Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.
ik ben Loewiesa ik ben belgo-néerlandaise of neder-waalse Ik woon in "Le Hainaut" In dit blog probeer ik te schrijven over dingen die mij aan het denken zetten dingen die mij aan het lachen maken dingen waarover ik me zorgen maak en dingen die ik gewoon uit mijn duim zuig
Als je je beperkingen kent, kun je daarbinnen, onbeperkt te werk gaan
Jules Deelder
schrijver,dichter
Don't walk behind me I may not lead Don't walk in front of me I may not follow Walk beside me That we may be as one
I'm Out Of Estrogen
AND I HAVE A GUN!
Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.
Loewiesa
28-01-2026
Over een wraakactie op een zebrapad.
Mijn zoon was een weekje op wintersport, zijn auto stond ergens op een parking in Charleroi geparkeerd wat eigenlijk al een soort spirituele oefening is in loslaten. Je zet hem daar neer, je fluistert een schietgebedje, en je hoopt dat hij er nog staat bij terugkeer. Eigenlijk hoef ik Charleroi niet eens te noemen want, zie mijn vorige blogje, een mens is tegenwoordig nergens nog helemaal zeker.
Ik ging dus te voet wat boodschappen doen. Daarvoor moest ik een nationale weg oversteken, Ik wacht keurig op groen bij het zebrapad, terwijl auto’s langs mij heen raasden. Wallonië op drift. Zo’n weg waar het verkeer zich gedraagt alsof het net te horen heeft gekregen dat de wereld binnen vijf minuten vergaat. "Opzij opzij opzij, Maak plaats maak plaats maak plaats, Wij hebben ongelofelijke haast, Opzij opzij opzij, Want wij zijn haast te laat. Wij hebben maar een paar minuten tijd." *Zoiets... Eindelijk springt mijn licht op groen…
Maar je kent het, tegelijkertijd springt het licht voor automobilisten aan de overkant ook op groen voor hen die rechtdoor e/o linksaf draaien.
En terwijl ik mij rustig na de overkant begeef over het zebrapad, word ik nog net niet overreden. Ik krijg zelfs kwade blikken toegeworpen. Ikke, met mijn boodschappentas en mijn goede bedoelingen.
Op de terugweg moet ik over hetzelfde zebrapad, het licht staat weer op rood, maar er is ook zo’n oversteekknopje. Zo’n knopje dat je even het gevoel geeft dat je invloed hebt op het universum. Er zijn even geen auto’s te zien. Ik druk erop met een binnenpretje, een eerste “Nah”. Het licht voor voetgangers is nog steeds rood, maar Ik steek over, en als ik aan de overkant ben, zie ik auto’s netjes wachten voor het rode licht. Geen voetgangers te bekennen.
Vrijdagmiddag op klaarlichte dag, werd mijn 18-jarige kleindochter aangevallen door, een verwarde man van vreemde origine. Watskeburt? Ze was van school op weg naar huis, niets vermoedend, toen haar telefoon ging. Zij pakte haar telefoon uit haar tas en plots stond daar een man voor haar. “Geef telefoon” siste de man.
“Nee je krijgt mijn telefoon niet” antwoordde ze, haar dierbaar bezit stevig tegen zich aangedrukt, die telefoon die op haar leeftijd, zowat haar hele leven bevat.
Daarop ging de man over tot nog meer geweld. Hij gaf haar een stomp en duwde mijn kleindochter op de grond, Terwijl ze haar telefoon stevig bleef vasthouden, bleef hij slaan en schoppen waar hij kon, tot zij loste en hij er uiteindelijk met de telefoon vandoor ging.
Mijn kleindochter, vol adrenaline en niet van plan zich zomaar gewonnen te geven, rende achter hem aan. Ondertussen was er een camionnette gestopt met een viertal Marokkaanse werkmannen die het hele tafereel hadden gezien. Ze aarzelden geen seconde, ze renden achter de man aan en overmeesterden hem. Mijn kleindochter werd ondertussen ontfermd door buurtbewoners die door haar gegil hun deur hadden opengedaan.
