Naar de inhoud

toen

akke.beakke.be

Archief

vandaag jaren terug 18 aug 1940 walter chrysler

18 aug 1940 Walter Percy Chrysler (Wamego, 2 april 1875 - Long Island, 18 augustus 1940) was een Amerikaanse pionier in de automobielindustrie. Walter P. Chrysler werd in 1875 geboren in Wamego, Kansas (VS). Zijn voorouders waren in 1709 vanuit Duitsland naar de Nieuwe Wereld vertrokken. Op zijn derde verhuisde zijn familie naar Ellis waar zijn vader als ingenieur werkte voor Kansas Pacific Railroad. Na zijn schooltijd werkte hij voor Union Pacific Railroad. Op zijn 22ste vertrok hij uit Ellis en keerde later terug om te trouwen met Della Forker. Daarop verhuisden ze naar Salt Lake City. Toen de American Locomotive Company (ALCO) besloot te gaan diversifiëren tot auto's werd W. Chrysler er manager. ALCO had er niet zoveel succes mee en in 1911 werd hij directeur van Buick Motor Company. 2 jaar later verliet ALCO de automobielindustrie weer. In 1919 werd Chrysler directeur van Willys-Overland waar hij 1.000.000 USD per jaar verdiende, een ongekend hoog bedrag voor die tijd. Hij probeerde echter John Willys, de man die hem had aangenomen, buitenspel te zetten met een overnamebod maar dat werd door de aandeelhouders tegengehouden. Hij verliet het bedrijf in 1921. Walter Chrysler nam daarop de in problemen verkerende Maxwell Motor Company over en schrapte het automerk Maxwell. In 1925 richtte hij Chrysler Corporation op waarin hij Maxwell opnam. Daarnaast richtte hij in 1928 binnen Chrysler ook de merken Plymouth en DeSoto op en nam hij Dodge over. Datzelfde jaar financierde hij de bouw van wat toen de hoogste wolkenkrabber ter wereld werd: de Chrysler Building in New York City. Ook al in 1928 werd W. Chrysler TIME Magazines Man van het jaar. Chrysler Corporation groeide uit tot één van de grootste autoconcerns in de Verenigde Staten en werd in 1998 overgenomen door het Duitse Daimler-Benz dat tot oktober 2014 DaimlerChrysler heet. Sindsdien is het Fiat Chrysler Automobiles geworden. De groep omvat naast Chrysler ook Ferrari - Masserati - Jeep - Dodge - Alfa Romeo - Fiat - Lancia - Ram. In Europa wordt het logo van Fiat op de Chryslers geplaatst, Dodge wordt dan weer Fiat. So Chrysler schreef een autobiografie die The Life of an American Workman (Het leven van een Amerikaanse werkman) getiteld was. Hij overleed in 1940 in Long Island, New York. Hij ligt begraven op het Sleepy Hollow kerkhof in New York.



2170560-6b4ec66a7b264a04efa3e4c4e75f5722.JPG

2170560-e2eb0bc87d077b4ffdd527d7c4b5cf9e.JPG

2170560-ac61141a1751f27a6642b832880b0f19.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:35 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 18 aug 1933 roman polanski

