|
15/1 Australië dreigt een Orwelliaanse nachtmerrie te worden - Niburu
Men staat in Australië op het punt om een wet aan te nemen die normaal leven eigenlijk onmogelijk maakt. Zo kan je alsnog in de bak terecht komen voor dingen die je jaren geleden op internet hebt geplaatst.
Maria van Zeeemedia schrijft het volgende:
Australië heeft onlangs een wetsvoorstel geïntroduceerd dat wel eens de boeken in kan gaan als een van de meest vergaande beperkingen op de vrijheid van meningsuiting in de moderne westerse geschiedenis.
Het gaat om de zogenaamde “Combating Antisemitism, Hate and Extremism Bill” van 2026, een wet die diepe bezorgdheid oproept over de grenzen van de rechtsstaat.
Wat deze wet zo extreem maakt, is de focus op de intentie en de mogelijke perceptie in plaats van de daadwerkelijke schade.
Onder deze nieuwe regels kan iemand tot wel vijf jaar gevangenisstraf krijgen voor uitspraken die "angst veroorzaken", zelfs als er feitelijk niemand is geschaad.
Alles van tweets en memes tot blogs en het online citeren van religieuze teksten valt onder de wet.
De wet stelt expliciet dat het niet relevant is of er daadwerkelijk iemand haat of angst heeft ervaren; de theoretische mogelijkheid is genoeg voor een veroordeling.
Misschien wel het meest controversiële aspect is dat de overheid burgers kan vervolgen voor uitingen die zij hebben gedaan voordat deze wet überhaupt bestond.
Naast de beperking op individuele meningsuiting, geeft de wet de politie de bevoegdheid om groepen te verbieden zonder tussenkomst van een regulier proces. Dit geldt zelfs voor organisaties buiten Australië.
Burgers die dergelijke groepen "steunen" — een term die breed geïnterpreteerd kan worden — riskeren celstraffen tot maar liefst 15 jaar.
Hoewel de wet beweert religieuze vrijheden te beschermen, lijkt er sprake van een selectieve toepassing. Volgens een vertegenwoordiger van het departement van de procureur-generaal zouden joodse, islamitische en sikh-gemeenschappen wel bescherming genieten, terwijl katholieken en christenen expliciet buiten deze bescherming vallen.
Dit roept een onheilspellende vraag op voor de toekomst van de geloofsvrijheid: als iemand vandaag een Bijbelvers deelt, wat weerhoudt de overheid er dan van om dit morgen als "haatzaaien" te bestempelen?
Het is op dit moment nog geen wet, maar wel probeert men deze er in sneltreinvaart doorheen te rammen. Op 12 januari 2026 heeft de Australische premier de tekst van de Combatting Antisemitism, Hate and Extremism Bill 2026 gepresenteerd.
Het wetsvoorstel is deze week (half januari 2026) ingediend bij het Huis van Afgevaardigden.
Er is een spoedonderzoek ingesteld door een parlementaire commissie, waarbij burgers en experts slechts twee dagen de tijd kregen om bezwaren in te dienen.
De regering heeft aangegeven de wet zo snel mogelijk door zowel het Huis als de Senaat te willen loodsen, mogelijk al binnen enkele dagen of weken.
Wereldijd zorgt dit wetsvoorstel voor een schokgolf.
Veel juridische experts en burgerrechtenorganisaties noemen dit een ongekende verschuiving van een vrije democratie naar een staat met verregaande censuurbevoegdheden.
Wat dit voorstel zo "ongekend" maakt in vergelijking met andere landen, zijn drie specifieke elementen die de kern van de vrije samenleving raken:
1. Het einde van "onschuldig tot het tegendeel is bewezen"
Normaal gesproken moet de staat bewijzen dat jouw woorden daadwerkelijk schade hebben aangericht (bijvoorbeeld aanzetten tot geweld). Onder deze nieuwe Australische wet is dat niet nodig. De overheid hoeft alleen maar te beargumenteren dat een uitspraak de potentie heeft om angst te zaaien. Dit verschuift de macht volledig naar de aanklager en de politie.
2. De "digitale tijdmachine" (Retrospectiviteit)
Het principe dat je niet gestraft kunt worden voor iets wat legaal was op het moment dat je het deed, is een fundament van het recht. Deze wet breekt daarmee. Het betekent dat de politie je social media-geschiedenis van 5 of 10 jaar geleden kan doorspitten. Een grap of een religieuze mening die je in 2018 plaatste, kan onder de regels van 2026 opeens een misdrijf worden. Dit creëert een klimaat van zelfcensuur: mensen gaan uit angst hun hele digitale verleden wissen.
3. De subjectiviteit van "Haat"
De wet hanteert zeer vage definities. Wat voor de één een fundamentele religieuze waarheid is (zoals een citaat uit de Bijbel of de Koran), kan door de staat worden geclassificeerd als "haatuiting" als het een andere groep een ongemakkelijk gevoel geeft.
Bovenstaande heeft veel overeenkomsten met de strenge antisemitisme wetgeving die de leden van de sekte invoerden in Rusland, na de revolutie van 1918.
Oude tijden beginnen te herleven en als we één ding niet willen is dat een herhaling van het Sovjet tijdperk.
|