Vrijdag 2 juni 2006
Van de spinster
Van een oude spinster
Daar was eens een oud vrouwtje dat, heel haar leven lang, met spinnen haar kost had gewonnen. Maar nu was zij oud en versleten zodat ze met spinnen niet meer verdiende.
Op zekere dag ging ze in een bos hout rapen. En ze was zo verdrietig en dacht bij zichzelf: ik ben oud en verslleten, ik kan niet meer werken en 'k weet niet wat beginnen om aan mijn brood te komen.
Terwijl ze dit dacht, komt zij een heer tegen.
-Vrouwtje, ge ziet er zo bedroefd uit ?
-Ja, ik ben versleten, 'k heb met spinnen mijn kost gewonnen, en nu kan ik niet meer werken.
-Ik zal u eten bezorgen, zei de heer, die de duivel was, als ge wilt doen wat ik u vraag.
- Laat horen, zei 't vrouwtje.
-Ge moet mij uw ziel beloven , en dan zal ik u zeven jaar lang alle dagen een steen* gesponnen garen brengen; alle dagen, gedurende die zeven jaar, mag jij raden hoe ik heet: kunt gij 't raden, dan zijt gij verlost, kunt ge 't niet, dan zijt ge uw ziel kwijt. Wilt ge ?
-ja, zei 't vrouwtje.
Alle dagen bracht de duivel haar de steen* gesponnen garen; alle dagen raadde het vrouwken hoe de heer heten mocht, maar 't was altijd mis...
De laatse dag van de zeven jaar was gekomen en 't vrouwtje was zo verdrietig omdat zij dacht : 't is vandaag de laatste keer dat ik raden kan en , ben ik er naast, dan ben ik mijn ziel kwijt.
Terwjl ze al zuchtend heen en weer in huis liep, kwam er een jager binnen.
- Kunt ge mij wat te drinken geven ? vroeg hij.
-ja, zei het vrouwtje dadelijk.
-Ge ziet er zo droevig uit, vrouwtje ? Waarom ?
- Ik ben bedroeft, zei ze zuchtend, maar ik mag u niet zeggen waarom en ge kunt mij toch niet helpen.
- Dat is niet zeker,antwoordde de jager. Vooraleer te vertrekken, moet ik u toch nog uiteenzetten welk vreemd geval ik daar net in het bos meemaakte. Er zat daar iemand te spinnen en die zong steeds: het vrouwtje kan niet raden hoe ik heet en ik heet Fijfelaar.
En daarop begon het vrouwtje helemaal te herleven, omdat ze dacht : nu kan ik niet missen. Kort daarna bracht de duivel haar het beloofde garen
en hij lachte, want hij dacht dat het vrouwtje met hem mee naar de hel zou moeten.
-Nog een keer raden, voor de allerlaatste keer , sprak hij.
- 't Zou nu wel raak kunnen zijn, antwoordde zij.
- Haast u wat, riep hij.
- Fijfelaar ! riep ze
En hij was weg en zij was verlost; en ze had geld genoeg van 't garen dat zij zeven jaar lang gekregen had, om zonder zorgen te leven.
*steen= een oudgewicht, tussen de 3 en de 4 kilogram.
Daar was eens een oud vrouwtje dat, heel haar leven lang, met spinnen haar kost had gewonnen. Maar nu was zij oud en versleten zodat ze met spinnen niet meer verdiende.
Op zekere dag ging ze in een bos hout rapen. En ze was zo verdrietig en dacht bij zichzelf: ik ben oud en verslleten, ik kan niet meer werken en 'k weet niet wat beginnen om aan mijn brood te komen.
Terwijl ze dit dacht, komt zij een heer tegen.
-Vrouwtje, ge ziet er zo bedroefd uit ?
-Ja, ik ben versleten, 'k heb met spinnen mijn kost gewonnen, en nu kan ik niet meer werken.
-Ik zal u eten bezorgen, zei de heer, die de duivel was, als ge wilt doen wat ik u vraag.
- Laat horen, zei 't vrouwtje.
-Ge moet mij uw ziel beloven , en dan zal ik u zeven jaar lang alle dagen een steen* gesponnen garen brengen; alle dagen, gedurende die zeven jaar, mag jij raden hoe ik heet: kunt gij 't raden, dan zijt gij verlost, kunt ge 't niet, dan zijt ge uw ziel kwijt. Wilt ge ?
-ja, zei 't vrouwtje.
Alle dagen bracht de duivel haar de steen* gesponnen garen; alle dagen raadde het vrouwken hoe de heer heten mocht, maar 't was altijd mis...
De laatse dag van de zeven jaar was gekomen en 't vrouwtje was zo verdrietig omdat zij dacht : 't is vandaag de laatste keer dat ik raden kan en , ben ik er naast, dan ben ik mijn ziel kwijt.
Terwjl ze al zuchtend heen en weer in huis liep, kwam er een jager binnen.
- Kunt ge mij wat te drinken geven ? vroeg hij.
-ja, zei het vrouwtje dadelijk.
-Ge ziet er zo droevig uit, vrouwtje ? Waarom ?
- Ik ben bedroeft, zei ze zuchtend, maar ik mag u niet zeggen waarom en ge kunt mij toch niet helpen.
- Dat is niet zeker,antwoordde de jager. Vooraleer te vertrekken, moet ik u toch nog uiteenzetten welk vreemd geval ik daar net in het bos meemaakte. Er zat daar iemand te spinnen en die zong steeds: het vrouwtje kan niet raden hoe ik heet en ik heet Fijfelaar.
En daarop begon het vrouwtje helemaal te herleven, omdat ze dacht : nu kan ik niet missen. Kort daarna bracht de duivel haar het beloofde garen
en hij lachte, want hij dacht dat het vrouwtje met hem mee naar de hel zou moeten.
-Nog een keer raden, voor de allerlaatste keer , sprak hij.
- 't Zou nu wel raak kunnen zijn, antwoordde zij.
- Haast u wat, riep hij.
- Fijfelaar ! riep ze
En hij was weg en zij was verlost; en ze had geld genoeg van 't garen dat zij zeven jaar lang gekregen had, om zonder zorgen te leven.
*steen= een oudgewicht, tussen de 3 en de 4 kilogram.
Geschreven door snikylou om 00:00
Reageer op dit bericht

