Denk jij dat er deze winter een Elfstedentocht komt?
DE HEL VAN 1963
28-2-2009 Het is 8.00 uur zaterdagmorgen in Sloten en ik ben er helemaal klaar voor als figurant voor de film "De Hel van 1963".
28-2-2009 Ook mijn zwager Ynze is helemaal gekleed in de sfeer van 1963.
28-2-2009 Nog geen 5 minuten binnen, kopje koffie in de hand en een babbeltje maken met een schaatser uit Leiden.
28-2-2009 Nog even de kleren anno 2009 opruimen en het spel kan beginnen.
28-2-2009 Ook in Sloten is het verboden te roken in de sportzaal dus iedereen doet dit buiten.
28-2-2009 Een politieman uit 1963 en nog eentje die gewoon met de mensen om gaat.
28-2-2009 Eef bekijkt of deze politieman is om te kopen.
28-2-2009 Steven de Jong met Henk Gemser
28-2-2009 Allemaal in de rij en wachten op het grote moment.
28-2-2009 Een blik van boven op de set waar het vandaag allemaal moet gebeuren.
28-2-2009 De eerste indrukken moesten even worden verwerkt.
28-2-2009 De eerste sneeuw is gevallen en achter deze toeschouwer staat een oude N.T.S. camera.
28-2-2009 De radio commentator is klaar om de eerste rijders op te vangen.
28-2-2009 Steven de Jong geeft aanwijzingen.
28-2-2009 Twee van de vier hoofdrolspelers.
28-2-2009 Wat een sfeer langs de kant in Sloten het was net of de tijd even was terug gezet.
28-2-2009 Het was niet druk bij het stempelhokje.
28-2-2009 Ynze bekijkt de langs komende Elfstedenrijders.
28-2-2009 De eerste schaatsers moeten er aan komen.
28-2-2009 Het is lang wachten op de eerste schaatsers.
28-2-2009 Nog steeds wachten.
28-2-2009 Het is 14.00 uur en het Friesche dagblad heeft enkele vragen voor Ynze.
28-2-2009 Een gewonde Elfstsedenrijder naast zijn maatje.
28-2-2009 Ynze verleend assistentie bij de warme chocolademelk.
28-2-2009 Druklte bij het stempelhokje.
28-2-2009 Een overzicht van de set.
28-2-2009 Alles staat weer klaar om te beginnnen.
28-2-2009 Kilo's kunstsneeuw werden op de gevels, bomen en in de lucht gespoten om alles zo echt mogelijk te laten lijken.
28-2-2009 De plaatselijke bevolking.
Enkele foto's van de start in Leeuwarden en de auto van Steven de Jong.
28-2-2009 Het logo van "De Hel van 1963". Het was een fantastische dag en zeer vermoeiend maar leuk om eens mee te maken en nu maar wachten op het moment dat de film uit komt. Onze complimenten gaan uit naar Steven de Jong en zijn mensen want deze dag is door de crew een puike prestatie geleverd. In november 2009 komt deze film in de bioscoop en zeker dat wij met de hele vereniging gaan kijken.
DE KONINKLIJKE VERENIGING DE FRIESCHE ELF STEDEN
Leeuwarden 15-1-2009 De Vereniging de Friesche Elf Steden, die honderd jaar geleden werd opgericht, mag voortaan het predikaat koninklijk voeren. Dat maakte de Friese Commissaris van de Koningin Jorritsma bekend op het eeuwfeest van de vereniging
De Friesche Elfsteden 50 jaar
De Koninklijke Friesche Elfsteden 100 jaar en wij waren in Leeuwarden.
15-1-2009 Ynze voor De Stadsschouwburg de Harmonie hier is vanavond om 19.00 uur het eeuwfeest van De Vereniging De Elfsteden.
15-1-2009: 9.35 uur Wij zijn veel te vroeg maar Ynze neemt alvast een kijkje.
15-1-2009: 19.00 uur De Badge van de avond.
15-1-2009: 19.00 uur Het programmaboekje.
15-1-2009: 19.05 uur Het stempelhokje moet altijd blijven en mocht op deze avond dan ook niet ontbreken.
15-1-2009: 21.15 uur Alle nog levende winnaars met het speciale bord.
15-1-2009: 22.10 uur Het rayonhoofden koor zingt een speciaal lied en tot slot het Friesche Volkslied.
De Oldehove in Leeuwarden.
15-1-2009 Precies 9.45 uur
De Oldehove staat echt scheef.
15-1-2009 Gisteravond was hier de uitzending van de NOS over 100 jaar Elfstedentocht met de presentator Mart Smeets.
15-1-2009 IJs in het water bij Balk na 4 dagen dooi.
Lidmaatschapskaarten van Ynze.
2004/2005 Startnummer 103
2005/2006 Startnummer 101
2006/2007 Startnummer 97
2007/2008 Startnummer 95
2008/2009 Startnummer 95
2009/2010 Startnummer 90
De stempelkaarten van Ynze.
De 3 Elfstedenkruisjes van Ynze.
Lidmaatschapskaarten van Erik.
2006/2007 Startnummer 17.435
2008/2009 Startnummer 14.128
DE EERSTE VERMELDINGEN
1749: De oudste vermelding
De oudste vermelding van de Elfstedentocht is van 1749. Volksdichter Boelardus Augustinus van Boelens, die zich verschool achter het pseudoniem B. Bornius Alvaarsma, schreef toen: ‘’t Is Pier die ellef Steden van Vriesland, op een dag, heeft in het rond gereden, en nog zijn maal met vrede at in den Olyhoek, te Bolsward in den stal, bij Vetlap van den Hoek.’
1848: Krant schrijft over Elfstedentocht
De Amsterdamsche Courant van 24 januari 1848 schreef onder de kop Bladvulling:
1868: Bejaarde Friezen schaatsen langs elf steden.
1890: Pim Mulier
Op 21 december 1890 reed sportpionier Pim Mulier een Elfstedentocht, waarbij hij als eerste in alle steden zijn doorkomsttijden door een lokale autoriteit liet paraferen. Met die tocht en het verhaal dat hij erover schreef, legde Mulier de basis voor een traditie, die een unieke plaats inneemt in de Nederlandse cultuurgeschiedenis.
In 1934, bij het 25-jarig jubileum van de eerste Elfstedentocht, keek Mulier op verzoek van het Elfstedenbestuur terug op de droom die hem sinds die ‘zoo prettigen dag’ voor ogen had gestaan.
‘Sedert dien is het volbrengen van den XI-Steden-tocht een verlangen, een verleidelijk droombeeld geworden, hetwelk elke schaatsenrijder en –rijdster blijft koesteren, een fata morgana, hetwelk hen achtervolgen blijft, totdat die zoete wensch eindelijk in vervulling is gegaan.’
22-1-1942: Sietse de Groot Tijd: 8.44.00 uur Weer: Strenge vorst Wedstrijdrijders: 970 Geklasseerd: 853 Tourrijders: 3.669 Geklasseerd: 3.669
8-2-1947: Jan van der Hoorn Tijd: 10.51.00 uur Weer: Strenge vorst Wedstrijdrijders: 277 Geklasseerd: 39 Tourrijders: 1.796 Geklasseerd: 270
3-2-1954: Jeen van der Berg Tijd: 7.35.00 uur Weer: Lichte vorst Wedstrijdrijders: 138 Geklasseerd: 62 Tourrijders: 2.597 Geklasseerd: 2.143
14-2-1956: Jeen Nauta Jan van der Hoorn Aad de Koning Maus Wijnhout Anton Verhoeven Alle vijf de rijders gediskwalificeerd. Jeen van de Berg werd die dag zesde, maar geen winnaar?? Tijd: 8.46.00 uur Weer: Strenge vorst Wedstrijdrijders: 259 Geklasseerd: 107 Tourrijders: 6.070 Geklasseerd: 4.739
Precies 11.687 KRUISJES werden er uitgereikt op 4 januari 1997.
De legende Jeen van den Berg 8 januari 1928 Veendorp
Bijna dagelijks wordt de nu 76-jarige Jeen van den Berg herinnerd aan zijn overwinning in de Elfstedentocht van 3 februari 1954. Het doet de Jeen van den Berg zichtbaar goed en hij wil ook best bekennen dat de zege van toen hem ook heel veel goeds heeft gebracht.Toch wil Van den Berg doen geloven dat het nu maar eens afgelopen moet zijn. Daarom nog één keer het verhaal dan.
Want wie Jeen van den Berg een klein beetje kent, weet dat hij natuurlijk trots is op zijn zeven elfstedenkruisjes en dat ene gouden exemplaar dat het bewijs is dat hij toch echt één keer als eerste over de streep kwam. Van den Berg woont nu op 1374 meter van de kunstijsbaan in Heerenveen. Nog steeds schaatst hij er in het winterseizoen liefst dagelijks zijn rondjes.Van den Berg vertelt ook dat er na het succes van 1953 in zijn woonplaats Nij Beets hooguit veertien dagen daarna nog op werd aangesproken.Als Van den Berg dan toch even terug gaat naar wat van hem een halve eeuw geleden de Jeen van den Berg van nu maakte, zegt hij dat hij toen geluk heeft gehad en in de Elfstedentocht van 1956 en 1963, toen hij fysiek veel sterker was, gewoon pech had. Hij werd toen respectievelijk zesde en derde.
Van den Berg doet er alles aan om het verhaal een andere wending te geven, maar toch even terug naar de tocht van 1953. Jan Charisius lijkt favoriet. Hij zorgt voor de beslissende afscheiding en doet onderweg al het kopwerk. Van den Berg wil nu wel bekennen dat hij zo slim was dat hij steeds achter de brede rug van Charisius reed. Van den Berg weet ook dat er mensen zijn die hem mis- schien daarom de zege nog steeds niet gunnen. In de kopgroep leek het onder de rook van Leeuwarden inderdaad wel een koude oorlog, zegt Van den Berg nu. Het gaat in de nasleep zelfs zover dat het elfstedenbestuur wordt bestookt met boze brieven van mensen die het niet eens zijn met de uitslag, omdat de laatste 500 meter voor teveel verwarring heeft gezorgd. Van den Berg heeft daar op dat moment - en nu zeker - geen boodschap aan.Hoe het bestond? Van den Berg zegt dat hij gewoon de slimste was. Hij hield het hoofd koel op een moment dat er verwarring ontstond over de plaats van het finishdoek. Er hing een bordje met ‘Finish’ en Van den Berg wasde eerste die door had dat er in kleine letters ook nog onder stond ‘500 meter’.
Van den Berg is een levende legende in de schaatswereld. Hij wil zelf nog graag even kwijt dat hij de enige elfstedenwinnaar is die als langebaanschaatser ook nog tweemaal ('56 en '60) eedeed aan de Olympische Spelen. Nog een keer de Elfstedentocht rijden zit er voor hem niet in. Hij leverde zijn startrecht immers in en staat bij de Elfstedenvereniging nu nog ingeschreven als nietrijdend lid. ,,Ik nim gjin risiko's mear, ik wit no dat it libben dęr te moai is foar is.’’
Jeen van den Berg ook weer een kruisje in 1997
Jeen van den Berg met zijn kruisje en Gouden medaille.
Jeen van den Berg met zijn jubileumbord.
Jan Roelof Kruithof
Jan Roelof Kruithof is de winnaar van 11 Alternatieve Elfstedentochten, bovendien reed hij in 1994 in Baselga Di Pine een uniek wereldrecord en wel in 24 uur 655 kilometer en 700 meter of te wel 1639 rondjes.
Jan Roelof Kruithof is de ongekroonde koning van de Elfstedentochten. In de jaren 70 was Kruithof de beste schaatser op natuurijs maar helaas in de bloei van zijn leven kwam er geen Friesche Elfstedentocht maar in 1985 was hij niet meer top. Maar wat is top, 48 jaar oud en dan twaalfde worden in de Friesche Elfstedentocht over 200 kilometer, ik neem diep mijn petje voor hem af.
Jan Roelof Kruithof in 1997 de eerste tourrijder die binnen is.
Piet Keyzer 18 Augustus 1918 De Lier 20 Juli 2008 Leersum
Op zaterdag 19 Juli 2008 is in Leersum op 89-jarige leeftijd oud-schaatser Piet Keyzer overleden. Hij won in 1940 de Elfstedentocht.
Piet Keyzer was in die tocht één van de vijf rijders die het 'Pact van Dokkum' sloten. De koplopers Sjouke Westra, Dirk van der Duim, Auke Adema, Cor Jongert en Keyzer spraken af niet om de zege te strijden maar gezamenlijk te finishen.
In het zicht van de haven hielden de vijf zich echter niet aan de afspraak en werd er alsnog gesprint. Vanwege de chaos op de streep gingen ze toch alle vijf als winnaar de boeken in.
Jongste winnaar Filmbeelden toonden in 2007 aan dat Keyzer, in 1946 ook nog Nederlands kampioen allround, als eerste over de finish was gegleden.
Keyzer was 21 jaar toen hij de Elfstedentocht won en is daarmee nog altijd de jongste winnaar ooit.
Een bijzondere Elfstedentocht.
Eén van de bijzonderste Elfstedentochten is wel die van 1940 geweest. In dat jaar werden er 5 winnaars uitgeroepen. Dat was nog nooit voorgekomen. Wat was er nu precies aan de hand? We laten winnaar Piet Keyzer aan het woord:
"Auke Adema, Cor Jongert, Sjouke Westra, Dirk van der Duim en ik kwamen tegelijk aan in Workum. Het was nog in de tijd dat je stempels moest halen in een café. Eenmaal in zo'n café aangekomen, werd ons verteld dat het ijs naar de finish zo dichtgesneeuwd was dat een eindsprint onmogelijk was. Immers, je kon de scheuren niet zien zitten. Het was dus te gevaarlijk om nog hard te schaatsen. Men zei dat we beter rustig naar Leeuwarden konden rijden en met z'n vijven over de streep gaan. Eenmaal bij de finish aangekomen bleek dat we wel konden sprinten. Dat deden we dus ook. Ik won de sprint met 12 meter voorsprong. Ik was dus de winnaar.
Echter, na een paar uur kwam de wedstrijdleiding met de beslissing om alle vijf de rijders tot mede-winnaar te benoemen. Ik bleef wel winnaar en kampioen. Waarom ze dat gedaan hebben, zou ik niet weten. Ik was de eerste niet-Friese Elfstedenwinnaar, ik denk dat dat een beetje zwaar lag. Ik vond het leuk voor de anderen, maar ik vond het ook een rare beslissing. Want toen er in 1956 vijf rijders tegelijk over de streep gingen, werden ze gediskwalificeerd."
Daar heeft hij gelijk in. Op dinsdag 14 februari 1956 gingen Jeen Nauta, Jan van der Hoorn, Aad de Koning, Anton Verhoeven en Maus Wijnhout hand in hand over de streep. Er ontstonden gelijk discussies. Welke beslissing zou het bestuur nemen? Pas na afloop van de wedstrijd werd de beslissing genomen. Het bestuur besloot het vijftal te diskwalificeren. Er zouden geen prijzen uitgeruikt worden dat jaar.
Reinier Paping 18 Februari 1931 Dedemsvaart
DE MOOISTE 18 januari 1963.
In de sportgeschiedenis van Nederland is vrijdag 18 januari 1963 ongetwijfeld de bekendste datum: die dag werd de twaalfde Elfstedentocht verreden. Het werd de meest legendarische ooit. Een slagveld, zoals nog nimmer vertoond. De temperatuur was bij de start -12 graden. Alle koude records werden die nacht gebroken. In de loop van de dag stak een noordoosterstorm op, die de baan in het noorden van Friesland volkomen onbegaanbaar maakte.
In Stavoren stapten duizenden mensen af. De trein naar Leeuwarden kon het aanbod van rijders niet verwerken. Er moesten extra bussen worden ingezet. De hospitalen langs de route lagen vol gewonde schaatsers en de EHBO maakte overal overuren.
Er gingen 9862 rijders van start. Slechts 127 zouden de eindstreep bereiken. Dat was een percentage van 1,3 procent.
Reinier Paping uit Dedemsvaart maakte zich onsterfelijk door als eerste over de finish te komen met een voorsprong van 22 minuten op Jan Uitham uit Noorderhogebrug. Zevenendertig jaar later werd hij door de kijkers van Studio Sport, het populaire sportprogramma van de NOS, uitgeroepen tot de individuele sporter, die de meest aansprekende prestatie van de twintigste eeuw had geleverd!
Bij Witmarsum had Reinier definitief afscheid genomen van Uitham, Jeen van den Berg en Anton Verhoeven. Van den Berg raakte sneeuwblind en kwam uitsluitend meet hulp van Uitham als derde over de streep. Verhoeven was eveneens sneeuwblind en waggelde als aangeschoten wild over de Dokkumer Ee om uiteindelijk als een wrak over de finish op de Grote Wielen te komen.
Kroonprinses Beatrix had in de EHBO-tent met het moeder koningin Juliana winnaar Paping gefeliciteerd. Hij werd daar met infrarood lampen weer een beetje ontdooit en de prinses had herhaaldelijk geroepen: "Oh, mijnheer Paping, ik heb zo'n bewondering voor u!"
De held van de dag werd door zijn echtgenote Joke opgehaald en samen gingen zij naar Dedemsvaart, waar ze door de plaatselijke fanfare werden opgewacht. In het holst van de nacht bereikten ze het zomerhuisje (!), waar ze na hun huwelijk in verband met de woningnood hun intrek hadden genomen. De waterleiding, de bak met water voor de hand en de aardappels zaten in de pan op het butagasstelletje van de nieuwe Nederlandse voksheld waren allemaal vastgevroren.
Toen de pers de volgende ochtend het onderkomen, diep in de bossen bij Ommen had gevonden was Reinier niet thuis. Hij had tegen Joke gezegd: "Ik ga even het bos in voor een loopje. De spieren zijn nog wat stram."
Met zijn overwinning verdiende Paping twee jaarkaarten voor de ijsbaan in Devemter en een zilveren sigarettendoos. Een onbekende had hem na zijn overwinning nog een tientje gegeven. Volgend op zijn prestatie werkte Paping mee aan een reclamecampagne voor het ontbijtproduct (Brinta), waar hij ook nog eens 500 Gulden (ca. 227 Euro), een aansteker en een föhn mee verdiende.
Reinier Paping begon na zijn overwinning een sportzaak in Zwolle.
Leeuwarden
Deelnemers arriveren met de trein op het station in Leeuwarden.
Het inschrijven van de deelnemers.
Reinier Paping voor de start in Leeuwarden.
De startplaats was in de autospuiterij van De Boer waar de rijders zich aan de lampen konden verwarmen.
Start in de Zwette-Haven.
Het is niet helemaal zeker maar het lijkt er verdomd veel op mijn zwager Ynze begint op vrijdag 18 januari 1963 aan zijn 1e Friesche Elfstedentocht.
Sneek
De eerste wedstrijdrijder wie afstempelt in Sneek, de heer Speerstra.
Enkele wedstrijdrijders stempelen hun kaart af in Sneek.
IJlst
Hier passeert Appie Weijs het stadje IJlst. Sloten
Hier krijgt een tochtrijder iets warms aangeboden in Sloten.
Galamadammen
Wedstrijdrijders bij Galamadammen. Stavoren
Massale opgave van tochtrijders in Stavoren
Hindeloopen
De Elfstedentochtrijders schaatsen bijna de haven van Hindeloopen in.
Klunen door Hindeloopen.
De Elfstedenrijders verlaten Hindeloopen.
Workum
Toerrijders klunend door Workum.
Wedstrijdrijders passeren Workum waaronder de latere ijsmeester Piet Venema.
Bolsward
Tochtrijders zijn op de helft en verlaten Bolsward.
Op weg naar Harlingen
Harlingen
Het was klunen in Harlingen
Het station in Harlingen om 12.00 uur.
Franeker
Reinier Paping stempelt in Franeker.
Dokkum
Reinier Paping heeft net een stempel gehaald in Dokkum.
Birdaard
Reinier Paping loopt door het dorp Birdaard
Bartlehiem
Baanvegers proberen zo goed mogelijk het traject sneeuwvrij te maken.
Maar het was bijna niet mogelijk de baan schoon te houden en schaatsen werd steeds moeilijker.
Dokkum
Reinier Paping is bijna in Dokkum na 176 kilometers.
Leeuwarden
Koningin Juliana en Prinses Beatrix ariveren bij de finish.
Reinier Paping gaat over de finish na 200 kilometer schaatsen in 10.59 uur, 22 minuten later werd Jan Uitham tweede.
Reinier Paping sluit even de ogen na de finish.
De zelfde foto maar dan in de krant van 19 januari 1963.
De stempelkaart van Reinier Paping
George Schwiegmann bereikt als laatse de finish in Leeuwarden het is dan ongeveer 23.45 uur.
Dank aan de VPRO Anneke Bleeker
Jan van de Hoorn
Doordat zijn vier voorgangers gediskwalificeerd werden, won Jan van der Hoorn De Friesche Elfstedentocht die werd verreden op 8 februari 1947.
Het ijs en het weer waren barslecht. Er was een koude straffe wind waardoor vele schaatsers gingen 'opleggen'. Ze bleven achter een ander schaatsen om uit de wind te blijven. Behalve deze overtredingen waren er schaatsers die gedeeltes van het parcours aflegden met de auto.
Jan van der Hoorn eindigde als vijfde na 10 minuten, maar werd na een onderzoek alsnog als winnaar uitgeroepen van de eerste na-oorlogse Elfstedentocht.
De Amsterdammer Willem Augustin.
Een pracht vent met mooie verhalen die hij mij vertelde wanneer ik hem in Hindeloopen tegen kwam. Hij was er weer klaar voor maar helaas zijn geliefde tocht kwam niet meer voor hem.
6
Februari
1941
22
Januari
1942
8
Februari
1947
3
Februari
1954
14
Februari
1956
18
Januari
1963
21
Februari
1985
26
Februari
1986
4
Januari
1997
Augustin overleden. Elfstedentocht-legende Willem Augustin is zondag 1 november 2004 op 81-jarige leeftijd in een ziekenhuis in Sneek overleden.
De ras Amsterdammer, die in Hindeloopen woonde vlakbij het Schaatsmuseum, reed sinds 1941 alle edities van de Tocht der Tochten. Het mooiste verhaal is wel over zijn debuut in dat jaar, het was oorlog en hij miste de trein naar Leeuwarden. Hij besloot toen maar op de fiets over de onverlichte, besneeuwde wegen en de Afsluitdijk naar de Friese hoofdstad te gaan om mee te kunnen schaatsen. Wie leerde niet van hem schaatsen op de Jaap Edenbaan?
Nog zo'n markant figuur. Piet Venema
IJsmeester Piet Venema neemt afscheid als bestuurslid van elfstedenvereniging
RUURD WALINGA
Makkum – Hij mocht nog even schitteren afgelopen week, ijsmeester Piet Venema van de Elfstedentocht. In de week dat Nederland zowaar nog even lijdt aan Elfstedentochtkoorts neemt de uit Makkum afkomstige ijsmeester afscheid. Vanavond stapt hij na dertien jaar uit het bestuur van de Vereniging De Friesche Elf Steden. Ruim twintig jaar was Venema rayonhoofd in Wűnseradiel.
In 1972 verhuisde Venema van Heerenveen naar Wűnseradiel waar hij directeur Gemeentewerken werd. In die tijd was er ook een vacature rayonhoofd. Het lag in de lijn der verwachtingen dat de baas van Gemeentewerken deze vervulde. ,,Dat hold doedestiids net sa folle yn. In Alvestędentocht kaam der ommers dochs noait. Wy kamen as rayonhaden ien kear yn’t jier byelkoar. Dat wie it.’’
Medio jaren tachtig kreeg de functie van rayonhoofd plotseling een bijzondere status. In 1985 vroor het zo hard dat toenmalig voorzitter Sipkema en ijsmeester Kroes voor het eerst sinds 1963 de Tocht der Tochten konden uitschrijven. Venema zette zijn rayon duidelijk op de kaart door het langste klúntraject op de route uit te leggen. Zowel in Kimswerd als in Witmarsum moesten er honderden meters geklúnd worden.
In 1991 trad Venema toe tot het bestuur van de Elfstedenvereniging. Hij volgde Henk Kroes als ijsmeester op toen de Boazumer tot voorzitter werd benoemd. Als ijsmeester, de baas van alle rayonhoofden, maakte hij één Elfstedentocht mee, die van 1997. Een jaar daarvoor was Venema al een landelijke bekendheid geworden. In de winter van 1996 zag het er lange tijd naar uit dat er een Elfstedentocht geschaatst zou kunnen worden. Het koppel Venema-Kroes hield het land enkele dagen in spanning over het wel of niet doorgaan van de Tocht. Ondanks indrukwekkende ijstransplantaties kwam het er uiteindelijk niet van. ,,Wy ha it doe tige drok hân mei alle tariedings, mar it koe net’’, blikt Venema terug.
Een jaar later verliepen de voorbereidingen voor de vijftiende Elfstedentocht nogal wat voorspoediger. De tocht van 4 januaru 1997 werd voor Venema een ,,geweldich moai momint’’.
De beslissing om te bedanken als ijsmeester en bestuurslid was dan ook een moeilijke. Het bestuur van de Vereniging opereert als een hechte vriendenploeg en het vinden van vrijwilligers is nooit een probleem geweest, aldus Venema. Dat hij stopt, heeft alles te maken met zijn leeftijd. Afgelopen jaar werd Venema 69 jaar. ,,As der in Alvestędentocht komt, is it hiel drok. In nije generaasje moat it oer nimme.’’
Zelf schaatste Venema de Tocht der Tochten vier keer. Hij volbracht de race over ruim 200 kilometer in 1956 en 1963 als wedstrijdrijder en in de jaren tachtig twee keer als toerrijder. De eerste keer werd de toen 23-jarige wedstrijdrijder 45 ste van de 260 deelnemers. In 1963 eindigde Piet Venema, die toen in de Friese selectie reed, op een negende plaats.
Venema wordt vanavond tijdens de algemene ledenvergadering van de Vereniging opgevolgd door Jan Oostenbrug uit Aldtsjerk. Oostenbrug, werkzaam bij Grontmij, is in de wereld van het ijs geen onbekende in Fryslân. Hij is voorzitter van het schaatsgewest Fryslân van de KNSB. Volgend jaar treedt hij evenwel terug als voorzitter van de Bond van IJsclubs, omdat beide vrijwilligersfuncties volgens hem moeilijk te combineren zijn. Het andere nieuwe bestuurslid, dat wordt voorgedragen, is Oeds de Jager uit Stiens, die werkzaam is bij Wetterskip Fryslân.
Venema zal voortaan vanaf de zijlijn de verrichtingen van ‘zijn’ geliefde vereniging volgen. Afgelopen week ging hij voor de laatste maal vanuit zijn functie als ijsmeester met de prikstok het ijs op. ,,As iismaster wolle je der betiid bywęze. Je wolle witte hoe’t it iis him űntwikkelt. Dat is ús taak en net fan de waarmannen.’’
W.A. van Buren Prins Willem-Alexander
Februari 1986 Ook prins Willem-Alexander deed mee aan de elfstedentocht in 1986. Hij deed dit onder de naam W.A. van Buren. Om half tien 's avonds viel hij uitgeput in de armen van zijn Vader en Moeder.
Dit zijn de schaatsen van Evert van Benthem waar een stuk van is af gebroken tijdens de Friesche Elfstedentocht van 1985.
De Winnaar van De Friesche Elfsteden- tochten 1985 & 1986 Evert van Benthem.
De Dertiende Elfstedentocht werd op 21 februari 1985 geschaatst. 22 jaar na de laatste Elfstedentocht in 1963 konden de schaatsen weer ondergebonden worden. De tocht werd bekend gemaakt door de voorzitter van de Vereniging der Friesche Elfsteden, Jan Sipkema, in het eerste jaar van zijn aantreden. Evert van Benthem wist na een eindsprint met Jan Kooiman, Jos Niesten en Henri Ruitenberg met enkele decimeters verschil te winnen. Hij vestigde ook een nieuw Elfstedenrecord in 6 uur en 47 minuten. 16179 Tochtrijders en 276 wedstrijdschaatsers deden een poging het felbegeerde kruisje te bemachtigen.
De Veertiende Elfstedentocht werd op 26 februari 1986, amper een jaar na de Dertiende Elfstedentocht verreden. Evenals in 1985 won Evert van Benthem uit Sint Janklooster de tocht in een tijd van 6.55. Een unicum dat iemand de tocht der tochten twee keer wint was het niet. Coen de Koning en Auke Adema gingen hem voor. Misschien nog wel bekender is dat kroonprins Willem-Alexander de tocht onder de schuilnaam W.A. van Buren voltooide. Pas toen hij bij de finish werd opgewacht door zijn trotse ouders wist ook de rest van Nederland dat hij de tocht der tochten had voltooid. De Elfstedentocht 1986 werd verreden onder gunstige weersomstandigheden. Een totaal van 16999 begon aan de tocht, 14989 kruisjes werden uitgedeeld. De schaatsers waren onder te verdelen in 317 wedstrijdrijders, 115 buitenlanders en 862 vrouwen.
