De lente
danst de wereld in, zweeft vol levenskracht
over de aarde die wacht.
Ze betovert haar
en ik bewonder ze
alsof ik pas ontwaak
en haar voor ‘t eerst zie:
een prachtige wereld
zo rijk aan kleur
felgeel en zachtroze
frisgroen en hemelsblauw,
zo vol van geluiden
vrolijk en vol verleiding
en ook duizend nieuwe geuren.
Ik koester me in
een eerste warme dag
en laat mijn gedachten
vol vreugde dansen!
Om wegwijs te geraken in de symboliek van het werk van Koenraad Tinel is het nuttig zich de mythe en het ontstaan van Europa in herinnering te brengen. Europa, dochter van een Phoenicische (aziatische) koning wordt door Zeus, vermomd als stier, ontvoerd en op zijn rug door zee naar een nieuw land (Kreta) gebracht. Daar zet hij haar af en is Europa waar ze zijn moet.
Levensloop
Tinel begint zeer vroeg te tekenen en krijgt pianolessen vanaf zijn vijfde. Hij groeit op in een familie van muzikanten. Zijn vader Pieter-Frans Tinel is beeldhouwer, zijn moeder Margareta Ebo speelt piano en zingt. In 1944 vluchten zijn ouders met hem en zijn zus naar Duitsland, een odyssee door de puinen van Europa, die onuitwisbaar in zijn geheugen staat gegrift. Hij beleefde het einde van de oorlog en het Duits dėbâcle in de toenmalige Russische en Amerikaanse zone. Hoewel hij werd beschouwd als een veelbelovend pianist koos hij na de kunsthumaniora te Gent voor de beeldende kunsten. Hij studeerde beeldhouwen aan het Hoger Instituut ‘La Cambre’ te Brussel.
Na zijn opleiding in 1956 ondernam hij gedurende 6 maanden per 2CV land een reis naar Midden-Indië (tempels van Ellora en Ajanta). Aan de afdeling entomologie van het Koninklijk Instituut voor Natuurwetenschappen in Brussel werkt hij een tijd als wetenschappelijk tekenaar. Daarna assisteert hij drie jaar zijn dertien jaar oudere neef en beeldhouwer Roel D’Haese in zijn atelier.
Hij start in 1963 met een smederij. Voor diverse musea en belangrijke opdrachtgevers in Europa ontwerpt en vervaardigt hij metalen meubilair en sokkels voor kunstwerken. Drie jaar later vestigt hij zich met vrouw en kinderen in een Brabantse vierkantshoeve in Gooik en begint er een bronsgieterij voor eigen werk.
In 1971 stopt hij met smeden en wijdt zich volledig aan beeldhouwen en tekenen. Hij aanvaardt het docentschap aan Sint-Lukas Hogeschool in Brussel en is van 1972 tot 1999 titularis van de beeldhouwafdeling. Sinds 1996 woont en werkt Koenraad Tinel in de oude abdijhoeve Leysbroek in Vollezele (Pajottenland).
Fernand Khnopff (Grembergen, 12 september 1858 - Brussel, 12 november 1921) was een Belgische symbolistische schilder, beeldhouwer en ontwerper .
Who Shall Deliver Me?
Fernand Khnopff (1858-1921)
1898
Colored pencil on paper
22 x 13 cm.
[Christina Rossetti's "Who Shall Deliver Me?"]
Biografie Hij bracht zijn jeugd door te Brugge, later verhuisde hij met zijn ouders naar Brussel. De zomer brachten zij in het Ardense dorpje Fosset (gemeente Sainte-Ode) door, waar Khnopff later vele landschappen zou schilderen. Hij ging op aandringen van zijn vader aan de Brusselse Universiteit studeren. Reeds na één jaar staakte hij zijn rechtenstudie en schreef zich in voor een opleiding aan de Brusselse Academie voor Schone Kunsten. Zijn voornaamste leraar was er Xavier Mellery. Tijdens een reis naar Parijs in 1877 onderging hij de invloed van Delacroix en in Engeland maakte hij kennis met de broederschap der Prerafaëlieten.
In 1883 was hij medeoprichter van de Groupe des XX. Hij exposeerde ook op de Parijse Salons de la Rose-Croix van Joséphin Péladan, en bij de Weense Secession.
Khnopff had een veeleer gesloten persoonlijkheid en was een eenzaat. Toch werd zijn talent erkend tijdens zijn leven. Hij werd bekleed met de Leopoldsorde. In 1900 ontwierp hij, geholpen door architect Pelseneer, zijn eigen woning als een schrijn gewijd aan het ik. Zijn werk werd in literaire uitgaven van de Brusselse uitgever Edmond Deman ter illustratie gebruikt.
Zijn zuster Marguerite, waarmee hij een zeer intieme band had, was zijn favoriete model. Hij had erg te lijden onder haar huwelijk in 1890.
