September 1971: afscheid van een dierbaar geworden plekje. Deze wilde ervaring, waarvan ik enkele weken vertelde, duurde eigenlijk maar vier…
September 1971: afscheid van een dierbaar geworden plekje.
Deze wilde ervaring, waarvan ik enkele weken vertelde, duurde eigenlijk maar vier dagen.
Op donderdag was de feestavond al, waarmee wij ons 'zijn dáar' afsloten.
De omringende bevolking uit allerlei bosnegerdorpen was uitgenodigd om dit feest met ons te vieren.
Wij hadden , uit ongeoefendheid, veel te veel proviand meegenomen en dat alles deelden wij op deze avond uit aan de dorpelingen.
Maar het zou Suriname niet zijn, als er toch weer niet vreemde dingen zouden zijn gebeurd.. Want de mannen, die in groten getale waren komen opdagen, begonnen in de bosnegertaal....
die toch nog weer anders is dan het 'sranan' , dat in de hoofdstad wel werd gesproken
.....allerlei dingen te roepen naar de bekoorlijke, vrouwelijke jeugd, die we bij ons hadden. Ik verstond dat niet, maar onder de leiding waren er velen, die deze vaardigheid wel hadden. Zij vertelden mij, dat het obscene taal betrof. De meisjes begrepen het ook en waren erg opgewonden, geschokt natuurlijk wel, maar ook 'vereerd'...'aangesproken' is misschien een beter woord. In ieder geval: het was een nare invloed van buiten tegen al onze bijbelstudies en zo in..
De avond werd besloten met een groot kampvuur. En toen zag ik bij onze jongens weer een reactie, die mij vagelijk beklemde. Zij begonnen opgewonden rond dat vuur te dansen . Het leek wel of oude herinneringen, die van geslacht op geslacht in de genen gezeten hadden, hun invloed begonnen te herkrijgen. De oude trance dansen leken te herleven.
Wij- de leiding- baden natuurlijk krachtig en zo kwam het niet tot excessen.
En aan het slot zongen wij nog het kamplied, door Betty vormgegeven. Ik herinner mij nog alleen de beginregels:
" In Blakka Wattra onder de bomen
Daar horen wij het beekje lustig stromen.
Wij zijn hier heel gezellig bij elkaar
Als blijde jonge Christenschaar".
En de volgende dag, vrijdag, naar huis. Bij het oversteken van een stroompje raakte de boot lek. De jongens gilden in paniek. De meisjes bleven heel rsutig. Merkwaardig, niet direct te verklaren, Maar we kwamewn behouden aan.
In het dorp, waar onze tocht naar het binnenland was begonnen, stond mijn auto te wachten in de volle zon. In de periode, dat wij ginds waren, waren sommige rubber-afsluitingen verteerd door de hitte.
Maar goed, we kwamen thuis, een grote ervaring rijker.
En....of al dat gedoe nu iets opleverde.....?
Och...zie het eens zó:
In 1977 preekte ik eens ergens. En in 2007 ontmoette ik bij een begrafenis iemand, die zei:
"Die preeek van 1977 van u hè....dat was het begin van mijn weg naar het licht".
En zo droom ik er wel eens van, dat ik in de eeuwige zaligheid, waar ik door Gods genade verwacht te komen, iemand op mij toloopt, mij omarmt en roept:
"Blakka Wattra....daar begon de vreugd voor mij".
Noem me maar: dromer. Maar de Christen heeft zo'n heerlijke toekomst, jullie allemaal hoor.......je kunt dromen dromen, waarvan een ongeredde niet weet.
Maar ook hij heeft recht op alles. Vertel het hem....
Daag
Ger
1971: Leiders zonder veel ervaring met een woelige jeugd. Die midweek, maandag tot vrijdag, was eigenlijk een heel waagstuk. in deze kerk wa…
1971: Leiders zonder veel ervaring met een woelige jeugd.
Die midweek, maandag tot vrijdag, was eigenlijk een heel waagstuk. in deze kerk was zo iets nog nooit geprobeerd.
En het was een erg heterogene jeugd. Er waren kinderen tussen uit alle milieus, die je in Surniname maar kunt bedenken. En de enkele jongens, die ertussen zaten met een middelbare schoolopleiding, waar ze mee bezig waren, namen al gauw het voortouw met rebellie: dat begon met naar de keuken sluipen 's nachts en daar van alles weghalen. En wanneer er dan bersiping kwam van de leiding, die ook nog nooit met dit bijltje gehakt had, dan volgde er openlijk verzet.