Stempelkaart 1985
Stempelkaart 1986.
Speciale enveloppe 1986
De winnaar van 1986
Leuke tekening van Evert van Benthem.
25-11-2007 Vip-Arrangement op de Jaap Eden IJsbaan. Via één van de Hoofdsponsors, Bertus de Jong, van De Friesche Elfsteden Vistocht hadden Ynze en ik zondag 25-11-2007 een Viparrangement bij de firma Nefit van Erik Hulzebosch, het was gezellig met veel drank, soep en broodjes en natuurlijk een onderhoud met de nummer twee van de laatste Friesche Elfstedentocht op de schaats. Er werd ook nog een marathon gereden en Ingmar Berga was de snelste na een spannende sprint.
In gesprek met Erik Hulzebosch.
Zaterdag 25-11-2006 op de schaatsbaan in Alkmaar. De drie kenners zijn het er over eens Jan-Maarten Heideman heeft gelukkig niet gewonnen. Mijn dank gaat uit naar Ton Thomassen voor het maken van deze unieke foto.
Unieke kunstijsbaan van 5 kilometer lang dwars door landelijk gebied! FlevOnice is een absolute wereld- primeur! Een in de vrije natuur gelegen kunstijsbaan voorzien van 5 kilometer ECHT IJS en gegarandeerd meer dan 100 dagen schaatsen per jaar. Ruim vijftig hectare Flevolandse klei is omgeploegd en heringericht tot een multifunctioneel vrijetijdscomplex van wereldformaat.
Winnaar Flevonice
JAAR
NAM
2009
Sandor Stuut
Luister naar de Elfstedentocht
Rinus Rasenberg is een liedjesverteller, geboren in West-Brabant. Ieder liedje ziet hij als een klein schilderijtje. Het zijn verhalen over zijn praktijk van boeren met hun beesten, het platteland, het milieu, paarden en honden met hun eigenaren en over zijn kinderen. Zelfs aan de Elfstedentocht heeft hij een hele c.d gewijd. Dit op uitnodiging van Omroep Friesland. Deze nummers zijn hier te beluisteren als onderdeel van het crossmediale project ´De Elfstedentocht Gaat Door!´ Ze zijn voor vijf euro per stuk te koop via de site van Rasenberg.
De liedjes van Rinus Rasenberg U kunt hier luisteren naar de (natuurlijk) elf nummers.
11 Klunen 10 Ondeugend Schaatsliedje 09 Evert van Benthem 08 Tocht '85 07 Het Rayohoofd 06 Jeen van den Berg 05 Het kan vriezen of dooien 04 Tocht '63 03 Roemoze laatste 02 Tocht '97 01 Friesland Is
Met dank aan de VPRO
Soorten Elfsteden Tochten Op de Schaats Vissend Op de Fiets Wandelend Hardlopend Estafette Op de Traktor Op een Bed Surfend Staand op een Surfplank met een duwstok Cabaret Klűnend Zwemmend Op Zonneenergie In een Roeiboot In een Moterboot In een Kano In een Kajak In een Auto -'50 In een Auto -'75 In een Auto +'75 Zingend Schakend Dammend Drinkend Toneel Op de Motor -'50 Op de Motor +'50 Op een Paard Op een Pony Met een Huifkar Mens erger je niet Op een step Achteruitlopend Op een Pyramidefiets Op een Skateboard Zweefvliegtuig Culinair Pipo Woonwagen Liggend op een surfplank Staand in een gondel met duwstok Kleinvlietuigje Fiets vierdaagse Met een brommobiel en zo weinig mogelijk benzine. Bridge Totaal 45 maal.
NEDERLANDS UURRECORD WERELD UURRECORD
Casper Helling 41.969.10 mtr Salt Lake City 15-3-2007
Henk Angenent 41.669.49 mtr Calgary 13-3-2004
Roberto Sighel 41.040.54 mtr Calgary 24-3-1999
Robert Vunderink 39.986.59 mtr Heerenveen 28-11-1988
Janna van der Weg de eerste vrouw die de tocht uit reed in 1929.
Vrijdag 16 december 1933
Vrijdag 3 februari 1954
Het Bruggetje van Bartlehiem.
De 11 wapens van de Elfsteden
Frysland Tige Thank!
Frysland Tige Thank!
Brandweer rukt uit voor rook Elfstedenfilm
HARLINGEN Bewoners van de Kimswerderweg en omliggende straten in Harlingen alarmeerden dinsdagmiddag 17 februari de brandweer. Ze zagen rond half zes een flinke hoeveelheid rook komen uit het pand van autobedrijf Esgee.
De brandweer van de havenstad rukte uit met groot materieel. Bij aankomst bleek dat de rook werd veroorzaakt door een cameraploeg die in de weer was met een rookmachine, aldus officier van dienst Johan Cnossen. Het ging om opnamen voor 'De hel van 1963' van Steven de Jong, over de Elfstedentocht in dat jaar.
Franeker krijgt Elfstedenwijk
FRANEKER - Het Friese stadje Franeker krijgt een Elfstedentochtwoonwijk. Dat meldde de gemeente Franekeradeel donderdag.
De nieuwbouwwijk met 625 woningen krijgt de naam Alvestędewyk (Elfstedenwijk). De straten in de wijk worden grotendeels genoemd naar wateren waar de deelnemers aan de Elfstedentocht langs schaatsen. De hoofdweg in de wijk krijgt de naam Stimpelpost (Stempelpost). Verder zijn straten genoemd naar De Bonkefeart (De Bonkevaart), waar de finish van de tocht is, De Dokkumer Ie (Dokkumer Ee) tussen Dokkum en Leeuwarden en De Swette (De Zwette) tussen Leeuwarden en Sneek.
Volgens Elfstedenvoorzitter Wiebe Wieling heeft Franeker met de Elfstedenwijk een primeur.
DE TOCHT DER TOCHTEN
07-02-2012
WELKOM BIJ DE TOCHT DER TOCHTEN.
Freonen en Freondinnen fan Alvestędetocht "It Giet Hinne" Welkom op de homepage van DE TOCHT DER TOCHTEN Aankondigingen van de tocht: "It Giet Troch" in 1963 "It Sil Heve" in 1985 "It Giet Oan" in 1997 "It Giet Hinne" in 2012?
Beste Friesche Elfsteden Vrienden en Vriendinnen.
Via de volgende blokken blijf je volledig op de hoogte van De Friesche Elfstedentocht op de schaats. En verder alle Marathons en Klassiekers op kunst- en natuurijs.
HET ELFSTEDENGEVOEL.
De Elfstedentocht is beroemd over de hele wereld, vandaar dat er tegenwoordig mensen uit verschillende landen meedoen. er zijn zelfs deelnemers uit Japan in de tourtocht gesignaleerd. Ook doen er veel oud-schaatsers mee, als oud Noors, Europees, Wereld en Olypisch Kampioen Johan Olav Koss en oud-Winnaar Evert van Benthem.
Wat typerend is voor het "Elfstedengevoel" is een uitzinnig publiek en genietende schaatsers. Mart Smeets zei eens: "IJs heeft iets magisch. Als er ijs is worden wij in een keer lief voor elkaar. Ik weet niet wat het is, maar het is in ieder geval fantastisch."
Hoe de schaatsers het zelf beleven is alleen maar te weten te komen door het hen zelf te vragen: Vooral de intocht in de steden is het einde metname in Franeker, Bartlehiem en Dokkum. Ook de hartverwarmdende verzorging langs de kant van het ijs is fantastisch.
Het rijden van De Elfstedentocht geeft een onbeschrijvelijk gevoel. Als ik het Elfstedengevoel moet omschrijven zou ik zeggen dat het iets weg heeft van een warme deken.
Alles over Elfstedenkoorts Honderden helpers om ijs sneeuwvrij te maken Honderden vrijwilligers gaan maandag en dinsdag op pad om de route van de Elfstedentocht sneeuwvrij te maken. Enkele rayonhoofden hebben daartoe maandag een oproep gedaan. Ook 200 leerlingen van de Maritieme Academie in Harlingen gaan helpen, meldde directeur Arjen Mintjes van de opleiding.
Sneeuw is op dit moment de voornaamste spelbreker voor de aangroei van ijs. Op grote delen van de route is het ijs nog niet dik genoeg en ligt er een pak sneeuw op. Maandag zakte bij Balk in het zuiden van de provincie Friesland nog een veegmachine door het ijs. Om onveilige situaties te voorkomen, schakelen de IJswegencentrale en rayonhoofden over op handmatig vegen.
„Dat is een hell of a job”, zegt directeur Mintjes van de Maritieme Academie. Zijn leerlingen moeten een traject van 9 kilometer in de buurt van Harlingen sneeuwvrij maken, over een breedte van 5 meter. „Daar zijn ze de rest van de week wel zoet mee. Maar ja, ze kunnen toch niet varen”, aldus Mintjes.
Volgens secretaris Harm Jan Urbach van De Friesche IJsbond, vereniging van IJswegencentrales in Friesland, moet er nog een kwart tot een derde van de route helemaal sneeuwvrij worden gemaakt. „Vanaf Sneek naar het zuiden”, aldus Urbach.
De ijsmachines gaan pas het ijs op als er minimaal 8 centimeter dik ijs ligt. „En dan moet je niet denken aan de machines in het Thialf-stadion, maar aan uit de hand gelopen motormaaiers met borstels of soms zelfs oude auto's met een schuif”, aldus Urbach.
De Elfstedenkoorts neemt met de dag toe. Het bestuur van de Vereniging Friesche Elfsteden deed in Leeuwarden mededelingen over een mogelijke Elfstedentocht. "Het Slotermeer is de zwakste schakel." 09.54 uur: De persconferentie is afgelopen. Woensdag komen de rayonhoofden en het bestuur opnieuw bij elkaar. Mogelijk dan meer nieuws over de tocht der tochten.
09.51 uur: Tot slot: Het Elfstedenbestuur trekt vanmiddag naar het zuidoosten van de provincie om poolshoogte te nemen.
09.47 uur: Ten opzichte van de tocht van 15 jaar geleden zijn alle draaiboeken aangepast, zegt Wieling over de logistieke en organisatorische kant van de Elfstedentocht. "We rekenen op anderhalf ŕ twee miljoen bezoekers."
09.45 uur: Wieling wil nog niet speculeren over een datum. "Op de volle dikte van 15 centimeter zijn we nog lang niet, maar de perspectieven zijn uitstekend." Nog geen datum Elfstedentocht
09.43 uur: "We hebben het niet over wakken, maar over meerdere kilometers traject", zegt Wieling over de problemen in het zuidoosten van de provincie. "Op de ene plek is het ijs 10 centimeter, even verderop is het slechts 2 centimeter. Daar kun je dus geen 16.000 mensen overheen sturen.”
09.41 uur: "Ik heb zelden zulk mooi ijs gezien", zegt Oostenbrug over de zwarte ijsvloer onder het laagje sneeuw. Er is de komende dagen nog strenge vorst nodig. Bij temperaturen van -5 graden groeit het ijs slecht maximaal met een centimeter per dag.
09.39 uur: Vandaag wordt er gekeken of er over het Slotermeer van Woudsend naar Sloten kan worden gelopen. Ook wordt er naar een bypass over de Fluessen gekeken. "De trucendoos gaat open, we gaan echt voor de Elfstendentocht. We gaan voor de hoofdprijs", stelt Oostenbrug. "Maar die sneeuw van vrijdag hadden we absoluut niet moeten hebben."
09.36 uur: "De zwakste schakel is het Slotermeer, een breed water", stelt ijsmeester Jan Oostenbrug. 'Slotermeer zwakste schakel'
09.34 uur: "Bij Stavoren en in de Luts zijn er forse problemen. Daar ligt een kwaliteit ijs waar geen mensen overheen kunnen. Als het ijs daar als in het noorden van de provincie was geweest, hadden we nu een ander type conferentie gehad", zegt Wieling. "Vooral het zuidoosten baart ons zorgen. In het noorden is het fantastisch."
09.33 uur: "We leven in een andere tijd", zegt Wieling over het feit dat er vandaag nog geen datum bekend wordt gemaakt. "We willen een stukje van de geheimzinnigheid rond het proces wegnemen."
09.31 uur: Elfsteden-voorzitter Wiebe Wieling neemt het woord. De hele route wordt doorgenomen. "Een prachtige winter", stelt Wieling. "Het lijkt er echter op dat we het omdraaien. Eerst de Elfstedentocht en dan de andere toertochten. Maar zo werkt het natuurlijk niet", zegt de voorzitter over de ijsgekte.
09.29 uur: De media zijn massaal uitgerukt voor de Elfstedenpersconferentie.
09.28 uur: Rayonhoofd Auke Hylkema zakte zaterdag nog door het ijs op het Slotermeer.
09.22 uur: Zometeen worden de uitkomsten bekendgemaakt van het oriënterende overleg dat de rayonhoofden en het bestuur van de Vereniging Friesche Elfsteden zondagavond hadden in Sint Nicolaasga.
09.10 uur: Ook de schaatsprofs lopen warm. Volgens BAM-coach Jillert Anema liggen de draaiboeken al klaar. "Zodra er een datum is, gaan we de planning afwerken. We zoeken een rustige plek op, dat ligt allemaal al vast."
09.02 uur: Nu staat al vast dat de rayonhoofden woensdag - na weer een paar dagen en nachten vorst - opnieuw bijeen komen.
08.53 uur: De persconferentie vindt plaats in het WTC Hotel in Leeuwarden.
08.46 uur: Het ijs moet overal 15 cm dik zijn. Dat wordt nog nergens op de route gehaald.
08.34 uur: Regerend olympisch kampioen op de tien kilometer, Bob de Jong, heeft het ijs op de Bonkevaart al getest.
08.32 uur: Tijdens de persconferentie van 09.30 uur zal overigens nog zeker geen datum voor de mogelijke Elfstedentocht worden bekendgemaakt.
08.30 uur: Hoe sterk is het ijs op de route van de Elfstedentocht? Dat was de centrale vraag zondagavond tijdens de eerste verkennende vergadering van de 22 rayonhoofden van de Vereniging De Friesche Elfsteden. Er zouden nog drie knelpunten zijn: Harlingen, de zuidwesthoek van de provincie en Sneek.
NEDERLANDSKAMPIOENSCHAP OP NATUURIJS 2011 & ALLE WINNAARS!
Eindelijk na 12 jaar weer op Nederlands natuurijs: HET NEDERLANDS KAMPIOENSCHAP 8 Januari 2009 Woensdag 8 februari voor de 4e maal op rij het N.K. op natuurijs in Emmen.
Sjoerd Huisman de winnaar in 2009.
23 DECEMBER 2010 Het derde N.K. in twee jaar. De Vries de stekste op NK Marathon
Bob de Vries heeft op de Belterwiede het NK Marathon gewonnen. De schaatser van de BAM-ploeg vertrok in de laatste meters met krachtige slagen uit de kopgroep en nam zo de titel over van Jorrit Bergsma.
Nadat de veteranen en de vrouwen al voor twee uitstekende wedstrijden hadden gezorgd, mochten de mannen voor het klapstuk tekenen. Het tweede NK Marathon op natuurijs binnen een jaar; we worden verwend. De wind was niet gaan liggen sinds Foske Tamar van der Wal jubelend over de meet was gekomen, dus een deel van het parcours werd pal tegen de striemende noorderwind in gereden. De schaatsers die klaagden dat de omstandigheden te eenvoudig zouden zijn vanwege het uitmuntende ijs werden derhalve op hun wenken bediend.
Grote smaakmaker in de wedstrijd was Arjan Stroetinga, die geheel op eigen kracht de oversteek maakte van het peloton naar de kopgroep en opeens tot de topfavorieten behoorde. Immers, de sprintersbenen van de BAM-schaatser overtroffen die van zijn collega's.
In de laatste ronde ging het echter fout voor Stroetinga en mochten De Vries, Ralf Zwitser, Sander Kingma en Arjen Becker onderling uitmaken wie de titel mee naar huis mocht nemen. En in de eindsprint was de Vries verreweg de sterkste. Met gigantische slagen wurmde hij zich uit de greep van de kopgroep en kwam hij als winnaar over de streep.
Al vrij snel na de wedstrijd viel de duisternis over de Belterwiede en kunnen we terugkijken op een mooie dag op natuurijs.
HET LAATSTE ELFSTEDEN & N.K. NIEUWS Maandag meer over de Elfstedentocht
Een woordvoerster van het bestuur zei dat het ging om een verkennende bijeenkomst. Ze deed deed geen enkele voorspelling over een mogelijke Elfstedentocht.
Het bestuur van de Vereniging Friesche Elfsteden doet pas maandag in Leeuwarden mededelingen over het beraad van zondag over een mogelijke Elfstedentocht. Zondag kwamen het bestuur en de 22 rayonhoofden in Sint Nicolaasga bijeen om de situatie van het Friese ijs te bespreken. Ze inventariseerden de situatie en bespraken de knelpunten.
Het ijs is goed, maar nog niet voor De Tocht Vaak ligt de ijsvloer er prachtig bij. Dik, zwart ijs dat niet kraakt en waar honderden liefhebbers zorgeloos de schaatsen hebben ondergebonden. Maar er zijn ook plaatsen waar het ijs nog dun is, of waar zelfs helemaal geen ijs is. Het moet nog een tijd stevig vriezen voor een Elfstedentocht van start kan, zo blijkt uit een rondgang van het ANP langs een aantal van de elf Friese steden.
In Sneek is het ijs nog aan de dunne kant. Als meer mensen bij de Waterpoort, het symbool van Sneek, op het ijs staan, kraakt het vervaarlijk. „In je eentje is het mooi schaatsen, maar hoe het ijs zich houdt als er duizenden overheen gaan, is de vraag”, zegt een schaatser.
De Swette, de vaart die Leeuwarden en Sneek met elkaar verbindt, was in 1997 een kritiek punt en is dat ook nu weer. Het ijs is gewoon niet dik genoeg. Schaatsen is er niet mogelijk.
Ruim 50 kilometer verderop bij Hindeloopen, is het ijs prachtig. Een schaatser meldt dat daar al met motoren op het ijs is gereden. Rond Hindeloopen is het ijs dus sterk genoeg. Dat is ook het geval bij Stavoren en Sloten. Het Slotermeer, het grootste Friese meer van de Elfstedenroute, is volgens passerende schaatsers goed te begaan. Maar het ijs heeft wel veel ribbels, waarschijnlijk door de harde noordoosten wind van begin vorige week.
Bij Balk, tussen Sloten en Stavoren, is het riviertje Luts niet goed dichtgevroren: er zijn wakken en op sommige plekken ligt helemaal geen ijs.
Bij Harlingen is de hele zondag volop geschaatst. Het was er de hele dag druk met ijsliefhebbers. Het ijs is niet overal op en top, maar wel betrouwbaar.
Op de Bonkevaart in Leeuwarden is zondag de hele dag door een paar duizend mensen naar hartenlust geschaatst. De Bonkevaart is traditioneel de finishplaats van de Tocht der tochten. Henk Angenent kwam daar in 1997 als eerste over de eindstreep.
De Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden hanteert als standaard dat het ijs over de hele route van 200 kilometer 15 centimeter dik moet zijn. Hoewel het ijs op veel plekken mooi en dik is, is dat op veel plaatsen nog niet het geval. Woensdag NK op natuurijs Het Nederlands kampioenschap op natuurijs wordt op woensdag 8 februari verreden bij Emmen. De Grote Rietplas vormt het decor van de wedstrijd. De mannen rijden 100 kilometer, de vrouwen 70 kilometer. Rayonhoofden en het bestuur van de Vereniging De Friesche Elf Steden komen zondagavond bijeen. Een zestiende Elfstedentocht komt daarmee een stuk dichterbij, mogelijk zelfs al in het volgende weekeinde.
De aanhoudende strenge winter in ons land en de spectaculaire aangroei van het ijs hebben beide partijen doen besluiten een eerste oriënterend overleg te voeren.
De voorzitter van de Vereniging De Friesche Elf Steden heeft de samenkomst vanmiddag tegenover De Telegraaf bevestigd. "De aanhoudende winter maakt een eerste bijeenkomst noodzakelijk. De kans op een Elfstedentocht doet zich eens in de vijftien jaar voor. Nu er nog steeds geen zicht is op dooi en de vorst van geen wijken weet, willen we de mogelijkheden verder onderzoeken", aldus Elfstedenvoorzitter Wiebe Wieling.
Het grootste gedeelte van het Elfstedentraject ligt momenteel dichtgevroren. Met speciale ijsbereiding wordt hard gewerkt aan venijnige wakken op het traject, zoals in de omgeving van Sneek. Ook de situatie bij Harlingen, waar het water brak is, vormt vaak een belangrijk knelpunt.
Nu de bijeenkomst op zeer korte termijn plaatsvindt, lijkt een nieuwe Elfstedentocht dichterbij te komen.
Rayonhoofden Friesland vanavond bijeen De 22 rayonhoofden van de Vereniging Friesche Elfsteden komen vanavond voor het eerst dit jaar bijeen om de situatie van het Friese ijs te bespreken. Een woordvoerster heeft een bericht daarover van de NOS bevestigd. 'Het gaat om een verkennende bijeenkomst', beklemtoont ze. 'Het zou heel raar zijn als we dat niet deden, nadat het een aantal nachten flink gevroren heeft.' Zij wil niet vooruitlopen op speculaties over een mogelijke Elfstedentocht.
De vereniging organiseert vermoedelijk morgenochtend een persconferentie in Leeuwarden over de situatie. Hier wordt bekendgemaakt welke conclusies de rayonhoofden aan de kwaliteit van het ijs verbinden.
Sinds 2006 kent de Elfstedentocht 22 rayons. Dat jaar besloot het bestuur Oude Leije als zelfstandig rayon aan te wijzen. De rayonhoofden meten de ijsdikte, zorgen voor de stempelpost en eventuele kluunpassages. De baas van de rayonhoofden is de ijsmeester van de Vereniging de Friesche Elfsteden.
Het is uitzonderlijk dat de rayonhoofden bij elkaar komen. Voor zover de woordvoerster kon overzien, gebeurde dat voor het laatst in januari 1997. In dat jaar (op 4 januari) was het de laatste keer dat de Elfstedentocht werd verreden. De tocht is tot nog toe 15 keer verreden. Zes daarvan werden gehouden in januari, acht in februari en maar een keer vond de Elfstedentocht plaats in de maand december.
Leeuwarden is vanouds de start- en finishplaats van de circa 200 kilometer lange tocht. Die voert de deelnemers verder langs Sneek, IJlst, Sloten, Stavoren, Hindeloopen, Workum, Bolsward, Harlingen, Franeker en Dokkum.
DE EERSTE ANGENENT CLASSIC VRIJDAG 15 JANUARI 2010
Angenent bezig met eigen klassieker De winnaar van de Elfstedentocht in 1997, Henk Angenent, is vanaf dinsdag als sneeuwschuiver actief. Als organisator van zijn eigen natuurijsklassieker, de Angenent Classic, wil de ploegleider van Wadro het parcours over 13 kilometer helemaal sneeuwvrij hebben. De ijsdikte bedraagt momenteel 8 centimeter, maar de sneeuw houdt de ijsgroei tegen. "We moeten een ijskorst van 12 centimeter hebben. Dan kunnen we de wedstrijd bij de KNSB aanvragen”, aldus Angenent.
De race over 200 kilometer op de Wijde AA nabij Hoogmade werd vorig jaar gewonnen door Peter van de Pol. Angenent weet nog niet wanneer hij zijn tocht wil organiseren. "Het heeft in ieder geval geen zin om de wedstrijd voor de eerstvolgende Elfstedentocht uit te schrijven. Ik zit meer te denken dat het de revanchewedstrijd van de Elfstedentocht moet worden.”
Van der Pol verrast met winst Angenent Classic
Niet één van de grote namen uit het marathoncircuit, maar de relatief onbekende Peter van der Pol is winnaar geworden van de allereerste Angenent Classic. Hij was in de race over 200 kilometer, vernoemd naar de laatste winnaar van de Elfstedentocht, de beste van de slechts zes schaatsers die de eindstreep haalden.
Van der Pol ontsnapte met Casper Helling uit de kopgroep en klopte zijn medevluchter in de sprint. Ver achter Van der Pol en Helling kwam Ruud Aerts als derde over de streep. Liefst 21 van de totaal 27 deelnemers haalden de finish niet. De Angenent Classic werd gehouden op een parcours tussen Hoogmade en Woubrugge.
Zwitser wint Alternatieve Elfstedentocht Jens Zwitser heeft op de Oostenrijkse Weissensee de Alternatieve Elfstedentocht gewonnen. De 34-jarige schaatser uit Katwijk was op het extreem koude meer ijskoud de beste. Zwitser reed al zijn collega's de laatste 30 kilometer helemaal zoek en had op de eindstreep 1 minuut en 41 seconden voorsprong op de nummer twee, Jouke Hoogeveen. Robert Bovenhuis finishte als derde. Zwitser volbracht de tocht over 200 kilometer in 5 uur, 41 minuten en 33 seconden.
Zielman
Bij de vrouwen zegevierde Carla Zielman. De schaatsster uit het Friese Rottum won de wedstrijd over 200 kilometer in 6 uur, 49 minuten en 20 seconden. Mariska Huisman, de winnares van vorig jaar, werd tweede. Elma de Vries finishte als derde. Zielman was in de sprint de snelste van een kopgroep van 12 vrouwen.
Beste Friesche Elfsteden Vrienden en Vriendinnen. Via dit blog wil ik onder de aandacht brengen de unieke Friesche Elfsteden vistocht, ben jij ook zo'n liefhebber van De Friesche Elfstedentocht klik dan eens op de volgende link: friescheelfstedenvistocht Heb je belangstelling, vragen of suggesties over deze vistocht of wil je gewoon meer informatie bel dan eens naar 06-50814007 Een Vriendelijke Elfsteden Groet
MARO KIJKT NAAR DE UNIEKE BEELDEN UIT 1963 & LUISTERT NAAR ANNEKE DOUMA EN HET LEDENBESTAND.
Maro kijkt naar de unieke beelden van De Friesche Elfstedentocht van 18 januari 1963 tijdens de recordpoging op dinsdag 17 januari 2006.
Maro luistert naar het nieuwe Friesche Elfsteden lied van Anneke Douma tijdens de 2e recordpoging op zondag 17 januari 2010
Leden bestand 2011/2012
Leden met startrecht
11.976
Leden met startkans
16.374
Niet rijdende leden
00.808
Ereleden
00.005
Totaal aantal leden
29.163
Totaal zijn er 8.187 leden met startkans dit jaar ingeloot, volgend jaar zijn automatisch de andere 8.187 leden met startkans ingeloot. De mogelijkheid bestaat dat erbij de volgende Friesche Elfstedentocht 20.163 deelnemers zijn.
Het oudste lid is 100 jaar Het oudste rijdendlid is 91 jaar
Elfstedenkoorts: finish vriest langzaam dicht De Bonkevaart in Leeuwarden, waar als alles toch door zou gaan de finish van de Elfstedentocht zal plaatsvinden, begint al goed dicht te vriezen.
Oud-leden van de Friese selectie schaatsen, René Hooghiemster uit Drachten en Wilco de Jong uit Haule, kwamen woensdagmiddag het ijs bij de finish bekijken. De twee hadden 's middags elders al op de schaatsen gestaan en waren benieuwd hoe het ijs er daar bij lag.
Na eerst voorzichtig voelen stapten ze leunend op de paal bij de Elfstedenfinish op het ijs. Ondanks luid gekraak en een scheur hield het ijs zich verder redelijk goed. Omdat er op het stuk slechts enkele centimeters ijs ligt bleef het duo binnen bereik van de wal. Schaatsen op de Bonkevaart zit er echter nog niet in
Woensdag 1 februari 2012 om 18.41
'Kans op Elfstedentocht 25 procent'
Het blijft voorlopig ijskoud in Nederland
De kans dat er binnenkort een Elfstedentocht komt is vrij klein. Dat is althans de inschatting van meteoroloog Marco Verhoef van Weerplaza. Het ijs zal de komende dagen flink groeien op de Nederlandse wateren - in ieder geval tot en met komend weekend - maar of het zo dik wordt dat de Elfstedentocht kan worden verreden? Verhoef denkt uiteindelijk van niet. 'We komen er dichtbij, maar of we het halen? Ik schat de kans in op slechts 25 procent'
Om een Elfstedentocht door te laten gaan is over de gehele route van 200 kilometer een minimale ijsdikte van 15 centimeter vereist. Bij nachttemperaturen van -10 en lager kan de ijsdikte onder ideale omstandigheden met enkele centimeters per dag groeien, maar de vrij harde wind is een spelbreker. Plassen en meren vriezen moeilijker dicht en het ijs wordt dan hobbelig. Bovendien groeit de ijsdikte minder snel aan zodra er zo'n zeven centimeter dik ijs ligt.
