Naar de inhoud

boek onder lava

verzwegen berichten
akke.beakke.be

Berichten van 3 augustus 2009 tot 9 augustus 2009

mantelzorg

mantelzorg

- een echo van F. Vlinderman -

 

voel je hem al om je schouders,

de mantel die geen mantel is

maar zorgzaam naderen

 

buren komen in je buurt,

je hoort hun adem als ze

zwijgen, warmte sijpelt,

doordrenkt je als een spons

 

donzig, ja, of louter ‘dag, ja’

met boodschappentas aan

een  plompe fiets: moest er

soms wat meegebracht

van markt of apotheker

 

zeker, de dichters weten het:

een mens is toch een eiland

maar soms, ja, bij gelegenheid

legt een bootje verlegen aan

 

of, beter onder woorden

gebracht, onder ogen en

handen: geen eilanden

zijn het, doch een archipel,

verwanten van rand en stranden

 

voel je hem dalen om je schouders,

je kan weer schouderophalen,

doen alsof het je niet aangaat

en trager ademhalen, nadromen

in de avond: deze dag

was weer je eerste want bijgod,

de buur is nog eens langs gekomen:

een woordje is toch het hoogste lot?

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door staf de wilde om 17:46 Reageer op dit bericht

spaarzegels van Valois

spaarzegels

 

we leerden de kleine dapperheden:

zegeltjes sparen van Valois

onnozele noodzakelijkheden

en de grotere, overbodige

van Historia die prenten opleverden

om nooit te vergeten, je droeg ze

op je borst als een medaillon: Godfried

die te broeden zat in een brede

vensternis te Bouillon, karvelen

van Columbus, vanen die

wapperden in een haven, zijn

trotse afscheid van vrouw en kind

 

we deden mee aan kleinigheden,

het grote, zei moeder, was voor

groteren weggelegd: ach, de Vlaamse

deugd van het sparen, hoe vaak

werden zomen omgelegd

om hemden langer te dragen -

hoe veel werd doorgegeven

van oudere broer op de kleinere,

van neef op neef en buur op buur

schoenen werden meermaals

scheef gelopen tot de zool

aan beide randen versleten was

 

en boven alles alsof we loten

kochten die een fortuin beloven:

we spaarden zegeltjes van Valois

want daarboven zat iemand zich

uit te sloven om zoveel dapperheid

te belonen – moeder heeft het nooit

meegemaakt, niet op deze aarde,

ze kende de deugd van soberheid

en sober en somber waren de dagen

die zij als erfgoed te samen spaarde

 

je bleef met je boeken van Historia

onderweg naar een heilig land,

gezonden om wilden te beschaven

pas zo veel later zou je leren en

scanderen: hasta siempre la victoria

moeder zou zich schamen in

het aanschijn van haar lievere heren

-vader, zoon en heilige geest -

zij verkoos de kleine dapperheden

want klein en groot lopen uit op amen

het scheiden waarvan geen trots geneest

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door staf de wilde om 09:23 Reageer op dit bericht

botsende beschavingen?

clash of civilisations of  een klas voor civilisatie?

 

Zelfverklaard cultuurfilosoof’ Johan Sanctorum heeft het ook opgemerkt: de ontsnapte criminelen uit de gevangenis van Brugge en uit het Brusselse justitiepaleis waren allemaal van allochtone oorsprong. De conclusie van Sanctorum (zie: de standaard on line) is een eigen versie van ‘the clash of civilisations’:

‘Geweld is de regel, de straat het primaire actieterrein. Achterliggend speelt  het idee dat de westerse samenleving de oorzaak is van hun sociale achterstand en dat ze hiervoor zelf de passende compensatie mogen bedenken. Criminaliteit als sociale vendetta en Wiedergutmachung dus.’

Het eerste wat opvalt is dat deze bedenkingen nooit worden aangevoerd wanneer het gaat om bendes uit Oost-Europa. In de USA zijn de Afro-Amerikanen ook oververtegenwoordigd in de gevangenissen en  misdaadstatistieken en van de Amerikaanse zwarten wordt evenmin beweerd dat ze de Westerse cultuur haten.

Wat ze echter gemeenschappelijk hebben – Afro-Amerikanen, Roemenen en Albanezen, en onze eigen allochtonen – is de sociale uitsluiting in de zin dat ze weinig of niet kunnen participeren aan onze consumptiemaatschappij wat onvermijdelijk tot frustraties leidt. Vooral in onze steden worden zij geconfronteerd met  etalages van overvloed waar ze niet bij kunnen tenzij het pad van de misdaad wordt gekozen. Althans zo denkt een deel van hen: er zijn er nog altijd meer – in het bijzonder de meisjes en jonge vrouwen, maar ook jongemannen die wel studeren en wel gediplomeerd op de arbeidsmarkt komen – die in staat zijn om zich op een fatsoenlijke manier te laten gelden.