Het bijzondere was wel, dat een van die hoger opgeleide jongelui van 15-16 jaar niet meedeed.
Reeds hier kon je zien, dat er een scheiding der geesten was: zoals Spreuken 20 v
11 dat zegt:
"Reeds een kind laat zich kennen door zijn daden,
door wat het doet, zie je of het eerlijk en oprecht is".
Maar met die anderen hadden wij het moeilijk. Tenslotte echter boden de oproerkraaiers excuses aan en konden wij verder met ons program van bijbelstudie en sport en spel.
Maar op een avonds kwam ik nog in een moeilijke situatie. De jongens- en de meisjesnachtverblijven lagen aan weerszijden van de kamer, waar mijn vrouw en ik dan vertoefden.
En zo tegen tien uur kwamen er allemaal meisjes naar ons toe, met deze onmetelijke smoes:
"Wij willen naar de jongens-slaapvertrekken,. Zij hebben een lijstje met bijbelteksten, dat wij even willen inzien".
Van de andere kant was er een roep uit de verblijven van de jonge mannen:
"Ja...laat ze komen. Dan kunnen we nog wat bijbelstudie doen".
En op een gegeven ogenblik stond ik daar als enige hinderpaal tussen de al wat oudere jongens van zo 15..16 en de meisjes, die net iets lager lagen in hun leeftijd.
Suriname is een land, dat 'sexualiteit ádemt'. Die goede temperaturen, dat vele buiten zijn, de verwarde gezinsverhoudingen....al die dingen maakten, dat de volgroeide knapen en die alles leuk en spannend vindende gekjes elkaar niet op dit uur mochten ontmoeten,.
Ik heb daar als onervaren jeugdkampleider wat staan te bidden.
Tenslotte viel de druk weg en dropen wederzijds de 'bijbelstudie-minnenden' af.
Maar onvergetelijke dagen waren het wel.
Volgende week verder over het slotfeest.
In ieder geval: in Holland leken wij wat op dood spoor geraakt. maar hier was een levendig verkeer van steeds wisselende situaties.
Daag
Ger
Jongen...dat was wat in 1971; zo in Juli. Die heerlijke temperatuur...die overvloedige, uitbundige natuur...de heerlijke beek, die langs her…
Jongen...dat was wat in 1971; zo in Juli. Die heerlijke temperatuur...die overvloedige, uitbundige natuur...de heerlijke beek, die langs her vervallen vacantiehuis stroomde...dat zijdezachte water.
Prediker zegt het zo mooi in 11 v 7;
"Het licht is een genot. Wat een weldaad voor de ogen om de zon te zien! Wanneer een mens lang leeft, laat hij dan van elke dag genieten en bedenken dat de dagen van de duisternis ontelbaar zullen zijn. De toekomest is niets dan leegte.
Geniet dus beste vriend van je jonge jaren, haal je hart op aan de dagen van je jeugd.
Volg de wegen die je hart wil gaan, gun je ogen wat ze wensen. En onthoud bij alles wat je doet dat God je aan zijn oordeel onderwerpt. Belast je hart niet met verdriet en houd je lichaam vrij van kwalen, want je jeugd en jonge jaren zijn al snel voorbij".
Betty en ik waren eigenlijk nog ín onze jonge jaren. We genoten van de heerlijke zon in dit verrukkelijke land. We haalden ons hart op aan alles wat we hier beleefden, aan de kansen, die ons hier werden geboden. We wisten al meer dan Prediker wist:
- dat de dagen van Gods nabijheid ontelbaar zullen zijn
- dat de toekomst er een zal zijn van eindeloos van geestelijke verrukking naar verrukking snellen
En dat God ons aan zijn oordeel zou onderwerpen, hield in dit verband niet in dat God als 'een soort Zwarte zwadderneel' naar ons zat te loeren; zo van:
" Eén keer grijp ik ze".
Welnee, we wisten dat God ons éen keer zou vragen:
"Wat heb je met al die weldaden gedaan die ik je aanreikte. Heb je daarvan genoten zoals de bedoeling was. Of heb je ze met een zuur gezicht eigenlijk niet willen beléven zoals ze beleefd moesten worden" .
We hadden ook geleerd om niet al te veel verdriet van anderen met ons mee tre slepen. En dat je je lichaam vrij moet houden van kwalen om Gods goede gaven te genieten, wanneer het de tijd daarvoor is, dat hadden wij ook geleerd.