De organisatie van de Elfstedentocht hanteert vaak de stelregel '2 weken strenge vorst' om een tocht te laten doorgaan. De laatste keer dat de tocht plaatsvond was op 4 januari 1997.
Het blijft voorlopig ijskoud in Nederland De vrieskou en daarmee de ijspret houdt nog wel even aan. In ieder geval tot en met het weekend blijft het 's nachts flink vriezen en moeten overdag ook de handschoenen aan. Daarbovenop komt vandaag en morgen een krachtige wind uit het noordoosten, waardoor het qua gevoelstemperatuur tegen -14 loopt.
Vooral in het zuidoosten, in de Achterhoek en Limburg wordt het koud. Op de noordwestelijke Wadden wordt het nog het zachtst. Over het algemeen loopt de temperatuur overdag uiteen van -1 tot -5 en 's nachts schommelt het kwik rond 10 graden onder nul. Die weersomstandigheden houden in ieder geval nog tot en met zondag aan.
Schaatsen Schaatsen op natuurijs kan in sommige gevallen, maar meteoroloog Marco Verhoef van Weerplaza waarschuwt voor zogenaamde windwakken in ijs op open wateren. 'Op sommige plaatsen kan geschaatst worden, maar mijn advies is echt om op te letten. Ga vooral af op wat de ijsclubs doen, want op sommige plekken is het ijs nog echt te zwak.' Zachter Na zondag is de kans groot dat het nog een paar dagen flink koud blijft, maar er is ook een mogelijkheid dat het weer helemaal omslaat. 'Ik ben nog in dubio,' aldus Verhoef. De Europese en Amerikaanse weermodellen lopen erg uiteen in hun prognose. 'Volgens de ene blijft het voorlopig nog vriezen, zelfs tot ver in volgende week. Maar op andere modellen wordt het na het weekend al zachter.'
Het Amerikaanse Weather Channel voorziet vanaf volgende week donderdag middagtemperaturen van +6 graden in het westen van Nederland.
HET OFFICIELE ELFSTEDENTOCHTLIED 2012: DE MEEZINGVERSIE:
LEER VAST DE TEKST VOOR DE 16e FRIESCHE ELFSTENTOCHT .
It giet oan (tekst: Baukje Wytsma)
Bij twintig graden onder nul dan Friezen gaan dooien. Ze raken regelrecht van slag, finaal over de rooie. Ze hossen, springen op en neer en dansen van de pret. Want Koning winter is er weer. Hij zorgt voor vorstverlet. Kom op, kom op, kom op we gaan er voor.
(refrein) Jonges it sil Heve. Minsken it giet oan. Hjoed sil wy 't beleve. Nee, 't is net gewoan. Pake stiet op redens. Beppe dy sil los. Sy ride tsien kear better, als dy hele Olav Koss! Jonges it sil Heve. Minsken it giet oan. Hjoed sil wy 't beleve. Nee, 't is net gewoan. Waarme poeiermolke. In must fan Unox-woarst. Wy plakke fette pempers foar't krus en foar het boarst.
Is twintig graden onder nul. Kanalen gaan bevriezen. De Friezen staan al op het ijs. Geen tijd meer te verliezen. De tocht der tochten die gaat door. De schaatsen uit het vet. Nog veertien dagen onder nul en Friesland is aan zet. Kom op, kom op, kom op we gaan er voor.
(refrein 2x) Jonges it sil Heve. Minsken it giet oan. Hjoed sil wy 't beleve. Nee, 't is net gewoan. Wy binnen net te halden. Gjin minske dy 't us keart. Al binn wy snotfarkalden. Wy woll'nei de Bonkefaert.
Jonges it sil Heve. Minsken it giet oan. Hjoed sil wy 't beleve. Nee, 't is net gewoan. En Alve stede letter. Dan lizze wy foar dea. Mar helje wy it kruske. Dan dat ferjitte wy nea.
Het verhaal van zaterdag 11-2-2012. Het begin van de winter op 30 januari 2012 Het is zondagnacht 30 januari en voor het eerst deze winter vriest het enkel graden, de vooruitzichten zijn fantastisch een hoge druk gebied boven Rusland zal contact maken met een hoge druk gebied boven Spanje, het gevolg zal zijn temeperaturen tot ver onder de -10 graden, dit alles volgens de voorspellingen. Dinsdag, woensdag en donderdag is het inderdaad ijskoud met gevoelstemperaturen van -20 graden, in de nacht strenge vorst meer dan -15 graden en overdag - 7 graden. Vrijdag 3 februari komt de eerste dooi aanval met een enorm pak sneeuw en dit is niiet goed voor het Elfsteden traject, sneeuw is net een warme deken voor het ijs maar in Friesland valt niet zoveel sneeuw als in de rest van het land en in de nacht zakken de temperaturen naar Siberische waarden. De temperatuur in het binnenland daalde die nacht op sommige plekken naar bijna 23 graden onder nul. In een groot deel van Nederland was sprake van zeer strenge vorst (kouder dan min 15 graden). Daarmee beleefde Nederland de koudste nacht in 27 jaar.Lelystad spande de kroon met een temperatuur van -22,9 graden, zo meldde weeronline vanochtend. 'Bizarre temperaturen', aldus de woordvoerder. Ter vergelijking: de gemiddelde diepvries in Nederland bereikt als hij aanstaat een temperatuur van 18 graden onder nul. Het Nederlandse kouderecord staat nog steeds op - 27,4 graden, gemeten op 27 januari 1942 in Winterswijk. De temperaturen in Nederland worden gemeten sinds 1901. Het is sinds 1956 niet meer zo koud geweest in februari in Nederland. Op veel plaatsen zijn vrijwillgers bezig om het traject sneeuwvrij te maken en in windwakken worden blokken ijs gelegd. De zaterdag blijven de temperatuten extreem laag tussen de -4 in het westen en -8 in het noorden en oosten, in de nacht van zaterdag op zondag wordt het weer ijskoud met opnieuw in Lelystad -21 graden en ook overdag blijft het vriezen zo'n 6 graden. Ronde de klok van 17.00 uur komen de 22 Rayonhoofden van de Vereniging Friesche Elfsteden in Sint Nicolaasga voor het eerst in 15 jaar bij elkaar om de situatie van het Friese ijs te bespreken. Een woordvoerster van het bestuur zei dat het ging om een verkennende bijeenkomst. Ze deed deed geen enkele voorspelling over een mogelijke Elfstedentocht wel dat er maandag 6 februari om 9.30 uur in Leeuwarden door het bestuur uitleg zal worden gegeven over de uitkomst van het overleg. Inmiddels is het 00.00 uur en vriest het overal alweer matig tot streng en uiteindelijk zal het -14 graden worden in het noorden van het land. Half 10 was er een persconferentie door de vereniging De Friesche Elfsteden Vereniging en daaruit blijkt dat het ijs boven de lijn Bolsward Sneek fantastisch er is gitzwart ijs maar in het zuiden zijn problemen. "De zwakste schakel is het Slotermeer, een breed water", stelt ijsmeester Jan Oostenbrug tijdens de Elfstedenpersconferentie. Er wordt vandaag gekeken of er van Woudsend naar Sloten kan worden gelopen. Ook wordt er naar een bypass over de Fluessen gekeken. "We halen de trucendoos helemaal open. We gaan echt voor een Elfstedentocht", vervolgt Oostenbrug. "Maar die sneeuw van vrijdag hadden we absoluut niet moeten hebben." Bij Stavoren en in de Luts zijn er forse problemen. Daar ligt een kwaliteit ijs waar geen mensen overheen kunnen. Als het ijs daar als in het noorden van de provincie was geweest, hadden we nu een ander type conferentie gehad", zegt Elfsteden-voorzitter Wiebe Wieling. "Vooral het zuidoosten baart ons zorgen De rayonhoofden komen woensdag in Leeuwarden - na weer een paar dagen en nachten vorst - opnieuw bijeen. Dat zal om 19.00 uur gebeuren. Daarna volgt meer nieuws rond de mogelijke tocht der tochten. Vandaag heeft het in Leeuwarden 6 graden gevroren en later zal de temperatuur dalen, is de verwachting, naar -15 graden weer een nacht met zeer strenge vorst het moet wel goed komen. Later meer..................... Het begin van een superieure dag. Het is Zaterdag 11 februari 2012 en op mijn klokradio is het bijna 4.00 uur, na een korte slapeloze nacht is het tijd om op te staan. Vandaag zal de 16e Friesche Elfstedentocht op de schaats worden gereden.
Zo zal, hopelijk, de dag 11 februari 2012 beginnen.
Het begin van een superieure dag. Het is zaterdag 4 januari 1997 en op mijn klokradio is het bijna 4.00 uur, na een korte slapeloze nacht is het tijd om op te staan. Vandaag zal de 15e Friesche Elfstedentocht op de schaats worden gereden met mijn neefje Erik gaan we zijn vader en mijn zwager Ynze de Jong, die vandaag aan zijn vierde Friesche Elfstedentocht zal beginnen verzorgen en een hart onder de riem steken bij de moeilijke ogenblikken, op vijf vooraf afgesproken plaatsen.
Alleen Mitchell nog uitlaten. Terwijl Willy drie liter chocolademelk, erwtensoep en broodjes klaar maakt om deze unieke dag door te komen laat ik onze trouwe zwarte Bouvier Mitchell uit. Buiten is de gevoelstemperatuur -26 graden en dat is goed te voelen de wind is vrij krachtig en het sneeuwt heel licht. Om 5.30 uur is alles klaar en in Leeuwarden beginnen de wedstrijdrijders aan De 15e Friesche Elfstedentocht.
Het vertrek naar Friesland. Kwart voor zes volgt een laatste controle of alles in de auto is gedaan (dekens, laarzen en extra kleding) en vertrekken we richting onze eerste verzorgings- plaats Stavoren, Ynze heeft dan 67 kilometer hebben afgelegd we hopen hem te vinden. Via Almere, Lelystad, Emmeloord en Lemmer rijden wij de Provincie Friesland binnen, de wegen zijn redelijk te berijden doordat vele pekelwagens die voor ons rijden de weg met kilo's zout bestrooien.
We zien de HELDEN, het is net een schilderrijtje. We zijn verdwaald en staan plotseling in Sneek, waar ik aan een buschauffeur vraag hoe ik in Stavoren kom. In zijn beste Hollands legt hij uit hoe ik daar kom. We zitten zo'n twee en een half uur in de auto en rijden het plaatsje Woudsend binnen, boven op de brug zien wij voor het eerst schaatsenrijders onder ons door gaan. Aan een politie agente vraag ik wat dit zijn, wedstrijdrijders of zijn dit al toertochtrijders, zij verteld dat dit al de eerste toertochtrijders zijn, waarop ik zeg dat moet ik filmen, waarop zij zegt "zet je auto dan even op de stoep". Ik zet mijn auto op de stoep een stukje voorbij de brug en maak mijn eerste beelden, het lijkt wel een schilderrijtje met de molen op de achtergrond. Ik bedank de agente en zij roept nog "fijne dag collega", en ik denk hoe weet zij dat nou, later begreep ik pas dat ik een petje op had met een politie embleem.
Op het ijs bij de Gallemedammen. We vervolgen onze weg en rijden over een landweggetje richting Stavoren, we zijn duidelijk op de goede weg, plots zien we een bruggetje waar schaatsers onder door rijden. Ik stop en kijk op de landkaart waar we zitten, ik lees de Gallemedammen, nooit van gehoord, we lopen zo het ijs op, we zien de HELDEN nu wel van heel dichtbij, met grote ijspegels aan de kin flitsen zij ons voorbij. Wanneer wij nu ook nog Ynze vinden dan kan de dag niet meer stuk en het is pas kwart voor negen.
De eerste verzorging in Stavoren. We rijden Stavoren in het is precies negen uur, ik parkeer de auto op een grasveldje net over de sluis we horen een sirene van een brandweerauto er wordt gezongen het is groot feest in dit stadje. Samen lopen wij het ijs op en zien op nog geen 25 meter het stempelhokje staan, ik vraag aan een schaatser hoe laat hij is vertrokken "kwart voor zes uit de tent en zes uur ben ik begonnen met schaatsen" antwoorden hij mij. Nog geen 10 minuten later zie ik Ynze aan komen schaatsen met zijn rode muts en kleurig jack, ik roep "YNZE, YNZE YNZE" hij ziet ons meteen en komt naar ons toe. Hij ziet er wonder boven wonder niet eens vermoeid uit en verteld dat de eerste kilometers in het donker niet gemakkelijk waren hij heeft de wind in de rug gehad en het schaatsen gaat bijna vanzelf. Vanaf hier echter gaat het noordwaarts en heeft hij tot aan Dokkum de wind tegen. Ik vraag wat hij moet hebben "een beker warme chocolademelk" zegt hij. Erik gaat naar de auto toe, Ynze gaat zijn 4e stempel halen en ik bekijk al die schaatsers die langs komen. Dit had ik vaak gelezen in kranten en boekjes, maar nu ik zelf op het ijs in Friesland stond was alles nog ...... (bedenk daar maar eens een woord voor). Erik trekt zijn jas uit doet deze om de schouders van Ynze zodat deze niet te veel afkoelt en schenkt een warme beker chocolademelk in en stopt een mars in de zak van Ynze we staan gezellig wat te kletsen over hoe het gaat en het lijkt net of wij aan het vissen zijn met een bakkie chocolademelk in ons hand. Na een aantal minuten vertrekt Ynze naar de volgende stempelplaats Hindeloopen, hij besluit zijn rugzak achter te laten omdat wij nooit ver uit de buurt zullen zijn, wanneer er iets aan de hand zal zijn spreken we af dan belt hij ons via zijn zaktelefoon ('n niet door mijn verzonnen woord).
De bocht linksaf naar Hindeloopen. Wij vervolgen onze weg, na enkele minuten rijden kunnen wij langs een sloot mee rijden met de schaatsers, bij een bocht naar links besluiten wij om de auto weer aan de kant te zetten en wachten tot dat Ynze voorbij komt. Niet veel later maakt hij zwaaiend naar ons de bocht naar Hindeloopen. Wat is dat prachtig al die mensen die staan te klappen en te juichen en dat bij een gevoelstemperatuur van -26 graden. Weer in de auto rijdend zien wij overal schaatsers net boven het riet uit komen en in de lucht worden zij in de gaten gehouden door helikopters van het leger. De organisatie doet zijn uiterste best om alles zo perfect mogelijk te laten verlopen, maar de schaatsers moeten het allemaal zelf doen.
De 2e verzorging in Workum. Bij het bord Workum slaan we linksaf en rijden recht door tot ik niet verder kan dan sla ik rechtsaf en bij de 3e zijstraat weer linksaf, tot mijn stomme verbazing rijd ik tegen een kanaal aan en ik kan de schaatsers bijna aan raken. Ik sla linksaf en parkeer mijn auto op het gras nog geen 5 meter van het ijs af. Aan de kant speelt een dweilorkest de ene meezinger na de andere en wij zijn gereed om Ynze, hij heeft dan 87 kilometer afgelegd, een hart onder de riem te steken want al 20 kilometer lang beukt de wind met een kracht van 5 a 6 in zijn gezicht. Niet lang daarna verschijnt Ynze in ons gezichtveld en hij ziet ons meteen, zittend op de wallenkant krijgt hij opnieuw een lekkere beker warme chocolademelk een warme jas om hem heen en het gaat nog altijd voortvarend alleen een beetje stijve rug, maar mag het, ik vind het al een hele prestatie want dit is echte topsport. Ynze vraagt "waar gaan jullie nu naar toe" ik antwoord "waar je ons maar wilt hebben, we kunnen je overal zien en zijn nooit ver weg". Zwaaiend, met zijn handen op zijn rug vervolgt hij zijn tocht op weg naar Bolsward precies op de helft 100 kilometer. Het in de familie wereld beroemde trekgat 300 meter voorbij Bolsward. Bolsward is voor ons niet te bereiken we mogen er niet met de auto in, ik besluit daarom door te rijden, maar na 300 meter loopt het traject onder de rijksweg door, ik parkeer mijn auto langs de kant van de weg. Wij steken de weg over en gaan lopend over het ijs in de bocht staan waar het traject naar rechts gaat. Deze plaats zal de geschiedenis ingaan als: HET BEROEMDE TREKGAT 300 METER VOORBIJ BOLSWARD. Kijkend onder de brug door staan we echter wel vol in de ijskoude wind maar zo kunnen we iedere schaatsers goed zien. Na enkele minuten zegt Erik "ik ga even bekertjes halen uit de auto". Veertig (40) minuten later passeert Ynze de brug en buigt af naar rechts en zwaait naar mij dat alles goed gaat. Van het ijs aflopend bedenk ik me plotseling waar is Erik, bij de auto aankomend zie ik hem zitten met een lekkere bak snert in zijn hand, ik vraag "waar was je nou" en bemerkt dat niet alles meer functioneert zoals het zou moeten. Ik blijk een beetje bevangen te zijn door de kou in de spiegel kijkend zie ik dat rond mijn mond het een beetje wit is. Met soep en een sjaal komt alles weer snel tot leven en ik bedenk ter plekke de zin: ERIK JE MOET JE SCHAMEN IN DE KOU, DAT JIJ JE OOMPJE NIET HELPEN WOU.
Op een voetbalveld in Witmarsum wachten wij op Ynze voor zijn de derde verzorging . Overal waar we rijden zien we de helden tegen de zeer sterke wind op boksen, het is prachtig maar je moet wel bewondering hebben voor al die schaatsers die al uren onder weg zijn. Wij vervolgen onze weg richting Harlingen, het probleem is echter dat wij na iedere bocht weer een mooie plek zien waar Ynze langs komt en wij besluiten over een brug links een soort voetbalveld op te rijden. Het is er erg druk en de plaats of dorp heet Witmarsem, na 50 meter staan we op het ijs. In dit openveld is de wind nog veel erger te voelen, stuif sneeuw waait over het ijs. Niet veel later zien wij Ynze onder de brug aan komen, ik schreeuw en hij ziet ons meteen het gaat wat moeilijker maar mag het na bijna 118 kilometer? Eten wil hij niet maar een flesje AA-Drink daar heeft hij trek in, helaas hebben wij dit niet bij ons. Ik stel voor dat wij wat flesjes gaan kopen en bij de eerste gelegenheid die aan Ynze te geven. Na een slok warme chocolademelk en weer een mars voor onderweg begint hij aan de volgende loodzware kilometers. Wij kijken hem na tot dat hij de hoek om gaat en stappen in de auto op zoek naar een winkel die AA-Drink verkoopt.
De vliegende bevoorrading. Bij het inrijden van Harlingen komen wij een benzinestation tegen, Erik stapt uit en koopt drie flesjes AA-Drink. Wij verlaten Harlingen want het is erg druk en ik ben bang om vast te raken in het verkeer. Even buiten Harlingen zien wij weer schaatsers aan de rechter kant en vrijwel meteen zien wij Ynze de hoek omkomen. Zonder te aarzelen rijd ik het fietspad op en trek 500 meter door, Erik springt uit de auto en duikt door de bosjes naar beneden en geeft Ynze zijn flesje AA-Drink. Dit gaat de geschiedenis in als "De vliegende bevoorrading op het Van Harinxmakanaal". Dit was wel gaafkoel zeg, na 2500 meter kan ik eindelijk het fietspad af en rij ik op de weg naar Franeker.
Het overbekende Franeker fietstunneltje. Bij Franeker slaan we rechtsaf maar verder rijden is niet mogelijk de 9e stempelplaats is afgesloten voor het verkeer. Ik besluit om te keren en terug te rijden richting Harlingen en daar weer richting Franeker te rijden. Bij een televisiemast stop ik en parkeer mijn auto in de berm, we steken de weg over en lopen naar beneden. Hier blijkt een fietstunneltje onder de rijksweg door te lopen waar de schaatsers 150 meter moeten klunen en we kijken een kleine 200 meter ver op een smalle sloot, wel staan we weer vol in de wind met onze kop. Na dik een half uur wachten komt Ynze aanrijden wij vragen of hij iets moet hebben maar hij maakt een wegwerp gebaar dat hij niets moet hebben. Met een beker warme chocolademelk in de hand klim ik met Erik over een afzettingshek en lopen wij met Ynze mee onder de rijweg door. Het gaat niet meer zo soepel Ynze heeft dan bijna 132 kilometer afgelegd en staat al bijna 8 uur op het ijs en heeft duidelijk een klein dipje. Erik zegt tegen zijn vader dat hij door moet gaan en vloekt dat hij het makkelijk kan halen het is immers pas kwart voor twee. Mijn beker warme chocolademelk geeft Erik aan een andere rijder die daar erg blij mee is en al filmend lopen wij aan de andere kant het tunneltje weer uit. Ik help Ynze het houten trappetje af en vraagt aan mij "waar zie ik jullie weer"? Ik vertel hem dat wij voorbij Franeker hem weer opwachten en dat ik nu al vind dat hij het geweldig doet na 65 kilometer tegen de wind in. Later blijkt dat hij dan nog 50 kilometer tot aan Dokkum tegen de wind in moet rijden. Een beetje traag komt hij weer op gang en zwaait nog een keer naar mij en legt dan de handen op zijn rug om zijn weg te vervolgen.
Gastvrijheid in Berlikum. Erik en ik klimmen naar boven en stappen weer in de auto nemen wat te drinken en vervolgen onze weg naar de volgende stopplaats. Boven de schaatsers hangen nog steeds de helikopters van het leger en die volg ik tot dat wij door het stadje Berlikum rijden. Ik zie dat een bewoner zijn tuinhek heeft weggehaald zodat iedereen via zijn tuin op het ijs kan stappen en wij doen dit dus ook. Het is toch fantastisch die Friezen. Op het ijs staande zien we dat er grote lengte scheuren in het ijs lopen, dus buiten de wind moeten de schaatsers ook goed op letten waar zij schaatsen. Na dik een uur wachten komt eindelijk Ynze aan schaatsen en ik vrees het ergste want hoe ik hem op het ijs zette in Franeker voorspelde niet veel goeds, maar hij heeft duidelijk de man met de hamer een ros voor zijn kop gegeven want hij steekt zij duim op dat alles weer goed gaat. Blij, dat het weer zo goed gaat, verlaten wij het ijs en gaan op weg naar Bartlehiem.
Op zoek naar Bartlehiem. Na enkele tientallen kilometers ben ik de weg duidelijk kwijt en besluit om maar ergens aan te bellen en te vragen hoe ik in Bartlehiem kom. Een vriendelijke oude mevrouw verteld hoe ik moest rijden om in de richting van Bartlehiem te komen. We rijden een landweg op met aan beide kanten in de berm allemaal auto's en hoe verder ik rij hoe drukker het wordt en gladder. Ik glibber van de ene kant naar de andere kant zo glad is het op de weg, ik besluit om ergens te keren waar dit mogelijk is. Meer dan vier uur in de snijdende oostenwind. Terug op de weg zie ik een bord staan met Birdaard 3 kilometer, ik stel voor om daar Ynze weer op te vangen. Even later parkeer ik mijn auto achter een kerk, het is dan kwart over vier en het is bijna donker geworden. We lopen een smal pad op langs een prachtig verlichte molen Erik roept "het is hier fantastisch vakantieman" en dit allemaal bij een gevoels- temperatuur van, we zouden het bijna vergeten -26 graden. Ik vermoed dat we op een camping terecht zijn gekomen en lopen langs de kade richting het licht en zien weer schaatsers tegen de sterke wind vechten, ze staan bijna stil. We maken contact met een politie agent uit Enschede en staan een tijdje te praten met hem maar we blijven in het donker de schaatsers bekijken of we Ynze kunnen herkennen. Kwart over zes zegt Erik "ik heb hem gezien" en ik vraag "weet je het zeker" en hij knikt ja. Dan kunnen wij wel even wat te drinken nemen in de auto en ons een beetje op temperatuur brengen want twee uur in een snijdende oostenwind gaat je niet in je warme kleren zitten. Wij genieten van een bakje erwtensoep en wat plakken roggebrood met kaas, niet veel later staan we weer op het ijs maar dan aan de overkant. Twee meisjes staan er met lauw water en warme bouillon en voor de zoveelste keer zien we Cor, die met zijn naam op zijn buik rijd passeren, hij zal Leeuwarden makkelijk halen. Bijna half negen besluiten wij om het op te geven en richting Leeuwarden te gaan, mijn ogen doen pijn van vier uur lang in het donker turen naar voorbij komende schaatsers.
Bijna naar huis Teleurgesteld stappen we in de auto en ik bel Ynze voor de vijftigste keer op zijn zaktelefoon maar ook nu neemt hij niet op, later blijkt dat zijn telefoon in zijn rugtas zat die bij mij in de kofferbak ligt. Via de mooiste dorpjes kom ik steeds dichter bij Leeuwarden maar ik durf niet de stad zelf in te gaan bang om vast te komen zitten in het verkeer.
Op weg naar huis. Rond de klok van negen uur gaan we richting huis, Wil belt op dat moment dat Ynze om kwart voor acht is gefinisht op de Bonke-Vaart en via Harlingen vind ik de Afsluitdijk, waar ik de weg bijna niet kan zien door de mist die wel erg dicht wordt. Naast mij hoor ik een licht gesnurk van Erik en ik neem mij voor om een bandje op te zetten van Andre Hazes want mijn kop begint aardig te gloeien. Ik heb het gevoel dat mijn hoofd steeds groter wordt en mijn pet begint te knellen ik zing steeds harder om niet in slaap te vallen, niet dat ik moe ben maar iedereen kent dat wel zo'n rozig gevoel. Half elf, even voor Zaandam, hoor ik "zijn we hier al" tja wanneer je ruim een uur slaapt gaat de tijd snel voorbij.
Ynze aan de telefoon. Elf uur precies draai ik mijn straat in moe maar voldaan val ik tien minuten later in mijn stoel en bel ik Ynze op die al gedoucht en fris aan de koffie zit bij zijn neef Max en zijn nicht Jannie, ik zeg wat jammer dat we je niet meer gezien hebben en ik vraag hoe het is, zijn antwoord is "het gaat wel" na een kort gesprek sluit ik af met "ik zie je morgen wel".
Eindelijk naar bed. Precies twaalf uur val ik moe maar zeer voldaan op mijn bed het is dan twintig uur later toen ik daar uit stapte maar het was het meer dan waard, wat een dag onvergetelijk en ik weet nu pas wat ik in 1985 mis gelopen ben. De slappe wordt nogmaals bedankt met zijn nicht uit Maastricht.
Dinsdag 8 Juli 2008 is er een tegeltje van Ynze geplaatst. Op dinsdag 8 juli 2008 is voor Ynze op het Elfstedenmonument "IT SIL HEVE" een tegeltje geplaatst met zijn foto en jaartallen van zijn gereden Elftedentochten op de schaats, inmiddels heeft hij de Elfstedentocht ook op de fiets volbracht en heeft hij 10 Elfsteden Vistochten gedaan. Het tegeltje is hem aangeboden door zijn broer Bertus de Jong.
Hier onder het verhaal van zaterdag 4 januari 1997 geschreven door Ynze.
Aanvankelijk zag het er eind 1996 nog niet zo rooskleurig uit voor de Vereniging 'De Friese Elf Steden', maar na een strenge vorstperiode rond de jaarwisseling barstte de elfstedenkoorts in Friesland en daar buiten los.
Een voorbereiding van een week natuurijs en dan klinken de inmiddels legendarische woorden van de toen nog voorzitter Henk Kroes "It giet oan", woorden die menig schaatsenrijder voor altijd in het geheugen gegrift staan.
Ook voor lidnummer 446 met startnummer 95, Ynze de Jong uit Amsterdam, brak een drukke periode aan, bellen naar zijn neef Max Jonkman in Leeuwarden voor een slaapplaats en regelen voor het materiaal dat mee moest.
Plotseling meldde mijn zwager Eef dat hij en mijn zoon Erik mee zouden gaan voor de verzorging en dat zij op de dag van de rit 4 januari 1997 steeds op een vooraf afgesproken plaats zouden staan. De tijd van de start en de voorspelde windrichting Noordoosten wind, met voor de wind een aangepaste snelheid, de rit zou nog lang genoeg duren, zou het betekenen dat ik omstreeks 09.15 uur in Stavoren zou zijn.
Stavoren ligt 66 kilometer vanaf Leeuwarden en om 09.20 uur stempelde ik in Stavoren en zag ik Eef en Erik voor de eerste keer.
Het weer in ogenschouw nemend kon het wel eens een zware Elfstedentocht worden omdat de wind aan trok naar kracht 6/7 en nog ruim 130 kilometer met tegenwind geschaatst moest worden.
Later hoorde ik dat de verslaggeefster van de NOS Annette van Trigt de Elfstedentocht als makkelijk bestempelde maar dat kwam omdat zij ergens op het platteland in de luwte van een boerderij de rit versloeg, daar aan denkend krijg ik nog steeds de kriebels als ik haar beeld later op de televisie zag en moest denken aan haar woorden "makkelijk" en heb het er nog vaak over wanneer we het hebben over schaatsen en Elfstedentochten.