Fernand Khnopff (1858-1921)
>em>Future or Young English Woman, 1898
Marble and brass on copper wire -
45.5 x 28 x 20 cm
Paris, Musée d’Orsay
Photo: Musée d’Orsay
De schilderijen van Fernand Khnopff behoren tot het symbolisme. Khnopffs meest bekende onderwerpen zijn landschappen te Fosset, portretten van dames uit de Brusselse bourgeoisie, stadsgezichten van Brugge en symbolistische composities. Uit de meeste doeken spreekt een mysterieuze, bevreemdende sfeer. Zijn personages vertonen vaak androgyne trekken. Zijn meesterwerk is De liefkozing uit 1896, een afbeelding van Oedipus die zich tegen de sfinx aanvlijt.
In 2005 eindigde hij op nr. 102 tijdens de Vlaamse versie van de verkiezing van De Grootste Belg.
...Leonor Fini (Buenos Aires, 30 augustus 1908 — Parijs, 18 januari 1996)
mooi toch...
...Leonor Fini (Buenos Aires, 30 augustus 1908 — Parijs, 18 januari 1996)
was een Argentijns surrealistisch kunstschilder.
Ze had een Italiaanse moeder en een Argentijnse vader, die de familie verliet, toen zij nog zeer jong was.
Leonor Fini groeide op in de Italiaanse stad Triëst, en ging naar Parijs om kunstschilder worden. Daar kwam zij in aanraking met het werk van Paul Eluard, Max Ernst, Georges Bataille, Henri Cartier-Bresson, André Pieyre de Mandiargues en Salvador Dalí.
Zij schilderde portretten, b.v. van Jean Genet, Anna Magnani, Jacques Audiberti, Alida Valli, en Suzanne Flon.
Zij ontwierp ook kostuums en decors voor theater.
Veel van haar recentere schilderijen behandelen erotische fantasieën en de dood.
In de jaren zeventig van de twintigste eeuw, schreef zij drie romans en raakte bevriend met Jean Cocteau, Giorgio de Chirico, en Alberto Moravia.
De kunstrichting van de Macchiaioli groeide in Florence in de tweede helft van de negentiende eeuw.
De term werd gegeven in 1862 door een anonieme criticus van de' Gazzetta del Popolo' , die het werk van deze kunstenaars in negatieve zin beschreef ( "tachiste", Italiaans Macchia in het Frans "taches") wegens hun anti-academisch afkomst. Rond 1855, kregen we een heropleving van de realistische Italiaanse schilderkunst.
Beginselen
De poëtica van Macchiaioli is realist, dit in tegenstelling tot de romantiek, het classicisme en het academisch purisme. Die zegt dat het beeld een echte tegenstelling is tussen kleur en de clair-obscur, en de techniek genaamd "Black Mirror", waar men gebruik maakt van een zwartgerookte spiegel voor het verbeteren van de contrasten in de " clair-obscur" .
Enkele leden van de groep:
Francesco en Luigi Gioli, Serafino De Tivoli, Odoardo Borrani, Raffaello Sernesi en Adriano Cecioni, schrijver en beeldhouwer
* Vito D'Ancona de Pesaro Vito
* de Napolitaanse Giuseppe Abbati
* Vincenzo Cabianca van Verona
* criticus en beschermheer van Diego Martelli
Il café Michelangelo (Adriano Cecioni)
In zekere zin, maar meer geïsoleerd worden ze beschouwd als de meest karakteristieke vertegenwoordigers van deze beweging :
*Giovanni Fattori van Livorno
* Silvestro Lega de Modigliana , in de buurt van Forli
* De Florentijn Telemaco Signorini.
Hun ontmoetingsplaats was de Caffè Michelangiolo van Florence.
Telemaco Signorini
Sulle colline a Settignano, 1885
Giovanni Boldini
Italiaanse schilder, geboren 31 december 1842 in Ferrara - overleden 11 juli 1931 in Parijs.
Biografie
Zijn vader schilderde religieuze onderwerpen.
Giovanni Boldini studeerde van 1864-69 aan de kunstacademie in Florence en sloot zich vervolgens aan bij de Macchiaioli.
Deze beweging inspireerde hem tot schilderen in de open lucht waarmee hije zijn gevoel voor lichteffecten sterk ontwikkelde.
In 1872 vertrok hij naar Parijs waar hij zijn eigen stijl ontwikkelde en de populairste portretschilder van de gegoede burgerij werd.
Hij onderhield vriendschappelijke betrekkingen met James Abbot MacNeill Whistler en met Edgar Degas.
Voorts inspireerden hem Gustave Courbet en Ernest Meissonier.
Zijn portretten uit deze periode tonen verwantschap met de portretten van John Singer Sargent en Paul Helleu, maar vertonen ook invloeden van het impressionisme.
De portretten die Boldini schilderde van grote tijdgenoten, zoals Giuseppi Verdi (1886, Rome, Galleria d'Arte Moderna) oogsten al gauw veel succes in de toonaangevende kringen van de Belle Époque.
De meest fascinerende vrouwen uit die tijd wedijverden met elkaar om door hem geschilderd te worden, om er zeker van te zijn dat ze door zijn penselen en zijn kunst vereeuwigd konden worden
. Zijn grootste succes behaalde hij als portretschilder in Londen.