18 aug 1933 Roman Polański, geboren als Rajmund Roman Liebling (Parijs, 18 augustus 1933), is een PoolsFranse acteur en filmmakervan joodse afkomst. Hij is vooral bekend van films als Repulsion, Chinatown, Rosemary's Baby en The Pianist. Voor deze laatste film kreeg hij de Oscar als beste regisseur. Hoewel Polański tijdens zijn carrière veel verschillende genres beoefende, wordt hij gezien als een meester in het maken van psychologische thrillers die zich afspelen in een beperkte ruimte en waarin een sociaal beschermd personage langzaamaan aftakelt. Deze thrillers kenmerken zich door een extreem pessimistische wereldvisie, veel zwarte humor en een voorliefde voor absurdisme. Polański werd in 1933 geboren in Parijs als kind van Pools-joodse ouders. In 1937 verhuisden zijn ouders terug naar Polen. Een ongelukkige beslissing, want nog geen twee jaar later werd Polen veroverd door nazi-Duitsland, waarna de gehele familie Polański werd opgesloten in het getto van Krakau. In 1943 wist Polański uit het getto te ontsnappen, nadat zijn vader hem dat opgelegd had. Hij kwam terecht bij een Duitse familie, die enige tijd voor hem zorgde, tot ze hem op een dag naar een Poolse familie brachten. Deze familie woonde ver buiten de stad in een open landschap, een veiligere omgeving voor Polański, ver weg uit de handen van de nazi-Duitsers. Polański's moeder was bij de ontruiming van het getto van Krakau overgebracht naar het concentratiekamp Auschwitz. Het kamp overleefde ze niet, in tegenstelling tot Polański's halfzus. Zij ging later in Parijs wonen. Na de oorlog keerde Polański terug naar Krakau waar hij weer in contact kwam met zijn vader. Die hertrouwde eind 1946 met Wanda Zajączkowska. In 1954 schreef Polański zich in op de filmacademie van Warschau. Hij had nooit gedacht dat hij toegelaten zou worden, omdat hij niet geloofde over een groot talent te beschikken. Hij werd echter wel toegelaten en begon zo het nieuwe hoofdstuk in zijn leven. In daaropvolgende jaren maakte Polański een reeks korte films. Vaak waren dit slapstick-komedies zonder dialoog. Doorgaans speelden onsympathieke personages hierin de hoofdrol, die andere vaak zielige maar goedaardige personages, onderdrukken. Aan het einde van deze films winnen de onsympathieke personages het vaak van de goede omdat, volgens de filosofie van Polański, mensen met een egoïstisch onsympathiek karakter domweg meer kans op overleven hebben. De korte filmpjes van Polański hadden vaak een metaforische betekenis. Ze leken op het eerste gezicht onschuldig, maar wilden vaak wat zeggen over de politieke situatie in het communistische Polen. Een voorbeeld hiervan vormt Twee Mannen en een Kast. In deze slapstickkomedie komen twee mannen uit zee gelopen terwijl ze een loodzware kast met zich meedragen. De twee zijn aangespoeld in een land waar alles draait om hebzucht, rijkdom en luxegoederen. Ze kunnen er de taal niet spreken en niemand wil ze helpen. Bovendien vormt de kast een enorme belemmering voor hen: ze kunnen een hotel niet binnen, omdat de kast niet door de deur past. Uiteindelijk rest hun niets anders dan met de zware kast terug de zee in te lopen. Ze verdwijnen waar ze vandaan kwamen. De kast symboliseert de communistische regering die hen blijft achtervolgen en verhindert te genieten van kapitalistische rijkdom. Het land met de taal die ze niet kunnen spreken, symboliseert het onbegrip en de vijandigheid van westerlingen tegenover communisten. Twee Mannen en een Kast werd op de wereldtentoonstelling van Brussel bekroond met een prijs voor beste korte film.
In 1962 maakte Polański zijn eerste lange speelfilm: Nóż w wodzie (Het mes in het water). Dit was de eerste film van het genre waarin hij zou uitblinken: de psychologische thriller. Het verhaal draait om een rijk echtpaar dat met hun zeiljacht een tochtje maakt. Onderweg pikken ze een jongeman op. Zijn aanwezigheid maakt bij de rijke man jaloezie los, waardoor een tweestrijd tussen de mannen ontstaat met als inzet de vrouw. Al snel blijkt het huwelijk lang niet zo gelukkig te zijn als het leek.
Nóż w wodzie werd door critici beschouwd als een meesterwerk en liet alle ingrediënten zien die de films van Polański later kenmerkten: een beperkte locatie, een mentale aftakeling van een sociaal omringd personage (in dit geval de rijke man), zwarte humor, absurdisme en veel symboliek: de piepkleine kajuit is een symbool voor de gevangenis die het huwelijk is. De rijke man die steeds naar zijn eigen gezicht kijkt in het spiegelgladde water is een metafoor voor zijn eigen twijfelende persoonlijkheid. Polański vertelt het verhaal zo min mogelijk middels dialogen en laat de psyche van de hoofdpersonen zien door middel van symbolen. Polański begint met een langzaam tempo, maar laat de spanning tussen de personages van kwaad tot erger worden. Uiteindelijk bouwt hij op tot explosieve climax: de moord op de jongeman. Na het succes van Nóż w wodzie vertrok Polański naar Engeland om daar in 1964 de thriller Repulsion op te nemen. Repulsion was in feite hetzelfde van opbouw als zijn voorganger met als grote verschil dat de hoofdpersoon dit keer een vrouw is die zich afzondert in een appartement en langzaam krankzinnig wordt. Bovendien ging deze film verder in het tonen van geweld, symboliek en absurdisme. In 1965 maakte Polańksi Cul-de-sac, een zwarte komedie over een echtpaar dat gegijzeld wordt en langzaamaan bijna even gewelddadig wordt als hun gijzelnemers. Zo draaien ze de rollen van de macht om. Met Cul-de-sac koos Polański voor meer zwarte humor, meer slapstick en bovendien een surrealistische vormgeving met vreemd camerawerk. Het succes van bovengenoemde drie films opende voor Polański de wegen naar Hollywood en hij maakte daar in 1967 de horrorparodie The Fearless Vampire Killers. Met deze film sloeg hij een compleet nieuwe weg in: Polański bracht dit keer een eerbetoon aan zijn voorliefde voor horrorfilms. The Fearless Vampire killers is een van de weinige films die niet de typische Polańskithema's vertoont, hoewel ook hier de pessimistische wereldvisie aanwezig is. Polański bracht later nog twee keer een hommage aan een bepaald filmgenre: in 1974 maakte hij Chinatown, een eerbetoon aan de films noirs en detectivefilms uit de jaren '40 en in 1984 maakte hij met Pirates een parodie op de piratenfilm. Een van de grootste successen uit Polański's carrière was de occulte thriller Rosemary's Baby (1968). In deze boekverfilming naar de roman van Ira Levin gaat opnieuw een vrouw haar mentale aftakeling tegemoet en lopen droom en werkelijkheid door elkaar. Sleutelmomenten blijven buiten beeld en de film laat het einde open. Veel critici beschouwen Rosemary's Baby als de beste film uit het oeuvre van Polański.