Als ik er aan denk kan ik nog woest worden omdat, toen mijn vader nog leefde, hij mij daar steeds aan herinnerde en de Elfstedentocht 1997 een makkie vond.
Iedereen vond deze tocht juist een van de zwaarste.
Na Eef en Erik gevonden te hebben, warme chocolade gedronken en wetenswaardigheden uitgewisseld te hebben besloot ik met achterlating van mijn rugzak door te gaan en daar ging het fout. Geleerd te hebben van de vorige Elfstedentochten had ik nu mijn trainingsschoenen en mobiel mee genomen voor het geval dat ik eerder van het ijs zou gaan of wanneer ik op de Bonke was aangekomen en eindelijk mijn schoenen kon aandoen of in geval van problemen onderweg kon bellen. Omdat op de route van de Elfstedentocht 1001 bruggen maar vooral bruggetjes liggen en menigeen daar haast zijn of haar nek brak besloot ik mijn rugzak in de auto te laten maar zoals eerder gemeld zaten in de rugzak mijn trainingsschoenen en mijn mobiel.
Later hoorde ik van Eef en Erik dat zij constant gebeld hadden maar ja ... ... ... ... een kofferbak van een auto geeft geen antwoord.
Na 87 kilometer in Workum aangekomen zie ik Erik en Eef meteen staan en het gaat nog steeds redelijk goed maar het zwaarste deel moet nog komen Wanneer we voorbij Franeker de Hel van het Noorden, de Noordhoek van Friesland in gaan.
Het lijkt wel een Belgische wielerklassieker.
Bolsward op de helft en moet onbewust denken aan de Elfstedentocht van 1963. Toen leek het wel of je in Siberië reed als je al reed want je wist bij god niet waar je was, op het ijs of liep je misschien op een landweggetje naar een boerderij toe.
Na Franeker, waar het wereldberoemde fietstunneltje is, ging het moeilijker. Eten ging haast helemaal niet meer alleen drinken wilde nog wel en om me heen kijkend zie en hoor ik dat ik niet de enige ben die problemen heeft. Gevloek over de wind en de afstand die nog afgelegd moet worden is haast het enige wat je hoort, nog ruim 70 kilometer tegen de wind in, een wind die lijkt aan te trekken naar orkaankracht.
Arme Annette van Trigt die lekker uit de wind achter een boerderij staat. MUTS!
Tussen Franeker en Bartlehiem slaat de man met de hamer toe, kramp en nog eens kramp. Aan de rand van een sloot staat een keet alwaar rook uit opsteeg dus daar na toe maar de wallenkant die 10 centimeter hoger lag dan het ijs kon ik niet opkomen. Op mijn geroep kwam een man uit de keet en hielp me naar binnen met de vraag wat het probleem was, KRAMP!
"100 meter verder is een massage post" zei de man en die kunnen je wel verder helpen maar wanneer je in de problemen zit is lijkt 100 meter onoverbrugbaar, na veel gestrompel en gekreun toch naar die post gekomen maar daar leek het wel de Kalverstraat in Amsterdam in betere tijden, een drukte van je welst met allerlei mensen die gemasseerd wilde worden. Het leek wel of alle toerrijders hier lagen, ongelooflijk. Alles met elkaar heeft het wel een uur geduurd voor ik weer op het ijs stond.
De warmte, wat eten en drinken hielpen me op de been en de rust van anderhalf uur had me goed gedaan maar nu moest ik weer naar het ijs, geen probleem zei een man en nam me op de rug. Dank, duizend maal dank.
Bij Bartlehiem kreeg ik opnieuw problemen maar nu met mijn ogen, het zicht was minder geworden en met de tocht van 1963 in het achterhoofd dacht ik aan bevriezing maar ik was mijn lenzen kwijt, in mijn skibril vond ik nog 1 lens maar het zicht werd er niet beter op.
Toch maar doorgaan en reed achter een man met een geel jack wat goed opviel tot de man vroeg over te nemen waarop ik zei dat ik mijn lenzen kwijt was, "blijf dan maar achter mij aanrijden". Bij Dokkum met de wind in de rug terug naar Leeuwarden wat weer extra krachten opriep omdat het eind in zicht was. Intussen was het donker geworden en reed ik achter een stel aan met een lamp maar dat was geen goed idee bleek later want toen zij het riet inreden dacht ik ook die kant op te moeten en reed rustig mee. Drie man in het riet, ook dat kon er nog wel bij maar toen zij al opgestaan waren lag ik nog steeds in het riet. Na het roepen en ophelpen werd door gereden maar bij Oudkerk kregen we opnieuw de wind pal tegen, "nog maar 5 kilometer en dan heb je weer wind mee" werd geroepen. De aanmoedigingen en het meeleven van het publiek is enorm maar "je bent er bijna" kan ik niet meer horen, dat werd al geroepen toen ik net Sneek gepasseerd was.
De Bonke, de finish en het laatste stempel om 20.15 uur, het finishen is op zich al een beleving met zoveel mensen en toejuichingen dat je er kippenvel van krijgt wat de beelden op de televisie wel duidelijk hebben gemaakt.
Het wachten was nu op de bus naar de FEC en of ik Eef en Erik kon vinden want je begrijpt het al "geen rugzak, geen gsm, geen trainingsschoenen". Na een half uur wachten heb ik mijn wanten om mijn voeten gedaan en ben in de bus gestapt naar de FEC.
Na een half uur wachten heb ik mijn Wanten om mijn voeten gedaan en ben in de bus gestapt naar de FEC.
Eerst gezocht naar een paar passende schoenen uit een enorme berg maar uiteindelijk een paar trainingsschoenen maat 52 meegenomen, deze paste in ieder geval. Na het afmelden eindelijk naar huis naar Max en Jannie.
Wat het begin zou moeten zijn van een superieure dag. Maandag 18 februari 10.00 uur is er zoals gewoonlijk vergadering, wij nemen de lopende zaken door, wij kijken terug naar de afgelopen week en wij bespreken de vrijedagen van die week. Ik spreek af mocht de De Friesche Elfstedentocht deze week door gaan ik die dag er niet zal zijn, mijn collega Freek Bakker die ik verder in dit verhaal "de slappe zal noemen" zegt dat dit goed is en dat Jerry Terborgh die dag bij het openen aanwezig zal zijn. Die dag is er balans op de zaak en zoals gewoonlijk zorgen wij dat het magazijn er voor 17.00 uur op staat en om 18.00 uur beginnen we aan de winkel met zo'n veertig mensen. De meeste zijn om 20.00 uur klaar en gaan naar huis, de slappe en ik besluiten nog enkele belangrijke groepen te controleren en zo rond de klok van 22.00 uur besluiten ook wij om naar huis te gaan. De slappe maakt een nerveuze indruk maar ik denk dat hij moe is van weer eens een hele lange dag en wij nemen afscheid en spreken af dat wij morgen om 6.30 uur beginnen.
De tocht gaat door Precies 22.15 uur rij ik zoals gewoonlijk toeterend mijn zuster voorbij maar deze staat voor het raam te zwaaien zodat ik stop en terug rijd, het raam gaat open en zij zegt: "ir Jan Sipkema heeft het eindelijk gezegd "IT SIL HEVE" op donderdag 21 februari" "dat is mooi ik zal morgen meteen mijn vrijedag omzetten, zodat wij donderdag Ynze in Friesland kunnen verzorgen". Blij vervolg ik mijn weg want daar hadden wij 22 jaar op gewacht. Wil heeft alle journaals opgenomen en die bekijk ik allemaal, het hele land staat op zijn kop en de NOS zal de gehele dag uitzenden, maar ik zal er zijn met de vader van Ynze. Op iedere verjaardag hadden wij het hier over gehad, ik zou rijden en hij zou mij de weg wijzen in zijn geliefde Friesland. De hele nacht slaap ik niet en maak ik lijstjes van alles wat wij nodig zullen hebben.
Vrolijk op weg naar het werk. Dinsdag 19 februari eindelijk is het 5.42 uur en sta ik op, Wil maakt mijn brood klaar met een kopje thee en na het douchen ga ik opgewekt naar het werk. Om 6.23 uur draai ik het parkeerterrein op en ik zie dat de slappe er al is. Wij begroeten elkaar, wat later zal blijken voor de laatste keer, met een wel gemeend goedemorgen en hopen dat de balans er vlot en goed op zal staan.
Het laatste gesprek met de slappe. Bij het naar binnen gaan zeg ik "eindelijk donderdag de Friesche Elfstedentocht wij moeten onze vrijedag omzetten neem jij woensdag dan ben ik donderdag vrij zodat ik naar Friesland kan". De slappe zegt "ik denk niet dat dit kan want mijn nichtje is donderdag jarig", waarop ik zeg "nou die word volgend jaar weer jarig maar de Friesche Elfstedentocht kan wel weer 22 jaar op zich laten wachten". Bloed serieus zegt hij nogmaals "nee, ik ben op donderdag vrij". De bel verbreekt onze conversatie en ik loop naar boven om open te doen, Joop Corsielius staat voor de deur met zijn maatje om de balans op te nemen, het eerste wat hij zegt "de week kan voor jou al niet meer kapot met a.s. donderdag de Tocht der Tochten". Ik lach wat maar heb goed de ...... in en ga aan het werk.
Op bezoek bij Theo Hensen. De balans staat er spoedig op en zo rond de klok van 10.00 uur vertrek ik met Bert naar Zaandam om een bezoek te brengen aan Theo Hensen die in het ziekenhuis ligt voor een liesbreuk. Aan de portier vraag ik waar de heer Hensen ligt, hij verteld mij het kamer nummer en de etage. Lopend met Bert door de gang is Theo niet te vinden tja een bezemkast maar daar zal hij toch niet liggen grapte ik. Heel zacht hoor ik "ja, hier lig ik wel" Ik loop door een soort kast met allerlei schoonmaakspullen en achter een muurtje staat een bed met een lachende Theo Hensen. "Waar hebben ze je nou in gestopt" vraag ik hem met een voor mij zachte stem, hij vraagt mij om hem niet te veel aan het lachen te maken want alles gaat goed en fijn alleen wanneer hij lacht, doet het pijn. Daarna zegt hij "donderdag gaat de Elfstedentocht ondanks alles toch door", ik zeg "praat me er niet van, de slappe wil zijn vrijedag niet ruilen". "Dat moet een grapje zijn" zegt Theo, "dat denk ik niet want hij was vanmorgen bloed serieus" vertel ik hem. Na een bezoek van een klein uurtje vertrekken wij weer naar het werk Theo achterlatend in de bezemkast.
Ynze naar Friesland. Ynze vertrekt op dat moment richting Friesland en ik ga richting werk en zal de vader van Ynze inlichten dat ik geen vrij kan krijgen op donderdag en dat het feest niet gaat omdat zoals al eerder gezegd de slappe zijn vrijedag niet wil ruilen. Ik waag nog een laatste poging, omdat Theo Hensen dacht dat het een grapje was. Maar ook deze keer is er niet te praten en ik besluit om nooit meer een woord te wisselen met hem en ook nooit meer een koopavond of iets anders over te nemen. Later op de dag kom Jerry Terborgh langs en vraagt hoe laat hij overmorgen op het werk moet komen ik vertel hem dat de slappe zijn vrijedag niet wil ruilen maar dat hij gewoon om half zeven kan beginnen. De dag verloopt verder zoals een balansdag altijd verloopt erg rommelig en de tijd vliegt voorbij.
Koffie drinken bij Hil. Die avond gaan we koffie drinken bij Hil, ze heeft contact met Ynze gehad en het inschrijven is goed verlopen, hij zal starten in de eerste groep ongeveer kwart voor zes. Rond de klok van twaalf uur gaan we naar huis maar ook deze nacht kan ik de slaap niet vatten, 22 jaar is het geleden, dat de laatste Friesche Elfstedentocht is verreden en zo ongeveer 15 jaar hadden wij het er over gehad op iedere verjaardag, om Ynze te verzorgen ik kan er nog steeds niet met mijn pet bij dat dit mogelijk is.
Woensdag 20 februari 1985 Deze dag zoals gewoonlijk de wekelijkse boodschappen gedaan en vijf videobanden gekocht van 4 uur om de hele dag op te nemen zodat ik uiteindelijk later alles op mijn gemak nog eens na kan zien. Bij Its, waar ik de videobanden heb gekocht doe ik een gouden ontdekking om de pijn iets te verzachten ik neem morgen mijn televisie mee en zal deze op kantoor zetten zodat ik de hele dag alles kan volgen. Na Ynze gebeld te hebben en hem veel succes te wensen maak ik alles klaar om morgen mee te nemen. De hele avond staat in het teken van de Friesche Elfstedentocht en geen programma mis ik en alles neem ik op. Het laatst is studio sport Sipkema en Kroes moeten nogmaals uitleggen hoe het traject loopt en waar de knelpunten zullen zitten. Twee uur later val ik in slaap en droom er van dat ik alsnog Ynze opvang op de Bonke-Vaart.
Donderdag 21 februari 1985 Ik doe mijn ogen open en zie op de klok dat het 4.15 uur is, nog 45 minuten en dan begint de NOS aan zijn mega uitzending die zal duren tot na middennacht. Even later springt de klokradio aan en er klinkt een lied dat over de Bonke-Vaart gaat het gaat nu toch gebeuren na 22 jaar eindelijk een Friesche Elfstedentocht maar ik zal er niet bij zijn. Ik kijk de video na of alles goed is en precies kwart voor vijf springt deze aan en ik zet de televisie aan waar ook Friesche liedjes op te horen zijn. En dan eindelijk is het vijf uur de omroepster heet ons welkom en zegt "wat is het vroeg hé". We schakelen over naar de Frieslandhal in Leeuwarden waar Mart Smeets staat voor een grote kooi waar alle wedstrijdrijders staan te wachten op het startschot. Hij vraagt aan sommige hoe het gaat, terwijl wedstrijdleider Gerrit van de Ham uitlegt waar de knelpunten zitten en waar gekluund moet worden. Half zes klinkt het startschot, de kooi gaat open en 300 wedstrijdrijders zoeken een plekje om de eerste 1600 meter, dat lopend moet worden afgelegd, goed door te komen. In de Zwette-Haven moeten de schaatsers de schaatsen onder binden en kunnen zij eindelijk beginnen aan de 13e Friesche Elfstedentocht.
Op weg naar het werk. Kwart voor negen ga ik op weg naar het werk met mijn televisie op de achterbank rijd ik het parkeerterrein op. De televisie zet ik op mijn bureau en open de winkel en nestel mij voor de televisie om niets te missen. Ieder half uur mogen er twee collega's komen kijken en het is toch nog een beetje gezellig. Half 11 bel ik Theo Hensen op, die dan net thuis komt vanuit het ziekenhuis, hij vraagt meteen hoe het gaat (censuur). Ik vraag maar hoe het met hem gaat hij heeft de start in het ziekenhuis gezien en gaat nu weer verder kijken.
Rob Schreuder en Martin van het Hazeveld komen langs. Half twaalf, net zijn er weer twee andere collega's naast mij komen zitten, wanneer ik Rob Schreuder zijn hoofd om de hoek zie steken en hij vraagt, "wat doe jij hier nou waarom ben je niet in Friesland" ik zeg praat me er niet van en vraag mij verder ook maar niets want ik ben des duivels. Hij groet mij en ik hoor Martin iets zeggen over een prijsbord achter de kassa, Rob goed de situatie in schattend, zegt we kunnen beter naar een ander filiaal gaan want Eef is niet in een beste bui.
De finish op de Bonke-Vaart. Het is kwart over twaalf en we maken ons klaar voor de finish op de Bonke-Vaart, de spanning is te snijden, bijna iedereen staat op kantoor, er loopt ook geen enkele klant in de winkel, vier schaatsers komen de Bonke-Vaart op rijden. Jan Kooiman, Jos Niesten, Henry Ruitenberg en Evert van Benthem rijden eerst achter elkaar en dan twee links en twee rechts achter elkaar en dan de sprint het lijkt dat Ruitenberg gaat winnen maar dan net voor de finish komt Evert van Benthem er bij en gaat uit eindelijk als winnaar over de streep. Ik zet de microfoon uit die aangesloten stond op het radio verslag iedereen juicht en loopt zingend de winkel in. De voorzitter van de Friesche Elfstedentocht Jan Sipkema verteld ons op de tv dat de wedstrijd wel is afgelopen maar er zijn nog meer dan 16.000 schaatsers onder weg en die moeten allemaal over het steeds slechter wordende ijs. Er staan overal plassen water op het ijs en de kluunplaatsen worden steeds langer, waar zou mijn zwager Ynze zitten in het traject? Het feest barst los in Franeker. Het is vier uur geworden en nog steeds genieten we van de televisiebeelden die uit Friesland komen, in Franeker is spontaan een volksfeest uitgebroken maar ook in Bartlehiem en Dokkum is het feest er wordt gezongen en voor iedere deelnemer is er een grootse ontvangst. Duizenden mensen stromen toe, Mart Smeets vraag om koffie en toiletpapier dat is niet meer te vinden in Bartlehiem. De Friesche Elfsteden Vereniging heeft grote problemen want het ijs wordt steeds slechter en het is de vraag of iedereen wel langs alle elf steden kan schaatsen.
De huldiging in de Frieslandhal in Leeuwarden. Het is half vijf wanneer we over schakelen naar de Frieslandhal in Leeuwarden waar de huldiging zal plaats vinden van de eerste twaalf aankomende. Het is ongekend de hal is mud en mud vol er kan geen mens meer bij en er wordt gezongen, zo massaal dat het kippenvel over je rug loopt. De voorzitter neemt het woord en roept nummer twaalf naar voren, gelukkig is dat Jan Roelof Kruithof, zodat de ongekroonde koning van de alternatieve Elfstedentochten toch nog toe gezongen kan worden. In de jaren 70 was Kruithof de beste schaatser op natuurijs maar helaas in de bloei van zijn leven kwam er geen Friesche Elfstedentocht en nu in 1985 was hij niet meer top. Maar wat is top, 48 jaar oud en dan twaalfde worden in de Friesche Elfstedentocht over 200 kilometer, ik neem diep mijn petje voor hem af. Alle elf worden toegezongen door de vele duizenden mensen en dan is het tijd voor de winnaar, hij krijgt de wisselbeker een speciaal bord met de wapens van de Elf Frieschesteden. Met de grote krans om zijn schouder wordt hij onophoudelijk toe gezongen en hij gaat op de schouwers van Kruithof en Ruitenberg tot slot klinkt het Friesche Volkslied dat zelfs door Hans Wiegel wordt mee gezongen.
Het is donker geworden en nog niets gehoord van Ynze. Zes uur de winkel gaat dicht, ik pak mijn televisie op, sluit razend snel af om naar huis te gaan en verder te kijken, want een mens mag hier eigenlijk niets van missen. Thuis komende is er nog steeds geen nieuws van Ynze maar rond de klok van negen uur gaat de telefoon en Hil verteld dat Ynze om vijf over achten in Leeuwarden is aan gekomen en alles is goed met hem. Precies twaalf uur komt de laatste deelnemer die een kruisje krijgt over de finish nog geen 15 seconden later komt de volgende over de streep maar de voorzitter is keihard, hij zegt "u bent te laat maar u heeft vast een mooie dag gehad" de man kan wel huilen hij heeft Zestien (16) uur op het ijs gestaan. Half 1 volgt er nog een samenvatting van de dag en half twee is er een eind gekomen aan een marathon uitzending die vanochtend om vijf uur was begonnen.
Vrijdag 22 februari die nacht kan ik de slaap niet vatten. Eindelijk is het half vijf, tijd om op te staan ik heb niet geslapen en krijg weer goed de ........ in. De boys staan al te wachten wanneer ik het parkeerterrein op rijd we drinken gezamenlijk een kopje koffie en gaan weer over tot de orde van de dag. Om 1 uur komt de slappe binnen, hij heeft koopavond, en vraagt waar zijn krantje is, ik kijk achter mij of er nog iemand in het kantoor is, maar ik zie niemand ik denk de stakker hij praat in zich zelf. Ik trek mijn jas aan en ga naar huis waar ik later een bloementje met Wil ga kopen en op het kaartje schrijf, Evert was grandioos maar jij was beter. Eef en Wil. We drinken een kopje koffie en eten een gebakje en luisteren naar de verhalen van Ynze. Na het eten vertrekken we naar huis en zet ik de eerste videoband op en het is weer even 21 februari 1985 vijf uur in de morgen en in de loop van de nacht val ik in slaap en droom ik dat ik op het ijs loop van de Bonke-Vaart. Niet kort daarna ging ik naar een ander filiaal want de werksituatie was niet meer wat het was geweest en de slappe heb ik nooit meer gezien.
Dit is een waar gebeurt verhaal met velen heb ik nog steeds contact en sommige doen mee met De Friesche Elfsteden Vistocht, Theo Hensen is jaren scheidsrechter geweest hij gaf de tijden door aan Ynze.
1e Tocht op 7 januari 1909 Om vijf uur 's ochtends sprak voorzitter S. Hylkema van de Friesche IJsbond 22 schaatsenrijders toe in hotel Amicitia in Leeuwarden. Er hadden zich weliswaar 48 liefhebbers ingeschreven voor de eerste officiële Elfstedentocht, maar door de dooi waren er al 26 afvallers voor het startschot had geklonken. De voorzitter vroeg de heren bovendien beleefd of zij van mening waren, dat het evenement moest doorgaan. Want er hing een 'griemelige mist met drupgetik aan druipende boomtakken.' Kortom het dooide.
Niemand stemde tegen het doorgaan van de tocht, zodat de 22 dapperen al snel in het duister van de nacht richting Dokkum verdwenen. Dominee Minne Hoekstra uit Warga zal uiteindelijk als eerste over de finish komen. Hij was na terugkeer uit Dokkum bij Birdaard hard gevallen over een in het ijs ingevroren plank, maar haalde tussen Leeuwarden en Harlingen de koplopers Geerlof van der Leij, Binnema en Schaap in. De laatste twee vielen in de loop van de tocht af, maar luitenant Rooseboom achterhaalde Hoekstra en Van der leij.
De gebeurtenissen werden op de voet gevolgd door journalist Jan Feith van het Algemeen handelsblad, die een jaar eerder de tocht in drie dagen had geschaatst en nu verslag deed voor zijn krant. Hij schaatste na de terugkeer uit Dokkum doodgemoedereerd met de koplopers mee. Ook Foeke Tjalma van de Nieuwe Rotterdamsche Courant was in hun gezelschap, maar hij haakte in Franeker af op zoek naar een telegraafkantoor om zijn verslag van de eerste uren tijdig in Rotterdam te krijgen.
Op het Zwette tussen Sneek en Leeuwarden ontspon zich een driftig gevecht tussen Hoekstra, Van der Leij en Rooseboom, dat glansrijk door de theoloog werd gewonnen. Slechts negen rijders bereikten de finish.
2e Tocht op 7 februari 1912 De kwakkelwinter van 1912 leverde twee afgelaste en de tweede Elfstedentocht op. Woensdag 7 februari vertrokken 61 deelnemers, van wie er slechts 18 de finish niet zouden halen. Glorieuze winnaar werd Coen de Koning uit Arnhem, die in 1905 wereldkampioen op de schaats was geworden in Groningen en houder van het werelduurrecord was.
Coen kwam uit een groot gezin en werd in Edam geboren. Zijn broer Jacques was ook een goede rijder en kampioen van Nederland op de lange baan. Andere broer Cor reed in de jaren '20 in de kernploeg en oudste broer Jan had kortebaanwedstrijden gewonnen.
Maar Coen de Koning was de beste van de familie en dat toonde hij in de Elfstedentocht van 1912, waarin hij op het Slotermeer de gids J. Klinkhamer in dienst nam. Hij reed toen nog samen met Jan Ferwerda en Sjoerd Swierstra, die te weinig geld hadden om een gids te betalen.
Klinkhamer was een sterk rijder, die ook als een voorbeeldig gangmaker voor De Koning werkte. Tegen dat geweld waren Ferwerda en Swierstra niet opgewassen. Zij eindigden als tweede en derde.
Opmerkelijk was de deelneming van Jikke Gaastra, de eerste vrouw, die aan de start verscheen. Zij bracht het, begeleid door haar broer Jan, tot Sneek, maar omdat G. Dubois ter hoogte van de bekende ijsherberg De Dille aan het Zwette door het ijs was gezakt, besloot het bestuur de tocht te stoppen. Alle deelnemers die tot Sneek gekomen waren werden geacht de tocht te hebben volbracht. Jikke kreeg dus haar Elfstedenkruisje en moe was ze helemaal niet, want bij het bal na de prijsuitreiking danst ze tot verbazing van de aanwezigen gezellig tot in de late uurtjes met de heer J.B. Hubrechts uit Camebridge in Engeland, die net als zij in Sneek van het ijs moest.
3e Tocht op 27 januari 1917 Jan Ferwerda had na de Elfstedentocht van 1912 een opmerkelijk boekje over zijn avonturen uitgegeven, waarin hij Coen de Koning verweet gebruik te hebben gemaakt van een gangmaker. Dit schoot de schaatskampioen uit Arnhem geheel in het verkeerde keelgat. Toen hij in de mobilisatie-winter van 1917 hoorde dat er weer een Elfstedentocht zou worden gehouden, kondigde hij aan dat hij zou winnen en niemand anders.
De bekende sportverslaggever Joris van der Berg zei: "Ik win of ze dragen me in een doodskist van het ijs." Zijn oude rivaal Jan Ferwerda was ook weer van de partij, maar hij kwam in het stuk niet voor. De inschrijving vlotte overigens in het geheel niet. Drie dagen voor de start hadden zich slechts 13 toeristenen 13 wedstrijdrijders aangemeld. Uiteindelijk gingen er toch 153 wedstrijdrijders van start, wat een beetje tegenviel. Maar goed, Nederland maakte - hoewel neutraal - moeilijke tijden door tijdens de Eerste Wereldoorlog.
De Koning had er zin in. Gedreven door revanchegevoelens - zijn door Ferwerda bezoedelde naam moest gezuiverd worden - reed hij iedereen al in het nachtelijke duister op de Dokkumer Ee op afstand om een nimmer meer vertoonde 170 kilometer lange solo te rijden.
In Leeuwarden had hij bij terugkeer uit Dokkum al 2 minuten voorsprong op Sjoerd Swierstra. Ferwerda moest al tien minuten toegeven. Dus die wist toen wel hoe laat het was. Aan de eindstreep had De Koning 28 minuten voorsprong op Swierstra en 1 uur en 11 minuten (!) op nummer drie Gerlof van der Leij, de nummer twee van de eerste Elfstedentocht. Coen de Koning reed een record van 9 uur en 53 minuten. "Of hij nog met Ferwerda had samen gereden,"vroeg een verslaggever. "Nee,"grinnikte Coen, "die neemt mij de streken te kort."
4e Tocht op 12 februari 1929 Twaalf jaar lang moest Nederland wachten op een herhaling van het populaire sportevenement in Friesland, maar de absurd strenge winter van 1929 maakte de vierde Elfstedentocht eindelijk mogelijk. Dinsdag 12 februari was het zover. Toen kolensjouwer Karst Leemburg om half vier 's nachts van zijn huis in de Lombokstraat in Leeuwarden naar de start bij hotel de Klanderij liep was het bitter koud. Het vroor 20 graden en er stond een ijzige oostenwind. Geen dag om lekker te sporten, maar de Elfstedenrijders lieten zich niet weerhouden. Liefst 301 deelnemers doken de duisternis in.
Cor Jongert uit Ilpendam en Nico Pronk uit Warmenhuizen in Noord-Holland, die een dag eerder nog een langebaanwedstrijd in Deventer hadden gereden, leken lange tijd de onbetwiste kampioenen van deze tocht te worden, maar bij Menaldum werden ze verkeerd gestuurd. In Leeuwarden hadden ze negentien minuten voorsprong op Leemburg en vier minuten op de gebroeders Stienstra, maar in Franeker lagen ze een minuut achter de familie Stienstra. Leemburg had nog steeds 19 minuten aan zijn broek.
Maar bij Arum gingen de Noordhollanders hun schaatsen even slijpen met als gevolg, dat diverse rijders hen passeerde. Zelfs Leemburg kwam in Bolsward met een minuut voorsprong op Pronk en Jongert aan, terwijl deze negen minuten achter de broers Stienstra lagen, die gezelschap hadden gekregen van Sjouke Westra uit Warmenhuizen.
Tussen Workum en Hindeloop passeerde Leemburg de koplopers en niemand zou hem meer terug zien. Jongert ging op het Slotermeer nog wel vergeefs op jacht. Hij kwam de koploper tegen toen hij naar Sloten reed. Leemburg werd gegangmaakt door de gebroeders Poepjes uit Lemmer. Dat waren vissers en bekende kortebaanrijders. Ze beloofden de kolensjouwer een kistje gerookte bokking als hij zou winnen.
Dat gebeurde. Acht minuten na Leemburg kwam Jongert als tweede over de eindstreep.