Even een uitstapje. Wanneer een jongen van vijftien uitbundig bier drinkt om bij de groep te horen, dan geniet hij ONTIJDIG van Gods goede gaven, waarbij ook ' een goed glas bier' kan horen . Zijn verstand lijdt er immers onder
Wanneer een jongen van zestien het bed induikt met een meisje, dan geniet hij van een andere gave van God ONTIJDIG.
Opletten mensen.
Maar nu weer terug naar mijn levensverhaal.
Toen God zo groots aan de gang was met zijn gaven, kwam de duivel erbij om met 'schijngaven' de boel te verzieken.
Veel van deze beeldschone meisjes van 16 en zo hadden nog nooit de gelegenheid gehad om te zwemmen. En ze verdrongen zich allemaal om 'broer Ger' die het aan ze moest leren. En zo stond ik maar met telkens wéer zo'n schattig rompje in mijn armen, met mijn hand onder die buikjes, de schoolslag aan ze te leren:
" Armen wijd.... benen geastrekt"
of hoe het ook weer was.
En ik was ook niog maar 48. En je ziet het aan Simson. De zwaarste verleidingen kwamen...van Delila en zo...toen hij een man van zo veertig was.
Maar door de genade van God hield ik het- ook in gedachten- bij de echte gaven van de Heer.
Och...ers is nog meer te vertellen over 'Blakka Wattra'., (zwart watrer).
Maar vóor ik daaraan begin, nog even iets van nu, ..nu ik 84 ben.
Vanmorgen in de kinderclub: Cora gaf een quiz op.
`Wie verdrukte het volk Israel in de tijd, toen Jezus geboren werd" .
Dennis doet niet mee. Ik vraag:
"Dennis....wat is u? "
"Nou....zij zijn flauw...ik zeg, dat ze op moeten schrijven: 'De Egyptenaren'.
En zij schrijven op 'Paulus' ".
En ik genoot. Ik had ze net een mooi verhaal verteld en zelf heel erg plezier erin gehad. En zij ook, ze deden echt mee.
En nu weer dit lief-grappig-dwaze voorval.
Je kunt jong blijven en van de goede dingen van God blijven genieten..
Daag
Ger
Ik had je dus verteld, dat 'de gemeente van Jezus Christus' onze eerste gemeente was in Suriname. We waren daar nog maar luttele maanden, zo…
Ik had je dus verteld, dat 'de gemeente van Jezus Christus' onze eerste gemeente was in Suriname.
We waren daar nog maar luttele maanden, zo in juli 1971 dat de tijd aanbrak, die voor ons in Nederland betekende: grote tentreizen door allerlei delen van Europa.
Het laatste jaar -1970- waren we met Marijke en Mariëtta, de trwee nakomertjes, nog over Denemarken gereisd en vandaar over Zweden en Noorwegen weer terug naar Denemarken en zo verder op huis aan.
Maar hoe ging dat nu hier. Onze horizon reikte eigenlijk niet verder dan Paramaribo. We wilden wel eens wat verder trekken. Maar daar lagen alleen maar verlaten plantages, door het oerwoud al weer overwoekerd en er woonden heel geen mensen.
Maar de voorgangers van de gemeente nodigden ons uit om mee te doen. Onze functie zou zijn: het geven van bijbelstudies op het niveau van de jeugd, die mee zou gaan, zeg maar: de jeugdgroep van de gemeente.
Dat was nu eens een uitdaging. We zouden naar iets gaan dat 'Blakka Wattra' heette. Daar was een mooie kreek, die door een speling van de natuur zwart water leek te hebben. Maar , zo werd verteld: het water was kristalhelder en altijd op heerlijke temperatuur en zo schoon en puur dat je het gewoon drinken kon.
Wij er dus heen; de jeugd in een grote autobus, wij met Marijke en Mariëtta er achteraan in onze eigen , mooie, splinternieuwe , witte Peugeot 506.
Toen we in het dorp kwamen, waar we niet verder konden op de gebruikelijke manier, zetten we daar onze car neer onder een afdakje en hoopten er het beste van, want de plaatselijke jeugd omzwermde het luxe gevaarte terstond.. De autobus keerde weer terug naar Paramaribo.
We staken een kreek over in een soort korjaal, die eigenlijk niet berekend was op zo'n grote groep mensen.
Er ging iets abuis: we raakten een heleboel proviand kwijt. Heel veel brood dreef weg op het water.
