Radiomaker Jean-Pierre Rondas neemt na dertig jaar afscheid van
de radio. In een uitgebreid gesprek met De Morgen heeft hij het
onder andere over radio maken, de (onbestaande) objectiviteit van
journalisten, de "Noord-Belgen", de consensusdemocratie en zo veel
meer. (...)
Omdat ik op zondag eerder naar zijn uitzending luister dan naar de zevende dag te kijken vind ik dat ik onderstaande tekst , niet van mezelf, toch als een eerbetoon aan J.P. Rondas mag publiceren.
"Je kunt niet tegelijk journalist zijn en geen mening hebben. Je
kunt je mening dan onderhuids laten blijken. In elke oogopslag van
Kathleen Cools schuilt een mening. In elk grimas van Phara zit
onderhuids een opvatting. Als Martine Tanghe haar neus wat optrekt,
geeft ze een opinie. Ik heb altijd verkozen, op mijn positie, om
ronduit uit te komen voor mijn mening. De luisteraars apprecieerden
die openheid wel. Ik heb nooit gedaan alsof."
"Ik heb een hekel aan de politiek correcte consensus in de media. Ik
noem dat de desk opinion. Op een redactie, zoals bij de VRT, leeft
een soort stilzwijgende politieke consensus: wij denken nu eenmaal
zo over de dingen, en niet anders. Voor een individuele redacteur is
het verduiveld lastig om zich te onttrekken aan die opinie. Wij
stille Vlamingen hebben het in het algemeen ook moeilijker met het
ontwikkelen van een eigen mening, dan is het handig dat 'het
systeem' voor jou denkt. Die desk opinion is een niet-mening:
clichés worden doorgegeven als waarheden en niet meer bevraagd. Wie
uit de band springt, wordt weggezet omdat hij 'een vermanend
vingertje' opsteekt. Frank Vandenbroucke is bijvoorbeeld iemand die
voortdurend gekleineerd wordt met dat soort kwalijke kwalificaties.
Ik word daar zo moe van.
"Ook in de cultuurwereld bestaat een dergelijke pseudoprogressieve
eenheidsmening. Tom Lanoye vorig weekend in De Morgen, de
kunstenaars die zich in de KVS verzetten tegen de
regeringsonderhandelingen... ik noem dat de Noord-Belgen. België is
voor hen een soort ideële, apolitieke, van harmonie doordesemde
gemeenschap. De neutrale ruis over de betoging om een regering te
eisen is toch pure apolitiek? Er wordt gemanifesteerd tegen de
lengte van de onderhandelingen. De indruk wordt gewekt dat de
politici ofwel te dom zijn om die consensus te vinden ofwel te
halsstarrig en nog liever de welvaart van de mensen moedwillig
bedreigen. 'Ze kunnen het niet.' Wel, ik stel voor dat die
manifestanten eens proberen hun zo vanzelfsprekende
harmonievoorstellen voor te leggen op de onderhandelingstafel. Ik
vrees dat ze hun naïeve hoop op een snelle wedergeboorte van het
Nieuwe België snel zullen verliezen.
"De consensusdemocratie is bijna een morele imperatief geworden: je
moet overeenkomen. Op een zeldzame uitzondering na werkt politiek zo
niet. Politiek is meningsverschil, compromissen zijn een dekmantel
voor een machtsstrijd die hoe dan ook in de een of andere richting
is gekanteld. Helemaal te gek voor woorden vind ik dat het
uitgerekend Amadezen zoals Dirk Tuypens zijn die nu vanaf het podium
van de KVS tot harmonie oproepen. Niks tegen Amadezen ze runnen hier
de beste boekhandel van de stad maar inzake harmonieus samenleven
zijn zij nu eenmaal niet de meest geloofwaardige woordvoerders. En
al die belgicistische liberalen lopen daar blind achteraan. Denken
die nog voor zichzelf, vraag je je af. Dan krijg je Mathias De
Clercq of Dirk Verhofstadt met een discours dat zogezegd
antinationalistisch is, maar feitelijk het PVDA-standpunt vertolkt.
"Politiek gaat om strijd, niet om consensus. Persoonlijk wil ik
liefst met iedereen overeenkomen. Ik heb niet graag vijanden. Ik ken
trouwens niet veel mensen die daar wel goed tegen kunnen. Ik voel
ontzettend veel voor marxisme en kan me vinden in bepaalde
stellingen van het ethische liberalisme of de ecologische gedachte.
