Naar de inhoud

In de naam van de Schelp

Fietstocht van Schoten naar Compostela
akke.beakke.be

Archief

Zaterdag 19 jan 2013

Het is weer om binnen te blijven, al een hele week lang. Het is niet alleen gevaarlijk glad, maar er waait een ijzige noordenwind. De gevoelstemperatuur lag vandaag zeker rond -10°C. We hadden nog een weekendje Brussel liggen waarvan de vervaldatum gevaarlijk dichtbij kwam.

Deze morgen zijn we, na het super ontbijt, de stad ingetrokken. Van het Koninklijk paleis richting Grote Markt en dan via de Nieuwstraat naar de Botanique. Alles wat met water te maken had was al weken dichtgevroren en fonteinen zagen er uit als abstracte ijssculpturen.

Tijd om iets tussen de kiezen te duwen en vooral wat te ontdooien. Links en rechts, een eenzame fietser die zich door de hoofdstad sleept, pfff, respect, voorovergebogen, omzwachteld met meters linnen, mutsen met oorkleppen en vooral dikke handschoenen. Hier en daar ligt nog wat oude sneeuw, door de nachten heen tot ijs omgetoverd, het is oppassen geblazen in de smalle straten, chauffeurs die achter aangedampte ruiten hun weg zoeken naar onbekende bestemmingen letten niet altijd op fietsers. Tegen 4 uur zijn we erdoor, rap de sauna in, niet veel soeps, maar het is er warm, heel warm. Eenmaal op de kamer is onze kaars uit, een middagdutje, een kleintje maar…Na het avondeten nog wat televisie. Morgen voorspellen ze ijzel, van kwaad naar erger dus, en weer niet op de fiets!

Reageer op dit bericht

Dinsdag 15 jan 2013

Het kan niet beter, gisteren was het berekoud en vannacht is er een pak sneeuw gevallen, vandaag is het tapijt nog een centimeter of 5 aangedikt. Dan maar op de nepfiets, gisteren een klein, en vandaag een vol uur. Lekker peddelend vanachter het raam, het zag er nochtans idyllisch uit.

Tot overmaat van ramp, toen ik naar huis reed met de wagen, boempatat. Een waarschijnlijk verstrooide chauffeur reed vanuit een haakse parkeerplaats recht het wegdek op. Wat ik ook mocht uitrichten vanachter het stuur, ik schoof op de verijsde weg recht zijn rechterflank binnen....Krrrrrrrrrrrrrrrr, daar stond ik....vloeken, tieren of wat dan ook helpt niet, papieren ingevuld, al goed geen gewonden, en waarschijnlijk, alé, zou toch logisch zijn, in mijn recht. Een kleine kras op de bumper en een knipperend mistlicht. Al bij al had het veel slechter gekund. Toch één van de dagen naar de garage, die hebben het met dit weer niet onder de markt denk ik!

Fietsperikelen

Toen de beslissing genomen was kon ik stilaan beginnen uitzien naar een andere tweewieler. Ik had nog wel een cross-racefiets staan. Het ding had zich al die tijd al voortreffelijk gehouden en zijn berijder al menig triomf laten beleven, maar voor deze uitdaging lag het toch wel wat moeilijk. Er zat ondertussen wel een Triple-versnellingsapparaat op en alles wat vernieuwd kon worden was ondertussen al vervangen, maar toch?

Goed, we moeten niet de grote massa materiaal meesleuren maar een minimum zou toch handig zijn, drinken, wat gesneukel voor een kwaad moment, banaantje, vers shirt, regenjas, reservemateriaal voor de fiets, fototoestel, reservebatterijen voor de GPS, wat EHBO-prulletjes, kaart, de boekjes van Sweerman, … Een rugzak zou natuurlijk ook kunnen, maar eerlijk gezegd zie ik me nog geen 2700 km met zo’n ding rijden en laat het nu net mijn rug zijn die de laatste tijd voor wat verzorging smeekte.