En toen we aankwamen, bleek dat de organisatie erg rammelde. We vertoefden in een zomerverblijf van een voormalige minister, ene Jopie Pengel en daar zou een maaltijd bereid worden voor al die hongerige, jonge magen. Maar voor er iets op tafel kwam, duurde het erg lang.
En het gebouw, al jaren niet in gebruik en uit hout opgetrokken, was ook deerlijk in verval geraakt. Dat gaat ook veel sneller in de tropen. Ja...het beloofde een avontuurlijke vacantie te worden, zonder het comfort, dat in die jaren in Europa begon te komen.
Maar die avond kon ik toch al een eerste gesprek hebben met de kinderen, jongens en meisjes in de lieflijke leeftijd van 12 tot 16 jaar.
Nu heb ik altijd wel graag verteld en ik kán ook redelijk vertellen. En ik neem aan dat ook hier mijn jeugdig gehoor geboeid was.
Alleen ...bij deze of een andere gelegenheid vcertelde ik het verhaal van Nehemia , die een muur bouwde rondom Jeruzalem, Voordien liepen de vijanden , de onderderdrukkers en de obscure elementen in het algemeen, maar in en uit. En daar moest nu eens een eind aan komen.
Jullie begrijpen mij: een verhaal met vele, vele aanhechtingspunten met de situatie van Christenen.
En toen ik aan het eind 'terugvroeg', was éen van de gegeven antwoorden:
"Die mang bouwde een schutting".
Nee...ik kon hier niet veel met al de lessen , die ik van Jo v.d.Brink, van Durk Sprik, van Karel Hoekendijk en van Ies Rooze had geleerd in het keurig geordende Nederland.
Maar daar vertel ik nog wel verder over in een volgendea aflevering van mijn verhaal.
Daag
Ger
Een eerste keer balans opmaken. Toen we een poosje in Suriname waren ,voelden we ons een beetje onbehaaglijk. We wáren daar nu wel, maar wat…
Een eerste keer balans opmaken.
Toen we een poosje in Suriname waren ,voelden we ons een beetje onbehaaglijk.
We wáren daar nu wel, maar wat liep het allemaal traag.
We konden maar geen scholen vinden voor de kinderen en het was hoog tijd dat ze weer leerden de regelmaat te kennen van een klas en vriendjes en vriendinnetjes.
We voelden ons ook niet prettig: bulten en infecties plaagden ons. We konden ons ook maar niet settlen in een gemeente. We zaten maar in dat hotel, moesten onderhand iets vinden.
En toen drong het tot ons door: al deze nieuwe omstandigheden hadden er ons toe gebracht, de Heer een beetje te vergeten.
Door de nieuwe situatie vloeide het geld wat rijkelijker binnen dan de welvaart die we al in Nederland gewend waren. En we vergaten maar steeds om de Heer daarvan een ´dubbel deel´ te geven.
En toen herstelden we dat ijlings. We stelden ook in het nieuwe land automatische overschrijvingen in naar verschillende gemeenten, die wij hadden leren kennen en zochten de Heer weer meer in onze gebeden.
Het was ook zo, dat wij zoveel zorgen gehad hadden met 'het starten van een nieuw huishouden', dat wij God en Jezus daarin niet voldoende gekend hadden. En toen begon er een vicieuze cirkel. Onze aanvangszorgen brachten ons er toe om zelf te gaan ploeteren en de Heer er een beetje buiten te laten. En dat 'de Heer er buiten laten' maakte dan weer dat er op al ons pogen geen zegen rustte.
Maar nu kregen wij er weer oog voor dat Spreuken 26 v 3 zegt:
"Vertrouw bij je werk op de HEER
en je plannen zullen slagen".
Nu zul je zeggen:
"Ger...dit is toch allemaal wel heel erg basaal. Sinds 1959 op een nieuwe en rijkere weg met God. En dan komt er in 1971 - na twaalf jaar !- eens iets lastigs op je weg...En dan maar weer gelijk: zelf doen...zelf voorthollen..."
Val me nu niet te lastig. Die vergeetachtigheid heeft maar een maand geduurd. En we waren al tegen de vijftig en werden op die leeftijd nog eens geconfronteerd met volkomen andere omstandigheden.
Nu ja, nadien ging alles veel beter:
- we vonden een school voor de kinderen
- we kregen een uitnodiging om mee te doen aan een zomer-evangelisatie
- we kregen een huurhuis in een beeldige ' collectieve tuin' .
- de infecties verdwenen
En we leerden weer een les: altijd contact houden met de Heer, ook bij steeds wisselende omstandigheden.
