NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Tussen twee werelden
( geboren in Nederlands-Indië, wonend in Nederland)
Hierop worden gegevens uit mijn stamboom in verhalende vorm gepresenteerd. Heeft u vragen of opmerkingen, mail me gerust. Deze weblog wordt regelmatig bijgewerkt. Breng ook eens een bezoek aan mijn andre weblog: http://blog.seniorennet.be/renepersijn2008/
Inhoud blog
  • Relatie tussen Laan de Riemer (Batavia) en de Persijn-stamboom
  • Joannes Baptista Vankeerberghen
  • OUWENS wordt OUWENS NAGELL
  • Gustaaf Joseph Maurits van Angelbeek
  • Johannes Eduard van Angelbeek, gestorven in Tandjoeng Pinang.
  • Benjamin Coenradus Persijn, geboren te Grissee
  • HOE VER BEN IK op 6 juni 2008?
  • Angenent, Jacobus Hermanus Charles Gijsbertus
  • Johan Hendrik Alexander Sleebos, geboren te Probolinggo.
  • Johanna Henriette Persijn zag het levenslicht in Japara (Jepara)
  • Fredrik Hermanus Zeijdel, geboren in Pasoeroean
  • Frederik Nicolaas Persijn / Persijn Nooy
  • De familie Kakebeeke in Goes (Zeeland)
  • Johan(nes) God(t)lieb Fredriksz, controleur der landelijke inkomsten
  • Frederik Hendrik Persijn, geboren in Djatiwangi
  • Geboren in Kedoe ( Midden Java)
  • Willem Cornelis Daniël, geboren in Bangil/ Pasoeroean
  • Mijntje Persijn
  • Henry Persijn
  • MEDEDELING
  • De familie Beer- Persijn
  • Hamar de la Brethoniere
  • Banjoemas en de Persijn-stamboom
  • DUIVEN, de PLOEN en het geslacht Van Voorst tot Voorst.
  • HOE VER BEN IK? (per 25-03-2007)
  • Anak Betawi ( 'śKind van Batavia'ť)
  • KLOP en WERKENDAM
  • In DELFT stond zijn wieg!. in JOGJAKARTA ligt (lag?) zijn graf!!!
  • Geboren in Maastricht, overleden in Soerabaja
  • De stamboom en de Vrijmetselarij
  • 'śBerg op Zoom hout u (sich) vroom'ť (Johannes Henricus Jordans en familie)
  • Geboren te MEESTER CORNELIS
  • De vulkaan toornde!..
  • Lambertina Florentina van Lawick van Pabst, geboren Persijn
  • DE LAATSTE TREIN!!
  • Richard Charles Burgemeestre, geboren te Soerabaja ( nu: Surabaya).
  • Charles Henry Persijn, geboren in Wonogiri
  • Bagelen, geboorteplaats van diverse Persijns
  • De relatie tussen de stamboom en de 'śMuiderkring'ť (P.C. Hooft)
  • Van der Laan + Droop = Van der Laan Droop
  • Waar vele Persijns (en ex-president Soekarno) werden geboren en begraven (Blitar)
  • Hij kwam uit ISPAHAAN
  • In Holland (Lobith) staat een huis!!.
  • De Persijn-stamboom en de Indische Spoorwegen
  • Henry Louis Charles te Mechelen
  • Wilhelm Frederik Lans
  • TSINGTAU en de Persijn-stamboom
  • Meneer de Baron is niet thuis........
  • Coenradus Nicolaas Persijn
  • Carolina Wilhelmina van den Broek
  • Christiaan Coenraad Persijn, oorlogsslachtoffer
  • Coenraad Persijn
  • Carel Frederik Lans, geëxecuteerd
  • Marie Hallaux
  • What is in a name?
  • Frans Alexander Persijn, de SUIKER-oom
  • De CAS
  • Er komt een dominee voorbij!!..
  • In een contractpension
  • Nelto, de ijzervreter
    De foto's bij de artikelen kunt u vergroten door erop te klikken
    Zoeken in blog

    Mijn favorieten
  • Genealogische site van Monique Vankeerberghen (België)
  • Centraal Bureau voor Genealogie (Den Haag)
  • Koninklijke Bibliotheek (Den Haag)
  • Oorlogsgravenstichting
  • Nationaal Archief (Den Haag)
  • Suara-Baru (Nieuw Geluid)
  • STAMBOOMGIDS, De meest uitgebreide Internet gids op het gebied van genealogie, stambomen, familienamen en archieven
  • Genealogische site van fam. Flohr-Verheijen
  • Indisch4ever : Indisch nieuws (fraaie en interessante weblog!)
  • TEMPO DOELOE (mijn weblog met herinneringen)
    16-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wie ben ik?

     

    Mijn naam is René Louis Persijn, zoon van Johan Eduard Persijn en Georgine Louise van den Broek.

    Op 1 december 1938 werd ik geboren in het toenmalige Batavia (later Djakarta en nu Jakarta), de huidige hoofdstad van de Republik Indonesia.

    In 1956 (ik was toen 17 jaar) repatrieerde ik met mijn ouders, broer en jongere zuster naar Nederland.

     

    Sinds december 2003 ben ik met pensioen (!) en ben ik daarna begonnen aan stamboomonderzoek.

    Mijn onderzoek richtte zich aanvankelijk alleen op de families Persijn, Daniël, Lans en van den Broek, maar heeft zich nadien verbreed. Mijn bestand telt op dit moment (16 augustus 2006) ongeveer 4000 namen.

    Naast genealogie heb ik nog enkele andere hobby’s, zoals lezen (vooral boeken over filosofische onderwerpen, kwantumfysica, achtergronden van de wereldpolitiek, Hebreeuwse getallenmystiek), tekenen, dichten, koken ( de Indonesische keuken!).

     

    Rudyard Kipling (1865–1936) schreef eens: “East is East and West is West and never the twain shall meet”.

    Wel, ik ben zo vrij om van mening te zijn dat die uitspraak niet altijd opgaat. In mij hebben oost en west elkaar niet alleen ontmoet, maar ook omarmd. Mijn vader hield me altijd voor dat ik van beide culturen (de Javaanse en de Nederlandse) het beste moest behouden. En ik hoop dat ik daarin ook ben geslaagd.

     

     

     

     

     




    17-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.André Marie Persijn, oorlogsslachtoffer
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    KANCHANABURI WAR CEMETERY

     

    Kanchanaburi is de op drie na grootste provincie van Thailand (vroeger: Siam). Zij grenst aan Myanmar (Burma) ten westen van Bangkok. Kanchanaburi is de provincie van de wereldbekende brug over de rivier Kwai.

    Deze brug is wereldberoemd geworden door verschillende grote films en boeken. De zwarte ijzeren brug is door de Japanners overgebracht vanuit Java. Vervolgens is deze brug weer in elkaar gezet door de geallieerde krijgsgevangen onder supervisie van de Japanners. Deze brug maakte zo deel uit van de "Death Railway" ("doden spoorlijn") die Thailand met Burma verbond. Tijdens de Tweede Wereld Oorlog is deze brug meerdere malen gebombardeerd door de geallieerden, maar na een renovatie is zij vandaag de dag nog steeds in gebruik.

    Langs de Saeng Chuto Road, aan de overkant van het spoorwegstation, ligt de goed bijgehouden begraafplaats (Kanchanaburi War Cemetery) waar de 6.982 geallieerde krijgsgevangen liggen die het maken van de "death Railway" (spoorweg) niet hebben overleefd. Geschat wordt dat er 16.000 geallieerden krijgsgevangen en 49.000 dwangarbeiders zijn omgekomen tijdens de constructie van de spoorweg en de brug over de rivier Kwai.

     

    Hier liggen ook enkele leden van de (Indische)  PERSIJN-stamboom, o.a. : 

    André Marie Persijn, geboren op zaterdag 29 september 1923 in Semarang, zoon van Coenraad Marie Persijn en Nannie Alphonso.

    André is overleden op vrijdag 8 december 1944 in Thailand (Birmaspoorweg), 21 jaar oud. Hij is begraven op vrijdag 8 december 1944 op het Ereveld Kanchanaburi (Thailand), vak 5, rij A, graf nr. 53/57. Hij was bij de KNIL-Artillerie.

    André Marie Persijn  was een (volle) neef van mij.




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.REMBANG
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    REMBANG

     

    Claas Persijn, geboren in 1761 in Amsterdam en stamvader van de Indische Persijn-stamboom (gebied Semarang-Jepara-Rembang op Java) woonde en werkte heel lang in Rembang, waar hij ook in 1820 overleed. Ook zijn echtgenote Maria Magdalena Salomons is in Rembang overleden en begraven
    Ook verschillende personen uit de Persijn-stamboom hebben in Rembang gewoond en/of gewerkt. Deze plaats neemt dan ook in mijn stamboom een bijzondere plaats in en het is daarom dat ik hier wat meer over Rembang vermeld.

     

    Rembang behoorde net als Semarang en Jepara/Japara tot de belangrijkste handelsposten van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC).

     

    De VOC vestigde zich in Rembang vanaf 1680 en aanvankelijk vooral voor de inkoop van hout. De uitgestrekte bossen in de omgeving leverden hout dat zeer geschikt was voor de export naar Batavia, waar het gebruikt werd voor de bouw van huizen en schepen. Het kappen van de bomen ging in het begin van de 18de eeuw gepaard met grootschalige ontbossing.

     

    De schrijver / journalist Willem Walraven sr. schreef in zijn boek “Modjokerto in de motregen” (KITLV Uitgeverij Leiden) op 17 juni 1938 over zijn bezoek aan de oude begraafplaats te Rembang onder meer:

     

    Ik was er eigenlijk gekomen ter wille van het oude kerkhof, dat moet dateren uit het begin van de achttiende eeuw. Ook dit kerkhof ligt aan den grooten weg, die er dus hier reeds is geweest vóór Daendels. Er tegenover is de gevangenis, mede een bewijs dat de Compagnie zich reeds lang op dit punt had gevestigd.

    De sleutel van het kerkhof is in bewaring bij den cipier, maar toen ik er kwam, stond het hek open. Men had het geheel tusschen de graven gepatjold ( = met een soort spa bewerkt), zoodat het terrein er uitzag als een pas gerooid aardappellandje. Geen boom groeit er. Het is er heet als in een woestijn.

    Het Regentschap heeft, denkelijk op aandringen van den heer Bloys van Treslong Prins

     [ noot: Bloys van Treslong Prins was waarnemend adjunct-landsarchivaris in Batavia; bekend auteur op het gebied van de genealogie; hield zich onder andere bezig met grafschriften van Europeanen],  dit kerkhof in kaart gebracht en de graven genummerd. De teekening met de lijst heeft men op een bord achter glas gemonteerd. Dit was een goed idee en maakte het overzicht zeer gemakkelijk. Er bleek uit, dat hier 255 graven zijn, waarvan er echter 135 geen opschriften dragen!

    Alle gegevens schijnen te ontbreken; er is dus geen grafboek uit den ouden tijd. Zoodat men hier graven ziet, die hoog boven den muur uittorenen, met zware gemetselde kegels en afgeknotte zuilen, maar niemand kan zeggen ter eere van wien deze steenkolossen zijn opgericht. En alsof een reus in dronkenschap hier aan het werk was geweest, zoo liggen op het oudste gedeelte deze tomben door elkander.

    Er zijn stenen, die men alleen kan lezen door zich in een nauw gangetje te wringen en daarbij diep te bukken. Schots en scheef ligt alles door elkaar, en blijkbaar is dat alles van het begin af zoo geweest. Op de begraafplaats stoorde men zich niet aan rooilijnen.

     

    En verder schreef hij ook:

     

    “Zoo ziet men hier overigens oude graven met nog heden bekende familienamen, doch zelden ouder dan honderd jaar. Men leest er namen als Blair, Pereira, Toorop, Boonemmer (1827), Persijn

    Uit: W. Walraven “Modjokerto in de motregen”, KITLV Uitgeverij Leiden, 1998

     

    Rembang is waarschijnlijk het meest bekend geworden doordat hier het graf staat van Raden Ajeng Kartini (Ibu Kartini), geboren op 21 april 1879 in Majong als dochter van Raden Mas Adipati Ario Sosroningrat. Deze was regent van Jepara (in de buurt van Semarang) en Kartini stamde dan ook af van een oude Javaanse adellijke familie.

    Zij trok zich het lot aan van de Javaanse vrouw die alleen maar plichten en geen rechten had. Zij streed tegen deze toestand, niet met wapens maar met het woord. Zij schreef vooral over de emancipatie van de Javaanse vrouw, maar daarnaast ook over de Javaanse kunst.

    Op 24-jarige leeftijd huwde zij met de regent van Rembang  (Raden Adipati Djojo Adiningrat), die bijna 20 jaar ouder was.

    Zij overleed op jeugdige leeftijd (25 jaar) in september 1904 na het leven te hebben geschonken aan een zoon.
    Kartini streed niet alleen voor de Inonesische vrouw maar ook voor de vooruitgang van heel het Indonesiche volk.


    De Indonesische regering heeft haar vanwege haar verdiensten verheven tot "Pahlawan Pemerdekaan" (= heldin voor vrijheid) en elk jaar op 21 april herdenkt men in Indonesia haar geboortedag.




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Hollandse stamvader
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De Hollandse stamvader van de Indische Persijn-familie was Claas Persijn, geboren in Amsterdam in 1761. Hij werd op 24 juli 1761 in de Oude Kerk te Amsterdam gedoopt. Zijn ouders waren Jan Persijn en Grietje van Heest.

    Bij de doop, die voltrokken werd door dominee Johannes Calkoen, waren Paulus Leges en Margaretha Persijn als getuigen aanwezig.

     

    Op 22 juli 1777 vertrok Claas Persijn ( twee dagen later zou hij 16 jaar worden) als corporaal-jong-matroos vanaf Texel met het VOC-schip  ‘Huis te Spijk’, dat onder bevel voer van kapitein Pieter Thijssen jr,  naar de Oost.

    Op 24 november 1777 kwam het schip aan op Kaap de Goede Hoop. Daar werd onder meer proviand ingeslagen om daarna koers te zetten naar Java. Op 2 maart 1778 kwam het schip (en dus ook Claas Persijn) aan in Batavia.

    Het schip vertrok met 287 personen aan boord, waarvan er 2 onderweg stierven.

     

     Uit een verklaring van het Ministerie van Koloniën nr. 3116, Residentie Rembang, Folio 125 opgemaakt 01-01-1819 blijkt, dat Claas Persijn, toen pakhuismeester, sinds juli 1788 woonachtig was te Rembang aan de noordkust van Java. Daar is Claas in 1820 ook overleden. Volgens de Almanak van Nederkands-Indië (jrg. 1815-1822) was Claas Persijn zoutverkoop-pakhuismeester te Paradessie (Semarang en Rembang) met als collega’s o.a.: P.A. Hornung en A. de Santing.

     

    Claas kreeg toen hij ongeveer 19 jaar oud was een relatie. Hiervan zijn mij verder (tot nog toe) geen nadere gegevens bekend.

    In 1793 (Claas was toen 32 jaar oud) trouwde hij met Maria Magdalena Salomons, een jonge vrouw van 17 jaar. Deze Maria Magdalena, een niet gewettigde dochter van Margaretha van de Vijver, werd als baby van 1 maand op 9 augustus 1776 in de Portugese Kerk te Batavia gedoopt. Behalve haar moeder was ook een zekere Coridonsz Salomons aanwezig bij de doop. Mij is niet bekend of deze persoon de biologische vader van Maria Magdalena was.

     

    Uit de onbekende relatie van Claas werden 2 dochters geboren : Maria Margaretha (geboren op 12 maart 1786) en Johanna Helena ( geboren op 28 juli 1787).

     

    Maria Magdalena werd moeder van 3 zonen en 1 dochter.

    De dochter, Lambertina Florentina,  werd geboren op 19 februari 1795 en huwde op 16-jarige leeftijd met de toen 31-jarige  Baron Pieter Hubertus van Lawick van Pabst.

    De zonen waren Jan (geboren op 21 juli 1792), Coenraad (geboren 29 december1793) en  Pieter ( geboren op 13 augustus1796).

     

    Ik ben een afstammeling van zoon Coenraad en diens (tweede) echtgenote Catharina Dorothea van Gumster met wie hij op 1 augustus 1819 in Japara in het huwelijk trad.

    Coenraad Persijn was onder meer assistent-resident te Ponorogo (Madioen) van 1830 tot 1833 en lid van de subcommissie landbouw Rembang. In 1834 werd Coenraad op wachtgeld gezet en vanaf december 1835 ging hij met pensioen.

    Precies 168 jaar later, in december 2003, ging ik met pensioen!.

     




    18-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Reinier Pieter Persijn, oorlogsslachtoffer
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Reinier Pieter Persijn werd geboren op 18 februari 1909 in Grissee als  zoon van Coenradus Nicolaas Persijn en Susanna Helena Kiemeneij.

    Hij trouwde met Mathilde Rosa Lazare. Op 28 mei 1940 werd in Semarang een zoon geboren, Coenradus Hendrik Maarten.

     

    Maar het jonge gezin bleef niet lang bij elkaar.

     

    Japan viel Nederlands-Indië aan. De eerste Japanse troepen landden op 10 januari 1942 in de Minahassa op Celebes en bij Tarakan (Oost-Borneo).

    Deze landingen werden snel gevolgd door nog andere landingen, o.a. in Balikpapan (Oost-Borneo), Kendari (Zuid-Oost Celebes), Pontianak, Ambon. Deze activiteiten werden gevolgd door een luchtoffensief tegen Java op 3 februari 1942 en een luchtlanding bij Palembang (Sumatra) op 14 februari.

    Op 27 februari werd de slag op de Javazee tegen de Japanse marine verloren.

    Wat verwacht werd gebeurde dan ook. Op 8 maart 1942 vond op het vliegveld van Kalidjati de algemene capitulatie plaats van het KNIL ( Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger) .

     

    Reinier Pieter Persijn, toen in dienst van het KNIL, werd geďnterneerd en met vele andere KNIL-ers (zoals ook de vader van René Louis Persijn, de beheerder van deze weblog) naar Japan getransporteerd om daar te werken.

     

    Op 9 februari 1945 (een half jaar voor de capitulatie van Japan op 15 augustus 1945) bezweek Reinier Pieter Persijn volgens de informatie van het POW ( = Prisoners Of War) Research Network Japan in het kamp aan ondervoeding en een longontsteking.

    In de rang van sergeant werd hij begraven en zijn naam vermeld op de plaquette in het Crematorium Memorial Commonwealth War Cemetery Hokagaya bij Yokohama

     




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Stamboomonderzoek
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Ik begon het onderzoek naar mijn stamboom pas nadat ik met pensioen ben gegaan in december 2003.

    Voor die tijd had ik er eigenlijk niet aan gedacht om aan genealogie te doen. Maar de geboorte van het eerste kleinkind, Charlotte Gracia (geb.11 mei 2003) brachten me op de gedachte dat het toch wel zinvol was om iets te weten over het VOORgeslacht om die informatie te kunnen doorgeven aan het NAgeslacht.

    De geboorte van een tweede kleinkind, Samuel Leo Louis, op 21 januari 2005 heeft me alleen maar gestimuleerd om verder te gaan.

    En een dergelijke stimulans was en is wel nodig want hoewel het zoeken naar gegevens over je voorouders heus wel interessant bleek te zijn kost het heel wat zoek- en speurwerk. Ik voelde me soms als Hercules Poirot, de bekende Belgische speurder uit de romans van Agatha Christie, die zijn ‘grijze cellen’ voortdurend moest laten werken!

     

    Aangezien mijn beide ouders al lang waren overleden en ik dus geen informatie uit de eerste hand kon krijgen moest ik met niets beginnen.

    Natuurlijk was er wel het een en ander bekend in de familiekring, maar alles moest toch worden geverifieerd en dat bleek ook wel nodig, want sommige ‘familieverhalen’ bleken achteraf toch niet op waarheid te berusten en niet door feiten te worden gedekt.

     

    Het probleem bij het onderzoek naar voorouders uit het toenmalige Nederlands-Indië is dat veel gegevens niet (meer) bewaard zijn gebleven of verloren zijn geraakt.

    Gelukkig bestaat er iets als Internet, dus heb ik gekeken of er ook speciale sites waren waarop ik een oproep om gegevens kon plaatsen. Dat bleek inderdaad het geval en ik plaatste dan ook op die sites een algemene oproep om gegevens over de familie Persijn (met die familie ben ik begonnen).

    Mijn stoutste verwachtingen werden overtroffen! Ik kreeg diverse reacties, ook van personen die (zoals later bleek) in de stamboom zaten.

    Veel goede en nuttige zoektips kreeg ik ook van Eric Hennekam van het Archiefforum.

    Ik had nu wat aanknopingspunten en kon dus wat gerichter zoeken.

    Veel gegevens heb ik kunnen vinden in o.a.: De Nationale Bibliotheek, het Nationaal Archief, het CBG (Centraal Bureau voor Genealogie) in Den Haag.

    Maar ook via het Internet werd veel informatie gevonden. Ook ontving en ontvang ik regelmatig mailtjes van personen, die een deel van mijn stamboom of wat losse gegevens daaruit in hun eigen archief hadden. Ik ben hen veel dank verschuldigd.

     

    Zoals ik hierboven al aangaf bleken sommige ‘familieverhalen’ niet te kloppen. Eén van die verhalen was, dat mijn opa van mijn moeders kant (George Ferdinand Polidor van den Broek) in Apeldoorn zou zijn geboren en bij de Koninklijke Marechaussee had gediend.

    Aanvankelijk zocht ik dan ook naar sporen van mijn opa in Apeldoorn (en wijde omgeving!) en bij de Koninklijke Marechaussee. Maar hoe Hercules Poirot ook zocht, combineerde en deduceerde, er was geen spoor van hem te vinden!

    Tot ik een ingeving kreeg. Ik wist dat hij, voordat hij in 1942 in Cheribon stierf, gewerkt had bij de Semarang-Cheribon Stoomtram Maatschappij.

    Een wilde gok volgde….

    Ik typte op het zoekscherm van het Nationaal Archief de woorden ‘Semarang-Cheribon’ in en ik ontdekte tot mijn verbazing dat in dat archief een personeelsdossier van de Semarang-Cheribon Stoomtram Maatschappij werd bewaard.

    In dat dossier vond ik ook gegevens over mijn opa, zoals zijn geboortedatum, de geboorteplaats (Bengkalis op Sumatra), zelfs salarisgegevens en een pensioenberekening. Zijn hele conduitestaat was ter inzage en er waren ook brieven van hem bewaard, die hij aan de directie van de maatschappij had geschreven. En brieven van de directie aan en over hem.

    Het was nu zaak om de gegevens te checken. Nu ik de geboortedatum en -plaats had kon ik in de Koninklijke Bibliotheek de diverse Indische Almanakken raadplegen en de al gevonden gegevens verifiëren om daarna in de tijd terug te werken. Zoeken naar zijn ouders, grootouders enz.

     

    Uit bovenstaande blijkt wel, dat je bij genealogisch onderzoek vaak diverse bronnen moet raadplegen en de gegevens die je vindt moet checken en dubbel-checken, dit om te voorkomen dat we onjuiste informatie doorgeven aan onze kinderen en kleinkinderen.

     

    Ik heb in de afgelopen tijd wel ontdekt dat het alleszins de moeite waard is om onderzoek te doen naar je voorouders. En het is extra inspirerend om ook andere gegevens te vinden dan alleen namen, geboortedata en geboorteplaatsen. Bijvoorbeeld welke levensbeschouwing je voorouders hadden, tot welke kerkgenootschap ze behoorden, op wat voor soort verenigingen ze eventueel zaten etc. Ook is het raadzaam om de personen die je vindt zo veel mogelijk in hun historische context te plaatsen. Wat historisch, antropologisch en sociologisch onderzoek kan dus gaan kwaad.

    Je voorouders komen dan (figuurlijk uiteraard!) weer tot leven!




    19-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.In het kamp
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    In het kamp te Cheribon (de Bersiap-periode)

    De tijd van (ruwweg genomen) september 1945 tot december 1945 in Indonesië wordt de Bersiap-periode (siap = weest paraat) genoemd.

    Deze periode bracht voor hen die buiten de kampen waren gebleven nog meer ellende en amper enige bescherming. Nadat Japan op 15 Augustus 1945 was gecapituleerd  riep Soekarno op 17 Augustus onder pressie van radicale jongeren de onafhankelijkheid van Indonesië uit. 

    De Nederlanders waren toen nog niet in staat om van uit de kampen enige organisatie op te starten. De Engelsen, belast met het herstellen van de orde in Nederlands-Indië, moesten nog komen en konden uiteindelijk slechts een aantal bruggenhoofden in o.m. Batavia, Semarang en Soerabaja en later in Bandoeng bezetten. 

    De paramilitaire Japanse opleidingen waren gestopt. De hieruit ontslagen hongerige jongeren, maar ook andere kleinere roversbenden zagen in het ontstane gezagsvacuüm de kans om, vaak onder de mom van een strijd voor Merdeka ( =vrijheid) hun gang te gaan.

    De (Indische) Nederlanders die buiten de kampen leefden werden geconfronteerd met voedselboycot, intimidatie, waterafsluiting, huisuitzetting

    Later werd dit gevolgd door plunderingen, kidnapping en zelfs moord.

    In Ambarawa werden uit de gevangenis 500 gevangenen losgelaten die onder leiding van hun voormalige cipiers (Indonesiërs) op plundertocht gingen, ook onder de eigen bevolking. Nederlanders binnen en buiten de kampen werden aangevallen. Sommige schattingen gaan uit van 3.500 vermoorde personen tijdens de Bersiap. Andere gaan zelfs uit van 8.000 doden en 20.000 vermisten.

     

    In deze beroering gingen de Indonesische autoriteiten over tot internering van de buitenlanders. Hierbij werden ook de Japanse soldaten ingeschakeld.

    De redenen die worden aangevoerd waarom de Indonesiërs tot internering over gingen:

    - De weerbare mannen en jongens waren potentiële tegenstanders.

    - De geďnterneerden werden gebruikt als gijzelaars om uitgewisseld te worden tegen gevangen Indonesiërs. Deze eerste twee redenen zullen min of meer een rol hebben gespeeld.

    Zelf noemden de Indonesiërs deze kampen - kamp perlindoengan - (beschermingskamp d.i. bescherming tegen de fanatieke extremistische jongeren). Toch hebben velen hun verblijf in de Indonesische interneringskampen als een gijzelaarsituatie beleefd.

     

    In een dergelijke interneringskamp werd ook Georgine Louise (Sien)  Persijn-van den Broek ondergebracht, samen met haar 2 zonen Johan en René (beheerder van deze weblog).

    Ze werden op 18 oktober 1945 opgepakt in Cheribon, Tengah Tani, waar ze op dat moment verbleven in het huis van de ouders van Sien en op een motor met zijspan door een Japanse soldaat vervoerd naar Boei Lama (= oude gevangenis), de Pasisir-gevangenis.

    Omdat de Japanner beide handen nodig had om zijn motor te besturen en zich daarbij echt moest concentreren om de vaak grote gaten in het wegdek te omzeilen moest Sien zijn klewang (=sabel) vasthouden (!).

     

    Sommige kampen werden bewaakt door Japanners, andere door Indonesiërs.

    Het kamp waar Sien en haar 2 zonen zaten werd bewaakt door Japanners en Indonesiërs.

    Mevrouw Leidelmeyer, die één kind had) werd aangesteld als kampleidster.

     

    De gebouwen die als kamp werden gebruikt waren vaak niet op die grote aantallen berekend. Veel kampen waren veel te vol. Dus te weinig toiletten, te weinig water, te weinig voeding.

    Ik kan me ook nog herinneren dat in de regentijd het hele kamp blank lag omdat de riolering het vele regenwater niet kon verwerken. De WC’s (gewoon een gat in de grond) liepen over en de menselijke uitwerpselen dreven rond en langs je (betonnen) bed. Om eten te halen ( één maal per dag en meestal wat rijst met gekookte waterplanten) moest je dan als kleine jongen tot aan je borst door dat water waden en je etenskommetje boven je hoofd zien droog te houden.

     

    Omdat het kamp overvol raakte werd een gedeelte van de geďnterneerden (310 van de 650 peronen), waaronder Sien, Johan en René, overgeplaatst naar een ander kamp (Tjangkol-kamp), een voormalig hotel ( hotel Cheribon). Dit gebeurde op 18 november 1945.

    In dit kamp waren de omstandigheden iets beter dan in Boei Lama. Er was zelfs een polikliniekje (o.l.v. zuter Devos), maar er waren geen medicijnen en verbandmiddelen. Zuster Devos heeft dus heel wat moeten improviseren!

     

    Op 26 april 1946 werden we per trein geëvacueerd naar Batavia waar we aankwamen op het station Manggarai.

    In Batavia werd ons gezinnetje door bemiddeling van het Rode Kruis  weer herenigd met vader Johan Eduard, die uit de Japanse internering was teruggekeerd.

    We werden samen met nog enkele andere gezinnen tijdelijk in een woning ondergebracht en Nederlandse militairen voorzagen ons van water en brood met jam.

    Het brood (bleek later) was oorlogsbrood (d.w.z. van een slechte kwaliteit), maar het smaakte me na al die gekookte moerasplanten als manna, brood uit de hemel. In mijn herinnering heb ik nooit zulk lekker brood meer gegeten!

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     




    21-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mijn wieg stond in Batavia
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

     

    Op 1 december 1938 werd ik geboren in Batavia (nu Jakarta). Mijn broer was mij 2 jaar daarvoor al voorgegaan en hij was dus de oudste en dat is zo gebleven……….

    Wij woonden vlak bij het (oude) vliegveld Kemajoran totdat mijn vader, die bijzonder dienstplichtig militair was, door de Japanners na de capitulatie van het KNIL als krijgsgevangene werd getransporteerd naar Japan om daar te gaan werken.

     

    In verband met de veiligheid verhuisde mijn moeder toen met mijn broer en met mij naar Cheribon, waar haar vader en moeder (mijn opa en oma dus) woonden.

    Mijn opa was George Ferdinand Polidor van den Broek, werkzaam bij de Semarang-Cheribon Stoomtram Maatschappij.

    Mijn oma (Katie) was een Madoerese, die bijzonder goed kon koken. Een kookboek had ze niet nodig. Daar zou ze trouwens niets aan hebben gehad, omdat ze niet kon lezen en schrijven. Van haar heb ik het koken geleerd. Gewoon door bij haar in de buurt te zitten als ze aan het koken was, alles wat ze deed goed te bekijken en heel veel te vragen (misschien wel tot vervelens toe…..).

    Oma kon ook goed vertellen.  Zo kwam ik in aanraking met de oude Javaanse en Madoerese cultuur van legendes en fabels, van goden en demonen.

     

    Mijn grootouders hadden een groot huis, even buiten de stad in Desa Dawuan in het district Tengahtani (West-Cheribon). Bij het huis hoorde een heel grote tuin van 10.740 m2 met allerlei fruitbomen, zoals mangga (mango), sawoh, kokos, diverse citrussoorten, enz.

    Voor mijn broer en mij was de tuin een ware lusthof, waar je niet alleen fijn in de bomen kon klimmen maar ook heel goed verstoppertje kon spelen.

    Op een dag (18 oktober 1945 ) kwam een Japanner op een motor met zijspan (en een sabel bij zich) mijn moeder, mijn broer en mij ophalen. We werden geďnterneerd en kwamen in een kamp in de stad Cheribon terecht (Boei Lama) met nog meer vrouwen en kinderen en een paar mannen die kennelijk in de ogen van de Japanners al te oud waren om in Japan te gaan werken.

    Op 26 april 1946 werden mijn moeder, broer en ik naar Batavia getransporteerd (per trein), waar we met mijn vader werden herenigd.

    (zie ook het artikel over het kamp in Cheribon en de Bersiap-tijd).

     

    Nadat we aanvankelijk in een tijdelijke woning werden gehuisvest met nog een paar andere gezinnen, werd ons een huis toegewezen in de Tjemaralaan op nr. 25. Ook hier met een ander gezin, want woonruimte was heel schaars zo vlak na de oorlog.

    Ik bezocht de lagere school op de Javaweg 66. Het lagere onderwijs was toen gesplitst in een zogenaamde normaalschool en een herstelschool. Dit laatste type onderwijs was bedoeld voor de kinderen die door de oorlog en het kampleven een achterstand hadden opgelopen en die moesten inhalen.

    Mijn moeder had mij in het kamp goed leren lezen en rekenen (ook de tafels van vermenigvuldiging!) zodat ik op een normaalschool terecht kwam. Ik mocht zelfs, nadat ik een jaar op school had gezeten, een klas overslaan.

    Nadat ik voor het eindexamen (!) van de lagere school was geslaagd ging ik naar de H.B.S. (Hogere Burger School) van de Carpentier Alting Stichting aan het Koningsplein (nu: Lapangan Merdeka).

    We waren inmiddels verhuisd naar een ander adres: Vliegveldlaan 56 (later: Jalan Garuda) in de wijk Kemajoran, de wijk waar ik ook was geboren.

    Mijn vader was in die tijd Hoofdopzichter Publieke Werken van de stadsgemeente Batavia / Djakarta / Jakarta.

     

    Op dit adres hebben we gewoond  tot aan onze repatriëring naar Holland in 1956. Ik was toen 17 jaar.

     




    22-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mijn opa George Ferdinand Polidor van den Broek
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Mijn grootvader van mijn moeders kant, George Ferdinand Polidor van den Broek, werd geboren op 17 augustus 1880 in Bengkalis op Sumatra als zoon van Carel Ferdinand van den Broek en Louisa Engelina Caroline Lans.
    Op 30 september 1942 stierf opa in Cheribon en werd hij begraven op de begraafplaats Cigendeng aan de Jalan Cipto Mangunkusumo.

    Na zijn overlijden werd zijn pensioen van de SCS (Semarang-Cheribon Stoomtram Maatschappij) toegekend aan zijn weduwe (mijn oma) Katie. Uit een personeelsdossier van de SCS (bewaard in het Nationaal Archief te Den Haag) blijkt dat dit pensioen f 224,- bedroeg.

    Opa en oma (een Madoerese vrouw) trouwden op 25 december 1922 (eerste kerstdag) in Poerwodadi. Mijn oma was toen ongeveer 36 jaar. Haar leeftijd werd bij de huwelijksvoltrekking geschat omdat er van Indonesische personen in die tijd geen geboortegegevens bekend waren. De kinderen werden bij hun geboorte nergens officieel aangegeven!

     

    Op 30 april 1910 werd hun enige kind, een dochter (mijn moeder Georgine Louise van den Broek), geboren, maar eerst bij het huwelijk van haar ouders (dus op 25 december 1922) werd haar geboorte gewettigd. Zij was toen al 12 jaar.

     

    Mijn opa heeft in diverse plaatsen gewoond. Zoals al vermeld werd hij geboren op Sumatra (in Bengkalis),

    maar hij heeft onder meer gewoond in Marengan (een dorpje vlak bij Soemenep op het eiland Madoera), Tjepoe, Mantingan (ten zuiden van Jepara), Semarang, Rembang, Poerwodadi (waar hij trouwde met oma Katie), Tegal en uiteindelijk in de havenplaats Cheribon, in het oostelijk gedeelte van West-Java aan de noordkust.

     

    Toen hij nog op Sumatra woonde was hij werkzaam bij de Stoomtram Atjeh als onderopzichter. Later werkte opa bij de Madoera-Sitoebondo Stoomtram Maatschappij (eveneens als onderopzichter), bij de Semarang-Joanna Stoomtram Maatschappij, achtereenvolgens als lijnopzichter, opzichter 1ste klas en hoofdopzichter 2de klas tot juli 1926.

    Vanaf 10 juli 1926 woonde en werkte hij in Cheribon. Hij was daar hoofdopzichter 2de klas bij de Semarang-Cheribon Stoomtram Maatschappij.

    Volgens gegevens uit het personeelsdossier van de SCS ( Nationaal Archief te Den Haag) had opa toen een salaris van f 600,- per maand. Voor die tijd (dacht ik) een behoorlijk inkomen.

    Oma en hij kochten dan ook een groot huis in het Cheribonse, waar mijn moeder, broer en ik ook nog hebben gewoond toen mijn vader in Japan geďnterneerd was (zie ook het artikel ‘In het kamp’ ).

    De woning bestond uit een hoofdgebouw met onder meer een grote open galerij, een eetkamer, een zitkamer, een achterkamer en 3 slaapkamers, waarvan 1 door mijn opa werd gebruikt als kantoor.

    Dan was er nog een keuken en een bijkeuken en in de bijgebouwen nog zo’n 6 kamers. Verder had mijn grootvader een garage laten bouwen en een voličre in de tuin. Die tuin was toch groot genoeg en bedroeg ongeveer 10.000 vierkante meter (10.740 m2).

    De tuin was voordat mijn opa die kocht een soort proeftuin van de landbouwschool. Daar stonden dan ook fruitbomen in van allerlei soort. Van haast elke soort vruchtboom die op Java groeide stond in de tuin tenminste 1 exemplaar, meestal meerdere exemplaren. Zo konden we in de tijd dat we bij opa en oma woonden altijd kiezen uit diverse soorten fruit uit eigen tuin, zoals kokosnoten, ananas, jamboe (guyava), ramboetan, sawoh, mango (verschillende soorten), blimbing (sterfruit), bananen (diverse soorten) en nog andere soorten vruchten.

     

    Mijn opa had in de voortuin een bak laten bouwen om goerami’s (een karperachtige vis) te kweken.

    Deze bak bestond uit drie delen, van elkaar gescheiden door een muurtje met daarin een opening waardoor wel alle kleine vissen konden zwemmen, maar niet de grotere exemplaren. De grootste vissen zaten in 1 bak en deze waren bestemd voor de consumptie. Mijn oma was een goede kokkin en kon heerlijk vis bereiden. Als ik er nu aan terugdenk….. loopt het water me meteen in de mond….

    Natuurlijk moest deze kweekvijver regelmatig van vers water worden voorzien en toen mijn moeder, broer en ik daar woonden was het een leuke job voor mijn broer en voor mij.

    In de tuin stonden namelijk op diverse plaatsen waterputten. En het was onze taak om water te putten voor de viskweekbak.

     

    Na de oorlog met Japan en na de roerige Bersiap-tijd woonde oma Katie (zie was toen al weduwe) bij ons in. We woonden toen in Batavia (Djakarta / Jakarta) aan de Vliegveldlaan (later: Jalan Garoeda) 56.

    Daar is oma gestorven op 8 februari 1955 in de leeftijd van (ongeveer) 69 jaar.




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rehabilitatie van Marcus Antonius Steenhard

    In de familie Persijn deed het verhaal de ronde, dat we eigenlijk ook STEENHARD hadden kunnen heten in plaats van PERSIJN.

    Een zekere Steenhard zou namelijk getrouwd zijn geweest met een juffrouw Persijn, kinderen bij haar hebben verwekt en daarna uit hun leven zijn verdwenen. Moeder Persijn zou toen de kinderen haar meisjesnaam hebben gegeven (Persijn) in plaats van de naam van haar verdwenen echtgenoot (Steenhard).

     

    Mijn onderzoek naar de Persijn-stamboom heeft echter een heel ander licht geworpen op de gebeurtenissen die toen plaats vonden.

    De feiten die hierbij onder het stof van de tijd te voorschijn kwamen betekenen (gelukkig) een rehabilitatie voor deze Steenhard (Marcus Antonius).

     

    Uit de gevonden gegevens blijkt het volgende:

    Op 29 juni 1836 werd in Riouw geboren Marcus Antonius Steenhard.

    Hij trouwde op 17 januari 1885 op 48-jarige leeftijd te Djoewana met de toen 28 jaar oude Elisabeth Lamberta Persijn, dochter van Johannes Pieter Persijn en de Javaanse vrouw Minah.

    Voordat het huwelijk in 1885 werd voltrokken hadden Marcus Antonius en Elisabeth Lamberta al vier kinderen, te weten Elisabeth Lamberta ( geboren in 1875 in Koedoes/Joana/Djoewana)  en vernoemd naar haar moeder), Coenraad Johannes Marcus (geboren in 1878 in Koedoes/Joana/Djoewana), Willem Leonard (geboren in 1879 in Semarang)  en Hendrik Christoffel (geboren in 1881 in Semarang).

     

    Aangezien de ouders van deze 4 kinderen bij hun geboorte nog niet officieel met elkaar waren getrouwd, kregen ze als achternaam de meisjesnaam van hun moeder mee, namelijk Persijn.

    Bij het huwelijk van Marcus Antonius en Elisabeth Lamberta werden hun 4 kinderen officieel erkend. Hun achternaam werd daarbij officieel gewijzigd in Steenhard.

    De oudste twee (Coenraad Johannes Marcus en Elisabeth Lamberta) zouden bij de naamsverandering niet aanwezig zijn geweest, zodat zij de naam Persijn bleven dragen in tegenstelling tot de twee jongste kinderen, die vanaf toen Steenhard als achternaam droegen.

     

    Op 18 januari 1885 (een dag na haar huwelijk op 18 januari 1885 met Marcus Antonius Steenhard) kreeg moeder Elisabeth Lamberta Persijn een ongeluk. Zie viel van een paard en stierf ten gevolge van dit ongeval.

     

    De zoon Coenraad Johannes Marcus, die dus de naam Persijn bleef houden, huwde met Maria Magdalena Daniël. Zij waren de ouders van mijn vader en dus mijn opa en oma van vaders kant.

     

    Hopelijk is Marcus Antonius Steenhard, die op 8 juli 1891 in Djoewana overleed, hiermee gerehabiliteerd en zal hij niet meer in de familieverhalen verder leven ( geldt dit ook voor iemand die al is overleden?) als de man die vrouw en kinderen verliet.

     

     




    23-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Jan Coenraad Persijn, oorlogsslachtoffer
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Jan Coenraad Persijn werd geboren op 27 december 1916 in Blitar als zoon van Coenraad Persijn en diens Javaanse vrouw Tamiah en op dezelfde datum erkend.

    In 1940 was hij employé bij de BP in Balikpapan (Borneo)

    Jan Coenraad overleed op 9 februari 1942 op 25-jarige leeftijd.

    Hij werd begraven op het Nederlandse Ereveld Kembang Koening te Soerabaja. Zijn graf met nr. 53 staat in vak KDH B.

    Volgens de Oorlogsgravenstichting is Jan Coenraad Persijn overleden in Ketapang.

    Hij was toen vlieger bij de Koninklijke Marine.

     

    Volgens een mededeling uit de GEDENKROL van de Koninklijke Marine 1939-1962 (samensteller: Harry Floor) vloog Jan Coenraad bij zijn overlijden in een Catalina Y 38.

    Citaat:

    Op 9 februari 1942 landde de Catalina Y 38 in de monding van de Soengai Pawan bij Ketapang (West- Borneo), teneinde Europeanen op te pikken om hen naar Java te brengen. Opeens werd de vliegboot beschoten door laag overvliegende Japanse vliegtuigen. De inzittenden sprongen buiten boord. Leerlingonderofficier-vlieger J.C. Persijn werd daarbij door een kaaiman aangevallen en bloedde dood. Intussen waren de Japanners verdwenen en toen de bemanning, met meenemen van het stoffelijk overschot van Persijn, weer aan boord van de beschadigde Catalina geklommen was, steeg men op en vloog naar het MVKM te Soerabaja. Dit doel werd niet bereikt. In het Westervaarwater moest de Y 38 een noodlanding maken.
     




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Coenradus Nicolaas Persijn, oorlogsslachtoffer
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Coenradus Nicolaas Persijn werd op 22 september 1881 in Panaroekan geboren als derde kind van Hendrik Louis Persijn en de inlandse vrouw Miah. In 1900 werd hij te Panaroekan/Sitoebondo erkend.

    Volgens de Regeerings Almanak voor Nederlandsch Indie, jrg. 1901 was zijn geboorteplaats Panaroekan, maar volgens gegevens van de Oorlogsgravenstichting werd hij geboren in Banjoemas.

    Uit de Regeerings Almanak voor Nederlandsch Indie van de jaargangen 1905 tot 1915 bleek dat Coenradus Nicolaas van 1906 tot 1914 landbouwer was te Rogodjampi (Banjoewangi).

     

    Coenraad Nicolaas kreeg een relatie met de inlandse vrouw Rasami.

    Uit deze relatie werden 3 zonen geboren:
    Philip (geboren op 31 december 1905 te Rogodjampi),
    Johan (geboren op 17 mei 1910 te Rogodjampi en
    Henri (geboren  op 17 oktober 1913 in Bondowoso).

    De tweede zoon (Johan) is tijdens de oorlog tegen Japan als vermist opgegeven. Waar en wanneer hij is gestorven is niet bekend. Johan was ongehuwd. Bij zijn vermissing was hij sergeant bij het KNIL ( Koninklijk Nederlands Indisch Leger).

     

    Uit het boek “Indisch verleden”, een in 1995 door de Stichting Herdenking 15 Augustus 1945 te  ’’s-Gravenhage uitgegeven herdenkingsboek blijkt dat Coenraad Nicolaas op 4 februari 1944 te Djember (Besoeki) op 62-jarige leeftijd is overleden nadat hij door de Kempeitai (de Japanse militaire politie die de controle had overgenomen van de plaatselijke politie) was doodgeslagen.

    Zijn overlijdensdatum en - plaats staan ook vermeld in het Gedenkboek nr. 41, uitgegeven door de Oorlogsgravenstichting.

     

    Ook de jongste zoon van Coenraad Nicolaas Persijn en Rasami, de in 1913 geboren Henri, staat vermeld in de analen van de Oorlogsgravenstichting

    Hij zou op 21 augustus 1947 in Soengaigerong / Palembang op 33 jarige leeftijd zijn overleden en begraven op het Nederlandse ereveld te Pandoe

     




    24-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Maria Helena Persijn tot Pablo Neruda
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Van Maria Helena Persijn tot Pablo Neruda

     

    Maria Helena Persijn zag het levenslicht op 26 januari 1821 in Japara & Joanna. Ze was een dochter van Coenraad Persijn en Catharina Dorothea van Gumster. Maria Helena is overleden op 8 december 1898 in ’s-Gravenhage in de leeftijd van 77 jaar

    Maria Helena trouwde als jonge vrouw van 15 jaar op 1 juli 1836 te Jepara met de toen 23-jarige Johannes Hendrikus Wilhelmus ten Cate die op 28 maart 1813 in Zwolle was geboren, een zoon van Gerrit ten Cate en Maria Alida Folkertsdr van de Laan Droop.