5e Tocht op 16 december 1933 Nog nooit werd een Elfstedentocht zo vroeg in het seizoen gehouden als in 1933. Op 16 december was het al raak. Voor het eerst gingen er meeer dan 500 deelnemers van start: om precies te zijn 540. De overwinning werd gedeeld door Abe de Vries uit Dronrijp en Sipke Casteleijn uit Wartena. Abe reed de hele tocht gezellig babbelend met Sipke en ze werden vrienden voor het leven. Toen ze bij de Prinsentuin in Leeuwarden aankwamen schaatsten ze over de finishlijn zonder dat ze er erg in hadden. De Vries voorop, Casteleijn in tweede positie. Voorzitter mr. Evert Hepkema wilde De Vries in de krans van de overwinnaar hijsen, maar deze weigerde beslist. "De finish was niet te zien," klaagde Abe. "Sipke heeft net zoveel recht op de overwinning als ik."
Het bestuur besloot na rijp beraad dan maar twee gouden medailles uit te reiken. In het hoge noorden van Friesland had het duo IJpe Smid ingelopen, die meer dan 100 kilometer alleen aan kop had gelegen. Hij eindigde uiteindelijk als derde op 9 minuten.
Abe schaatste na de tocht naar huis in Dronrijp. Zijn vrouw vroeg: "Hoeveel ben je geworden." "Eerste," zei Abe, waarop hij doorliep om zijn koeien te melken. Daarna fietste hij weer naar Leeuwarden om zijn medaille op te halen bij de prijsuitreiking. Daar kreeg hij een heftig dispuut met Cor Jongert, die vierde was geworden. De discussie handelde over de beste schaatsen voor de Elfstedentocht. Jongert had als één van de weinige op hoge noren gereden en was op 11 minuten binnen gekomen.
"Friese schaatsen zijn het beste voor deze tocht," zei De Vries, die op doorlopers over de finishlijn was gekomen." Maar Jongert antwoordde: "De Vries wees niet eigenwijs. Op noren had jij nog veel harder gereden."
6e Tocht op 30 januari 1940 In januari 2002 overhandigde de 81-jarige Piet Keizer aan verslaggever Ron Couwenhoven een officiële uitslag van de Elfstedentocht 1940. Het ging om de beroemde tocht, die eindigde met het Pact van Dokkum. Vijf rijders kwamen dat jaar gelijk over de finish in Leeuwarden. Het waren Dirk van der Duim, Auke Adema, Sjouke Westra, Piet Keizer en Cor Jongert. Ze werden gelijk op de eerste plaats gezet.
In Dokkum hadden ze afgesproken niet te spurten voor de overwinning. Ze hadden de hele dag samengereden en waren niet ontsnapt aan het merkwaardige psychische verschijnsel dat er een enorm samenhorigheidsgevoel in hun groep was gegroeid. Bovendien hadden ze bericht gekregen dat de baan terug naar Leeuwarden erg smal was.
Maar met het finishdoek in zicht en met tienduizenden toeschouwers op de wallen kon Auke Adema zich niet meer in houden. Hij begon te spurten, maar werd op de streep geklopt door de pas 19-jarige Keizer. Cor Jongert stempelde vervolgens als eerste af. De chaos was daarmee compleet, want nu claimden liefst drie rijders de overwinning!
Laat in de middag werden ze bij de commissaris van de Koningin thuis voorgesteld aan prins Bernard. Hij adviseerde het Elfstedenbestuur alle vijf een gouden medaille te geven en dat advies werd opgevolgd, maar voor Piet Keizer bleef er zijn levenlang een bijsmaakje aan die medaille zitten.
Die ochtend in januari 2002 zei hij: "Adema begon te sprinten en daarmee was de afspraak verbroken. Ik kwam als eerste over de streep en was winnaar, maar het Elfstedenbestuur heeft altijd een alfabetische volgorde van onze namen aangehouden. Dat heb ik nooit terecht gevonden en nu heeft het bestuur mijn visie daarin gevolgd en onze namen in volgorde van binnenkomst in de uitslag gezet. Dat is niet meer dan terecht."
Piet moest meer dan zestig jaar op die gerechtigheid wachten, maar als een echte Elfstedenrijder bleef hij onverzettelijk al die jaren voor zijn recht vechten. Op het Elfstedenijs zouden we hem nooit meer terugzien, want hij was ook een goede langebaanrijder en zijn trainers vonden dat zijn slag 'er aan zou gaan, als hij lange natuurijswedstrijden zou blijven rijden.' 7e Tocht op 6 februari 1941 De eerste oorlogswinter verhinderde niet dat ruim 4600 schaatsliefhebbers op donderdag 6 februari 1941 de start namen in de zevende Elfstedentocht. Het werd een episch gevecht met de elementen. Sneeuwbuien teisterden het immense peloton, waaruit een kopgroep van vijf man ontstond. Auke Adema uit Franeker, Joop Bosman uit Breukelen, Lo Geveke uit Leeuwraden, Anne de Vries uit Franeker en Sietze de Groot uit Weidum waren de mannen, die het gezicht van deze Elfstedentocht zouden bepalen. De tocht ging ook dit jaar om 'de noord'. Op het Slotermeer waren de banen vrijwel volledig dichtgesneeuwd. Adema was hier veruit de sterkste en ging er alleen van door. In Sloten stempelde hij met een minuut voorsprong en aan de finish in Leeuwarden had hij dat uitgebouwd tot drie minuten op Joop Bosman en 5 minuten op Geveke.
Het betekende zijn tweede overwinning in de Elfstedentocht. Franeker stond op zijn kop, maar toen iemand in de Wilhelminastraat, waar Auke woonde, vroeg wie de tocht gewonnen had en tot antwoord kreeg: "Auke Adema, die woont hier in de straat!" toen wist hij niet over wie men het had. "Nou, Auke Lor, natuurlijk," riep de boodschapper. "Zeg dat dan meteen," kreeg hij ten antwoord, want iedereen in Frentsjer kende Auke als Auke Lor, de zoon van de lompenhandelaar. Over de familienaam werd nooit gerept.
Auke werd overstelpt met fanmail uit het hele land. Hij kreeg sigaren opgestuurd en Vonk Schaatsen pronkte in advertenties trotst met Auke Adema, die op dit merk de tocht gewonnen had.
En de firma Beiersdorf stelde hem voor een sponsorcontract te tekenen, zodat men met zijn naam reclame kon maken voor zalfjes als Niveau en Eucerine, maar tien dagen later kreeg de Elfstedenkampioen een tweede brief: "Helaas gaat het niet door, want het is al te ver in het seizoen."
De dooi was ingetreden en de euforie voor het ijs was definitief verdwenen en dus wilde Beiersdorf geen risico meer nemen met een dure reclame-campagne voor middeltjes tegen gebarsten lippen en wintertenen.
8e Tocht op 22 januari 1942 De tocht van 22 januari 1942 werd onder goede omstandigheden gereden, maar eindigde toch in een ramp. In het nachtelijk duister trok het peloton eerst richting Sneek en vervolgens naar de meren en daar ging het volledig fout. Hele groepen verdwaalden op de onafzienbare ijsvlakten en tal van favorieten werden zo uitgeschakeld. Sietze de Groot, een prima kortebaanrijder en slagersknecht uit Weidum, kende de weg wel. Samen met Dirk de Jong uit Huizum en Jan van der Bij uit het Noordhollandse Julianadorp liet hij de hele meute achter zich om vervolgens met zijn snelle eindsprint de zaak gemakkelijk af te maken. In Leeuwarden reed hij in de laatste twee honderd meter De Jong nog op 9 seconden en Van der Bij op tien tellen.
De slagersvakbond was zo opgetogen over dit succes, dat zij hun lid een telegram zonden met de volgende tekst: "Daar zullen de vegetariërs van opkijken!"
Het muisje had trouwens nog wel een staartje, want toen de Nederlandsche Vereniging ter Bevordering van het Hardrijden op de Schaats (NVBHS) in de zomermaanden zijn beste rijder wilde huldigen, mocht hij wel het boek 'Mysterieuze krachten in de sport' van Joris van der Berg in ontvangst nemen, maar niet de beker, die jaarlijks werd uitgereikt.
Oorzaak: er vond een onderzoek plaats naar de profstatus van Sietze, die immers om geldprijzen op de korte baan had gereden.
Dat was een gevolg van de puriteinse opstelling van de Nederlandsche Schaatsenrijdersbond, die overigens weer onder zware pressie stond van de nazistische overheid. Kortebaanwedstrijden om geldprijzen waren al verboden en alles wat naar beroepsrijderij riekte stond in het verkeerde daglicht, maar hij Sietze kreeg zijn beker uiteindelijk toch en als Elfstedenwinnaar bleef hij voor eeuwig op de lijst.
9e Tocht op 8 februari 1947 In deze topwinter kwam er een geheel nieuwe generatie rijders naar voren. Joop Bosman uit Breukelen, in 1941 al tweede in de tocht, vertegenwoordige eigenlijk al de oudere generatie Elfstedenrijders. Er werd onder afgrijselijke omstandigheden gereden: felle vorst en oosterstorm. Klaas Schipper uit Steenwijkerwold kwam zwaar ten val en eindigde de tocht met een groot verband om zijn hoofd als tweede. Alleen Joop Bosman was sterker. Hij gleed dertig seconden eerder over de eindstreep.
Maar toen begon eingelijk pas het zwaarste gevecht van deze tocht. Het regende protesten, omdat er opgelegd gereden was: voor-en achterman hand in hand op de rug, zodat men elkaar kon duwen en trekken.
Het Elfstedenbestuur zat met de handen in het haar. Wat te doen? Naar goed Nederlands gebruik werd er een commissie in gesteld, die het allemaal haarfijn mocht uitzoeken. Pas in augustus kwam het verdict: winnaar Joop Bosman, nummer twee Klaas Schipper, nummer drie Jeen Nauta, nummer vier Jaap Wijnia, nummer zes Wierd Wijnia en nummer zeven Hein Vermeulen ontvingen geen prijs. De gebroeders Wijnia werden bovendien gediskwalificeerd, omdat ze zich per auto zouden hebben laten vervoeren.
Half Nederland stond op zijn kop en Jan W. van der Hoorn uit Ter Aar kreeg een telegram uitgereikt, terwijl hij zijn lelies op het land aan het verzorgen was: "Van Harte gefeliciteerd, U heeft de Elfstedentocht gewonnen,"meldde het bestuur van de Friesche Elfstedenvereniging de verbouwereerde bloemenkweker.
Het muisje had nog een erg lang staartje, want bijna veertig jaar later maakte Joop Bosman met zijn buurman Wim Vos een praatje, terwijl zij elk aan een kant van het slootje zaten dat hun land bij Kockengen scheidde. Vos was inmiddels één van de beste natuurijsschaatsers van Nederland. "Start nooit in de Elfstedentocht, Wim," raadde Bosman hem aan. "Want ze flikken je daar als Hollander toch."
Zo diep zat de grootste teleurstelling uit zijn leven. Bosman overleed niet lang daarna, zodat hij niet meer meemaakte, dat een geheel uit Friezen bestaande commissie een nieuw onderzoek begon naar de misdragingen van de gebroeders Wijnia. Ze kwamen tot de conclusie, dat er niets bijzonders was aangetoond, waarop het Elfstedenbestuur besloot ze meer dan 50 jaar later als nog hun Elfstedenkruisje van 1947 uit te reiken.
"Dit is de mooiste dag uit ons leven," zeiden de broers, toen ze de versierselen opgespeld kregen.
10e Tocht op 8 februari 1954 De weermannen van het KNMI voorspelden hectisch weer tijdens de tiende Elfstedentocht. Voor heel wat deelnemers, die de hel van 1947 hadden meegemaakt was dat reden om thuis te blijven, maar toch gingen er nog 2735 schaatsliefhebbers op pad. Ze beleefden een prettige dag, want de weerprofeten hadden het volledig bij het verkeerde eind. Het was zonnig, weinig wind en een echt prettige schaatsdag.
De wedstrijdrijders demonstreerden dat door in de recordtijd van 7 uur en 35 minuten terug te zijn in Leeuwarden. De finish was het meest opmerkelijk deel van deze wedstrijd, die nog jaren stof tot discussie zou geven.
De organisatoren hadden namelijk om nauwelijks twee honderd meter van de eindstreep nog een klűnplaats ingelast, zodat de vijf koplopers een smalle noodbrug op moesten, de weg oversteken en over een met stroo bestrooide loopplank weer naar het ijs moesten.
Jeen van den Berg uit Heerenveen ontdekte deze onverwachte hindernis als eerste, snelde er over heen en achter hem kwam de snelle Jan Charisius ten val, waardoor hij de overigen ook nog eens hinderde. Zo kwam Jeen als laatste Fries in de geschiedenis als eerste over de eindstreep in de Elfstedentocht.
Aad de Koning, een oomzegger van Coen de Koning, de winnaar van 1912 en 1917, werd tweede op drie seconden. Charisius derde op 8 seconden. Jeen Nauta en Anton Verhoeven, de marathonkampioen uit het Brabantse Dussen, werden op een minuut vierde en vijfde.
Een storm van protest hielp niets. Het was gebeurd en er viel volgens het bestuur niets meer aan te verhelpen.
11e Tocht op 14 februari 1956 Teus bedankt! Nauwelijks twee jaar later kregen de koplopers van '54 kans op revanche. Opnieuw zaten Jeen Nauta, Aad de Koning en Anton Verhoeven in de kopgroep. Dit keer hadden zij gezelschap van Maus Wijnhout uit Lisse en Jan J. van der Hoorn uit Ter Aar, een neef van de winnaar van '47. Ook Jeen van den Berg reed lang in hun gezelschap, maar na Franeker kreeg hij een geweldige inzinking en moest de groep laten gaan. Bij Vrouwbuurtstermolen zat hij ontredderd in de kant, terwijl hij schaatsen wisselde.
In hetzelfde dorp hadden de vijf koplopers al aangekondigd, dat zij tegelijk over de finish zouden rijden. Heel Nederland wist via de radio al wat er zou gebeuren . De vijf reden inderdaad juichend naast elkaar over de eindstreep. Het halve land sprak er schande van. De andere helft juichte het toe.
Niemand van de vijf zou ooit vertellen, wie het initiatief tot het opmerkelijke besluit had genomen, maar de vijf bleven vrienden voor het leven. Wel lekte er het één en ander uit over de beweegreden: men voelde zich onzeker over de finish, die immers twee jaar geleden ook totaal onverwacht volkomen was veranderd, nadat ze hem een dag voor de start allemaal hadden verkend.
Het bestuur had er allemaal niets mee te maken. Men besloot geen prijzen uit te reiken, maar handhaafde de vijf wel op de eerste plaats in de uitslag. Dat was een beslissing, die tot op de dag van vandaag wordt aangevochten. Zo werden de vijf van '56 altijd uitgesloten van alle officiële Elfstedenbijeenkomst, waarvoor de winnaars werden uitgenodigd. En dat terwijl ze door het bestuur wel op de eerste plaats werden gehandhaafd.
12e Tocht op 18 januari 1963 In de sportgeschiedenis van Nederland is vrijdag 18 januari 1963 ongetwijfeld de bekendste datum: die dag werd de twaalfde Elfstedentocht verreden. Het werd de meest legendarische ooit. Een slagveld, zoals nog nimmer vertoond. De temperatuur was bij de start -12 graden. Alle koude records werden die nacht gebroken. In de loop van de dag stak een noordoosterstorm op, die de baan in het noorden van Friesland volkomen onbegaanbaar maakte.
In Stavoren stapten duizenden mensen af. De trein naar Leeuwarden kon het aanbod van rijders niet verwerken. Er moesten extra bussen worden ingezet. De hospitalen langs de route lagen vol gewonde schaatsers en de EHBO maakte overal overuren.
Er gingen 9862 rijders van start. Slechts 127 zouden de eindstreep bereiken. Dat was een percentage van 1,3 procent.
Reinier Paping uit Dedemsvaart maakte zich onsterfelijk door als eerste over de finish te komen met een voorsprong van 22 minuten op Jan Uitham uit Noorderhogebrug. Zevenendertig jaar later werd hij door de kijkers van Studio Sport, het populaire sportprogramma van de NOS, uitgeroepen tot de individuele sporter, die de meest aansprekende prestatie van de twintigste eeuw had geleverd!
Bij Witmarsum had Reinier definitief afscheid genomen van Uitham, Jeen van den Berg en Anton Verhoeven. Van den Berg raakte sneeuwblind en kwam uitsluitend meet hulp van Uitham als derde over de streep. Verhoeven was eveneens sneeuwblind en waggelde als aangeschoten wild over de Dokkumer Ee om uiteindelijk als een wrak over de finish op de Grote Wielen te komen.
Kroonprinses Beatrix had in de EHBO-tent met het moeder koningin Juliana winnaar Paping gefeliciteerd. Hij werd daar met infrarood lampen weer een beetje ontdooit en de prinses had herhaaldelijk geroepen: "Oh, mijnheer Paping, ik heb zo'n bewondering voor u!"
De held van de dag werd door zijn echtgenote Joke opgehaald en samen gingen zij naar Dedemsvaart, waar ze door de plaatselijke fanfare werden opgewacht. In het holst van de nacht bereikten ze het zomerhuisje (!), waar ze na hun huwelijk in verband met de woningnood hun intrek hadden genomen. De waterleiding, de bak met water voor de hand en de aardappels zaten in de pan op het butagasstelletje van de nieuwe Nederlandse voksheld waren allemaal vastgevroren.
Toen de pers de volgende ochtend het onderkomen, diep in de bossen bij Ommen had gevonden was Reinier niet thuis. Hij had tegen Joke gezegd: "Ik ga even het bos in voor een loopje. De spieren zijn nog wat stram." 13e Tocht op 21 februari 1985 Niemand geloofde meer in de dertiende Elfstedentocht, toen voorzitter Jan Sipkema op 18 februari toch het verlossende woord sprak: 'It sil heve.' Na 22 jaar wachten was de Elfstedentocht voor de dertiende keer aangekondigd. Er ging een golf van emotie door het land. Overal vormden zich lange rijen voor de inschrijfadressen, die pas de volgende dag zouden worden geopend. Gewapend met slaapzakken, flessen beerenburg, warme kruiken en bontmantels brachten rijders en rijdsters een lange koude nacht door om het begeerde startbewijs te veroveren. Binnen een uur na de opening van de inschrijving waren de 15.000 startkaarten uitverkocht. De prijzen op de zwarte markt liepen op tot honderden guldens, maar niemand wilde afstand doen van het felst begeerde kleinood in het land.
De wedstrijdrijders weden overvallen door honderden bedrijven, die plotseling wilden sponsoren. Er volgden nerveuze dagen en topschaatsers als Emiel Hopman en Piet Kleine kregen geen startbewijs, omdat ze geen lid waren van de Elfstedenvereniging.
Daarmee waren twee kanshebbers al bijvoorbaat uitgeschakeld. Nederlands kampioen Henri Ruitenberg en de natuurijscracks Jan Kooiman en Jos Niesten gingen als favorieten van start. Ze bereikten de Bonkevaart ook inderdaad als eersten in gezelschap van een volslagen onbekend mannetje: Evert van Benthem, een veeboer van 26 jaar uit Sint Jansklooster in de kop van Overijssel. In de sprint verraste hij iedereen en volgde zo Reinier Paping op.
Nederland had er een nieuwe volksheld bij. De nieuw verworven roem was aanleiding om zijn plannen voor emigratie naar een land, waar een boer nog een normaal leven kan leiden even uit te stellen. Evert begon een kaasboerderij en plotseling wisten autobussen en toeristen de smalle weg naar zijn bedrijf te vinden.
Voor een andere schaatsheld kwam in deze tocht het einde van een lange reeks successen. Op de lange klűnplek in Kimswerd kwam Jan Roelof Kruithof uit Havelte, winnaar van liefst tien alternatieve Elfstedentocht, ten val voor de deur van het eeuwenoude bakkerijtje van het dorp.
Op het ijs was hij vrijwel niet te verslaan als er 200 kilometer geschaatst moest worden, maar hardlopen op schaatsen was iets anders. En bovendien begonnen de jaren te tellen: het rijk van Kruithof eindigde in de Elfstedentocht van 1985, die hij zo graag had gewonnen. 14e Tocht op 28 februari 1986 Nauwelijks een jaar later stonden de Elfstedenrijders opnieuw in de Veemarkthallen van Leeuwarden. Als dampende paarden klaar voor de start wachten ze in een grote kooi op het moment suprčme. Vooraan stond Evert van Benthem in zijn geel-blauwe pak. De schaatsen kruislings voor de bocht. Na de lange run naar het ijs aan het Zwette arriveerde hij als één van de eersten en hij maakte er een onvergetelijke tocht van. Met ploegmaat Co Giling was afgesproken dat er voor Bolsward niets zou worden ondernomen, maar al op het Slotermeer ging Jan Kooiman er vandoor met Marten Hoekstra, Hans Bouma en Wout de Vries. Ze namen niet minder van vijf minuten voorsprong. De toren van Bolsward doemde nog maar nauwelijks aan de horizon op, toen Evert van Benthem de achtervolging ontketende. Nanne Semplonius, een onderwijzer uit Lemmer, Rein Jonker, kok in Wytgaard, Robert Kamperman, een werkloze architect uit Almere en Albert Bakker, onderwijzer in Scharmer in Groningen, sprongen mee.
Ze ontketende een helse jacht, die al voor Franeker was voltooid. De koplopers waren ingelopen, maar in de nieuwe kopgroep boterde het niet erg. Het ging Van Benthem te langzaam en hij sprong solo weg. Er sloeg een golf van enthousiasme door het publiek. Solo reed hij riching Bartlehiem, maar nog voor dit gehucht liet hij zich weer inlopen. Dat was van korte duur, want een kilometer na dit kruispunt ging Van Benthem weer in de aanval. Alleen Rein Jonker kon hem volgen. Samen stoven ze richting Dokkum. Op de terugweg sloeg Van Benthem vlak voor de passage van Oudkerk toe. Jonker kon hem niet langer bijhouden en zou met 1 minuut en 7 seconden achterstand over de eindstreep komen.
"Ik kon niet in dat prikslagje van Evert rijden," verklaarde Rein zijn nederlaag, "Zo ging ik langzaam maar zeker kapot. Ik had natuurlijk graag gewonnen, maar deze tweede plaats vind ik ook fantastisch."
15e Tocht op 4 januari 1997 De koudste periode van de twintigste eeuw speelde zich af rond de jaarwisseling van 1996 en 1997. De vorst kroop zo diep in het land, dat de ijsvloeren begin januari van uitstekende dikte waren. Er was nog geen natuurijswedstrijd van formaat gereden, toen voorzitter Henk Kroes van de Elfstedenvereniging de vijftiende tocht aankondigde: zaterdag 4 januari was het zover.
Nederland stond op zijn kop.
Erik Hulzebosch, toprijder en clown uit Hardenberg, ging als favoriet van start. Het tempo lag direct na de start zeer hoog. Door het vroege tijdstip in het jaar moesten de rijders veel langer in het donker rijden dan in 1985 en 1986. Toen de eerste groep Hindeloopen bereikte was het nog pikkedonker. Het stempelhok was nog niet verlicht en er liepen heel wat mensen op het ijs, die er niets te zoeken hadden. Piet Kleine stoof op kop van de groep langs het stempelhok. René Ruitenberg in zijn spoor. Ze vergaten te stempelen en dat werd hen fataal. Beiden werden gediskwalificeerd. Als dank werd het bruggetje in Hindeloopen in de zomermaanden omgedoopt in 'Piet Kleine breggetje'. Het slachtoffer mocht de gedenkplaat zelf onthullen.
Piet zou in het verdere verloop van de wedstrijd toch nog een grote rol spelen, want hij behoorde tot de vijf koplopers die de Bonkevaart op draaiden. De spurt was bloedstollend: Henk Angenent, boer uit Woubrugge in Zuid-Holland won, met minimaal verschil voor Erik Hulzebosch, Bert Verduin en Henk van Benthem, de jongere broer van Evert. Piet Kleine spurtte niet mee. Een paar uur later kreeg hij bericht, dat hij gediskwalificeerd was.
Voor Hulzebosch betekende deze Elfstedentocht net als voor Henk Angenent de doorbraak naar nationale roem. De winnaar van de tocht kon zich vooral op agrarisch gebied sterk ontplooien en de jaarlijkse schaatszesdaagse op kunstijs werd voortaan gesponsord door de Greenery, een veilingbedrijf van landbouwprodukten, dat de klassementsleider in een spruitjespak hulde. Dit omdat Angenent in één klap de meest vermaarde spruitjeskweker van het land was geworden.
Hulzebosch zocht zijn heil op het concertpodium. Hij werd nog dezelfde winter één van de toppers op het carnavalspodium met de hit "Hulzebosch, Hulzebosch."
Evert van Benthem verscheen als toerist aan de start. Vijf jaar later zou hij zijn boerderij in Sint Jansklooster verkopen en zijn oude droom werkelijkheid maken: hij emigreerde naar Canada en heeft nu een grote melkveehouderij in de omgeving van Calgary, zodat hij het beroep waaraan hij zijn hart altijd heeft verpand in alle rust kan uitoefenen.
16e Tocht op 17 januari 2011?
Sinds 1909 vonden er 15 Friesche Elfstedentochten plaats. De laatste Friesche Elfstedentocht was op 4 januari 1997. Tijdens De Friesche Elfstedentocht van 1985 konden er voor het eerst vrouwen aan de wedstrijd deelnemen. Vanaf de volgende Friesche Elfstedentocht is er een aparte wedstrijd voor vrouwen en mannen.
WETENSWAARDIGHEDEN VAN DE FRIESCHE ELFSTEDENTOCHT OP DE SCHAATS.
ELFSTEDEN WEETJES Populairste dag voor een Friesche Elfstedentocht
Zaterdag
5 X
Dinsdag
3 X
Woensdag
3 X
Donderdag
3 X
Vrijdag
1 X
Populairste maand voor een Friesche Elfstedentocht
Februari
8 X
Januari
6 X
December
1 X
NOORDELIJKE ROUTE In de begin jaren van de tocht werd om de noord gereden. Hierbij is Dokkum de eerste stad van doorkomst. Bij latere tochten wordt de andere kant om geschaatst. De eerste stad van doorkomst is dan Sneek.
STARTTIJDEN WEDSTRIJD Heren: 05.20 Dames: 05.35
HET IJS Voor het doorgaan van een Elfstedentocht moet het ijs op nagenoeg de gehele route - bijna 200 kilometer - minimaal vijftien centimeter dik zijn. Bij aanhoudende vorst meten de rayonhoofdenten minste eenmaal per dag de dikte van het ijs. Soms worden er ijstransplantaties uitgevoerd op die stukken waar wakken aanwezig zijn. Als de tocht is afgekondigd worden er op de te zwakke plekken in de route 'klúnvoorzieningen' gebouwd. Dit zijn houten betimmeringen die over de zwakke plekken in het ijs of op de kant zijn geplaatst en waar de schaatsers overheen kunnen lopen. Ook wordt veel gebruik gemaakt van tapijt en rubbermatten. De organisatie streeft ernaar het aantal klúnplaatsen en de lengte per klúnplaats zo beperkt mogelijk te houden. Schaatsen op natuurijs is voor velen onweerstaanbaar. Al liggen gevaren als kou, wind en afmatting op de loer. Maar ijs heeft ook zijn eigen natuurwetten en het is aan te bevelen daar niet tegen te zonderen.
DE MENS IS AFHANKELIJK VAN DE DIKTE VAN HET IJS.
< 05 cm: Bij minder dan vijf centimeter niet op het ijs gaan staan. > 08 cm: Bij acht centimeter is het ijs dik genoeg om met een handvol mensen de eerste slagen te wagen. > 12 cm: Bij 12 centimeter dikte kunnen de eerste toertochten door gang vinden. > 18 cm: Bij 15 centimeter dik ijs kan "DE TOCHT DER TOCHTEN" door gang vinden. > 30cm: Vanaf 30 centimeter is het ijs dik genoeg om een vrachtwagenof een mensenmenigte te torsen.
HISTORIE Al heel lang geldt het als een bijzondere sportieve prestatie om op een dag schaatsend alle Elf Friesche steden aan te doen: een afstand van bijna 200 kilometer. Leeuwarden, de hoofdstad van Friesland, is van ouds het start en finishplaats.
De Elfstedentocht voert de deelnemers vanuit Leeuwarden naar achtereenvolgers Sneek, IJlst, Sloten, Stavoren, Hindeloopen, Workum, Bolsward, Harlingen, Franeker, Dokkum en weer Leeuwarden.
De Elfstedentocht kent een wedstrijd- en een toertocht die beiden op de zelfde dag plaats vinden. De wedstrijd- en toerrijders schaatsen exact dezelfde route. Elke deelnemer die de tocht binnen de gestelde tijd voltooit en alle stempels heeft verzameld, ontvangt een Elfstedenkruisje. Sinds 1909 heeft de tocht vijftien keer doorgang gevonden.