En zo zijn we dan weer terug bij het begin van deze levensbeschrijving: de voortdurende vorming die de Heer wil geven...... maar ook het voortdurend 'in de wielen willen rijden van Gods plannen' door de duivel.
En over die spannende dingen rondom je leven schrijf ik alsmaar verder.
Daag
Ger
Mijn dagelijkse werk in 1971 Al gauw trok ik er op uit om mijn eerste cliënt te bezoeken. De naam was al zo wonderlijk: een Hindoestaanse na…
Mijn dagelijkse werk in 1971
Al gauw trok ik er op uit om mijn eerste cliënt te bezoeken. De naam was al zo wonderlijk: een Hindoestaanse naam.
En zoals de naam was, zo onbekend, zo dwaas ook de aangifte; geen touw aan vast te knopen.
En toen ik met mijn mooie, nieuwe auto, de mooiste, die ik nog ooit bereden had...
hij was met de boot nagekomen, ik had even zonder auto gezeten, maar nu was de sneeuwwitte Franse car er dan
....onderweg ging, zag ik al gauw de grauwheid van wegmodder er op verschijnen,. Waar ging ik toch heen.
Op het aangewezen adres, een mooie villa, scharrelden alleen wat kinderen rond. Na verloop van tijd kreeg ik een dame te spreken, die echter helemaal met de zaak verlegen was om mij te zien. Ze wist absoluut niet hoe ze met mij moest overleggen.
In mijn godsdienstige kring kwam ik mensen tegen, die toch enigszins met de Nederlandse menataliteit bekend waren;
- negroïden, al sinds de 18 de eeuw gekerstend door 'de Evangeliche broederschap', in de 20 ste eeuw, na de komst van evangelist Hoekendijk in 1961 of zo overgegaan naar 'het Volle Evangelie'
- Hindoestanen, Javanen, Chinezen en anderen , vanuit hun orrspronkelijke godsdienst, Hindoe, Moslim en zo, bekeerd tot het Christensdom.
Maar nu, in mijn dagelijkse werk, kwam ik bevolkingsgroepen tegen, die óp zichzelf gebleven waren, zonder enige werkelijke aanraking met 'de Europeze landgenoten ', lees : de Nederlanders.
De belastingplichtige was afwezig. Hij had de kennisgeving van mijn bezoek niet 'begrepen', zo bleek mij alras. De boekhouder was niet op de hoogte gebracht.
Na veel vijven en zessen nam ik de hele boekhouding, die alleen enkele schriften omvatte, maar mee en ging er op kantoor naar zitten kijken.
Al gauw bleek mij, dat hier regel was, wat in Nederland bij uitzondering nog wel eens gebeurde: het vergelijken van begin- en eindvermogen en het privé dan maar schatten.
Ik ga dat nu niet te ver uitleggen. Maar ook in mijn werk was het zo, dat ik hier een heel andere aanpak nodig had.
Nu zullen jullie zeggen:
"Ger....je begon toch dit levensverhaal met de bedoeling om ons aan te geven, hoe de Heer aan je leven gemodelleerd heeft om je - zo mogelijk- te vormen tot een trouw en meewerkend lid van zijn heilige gemeenschap in de wereld, de gemeente.
Maar nu ben je afgezakt tot een gewoon dagboek.
Lui.... ik doe nu maar door op deze manier. We zien wel, hoe het verder loopt. Gods sturende hand was er ook nu. In de volgende afleveringen zie je mogelijk al snel, hoe dat in de practijk werkte.
Daag
Ger
Nog steeds 1971: Zo waren wij dan nu bezig met een heel nieuw begin. Wij waren enigszins vermoeid en ontgoocheld over ons 'zijn' in Nederlan…
Nog steeds 1971:
Zo waren wij dan nu bezig met een heel nieuw begin.
Wij waren enigszins vermoeid en ontgoocheld over ons 'zijn' in Nederland: Na ons religieus revival hadden wij niets van belang voor de Heer kunnen doen, zo meenden wij. Van onze zeven kinderen gingen er al drie eigen wegen, Jaap, Mieke en Harry....., wegen, die niets deden blijken van geloof in God, zo hadden wij. als indruk.
Willie en Ida gingen onze weg wel, zo maakten wij uit de eerste brieven op, maar in ieder geval, de opvoedig van deze dochters was ook voltooid. En 'de twee kleintjes', Marijke en Mariëtta, nu ja, daar viel nog niet veel over te zeggen.