    Johannes Hendrikus Wilhelmus overleed op 31 oktober 1860 in Rotterdam ( 47 jaar oud).

     

    Maria en Johannes hebben o.a. gewoond in Jepara, Pekalongan, Kedoe, Modjokerto.

    Johannes Hendrikus Wilhelmus ten Cate was onder meer Controleur Landelijke Inkomsten en Cultures, Assistent-resident, notaris en vendumeester te Japara en Modjokerto.

    Van 1859 tot 1860 verbleef hij met ziekteverlof in Nederland.

    De oudste dochter van het echtpaar ten Cate-Persijn, te weten Maria Mathilde ten Cate, werd op 4 oktober 1851 in Semarang geboren. Bij de aangifte van de geboorte waren J.M. Muller en Maria Alida ten Cate als getuigen aanwezig.

    Volgens het Hervormde Doopregister van Semarang werd Maria Mathilde op 5 september 1852 te Semarang gedoopt. Zij overleed op 18 oktober 1906 te Batavia.

    Maria Mathilde ten Cate trouwde toen ze 24 jaar was op 17 februari 1876 te Batavia met de 34-jarige Pieter Jacob Vogelzang, die op 29 juli 1841 in Delft was geboren.

    Volgens het Bijblad van De Nederlandsche Leeuw, deel 5 (1976) was Pieter Jacob landeigenaar en planter de Djokjakarta,

     

    Het tweede kind van het echtpaar Vogelzang-ten Cate, namelijk Antonia Helena Vogelzang (geboren op 30 januari 1879 in Semarang en omstreeks 1945 in Batavia overleden) trouwde op 15 december 1897 te Djokjakarta met Richard Pieter Fedor Hagenaar (geboren op 14 mei 1856 te Batavia), een landeigenaar.

    Het echtpaar kreeg (voor zover mij tot nog toe bekend is) één kind, een dochter. Deze dochter kreeg de naam Marie Antonia.

     

    Deze Maria Antonia Hagenaar trouwde in 1930 met de in Chili geboren Ricardo Eliecer Neftali Reyes Basoalto. Hij was geboren in Parrel, ongeveer 300 km. ten zuiden van Santiago.

    Ricardo Eliecer Neftali Reyes Basoalto zou later bekend worden als Pablo Neruda. Hij noemde zich zo naar de door hem bewonderde Tsjechische dichter Jan Neruda (1834-1891).

    Pablo Neruda, die o.a. Chileense consul in Spanje was, ontving in 1971 de Nobelprijs voor de Literatuur.

    Zijn eerste gedichtenbundel, La Cancion de la fiesta, werd gepubliceerd in 1920. In 1923 bracht hij Crepusculario uit, en in 1924 publiceerde hij Veinte poemas de amor y una cancion desesperada (Twintig gedichten over liefde en een lied over wanhoop), een van zijn bekendste werken.

     

    Pablo Neruda stierf 12 dagen na de gewelddadige dood van zijn vriend Salvador Allende, president van Chili, aan wiens bewind abrupt een einde werd gemaakt door een rechtse militaire staatsgreep onder leiding van generaal Augusto Pinochet, waarbij Salvador Allende op 11 september 1973 om het leven kwam.

     

    Bij het uitbreken van de Spaanse burgeroorlog (1936) was het huwelijk van Pablo Neruda en Maria Antonia Hagenaar al ontbonden.

    Ze hadden een dochter, Malva Marina, die in 1943 op 8-jarige leeftijd is overleden en in Gouda werd begraven op de Algemene Begraafplaats aan de Vorstmanstraat.

     

    Tegenwoordig is de oude Algemene Begraafplaats een monument en zal het grafje van Malva Marina samen met de bronnen in het Streekarchief blijven bestaan als een klein stukje wereldgeschiedenis.

     

     




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Schijn-Persijn
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Schijn-Persijn

     

    Tijdens mijn stamboomonderzoek naar de familie Persijn in het voormalige Nederlands-Indië stootte ik op de volgende curiositeit:

     

    Op 23 augustus 1850 werd te Moerkerke (België) geboren Adolf Leopold François Van Roosbroeck

     

    “Niets bijzonders” zult u zeggen. Neen, maar dat komt nog.

     

    Het begon allemaal met de Frans-Pruisische oorlog ( 19 juli 1870 -10 mei 1871).

    In de eerste helft van de 19e eeuw was Frankrijk de sterkste natie op het Europese vasteland. Pruisen, onder leiding van Bismarck, was een sterke staat in opkomst en wenste ook een belangrijke plaats in Europa in te nemen.

    Een opvolgingskwestie die betrekking had op de Spaanse troon (de Duitse prins Leopold van Hohenzollern zou de Spanse troon bestijgen)  leidde tot een hevig conflict tussen Frankrijk en Pruisen. Frankrijk greep naar de wapenen en verklaarde Pruisen de oorlog.

    De Britten sloeg de schrik om het hart dat Napoleon III België zou binnenrukken. Koningin Victoria schreef een brief aan  Leopold II om hem ertoe aan te zetten het Belgisch leger te mobiliseren. Op 17 juli beloofde Leopold aan Victoria dat hij binnen de week 60.000 man zou stationeren langs de Belgische zuidgrens en 30.000 man in Antwerpen. De gemeenten werden aangeschreven om alle mannen op te roepen die in de loop van de jaren 1860 militaire dienst hadden vervuld. Vele gemeenten lieten echter weten dat ze van de meeste van deze mannen geen enkel idee hadden waar die uithingen en dat ze de middelen niet hadden op ze op te sporen. De dienstplichtigen waren immers doorgaans lotelingen geweest. Alleen de armsten konden zich van loting niet vrijkopen en de rijken die zich erin geloot hadden lieten zich vervangen door een arme. Bijgevolg deden alleen arme mensen uit de allerlaagste klassen militaire dienst, maar die hadden dikwijls geen vast adres.

     

    In deze hectische toestand werd Adolf Leopold François Van Roosbroeck onder de wapenen geroepen.

    Maar in 1870 deserteerde hij uit het Belgische leger en dook onder. Met behulp van zijn vader, die een invloedrijke man zou zijn geweest, nam hij een andere identiteit en dus ook een andere naam aan en ging voortaan door het leven als Hendricus PERSIJN.

    Hij vertrok kort daarna naar Nederlands Oost-Indië en woonde o.a. in Menado, Kota Radja, Segli, Edi en Padang.

     

    Op 16 januari 1886 trouwde hij in Padang met Rozalie Pauline Adrienne Bertha Vreven, die op 1 november 1868 in Padang was geboren.

     

    Hun kinderen droegen de achternaam Persijn en deze Persijn-familie heeft zich even als mijn voorouders in Nederlands-Indië verspreid.

    Bij het genealogisch onderzoek naar de familie Persijn in Nederlands-Indië stuit je dan ook onherroepelijk op vele personen met de naam Persijn (in bijv. Banjoeawngi, Padang, Tebingtingi, Tandjoen Slamat enz.), die geen afstammelingen zijn van Claas Persijn uit Amsterdam (zie het artikel: “De Hollandse stamvader” op deze weblog), maar van Adolf Leopold  François Van Roosbroeck, die eens de oorlog tussen de Pruisen en de Fransen ontvluchtte om zijn heil te zoeken in het verre Oosten.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     




    25-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DOOPCELEN gelicht
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Claas Persijn, de Hollandse stamvader van de Indische Persijn-familie (zie het artikel “De Hollandse stamvader” op deze weblog) was een zoon van Jan Persijn en Grietje (Margreta) van Heest.

    Jan Persijn, geboren in 1714, was een zoon van Claas Persijn (sr.) en Jacomijntje (Jacomina) van de(r) Lande.

     

    Jan en Jacomijntje hadden behalve Jan nog meer kinderen.

     

    Van deze kinderen vermeld ik hieronder de doopgegevens:




     

    1. Johanna. Zij werd gedoopt op 1 februari 1713 in de Hervormde Kerk te Amsterdam door pastor Florentius Bomble. Als getuigen waren aanwezig: Johanna van de Lande en Christiaan Smout
    2. Jan (zie boven) werd gedoopt op 11 april 1714 in de Zuiderkerk te Amsterdam.
    3. Johannes werd tegelijk met Jan gedoopt op 11 april 1714 in de Zuiderkerk te Amsterdam. De pastor was Daniël Eversdijck en de doopgetuigen waren Claas de Hont en Grietie Klaase Kook (Klaasekook)
    4. Marregrietje, gedoopt op 11 december 1715 in de Nieuwe Kerk (Amsterdam) door pastor Joannes Junius. Als getuigen traden op: Beletje Persijn en Christiaan Smout
    5. Margrietje werd op 11 augustus 1717 gedoopt in de Nieuwe Kerk te Amsterdam door pastor Henricus Vos in aanwezigheid van de getuigen Grietje Kock en Hendrik Wessens
    6. Claas, gedoopt op 26 december 1718 in de Nieuwe Kerk (Amsterdam). De pastor was toen Gerardus Puppius Hondius en de doopgetuigen waren Johanna van de Lande en Hendrik Wessens
    7. Christina werd ten doop gedragen op 30 mei 1721 in de Oude Kerk te Amsterdam. De doop werd verricht door pastor Johannes d’Outrein. De getuigen bij de doop waren Geesie Deutgenius en Abraham van de Lande
    8. Marija werd gedoopt door pastor Daniël Eversdijck op 29 juli 1722 in de Amsterdamse Zuiderkerk. Johanna van de Lande en Hendrick Wessels waren als getuigen aanwezig
    9. Christina werd gedoopt op 29 oktober 1724 in de Westerkerk te Amsterdam. De doop werd verricht door pastor Johannes Bakker in aanwezigheid van de getuigen Geesie Deutgenius en Abraham van de Lande
    10. Belia werd in aanwezigheid van de getuigen Johanna van de Lande en Hendrick Wessels op 17 april 1726 door pastor Nicolaus Wiltens gedoopt in de Amsterdamse Zuiderkerk
    11. Claas werd gedoopt in de Oude Kerk (Amsterdam) door pastor Johannes de la Moraisiere. De getuigen waren Geesie Deutgenius en Abraham van de Lande

     

     

    Bron:  Doopregisters 1564-1811 Gemeente Archief Amsterdam




    27-08-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Repatriëring
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     Met de "Oranje" naar Holland

    Na de capitulatie van Japan op 15 augustus 1945 (nadat de steden Hiroshima en Nagasaki door atoombommen waren verwoest) brak in Indonesië (het voormalige Nederlands-Indië) een zeer chaotische periode aan (de zogenaamde bersiapperiode), waarin Indonesië streed voor haar onafhankelijkheid en veel slachtoffers vielen, vooral onder de Indo-Europeanen (waaronder de Indische Nederlanders of Indo’s). [Zie ook het artikel “In het kamp” op deze weblog].

    Vooral de ervaringen gedurende deze tijd heeft veel Indische Nederlanders doen besluiten in de jaren na de soevereiniteitsoverdracht ( in 1949 ) naar Nederland te repatriëren. Dit overigens ook op dringend advies van de Hoge Commissariaat der Nederlanden.

    Het begrip repatriëren is overigens wat misplaatst omdat velen nooit eerder in Nederland waren geweest en er dus geen sprake was van 'terugkomst naar het moederland’ wat het begrip repatriëring feitelijk impliceert.

    Sommigen kozen voor Nieuw-Guinea, maar de omstandigheden waren daar slecht.

    Veel andere landen lieten alleen migranten toe met Europese gewoonten en uiterlijk. Alleen de Verenigde Staten vormden daarop een uitzondering.
    De Indonesische regering gaf de Indische Nederlanders in 1949 twee jaar de tijd om te beslissen of men het Indonesisch staatsburgerschap (warga negara ) verkoos. Slechts een beperkt aantal Indo's koos hiervoor. Velen kwamen na verloop van tijd op dit besluit terug omdat hun maatschappelijke positie in het nieuwe Indonesië sterk onder druk stond. Het gevolg was dat velen daarna alsnog kozen voor migratie naar Nederland ( dit waren e zgn 'spijtoptanten' ) en de Nederlandse nationaliteit verkozen boven de Indonesische.

    Ruim 300.000 Indische Nederlanders repatrieerden tussen 1946 en 1964 in vier golven naar Nederland en ca. 50.000 van hen emigreerden naar de Verenigde Staten en Canada.

    Na diverse voorlichtingsbijeenkomsten te hebben bijgewoond, die verzorgd werden door het Hoge Commissariaat der Nederlanden besloot de familie Persijn (Johan Eduard Persijn, Georgine Louise Persijn-van den Broek en hun kinderen Johan Marcus Polydor, René Louis en Yvonne Louise) naar Nederland te repatriëren.

    Mijn vader reserveerde plaatsen op het motorschip “Oranje” van de SMN (Stoomvaart Maatschappij Nederland).

    We kregen 2 hutten toegewezen de nrs. 517 en 519. De overtocht voor ons zou 15.261,75 Roepiah kosten. Omdat mijn vader destijds hoofdopzichter bij Rijkswaterstaat was werden de kosten betaald door het Gouvernement. Het “zakgeld” voor onderweg, dat aan boord moest worden omgewisseld in boordgeld, was voor eigen (vaders) rekening.

    Op 19 maart 1956 scheepten we ons in op de “Oranje” (vaart nr. 56). Het schip stond onder gezagvoering van captain J. Lassche.

    We vertrokken uit de haven van Tandjong Priok (Jakarta), uitgezwaaid door o.m mijn Javaanse vriend Soetedjo.

    Nadat de trossen waren losgegooid verliet het schip de kade. We riepen nog een groet naar Soetedjo,die zichtbaar huilde.

    “Tabé, mijn vriend, vaarwel! “

    Het was ook de laatste keer dat ik hem in levende lijve zou zien... (Toen ik in 1979 voor de eerste keer naar mijn geboorteland terugging was Soetedjo al overleden).

    Zelfs toen de boot de haven uitvoer en de kust van Java steeds minder zichtbaar werd voor onze turende ogen drong het nog niet goed tot mij door dat het misschien een definitief afscheid betekende van het land waar ik was geboren, het land waar ik opgroeide, mijn moederland…..

    De eerste plaats die we aandeden was Singapore.

    Hier kregen we de gelegenheid om aan land te gaan en hier was het ook dat ik (voor zover ik me tenminste kon herinneren) voor het eerst van mijn leven druiven heb gegeten. Vader kocht voor een ieder van ons een flinke tros en het was smullen geblazen….

    We brachten ook een bezoek aan de ‘Tiger Balsam Palace’, waar de vermaarde ‘tijgerbalsem’ werd gemaakt. Deze balsem is vooral bekend bij sportlieden.

    Nadat we Singapore hadden verlaten zetten we koers naar de volgende haven, waar we zouden aanmeren, Colombo, de hoofdstad van Ceylon (nu: Sri Lanka).

    We voeren door de Straat Malakka en zagen zo aan bakboordzijde nog een stuk kust van Indonesia, namelijk de oostkust van Sumatra met de havenplaats Medan. Toen lag de oceaan voor ons en lag Indonesia definitief achter ons…… Tabé, misschien tot ziens…..

    In Colombo aangemeerd mochten we het schip verlaten voor een bezoek aan de stad.

    We bezochten de meest bekende boeddhistische tempel van Colombo en waren bijzonder onder de indruk van de serene sfeer in de tempel en van de beelden van Boeddha.

    Van Colombo voeren we de Indische Oceaan over richting de Golf van Aden en daarna door het Suezkanaal. De volgende stopplaats was Napels (Italië).

    Ik had aan boord inmiddels kennis gemaakt met de familie Winterkamp, waarvan de vader een Indo was en de moeder een Amerikaanse. Ze hadden vier kinderen, drie dochters Irene, Rosanne, Diane en een zoontje Gregory. Vooral Irene, die ongeveer 3 jaar jonger was dan ik vond ik heel aardig…… meer dan heel aardig…..

    In Napels gingen we weer van boord. Hier bezichtigden we de ruines van de stad Pompei, die in 79 n. C. door een uitbarsting van de Vesuvius onder een dikke laag lava werd bedolven. Nadat archeologen de stad hadden uitgegraven bleek dat waarschijnlijk juist door deze lavalaag veel van de stad intact was gebleven.

    We hebben een ooggetuigenverslag van de verschrikkelijke uitbarsting van de Vesuvius in 79 na Christus. Want de Romeinse schrijver Plinius logeerde toen juist bij zijn oom. Hij schreef op :

    "Op 24 augustus, rond 1 uur 's middags, maakte mijn moeder mijn oom op een rare wolk opmerkzaam. We begrepen eerst niet, maar later wel dat deze van de Vesuvius kwam. De wolk leek op een pijnboom, omdat hij eerst hoog opsteeg als een stam en daarna in takken uiteen waaierde."

    In Napels bezochten we ook nog de bekende Cameefabriek.

    We zagen hoe in halfedelsteen (2-laags) op kunstzinnige wijze reliëfs werden gegraveerd die gebruikt werden om ondermeer ringen, armbanden en broches mee te versieren.

    Mijn vader had wat ‘boordgeld’ ingewisseld voor (Italiaanse) lires. Ik dacht even dat hij plotseling schatrijk was geworden, want hij had een flinke stapel van bijzonder groot uitgevallen lappen papiergeld van 1000, 5000 en 10.000 lire…. Maar toen ik zag, dat hij voor een klein souveniertje als een stapel van die papierlappen moest neertellen, wist ik dat al die duizenden niet veel waard waren…..

    Vanuit Napels voeren we op de Middellandse Zee richting de Straat van Gibraltar en via de Golf van Biskaje naar Engeland (Southampton).

    Hier mochten we niet aan land, maar we keken vanaf het bovendek naar de Britse bedrijvigheid daar beneden op de kade. Het was koud, althans dat vonden wij. De thermometer gaf 19 graden aan, maar we waren deze temperatuur niet gewend….

    Irene Winterkamp stond naast me aan de reling… en haar aanwezigheid gaf me wat warmte ….

    We verlieten Southampton en staken het Kanaal over, kwamen in IJmuiden en via de Sluis van IJmuiden en het Noordzeekanaal voeren we naar de eindbestemming van deze reis: Amsterdam, waar de steward ons nog informeerde welk bedrag we moesten geven aan de kruiers, die ons kwamen helpen met het dragen van de koffers. Omdat, aldus de steward, de witkielen de gewoonte hadden om repatrianten uit Indonesië, die toch ‘geen flauw benul’ hadden van de Nederlandse prijzen vaak het tienvoudige te vragen!

    Welkom in Holland, je vaderland…….

    Het was 8 april 1956.

    Noot:De passagierslijst van deze reis is bewaard in het Nationaal Archief, Pr. Willem Alexanderhof 20, 2595 BE Den Haag / Toegangsnummer: 2. 20.23 / Bestanddeel 960




    01-09-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Carel Ferdinand van den Broek
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Carel Ferdinand van den Broek ( geboren op 12 mei 1850 te Menado  Noord-Celebes) was de vader van mijn opa (George Ferdinand Polidor van den Broek) van mijn moeders kant. Eén van mijn overgrootvaders dus.

     

    Carel Ferdinand trouwde op 20-jarige leeftijd op Madoera (een eiland ten Noordoosten van Oost-Java met Louisa Engelina Caroline Lans, 15 jaar oud. Louisa Engelina Caroline werd  geboren op 1 januaria 1856 Soemenep ( op Madoera). Zij was een  dochter van Wilhelm Frederik Lans en Johanna Carolina/Carolina Johanna Phefferkorn (in sommige bronnen wordt Johanna Carolina vermeld, in andere: Carolina Johanna ).

    Louisa Engelina Caroline overleed 15 februari 1908 in Kediri in de leeftijd van 52 jaar.

     

    Volgens de Naamlijst der Europese inwoners van Nederlands-Indië woonde Carel Ferdinand in 1871 in Pamekasan (Madoera) en in de jaren 1879-1881 in Bengkalis aan de oostkust van Sumatra. In Bengkalis werd ook hun zoon (mijn opa) George Ferdinand Polidor van de Broek in 1880 geboren.

     

    Uit de zgn. Stamkaarten Indische Ambtenaren (Nationaal Archief/ Centraal Bureau voor Genealogie, Den Haag) blijkt nog het volgende:

     

    In 1876 was Carel Ferdiand klerk op het kantoor van de Assistent-Resident te Blitar.

    (opmerking: Blitar is een stadje gelegen in Oost-Java ten zuiden van de vulkanen Kelud en Kawi. Blitar is de geboorteplaats van Soekarno, de eerste president van de Republik Indonesia).

    Vanaf 15 oktober 1878 was hij commies op het Residentiekantoor te Pekalongan met een salaris van f 200,- per maand.

    Vanaf 1879 was Carel Ferdinand commies op het Residentiekantoor (Wees- en Boedelkamer) van Sumatra’s Oostkust te Bengkalis. Aanvankelijk (per 21 januari 1879) kreeg hij een salaris van f 200,- per maand, maar per 17 april 1883 werd zijn salaris verhoogd tot f 300,- per maand.

     

    Uit een andere bron, de Conduitestaten van Europese Ambtenaren 1875-1896 (Centraal Bureau voor Genealogie) kreeg ik nog meer gegevens over mijn overgrootvader.

    Op zijn conduitestaat werd namelijk op 18 april 1883 (een dag daarvoor werd de salarisverhoging geëffectueerd) door de Resident van Sumatra’s Oostkust (SOK) onder meer het volgende vermeld:

     

    Carel Ferdinand van den Broek was getrouwd, had 6 kinderen (opmerking: heb ik nog niet allemaal kunnen traceren).

    Commies op het Residentiekantoor te Bengkalis tevens fungerend havenmeester aldaar, benoemd bij Gouvernementsbesluit 21-06-1879.

    Geschikt voor zijn betrekking. Heeft neiging tot uitstellen. Gedrag goed. Spreekt goed Maleisch, ook enige dialecten uit de Molukken. Heeft slag om met Inlanders om te gaan.

     

    Vanaf 16 januari 1884 wordt hij vermeld als Eerste Commies op het Residentiekantoor van de Preanger Regentschappen.

     

    Wanneer mijn overgrootvader is overleden heb ik tot nog toe ( 1 september 2006) nog niet kunnen achterhalen. Zeker is dat hij voor 1903 moet zijn overleden, omdat vanaf 1903 zijn echtgenote L.E.C. Lans werd vermeld als zijnde de weduwe van Carel Ferdinand van den Broek.

     

    Uit zijn conduitestaat (zie boven) blijkt dat hij in 1883 zes kinderen moet hebben gehad. Behalve mijn opa (George Ferdinand Polidor) heb ik tot nog toe nog maar 1 ander kind kunnen vinden, namelijk hun dochter Carolina Wilhelmina van den Broek, geboren te Pamekasan op 16 juni 1884. Zij overleed in Soerabaja op 13 november 1954 in de ouderdom van 70 jaar en werd ook in Soerabaja begraven.

    Zij was gehuwd met Alexander Frederiksz, geboren te Semarang op 8 juni 1876 en zoon van Johan Ferdinand Frederiksz en Maria Djaleha.

     

     



     




    03-09-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Nelto, de ijzervreter
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Nelto, de ijzervreter

    “Old soldiers never die’

    Tot de voorouders van mijn moeder (Georgine Louise van den Broek) behoort ook de familie Lans. Haar oma van vaders kant was namelijk een Lans, te weten Louisa Engelina Caroline Lans, geboren op 1 januari 1856 in Soemenep ( op Madoera), de dochter van Wilhelm Frederik Lans en Johanna Carolina Phefferkorn

    De grootvader van deze Louisa Engelina Caroline Lans was en zekere Jan Cornelis Lans, ook wel genoemd Nelto Lans. Hij werd geboren op 12 april 1788 in Groningen als zoon van Jan Lans en Marieke Kaspers Jager.

    Uit de gegevens die van Nelto Lans bekend zijn (althans voor zover ik ze tot nog toe heb kunnen vinden) blijkt dat hij een militair was in hart en nieren.

    Vooraf een opmerking over de geboortedatum van Nelto Lans.In het stamboek van Nelto (Gegevens stamboek Officieren KNIL, 614 folio 55, 383 folio 25) is als geboortedatum 12 april 1788 vermeld.

    In de huwelijksakte van Nelto Lans en Albertine Christina Michielse ( akte nr. 002, Gemeente Nijmegen uit het Gelders Archief) staat echter aangegeven: 23 april 1788.

    Zoals al vermeld trouwde Nelto met Albertina Christina Michielse, een dochter van Willem Michielse en Cornelia Veerenfelt. Nelto was toen 26 jaar en zijn bruid 20 jaar. Het huwelijk vond in Nijmegen plaats op 14 januari 1815. Nelto was toen al militair en Albertina dienstmeid.

    Nelto en Albertina kregen een zoon, Wilhelm Frederik, die in Nijmegen werd geboren op 7 augustus 1816.(Opmerking: Ik ben van mijn moeders kant een afstammeling van deze Wilhelm Frederik Lans)

    Voordat Nelto in het huwelijk trad had hij als militair al het een en ander meegemaakt.

    Zo vocht hij van 1806 tot 1808 in Pruisen en raakte hij in 1809 in Zweden gewond aan zijn rechterbeen door een geweerkogel.In 1809 en 1810 zat hij in Zeeland, in 1812 en 1813 in Rusland en in 1814 in Frankrijk.Van 1806 tot juni 1812 was Nelto soldaat bij het 9de, naderhand het 5de en het 12de Regiment.Op 5 juni 1812 werd hij bevorderd tot korporaal en op 16 november van datzelfde jaar vond zijn bevordering plaats tot sergeant. Iets meer dan een maand later, op 28 november 1812, werd hij in Rusland krijgsgevangen genomen.Vanaf 19 juni 1814 vinden we Nelto terug bij het Depot Bataljon voor de Koloniën van de 14de afdeling Nationale Infanterie.

    Het huwelijk van Nelto en Albertine heeft niet lang mogen duren. In 1820 stierf Albertine in de leeftijd van 26 jaar. Zij is nooit in het land geweest waar Nelto later een glanzende militaire carričre zou maken, namelijk Nederlands Oost-Indië.

    Na het overlijden van Albertine vertrok Nelto Lans als weduwnaar met zijn zoon Wilhelm Frederik naar Indië waar hij in Batavia aankwam (1820).

    Nelto Lans heeft gevochten in de zgn. Java-oorlog (1825-1830) waarin de Hollandse troepen het moesten opnemen tegen de legertroepen van Pangeran (= Prins, Heer) Diponegoro, de oudste zoon van Sultan Hamengku Buwono III van Yogyakarta

    Op 4 mei 1842 (Nelto was toen 54 jaar) hertrouwde hij in Soerabaja met de toen 50-jarige Leolinda Elizabeth Fransz.

    Ze hadden toen zij trouwden al kinderen, namelijk:

    Frederik Johannes Cornelis, geboren in 1827 in Soerabaja- Fort Erfprins
    Christina, geboren op 26 juli 1831 in Soerabaja
    Christina Elisabeth, geboren op 7 februari 1834 in Soerabaja
    Carel Frederik Willem, geboren op 25 oktober 1837 in Palimanan
    Louise Leolinda Elisabeth, geboren op 1 mei 1839 in Soerabaja
    Albertina Wilhelmina, geboren op 27 juli 1840 in Soerabaja
    Albert Willem, geboren op 15 september 1841 in Soerabaja

    Na het huwelijk geboren:
    Hendrik Leonardus Albertus Philippus Carel, geboren op 10 augustus 1843 in Soerabaja.
    Albertina Christina Johanna, geboren op 6 juli 1846 in Toeban
    Anna Geertruida Frederika, geboren op 22 juni 1847 in Toeban

    Wat de militaire loopbaan van Nelto Lans betreft is nog het volgende bekend:

    Werkte Nelto in 1814 bij het Depot Bataljon voor de Koloniën van de 14de afdeling Nationale Infanterie (zie boven), op 21 oktober 1820 werd hij overgeplaatst naar het Algemeen Werfdepot.
    Vanaf 26 september 1822 was Nelto sergeant-majoor bij het Korps Algemeen Werfdepot en op 28 mei 1824 werd hij bevorderd tot 2de Luitenant om op 29 april 1832 te worden benoemd tot 1ste Luitenant bij het 3de Bataljon Infanterie.

    Hiermee was zijn militaire carričre, die hij als soldaat begon, nog niet ten einde, want op 21 december 1835 werd hij benoemd tot Kapitein bij het Algemeen Depot.
    En op 10 januari 1839 werd Nelto Lans bij besluit GG no. 2 op eigen verzoek gepensioneerd wegens volbrachte 40-jarige dienst. Hem werd het volle kapiteinspensioen van f 1.200,- toegekend.

    Nelto Lans werd ook enkele keren onderscheiden.

    Zo ontving hij de Medaille van de Oorlog op Java (Ingesteld bij Koninklijk besluit van 27 juni 1831 en uitgereikt aan Europese militairen en inlandse officieren welke hadden deelgenomen aan de gevechten tegen Diponegoro op Java) en werd hij onderscheiden met het Officierskruis, het onderscheidingsteken dat op 19 november 1844 werd ingesteld voor langdurige dienst als officier.

    Op 25 april 1853 overleed Nelto Lans te Soerabaja in de ouderdom van 65 jaar. Hij werd begraven op de Begraafplaats Peneleh (Soerabaja), vak E straat 13 oost CB 190.

    Maar….. OLD SOLDIERS NEVER DIE………




    04-09-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.In een contractpension
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    In een contractpension

     

    Voor degenen die niet bekend zijn met het begrip ‘contractpension’ m.b.t. gerepatrieerde (Indische) Nederlanders eerst het volgende:

     

    Een contractpension was voor vele repatrianten de plek van eerste bewoning in Nederland na hun komst uit Indië (Indonesië). De bedoeling was dat men hier niet langer dan een half jaar zou blijven om daarna te vertrekken naar een eigen woning. In verband met de toen heersende woningnood verliep deze verhuizing vaak niet zo vlot. Een deel van de uitkering was bestemd voor de pensionhouder of met andere woorden: men kreeg alleen een zakgeld. De ervaringen zijn zo uiteenlopend als er contractpensions waren. In 1969 kwam er een einde aan dit fenomeen.

     

    De familie Persijn, bestaande uit  vader Johan Eduard Persijn, moeder Georgine Louise Persijn - van den Broek en de kinderen  Johan Marcus Polydor, René Louis en Yvonne Louise, werd na aankomst in Nederland op 8 april 1956 ondergebracht in een contractpension te Hoenderloo. Het was het vakantiepark “De Woeste Hoogte”, aan de Krimweg 170. Verspreid in het bos, dat hoofdzakelijk uit naaldbomen bestond, stonden diverse stenen huisjes, voorzien van een eet-/zitkamer van ongeveer 3 bij 4 meter met een kolenkachel en 2 slaapkamertjes met op elke kamer een stapelbed.

    Voor het toilet moest men buitenom naar de achterkant van het huisje lopen.

     

    De beheerders van dit pension waren de heer en mevr. Eckebus. In tegenstelling tot andere gerepatrieerden, die in diverse (over het gehele land verspreide) contractpensions waren ondergebracht, hadden we over de verzorging in de “Woeste Hoogte” geen enkele reden tot klagen (die was in sommige pensions inderdaad beduidend minder!).

    Her echtpaar Eckebus deed er alles aan om het hun Indische gasten naar de zin te maken. Beseffend dat deze Indo’s niet zo maar van de ene op de andere dag aan de Hollandse kost (bijv. erwtensoep, hutspot, zuurkool e.d.) zouden kunnen wennen, bedachten ze een plan. Eén maal in de week reed de heer Eckebus met een paar Indische ‘tantes’ uit het pension in zijn busje naar het dorp en naar de markt om inkopen te doen voor een Indische maaltijd die de kookgrage Indische dames uit het pension met assistentie van het keukenpersoneel van het pension in de grote keuken konden klaarmaken. Er werd in de keuken niet alleen goed gekookt, maar uiteraard ook flink wat afgelachen. Want als Indische ‘tantes’ gezellig beginnen te kletsen… (de Indischen hebben hier een specifiek woord voor: ‘ngobrol’).

     

    Tot het Hollandse keukenpersoneel behoorde ook Pleuntje, een vrouw, die er alles aan deed om de Indische jongelui die naar school moesten gaan (dus ook ik!) alleen met een goed gevulde maag te laten vertrekken. Ze lette er streng op, dat er goed werd gegeten (brood, havermoutpap) en hun melk opdronken en ook dat er goed belegde boterhammen mee werden genomen naar school. En Pleuntje was hierin bijzonder streng!

    De jongeren die naar school moesten werden door de heer Eckebus in zijn busje naar de bushalte gebracht aan de weg Arnhem – Apeldoorn, zodat ze van daaruit per openbaar vervoer naar school konden gaan. En als ze uit school kwamen stond het busje weer klaar bij de bushalte om hen weer naar de “Woeste Hoogte” te brengen.

    Ik ging in die tijd in Apeldoorn naar de H.B.S. (Hogere Burgerschool).

    ----------------------------------------------------------------------------------------------------------

    De HBS werd ingevoerd bij de Wet op het middelbaar onderwijs uit 1863. De nadruk lag op het onderwijs in wiskunde, exacte vakken en moderne talen.

    Met de invoering van de Mammoetwet in 1968 werd de HBS opgevolgd door de HAVO en het VWO (met gymnasium en atheneum).

    -----------------------------------------------------------------------------------------------------------

    Ik was bijzonder verbaasd (en misschien ook wel blij….) dat op de dag van aankomst in het pension bleek dat de bewoners van het huisje pal achter ons oude bekenden van me waren: de familie Winterkamp, met wie ik aan boord van de Oranje had kennisgemaakt. En natuurlijk hun dochter Irene…. (zie ook het artikel “Repatriëring” op deze weblog)

    Omdat in elk huisje een kolenkachel stond (dus ook in dat van de familie Winterkamp) en de kolen elke dag in een kolenkit moesten worden opgehaald in een kolenhok achter de receptie bood ik de familie Winterkamp aan om elke dag voor hen de kolen te halen. Hun zoon Gregory was tenslotte pas 3 en kon die zware kit niet dragen (!). Dit aanbod werd gretig door mevr. Winterkamp aanvaard en Irene beloonde me telkens als ik kolen voor hen ging halen met een betoverende glimlach……

     

    In het pension maakten we ook kennis met Chris Goldstein, een jongen die een paar jaar ouder was dan ik. Hij was met zijn vader (weduwnaar) en jongere zuster gerepatrieerd, maar woonde al een paar weken langer in Nederland. Hij was de ‘kou’ (20 graden) al gewend en lachte ons uit toen we bij deze temperatuur met de winterjassen aan rondom de kachel zaten te kleumen.

     

    Ook de familie Schumacher (moeder met 5 kinderen) woonde in het pension. De oudste dochter Edith (zo’n 2 jaar ouder dan ik ) paste op de jongste kinderen uit het gezin.

    Toen we op een dag met een heel stel jongens en meisjes verstoppetje gingen spelen op het terrein van de ‘Woeste Hoogte’, zei Edith tegen mij dat ze wel een goed plaatsje wist om ons te verbergen. Ze trok me aan de hand mee naar een huisje, dat helemaal aan de achterzijde van het terrein stond en dat (nog) niet was bewoond. We gingen er binnen en bleven heel lang ongemerkt voor de ‘zoeker’. Daar leerde Edith me hoe je op een ‘volwassen’ manier moest zoenen………

     

    We verbleven in het pension totdat we een woning kregen toegewezen in Lobith (Bloemenstraat 13). Vanuit Lobith ging ik toen per fiets in Doetinchem op school, namelijk op het Gemeentelijk Lyceum aan de Ds. van Dijkweg.




    14-09-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Er komt een dominee voorbij!!..

    Er komt een dominee voorbij……..

     

    In de stamboom van mijn moeder (Georgine Louise van den Broek, geboren op 30 april 1910 in Soemenep op Madoera en gestorven in Lobith op 12 november 1971 in Lobith) zit ook de familie Lans. Haar oma immers was een juffrouw Lans, namelijk Louisa Engeline Carolina Lans, geboren op 1 januari 1856 (eveneens in Soemenep) en gestorven in Kediri op 15 februari 1908.

     

    Tot deze Indische tak van de familie Lans, afstammelingen van Jan Cornelis (Nelto) Lans, geboren in Groningen op 12 april 1788 en gestorven op 25 april 1853 in Soerabaja (zie ook het artikel “Nelto, de ijzervreter” op deze weblog) behoorde ook Christina Elisabeth Lans. Zij was in Soerabaja geboren ( 7 februari 1834) en een dochter van Nelto Lans en diens tweede echtgenote Leolinda Elizabeth Fransz.

    Christina Elisabeth Lans trouwde op 25-jarige leeftijd in Soerabaja met Frederik Hendrik Anthonisse van Teutem. Hiervan wordt melding gemaakt door A.J. Teychine Stakenburg in het artikel “De familie van Teutem in Rotterdam” in het Rotterdams Jaarboekje 1976.

    Deze Frederik Hendrik van Teutem werd geboren in Batavia op 5 januari 1831 als zoon van Frederik van Teutem en Anna Theresia Anthonisse.

     

    Deze Frederik van Teutem werd in Gouda geboren op 12 april 1798. Zijn ouders waren Frederik van Teutem en Anna Hendrina Tiedeman.

    Zoon Frederik van Teutem, de schoonvader dus van Christina Elisabeth Lans, was ondermeer resident van Bantam, advocaat en procureur in Batavia en raadsheer van het Hooggerechtshof van Nederlands-Indië.

    Hij behoorde tot de Vrijmetselaars en was lid van o.a. de Loge “Anna Paulowna” te Zaandam (1822) en van de Loge “La Vertueuse” in Batavia (1823-1827).

    Vanaf 24 juni 1840 was hij honorair lid van de Loge -De Ster van het Oosten.

     

    Vader Frederik van Teutem werd geboren in 1774 in Rotterdam, waar hij op 2 januari van dat jaar ook werd gedoopt in de Remonstrantse Kerk. Bij zijn doop traden Lena van Gilse en Arent van der Stok op als getuigen.

    Frederik trouwde als jongeman van 19 jaar oud in 1793 met  Anna Hendrina Tiedeman, die toen 27 jaar was. Zij was een dochter van Hendrik Nicolaas Tiedeman en Johanna Vastwijk en geboren in 1766 in Oudewater. Uit haar overlijdensakte (nr. 54) [ Gelders Archief, toegangnr. 0206, inventarisnr. 5639] overleed zij in Doesburg op 4 november 1851.

    Echtgenoot Frederik van Teutem stierf in Zutphen op 17 januari 1848 in de leeftijd van 74 jaar. [bron: Gelders Archief: Toegangnr: 0207 / Inventarisnr: 5639 / Overlijdensakte nr.47].

    Hij was predikant.

    Uit een ‘levensbericht’ van Frederik van Teutem, opgenomen in het Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde (1848), van welke maatschappij hij in 1825 lid werd, staat ondermeer vermeld dat wat Frederik aan kennis bezat, “hij zulks zich zelf geleerd had, en nimmer welligt iemand, van zijn stand en verdiensten, minder opleiding genoten heeft”.

    Verder werd aangegeven, dat Frederik van Teutem al in 1792 (hij was toen dus 18 jaar!)

    “onder het getal der Proponenten bij de Remonstrantsche Broederschap werd opgenomen” en hij als zodanig ook een tijd lang voorging in de Remonstrantse Gemeente van Delft.

    In 1794 werd hij tot predikant beroepen in Dokkum en in 1796 te Gouda.

    In 1804 vertrok hij vandaar naar de Utrechtse Gemeente, waar hij (vanaf 1816) ook de voorgangerdienst waarnam in Amersfoort.

    Mede ten gevolge van minder goede gezondheid ging Frederik van Teutem in 1845 met emeritaat. Hij ging toen in Gelderland wonen.

     

    Hij gaf ook vaak inwoning aan jonge mensen en besteedde zorg aan hun opvoeding en opleiding.

     

    Naast zijn werk als predikant was hij ook bezig in allerlei maatschappelijke functies en op letterkundig gebied.

    In Gouda fungeerde hij een tijd lang als rector van de Latijnse School en toen hij in Utrecht woonde had hij van 1813 tot aan zijn emeritaat (1845) zitting in de schoolcommissie, waarvan 28 jaar als voorzitter.

    Ook maakte hij zich verdienstelijk bij het “Departement der Maatschappij tot Nut van het Algemeen “ en hetzelfde gold voor het Doofstommen-Instituut in Utrecht.

    Alsof dat alles nog niet genoeg was, was Frederik van Teutem ook nog honorair Lid van Felix Meritis te Amsterdam, lid van het College van Curatoren van de Remonstrants Seminarium, lid van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, lid van het Provinciaal Utrechts Genootschap, correspondent van het Koninklijk Nederlandsch Instituut.

    Verder hield hij zich ook bezig met het vertalen van diverse werken uit het Hoogduits, Frans en Engels.

     

    Op 17 januari 1848 stierf te Zutphen een bijzonder veelzijdige autodidact. Op hem was dus eigenlijk niet alleen “er komt een dominee voorbij” van toepassing.

     

     




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De CAS
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De CAS

     

    In het artikel “Mijn wieg stond in Batavia” op deze weblog gaf ik al aan, dat ik in Batavia (later Djakarta, nu Jakarta) na de lagere school naar de H.B.S. ging aan het Koningsplein.

    Deze school was bekend onder de naam CAS, een afkorting van: Carpentier Alting Stichting.

    Deze school werd medeopgericht door Albertus Samuel Carpentier Alting, geboren te Purmerend op 30 december 1837 en predikant in o.a. Colmschate, Dokkum (1865), Hoorn (1882) en Padang (op Sumatra) en overleden in ’s Gravenhage op 4 april 1915.

    Hij was naast medeoprichter van de Nederlandse Protestantenbond ook (in Nederlands-Indië) actief in de Vrijmetselarij.

    In 1902 stichtte hij in Batavia een H.B.S. voor meisjes, die later zou uitgroeien tot de Carpentier  Alting Stichting. Deze school had dus (wist ik later pas) een Vrijmetselaars-achtergrond.

    Toen ik daar op school zat (tot april 1956) was er een H.B.S. (Hogere Burger School), een Gymnasium, een MULO (Meer Uitgebreid Lager Onderwijs) en een M.M.S. (Middelbare Meisjes School).

     

    Onder de leerlingen waren behalve Hollandse en Indische ook Indonesische en Chinese kinderen. In mijn klas zat bijvoorbeeld Eddy Slamet, de zoon van de toen bekende (Indonesische) professor Slamet. Zijn zuster zat destijds op dezelfde school in de vijfde klas van het Gymnasium.

    Wat mij goed is bijgebleven van deze school is de wijze waarop men les gaf. De docenten waren stuk voor stuk heel bevlogen en hadden zich bijzonder goed verdiept in hun vakgebied. Maar dat niet alleen, ze waren ook heel goed in staat de stof op zo’n manier te presenteren, dat je als leerling al heel gauw interesse kreeg in dat vak.

     

    Zo had de heer Nas (docent Nederlands) ons niet alleen kennis bijgebracht over de Nederlandse taal en literatuur, maar ons ook geleerd hoe je zelf proza en poëzie kon schrijven en declameren. Hij hield soms ook declamatiewedstrijden in de klas.

    Toen hij op een dag de twee coupletten van het Nederlands volkslied declameerde heeft dat zo’n grote indruk op me gemaakt, dat ik de woorden (nu nog!) uit mijn hoofd ken en bij wedstrijden van het Oranje-elftal uit volle borst kan meezingen…….

     

    De heer Van den Berg (docent geschiedenis) liet de klassen ook aan een project werken dat hij “History in making” noemde. Hierin kregen we de opdracht kranten te lezen, artikels uit te knippen die bijvoorbeeld te maken hadden met politiek, cultuur etc. en die in een plakboek te plaatsen met daarbij onze eigen visie en commentaar op het onderwerp.

    Het kwam goed uit dat in die tijd (1956) in Indonesia de zgn. AA-conferentie werd gehouden (bijeenkomst van Afrikaans-Aziatische landen en eerste bijeenkomst van niet-gebonden landen) en bekende personen zoals Jawaharlal Nehru (toen premier van India), U Nu (toen premier van Birma) op het vliegveld Kemajoran, waar ik vlakbij woonde, arriveerden om de conferentie bij te wonen.

    De kranten, zoals de Javabode, de Nieuwsgier, stonden vol met artikelen over de conferentie, biografieën over de deelnemers, politieke, sociale en culturele bijzonderheden over de deelnemende landen.

    Ik had mijn plakboek zo vol en kreeg daarvoor van de heer Van den Berg nog de eerste prijs van onze klas, een grote reep chocola!

     

    Bekende oud-leerlingen van de CAS waren o.a. de schrijfsters Hella Haase, Aya Zikken en Margaretha Ferguson. Die zaten alle drie trouwens nog in dezelfde klas!

     

    Hella Haase werd  in 1918 geboren in Batavia. Over de CAS zei ze eens tegen de interviewer Erik Schoonhoven:

    'Ik ben in Indië geboren en ik ben er opgegroeid. Ik heb daar eindexamen gedaan en ben vervolgens in 1938 naar Nederland gegaan. Couperus heb ik op school leren kennen. Ik zat op de gymnasiumafdeling van de Carpentier Alting Stichting, destijds de beste school in Nederlands-Indië. We kregen bijzonder goede lessen in taal en geschiedenis. Vooral bij oude geschiedenis kwam het werk van Couperus ter sprake. In mijn schooljaren heb ik Iskander, De berg van licht en De komedianten gelezen, maar ook verhalen als De Naumachie en Antiek toerisme, die in de klas werden behandeld’

     

    Aya Zikken (doopnaam Zwany) werd geboren in Epe in 1919.

    Aya Zikken bracht haar jeugd door in Nederlands-Indië en dat was bepalend voor haar schrijverschap. Heel bekend is haar  roman De atlasvlinder (1958), waarin het gaat over de droomwereld van een puber die in een dubbele tussenpositie verkeert: tussen kindertijd en volwassenheid en tussen de Europese denkwereld van de ouders en de magische gevoelswereld van de (Indonesische) bedienden.