Kort na het maken van Rosemary's Baby (1968) nam Polański's leven een onverwachte wending: terwijl hij in Londen was om de voorbereidingen van een nieuwe film af te ronden, werd zijn acht maanden zwangere vrouw Sharon Tate samen met andere aanwezigen, in hun eigen huis vermoord door de bende van Charles Manson (1969). Deze moord, die wereldnieuws was, betekende het volgende grote trauma in het leven van Polański. Na de moord kwam Polański in een grote depressie, waarin hij, naar eigen zeggen, alleen maar slechte films maakte. Pas in 1974, met het succes van Chinatown, kroop hij uit deze depressie. Vlak na de première van Chinatown kwam Polański persoonlijk negatief in het nieuws. Hij had in het huis van zijn vriend Jack Nicholson het dertienjarige meisje Samantha Gailey (tegenwoordig: Samantha Geimer) gedrogeerd en seksueel misbruikt. Polański werd in staat van beschuldiging gesteld. Om een proces inzake verkrachting van een minderjarige na het toedienen van drugs te vermijden, verklaarde hij zich in een plea bargain schuldig aan onwettig seksueel contact met een minderjarige. Hij moest zich melden bij een staatsgevangenis om een psychiatrisch onderzoek van 90 dagen te ondergaan. Hij heeft hiervan 42 dagen voltooid, waarna het onderzoek vroegtijdig werd beëindigd. Toen Polanski er lucht van kreeg dat - in tegenstelling tot zijn verwachting - de rechter mogelijk een gevangenisstraf zou opleggen, vluchtte hij eerst naar Londen en vandaar naar Parijs. Polański was nog altijd Frans
staatsburger. Een uitleveringsverzoek door de Verenigde Staten werd afgewezen, evenals een voorstel van de Amerikaanse autoriteiten om Polański in Frankrijk te berechten op basis van de Californische aanklacht. Sinds deze gebeurtenissen kan Polański niet naar de Verenigde Staten reizen, omdat hij bij aankomst zal worden gearresteerd. In 1979 maakte hij Tess, een historisch drama dat hij opdroeg aan zijn vermoorde vrouw Sharon Tate. Ook deze film werd overschaduwd door een schandaal: Polański had tijdens de opnamen een relatie met de toen zeventienjarige hoofdrolspeelster Nastassja Kinski. Met Tess toonde hij zich een meester in een nieuw genre: de historische film.
In daaropvolgende jaren maakte Polański een aantal kleine en weinig succesvolle films die veelal een variatie waren op het soort films dat hij eerder had gemaakt. Tijdens die periode trouwde Polański met Emmanuelle Seigner, een actrice die in een groot aantal films van hem speelt (o.a. Frantic). Samen met Seigner kreeg Polański twee kinderen, Morgane (1993) en Elvis (1998). In 2002 maakte hij The Pianist en in 2005 Oliver Twist. The Pianist is een oorlogsfilm waarin hij zijn eigen ervaringen als Holocaust-overlevende verwerkte. Polański beschouwt The Pianist als zijn filmisch testament en noemt hem zijn favoriete film. Polański kreeg hiervoor de Oscar voor beste regisseur. Ook won hij de Gouden Palm in Cannes. Zijn laatste film, die na zijn arrestatie werd uitgebracht, was The Ghost Writer over een schrijver die ingehuurd werd om de biografie van een voormalige Britse premier (gebaseerd op Tony Blair) te herschrijven en daardoor bij een politieke intrige betrokken werd In 2005 vaardigde de Amerikaanse overheid een internationaal opsporingsbevel tegen hem uit vanwege het misbruik van Samantha Gailey in 1977. Omdat Polański voornamelijk in Frankrijk en Polen verbleef, landen zonder uitleveringsverdrag met de Verenigde Staten, wist hij aanhouding te voorkomen. Nadat hij bekendgemaakt had te komen opdagen voor de uitreiking van een prijs voor zijn gehele oeuvre op het Filmfestival van Zürich, greep de Zwitserse overheid (die wel een uitleveringsverdrag met de Verenigde Staten heeft) in, hoewel Polański bij eerdere verblijven in het land ongemoeid was gelaten. Op 27 september 2009 werd Polański op Luchthaven Zürichgearresteerd. Hij werd in preventieve hechtenis genomen, in afwachting van een uitleveringsverzoek van de Verenigde Staten. Zijn arrestatie veroorzaakte een golf van beroering en diverse bekende personen uit de filmwereld, alsook Frankrijk en Polen kwamen in actie om hem vrij te krijgen. Op 23 oktober 2009 verzochten de Verenigde Staten Zwitserland om Polański uit te leveren.[1] In een open brief uitte Polański felle kritiek op de rechter van destijds.[2] Op 12 juli 2010 hief Zwitserland zijn huisarrest op en werd hij weer vrij man.[3] In januari 2015 verzochten de Verenigde Staten Polen om Polański uit te leveren. Op dat moment was hij veel tijd in het land vanwege de voorbereidingen van een film.[4] Eind oktober 2015 wees de rechtbank in Krakau het uitleveringsverzoek af.[5] Minister van Justitie Zbigniew Ziobro stelde zonder succes hoger beroep in bij het Hooggerechtshof.[6]
Polański is een specialist in drie genres: psychologische thrillers, parodieën op en eerbetonen aan beroemde filmgenres en historische dramas waarin eenzame personages opgejaagd worden en zoekende zijn in een chaotische wereld. De films worden gekenmerkt door veel symboliek die psychische gesteldheid van de personages verbeeldt, zwarte humor, een pessimistische wereldvisie, paranormale elementen en veel seks en geweld. Een ander terugkerend element in Polański's werk is in elke film een sleutelmoment waardoor het verhaal kantelt. Naast inhoudelijke, hebben Polański's films ook visuele kenmerken. Zo wordt vaak gebruikgemaakt van een voyeuristische manier van filmen: veel open ramen, schuin van achter een muur, in een spiegel, door een voorwerp heen. Hierdoor lijkt het alsof de kijker met het verhaal meegluurt. Ook worden voorwerpen of locaties vaak op een surrealistische manier in beeld gebracht. Dingen worden uit hun
verband gehaald en vervreemdend uitgebeeld. Een voorbeeld hiervan is de manier waarop het appartement van Rosemary wordt uitgebeeld in Rosemary's Baby. 1962: Nóż w wodzie 1965: Repulsion 1966: Cul-de-sac 1967: The Fearless Vampire Killers 1968: Rosemary's Baby 1971: Macbeth 1972: What? 1974: Chinatown 1976: The Tenant 1979: Tess 1986: Pirates 1988: Frantic 1992: Bitter Moon 1994: Death and the Maiden 1999: The Ninth Gate 2002: The Pianist 2005: Oliver Twist 2010: The Ghost Writer 2011: Carnage 2013: La Vénus à la fourrure 2017: D'après une histoire vraie Nominaties
Beste buitenlandse film Nóż w wodzie (1964) Beste scenario Rosemary's Baby (1968) Beste regisseur Chinatown (1974) Beste regisseur Tess (1980) Beste film The Pianist (2002) Gewonnen
Beste regisseur The Pianist (2002)
Nominaties
Beste scenario Rosemary's Baby (1968) Beste regisseur Tess (1980) Gewonnen
Beste regisseur Chinatown (1974) Gewonnen
The Pianist ( Er zit een klein eerbetoon aan deze regisseur in de film en musical "Hair", in het nummer "Manchester England". De hoofdpersoon uit de roman "Het schervengericht" van A.F.Th. van der Heijden is gebaseerd op Polański, en dan met name zijn opname in de gevangenis Chino voor psychiatrisch onderzoek in het kader van het gerechtelijk onderzoek naar de verkrachting van de 13-jarige Samantha Gailey. In de roman is Polański vermomd en onder pseudonym Remo Woodehouse in de gevangenis, waar de
mede-gevangene met wie hij het meest contact heeft de eveneens onherkenbare Scott Maddox is, in werkelijkheid Charles Manson (naam van de vader Scott, naam van de moeder Maddox), de leider van de Manson Family die in 1969 Polański's hoogzwangere vrouw Tate vermoordden. Het meisje met de rode jas (Roma Ligocka) in de film Schindler's List van Steven Spielberg is in werkelijkheid een nichtje van Roman Polański dat ook de Holocaust overleefde. Polański vervult op de albums The City en Blade Runner Trilogy van de Griekse componist Vangelis samen met zijn echtgenote, de Franse actrice Emmanuelle Seigner, een kleine gastrol als vertelstem.