En in de Volle Evangelie gemeenten in Nederland hadddn wij ook niets 'bereikt´. Maar hier, in Suriname, wist niemand iets van al die gebeurtenissen en afwijzingen en was het mogelijk, een nieuwe start te maken.
Maar ook dát ging niet van een leien dakje. In de eerste gemeente, waar we kennis mee maakten, lag mijn overijverigheid van te voren al als een hinderpaal. Vanuit Nederland had ik al enthousiaste brieven gestuurd, dat ik graag wilde medewerken. maar zij vroegen in Nederland na of iemand mij kende en maakten uit de binnengekomen antwoorden op, dat niemand ooit van ons had gehoord.
In een tweede gemeente, de 'gemeente van Jezus Christus', werden wij wél enthousiast binnengehaald, maar er lagen tussen gemeente nummer éen en deze gemeente weer gevoeligheden,. die de gang naar ´Stromen van kracht´ voorlopig barricadeerden.
Maar bij ´de gemeente van Jezus Christus gebeurde dan , wat ik al jaren had gewild: ik mocht dan eindelijk eens ´preken´.
Nu is het zo: ik kan mijn gehoor wel boeien en er blijft ook wel iets van hangen. Nog onlangs kreeg de bandendienst van mijn huidige gemeente een verzoek van iemand:
"Kun je die preek van broer Ger nog vinden van een paar jaar geleden al wel, denk ik: van Barak en Sisera".
Bleek het een preek uit 1994, nu dertien jaar geleden, te zijn.
Goed dan; ik vergeet die eerste keer, dat ik 'voluit mocht gaan', nooit meer. Ik had als onderwerp gekozen:
"Nehemia en zijn voortdurende strijd met Tobia en Sanballat, twee lui, die hem voortduend in de weg zaten".
Die preek was voor de mensen daar helemaal nieuw. In dat gedeelte van de bijbel waren ze nog niet zo vaak onderricht, misschien wel nooit. En ze pasten dat verhaal ook zo helemaal op zichzelf toe. Enkelen van hen moesten een paar dagen later een evangelisatiereis naar het buitenland maken en kregen tijdens die reis veel hindernissen op hun weg. Zij hielden de moed erin door elkander toe te roepen:
"Dat was Tobia weer"
of
"Wat was Sanballat weer bezig".
In ieder geval; we meenden ons stekkie al gevonden te hebben. En toen op een morgen een prachtige tenor daar opeens een lied inzette:
" 0...welk een genade
Jezus woont in mij...
Zijn liefde woont in mijn dankbaar hart...
Hij maakt van zonde mij vrij",
keek ik eens naar Betty en Marijke van 12. (Mariëtta -9- was in de kinderdienst) Ze zaten daar, met de tranen van ontroering in hun ogen . En thuis vertrouwden zij mij toe:
"Wij voelden ons zo....eindelijk thuis".
Dus ·...het begin van een erkenning in geloofskringen was er.
Maar...waar gelovigen op het punt staan, ´door te breken´, daar is ook de duivel alert om- zo mogelijk- de pret te bederven.
Want het leven van de Christen kent twee soorten van lijden:
- het algemene lijden , dat geen mens op de wereld gespaard blijft
- het extra lijden, dat de duivel, hun verklaarde vijand, hun toezendt.
Waarom Christenen het dan toch zo volhouden?
Wel....om twee redenen:
-er staat tegenover het lijden, speciaal voor hen door satan uitgedacht, zo eindeloos veel vreugde, ook in dit leven al, voor hen bereid door God. Ik noem eens zo'n kleine verrassing: laatst vertroosstte ik op een Duitse site een Duitse gelovige, zo ik meende. Ik kreeg ook in het Duits antwoord, met daarna een afzonderlijk zinnetje:
"Groeten uit Brussel".
Een Vlaamse en een Hollander, die elkander dáar moesten treffen.
- veel lijden, door eigen zonden veroorzaakt, blijft ons bespaard, doordat Gods genade ons van veel domheden terughoudt.
Nu ja; een volgende keer maar weer verder.
Daag
Ger
Voortgezette begin-indrukken Suriname (1971) Zondag na onze aankomst gingen we als eerste kijken bij de gemeente, die ons het naaste aan het…
Voortgezette begin-indrukken Suriname (1971)
Zondag na onze aankomst gingen we als eerste kijken bij de gemeente, die ons het naaste aan het hart lag± de gemeente ´Stromen vcan Kracht´, gegrondvest door Karel Hoekendijk, toen hij daar zijn campagne hield in 1961 of zo.