     

    Margaretha Ferguson werd in 1920 in Arnhem geboren als Margaretha Dorothea Wigerink..

    Toen zij negen jaar was, verhuisde ze met haar ouders naar Indië. Het gezin vestigde zich in Bandoeng, ging later naar Semarang en woonde uiteindelijk in Batavia. Hier liep de winkel van Margaretha's vader goed. Aan de Rijswijksestraat beleefde de firma Wigerink, verkoop van kantoorartikelen en boeken, een bloeiend bestaan.

    Volgens haar zelf was op de school van de Carpentier Alting Stichting literatuur heel belangrijk en in combinatie met de boekenwinkel thuis, was het logisch dat Margaretha steeds meer belangstelling voor de letteren ontwikkelde.




    20-09-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Frans Alexander Persijn, de SUIKER-oom
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Frans Alexander Persijn, de SUIKER-oom

     

    Frans Alexander Persijn was een broer van mijn vader, Johan Eduard Persijn.

    Ik noem(de) hem de suiker-oom, omdat hij zijn hele leven lang ‘in de suiker’ heeft gewerkt.

    Veel Indische Nederlanders werkten ‘in de suiker’ ( op een suikerplantage of in een suikerfabriek) of ‘bij het spoor’ (bij één van de vele spoorwegmaatschappijen).

    Diverse personen uit mijn stamboom werkten bij de spoorwegen (bijvoorbeeld ook de vader van Frans en zijn broer Coenraad), maar oom Frans werkte dus in de suikerindustrie.

     

    Frans Alexander werd geboren op 27 juni 1902 in Semarang (Midden-Java)

    als een zoon van Coenraad Johannes Marcus Persijn en Maria Magdalena Daniël.

    Bij de geboorte kreeg hij de achternaam Daniël (die van zijn moeder), evenals zijn broers Coenraad Marie en Johand Eduard (mijn vader). Eerst op 11 mei 1908 werden zij in Soerakarta (Solo) erkend en kregen ze de naam Persijn. Een en ander werd vermeld in de Almanak van Nederlands-Indië, uitgave 1909, blz. 79.

     

    Frans Alexander ging samenwonen met Senen(g), een Javaanse vrouw (zie foto - U kunt de foto vergroten door erop te klikken -), die in 1907 werd geboren. Zelf kregen ze geen kinderen, maar ze adopteerden een baby, die ze Christiaan noemden. Helaas stierf de jongen spoedig daarna.

    Ze adopteerden daarna weer een jongen, die Jimmy werd genoemd (zie foto)

     

    Van 1922 tot 1924 werkte Frans als machinist bij de Suikerfabriek Tjokrotoeloeng in het dorp Delanggoe bij Modjokerto (Oost-Java).

    Daarna (1925-1927) als machinist bij de Suikerfabriek Besito bij Koedoes (Midden-Java). Deze fabriek heet nu (2006) Pabrik Gula (Suikerfabriek) “Rendeng”.

    In 1928 ging hij (weer als machinist) werken bij de Suikerfabriek Gempol bij Cheribon (West-Java), waar hij bleef tot 1933.

    Vanaf 1933 werkte hij als machinist bij een suikerfabriek in Solo (Midden-Java) en vanaf 1937 tot 1941 vinden we hem in de analen terug als machinist bij de suikerfabriek te Pekalongan in Midden-Java. Deze fabriek heet momenteel Pabrik Gula Sragi. In dit gebied werd al vanaf 1830 veel suiker geproduceerd.

    Deze regio behoorde vroeger tot het Sultanaat Mataram, het laatste grote Javaanse rijk op Java voordat het hele eiland door de Hollanders werd gekoloniseerd. Het rijk van Mataram was een geduchte politieke macht in Midden-Java van de late zestiende tot aan het begin van de achttiende eeuw, waaruit de sultans van Jokjakarta en Surakarta voortkwamen.

     

    In de jaren ’50 woonde oom Frans in Soerabaja aan de Jalan Untung Suropati. Maar hij had nog een tweede huis, een soort vakantiewoning, in de bergen in Lawang, vlakbij Malang, eveneens in Oost-Java.

    Hier kwamen de kinderen en kleinkinderen van zijn broer Coenraad Marie dikwijls logeren.

     

    Zowel oom Frans als tante Senen(g) zijn inmiddels overleden. Waar en wanneer heb ik helaas (nog) niet kunnen ontdekken.

     

    Er doen verhalen de ronde dat beiden zouden zijn gedood toen Indonesiërs de suikerfabriek waar oom Frans toen werkte hebben bestormd en ingenomen. Maar dit verhaal heb ik tot nog toe niet kunnen verifiëren.

     




    24-09-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.What is in a name?
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    What is in a name?

     

    Wat betekent de naam PERSIJN?

     

    Onderstaande gegevens zijn afkomstig van het Meertens Instituut (Onderzoek en documentatie van de Nederlandse taal en cultuur), Joan Muyskenweg 25, 1096 CJ te Amsterdam en wel uit de Nederlandse Familienamen Databank van dat instituut.

     

    Persijn

     

    verklaring:
    1. Als patroniem:

    a. de voornaam Persijn < Parcival (< fra. perce-val: doordring het dal)
    b. vleivorm van Pierre ] Frans Debrabandere: Woordenboek van de familienamen in België en Noord-Frankrijk, Amsterdam/Antwerpen, L.J. Veen, 2003, ISBN 9020402072: 'De naam Persijn', in M. Persyn, De familie Persyn in Wingene, 1973] 

     

    2. Persijn = inwoner van Perzië (of persoon die uit Perzië komt) [E. Verwijs & J. Verdam: Middelnederlandsch Woordenboek. 's-Gravenhage 1894]. Met betrekking tot de familienaam zou men ook kunnen denken aan iemand die Perzië heeft bezocht en er wellicht handelsbetrekkingen heeft aangeknoopt.

    3. Persijn = persil = peterselie: handelaar in kruiden, in het bijzonder peterselie.

     

    Naamsvermeldingen en literatuurreferenties:
    • Theodoricus Persiin (Dirk Persijn), 1162 [OHZ, I, p 286]. Oorkondenboek Holland en Zeeland tot 1299. Uitgegeven door A.C.F. Koch en J.G. Kruisheer, 's Gravenhage-Assen / Maastricht 1970-1992.
    • "Als Waterland en de Zeevang in de 13e eeuw in de bronnen verschijnen worden ze beschouwd als allodiale, dat wil zeggen niet van de graaf of bisschop afhankelijke, heerlijkheden, in handen van de familie Persijn ('Persijn' is waarschijnlijk een bijnaam; letterlijk betekent het 'peterselie'). Wie waren deze Persijns? De Persijns hielden zich op aan het hof van de graven van Holland. De eerste Persijn die uit de bronnen bekend is Dirk Persijn, die in 1162 als getuige direct na de broer van de graaf wordt genoemd. Van Leeuwen noemt als oudste een Jan Persijn, die in 1080 genoemd zou zijn; het bestaan van deze Jan is echter niet bewezen." Op grond van overeenkomsten in wapen en voornamen verwant aan de heren van Putten. Citeert 'de notoir onbetrouwbare' Van Leeuwen, Batavia Illustrata (1682-85), die beweert dat de Persijns en de Van Puttens uit de koningen van Denemarken zouden stammen. Westfriesland, van waaruit Waterland waarschijnlijk is ontgonnen, stond evenwel een periode, tot eind 9e eeuw, onder Deense heerschappij [J.M. Bos, Landinrichting en archeologie: het bodemarchief van Waterland, Amersfoort 1988, p 27, 74].
    • "Mogelijk heeft een Hollandse graaf de heerlijkheid van Waterland geschonken aan een familielid. De afstammelingen van deze heer van Waterland noemden zich later Persijn. Het oudst bekende lid van deze familie, Arnoldus Spicar, had reeds voor 1161 bezittingen bij Warder in de Zeevang. In 1282 verkoopt Jan Persijn de helft van de heerlijkheid en ook van zijn bezittingen aan graaf Floris V. Met het uitsterven van de familie Persijn in 1409 kwam ook de andere helft van de heerlijkheid aan de graven van Holland" [J.K. de Cock, 'Historische geografie van Waterland', in: Holland. Regionaal-historisch tijdschrift 7 (1975), p 329].
    • Clais Persiin, leenman van graaf Floris V van Holland 1290 = Niclaus Persijn, 1295 = Liclaes persin, 1296 [Tanneke Schoonheim, 'Enkele mogelijke gevallen van naamsverwarring in de dertiende eeuw', in: Leven in de oudgermanistiek, Leiden 1997, p 62].
    • Als voornaam: Percin Vierdinc, Ieper 1387. Achternaam: Pieter Persin, Kortrijk 1422 [WFB; F. Debrabandere, 'De naam Persijn', in: M. Persyn, De familie Persyn in Wingene, 1973].
    • Hippolytus (van) Persijn, raad in het Hof van Holland in de 16de eeuw, eigenaar en naamgever van het Huis te Persijn in Wassenaar. Voor afstamming van het geslacht Persijn van Waterland is geen overtuigend bewijs te vinden [C.A. Kalmeijer, 'Het Huis te Persijn', in: Jaarboek Die Haghe (1978), p 142-153; (1986), p 13-31].
    • Jan Perchijn, aangeslagene bij de capitale impositie van 1585 te Amsterdam; = Jan Jansz van Persijn (1524-1602), houtkoper in 't Gulden Peert in de Warmoesstraat [Dillen van-1941, p 25; vgl. Elias-1903, p 15].
    • [P.C. Bloys van Treslong Prins, 'Bijdragen tot eene genealogie Van Persijn', in: Genealogische en Heraldische bladen 2 (1907), p 81-87].
    • Mr. Andries van Persijn (Den Haag 1638-1678), schepen 1665, enz. [Regenten Den Haag, p 265].
    • [H.A.J. van Schie, Inventarissen van de archieven van de families van Lynden van Sanderburg 1787-1939 en van Persijn 1630-1888, Utrecht 1976].

     




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Marie Hallaux
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Marie Hallaux

     

    Mijn genealogisch onderzoek richt zich in het bijzonder op de namen: PERSIJN, VAN DEN BROEK, LANS, DANIEL, KLOP, KENNIPHAAS, VAN PAESSCHEN, VANKEERBERGHEN. Om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de stamboom zijn en worden echter ook aanverwante takken in het onderzoek betrokken.

     

    Marie Hallaux is door haar huwelijk “gekoppeld” aan de familie Vankeerberghen.

     

     

    Marie Hallaux werd geboren op 4 maart 1896 (om 20.00 uur) in Brussel (Belgie) [bron: Geboorteakte . Bruxelles-Niassances 1896, folio 93 (nrs. 920-924)], als dochter van Jean Baptiste Hallaux en Marie Antoinette Chavee. Bij de aangifte van de geboorte van Marie waren de volgende getuigen aanwezig: E. Bruylant, Pierre Cooreman, Jean Hallaux en Josse Chavee (geb. 1849).


    Notities bij de geboorte van Marie:

    1. Marie Hallaux werd geboren op het adres: Rue des Radis 19, Bruxelles.
    2. Van de getuige Pierre Cooreman (schilder), oud 42 jaar, werd nog vermeld dat hij de akte niet kon ondertekenen, daar hij ongeletterd was
    3. De erkenning en wettiging van Marie Hallaux vond eerst plaats op het huwelijk van haar ouders (10-10-1896). Dat zou erop kunnen wijzen dat bij de geboorte van Marie haar ouders nog niet waren getrouwd.


    Marie is overleden op de eerste kerstdag 25 december 1962 in Peutie (Belgie) in de leeftijd van 66 jaar oud.

    Marie trouwde met Eugeen Vankeerberghen. Eugeen is geboren op 16 oktober 1894 in Peutie (Belgie) en was een  zoon van Petrus (Pierre) Vankeerberghen en Jeanne-Rosalie Meysmans. Eugeen is overleden op 24 juli 1970 in Heist Duinbergen (Belgie). Hij was toen 75 jaar.

    Voor zover mij (tot nog toe) bekend is, hadden Marie en Eugeen één kind, een dochter. 

    Deze dochter, Marie Louise Vankeerberghen, werd geboren in Peutie (België) op 27 januari 1926. Zij overleed op 27 juli 1978 in Vilvoorde  in de leeftijd van 52 jaar.

    Marie Louise trouwde met Jan Baptist van Paesschen, die geboren werd in Peutie (toen nog: Peuthy) in België op 26 juli 1924. Zijn ouders waren Guillelmus van Paesschen en Anna Catharina Sterckx.

    Jan Baptist overleed in Vilvoorde op 1 september 1979 ( 55 jaar oud).

    Tot aan hun overlijden woonden Jan Baptist van Paesschen en Marie Louise Vankeerberghen aan de Stationlei 44 te Vilvoorde (België)

     



     

     




    27-09-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Carel Frederik Lans, geëxecuteerd
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Carel Frederik Lans, geëxecuteerd

     

    Carel Frederik Lans werd geboren op 14 december 1912 in Malang als zoon van Frederik Johannes Cornelis Lans (geboren 26 maart 1870 in Pasoeroean)  en Jeannette (Sanneta) Griet.

    Carel Frederik werkte als employé bij het Marine-etablissement te Soerabaja.

    Op 30-jarige leeftijd werd hij door de Kempeitai (de Japanse geheime politie) met vele anderen geëxecuteerd.

    Hij was toen al ondergebracht in een werkkamp in Kesilir. De heer J.G. Wackwitz was de leider van deze Japanse werkkolonie.

    De executie door de Kempeitai vond plaats op 23 mei 1943 bij Tasnan aan de rand van de desa (dorp) Tjongkrong, 10 km van Bondowoso in het Tasnanbos.

    Uit het boek  “Het einde van Indië” ( red. Wim Willems en Jaap de Moor, Sdu Uitgeverij Koningsgracht, ’s-Gravenhage 1995  ISBN-nr.90-12-08262-5) blijkt dat eind april 1943 door de Kempeitai 86 personen werden gearresteerd, waaronder twee predikanten, twee artsen, een autohandelaar, een inspecteur van politie, 40 personen uit het werkkamp Kesilir (waaronder Carel Frederik Lans) en tenslotte twee niet-geďnterneerde vrouwen: zuster Leonore H. (Noortje) Klusman en H.J. Luinenburg-Pelle uit Mojowarno.

    Ze werden beschuldigd van ondergrondse activiteiten (sabotage) in verband met een op handen zijnde geallieerde landing.

    De arrestatie werd gevolgd door aanhoudend zware folteringen door de Kempeitai, met als doel het netwerk van de vermeende complotten te achterhalen en te elimineren.

    Uiteindelijk werden de arrestanten geëxecuteerd.

     

    Hun namen werden gepubliceerd in de Nieuwe Courant en opgenomen in de bestanden van de Oorlogsgravenstichting.

    Volgens de gegevens van deze stichting (OGS) werd Carel Frederik Lans (her)begraven op het ereveld Kembang Kuning, Vak AA, graf nr. 188. De begrafenis zou hebben plaatsgevonden op 10 juni 1943 nadat hij (volgens een artikel in het Nieuwe Courant, berustend bij het Nationaal Archief) met de andere geëxecuteerden in een massagraf had gelegen.

    De leuze van de Oorlogsgravenstichting geldt zeker ook voor Carel Frederik Lans:

    “Opdat zij met eere mogen rusten”.

     

     

     

     

     




    03-10-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Coenraad Persijn
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Coenraad Persijn

     

    De naam COENRAAD komt in mijn stamboom nogal frequent voor.

    Bij het stamboomonderzoek moest ik dan ook heel goed nagaan welke Coenraad in een bepaald document werd bedoeld.

     

    De Coenraad Persijn die ik in dit artikel beschrijf werd geboren op 29 december 1793 in Rembang. Hij was een zoon van Claas Persijn (zie het artikel “De Hollandse stamvader” op deze weblog) en Maria Magdalena Salomons.

    Coenraad overleed in Koedoes (Pati) op 18 december 1856.

    Hij was twee keer getrouwd geweest. Zijn eerste echtgenote was Anna Wilhelmina Sluiter, die volgens de Almanak van Ned. Indië 1815-1942 op 2 juni 1817 in Semarang is overleden.

     

    Op 1 augustus 1819 hertrouwde Coenraad, toen 26 jaar, in Japara met Catharina Dorothea van Gumster die toen 14 jaar oud was. Catharina Dorothea is geboren op 09 mei 1805 in Japara als dochter van B. van Gumster en Theodora Everarda van Pernert. (Catharina Dorothea overleed op 10 maart 1879 in Koedoes).

     

     

    Coenraad woonde voor een groot deel van zijn leven in het gebied van Jepara/Japara en Rembang.

    Van 1818 tot 1821 was hij Opziener 2de klasse bij de Landelijke Inkomsten in Japara, in 1822 en 1823 bekleedde hij dezelfde functie in Japara en Joana (afd. Pati) en van 1824 tot 1827 in Rembang.

    In 1828 vinden we hem terug in Rembang als Controleur Landelijke Inkomsten 2de klasse en een jaar later (1829) als Controleur Landelijke Inkomsten 1ste klasse, eveneens te Rembang.
    Van 1830 tot 1833 was Coenraad Persijn assistent-resident te Ponorogo (Madioen). Bovendien was hij in 1833 lid van de Subcommissie Landbouw te Rembang.

    In 1834 ging Coenraad op wachtgeld waarna hij per 24 december 1835 met pensioen ging.

     

    Zoals eerder vermeld was Coenraad Persijn van 1830 tot 1833 assistent-resident te Ponorogo (Madioen).

    Voor degenen die niet zo thuis zijn in de bestuursstructuur van het toenmalige Nederlands-Indië is de volgende toelichting:

     

    De bestuursstructuur van Nederlands-Indië was vrij complex en kwam erop neer dat naast Europese bestuursambtenaren ook de plaatselijke,“inlandse” adel werd

    ingeschakeld bij de gezagsuitoefening over de kolonie

     

    Bestuursstructuur 
    A. De gouverneur-generaal is het hoofd van het Algemeen Bestuur.
    B. Europees bestuur:

    Op Java en Madoera nŕ de bestuurshervorming van 1922/1924:

    C. Inlands Bestuur:

        I. Java en Madoera:

        II. Vorstenlanden op Java:

     




    09-10-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Christiaan Coenraad Persijn, oorlogsslachtoffer
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Christiaan Coenraad Persijn werd geboren op 8 september 1908 als zoon van Coenraad Persijn en de inlandse vrouw Tarminah. Hij werd eerst op 7 mei 1910 te Blitar erkend.

    Christiaan Coenraad was ongehuwd, maar had (voor zover nu bekend) wel een dochter. Gegevens over dit meisje en haar moeder heb ik helaas tot nog toe niet kunnen vinden.

    Christiaan Coenraad was tijdens de oorlog tegen Japan  soldaat bij de Infanterie (KNIL) en hij sneuvelde op 1 januari 1944 (Bron: Oorlogsgravenstichting).

    Hij ligt begraven in Thailand op het Ereveld Kanchanaburi in vak 3, rij c, graf nr. 20.

     

    Moge ook hij in vrede rusten….




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Carolina Wilhelmina van den Broek
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Carolina Wilhelmina van den Broek werd op 16 juni 1884 in Pamakasan (op het eiland Madoera bij Java) geboren als dochter van Carel Ferdinand van den Broek en Louisa Engelina Caroline Lans [bron: Naamlijst der Europese inwoners van Ned. Indie, uitg.1886: Burgerl. stand.].

    Zij overleed op 13 november 1954 te Soerabaja, waar ze ook werd begraven [bron: Overlijdensakte Soerabaja No. 87/1954].


    Op 15-jarige leeftijd, namelijk op 2 juni 1900, trouwde Carolina Wilhelmina in Soemenep (eveneens op Madoera) met Alexander Frederiksz, die toen 23 jaar oud was. Hij werd geboren op 8 juni 1876 in Semarang en was een zoon van Johan Ferdinand (Johan) Frederiksz en de Javaanse vrouw Maria Djaleha (of: Djalena).

    Alexander Frederiksz was o.m. werkzaam als magazijnmeester bij de Seradjoedal Stoomtram Maatschappij in Poerwokerto. Volgens de personeelsgegevens van deze maatschappij (dossier bewaard bij het Nationaal Archief Den Haag) had Alexander Frederiksz het zgn. Klein-ambtenaar-examen afgelegd en had hij een goede kennis van het Maleis, het Javaans en het Madoerees.

    Volgens hetzelfde personeelsdossier woonde hij met zijn familie in 1947 in Soerabaja in de Mawarstraat nr. 41.

    Alexander is overleden op 20 januari 1950 in Soerabaja op de leeftijd van 73 jaar [bron: Overlijdensakte No 9/1950 te Soerabaja] nadat hij was gepensioneerd als magazijnmeester van de Oost-Java Stoomtram Mij.

     

    Het personeelsdossier van de Seradjoedal Stoomtram Maatschappij geeft verder aan, dat na het overlijden van Alexander zijn weduwe in 1953 woonachtig was op de Kedong Sari 56 in Soerabaja.

     

    Kinderen van Carolina Wilhelmina en Alexander:

    Lize, Carel Ferdinand, Charlotte Elviera, Augustina Eleonora, Anton Paul Herman Max, Alphons Alfred, Johanna Jacoba, Dede Benjamin, Johan en Georgine Constance.

     




    10-10-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Coenradus Nicolaas Persijn
    Klik op de afbeelding om de link te volgen


    Coenradus Nicolaas Persijn,
    niet te verwarren met de andere Coenradus Nicolaas uit de stamboom [zie het artikel “Coenradus Nicolaas Persijn, oorlogsslachtoffer” op deze weblog], werd volgens de Regeerings Almanak voor Nederlands Indie ,jrg. 1874, blz. 219, geboren op 24 januari 1873 in Galoe (Cheribon). Hij was een zoon van Lodewijk Ferdinand Persijn en Susanna Margaretha Pichel.

     

    Vanaf 29 december 1893 vinden we hem in de analen terug als tijdelijk opziener 3de klas bij het Mijnwezen (Grondonderzoek Tinwinning) in het district Pankal Pinang.

    Volgens het Stamboek Ambtenaren N.I. deel HI (fiche nr.519), bewaard bij het CBG in Den Haag, werd hem per oktober 1897 op eigen verzoek eervol ontslag verleend.

    Van 1902 tot en met 1903 was Coenradus Nicolaas werkzaam als employé bij de Japara Petrol Maatschappij in Sidajoe.

    Van 1904 tot 1909 werkte hij als Klerk bij de zoutverpakkingsindustrie in Soemenep op het eiland Madoera en dezelfde functie bekleedde hij vanaf 25 februari 1910 in Kalianget (zie foto), eveneens op Madoera.

    Volgens het Stamboek Ambtenaren N.I., deel QI, fiche nr. 623 (CBG, Den Haag) was hij van 1 januari 1913 tot 18 februari van datzelfde jaar Magazijnmeester der 2de klasse  voor een salaris van f 150,- per maand en werd hij op 19 februari d.a.v. benoemd tot Magazijnmeester 1ste klas en werd zijn salaris verhoogd tot

    f 200,- per maand. Deze functie bekleedde hij t.e.m. 1917 en in 1918 werd hij Klerk Zoutregie in Soerabaja.

     

    In de Adressenlijst ven de inwoners van Ned. Indië wordt als woonplaats van Coenradus Nicolaas vermeld: Muntok (1894-1896), Sidajoe/Soerabaja (1900), Bawean (1901), Soerabaja (1902, 1903).

     

    Coenradus Nicolaas trouwde op 25-jarige leeftijd op 16 maart 1898 in Grissee [bron: RA 1900, 337] met Susanna Helena Roostee. De bruid was toen 17 jaar. Susanna Helena werd geboren op 27 augustus 1880 in Grissee (Gresik).

     

    De kinderen van Coenradus Nicolaas Persijn en Susanna Helena Kiemeneij waren:

     

    1. Anton Robert, geboren in Grissee op 1 maart 1902 [bron: Naamlijst/ Adresboek N.I.
        jrg. 1903,  blz.55]

    2. Julius Coenraad, geboren te Soemenep op 3 juli 1905 [bron: Regeerings Almanak
        N.I. jrg.1906,  blz.61]

    3. Margarethe Charlotte, geboren op 15 augustus 1907 in Grissee [bron: Almanak van
        Ned. Indie].

    4. Reinier Pieter (zie ook het artikel: “Reinier Pieter Persijn, oorlogsslachtoffer” op
        deze weblog), 
    geboren op 18 februari 1909 in Grissee [bron: Regeerings Alamank
        van 1910, blz. 80]

    5. Elivire Susanna, geboren op 6 december 1910 in Grissee [bron: Regeerings
        Almanak  van 1912, blz. 62].

    6. Benjamin Coenradus, geboren 04 november 1917 in Grissee [bron: Regereerings
        Alamanak van 1918, 
    blz. 70]

     

    Coenradus Nicolaas Persijn overleed op 31 maart 1953 in Apeldoorn in de leeftijd van 80 jaar. Hij is begraven te Ugchelen [bron: Gemeente Apeldoorn].

    Zijn echtgenote, Susanna Helena Persijn-Kiemenei,  is overleden op 18 december 1956 in Apeldoorn op 76-jarige leeftijd. Zij is eveneens begraven te Ugchelen [bron: Gemeente Apeldoorn].





    16-10-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Meneer de Baron is niet thuis........
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Meneer de Baron is niet thuis........

     

    In mijn herinnering hoor ik mijn moeder nog steeds zingen: “Meneer de Baron is niet thuis….”.

    Ze zong dit lied (van het toen bekende orkest The Ramblers o.l.v. Theo Uden Masman) altijd met volle overgave. De zanger op de plaat (van Studio “Hof van Holland” in Hiversum), die de tekst van de butler zong, was Wim Poppink. De leveranciers, die bij de Baron aan de deur kwamen, werden vertolkt door George van Helvoirt, Frits Reinders en André van der Ouderaa.

    Tekst en muziek van deze tophit (!) van toen (de jaren ’40) waren van Jack Bulterman.

     

    Wat ik toen (nog) niet wist is dat we inderdaad een heuse Baron in de stamboom hebben. Of mijn moeder dat wist weet ik niet, maar ze zong graag en vooral dit lied kweelde ze altijd vol vuur.

    …………………………………………………………………………………………………………..

    De tekst van het lied : “Meneer de Baron is niet thuis”

     

    Meneer de Baron is niet thuis

    Hij is nu al weken lang van huis

    Hij maakt een expeditie naar het Noordpoolijs

    De Baron is al wekenlang op reis

     

    Zeg James, waarde James,

    Ga meneer de Baron eens halen

    Want James, beste James,

    de Baron moet een rekening betalen

    Ik ben de leverancier

    van de port en de sherry en het bier,

    van de whisky, de rum en advocaat

    Ga eens vragen hoe het met betalen staat

     

    Meneer de Baron is niet thuis

    Hij is nu al weken lang van huis

    Hij maakt een expeditie naar het Noordpoolijs

    De Baron is al wekenlang op reis

     

    Zeg, James, beste James,

    Ga meneer de Baron eens halen

    Want James, beste James,

    de Baron moet een rekening betalen

    Hij kocht bij mij een pantalon

    omdat hij zo de straat niet meer op kon

    want z'n broek was versleten op den draad

    ga eens vragen hoe het met betalen staat

     

    Meneer de Baron is niet thuis

    Hij is nu al weken lang van huis

    Hij maakt een expeditie naar het Noordpoolijs

    De Baron is al wekenlang op reis

     

    Zeg James, dear James,

    Ga meneer de Baron eens halen

    Want James, beste James

    'K wou meneer de Baron iets betalen

    Ik ben Oom Kees uit Canada

    en ik laat hem een massa dollars na

    Ik ben blij neef es weer te zien

    en ik schenk hem minstens een miljoen of tien

     

    Meneer de Baron is wel thuis

    Hij blijft nu al wekenlang in huis

    Hij maakt geen expeditie naar het Noordpoolijs

    en hij gaat in geen jaren nu op reis

    Meneer de Baron zit in bad

    Daar zit hij nu al een dag of wat

    Z'n kleren heb ik bij Ome Jan gebracht

    Ik kan U zeggen: er wordt op U gewacht

    ………………………………………………………………………………………………………..

    Maar nu wat gegevens over de Baron in onze stamboom.

    Baron Fokke van Asbeck werd geboren op 10 december 1833 in Grovestinstate (Hemelumer Oldeferd, Friesland) onder Koudum. Hij was een zoon van Baron Tjalling Menno Watze van Asbeck zu Bergen und Munsterhausen en Elbrig van Bienema. Van de geboorte werd een dag later aangifte gedaan [bron: Geboorteakte nr, A94, Gem. Hemelumer Oldeferd].

    Gegevens zijn ook bewaard bij het Frysk Histoarysk en Letterkundich Sintrum.

     

    Volgens De Indische Navorscher van 1934 kwam Baron Fokke van Asbeck op 16 juni 1858 per schip (“Stad Utrecht”) in Nederlands-Indië aan. Bij Gouvernements Besluit van 19 mei 1864 kreeg hij vergunning tot vestiging.


    In het Nederlands Adelsboek 1932 (30ste jaargang) staat vermeld dat Baron Fokke van Asbeck  in het toenmalige Nederlands-Indié commissaris was bij het Post- en Telegraafkantoor.

     

    Baron Fokke trouwde toen hij 32 jaar oud was op 5 september 1866 in Semarang met Christina Wilhelmina ten Cate, 23 jaar oud.

    Christina Wilhelmina werd geboren op 15 januari 1843 in Pekalongan als dochter van Johannes Hendrikus Wilhelmus ten Cate en Maria Helena Persijn.

    Baron Fokke overleed op 1 september 1889 in Penang (Malakka) en zijn weduwe Christina Wilhelmina overleed  bijna 10 jaar later ( 13 januari 1899) in Batavia.


    Kinderen van Baron Fokke en Christina Wilhelmina:

     

    1 Barones Elbrig Helena van Asbeck, geboren op 07-01-1868 in Bandjermasin

       Barones Elbrig Helena is overleden op 15-09-1892 in Batavia, 24 jaar oud.
    2 Baron Tjalling Hendrik van Asbeck, geboren op 01-06-1869 in Djokjakarta

       Baron Tjalling Hendrik is overleden op 06-04-1871 in Djokjakarta, 1 jaar oud.
    3 Baron Louis van Asbeck, geboren op 10-01-1874 in Utrecht

       Baron Louis is overleden op 09-10-1942 in Soekaboemi, 68 jaar oud.
    4 Barones Elbrig van Asbeck, geboren op 05-09-1881 in Riouw.

       Barones Elbrig is overleden in Ned.-Indie.
    5 Baron Tjalling Minne Watze van Asbeck, geboren op 13-10-1882 in Medan.

       Baron Tjalling Minne Watze is overleden op 26-02-1904 in Batavia, 21 jaar oud.
    6 Baron Gerrit Ferdinand van Asbeck, geboren op 10-04-1885 in Medan

       Baron Gerrit Ferdinand is overleden op 11-11-1928 in Batavia, 43 jaar oud.




    17-10-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.TSINGTAU en de Persijn-stamboom
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    TSINGTAU en de Persijn-stamboom

     

    Tsingtau (nieuwe spelling: Quindau) is een Chinese havenstad in de provincie Sjantoeng, aan de ingang van de Baai van Kiautsjou.

    Tsingtau was van 1898-1914 Duits. Daarna (tot 1922) Japans bezit.

     

    Wat heeft deze voormalige Duitse vestingstad in China met de Persijn-stamboom te maken?

    Om daar achter te komen moeten we even teruggaan naar de Eerste Wereldoorlog, toen diverse landen met elkaar in oorlog waren. Zo verklaarde bijvoorbeeld Japan op 23 augustus 1914 aan Duitsland de oorlog.

    De belangrijke vestingstad Tsingtau was toen een Duitse enclave in China.

    Op 2 september 1914 begonnen Japanse troepenlandingen bij Tsingtau. Er volgenden hevige gevechten tussen de Duitse en Japanse troepen en op 31 oktober deden de Japanners een vruchteloze poging om Tsingtau te bestormen. De stad werd door de Duitsers tegen een 20-voudige overmacht verdedigd, maar moest ten slotte aan de Japanners worden prijsgegeven. Op 7 november 1914 capituleerde Tsingtau.

     

    Voor ongeveer 4700 Duitsers (beroepssoldaten, dienstplichtigen, oorlogsvrijwilligers, ambtenaren en burgers) begon eind 1914 de periode van gevangenschap in Japan.

    Velen van hen keerden eerst begin 1920 naar hun vaderland terug of gingen naar een ander land.

     

    Onder de Duitse militairen, die tevergeefs hebben geprobeerd Tsingtau tegen de Japanners te verdedigen bevond zich ook:

     

    Fritz Ferdinand Jann , geboren in1891 in Fischhausen (Provincie Oost-Pruisen).

    Hij was toen onderofficier bij de IIIde Zeebataljon van de “Kaiserliche Marine”

    (Uit: " Die Verteidiger von Tsingtau und ihre Gefangenschaft in Japan (1914 bis 1920)", Historisch-biographisches Projekt von  Hans-Joachim Schmidt).

     

    Na de capitulatie van Tsingtau werd Frits Ferdinand Jann krijgsgevangen en naar Japan getransporteerd. Daar werd hij met nog 308 anderen (met gevangenennummers 2457 t.e.m. 2765) geplaatst in het kamp Nagoya. Zelf kreeg hij het nummer 2571.

     

    In december 1919 werd hij bevrijd. De ex-krijgsgevangen konden weer naar hun vaderland terugkeren of naar een ander land gaan.

    Fritz Ferdinand Jann koos ervoor om naar het toenmalige Nederlands Indië te gaan.

     

    Vanaf 1919 vinden we hem terug bij de politie in Nederlands-Indië. Aanvankelijk in Weltevreden (Batavia) als aspirant politieopzichter. Van 1922 tot 1924 was hij politieopzichter 2de klasse in Kediri, in 1925 en 1926 bekleedde hij dezelfde functie in Blitar waar hij in 1928 werd bevorderd tot hoofd-politieopzichter. In deze laatste functie was hij in 1931 weer werkzaam in Weltevreden (Batavia). In 1933 vinden we Fritz Ferdinand terug als hoofdinspecteur van politie in Den Passar en van 1937 tot 1940 in deze functie in Bengkoelen.

     

    Fritz Ferdinand trouwde, toen hij in Blitar was, op de leeftijd van 35 jaar, op 3 juli 1926 met Lambertha Christina Persijn, toen 21 jaar oud.

    Lambertha Christina werd geboren in Kediri op 23 oktober 1904 (bron: Regeerings Almanak 1911, pag. 46).

    Zij was een dochter van Coenraad Persijn en de Javaanse vrouw Tarminah. Volgens de Regeerings Almanak werd zij op 7 mei 1910 te Blitar erkend.

     

    Kinderen van Fritz Ferdinand Jann en Lambertha Christina Persijn:

     

    1 Margarete Louise , geboren op 30-01-1927 in Blitar

       [bron: Gemeentearchief Den Haag].
    2 Fritz Franz Ferdinand, geboren op 29-08-1928 in Toelonggagong

       [bron: Gemeentearchief Den Haag].
    3 Lieselotte Johanna, geboren op 02-12-1934 in Denpassar

       [bron: Gemeentearchief Den Haag

     

    Fritz Ferdinand Jann is overleden op 19 januari 1942 toen het schip waarop hij voer (op weg naar India) werd getorpedeerd.

    Lambertha Christina overleed in Maastricht op 14 mei 1990. Ze is 85 jaar geworden.




    27-10-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wilhelm Frederik Lans
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Wilhelm Frederik Lans, een overgrootvader van mijn moeder, werd geboren op 7 augustus 1816 in Nijmegen [bron: Gelders Archief /Toegangnr: 0207/ Inventarisnr: 992/ Geb. akte Nijmegen nr.284].

    Hij was de zoon van Jan Cornelis (Nelto) Lans (zie ook het artikel : “Nelto, de ijzervreter” op deze weblog) en Albertina Christina Michielse (geboren 28 december 1794 in Nijmegen).

    Van de geboorte werd volgens de geboorteakte op dezelfde dag aangifte gedaan (Geboorteakte Nijmegen nr. 284, Gelders Archief / Toegangnr. 0207 / Inventarisnr. 992).

     

    In de huwelijksakte van zijn ouders (Gelders Archief / Toegangnr: 0207 / Inventarisnr: 1086 / Gemeente: Nijmegen, huwelijksakte nr.2) was vermeld dat zijn vader militair was en zijn moeder dienstmeid.

    Toen Wilhelm Frederik  ongeveer 4 jaar oud was (1820) stierf zijn moeder op 26-jarige leeftijd.

     

    Vader Nelto Lans vertrok in het zelfde jaar waarin zijn jonge vrouw overleed (1820) als weduwnaar met hun zoon Wilhelm Frederik) naar Indië. Ze vertrokken op 21 juni 1820 vanuit Holland met het schip “Schoon Verbond”, een zogenaamde ‘hoeker’. Vader Nelto en zoon Wilhelm Frederik kwamen op 14 augustus 1820 in Batavia aan,

     

    Wilhelm Frederik trouwde op 28-jarige leeftijd op 27 juli 1845 in Soemenep (op het eiland Madoera)  met Johanna Carolina (soms vermeld als:Carolina Johanna) Phefferkorn. Johanna Carolina (of:Carolina Johanna) overleed in Pamekasan op 1 juli 1904.

     

    Wilhelm Frederik is overleden op 01-01-1862 in Soemenep, 45 jaar oud.


    Kinderen van Wilhelm Frederik en Johanna Carolina/Carolina Johanna waren:

     

    1  Carel Willem Frederik Lans, geboren in 1836. Carel Willem Frederik is
        overleden. 
    Uit de Naamlijsten der Europese Inwoners van Ned. Indië blijkt
        dat hij werkzaam 
     was bij de Zoutadministratie te Madoera.


    2  Wilhelmina Charlotte Lans, geboren op 27 mei 1850 in Soemenep.

        Wilhelmina Charlotte is overleden. Wilhelmina Charlotte trouwde, 16 jaar
        oud, op 
    14 september 1866 in Pamekasan [bron: Almanak v. Ned.
        Indie 1852] met 
    Johan Hendrik Alexander Sleebos, 24 jaar oud.
       Johan Hendrik Alexander werd 
    geboren op 03 april 1842 in Probolinggo.
     
    3  Pieter Christiaan Lans, geboren op 05 april 1852 in Soemenep.

        Pieter Christiaan is overleden in 1924, 72 jaar oud.
        Pieter Christiaan trouwde toen 23 jaar was op 28 augustus 1875 in
        Soemenep 
    met Caroliena Eleonora Burgemeestre. Caroliena
        Eleonora is geboren in Soerabaja 
    en was een dochter van
        Frederik George Burgemeestre en de Inlandse vrouw Poeme.

        Caroliena Eleonora is in Lawang overleden op 07 oktober 1937.


    4  Geertruida Francina Elisabeth Lans, geboren op 18 januari 1854 in
        Soemenep. 
    Geertruida Francina Elisabeth is overleden. Zij trouwde,
        15 jaar oud, op 28 augustus 
    1869 in Pamakasan [bron: Naamlijst der
        Europeesche inwoners van 
    Nederlandsch Indië / 1869] met
        Hendrik Willem Muller.


    5  Louisa Engelina Caroline Lans, geboren op 1 januari 1856 in
        Soemenep (Madoera) 
    [bron: Burgerl. stand der Inwoners van Ned. O.Indie
       1857]. Zij overleed 15 februari 
    1908 in Kediri, 52 jaar oud
        [bron: Burgerl. stand der inwoners van Ned. Oost-Indie, 
    1909].
        Louisa Engelina Caroline trouwde, 15 jaar oud, op 11 mei 1871
        op Madoera 
    [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1873, blz. 190)]
        met
    Carel Ferdinand van 
    den Broek, 20 jaar oud.

        Carel Ferdinand is geboren op 12 mei 1850 in Menado (Noord-Celebes)

        [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1851, blz. 422)].

     

        Louisa Engelina Caroline Lans en Carel Ferdinand van den Broek
        werden de opa en oma van mijn moeder (van haar vaders kant).

     




    04-11-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Henry Louis Charles te Mechelen
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Henry Louis Charles te Mechelen

    werd  geboren op 16 oktober 1841 in Rembang. Hij was een zoon van Hendrik Louis te Mechelen en Johanna Wilhelmina Persijn.

    Zijn vader was een geboren Hollander, die al jaren in Rembang tabaksplanter was geweest. Zijn moeder was een Indische, die zowel Hollands, Indonesisch als Chinees bloed in zich verenigde,

    Geboren in Rembang met de zee voor zich en het enorme djatibos als achterland.

    Hij was een verwoede jager en sprak vloeiend Javaans.

    Tegen de tijd dat hij 15 jaar werd en nadat hij degelijk huisonderwijs had genoten ging hij met zijn vader naar Holland en binnen een paar jaar deed hij het toelatingsexamen voor Delft en ging hij daar studeren voor de burgerlijke dienst in Indië.

    Op woensdag 29 juli 1863 trouwde hij in Delft met Antoinette Cornelie Helene van Diesen [bron: Digitale Stamboom Delft, Delft Akte Jaar 1863 Nummer 107]. Antoinette Cornelie Helene werd in 1838 ´s-Gravenhage geboren als dochter van Gerrit van Diesen en Cornelie Madeleine Crespin. Henry  was toen 22 jaar en in het najaar van 1863 vertrok hij (inmiddels benoemd tot ambtenaar 2de klasse) met zijn vrouw naar Indië.

    Nog geen jaar later stierf Antoinette en met haar hun kind.

    Henry Louis woonde en werkte in Rembang waar hij al snel werd benoemd tot controleur 2de klas.

    Een later huwelijk schonk hem geen kinderen. Dit huwelijk hield niet lang stand.

    In 1872 verhuisde hij naar de Preanger.

     

    Hij had een bijzonder grote kennis van land, volk en taal van de Javanen.

    Met zijn taaltalent had hij zich in de Preanger al snel het Soendanees eigen gemaakt.

    Als jager voelde hij zich in de Preanger in zijn element. Immers in de Preanger en in Bantam huisde nog de ‘badak’, de Indische rhinoceros!

    In Batavia was men inmiddels zich bewust geworden van de grote schat van kennis van het levend Javaans die Henry bezat.

    Hij werd dan ook verzocht om les te geven in het kader van de opleiding van ambtenaren voor het BB (Binnenlands Bestuur) aan het Gymnasium Willem III in Weltevreden (bij Batavia). In 1875 begon hij daar met lessen te geven in het Javaans en Maleis, een baan die hij bijna vier volle jaren heeft vervuld.

    In 1877 werd hem de rang en titel van assistent-resident toegekend.

     

    Uit de “Genealogische en Heraldische gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel IV, blijkt dat Henry Louis Charles te Mechelen is overleden op 30 mei 1917 in Bandoeng in de leeftijd van 75 jaar.




    11-11-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Persijn-stamboom en de Indische Spoorwegen
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Een “baan aan een baan”

     

    Diverse personen uit mijn stamboom hebben in het toenmalige Nederlands-Indië bij de spoorwegen gewerkt.

    Bijvoorbeeld mijn opa (Van den Broek) van moeders kant. Zie hiervoor het artikel “Mijn opa George Ferdinand Polidor van den Broek” op deze weblog. Maar ook andere personen uit de stamboom hebben een baan gehad bij de Indische spoorwegen. Een “baan aan een baan” dus…

     

    Alvorens weer een persoon uit de stamboom, die ook bij de spoorwegen heeft gewerkt, aan u voor te stellen, volgt hier eerst wat (summiere) informatie over de spoorwegen in Nederlands-Indië.

     

    De eerste spoorlijn in Nederlands-Indië werd operationeel in Midden-Java op 10 augustus 1867.

    Op 21 mei 1873 verbond deze lijn drie plaatsen met elkaar: Semarang, Solo en Jokjakarta.

    De lijn werd beheerd door de N.I.S. (Nederlandsch-Indische Spoorweg Maatschappij), een particuliere maatschappij.

    Inmiddels had de Nederlandse regering het plan opgevat om haar eigen spoorweglijnen aan te leggen. Ook omdat een particuliere maatschappij, zoals de N.I.S., niet in staat bleek om de investering ‘terug te verdienen’ en  financiële steun van het gouvernement nodig had.

    En dus besloot het Nederlandse Ministerie van Koloniën een staatsspoorwegnet aan te leggen.

    Er werd een spoornet aangelegd (onder beheer van de Staatsspoorwegen) van Buitenzorg (nu: Bogor) in West-Java tot aan Soerabaja aan de oostkust van Oost-Java.

    Men begon met de constructie zowel vanuit Buitenzorg als uit Soerabaja. Op 16 mei 1878 werd de eerste lijn (vanuit Soerabaja) geopend en in 1894 waren beide steden (Soerbaja en Buitenzorg) met elkaar door spoorlijnen verbonden (ruim 800 km).

     

    Daarnaast werden nog steeds particuliere initiatieven ontwikkeld en zo konden op een gegeven moment maar liefst 15 spoorwegmaatschappijen op Java naast elkaar bestaan. Ze werden dikwijls “stoomTRAMmaatschappijen” genoemd, daar ze aanvankelijk zich beperkten tot het aanleggen en exploiteren van locale, secundaire spoorlijnen.

    Eén van deze maatschappijen was de Semarang-Cheribon Stoomtram Maatschappij, waar opa George Ferdinand Polidor van den Broek gewerkt heeft (zie het artikel Mijn opa George Ferdinand Polidor van den Broek” op deze weblog).

    Verschillende lijnen werden aangelegd om economische redenen als en om strategische redenen. Zo werd een lijn gelegd naar Ambarawa, waar een belangrijke en strategisch goed gelegen fort lag, het fort Willem I.

    De eerste staatsspoorlijn werd eigenlijk ook meer om strategische redenen aangelegd door het berglandschap van zuidelijk Java in plaats van door de laagvlakten van het noorden van Java.

     

    Op het eiland Sumatra werden treinen aanvankelijk gebruikt voor militaire doeleinden. Zo werd een lijn aangelegd tussen Banda Atjeh (denk aan de Atjeh-oorlogen) en de haven van Uleelhee (1876).