Ik had al alle mogelijke hoeken, kanten en bochten uitgedacht om iets of wat bagagedrager te monteren, maar buiten een recht stoeltje dat aan de zadelstang zou kunnen bevestigd worden bleef er niet veel over….de rugzak dan maar?

Ik google wat op de verschillende bekende fietsmerken. Een echte Randonneur, de uitverkorene van menig wereldreiziger zie ik niet zitten; een half of heel vlinderstuur, standaard stalen of aluminium frame, voor- en achter steunen voor grote draagtassen, het oogt zwaar en onhandig. Wat ik ook lees, ik voel me niet tot de doelgroep waarvoor dit soort fietsen is ontworpen.

Dan maar op pad naar de fietswinkels in de ‘ruime’ buurt, eens horen wat de verkopers/vakmensen met mijn gegevens aankunnen. Het valt mee, geen enkele die me blazen probeert wijs te maken, geen enkele die me een ‘echte’ trekkersfiets adviseert, ondanks de waarschijnlijk grotere verdienste op dit soort tweewielers. Er bestaat nog vakmanschap, respect!

‘Hybride’ lijkt tegenwoordig het toverwoord. De kruising van een mountainbike met een racefiets, een klassieke geometrie met recht stuur en mountainbike-versnellingen, schijfremmen en voorzien om een draagtas(jes) te monteren. Ik doe wat proefritjes en voel meteen een aangename, zelfs comfortabele zithouding, vrij rechtop, dus niet zo rugbelastend als de racevariant. Enkele modellen bieden zelfs een geveerde voorvork aan.

De merkenslag kan van start gaan. Het wordt puzzelen, prijs/kwaliteit/service. De ene heeft dit, de andere dat. We staan enkele dagen voor de zomervakantie en ik zou’m toch graag hebben voor het vertrek. Geluk bij een ongeluk misschien, maar één van de kandidaten bleek niet meer leverbaar op die termijn. Dan maar de andere topper, de Ridley Tempo Cross. Twee dagen geduldig afwachten en twee dagen voor het vertrek op vakantie heb ik het nieuwe troetelkindje.

Zonder te overdrijven wat specificaties; Ridley frame, afgemonteerd met Shimano SLX versnellingen, vooraan 24/32/42 en achteraan 11/34. Vooraan had het ietsje groter gemogen, maar eigenlijk hou ik liever van een soepele tred dan van dat hard gemoker. Ondertussen staat er ook een bagagedrager op achteraan!

Avid Juicy schijfremmen, een carbon vork en WTB Dual Duty 28” wielen. Ik heb lange tijd getwijfeld over de geveerde voorvork. Toch blijkt het gewicht, de meerprijs en de mechanische broosheid een groter nadeel te zijn dan de efficiëntie bij 99% asfalt. In dezelfde context werden mij eerder bredere banden aangeraden.

Momenteel liggen er Schwalbe Durano 23-622 op maar tegen het vertrek komen er Marathons 35-622 of iets dergelijks op. Over de banden heb ik later nog wel een hoofdstukje, alleszins is dit item een heet hangijzer op de meeste fora en dus zeker de moeite waard om er op terug te komen.

Ondertussen fiets ik met de regelmaat van de klok op de hybride. Het is zeker geen racemachine, en dat is ook verre van verwacht en gewenst. De fiets rijdt comfortabel, schakelt goed en remt onmiddellijk. In alle eerlijkheid dien ik toch te vermelden dat de remmen het de eerste week wat lieten afweten. Zo stond ik op één of andere col met een geblokkeerd voorwiel doordat de remklauw dichtgeknepen bleef. Een bezoekje aan een lokale fietsenmaker en een half uurtje vakantietijd later was het euvel opgelost. Sindsdien peddel ik met groot vertrouwen op de Ridley, maar de duurtest moet nog komen…

Reageer op dit bericht

Een stukje Geschiedenis

Sint Jacob, schutspatroon, attributen en naamdag

Met Sint Jacob wordt veelal Jakobus de Meerdere bedoeld. In de christelijke iconografie is de sint-jakobsschelp diens attribuut. Deze is bevestigd aan zijn hoed, mantel of knapzak. De Sint-jakobsschelp is hiernaar vernoemd. Ook wordt hij vaak afgebeeld met een staf, het attribuut van de pelgrim.