De politie werd gebeld en haar papa, die men tegen moest houden om geen eigen rechter te spelen.
In het ziekenhuis werden haar verwondingen vastgesteld, er werd een PV opgemaakt met haar klacht. In de hoop dat de man morgen niet alweer op straat loopt op zoek naar een volgend slachtoffer en de vier werkmannen verklaarden meteen dat ze wilden getuigen.
Die vrijdagmiddag heeft ons allemaal wakker geschud. De schrik zit diep, bij haar, bij ons, en het zal tijd kosten voor haar om zich weer veilig te voelen in een rustige straat in een nette buurt die gisteren nog vanzelfsprekend was. Maar tussen de klappen en de chaos door zagen we ook iets anders: Mensen die niet wegkeken. Buurtbewoners die hun deur openden toen ze haar hoorde gillen. Vier Marokkaanse werkmannen die zonder aarzelen achter de dader aan gingen en hem overmeesterden.
We hopen dat justitie haar werk doet. En wij doen het onze: haar laten voelen dat ze niet alleen is, dat ze sterker is dan ze denkt, en dat één man haar wereld wel heeft geschud, maar niet heeft gebroken.
Ik heb geen missie om u een boodschap te brengen en er bestaan tachtigduizend fora om op alles je mening te dumpen en heel persoonlijke dingen wil ik, toch ietsje wijzer geworden, op dit blog, al lang niet meer met u delen, want met schrijven over je privé zoals ik in het verleden wel deed moet je uitkijken. Voor je het weet heb je de grootste ruzie en vertrouwen ze je voor geen cent meer. Bang dat ze worden dat je wel eens over hen zou kunnen schrijven. Overdrijf je waar ik de neiging toe heb, dan worden ze achterdochtig.
En zo raak je beknot. Beknot op je eigen blog. Alsof de geheime dienst meeleest, terwijl het in werkelijkheid gewoon je tante is of die ene buurman, of die kennis die denkt dat elke zin over hun gaat. Dus schrijf ik tegenwoordig maar over mijn gebrek aan inspiratie, dat ironisch genoeg vooral veroorzaakt wordt door al die mensen die ik niet meer mag gebruiken als decorstuk.
Geen ruzies meer, geen achterdocht, geen: “Was dat over mij?” Zoals in een ver verleden iemand ooit tegen mij zei: ”Je zou beter een boekje bij de GB kopen om daarin te schrijven, dan alles op een blog gooien.” En misschien had die persoon gelijk, al was het maar per ongeluk.
En toch blijft het jammer, want ze zijn best inspirerend, al die aardige en onaardige mensen in mijn leven. Ik schrijf niet meer over hen, maar ik draag ze wel mee. Als ongevraagde figuranten in mijn hoofd. Ze lopen er rond, ze morren wat, ze geven commentaar. Maar op mijn blog komen ze niet meer. Dat is mijn nieuwe vorm van zelfbeheersing, van zelfcensuur of sabotage. Het hangt ervan af wie het vraagt en vooral wie meeleest.
En dan zijn er de sterktewensreacties, je leest vaak van die berichten over bijvoorbeeld een overlijden of de ziekte van een bekend iemand wat uiteraard verdrietig is. Maar dan heb je altijd van die types die de betreffende persoon dan héél véél sterkte gaat wensen. Dat is natuurlijk superlief, maar denk je nu echt dat Bruce Willis jouw sterktewens leest vanuit zijn tehuis in Los Angeles waar hij intensief verzorgd wordt vanwege zijn fronto-temporale dementie en denkt “Gelukkig, Jeannette uit Aalst steunt me”.
Of de rampenreacties. Iemand die vertelt dat hij bijna stikte in een olijf In Italië. Een ander vertelt over een darminfectie bij het all-inclusive buffet in Turkije. Nou, dan komen de reacties want je hebt altijd van die mensen die dit zelf ook hebben meegemaakt. Maar altijd véle malen erger of ze beginnen over een nichtje dat niet lang geleden in Marbella bijna vergiftigd werd door iets in de sangria wat er niet in hoorde.