     

    Treinen komen overigens alleen op de eilanden Java en Sumatra voor en nog één lijn op Celebes (Sulawesi), de lijn Makassar-Takalar met een lengte van 47 km, aangelegd van 1922 tot 1930.

     

    De NISM (Nederlandsch-Indische Spoorweg Maatschappij) opende met een lijntje van 6 km van Batavia (de oude stad) naar Weltevreden, het Koningsplein (1871). En de verbinding Batavia-Buitenzorg kwam gereed in 1873.

    In 1873 kwam de lange spoorlijn (256 km) Semarang-Jokjakarta gereed.

     

    Duurde de treinreis Batavia-Soerabaja aanvankelijk twee dagen (inclusief overnachting), in 1929 was de duur al teruggebracht tot 13 uur en in 1934 duurde de reis “nog maar” 12 uur (de “Eendaagsche Expres”). In 1936 startte de “Nachtexpres” tussen Batavia en Soerabaja (zie foto bovenaan dit artikel).

     

    In 1938 waren in Nederlandsch-Indië ongeveer 7.400 km. spoor- en tramwegen in gebruik.

     

    Eén van de vele personen uit mijn stamboom die bij de spoorwegen in Indië heeft gewerkt is Jan (eigenlijk: Wilhelm Adriaan) van Gumster.

     

    Wilhelm Adriaan (Jan) van Gumster werd geboren op 6 juni 1891 in Petjagaan (Petjangakan) als  zoon van Lodewijk Carel van Gumster en Henriette Frédérique Muller.

     

    Uit de diverse personeelsdossiers van de Indische spoorwegmaatschappijen (Nationaal Archief, Den Haag) heb ik enkele gegevens gedestilleerd uit zijn loopbaan bij de spoorwegen.

     

    Zo vinden we hem in 1913 als Klerk 2de klas bij de Semarang-Joana Stoomtram Maatschappij. Op 29 april 1913 werd door de chef Exploitatie een verzoek gericht tot de hoofdvertegenwoordiger in Semarang om aan W.A. van Gumster een bezoldigingsverhoging van f 90,- naar f 110,- te verlenen op grond van bijzondere geschiktheid voor zijn betrekking. Dit verzoek werd gehonoreerd per 17 mei 1913.)

    In 1918 was Wilhelm Adriaan assistent-opzichter-machinist bij dezelfde maatschappij, maar gedetacheerd bij de Oost-Java Stoomtram Mij.

    Twee jaar later, in 1920, werkte hij bij de Oost-Java Stoomtram Maatschappij als opzichter -machinist 3de  klas om in dat zelfde jaar te fungeren als beheerder depot Modjo-Agoeng.

    Per 1 oktober 1921 kreeg hij wegens bijzondere werkverrichtingen een salarisverhoging en werd zijn loon vastgesteld op f 325,- per maand. Wat die bijzondere werkverrichtingen waren werd verduidelijkt in de volgende aantekening:

    “Hij heeft, ook in dezen suikerafvoertijd met de gedeeltelijk reeds zeer versleten locomotieven den dienst steeds naar behoren weten te doen rijden, dank zij bijzondere activiteit en zorgen voor deze machines”

    Maar deze ‘bijzondere werkverrichtingen’ hebben niet kunnen verhinderen, dat Wilhelm Adriaan van Gumster op 1 juli 1934 met vervroegd pensioen werd gezonden wegens bezuinigingsmaatregelen ( die term kenden ze toen kennelijk ook al!). Bedroeg dit pensioen aanvankelijk f 192,- per maand, per 1 juli 1936 kreeg hij zijn (normaal) pensioen van f 209,- per maand.

     

    Zijn eerste huwelijk vond plaats toen hij 26 jaar oud was in Semarang met Christine Valentine Frederique Biver, geboren te Ngawi op 30 november 1896 als dochter van Ernest Joseph Ghyslin Biver en Christine ten Cate. Christine (Stien) overleed in Semarang op 10 april 1944.

     

    Kinderen van Wilhelm Adriaan van Gusmter en Christine Valentine Frederique Biver:

    Henriette Valentine Marguerite, Charlotte Ernestine, Gustaaf, Herman, Agnes, Pauline en Ilse Louise.

     

    Na het overlijden van zijn vrouw hertrouwde Wilhelm Adriaan op 4 februari 1948 in Semarang met  Wilhelmina van der Kerk, 48 jaar oud. Wilhelmina werd geboren op 9 april 1899 in Semarang.

     

    Wilhelm Adriaan van Gumster overleed op 20 september 1964 in Doetinchem, 73 jaar oud/ Hij ligt begraven te 's-Heerenbergh.




    17-11-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.In Holland (Lobith) staat een huis!!.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    In Holland (Lobith) staat een huis…….

     

    Nadat wij (mijn vader, moeder, broer, zuster en ik) in april 1956 vanuit Indonesia in Nederland aankwamen werden we ondergebracht in een zgn. contractpension (zie ook het artikel “In een contractpension” op deze weblog).

    Dit pension was het bungalowpark “De Woeste Hoogte” en stond in Hoenderloo, aan de Krimweg 170.

    De opvang in een contractpension was tijdelijk. Het was namelijk de bedoeling dat we een woning toegewezen zouden krijgen. Maar leegstaande woningen waren in die tijd schaars en we moesten dus maar afwachten wanneer we een huis konden betrekken en in welke plaats we terecht zouden komen.

     

    Maar op een dag was het zover……..

    We namen afscheid van de andere families die nog op “De Woeste Hoogte” op een eigen huis moesten wachten en verhuisden met onze weinige spullen naar onze eerste woning in Nederland. Het was op 26 juni 1956.

    Het bleek een rijtjeshuis te zijn in Lobith (Gemeente Herwen & Aerdt). Ons nieuw adres werd:  Bloemenstraat 13, Lobith.

    Van Lobith wist ik tot dan toe (van de lagere school) alleen het volgende:

    “…. in Lobith komt de Rijn in ons land (=Nederland)”.

    Verder zei die plaats me hoegenaamd niets.

    --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

    Iets over de historie van Lobith:

    In het jaar 1222 verleende Keizer Frederik II vergunning aan Graaf Gerard van Gelre om in Lobede een tol te vestigen. De plaats lag op een gunstig punt aan de voet van de Eltenberg en bij de splitsing van Rijn en Waal. Maar een kleine 100 jaar later had de splitsing zich ongeveer 1 kilometer stroomafwaarts verplaatst. Daar werd begonnen met de bouw van een Tolhuis, later Lobith genoemd. De tol met Tolhuis en omgeving werd in 1473 door Karel de Stoute aan Hertog Jan van Kleef geschonken wegens verleende diensten.

    In de 80-jarige oorlog (1568-1648), bekend van de geschiedenislessen op school, speelde het Tolhuis een belangrijke rol. Het werd meerdere malen gebruikt als hoofdkwartier voor de legers van de prinsen Maurits en Frederik Hendrik tijdens de belegeringen van Schenkenschans, waar Lobith mee verbonden was door de Boterdijk.

    Op 11 juni 1672 trok het leger van de Franse koning Lodewijk XIV bij Lobith de (Oude) Rijn over. Dat was het begin van wat wel het rampjaar werd genoemd.

    Toen de Fransen weer waren vertrokken verviel Lobith langzaam. In 1817 werd het dorp weer Nederlands.

    _____________________________________________________________________

     

    In de eerste dagen dat we in de Bloemenstraat woonden viel het ons op, dat overdag veel mensen door onze straat liepen. Aanvankelijk dachten we dat dit het normale voetgangersverkeer was in die straat. Maar al gauw bleek dat het om nieuwsgierigen ging, die heel benieuwd waren hoe die ‘bruintjes’ eigenlijk woonden en of ze ook iets konden zien van wat zich daar binnen in huis afspeelde. Hoe zouden ze eten? Met de tien geboden (vingers)? Zouden ze halfnaakt door het huis lopen? Zaten ze met z’n allen gewoon op de grond? (Wat de dorpelingen zich afvroegen, dat hoorden we pas later, toen we al waren ingeburgerd.).

    Toen mijn moeder en ik voor de eerste keer boodschappen gingen doen en bij de slager naar binnen liepen, vroeg de man (heel vriendelijk) of we wel Nederlands spraken en/of verstonden. Ik heb hem toen maar het verhaal op de mouw gespeld, dat we het Nederlands op de bootreis van Indonesia naar Nederland hadden geleerd in 21 dagen, wat mij een misprijzende frons van mijn moeder opleverde en een bewonderende blik van de slager.

    Enfin, we kochten wat vlees bij hem en terwijl hij alles afwoog had mijn moeder uit het hoofd (want hoofdrekenen was op de scholen in Nederlands-Indië één van de hoofdvakken) al snel uitgerekend wat ze in totaal moest betalen. Nog voordat de slager het bedrag op zijn telmachine had uitgerekend zei mijn moeder hem wat ze moest betalen. De slager sloeg het totaalbedrag aan op zijn machientje, keek mijn moeder verbaasd aan en sprak de legendarisch geworden woorden: “Jij kunt ook rekenen…..”.

    Waarop mijn moeder antwoordde: “Beter dan u!”, welke opmerking haar weer een frons van mij opleverde…..

     

    We hadden besloten om voor de hoofdmaaltijden afwisselend rijst en aardappelen te eten. Rijst omdat we dat in Indië toch gewend waren te koken en te eten en aardappelen omdat je toch moest inburgeren, ja toch? Bovendien gaf het een soort evenwicht (jin-yang).

    Onze buren aan de rechterkant hadden twee kinderen, een jongen van ongeveer vier jaar (Gerard)  en een meisje van twee (Rineke). Gerard bracht ons vaak een bezoek en als het eten op tafel stond keek hij in de pannen. Schafte de pot op die dag rijst, dan bleef hij eten. “Ha, riest”, zei hij dan op z’n Lobiths. Waren het aardappels dan zei hij steevast: “Piepers… die krieg ik thuus ook….” en dan vertrok hij weer.

     

    Toen we er al een poosje woonden ontmoetten we een andere Indische familie. Dat gezin bleek in Tolkamer te wonen, ongeveer 1, 5 km. van ons vandaan. Het was de familie Claasz Cookson, bestaande uit vader, moeder, 2 zoons (George en Ernst) en een inwonende oma, de moeder van mevrouw Claasz Cookson.

    Zij waren al veel langer dan wij in Nederland en kwamen uit Soerabaja, waar de heer des huizes bij de marine had gewerkt. In Tolkamer werkte hij bij de douane.

    Ernst was iets jonger dan ik en al gauw trokken we samen op. Meestal naar de Bijland, waar water was (van de Rijn)  en een strand en waar de plaatselijke jonge deernen zich meestal van hun beste kant(en) lieten zien….

    Ook toerden we dikwijls op een brommer (zie foto) richting Elten of ’s Heerenberg.

     

    Toen we op een dag een eerste bezoek zouden afleggen bij de familie Claasz Coockson, wilde mijn moeder een taxi bestellen. Ze dacht kennelijk nog aan Indië, waar je al snel een betjak (becak) [ een driewielig voortuig voor passagiersvervoer] of een sado (kar met paard) liet komen om bij vrienden op visite te gaan.

    Het kostte me moeite om haar ervan te overtuigen, dat we best te voet konden gaan en dat de afstand van ons huis naar die van de Cooksons gemakkelijk te belopen was….

     

    Nadat we ongeveer een half jaar in Lobith hadden gewoond moest mijn vader terug naar Jakarta ( voorheen Batavia) om nog een jaar te werken om daarna vol pensioen te kunnen krijgen.  Vlak voordat hij weer naar Nederland zou teruggaan kreeg hij een ongeval (als fietser door een auto aangereden) en overleed hij in Jakarta op 17 mei 1958 na een kortstondig verblijf in een ziekenhuis. Onze oom Unac Muller (een neef van mijn moeder) heeft hem in zijn laatste dagen bijgestaan en voor de begrafenis gezorgd. Mijn vader werd begraven op de begraafplaats Jati Petamburan in Jakarta.

    Op 12 november 1971 overleed mijn moeder in Lobith, waar ze ook werd begraven.

     

    Terugkijkend op de tijd die we in Lobith hebben doorgebracht kan ik alleen maar zeggen, dat we geen problemen hebben ondervonden bij het wennen aan een ander land met andere gewoontes en gebruiken. Integendeel, we ondervonden bijzonder veel hartelijkheid en warmte van de bevolking. En dat we Nederlands spraken en ook konden lezen en rekenen, ach, dat hadden de Lobithenaren (of Lobithers?) al snel door……




    21-11-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hij kwam uit ISPAHAAN
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Hij kwam uit ISPAHAAN

     

    Toen ik in Jakarta (Djakarta / Batavia) op de H.B.S. zat (zie ook het artikel “De CAS” op deze weblog) las ik een gedicht van P.N. van Eyck met de titel “De tuinman en de dood”  (de tekst van dit gedicht heb ik onderaan dit artikel opgenomen).

    In dat gedicht kwam ook de naam van een Perzische stad voor, namelijk Ispahaan.

     

    Isphahaan of Isfahaan was een stad in Perzië, het huidige Iran.

    De stad ligt ongeveer 340 km ten zuiden van Teheran. In de oudheid werd de stad Aspadana genoemd. Ispahaan ligt in een oase op het Iraans Plateau, aan de noordoever van de rivier de Zayandeh Rud.

    Toen ik dat gedicht op school las wist ik nog niet dat er ook een link was tussen deze stad en de Persijn-stamboom. En die link, zo heb ik inmiddels ontdekt, bestaat er wel.

     

    Een dochter van Coenradus Wilhelmus Persijn en Doortje Smith, de op 22 januari 1871 te Soerakarta geboren Henriëtte Josephine Persijn (bron: Regerings Almanak 1873, 240), trouwde namelijk op 25-jarige leeftijd op 14 maart 1896 in Malang met John Martin Sarkies.

     

    John Martin Sarkies was een Armeniër, geboren op 22 november 1872 is Ispahaan (Perzië / Iran). Hij kwam uit een bekende Armeense familie, waarvan 4 broers, te weten Martin, Tigran, Aviet en Arshak Sarkies, diverse grote luxe hotels hadden gebouwd en beheerd.

     

    In chronologische volgorde werden onder andere de volgende hotels door hen gebouwd:

    1884:    Eastern Hotel in George Town op het eiland Penang (Maleisie)

    1885:    Oriental Hotel, eveneens in George Town  (Penang, Maleisie)

    Een jaar later werden beide hotels samengevoegd tot het Eastern & Oriental Hotel.

    1887:    Raffles Hotel in Singapore.

    Hier logeerde in 1921 voor de eerste keer de bekende schrijver W. Somerset

    Maughum ( o.a. . “Of Human Bondage”). In 1926 en 1959 kwam hij er weer logeren.

    Er wordt verteld, dat hij daar iedere morgen aan zijn manuscripten werkte in de
                schaduw
    van een frangipaniboom (=tempelboom of kambodja).

    1891:    Katika Wijaja in Batoe (Batu) op Java

    1901:    The Strand in Rangoon (Yangon) in Birma (Myanmar)

    1910:    Hotel Majapahit (nu: Mandarin Oriental Majapahit) in Soerabaja (Surabaja) op Java.

    Dit hotel werd in aanvankelijk Hotel Oranje genoemd, omdat aan de buitenkant de
                kleur
    oranje overheerste. Kamer nr. 44 heet nu nog de Sarkies-kamer.

    De architect van dit gebouw was J Afprey, die het ontwierp in de art nouveau-stijl.

    De eerste steen werd gelegd op 1 juni 1910 door Eugčne Lucas Sarkies.

     

    John Martin Sarkies staat in de annalen (Almanak van Nederlands-Indie) van 1902 en 1903 vermeld als ‘bibitplanter’ (rijstplanter) te Madioen.

    Van 1904 t.e.m. 1907 was hij toko-(=winkel)houder te Pasirian Loemadjang.

    Vanaf 1908 t.e.m. 1992 komen we hem tegen als hotelhouder te Soerabaja (Embong Malang, zie foto) en van 1923 tot 1931 als directeur van hotel Sarkies te Soerabaja.

    Vanaf 4 juni 1913 vestigt hij zich als directeur van hotel Sarkies in Den Haag, maar op 27 juni van hetzelfde jaar vertrok hij naar Ispahaan, zijn geboorteplaats in Perzië (Iran).

    In 1940 overleed hij in Julpa (Iran) in de leeftijd van 68 jaar.

    Zijn echtgenote, Henriëtte Josephine Persijn, stierf al eerder, namelijk in 1936 in Batavia. Ze was toen 65 jaar.

     

    Kinderen van John Martin en Henriette Josephine:

    1 Marie Sarkies, geboren op 30 december 1896 in Malang [bron: Almanak

       van Ned. Indie]. Marie is overleden op 31 december 977 in Amsterdam, 81 jaar oud.
    2 Joachim Martin Sarkies, geboren op 26 januari1898 in Malang [bron: Almanak

       van Ned. Indie]. Joachim Martin is overleden in 1966 in Teheran, 68 jaar oud.

       Hij vertrok met broer Eduard Martin op 20 november 1913 naar Voorschoten.

       Zij vestigden zich beiden vanaf 4 november 1919  in den Haag en vertrokken

       op 21 mei 1920 weer naar Ned. Oost Indië.

    3 Eduard Martin Sarkies, geboren op 3 november 1902 in Madioen

       [bron: Almanak van Ned. Indie].Hij was een tweelingbroer van Richard Martin.

       Hij overleed in Teheran.
    4 Richard Martin Sarkies, geboren op 3 november 1902 in Madioen [bron: Almanak

       van Ned. Indie], een tweelingbroer van Eduard Martin.
       Richard Martin overleed al na 2 maanden ( 20 januari 1903) te Madioen.

     

    De tuinman en de dood

     

    Een Perzisch Edelman:

    Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,

    Mijn woning in: "Heer, Heer, één ogenblik!

    Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,

    Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.

    Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,

    Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.

    Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,

    Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!" -

    Van middag (lang reeds was hij heengespoed)
    Heb ik in 't cederpark de Dood ontmoet.

    "Waarom," zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
    "Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?"

    Glimlachend antwoordt hij: "Geen dreiging was 't,
    Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,

    Toen 'k 's morgens hier nog stil aan 't werk zag staan,
    Die 'k 's avonds halen moest in Ispahaan."

     

    P.N. van Eyck




    04-12-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Waar vele Persijns (en ex-president Soekarno) werden geboren en begraven (Blitar)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Waar vele Persijns (en ex-president Soekarno) werden geboren en begraven (Blitar)

     

    Blitar is een plaats in de provincie Oost-Java, waar vele Persijns zijn geboren en / of zijn begraven. De plaats ligt ten zuiden van de vulkanen Kelud en Kawi.

    Blitar is ook de geboorteplaats van Soekarno, de eerste president van de Republik Indonesia. Ook zijn graf, waar regelmatig (ook door toeristen!) bloemenoffers worden gebracht, ligt in het gebied van Blitar.

    ……………………………………………………………………………………………………..

    Een tempelcomplex, de Candi Panataran, ligt 10 kilometer ten noorden van Blitar op de lagere hellingen van de vulkaan Kelud. Het is het grootste tempelcomplex op Oost-Java, een Hindoe-complex, daterend uit de periode tussen 1197 en 1454. De hoofdtempel bij Panataran dateert van 1347. De reliëfs vertellen het Ramayana-verhaal.

    De Ramayana is het grote epos uit India, het verhaal over Prins Rama en zijn vrouw Sita. Het is duizenden jaren oud en een van de meest beroemde werken aller tijden. De hoofdlijn van het verhaal betreft de ontvoering van Sita door de demon Ravana, die uiteindelijk met de hulp van Hanuman, de aap-god,  door Rama wordt gedood. Daarnaast zijn er vele andere verhalen in het epos opgenomen

    De tempel is gewijd aan de god Shiva en is minstens 300 jaar in gebruik geweest, van de 12e tot de 15e eeuw. De meeste gebouwen die nu te zien zijn, zijn gebouwd in de gouden eeuw van Majapahit (12e tot de 14e eeuw) .

    Een aantal kleine gebouwen staan verspreid binnen een gewijde, ommuurde binnenplaats, met de grootste en belangrijkste tempel achter in het complex

    ………………………………………… ……………………………………………………………

    Zoals boven al aangegeven zijn in Blitar veel personen uit de Persijn-stamboom geboren en / of begraven. Daar hebben ook velen van hen gewerkt en gewoond, een gezin gesticht en gelukkige en minder gelukkige tijden beleefd.

     

    Eén van hen was Coenraad Persijn, die in Blitar is gestorven en begraven.

     

    Coenraad Persijn werd geboren op 17 januari 1858 in Pakkies (Japara) als zoon van Jan Coenraad Persijn en Sadirag Antoinette. Hij werd eerst bij het huwelijk van zijn ouders op 8 juni 1861 erkend.

     

    Hij was tijdens zijn leven onder meer administrateur bij de onderneming “Petoeng Sewoe” (Modjo Kediri) en deurwaarder te Blitar.

    Volgens de gegevens uit het Adresboek Nederlands-Indië heeft hij behalve in Blitar ook nog gewoond in Wonogiri, Ngrowo, Trengalek, Malang en Kediri.

     

    Coenraad Persijn leefde met twee (Javaanse) vrouwen (tegelijk), namelijk Tarminah en Tamiah.

    Tarminah werd in 1872 geboren. Haar geboorteplaats is mij helaas niet bekend. Ze overleed op 4 november 1959 in Ngadiluwih.

    Tamiah werd geboren in Modjoroto in april 1889 en overleed te Soerabaja op 16 december 1954.

     

    Kinderen van Coenraad en Tarminah:

     

    1 Christine Elizabeth Persijn, geboren op 14 december 1902 in Kediri en in

       1904 aldaar erkend [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1905/75)].
       Zij is overleden op 18 december 1934 in Malang, 32 jaar oud.
       Christine Elizabeth trouwde in Blitar met
    Jan Willemzoon van den Dungen Bille.


    2 Lambertha Christina Persijn, geboren op 23 oktober 1904 in Kediri  en erkend

       in Blitar op 7 mei 1910 [bron: RA 1911,46]. Zij overleed 14 mei 1990 in

       Maastricht,  85 jaar oud. Lambertha Christina trouwde, 21 jaar oud,

       op 3 juli 1926 in Blitar met Fritz Ferdinand

       Jann, 33 jaar oud. Fritz Ferdinand, geboren op 9 december 1892  in Fischhausen,

       overleed op 19 januari 1942 toen het schip waar hij op voer (op weg naar India)

      werd getorpedeerd. Over deze Fritz Ferdinand Jann kunt u iets meer lezen

      in het artikel “TSINGTAU en de Persijn-stamboom” op deze weblog.

     

    3 Jan Coenraad Christiaan Persijn, geboren op 17 september 1906 in Kediri

       [bron: Regereings Almanak 1911, 46]    en op 7 mei 1910 te Blitar erkend.
       Hij overleed op 7 juni 1964 in Heerenveen ten gevolge van een auto-ongeval

       en is in Bolsward op de Algemene Begraafplaats (graf nr. 1793) begraven.

       Jan Coenraad Christiaan trouwde, 28 jaar oud, op 23 januari 1935 in Medan

       met Anna Helsina Manoe, 19 jaar oud. Anna Helsina is geboren op08 april 1915

       in Koepang (Timor). Zij overleed op 18 maart 1997 in Joure, 81 jaar oud, en is

       begraven te Bolsward op de Algemene Begraafplaats (bijgezet in het graf van

       haar man, nr. 1793)

     
    4 Christiaan Coenraad Persijn, geboren op 8 september 1908 [bron: Regerings

       Almanak 1911,46] en op 7 mei 1910 in Blitar erkend.
       Christiaan Coenraad overleed op 1 april 1944. Hij is begraven op het Ereveld

       te Kanchanaburi (zie ook het artikel “Christiaan Coenraad Persijn, oorlogsslachtoffer”

       op deze weblog.

     

    5 Henriette Christina Lambertha Johanna Persijn, geboren op 10 november 1911

       [bron: Regerings Alamanak 1913, 47] en in 1912 te Blitar erkend. Daar is ze ook

       op 10-jarige leeftijd gestorven ( 16 maart 1922) en begraven.

    6 Diana Johanna Margaretha Persijn, geboren op 13 maart 1913 [bron: Regerings

       Almanak 1914, 55]. Zij overleed op 1 oktober 1974 in Maastricht. Ze bleef ongehuwd.

    7 Eduard Coenraad Christiaan Lambertus Persijn, geboren op 16 januari 1915 in Blitar

       [bron: Regerings Almanak 1916, 173 / Almanak van Ned. Indië] en in dat zelfde jaar

       erkend. Hij is overleden op 15 augustus 1943 in Soerabaja, 28 jaar oud.

       Hij bleef ongehuwd

    8 Margaretha Christina Johanna Persijn, geboren op 06 november 1916 in Blitar

      [bron: Regerings Almanak 1918, 62] en in dat zelfde jaar ook erkend.

      Zij overleed  op 21 december 1994 in Heerlen op de leeftijd van 78 jaar oud.

      Margaretha Christina Johanna trouwde, 49 jaar oud, op 17 juni 1966 in Maastricht

      met Cornelis Leeuwenburg, geboren in Rotterdam op 7 september 1898 en overleden

      in Heerlen op 26 januari 1978. Bij zijn huwelijk met Margaretha Christina Johanna

      was hij weduwnaar (van W. Vos)

    9 Pieter Willem Coenraad Persijn, geboren op 2 september 1918 in Blitar [bron:

       Regerings Almanak 1920, 64] en aldaar in het zelfde jaar erkend.
       Pieter Willem Coenraad is als 2-jarig kind overleden op 29 april 1921 in Blitar.

       [bron: Regerings Almanak 1922,/23, 160 / Almanak van Ned. Indie].

       Hij ligt begraven te Blitar.

     

    Kinderen van Coenraad en Tamiah:

     

    1 Johanna Christina Persijn, geboren op 1 maart 1905 in Tjeker/Blitar [bron:

       Regerings Almanak 1911, 46] en erkend te Blitar op 7 mei 1910 (Bron:

       Regerings Almanak 1911, 46). Johanna Christina is overleden.
       Van haar is bekend dat ze van 1922
    tot 1928 als employé
      werkzaam was

       bij de Nederlands-Indische Handelsbank.

       Haar eerste huwelijk was op 25-jarige leeftijd (op 5 april 1930 te Blitar) met

       Hein Martinus Sick, oud 41, geboren in Kediri op 19 januaria 1889 en overleden

       in Soerabaja in 1941.
      Johanna Christina Persijn en Hein Martinus Sick en Johanna Christina Persijn

      hadden geen kinderen. Van 1931 tot 1941 was Hein Martinus evangelist

      van een Pinkstergemeente.
      Ze trouwde voor de tweede maal toen ze 37 was op 1 april 1941 in Soerabaja met

      George Bernard van Kempen, 30 jaar oud, geboren op 21 augustus 1911 in Boemi Ajoe.

      George Bernard werd te Brebes erkend op 2 september 1911. Hij overleed op 7 juni

      1988 in Nijmegen, 76 jaar oud .

    2.Dorothea Lambertha Persijn, geboren op 31 mei1907 in Modjoroto [bron: Regerings

       Almanak 1911, 46]. Notitie bij de geboorte van Dorothea Lambertha: Erkend te Blitar

       op 7 mei 1910 (Bron: Regerings Almanak 1911, 46)
       Dorothea Lambertha is overleden op 29 maart1966 in Haarlem, 58 jaar oud.
       Ze vestigde zich in Den Haag op 13 mei1935 [vanuit Nice] en keerde terug naar

       Ned. O. Indie op 24 september 1935                    

       Dorothea Lambertha trouwde, 29 jaar oud, op 13 mei1937 in Soerabaja met

       Raymond Jean Bree, 26 jaar oud. Raymond Jean is geboren op 17 januari 191

       in Alkmaar. Raymond Jean is overleden op 11 februari 1945 in Motojama (Japan),

       34 jaar oud [bron: Oorlogsgravenstichting]. Hij is begraven te Jakarta.
       Notitie bij overlijden van Raymond Jean: Raymond Jean Bree is begraven in

       Jakarta op het Ned. Ereveld -Menteng Pulo-.
       Bij zijn overlijden was hij Sergeant-machinist bij de Kon. Marine.
       Hij is begraven in vak Col.0, graf nr. 13 (Bron: Oorlogsgravenstichting)

       Daarvoor was hij van 1931 tot 1940 machinist bij de JCJ-lijn te Soerabaja

     

    3 Eleonora Johanna Persijn, geboren op 16 oktober 1909 in Blitar [bron: Regerings

       Almanak 1911, 46 / Almanak van Ned. Indie].  Zij werd erkend te Blitar op 7 mei 1910

       (Bron: Regerings Almanak 1911, 46)
       Eleonora Johanna is overleden. Zij was ongehuwd.
       Volgens de gegevens van de Indische spoorwegmaatschappijen (Nationaal Archief,

       Den Haag) was Eleonora Johanna vanaf 7 juni 1927 in “losse dienst” werkzaam als

       employee bij de Zuster-Spoorwegmaatschappijen op een maandbezoldiging van

       f 120,- ter vervanging van mej. Ch.C. v.d. Sluis (Klerk II in vaste dienst) aan wie op

       eigen verzoek eervol ontslag is verleend i.v.m. huwelijk.
       Hierbij werd aangegeven dat ze eerder had gewerkt bij Tiedeman & van Kerchen

       (van 26 jini 1926 tot ultiomo januari 1927) en van ultimo januari 1927 tot 7 juni 1927

       op het Residentiekantoor.
       De aanstelling bij de Zuster-Spoorwegmaatschappijen  werd bevestigd in een schrijven

       dd 15-06-1927 (no 66P) van de hoofdvertegenwoordiger te Semarang aan de

       administrateur te Wonosobo

       (Bron: Personeelsdossiers Zuster-Spoorwegmaatschappijen)  

       Vanaf 1928 tot 1948 was zij klerke bij de Oost-Java Stoomtram Maatschappij

       te Soerabaja

       Per 1 januari 1928 was zijn klerk 2de klas (tijdelijke dienst) met een  salaris  van

       f 135,- per maand.
       Per 16 oktober 1930 werd zij als klerk 2de klas in vaste dienst aangesteld.

       Deze aanstelling werd goedgekeud door Dr. R. Hartelust. [bron: Personeelsdossier

       Zuster-Spoorwegmaatschappijen (Nationaal Archief, den Haag)].

       Van 1937 tot 1948 was zij klerk 1ste klas bij dezelfde maatschappij.       

       Op 1 maart 1948 werd zij op eigen verzoek eervol ontslagen.                

       Uit het personeelsdossier blijkt verder dat ze naast haar MULO-diploma ook een

       diploma had gehaads voor “eerste klas machineschrijven”.

     

    4 Lambertus Coenraad Christiaan Persijn, geboren op 30 december 1911

       [bron: ALMNI / RA 1913, 47]. Hij werd op 7 september 1912 in Blitar erkend.
       Lambertus Coenraad Christiaan overleed op 20 februari 1981 in Gorinchem,

      69 jaar oud.

      Hij was van 1937 tot 1958 werkzaam als werktuigkundige.

      Lambertus Coenraad Christiaan trouwde op  27-jarige leeftijd op 22 maart 1939

      in Malang met Jeannette Piette, 20 jaar oud. Jeannette is geboren op 9 april

      1918 in Paree en overleed op 20 mei 1988 in Gorinchem, 70 jaar oud.

    5 Jan Coenraad Persijn, geboren op 27 december 1916 in Blitar [bron: RA 1918,61]

       en op dezelfde dag erkend.

       In 1940 werkye hij als employé bij de Bataafse Petroleum Maatschappij (BPM) te

       Balikpapan op het eiland Borneo.
       Jan Coenraad overleed als oorlogsslachtoffer op 9 februari 1942. Zie ook het artikel

       “Jan Coenraad Persijn, oorlogsslachtoffer” op deze weblog.

       Hij werd begraven op het Nederlandse Ereveld “Kembang Koening”, vak KDH, graf nr. 53.

    6 Catharina Johanna Dorothea Persijn, geboren op 28 maart 1919 in Blitar [bron:

       Almanak van Ned. Indie] en in dat zelfde jaar erkend.
      Zij overleed op 15 juli 1977 in Utrecht, 58 jaar oud.

      Catharina Johanna Dorothea trouwde toen ze 27 jaar oud was op 20 maart 1947

      in Soerabaja met Bernardus Franciscus Bregonje, 25 jaar oud. Hij was in Zwolle

      geboren op 8 februari 1922.

      Het echtpaar had geen kinderen.
    ……………………………………………………………………………………………………….

    Coenraad Persijn, de vader van al deze kinderen overleed op 30 oktober 1920 te Blitar

    waar hij ook werd begraven [bron: Almanak van Ned. Indie].

    In hetzelfde graf werden later ook zijn zoon Pieter Willem Coenraad (gestorven in1921)

    en zijn dochter Henriëtte Christina Lambertha (gestorven in 1922) bijgezet.

     

     




    23-12-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van der Laan + Droop = Van der Laan Droop
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Van der Laan + Droop = Van der Laan Droop

    (Dit artikel is een herziene versie van een vorig artikel onder dezelfde naam. Er werden mij namelijk aanvullingen op de kinderen van Gerrit ten Cate en Maria Alida van der Laan Droop doorgespeeld door Nanny Verheijen. Waarvoor dank!

    Zij vond de gegevens in een artikel van Drs. P. Kal, getiteld “Genealogie van de Indische familie Droop en Vacquier Droop” in de Indische Navorscher, jaargang 6 (1993), nr. 1).

     

    Voor de genealogische site van de familie  Flohr-Verheijen zie de betreffende link bij “Mijn favorieten” op deze weblog

     

    Op 21 oktober 1781 werd in Amsterdam geboren Maria Alida (Folkertsdochter) van der Laan.

    In de Nieuwe Kerk (zie foto) werd zij volgens het doopbewijs (bron: Gemeente Archief Amsterdam, 58 p p 294, nr.1) op 24 oktober 1781 gedoopt door dominee Filips Serrurier.

    Zij was een dochter van Folkert van der Laan en Henrica Reeters.

    Toen zij 2 jaar oud was overleed haar vader (10 september 1784). Haar moeder hertrouwde zo’n 2 jaar daarna, namelijk op 16 juli 1786, met Jan Jobst Droop, die in Osnabrück was geboren.

    Maria Alida groeide dus eigenlijk op in het gezin Droop-Reeters. Waarschijnlijk heeft ze daarom haar naam later laten wijzigen van ‘van der Laan  in ‘van der Laan Droop’.

     

    Op 20-jarige leeftijd ( 7 maart 1802) trad Maria Alida in Zwolle in het huwelijk met Gerrit ten Cate, die op 14 december 1767 in Zwolle werd geboren als zoon van Berent Gerritsz ten Cate en Antonia Hendrika van Marle.

    Met haar echtgenoot zou ze later naar Nederlands-Indië gaan. Daar is ze op 12 januari 1842 ook gestorven (Batavia, Kedong Allang) en begraven. Ze was toen al weduwe. Haar man overleed namelijk al op 12 april 1824 (Kaap de Goede Hoop).

     

    Maria Alida van der Laan Droop en Gerrit ten Cate hadden vijf kinderen:

     

    Hendrika Antoinia, geboren op 20 december 1803 in Zwolle en overleden in Banjoemas  op 17 april 1837 op 33-jarige leeftijd. Zij huwde toen ze 22 was in Batavia op 22 juli 1827 met Guillaume de Seričre, die toen 39 jaar was. Guillaume werd geboren op 3 januari 1788 in Naarden en overleed op 17 september 1869 in Den Haag.

    In 1821 was Guillaume predikant en in 1841 Gouverneur der Molukken.

     

    Folkert Jan, op 28 februari 1805 in Zwolle geboren en op 19 oktober 1839 in Nederlands-Indië (Pasoeroean) overleden.

    Volgens “Ons Nageslacht”, nr. 1, februari 1935, 8ste jaargang, was Folkert Jan eerst Griffier van het Hooggerechtshof in Nederlands-Indië en later secretaris in zijn woonplaats Pasoeroean.

    Hij trouwde op 22 juli 1827 in Batavia met de toen 20-jarige Catharina Johanna Reiniera van Riemsdijk, een dochter van Petrus Wilhelmus Helvetius van Riemsdijk en Sophia Cornelia Bangeman.

    Catharina Johanna Reiniera overleed in Batavia op 30 maart 1849.

     

    Frederik werd omstreeks 1808 geboren. Wanneer hij is overleden is me (nog) niet bekend. Hij trouwde met de inheemse vrouw Sarinem.

     

    Johannes Hendrikus Wilhelmus, eveneens in Zwolle geboren en wel op 28 maart 1813. Volgens gegevens van de Almanak / Adressenlijst van Ned.-Indië woonde Johannes Hendrikus Wilhelmus in Nederlands-Indië onder meer in Japara (1836-1838 en 1850-1854), Koedoes (1840), Pekalongan (1841-1843), Kadoe (1845-1849) en Modjokerto (1854 -1860).

    Van 1859 tot 1860 was hij met ziekteverlof in Nederland.

    In 1840 komen we hem in de analen tegen als Controleur der 2de  klasse Landelijke Inkomsten en Kulturen en van 1845 tot 1848 als Controleur der 1ste klasse Landelijke Inkomsten en Kulturen en als taxateur losse/vaste goederen te Kadoe.

    In 1851 en 1852 was hij Assistent-Resident, notaris en vendumeester te Japara en in dezelfde functies in Modjokerto van 1854 tot 1858.

    Toen hij 23 jaar oud was trouwde hij op 1 juli 1836 in Jepara (bron: Regeringsalmanak jrg.1837, blz. 206) met Maria Helena Persijn, die toen 15 jaar oud was. Ze werd namelijk geboren op 26 januari 1821 in Japara & Joanna [bron: Almanak van Ned. Indie 1815-1942 / Regeringsalmanak 1822,] als dochter van Coenraad Persijn en Catharina Dorothea van Gumster.

    Johannes Hendrikus Wilhelmus overleed in Rotterdam op 31 oktober 1860 en zijn vrouw, Maria Helena Persijn, op 8 december 1898 in ’s-Gravenhage (bron: Gemeente Archief Den Haag). Ze werd 77 jaar.

     

    Gerrit Willem werd geboren in Batavia op 26 januari 1821.

    Hij woonde van 1854 tot 1861 in Pekalongan en had onder meer de volgende functies:

    diaken, commies op het Residentiekantoor en griffier van de Landraad.

    Hij trouwde met een zuster van de echtgenote van zijn broer Johannes Hendrikus Wilhelmus, namelijk met  Catharina Wilhelmina Persijn, die op 3 juni 1832 te Japara werd geboren (bron: Regerings Almanak 1833, blz. 237). Het huwelijk werd voltrokken op 26 januari1852 in Japara/Pekalongan.

    Gerrit Willem ten Cate overleed op 16 september 1861 in Pekalongan en zijn echtgenote op 4 maart 1917 in Djokjakarta.

     

    Uit het gezin ten Cate - van der Laan Droop lopen dus 2 lijnen naar de familie Persijn - van Gumster.

     




    02-01-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De relatie tussen de stamboom en de 'śMuiderkring'ť (P.C. Hooft)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De relatie tussen de stamboom en de “Muiderkring” (P.C. Hooft)

     

    Vrijwel iedere Nederlander heeft wel eens gehoord van P.C. Hooft en de “Muiderkring”.

    Daarom hier slechts wat summiere informatie over deze grote Hollandse schrijver. Om het geheugen wat op te frissen.

     

    Pieter Corneliszoon Hooft werd op 16 maart 1581 in Amsterdam geboren als zoon van

    Cornelis Pieterszoon Hooft en Anna Jacobsdochter Blaeu (of: Blaeuw)

    [Bron: “Het geslacht Hooft" door J.A. Alberdingk Thijm en A.A. Vorsterman van Oyen en Famillysearch].

    Zijn ouders hadden de volgende kinderen:

    Aeghje Cornelisdochter,  Jacob Corneliszoon, Hendrik Corneliszoon, Grietje Cornelisdochter, Jannetje Cornelisdochter, Annetje Cornelisdochter en  Pieter Corneliszoon.

     

    Vader en moeder, die respectievelijk in januari 1626 en april 1627 stierven, werden beiden in de Nieuwe Kerk te Amsterdam begraven. Al op 15 juli 1600 hadden ze hun testament opgemaakt ten overstaan van notaris Salmon Hendrikszoon te Amsterdam.

    Vader Cornelis Pieterszoon was tijdens zijn leven o.a. schepen, raadslid en urgemeester van Amsterdam. De laatste functie heeft hij meerdere malen waargenomen.

     

    P.C. Hooft (Pieter Corneliszoon) studeerde rechten in Leiden en was sinds 1609 drost van Muiden en baljuw van Gooiland.

    Zijn ambtswoning, het Muiderslot, werd het ontmoetingspunt van een groep geestverwanten (waaronder Maria Tesselschade), de zogenaamde “Muiderkring”.

     

    In 1639 werd hij verheven in de Franse adelstand.


    In religieus opzicht was P.C. Hooft uitgesproken anti-dogmatisch en tolerant.


    Waarschijnlijk heeft hij al op vrij jonge leeftijd het toneeldrama “Achilles en Polyxen” geschreven en in 1605 het herdersspel “Granida”.

    Maar zijn meest bekende werken zijn de historische treurspelen “Geeraerdt van Velsen” en “Baeto”.

    Verder schreef hij ook veel liefdespoëzie, waaronder sonetten.
    "Aulularia" was vrij succesvol. Hooft schreef ook veel liefdespoëzie, waaronder sonnetten.

    Hooft begon in 1628 aan de “Nederlandsche historiën”. Tot zijn dood (21 mei 1647) werkte hij er aan. Zevenentwintig delen daarvan zijn verschenen, de laatste zeven postuum.

     

    Pieter Corneliszoon Hooft trouwde op 30 november 1610, toen hij 29 jaar oud was, met Christina van Erp (bron: Family Search). Zij overleed in 1624 en werd te Amsterdam begraven.

    Op 30 december 1627 hertrouwde P.C. Hooft in Amsterdam met Helionora (Leonora) Hellemans. Hij was toen 46 jaar en zijn bruid 32. Helionora wedr in 1595 in Hamburg geboren als dochter van Arnoud Hellemans en Susanna Jaspersdochter van Surck.


    Kinderen van Pieter Corneliszoon en Leonora:

    Christina Pietersdochter Hooft. Zij is gedoopt op 20 augustus 1628 in de Nieuwe Kerk (Hervormd) te Amsterdam [bron: Gemeente Archief Amsterdam: Doopregister 40 p.465] en Aernout Hellemans Hooft

     

    De vader van P.C. Hooft, Cornelis Pieterszoon Hooft, had een broer namelijk Willem Pieterszoon (1549 - 1605). Eén van diens zonen (een neef dus van P.C. Hooft) was Jacob Willemszoon, die in februari 1589 in Amsterdam werd geboren en met Maria (Marritgen/Maritje) Jonkheyn/Joncheijns in het huwelijk trad.

    Eén van hun dochters, Claesgen (ook Nicole genoemd), trouwde in 1644 met  Cornelis de Vlaming van Oudtshoorn.

    Dit echtpaar kreeg een dochter, Maria de Vlaming van Oudtshoorn, die op 17 april 1646 in Amsterdam werd geboren en die op 12 juli 1684 in het huwelijk trad met Pieter van Reede tot Nederhorst.

    Hun zoon, Barend Cornelis van Reede van Oud(t)shoorn, geboren in Utrecht op 19 oktober 1690, trouwde op 27 oktober 1713 in Oisterwijk (Noord-Brabant) met Catharina Cornelia van Eys.

    Ze kregen op 8 juli 1714 een zoon, Pieter van Reede van Oud(t(shoorn.

    Deze Pieter was ook heer van Oudshoorn, Ridderbuurt en Gnephoek, heer van Drakenburg, secundus van de Kaapkolonie en directeur van de Kaap.

    Naar hem is ook de plaats Oudtshoorn in de provincie West-Kaap (Zuid-Afrika) genoemd. Hij overleed op 23 januari 1773 aan boord van het fregat “Asia”, toen hij op weg was om zijn benoeming tot Gouverneur van de Kaap te aanvaarden.

     

    Een dochter van hem en zijn echtgenote, Sophia Boesses, Maria van Reede van Oudshoorn, geboren op 30 mei 1753 in Kaap de Goede Hoop, trouwde met de toen 32-jarige Nicolaas Carel van Lawick van Pabst, heer van Ravestein, een zoon van Gozewijn Willem van Lawick van Pabst en Maria Geertruida Hofland.

    Een zoon van dit echtpaar, Pieter Herbertus (Baron) van Lawick van Pabst, werd geboren op 5 november 1780 in Geldermalsen.

     

    Pieter Herbertus (Baron) van Lawick van Pabst trouwde, 31 jaar oud, in 1811 in Rembang [bron: Adelsboek 1915] met Lambert(in)a Florentina Persijn, 16 jaar oud. Lambert(in)a Florentina werd geboren op 19 februari 1795 in Rembang [bron: De Indische Navorscher 1934-1938, 1989-1996] en was een dochter van Claas Persijn en Maria Magdalena Salomons  En Claas Persijn werd de “stamvader” van de Indische Persijns uit de streek Semarang - Jepara- Rembang (zie ook de artikelen  “De Hollandse stamvader”  en “Rembang” op deze weblog).

     




    07-01-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bagelen, geboorteplaats van diverse Persijns
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Bagelen, geboorteplaats van diverse Persijns

     

    Bagelen, een plaatsje in Midden-Java, dat in het gebergte ligt aan de weg die recht van Yokyakarta (Djokjakarta) naar Purworejo (Poerworedjo) voert. De residentie waarvan Poerworedjo de hoofdstad was werd eveneens Bagelen genoemd.

    Het plaatsje Bagelen heette vroeger Pagelen, genoemd naar de ‘lingam’ of ‘lingga’ (Pa-geli-an), een symbolische voorstelling van de fallus . Pa-geli-an, waarbij ‘geli’ de Javaanse naam is van de fallus. Men bracht (brengt?) in deze omgeving vaak bloemenoffers aan de ‘lingam’.