De Orde van Sint-Jakobus van het Zwaard koos Jakobus de Meerdere als schutspatroon. Volgens de legende was zijn graf, aangewezen door een ster, ontdekt op het "sterreveld" in Santiago de Compostella.

Volgens de overlevering leverde koning Ramiro I van Asturië in 844 een veldslag tegen de Moren (de vermoedelijk mythische slag bij Clavijo), waarbij zijn leger onverwacht hulp kreeg van een geheimzinnige ruiter die de Moren doodde, zodat de slag gewonnen werd. Het lag voor de hand dat de ruiter niemand anders was dan Sint Jakobus (Santiago), die sindsdien in Spanje dan ook de titel Matamoros (Morendoder) draagt.

Zijn naamdag is op 25 juli. In de Orthodoxe Kerk is 30 april zijn naamdag. Hij is de patroonheilige van Spanje (in het bijzonder van Galicië en Santiago de Compostella), Antigua Guatemala, Guatemala, Chili (in het bijzonder Santiago de Chile), Loíza, Medjugorje, Montreal, Nicaragua, Pistoia, Sint-Jacobiparochie, Den Haag, Kemzeke en van de soldaten, ruiters en krijgers, de arbeiders, de lastendragers, de hoedenmakers, de bont- en pelswerkers, de kousenmakers, de bewakers, de (ketting)smeden, de apothekers en drogisten, de dierenartsen en de pelgrims en tegen de reuma en de artritis en voor goed weer en de groei van appels en veldvruchten.

Pelgrimsroute naar Santiago de Compostella

De belangrijkste route door Spanje was de Camino Francés, die de voortzetting was van meerdere trajecten komend uit Frankrijk. De Camino Francés was de middeleeuwse verkeersas die in Noord-Spanje loopt van de Pyreneeën naar het graf van Jakobus. Deze route loopt langs de steden Pamplona, Estella, Logroño, Burgos, León, Astorga en Ponferrada. Er zijn ook enige andere secundaire routes van de Pyreneeën naar Santiago.

De Camino Francés in zijn huidige loop is in de eerste helft van de 11e eeuw ontstaan; er wordt echter aangenomen dat de route al veel ouder is. Al voor Christus was Finisterre het eindpunt van een heidense tocht. De klif, 90 km westelijk van Santiago, is door de Romeinen Finisterrae gedoopt, wat 'einde van de wereld' betekent. De traditie van de bedevaart naar St.Jacob in Compostella gaat terug naar de tijd van Karel de Grote, nadat volgens de de legende in 814 zijn graf in Compostella gevonden was.

Santiago de Compostella kon in de elfde eeuw niet alleen zo'n belangrijke bedevaartsplaats worden vanwege de wonderbaarlijke verhalen over de apostel Jakobus, maar ook omdat de Abdij van Cluny in de elfde eeuw de godsvredebeweging ging stimuleren die erop gericht was in West-Europa een grotere veiligheid te bewerkstelligen. Deze eerste kerkelijke vredesbeweging stimuleerde niet alleen giften aan kerken en kloosters, maar ook de bedevaarten naar Santiago en daarmee de opkomst van de Romaanse kunst langs de pelgrimswegen. Tot in Spanje is daardoor de invloed van de architectuur van Cluny merkbaar. De betekenis van Cluny en de pelgrimages naar Santiago voor de reconquista tegen het islamitische Marokkaanse rijk in Zuid-Spanje is overigens beperkt. Verhalen over de heilige Jakobus en de strijd tegen de Moren dateren op zijn vroegst uit het einde van de elfde eeuw, als de grote trek al op gang gekomen is. De enkele afbeeldingen van Matamoros (de Morendoder), zoals te zien zijn in de kathedraal van Burgos dateren zelfs pas uit de 16e en 17e eeuw.