Niettemin zijn de feiten talrijk en ernstig genoeg om zich er zorgen over te maken en om te zoeken naar een oplossing of verbetering van de situatie – wat Sanctorum niet doet. Hij legt liever de link met het terrorisme. Als straks Mbark Boussoufa een blanke scheidsrechter uitkaffert zal hij  dit ook wel doen uit sympathie voor Osama bin Laden.

In onze jeugd speelden we net zo lief op straat, daar schuilt het probleem niet. Het gaat erom welke spelletjes er kunnen gespeeld worden en met wie. En dan zie je het verschil tussen een landelijke gemeente zoals wij in Hamme aan de Durme hebben meegemaakt in de jaren 1950-60 en een hedendaagse stedelijke agglomeratie waar weinig of geen accomodatie is voorzien om uit te nodigen tot sport of gezonde ontspanning. Voeg daaraan toe dat allochtonen vaak schamel behuisd zijn waardoor de ouder wordende kinderen nog minder geneigd zijn om binnen te blijven en je krijgt inderdaad een straatcultuur met niet bepaald stichtende voorbeelden. Voor de jonge macho’s van Marokkaanse of Turkse oorsprong zou het voorbeeld bij uitstek de vaderfiguur moeten zijn, maar die is dikwijls langdurig werkloos – en vaak als gevolg van racistische uitsluiting – of wordt onderbetaald: zijn sociaal statuut tast dus zijn natuurlijk gezag aan. Daarentegen zijn er op straat voorbeelden van succes te vinden:  lefgozers en stoere binken die uitpakken met een snelle wagen, een dure brommer etc En deze kanjers maken er geen geheim van hoe ze aan hun juwelen zijn geraakt: drugs en allerlei vormen van zogeheten kleine criminaliteit. Woorden wekken, voorbeelden strekken: de pedagogische voorbeelden van de straatcultuur bestendigen de uitsluiting door het asociale gedrag aantrekkelijker te maken dan het aangepaste.

We moeten er daarom alles aan doen om de nieuwe generaties van allochtonen stimulerende  rolmodellen te bezorgen, onder meer door ieder geval van racisme op de arbeidsmarkt streng aan te pakken. Bovendien zal de woonsituatie moeten verbeterd  worden, de infrastructuur van de buurt, de werkgelegenheid in zichtbare en prestigieuze functies (dus weg met dat idiote hoofdoekverbod) en de omkadering binnen het onderwijs.

Dit is het deel van onze verantwoordelijkheid en wellicht hebben linkse commentatoren zich te lang hiertoe beperkt. Want er is wel degelijk een eigen verantwoordelijkheid, zowel bij de ouders als bij de allochtone jeugd. Ouders moeten worden aangespoord om de schoolcarrière van hun  kinderen nauwer op te volgen, desnoods door druk uit te oefenen via het kindergeld.

Het minste wat je mag eisen is dat ouders meewerken aan de strijd tegen het spijbelen.

En alweer duikt het probleem van de taal op: om met de school te kunnen communiceren moeten beide ouders een van onze landstalen kennen. Dit is een morele plicht.

Trouwens, in het Brusselse is de werkloosheid onder jonge allochtonen gigantisch en toch vindt een aantal bedrijven in de rand onvoldoende kandidaten om vacatures in te vullen en de oorzaak is zeer dikwijls een gebrek aan taalkennis. En eveneens een gebrek aan arbeidsethos: men raakt niet op tijd uit bed, men ziet op tegen de verplaatsing etc

En deze onwil kan onbetwistbaar het gevolg zijn van een veel te lankmoedige en lakse opvoeding: de jongens worden arbeidsonbekwaam gemaakt door verwenning en vertroeteling – wat eigen is aan een machocultuur.

Binnendringen in de gezinnen is echter zeer delicaat: men moet dus beginnen met het schoolgebeuren en zoals gezegd kan de overheid de ouders onder druk zetten om hun deel van de verantwoordelijkheid op zich te nemen. Dit geldt ten andere voor alle kansarmen in ons land, niet enkel voor de allochtonen. Of sterker nog: alle ouders die het verzuimen om  de schoolse prestaties van hun kroost op te volgen, zouden moeten gesanctioneerd worden – het kindergeld mag geen vrijblijvend cadeau zijn: voor wat, hoort wat.

Staf Nimmegeers heeft het jaren geleden reeds voorspeld in De Zevende Dag: ‘We leven in Brussel op een tijdbom.’ Deze sterk geëngageerde priester kent de problematiek als geen ander en hij heeft altijd geprobeerd er iets aan te doen. Toch werd zijn alarmkreet in de wind geslagen, hij verliet zelfs ontgoocheld de politiek.