    …………………………………………………………………………………………

    In 1846, op 18 mei, werd Eduard Douwes Dekker (“Multatuli”, bekend door zijn boek ‘Max Havelaar’) benoemd tot commies op het residentiekantoor van de residentie Bagelen te Poerworedjo, een toen erg geďsoleerde plaats, nadat hij in datzelfde jaar ( 8 april 1846) met zijn verloofde Everdine Huberte baronesse van Wijnbergen, in de residentie van Batavia in het register van huwelijksafkondigingen werd ingeschreven door de secretaris, de heer C.P. Brest van Kempen. Twee dagen na de inschrijving trouwden ze in Tjandjoer (Chanjur).  [Bron: Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren]

    …………………………………………………………………………………………

    In de plaats Bagelen werden diverse leden van de Persijn-stamboom geboren, waaronder Jan Persijn. Hieronder vindt u wat gegevens over hem.

     

    Jan Persijn werd in Bagelen geboren op 4 februari 1877 [bron: Genealogische en Heraldische gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java]. Hij was een zoon van Hendrik Louis Persijn en de Inheemse vrouw Miah. In 1900 werd Jan te Panaroekan (Sitoebondo) erkend.

    Van 1906 tot en met 1908 was Jan opziener bij de onderneming “Blambangan” te Rogodjampi, van 1909 tot en met 1916 employé bij de onderneming “Sekarpoetih’ te Bondowoso en van 1917 tot en met 1918 tabaksemployé bij de onderneming “Tamanan” te Bondowoso.

     

    Jan had een relatie met een Javaanse vrouw, Supiah, bij wie hij 4 kinderen had:

    Leonora Henriette, Leonard Lodwijk Willem, Jeanne Frederika en Louise Johanna.

     

    Leonora Henriette werd geboren in Bondowoso op 20 november 1905 [bron: Regerings Almanak  1912, blz. 54] en in 1911, eveneens te Bondowoso, erkend. Zij overleed op 52-jarige leeftijd op 11 december 1957 te Soerabaja.

    Leonard Lodewijk Willem  zag het levenslicht op 31 oktober 1908 te Bondowoso [bron: Regerings Almanak  1912, blz. 54] en evenals zijn oudere zuster in 1911 te Bondowoso erkend. Hij overleed in Soerabaja op 6 mei 1937 (28 jaar oud).

    Jeanne Frederika werd te Banjuwangi geboren op 12 december 1912 in Banjuwangi [bron: Regereings Almanak 1917, blz. 181] en in 1916 in Bondowoso erkend. Zij overleed in Wageningen op 1 september 1996. Ze was toen 83 jaar.

    Toen ze 28 jaar was trouwde ze op 20 februari 1941 in Soerabaja met Herman Carl Louis Gruwel, oud 25 jaar. Herman Carl Louis werd geboren op 27 november 1915 in Soerabaja en is gestorven op 23 mei 1943 als Japanse krijgsgevangene te Hakodate (Japan). Hij was toen 27 jaar.

    Herman Carl Louis komt voor als krijgsgevangene onder nr. 21 op de lijst van de POWs

    ( prisoners-of-war) [Bron: http://homepage3.nifty.com/pow-j/e/list]

    Daarin staat ook aangegeven dat hij fuselier was, identiteitsnummer 83307 had en aan een acute longontsteking is gestorven op 23 mei 1943.

    Op 8 april 1954 hertrouwde Jeanne Frederika in Soerabaja met Willem Antonius Lapré, die op 27 november 1915 in Soerabaja werd geboren als zoon van Bernard Lapré en Louisa Josephiena van Dijk. Willem Antonius, die zich vanaf 14 mei 1955 met zijn vrouw in Nederland vestigde, overleed in Arnhem op 27 december 1955

    Louise Johanna werd geboren op 8 september 1914 te Keboemen (Midden-Java) [bron: Regerings Almanak 1917, blz. 181] en in 1916 te Bondowoso erkend.

    Zij overleed op 13 mei 1999 in Zutphen, 84 jaar oud. Toen ze 31 jaar oud was trouwde zij op 16 juli 1946 in Soerabaja met Alex Gruwel. Alex was een broer van Herman Carl Louis Gruwel, die met Jeanne Frederika  (Louise Johanna’s oudere zuster) was getrouwd. Alex werd geboren te Sidoardjo op 19 september 1911 [bron: Almanak van Ned. Indie]

     

    Jan Persijn overleed op 14 november 1918 in Pakel / Bondowoso [bron: Gen. en Herald. gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java], waar hij ook is begraven op de plaatselijke begraafplaats in graf nr. 189.




    16-01-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Charles Henry Persijn, geboren in Wonogiri
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Charles Henry Persijn, geboren in Wonogiri

     

    WONOGIRI, in het Javaans “Wanagiri” , is een plaatsje in het zuidoosten van Midden-Java, ongeveer 30 km van Surakarta (Soerakarta, Solo). De betekenis van de naam is waarschijnlijk  “Bos in de bergen”.

    Wonogiri ligt in de regio met dezelfde naam. De regio Wonogiri ligt op de hellingen van de vulkaan Lawu (Lawoe), waar ook de Solo-rivier ontspringt. De Solo-rivier is de langste rivier van het eiland Java (ongeveer 600 km.), die vanaf de berg Lawu oost- en noordwaarts stroomt en uitmondt vlak bij Surabaya (Soerabaja) in de Java-zee.

    Deze rivier is bekend door het lied, dat over deze rivier is gemaakt, het lied “Bengawan Solo”, bij veel Indische mensen heel bekend.

    Hieronder geef ik de tekst van dit lied:

    …………………………………………………………………………………….

    Bengawan Solo, riwayatmu ini

    sedari dulu jadi perhatian insani

    musim kemarau, tak seberapa airmu

    di musim hujan air meluap sampai jauh ...

    Mata airmu dari Solo

    terkurung gunung seribu

    air mengalir sampai jauh

    akhirnya ke laut ...

    Itu perahu, riwayatmu dulu

    kaum pedagang s'lalu naik itu perahu

    …………………………………………………………………………………………………….

    In de plaats Wonogiri werd op 13 februari 1879 Charles Henry Persijn geboren, een zoon van Coenradus Wilhelmus Persijn en Doortje Smithbos (Bron: Regerings Amanak 1880, blz. 275).

    In 1898 vinden we hem in het  Adresboek Nederlands-Indië terug in Semarang, waar hij in 1902 beambte was bij de Nederlands-Indische Spoorwegen.

    Daarna (tot en met 1903) was hij commies 2de klas bij het NIS Soerakarta-Belapan.

    In 1904 had hij dezelfde functie, maar dan in Tjepoe (Cepu) en van 1905 tot en met 1906 in Djokjakarta (Jokyakarta).

    In 1907 was Charles Henry commies 1ste klas (eveneens bij het NIS) te Weltevreden (Batavia)  en in 1908 vinden we hem ingeschreven als tokohouder (winkelhouder) te Pasirian. Een jaar later (1909) was hij werkzaam bij de Simpangsche Bazaar te Soerabaja, Genteng.

    Deze “flirt” met de handel was niet van lange duur, want in 1910 was hij weer werkzaam bij het NIS, nu als commies 2de klas in Djokjakarta. In 1911 werkte hij in Bondjonegoro als commies 1ste klas, in 1912 in dezelfde functie in Semarang en van 1913 tot 1914 in Djokjakarta.

    Maar in 1914 was hij  weer terug ‘in de handel’, want toen was hij (weer?) eigenaar van een toko (=winkel) in Pasirian.

    Vanaf 1915 werkte Charles Henry weer bij de spoorwegen, de NIS.

    Tot 1918 als Stationschef 3de klas te Djokjakarta, in 1919 in Poerwosari en van 1920 tot 1940 weer in Djokjakarta.

     

    Charles Henry trouwde op 21 december 1901, op 22-jarige leeftijd in Semarang [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1902, blz. 344)] met Marie Emma Heim, 22 jaar oud.

    Marie Emma werd geboren op 25 september 1879 in Semarang en stierf op 20 november 1957 in Breda, 78 jaar oud.

    Een broer van Marrie Emma, namelijk Anthonius Bernardus Heim, was gehuwd met een zuster van Charles Henry Persijn, Helena Wilhelmina Persijn.

     

    Kinderen van Charles Henry en Marie Emma waren:

     

    William Armand Persijn, geboren op 10 november 1901 in Semarang [bron: Almanak Ned. Indië). Hij is gedoopt op 19 december 1906 in Djokjakarta [bron: Doopboek der Prot. gemeente van Djokjakarta 1906-1926 [ P.A. Christiaans].

    William Armand is overleden op 16 april 1985 in Den Haag, 83 jaar oud.

    Van 1929 tot 1933 was William Arman monteur bij de PTT te Solo (Surakarta), in 1937 in dezelfde functie te Bandoeng en in 1940 als monteur 1ste klas.
    William Armand trouwde, 29 jaar oud, op 17 januari 1931 in Soerakarta met
    Anne Marie Reygers, 22 jaar oud. Anne Marie werd  geboren op 23 februari 1908 in Bengkalis op het eiland Sumatra. Anne Marie is overleden op 21 juli 1980 in Nijmegen in de leeftijd van 72 jaar.

     

    Jeanne Eveline Persijn, geboren op 21 december 1902 in Soerakarta [bron: Regerings Almank 1904, blz.76]. Zij is gedoopt op 19 december 1906 in Djokjakarta [bron: Doopboek der Prot. gemeente van Djokjakarta 1906-1926 [ P.A. Christiaans]].

    Jeanne Eveline is overleden op 3 september 1988 in Brea, Orange County, California, 85 jaar oud.

    Zij  trouwde, 25 jaar oud, op 29 maart 1928 in Djokjakarta met Edmond Wilhelm Edwich Bergmann, 28 jaar oud. Het kerkelijk huwelijk vond eveneens plaats op 29 maart 1928 in Djokjakarta [bron: De Indische Navorscher 1999 en Huwelijksregister Prot. Gemeente te Djokjakarta 1870-1959].
    Edmond Wilhelm Edwich werd geboren op 24 augustus 1899 in Djokjakarta en overleed op 27 juli 1992, evenals zijn echtgenote in Brea, Orange County, California. Hij was toen  92 jaar oud. In 1926 was hij Opzichter der 2de klasse bij het NIS te Djokjakarta en van 1928 tot 1940 werkte hij als employé bij de suikerfabriek “Redjoagoeng” te Madioen/  

    Elsa Eleonora Persijn, geboren op 7 maart 1905 in Semarang [bron: Regerings Amanak 1905, blz.  45]. Zij is gedoopt op 19 december 1906 in Djokjakarta [bron: Doopboek der Prot. Gemeente van Djokjakarta 1906-1926 [ P.A. Christiaans]].

    Zij overleed op 9 januari 1989 in Den Haag, 83 jaar oud.

    Elsa Eleonora trouwde, 43 jaar oud, op 24 december 1948 in Batavia met Jacques Gerhard Souman, 30 jaar oud.
    Voor zover bekend hadden Jacques Gerhard en Elsa Eleonora geen kinderen
    Jacques Gerhard werd geboren op 1 juni 1918 in Djokjakarta [bron: Almanak Ned. Indië) en overleed op 3 augustus 1976 in Den Haag, 58 jaar oud.

     

    Maximiliaan Emile Persijn, geboren op 15 juni 1908 in Batavia [bron: Regerings Almanak 1908,  blz. 38]. Hij overleed op 19 september 1980 in Los Angeles (U.S.A.), 72 jaar oud [bron: California Deaths, 1940 - 1997/ SSN 573511377].

    In 1929 was hij leerling-monteur bij de PTT te Bandoeng en in 1931 in Weltevereden (Batavia). In 1933 was hij, ook bij de PTT, monteur te Moearatanbesi.

    Van 1937 tot 1940 was hij employé NKP Maatschappij te Soengeigerong, 
    Maximiliaan Emile trouwde, 34 jaar oud, op 24 september 1942 in Batavia met
    Magda Antoinette Jacobs, 23 jaar oud. Magda Antoinette is geboren op 15 maart 1919 in Padalarang [bron: Almanak Nederl. Indië). Zij overleed op 7 augustus 2000 in Diemen, 81 jaar oud.


    Charlotte Henriette Persijn, geboren op 8 september 1909 in Soerabaja [bron: Regerings Almanak 1910, blz. 76].

    Charlotte Henriette trouwde, 22 jaar oud, op 21 januari 1932 in Djokjakarta [bron: De Indische Navorscher 1999 / Huwelijks register Prot. Gemeente te Djokjakarta 1870-1959]
    met
    Piet Godert Schultz, 22 jaar oud. Piet Godert werd geboren op 11 januari 1910 in Soerakarta  en overleed op 12 november 1944 in Raha, Moena (Celebes), 34 jaar oud.
    Piet Godert Schultz was in 1933 Aspirant  ambtenaar 4de klas In- en Uitvoerrechten te Weltevereden (Batavia). In 1939 was hij ambtenaar der 4de klasse te Pontianak en in 1940 werkte hij te Panaroekan, maar nu als ambtenaar der 3de klasse. 

    Charlotte Henriette Persijn hertrouwde (37 jaar oud) op 18 februari 1947 in Batavia met Ernst Adam Theodor Weise, 37 jaar oud. Ernst Adam Theodor werd geboren op 2 februari 1909 in Bandoeng en overleed op 10 juni 1976 in Den Haag, 66 jaar oud.

    Florine Anette Rudolphine Persijn, geboren op 11 november 1911 (11-11-11!) in Djokjakarta [bron: Regerings Almanak 1913, blz. 52]. Florine Anette Rudolphine is overleden op 29 januari 1998 in Oosterhout (N.B.), 86 jaar oud , maar werd begraven te California (U.S.A.).  Het  stoffelijk overschot van Florine Anette Rudolphine werd overgevlogen en begraven in Simi Valley, California (U.S.A.) bij haar echtgenoot.
    Florine Anette Rudolphine trouwde, minstens 19 jaar oud, na 1930 in Batavia [bron: Almanak Ned. Indië]  met  
    Victor Ferdinand Louis Rummens, minstens 20 jaar oud. Victor Ferdinand Louis is geboren op 6 januari 1910 in Djokjakarta [bron: Almanak Ned. Indië] en overleed op 27 januari 1990 in Simi Valley, California (U.S.A.), 80 jaar oud.

    In 1937 was hij ambtenaar der 4de klasse bij de IUA te Batavia (Centrum) en in 1940 werkte hij in dezelfde functie te Bagansiapiapi (Oost-Sumatra)

     

     

    Begraven op het ereveld “Kalibanteng”, Semarang (Midden-Java)

    Charles Henry Persijn is overleden op 3 oktober 1946 in Djokjakarta, 67 jaar oud. Hij werd  begraven op het Nederlandse Ereveld “Kalibanteng”  te Semarang in vak M-III, graf nr. 60 [bron: Oorlogsgravenstichting]. Bij zijn overlijden was hij gepensioneerd stationschef bij de Spoorwegen.

    Het ereveld “Kalibanteng” ligt ingeklemd tussen de luchthaven van Semarang en de Jalan Siliwangi ( vroeger: Grote Postweg). Hier liggen ruim 3.100 oorlogsslachtoffers begraven. Het overgrote deel van deze slachtoffers (waaronder Charles Henry Persijn) zijn burgers uit de beruchte Japanse interneringskampen van Midden-Java, zoals Ambarawa, Banju Biroe, Lampersari en Karangpanas. Zij kwamen om als gevolg van de erbarmelijke omstandigheden in deze kampen, gedurende de Japanse bezetting van 1942 tot 1945. Veel vrouwen en kinderen liggen hier begraven. Voor hen werden op het ereveld het vrouwenmonument en het jongenskampenmonument opgericht (Bron: Oorlogsgravenstichting)

     




     

     

     

     




    24-01-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Richard Charles Burgemeestre, geboren te Soerabaja ( nu: Surabaya).
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Richard Charles Burgemeestre, geboren te Soerabaja ( nu: Surabaya).

     

    De stad Soerabaja in Oost-Java werd omstreeks 1293 gesticht door Raden Wijaya (‘Raden’ is een  Indonesische adellijke titel).

    Deze Raden Wijaya, ook bekend als Kertarajasa Jayawardhana, regeerde van 1293 tot 1309 en was de stichter en de eerste raja (vorst) van het Rijk van Majapahit op Java. Het verhaal over de stichting van dit rijk werd o.m. beschreven in de “Pararaton” (het boek de koningen), een manuscript dat geschreven werd in de (Javaanse) Kawi-taal.

    Hij was de zoon van Rakeyan Jayadarma, de 26ste vorst van het koninkrijk Sunda Galuh en Dyah Lembu Tal, een prinses van Singhasari.

     

    De naam Soerabaja komt van het woord ‘sura’ (haai) en ‘baya’ (krokodil). Deze twee dieren zouden in de rivier de Kalimas in een gevecht met elkaar zijn gewikkeld en op de plek waar dit gevecht zou hebben plaatsgevonden ligt nu de stad Soerabaya (voorheen Soero-ing-bojo). Deze twee dieren komen we dan ook tegen in het stadswapen van de stad.

     

    In 1525 bekeerden de heersers van Soerabaja zich tot de Islam en was dat tevens de start voor een tijdperk van macht. In 1625 werd de stad door de Mataram-dynastie uit Midden-Java veroverd en in 1743 door de VOC overgenomen.

    Soerabaja werd een belangrijke stad voor de Nederlandse kolonisten, die per VOC-schip naar Nederlands-Indië kwamen.

    In 1942 viel de stad in handen van de Japanners totdat de geallieerden Soerabaja bombardeerden (1944).

    Na de soevereiniteitsoverdracht werd de stad herbouwd. In 1995 vierde de stad haar 700-jarig bestaan.

    ………………………………………………………………………………………………….

     

    In deze stad (Soerabaja / Surabaja) werd op 6 september 1842 Richard Charles Burgemeestre als zoon van Christiaan George Burgemeestre en Maria Christina Burgemeestre geboren. Ook veel andere personen uit de stamboom werden in Soerabaja geboren.

    De meeste persoonsgegevens van Richard Charles komen uit het boek  “Het geslacht Burgemeestre”, geschreven door Roeland Gilles de Neve (1981), uitgegeven door het CBG te ’s-Gravenhage (CBG, bibl.nr. 82/406) en de gegevens over zijn beroepen uit de Regeerings Almanak Ned.-Indië (Nationaal Bibliotheek / CBG).

     

    Op 27 januari 1878 was hij 3de commies bij het Departement van Binnenlandsch Betsuur en vanaf 20 mei 1880 2de commies.

    Op 26 februari 1883 werd hij bevorderd tot 1ste commies in de functie van chef van de onderafdeling Begroting en Uitgaven van de afdeling Comptabiliteit.

    En vanaf 3 september 1895 was Richard Charles Burgemeestre  ‘Algemene Ontvanger’ te Pa(n)deglang (Bantam) in West-Java.

     

    Op 2 februari 1885 trouwde Richard Charles Burgemeestre in Batavia met Johanna Carolina Gumster [bron: "Het geslacht Burgemeestre", 1981, ´s-Gravenhage (CBG, bibl.nr. 82/406)]. Zij was geboren op 11 december 1860 in Semarang [bron: Regerings Almanak 1882, blz.33) en was een dochter van Frans George van Gumster en Johanna Henriette Persijn.

    Johanna Carolina werd gedoopt op zondag 5 mei 1861 in Semarang in de Hervormde Kerk. Bij de doop van Johanna Carolina waren de volgende getuigen aanwezig: Johan Anthonie Mierop en Elisabeth Muhlenfeld.

     

    Kinderen van Richard Charles en Johanna Carolina:

    Lucy Virgenie, geboren op 28 mart 1887 in Batavia. Lucy Virgenie overleed op 9 oktober 1887, eveneens in Batavia. Ze was toen  6 maanden oud.

    Diana Irma, geboren in Batavia op 26 april 1889. Zij overleed op 20 januari 1969 in

    ’s-Gravenhage in de leeftijd van  79 jaar oud.
    In Nederlands-Indië was zij hoofdonderwijzeres bij het Gouvernements Lager Onderwijs.

     

    Theodoor George Ferdinand, geboren op 16 mei 1891 in Batavia. Toen hij 3 maanden oud was overleed hij te Batavia ( 22 augustus 1891).

    Wilhelm Burgemeestre, geboren op 18 april 1893 in Batavia. Hij stierf op 10 mei 1962 in ´s Gravenhage, 69 jaar oud.

    Tijdens zijn leven was Wilhelm onder meer:

    Commies bij de Post- en Telegraafdienst ( vanaf 20 oktober 1919)

    Controleur der 2de klasse bij de Post-, Telegraaf- en Telefoondienst (vanaf 1 januari 1920)

    Van 1926 tot 1945 Controleur der 1ste klasse, eveneens bij de PTT.

    [Bron: Regeerings Almanak Ned. Indië]

     

    Augustine Caroline, geboren op 26 juli 1894 in Batavia. Waar en wanneer ze is overleden is mij (nog) niet bekend.


    Victor Edmund, geboren op 1 mei 1895 in Batavia. Victor Edmund is overleden op 5 november 1953 in ´s Gravenhage, 58 jaar oud.  Hij trouwde, 31 jaar oud, op 18 maart 1927 in Soerabaja met Elvira Charlotte (Elly) Frederiksz, 21 jaar oud.

    Elvira Charlotte werd geboren op 9 mei 1905 in Poerwokerto als dochter van Alexander Frederiksz en Carolina Wilhelmina van den Broek. Elly is overleden op 21 februari 1991 in Capelle a/d IJssel, 85 jaar oud. Zij is begraven te Rotterdam.

    Het huwelijk tussen Victor Emund Burgemeestre en Elvira Charlotte Frederiksz werd op 17 oktober 1947 in Soerabaja ontbonden.
    Na de scheiding hertrouwde Elvira Charlotte Frederiksz met Lubbe Bakker.


    Nancy, geboren op 6 juni 1897 in Padeglang (Bantam). Nancy overleed op 21 januari 1970 in Waddinxveen, 72 jaar oud. Zij trad op 31-jarige leeftijd ( 6 februari 1929) in Soerabaja  in het huwelijk met Adolph Heinrich Christiaan Rusche, toen 24 jaar oud. Adolph Heinrich Christiaan is geboren op 5 juni 1904 in Soerakarta (Solo) en was een zoon van Albert Rusche en Diena Jansen.

     

    ===================================================================

    Richard Charles Burgemeestre overleed in Soerabaja, de stad waar hij ook werd geboren, op 20 december 1931 [bron: "Het geslacht Burgemeestre", 1981 ´s-Gravenhage (CBG, bibl.nr. 82/406)].
    Zijn echtgenote, Johanna Carolina van Gumster, overleed al eerder, namelijk op 22 december 1923 in Djokjakarta  in de leeftijd van 63 jaar.

    ===================================================================




    28-01-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DE LAATSTE TREIN!!
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    DE LAATSTE TREIN……

     

    Jan de Bruin schreef een goed gedocumenteerd boek over de Indische spoorwegen in oorlogstijd.

    Dit boek, “Het Indische spoor in oorlogstijd”, werd uitgegeven bij Uitgeverij Uquilair B.V.,

    ’s-Hertogenbosch, de eerste druk in 2003, ISBN-nr. 90-71513-46-7.

    In zijn boek heeft Jan de Bruin getracht om inzicht te verschaffen in de complexe geschiedenis van de Indische railbedrijven in perioden van oorlog.

     

    In dit boek is als bijlage (Bijlage 4: In Memoriam) ook een lijst opgenomen van Spoorweg-ambtenaren die het leven lieten als gevolg van onmenselijke martelingen, systematische ondervoeding en de naweeën van dien, tijdens de Japanse bezetting van de Indische archipel.

    Onder de vele hier genoemde namen staan ook namen van personen, die voorkomen in de stamboom, waaronder Reinier Pieter Persijn en Coenraad Persijn.

     

    Over Reinier Pieter Persijn, geboren op 18 februari 1909 te Grissee en overleden in Japan op 9 februari 1945, heb ik al het een en ander geschreven in het artikel “Reinier Pieter Persijn, oorlogsslachtoffer” op deze weblog.

    Hier wil ik alleen nog vermelden, dat hij, voordat hij werd opgeroepen om dienst te doen bij de stadswacht van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger, werkzaam was als 2de commies bij de N.V. Nederlands-Indische Spoorweg Maatschappij.

     

    Coenraad Persijn werd geboren op 24 oktober 1897 in Ambarawa [bron: Almanak van Ned. Indië / Regerings Alamank 1899, blz.  369], als zoon van Coenraad Persijn en Amalia Henriette Wolff. Coenraad is overleden op 14-04-1943, 45 jaar oud [bron: Oorlogsgravenstichting].

    Op 9 september 1922, toen hij 24 jaar oud was, trouwde Coenraad in Djombang (bron: Regerings Almanak 1922, blz. 23) met Antoinette Louise Steffin, geboren in Semarang op 21 juli 1881. Zij was de ex-echtgenote van L.M. van Velthoven (Bron: Almanak van Ned.-Indië).

    Voor zover mij bekend is hadden Coenraad Persijn en Antoinette Louise Steffin geen kinderen. Antoinette Louise is in Maastricht gestorven.

     

    Coenraad Persijn was van 1914 tot 1918 stationsklerk bij de Staatsspoorwegen te Solo, van 1922 tot 1928 vervoerscontroleur bij de Kediri Stoomtram Maatschappij (station Djombang) en van 1929 tot 1940 bureauambtenaar te Paree (eveneens bij de Kediri Stoomtram Maatschappij).

    Hij overleed als KNIL-soldaat te Soerabaja op 14 april 1943.

    Coenraad werd begraven te Soerabaja op het Nederlands Ereveld “Kembang Koening”, in vak B, graf nr. 34 (Bron: Oorlogsgravenstichting).

     

    Gestorven en begraven

    maar niet vergeten

    zij stapten

    in de laatste trein

    en kwamen

    niet terug

    ik zwaai hen uit

    met dankbaarheid

    en respect




    01-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lambertina Florentina van Lawick van Pabst, geboren Persijn
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Lambertina Florentina van Lawick van Pabst, geboren Persijn

     

    Lambertina Florentina Persijn werd op 19 februari 1795 geboren te Rembang [bron: De Indische Navorscher 1934-1938, 1989-1996].

     

    Rembang, waarover ik ook al iets schreef in het artikel “Rembang” op deze weblog, is een plaats aan de noordkust van Midden-Java, ongeveer 160 km. ten noordwesten van Soerabaja / Surabaya.

    Rembang,  heeft een haven aan de Java Zee en is over de weg en per spoor verbonden met o.a.Koedoes (nu: Kudus) en Semarang, Tjepoe (nu: Cepu) en Soerabaja (nu: Surabaya).

     

    Lambertina Florentina was een dochter van Claas Persijn (de “Hollandse stamvader”, zie ook het gelijknamige artikel op deze weblog) en Maria Magdalena Salomons.

     

    Toen Lambertina Florentina 16 jaar oud was (1811) trouwde zij in Rembang met Pieter Herbertus baron van Lawick van Pabst, die toen 31 jaar was [bron: Nederlandse Adelsboek 1915]. Deze had, toen hij met Lambertina Florentia in het huwelijk trad al 2 relaties achter de rug. Een relatie met een zekere Olinda (haar nationaliteit is me niet bekend), bij wie hij 2 kinderen had (Jan Casimier en Sophia Petronella Elisabeth) en daarna nog een relatie met de Javaanse vrouw Saera, die hem 3 kinderen schonk

    (Nicolaas Carel, Johan Frederik en Jan Willem Ferdinand).

     

    De volgende (beroeps)gegevens over Pieter Herbertus baron van Lawick van Pabst werden vermeld in o.a.:

    1. De Indische Navorscher, jaargang 4 nr. 1, januari 1938

    2. De Indische Navorscher, jaargang 4 nr. 7, juli 1938

    3. Nieuw Nederlandsch Biografisch woordenboek, deel 8, 1938

     

    Pieter Herbertus (Baron) van Lawick van Pabst werd geboren op 5 november 1780 in Geldermalsen als zoon van Nicolaas Carel  baron van Lawick van Pabst en Maria barones van Reede van Oudtshoorn.

    Hij kwam in november 1792 met het schip van oorlog "De Amazone" als volontair op Java, maar trad bij aankomst onmiddellijk in dienst van de Oost-Indische Compagnie en wel als cadet bij de Cavalerie.

    Van 1794 tot 1796 was hij cornet cavalerie. Daarna ging hij over in civiele dienst .

    Van november 1801 tot februari 1804 was hij onderkoopman bij de “gecommitteerden tot en over de zaken van den Inlander”.

    Van februari 1804 tot december 1804 adjunct gecommitteerde, van januari 1805 tot augustus 1806 gecommitteerde met een salaris van 2000 Rijksdaalders.

    Van augustus 1800 tot ultimo december 1807 was hij “commissaris tot demping van de Cheribonsche Onlusten”.

    In 1807 werd hem wegens zijn "buitengewone werkzaamheid en geschiktheid"een douceur geschonken van 7000 Rijksdaalders.

    Van januari tot oktober 1808 was hij Resident van Cheribon en daarna tot juni 1810 Landdrost van de Cheribonse en Preangerlanden, van juni 1810 tot september a811 Landdrost van Rembang en lid van de Houtadministratie, van september 1811 tot ultimo december 1815 Resident van Rembang en als zodanig tevens benoemd tot commissaris ter onderzoek van zaken op Java, agent van het Zoutdepartement en commissaris ter invoering van het Landelijk stelsel.

    Van begin januari tot augustus 1816 was hij agent van het Zoutdepartement in de Semarangse afdeeling, Collecteur der Landelijke Inkomsten, assistent resident en waarnemend resident te Semarang.

    Van augustus 1816 tot november 1817 resident van Soerabaja  en van november 1817 tot december 1818 Inspecteur-generaal van de landelijke Inkomsten.

    Van januari 1819  tot september 1820 was hij resident van Batavia, in oktober 1820 “directeur der Houtbosschen” en van 1823 tot ultimo december 1826 tevens resident van Rembang.

    Van januari tot augustus 1827 was Pieter Herbertus resident van Djokjakarta an vanaf augustus 1827 tot juni 1828 resident van Semarang.

    Van  juli tot oktober 1828 was hij ‘ambtenaar op wachtgeld’en van november 1828 tot maart 1829 gezaghebber in Bagelen.

    Van april 1829 tot juli 1829 resident van Besoeki en Banjoewangi en van juli 1829  tot mei 1830 opnieuw ‘ambtenaar op wachtgeld’.

    Van juni 1830 tot augustus werd hij toegevoegd aan den commissaris ter regeling der Vorstenlanden.

    Van augustus 1830 tot ultimo juni 1932 commissaris voor de overgenomen Vorstenlanden en op 23 Augustus 1832 (resolutie no. I) benoemd tot commissaris inspecteur over de overgenomen Vorstenlanden.


    Bij GB (gouvernementsbesluit)  van 23 januari 1834 no. 3 werd Pieter Hubertus gepensioneerd met een pensioen van f 6000.-per jaar in Indië of f 3000.- in Nederland.

    Pieter Herbertus baron van Lawick van Pabst en Lambertina Florentina Persijn

    kregen de volgende kinderen:

     

    1 Carel Nicolaas Herbertus van Lawick, geboren in 1814. Carel Nicolaas Herbertus is overleden op 31 december 1878 in Djokjakarta, 64 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie 1815-1942]. Hij trouwde op 23-jarige leeftijd op 1 november 1837 in Semarang [bron: De Indische Navorscher jrg. 4 nr 7, juli 1938] met Antoinette Josephine de Lange, 16 jaar oud. Antoinette Josephine is geboren in 1821 in ´s Gravenhage, dochter van George de Lange en Christina Manni.

    Antoinette Josephine is overleden op 13 januari 1850 in Haarlem, 29 jaar oud.
    Carel Nicolaas Herbertus hertrouwde, 45 jaar oud, op 23 maart 1859 in Pasoeroean [bron: De Indische Navorscher jrg. 4 nr 7, juli 1938] met
    Wilhelmina Frederika Kien, 32 jaar oud. Wilhelmina Frederika werd geboren in 1827.
    Wilhelmina Frederika was een Chinese vrouw, die eerst bij de doop de namen Wilhelmina Frederika Kien kreeg.


    2 Henry James Willem van Lawick van Pabst, geboren op 15 april 817 in Soerabaja [bron: De Indische Navorscher]. Hij werd gedoopt op 8 juni1817 in de Hervormde Kerk te Soerabaja, waarbij  Mr. Abraham Hendrik Dozy Pzn. en Dorothea Wilhelmina von Netzen als getuigen aanwezig waren. De doop werd verricht door dominee D.L. Lenting.

    Henry James Willem overleed op 26 oktober 1873 in Weltevreden (bij Batavia), 56 jaar oud.

    Henry James Willem trouwde op 13 augustus 1840 in Semarang met Jacoba Petronella Lambertina Mente, 19 jaar oud.

    Jacoba Petronella Lambertina werd geboren op 3 augustus 1821 in Rembang  als dochter van Jacobus Mente en Johanna Helena Persijn. Zij is gedoopt op 30 december 1821 in Semarang.

    3 Pieter Lambertus van Lawick van Pabst, geboren op 4 juli 1819 in Batavia [bron: De Indische Navorscher]. Pieter Lambertus is overleden op 16 december 1825 op Texel, 6 jaar oud [bron: Familiebronnen]. Hij overleed samen met enkele bedienden ten gevolge van een schipbreuk ( het schip “ Bethsy")

     

    4 Paulina Elisabeth Lamberta van Lawick van Pabst, geboren op 2 februari 1822 in Semarang [bron: De Indische Navorscher]. Paulina Elisabeth Lamberta is overleden op 7 oktober 1853 in Semarang, 31 jaar oud [bron: De Indische Navorscher].


    5 Maria Margaretha van Lawick van Pabst, geboren in 1824 in Rembang [bron: De Indische Navorscher]. Maria Margaretha is overleden op 14 september 1870 in Semarang, 46 jaar oud [bron: De Indische Navorscher].


    6 Barend Hendrik Nicolaas van Lawick van Pabst, geboren op 9 oktober 1830 in Semarang [bron: De Indische Navorscher]. Barend Hendrik Nicolaas is overleden op 5 juni 1857 in Kasomalang, 26 jaar oud [bron: De Indische Navorscher]. Hij is begraven te Soebang, Pamanoeken/Tjiassemlanden.

     

     

    Pieter Herbertus baron van Lawick van Pabst overleed in Semarang op 3 maart 1846.

    Zijn echtgenote, Lambertina Florentina Persijn, overleed in datzelfde jaar, namelijk op 24 december 1846, eveneens te Semarang.

    Zij werd bij haar man begraven op de Algemene Begraafplaats te Semarang in graf A no. 78. Op hun graf werd vermeld:

     

    Hier rust Pieter Herbertus baron van Lawick van Pabst, overleden den 3 Maart 1846 in den ouderdom van 65 jaren en 4 maanden.

    Hier rust Vrouwe Douairičre Lambertina Florentina van Lawick van Pabst geboren Persijn, overleden op den 24 December 1846 in den ouderdom van 51 jaren en 10 maanden.

    [bron: Genealogische en Heraldische Gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel III, De Indische Navorscher 1934-1938, 1989-1996 en ook vermeld in Nederlands Adelboek 1915, bl. 80 sub XIV, 1)
    _____________________________________________________________________

                                                                                                                                                                  In de Residentiele Archieven van Jogjakarta ( in bezit van het Arsip Nasional Indonesia, Jakarta) zijn o.m. de volgende stukken, geschreven door Pieter Herbertus Baron van Lawick van Pabst, bewaard:

     

    P. H. van Lawick van Pabst, "Nota ter betoogen der gelijkmatigheid van den oorlog van den jare 1746 met dien van den tegenwoordigen tijd [Java War]," November 5, 1828.
    P. H. van Lawick van Pabst, "Nota betrekkelijk Sultan Sepoeh en de weduwe van zijne zoon Pangerang Moordaningrat," in Miss. Du Bus, December 29, 1827, no. 18.
    P. H. van Lawick van Pabst, "Consideration op de Nota van den Heer MacGillavry, Resident te Soerakarta . . . ," August 21, 1826.
    P. H. van Lawick van Pabst, "Rapport betreffende den verhuur van landen in de vorstenlanden," November 14, 1827.                                                                                                                         

    ______________________________________________________________________

     

     

     




    02-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De vulkaan toornde!..
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    De vulkaan toornde…..

     

    Het landschap op het eiland Java wordt overheerst door een keten van vulkanen, waarvan enkele nog steeds actief zijn. Twaalf van die vulkanen zijn meer dan 3000 meter hoog. Enkele vulkanen staan in groepen bij elkaar, zoals het Tenggergebergte bij Malang met de Bromo en de S(e)meru.

    De S(e)meru is met een hoogte van 3676 meter de hoogste vulkaan op Java.




     

    De dichter Jan Prins schreef eens een gedicht over de vulkanen van Java:

     

    De Vulkanen

    Als donkere onverganklijkheden
    van stilte, als werelden van rouw
    tusschen het uitgestrekte blauw
    des hemels en het land beneden,
    als onweerstaanbaren, die tot
    het eeuwige zich intocht banen
    vanuit het schamele aardsche lot,
    staan boven Java de vulkanen.

    De regen ruischt
    en ritselt om hun zijden,
    de schemer huist
    om hun gestalten heen,
    boven het land,
    zijn verten en zijn tijden,
    staan zij geplant,

    ontzaglijk en alleen.

    De wolken uit
    en nevelrijke streken,
    aan elk geluid,
    aan elken drift ontvlucht,
    rijzen zij op
    in 't morgenlicht, en steken
    hun gaven top
    de stilte in van de lucht.

    Tot van zijn vuur, -
    om hun rijzige leden, -
    het middagsche uur
    de felle vlagen slaat,
    tot in den nacht
    met zijne onzienlijkheden
    de late pracht
    van 't zonlicht ondergaat.

    Dan stijgen zij,
    in eenzaamheid gesloten,
    't rijzend getij
    van stilte en donkerte in,
    en om hun hoofd,
    den hemel in gestooten,
    vloeit het gedoofd
    licht af in 't nachtbegin.

    Zoo staan zij rank
    omhoog, tot in den morgen
    de wereld blank
    en bloeiend wordt in 't rond,
    maar in den rand
    van dooden steen verborgen,
    diep in hen, brandt
    de vreeselijke wond.

    Als eeuwige ontoeganklijkheden
    van stilte, als werelden van rouw
    tusschen het onmeedoogend blauw
    des hemels en het land beneden,
    met hun omhoog gestoken vanen
    van damp, in statig evenwicht
    langzaam uitrollend in het licht,
    staan boven Java de vulkanen.

     

    Hij beschrijft op onnavolgbare wijze de majestueuze gestalten van de vulkanen, maar waarschuwt ook : “ in den rand van dooden steen verborgen, diep in hen, brandt de vreeselijke wond”

    En als zo’n wond openbreekt dan zijn de gevolgen vaak catastrofaal!

     

    Dat gebeurde bijvoorbeeld in 1901. De Keloed (nu: Kelud) barstte voor de zoveelste keer uit.

    De Keloed is een van de meest actieve vulkanen op Java en staat in Oost-Java bij Kediri . De vulkaan heeft een kratermeer met een waterinhoud van ca. 38 miljoen kubieke meters. Er zijn activiteiten van de vulkaan bekend vanaf 1000 n.C.

    Alleen al in de twintigste eeuw hebben uitbarstingen van deze gevaarlijke vulkaan aan zo’n 5.400 mensen het leven gekost. Sinds het jaar 1500 is melding gemaakt van ongeveer 30 uitbarstingen met meer dan 15.000 (!)dodelijke slachtoffers en met grote schade in de wijde omgeving.

     

    En zoals al gezegd was er in 1901 weer een uitbarsting.

     

    In de nacht van 22 op 23 mei 1902 barstte de hel los. Van 00.00 tot 01.00 uur vond de eerste eruptie plaats en om 03.00 de volgende. Warme asregens en hete modderstromen zaaiden verderf in een wijde omgeving. Asregens bereikten zelfs Buitenzorg in West Java!

    Velen vonden ten gevolge van deze eruptie de dood.

     

    Tot de slachtoffers van deze uitbarsting van de Keloed behoorde ook

    Coenradus Bernardus Persijn.

     

    Coenradus Bernardus Persijn werd geboren op 16 oktober 1866 in Soerakarta [bron: Regerings Alaman 1870, blz. 57] als zoon van Coenradus Wilhelmus Persijn en Doortje Smithbos.

    In het Adressenboek Ned. -Indië komen we hem van 1884 tot 1889 tegen in Sragen, een plaats vlak bij Solo (Surakarta) op Midden-Java en van 1891 tot 1900 in Blitar in Oost-Java.

    Hij werkte als employé op de onderneming Redjosari [Op deze onderneming heeft een tijdje Helena Anthonia Ingerman gewoond, bij veel Indische (en niet-Indische) lezers beter bekend als de schrijfster Maria Dermoűt].

    Coenradus Bernardus kreeg een relatie met de Javaanse vrouw Marikem.

    Uit deze relatie werden de volgende kinderen geboren:

     

    1. Hermina Regina, geboren op 2 juli 1887 te Sragen [bron: Regerings Almanak 1891, blz. 340].
    Ze werd in 1890 erkend.

    Op 27 april 1922 trouwde ze in Malang met J. van der Laan, die in 1877 in Amsterdam was geboren en in 1943 in Bojong, Semarang, overleed. De echtgenoot van Hermina Regina was onder meer kapper in Soerabaja (1916-1931) en beheerder van Hotel des Indes in Soerabaja (1933-1940).

    Hermina Regina overleed in Soerabaja in 1944 (57 jaar oud).

     

    2. Johanna Maria, geboren op 8 april 1889 in Blitar [bron: Regerings Almanak 1895, blz. 371] en in 1894, eveneens in Blitar, erkend.

    Ze werkte o.a. als employé bij de Simpangsche Bazaar te Soerabaja (Genteng).

    Op 15 februari 1919, toen ze 29 was, trouwde Johanna Maria in Soerabaja [bron: Regerings Almanak 1930, blz. 37] met Jacobus Marinus van der Laan, die op 26 september 1888 in Amsterdam werd geboren en op 12 juli 1932 te Weltevreden (Batavia) overleed.

    Tijdens zijn leven was Jacobus Marinus onder meer kapper te Soerabaja (1916-1928) en kappersbediende bij de firma Wolf & Co te Weltevreden (Batavia).

    Johanna Maria overleed op 3 december 1965 in Nederland (Rotterdam, Hoogvliet).

     

    De uitbarsting van de Keloed in de nacht van 22 op 23 mei 1910 had ook fatale gevolgen voor Coenradus Bernardus Persijn. Hij stierf op 23 mei 1901 als slachtoffer van de “toornende vulkaan”.

     

     




    13-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Geboren te MEESTER CORNELIS
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Geboren te MEESTER CORNELIS

     

    Diverse personen uit de stamboom werden geboren te Meester Cornelis. In de tijd dat ik in het toenmalige Batavia woonde (tot 1956, toen we naar Nederland repatrieerden) was het een deel van Batavia. Ik fietste er vaak doorheen en vroeg me toen wel eens af wie toch eigenlijk die Meester Cornelis was.

    Eerst later, toen ik al lang in Nederland woonde en met stamboomonderzoek begon, heb ik het uitgezocht.

    Dit gebied, dat pas in 1935 onder Batavia viel en nu als stadsdeel van Jakarta  “Jatinegara”  heet, werd vernoemd naar Cornelis Senen.

     

    Voor hen die in Batavia (Jakarta) bekend zijn wil ik even opmerken, dat de bij iedere Bataviaan (ofwel Anak Betawi)  bekende Pasar Senen niets met deze Cornelis Senen te maken heeft. Pasar Senen betekent gewoon ‘maandagmarkt’.

     

    Cornelis Senen werd op Lontar (Banda) geboren als een zoon van één van de rijkste mannen van het eiland. In 1621 kwam hij in Batavia, waar hij in 1635 een schooltje leidde (vandaar: meester). Onder de inlandse Christenen deed hij 2 maal per dag het gebed en las hij op zondag (in het Maleis!) een preek voor. In de Bandanese wijk van Batavia was hij wijkmeester en vanaf 1642 mocht hij als tijdelijk proponent (=bevoegd verklaard, maar niet geplaatst predikant) in het Portugees en Maleis preken. Hij werd echter nooit als predikant benoemd nadat hij in 1657 tijdens een examen werd afgewezen.

    In het jaar 1656 werd Cornelis de bezitter van een stuk grond van ongeveer 5 km2 aan de rivier de Tjiliwoeng. In 1661 stierf hij, maar aan dit grondgebied bleef de naam verbonden van deze calvinistische, Bandanese schoolmeester, prediker en landbezitter.

    In 1746 werd op dit gebied een legerkamp gebouwd en in 1805 kwam er een artillerieschool bij. In 1810 werd dit gebied door Daendels aangewezen als centrum van de verdediging tegen een eventuele aanval van de Engelsen die in 1811 ook inderdaad plaatsvond.

    In 1935 viel dit gebied officieel onder Batavia. Nu is het een stadsdeel van Jakarta, de hoofdstad van de Republik Indonesia.

     

    Enkele van de personen uit de stamboom, die in Meester Cornelis werden geboren, waren:

     

    Adeline Leonie van Hemert. Ze  werd in Meester Cornelis geboren op  29 mei 1894.

    Zij trouwde op 20-jarige leeftijd op 7 november 1914 op het eiland Madoera met Charles Francois Matheron die op 9 februari 1886 te Batavia werd geboren als zoon van Francois Matheron en Juliana Cornelia Persijn.

    In de Nieuwe Rotterdamsche Courant (1929) stond vermeld dat de familie Ch. F. Matheron zich bevond onder de passagiers van het motorschip “Christiaan Huygens”, dat op15 mei 1929 vanuit Batavia naar Amsterdam vertrok.

    -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

    Barones Agnes Eveline van Asbeck. Ook zij werd in Meester Cornelis geboren en wel op 4 september 1922. Zij was een dochter van Baron Louis van Asbeck en de Javaanse vrouw Naima Moedjena.