2170558-87bc019e9bb95aaee345df579db36c44.JPG

2170558-f4da6a1b96b1fb8674aacaaa796ccfa3.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:31 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 18 aug 1960 de pil

18 aug 1960 Vroeger kwam bij ons eenmaal per jaar de pastoor op bezoek om te informeren "of het niet weer eens tijd werd." Negen maanden later hadden we er dan weer een broertje of een zusje bij. Want zo hoorde het: meer katholiekjes gaven meer politieke macht en daar gaat het toch uiteindelijk om in deze wereld. Ondanks tegenwerking van de paus en andere religieuze leiders komt op 18 augustus 1960 de eerste anticonceptiepil op de markt. De anticonceptiepil, ook wel de pil, is de meest gebruikte methode van anticonceptie in de Lage Landen,[1] waar deze in 1962 als Lyndiol door Organon werd geïntroduceerd. In Nederland kwam de anticonceptiepil in 1964 beschikbaar. Sinds 1997 is in Nederland enkel een doktersrecept nodig bij de eerste uitgifte. De uitvinding van de pil wordt doorgaans toegeschreven aan de Amerikaan Gregory Pincus, die zijn ontdekking in 1960 deed.[2] De Nederlandse scheikundige Max de Winter(1920-2012) wordt gezien als de belangrijkste man achter de eerste wereldwijd succesvolle anticonceptiepil.[3] Er zijn stemmen die beweren dat de Belgische gynaecoloog Ferdinand Peeters beschouwd mag worden als de grondlegger van de eerste, veilige, wereldwijd gebruikte anticonceptiepil.[4] De anticonceptiepil heeft een drievoudige werking: in hoofdzaak wordt bevruchting voorkomen doordat ovulatie wordt onderdrukt, daarnaast zorgt de progesteron er voor dat het baarmoederslijmvlies groter wordt waardoor innesteling van een bevruchte eicel wordt voorkomen. Bovendien maakt de pil het slijm van de cervix dikker, waardoor het sperma moeilijker bij de eicel kan komen De actieve ingrediënten zijn hormonen, te weten een oestrogeen en een progestageen: De oestrogene component betreft ethynylestradiol (EE). In de allereerste pil zat 50 microgram EE. Dit gaf echter veel bijwerkingen. Toen nader onderzoek aantoonde dat met minder EE ook voldoende effect bereikt kon worden, werd de dosis EE steeds verder verlaagd. Zo ontstonden de sub-fifty pillen. Vervolgens kwamen de sub-thirtypillen, en er bestaan inmiddels ook sub-20 pillen. De progestagene component bestaat uit een eerste, tweede of derde generatie progestageen. Tegenwoordig worden vooral de tweede en derde generatie progestageen gebruikt.
Aangezien anticonceptie verschillend aangepakt kan worden, is de pil in van elkaar afwijkende verpakkingswijzen te verkrijgen: Eenfasige pil: de eenvoudigste aanpak die bestaat uit een enkele concentratie van de twee hormonen. Die moet gedurende drie weken worden genomen, waarna één week volgt waarin geen tablet hoeft te worden geslikt. Tegenwoordig (t.w. eerste decennium van de 21e eeuw) worden de eenfasige, sub-fifty pillen van de tweede generatie progestageen het meest voorgeschreven.[6] Meerfasige pil: medici en farmaceuten onderscheiden bij deze aanpak 2 of 3 verschillende fasen in de hele menstruatiecyclus. In deze — volgens de fabrikant natuurlijkere — pil verschilt de hormonenconcentratie volgens de fase waarin de vrouw zich bevindt. De tabletten hebben per fase een eigen kleur en op de strip staat een volgweg met het oog op een foutloze inname. Soms wordt ook een pil zonder hormonen bijgeleverd voor de dagen waarop feitelijk geen tablet hoeft te worden ingenomen. De pil in de vorm van een tablet moet dagelijks worden ingenomen. Het 1% zwangerschappen dat ondanks pilgebruik voorkomt, wordt voornamelijk toegeschreven aan het vergeten van de pilinname of hieraan dat de vrouw na de inname heeft overgegeven. Diarree speelt vrijwel nooit een rol. In beide gevallen is het verstandig bijkomende methoden van anticonceptie ter aanvulling toe te passen. Op de bijsluiter van de pil staan vaak nog details. De effectiviteit van de pil kan gering zijn wanneer de dosis te laag is om de vruchtbaarheid van de vrouw te onderdrukken. Ook kan de werking verminderd worden door interacties met andere medicijnen als antibiotica en antidepressiva. Dit zijn echter grote uitzonderingen. De pil is in ieder geval effectief als er 14 dagen een dosis is ingenomen. De hoogste betrouwbaarheid wordt statistisch bereikt bij het starten met een nieuwe strip op de eerste dag van de menstruatie.
De pil wordt ook — overeenkomstig de eerste toepassing (zie Maatschappelijke achtergronden) — voorgeschreven bij menstruatieproblemen (te veel bloed, veel pijn, onregelmatig bloedverlies). In dit geval zorgt de pil meestal voor minder menstruatieklachten, minder bloedverlies en voor een regelmatiger (zelf te bepalen) menstruatiecyclus. Bij de meeste typen anticonceptiepil wordt gedurende drie weken iedere dag een pil geslikt, waarna een week wordt gestopt. In die week vindt een bloeding plaats. Dit is geen gewone menstruatie, maar een zogenaamde onttrekkingsbloeding, er is immers geen eitje gerijpt. Tijdens die pilloze week kan de vrouw niet zwanger raken. Zodra meer dan een week geen pillen zijn genomen neemt het risico echter snel toe. Het is ook mogelijk de pil te slikken zonder stopweek: pil-continue. Dit kan uitsluitend met de eenfasige pil. Er zijn geen maandelijkse bloedingen meer, maar er kunnen wel af en toe spontane