De vraag is of men in dit land – en in onze vele buitenlanden is het doorgaans niet beter –bezig zal blijven met een ‘steekvlampolitiek’: brandjes blussen maar niets of veel te weinig doen aan de brandveiligheid op langere termijn.

Het gaat in essentie om een gedeelde verantwoordelijkheid: de samenleving in al haar aspecten  heeft een opdracht, maar ook ieder van de betrokkenen. En zoals Paul Scheffer opmerkt in zijn indrukwekkende boek ‘Land van aankomst’ draait het precies om deze term: betrokkenheid. Vergelijk het met magnetisme: de aantrekkingskracht kan nooit van één pool alleen komen, betrokkenheid is een zaak van aantrekken en aangetrokken willen worden.

Maar een samenleving die vaststelt dat er iets schort aan haar aantrekkingskracht dient in de eerste plaats aan zelfonderzoek te doen: hoe maken we ons meer aantrekkelijk? Alleszins niet door  hysterisch te gillen over botsende beschavingen zoals sensatiefilosoof Sanctorum dat zo graag doet.

de haan 6 aug. 09

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door staf de wilde om 14:19 Reageer op dit bericht

juffrouw Frieda

missionarishouding

 

zo ben je bekeerd: door de zandbak van juffrouw

Frieda – zoveel vrede in haar naam, in haar ronde

gezicht met de sproetjes van moeder

 

beestjes in het zand: een giraf en antilopen, 

leeuwen slopen om een dorp, een palissade

van elzentwijgjes, de hutten van beige karton

en raffia op het dak en buiten wat  zwarte

personages, een neger met een speer, een vrouw

was bezig aan een trog, ze stampte vezels,

zei de juffrouw, een moeder staat ook daar

voor stevig eten  terwijl de mannen drinken

uit een kalebas en doen alsof ze jagen

 

zo leerden wij in de kleuterklas te sparen voor

de Congo: zilverpapier, wikkels om wekelijks

te bewaren, we moesten wel chocolade eten

als vriendjes van de negers - lieve juffrouw Frieda:

wat had ze bruine benen, ze kwam al fietsend

van een ander dorp, door storm en hagel

 

het zilver sparen viel wat tegen want  je spaarzame

vader zorgde voor je lever maar je bleef

op je tenen staan voor die hoge zandbak:

ooit zou je naar Congo gaan om zieken

door een woordje te genezen, om een strooien

hut weer op te bouwen die een olifant

lompweg had omver gelopen

 

je bleef een jonge missionaris die zieltjes

moest gaan zoeken in hun duisternis;

in dromen trok je door de brousse,

een bende apen krijste boven je hoofd

 

wie kon het toen al weten, in de klas

van juffrouw Frieda, dat men onderweg

veel meer verliezen kan dan de pakken

op een ezel: bijvoorbeeld zo’n lieve vader

die in de hemel woont, zijn zoon

die speeksel wreef over blinde ogen

en zich sindsdien niet meer vertoont

 

een zendeling ben je gebleven,

uitgestuurd door juffrouw Frieda,

de blonde met moeders sproeten,

ze vlocht een dorp van raffia en zei:

daarheen zou je ooit eens moeten

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 11:49 Reageer op dit bericht

Lappersfortbos

zorgzaam of sloper

- voor de zonen van het Groene Gordelfront -

 

zomaar, omdat je ademt, blijf je zorgzaam,

begaan  om de bomen, meer nog om

de mens zoals die boom van een vader

gesloopt als een woning door

de bulldozers van de zorg

 

komt het niet samen, rijmen

bladeren niet eeuwig op aderen

we ademen toch allen die schamele

laag tussen hemel en aarde en waar

viel het zaad van de dromen: stof

dat neerdwarrelde toen de goden

besloten hun sterren te vegen

 

zoontje, draag zorg voor de bomen,

ontferm je over de mens – weet je

het loze van bulldozers: ze dromen

niet al lijken ze te slapen en vallen

hun kaken open als van verwondering

 

een boom weeft zijn twijgen, een mens

de zwijgende draden van zijn hoop;

de Boze, mijn zoontje, zendt zijn horde

van bulldozers en de koningen van

de hoogmoed gaan naar een ster op de loop

 

blijf liever zorgzaam, zoontje, begaan om

de aarde: hoor je haar adem die traagzaam

aanzwelt in de kruinen, hoor je ze kreunen

des nachts als de aangekruiste woning van

een vader die angstig  de slopers verwacht

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door staf de wilde om 08:52 Reageer op dit bericht

Meer van boek onder lava

↑ Terug naar de berichten