En dan hebben we het nog niet gehad over de meningen. Die eindeloze verhitte discussies, politieke etiketten, het welles-nietes van links tegen rechts. Ben je antisemiet of islamophobe. Ben je woke of reactionair. Er lijkt niets meer tussen in te bestaan.
En alsof dat niet genoeg is duikt er altijd wel iemand op die zich afvraagt of Brigitte Macron nu een vrouw of een man is. Weer een ander lijkt het zeker te weten…en reageert met de zelfverzekerdheid van een expert, die het allemaal al lang heeft uitgezocht.
Dan denk ik vaak, hè, hè, Dinges, Ik weet het, je hebt graag steeds het woord en weet alles beter. Maar het ging nu even niet over jou. Hou je bakkes en laat die Italiaanse olijf nu effe de hoofdrol spelen.
En dan heb je N. uit Z. die op Facebook trots meldt dat zij goed is aangekomen in Benidorm, waar ze als pensionado drie maanden gaat overwinteren. En dan J. uit B. een minuut later: “Oh mijn beste vriendin gaat daar ook elk jaar met haar man naar toe! Ze heten “Jut en Jul” doe ze de groeten als je ze ziet.” Alsof Benidorm eigenlijk maar uit één straat bestaat, met één supermercado, één frietkot “Bij den Belg” en één plein waar alle pensionado’s elkaar onvermijdelijk tegenkomen.
En zo krijgt N., nog voor ze haar koffer heeft uitgepakt, een soort morele opdracht. Terwijl ze eigenlijk zin heeft om in het Spaanse zonnetje, samen met haar buurtjes van verschillende nationaliteiten gezellig te gaan zitten keuvelen over ditjes en datjes, heeft ze nu een diplomatieke missie, groeten overbrengen, mensen herkennen die ze nog nooit heeft gezien, op de uitkijk staan naar Jut en Jul.
Disclaimer: de namen, personages plaatsen en gebeurtenissen zijn het product van de verbeelding van de auteur of op fictieve manier gebruikt. Elke gelijkenis met echte personen, levend of overleden, is puur toevallig.
Op sociale media zijn de reacties onder berichten vaak het echte spektakel, nog fascinerender dan het bericht zelf. Voor sommige reacties ga ik expres even zitten, met een bakje chips en een drankje. Soms zijn ze zo geestig dat mijn dag meteen goed is. Soms zo stompzinnig dat ik mijn geloof in de mensheid met rasse schreden zie verdampen.
Je hebt bijvoorbeeld Dinges die altijd moet laten weten dat hij iets niet leuk vindt. Onder een prachtige zonsondergang in Marokko schrijft Dinges: “Ik hou niet van Marokko" (Lees: en vooral niet van Marokkanen.) Dan denk ik, “Maar Dinges, niemand heeft om je mening gevraagd. Dan ga je toch lekker naar Oostenrijk of boek een hut in de Ardennen. Maar laat ons, die wel van prachtige zonsondergangen houden en het geluid van de stilte in de Marokkaanse Sahara al eens hebben ervaren met rust.
En dan is er Katrien uit Brugge. Katriens oude fiets is gestolen en plaatst een bericht op Facebook. Katrien is sowieso populair, dus binnen de 5 minuten; gedeeld in Gent, gedeeld in Antwerpen, gedeeld in Luik, gedeeld in Mesen (stad), gedeeld in Maastricht, gedeeld in Rolde, gedeeld in Pieterburen. Alsof haar fiets een internationale terrorist is die via het Pieterpad naar het noorden is gevlucht.
Vele jaren later duikt het bericht van Katrien en haar fiets nog een terug als een “herinnering”. Niemand kijkt naar de datum, want alles moet snel gaan, dus hop: het bericht wordt opnieuw gedeeld… Gedeeld in… Katrien was goed verzekerd en heeft ondertussen al een nieuwe, een elektrische, fiets gekocht…een rode met een mandje.