bloedingen ('doorbraakbloedingen') optreden. Eén of twee keer per jaar is normaal. Ook is het mogelijk dat een bloeding optreedt nadat de pil op een afwijkend tijdstip is ingenomen. Dit type gebruik is niet onveilig en verhoogt de kans op baarmoederkanker niet. Er zijn gynaecologen die deze methode voorstaan: zij wijzen erop dat een vrouw in haar natuurlijkste toestand niet maandelijks menstrueert, immers vóór de moderne tijd had een vrouw in de vruchtbare leeftijd geen keuze: ze was of zwanger, of ze ovuleerde niet omdat ze borstvoeding gaf. Toch wordt deze methode maar in een minderheid van de gevallen toegepast, zelfs nu dat de mening dat het noodzakelijk is om af en toe een week te stoppen, om een onttrekkingsbloeding te kunnen krijgen, bij wijze van grote schoonmaak, onjuist is gebleken. De meeste artsen zien geen voordeel in het verdedigen van die grote schoonmaak.[bron?]
Nadat de eerste generatie vrouwen elke dag de pil ging slikken, werd langzaam duidelijk dat er niet alleen voordelen aan zaten. Vrouwen klaagden onder andere over vermoeidheid en libidoverlies. Men kwam zelfs tot de conclusie dat borstkanker een gevolg kon zijn.[7] Vooral tijdens de eerste maanden van het gebruik is er sprake van onregelmatig vaginaal bloedverlies. [bron?] Gevoelige of pijnlijke borsten en afscheiding uit de borsten komen voor.[bron?] Met name in het eerste jaar van gebruik is er een verhoogd risico op veneuze trombose (diep-veneuze trombose en longembolie) met soms een fatale afloop. Hierbij gaat het echter om kleine kansen, in de orde van 1 op 10.000 gebruiksters.[bron?] Andere klachten kunnen zijn hoofdpijn, migraine, verandering in libido en een depressieve stemming. Misselijkheid en braken komen soms voor. Veranderingen in vaginale afscheiding en huidaandoeningen zoals huiduitslag, erythema nodosum of multiforme en fotosensibiliteit behoren minder tot de bijwerkingen. Sommige vrouwen merken een zekere vochtretentie en verandering in lichaamsgewicht op. Onregelmatig bloedverlies ('spotting' en doorbraakbloeding) en amenorroe behoren eveneens tot de klachten, vooral bij een lagere dosis oestrogeen. Bij langdurig gebruik van oestrogenen kan een ectropion van de baarmoederhals ontstaan.[bron?] Vrouwen die de anticonceptiepil gebruiken lopen een verhoogd risico op borstkanker: 24% verhoogd risico. Na 1-4 jaar gestopt te zijn met de pil is het aanvullend risico verlaagd naar 16% en na 5-9 jaar gestopt te zijn naar 7%.[8] [9] [10] Een contra-indicatie om de combinatiepil (oestrogenen en progestagenen) voor te schrijven is onder andere een doorgemaakt myocardinfarct (hartaanval). Ook aandoeningen zoals een ischemische CVA, diep veneuze trombose of longembolie zijn een contra-indicatie. Bij ernstige leverstoornissen, een stollingsfactordeficientie en hormoonafhankelijke tumoren wordt de combinatiepil ook niet voorgeschreven. Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen publiceerde op 3 februari 2014 gegevens van een groot Europees onderzoek naar het risico op veneuze trombo-embolie (VTE) bij het gebruik van gecombineerde hormonale anticonceptiemiddelen.[11 De pil kwam eind jaren vijftig in de Verenigde Staten als een nieuw middel tegen menstruatiestoornissen op de markt. Op de bijsluiter was als bijwerking tijdelijke onvruchtbaarheid vermeld. De onomwonden introductie van het begrip voorbehoedmiddel (want met dit
doel was het medicijn wel degelijk ontwikkeld) werd op dat moment nog te riskant gevonden. Het gevolg was overigens dat menstruatieklachten onder Amerikaanse vrouwen al spoedig epidemische vormen aannamen.[bron?] De ruimere verspreiding van de pil in het begin van de jaren zestig van de 20e eeuw, toen men ook in Europa dit middel als voorbehoedmiddel afficheerde. Dit is een van de aanleidingen geweest voor de seksuele revolutie.
Wanneer de pil het innestelen van een embryo voorkomt, kan dit door mensen die vinden dat het leven begint bij de bevruchting, worden gezien als een chemische vorm van abortus. Dit is voor sommigen een van de redenen om de anticonceptiepil af te wijzen. Een deel van de geneeskundigen ziet pilgebruik als een abortus, terwijl de meeste groepen van abortusactivisten dit probleem vermijden door het begin van het leven te definiëren met de innesteling van het embryo in de baarmoederwand. De sterkste anticonceptieve werking van de normale pil ligt in het voorkomen van ovulatie, zodat er al helemaal geen rijpe eicel ontstaat, en voorkoming van bevruchting door ondoordringbaar worden van het slijm in de baarmoederhals voor spermatozoön, zodat er zelfs als er een eicel is geen bevruchting optreedt.
Het gebruik van de pil varieert sterk over de wereld. In Vlaanderen gebruikt meer dan de helft van alle vruchtbare vrouwen de pil.[bron?] In Japan is de pil heel lang verboden geweest. Zelfs nu de pil wel is geïntroduceerd, wordt die daar door weinig vrouwen gebruikt.
Onderzoek heeft aangetoond dat het synthetisch oestrogeen ethynylestradiol moeilijk afbreekbaar is in de vrije natuur. Vrijgekomen in het milieu kan het deels endocriene disruptie veroorzaken, wat de seksuele ontwikkeling en de voortplanting van vissen verstoort.[12] [13] Het is echter een mythe dat de pil hiervan de bron zou zijn. Het overgrote deel is afkomstig uit de landbouw en zware industrie.[14]