    Barones Agnes Eveline trouwde op 9 december 1949 in Batavia met Nicolaas Johannes Horn, die op 2 mei 1925 werd geboren.

    Het huwelijk werd op 18 februari 1982 ontbonden.

    -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

    Emile Alphonse Richard Noel Boers werd geboren in het hospitaal te Meester Cornelis  op 18 januari 1894 als zoon van  Edouard Auguste Theodore Boers en Johanne Marianne Cornelie Henriette Baumgarten.

    Hij was ondermeer planter te Dawoen. Op 17 april 1916 trouwde hij met Henriette Johanna Nobelina Calamé, die op 10 februari 1897 te Soerabaja was geboren.

    Henriette Johanna Nobelina overleed op 18 mei 1964 te Leeuwarden en  Emile Alphonse Richard Noel op 10 juni 1967 te Haarlem. Hij werd in het graf van zijn vrouw bijgelegd.

    Hun graf, nummer 0823, staat op de begraafplaats te Huizum (Friesland) [ Bron: www.graftombe.nl]

    ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

     

    Behalve deze aan de stamboom gerelateerde personen zijn ook enkele voor u misschien meer bekende personen in Meester Cornelis geboren, zoals de schrijver Charles Edgar du Perron, meer bekend geworden als E. du Perron.

    Deze Nederlands dichter, criticus en prozaschrijver, werd op 2 november 1899 te Meester Cornelis geboren. Hij was een zoon van de landheer Charles Emile du Perron en Marie Mina Madeline Bédier de Prairie.

    Hij stierf op 14 mei 1940 in Bergen

     

    Ook Ir Frederik Frederik Bernard s’Jacob werd in Meester Cornelis geboren en wel op 14 mei 1850. Hij was ondermeer burgemeester van Rotterdam (1893-1906) en was als ingenieur betrokken bij de verbetering van het Merwedekanaal, bij de aanleg van de spoorlijn Arnhem-Nijmegen en de brug over de Waal bij Nijmegen.

    Hij stierf in Staverden (gemeente Ermelo) op 15 maart 1935.




    18-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.'śBerg op Zoom hout u (sich) vroom'ť (Johannes Henricus Jordans en familie)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    “Berg op Zoom hout u (sich) vroom” (Johannes Henricus Jordans en familie)

     

    Ook in de plaats Bergen op Zoom zijn diverse personen uit de stamboom geboren en/of gestorven of hebben er gewoond en gewerkt.

    Dit geldt bijvoorbeeld voor de familie Jordans, waarover straks meer.

     

    Eerst iets over de stad Bergen op Zoom. Voor de informatie over de plaats heb ik dankbaar gebruik gemaakt van de diverse publicaties over deze vestingstad, waaronder ook de door de gemeente uitgegeven brochures (o.a.: 'Beknopte historie van Bergen op Zoom’).

     

    Bergen op Zoom is waarschijnlijk in de 12e eeuw ontstaan. Er waren al vrij vroeg drie kernen te onderscheiden die later een stad vormden. Dit waren het oude hof van de heren van Bergen op Zoom, het gedeelte op en rondom de Grote Markt en het gedeelte van de Haven en de Dubbelstraat. Rond 1330 werden de eerste twee kernen ommuurd en in de 15 e eeuw werd ook het havenkwartier door een muur beschermd. Halverwege de 13e eeuw kreeg Bergen op Zoom stadsrechten. In de loop van de decennia werd de stad het bestuurscentrum van het Land van Bergen op Zoom. De stad kreeg internationale betekenis door de jaarmarkten die er werden gehouden. Kooplieden van verre kwamen met hun handelswaar naar de stad. In de 16 e eeuw nam de bloeiperiode af. Dat kwam onder meer doordat handelslieden naar Antwerpen trokken. Door overstromingen van de oevers van de Schelde stond een belangrijk deel van het achterland onder water en ook de Tachtigjarige Oorlog zorgde voor veel schade. Na de vrede in 1648 had Bergen op Zoom voornamelijk de functie van vestingstad. Het Franse leger slaagde er echter in 1747 in om de stad, na veel plunderingen in te nemen. In 1867 verloor de stad zijn vestingfunctie en werd er flink uitgebreid. De grachten werden gedempt en er werden singels aangelegd. Na 1945 vond de grootste uitbreiding plaats in de stad.

    Bijnaam van de vestingstad Bergen op Zoom was "La Pucelle" (=De Maagd), omdat zij jarenlang een onneembare vesting leek. Gelukkig zijn de eeuwenoude poorten vandaag nog te bezichtigen. Bergen op Zoom herbergt maar liefst 700 monumenten, de meest bekende daarvan is het Markiezenhof, een 15e-eeuws stadspaleis.

     

    Het geuzenlied “Merck toch hoe sterck”, dat vooral bekend is geworden door de “Nederlandtsche Gedenck-clanck”  uit 1626 van Adriaen Valerius, wordt ook wel “Het Beleg van Bergen-op-Zoom” genoemd. Dit lied is het overwinningslied over het ontzetten ( op 2 oktober 1622) van Don Louis de Velasco en zijn troepen na een drie maanden durend beleg. In dit lied komt ook de zinsnede voor: “Berg op Zoom hout u (sich) vroom”

     

    De tekst van het lied:

     

    Merck toch hoe sterck nu in 't werck sich al steld,

    Die 't allen tijd so ons vrijheit heeft bestreden.

    Sie hoe hij slaeft, graeft en draeft met geweld,

    Om ons goet en ons bloet en onse steden.

    Hoor de Spaensche trommels slaen!

    Hoor Maraens trompetten!

    Siet hoe komt hij trecken aen,

    Bergen te bezetten.

    Berg op Zoom hout u vroom,

    Stut de Spaensche scharen;

    Laat 's Lands boom end' sijn stroom

    Trouwlijck doen bewaren!

    't Moedige, bloedige, woedige swaerd

    Blonck en het klonck, dat de vonken daeruijt vlogen.

    Beving en leving, opgeving der aerd,

    Wonder gedonder nu onder was dan boven;

    Door al 't mijnen en 't geschut,

    Dat men daeglijcx hoorde,

    Menig Spanjaert in sijn hut

    In sijn bloed versmoorde.

    Berg op Zoom hout sich vroom,

    't Stut de Spaensche scharen;

    't Heeft 's Lands boom end' sijn stroom

    Trouwlijck doen bewaren!

    Die van Oranjen quam Spanjen aen boord,

    Om uijt het velt als een helt 't geweld te weeren;

    Maer also dra Spinola 't heeft gehoord,

    Trekt hij flux heen op de been met al sijn heeren.

    Cordua kruijd spoedig voort,

    Sach daer niets te winnen,

    Don Velasco liep gestoord:

    't Vlas was niet te spinnen

    Berg op Zoom hout sich vroom,

    't Stut de Spaensche scharen;

    't Heeft 's Lands boom end' sijn stroom

    Trouwlijck doen bewaren!

     

     

     

    In Bergen op Zoom heeft ook het gezin Jordans gewoond.

     

    Johannes Henricus (Joannis) Jordans werd geboren op 11 juni 1773 in Eschweiler bij Aken (Duitsland) als zoon van Wilhelmus Jordans en Ida Heilgers. Hij werd gedoopt op 2 juli 1773 in Eschweiler (Duitsland) [bron: Personenarchiv te Brühl bij Köln: RK Dopen Eschweiler]. Bij de doop van Johannes waren de volgende getuigen aanwezig: Henricus Wiederhaupt en Eva Zanders.

    Johannes Henricus wedr koperslager

     

    Op 20 december 1801 trouwde hij in Den Haag [bron: Huwelijksregister Den Haag]

    met Maria Jo(h)anna van Haart (Aart / Aarts), nadat zij op 6 december 1801 in ondertrouw waren gegaan. Het kerkelijk huwelijk vond ook plaats op 20 december 1801 in ´s Gravenhage. Als getuigen waren aanwezig:  Johannes Keller en Lucia Zoom.

    Zij hebben lange tijd in Bergen op Zoom gewoond, o.a. in de 2de Wijk W126 (in 1807).

    Maria Johanna stierf in Bergen op Zoom op 4 oktober 1807.

     

    Op 16 april 1809 hertrouwde Johannes Henricus Jordans in Bergen op Zoom met Elisabeth van Veen. Hij was toen 35 jaar en Elisabeth 36. Zij werd namelijk geboren op 10 maart 1773 in Den Haag.

    Zij hebben onder meer in de Kremerstraat Sr 5 no 140 in Bergen op Zoom gewoond (in 1812).

     

    Kinderen van Johannes Henricus Jordans en Maria Joanna van Haart:

     

    Wilhelmus Jordans, geboren op 21 april1803 in ´s Gravenhage en Rooms-Katholiek gedoopt in de Casuarisstraat in Den Haag.

    Evenals zijn vader wwas Wilhelmus koperslager (tevens smid)

    Willem trouwde op 23-jarige leeftijd 5 mei 1826 in Bergen op Zoom met Jacoba Anna Knoet. Jacoba Anna is overleden op 16 november 1852 in Bergen op Zoom [bron: Brabants Historisch Informatie Centrum: Toegangnr: 036.03.01 /Inventarisnr: 51 / Memorienr: 2020].
    Willem overleed op 21 november1870 in Bergen op Zoom, 67 jaar oud.

    Maria Catharina (Katharina) Jordans, geboren op 24 november 1804 in ´s Gravenhage en net als haar broer Rooms-Katholiek gedoopt  in de Casuarisstraat. Bij haar doop was Maria Rassing als getuige aanwezig.

    Zij trouwde, 24 jaar oud, op 21 mei 1829 in Bergen op Zoom [bron: BS-Huwelijken Bergen op Zoom 1811-1921:RANB inventarisnummer: 540 / aktenummer: 22] met Godefridus van Agthoven, 26 jaar oud. Godefridus werd geboren in 1803 in Bergen op Zoom en was een zoon van Johannes (Joannis) van Agthoven en Adriana Commissaris. Hij werd gedoopt op 9 januari 1803 in Bergen op Zoom [bron: Bergen op Zoom dopen 1627-1810: Rooms-Katholiek / Inventaris: dtb-8], waarbij Godefridus van Agthoven en Cornelia Daverveldt als getuigen aanwezig waren.

    Godefridus is overleden in 1861 in ´s Gravenhage, 58 jaar oud [bron: Brabants Historisch Informatie Centrum:Toegangnr: 036.03.01 / Inventarisnr: 14 / Memorienr: 34].
    Maria Catharina overleed op 4 september 1880 in ´s Gravenhage, 75 jaar oud.

     

    Jacoba Jordans. Zij is gedoopt op 24-04-1806 in Bergen op Zoom.

     

    Kinderen van Johannes Henricus Jordans en Elisabeth:

     

    Maria Elisabeth Jordans, geboren op 8 juli 1812 in Bergen op Zoom. Zij en haar broer Mathieu waren tweelingen

    Mathieu Jordans geboren op 8 juli 1812 in Bergen op Zoom als tweelingbroer van Maria Elisabeth.

    Johannes Henricus Jordans overleed in Bergen op Zoom in augustus 1839.

     

    =========================================================================

     

    Een afstammeling van Johannes Henricus Jordans, namelijk Johannes Dirk Cornelis Jordans, geboren op 16 februari 1900 te Soemenep (op het eiland Madoera) trouwde op 30 juni 1928 in Garoet met Elivire Susanna Baume, een dochter van Victor Marius Baume en Armande Louise Eugenie Emelie Persijn

     

    =========================================================================

     

     




    25-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De stamboom en de Vrijmetselarij
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De stamboom en de Vrijmetselarij

     

    De stamboom verbindt personen van verschillende levensovertuigingen met elkaar.

    Zo komen in de stamboom protestanten en rooms-katholieken voor, maar ook  islamieten, boeddhisten, animisten, overtuigd atheďsten en vrijmetselaars.

     

    Adrianus Hermanus Ouwens was vrijmetselaar.

     

    De vrijmetselarij of maçonnerie is enerzijds een levensfilosofie, die de mens aan zichzelf laat werken, zodat deze hoe langer hoe meer kan gaan betekenen voor het geheel. Anderzijds is het de internationaal verbreide broederschap van vrijmetselaars of maçons.

    De besloten bijeenkomsten van de vrijmetselarij vinden plaats in een werkplaats, ook loge genoemd. Vrijmetselaars proberen antwoorden te vinden op de vragen wat mensen en volken verenigt en zij trachten weg te nemen wat de geesten en gemoederen verdeelt.

    De vrijmetselarij was oorspronkelijk uitsluitend toegankelijk voor mannen, maar tegenwoordig bestaan er ook gemengde en exclusief vrouwelijke loges.

     

    Ook in het toenmalige Nederlands-Indië was de maçonnerie goed vertegenwoordigd.

    Het was Jacobus Cornelis Mattheus Radermacher (1741-1783), die als onderkoopman bij de VOC naar Indië trok en die in 1762 ( sommigen houden het op 1764) in Batavia de eerste Indische loge van de vrijmetselaars oprichtte, “La Choisie”. Hij richtte ook nog het “Bataviaasch Genootschap van Kunsten en Wetenschappen” op (1778).

     

    Een andere (vooral in Indië) bekende vrijmetselaar was Albertus Samuel Carpentier Alting, die aanvankelijk predikant was in Colmschate, Dokkum, en medeoprichter van de Nederlandse Protestantenbond. Hij vertrok naar Indië, waar  hij actief was in de vrijmetselarij. In 1902 stichtte hij te Batavia een H.B.S. voor meisjes die later uitgroeide tot de Carpentier Alting Stichting. In 1923 was de CAS een stichting voor onderwijsinrichtingen voor LO en MO in Nederlamds-Indië (zie ook het artikel “De CAS” in deze weblog).

     

    Ook Herman Willem Daendels, die van 1808 tot 1811 Gouverneur-Generaal in Indië was, was vrijmetselaar.

     

    Adrianus Hermanus Ouwens was, nadat hij bij de loge “I’Union Royal” in ‘s-Gravenhage in 1869  meester werd, in Indië lid-meester van de loge “Mataram” in Djokjakarta.

    Hij werd geboren op 29 oktober 1832 in Amsterdam [bron: De Indische Navorscher, jaargang 8 (1995)] als zoon van Pieter Anthonis Ouwens en Geertruida Rip.

    Op 18 mei 1865 trouwde hij op 32-jarige leeftijd  in Soerakarta [bron: De Indische Navorscher, jaargang 8 (1995)] met Maria Sophia Mathilda Israël, die toen 17 was. Ze werd geboren op 4 juni 1847 in Djokjakarta en was een dochter van Joseph Didrik Abraham Israël en Maria Carolina Schoonderwald.

    ===================================================================

    Gegevens over het gezin Ouwens-Israël vindt men o.a. in het door A.A. Vorsterman van Oijen geschreven boek "Stam- en Wapenboek van Aanzienlijke Nederlandsche Familiën", (Groningen 1888) 11.

    ===================================================================
    Kinderen van Adrianus Hermanus en Maria Sophia Mathilda:

     

    Maria Petronella Geertruida Ouwens, geboren op 22 mei 1866 in Soerakarta. Ze overleed op 31 juni 1866, eveneens in Soerakarta, 2 maanden oud.


    Abraham Pieter Ouwens, geboren op 20 november 1867 in Nijkerk. Abraham Pieter is overleden in 1938 in Djember, 71 jaar oud.

    Abraham Pieter trouwde met de inheemse vrouw Ngatiem, daarna  met de eveneens inheemse vrouw Rasinah en daarna trouwde hij nogmaals. De naam van deze (derde) echtgenote is mijn (nog) niet bekend.

     

    Elisabeth Maria Ouwens, geboren op 16 december 1868 in ´s Gravenhage, trouwde, 20 jaar oud, op 29 maart 1889 in Djokjakarta met Christiaan Andreas Theodoor Beem, 22 jaar oud. Christiaan Andreas Theodoor is geboren op 25 april 1866 in Soerakarta. Hij overleed op 30 april 1934 in Buitenzorg, 68 jaar oud.

    Elisabeth Maria overleed op 1 mei 1910 in Djokjakarta.


    Herman Rutger Ouwens (Nagell) werd  geboren op 20 december 1869 in Djokjakarta. Hij trouwde met de inheemse vrouw Kawidja.

     

    Maria Carolina Ouwens, geboren op 23 september 1872 in Ambarawa (Semarang).

    Zij trouwde, 19 jaar oud, op 26 november 1891 in Salatiga met Christian Anton Victor Schemering Reelfs, 21 jaar oud. Christian Anton Victor werd geboren op 30 januari 1870 in Soerabaja.

    Maria Carolina overleed op 30 mei 1917 in Soerabaja op de leeftijd van 44 jaar.


    Petronella Mathilda Ouwens werd geboren op 31 januari 1874 in Djokjakarta en (eveneens in Djokjakarta) gedoopt op 2 februari 1874.

    Zij trouwde, toen ze 25 jaar oud was, op 1 juli 1899 in Soekaboemi (Preanger) met Henricus Johannes Petrus Bremmer.

    Petronella Mathilda overleed op 27 juni 1917 in Bussum.

     

    Francina Carolina Ouwens, geboren op 28 april 1875 in Djokjakarta. Francina trouwde op 7 april 1897 in Pamekasan (Madoera) [bron: De Indische Navorscher, Jaargang 8 (1995] met Johan Reinier Sleebos, 22 jaar oud. Johan Reinier is geboren op 3 september 1874 in Pamekasan (op Madoera) als  zoon van Johan Hendrik Alexander Sleebos en Wilhelmina Charlotte Lans. Johan Reinier, die ontvanger inkomende en uitgaande rechten en accijnzen was, overleed op 29 juni 1931 in Soerabaja, 56 jaar oud.
    Francina Carolina overleed op 26 februari 1938 in Soerabaja, 62 jaar oud.

     

    Gertruida Mathilda Ouwens, geboren op 4 augustus 1877 in Amersfoort [bron: Het Utrechts Archief: Toegangnr 481/ Inventarisnr: 543 / Geboorteakte nr. 275]. Van de geboorte is aangifte gedaan op 06-08-1877. Geertruida Mathilda trouwde, 18 jaar oud, op 24 december 1895 in Ambarawa met Jacobus Willem de Bruine, 24 jaar oud. Jacobus Willem werd geboren op 6 december 1871 in Padang. Hij overleed op 11 mei 1933 in ´s Gravenhage, 61 jaar oud.

    Geertruida overleed  25 mei 1954 in ´s Gravenhage.

     

    Carolina Reiniera Ouwens werd geboren op 18 juni1879 in Amersfoort [bron: Het Utrechts Archief: Toegangnr 481/ Inventarisnr: 543 / Geboorteakte nr. 219]. Van de geboorte werd een dag later aangifte gedaan (19 juni 1879).

    Zij trouwde Bezemer  (zijn voornaam is me niet bekend) en daarna is ze voor de tweede maal getrouwd, nu met een zekere L. Schroder.


    Adrianus Hermanus Ouwens, geboren op 16 december 1880 in Amersfoort [bron: Het Utrechts Archief: Toegangnr 481/ Inventarisnr: 543 / Geboorteakte nr. 435]. Van de geboorte is aangifte gedaan op 17-12-1880. Hermanus trouwde, 23 jaar oud, op 26 april 1904 in Soekaboemi met Johanna Hendrika Esther Jonckheer, 17 jaar oud. Johanna Hendrika Esther werd  geboren op 27-09-1886 in Salatiga en overleed op 15 juni1980 in Denia (Spanje), 93 jaar oud

    Adrianus Hermanus zelf overleed reeds op 11 december 1918 in Batavia, 37 jaar oud.

    ===================================================================


    Vader Adrianus Hermanus Ouwens, die kapitein was bij het KNIL, overleed op 4 januari 1888 in Klaten (Soerakarta), 55 jaar oud en zijn echtgenote, Maria Sophia Mathilda Israël is overleden op 27 juli 892 in Ambarawa (Semarang), 45 jaar oud.





    26-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Geboren in Maastricht, overleden in Soerabaja
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Geboren in Maastricht, overleden in Soerabaja

    (Engelbertha Hendrika Albertina Stokhuijzen)

     

    Engelbertha Hendrika Albertina Stokhuijzen, geboren in Maastricht (Nederland) en overleden in Soerabaja (Nederlands-Indië).

    Ze was een kleindochter van Willem Stokuijzen en Johanna Everdina Faul.

     

    Haar grootvader, Willem Stokhuijzen, werd in 1815 in Leiden geboren. Hij trouwde op 20 maart 1839 in Gorinchem met Johanna Everdina Faul  [bron: Stadsarchief Gorinchem: Huwelijksakte nr. 12] die toen 19 jaar oud was. Ze werd in Gorinchem geboren en was een dochter van George Carel Faul en Wilhelmina Christina Goedman. Ze overleed in Nijmegen op 27 januari 1904 [bron: Gelders Archief: Toegangnr: 0207 / Inventarisnr: 8597 / Overlijdensakte nr. 074].

    Willem en Johanna Everdina hadden 5 kinderen:

     

    Abraham Stokhuijzen, geboren op 29 juni 1840 in Gorinchem.
    George Carel Stokhuijzen, geboren op 30 april 1846 in Gorinchem.
    Carolina Stokhuijzen, geboren in 1851 in Gorinchem.
    Johanna Everdina Stokhuijzen, geboren op 3 juli 1857 in Gorinchem.
    Hendrik Stokhuijzen, geboren in 1860 in Gorinchem.

     

    Hun oudste zoon, Abraham, geboren op 29 juni 1840 in Gorinchem, trouwde op 30 september 1880 in Utrecht met Froukje de Waard [bron: Het Utrechts Archief: Toegangnr 481/ Inventarisnr: 292 / Huwelijksakte nr. 364]. Froukje werd geboren op 6 juli 1854 in Groningen als dochter van Klaas de Waard en Engelberta Hinderika Albertina van Boekeren. Ze overleed in Maastricht op 1 december 1899 [bron: Regionaal Historisch Centrum Limburg: Toegangnr 12.059 / Inventarisnr 287 / Overlijdensakte nr.730]. Van haar overlijden werd aangifte gedaan op 11 december 1899.

    Abraham was kapitein bij het Tweede Regiment Infanterie.

     

    De kinderen van Abraham en Froukje waren Engelbertha Hendrika Albertina, geboren in Maastricht op 22 juni 1884 en Willem, eveneens geboren in Maastricht op 11 oktober 1885.

     

    De geboorte van Engelbertha Hendrika Albertina staat vermeld op de geboorteakte nr. 508 [Regionaal Historisch Centrum Limburg: Toegangnr 12.059 / Inventarisnr 56]. Op 24 juni 1884 werd van haar geboorte aangifte gedaan.

    Volgens “De Indische Navorscher”, jaargang 8 (1995) trouwde Engelbertha op 12 maart 1913 (bij volmacht) in Soerabaja met Joan Hendrik Tobias, die op 11 september 1876 in Kadipaten (Madjalngka, Cheribon) werd geboren. Hij was een zoon van Herman Anthony Tobias en Catharina Dorothea ten Cate.

    Engelbertha Hendrika Albertina overleed is Soerabaja (wanneer is mij [nog] niet bekend) en haar echtgenoot in 1950, eveneens in Soerabaja.

     

    Tijdens zijn leven was Joan Hendrik Tobias ondermeer:

     

    Employé bij Brandon Mesritz & Co te Soerabaja (1903)

    Procuratiehouder bij hetzelfde bedrijf (1904, 1905)

    Makelaar bij J.A. Harten & Co, makelaars te Soerabaja (1911-1913)

    Zelfstandig makelaar te Soerabaja ( 1914-1923)

    Makelaar bij Horsman & Kan, makelaars te Soerabaja (1924-1926)

    Chef bij Horsman & Kan (1927)

    Employé bij  NV Nederlandsch-Indisch Advertentie & Reclamebureau (1938)

    Directeur van de NV Nederlandsch-Indisch Advertentie & Reclamebureau (1941)

     

    ================================================================

    Het is mij (nog) niet bekend of Engelbertha Hendrika Albertina Stokhuijzen en Joan Hendrik Tobias kinderen hadden.

    ================================================================

     




    27-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.In DELFT stond zijn wieg!. in JOGJAKARTA ligt (lag?) zijn graf!!!
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    In DELFT stond zijn wieg…. in JOGJAKARTA ligt (lag?) zijn graf………

     

    Pieter Jacob Vogelzang, geboren in Delft en gestorven in Jogjakarta ( Yogyakarta ).

     

    Eerst iets over Delft, de geboorteplaats van Pieter Jacob Vogelzang.

    De stad dankt haar naam aan het woord 'delven' (graven) van de oudste gracht: de Oude Delft.
    In 1246 (op 15 april 1246) kreeg Delft stadsrechten van de Hollandse graaf Willem II. Delft groeide voorspoedig en er kwamen steeds nieuwe wijken bij.

    Handel en nijverheid (bierbrouwerijen, draperie) kwamen er tot grote bloei. In 1389 werd de Delfshavense Schie naar de Maas gegraven, aan welks monding de zeehaven Delfshaven (nu een stadsdeel van Rotterdam) werd gebouwd.

    Al in 1355 heeft de stad de omvang die het tot in de 19e eeuw zal behouden.

    Delft was tot de zeventiende eeuw een van de grote steden van Holland. In 1400 had de stad bijvoorbeeld 6500 inwoners en was zo de derde stad in grootte, na Dordrecht ((8000) en Haarlem (7000). In 1560 was Amsterdam met 28000 inwoners uitgegroeid tot de grootste stad, gevolgd door Delft, Leiden en Haarlem, die elk ongeveer 14000 inwoners telden.

    In 1536 werd een groot deel van Delft door brand verwoest.

    Prins Willem van Oranje resideerde korte tijd in Delft, in het voormalige Sint-Agathaklooster, dat sindsdien Prinsenhof wordt genoemd. Hij werd er op 10 juli 1584 vermoord door Balthasar Gerards.

     

    Nog wat informatie over Jogjakarta, de plaats waar Pieter Jacob Vogelzang is gestorven.

    Jogjakarta (Indonesisch: Yogyakarta) is een stad in Midden-Java (Indonesië). Het is ook de hoofdstad van een provincie met dezelfde naam. Deze provincie heeft de status van bijzonder district (Daerah Istimewa Yogyakarta).

    De stad was vroeger onderdeel van het centrum van het Javaanse rijk Mataram en werd toen Ngayogyakarta Hadiningrat genoemd. Deze naam wordt nog steeds gebruikt voor het complex dat de Kraton vormt. Na een geschil in 1755 werd het rijk opgesplitst in twee rijken, het Sultanaat van Jogjakarta en het rijk van Surakarta. Later werden nog twee delen afgesplitst.

    Daarnaast wordt het beschouwd als een van de culturele centra van Java.

    Het kent een levendige batikindustrie, is bekend om zijn gamelanmuziek en om zijn leerbewerking. Het beroemde zilver komt uit de nabijgelegen stad Kota Gede.

    Ook worden er op diverse plaatsen wajang voorstellingen gehouden.

     

     

    Pieter Jacob Vogelzang werd geboren op 29 juli 1841 in Delft [bron: Gemeentearchief Delft: Delft Akte Jaar 1841 Nummer 350] als zoon van Frans Vogelzang en Antonia Christina van ´t Hoff.

    Hij was landeigenaar en planter te Jogjakarta [bron: Bijblad van de Nederlandsche Leeuw, deel 5 (1976) ]

    Pieter Jacob trouwde, 34 jaar oud, op 17 februari 1876 in Batavia met Maria Mathilde ten Cate, 24 jaar oud. Maria Mathilde werd geboren op 4 oktober 1851 in Semarang [bron: RA 1853, 434] en was een dochter van Johannes Hendrikus Wilhelmus ten Cate en Maria Helena Persijn. Bij de aangifte van de geboorte van Maria Mathilde waren J.M. Muller en Maria Alida ten Cate (1837-1910) als getuigen aanwezig: Zij werd gedoopt op 5 september 1852 in Semarang [bron: Het Hervormde doopregister van Semarang]. Maria Mathilde is overleden op 18 oktober 1906 in Batavia, 55 jaar oud.

    [Zie ook het artikel Van Maria Helena Persijn tot Pablo Neruda” in deze weblog]

    Kinderen van Pieter Jacob en Maria Mathilde:

     

    Frans Hendrikus Anton Vogelzang, geboren op 20 februari 1877 in Semarang. Frans Hendrikus Anton is overleden op 29-03-1878 in Kendal (Semarang), 1 jaar oud.


    Antonia Helena Vogelzang, geboren op 30 januari 1879 in Semarang. Zij overleed omstreeks 1945 in Batavia.

    Antonia Helena trouwde op 15 december 1897 in Jokjakarta met Richard Pieter Fedor Hagenaar, 41 jaar oud. Richard Pieter Fedor werd geboren op 14 mei 1856 in Batavia als zoon van Richard Pieter Ferdinand Hagenaar en Maria Elisabeth Sophia Louise von Ende. Richard Pieter Fedor is, die landbouwondernemer was, overleed 5 maart 1920 in Weltevreden (bij Batavia) in de leeftijd van 63 jaar.

    Maria Mathilde Vogelzang, geboren op 14 september 1880 in Soerakarta. Maria Mathilde is overleden op 13 juni1953 in Malang, 72 jaar oud. Maria Mathilde trouwde, 20 jaar oud, op 18 juni 1901 in Jogjakarta met Karel Gustave Adolph Swaving, 26 jaar oud. Door een scheiding werd het huwelijk ontbonden. Karel Gustave Adolph is geboren op 9 mei 1875 in Tegal en was een zoon van Otto Willem Swaving en Jeanette Christina Elizabeth van Prehn. Karel Gustave Adolph overleed op 4 oktober 1943 in Batavia, 68 jaar oud.


    Petronella Jacoba Vogelzang werd geboren op 6 augustus 1882 in Soerakarta en overleed omstreeks 1935 in Bandoeng. Zij trouwde op 23 november1904 in Batavia [bron: Bijblad van de Nederlandsche Leeuw, deel 5 (1976)] met Jacobus Rudolph Razoux Kuhr, 22 jaar oud, geboren op 17 januari1882 in Ternate als zoon van Johan George Kuhr en Jeanne Elisabeth van Essel. Hij overleed in Utrecht op 13 juli 1958.

    Volgens het Bijblad van De Nederlandsche Leeuw, deel 5 (1976) was hij o.a.: Controleur Binnenlands Bestuur in Ned. Oost-Indië ( tot 1907) en redacteur te Batavia (vanaf 1907).

    Helena Vogelzang, geboren op 4 juni 1884 in Blitar. Zij overleed op 28 november 1953 in ´s Gravenhage, 69 jaar oud. Helena trouwde, 28 jaar oud, op 4 juni 1912 in Batavia [bron: Bijblad van de Nederlandsche Leeuw, deel 5 (1976)] met Cornelis Florentijn Timmer, 41 jaar oud. Cornelis Florentijn werd geboren op 1 april 1871 in Soerabaja en overleed op 21 juli 1925 in Boma (Belgisch Congo), 54 jaar oud.


    Elisabeth Hendrika (Liesje) Vogelzang werd geboren op 11 maart 1886 in Kediri.

    Liesje is overleden op 5 september 1957 in Den Haag en  begraven op de Begraafplaats "Westduin" in Loosduinen. Haar laatste adres was Koninginnegracht 71, Den Haag.
    Zij trouwde op 21 september 1905 in Salatiga met
    Cornelis Mollema, 34 jaar oud. Cornelis werd geboren op 24 april 1871 in Buitenzorg en overleed op 27 juli 1937 in Brussel (Belgie), 66 jaar oud. In Batavia (later Djakarta / Jakarta) woonden ze op het adres Menteng 18-91.

    Cornelis Mollema was employé bij de KPM (Kon. Ned. Pakketvaart Mij.) in Ned. Oost-Indie [bron: Bijblad van de Nederlandsche Leeuw, deel 5 (1976)]

     

    Pieter Jacob Vogelzang, geboren op 24 mei 1892 in Malang. Hij overleed op 5 april 1965 in Malang, 72 jaar oud. Hij was planter.

    Volgens het Bijblad van De Nederlansche Leeuw, deel 5 (1976) was hij 2 maal gehuwd geweest en had uit deze huwelijken kinderen, die mogelijkerwijs in 1976 nog in Indonesia woonachtig waren.


    Dorothea Vogelzang werd geboren op 21 september 1896 in Jogjakarta. Zij trouwde, 20 jaar oud, op 15 januari 1917 in Batavia [bron: Bijblad van de Nederlandsche Leeuw, deel 5 (1976)] met Paul Ferdinand Willem von Seydlitz Kurzbach, 27 jaar oud. Paul Ferdinand Willem is geboren op 22 mei 1889 in Makassar en was een zoon van Hans Friedrich Wilhelm Balthasar Erdmann von Seydlitz Kurzbach en Elisabeth Albertien Canter Visscher. Paul Ferdinand Willem  was volgens het Bijblad van De Nederlandsche Leeuw, deel 5 (1976) Luitenant B.D. in het Oost-Indisch leger.

    Pieter Jacob Vogelzang, de vader van bovengenoemde kinderen overleed in Jogjakarta op 24 januari 1897 in de leeftijd van 55 jaar.




    28-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen. KLOP en WERKENDAM
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     KLOP en WERKENDAM

    -------------------------------------------------------------------------------------------------------

    Mijn genealogisch onderzoek richt zich in het bijzonder op de namen: PERSIJN, VAN DEN BROEK, LANS, DANIEL, KLOP, KENNIPHAAS, VAN PAESSCHEN, VANKEERBERGHEN. Om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de stamboom zijn en worden echter ook aanverwante takken in het onderzoek betrokken.

    --------------------------------------------------------------------------------------------------------

    De naam KLOP in mijn stamboom is sterk gerelateerd aan de plaats WERKENDAM.

    Daarom eerst wat informatie over deze plaats in Noord-Brabant.

     

    De naam zegt het al: Werkendam is de afdamming van het riviertje de Werken. Als onderdeel van de grote waterbouwkundige werken in de Grote Zuid-Hollandse Waard vindt omstreeks 1230 de afdamming plaats. Voor die tijd bevond zich al een nederzetting op die plaats, met de naam Wirkenemunde, voor het eerst vermeld in 1064. De heerlijkheid Werkendam valt niet onder Altena, maar rechtstreeks onder de baljuw van Zuid-Holland in Dordrecht. Een bekende gebeurtenis is de brand in het dorp in 1641, waarin 81 huizen in Werkendam ten prooi vallen aan de branden. Naast branden heeft Werkendam in de 17e eeuw veel te lijden gehad onder pest en overstromingen. De bevolking leeft van de rivier. Schippers en vissers vinden er hun bestaan, en later zijn er veel griendwerkers in de Biesbosch. Aan hen dankt Werkendam de naam 'de Vrouwenhemel', omdat alle mannen de hele week in de Biesbosch zaten, terwijl de vrouwen achterbleven.

    Tot de komst van de Fransen in 1810 hadden de dorpen Werkendam, De Werken, Sleeuwijk, Munsterkerk en Muilkerk een eigen dorpsbestuur van schout en schepenen. Deze werd ook wel de schout en heemraden genoemd. Het dorpje Nieuwendijk viel echter onder drie schepenbanken.
    In 1810, kort na de komst van de Fransen, vallen zowel Munsterkerk als Muilkerk onder een nieuw bestuur in Dussen. De nieuwe, op Franse leest geschoeide bestuurder wordt de “maire” genoemd. Hetzelfde gebeurt met De Werken en Sleeuwijk, die samen één gemeente gaan vormen. In 1879 worden Almkerk en Emmikhoven bij elkaar gevoegd. Nieuwendijk kreeg hierdoor met het bestuur van deze nieuwe gemeente Almkerk te maken. In 1950 komen Werkendam en De Werken bijéén in de nieuwe gemeente Werkendam.
    In 1973 gaat Nieuwendijk niet met Almkerk mee naar de nieuwe gemeente Woudrichem, maar wordt zij onderdeel van Werkendam. Op 1 januari 1997 worden Dussen en Werkendam samengevoegd in de nieuwe gemeente Werkendam.

     

    -----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

    Een vooral in Nederland bekende (of beruchte?) persoon, die in Werkendam werd geboren, is Anton Adriaan Mussert (geboren in Werkendam op 11 mei 1894), Nederlands politicus, oprichter en leider van de NSB ( Nationaal-Socialistische Beweging in Nederland) in de jaren voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na de bevrijding werd hij ter door veroordeeld en geëxecuteerd.

    ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

     

    Tijs ( of: Thijs) Klop werd geboren op 2 januari 1849 in Werkendam [bron: RANB inventarisnummer: 8886 plaats: Werkendam] als zoon van Cornelis Klop en Flora Wilhelmina Ottevanger.

    Tijs was, zoals veel Werkendammers, schipper.

    Hij trouwde, toen hij 18 jaar oud was, op 2 augustus1867 in Werkendam [bron: Burgerlijke Stand: huwelijk, aktenummer: 19, datum: 2-8-1867, RANB inventarisnummer: 8886] met Cornelia (Cornelia) Hakkers, een jonge vrouw van 19 lentes.
    Cornelia werd geboren op 13 oktober 1847 in Gemeente De Werken en Sleeuwijk en was een dochter van
    Frans Hakkers en Anna de Graaff. 

    Kinderen van Thijs en Cornelia:

     

    Cornelis Klop, geboren op 29 oktober1867 in Werkendam en op 25 augustus 1868

    (9 maanden oud) in Werkendam overleden.

    Cornelis Klop, geboren in Werkendam op 12 december 1868.

    Hij trouwde, 23 jaar oud, op 30 april 1892 in Werkendam [bron: Brabants Historisch Informatie Centrum / Toegangnr: 50.177 / Inventarisnr: 8888 / Huwelijksakte nr. 5] met Dirkje Baggerman, 21 jaar oud. Dirkje werd geboren op 23 december 1870 in Werkendam en was een  dochter van Bastiaan Baggerman en Teuntje Boumans.

    Cornelis was evenals zijn vader schipper.

     

    Frans Cornelis Klop, geboren op 10 april 1871 in Werkendam. Frans Cornelis overleed op 72-jarige leeftijd op 10 maart 1944 in Hardinxveld.


    Antonie Floris Klop werd geboren op 10 mei 1872 in Werkendam. Hij overleed

    (7 maanden oud)  op 23 december 1872 in Werkendam.

     

    Flora Willemina Klop, geboren op 26 juni 1874 in De Werken.

    Ze trouwde voor de eerste keer, 20 jaar oud, op 18 januari 1895 in Werkendam [bron: RANB inventarisnummer: 8888 plaats: Werkendam / aktenummer: 3] met Cornelis Maarten van Driel, 21 jaar oud. Cornelis Maarten werd  geboren op 17 september 1873 in De Werken als zoon van Jacobus Cornelis van Driel en Jannigje Doedijns.

    Flora Willemina  trouwde voor de tweede maal, 32 jaar oud, op 7 juni 1907 in De Werken en Sleeuwijk [bron: BS-H De Werken 1811-1922 / Huw.akte nr.14] met Adrianus Willem van Driel.
    Adrianus Willem werd geboren in De Werken en Sleeuwijk en was een zoon van Jacobus Cornelis van Driel en Jannigje Doedijns.


    Antonie Florus Klop, geboren op 18 september 1876 in Werkendam en overleden op 23 december 1947 in Werkendam, 71 jaar oud.

    Hij was schipper en woonde aan de Sasdijk, op nummer 36, te Werkendam.
    Hij  trouwde op 14 april 1899 in Werkendam [bron: huwelijk, aktenummer: 9, datum: 14-4-1899 / RANB inventarisnummer: 8888 plaats: Werkendam] met Margaretha Johanna Visser.  Margaretha Johanna werd geboren op 27 september 1875 in Werkendam en was een  dochter van Barend Visser en Annechien van Leeuwen. Margaretha Johanna is overleden op 16 oktober 1922 in Rotterdam, 47 jaar oud.
    Antonie Florus  trouwde voor de tweede keer, nu met Neeltje Beems, die geboren werd in Meerkerk op 20 april 1884 [bron: Nationaal Archief (Rijksarchief Zuid-Holland): Gemeente Meerkerk / Geboorteakte nr. 12] en een dochter was van Marinus Beems en Bartje Brouwer. Van haar geboorte werd aangifte gedaan op 21 april 1884.


    Cornelis Wouter Klop, geboren op 25 februari 1878 in Werkendam en op 2 juli 1879 aldaar overleden.

     

    Cornelis Wouter Klop, geboren omstreeks 1880 in Werkendam. Cornelis Wouter trouwde op 12 januari 1911 in ´s Gravenmoer [bron: RANB inventarisnummer: 1321 plaats: ´s Gravenmoer / huwelijk, aktenummer: 1] met Antonia Mouthaan, die geboren werd in ´s Gravenmoer als dochter van Christiaan Mouthaan en Eva de Jong.

     

    Anna Pieternella Klop, geboren op 29 juli 1882 in Werkendam en aldaar ook overleden op 26 december 1882 in Werkendam (4 maanden oud).


    Anna Pietronella Klop, geboren op 10-04-1887 in Werkendam.

    Anna Pietronella trouwde, 21 jaar oud, op 17 april 1908 in Werkendam [bron: BS: huwelijk, aktenummer: 2, datum: 17-04-1908 /Toegangnr: 550.177 /Inventarisnr: 3616] met Arie Pieter Verdoorn, 22 jaar oud. Arie Pieter werd geboren op 2 mei 1885 in Werkendam. Hij was een zoon van Pieter Vierdoorn en Maartje Gijsje Hak. Arie Pieter was timmerman.

     




    20-03-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Anak Betawi ( 'śKind van Batavia'ť)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Anak Betawi ( “Kind van Batavia”)

     

    Anak Betawi (“Kind van Batavia”), zo noemt menigeen zichzelf als hij of zij in het toenmalige Batavia (nu: Jakarta) werd geboren. Ook ik ben een ‘Anak Betawi’, in Batavia geboren in 1938 en daar ook opgegroeid.

    Diverse personen uit de stamboom kunnen zich een “Anak Betawi’ noemen. Dat geldt zeker ook voor Hugo Charles Gustav Baron van Lawick. 

    ………………………………………………………………………………………………………………

     

    Hugo Charles Gustav (Baron) van Lawick werd  geboren op 24 mei 1882 in Batavia als zoon van Jonkheer Mr. Hugo Gustav van Lawick en Wilhelmina Petronella Nicolasina Schuurman.

     

    Hij ging, nadat hij de HBS (Hogere Burgerschool) in Nijmegen en daarna in Breda had doorlopen, naar de Koninklijke Militaire Academie (K.M.A.) in Breda (van 1902 tot 1905) en naar de Hogere Krijgsschool in Den Haag (1912).

    Op 24 mei 1905 werd hij aangesteld bij de Cavalerie en wel bij het 1e Regiment Huzaren (later 4e Regiment) in Deventer.

    Van 1909 tot 1911 was hij gedetacheerd bij de Rijschool in Amersfoort en in 1911 bij het 1e Depot Huzaren te Haarlem . In 1914 diende hij in het 4e Eskadron, 4e Regiment Huzaren en een jaar later (1915) als toegevoegd officier bij de Staf Cavalerie-Brigade.

    Van 1916 tot 1918 was hij adjudant van de Commandant van de Cavalerie-Brigade, waarna hij in 1918 werd hij benoemd tot docent aan de KMA te Breda (tactische vakken) en in 1920 werd hij hoofd van ‘onderwijs cavalerie-vakken’.

    Van 1926 tot 1931 was hij Chef van de Staf Lichte Brigade en van 1931 tot 1934 Commandant ven het Regiment Wielrijders in ’s-Hertogenbosch.

    Van 1934 tot 1945 was Hugo Charles Gustav (Baron) van Lawick  Gouverneur van de Koninklijke Militaire Academie in Breda (Bron: “Gouverneurs van de KMA door de jaren heen”. [URL: http://www.kma.mindef.nl/kma/over_de_kma/historie/gouverneurs/index.html ]

    …………………………………………………………………………………………………..

    Van juli 1940 tot mei 1945 zat Hugo krijgsgevangen in Duitsland.

    …………………………………………………………………………………………………..

    In juli 1945 werd hij aangesteld tot Militair Raadsheer bij het Bijzonder Gerechtshof te Den Haag en op 1 oktober 1945 werd hem eervol ontslag uit militaire dienst verleend.

    In januari 1946  werd hij Militair Raadsheer bij het Bijzonder Gerechtshof in 's-Hertogenbosch als Luitenant-Generaal titulair.

     

    Naast zijn militaire loopbaan was hij nog rechtsridder van de Johannieter Orde en lid van de Ridderschap van Gelderland.

     

    Hugo Charles Gustav van Lawick:


    (1) trouwde op 26-jarige leeftijd op 17 september 1908 in Zutphen [bron: Gelders Archief: Toegangnr: 0207 / Inventarisnr. 8881/ Huwelijksakte nr. 110] met Johanna Engelina Maria van Doorninck, 19 jaar oud. De ontbinding van het huwelijk werd geregistreerd op 6 november 1919 in Zutphen (Echtscheiding ( vonnis Amsterdam 17-10-1919)) [bron: Gelders Archief: Toegangnr: 0207 / Inventarisnr: 9156 / Scheidingsakte nr. 137]. Johanna werd geboren op 22 oktober 1888 in Zutphen en was een  dochter van Adam Joan Wilhelm van Doorninck en Johanna Petronella Clazina Gerarda (Barones) van Reede tot Ter Aa. Johanna overleed op 8 november 1981 in Bothell, Washington (Ver. Staten v. Amerika) Ze was toen 93 jaar.


    (2) trouwde, 39 jaar oud, op 9 augustus 1921 in Breda [bron: BS-Huwelijken Breda 1811-1922 / RANB inventarisnummer: 486 / Huwelijksakte nr.179] met Johanna Amelia (Jonkvrouw) Graswinckel, 29 jaar oud. Johanna is geboren op 1 juli 1892 in ´s Gravenhage als dochter van Augustinus Frederik Karel Graswinckel en Anna Elisabeth van Eeten. Johanna is overleden op 12 september 1973 in Breda in de leeftijd van 81 jaar.