De pelgrimshandleiding in het vijfde boek van de Codex Calixtinus uit de 12e eeuw noemt voor Frankrijk vier verschillende pelgrimsroutes. Deze beginnen respectievelijk in Tours, Vézelay, Le Puy en Saint-Gilles-du-Gard, bij Arles. De eerste drie komen samen in Saint-Jean-Pied-de-Port in de Franse Pyreneeën, de route vanuit Arles komt via de Somportpas Spanje binnen, loopt via Jaca en komt bij Puente la Reina bij de andere routes vanuit Frankrijk.

Sinds 1993 is het Spaanse deel van de pelgrimsroute in de werelderfgoedlijst van UNESCO opgenomen. De Franse routes maken sinds 1998 deel uit van deze lijst.

Beweegredenen

Van oudsher hebben bedevaarten, naar welk bedevaartsoord dan ook, een religieus karakter: pelgrims reisden ernaartoe om de daar aanwezige relikwieën te vereren. In de Middeleeuwen werden bedevaarten niet zelden als straf opgelegd door kerkelijke of zelfs wereldlijke rechtbanken.

Religieuze (of in elk geval levensbeschouwelijke) motieven spelen ook thans vaak een rol. Doch een aanmerkelijk deel van de pelgrims die tegenwoordig naar Santiago reist, doet dit vanwege het cultuurhistorische erfgoed op de route, vanwege de fysieke uitdaging of om, vaak in samenhang met ontwikkelingen in het eigen leven, geruime tijd in een geheel andere omgeving te verkeren.

De route in Spanje

De route in Spanje is gemarkeerd met palen en borden met daarop een gestileerde sint-jakobsschelp op een blauwe ondergrond, en met gele geschilderde pijlen. (De markering is uitsluitend voor de heenreis aangebracht.) Er zijn twee routes door de Pyreneeën: over de Col de Somport ten noorden van Jaca, en van het Franse Saint-Jean-Pied-de-Port naar Roncesvalles. De laatste route werd (en wordt) het meest gebruikt vanwege de kleinere kans op sneeuwval. Bij Puente la Reina ten zuiden van Pamplona ontmoeten deze routes elkaar, waarna de hierboven genoemde steden worden aangedaan. De route loopt deels door het open veld, doch ook vaak langs soms drukke verkeerswegen.

Langs de route zijn op regelmatige afstanden sobere herbergen ingericht, waar reizigers kunnen overnachten en eten. Door de Credential del Peregrine, die men onderweg kan laten afstempelen, kan bij aankomst in Santiago aangetoond worden dat men een voldoende afstand heeft afgelegd om een oorkonde te verkrijgen, de zogeheten "Compostela". Voor wandelaars is een afgelegde afstand van 100 kilometer vereist, voor fietsers 200 kilometer; indien men te paard reist 300 kilometer. Deze afstanden worden gerekend tot Santiago.

Reageer op dit bericht

Zondag 13 jan 2013

Niet dus, gisterenavond is het beginnen sneeuwen, uren aan een stuk, geen dikke vlokken, alleen fijne stofsneeuw. Het weggetje voor de camperplaats is een schaatsbaan, je blijft nauwelijks overeind op twee voeten, laat staan op twee bandjes van een inch breed. Het ziet er grijs uit, kouwelijk. Na de middag zal het vlug 'richting Antwerpen' worden en wie weet, net op tijd om het Belgisch kampioenschap Veldrijden nog te zien, ze mogen het hebben vandaag

Reageer op dit bericht

Zaterdag 12 jan 2013

We staan voor het weekend aan zee, op de camperplaats van de kompascamping in Westende. Deze morgen had het goed gevroren, witte daken, lichtgrijze wolken uitspuwende schouwen, een ijzige stilte, iedereen blijft tot lang in de voormiddag binnen...behalve ik.