D’r man is dood. En natuurlijk leef ik met haar mee. Vijftig jaar samen. Haar wereld is ingestort en iedereen moet meeleven. Aan de buitenkant leek hij aardig en charmant, de vriendelijkheid zelve.
Maar ik en anderen met mij wisten beter. Hij maakte nare opmerkingen, kleineerde haar vaak, ging vreemd, dronk en had losse handjes. En zij, zij sloofde zich nog eens extra uit. Vaak dacht ik, wat een nare man is dat, nadat ik ook een tijd gedacht had dat hij aardig was, tot ik ook recht had op een sneer. Het masker viel, en ik wist dat zijn glimlach niets meer was dan een façade.
“Ik was allang weggeweest” dacht ik vaak. Maar niet zij, Altijd zocht zij naar nog meer excuses en bovendien, als ze weg zou gaan zouden ze hun huis moeten verkopen en zou ze financieel veel minder kunnen doen. Zij had tenminste gevochten voor hun huwelijk en vooral voor de schone schijn.
En nu staan ze daar, buren en vrienden, met hun keurige woorden van troost. Ze prijzen zijn glimlach, zijn joviale grapjes, alsof dat de waarheid was. Niemand durft te zeggen wat ze eigenlijk denken. Want kwaadspreken van een dode, dat doet men niet. Dus herhalen ze anekdotes, de schone schijn, en zij knikt beleefd mee. Alsof ze zelf ook vergeten is wat hij haar aandeed. Alsof rouw een toneelstuk is dat je samen opvoert.
En het wrange is: dit soort heldinnen kijken vaak neer op vrouwen die wel de moed hebben zo’n vent te verlaten en voor hun eigen leven kiezen. Alsof volharden in vernedering een hogere vorm van trouw is, en vrijheid slechts een zwaktebod. Ze dragen hun martelaarschap als een medaille, terwijl anderen hun rug recht houden en weggaan. En toch blijft de buitenwereld hen prijzen, want schone schijn weegt zwaarder dan moed.
Afgelopen week amper het huis uitgeraakt. Niet uit luiheid maar uit pure levenswijsheid. Veel te bang om een schuiver te maken. Zodra er sneeuw ligt, verandert mijn buurt namelijk in een soort hindernissenparcours waar ik vorig jaar al eens glorieus ben uitgeschakeld. Een weggetje zonder zon na een overigens zonnige wandeling, een ijsplek zonder waarschuwing, en daar lag ik, elegant als een omgevallen tuinkabouter.
Cesar die bij mij was, ging meteen braaf zitten. “Vrouwtje wat doe je nou?” Ik ben zelf terug op gekrabbeld, Cesar over zijn kop geaaid en gezegd dat hij braaf was. Want dat wàs hij, voor hetzelfde geld had hij, eindelijk eens niet vast aan een lijn, van deze plotselinge gelegenheid gebruikgemaakt om zijn vrijheid te vieren en het hazenpad te kiezen. Maar nee, onze César bleef gewoon zitten, alsof hij mijn persoonlijke reddingshond was.
Ik heb de leiband weer opgepakt en we zijn langzaam naar huis gelopen. Onze Cesar keek mij af en toe eens aan met zo’n blik van “Gaat het nog een beetje?”
Pijnlijk was het zeker. Maar ik kon stappen, dus waarschijnlijk niks gebroken, alleen mijn waardigheid gekneusd.
Nou ja, ik heb 3 weken niet normaal kunnen zitten en niet meer naar buiten gedurfd. En de palm van mijn linkerhand werd blauw en groen en toen geel en was pijnlijk. Toen die twee maanden later nog steeds protesteerde heb ik daar toch eens melding van gemaakt bij de huisarts. Er zijn foto’s gemaakt en een echo, niks gebroken, maar door de val wel licht beledigd, waardoor er een artrose is ontstaan, gewoon een paar pijnstillers en dan zou het wel overgaan.
