Archief
Is het niet wonderlijk dat
AUTEUR : Han G. Hoekstra

.
Van een duizendpoot
De moeder van een duizendpoot
is vreselijk ontevreden,
want haar zoontje is zojuist
in de sloot gegleden.
En als je even berekent
weet je wat dat betekent:
op z’n hoofd een grote buil
en duizend sokjes vuil,
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
Een kus is de bries die de
vlammen van de liefde
aanwakkert.
AUTEUR : Stijn Vranken

.
.
NU
Ik kan je nu al zeggen
nog voor eender wat,
dat je mijn hart allang
niet meer verlaten kan.
Tenzij heel even - zoals nu,
om wadend door m’n bloed
naar m’n hoofd te stijgen.
Dan denk ik aan je.
Zoals nu.
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
Liefde is net zo
makkelijk te
verbergen als de hik.
Anoniem
AUTEUR : ONBEKEND

.
.
de een heb alles en ik heb niks
het is me al vaker opgevallen
dat alles goed aan je is
én zo gezond
maar wél klagen
je ziet er uit als een ontbijtje op moederdag
elke man houdt van jou
want welke man wil nou met jou
niet aan een ontbijtje
én maar klagen
dat er zoveel mannen zijn
en zoveel werk nog in de tuin
de een heb alles en ik heb niks
niet eens een tuin met trouwe ogen
of witte zwanen, zij vlogen weg
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
Nog nooit heeft angst
iemand aan de top gebracht.
Romeinse levenswijsheid
AUTEUR : Anne Enquist

.
.
Mijn zoon stormt door het huis,
een roffel op de trap. Hij is
zichzelf een motor. Het lied
dat in hem leeft ontsnapt hem
soms. Ik hoor hem zingen
op de gang en zwijg.
's Nachts is hij bang, hij twijfelt
aan zichzelf, aan ons, aan de wereld.
Ik neem hem in mijn arm
en zonder spreken vaag ik
de oorlog weg en kinderkanker,
mijn eigen dood, het monster van de tijd.
Ik lieg hem voor en red hem
tot wij beiden slapen in gestolen veiligheid.
DAG DAGELIJKSE GEDACHTEN.
Als we de liefde het hardst nodig
hebben, verdienen we haar vaak
het minst.
AUTEUR : Annie M.G. Schmidt

.
.
Ik ben lekker stout
Ik wil niet meer, ik wil niet meer!
Ik wil geen bandjes geven!
Ik wil niet zeggen elke keer:
jawel mevrouw, jawel meneer...
nee, nooit meer in m’n leven!
Ik hou m’n handen op m’n rug
en ik zeg lekker niks terug!
Ik wil geen vieze havermout,
ik wil geen tandjes poetsen!
‘k Wil lekker knoeien met het zout
ik wil niet aardig zijn, maar stout
en van de leuning roetsen
en schipbreuk spelen in de teil
en ik wil spugen op het zeil!
En heel hard stampen in een plas
en dan m’n tong uitsteken
en morsen op m’n nieuwe jas
en ik wil OVERMORGEN pas
weer met twee woorden spreken!
En ik wil alles wat niet mag,
de hele dag, de hele dag!
En ik wil op de kanapee
met hele vuile schoenen
en ik wil aldoor gillen: NEE!
En ik wil met de melkboer mee
en dan het paardje zoenen.
En dat is alles wat ik wil
en als ze kwaad zijn, zeg ik: BIL