Er was koude voorspeld, maar toch had ik de cyclocrosser in de garage van de motorhome gezet.

Klokslag tien draaide de eerste pedaalslag al rond. De gevoelstemperatuur lag zeker enkele graden onder het vriespunt. Een strakke noordwestenwind maakte het allemaal nog erger. Ik draai de kustbaan op richting Nieuwpoort. Het fietspad bezaaid met grote en kleine ijsschilfers en -schotsen van de kapotgereden ijsplassen langs de kant van de weg. Dat wordt oppassen. Links en rechts rijden wat mountainbikers in de duinen. Dampende lichamen met rood aangelopen gezichten, op en neer dansende fietsen. Je moet er wat voor over hebben. Ik hou het een klein uurtje vol eer ik het echt kou begin te krijgen, mijn voeten gevoelloos, tintelend.

Een schraal zonnetje probeert ondertussen wat vat op de temperatuur te krijgen, zonder succes overigens.

Met de nodige a's en oe's krijg in ondertussen mijn fietsschoenen uit, de spieren van de onderkin weigeren momenteel alle medewerking, eerst ontdooien. De verwarming van de motorhome wordt op 'saunastand' gezet. Na de tweede kop dampende koffie kan ik terug praten....mijn lichaam tintelt helemaal, het voelt goed aan, eerst de blog wat bijwerken, een hapje eten en straks met de tram naar Oostende, solden, weet je wel, voor de dames. Vanavond lekker eten in restaurant 'De Lanteirne' en morgen als het weer het toelaat.....

Reageer op dit bericht

Vrijdag 11 jan 2013

Er lag deze morgen een pelletje korrelsneeuw op de wagens. 0°C of daaromtrent. Van achter het raam zag de weg er berijdbaar uit, maar ja wat heet dan berijdbaar, neen, het risico was te groot. Een breuk oplopen is nu wel het laatste waar ik aan wilde denken. Neen, dan de auto maar weer in. 0° is voor mij ook de limiet om op de fiets te kruipen, eigenlijk is dat er zelfs wat over. Goed, koude is nog altijd beter dan nattigheid, maar koude heeft ook grenzen. IJskoude vingertoppen, verkleumde voeten waar je naderhand amper op kan stappen, tintelende kaken en oren, bevroren damp in de sjaal, je stoomt, kunt amper praten en als je dat dan toch wil klinkt het allesbehalve verstaanbaar. Ik ben van nature een felle zweter en dan heb je al helemaal prijs. Ondanks het thermisch ondergoed stroomt de koude langs alle openingen tot op je blote, plakkerige vel en dat voelt allesbehalve comfortabel aan. Een rood licht, een trage oversteek, allemaal te mijden als de pest als de temperatuur onder het vriespunt bengelt... Dan maar op de spinfiets. Een klein uurtje, zonder weerstand, flink doortrappen. Het is zeker geen alternatief, maar als buitenfietsen om de één of andere reden niet lukt, is het alleszins beter dan niets. Gelukkig kan je tijdens het spinnen een filmpje op de Notebook bekijken, dan gaat de tijd wat beter vooruit.

Ik zal er rekening mee moeten houden dat de spinfiets frequenter op het menu zal staan. Zo hoop ik dagelijks toch mijn portie 'fietsplezier' te hebben. Na een vijftigtal minuutjes is het genoeg voor vandaag, na zeeeer lange tijd nog eens een dag of drie na elkaar op de fiets gezeten. De lies houdt wonderwel stand en ik probeer niet euforisch te klinken, 't is weekend

Reageer op dit bericht

Donderdag 10 jan 2013

Deze morgen vroeg er uit en op de fiets, niet dat het zo ver is naar 't werk (12.5 km), maar elke kilometer helpt. Droogjes maar redelijk fris. Ik ben geen ochtendmens, en al zeker niet op de fiets. Alles gaat net iets minder soepel en vooral trager. Het speelt ook geen rol. Het is nog vrij donker in't Peerdsbos, geen konijn, geen vogel, doodstil, iedereen ligt nog onder de dons denk ik.