Van enkele tientallen volbrengers uit vroeger eeuwen zijn de namen bekend gebleven. Hun successen werden in de familiekring trots van generatie op generatie door verteld.
Onder de honderden mannen en vrouwen die in de lange winter van 1890 op 1891 op eigen initiatief de tocht volbrachten, bevond zich ook de grote sportpionier Willem (Pim) Mullier. Hij was het, die daarna op het idee kwam van een 'georganiseerde' Elfstedentocht. In 1909 was het zover. Toen schreef de Friesche IJsbond voor de eerste maal een Elfstedenwedstrijd uit.
De Friesche IJsbond wilde het evenwel bij deze ene keer laten. Maar mr. M.E. Hepkema, jurist te Leeuwarden, was van mening dat deze vom van schaatssport levensvatbaar was. Op 15 januari 1909 richte hij, samen met andere enthousiaste Friezen De Vereniging 'De Friesche Elf Steden'op. Mr. Hepkema was de eerste voorzitter (van 1909 tot 1947).
DEELNEMERS TOERTOCHT Het totaal aantal deelnemers aan de toertocht is beperkt tot 16.000. Het aantal personen wat de tocht zou willen schaatsen is echter vele malen groter.
NIET IEDEREEN KAN DUS AAN DE TOCHT DEELNEMEN.
DEELNAME IS VOORBEHOUDEN AAN:
* Leden van de 'Vereniging De Friesche Elf Steden' met startrecht die aan hun administratieve verplichtingen hebben voldaan en in het bezit zijn van een geldig Elfstedenlegitimatiekaart.
*Leden van de 'Vereniging De Friesche Elf Steden' met startkans die zijn ingeloot en aan hun administratieve verplichtingen hebben voldaan
Alle leden moeten de leeftijd van achttien jaar bereikt hebben. Voor de toertocht geldt een Tochtreglement. Dit wordt door het bestuur vast gesteld.
De deelnemers schaatsen de tocht op eigen risico. De deelnemers krijgen vooraf via de media en bij de inschrijving een aantal adviezen voor kleding en voeding tijdens de tocht.
Het schaatsmateriaal moet in uitstekende conditie verkeren en de schaatsen moet goed zijn ingeschaatst.
Bij iedere controlepost in de steden en op een aantal andere plaatsen zijn er EHBO-posten. Honderden EHBO-ers, artsen en andere vrijwilligers zijn op de been om de deelnemers ter zijde te staan.
TV KIJKERS NAAR DE ELFSTEDENTOCHT 1997 Afdeling Kijk- en Luisteronderzoek van de publieke omroep heeft bekend gemaakt dat 11.2 miljoen kijkers van zes jaar en ouder zaterdag 4 januari hun televisie hebben afgestemd op De 15e Friesche Elfstedentocht. Totaal hebben in de hele wereld ongeveer 100 miljoen mensen naar een flits van deze unieke schaattocht gekeken.
UNIEKE FOTO'S GEVONDEN VAN YNZE IN SNEEK EN DE START IN LEEUWARDEN 18-1-1963
Unieke foto's gevonden van Ynze bij het stempelhokje in Sneek op vrijdag 18 januari 1963. Klik op de foto voor groter formaat. Het is niet helemaal zeker maar hij lijkt er verdomd veel op, mijn zwager Ynze begint op vrijdag 18 januari 1963 aan zijn 1e Friesche Elfstedentocht.
Het Fries Film Archief heeft de hand weten te leggen op nooit eerder vertoonde beelden van de Elfstedentocht in het oorlogsjaar 1941. Het gaat om een reeks 8 millimeterfilms, zo maakte het archief dinsdag bekend.
De films zijn gemaakt door de amateurfilmer Piet Wagter (1906-1995), die in de jaren vijftig naar de Verenigde Staten emigreerde. Volgens een woordvoerder van het Fries Film Archief zijn de beelden van grote historische waarde. Ze kwamen via de zoon van Wagter bij het archief terecht. Die stuurde de beelden naar vrienden in Sneek om te digitaliseren, omdat de familie binnenkort een reunie heeft in Friesland.
VERHALEN VAN JAAP NIENHUIS OVER DE ELFSTEDENTOCHTEN 1963 & 1997
Laatste loodjes Elfstedentocht 1963
Een klein stukje Elfstedentocht 1963 door Jaap Nienhuis Usquert, lidnummer: 345
Over deze tocht is al heel veel gepubliceerd, toch probeer ik er nog een klein stukje geschiedenis aan toe te voegen en wel over mijn belevenis in de duisternis na de geheime controle in Vrouwbuurstermolen tot de finish op de Grote Wielen om 23.45 uur. Bij de controle in Vrouwbuurstermolen werd verteld dat ik één van de laatste rijders was die een stempel kreeg, omdat door duisternis en Siberische toestanden de verdere tocht te riskant werd. Daar verdween ik in een poollandschap, slechts verlicht door de maan en sterren, richting Bartlehiem. Smalle kanalen en vaarten grotendeels vol gestoven met stuifsneeuw. Geen mens meer langs de te rijden route. Iedereen was in huis of naar huis gevlucht om op de t.v. aankomstbeelden te zien. De tocht had een winnaar en de omstandigheden buitende deur waren bar en boos. Op mijn Friese houtjes worstelde ik mij langzaam vooruit. Lopend, struikelend en soms een eindje schaatsend. Het zicht was slecht, bar slecht, alles grijs-wit. Oorzaak: twee bevroren ogen, bleek veel later bij de EHBO in Dokkum. Wanneer je op je eentje door de witte woestenij worstelt en je slecht ziet is het moeilijk om het juiste pad te vinden. Bij elke splitsing, afslag of driesprong moest je gokken welke ijsweg je zou nemen. Immers geen mens meer langs de baan. Zeker drie keer ben ik met m’n schaatsen onder naar een dichtbijstaand verlicht huis gelopen om te vragen welke kant ik op moest. Als je dan aan het raam tikte en men de deur opende, deinsden de bewoners van schrik achteruit, omdat ze minimaal dachten “de verschrikkelijke sneeuwman”of een ander buitenaards wezen voor zich te hebben. Als ze dan doorhadden dat die ijsman een elfstedenrijder was, werd je met alle hulp die maar denkbaar is, geholpen. Helaas moest je op eigen kracht weer de sneeuwjacht in. Op een gegeven ogenblik, staande onder een brug, waar auto’s overheen reden, ben ik blijven staan, wachtend of hopend op versterking. Want alleen in die witte woestenij werd mij te link. Immers, wanneer je wat ongelukkig zou vallen of met je hoofd tegen een brug zou botsen, was hulp niet erg waarschijnlijk. Het is een kaal dun bevolkt gebied, dat uiterste noorden van Friesland. En het was nog steeds ijzig koud met een stuifsneeuwstorm. In mum van tijd zou je ondergesneeuwd raken en vrij zeker onvindbaar. Als er geen achteropkomende rijders zouden opdoemen was die brug mijn Waterloo en het definitieve eindpunt. Ik zou dan bij de wal op klauteren, de duim opsteken en hopen dat iemand mij naar Leeuwarden wilde brengen. Tot mijn grote vreugde doemde uit de sneeuwmassa’s opeens een groepje van drie man op. Ik mocht aansluiten en dus samen verder op weg naar Bartlehiem en dan de brede Dokkumer Ee op. Wie waren die drie “redders”: Ir. Van Staal, een wedstrijdrijder met maar één doel, kostte wat kost de tocht volbrengen. Wim Hartung, een 17-jarige scholier uit Harlingen, die na schooltijd vanuit die plaats startte om zoals hij zei: “de sfeer te proeven” en George Schweigmann. De elfstedennestor uit Leeuwarden. George nam de leiding op zich. Hij wist ongeveer waar we ons bevonden en zijn “zicht” was nog goed. Wij bereikten Bartlehiem en op de Ee ging het beter. Wel sneeuwduinen en ook hard ijs waar wij met onze botte schaatsen moeizaam tegen de stormwind in worstelden. Dokkum kwam in ’t zicht rond 21 uur. Schweigmann zijn advies was: Eerst afstempelen en dan naar de broodnodige EHBO post. Hij voor een vroeg op de dag opgelopen beenwond en ik om onder een infrarode lamp weer “zicht” te creëren. Hadden wij andersom besloten dan hadden wij geen Dokkumer stempel meer gekregen, want op het moment dat wij stempelden werd direct daarna de controle gesloten. Voor de wind weer richting Bartlehiem. Vallen en weer opkrabbelen uit de vele grote en kleine en harde sneeuwduinen en toen linksaf richting Oudkerk. Onze snelheid werd in de daar liggende sneeuwmassa’s tot loopsnelheid gereduceerd. Rond 23 uur Oudkerk bereikt, waar bij de controle nog vrij veel volk aanwezig was. Men was daar op de hoogte van de komst van de laatste vier sneeuwworstelaars. Op onze vraag: “Hoe ver nog?” was het antwoord: “Als jullie hard doorlopen is het nog net voor 12 uur te halen”. Tot onze niet geringe opluchting bood een groepje jongelui aan om met ons mee door de sneeuw te ploeteren. Ook de plaatselijke politieagent met zijn dienstbrommer, een kapitein Mobylette, bood aan om ons bij te lichten en daar gingen we richting Grote Wielen. Mijn hoge schoenen met daaronder de houtjes waren al uren lang met de leren riemen tot één klomp ijs en sneeuw aan elkaar gevroren. En het lopen door de sneeuw met de schaatsen nog altijd onder ging moeizaam. Opeens kwam één van de jongelui op het idee om over de dijk langs het water te gaan lopen. Dat ging ook slecht maar wel vlotter dan door de sneeuwmassa’s. Helaas voor ons komt er aan het bezit van elke boer ergens een eind. En dat hield in dat wij over een hek of andere afrastering moesten klauteren om weer verder te kunnen. Stijf en stram en onhandig in het donker kostte dat prikkeldraad schade aan lijf en leden. Eindelijk werd de ijsvlakte breder en belandden we op het meer, waar nog geschaatst kon worden. Koersend op het lichtje dat ons door onze loopvrienden was aangewezen, bereikten wij om 23.45 uur de finish. Ook bij de finish een zucht van opluchting. De laatste vier waren binnen en het licht bij de finish ging uit. We werden bij de EHBO post aldaar nagekeken en de reis naar Usquert kon beginnen. Om 5.30 uur was ik weer thuis, na een lange zware autorit. Exact 24 uur na de start in Leeuwarden. Het elfstedenkruisje van 1963 hangt bij mij thuis bovenaan.
Mijn verhaal Elfstedentocht 1963
Ik woonde en werkte op de boerderij van mijn ouders in Usquert, een dorp met ongeveer 1600 inwoners in de kop van Groningen. Onze buurman was toen landbouwer P.K. Hopma Zijlema, die in zijn jonge jaren verschillende elfstedentochten had gereden en die heeft mij overgehaald om het ook eens te proberen. Ik reed en rijdt nog steeds op Friese houten schaatsen, welke in ieders ogen matig geschikt zijn voor een tocht van 200 kilometer. Buurman Hopma Zijlema was deze mening niet toegedaan (zelf reed hij ook op Friese doorlopers). Volgens hem was onder slechte omstandigheden het rijden op “houtjes” zelfs een voordeel. Samen hebben we in die barre winter een paar tochtjes gereden onder andere op het IJsselmeer, waar de auto’s ons voorbij reden. Je zag de tocht der tochten komen, maar je zag ook de sneeuwlaag dikker en dikker worden. De banen op sloten en kanalen werden steeds smaller en het ijs slechter. Door bemaling en andere oorzaken kwamen er steeds meer grote en kleine scheuren. Toen de datum bekend werd gemaakt door het elfstedenbestuur was het nog steeds dik winter en het zou een koude winderige tocht worden volgens de weervoorspellingen. Buurman Hopma Zijlema haakte af, hij was de 60 jaar gepasseerd, maar raadde mij wel aan om mee te doen. Hij gaf wel goede adviezen, warme kleding, gezelschap en verzorgers proberen te vinden. Dat lukte: eerst de kleding, goede warme sokken in mijn gewone hoge leren schoenen. Een pyjamabroek onder de ribfluwelen (corduroy) broek en een zeem op zekere plaats om de waterleiding niet te laten bevriezen. Verder een sučde jasje met veel zakken, gebreide handschoenen en das en een gebreide muts. Verder kranten tussen hemd en overhemd en dat was het. Wij zagen kans om een groepje van vier jonge kerels te vormen en hadden ook de beschikking over twee volvo’s (kattenruggen) met damesbemanning, die ons op onze tocht zouden begeleiden. Eén van de mannen uit onze groep was een Fries, die familie in Leeuwarden had. Hij bood aan op de dag voor de tocht op tijd af te reizen om ons in te schrijven en voor onderdak te zorgen. Aan het eind van de middag belde hij op dat de inschrijving gelukt was, maar onderdak ho maar. De hele stad Leeuwarden zat propvol met rijders en journalisten. De andere twee van ons groepje hadden inmiddels zelf een slaapplaats kunnen vinden, maar Germ en ik hadden nog niks. Inmiddels was ik ook afgereisd naar Leeuwarden, waar ik Germ op het station trof (communicatie was moeilijk) die inmiddels een slaapplek had gevonden. Hij vroeg mij of ik wel eens van het Oranjehotel had gehoord, nee dus. Een luxe etablissement, waar eigenlijk ook geen plek meer was. Maar met de Elfstedentocht is er veel mogelijk en wij konden er nog bij in. Welke ruimte was voor ons tweeën beschikbaar: de bruidssuite, met midden in deze kamer een groot hemelbed, versierd met ruches en linten. Voor wij aanstalten maakten voor onze korte nachtrust, hebben wij ons met een paar Berenburgers moed ingedronken en daarna geslapen als vorsten in ons metershoge hemelbed. Ik durfde later niet tegen een ieder te vertellen dat we met twee kerels in één bed lagen, het was 1963. Op tijd gewekt en na een uitgebreid ontbijt met een taxi naar de startplaats. Dat was garage- en autospuitbedrijf Postuma, waar de ruimte werd verwarmd met open gasbranders die aan het plafond hingen. Buiten werd de schaatsonderbindplek verlicht met fakkels die enorm rookten en bar weinig licht gaven. Het was glashelder weer. De sterren fonkelden, het was goed koud (-17˚C) en het waaide matig uit het noordoosten. Ik had mijn schaatsen snel onder. Je hoeft alleen maar te zorgen dat je links en rechts goed uit elkaar houdt en met een riem trek je de zaak vast. En daar verdween je in de stikdonkere nacht. Snelle rijders op noren brulden dat ik ruimte moest maken op het smalle geveegde baantje, maar dan kwam je in de sneeuwbulten terecht die links en rechts lagen. In het begin was ik zo beleefd om dat te doen, maar je hield het niet op de been, dus daar was ik gauw mee klaar. Hij die wilde passeren, moest zelf maar door de sneeuwmassa zien te komen, wat met vallen en opstaan soms lukt. Het schaatsen was niet gemakkelijk, scheuren en pikkedonker. Dat kostte veel energie en de snelheid was niet hoog, maar op den duur kwam Sneek in ’t zicht. Vlakbij de controle stonden de vier verzorgdames te kleumen. Ik had het warm gekregen en heb daar mijn das, muts en handschoenen afgegeven. Volgens de dames onverstandig en dom. Maar ik moest die “rommel” kwijt. Later op de tocht heb ik spijt gehad van mijn niet meer aanwezige kledingstukken. Het werd langzamerhand licht en via IJlst en Sloten, ging het verder naar het zuidwestelijkste puntje Stavoren. Inmiddels was het fraai koud winterweer, maar je zag wel sneeuw stuiven en de eerste sneeuwduintjes vormden zich op de smalle baantjes tussen de opzij geveegde sneeuwbulten. Op mijn houten schaatsen liep ik daar vrij snel in vast, wat struikelen, vallen en weer opstaan tot gevolg had. De mannen op noren stoven door hun hogere stand nog vaak door die “begin”duinen heen. Toen de duinen hoger werden, liepen ook zij vast en dat harde fijne stuifsneeuw. De sneeuwduinen ontstonden doordat door de strenge vorst en harde wind het bovenste van de dikke sneeuwlaag op land en water los vroor en weg waaide. Hetzelfde gebeurt soms in de veenkoloniën en op het strand bij veel wind. Met mijn “ouderwetse” schaatsen was ik in het voordeel, want lopen, rennen door zo’n korte of lange duin gaat veel beter dan op die “hoge” noren. In Stavoren, met de neus de andere kant op, toen merkte je pas hoe hard het waaide en hoe koud het was en hoe moeilijk het zou worden richting Dokkum. Immers vanaf nu geen meter meer voor de wind. De zon scheen volop, de sneeuw stoof maar door en het zicht werd voor mij steeds waziger. Later bleek dat dat het begin was van bevroren ogen, het oogvocht bevriest dan. Niet echt gevaarlijk, maar wel erg lastig. In Hindelopen moesten we de haven uit en over het IJsselmeer naar Workum. Een heel apart gevoel geeft zoiets. Alleen op die grote vlakte, met heel veel sneeuw en wind en geen enkele beschutting. In Workum weer naar binnen, de haven in. Mijn p.k.’s minderden langzaam maar zeker, de man met de hamer kwam langs. Ik begon in te zien dat het heel moeilijk ging worden. Ik dacht: ”Als ik Bolsward haal, ben ik nog maar halfweg. Ik red het niet.” Op elke plek waar je redelijk van het ijs kon, hielden rijders er mee op. We zagen eruit als de verschrikkelijke sneeuwman, snorren, baarden, petten en dassen wit aangevroren door de eigen adem. Een bar gezicht. Eindelijk kwam Bolsward in zicht. Ik heb mijn kaart laten afstempelen en was vast van plan te stoppen. Maar bij navraag bleek het openbaar vervoer helemaal niet meer te functioneren. Ik had ook geen idee waar mijn volgauto’s zouden kunnen zijn. Wat wel duidelijk was, was dat vertrek uit Bolsward heel moeilijk was. Ook kon ik mijn schaatsen niet los krijgen. Alles was bevroren tot een klont ijs en sneeuw. Dus dan maar met de moed der wanhoop proberen Harlingen te bereiken. Daar was in ieder geval een trein om Usquert weer te zien. (Wat zou een mobieltje toen een uitkomst zijn geweest.) Via Parrega met soms een klein eindje zijwind of zelfs er vooraan, kwam ik om ongeveer 14.30 uur in Harlingen aan. Op de kade stonden mijn drie tochtgenoten en de vier volgdames. Op naar een café. Schaatsen ontdooid, een bord bonensoep en twee berenburgers en ik was weer opgepept. Instappen en naar huis was mijn boodschap, maar mijn club dacht daar anders over: “Je hoeft maar drie controles meer te hebben. Wij hebben rond Stavoren opgegeven. Het kan nog. Wij helpen, waar mogelijk is.” Daar ging ik weer, met een van de vrienden mee op weg naar Franeker. De eerste paar kilometers ging allerbelabberdst (de berenburg), maar de gang kwam er weer in, 15.30 uur in Franeker. “U bent mooi op tijd” was aldaar de mededeling. Wij sluiten om 16 uur. De reden was de hele lange tocht door Noord Friesland en het werd snel donker, te gevaarlijk. In Vrouwbuurstermolen een geheime controle. Ik was daar vlak voor 17 uur. Net voor het sluiten van de controle. Inmiddels was het pikdonker. Het waaide nog steeds hard en de sneeuw stoof maar door. Er was vrijwel geen baan meer te zien. Alleen als de wind precies in het verlengde van de te berijden baan waaide, was het ijs schoon. Verder alleen maar een wazige witte woestenij. Bij een splitsing van ijswegen moest je gokken welke kant je op moest. Geen mens meer bij de baan. Reinier Paping en de anderen waren binnen. De t.v. had de uitzendingen gestopt en zelfs de taaiste Friese supporters zaten bij de warme kachel. Zeker twee keer ben ik met schaatsen onder, naar het dichtstbij gelegen verlichte huis gelopen om te vragen welke kant ik moest gaan. Men schrok zich een ongeluk als daar zo’n halfbevroren ijsman aan de deur klopte. Maar onmiddellijk kwam men in actie en boden je alles maar aan wat in huis was om te helpen. Dat was ook het geval toen het nog licht was. Als je alles aannam wat onderweg werd aangeboden, zakte je ter plekke door het zelfs half meter dikke ijs. Immers er passeerden maar heel weinig rijders, terwijl er rond 10.000 waren gestart. De voorraden in alle tentjes en hutjes waren daar op berekend. In Bolsward en in Harlingen waren mijn ogen onder een infrarode lamp weer op zicht gebracht, maar daar boven in de uitgestrekte landerijen met een dunne bevolking zag ik langzamerhand vrijwel niets meer, alles was matglaswit. Op een gegeven ogenblik, onder een brug, waar even verder weer het pad of links- of rechtsaf ging, ben ik blijven staan met de gedachte: “Als er niemand mij achter opkomt om samen Bartlehiem of Dokkum te halen dan geef ik hier alsnog op”. Over de brug reed zo nu en dan een auto over de gladde sneeuwweg. Uit het donker kwamen plotseling drie rijders aangestrompeld: George Schweigmann, de scholier uit Harlingen en de doorzettende wedstrijdrijder van Staal. Schweigmann ontpopte zich als oudste, en met kennis van de route, als leider van onze krakkemikkige groep en wij zetten koers naar Bartlehiem. Aldaar linksaf en de Dokkumer Ee op, ’n breed water met nog vrij veel schaatsijs. Met harde wind tegen en langzamerhand botte schaatsen ging dat moeizaam. Rond 21 uur Dokkum bereikt, waar we de EHBO-post passeerden, eerst stempelen en dan naar de EHBO was het advies van Schweigmann en dat is ons geluk geweest: “U bent de laatsten die hier in Dokkum een stempel krijgen. Bij de EHBO-post werd ik onder een warmtelamp weer ziende gemaakt, helaas maar van korte duur, en kreeg Schweigmann een schoon verband om een wond in zijn scheen, die ’s morgens al was veroorzaakt door een achteruitslaande voorrijder. De wond was weer opengesprongen. De EHBO-post vertelde ons dat het nog ongeveer 18 kilometer ploeteren was. Voor de harde wind aan, op stompe schaatsen, met om de haverklap een langere of kortere betonharde sneeuwduin, ’n scheur groot of klein en niet te vergeten afgewaaide en over het ijs waaiende rietstengels veroorzaakte harde valpartijen. Maar ons groepje was een eenheid geworden. We bleven bij elkaar, en draaiden linksaf in Bartlehiem. Daar was het Siberisch, zijwind op het vrij smalle watertje met heel veel sneeuw. Het was baggeren tot in Oudkerk, waar we rond 23 uur bij de geheime controle arriveerden. Onder een brug stond een groepje jongelui en een politieagent met een bromfiets ons op te wachten. In Oudkerk was het bekend dat de vier (wij) onderweg waren gegaan vanuit Dokkum als allerlaatsten. Ze boden aan, om met ons mee te lopen en het pad te wijzen. Met elkaar doken wij opnieuw Siberië in. Wij met schaatsen onder en zij op laarzen en de politieagent met zijn brommer, die gaf enig licht. De afstand Oudkerk – Grote Wielen is om en bij 5 km. Dus wij moesten de gang er al …. goed in houden om voor 24 uur binnen te zijn. Na een tijdje sneeuwklunen kwam een van de jongelui op het idee dat lopen op de dijk naast het watertje wellicht beter zou gaan. En dat was ook zo. Veel minder sneeuw, maar aan het eind van elke boer zijn bezit staat een hek of een prikkeldraadafrastering. Daar overheen was een groot probleem, scheuren in de broek was het gevolg. Ook wilden de spieren en gewrichten niet meer wat de eigenaar wilde. Onze begeleiders bleven ons aanvuren en weer op de been helpen tot wij niet meer konden verdwalen en de finish in de verte in zicht was. De laatste meters hebben we nog zo’n beetje glijdend afgelegd. Bij het finishhutje, een zucht van verlichting, de ene lamp als eindpunt werd uitgedaan. Deze tocht zat erop. Door dokter Wiemers (?) werden wij nagekeken, de startkaart afgetekend, 23.45 uur was onze eindtijd: bijna 18 uur onderweg geweest! Een van de volgauto’s, met inmiddels een verse bemanning, had de gehele achterbank voor mij gereserveerd. Wat een weelde: warmte en zachte kussens voor de stramme en stijve ledematen. Het was een lange reis terug naar Usquert. De wegen die nog te berijden waren, waren glad en vol sneeuwduinen en vele polderwegen waren afgesloten. Om 5.30 uur weer thuis, 24 uur na de start in Leeuwarden. Een geweldige belevenis.
