Fatima en Medjugorje
|
Zoals de meesten wel weten werden er in Fatima door Onze Lieve Vrouw drie geheimen gegeven aan de kinderen. Het derde geheim, dat bewaard werd in het Vaticaan mocht vanaf 1960 openbaar gemaakt worden. Toch hebben de verschillene Pausen er voor gekozen dit niet te doen. Pas in 2000 heeft Paus Johannes-Paulus II opdracht gegeven om het geheim mede te delen. In de pers konden we toen lezen dat dit geheim betrekking zou hebben op de aanslag op deze Paus. Paus Johannes Paulus II werd bij een aanslag zwaar gewond en overleefde deze aanslag op wonderbaarlijke wijze. De paus meent dat de hand van Maria ervoor heeft gezorgd dat hij deze aanslag te boven is gekomen. De kogel die werd afgevuurd is nadien naar Fatima gestuurd en in de kroon van het genadebeeld bijgezet. Kort voor de zaligverklaring van Francesco 13 mei 2000 en Jacinta heeft de paus de verzegelde enveloppe met het derde geheim uit het archief laten halen. Op 19 april 2000 werd het 3e geheim gepubliceerd. Hier de vertaling van de tekst door Zuster Lucia geschreven."Na de twee delen die ik reeds heb op geschreven, hebben wij links van Onze Lieve Vrouw iets hoger een engel gezien die een vurig zwaard in de linkerhand hield. Vonken vlogen eraf en vlammen sloegen eruit, alsof die de wereld in brand moesten steken. De vlammen doofden echter uit, toen zij met de bundels licht in aan- raking kwamen, die Onze Lieve Vrouw vanuit haar rechterhand op de vlammen liet stralen. De engel die met de rechterhand op de aarde wees, riep met luide stem: ‘Boete, boete, boete!’ En wij zagen in een buitengewoon licht dat God is: - iets wat er uitziet als mensen in een spiegel, wanneer zij daar langs lopen - een in het wit geklede bisschop - wij dachten dat het de Hei lige Vader was - verschillende andere bisschop pen, priesters, broeders en zusters een steile berg opklimmen, waar zich op de top een groot kruis bevond uit ruwe stammen als van kurk eiken met schors. Alvorens daar aan te komen, ging de Heilige Vader door een grote stad, die voor de helft verwoest was. Half bevend met wankele tred, door smart en zorg neergeslagen, bad hij voor de zielen van de lijken, die hij op zijn weg ontmoette. Boven op de berg aangekomen, knielde hij neer aan de voet van het grote kruis. Daar werd hij door een groep soldaten, die met vuur wapens en met pijlen op hem schoten, gedood. Precies zo stierven een voor een de bisschoppen, priesters, broeders en zusters en verschillende leken, mannen en vrouwen, van verschillende klassen en posities. Onder de beide armen van het kruis stonden twee engelen, ieder met een kristallen schenk kan in de hand. Daarin verzamelden zij het bloed van de martelaren en goten het over de zielen, die op weg waren naar God." |