Het was trouwens niet mijn eerste val-avontuur en er hoeft niet eens sneeuw of ijs aan te pas komen om mij onderuit te halen. Parijs heeft er ook eentje op mijn naam staan. Zo struikelde ik een paar jaar geleden over een stoeprand op de Champs-Elysées, terwijl ik met de Italiaanse sorellas liep te lachen en ondertussen links en rechts foto’s maakte.
Ik zag mezelf in slow motion richting een paal glijden die koppig niet opzij wilde gaan. Vervolgens stond “Tout Paris” om mij heen. “Madame, restez couchez, il y a du sang!” Ik wilde maar één ding, opstaan en zo vlug mogelijk verder. Maar “Les pompiers” waren al gebeld en binnen de 5 minuten stonden er twee heel mooie jonge mannen rond mij. Ze onderzochten me ter plekke, mijn bloeddruk en saturatie werd gemeten, ze maakten de hoofdwond schoon, en stelden allerlei vragen om te controleren of ik nog helder was. Het bleek dat alles boven de nek nog prima functioneerde.
Ze wilden ze mij meenemen voor een hechting, maar dat zag ik totaal niet zitten. Wij waren maar één dag in Parijs en over één uur zouden wij alweer naar huis vertrekken. Het vooruitzicht om de hele nacht in een Parijs ziekenhuis te zitten wachten tot ik aan de beurt was, sprak mij totaal niet aan.
Nu heb ik een heel klein plekje op de zijkant van mijn hoofd. Ergens waar mijn wenkbrauw eindigt. Een souvenir uit de Lichtstad.
En sindsdien luister ik naar mijn instinct. Als het glad is, blijf ik binnen. Als ik foto’s maak kijk ik uit waar ik loop. Uit ervaring. En misschien ook een beetje uit zelfkennis…
Woensdag. Het heeft opnieuw gesneeuwd deze morgen. De voorbijgaande dagen kon ik nog kleine wandelingen maken door de sneeuw met onze César, soms zelfs in de zon.
Deze morgen het huis niet uitgeraakt. Niet uit luiheid maar uit wijsheid.
Buiten staat er een flinke wind en de witte wereld ziet er grijs, guur en ongezellig uit. Er ligt een dik, bijna ondoordringbaar pak sneeuw dat alles stillegt, behalve mijn gedachten.
César draait rondjes om mij heen, mij aankijkend met die vragende blik van: “Nu? Wandelen?” Ik doe de keukendeur open en hij vliegt de tuin in als een hond met een missie. Hij begint te graven, luid blaffend, alsof hij een dier heeft geroken of de ingang van een hol. Zijn terriërinstinct komt regelmatig even boven. Een bord op mijn huis zou niet misstaan: “César voor al uw graaf-en snoeiwerkzaamheden.” Hij helpt mij namelijk regelmatig in de tuin, graaft gaten wanneer ik iets wil planten en snoeit op een manier die ik zelf niet zou durven. Al moet ik na het planten wel opletten dat hij het hele project niet opnieuw opgraaft.
Ik laat hem een tijdje zijn gang gaan. Kwestie van energie kwijtraken, zodat wij straks samen onder een plaid een filmpje kunnen kijken op tv.
Na een tijdje vind ik het genoeg. Ik waad door het dikke pak sneeuw de witte tuin in en zie het spoor van een ondergesneeuwde gele tennisbal. Het kronkelt door het wit als het pad van een schuw sneeuwwezen dat zich stilletjes een weg heeft gebaand, voortgeduwd door de neus van César.
Door de sneeuw krijgt hij waarschijnlijk geen grip op de bal. Ik zie hem worstelen, koppig, niet willen opgeven. En net wanneer ik wil ingrijpen, lukt het hem toch.
