Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
Oude koeien
Ons huis ligt hier in het landschap omgeven door weiden. Twee keer per dag brengt een stoet melkkoeien bezoek aan het malse gras. Ze hebben een leidster die altijd voorop loopt, de andere vijftig magere moeders, net gemolken, volgen met slome tred. Ze zijn allemaal gemerkt met een plaatje in het linker oor en hebben als uniform een halsband om waarop een barcode staat, die hen in de melkstal moet identificeren.
De bende bijt in de gras en maakt het lawaai dat vegetariërs aan tafel maken tijdens het vermalen van hun dagelijkse portie wortels. Na het bijten vleien ze zich neer in het gras om te herkauwen. Dan weer grazen en plots, na een geheim teken of een gecodeerd commando, sjokken ze achter elkaar met dorstverwekkend deinend uiergezwabber terug naar de melkstal. Onderweg loeien ze- vrouwen ondereen- gezellig wat af. Ze zijn op weg naar hun enig genot: het vacuüm dat hun fierheid mechanisch leegzuigt. Misschien wel hetzelfde gevoel als eindelijk kunnen plassen na een lange autorit. Decompressie in al zijn vormen.
We staan als goede buren weleens te praten , de boer en ik. Hij heeft steeds een grassprietje in de mondhoek en hij houdt een stok met koperkleurig handvat, het werkinstrument van de fokker, achter de rug. Hij vertelt over Arthur, de oude stier die in een aanpalende weide bedaard en rustig herkauwend naar al die mooie koetjes ligt te kijken. " Vroeger", zegt de boer, " vroeger was Arthur zo erg potent dat hij soms oude koeien uit de gracht durfde halen." De boer en Arthur zijn maten, compagnons de route.. De boer voerde indertijd Arthur in de beestenwagen naar de boerderijen waar enkele koeien stonden te wachten om te worden bevrucht, '"Gedekt", zegt de boer, of "bediend".). Ik zeg dat hij daardoor eigenlijk de kat bij de melk zette en zo, geinend en grappend praten we nog wat verder.
Men vertelt in het dorpscafé, waar men aan de toog veelvuldig oude koeien uit de gracht haalt, dat, terwijl Arthur zijn werk deed en letterlijk en figuurlijk zaad in het bakje bracht, de boer zich wel eens placht te "onderhouden" met de boerin.
Ik ga er wel eens heen, naar dat café. Om in de landelijke sfeer te blijven vertelde ik er aan mijn tooggebuur dat mijn verrekt potente haan deze morgen weggevlogen is om in de supermarkt naar de naakte kippetjes te gaan kijken.
Vertelseltjes van het platte land...
Op de verjaardag van Arthur Rimbaud
Sensation
Par les soirs bleus d'été, j'irai dans les sentiers,
Picoté par les blés, fouler l'herbe menue :
Rêveur, j'en sentirai la fraîcheur à mes pieds.
Je laisserai le vent baigner ma tête nue.
Je ne parlerai pas, je ne penserai rien :
Mais l'amour infini me montera dans l'âme,
Et j'irai loin, bien loin, comme un bohémien,
Par la nature, heureux comme avec une femme.
Arthur Rimbaud
Startpijn
Toch blij dat ik ermee begonnen ben.
Meerdere keren denk ik: dit moet ik opschrijven, gewoon om het later nog eens te lezen, nog eens het momentum van iets treffends, maar te vluchtig,voor de geest kunnen halen
Zo bijvoorbeeld : de zachtheid van een lief gebaar. De wereld die nog steeds stil staat wanneer Zij in de wagen onverwacht en traag Haar hand op mijn dij legt.
Verbondenheid is tastbaar, intimiteit de reden van het bestaan.
Of werd zij zo aangegrepen door de liederen uit Winterreise die toen onze kleine ruimte vulden?
Der Lindenbaum
Am Brunnen vor dem Tore
Da steht ein Lindenbaum
Ich träumt in seinem Schatten
So manchen süßen Traum
Ich schnitt in seine Rinde
so manches liebes Wort
Es zog in Freud und Leide
Zu ihm mich immer fort
Ich mußt auch heute wandern
Vorbei in tiefer Nacht
Da hab ich noch im Dunkel
Die Augen zugemacht
Und seine Zweige rauschten
Als riefen sie mir zu:
"Komm her zu mir, Geselle
Hier findst du deine Ruh
Die kalten Winde bliesen
Mir grad ins Angesicht
Der Hut flog mir vom Kopfe
Ich wendete mich nicht
Nun bin ich manche Stunde
Entfernt von diesem Ort
Und immer hör ich's rauschen:
"Du fändest Ruhe dort
Wilhelm Müller, 1822 (1794-1827