    Kinderen van Hugo en Johanna:

     

    Hugo Anne Victor Raoul (Baron) van Lawick, geboren op 11 augustus 1909 in Amersfoort en overleed als oorlogsslachtoffer (aan boord van een Fokker W-13)  op 17 juni 1941 in Soerabaja. [bron: Oorlogsgravenstichting]. Hij is begraven te Soerabaja op het Ereveld "Kembang Koening", vak BBB, graf nr. 174A [bron: Oorlogsgravenstichting]. Hij was Luitenant ter zee 2de klasse bij de Koninklijke Marine.
    Hugo trouwde, 26 jaar oud, op 18 juli 1936 in Lochem met
    Isabella Sophia van Ittersum, die toen 23 jaar oud was. Isabella is geboren op 11 februari 1913 in Amersfoort als dochter van Lodewijk Arend van Ittersum en Maria Henrietta Stroeve. Isabella is overleden op 30 december 1977 in Amersfoort.


    Victor Hugo (Baron) van Lawick, geboren op 18 juli 1914 in ´s Gravenhage.

    Hij was Kapitein-luitenant-ter zee bij de Technische Dienst van de Koninklijke Marine, oud-administrateur octrooiraad en ereridder Johannieter Orde.

     

    Kind van Hugo en Johanna:

     

    Anne Elisabeth (Barones) van Lawick, geboren op 2 september 1923 in Ginniken. Anne is overleden op 29 augustus 1977 in Maartensdijk, 53 jaar oud.

    Anne trouwde, toen ze 28 was, op 3 november 1951 in Breda met Rutger Wessel (Baron) Boetzelaer, 32 jaar oud. Rutger werd geboren op 23 november 1918 in De Bilt en was een zoon van Otto Maximiliaan ( Baron Mr.) Boetzelaer en Ursula Cunera (Barones) van Asch van Wijck.  Rutger was bosbouwkundige bij de Heemraad Waterschap De Vecht en plaatsvervangend 2de lid van de pachtkamer.

     

     

    Hugo Charles Gustav van Lawick is overleden op 13-09-1965 in Breda in de leeftijd van 83 jaar.

     

    =========================================================================

    Een telg uit het geslacht Van Lawick, namelijk Pieter Herbertus (Baron) van Lawick van Pabst,

    trouwde in 1811 in Rembang [bron: Adelsboek 1915] met Lamberta Florentina Persijn. Zij werd geboren op 19 februari 1795 in Rembang [bron: De Indische Navorscher 1934-1938, 1989-1996] en was een dochter van Claas Persijn en Maria Magdalena Salomons. Lamberta overleed op 24 december 1846 in Semarang, 51 jaar oud [bron: De Indische Navorscher 1934-1938, 1989-1996].
    =========================================================================

     

    Aanvullende bronnen:

    1. Biografisch woordenboek van Nederland ('s-Gravenhage : Instituut voor Nederlandse

        Geschiedenis) Dl.4 (1994)

    2. P.G.H. Maalderink. De Militaire Willems-Orde sedert 1940 ([Rijswijk] : Sijthoff Pers, 1982)

    3. Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld : Nederlanders en

        hun werk (Amsterdam : Van Holkema & Warendorf, 1938)

    4. Wie is dat? : naamlijst van bekende personen op elk gebied in het Koninkrijk der Nederlanden

        en Nederlandsch Oost- en West-Indië met biografische aanteekeningen, opgave hunner

        voornaamste werken, adressen, enz., enz. ('s-Gravenhage : Nijhoff) 3e uitg. 1935,

        5e uitg. 1948

    5. Stephen S. Taylor & Marinus Spruytenburg (eds.). Who's who in the Netherlands 1962/1963 :

        a biographical dictionary containing about 4000 biographies of prominent personalities from

        and in the Netherlands (Montreal : Intercontinental Book and Publishing Co., 1962)

     

     




    25-03-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HOE VER BEN IK? (per 25-03-2007)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    HOE VER BEN IK?

    (De stand van zaken v.w.b. mijn stamboomonderzoek per 25 maart 2007)

     

    In december 2003 ben ik begonnen met stamboomonderzoek. Mede dank zij informatie die ik van anderen kreeg, waarvoor ik hen hartelijk wil bedanken, ben ik nu zo ver gekomen als ik momenteel ben.

     

    De stand per 25-03-2007

    Het aantal personen in mijn stamboombestand per 25-03-2007: 6.275

     

    In de stamboom van mijn vader ( o.a. PERSIJN en DANIEL) ben ik met de PERSIJN-stamboom gekomen tot aan Jan Jacobs Persijn (gedoopt op 27-04-1642 te Amsterdam) en v.w.b. de DANIEL-tak tot Carel Louis Daniël, geboren op 07-12-1835 te Pasoeroean.

     

    T.a.v. de stamboom van mijn moeder (o.a. VAN DEN BROEK en LANS) ben ik v.w.b. de LANS-tak gekomen tot aan Jan Peter Lans, geboren in 1725 te Namen (België).

    Wat de Van den Broek-tak betreft ben ik helaas (nog) niet verder kunnen teruggaan dan tot Johan Samuel van den Broek, geboren 1824 te Ternate.

     

    Zowel aan de stamboom van mijn vader als die van mijn moeder zitten (uiteraard) ‘zijtakken’. Ook van deze zijtakken heb ik veel gegevens kunnen verzamelen.

     

    Enkele van de zijtakken betreffen de volgende namen:

     

    Angelbeek, van / Angenent / Bronkhorst / Burgemeestre / Cate, ten / Droop / Frederiksz / Gumster, van / Hagenaar / Hooft / Hoëvell, van / Israël / Jordans / Krijgsman / Lande, van de(r) / Lapré / Lawick (van Pabst), van / Loman / Mechelen, te / Meijer / Michielse(n) / Mollet / Ouwens, Ouwens Nagell / Phefferkorn / Pieplenbosch / Polanen (Petel), van / Reede, de / Reede van Oudshoorn, van / Remmert / Riemsdijk, van / Rudolph / Simon / Sleebos / Steenhard / Teutem, van / Veldman / Vogelzang / Voorst tot Voorst, van / Wolff / Zwaan, van der

     

    Op zoek:

     

    Momenteel ben ik in de eerste plaats op zoek naar:

    - de (voor)ouders en eventuele broers/zusters van Johan Samuel van den Broek,

      geboren in 1824 in Ternate

    - de (voor)ouders en eventuele broers/zusters van Jan Peter Lans,

       geboren in 1725 te Namen (België)

    - de (voor)ouders en eventuele broers/zusters van Carel Louis Daniël,

       geboren op 07-12-1835 te Pasoeroean

    - de (voor)ouders en eventuele broers/zusters van Jan Jacobs Persijn

      (gedoopt op 27-04-1642 te Amsterdam)

     

    Heeft u gegevens over personen met namen die in de zijtakken voorkomen (zie boven), dan hou ik me eveneens van harte aanbevolen.Dit geldt zowel voor genealogische gegevens als voor foto’s.

     

    Mocht u vragen hebben over gegevens op deze weblog of wilt u weten of ik over gegevens beschik van personen die in de hoofd- en/of zijtakken van de stamboom voorkomen, mail me gerust en ik zal zien of ik u kan helpen.

    Mijn e-mail adres: r.persyn@chello.nl




    13-04-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DUIVEN, de PLOEN en het geslacht Van Voorst tot Voorst.

    DUIVEN, de PLOEN en het geslacht van Voorst tot Voorst

    De gemeente Duiven (Gelderland) bestaat uit de kernen Duiven, Groessen en Loo. Opgravingen die zijn gedaan toonden een eeuwenoude bewoning aan. Zo waren er woongebieden van landadel en heerboeren en grote hoven.

    Naar één van die grote huizen, huize “De Ploen”, werd anno 2007 een nieuwe te bouwen wijk in Duiven vernoemd (Ploen-Zuid).

    Over de kerkgebouwen van Groessen en Duiven wordt al melding gedaan in een akte van 838 en van Loo is bekend dat dit plaatsje in 1300 een kapel had.

    In de middeleeuwen (tot 1609) viel de streek onder het machtsgebied van de Hertog van Kleef.

    Kleef (Kleve) was een hertogdom in de Westfaalse Kreits, gelegen aan beide kanten van de Rijn, en omvatte ongeveer de huidige districten Kleef, Wesel en de stad Duisburg evenals in Nederland de Liemers, Huissen en 's- Heerenberg. Hoofdstad van het hertogdom was Kleef/Kleve.

    Na 1609 was het keurvorstendom Brandenburg heer en meester in dit gebied. Tot de keurvorsten van Brandenburg behoorden o.a. Frederik I en diens tweede zoon Frederik II de IJzeren.

     

    In Huize “De Ploen” in Duiven werd op 11 januari 1837 Frederik Assueer Maria Joseph Baron van Voorst tot Voorst geboren.

    Hij was een zoon van Augustus Everhardus Danielis Fredericus Baron van Voorst tot Voorst en Elisabeth Teijssen en was een afstammeling in de 15de graad van Fredericus de Hekeren, die ook de stamvader is van de graven Van Rechteren en Van Rechteren Limburg.

     

    In “Ons Nageslacht” nr. 2, april 1935, 8ste jaargang, werd vermeld dat Frederik kapitein was bij de Infanterie van het Oost-Indisch Leger.

     

    Frederik trouwde toen hij 32 jaar oud was, op 30 december 1869 in Ambarawa (Midden-Java) met Johanna Emelia Wolff, 21 jaar oud. Johanna werd geboren op 31 augustus 1848 in Salatiga [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1869. blz. 42) / Indische Navorscher jrg. 15 (2002)] als dochter van Johannes Hendrikus Wolff en de Javaanse vrouw  Lapiah.Johanna Emelia werd gedoopt op 25 juli 1852. De erkenning vond eerst plaats in 1868 met de vermelding: "Erkende, natuurlijke dochter van Johannes Hendrikus Wolff"
    Johanna is overleden op 7 juli 1927 in Ambarawa in de leeftijd van 78 jaar en werd begraven te Ambarawa (Willem I, Nieuwe Begraafplaats) in graf nr.79 [bron: Genealogische en Heraldische Gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel III].

    Kinderen van Frederik en Johanna:

     

    1 Elisabeth Wilhelmina Antonia Barones van Voorst tot Voorst, geboren op 3 juni 1864 in Salatiga [bron: Ned. Adelsboek 1935 bl. 396 sub 1]. Elisabeth is overleden op 22 augustus 1883 in Ambarawa, 19 jaar oud en begraven te Ambarawa (Willem I, Nieuwe Begraafplaats), graf nr.91 [bron: Genealogische en heraldische gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel III (Mr. P.C. Bloys van Treslong Prins)].


    2 Een levenloos geboren kind (op 6 januari 1871 in Tjilatjap).


    3 Anna Augusta Barones van Voorst tot Voorst, geboren op 14 juni 1874 in Tjilatjap. Anna overleed op 27 maart 1875 in Ambarawa, 9 maanden oud. Ze was de tweelingzuster van Natalie Marie Louise.


    4 Natalie Marie Louise Barones van Voorst tot Voorst werd als tweelingzuster van Anna Augusta geboren op 14 juni 1874 in Tjilatjap. Natalie is overleden op 22 juni 1886 in Nijmegen, 12 jaar oud.


    5 Henri Emile August Baron van Voorst tot Voorst, geboren op 20 april 1875 in Ambarawa en overleden in 1947 in Soerabaja, 72 jaar oud.


    6 August Assueer Balthazar Frederik Baron van Voorst tot Voorst werd geboren op 11 juli 1876 in Tebing Tinggi. August is overleden op 15-06-1964 in Hellevoetsluis, 87 jaar oud. August trouwde op 31 augutus 1911 in Gemeente Ginneken en Bavel [bron: Brabants Historisch Informatie Centrum: Toegangnr: 550.067 / Inventarisnr: 1252 / Huwelijksakte nr. 36] met Anna Louiza Benschop, 36 jaar oud. Anna is geboren op 18 april 1875 in Leeuwarden [bron: Tresoar, Frysk Histoarysk en Letterkundich Sintrum: BS Geboorten (Leeuwarden ), akte nr. A 291] als dochter van Hermanus Johannes Gijsbertus Benschop en Henriette Louise Wilhelmina Steffens. Van haar geboorte werd aangifte gedaan op 19 april 1875 [bron: Geboortakte].


    7 Maria Anna Henriette Beata Barones van Voorst tot Voorst, geboren op 4 oktober 1877 in Ubbergen (bij Nijmegen). Maria is overleden op 25 september 1925 in Brussel (Belgie), 47 jaar oud.


    8 Emile Baron van Voorst tot Voorst werd geboren op 21 mei1879 in Ambarawa en overleden op 18 april 1938 in Semarang, 58 jaar oud. Emile trouwde, 30 jaar oud, op 21 februari 1910 in Pati (Semarang)  met Josephine Eleonore Louise Emelie Waersegers, 28 jaar oud. Josephine is geboren op 24 september 1881 in Djombang, Soerabaja,  als dochter van Charles Henry Jules Waersegers en Caroline Wilhelmine Auguste Balzar. Josephine is overleden op 21 oktober 1954 in Bandoeng.

     

    9 Otto Herman Joseph Eduard Baron van Voorst tot Voorst, geboren op 31 maart 1881 in Ambarawa [bron: Nederl. Adelsboek 1935 bl. 396 sub 9] en overleden op 12 oktober 1883 in Ambarawa in de leeftijd van 2 jaar. Hij werd begraven te Ambarawa (Willem I, Nieuwe Begraafplaats), graf nr.101 [bron: Genealogische en heraldische gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel III (Mr. P.C. Bloys van Treslong Prins)].
    Grafschrift:  Hier rust Otto H. J. E. Baron van Voorst tot Voorst, overleden 12 October 1883 in den ouderdom van 2 1/2 jaar R.I. P.

    10 Herman Baron van Voorst tot Voorst, geboren op 20 februari1883 in Ambarawa en overleden op 10 december 1902 in Semarang, 19 jaar oud.

    ………………………………………..…………………………………….

     

    Frederik Assueer Maria Joseph Baron van Voorst tot Voorst geboren in huize “De Ploen” in Duiven op 11 januari 1837 overleed in Ambarawa op 6 oktober 1883 in de leeftijd van 46 jaar. Hij werd te Ambarawa begraven op de zgn. Nieuwe Begraafplaats, graf nr. 99 [bron: Genealogische en heraldische gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel III (Mr. P.C. Bloys van Treslong Prins)].

     

     




    08-05-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Banjoemas en de Persijn-stamboom
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     Banjoemas en de Persijn-stamboom

     

    In Banjoemas (nu: Banyumas) zijn diverse personen uit de stamboom geboren en/of gestorven.

    De plaats Banjoemas ligt in het zuiden van Midden-Java aan de Serajoe (Seraju)-rivier op de helling van de berg Slamet (Gunung Slamet), de hoogste berg op Midden-Java.

    Banjoemas ligt in het gelijknamige district, waarvan Purwokerto (vroeger: Poerwokerto) de hoofdstad is.

    Ten noorden van het district Banyumas ligt het district Brebes, ten oosten de districten Purbalingga, Banjarnegara en Kebumen  en in het zuid-westen het district Cilacap (Tjilatjap).

    De taal die men hier spreekt, het zgn. Banyumasan, is een dialect van het Javaans dat sterk verschilt van de overige Javaanse dialecten.

    ==========================================================================

    Naar de Javaanse dialecten en dus ook naar het Banyumasan is een uitvoerig onderzoek gedaan door Prof. dr.  Eugenius Marius Uhlenbeck ], die van 1949 tot 1983 hoogleraar Javaans was aan de Universiteit van Leiden.

     

    Enkele van zijn publicaties zijn:

    -          De tegenstelling Krama - Ngoko. Haar positie in het Javaanse taalsysteem (Groningen-Djakarta, 195)

    -          De structuur van het Javaanse morpheem (Bandoeng, 1949)

    -          Woordverdubbeling in het Javaans, uit: Bijdragen tot de Taal-, Land- en Volkenkunde 1953

     

    ==========================================================================

    Personen uit de stamboom, die in Banjoemas werden geboren, zijn o.a.

     

    Otto Peter Adolph Persijn, geboren op 16 mei 1856 in Banjoemas [bron: Almanak Nederlands Indië], zoon van Johannes Gerardus Persijn en Elisabeth Catharina Margaretha Roos. Otto overleed op 30 december 1856, eveneens in Banjoemas. Hij was toen 7 maanden oud.

     

    Richard Pieter Barend Folkert Persijn is geboren op 27 november 1857 in Banjoemas [bron: Regereings Almanak 1859, blz. 94], evenals Otto Peter Adolp een zoon van Johannes Gerardus Persijn en Elisabeth Catharina Margaretha Roos. Richard is overleden op 19 augustus 1892 in Batavia, 34 jaar oud [bron: Regerings Alamanak 1893, blz. 383]. Hij overleed ruim 2 weken na zijn huwelijk met Sipa (zie verderop in dit artikel).

    Volgens de Regerings Alamank 1985 was zijn alias: Reinier Pieter Batholomeus Ferdinand

     

    Volgens de Adresboeken Ned. Indië woonde Richard Pieter Barend Folkert in 1875 in Batavia, in 1878 in Meester-Cornelis (bij Batavia), van 1878 tot 1883 in Soekaboemi, van 1884 tot 1888 in Poerwakarta (in 1885 tijdelijk in Batavia) en in 1889/1890 in Magelang.

     

    In 1878 was hij fungerend griffier te Soekaboemi en een jaar later deurwaarder in dezelfde plaats.

    In 1880 / 1881 staat hij vermeld als fungerend ‘rooimeester’, eveneens in Soekaboemi.

    Vanaf 15 juli 1882 was hij substituut-griffier en van 1883 tot 1888 agent van de Wees- en Boedelkamer te Poerwakarta (Krawang) waarbij hij van 1885 tot 1888 tevens als substituut-griffier optrad.

    Vanaf 11 april 1889 tot 1890 was hij griffier te Magelang.

    Vermeld werd nog dat hij in 1882 in Soekaboemi bij de plaatselijke brandweer de functie had van ‘brandspuitmeester’.

     

    Richard trouwde in de leeftijd van 34 jaar op 3 augustus 1892 in Batavia (Stad en Voorsteden) [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1893, blz. 276)] met de Inlandse vrouw Sipa.

    Kinderen van Richard en Sipa (allen geboren voor het huwelijk van hun ouders):

     

    Elisabeth Catharina Margaretha Persijn. Haar geboorteplaats en -datum zijn me niet bekend. Elisabeth is overleden op 14 september 1879 in Soekaboemi [bron: Regerings Almanak 1881, nlz. 337]. Notitie bij overlijden van Elisabeth: Elisabeth Catharina Margaretha is als kind (leeftijd?) overleden.

     

    Elise Persijn, geboren op 2 september 1882 in Soekaboemi [bron: Regerings Almanak 1884, blz. 237]. Elise is overleden op 2 februari 1957 in Haarlem, 74 jaar oud.

    Elise trouwde, 25 jaar oud, op 4 april 1908 in Soemenep (Madoera) [bron: Regerings Alamank 1909, blz. 19] met Wolter van der Zwaan, 27 jaar oud. Wolter werd geboren op 2 maart  1881 in Soerabaja  en hij overleed op 17 maart 1945 in Ambarawa, 64 jaar oud als oorlogsslachtoffer [bron: Oorlogsgravenstichting].
    Notitie bij overlijden van Wolter: Volgens Oorlogsgravenstichting: Begraven op Ned. Ereveld ´Kembang Kuning´ te Surabya in vak A, grafnr. 63
    Wolter was machinist zoutverpakker. Hij vestigde zich met vrouw en 4 dochters in Den Haag op 19 augustus 1921 (vanuit Kalianget) en vertrok naar Batavia op 30 juli 1923              

     

    Nelly Persijn, geboren op 19 oktober1883 in Poerwakarta. Nelly is overleden op 15 augustus 1889 in Magelang, 5 jaar oud [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1890, blz. 391)].
    Notitie bij overlijden van Nelly: Uit Gen. en Heraldische Gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel 4:

    Op het grafschrift te Magelang is vermeld: Hier rust Nelly Persijn, geb. 19 Oct 1883, overl. 15 Aug. 1889

    Charlotte Persijn, geboren op 22 september 1885 in Poerwakarta.

                                                                                                                                                                  Vestigde zich op 19 augustus 1921 (vanuit Kalianget) in Den Haag bij de fam. v.d. Zwaan (zwager en zuster Elise met kinderen) op de Columbusstraat 85.
    Vertrok weer naar Ned. Indië (Batavia) op 24-07-1923

                                                                                                                                                                 

    Emilia Wilhelmina Persijn, geboren op 25 maart 1891 in Magelang.
    Notitie bij de geboorte van Emilia: Uit Regerings Almanak (vermeld bij geboorte van Emilia Wilhelmina: Beschikking Raad v. Justitie Semarang 12-12-1891

     


     

     




    15-05-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hamar de la Brethoniere
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    De relatie tussen de Persijn-stamboom en het (Indische) geslacht Hamar de la Brethoniere

     

    Op 14 april 1858 werd om 04.00 te Pakkies (Midden-Java) Coenraad Persijn geboren, een zoon van Johan Pieter Persijn en de Javaanse vrouw Minah. Het plaatsje Pakkies (nu: Pakis) ligt in het district Magelang.

    Eerst op 6 augustus 1875 werd Coenraad in Koedoes erkend als zoon van Johan Pieter Persijn.

    In de Almanak van Ned. Indië, jaargang 1876, staat als datum van erkenning 6 augustus 1858 vermeld, maar deze datum is onjuist gebleken.

    Coenraad, die als machinist bij de Ned. Indische Spoorwegen in o.a. Semarang heeft gewerkt, trouwde op 26 januari 1893 in Semarang met Amalia Henriette Wolff. Amalia werd geboren op 19 mei 1868 in Ambarawa [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1889, blz. 301) als dochter van Johannes Wilhelmus Wolff en de Inlandse vrouw Sakiena (of Sakiema).

     

    Tot de voorouders van Amalia Henriette Wolff behoorde ook Pierre  Hamar de la Brethoniere, de Franse stamvader van de Indische tak van de familie (Hamar) de la Brethoniere.

    ………………………………………………………………………………………………………………….

    Opmerking:

    De gegevens over Pierre Hamar de la Brethoniere komen o.a. uit: "De Kwartierstaat", orgaan van de Nationale Vereeniging voor de Geslacht- en Wapenkunde, 3de jaargang, nr. 1

     

    Hij wordt in genealogische publicaties vaak verward met Pierre Amar(d) de la Bretonniere die in 1783 aan De Kaap deserteerde, uit het leger werd ontslagen en verplicht werd tot dienstneming bij de V.O.C. Deze  Pierre voer op 25 Maart 1783  met het VOC schip "Neptunus" van de Kaap naar Batavia, alwaar het schip ongeveer 2 maanden later arriveerde.

     

    “Onze” Pierre kwam al eerder, namelijk  in 1782,  als cadet onder het regiment van Muzon te Batavia aan

    …………………………………………………………………………………………………………………


    Pierre  Hamar de la Brethoniere werd geboren in 1752 in Cézelles in Frankrijk. Cézelles ligt in de regio  Loire-Anjou-Touraine ( Departement Indre et Loire ).

    Pierre kwam in 1782 als cadet onder het regiment van Muzon te Batavia aan.

    Uit “De Indische Navorscher”, jaargang 6, nr. 1 van januari 1940 blijkt dat Pierre van 1784 tot 1810 werkzaam was als opziener bij het Boswezen in Rembang en dat hij in 1810 en 1811 hetzelfde beroep uitoefende, maar dan in Salatiga.

    Na 1811 vinden we hem terug als logementhouder in Salatiga. Zijn eerste baan (bosopziener) was hij namelijk kwijt geraakt. Hoe dit kwam?

     

    Wel, in Europa was Holland een Frans protectoraat geworden en werd in 1806 de broer van Napoleon Bonaparte, te weten Lodewijk, koning van Holland. Deze stuurde Herman Willem Daendels (geb. 21 oktober 1762 in Hattem en overleden in Ghana op 2 mei 1818) als Gouverneur-Generaal naar Indië. Nadat Daendels in 1808 in Batavia was aangekomen nam hij zijn taak voortvarend ter hand.

    De militaire uitgaven waren zo hoog, dat hij zich gedwongen voelde alle gouvernementsgronden aan particulieren te verkopen.

    Hiertoe behoorden ook de bossen van de inmiddels opgeheven VOC, die na de opheffing in handen van de staat waren overgegaan.

     

    En als gevolg van deze bezuinigingsmaatregelen (toen ook al!)  werd Pierre Hamar de la Brethoniere ontslagen.

     

    Op 8 december 1811 verzocht Pierre het Gouvernement in Batavia om pensioen (CBG,  Oost-Indische Bronnen, archiefnummer: VIBDNI007395).

    Omdat naar alle waarschijnlijkheid reactie uitbleef herhaalde hij zijn verzoek op 14 maart 1818 (bijna 7 jaar later!) (CBG, Oost-Indische bronnen, archiefnummer VIBDNI007393).

    Het pensioen werd nu toegewezen, maar lang heeft Pierre hiervan niet kunnen genieten ( 3 jaar), want hij stierf op 4 april 1821 in Semarang in de leeftijd van 69 jaar.

     

    De familie Hamar de la Brethoniere heeft jaren behoord tot de notabelen in Salatiga. In 1837 heeft Prins Hendrik der Nederlanden, een jongere broer van Koning Willem III, enige dagen bij het gezin van Pierre Hamar de la Brethoniere gelogeerd

    [Bron: De Indische Navorscher, Jaargang 6 nr. 1, januari 1940]

                                                                                                                                                                 

    Pierre trouwde omstreeks 1790 met Catharina Alexandre / Alexander. Zij was een dochter van Jacob Alexander. Wie haar moeder was, is mij (nog) niet bekend.

    Catharina overleed op 5 september 1823 in Semarang [bron: Regerings Almanak 1824, blz. 177].

    Kinderen van Pierre en Catharina:

     

    1. Johanna Helena Hamar de la Brethoniere, geboren in 1792 in Rembang. Johanna is overleden op 26-06-1834 in Salatiga, 42 jaar oud [bron: De Indische Navorsche, Jaargang 5 nr.1 (Januari 1939)]. Johanna trouwde, 25 jaar oud, in 1817 in Semarang [bron: Family Search.org] met Wilhelmus Henricus (Willem Hendrik) Wolff, 31 jaar oud. Willem Hendrik werd geboren op 14 september 1786 in Joana [bron: De Indische Navorsche, Jaargang 5 nr.1 (Januari 1939)] als zoon van Johannes Wolff en Suzanne Fredriksz. Hij werd gedoopt op 17 juni 1787 in Joana.
    Hij was een  tweelingbroer van Pieter Godlieb Wolff. Willem Hendrik is overleden op 17 april 1854 in Salatiga, 67 jaar oud.

    2. Pierre  Hamar de la Brethoniere, geboren op 25 oktober 1794 in Rembang-Stad [bron: Family Search.org] en overleed op 15 december 1872, 78 jaar oud [bron: Genealogische en Heraldische gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, uitgave 1934]. Hij is begraven te Balatiga, een particuliere begraafplaats van de familie Hamar de la Bretoniere) [ bron: Genealogische en Heraldische gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, uitgave 1934 ].

    Pierre was de stichter van de koffiecultuur bij Salatiga. Samen met zijn jongere broer Carolus bracht hij deze ondernemingen tot grote bloei.

    Niet voor niets werden zijn de “Koffiekoningen van Salatiga” genoemd.

    Pierre trouwde op 22 juni 1829 in Salatiga met Martina Darius (ook vermeld als: Martha Darieux) [bron: De Indische Navorscher, Jaargang 6 nr. 1, januari 1940] Martina is overleed op 11 februari 1842 in Semarang.

    Hij begon een relatie met de Javaanse vrouw Gompang  en toen hij ongveer 70 jaar oud was (omstreeks 1864) trad hij in het huwelijk met de Javaanse vrouw Ngaten Saminah (Raden).

    Hij had bij al deze drie vrouwen kinderen.

    De zonen, die hij bij Gompang had, werden door hem weliswaar geadopteerd, maar kregen (bij Gouvernements besluit van 08-02-1862 no. 56) de ‘verkorte’ naam mee: de la Brethoniere.

    Deze 2 zonen waren Henry de la Brethoniere (geb. 14-07-1837 in Assinan, Salatiga) en Arthur de la Brethoniere (geb. 30-11-1840 in Assinan, Salatiga)

     

    3. Anna Concordia Hamar de la Brethoniere, geboren op 15-11-1798 in Rembang. Anna is overleden op 10-10-1838 in Salatiga, 39 jaar oud. Zij is begraven te Salatiga (Particuliere begraafplaats van de familie Hamar de la Bretoniere) [bron: Gen en herald.gedenkwaardigheden betr. Europeanen op Java, uitgave 1934].Anna trouwde, ten hoogste 18 jaar oud, vóór 1816 met Ernst Hendrik Flohr, ten hoogste 21 jaar oud. Ernst is geboren op 07-02-1795 in Pasoeroean. Ernst is overleden op 11-07-1866 in Soerakarta (Solo), 71 jaar oud.

    4. Carolus Hamar de la Brethoniere, geboren op 18 november 1798 in Rembang. Carolus overleed op 15 mei 1868, 69 jaar oud [bron: Gen en Herald.gedenkwaardigheden betr. Europeanen op Java, uitgave 1934]. Hij is begraven te Salatiga, op de particuliere begraafplaats van de familie Hamar de la Bretoniere.

     

    Opmerking bij Anna Concordia en Carolus Hamar de la Brethioniere:

    Beiden werden geboren in november 1798 in Rembang. Dit wijst er op het eerste gezicht op, dat zij een tweeling vormden. Volgens de grafschriften op hun graven werd Anna Concordia geboren op 15 november 1798 en Carolus op 18 november 1798.

    Onduidelijk is of het hier een sprake is van een onjuiste datumvermelding op één van de graven of dat Carolus inderdaad 3 dagen later dan zijn zuster werd geboren.

    Een ander mogelijkheid is nog dat beide kinderen weliswaar dezelfde vader hadden, maar 2 verschillende moeders.

    (Wie het weet, mag het zeggen………)

     




    02-06-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De familie Beer- Persijn
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De familie Beer- Persijn

     

    Op 21 december 1825 werd in Pattie (Pati) een dochter geboren van Coenraad Persijn en Catharina Dorothea van Gumster.

    Ze kreeg de namen Margaretha Lamberta. ==========================================================================

    Pati (huidige spelling) is de hoofdstad van het gelijknamige district aan de noordkust van Midden-Java, aan de Javazee (Laut Jawa). Ten oosten van het district Pati ligt het district Rembang en ten zuiden de districten Blora en Grobogan, terwijl de districten Kudus en Jepara ten westen van het gebied liggen.

    In Indonesia hebben provincies, streken en vaak zelfs plaatsen hun eigen culinaire specialiteiten. Zo is Pati vooral bekend om de ‘nasi gandul’, die in een bananenblad wordt geserveerd en de ‘soto kemiri’, waarin de smaak van de kemiri (een sterk smakende noot) overheerst.

    ==========================================================================

    Margaretha Lamberta Persijn stierf op 9 september 1912 te Meester Cornelis (Batavia), 86 jaar oud [bron: Grafschriften Java/Buitenzorg (Bronnenpubl. 5) / Regerings Almanak 1913,blz. 1441] en werd begraven op de begraafplaats Radjagaloe te Buitenzorg (nu: Bogor) [bron: Bronnenpublicaties v.d. Indische Gen. Vereniging, deel 5].

     

    Toen Margaretha Lamberta 19 jaar oud was, trouwde ze op 25 november 1845 met de toen 24-jarige Ferdinand Albert Hendrik Beer, die op 23 april 1821 in Semarang werd geboren.

    Ferdinand Albert Hendrik Beer overleed op 18 november 1892 in Semarang [bron: Grafschriften Java-Buitenzorg / Regerings Almanak 1913, blz.1441] , maar ligt samen met zijn echtgenote begraven op de begraafplaats Radjagaloe te Buitenzorg (Bogor) [bron: Bronnenpublicaties v.d. Indische Gen. Vereniging, deel 5].

     

    Volgens de Adreslijsten Ned. Indië woonden ze van 1845 tot 1850 in Batavia, in 1851 komen we hun namen tegen in de Preanger Regentschappen, in 1852 woonden ze in Buitenzorg en van 1853 tot 1863 in Bandoeng.

     

    Van 6 april 1848 tot 1850 was Ferdinand Albert Hendrik Beer assistent eerste klas bij de theecultuur te Meester Cornelis. In 1851 en 1852 bekleedde hij dezelfde functie tijdelijk in respectievelijk de Preanger en in Buitenzorg, in 1964 in Batavia en van 14 juni 1865 tot 1885 was hij vendumeester te Batavia.

     

    Verder is ook bekend dat hij lid was van de Vrijmetselaarsloge “Mata Hari”.

    Ook was hij gedurende 7 jaar (1855-1862) secretaris van de “Preanger Wedloopsociëteit”.

     

    Kinderen van Ferdinand Albert Hendrik Beer en Margaretha Lamberta Persijn:

     

    Jan Coenraad (Johan)  werd geboren op 13 augustus 1846 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie]. Notitie bij de geboorte van Johan: Familysearch.org geeft als geboorteplaats aan: Bandoeng

    Johan Heijneman Christiaan, geboren op 2 november 1847 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie]. Johan is overleden op 18 mei 1918 in Buitenzorg (Bogor), 70 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie].


    Catharina Albertina, geboren op 6 februari 1849 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie]. Catharina overleed op 31 maart 1915 in Meester Cornelis, 66 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie].


    Maria Hendrika werd geboren op 5 juni 1850 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie]. Bij de aangifte van de geboorte van Maria waren de volgende getuigen aanwezig: Margaretha Christina Persijn (1836-1884) en Willem Frederik Muller (1832-1908). Zij werd gedoopt op 13 februari 1852 in Koedoes [bron: Het Herv. Doopregister van Semarang 1852 (Bronnenpublikaties v.d. Indische Genealogische Vereniging, deel 4)].
    Notitie bij de geboorte van Maria: Familyserach.org geeft als geboorteplaats aan: Bandoeng
    Maria is overleden op 16 maart 1935 in Djokjakarta, 84 jaar oud [bron: Tong-Tong maandblad 14e jrg. nrs. 21, 22].
    Notitie bij overlijden van Maria: Familysearch.org geeft als overlijdensdatum aan: 17-03-1935

    Ferdinand Lambert, geboren op 7 augustus 1851 in Batavia [bron: Ra 1852,401]. Bij de aangifte van de geboorte van Ferdinand waren de volgende getuigen aanwezig: Hendrik Martin Muller en Maria Helena Persijn (1821-1898). Hij werd gedoopt op 13 februari 1852 in Koedoes [bron: Het Herv. Doopregister van Semarang 1852 (Bronnenpublikaties v.d. Indische Genealogische Vereniging, deel 4)].
    Notitie bij de geboorte van Ferdinand: Familysearch.org geeft als geboorteplaats aan: Bandoeng
    Ferdinand is overleden op 14 januari 1854 in Bandoeng, 2 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie].


    Johan Martin werd geboren op 17 april 1853 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie].
    Notitie bij de geboorte van Johan: Familysearch.org geeft als geboorteplaats aan: Bandoeng
    Johan is overleden op 24 juli 1857 in Bandoeng, 4 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie].


    George Frederik, geboren op 9 oktober 1854 in Bandoeng [bron: Almanak van Ned. Indie]. George is overleden op 13 juli 1922 in Bandoeng, 67 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie].
    Beroep: Kapitein

     

    Henriette Pauline, geboren op 23 juni 1856 in Bandoeng [bron: Almanak van Ned. Indie]. Henriette is overleden op 8 juli 1938 in Tjimindi (Bandoeng), 82 jaar oud [bron: Tong-Tong maandblad 14e jrg. nrs. 21, 22].

    Henriette trouwde, 36 jaar oud, op 15 mei 1893 in Ambarawa [bron: De Indische Navorscher, jrg.8 (1995)] met Arie Jan van Geelen, 42 jaar oud.
    Notitie bij het huwelijk van Henriette en Arie: Andere bron: K.J.E. Kimmijser, Genealogie Beer, in: Tong Tong 14e jrg. (1969/1970) nr. 22, p. 8
    Arie, die kapitein was bij de Infanterie (Oost-Indisch Leger) werd geboren op 24 augustus 1850 in Padang (Ned. Indie) en overleed op 13 februari 1933 in Bandoeng, 82 jaar oud.

    Adolphine Caroline, geboren op 14 februari 1859 in Bandoeng [bron: Almanak van Ned. Indie]. Adolphine is overleden op 22 augustus 1879 in Batavia, 20 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie].


    Sophia Frederika Mathilde, geboren op 17 juni 1863 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie / Familysearch.org].


    Horatio Nelson, geboren op 28 juli 1865 in Batavia [bron: Tong-Tong maandblad 14de jrg. nrs. 21 en 22]. Horatio overleed op 21 februari 1940 in Batavia, 74 jaar oud [bron: Tong-Tong maandblad 14de jrg. nrs. 21 en 22].


    Johanna Wilhelmina werd geboren op 30 augustus 1866 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie / Familysearch.org]. Johanna is overleden op 19 september 1866 in Batavia, 20 dagen oud [bron: Almanak van Ned. Indie].


    Eugenie Victorine, geboren op 8 november 1868 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie]. Eugenie is overleden op 3 mei 1895 in Batavia, 26 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie].


    Willem Abraham, geboren op 28 januari 1870 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indie].

    Vanaf 28 november 1903 was Willem Abrahan chef van het Post- en Telegraafkantoor in de Residentoe Pasoeroean, afdeling Bangil

    De benoeming gebeurde per 28 november 1903 en de betrekking aanvaard op 17 december 1903.
    Volgens de Assistent-Resident was er geen landswoning voor hem beschikbaar en kreeg hij daarom een vergoeding voor de huur van zijn woning van f 50,- per maand
    Bron: Staat van schadeloosstellingen voor huishuur in de residentie Pasoeroean over december 1903, betreffende W. A. Beer, periode: 01-01-1904, plaats: Bangil [ CBG Oost-Indische bronnen, archiefnummer : VIBDNI003054].

     




    05-11-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.MEDEDELING
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Mededeling aan de (regelmatige) bezoekers van deze weblog,

    Zoals u misschien wel is opgevallen is deze blog een tijdje niet meer bijgehouden.

    Velen hebben mij een mail gestuurd met de vraag wat de reden hiervan is.

    Daarom deze mededeling.

    Ik heb inderdaad een tijdje niets meer aan stamboomonderzoek gedaan en op dit moment ook nog niet.
    Ik heb namelijk in juli  een beroerte gehad.
    Ik werd per ambulance naar het ziekenhuis gebracht.

    Bij een onderzoek darna door een neuroloog een cardioloog bleek, dat ik ook nog een hartinfarct moet hebben gehad.

    Ik ben nu onder behandeling van een internist en een cardioloog en moet dagelijks diverse medicijnen innemen

    Die zijn nog steeds niet volledig ingesteld. Dat doen ze stapsgewijs om complicaties te
    voorkomen. Op dit moment gaat het al wat beter, alleen de fijne motoriek
    moet nog terugkomen, dus foutloos typen is (nog) niet mogelijk.

    Momenteel maak ik elke dag een wandeling of ga ik op een eindje fietsen.

    Zodra ik daartoe in staat ben ga ik weer verder met genealogisch onderzoek en het bijhouden van mijn weblog.

    Met vriendelijke groet,

     

    René Persijn

     




    25-11-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Henry Persijn
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Henry Persijn en het Ereveld Pandoe (Pandu)

    Het Ereveld Pandoe (nu: Pandu)  ligt in Bandoeng ( nu: Bandung)  op West-Java. Op dit ereveld rusten militairen van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL), die omkwamen in de strijd tegen de Japanners, maar ook veel burgers uit de interneringskampen in en rond Bandoeng/ Bandung. Ook in de onrustige tijd na de capitulatie van Japan in 1945 waren vele slachtoffers te betreuren, burgers zowel als militairen waaronder velen van de Koninklijke Landmacht. Zij waren als oorlogsvrijwilliger of als dienstplichtige uitgezonden om orde en rust te brengen.

     

    Op dit ereveld ( ingewijd op 7 maart 1948) rust ook de (Indische) Luitenant-Generaal Gerardus Johannes . Brerenschot, geboren op 24 juli 1887 in Solok op Sumatra en op 13 oktober 1941 In Batavia ( wijk Kemajoran) verongelukt. met zijn Lockheedvliegtuig ( Lodestar LT910)

    Dit ereveld, In Indonesië bekend als “ Taman Makam Kehormatan Belanda” ligt aan de Jalan Pandu, nr. 32 te Bandung.

     

    Op het ereveld Pandoe werd ook begraven:

    Henry Persijn, geboren op 17oktober 1913 in Bondowoso [bron: Almanak van Ned. Indie] als zoon van Coenradus Nicolaas Persijn en de Inlandse vrouw Rasami

     

    Henry werd in 1921 in Banjoewangi erkend.

     

    Henry  begon een relatie met de Inlandse vrouw Jamini, bij wie hij een dochter had, Margaretha Persijn, geboren te Banjoewangi op 20 december 1935.

     

    Daarna had hij nog een relatie met de Inlandse vrouw  Ratna. Bij haar had hij eveneens een dochter, Deana Rosita Persijn, geboren te Banjoewangi op 5 augustus 1942.

     

    Henry overleed op 21- augustus 1947 in Soengaigerong/Palembang in de leeftijd van  33 jaar  Hij werd begraven op het Nederlands  Ereveld Pandoe in vak IV, nummer 319)  (Bron:Oorlogsgravenstichting) 
    Bij zijn overlijden was Henry soldaat 2de kl. Infanterie bij het KNIL





    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mijntje Persijn
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

     

    Mijntje Persijn werd op 19 september1867 geboren  in Panaroekan  [bron: Regerings Almanak 1901, pg. 420], als dochter van Hendrik Louis Persijn en  de Inlandse vrouw Miah  
    Ze werd in 1900 erkend, eveneens in Panaroekan, behorend tot het district Besoeki (nu: Besuki ) in Oost-Java.

    Al ten tijde van het rijk van Madjaphit (nu:  Majapahit), een Hindoe-Boeddhistisch (ca. 1293 tot ca. 1500, met als centrum Oost-Java,)  was Besoeki een bloeiend en welvarend gebied

    ===================================================================

    De Grote Postweg ( ca. 1000 Kilometer lang) die in1808 door Daendels werd aangelegd, begon in Anjer, een dorp op West-Java en eindigde in Panaroekan ( Oost-Java).

    ===================================================================

     

    Mijntje begon een relatie met Pieter Frederik Nicolaas Berlauwt. Pieter is geboren op 12 mei 1854 in Besoeki. Pieter  overleed op  29 april 1937 in Bondowoso in de leeftijd van  82 jaar.

     

    Van 1902 tot 1905  was Pieter Frederik agent bij de Nederlands-Indische Houtaankap Maatschappij te Sitoebondo      en

    van 1906 tot 1921  landbouwer te  Kebaman (Banjoewangi) en

    van 1922 tot 1929 eveneens landbouwer te  Bondowoso                               


    Kinderen van Mijntje en Pieter:

     

    Virginia Berlauwt, geboren op 15 juni 1901 in Panaroekan [bron: Almanak van Ned. Indie]. Virginia en  overleden op 24 augustus 1997 in Dordrecht, 96 jaar oud.


    Augusta Berlauwt, geboren op 12 augustus 1903 in Panaroekan [bron: Almanak van Ned. Indie].  Ze overleed  op 27 februari 1996 in Amsterdam in de leeftijd van  92 jaar.

     Irma Berlauwt, geboren op 15 oktober 1905 in Banjoewangi [bron: Almanak van Ned. Indie]. Irma is overleden op 18 september 1992 in Surrey (Canada), 86 jaar oud.


    Ardiadne Berlauwt, geboren op 26 december 1907 in Banjoewangi [bron: Almanak van Ned. Indie]. Ardiadne is overleden op 4 januari 1969 in Amsterdam, 61 jaar oud. Zij werd begraven op 9-januari 1969 te Amsterdam ( Nieuwe Oosterbegraafplaats, grafnr. A-42-220 [bron: Gemeentearchief Amsterdam / Begraafregisters]

    Ardiadne  was getrouwd met N. Appel.

     

     

    Hun moeder Mijntje Persijn overleed  op 27 augustus 1934 in Malang, Ze was toen  66 jaar oud.




    26-11-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Willem Cornelis Daniël, geboren in Bangil/ Pasoeroean
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Willem Cornelis Daniël

     

    De moeder van mijn vader was een juffrouw Daniël ( Maria Magdalena Daniël, gehuwd met Coenraad Johannes Marcus Persijn). De Daniëls kwamen meestal uit Pasoeroean (Oost-Java) of omgeving.

    Pasoeroean ( nu: Pasuruan)  is de naam van een stadsgemeente en van een regentschap in Oost-Java,  Het ligt circa 75 kilometer ten zuidoosten van Soerabaja aan de noordkust en tegenover het eiland Madoera

    Historische namen zijn: Passourouang, Passarouang, Passoeroeang, Passourawang, Passourouan, Pasoeroewan, Passouroang, Passourowang, Passourouangh

    Het vormde in de koloniale tijd het hart van de suikerrietplantages met hun suikerfabrieken en ook nu nog is deze industrie aanwezig.

     

    Op zaterdag 15 juni 1867 werd in Taloon, afd.Bangil, residentie Pasoeroean  Willem Cornelis Daniël geboren als zoon van Carel Louis Daniël en de Inlandse vrouw Saminah

    De plaats Bangil ligt ongeveer 15 km ten westen van de stad Pasoeroean aan de grote weg van Pasoeroean naar Soerabaja.

    Willem Cornelis trouwde met Cornelia Augustina Margaretha Goller. Cornelia werd geboren in 1869 en overleed in 1921, 52 jaar oud.

    Kinderen van Willem en Cornelia:

     

    Eduard Carel Louis Daniël, geboren op 17 februari 1891 in Pasoeroean. Eduard is overleden in 1915, 24 jaar oud.