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:29 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 17 aug 1882 samuel goldwijn

17 aug 1882 Samuel Goldwyn geboren als Schmuel Gelbfisz (Warschau, 17 augustus 1879 — Los Angeles, 31 januari 1974) was een Pools-Amerikaanse filmproducent. Samuel Goldwyn werd in 1879 in Warschau geboren als Schmuel Gelbfisz. Op jonge leeftijd trok hij te voet en zonder geld naar Engeland. Daar verbleef hij een tijdje in Birmingham, waar familie van hem woonde. Hij vertaalde zijn naam toen naar het Engels en ging voortaan door het leven als Samuel Goldfish. In 1898 verhuisde hij naar Canada. Een jaar later trok hij naar New York. Hij ging in die periode aan de slag als verkoper en was erg goed in marketing.
In 1902 liet Gelbfisz zich naturaliseren tot Amerikaan. In diezelfde periode barstte de filmindustrie uit haar voegen. Gelbfisz vulde het merendeel van z'n vrije tijd dan ook met bezoekjes aan de bioscoop. Uiteindelijk begon hij zaken te doen met Jesse L. Lasky, zijn schoonbroer en een gewezen Vaudevilleartiest, en Adolph Zukor, de eigenaar van een theater. Samen werden ze producers van hun eerste film, die geregisseerd werd door Cecil B. DeMille. Maar lang duurde de samenwerking niet. Het drietal kende heel wat problemen en Gelbfisz besloot uiteindelijk om uit de studio te stappen. Even voordien waren hij en z'n echtgenote Blanche Lansky ook al uit elkaar gegaan. De filmstudio waar Gelbfisz was uitgestapt, zou later bekend worden onder de naam Paramount Pictures.
In 1916 ging Gelbfisz in zee met zakenpartners Edgar en Archibald Selwyn, twee Broadway-producers. De combinatie van hun achternamen werd de naam van hun nieuwe filmstudio: Goldwyn Pictures. Gebruikmakend van de naambekendheid van z'n studio liet Gelbfisz zijn naam officieel veranderen in Samuel Goldwyn. De studio was matig succesvol, maar werd vooral bekend omwille van z'n logo. Het logo bestaat voornamelijk uit een brullende leeuw, genaamd "Leo the Lion", en de spreuk Ars Gratia Artis. Al snel werd Goldwyn door zijn twee partners buitengewerkt, want ook nu was de relatie tussen Goldwyn en zijn twee collega's allesbehalve optimaal. Vervolgens werd de studio overgenomen door Marcus Loew, de eigenaar van Metro Pictures. Toen Goldwyn Pictures een onderdeel van Metro-Goldwyn-Mayer (MGM) werd, was Goldwyn dus al lang vertrokken. In 1925 trouwde hij met zijn tweede en laatste echtgenote, actrice Frances Howard.
Nadat Goldwyn de filmstudio Goldwyn Pictures had verlaten, begon hij met z'n eigen studio, de Samuel Goldwyn Studio. Gedurende 35 jaar bouwde Samuel Goldwyn een gerenommeerde reputatie op. Regisseur William Wyler regisseerde meerdere films waarvan Goldwyn de producer was. Tijdens de jaren 30 werden bijna al z'n films uitgebracht door United Artists. Pas vanaf 1941 werd dit gedaan door RKO Radio Pictures. Enkele van de bekende films waarvan Goldwyn producer was, zijn: Arrowsmith (1931), Dodsworth(1936), Dead End (1937), Wuthering Heights (1939) en The Little Foxes (1941). In 1946 beloonde de Academy of Motion Picture Arts and Sciences hem voor zijn volledige carrière met een Irving G. Thalberg Memorial Award. In hetzelfde jaar won Goldwyn ook een Oscar in de categorie Best Picture voor de film The Best Years of Our Lives(1946). In de jaren 50 spitste Goldwyn zich vooral toe op musicals, zoals de film Guys and Dolls (1955) met onder meer Marlon Brando, Frank Sinatra en Jean Simmons. Dit was trouwens de enige film die Goldwyn via MGM uitbracht. Samuel Goldwyn stierf in 1974 een natuurlijke dood in z'n huis in Los Angeles. Hij werd 94 jaar oud. In de jaren 80 werd zijn filmstudio verkocht aan Warner Bros. Er is een theater in Beverly Hills naar hem vernoemd en hij heeft een ster op de Hollywood Walk of Fame



2170356-98f6cf926012142ccc652d72c378d5e1.JPG

2170356-f6bbd6d6dcade58c06d90c71e66b06b3.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:36 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 17 aug 1893 may west

