er meer en meer tieners die kinderen krijgen.

De samenleving veroordeelt deze jonge ouders, en sommige gezagsdragers twijfelen zelfs of deze geboortes plaats zouden mogen vinden. In Tienervaders maken we kennis met de jonge ouders Lisa en Jack, en Jess en Ross.

Tienervaders vertelt het verhaal van een aantal tieners zien die het proberen waar te maken als ouders, en vraagt zich af of ze geschikt zijn voor het ouderschap. Moet de samenleving deze mensen tegen zichzelf beschermen? Of moet de maatschappij haar mening veranderen? Of de zwangerschappen gepland waren of niet, is het terecht om van tienerouders sociale paria’s te maken? Deze documentaire wil een eerlijk beeld geven van tienerzwangerschappen. Zijn tieners echt klaar voor kinderen, en is het ouderschap wel wat ze ervan verwachten?

Lisa is 14 en zwanger. Haar geheim is dat ze deze baby heel erg graag wilde. Eigenlijk wil ze al jaren een kind. Haar vriend Jack, 17, was heel erg geschokt toen hij ontdekte dat Lisa zwanger was, maar hij staat achter haar. Ondanks hun optimisme worden ze geconfronteerd met het feit dat ze geen geld hebben en dat ze in een veel te kleine kamer boven een lawaaierig huis wonen. Jack heeft geen diploma en Lisa is te jong om te gaan werken. Om te overleven, moet hij uit werken gaan. Jack moet volwassen worden, en snel.

Ross is 16 en houdt ervan om met zijn vrienden op straat rond te hangen. Hij heeft ook al problemen gehad met de politie, en op school wilde het nooit lukken. Jess kwam op haar twaalfde op het verkeerde pad. Ze spijbelde vaak, en begon te experimenteren met drugs. Jess geeft toe dat ze nu al dood had kunnen zijn, en Ross geeft toe dat hij in de gevangenis zou kunnen zitten. Maar toen Jess 15 was werd ze zwanger, en dat veranderde haar leven volledig. Het jonge koppel vecht tegen de offers die ze moeten brengen om voor hun kind te zorgen. Ross wil nog altijd op stap met zijn vrienden, maar Jess wil niet alleen gelaten worden met de baby. Kan Ross een goede vader worden en is het moederschap wel wat Jess ervan verwachtte?

'Een wereld',tenervaders,dinsdag 11 maart om 21.30 uur op Eén.


Iedere ochtend een actueelnieuwsoverzicht in je mailbox? Schrijf je dan nu in voor 'TV-Visie extra' via dit invulformulier zie de link    http://www.tv-visie.be/?pagina=mailinglist endagelijks bijzonsopgangzittenwijin je mailbox. Een aanrader!

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Webmaster om 15:45 Reageer op dit bericht

Meer van Hechtingsprobleem

↑ Terug naar de berichten