Verhaal Elfstedentocht 1997
Het is 3 Januari en in huize Nienhuis in Usquert is de stemming niet optimaal. Mijn vrouw Netteke ziet mijn deelname aan de tocht niet zitten: “ Je bent de 60 voorbij. Je rijdt alleen als er eens een keer natuurijs ligt. Je hebt één tochtje van 30 km gereden. Je bent geen 27 jaar meer zoals in 1963. Niet doen, dit wordt een afgang of nog erger blessures”. Ik heb in ons dorp een goede vriend wonen, Popko Westerhuis, ook lid van de club en die gebeld. Ik zei: “Advies van mijn thuisfront, niet meer meedoen. Hoe is bij jou de situatie?” Antwoord: “Hetzelfde, ook geen deelnamesteun”. Ik: “Wat doen we?” Popko: “Rieden”. Eerste probleem opgelost. “Hoe gaan we naar Leeuwarden. Rij jij of ik?” Popko: “De deelnemers aan de elfstedentocht hebben vrij reizen met de NS”. Wij om 15 uur in de trein (lijn Roodeschool-Groningen). Conducteur komt langs: “Kaartjes heren”. Popko: “Niet nodig, wij rijden de Elfstedentocht”. Conducteur: “Ik weet niet of de heren het weten, maar die tocht is morgen op zaterdag en ’t is vandaag vrijdag”. Popko: “Dan zou ik de instructies nog maar eens goed doorlezen, man. Wij zijn deelnemers en dus reizen wij voor niets”. Conducteur: “Ik meen het toch goed te hebben gelezen, alleen op de dag zelf vrij reizen. Maar goed twee man weten meer dan één. Goede reis en succes morgen heren.” Groningen-Leeuwarden: Geen probleem. Aanmelden en betalen en weer op Usquert aan. Leeuwarden-Groningen: Probleemloos. Maar van Groningen naar Usquert kwam dezelfde conducteur langs van ’s middags met een grijnzende kop en met een formulier in de hand. “Heren uw verhaal klopte niet, de mijne wel. Morgen is het vrij reizen en vandaag betalen. Dat wordt retour Usquert – Leeuwarden en twee keer dat bedrag als boete. Wilt u even afrekenen?” Onze start was dus niet om vrolijk van te worden. ’s Avonds de spullen bij elkaar zoeken, de schaatsen nog laten slijpen, niet te laat naar bed en de wekker op 3 uur om in Groningen de trein van 4 uur te halen. Het station in de stad vol met volk evenals de trein richting Leeuwarden en dat ’s morgens om 4 uur. Samenstelling van de treinreizigers, weinig scheuvellopers en heel veel supporters, die toen al berenburg uit plastic glazen dronken. Het werd een luidruchtige reis. Tot onze schrik schoot de trein niet vlot op. In Leeuwarden wij in sukkeldraf richting de FEC hallen. Onderweg zijn we nog over dranghekken geklommen, wat later de corridor naar het vertrekpunt bleek te zijn. In deze grote hallen worstelden we ons richting vak één. Daar aangekomen was dat vak al leeg. In de nog startende vakken volgepakt met rijders in de meest fraaie pakken met lampen op de kop, keek men ons meewarig aan. Die oudjes met hun houtjes om de nek willen ook nog meedoen en zijn ook nog te laat. Tussen groep 1 en 2 naar het ijs gelopen en dat had als voordeel dat wij royaal in de tv camera’s belandden en het thuisfront kon zien dat wij onderweg waren. Glad mooi ijs. Het schaatste prima, alleen moest ik met mijn houtjes drie streken maken tegenover de Noormannen één. Men vloog mij met grote snelheid voorbij. Dat geeft geen goed gevoel. Het werd een fraaie dag met zon en wind uit het noordoosten. Ik geloof dat ik tot Stavoren alleen maar ingehaald ben, niemand was langzamer dan ik. Maar het schaatste toch prima. In Stavoren de steven gewend en tegen de wind in. Dat viel tegen. Bolsward komt in zicht. De tocht zit er half op, maar de pk’s meer als half. Mijn vrouw Netteke en ik hebben drie kinderen. De oudste, zoon Freerk, was voor deze tocht ingeloot, woont in Amsterdam, en ik had hem per telefoon veel succes gewenst. Zijn starttijd was rond 10 uur. Ik gaf hem weinig kans. De oudste van de beide dochters is “potjedokter” (consultatiebureauarts) in Grou. Getrouwd en op dat moment moeder van een baby’tje van een paar maand oud en die had gezegd: “Wij moedigen je aan”. En inderdaad op een bruggetje stond een auto met een groot bord ernaast: Zet hem op Jaap uit Usquert. Uiteraard ben ik gestopt. Dochter: “Hoe gaat het?” Ik: “ ’t Valt me niet mee.” Zij: “Dat zien we. Je ziet er beroerd uit en wat is er met je linkeroog?” Ik: “Koud als een steen, het zal wel weer bevroren zijn, net als in 1963.” Zij: “Daar moet je wat aan doen, dat is gevaarlijk hoor, waarom heb je geen bril?” Ik: “Nooit een bril gehad en wat moet ik dan aan dat oog doen?” Zij: “Geen idee, alleen kleine kinderen is mijn vak” Ik: “Dat valt me tegen, ik dacht dat je met de medicijnenstudie overal wat van weet.” Zij: “Je moet je melden bij de eerstvolgende EHBO-post. Die staan overal langs de route. En ook doen hoor!” Daar ging ik weer, richting Harlingen. Na enige tijd doemde een grote legertent op met een Rode Kruis vlag in top. Ik naar binnen. Het was een hele grote, afgeladen vol met stretchers. Wanneer je daar op gaat zitten, ben je meteen verloren. Iedereen kijkt op je neer. Een hele rij verpleegsters en een soldatendokter. Men keek zorgelijk. Op mijn vraag of men niet een beetje op wilde schieten, kwam het hoge woord van de dokter eruit. “Ik heb geen idee, wat ik met dat oog aan moet”, zei hij. “De laatste dagen heb ik alles bestudeerd wat maar enigszins zou kunnen voorvallen, maar ogen heb ik laten passeren. Iedereen heeft een bril. Waarom u niet?” “Ik heb geen bril.” “Ik zal een collega-arts consulteren” was zijn idee en na enige tijd (voor mij een eeuwigheid, want tijd is bij de elfstedentocht meters) kwam arts nummer 2 tevoorschijn en samen kwamen ze tot de diagnose: “Wij doen 4 druppels in dat oog en dan heeft u 2 kansen.” Dat kon ik ook bedenken. “Het helpt of het helpt niet.” Zo was het inderdaad. Het hielp niet. Het zicht was gehalveerd. Met de strenge opdracht om mij bij de volgende EHBO tent weer te melden ging ik het ijs weer op. Het valt tegen met één oog zicht. Een scheur daar stap je niet over, maar precies in. Het afstand schatten zit fout, maar dat went vrij snel. Harlingen was heel in de verte te zien. Opeens weer een grote EHBO tent op de wal. Ik stond in twijfel, wel of niet bij het bad omhoog en naar binnen. Ik ben naar binnen gekluund. De opdracht van de vorige soldatendokters was immers duidelijk en na 21 maanden diensttijd vroeger, volg je nog steeds bevelen van een meerdere op. Nog geen meter binnen, was de ontvangst zeer vriendelijk. Men was klaarblijkelijk van mijn komst op de hoogte. “Hoe gaat het?” “Nog steeds zicht met één oog.” “Dan adviseren wij u met klem om te stoppen.” Daar zit je dan. Rondom ingebouwd door goedwillend verzorgend volk. Op mijn vraag: Hoe kom ik in Harlingen, was het antwoord. “Daar brengen wij u naar toe. Hier is vervoer plenty.” Ik was net van plan om de schaatsriemen los te trekken, toen er een wat oudere groen geüniformeerde arts op het tafereel afstapte: “Wat is hier aan de hand, heren?” “Wij hebben deze rijder geadviseerd te stoppen.” De senior bekeek mij eens goed en constateerde dat deze rijder fysiek en mentaal nog niet helemaal versleten was en kwam met de unieke diagnose om het oog af te plakken, met een grote dot watten, dan een wit verband vastgehouden door pleisters over ’t voorhoofd en neus en ik kon weer verder. Op naar Harlingen. Inmiddels was het rond de middag en de hele morgen had ik om het half uur mij via een mobieltje in het zaterdagmorgen radio Noord programma gemeld. Dus de gehele provincie en daar buiten was op de hoogte van mijn belevenissen. Helaas waren de verbindingen toen nog verre van ideaal, dus er ging wel eens een verbinding verloren en vlak voor Harlingen gaf het ding helemaal de geest. Einde van mijn radioverhalen, maar iedereen leefde voor 100 % mee en was zeer benieuwd naar het vervolg wat de volgende dag op de radio is vermeld. Ik schaats Harlingen binnen en wie ontwaar ik op de kade aldaar: Mijn vrouw Netteke. Die schrok zich een ongeluk. Haar man met een joekel van een pleister voor één oog. “Ben je tegen een brug opgevlogen?” “Nee, een bevroren oog. Koop me een bril hier in de stad. Het wordt straks donker en nog kouder en anders bevriest m’n goeie oog ook nog.” Zij op pad in de stad. Geen bril, alle winkels gesloten, alleen de horeca open. Inmiddels was ik op weg naar Franeker. Met de duidelijke opdracht van haar om daar te stoppen met hopelijk een Franeker bril. Ook mislukt. Franeker is met z’n stadswallen een geweldig podium voor duizenden toeschouwers en als daar opeens een elfstedenrijder op houtjes met een verband op z’n kop voorbij komt, reageert het publiek massaal positief. Men applaudiseerde en je zweeft als het ware op de aanmoedigingen door Franeker. Helaas buiten de stad geen applaus meer en moet je het weer helemaal alleen doen. Dan ga je op pad, het grote kale noorden in met inmiddels een ruilmobieltje. Opeens ging dat ding. Netteke belde en zij was gebeld door mijn medestrijder Popko die in Parrega had opgegeven. Zij daar heen, hem ophalen en zijn bril naar Vrouwbuurstermolen en ik was in brilbezit. Helaas lekte dat ding, door het verband op het andere oog zo erg dat er een forse windstroom langs het goede oog ontstond. De bril heeft de rest van de tocht op het voorhoofd vertoefd en niet voor het nog goede oog. Het is een lang zwaar eind tegen de wind in naar Bartlehiem. Bartlehiem is een kritiek punt. De rijders terug van Dokkum komen met een noodgang voor de wind angevlogen, rijden rechts en moeten dan linksaf richting Oudkerk. De rijders nog op weg naar Dokkum moeten tussen die raketten maar zien aan hun goede kant te komen. Daarbij is het donker, dus spannend. Om 20 uur Dokkum bereikt, waar Netteke met beide dochters me opwachtten. Dokkum met z’n natuurlijk podium en burgemeester Sybesma als een eersteklas entertainer is één en al gezelligheid. Met m’n familie op een bankje, een sigaartje in de brand, wat wil je meer. Voor de wind de laatste 18 km, een fluitje van een cent dacht ik. De eerste paar kilometer ging goed, maar toen kwam de man met de hamer, nee een moker. Bij Birdaard ging het opeens niet meer. Aan de oostkant van dat dorp een EHBO post. Ik dacht als ik daar stop, halen ze me onmiddellijk van het ijs, dus een eindje doorgereden en ben toch op de kade gaan zitten. Vrij snel kwamen een paar jonge meisjes langs gelopen met de vraag wat er aan schortte. Ik: “ ‘k Heb de lamp oet, het wil niet meer.” “Dan moet u naar de EHBO post meneer, ongeveer een ˝ kilometer terug.” Dat nooit, met zo’n monstertocht alleen vooruit, nooit terug. De meisjes boden aan dat ik met hun naar huis kon, vlakbij, dat hun vader schoolmeester in Ferwerd was en ook bij de EHBO was. Daarheen gestrompeld. In ruim drie kwartier daar opgekalefaterd, met chocolademelk, massage, praten en bellen met het thuisfront. Na een hartelijk dankjewel, opnieuw de kou weer in. Het ging zwaar maar via Oudkerk, daar weer een pauze, op naar de finish. 22.30 uur staat er op mijn controlekaart. Dan moeten de schaatsen onderweg. Helaas kun je daar zelf niet meer bij komen. Heupen en kuiten weigeren dan verdere kromming. Dus gevraagd aan buurvrouw op m’n bankje: “Zou u m’n schaatsen los willen maken, m’n armen zijn te kort.” Ze kijkt me aan of ze sneeuw ziet branden, maar helpt wel. Lopen gaat gelijk een majonet, maar het gaat, kaart aftekenen, per bus naar het station om 1 uur terug in de stad. Met eigen auto door Netteke opgehaald en om 2 uur weer thuis. En nog een borreltje ingeschonken en toen opeens telefoon. Zoon Freerk belde: “Pa, jij was met George Schweigmann in 1963 de laatste. Ik heb het ook gehaald een paar minuten voor 24 uur.”. We hebben ons nog een extra borreltje ingeschonken.
HET VERHAAL VAN ELFSTEDENTOCHT RIJDER JOHAN BROUWER.
Beste Eef, Allereerst dank voor je sympathieke reactie. Fijn om te zien dat ik iemand hiermee een plezier heb kunnen doen. Lovenswaardig initiatief, een Friesche Elfsteden Vistocht! Heel origineel, ook de manier waarop: niet zomaar de grootste, maar een hoeveelheid aan tijd gebonden, inclusief stempelkaart. Echt heel leuk, ik ben geen visser maar kan me voorstellen dat het enorm gezellig moet zijn.
Het is absoluut geen probleem om delen uit mijn verhaal te verwerken, wanneer je dit doet, wil je dan een link naar mijn site maken in het verhaal.
Veel succes met De Friesche Elfsteden Vistocht!
Hartelijke Groet Johan Brouwer Verhaal van een Elfstedenrijder 4-1-1997.
De Finish
Ook de Dokkummer Ee kent zijn grenzen, weer bij Bartlehiem aangekomen leide (lijdde?) de tocht mij pal oost, tegen de wind in.
HET INTERVIEW VAN YNZE EN EEF IN HET FRIESCH DAGBLAD.
Voor niets stad en land af voor Ard-en Keessiemuts
Sippie Miedema
Sloten - Stad en land afgezocht heeft hij voor zo'n Art-nl Keessiemuts, en nu is hij door de bemanning van De Hel van '63 ingedeeld bij de toeschouwers en moet hij een hoed op. Een heel klein beetje teleurgesteld is Ynze de Jong uit Amsterdam toch wel. Op het aanmeldingsformulier werd specifiek gevraagd naar zijn Elfstedenervaring. Op basis daarvan is De Jong er toch een beetje vanuit gegaan dat hij voor de film heel dunnetjes mocht overdoen wat hij in '63, '85 en '97 in het echt had gedaan.
Maar goed, hij vermaakt zich best tijdens de opnamedag in Sloten. Ook al zijn de sneeuw en het ijs nep en is het eerder voorjaar dan winterweer: Hij en zijn zwager kunnen toch het Elfstedensfeertje proeven.
Zijn zwager en buurman Evert Kuijt had De Jong opgegeven als figurant voor de nieuwste film van Steven de Jong. Met name Kuijt, al heeft hij hem zelf nooit gereden, is een echte Elfstedenfan. In '63 was hij elf. Het maakte een enorme indruk op hem dat het negentienjarige vriendje van zijn zus - De Jong dus - die barre toch reed. Dat de tiener in Bolsward afstapte, deed niets af aan zijn bewondering. De Jong echter heeft nog altijd een beetje last van die beslissing. ,, Ik zag niets meer. Ik wist niet meer waar ik was: of ik nu in een weiland rondstapte of op het ijs reed, geen idee. Mijn oogleden waren bevroren, het weer werd slechter. Toen dacht ik: ik kap ermee. Een auto pikte mij op. Maar ik zat nog geen vijf minuten in die warme auto En toen kreeg ik al spijt. "
Rationeel denkt hij dat de kans om in die omstandigheden de tocht wel uitgereden had, heel klein was. Maar toch, die twijfel. Zo'n Elfstedentocht is toch een unieke ervaring, eentje die je niet vaak krijgt. Revanche, om alsnog dat kruisje te halen, kreeg hij uiteindelijk 22 jaar later. Met Kuijt had hij in '63 afgesproken dat die bij een volgende Elfstedentocht zou meegaan als verzorger. Op het moment supręme kon Kuijt echter niet vrij krijgen. ,, Een collega wilde niet ruilen omdat hij een verjaardag had. Tot op de dag van vandaag heb ik nooit meer met hem gesproken. "Een jaar later hij kon er weer niet bij zijn: Toen overleed de oma van De Jong. Pas in 1997 konden de mannen eindelijk samen de Elfsteden beleven.,, Geweldig. Die sfeer. Zoiets vergeet je nooit weer", aldus Kuijt.
Sinds die tocht in 1997 is hij helemaal Elfstedenfan. Hij heeft hem al in de auto gereden, organiseert komende zomer zelfs voor de 10e maal een Elfsteden Vistocht en toen zich de kans voordeed om als figurant mee te spelen in een Elfstedenfilm dan is de 56 jarige er als de kippen bij. "Ik zag die oproep op internet en dacht: Goh, dat is leuk."
Het is lang niet zeker dat-De Jong en Kuijt uiteindelijk in de film te zien zijn. Alleen al in Sloten zijn Driehonderd figuranten. ,, En in Sneek hebben we er straks zelfs achthonderd nodig ", vertelt hoofd figuratie Dorret Klunder. Via de media zijn mensen opgeroepen zich te melden als figurant, en in een zo authentiek mogelijk jaren zestig-look.,, Dat is aardig gelukt" , vindt Rosita de Groot. Een figurant is komen opdagen in de kleding die hij droeg tijdens de tocht van '63.
Glitters
Heel af en toe slaan mensen de plank mis. ,, Dan zijn de kleuren van kleding net iets te fel of hebben ze een sjaaltje met glitters erin. Ja, dat hadden ze in die tijd nog niet. "Erg is dat niet. Van een groot kostuumverhuurbedrijf uit Praag heeft de bemanning van De Hel van 63 een hele partij warme jaren zestig kleding gehuurd.,, Dan kunnen we zo een sjaal of muts uitlenen", vertelt Ingrid Schagen. Degene die zich volgens het Productiebedrijf het mooist uitgedost heeft, mag bovendien mee naar de opnamen in Lapland. Wie er bovenaan staat, kan Schagen niet zeggen. Maar zelf heeft ze wel een favoriet. ,, Er kwam ook een gezin, compleet verkleed. De jongetjes in overal. Zo leuk. Met name die kinderen waren zo enthousiast. "
De Hel van '63
Ondanks het barre winterweer besluit het Elfstedencomité, onder druk van de media, dat de Elfstedentocht doorgaat. Onder de deelnemers bevinden zich soldaat Henk Buma (Cas Jansen), boerenzoon Sjoerd Lelkama (Lourens van den Akker), arbeider Kees Ferwerda (Chris Zegers) en verpleegster Annemiek (Chava voor in 't Holt). Elk hebben ze een reden om mee te schaatsen. Het script is van Jean Ummels, die het verhaal deels heeft gebaseerd op de ervaringen van schaatscoach Henk Gemser. Gemser reed als een van de weinigen de tocht in 1963 uit. De Elfstedentocht van 18 januari '63 is berucht vanwege de barre omstandigheden. Het vroor ruim 18 graden en er stond een sterke oostenwind. Van de 568 wedstrijdrijders wisten slechts 57 rijders binnen de vereiste twee uur na de winnaar (Reinier Paping) binnen te komen. Van de 9.294 toerrijders haalden slechts 69 de eindstreep.
LEEUWARDEN - Prins Willem- Alexander woonde zondagmiddag de premičre bij van de Elfstedentochtfilm De Hel van '63 van Steven de Jong. In de Friese hoofdstad Leeuwarden werd de kroonprins meteen door pers en publiek aangesproken als meneer Van Buren, de naam waarmee hij in 1986 zelf de Elfstedentocht volbracht.
''In 1963 was ik er helaas niet bij, maar dankzij de film kunnen we het jaar herbeleven'', zei prins Willem Alexander. Hij zei blij te zijn weer in Friesland te zijn en herinnert zich zijn eigen tocht als een groot feest.
Op de premičre in WTC Expo met 2750 gasten zijn ook schaatshelden van weleer aanwezig en hoofdrolspelers Chris Zegers, Cas Jansen, Chava voor in 't Holt en Lourens van den Akker. Veel gasten speculeerden bij een winterse temperatuur van -5 graden Celsius over een echte Elfstedentocht.
ALLE WINNAARS VAN DE ALTERNATIEVE ELFSTEDENTOCHTEN.
Winnaars van de Alternatieve Elfstedentochten
Jaar
Plaats
Afst.
Naam
1974
Lillehammer
200
Kruithof
1976
Lahti
200
Kruithof
1976
Lillehammer
180
Wardenier
1977
Oulu
200
Kruithof
1978
Oulu
200
Kruithof
1978
Lahti
100
Jonkman
1979
Elburg
190
van Wijhe
1979
Zevenhuizen
200
van Wijhe
1979
Oulu
200
Kruithof
1980
Oulu
200
Kruithof
1981
Lahti
200
Kruithof
1982
Zevenhuizen
200
Niesten
1982
Lahti
200
Kruithof
1983
Newport
200
Kruithof
1984
Ottawa
200
Westerveld
1984
Kuopio
200
Kruithof
1985
Elburg
203
Boon
1985
Zevenhuizen
200
Niesten
1991
Kuopio
200
Kruithof
De Alternatieve Elfstedentochten dateren van 2 maart 1974 en zijn 200 kilometer wedstrijden die steeds op een baan van maximaal 50 kilometer werden gehouden. Sinds 1989 wordt deze Alternatieve Elfstedentocht in Oostenrijk op de Weissensee gereden.
VAN DER WAL PAKT ZEGE OP LOODZWAAR VELUWEMEER 2010.
Veluwemeertocht ware slijtageslag
Van der Wal pakt zege op loodzwaar Veluwemeer
Hij heeft er even op moeten wachten, maar dan heb je ook wat. De eerste zege van Geert-Jan van der Wal is er direct eentje om in te lijsten. De 24-jarige schaatser uit de Nefit-ploeg was donderdag de sterkste tijdens de Veluwemeertocht.
De tocht over honderd kilometer over het Veluwemeer liep, zoals vooraf al voorspeld, uit op een slijtageslag. Slechts twintig deelnemers haalden de finish. Van der Wal, student aan de Hogere Landbouwschool in Groningen, was de beste. Hij klopte Jouke Hoogeveen in de eindsprint. Van der Wal is daarmee de opvolger van René Ruitenberg, die in 1997 de vorige Veluwemeertocht op zijn naam schreef.
Bij de vrouwen ging de winst naar Mireille Reitsma. Ze soleerde naar de winst.
DE FRIESCHE VLAG EN HET FRIESCHE VOLKSLIED EN EEN MOMENT VAN RUST EN BEDANKT VOOR HET BEZOEK.
De Friese Vlag De Friese vlag kenmerkt zich vooral door de 7 banen en 7 pompeblęden (pompe- of waterleliebladeren). Deze 7 pompeblęden symboliseren, net als de 7 blokjes in het wapen, de 7 zeelanden.
In 1897 werd de vlag, naar een ontwwerp van Wenning, door Geduputeerde Staten erkend en in 1927 voor het eerst officieel op het Provinciehuis. Pas in 1957 is de vlag door de Staten van Friesland vastgesteld en aan de Koning ter bevestiging aangeboden.
Het Statenbesluit is afgekondigd in het provinciaal blad van 21 april 1958, nummer 12.
It Fryske Folkliet Het Friese Volslied
Luister naar de muziek van het het Friese Volslied
Frysk bloed tsjoch op! Wol no ris brűze en side. En bűnzje trouch us ieren om! Flean op! Wy sjongenit bęste lân fan díerde. It Fryske lân fol eare en rom. Klink dan en daverje fier yn it rűn Dyn âlde eare, o Fryske grűn! Klink dan en daverje fier yn it rűn Dyn âlde eare, o Fryske grűn!
VERTALING:
Fries bloed kom op, Wil bruisen en koken en door onze aderen bonzen. Vlieg op, We zingen van het beste land van de aarde. Het friese land vol eer en roem. Klink dan en daver ver in het rond, Jouw oude eer, o Friese grond. Klink dan en daver ver in het rond, Jouw oude eer, o Friese grond.
Beste Friesche Elfsteden Vrienden & Vriendinnen.
Ook bij de Tocht der Tochten hoort een moment van rust, kijk, luister en geniet van beeld en geluid.
(Klik 1X op het blauwe Dolfijntje)
Beste Friesche Elfsteden Vrienden & Vriendinnen.
Gefeliciteerd!
U heeft een flink aantal blokken doorgelezen! Voor u ook een hele prestatie!
Tot slot mijn dank gaat uit naar "De Vereniging De Friesche Elfsteden". Ik ben zo vrij geweest een foto van het KRUISJE van de homepage te kopieren. Verder nieuws van de gehouden ledenvergaderingen.
Het weer komt van de site: Arend weerstation.
Voorts heeft de Telegraaf een dossier met Elfstedenfoto's. Ook deze foto's heb ik gebruikt.
Mijn dank gaat verder uit naar NOS langs de lijn en Twee van daag die beide voor de link zorgen van beeld en geluid.
Mijn dank gaat ook naar de site beeld en geluid en de VPRO.
Ook is het mogelijk dat ik iets van u heb geleend het is niet voor commerciele doeleinden en alleen maar omdat ik het een fantastische gebeurtenis vind.
Commentaar? Ik verneem het graag van u, via: 06-50814007
Mijn grote dank gaat uit naar de VPRO voor het mogelijk maken van deze unieke beelden en de site Beeld en Geluid is te vinden op: Google onder: Beeld en Geluid
4 januari 1997 Wat een dag en wij waren erbij.
Armband tijdens de 15e Friesche Elfstedentocht.
Het Elfsteden traject.
Donderdag 2 januari 1997 Henk Kroes spreekt de historische woorden "It Giet Oan" en eindelijke na 11 jaar is er weer een Elfstedentocht.
Donderdag 2 januari 1997 IJstransplantatie in Sneek.
De start van De 15e Friesche Elfstedentocht voor de wedstrijdrijders.
Wedstrijdleider Gerrit v/d Ham heet iedereen van harte welkom.
Wachten in de kooi en buiten is het -12 graden.
Wachten in de Kooi.
Wachten in de kooi.
En wachten in de kooi.
Dan eindelijk gaat de kooi open en de eerste 1900 meter moet er gelopen worden, van het FEC naar de Zwette-Haven en de gevoelstemperatuur is -26 graden.
Het was heel druk in de Zwette-Haven.
De kopgroep onder de brug in Hindeloopen.
Zo gaat het stempelen en je moet alle elf stempels hebben anders geen kruisje en nog binnen de tijd ook.
De koplopers aan het klunen
De achtervolgers tussen Bolsward en Harlingen.
De achtervolgers aan het klunen in Witmarsum.
De koplopers ergens tussen Franeker en Dokkum.
De koplopers in Harlingen.
De toeschouwers in Dokkum zijn in afwachting van de koplopers.
Angenent en Hulzebosch vechten om de eerste plaats.
Henk Angenent klopt Erik Hulzebosch met slechts een meter voorsprong.
Triomfantelijk steekt Henk Angenent de handen in de lucht: Hij is de winnaar van de vijftiende Elfstedentocht.
De finish van boven gezien.
Drukte bij de finish op de Bonke-Vaart
De aankomsttijd van Henk Angenent.
Angenent geeft na afloop een persconferentie.
Klasiena Seinstra kan het nog steeds niet begrijpen.
De Helden van de 15e Friesche Elfstedentocht: Klasiena Seinstra en Henk Angenent.
Ook deze onvermoeibare muzikanten zouden een kruisje moeten krijgen.
Maar dan ook de toeschouwers.
De Winnaar Henk Angenent
De Start van de 15e Friesche Elfstedentocht voor de tourrijders.
Na 1.900 meter lopen kunnen eindelijk de schaatsen onder in de Zwette-Haven.
De laatste toerrijders komen door in Sneek.
De grachten van Sloten in een schilderijtje.
Wat een plaatje, de molen in het kleinste stadje van Friesland Sloten.
Ergens tussen Sloten en Stavoren.
Doorkomst in Stavoren.
Stempelen in Stavoren.
Doorkomst van een toerrijder in Hindeloopen.
Uit de lucht de bocht in Hindeloopen.
Doorkomst in Hindeloopen.
Workum uit de lucht
Het prachtige gedeelte tussen Workum en Bolsward .
Doorkomst in Bolsward.
Stempelen in Bolsward.
Op weg naar het beroemde trekgat 200 meter voorbij Bolsward.
Ergens tussen Bolsward en Harlingen.
Het overbekende Franker fietstunneltje.
Stempelen in Franker
De molen van Birdaard
Een molen tussen Bartlehiem en Dokkum.
Bartlehiem uit de lucht.
Het bord op het bruggetje van Bartlehiem.
Het in 2004 overleden Ex-Rayonhoofd van Bartlehiem Sjirk Velstra
Evert van Benthem tweevoudig Elfsteden winnaar reed in 1997 de Toertocht met 3 vrienden.
Deze toerrijder heeft een deken gekregen in Dokkum om zich warm te houden
Aankomst in Dokkum van enkele toerrijders.
Stempelen in Dokkum en het meisje van de Snert staat al klaar op je mee te nemen naar de Unox tent.
Bart Veldkamp komt als nummer 29 over de finish samen met twee maatjes.
De laatste fles Berenburg ergens op de Bonke-Vaart in een bosje.
De politie was in grote getalen aanwezig maar mijn muts af voor deze mensen alles mocht en kon die dag.
Duizenden en duizenden schoenen achter gelaten in de Zwette-Haven.
RECORDS ZATERDAG 4-1-1997
Veel records werden gebroken bij de Vijftiende Elfstedentocht. Zo was dit met 199.6 kilometer de langste ooit. Met 9.2 miljoen kijkers had de tocht ook een kijkcijferrecord gebroken: nooit eerder zaten zoveel mensen voor de buis. Een speciaal record was er voor Klaas de Groot uit Idaard. Door ook deze tocht te voltooien wist hij zijn totaal aan Elfstedenkruisjes op negen stuks te brengen. Alle negen elfstedentochten volbracht hij op "houtjes", ook dit is een record. Nog een record was er voor het aantal mensen dat de tocht uitreed: van de 16.430 toerschaatsers kregen er 11.338 een kruisje. Van de 256 mannelijke wedstrijdschaatsers finishten er 112 binnen de limiet. Bij de vrouwelijke wedstrijdschaatsers kregen 10 van de 52 het felbegeerde Elfstedenkruisje. De PTT registreerde 57.000 mobiele telefoongesprekken, in een tijd waarin er op een normale dag 5700 gesprekken werden gepleegd. Ambulances moesten in totaal 150 keer uitrukken. De politie had een macht van 1300 agenten op de benen gebracht, maar echt grote calamiteiten deden zich niet voor.
Het Bestuur
Het bestuur van de Vereniging 'De Friesche Elf Steden' bestaat uit elf leden en is enerzijds verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de Vereniging en anderzijds voor de organisatie van de wedstrijd en de toertocht. Bestuursleden worden in de Algemene Ledenvergadering gekozen of herkozen voor een periode van drie jaar. Aftredende bestuursleden zijn in dezelfde vergadering herkiesbaar. Personen van zeventig jaar of ouder zijn niet meer her- of verkiesbaar.
Het bestuur van de Vereniging bestaat na de Algemene Ledenvergadering van 18 december 2006 uit de volgende personen: Voorzitter: W. Wieling Penningmeester: O. de Jager Secretaris: H. Dijkstra Wedstrijdleider: H.P.van der Werf IJsmeester / Meteorologie: J.H. Oostenburg Publiciteit: Mervr. I. Jonkman Verbindingen/Vervoer: Mevr. O. Mulder Materiaal beheer: W. Kimsma Medische begeleiding: J. S. de Graaf
Met ingang van 2005 heeft het bestuur ondersteuning van een secretaris die voor halve dagen is aangesteld.
Rayonhoofden De route is ingedeeld in 22 rayons. In elk rayon vertegenwoordigt het 'rayonhoofd' de Vereniging. De rayonhoofden zijn verantwoordelijk voor de doorgang van de tocht door hun rayon.
De belangrijkste taken van het rayonhoofd zijn:
Het eenmaal per dag meten van de ijsdikte. De ijsberichtgeving. De verzorging van ijstransplantaties. Het maken van klunvoorzieningen. De zorg voor een veilige ijsweg. Het overleg met de plaatselijke overheid. De controle van tocht- en wedstrijdrijders. Het melden van de doorkomst van de kopgroep van de wedstrijdrijders. Het waken voor een veilige passage langs het publiek.
Een rayonhoofd wordt in de meeste rayons bijgestaan door een assistent-rayonhoofd. Beiden worden door het bestuur benoemd. Bestuur en rayonhoofden bespreken tijdens de rayonhoofdenvergadering de laatste stand van zaken van de ijswegen en het weer. Daar wordt ook gekeken of, en zo ja wanneer, er een Elfstedentocht kan plaatsvinden.