Maar je moet ook niet simpel zijn in deze kwesties.
"Luc Huyse stelt terecht dat drie breuklijnen door de samenleving
lopen vrijzinnigen versus katholieken, links-rechts,
Vlaams-Franstalig. Veel politiek gebeurt op die kruispunten, maar ik
laat mij niet wijsmaken dat politiek het streven is naar alleen
harmonie. Uiteindelijk gaat het er toch om dat je de ander overtuigt
van jouw gelijk. En dus zit er niets anders op dan altijd maar weer
argumenten aandragen, met mensen praten, iets laten horen. Dat is
geen revolutionaire gedachte, dat is burgerschap.
"Er bestaat een heel mooi boekje van een Joodse filosoof, Avishai
Margalit, Compromissen en rotte compromissen. Rotte compromissen kun
je niet sluiten. Waar ik me tegen verzet, zijn compromissen die zich
al bij voorbaat in het hoofd van de Vlamingen afspelen. Zo gaat het
bij communautaire onderhandelingen telkens weer: de Vlamingen
slikken al op voorhand de helft van hun verlangens in, waarop de
tegenpartij toch nog zegt dat alles inbuvable is. Zo krijg je een
vercompromissing van het compromis.
"Bart De Wever is in zijn hoofd klaar om een compromis te sluiten.
Zijn verduidelijkingsnota was daar toch een mooi bewijs van. Dat was
niet het N-VA-programma dat hij daar oplijstte. Maar als je dan door
de tegenpartij ronduit gekleineerd wordt, begrijp ik dat je even aan
de kant gaat staan. Dat is het gevolg van de eigenaardige
dwangsituatie van een schijndemocratie. Alle Vlaamse partijen hebben
de Vlaamse resoluties getekend, en bevestigd in de Octopusnota, waar
iedereen het min of meer eens over is. Je krijgt dat maar niet
verkocht aan de andere kant. Ze hoeven zich daar ook niks van aan te
trekken omdat de democratie hier is uitgeschakeld.
"Zullen we een federale kieskring instellen om het democratisch
deficit weg te werken? Subiet, wat mij betreft! Maar dan wel een
échte en geen getrukeerde, waar de zetels al op voorhand verdeeld
zijn. Dan zouden wij kunnen zeggen: we kennen geen Vlamingen, Walen
en Brusselaars meer, we kennen alleen Belgen. Goed plan, maar dan
moet de grendelgrondwet wegvallen. Dan zijn we altijd en overal
Belgen, die bij meerderheid beslissen. Bestaat de meerderheid uit
Vlamingen? Jammer dan. Dat is de kwestie natuurlijk: die grendels en
alarmbellen zijn niet uitgevonden uit vrees voor een Franstalige
secessie, maar uit vrees voor de demografie en voor de democratie
die voortvloeit uit de demografie.
"De principes die een federale staat gezond zouden kunnen maken, als
er maar aan gehoorzaamd werd, uit rechtvaardigheid, kun je aan de
Franstaligen niet verkopen. Voor mij gaat het om wederzijdsheid,
transparantie en loyauteit. Wederzijdsheid betekent dat je niet aan
een ander vraagt wat je zelf niet wilt toegeven. Willen de
Franstaligen faciliteiten voor de Vlamingen die in Waals-Brabant
wonen? Ik dacht het niet. Als je zoiets nog maar zegt, ben je al een
separatist.
"Loyauteit wil bijvoorbeeld zeggen dat je niet, zoals Elio Di Rupo
heeft gedaan, achter onze rug naar de Nederlanders gaat en zegt: die
IJzeren Rijn is slecht voor de werkgelegenheid in het station
Luik-Guillemins.
"Ik ben geen romantische flamingant. Er is geen paulusmoment
geweest, waarop ik van mijn paard gedonderd ben en plots voor de
Vlaamse zaak ben beginnen te strijden. Voor mij is dat een geval van
voortschrijdend inzicht. Door die reciprociteit, loyauteit en
transparantie die er niet zijn. Dat zijn zaken die ontbreken in
België. Er schort iets aan onze parlementaire democratie. Wat dat
betreft ben ik veel radicaler dan De Wever.