Hij draait zich om, bal in de bek, en zonder mij één blik waardig te gunnen rent hij het warme huis in. Daar legt hij de bal even later op de grond voor mijn voeten. Met zijn ogen glanzend van trots kijkt hij mij aan: ”Gaan we spelen?”
Vandaag de kerstboom weer afgetuigd, compleet met zwarte leren laarzen en een zweep. Want sommige rituelen vragen nu eenmaal om een zekere discipline. En daar ging alles weer voor 11 maanden naar de zolder. Vier trappen op, vier trappen af. Achtentwintig treden.
Onze Cesar volgt zoals bij het optuigen, alles weer aandachtig, maar blijft wijselijk op afstand, mij een handje helpen met het naar boven brengen van de dozen met kerstversiering en de kunstboom die uit drie onderdelen bestaat zit er vandaag ook duidelijk niet in en dat terwijl hij wanneer ik zomers in de tuin aan het snoeien ben, de takken bijna uit mijn handen rukt alsof hij persoonlijk verantwoordelijk is voor het groenbeheer van de wijk.
Verder heb ik een driekoningenkoek gebakken, een leuke traditie waar ik voor het eerst mee kennismaakte op de zondagschool. Bij ons thuis werd er vroeger niet aan gedaan. Net zoals de gewoonte om op 2 februari pannenkoeken te bakken voor Maria Lichtmis. Mij hadden ze altijd verteld over dat pannenkoekgedoe dat het was omdat het op die datum mijn halve verjaardag is. Alsof ik op die dag, zonder dat ik het besefte, een soort mini-Maria was en dus pannenkoeken waardig.
Later, toen ik al getrouwd was en in Frankrijk woonde, kwamen die tradities weer terug in mijn leven. Deze keer met de juiste uitleg. Ik wist toen al een aantal jaren dat Sinterklaas niet bestond, maar deze had ik niet zien aankomen…Mijn kinderzieltje kreeg de zoveelste dreun, maar heeft het uiteindelijk met enige weemoed aanvaard.
En ik besloot, na een en ander verwerkt te hebben ; die hou ik erin. Tradities die ruiken naar winterlicht, samen zijn en gezelligheid.
Ik heb zelfs de oorsprong van de driekoningenkoek even opgezocht. De Romeinen vierden de Saturnaliën, nauw verbonden met de winterzonnewende, waar het licht zich voorzichtig herpakte, en de wereld even op haar kop mocht staan. In die dagen ging er een boon in een brood, een klein geheim in warm deeg. Wie hem vond, werd voor één dag koning, een spel, een omkering, een knipoog naar het lot.
En zoals dat gaat met veel van die heidense feesten: de middeleeuwse Kerk keek fronsend naar al dat heidense gedoe en besloot het dan maar te her verpakken in een Christelijk jasje. De oude feestkoning werd een driekoning en gekoppeld aan de drie wijzen uit het Oosten. De zonnewende werd Epifanie, en de boon bleef waar hij altijd al zat: in het hart van de koek, wachtend op iemand die hem vindt en even mag schitteren.
En weer ben ik niet de koningin van de dag. Dju! Maar een leeuw heeft geen boon nodig om te weten dat ze heerst. Ik draag mijn kroon wanneer ik dat wil!
dit blog ondersteunt oude spelling nieuwe spelling oude nieuwe spelling onnodig Frans onnodig Engels verkeerd geplaatste leestekens stijl en spelfouten
OVER VRIJE MENINGSUITING!
"Het mooie van vrije meningsuiting is dat je altijd weer verrast wordt door de schaamteloosheid van degenen die haar willen beknotten"
THEO VAN GOGH (VERMOORDE COLUMNIST EN CINEAST)
OVER LIEFDE
"LIEFDE IS DAT JIJ HET MES BENT
WAARMEE IK IN MIJZELF WROET"
May the sun. Bring you new energy bij day. May the moon. Softly restore you by night. May the rain. Wash away your worries. May the breeze. Blow new strenght into your being. May you walk. Gently through the world and know. Its beauty all the days of your life.