Die campagne...die deed veel stof opwaaien. Karel Hoekendijk was een evangelist met veel charisma. Mooie, lange, stastige man. Zijn vrouw, lief/ moederlijk: een ideaal paar voor evangelisatie.
Karel was is 1955 wonderbaar genezen van een gebrek aan zijn hart. En toen dit hem duidelijk werd, zei hij:
"Heel Nederland moet dit weten".
En hij voegde de daad bij het woord. En de door hem begonnen werkzaamheid had een groot aanvangssuces. En in het kader van deze al grote naamsbekendheid vertrok hij in 1961 of zo naar Suriname voor een campagne. En die campagne werd een daverende climax. Alle zalen liepen vol.
Het eindigde ermee, dat Karel werd uitgewezen. A nderen zetten zijn werk voort. Maar natuurlijk kon het grote enthousiasme niet worden volgehouden. Er kwamen splitsingen en scheidingen. Uit het wekr van Karel en zijn vrouw Beb ontstonden diverse gemeenten met allerlei namen. Maar....de meeste van die gemeenten bloeiden en zij allen hadden hun eigen werkterrein onder weer een ánder deel van de bevolking.
Er werd natuurlijk wel aan 'sheepstealing' gedaan, maar over het algemeen was er toch voor elk van die gemeenten voldoende ruimte.
Wij meldden ons dus eerst bij de gemeente 'Stromen van Kracht', die samenkwam in de bovenzaal van een Chinese vereniging. Het gebouw stond bekend als 'Chung Fa Foei Kong', alles zo heerlijk uitheems klinkend voor ons.
Eerste contacten werden gelegd op die zondag. Maar maandag was mijn eerste werkdag, mijn eerste echte werkdag eigenlijk en ik keek mijn mappen eens door.
Even was er weer dat gevoel van verlatenheid. De terminologie was zo anders. Iemand had vijf 'ketting' land aan de 'Hoer Helenakreek'.
Zulk andere maten. Zulke ongebruikelijke aanduidingen.
Ik probeerde mijn Nederlandse controle -technieken op de aangiften.Maar die leidden allemaal tot zulke grote verschillen, dat het mij puzzleerde. En toen ik in het hotel terugkwam, moest ik bekennen, dat ik geen kop of staart aan mijn werk kon ontdekken.
En mijn vrouw was begonnen met de pogingen om voor de kinderen scholen te zoeken. En zij kon van alle adviezen ook niets maken.
Maar verwarring hoort erbij, wanneer je in zo'n andere omgeving komt.
En éen ding konden we hier, aan onze hoteltafel in ieder geval doen: gewoon gebeden uitspreken aan het begin en het eind van de maaltijd. En dat rustige samenzijn met onze twee lammetjes van 9 en 12 was een zekerheid temidden van stromen van onzekerheid.
Daag
Ger|
April 1971: eerste dagen in Suriname Zeg, dat we die eerste nacht in Suriname weinig sliepen. Om 7 uur zou ik gehaald worden. voor mijn eers…
April 1971: eerste dagen in Suriname
Zeg, dat we die eerste nacht in Suriname weinig sliepen. Om 7 uur zou ik gehaald worden. voor mijn eerste kantoormorgen. En dat, terwijl ik sedert 1961 nooit meer op zaterdag had gewerkt en nu wás het dan zaterdag en moest ik direct aan de gang.
En vóor die tijd moesten wij het hotel-ontbijt achter de rug hebben.
Om vijf uur zat mijn vrouw al voor het raam en keek uit op de nog volkomen vreemde omgeving. We hadden een hotelkamer bij ´hotel
Kersten´ in de ´Domineestraat´ !!'.
En wat zag mijn vrouw in dat eerste morgengrauwen...
want in de tropen gaat om zes uur de dag vrij plotseling beginnen om er om zes uur ´s avonds vrij abrupt weer mee op te houden
......al veel verkeer: auto´s , busjes enz.
Even later was ik er ook uit . We wekten de kinderen en gingen naar de eetzaal, waar we het nog druk hadden met het elkaar vertellen van onze ervaringen de vorige dag.
En daar was de sous-chef al. Ik wist, dat hij zeer binnenkort ´hoofd van het bureau´zou zijn, want er was alleen een tijdelijke 'Europese Nederlander'...
zo heetten wij daar
.... die het spit afbeet.
