ZEVENTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR. Lc. 11,1-13. Vers 4b: 'En leid ons niet in bekoring' Dit laatste vers van ons meest vertrouwde gebed verdi…
ZEVENTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR.
Lc. 11,1-13.
Vers 4b: 'En leid ons niet in bekoring'
Dit laatste vers van ons meest vertrouwde gebed verdient een betere vertaling. Iedereen weet dat onze God van liefde ons zeker niet in bekoring wil brengen. In de oorspronkelijke openbaringstaal bidden wij: ' En dat wij U niet op de proef stellen (testen) maar verlos ons van dat kwaad( die kwalijke neiging om God altijd de schuld te geven) .
Hugo Dierick,Rosier.
ZESTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR: Lc 10,38-42. Vers 42: Slechts één ding is nodig? Wat is dat één ding ? Wat Maria deed: Zij luisterde naar zi…
ZESTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR: Lc 10,38-42.
Vers 42: Slechts één ding is nodig?
Wat is dat één ding ? Wat Maria deed: Zij luisterde naar zijn woorden.
Wat maakt nu het verschil uit tussen die twee vrouwen waar Jezus mee bevriend was?
Marta is met de beste bedoelingen (Jezus ontvangen) heel alleen en onrustig bezig. Ze is in beslag genomen door al het werk en schakelt Jezus zelfs in haar plannen in ( Jezus moet haar zus vragen om haar een handje te helpen !) en zij kan blijkbaar niet genieten( jaloers?) van deze bijzondere ontmoeting. Maria lukte daar wel in. Zij kon echt naar Jezus luisteren.
Hoe lukt het ons om midden in de stress bij het voorbereiden van een feest, een contact, een samenkomst toch te kunnen luisteren naar iemand die van ons houdt ?
Hugo Dierick,Rosier.
VIJFTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR: Lc.10,25-37: Vers 29: Wie is mijn naaste ? Mooi om te ontdekken dat in Jezus'taal het woord naaste wordt…
VIJFTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR: Lc.10,25-37:
Vers 29: Wie is mijn naaste ?
Mooi om te ontdekken dat in Jezus'taal het woord naaste wordt gemaakt vanuit het werkwoord 'herderen' Herderen komt uit de agrarische cultuur en wil heel concreet zeggen : ervoor zorgen dat de schapen eten en drank krijgen en ook een veilige plek om te rusten.
Precies wat deze Samaritaan gedaan heeft voor het slachtoffer en waardoor hij de naaste (de herder) voor hem werd.
Hoe worden wij elkaars naaste wil in feite zeggen: Hoe worden wij voor een ander een herder ? Door dit woord herderen met zijn concrete invulling in ons geheugen op te nemen, wat ons vroeg of laat leidt tot de concrete realisatie ervan. Is dat niet de bedoeling bij het lezen van een bijbeltekst of niet ?
Hugo Dierick, Rosier .
VEERTIENDE ZONDAG : Lc.10,1-12.17-20. Zin-in-deze-week: Lc.10, 9b: ' .....en zegt tot hen: Het Rijk Gods is u nabij.' Jezus spoort zijn l…
VEERTIENDE ZONDAG : Lc.10,1-12.17-20.
Zin-in-deze-week: Lc.10, 9b: ' .....en zegt tot hen: Het Rijk Gods is u nabij.'
Jezus spoort zijn leerlingen (72) aan om in de steden en plaatsen waar Hijzelf van plan was te gaan vooral dit toch maar te zeggen: 'Gods Rijk is nabij.'
In het onze Vader bidden wij daar trouwens voor : Uw Rijk kome! In de oorspronkelijke openbaringstaal stond er: Uw Rijk zal komen. Daar klinkt de stellige zekerheid in door dat dit Rijk van zijn Onuitputtelijke Goeddadigheid sowieso zal komen en in feite niet meer tegen te houden is.
Van die zekerheid vraagt Jezus dat wij zouden getuigen. Goed nieuws dus.
Hugo Dierick,Rosier.
VIJFTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR Lc.10,25-37. Lc.10, 27: 'Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart en met geheel uw verstand; en u…
VIJFTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR Lc.10,25-37.
Lc.10, 27: 'Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart en met geheel uw verstand; en uw naaste gelijk uzelf.' Waar gaat het om in dit leven ?
'Hou van de Liefde die je dit leven gaf en doe dit ook met je naaste die je gegeven is en eveneens hou van jezelf want de manier waarop je van jezelf houd zal dezelfde manier zijn waarmee je je naaste en God bemint.
Met andere woorden: je kunt niet meer van God en van je naaste houden dan dat je van jezelf kunt houden.
Wat een uitdaging om in de liefde die je jezelf gunt meteen ook je naaste en onze God van liefde te bereiken.
Hugo Dierick, Rosier.
Dertiende zondag door het jaar. Luc 9,51-62. Vers 59: Tot een ander sprak Hij: 'Volg mij.' In Jezus'taal betekent iemand volgen: Achter iema…
Dertiende zondag door het jaar. Luc 9,51-62.
Vers 59: Tot een ander sprak Hij: 'Volg mij.'
In Jezus'taal betekent iemand volgen: Achter iemand meegaan, iemand achterna komen met de bedoeling leerling te worden van die iemand.