Deze avond ging het bijzonder vlot, waarschijnlijk door de borrel op de benoeming van een collega, nee echt, goed, het was windstil, geen excuses deze keer, de afstand is nu ook niet dat, maar toch, gewoon goed!

De eerste 100 km zijn gerond dit jaar, ik zou er graag tegen Mei zo'n 2000 doen, het zal gewoon afhangen van het weer. Neem nu gisteren, de hele godganse dag van die zever waar je kletsnat van wordt, neen, dan hoeft het voor mij niet.

De weerman voorspelt kouder weer met tegen het weekend hier en daar een sneeuwbui. Nu komt die miserie er aan. In die optiek is Mei natuurlijk vrij vroeg op't seizoen om te vertrekken. Het inrijden of trainen beperkt zich dan tot de wintermaanden en dat heeft nadelen. Het voordeel is uiteraard dat het half Mei toch al wat redelijk weer zou moeten zijn. In Juni zitten we dan in Spanje, hopelijk warm, maar nog niet ‘te’ warm en vooral, nog ‘voor’ het toeristisch seizoen. Denk ook dat de natuur het mooist is in de lente en het begin van de zomer!

Reageer op dit bericht

The Way

'The Way'

Een absolute 'Must' voor de liefhebbers. Amerikaans, dat wel, maar prima vertolking en geregisseerd door de familie Estevez (Martin Sheen - Emilio Estevez).

Plot : Daniel is de zoon van de Amerikaanse dokter Tom. Hij is een fervente wandelaar en legt de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela af. Tijdens de tocht wordt Daniel echter het slachtoffer van een storm en komt om het leven. Tom heeft nooit begrepen waarom zijn zoon die tocht wilde afleggen.

Op zoek naar antwoorden en het lichaam van zijn zoon trekt Tom naar Saint-Jean-Pied-de-Port, waar hij begint aan dezelfde pelgrimsroute. Onderweg wordt hij onderworpen aan de gevaren van een lange wandeltocht en ontmoet enkele lotgenoten.

Temet Nosce

Doorheen de ontelbare artikels die ik in de aanloop naar dit avontuur las vond ik toch dat er een ranzig kantje langs heel de mythe hing. Wandelaars vonden zichzelf ineens verheven! Pelgrims legden zich ineens zinloze beperkingen op door kaart- of geldloos te vertrekken. Mountainbikers en coureurs werden al helemaal niet ‘au serieus’ genomen, de snelheidsduivels…!

Of je nu zonder kaart, zonder geld, te voet of op de fiets, ondersteboven of achterstevoren, in één keer of na twintig jaar je levensdoel vervuld hebt …

Sommigen zullen meer bereikt hebben na 1 kilometer dan anderen in heel hun leven!

Reageer op dit bericht

Bij de witte jassen op bezoek

Het verdict van de dokter zou bindend zijn voor het hele verhaal. Een grondige check echt noodzakelijk, ik wilde zeker zijn dat mijn lichamelijke conditie het aankon..... Op doktersbezoek dus, bloedcontrole en cardiologie-onderzoek!