In 2006 zijn er de volgende (assistent)rayonhoofden:
Rayon Zwette: P. R. van der Kooij en E. Rodenhuis (assistent)
Rayon Dille:
P. de Hoop en P. Siksma (assistent)
Rayon Sneek:
W. Cnossen en J. Hoogland (assistent)
Rayon IJlst:
J. K. van der Woude en H. van der Zee (assistent)
Rayon Woudsend:
C. J. Nagelhout en A. S. Nagelhout (assistent)
Rayon Sloten:
D . Schotanus en G. Stegenga (assistent)
Rayon Balk:
M. Dijkstra en A. B. Hylkema (assistent)
Rayon Galamadammen:
A. Blom
Rayon Stavoren:
P. Visser en mevr. M. Bouma (assistent)
Rayon Hindeloopen: W. Kelderhuis en G. Bootsma (assistent) Rayon Workum:
Th. J. Beuker en S. A. Westra (assistent)
Rayon Bolsward:
J. van der Klis en H. Poppe (assistent)
Rayon Witmarsum:
B. de Vries en H. van der Wetering (assistent)
Rayon Harlingen:
H. G. N. Boon en K. Dijkstra (assistent)
Rayon Franeker:
U. Noordenbos en Y. T. Koopmans (assistent)
Rayon Wier:
G. Boekema en K. J. Runia (assistent)
Rayon Vrouwbuurt:
P. J. Faber en A. Hamstra (assistent)
Rayon Oude Leije:
H. Siegersma en mevr. J. Broersma (assistent)
Rayon Bartlehiem:
H. van Althuis en F. Kloosterman (assistent)
Rayon Birdaard:
J. K. Tigchelaar en D. H. Brouwer (assistent)
Rayon Dokkum:
P. Hamstra en G. J. M. Tigchelaar (assistent)
Rayon Leeuwarden:
W. Bosch en P. Oele (assistent start) en Sj. Veenstra (assistent finish)
Vrijwilligers De Vereniging heeft nadrukkelijk een niet-commercieel karakter en kent dan ook geen sponsoren. Duizenden vrijwilligers helpen als de Tocht der Tochten doorgaat. Dat is de kern van de Vereniging. Maar ook in ijsvrije jaren is er genoeg te doen: denk bijvoorbeeld aan de ledenadministratie, de financiële administratie en het oplossen van knelpunten in de route.
Wedstrijd en Reglement
Alles op een rij. Naast een toertocht wordt de Elfstedentocht ook in wedstrijdverband gereden. Aan de wedstrijd mogen mee doen Marathon A-rijders/A-rijdsters, B-rijders en veteranen in het bezit van een voor dat seizoen geldige K.N.S.B.-licentie en lidmaatschap van de Vereniging "De Friesche Elf Steden".
Wie er precies mee kunnen rijden vindt u in hetwedstrijdreglement.
Vrouwen in de wedstrijd In 1985 konden er voor het eerst vrouwen aan de wedstrijd deelnemen. In dat jaar was de eerst aankomende vrouw Lenie van der Hoorn; in 1986 was dat Tineke Dijkshoorn; in 1997 Klasina Seinstra. Vanaf de volgende tocht is er een aparte wedstrijd voor vrouwen. Er komt dan ook voor het eerst een winnares. Nadat de wedstrijdrijders om 05.20 uur zijn vertrokken zullen de dames om 05.35 vertrekken.
Prijzen Alle wedstrijdrijders die de tocht binnen de gestelde tijd voltooien en alle stempels hebben verzameld, ontvangen het Elfstedenkruisje. Daarnaast mogen de winnaars van de Elfstedenwedstrijd zich verheugen in zeer veel publieke belangstelling en een zeer grote populariteit. De elf eerst aankomende mannen en de vijf eerst aankomende vrouwen ontvangen een medaille. Het aantal prijzen voor de vrouwelijke wedstrijdrijdsters is kleiner omdat het aantal vrouwelijke deelnemers aan de wedstrijd veel lager is dan het aantal mannelijke deelnemers.
De winnaar ontvangt daarnaast de Pim Mulier wisselprijs: een grote zilveren schotel. De snelste vrouw krijgt twee wisselprijzen: een zilveren bokaal alsmede een zilveren wisselbeker. Zowel de mannelijke als de vrouwelijke winnaar krijgen een krans. Beide namen worden voorts ingegraveerd in het beeld van de Elfstedenrijder, dat zich voor het FEC te Leeuwarden bevindt. De uitreiking van de prijzen vindt plaats tijdens de huldiging in de namiddag van de wedstrijddag in Leeuwarden. Alle medailles en wisselprijzen bestemd voor de prijswinnaars van de eerstvolgende Elfstedenwedstrijd zijn tentoongesteld in het museum De Fryske Winter. Dit museum is ondergebracht in het Fries Scheepvaartmuseum te Sneek.
Het aantal toertocht deelnemers. Het deelnemersaantal bedraagt ca. 16.000. Tot aan het begin van de tocht is het bestuur van de Vereniging gerechtigd van dit aantal af te wijken.
Start en controlekaart. Aan de tocht kan slechts worden deelgenomen, indien men over een start-controlekaart beschikt.
Deelnemer. Indien zij ook aan de overige in dit reglement gestelde voorwaarden kunnen voldoen, komen in aanmerking voor een start-controlekaart: a. Leden met startrecht die vóór 1 december voorafgaand aan de tocht als zodanig staan ingeschreven en in het bezit zijn van een geldige legitimatiekaart van de Vereniging. b. Leden met lotingsrecht die zijn ingeloot voor de betreffende winter.
Inschrijving. Zij die voor een start-controlekaart in aanmerking willen komen, dienen zich in te schrijven. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden: a. Inschrijving dient persoonlijk te geschieden tegen betaling van het inschrijfgeld of tekenen van een machtiging. b. Inschrijving vindt uitsluitend plaats op de dag voorafgaande aan de tocht van 10.00 – 19.30 uur in Leeuwarden; c. Men kan slechts inschrijven, indien men op de dag van de tocht de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. De deelnemer ontvangt na inschrijving, indien aan de voorwaarden daarvoor is voldaan, één start-controlekaart met op de achterzijde zijn foto + n.a.w. (naam, adres, woonplaats)-gegevens.
Start-controlekaart. Het bovenste gedeelte van de start-controlekaart en het startbewijs, worden bij de start afgescheurd en ingenomen. Iedere deelnemer dient de stempelkaart persoonlijk bij de controleposten aan te bieden. Bij verlies worden geen duplicaatkaarten uitgereikt. Stempels voorkomende op andere voorwerpen, dan de aan de deelnemer uitgereikte stempelkaart zijn van onwaarde.
Start en startplaats. De start vindt plaats vanuit het FEC. De starttijd en de startvolgorde wordt bij de inschrijving bekend gemaakt. Indien een deelnemer eerder start, dan door het bestuur wordt toegestaan, volgt diskwalificatie.
Route-aanduiding. Bij belangrijke splitsing van ijswegen staan rechthoekige oranje borden met daarop een zwarte pijl. Op de meren zullen ter aanduiding van de route, voor zover nodig, groene lichtbakens worden geplaatst. Eventuele wakken, kistwerken en andere gevaarlijke plekken zullen zoveel mogelijk worden aangegeven (bij donker o.a. met een oranje lantaarn). Indien een klúnplaats niet te overzien is, wordt zoveel mogelijk op een wit bord met zwarte cijfers aangegeven hoeveel meter er geklúnd moet worden.
Controleposten. In elke stad is een controlepost. Deze wordt aangegeven door middel van een knipperende pijl (zoals bij wegwerkzaamheden) voorzien van het bord “Controle 200 m”. Op het dak van de controlepost staat de Friese Vlag en de Verenigingsvlag. De controleposten dienen zo duidelijk mogelijk te worden weergegeven. Iedere deelnemer dient de stempelkaart persoonlijk en handmatig bij de controleposten aan te bieden. Het is ten strengste verboden om de stempelkaart met tape of ander plakmateriaal te beplakken. De stempelkaart mag niet op een arm of een ander lichaamsdeel worden bevestigd.
Geheime controleposten. Langs de route is een aantal geheime controleposten aangebracht. Deze worden aangegeven door middel van een knipperende pijl (zoals bij wegwerkzaamheden) voorzien van het bord “Geheime controle 200 m”. Op het dak van de controlepost staat de Friese Vlag en de Verenigingsvlag. De controlepost dient zo duidelijk mogelijk te worden aangegeven. Iedere deelnemer dient de stempelkaart persoonlijk bij de geheime controleposten aan te bieden.
Eindcontrole. De stempelkaart wordt voor het laatst gestempeld bij de finish te Leeuwarden en daarna, voorzien van alle benodigde stempels en tekens van de geheime controles persoonlijk door de deelnemer in het FEC ingeleverd tegen het startbewijs.
Sluiting controle, afsluiten van de route, beëindigen van de tocht. De controlepost te Stavoren wordt om 15.30 uur gesloten; De controlepost te Hindeloopen wordt om 16.00 uur gesloten; De controlepost te Workum wordt om 16.30 uur gesloten; De controlepost te Harlingen wordt om 18.15 uur gesloten; De controlepost te Franeker wordt om 19.00 uur gesloten; De laatste doorkomst te Oude Leije (8 km voor Bartlehiem) wordt bepaald op 21.00 uur; De controlepost te Dokkum wordt om 22.45 uur gesloten; De controlepost te Leeuwarden wordt om 0.00 uur gesloten. De omstandigheden kunnen noodzakelijk maken, dat de diverse controleposten en doorkomsten voortijdig door het bestuur moeten worden gesloten.
Staken van de tocht. Het bestuur kan wegens zwaarwegende omstandigheden de tocht staken.
Elfstedenkruisje. Iedere deelnemer die vóór 0.00 uur het eindpunt te Leeuwarden bereikt, krijgt ter herinnering het Elfstedenkruisje per aangetekende post toegezonden, mits is voldaan aan de bepalingen volgens dit reglement. Tezamen met het kruisje wordt de ingeleverde stempelkaart toegezonden. Indien de rechthebbende zijn Elfstedenkruisje verliest, stelt het bestuur geen tweede exemplaar ter beschikking. Zij, die door het slechter worden van de weersomstandigheden of anderszins de tocht niet kunnen volbrengen of daartoe niet in staat zijn gesteld, ontvangen geen Elfstedenkruisje.
Diskwalificatie. Elke deelnemer die op onreglementaire wijze de tocht tracht te volbrengen of volbracht heeft, of die een andere deelnemer daarbij behulpzaam is of is geweest, of die handelt in strijd met aanwijzigingen of beslissingen van het bestuur kan worden gediskwalificeerd als deelnemer.
Uitsluiting van aansprakelijkheid. Iedere deelnemer rijdt voor eigen risico. De Vereniging aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor ongevallen die de deelnemer voorafgaand, tijdens of na afloop van de tocht zouden overkomen. De Vereniging aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade aan, of vermissing en diefstal van goederen die de deelnemer voorafgaande aan, tijdens of na afloop van de tocht in zijn bezit heeft.
Slotartikel. In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur der Vereniging.
De grondlegger van de Elfstedentocht is zonder twijfel Pim Mulier (10 maart 1865-12 april 1954). Hij reed in december 1890 zijn eerste Elfstedentocht, in 12 uur en 55 minuten. Dat was in die tijd een wonderlijke prestatie. Die tijd was echter nog niet officiëel. De eerste Elfstedentocht werd immers in 1909 gereden. Mulier lanceerde in die tijd het idee een Elfstedentocht uit te schrijven. Hij vroeg de Friesche IJsbond om de leiding op zich te nemen. Hierbij komen we bij een ander belangrijk peroon: S.H. Hylkema. Hij was de voorzitter van de Friesche IJsbond. Hij accepteerde de uitnodiging en zette de tocht door. Hoewel een aantal bestuursleden van mening waren dat een ijsbond zoiets niet behoorde te doen.
We gaan wat verder in de tijd. De rayonhoofden ( 21 in totaal) worden steeds belangrijker, want ze nemen steeds grotere verantwoordelijkheden op zich. Eén van de bekendste rayonhoofden was wel Sjirk Velstra. Hij was het rayonhoofd van Barlehiem. Deze plaats is heel bijzonder, want hij wordt 2 keer in de tocht aangedaan. Sjirk Velstra werd geboren in 1924. Hij kreeg zijn eerste officiële functie in 1950. Hij werd benoemd tot controleur van de ijswegencentrale. Het kwam er op neer dat hij in een bepaald gebied het ijs moest onderhouden. Velstra was voor het eerst actief tijdens de Elfstedentocht van 1956. Hij assisteerde toen in Bartlehiem. Toen omvatte zijn werkterrein het 16,5 km lange traject tussen Oudekerk en de Kanterlandsebrug in Giekerk. Waarom was juist Velstra nu zo belangrijk? Hij kreeg het elke keer weer voor elkaar zijn rayon 'wakvrij' te maken. In 1996, toen de tocht niet doorging, kreeg hij het voor elkaar 15 wakken te dichten d.m.v. de in Nederland inmiddels bekende 'IJstransplantaties'.
Dan nog Henk Kroes. De voormalig ijsmeester, die in december 1994 de voorzittershamer van J.S. Sipkema. Deze schitterende man veranderde de slogan 'It sil heve' in 'It giet oan'. Dit moment is misschien wel leuk om een anekdote te vertellen: Henk Kroes zou de laatse binnenkomer hoogst-persoonlijk de laatste stempel geven. Toen de laatste binnenkomer een zwartrijder bleek te zijn, reageerde Henk Kroes laconiek met: "Oh, dan bent u de laatste officiële zwartrijder."
Elfstedenwoordenlijst
Adema, Auke: Winnaar van de Elfstedentocht in 1941
Angenent, Henk: Winnaar van de Elfstedentocht van 1997
Benthem, Evert van: Winnaar van de Elfstedentocht in 1985 en 1986
Berenburg: Dit typisch Fries alcoholishdrankje vloeit rijkelijk tijdens de Elfstedentocht
Berg, J, van den: Winnaar van de Elfstedentocht in 1954
Bosman, J: Winnaar van de Elfstedentocht in 1947
Geerts, H: Voorzitter van de Friesche Elfstedenvereniging van 1951 tot 1952. In deze periode werd er geen Elfstedentocht uitgeschreven
Groot, S de: Winnaar van de Elfstedentocht in 1942
Hannema, A: Voorzitter van de Friesche Elfstedenvereniging van 1952 tot 1958
Hepkema, Evert: Voorzitter van de Friesche Elfstedenvereniging van 1909 tot 1947
Hoekstra, Minne: Winnaar van de Elfstedentocht in 1909
Hoogland, Jan: Voorzitter van de Friesche Elfstedenvereniging van 1958 tot 1969
IJsmeester: Is lid van het bestuur van de Friesche Elfsteden. Hij regelt alles wat er betrekking heeft op ijs
IJstransplantatie: Het stukken ijs in een wak gooien met de bedoeling het dicht te laten vriezen
It giet oan: De kreet waarmee voorzitter Henk Kroes de doorgang van de vijftiende editie van de Elfstedentocht bekend maakte (vertaald uit het Fries: het gaat door)
It sil heve: De kreet die de voorzitter van de Vereniging De Friesche Elf Steden altijd gebruikte als de tocht door zou gaan (vertaald het Fries: het zal gebeuren)
Keizer, Piet: Winnaar van de Elfstedentocht in 1940
Kingma, J: Voorzitter van de Friesche Elfstedenvereniging van 1948 tot 1951. In deze periode werd er geen Elfstedentocht uitgeschreven.
Klunen: Het met schaatsen onder over land lopen, waar het ijs onbereidbaar is of de route niet op elkaar aansluit
Koning, Coen de: Winnaar van de Elfstedentocht in 1912 en 1917
Kroes, Henk: Voorzitter van de Friesche Elfstedenvereniging vanaf december 1994 tot 2007
Kuperus, J: Voorzitter van de Friesche Elfstedenvereniging van 1969 tot 1984. In deze periode werd er geen Elfstedentocht uitgeschreven
Leemburg, K: Winnaar van de Elfstedentocht in 1929
Mulier, Pim: Grondlegger van de Elfstedentocht
Nauta, J: Winnaar van de tocht in 1956
Paping, Reinier: Winnaar van de tocht in 1963
Rayonhoofd: Assistent van het Elfstedenbestuur. Voert de opdrachten van het Bestuur uit. Regelt dingen als wakken dichten en het creëren van klunplaatsen
Sipkema, Jan: Voorzitter van de Friesche Elfstedenvereniging van 1984 tot 1994
Vries, A de: Winnaar van de Efstedentocht in 1933
Zwartrijder: Benaming voor mensen die zonder geldige startkaart deelnemen aan de Elfstedentocht.
Foto's op natuurijs januari 2010.
Wim, Raimon en Johan.
Foto's op natuurijs januari 2009.
Erik, Rik en Sterre
Mari op het ijs.
Wim, Gre, Marloes en Ellen.
Akke op het Elfsteden traject bij Sloten.
Marathonspeaker Ben Lieferink plotseling overleden.
Donderdagmorgen 10 mei 2007 is marathonspeaker Ben Lieferink plotseling overleden aan een hartstilstand. Ben stond bekend als zeer enthousiast speaker en als gedreven voorzitter van de GTC marathon van het gewest Noord-Holland/Utrecht. Alle disciplines binnen het marathonschaatsen waren hem even lief. Door zijn enthousiasme was hij zeer geliefd bij de marathonrijders.
19 Januari 2008 Alkmaar.
Het marathonpeloton draait dit seizoen zijn rondjes zonder Ben Lieferink, maar de speaker die in mei vorig jaar overleed, is zeker niet vergeten. Bij ijsbaan De Meent in Alkmaar werd zaterdag een plaquette onthuld als een mooie ode aan de geliefde speaker.
Als het doek valt, kijkt hij de mensen in de zaal aan. Precies zoals ze Ben Lieferink kenden. Brilletje op de neus, microfoon in de hand, en de witte krullen wapperend in de wind. De foto van Harm de Boer heeft de sympathieke speaker exact gevangen zoals hij is. Ruim een half jaar na zijn overlijden maakt de aanblik van Lieferink nog steeds emoties los bij de mensen in het restaurant van De Meent. Het zegt meer dan voldoende over de positie die Lieferink innam binnen de door hem zo geliefde marathonsport. Vanaf de muur waar zijn portret wordt bevestigd ziet hij ze in de jaren die komen voorbijgaan, elke wedstrijd weer. De rijders die hij zo vaak interviewde na wéér een podiumplek, de mannen die hij als jongens heeft zien komen, en de oudgedienden die er al bij waren toen hij zelf net kwam kijken. En allemaal zullen ze even terugkijken. Omdat ze Ben Lieferink niet vergeten.
Op een speciale, Italiaanse steensoort wordt de beeltenis van Ben Lieferink met behulp van lasertechniek overgebracht. Levensecht, als een foto op steen. ’Stem van de Marathon’ staat eronder te lezen. En dat is precies wat Lieferink was.
7-1-2007 N.K. Marathon in Amsterdam
Essent Nederlandse Kampioenschappen Zondag 7 januari 2007 Amsterdam
Ingmar Berga en Elma de Vries nieuwe kampioenen
Winnaars N.K. Kunstijs
JAAR
NAAM
1973
Jeen v/d Berg
1974
Ton Groot
1975
Henk Portengen
1976
Wout List
1977
Co Giling
1978
Henk Portengen
1979
Rien de Roon
1980
Co Giling
1981
Co Giling
1982
Jan Kooiman
1983
Jan Kooiman
1984
Emiel Hopman
1985
Lex Cazemier
1986
Jan Kooiman
1987
Dirk Maarssen
1988
Jos Nisten
1989
Dries van Wijhe
1990
Piet Kleine
1991
Richard van Kempen
1992
Rene Ruitenberg
1993
Lammert Huitema
1994
Lammert Huitema
1995
Arnold Stam
1996
Lammert Huitema
1997
Peter Baars
1998
Hans Pieterse
1999
Ruud Borst
2000
Jan Maarten Heideman
2001
Bertjan v/d Veen
2002
Jan Maarten Heideman
2003
Bertjan v/d Veen
2004
Jan Maarten Heideman
2005
Bertjan v/d Veen
2006
Arjan Smit
2007
Ingmar Bergma
2008
Arjan Stoetinga
2009
Yoeri Lissenberg
2010
Arjan Stroetinga
2011
Arjan Stroetinga
2012
Arjan Stroetinga
2007/2008 WELKOM uit Haaksbergen De eerste natuurijs op Woensdag 19-12-2007 Uitslag 1: Arjen Stroetinga 2: Bob de Vries 3: J.M. Heideman 4: Karlo Timmerman 5: Sjoerd Huisman
Het was ijskunst zonder kunstijs. Na een paar nachtvorstjes had IJs- en Skeeler Club Haaksbergen voor de tweede keer dit jaar de primeur. Op de glanzende ijsbaan van 400 meter werd woensdagavond voor het eerst deze winter een schaatsmarathon op natuurijs verreden.
De complimenten waren voor ijsmeester Wouter Jacobs, de hoofdprijs ging naar Arjen Stroetinga. De 26-jarige automonteur uit het Friese Oldeberkoop toonde zich de rapste in de massasprint. Stroetinga's ploeggenoot Bob de Vries legde na 125 ronden beslag op de tweede plaats. Jan Maarten Heideman werd derde. Het was de zesde seizoenszege voor Stroetinga.
De meeste interviews in Haaksbergen gaf Wouter Jacobs. De Overijsselse ijsbaron glunderde na afloop van oor tot oor. ,,Ik ben blij en trots tegelijk. We hebben het hier toch maar voor de tweede keer in een jaar geflikt. Het ijs was van uitzonderlijke kwaliteit.''
De vier centimeter dikke ijsvloer in Haaksbergen dreef niet op water, maar lag gewoon op asfalt. In oktober werd het water vanuit een beek op de plaatselijke 400-meter skeelerbaan gepompt. Door de vijf centimeter hoge minidijkjes langs de baan stroomde het water niet weg.
Jacobs: ,,Het water hebben we vandaag onder het ijs weg laten stromen. De ijskorst zakte en kwam muurvast op het asfalt te liggen.'' Daarop reden exact honderd mannen een wedstrijd over 125 ronden.
Het koersverloop was allerminst enerverend. De 3000 toeschouwers zagen bijna geen enkele serieuze uitlooppoging, waardoor de massasprint onvermijdelijk werd. Ingmar Berga, de knecht van Jan Maarten Heideman, trok met nog 500 meter te gaan de sprint aan. Heideman kon de klus niet klaren en werd bij het ingaan van de laatste bocht voorbij gereden door het duo Stroetinga en De Vries.
Op het laatste rechte stuk naar de finish maakte Stroetinga meer snelheid dan zijn kopman. ,,We zien wel wie er van ons beiden wint, zeiden we voor de eindsprint tegen elkaar. Ik ben enorm blij met deze zege. Een wedstrijd op natuurijs winnen, spreekt veel meer aan dan op kunstijs'', aldus Stroetinga.
Bij de vrouwen was Elma de Vries een klasse apart. De 24-jarige DSB-rijdster ontsnapte tien ronden voor het einde uit het peloton en reed solo naar de eindstreep. De Vries kwam in de finale ten val. Desondanks stelde ze met gemak haar achtste seizoenszege veilig. Carla Zielman en Karin Bakker werden tweede en derde.
2006/2007 WELKOM uit Haaksbergen De eerste natuurijs op 24-1-2007 Uitslag 1: Ingmar Berga 2: J.M. Heideman 3: Roy Boeve 4: Rene Ruitenberg 5: Henk Angenent
De eerste marathon op natuurijs vond 24 januari plaats in het Overijselse Haaksbergen. De ijsvloer was op dat moment 3.5 centimeter dik. De grote mannen van het marathon schaatsen waren allemaal aanwezig, omdat de wedstrijd die aankomende zaterdag op de Weissensee zou plaatsvinden vanwege de hevige sneeuwval is afgelast. De marathon ging over 80 ronden.
De eerste marathon op natuurijs is gewonnen door Ingmar Berga. Na 80 rondes was hij de snelste van een kopgroep van 7 rijders die een ronde voorsprong had genomen op het peloton. Berga liet op het laatste rechte eind Jan Maarten Heideman (2e) en Roy Boeve (3e) achter zich. Op het spiegelgladde ijs van de ondergespoten skeelerbaan in Haaksbergen was Danielle Bekkering de snelste bij de vrouwen. Na 40 rondes eindigde Mariska Huisman als tweede en werd Helen van Goozen - die vlak voor de streep werd teruggehaald - derde.
Jan roelof Kruithof 11 maal winnaar
Winnaars Alternatieve Elfstedentocht
JAAR
NAAM
1974
Jan-Roelof Kruithof
1976
Jan-Roelof Kruithof
1976
Johan Wardenier
1977
Jan-Roelof Kruithof
1978
Jan-Roelof Kruithof
1978
Karel Jonkman
1979
Dries van Wijhe
1979
Dries van Wijhe
1979
Jan-Roelof Kruithof
1980
Jan-Roelof Kruithof
1981
Jan-Roelof Kruithof
1982
Jos Niesten
1982
Jan-Roelof Kruithof
1983
Jan-Roelof Kruithof
1984
Jan Westeveld
1984
Jan-Roelof Kruithof
1985
Arie Boon
1985
Jos Niesten
1991
Jan-Roelof Kruithof
De Alternatieve Elfstedentochten dateren van 2 maart 1974 en zijn 200 kilometer wedstrijden die steeds op een baan van maximaal 50 kilometer werden gehouden. Sinds 1989 wordt deze Alternatieve Elfstedentocht in Oostenrijk op de Weissensee gereden.
Winnaars Weissensee Alternatieve Elfstedentocht
JAAR
NAAM
1989
Dries van Wijhe
1990
Jan Oliemans
1991
Hylke Boerstra
1992
Egbert Vossebelt
1993
Jan Kooiman
1994
Erik Hulzebosch
1995
Lammert Huitema
1996
Peter de Vries
1997
Ruud Borst
1998
Peter de Vries
1999
Peter Baars
2000
Arjan Schreuder
2001
Erik Hulzenbosch
2002
Miel Rozendaal
2003
Ruud Borst
2004
Henk Angenent
2005
Jeroen de Vries
2006
Bertjan van de Veen
2007
Afgelast
2008
Lars Hoogeboom
2009
Casper Helling
2010
Jorrit Bergsma
2011
Karlo Timmerman
2012
Jens Zwitser
Winnaars Open N.K. Buitenland
JAAR
NAAM
1990
Erik Hulzenbosch
1992
Fausto Marreiros
1993
Bert Verduin
1995
Fausto Marreiros
1996
Richard van Kempen
1997
Lammert Huitema
1998
Jan Maarten Heideman
1999
Ruud Borst
2000
Jan Maarten Heideman
2001
Erik Hulzenbosch
2002
Rene Ruitenberg
2003
Eik Hulzenbosch
2004
Peter de Vries
2005
Peter Baars
2006
Jan Maarten Heideman
2007
Casper Helling
2008
Arjan Stroetinga
2009
Stristan Loy
2010
Sjoerd Huisman
2011
Gary Hekman
2012
Arjan Stroetinga
Winnaars KNSB CUP
JAAR
NAAM
1973
Bennie van der Wiede
1974
Henk Portengen
1975
Johan Wardenier
1976
Co Giling
1977
Co Giling
1978
Co Giling
1979
Ari Eriks
1980
Co Giling
1981
Ari Eriks
1982
Jan Kooiman
1983
Henk Portengen
1984
Emiel Hopmman
1985
Henri Ruitenberg
1986
Richard van Kempen
1987
Richard van Kempen
1988
Richard van Kempen
1989
Yep Kramer
1990
Yep Kramer
1991
Olg Bogiev
1992
Richard van Kempen
1993
Lammert Huitema
1994
Frans de Ronde
1995
Arnold Stam
1996
Lammert Huitema
1997
Rene Ruitenberg
1998
Peter de Vries
1999
Henk Angenent
2000
Jan Maarten Heideman
2001
Jan Maarten heideman
2002
Miel Rozendaal
2003
Cedric Michaud
2004
Jan Maarten Heideman
2005
Jan Maarten Heideman
2006
Cedric Michaud
2007
Jan Maarten Heideman
2008
Bob de Vries
2009
Arjan Stroetinga
2010
Sjoerd Huisman
2011
Karlo Timmerman
2012
Crispijn Ariëns
Winnaars Essentcup
JAAR
NAAM
2008
Bob de Vries
2009
Bob de Vries
NATUURIJS KLASSIEKERS
Winnaars Klassiekercup.
JAAR
NAAM
1991
Jos Pronk
1996
Henri Ruitenberg
1997
Hans Pieterse
Winnaars Noorder Rondrit
JAAR
NAAM
1940
Gerrit Duiker
1941
Lo Geveke
1942
Anne de Vries
1946
Anne de Vries
1954
Piet Kruger
1961
Anton Verhoeven
1963
Jan Uitham
1985
Albert Bakker
1986
Albert Bakker
1987
Harry Kiers
1997
Arnold Stam
Winnaar alternatief voor Noorder Rondrit Ronde van Duurswold