Jezus'leerlingen waren dus niet zozeer mannen die Hem kozen om van Hem wat te leren.
Het waren mannen die Hij uitkoos om met Hem samen een weg af te leggen, om samen wat te beleven, om dus echt samen te zijn.
En is het niet zo dat we eigenaardig genoeg nog het meeste leren van 't moment we samen iets aan het beleven zijn ?
Wanneer heb ik nog eens iets echt samen beleefd met een ander, met anderen en wat heb ik daar dan bij geleerd? Of heb ik ook al ooit iets echt samen beleefd in mijn contact met Jezus (gebed?)?
Wat heb ik daar dan bij geleerd?
Hugo Dierick, Rosier, Antwerpen.
Twaalfde Zondag Door Het Jaar(20 juni)Luc.9,18-24. Vers 20: 'Hierop zei Hij tot hen(zijn leerlingen): Wie zegt gij dat Ik ben ? Nu antwoordd…
Twaalfde Zondag Door Het Jaar(20 juni)Luc.9,18-24. Vers 20: 'Hierop zei Hij tot hen(zijn leerlingen): Wie zegt gij dat Ik ben ? Nu antwoordde Petrus: De Gezalfde Gods.
In de openbaringstaal die Jezus sprak, zegden de namen van personen heel veel over hun identiteit.
Zo betekende Messias - waarin Jezus'naam vanuit het Hebreeuws in doorklinkt - en in het Grieks Christos-
Hij die gezalfd is of Hij die doordrongen is van God , uiteraard van die goddelijke liefde.
Wie deze naam uitspreekt, spreekt uit wat hem of haar zo dierbaar is.
Waarom spreken wij die naam niet eens een keer meer uit ?
Wat doet ons dat ?
Hugo dierick, Rosier
Elfde Zondag door het jaar (13 juni): Lc.7,36-8,3. Vers 50: 'Jezus zei tot de vrouw: Uw geloof heeft u gered. Ga in vrede.' Twee woorden (g…
Elfde Zondag door het jaar (13 juni): Lc.7,36-8,3. Vers 50: 'Jezus zei tot de vrouw: Uw geloof heeft u gered. Ga in vrede.' Twee woorden (geloof en vrede) die we zo vaak gebruiken in onze liturgie en ook in ons dagelijks leven. Willen wij die woorden beleven zoals Jezus ze beleefde ?
Dan staat uw geloof heeft u gered voor ' uw vertrouwen in Mij heeft u gered'
In die zin zingt John Hiatt zijn song: Have a little faith in me. Dat we best vertalen met : Heb alleen maar vertrouwen. Meer is er niet nodig om te beminnen. Dan kun je gaan in vrede ,wat wil zeggen dan kun je leven in je heelheid , vol-uit.
Hugo Dierick, Rosier.
Tiende Zondag door het jaar (6 juni): Luc 7,11-17 vers 14,b :' Jongen, Ik zeg je : sta op!' Een subtiel kleine nuance is hier met te vertal…
Tiende Zondag door het jaar (6 juni): Luc 7,11-17 vers 14,b :' Jongen, Ik zeg je : sta op!'
Een subtiel kleine nuance is hier met te vertalen helaas verloren gegaan. Heel dit gebeuren heeft immers iets heel liefelijks. Let maar op enkele details : Jezus voelde medelijden met deze weduwe en zegt haar 'Ween maar niet, Hij raakte de lijkbaar aan en zegt dan tot dat kind: 'Jongen toch, richt je weer op!'
In onze vertaling klinken Jezus'woorden meer als een bevel : sta op !. In de oorspronkelijke tekst lees je eerder een verzoek en zo zijn Jezus woorden meer in éénklank met wat Hij doet en wie Hij op dat moment is. En dan lees je in de laatste zin waar het in feite omgaat: 'Een groot profeet is onder ons opgestaan!' Zijn grootheid is die uitzonderlijke combinatie van liefelijkheid en gezag ( levenskracht)
Hugo Dierick, Rosier.
Zondag- Heilige Drie-Eenheid Joh 16,12-15. Vers 12: 'Nog veel heb Ik u te zeggen, maar gij kunt het nu niet verdragen' Het is ons nog niet m…
Zondag- Heilige Drie-Eenheid
Joh 16,12-15. Vers 12: 'Nog veel heb Ik u te zeggen, maar gij kunt het nu niet verdragen'
Het is ons nog niet mogelijk om in ons leven de ervaring van VADER-ZOON-GEEST voluit te kunnen beleven. Dit mysterie gaat ons te boven. Toch kunnen wij met ons versrtand daar wel iets bij voorstellen. Het ver-langen naar dat voluit beminnen ( dat Vader-zijn beleven) kan ons toch wel echt aanspreken en die gelijkwaardigheid van die liefhebbende partner ( dat Zoon-zijn van Jezus beleven) kan ons toch ook wel beroeren en dan die openheid van die Geest van Heiligheid die er voor zorgt dat liefde nooit iets verstikkends heeft, kan ons toch ook wel wat doen of niet ?
Kunnen wij het daar voorlopig niet mee stellen ?
Hugo Dierick,Rosier.