Geslacht :                               Mannelijk
Geboortejaar :                        1961
Lengte :                                  1.82m
Gewicht :                                Tja, honderd en…
Uw BMI ligt veel te hoog :      Euh, dank u
Roken :                                  Neen
Voelt u zich goed :                 Pfff, redelijk
Hoe bedoel je :                       Rugpijn, Hernia, geknelde rugzenuw
Neem je medicatie :               Cholesterol, 80mg, en  wat ouderdomssuiker
Geopereerd laatste 5 jaar :    Neen
Slaap je goed :                       Ja
Sta je op om te plassen :       Hoh, neen, behalve als ik wat veel gedronken heb, logisch toch
Drink je dagelijks alcohol :     Ja, glaasje wijn of iets dergelijks, soms 2, zelden 3
Koffie :                                               Liters
Hartkloppingen :                     Neen, niet speciaal
Bureauwerk :                         Ja, PC, af en toe wat stressy
Een bril :                                 Mijn verzicht is minder, tegen de avond is het wat troebel, grapje
Doe je aan sport :                   Fietsen, niet dagelijks, in het weekend wordt er al eens gewandeld
Hobby’s :                                Veel, eigenlijk te veel, vooral reizen en schrijven

 

Je staat er niet bij stil, maar ergens houdt het groeiproces op en begint de aftakeling het over te nemen. De maatschappij heeft er ergens in een duister verleden een leeftijd op gekleefd; vijftig. Vanaf die leeftijd word je ineens ballast, senior, tram 5, je matras gedraaid, de weg naar totale dementie is ingeslagen, sorry…

Van de ene dag op de andere krijg je, ongevraagd, reclame over bedplassen en incontinentie, over lifttechnieken langs trapleuningen, over meno- en penopauze, alsof de knuffel het dan maar ineens moet overnemen en je alle seksuele activiteit vaarwel moet zeggen. Alleen op stap gaan met kleinzoon of –dochter wordt maatschappelijk ontmoedigd.

Aan alles wordt gedacht; uitvaartverzekeringen, centra voor je ‘oude’ dag, tandprotheses binnen het etmaal, rolstoelen en krukken zijn vanaf nu gratis te gebruiken en af te halen bij de apotheek, die deze hulpmiddelen sinds enkele jaren tot hun patrimonium hebben weten toevoegen!

Vaktijdschriften die te pas, maar vooral te onpas proberen anticiperen op problemen van binnenkort ’s lands grootste bevolkingsgroep … de vijftigplusser, de grote, grijze massa!

Mocht je het zelf nog niet doorhebben, dan word je er dagelijks wel met geconfronteerd; Het scheermes wordt niet alleen meer gebruikt om die grijzer wordende baard af te doen, maar ook om de landingspiste van je steeds verder naar achteren wijkende haarlijn glad te houden. Rimpeltjes zijn de laatste jaren uitgegroeid tot echte breuklijnen. Het spiegelbeeld waarvan je elke morgen opnieuw schrikt. Je wasbordje is ineens een waszak geworden, je hebt ineens overal vel te veel, niets voelt nog strak aan. Je garderobe ziet er oubollig uit. Hemd en das zijn niet meer ‘in’. Door slonzige shirts zie je er al even slonzig uit. Je voelt je oud in alles wat je ziet, wat je hoort en wat je doet.

Ondanks de vele uiterlijke gewaarwordingen had ik er nog niet echt een punt van gemaakt tot, enkele weken geleden, een jong meisje mij haar zitplaats op de bus aanbood. Het ergste van al was dan nog, dat ik, half hersendood, die plaats nog aannam ook…

Diezelfde week betrapte ik me er op dat de autoradio al een tijdje op ‘Radio Nostalgie’ ingesteld stond, een vaag teken en een logische tussenstop naar Clara, naar ik aanneem.

De dokter zag in geen geval enige bedreiging van mijn ego. Ook een grondige medische en fysieke check-up loog er niet om; de Cardio-fietsproef bepaalde mijn weerstand op 300 Watt bij een hartslag van om en bij de 170. Dat is top voor een vijftigplusser. De cardioloog maakte zelfs geen punt van mijn drie-cijferig lichaamsgewicht!

