|
Prarayer is een wel echt kleine hameau, een kleine gemeenschap op het einde van de vallei en op redelijke hoogte (ruim 1900 m). Wie er woont brengt de winter door in het lager gelegen Bionaz of eerder nog in Valpelline. De weduwe – steeds in het zwart gekleed – baatte het enige hotel uit en is al lange tijd geleden overleden. Nu staat het hotel al langere tijd verlaten en roept alleen maar herinneringen op. En verlangen. Vroeg in de ochtend: Aan de dam kan je steil de helling op. Dat moet, want alleen te voet kan het naar Prarayer. Het wandelpad is een heuse straat, echter verweerd en vergaan; het asfalt degradeert en keert terug naar de planeet. En eens uitgehijgd, sta je voor de donkere tunnel. Een enorme rotsblok spert de weg, maar je kan er langs. Wie weet struikel je over het warme lijf van een ontwakende koe met bel. En dan, aan het eind van de tunnel, helemaal in de verte en voorbij het groenig blauw van het stuwmeer ligt Prarayer en zie je de contouren van het verlaten hotel.
Het hoeft niet een (sprookjes)vallei in de Italiaanse Alpen te zijn, niet een wandelpad ver weg tijdens een of andere reis. Bind de stapschoenen aan, omgord de rugzak en trek de deur van de eigen woning achter je dicht, al is het maar voor een eenvoudig ommetje: de last van de zorgen van je afwerpen, de bezigheden vergeten, zich bevrijd voelen. Alleen wandelen kan bevrijden van de idee van het onontbeerlijke. De regelmaat van mijn voetstap is een garantie: daarop kan ik rekenen. Je wordt hoe dan ook bevrijd van tijd en ruimte, van de strop van informatie en beelden, media en producten, idiote conventies, slaapverwekkende muren, de slijtage van de herhaling, de corridor tussen thuis en school of werk en sportclub en weer thuis vermengd met het verslavende online gedoe. In mijn eentje wandelen bevrijd mij van die idee van het onontbeerlijke. Alleen ben ik niemand, ben ik niet meer dan de oeroude levensstroom.
Kijk naar de zon En luister naar je buik Hoe laat zou ’t zijn? Laat hoe laat het is En voel je vrij
Wanneer je een hele tijd wandelt, besef je ineens niet meer hoeveel uren al gepasseerd zijn. Je voelt op de schouders het gewicht van het strikt noodzakelijk (de rugzak) en dat is ruim voldoende. Wat is dat helemaal anders dan het dom verzinsel dat op de schouders drukt als de verplichting die mij dagelijks kluistert! Het gevoel dat je op die manier kan doorgaan maakt licht en vrij. Met #andereschoenen vang ik een glimp van de hoogste vrijheid, van de volkomen onthechting of van het eeuwige heden waarin alles samenvalt. En zie: weerom heeft de planeet zijn rondje getoerd en bekruipt mij de lentelust. Ik zal ze vinden in de verzen van Kouwenaar, de poëzie van Hesse of zo, onder het bladerendek van het Mollendaalbos en in de stuifmeelwolken van de hazelaar.
|