17 aug 1893 Mary Jane (Mae) West (Brooklyn, New York, 17 augustus 1893 - Hollywood, Californië, 22 november 1980) was een Amerikaans actrice , scenariste, toneelschrijfster en sekssymbool, die in de jaren dertig met haar suggestieve en seksueel getinte dialogen zeer populair werd, maar ook veel controverse veroorzaakte. Deze dialogen verkenden vaak de grenzen van wat de censuurtoestond. Ze schreef al haar teksten zelf. Sommige van deze one-liners (bijvoorbeeld Come up an' see me some time en Is that a gun in your pocket, or are you just glad to see me?) worden nog regelmatig aangehaald. Mae West werd geboren in Brooklyn. Haar vader was een professioneel bokser, beter bekend als Battlin' Jack West en haar moeder Maltilda Doelger was model. Ze trad al op haar vijfde op in de vaudeville. Enkele jaren later zou ze optreden in de revueonder de naam "The Baby Vamp". Ze zou hier als eerste op het toneel de shimmy hebben gedanst. Ze werkte later op Broadway als actrice en toneelschrijfster. Sex uit 1926, haar eerste toneelstuk, was door haarzelf geschreven, geproduceerd en geregisseerd. Het stuk was echter zeer controversieel en Mae West werd uiteindelijk gearresteerd en veroordeeld voor obsceen gedrag. Ze moest tien dagen doorbrengen in de gevangenis op Welfare Island. Haar tweede toneelstuk, The Drag uit 1927, ging over homoseksualiteit. Het stuk mocht niet op Broadway worden gespeeld, waardoor het publiek naar New Jersey moest om het te zien. Ook dit stuk werd een hit. In 1928 speelde ze weer op Broadway in Diamond Lil. Het karakter dat ze hierin speelde, de brutale, pikante en sarcastische blondine die duidelijk geniet van seks en flirten, zou haar handelskenmerk worden; de meeste van haar volgende rollen zijn voortgekomen uit Diamond Lil. Het stuk groeide uit tot haar meest succesvolle toneelstuk.
De Motion Picture Producers and Distributors of America (MPPDA, later de MPAA), een vereniging van filmstudio's die toen als doel stelde om de Amerikaanse film vrij van "amorele en obscene" zaken als seks en geweld te houden, probeerde te voorkomen dat Mae West, berucht om haar provocerende en seksuele toneelstukken, bij de film ging werken. Paramount, dat begin jaren dertig dreigde bankroet te raken, nam echter het risico haar aan te nemen. In 1932 tekende ze een contract en maakte zij haar filmdebuut met een kleine rol in Night After Night, tegenover George Raft. Ze ontwikkelde zich al snel tot de winstgevendste artiest van de studio en er wordt vaak gezegd dat zij in haar eentje Paramount redde van de ondergang. De eerste film waarin ze de hoofdrol speelde, She Done Him Wrong uit 1933, gebaseerd op "Diamond Lil", bracht een veelvoud op van wat deze had gekost. De film maakte de destijds onbekende acteur Cary Grant een ster en werd genomineerd voor de Oscar voor Beste Film. Datzelfde jaar zouden West en Grant opnieuw samen spelen, nu in het eveneens succesvolle I'm No Angel. Het succes van haar films maakte West zo machtig, dat ze op een gegeven moment een deel van de opbrengst van een film kon opeisen. Dit was destijds slechts weggelegd voor een handjevol sterren, waaronder de Marx Brothers. In 1935 was ze uitgegroeid tot de bestbetaalde vrouw in de Verenigde Staten. In 1933 trok echter de censuur aan. Will Hays, voorzitter van de MPPDA, stelde de Production Code in, een vorm van zelfcensuur. Vaak wordt geopperd dat Mae Wests eerste twee films She Done Him Wrong en I'm No Angel een belangrijke rol hebben gespeeld in het beslissingsproces om deze Code in te stellen. In 1934 werden er meer restricties opgelegd aan de filmindustrie, mede onder druk van religieuze organisaties als de Catholic Legion of Decency, die gingen protesteren tegen haar films. Ook was er een grote kans dat de regering van Roosevelt zelf met nationale censuurwetten zou komen. Belle of the Nineties, Mae Wests film uit 1934, werd herschreven en opnieuw gemonteerd om goedgekeurd te worden door de Production Code. Als gevolg van deze Code werden de teksten van West meer dubbelzinnig, zodat ze door de censuur heen konden komen. Films als Klondike Annie en Go West Young Man (beiden uit 1936) waren nog steeds scherp en populair, ondanks de censuur.
Eind jaren dertig werd West verbannen van de radio na een gastoptreden in de radioshow van buikspreker Edgar Bergen en zijn pop Charlie McCarthy, waarin ze flirtte met de pop en seksueel getinte opmerkingen maakte.
In 1940 speelde ze samen met W.C. Fields in de succesvolle film My Little Chickadee. Het was destijds algemeen bekend dat de twee sterren niet met elkaar konden opschieten. Haar populariteit was in de jaren veertig niet meer zo hoog als in de jaren dertig en de censuur werd strikter. Na The Heat's On uit 1943 stopte ze met films en ging ze weer de nachtclubs en het theater in, waar minder censuur heerste en ze meer artistieke vrijheid had. Ze trad onder andere op in Engeland en Las Vegas. Tijdens haar optreden in Vegas liet ze zich omringen door bodybuilders en zong ze voor haar publiek. De show was een groot succes en hield enige jaren stand. In 1959 schreef ze haar autobiografie Goodness Had Nothing To Do With It. In de jaren zeventig verscheen ze in nog twee films, Myra Breckinridge uit 1970 en Sextette uit 1978. In 1980 stierf Mae West na een serie beroertes op 87-jarige leeftijd in Hollywood. Ze werd begraven in New York. Mae West was waarschijnlijk één keer getrouwd, met Frank Wallace van 11 april 1911 tot 21 juli 1942. Zij heeft altijd ontkend met hem getrouwd te zijn geweest en de twee hebben nooit samengewoond. Toch is ze van hem gescheiden in 1942.
Geallieerde soldaten noemden tijdens de Tweede Wereldoorlog hun opblaasbare reddingsvesten "Mae Wests", waarschijnlijk omdat het vest doet denken aan de grote boezem van de actrice. Het kunstwerk 'De lippen van Mae West' van Salvador Dalí heeft haar waarschijnlijk nog beroemder gemaakt dan ze al was. Het is een roze zijden bank in de vorm van een wulpse mond.



2170354-95b740d22eac349bb44f7c1f443a69f9.JPG

2170354-ade0fcc9293be356eb872c144990fdd6.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door rami om 09:32 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 17 aug 1834 peter benoit