Even later zat ik aan mijn bureau. Een mooi stalen bureau, terwijl ik in Nederland houten meubilair gewend was. Ik deed een lade van dat bureau open. Men had al ´zaken´voor mij klaargelegd': dossiers van belastingplichtigen.
De omslagen van die zaken waren volkomen Nederlands. En even later hoorde ik het personeel grappen maken over de belastingadviseurs van Paramarib. Ze deden dat op dezelfde manier als wij in Nederland.
Het was allemaal zo geruststellend gewoon.
De dag verliep verder met formaliteiten: mij voorstellen op de Nederlandse vertegenwoordiging; er was toen geen ambassade, want Suriname maakte nog deel uit van het koninkrijk der Nederlanden.
Boordevol indrukken ging ik naar huis. ik had al weer wat vastigheid.
En thuis trof ik een Betty, die ook vol verhalen zat. En de kinderen, die mee waren geweest op een wandeling , voegden de hunne erbij.
We middagmaalden. Naast ons zat een Amerikaanse familie , net aangekomen, evenals wij. Het was een Amerikaanse zendeling, die ook iets kwam doen in dit al helemaal gekerstende land. Die mensen hadden een dochtertje bij zich, zo''n grappig ding van 7.
Ik ging mijn gezin voor in gebed. Dat meisje keek met ogen rond van verbazing naar ons tafeltje. Ze had wel in de gaten dat ik bad, maar trok er een lieve, uiteraard juiste maar toch vermakelijke conclusie uit. Zij wendde zich tot haar vader en zei:
"Oh....dad...the Lord even understands dutch".
Die moeder kwam ons dat trots vertellen. Een netwerk van nieuwe relaties begon te ontstaan. En dat is soms zo goed wanneer de oude relaties een beretje vermoeid en versleten zijn geraakt.
Van nu aan ga ik meer gedetailleerd vertellen en zullen jullie de grote lijn :
"Gods modelleren van ons leven"
wel eens een beetje uit het oog verliezen., door alle details
Maar ik kom dichter bij de tijd van nu en dan ga je je meer herinneren.
Zo´n lange geschiedenis wisselt wel eens van lijn.
Maar ik zie, dat de lezerskring vooral niet kleiner wordt.
Daag
Ger
Die aprildag in 1971..... Een hele sensatie hoor: vliegen. We hadden met de auto al een groot deel van Europa verkend. Maar dit was toch wee…
Die aprildag in 1971.....
Een hele sensatie hoor: vliegen. We hadden met de auto al een groot deel van Europa verkend. Maar dit was toch weer een heel andere sensatie. Om Engeland en Ierland beneden je te zien voorbijschuiven van tien kilometer hoogte, alsof je naar een heel grote landkaart keek.
En dan later al dat water. En een tussenlanding op de Canarische eilanden, waar we kennis maakten met sub-tropische hitte.
Dan ben je bijna in een droom , wanneer je op Zanderij aankomt.
En daar zijn mensen om ons te verwelkomen: de sous-chef van mijn bureau met zijn vrouw. En die praten veel en druk met ons en vertellen al veel wetenswaardigheden, wanneer wij langs het Wanicapad naar de hoofdstad, zo'n dertig kilometer verderop rijden in hun auto.
Ook in het vliegtuig al veel gepraat Een dag vól indrukken, zoals je die maar enkele in je hele leven meemaakt.
Het is twee uur in de nacht. In Holland zou het nu al acht uur zijn en zouden we al zijn opgestaan, terwijl we nu nog naar bed moeten in een vreemd bed in een vreemd hotel.
En dan dit vooruitzicht: Ik word al over vijf uur gehaald voor mijn eerste werkdag. Want er wordt hier ook op zaterdag gewerkt.
Uitpakken van de koffers. Nachtkleding opzoeken. En dan: trachten te slapen, wat werkelijk nog even lukt.
Maar ik voel me wel verlaten van alles. En naast mij heeft mijn vrouw ook haar zorgen. Maar altijd is het nog zó gmeest, dat wij met al onze gevoelens bij de Heer terecht konden. En zo is het ook nu.....
Lieve lezers; hebben jullie dat gevoel ook wel eens: dat alle zekerheden even weg zijn en dat er louter onzekerheden over zijn. Doe dan net als mijn vrouw en ik op dat ogenblik: zoek je kracht bij de Heer .
Hij zou ons ook door dit grote avontuur heenhelpen.
En later zijn er nog vele van die avonturen gevolgd. . Want ons leven raakte in een stroomversnelling . Stof genoeg om jullie nog wel een poosje bezig te houden.
Daag
Ger