Ben ik nu rijp om me in een regelrechte ‘midlifecrisis’ te werpen? Voel ik me slechter nu ik besef dat het leven voorbij halfweg is? Zie ik in diezelfde spiegel enkel en alleen het lijfelijke van de mens die ik ben? Moet ik op zoek gaan naar een nieuw levensdoel of een vage droom najagen? Of toch maar beter meer aandacht schenken aan fysieke kenmerken of irrationeel ingrijpende beslissingen nemen… Fietsen kan alleszins nog, en daar ben ik meer dan blij mee

Reageer op dit bericht

De eerste trainingsweek

Het is me wat, de eerste weken tussen de pedaalridders!

Na de zomer van 2012 had ik bewust de fietsinspanningen wat laten slabakken, van half november tot half december kwam er wegens 'te druk' toch niets van, en met de feestdagen voor de deur kon ik het evenmin opbrengen om in de donkere en overdreven natte avonden het jaagpad op te hotsen.

Na het nieuwjaarsgespetter dan maar, 2 januari, het leken eeuwen geleden dat ik m’n pedalen nog vastklikte. Tot Grobbendonk en terug, geen rode lichten, het zadel terug gewoon worden en trappen, meer zat er toch niet in!

De nieuwe Ridley TempoX geraakt stilaan ingereden. Voor de rit naar Santiago had ik bewust niet voor het één of andere Randonneur-model gekozen, neen, een gewone degelijke aluminium tweewieler, afgemonteerd met een triple mountainbike-versnelling en schijfremmen. We hebben er sinds de aanschaf al een 1200 km mee opzitten en het ding rijdt als een trein. Je kan er rustig mee ‘cruisen’ en de hybride kan tegen een stootje.

Tot Grobbendonk-kazerne ging het al bij al redelijk; de bips voelden wat onwennig aan, het tempo werd wat moeizaam constant gehouden en de ademhaling gebeurde wat hortend en stotend. De fysieke conditie was ver, heel ver weg. Op de terugweg ging het van kwaad naar erger. De wind, waarvan ik tot dan toe weinig of geen last had, stond nu pal op de neus. Kleine schuimkraagjes vormden zich op het Albertkanaal, de vlaggen die hier en daar wapperden stonden strak, geen bomen die me beschermden, amper een brug waar je voor luttele seconden eens ‘normaal’ kon ademen. Het werd een helse tocht, de laatste 5 kilometer tegen amper 18 km/u. Verkleumd liet ik me van de fiets glijden, pffff, 43 kilometer en dood, doodop.

3 Januari. Thierry heeft ons uitgenodigd om samen te spinnen. Fietsen zonder echte fiets, een uur lang op het tempo van opzwepende muziek. Na 5 minuten hangt onze tong al tussen het grote vliegwiel, Thierry legt de pees er op, Ria, Philippe en ik kijken elkaar aan, dit houden we nooit vol. Stilaan betert het wel. We zijn wat voorzichtig met weerstand bijdraaien en proberen het tempo en de kadans vast te houden. Dat lukt buiten de verwachting redelijk. Toch is het zwaar en zijn we blij dat het uurtje voorbij is.

8 Januari, vandaag, ’s morgens 7u zit ik op de fiets richting werk. Het is iets frisser dan de laatste dagen, maar droog en dat is belangrijk. De pijn in de lies is te verdragen, ik zal het toch gewoon moeten worden en er mee leren leven en rijden, weggaan zal het wel nooit meer, daar maak ik me al lang geen illusies meer over.

Verleden zomer, toen ik 50% kracht mistte in mijn rechterbeen leken alle plannen te smelten voor de zon, maar nu, sinds de laatste facetinfiltratie gaat het beter. Ik draai een soepel verzet, zeker niet te zwaar trappen houd ik me voor. Op de enige brug waar ik over moet ziet het er waarschijnlijk niet uit, maar alles gaat de volgende maanden naar souplesse!

Reageer op dit bericht

Meer van In de naam van de Schelp

↑ Terug naar de berichten