17 aug 1834 Petrus Leonardus Leopoldus (Peter) Benoit (Harelbeke, 17 augustus 1834 - Antwerpen, 8 maart 1901) was een Vlaams componist en muziekpedagoog. Benoit kreeg zijn eerste muzieklessen van zijn vader en studeerde nadien piano en orgel bij Pieter Carlier. Hij studeerde vanaf 1851 aan het Koninklijk Conservatorium in Brussel bij directeur FrançoisJoseph Fétis. In de vakken harmonieleer en compositie haalde hij het diploma in 1854 met een 1e prijs. Nadien vervolmaakte hij zich verder in de orkestratie en de orkestdirectie bij Karel Lodewijk Hanssens, toenmalig directeur van de Muntschouwburg. Hij kreeg eveneens een 1e prijs in de befaamde wedstrijd Prix de Rome voor zijn cantate Le Meurtre d'Abel. In het jaar 1858 was hij in Duitsland, waar hij Keulen, Bonn, Leipzig, Dresden, Berlijn en München bezocht. In 1862 verhuisde hij naar Parijs, waar hij dirigent werd van het door Jacques Offenbach geleide Théâtre des Bouffes Parisiens. Een jaar later nam hij reeds ontslag, en vestigde zich te Brussel(Sint-Joost-ten-Node). In 1867 werd hij directeur van de Vlaamse muziekschool, die in 1898 tot Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium in Antwerpen opgewaardeerd werd. In 1890 stichtte hij het Nederlands Lyrisch Toneel dat in 1893 de Vlaamse Opera werd. Hij overleed te Antwerpen in 1901. De muziekacademie in zijn geboortestad Harelbeke werd naar hem genoemd. Tot zijn leerlingen behoorden Lodewijk Mortelmans, Edward Keurvels, Emile Wambach en Jan Blockx. De laatstgenoemde was zijn opvolger als directeur van het conservatorium. Van Benoit, zoals van meer bekende Belgen in de 19e eeuw, is vaak gezegd en geschreven dat hij vrijmetselaar was, maar een bewijs daarvan is nooit geleverd. Onderzoekers noemen het verhaal zeer twijfelachtig. Sedert 1882 was Benoit lid van de Koninklijke Academie.
Peter Benoit heeft een opvallend praalgraf, naar een ontwerp van beeldhouwer Arthur Pierre. Het bevond zich origineel op de begraafplaats van het oude Kiel (Antwerpen), waar nu het Kielpark zich bevindt, waarna het is verhuisd naar de vermaarde Antwerpse begraafplaats Schoonselhof. In Harelbeke bevindt zich het Stedelijk Museum Peter Benoit dat gewijd is aan het leven en werk van Benoit. In het Harmoniepark te Antwerpen bevindt zich het Peter Benoit-monument ontworpen door Henry Van de Velde. Dit gedenkteken, dat ter gelegenheid van Benoits honderdste geboortejaar in 1934 werd ingehuldigd op het plein voor het operatheater, is na een grondige restauratie op 28 mei 2017 na jaren van verloedering in oude glorie hersteld. In navolging van Wagner creëerde Peter Benoit een muziekkunst die de eigen Vlaamse volksaard ten volle uitdrukte. Om zijn ideeën tegen het Belgische muziekestablishment te verdedigen, schreef Benoit als een van de eersten binnen de Europese beweging van het muzieknationalisme doorwrochte essays en polemieken. Het gebruik van de moedertaal in de muziekopvoeding beschouwde hij als essentieel. En omdat hij ervan overtuigd was dat de volksaard het zuiverst geconserveerd blijft in het volkslied, wilde hij zijn nieuwe Vlaamse muziek daarop baseren. Hij pleitte onder andere voor een vernederlandsing van het muziekonderwijs, voor religieuze muziek in de volkstaal, voor een Vlaamse opera en een Vlaams festival, voor Vlaams muziektheater in kleine steden en voor culturele samenwerking met Nederland Werken voor orkest 1858 Danse des spectres, voor orkest 1859 Le Roi des aulnes 1864 Concert voor fluit en orkest symfonisch gedicht, opus 43a 1866 Concert voor piano en orkest symfonisch gedicht, opus 43b
1879 Humoristische jubelgroet, voor orkest Werken voor harmonie- en fanfareorkest 1856 Ouverture Fantastique Derde Fantasie Lied der Vlamingen (onder andere uitgevoerd onder Benoits leiding bij de onthulling van het monument voor Jan Breydel en Pieter de Coninck in 1887) Rubensmars Van Rijkswijkmars Missen en gewijde muziek 1858 Ave Maria, opus 1 1858 Kleine Mis 1859 "Twee en dertig Latijnsche gezangen" (motetten). 1871 Ave Maria, Huldigingsmars. Geestelijke muziek voor de concertzaal Tetralogie (1859-1863), bestaande uit: 1859 Kerstmis 1860 Messe solennelle 1862 Te Deum 1863 Requiem 1871 Drama Christi 1871 Onze Vader Oratoria 1857 Abels moord. Gedicht van Clemens Wytsman. 1865 Prometheus. Gedicht van Emanuel Hiel. 1865 Lucifer. Gedicht van Emanuel Hiel. 1868 De Schelde. Tekst van Emanuel Hiel. 1873 De Oorlog. Gedicht van Jan Van Beers. 1889 De Rijn. Gedicht van Julius De Geyter. Cantates 1857 Le Meurtre d'Abel 1874 De Vlaamsche Leeuw. Gedicht van Edmont Van Herendael. 1874 Feestmarsch (toneelcantate). Gedicht van Emanuel Hiel. Voor de eerstesteenlegging van de Nederlandse Schouwburg te Antwerpen. 1875 De Leie. Gedicht van Adolf Verriest. 1877 Vlaanderens kunstroem (Rubenscantate). Gedicht van Julius De Geyter. 1878 De Wereld in! (kindercantate). Woorden van Julius De Geyter. 1880 Hucbald. Gedicht van Julius De Geyter. 1880 Breidel-marsch. Woorden van Karel Victor Hippoliet de Quéker. 1880 Triomfmarsch (De Genius des Vaderlands). Woorden van Julius De Geyter. 1880 De muze der geschiedenis. Woorden van Julius De Geyter. 1882 Hymnus aan de Schoonheid. Gedicht van Emanuel Hiel. 1884 Kinderhulde aan een Dichter (Van Rijswijck-cantate). Woorden van Julius De Geyter. 1885 Feestzang (Hymnus aan de Vooruitgang). Woorden van Jan Van Beers. 1885 Domine salvum fac regem en Brabançonne. 1886 Treur- en triomfzang, (Conscience-cantate). Gedicht van Victor Alexis de la Montagne. 1887 Stichting van het Gemeentehuis van Schaarbeek. Symphonisch gedicht. Gedicht van Emanuel Hiel.
1888 Heilgroet aan den Hoogachtbaren Heer Polydore De Keyser, Lord-Mayor van Londen, in zijn vaderstad Dendermonde. Tekst van Emanuel Hiel. 1888 Welkom der Stad Brussel aan den Hoogachtbaren Heer Polydoor De Keyser, Lord-Major van Londen, op 9 oktober 1888. Gedicht van Emanuel Hiel. 1893 Goedheil. Woorden van Dr. Constant Jacob Hansen. 1897 Volkshulde aan een Dichter (Ledeganck-cantate). Gedicht van Jan Bouchery.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:29 Reageer op dit bericht

Meer van toen

↑ Terug naar de berichten