    Willem Theunis Daniël, geboren op 12 september-1893 in Pasoeroean. en op dezelfde dag overleden

    Volgens gegevens uit de Oost-Indische Bronnen ( Centraal Bureau voor Genealogie), archiefnr. VIBDNI004979, zond op 8 oktober 1887 de toen 20-jarige Willem Cornelis  Daniël aan de Resident van Pasoeroean een verzoekschrift om te worden toegelaten tot het eerstkomend klein ambtenarenexamen, dat gehouden zou worden op 20 oktober 1887.

     

    Willem Cornelis Daniël overleed op 7 januari 1893 in Pasoeroean

    ==============================================================

    In de Oost-Indische Bronnen (Centraal Bureau voor Genealogie), archiefnummer: VIBDNI004938, blijkt uit een verklaring van echtgenote Cornelia Augustina Margaretha Goller (gedateerd 12-06-1893, Pasoeroean), dat haar echtgenoot Willem Cornelis Daniël op 07-01-1893 te Pasoeroean is overleden met de vermelding: "overledene laat hoegenaamd geen goederen na"




    28-11-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Geboren in Kedoe ( Midden Java)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

     

    Geboren in Kedoe ( Midden Java)

     

    Kedoe (nu: Kedu) ligt in het district Temanggoeng  (nu: Temanggung) in de provincie Midden-Java.

    Het gebied van Temanggoeng behoort tot het zogenaamde Diëngplateau, een complex van vulkanen op Midden-Java. Het complex bestaat uit 2 of meer vulkanen en 20 kleine kraters. Het plateau ligt gemiddeld op 2.300 meter hoogte. De hoogste pieken zijn de gunung (berg) Prahu (een stratovulkaan van 2565 meter), de Pakuwaya (een kegel van 2398 meter) en de Bisma (een kegel van 2365 meter

     

    Ten noorden van het district Temanggoeng ligt het district Kendal, ten oosten het district Semarang, ten zuiden het gebied van Magelang en ten westen het district Wonosobo.

     

    Het Diëngplateau is 2093 m hoog. Op dit plateau, bij de bronnen van de Serayurivier, liggen de oudste tempels van Java. Ze zijn gebouwd in opdracht van de Saliendra dynastie in het begin van de 9e eeuw. De naam Dieng komt van Di Hyang ofwel 'verblijf van de goden'. Shiva is de godheid waaraan alle monumenten op het plateau zijn opgedragen

     

     

    Lodewijk Ferdinand Persijn werd  geboren op 10 mei 1852 in Kedoe/Temanggoeng [bron: Regerings Almanak 1853, blz. 448 / CBG: Collectie Bloys van Treslong Prins, fiche nr. 10819] en was een  zoon van Coenradus Nicolaas Persijn en Johanna Christina Nooy.

    Hij werd  gedoopt op 11 juli 1852 in Temanggoeng [bron: Het Herv. Doopregister van Semarang 1852 (Bronnenpublicaties v.d. Indische Genealogische Vereniging, deel 4) / CBG: Collectie Bloys van Treslong Prins, fiche nr. 10819].

    Bij de doop van Lodewijk waren de volgende getuigen aanwezig: Frederik Hermanus Zeijdel en Wilhelmus George Heim.

     

    Uit de adressenlijsten van Nederlands - Indië blijkt, dat Lodewijk Ferdinand Persijn behalve in Kedoe nog in andere plaatsen heeft gewoond, zoals in Batavia (1870,1871 en 1879), Tjiamis (in het Cheribonse) ( 1872,1873), Meester Cornelis (1880 1881), Semarang ( van 1895 tot 1907) en in Magelang ( van 1908 tot 1913)

     

    Vanaf 28 april 1870 was hij leerling telegrafist en vanaf 26 maart 1873 kommies 3de klas bij de Post- en telegraafdienst te Tjiamis (Cheribon) en van 1882 bekleedde hij naast de rang van kommies 3de klas ook nog de functie van kantoorchef 5de klas bij de Post- en Telegraafdienst.

    Van  1902 tot 1907 stond hij in de adressenlijsten vermeld  als ‘particulier’ te Kobong (Semarang)  en van 1914 tot 1933 in Krakal (Keboemen) met de vermelding : “zonder broep”.

    In 1937 stond Lodewijk Ferdinand Persijn vermeld als”hotelhouder van  ‘Onze Toevlucht” (‘” Kuren bij geneeskrachtige warmwaterbronnen” ) te Krakal (Midden- Java)

     

    Lodewijk Ferdinand Persijn trouwde als jongeman van  19 jaar oud, op 26 april 1872 in Batavia [bron: RA 1873,181] met Susanna Margaretha Pichel.

    Het huwelijk werd ongeveer 7 jaar later ontbonden.

    De ontbinding van het huwelijk werd uitgesproken op 13 februari 1879 in Batavia [bron: RA 1880,207]. Susanna is overleden.


    Lodewijk Ferdinand hertrouwde  op 29 maart 1879 in Batavia, [bron: Regerings Almanak 1880, blz. 205 / Advertentie in de krant (Fiche CBG)] met Louise Adolphine Adelaide Schmith, 20 jaar oud. Louise werd geboren op 13 september1858 in Batavia [bron: Almanak van Ned. Indië].. Van 1908 tot 1923 was zij directrice van hotel “Onze Toevlucht”te Krakal, waarvan haar man eigenaar was. Louise is overleden

     

    Kind van Lodewijk en Susanna:

    Coenradus Nicolaas Persijn, geboren op 24januari1873 in Galoe, Cheribon [bron: RA 1874, 219]

    Coenradus trouwde, 25 jaar oud, op 16 maart 1898 in Grissee [bron: RA 1900, 337] met Susanna Helena Roostee, 17 jaar oud. Susanna werd geboren op 27 augustus1880 in Grissee (Gresik). Susanna Helena is overleden op 18-12-1956 in Apeldoorn, 76 jaar oud. Zij is begraven te Ugchelen [bron: Gemeente Apeldoorn].

    Coenradus Nicolaas  overleed op 31 maart 1953 in Apeldoorn, 80 jaar oud [bron: Gemeente Apeldoorn]. Hij is begraven te Ugchelen [bron: Gemeente Apeldoorn].

    Kinderen van Lodewijk en Louise:

     

    1 Louis Armand Clement Albert Persijn, geboren op 7 oktober 1879 in Batavia [bron: RA 1881, 233]. Louis is overleden op 16 juli 1906 in Djokjakarta, 26 jaar oud [bron: RA 1907, 125].
    Louis trouwde, 21 jaar oud, op 24 november 1900 in Soerabaja met
    Clementine Louise la Gordt Dilie, 25 jaar oud.

    Het huweliijk werd 4 jaar later ontbonden.

    De ontbinding van het huwelijk werd geregistreerd op 26 november 1904 in Soerakarta (Solo).
    Het is mij niet bekend of zij kinderen hadden

    Clementine is geboren op 9 november 1875 in Soerabaja. Ze overleed op 20 mei 1922 in Soerabaja, 46 jaar oud.

    2 Louis Fernand Henri Persijn, geboren op 30 augustus1881 in Soerakarta [bron: RA 1882, 275]..
    Louis trouwde, 25 jaar oud, op 25 juli 1907 in Magelang (Kedoe) [bron: BS (Naamlijst/Adresboek N.I. jrg. 1908/30)] met
    Anna Marie Persijn, 22 jaar oud. Anna is geboren op 19 september 1884 in Semarang [bron: Almanak van Ned. Indie / RA 1885, 237], dochter van (voornaam onbekend) ´t Sas en Christina Ferdinanda Persijn. Anna is overleden op 27 februari 1977 in Simi Valley, Ventura, California (U.S.A.), 92 jaar oud [bron: California Deaths, 1940 - 1997 / SSN 565661605]. Zij werd begraven te Santa Susana, Ventura, California.
    In de U.S.A. was haar soc. secr. number: 565.66.1605

    3 Emile Eugene Fernand Persijn, geboren op 11 maart 1883 in Menado [bron: RA 1884, 281].
    Hij was een tweelingbroer van Eugene Emile Alphonse
    Emile Eugene Fernand is overleden na 1930 in Tjilatjap, minstens 47 jaar oud.
    Emile trouwde, 31 jaar oud, op 1 september1914 in Tjilatjap [bron: RA 1915, 156] met
    Johanna Mathilde Kinski, 21 jaar oud. Johanna is geboren op 3 mei 1893 in Tjilatjap. Johanna is overleden.
    Notitie bij Johanna: Volgens Maurits Pieplenbosch heeft Johanna Mathilde in Apeldoorn gewoond en had zij een aangenomen dochter, Rina, die geboren zou zijn op 14 september 1917

    4 Eugene Emile Alphonse Persijn, geboren op 11 maart1883 in Menado [bron: 1884, 281].
    Hij was een tweelingbroer van Emile Eugene Fernand
    Eugene is overleden op 4 juli 1945 in Ambarawa, 62 jaar oud [.  Hij werd begraven op het Nederl. Ereveld "Kalibanteng" te Semarang vak M II, grafnr. 30. bron: Oorlogsgravenstichting]
    Eugene begon een relatie met
    Ella Josephine Teuscher. Ella is geboren op 25 november1885 in Lembang [bron: The Church of Jesus Christ of Latter Day Saints (Mormonen)], dochter van Georg Friedrich Karl Teuscher en de Inlandse vrouw Sarmas. . Ella is overleden in 1955 in Jakarta, 70 jaar oud. Zij was de weduwe van Louis Ernest Hagenaar (geb. 1871), met wie zij trouwde op  6- maart1907 in Bandoeng (Ned. Indie) [bron: The Church of Jesus Christ of Latter Day Saints (Mormonen)].

     

    5 Armande Louise Eugenie Emelie Persijn, geboren op 8 juli1884 in Menado [bron: RA 1885, 266]. Armande is overleden op 22 mei1973 in Den Haag, 88 jaar oud [bron: VCG Persijn].
    Armande trouwde, 18 jaar oud, op 3 september1902 in Soerakarta (Solo) [bron: RA 1904, 23] met
    Victor Marius Baume, 23 jaar oud.

    Het huwelijk werd ruim 50 jaar later ontbonden. De ontbinding van het huwelijk werd geregistreerd op 3 maart 1953 in Den Haag (Echtscheiding) [bron: Scan vonnis Arr. Rechtbank ´s-Gravenhage, dd. 03-03-1953, Rolnr. 53/421 (via mail van Hans Jordans)].
    Notitie bij het huwelijk van Armande en Victor:
    Victor Marinus Baume was bij zijn huwelijk met Armande Louise Eugenie Emelie Persijn weduwnaar van Amalia DULONG
     Victor was geboren op 15 november 1878 in Soerabaja als  zoon van
    Louis Leon Baume en Johana Gertruide Rhims. Victor overleed op 21 juni 1975 in Wageningen, 96 jaar oud.

    6 Arthur Fer(di)nand Gustave Persijn, geboren op 11 september 1892 in Semarang [bron: RA 1894, 339]. Hij overleed op 07 mei 1972 in Ede, 79 jaar oud [bron: VCG Persijn].
    Arthur:
    (1) trouwde, 19 jaar oud, op 8 mei 1912 in Batavia [bron: RA 1913, 8] met
    Cornelia Stolsz, 22 jaar oud. Cornelia is geboren op 16 september 1889 in Semarang. en overleed op 23 mei 1970 in Zaandam, 80 jaar oud.
     Het huwelijk werd 7 jaar later ontbonden.De ontbinding van het huwelijk werd geregistreerd op 4 oktober 1919 in Batavia [bron: RA 1920, blz.

    (2) begon een relatie met Charlotte Wilhelmina Derks. Charlotte is geboren op 7 november 1891 in Soerabaja. Charlotte is overleden op 4 mei 1970 in Ede, 78 jaar oud.

     

    Vader Lodewijk Ferdinand Persijn is overleden  in Keboemen. Het jaar van overlijden is me niet bekend, maar dit moet na 1900 geweest zijn, want in 1900 stond hij nog vermeld als inwoner van Keboemen




    30-11-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Frederik Hendrik Persijn, geboren in Djatiwangi
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

     

     

    Frederik Hendrik Persijn, geboren in Djatiwangi

     

    Djatiwangi ( nu: Jatiwangi), een gehucht  nabij Cheribon ( nu: Cirebon), West-Java.

    Het plaatsje ligt tussen Ciwaringin/Palimanan en Kadipaten op de weg van Cheribon naar Bandoeng.

    De meeste bewoners waren en zijn werkzaam in de dakpannenindustrie.

    De plaats ligt op de grens van het Javaanse en Soendanese taalgebied, maar men spreekt hier overwegend Soendanees..

     

    Frederik Hendrik Persijn werd  in Djatiwangi geboren op 9- augutus 1883 [bron: Regerings Almnak 1901, blz 420] als zoon van Hendrik Louis Persijn en  de Inlandse vrouw Miah.

    Hij werd in 1900 te Panararoekan/ Sitoebondo erkend.

     

    Van 1902 tot 1905  werkte als hij als particulier te Soerabaja.

    In 1908  vinden we hem terug als employé bij de Cultuur Maatschappijn Sentong-Bondowoso

    en van 1909 tot 1915 als employé bij de onderneming Dabosah Bondowoso.

    Van 1916 tot 1922 werkte Frederik Hendrik als employé bij de Besoeki Tabak Maatschappij te Kalisat Djember en van 1923 tot 1926 bij de onderneming Soemberdjeroek in Kalisat.

    Van 1928 tot 1931 was hij werkzaam bij de onderneming Kalibaroe en van 1937 tot 1940 vinden we hem in de analen terug al eigenaar van de onderneming Karanghardjo te  Glenmore (Banjoewangi)


    Frederik begon een relatie met de Chinese vrouw Soen. Zij was een dochter van Lie Ang Kie.

    Soen overleed op 25 december 1933 in Krikilan/Glenmore (Banjoewangi).

    Daarna  begon hij een relatie met de Cjinese vrouw  Ing

     

    Daarna had hij een relatie met de Chinese vrouw  Aimeh.. Aimeh werd  geboren in  september-1935 en overleed op 29 mei 1955 in Glenmore ( Banjoewangi) 19 jaar oud.


    Daarna had Frederik nog een  relatie met Elly. Haar achternaam is mij niet bekend

     

    Kinderen van Frederik en Soen:

     

    Marie Louise Persijn, geboren op 12 janurai1919 in Soemberkalong [letterlijk: Bron der vleermuizen].
    Ze werd in Djember erkend (Bron: Almanak van Ned. Indie)

    Marie trouwde, 29 jaar oud, op 9 juli1948 in Batavia met George Schenkhuizen, 26 jaar oud. George is geboren op 10 april 1922 in Batavia.

     

    Jan Persijn, geboren op04 november 1921 in Soemberkalong. Jan is overleed op 6 juli1952 in Karanghardjo, 30 jaar oud

    Hij werd door pemoeda’s ( jonge Indonesische extremisten) doodgeschoten.

    Hij werd  begraven te Glenmore.Jan had een relatie met  de Inlandse vrouw Mariatie (geen achternaam).

     

    Kind van Frederik en Ing:

     

    Daniel Adolf Persijn, geboren op 9 september1932 in Glenmore. Daniel  overleed op 7 augustus -1950 in Soerabaja in het hospitaal aldaar aan tyfus. Hij was toen 17 jaar.

    .

    Kinderen van Frederik en Aimeh:

     

    Frederik Hendrik Louis Persijn, geboren in 1953 in Karanghardjo.
    Van Frederik Hendrik Louis is mij niet bekend of hij vrouw en kinderen /had


    Elisabeth Persijn, geboren op 21mei 1955 in Karanghardjo. Elisabeth is overleden op 25 mei 1955 in Glenmore, 4 dagen oud.

     

    Kinderen van Frederik en Elly:

     

    Helene Persijn, geboren in 1957 in Karanghardjo.
    Henry Persijn, geboren in 1959 in Karanghardjo.
    Gerard Persijn, geboren in 1963 in Karanghardjo.

     

    Frederik Hendrik Persijn is overleden op 4- april 1964 in Karangharjo in de leeftijd van  80 jaar. Hij werd begraven te Glenmore (Banjoewangi).

     




    07-12-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Johan(nes) God(t)lieb Fredriksz, controleur der landelijke inkomsten
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Johan(nes) God(t)lieb Fredriksz, controleur der landelijke inkomsten.

     

    Johan(nes) God(t)lieb Fredriksz werd geboren in 1793 in Semarang als  zoon van Christiaan Hermanus Fredriksz en Maria Margaretha Persijn.

     

    Van 1821 tot 1827 was hij opziener der houtbossen te Rembang, Japara en Joana               

    In 1831 Controleur der landelijke inkomsten 2e klasse in Madioen en van 1835 tot 1838 Controleur der landelijke inkomsten en cultures                                                                                                       

    ……………………………………………………………………………………………………….

    Controleur is een ambtenaar binnenlands bestuur die een (assistent-) resident assisteerde of een onderafdeling beheerde. Bijvoorbeeld in de theecultuur, de koffiecultuur,  de indigocultuur..

    Deze functie zagen we al in de 18e eeuw ontstaan. Zo was er  om de nieuwe koffieplantages te controleren  de  zogenaamde “koffiesergeant”

    ……………………………………………………………………………………………………….

     

    In 1839 werd Johan(nes) God(t)lieb op eigen verzoek eervol ontslagen (gepensioneerd met f. 1035 per jaar)
    Per 1855 werd zijn pensioen herzien.. Het pensioenbedrag werd toen bepaald op f 1170 per jaar met terugwerkende kracht vanaf 1839).

                              

    Johan(nes) God(t)lieb
     trouwde, 20 jaar oud, in 1813 in Semarang met
    Catharina Huls(t)hoff, die in Soerabaja werd geboren. Catharina overleed op 22- september 1839 in Semarang,  waar zij ook werd begraven.
    Hij hetrouwde op 56-jarige leeftijd, op 26 april-1849 in Semarang  [bron: De Indische Navorscher, Jaargang 2 (1989), nr. 1, blz. 155] met
    de Javaanse vrouw Sanira ( of Satimah)  Voor het huwelijk was Sanira (Satimah) eerst enige tijd de concubine van Johan(nes) God(t)lieb Fredriksz geweest
    Ze werd een week voor het huwelijk met Johoannes gedoopt op 19 april 1849 in de Hervormde kerk te Semarang.
    Getuige bij haar doop: Maria Margaretha Persijn, de moeder van Johan(nes) God(t)lieb Fredriksz en aanstaande schoonmoeder van Sanira (Satimah)
    Tweede getuige: Johannes Godlieb Fredriksz

     
    Kinderen van Johan(nes) en Catharina:

     

     Christiana Hermenie Josephine (Christine) Fredriksz, geboren op 25 december 1828 in Semarang. Christine is overleden op 01-11-1891 in Batavia, 62 jaar oud [bron: Regerings Almanak 1893, blz. 380]. Christine trouwde, 14 jaar oud, op 1 februari 1843 in Pati (Pattie) met Dietert Brugma Bronkhorst, 36 jaar oud. Dietert is geboren op 16 mei 1806 in Groningen, zoon van Frederik Hendrik Bronkhorst en Martha Nalida Geertruida Brugma. Dietert is overleden op 11 oktober1856 in Semarang, 50 jaar oud.
    Toen Dietert huwde met Christine Hermenie Josephine Frederiksz was hij administrateur van de suikerfabriek Pekieringan nabij Pati, in de afdeling Jo(ew)ana. Daarvoor was hij officier.             

     

    Sara Dorothea Fredriksz, geboren op 7 april1832 in Madioen [bron: Regerings Almanak 1833, blz. 237]. Sara is overleden op 20 juni 1855 in Batavia, 23 jaar oud.

    Sara trouwde, 17 jaar oud, op 16 oktober 1849 in Semarang [bron: Regerings Almanak 1851, blz. 383] met Johan Jacob Keijner, 34 jaar oud. Johan is geboren in 1815. Johan is overleden.

     

    Kinderen van Johan(nes) en Sanira:

    1 Anna Esbia Fredriksz, geboren op 02-04-1844 in Semarang. Zij is gedoopt op 01-12-1850 in Semarang (Hervormde Kerk). Bij de doop van Anna was de volgende getuige aanwezig: Johan Jacob Keijner. Anna is overleden op 18-09-1916 in Soerabaja, 72 jaar oud [bron: [RA 1918, 147]]. Zij is begraven te Soerabaja , begr.plaats Peneleh, graf B 3389.
    Notitie bij overlijden van Anna:
    Grafopschrift:
    "Hier rust onze geliefde moeder en grootmoeder mevr. A.E. Klein, geb. Fredriksz overleden in den ouderdom van 73 jaren, 18 september 1916, te Soerabaja.".-

    Anna trouwde, 18 jaar oud, op 5 mei1862 in Semarang [bron: [Regerings Almanak1863,  blz. 9]] met
    Janus Jacobus Klein, 21 jaar oud. Janus werd geboren in 1841.

    2 Suzanne Charlotta Fredriksz, geboren in 1848 in Semarang . Zij is gedoopt op 1 december 1850. Suzanne trouwde, 46 jaar oud, op 26 juli 1894 in Batavia (Jakarta), Indonesia met George Johannes Bastiaan, 31 jaar oud. George werd geboren op 19 april 1863 in Weststellingwerf als zoon van Petrus Bastiaan en Maria Lindeman.( bron:  Tresoar, Frysk Histoarysk en Letterkundich Sintrum, aktenr. A 126)

     

    Johan(nes) God(t)lieb Fredriksz is overleden op 18 maart 1878 in Semarang, 85 jaar oud [bron: Regerings Almanak 1879, blz. 301]. Hij werd ook in Semarang begraven




    11-12-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De familie Kakebeeke in Goes (Zeeland)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De familie Kakebeeke in Goes (Zeeland)

     

    Goes

    De oudste datering van Goes is het jaar 976. In de twaalfde eeuw is er sprake van een kleine nederzetting aan de Korte Gos, een kreek op Beveland. Op de kreekrug, waar dan de meeste huizen staan, ontstaat er een plein, waar markt wordt gehouden. De ambachtsheren bouwen een verdedigbare toren. Er tegenover komt een kerk, gewijd aan Maria Magdalena, de heilige die staat afgebeeld op het middeleeuwse stadszegel. Het dorp groeit gestaag.

     

    Graaf Willem VI geeft Goes in 1405 het recht om te mogen recht spreken. Hiermee wordt Goes een stad. Gravin Jacoba van Beieren, zijn dochter en opvolgster, staat in 1417 toe dat de Goesenaren een gracht rond hun grondgebied graven, met bruggen, poorten en een stadsmuur. Het dorp is nu ook uiterlijk een stad geworden. De voornaamste bron van welvaart is de zoutwinning uit veen. Een andere belangrijke nering in de 15e eeuw vormt de lakennijverheid. Schepen met thuishaven Goes zijn in die tijd te zien in veel West-Europese havens.

     

    De 16e eeuw is in Goes een periode van economische teruggang. Overstromingen richten veel schade aan en de haven verzandt. In 1554 brandt een kwart van de stad af. Men herbouwt de huizen in steen. In 1577 vertrekken de laatste Spaanse troepen uit Zuid-Beveland, waarna Goes zich voor de Prins van Oranje verklaart. Prins Maurits geeft Goes toestemming voor de aanleg van een verdedigingsgordel. Op luchtfoto's is nog altijd goed te zien dat Goes ooit een vestingstadje is geweest. De namen van pleinen en kaden herinneren nog aan de handelsstad die Goes altijd is gebleven: Grote of Korenmarkt, Oude Vismarkt, Vlasmarkt, Beestenmarkt,  Bierkade, Turfkade en Houtkade

     

     (Bron: Website Gemeente Goes)

     

    Jacob Marinus Kakebeeke

     

    Jacob Marinus Kakebeeke werd geboren op 4  april 1839 in Goes, zoon van Johannis Cornelis Kakebeeke en Johanna de Leeuw. Jacob is overleden op 21 augustus1910 in Goes, 71 jaar oud [bron: Zeeuws Archief / Overlijdensakten Goes 1811-1955, aktenr.75].
    In 1873 was hij  landbouwer [bron: Ovrlijdensakte zoon Jacob ]

     

    Jacob trouwde, 25 jaar oud, op 27 juli 1864 in Wolphaartsdijk [bron: Zeeuws Archief / Burgerlijke stand - Huwelijk / Aktenummer: 12] met Cornelia Jacoba Christina van den Bosch, 25 jaar oud. Cornelia werd geboren op 9 februari1839 in Kattendijke cum annexis [bron: Zeeuws Archief: Geboorteakten Kattendijke 1811-1905/ Aktejaar : 1839, aktenummer (documentnumber) : 7] als dochter van Iman Gualtherus Jacob van den Bosch en Cornelia Adriana Kakebeeke. Cornelia overleed op 1 januari1901 in Munchen (Duitsland), 61 jaar oud [bron: Zeeuws Archief: Overlijdensakten Goes 1811-1955, aktenummr 5/ Extract overlijdensregister Gemeente Munchen].

    Kinderen van Jacob en Cornelia:

    1 Johanna Cornelia Adriana Kakebeeke, geboren in 1865 in Goes.

    Johanna trouwde, 23 jaar oud, op 29 november 1888 in Goes [bron: Zeeuws Archief / Burgerlijke stand - Huwelijk / Aktenummer: 37] met Pierre Jean Landry, 32 jaar oud. Pierre is geboren in 1856 in ´s-Gravenhage, zoon van Pierre Jean Landry en Hendrina ( Dina) Hensen. Pierre is overleden.

    2 Iman Gualtherus Jacob Kakebeeke, geboren op 10 februari 1867 in Goes. Iman is overleden.
    Beroepen:

    1904  Rijkslandbouwleeraar [bron: Huwelijksakte]

    vanaf 1916   Inspecteur van den Landbouw   [bron: Nederland’s Patriciaat, 13e jaargang 1923]

    Iman trouwde, 37 jaar oud, op 20 juli 1904 in Goes [bron: Zeeuws Archief: Toegangnr: 25.35 / Gem. Goes / Huwelijksakte nr. 37] met Francina Abellina Ochtman, 28 jaar oud.
    Van dit huwelijk van Iman en Francina werd ook melding gedaan in:

    Nederland’s Patriciaat, 13e jaargang 1923
    Francina werd geboren op 19 april1876 in Goes en was een  dochter van
    Johannes Jacob Ochtman en Maria Fransen Fransen van de Putte. Francina is overleden.

    3 Johanna Gerarda Kakebeeke, geboren in 1869 in Goes.

     Johanna trouwde, 21 jaar oud, op 24 december 1890 in Goes [bron: Zeeuws Archief / Burgerlijke stand - Huwelijk / Aktenummer: 46] met Herman van Bommel van Vloten, 30 jaar oud. Herman is geboren in 1860 in Raamsdonk, zoon van Willem Jacobus van Bommel van Vloten en Hermina Gijsberta van den Ham..
    Herman was in 1890 volgens een vermelding in de huwelijksakte arts.

     

    4 Johannes Cornelis Kakebeeke, geboren in 1871 in Goes..
    Beroep: 1898  Advocaat  [bron: Huwelijksakte]

     

    Johannes trouwde, 27 jaar oud, op 13 oktober1898 in Brummen [bron: Gelders Archief : Toegangnr. 0207/ Inventarisnr. 6035/ Huw.akte nr. 62] met Maria Beata van Hooff, 25 jaar oud. Maria is geboren in 1873 in Sluis, dochter van Adam van Hooff en Maria Elisabeth Josijne de Josselin de Jong. Maria is overleden op 5 juni1936 in Voorst, 63 jaar oud [bron: Gelders Archief : Toegangnr. 0207/ Inventarisnr.9784/ Overlijdensakte nr. 62]. Van het overlijden is aangifte gedaan op 6 juni1936 [bron: Overlijdensakte].

    5 Jacob Kakebeeke, geboren in april1873 in Goes en overleden op 23 augustus1873 in Goes, 4 maanden oud [bron: Zeeuws Archief: Overlijdensakten Goes 1811-1955, aktenummr 98].

     




    15-03-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Frederik Nicolaas Persijn / Persijn Nooy
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Frederik Nicolaas Persijn / Persijn Nooy

    Van ‘Persijn’ tot ‘Persijn Nooy’

     

    Frederik Nicolaas Persijn (later:  Persijn Nooy) werd  geboren op 21 mei 1876 in Poerworedjo (Bagelen) [bron: Regerings Almanak 1877, blz. 249].

     

    Poerworedjo (nu: Purworejo) is een onderdistrict en stad in Midden-Java, ongeveer 60 kilometer ten westen van Djokjakarta (Jogjakarta). De plaats Poerworedjo was /is de hoofdstad van het regentschap Poerwporedjo

     

    Frederik Nicolaaas  was een zoon van Pieter Hermanus Persijn en Francina Charlotte Leonora (Francoise) Nooy.

    Volgens de Adressenlijst Nederlandsch-Indie (1896-1940) woonde hij een groot deel van zijn leven in Soerabaja.

     

    Uit de Almanak van Nederlandsch-Indië was Frederik Nicolaas

    van 1902 tot 1909: Employé bij Schiff & Co te Soerabaja ( Genteng)

    van 1910 tot 1912 dezelfde functie in Pesawan

    van 1913 tot 1929 dezelfde functie aan de Prinsessellaa 7 te Soerabaja

    van 1931 tot 1940 Boekhouder op het kantoor van Eichholtz te Soerabaja

     

    Voorts was hij volgens dezelfde Almanakken

    vanaf 10 april 1911 Luitenant van de Schutterijen te Soerabaja

    vanaf 29 april 1914 Eerste Luitenant bij de Schutterijen te Soerabaja en

    vanaf 19 september 1916 Kapitein bij dezelfde schutterijen.

     

    Frederik trouwde, 27 jaar oud, op 10 juni 1903 in Soerabaja [bron: RA 1904, 16/ Dossier Fritschi (SIFA)] met Adolphine Fritschi, 23 jaar oud. Adolphine werd geboren op 25 mei 1880 te Soerabaja [bron: Almanak van Ned. Indie/ Dossier SIFA].

    Adolphine  overleeden op 21 oktober 1971 in Den Haag, 91 jaar oud [bron: VCG Persijn/Ochtmans].

    ………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

    Bij Gouvernements Besluit van 04-09-1905 nr. 21 kreeg Frederik Nicolaas Persijn vergunning zich te noemen: PERSIJN NOOY ( Ned. Staatscourant 1904 no 160
    (Bron: Dossier SIFA) / Nederlandse Leeuw 1912, blz. 373

     

    Nooy was de meisjesnaam van zijn moeder.

    ……………………………………………………………………………………………………………………………………………………..


    Kinderen van Frederik en Adolphine:

    1 Francoise Hermance Persijn Nooy, geboren op 24-03-1904 in Soerabaja [bron: Regerings Almnak 1905, blz. 56]. Francoise is overleden op 3 december 1972 in Den Haag, 68 jaar oud [bron: Ochtmans].

    Zij is gecremeerd op 6 december 1972 te Loosduinen (Crematorium “Ockenburgh",Ockenburghstraat) [bron: Karntenknipsel (Dosier Persijn Nooy, SIFA)].
    Bij haar overlijden woonde ze op het adres: Kijkduinsestraat 850, Den Haag
    Ze was opgebaard in het uitvaartcentrum, Prinsengracht 39

    In 1928 en 1929 werkte ze als employé bij de Pakketvaart te Soerabaja

    Francoise trouwde,toen ze 23 jaar oud was , op 27 september 1927 in Soerabaja [bron: Ochtman] met Marinus Wilhelmus Adolphus van Alphen, 27 jaar oud. De ontbinding van het huwelijk werd geregistreerd op 27-10-1947 in Soerabaja.
    Voor zover bekend hadden ze geen kinderen
    Marinus werd geboren op 30 mei 1900 in Soerabaja en overleed op 18december 1976 in Breda.

    2 Chalotte Eleonora Persijn Nooy, geboren op 11 augustus 1906 in Soerbaja [bron: Almanak van Ned. Indie]. Chalotte is overleden op 7 januari 1995 in Voorschoten, 88 jaar oud [bron: Ochtman].
    Van 1926 tot 1933 was zij employé bij de Ned. Ind. Landbouw Maatschappij te Soerabaja.

                               

    Chalotte trouwde op 25 september 1935 in Soerabaja met drs. Hendrik Jacob Vredendaal, 35 jaar oud. Hendrik werd geboren op 3 augustus 1900 in Den Haag [bron: Ochtman] en overleed op 26 juni 1970 in Waalwijk, 69 jaar oud [bron: VCG Persijn].
    In 1933 was hij Employé van de Pakketvaart in Weltevreden en van 1937 tot 1940 Secretaris bij de Handelsvereniging Soerabaja.

     

     

    Frederik Nicolaas Persijn Nooy  overleed op 29 april 1946 in Den Haag in de ouderdom van 69 jaar.




    02-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fredrik Hermanus Zeijdel, geboren in Pasoeroean
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

     

     

    Fredrik Hermanus Zeijdel, geboren in Pasoeroean

     

    Pasoeroean (nu: Pasuruan) is de naam van een stadsgemeente en van een regentschap in Oost-Java.

    Paoeroean ligt circa 75 km ten zuidoosten van Soerbaja en tegenover het eiland Madoera.

    Toen Indonesië nog een Nederlandse kolonie was (Nederlands-Indië)  vormde Pasoeroean het hart van de suikerrietplantages en met hun suikerfabrieken. Ook nu nog is deze industrie hier aanwezig.

    In het westen van het regentschap Pasoeroean ligt het regentschap Modjokerto (Mojokerto), in het zuiden Malang en in het oosten Probolingo.

    Het gebied trok en trekt veel toeristen aan, die onder meer een bezoek brengen aan de berg Bromo, de meest bekende vulkaan op Java.

    De berg is met 2392 meter zeker niet de hoogste berg van de regio, maar de ligging is wel bijzonder.

    De vulkaan ligt samen met twee andere vulkanen in een zandzee van zo’ n 8 bij 10 km.

    Een populaire activiteit onder toeristen  is het bekijken van de zonsopgang vanaf re rand van de krater van de Bromo, midden in het betoverende maanachtig landschap.

     

    In de plaats Pasoeroean werd op 23 juni 1817 Fredrik Hermanus Zeijdel geboren. Hij was een zoon van Johannus Hendrik Zeijdel en Geertruida Pfaff. Hij werd gedoopt op 21 mei 1820 in Soerabaja.. Fredrik trouwde, 24 jaar oud, op 30 maart 1842 in Magelang [bron: Dossier ZEIJDEL (SIFA)] met Frederika Henriette Wilhelmina Benighausen, 22 jaar oud. Frederika is geboren op 29 mei 1819 als dochter van Johan Hendrik Benighausen en Anna Wilhelmina Doeve. Frederika is overleden op 29 mei 1904 in Magelang, 85 jaar oud. Zij is begraven in Magelang, Algemene Begraafplaats, graf nr. 89.

     

    Kinderen van Fredrik en Frederika:

     

    1 Engelina Geertruida Wilhelmina Zeijdel, geboren op 12 januari 1843 in Temangoeng. Engelina trouwde, 19 jaar oud, op 9 augustus 1862 in Temangoeng [bron: Dossier ZEIJDEL (SIFA)] met Jan Hendrik Ploem.

     

    2 Anna Charlotta Zeijdel, geboren op 16 januari1844 in Temangoeng

     

    3 Wilhelmina Susanna Zeijdel, geboren op 26 juni 1846 in Temangoeng [bron: Persoonsfiche (SIFA)].

     

    4 Elise Emelie Zeijdel, geboren op 24 juni1848 in Temangoeng.

     

    5 Catharina Wilhelmina Zeijdel, geboren op 30 september1849 in Magelang (Kedoe). Zij is gedoopt op 30-09-1849 in Magelang (Kedoe).

     

    6 Albert Henry Frederik Zeijdel, geboren op 25 juni1851 in Temanggoeng. Hij is gedoopt op 8 oktober1851 in Temanggoeng. Albert overleed op 27 september 1913 in Batavia, 62 jaar oud. Albert trouwde, 23 jaar oud, op 9 augustus 1874 in Temanggoeng [bron: Dossier ZEIJDEL (SIFA)] met Francoise Henriette Jane Nicolone Nooy, 19 jaar oud. Francoise werd geboren op 10 oktober1854 in Ambarawa, dochter van Frederik Lodewijk Nooy en Henrietta Louisa Margaret Cornelia Munro. Francoise is overleden op 24 augustus 1929 in Soekaboemi, 74 jaar oud.

     

    7 Ida Susanna Hermiena Zeijdel, geboren op 11 juli 1852 in Temangoeng. Zij werd gedoopt op 16 juli 1853 in Temangoeng. 

     

    8 Maria Henriette Zeijdel, geboren op 28 juni 1853 in Temangoeng en aldaar gedoopt op 16 juli 1853.

     

    9 Johannes Frederik Theodoor Zeijdel, geboren op 1 juni1854 in Temangoeng en in Meester Cornelis als cadet overleden.

     

    10 Emelie Constance Zeijdel, geboren op 8 juni1855 in Temangoeng. 

     

    11  Op 15 oktober 1856  beviel Frederika nog van een levenloos geboren kind.

     

    Fredrik Hermanus Zeijdel  is overleden op 20 juni 1899 in Magelang, 81 jaar oud




    04-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Johanna Henriette Persijn zag het levenslicht in Japara (Jepara)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Johanna Henriette Persijn zag het levenslicht in Japara (Jepara)

     

    Japara/Jepara is een klein stadje in de provincie Midden-Java aan de noordkust van Java, ten noordoosten van Semarang, niet ver van de Goenoeng/ Gunung  (berg) Moeria,(Muria), een slapende vulkaan.

     

    De omgeving is om diverse redenen bekend. Zo ligt hier het graf van Sunan Muria (Raden Umar Said), één van de zogeheten WALI SANGGA. ‘Wali’ betekent  ‘heilig’  in het Javaans en ‘ Sanga’ is ‘ negen’. WALI SANGA, de Heilige Negen waren de mystieke Islam-leraren, die in de 15de eeuw de Islam op Java hebben verspreid.

    Om te voorkomen dat de oude kennis verloren zou gaan hebben de Wali Sanga in de 15de eeuw de “Geheime Leer”  op schrift gesteld. In deze Geheime Leer wordt ondermeer beschreven, hoe men het stoffelijk lichaam kan verlaten om met de geest elders op aarde met anderen in contact te treden. 

     

    Dit gebied was ook het eerste zendingsgebied van de stichters van de Gereja Kristen Muria Indonesia, een groep Mennonieten.

     

    Jepara stond en staat vooral bekend om het houtsnijwerk (Japara-Houtsnijwerk), maar ook om de overheerlijke vrucht, de doeren-petroek (durian-petruk).

     

    In de 16de eeuw was Japara een belangrijke havenplaats

     

    =============================================================

     Johanna Henriette Persijn werd geboren op  19 okrtober 1837 in  Japara / Pati [bron: RA 1838, 244 / Almanak van Ned. Indie] als dochter van Coenraad Persijn en Catharina Dorothea van Gumster.

      

    Uit de Indische Adresboeken kan worden opgemaakt dat ze vanaf haar huwelijk in 1854 tot  aan haar overlijden in 1969 in Semarang heeft gewoond.              

    Johanna trouwde op de leeftijd van 16 jaar, op 22 mei 1854 in Pati, Japara (Ned. Indie) [bron: RA 1855, 443/ Persoonsfiche en Dossier VAN GUMSTER (SIFA)] met Frans George van Gumster, die toen ongeveer 27 jaar oud was. Frans werd omstreeks 1827 in Tegal  geboren  als  zoon van Lodewijk van Gumster en Maria Elisabeth van Emmerik. Frans is overleden op 22 november 1875 in Semarang, ongeveer 48 jaar oud [bron: Regerings Almanak1870, bl.263].

    Hij trouwde op latere leeftijd, nadat zijn eerste echtgenote Johanna Henriette Persijn was overleden, op 9 januari 1872 in Semarang met Johanna Margaretha Wilhelmina Michel (1828-1895).

     

    Frans George van Gumster was Handelsemployé te Semarang           

               

    Kinderen van Johanna en Frans:

     

    1 Maria Elisabeth van Gumster, geboren op 12 februari1855 in Semarang [bron: Regerings Almanak 1856, blz. 488] en gedoopt op 2 november1856 in Semarang [bron: Het herv. doopregister van Semarang 1856 uit: Bronnenpublikaties van de Indische Genealogische Vereniging, deel 4)].

    Notitie bij de doop van Maria: zij werd Hervormd gedoopt door Ds. C.P. Lammers van Toorenburg

    Maria is overleden op 5 juli 1889 in Semarang, 34 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie]. Maria trouwde, 21 jaar oud, op 6 april1876 in Semarang met Johan Hugo Guerin, 27 jaar oud. Johan is geboren op 31augustus1848 in Batavia, zoon van Henri Jacques Guerin en Annetje Dirkje Bernet. Johan overleed op 24 december 1906 in Batavia, 58 jaar oud. Hij trouwde later, op 1 november 1889 in Batavia met Jetje Donkel.

    Hij was employé bij de Koninklijke  Paketvaart Maatschappij en bij Daendels en Co.

                           

    2 Lodewijk Carel van Gumster, geboren op 19 april 1856 in Semarang [bron: Regerings Alamanak 1857,blz. 506 / Almanak van Ned. Indie]. Hij is (Hervomd) gedoopt op 2 november 1856 in Semarang door ds. C.P. Lammers van Toorenburg)  [bron: Het doopregister van Semarang 1856 (Bronnenpublikaties van de Indische Genealogische Vereniging, deel 4)].

    Als doopgetuige was aanwezig: Johan Pieter Persijn

    Lodewijk overleed op 13 januari 1916 in Semarang, 59 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie/Persoonsfiche SIFA/ Dossier Van Gumster (SIFA)].

    Hij was in 1902   Administrateur erfpachtperceel Kalijamat te Japara [bron: Nanny Verheyen / Peter Flohr]

    Lodewijk trouwde, 29 jaar oud, op 8 mei 1885 in Japara (Ned. Indie) [bron: Persoonsfiche SIFA/ Dossier Van Gumster (SIFA)] met Henriette Frédérique Muller, 19 jaar oud en geboren op 3 maart 1866 in Koedoes. Henriette is overleden op 7 november 1923 in Semarang, 57 jaar oud.

     

    3 Coenraad van Gumster, geboren op 18 oktober 1857 in Semarang [bron: Regerings Almanak 1859, blz. 579]. Hij werd (Hervormd)  gedoopt op 2 mei 1858 in Semarang [bron: Het Herv. Doopregister van Semarang 1858 (uit: Bronnenpublikaties v.d. Indische Genealogische Vereniging, deel 4)] door Ds. C.P. Lammers van Toorenburg

    Coenraad is overleden op 14  juni1875 in Semarang, 17 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie].

     

    4 Johanna Catharina van Gumster, geboren op 16 oktober1859 in Semarang (Ned. Indie) [bron: Regerings Almanak 1861, blz. 30 ]. Bij de geboorteaangifte van Johanna waren de volgende getuigen aanwezig: Josephina Hortense Boije en Antonius Jacobus Pool. Zij is gedoopt op 5 mei1861 in Semarang (Ned. Indie). Johanna is overleden omstreeks 1931 in Djokjakarta, ongeveer 72 jaar oud.

     

    5 Johanna Carolina van Gumster, geboren op 11 december 1860 in Semarang [bron: Regeringa Almanak 1882, blz. 33]. Zij  werd Hervormd gedoopt op 5 mei 1861 in Semarang. Bij de doop van Johanna waren de volgende getuigen aanwezig: Johan Anthonie Mierop en Elisabeth Muhlenfeld. Johanna is overleden op 22 december 1923 in Djokjakarta, 63 jaar oud. Johanna trouwde, 24 jaar oud, op 2 februari1885 in Batavia [bron: "Het geslacht Burgemeestre", 1981, ´s-Gravenhage (CBG, bibl.nr. 82/406)] met Richard Charles Burgemeestre, 42 jaar oud. Richard is geboren op 6 september 1842 in Soerabaja [bron: "Het geslacht Burgemeestre", 1981, ´s-Gravenhage (CBG, bibl.nr. 82/406)], zoon van Christiaan George Burgemeestre en Maria Christina Burgemeestre. Richard is overleden op 20 december 1931 in Soerabaja, 89 jaar oud [bron: "Het geslacht Burgemeestre", 1981, ´s-Gravenhage (CBG, bibl.nr. 82/406)].

    Notitie bij Richard: De gegevens over de kinderen van Richard Charles Burgemeestre en Johanna Carolina van Gumster komen uit: "Het geslacht Burgemeestre" door Roeland Gilles de Neve , 1981, ´s-Gravenhage (CBG, bibl.nr. 82/406)

     

    Beroepen van  Richard Charles Burgemeestre:

    vanaf 27-01-1878 3de commies bij het Dep. van Binnenlandsch Bestuur                   

    vanaf 20-05-1880 2de commies bij het Dep. van Binnenlandsch Bestuur                   

    vanaf 26-02-1883 1ste commies (In de functie van chef van de onderafd. Begroting en Uitgaven v.d. afd. Comptabiliteit)                      

    vanaf 03-09-1895 Algemeen Ontvanger te Padeglang (Bantam)

                           

    6 Theodora van Gumster, geboren op 23 februari1865 in Koedoes. Theodora is overleden op 30 juni 1873 in Semarang, 8 jaar oud.

    Bij het overlijden werd als roepnaam opgegeven ‘ Dorothea’ i.p.v. ‘ Theodora’ maar volgens ‘ Gegevens voor de genealogie Van Gumster’  door P.A. Christiaans [ Indische Navorscher nr. 14 (2001) p.151-152] ´ betreft het hier waarschijnlijk dezelfde persoon.

     

    7 Henriette Georgine van Gumster, geboren op 8 mei 1866 in Semarang [bron: Almanak van Ned. Indie]. Wanneer ze is overleden is mij niet bekend.

     

    8 Johan Pieter Bernhard van Gumster, geboren op 19 mei 1868 in Semarang [bron: Almanak van Ned. Indie]. Johan is overleden op 23 oktober 1881 in Semarang, 13 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie 1869, 38/ Dossier VAN GUMSTER (SIFA)/ Persoonsfiche SIFA].

     

     

    Johanna Henriette Persijn overleed 4 september 1869 in Semarang, 31 jaar oud [bron: RA 1870, 263 / Almanak van Ned. Indie/Indische Navorscher nr. 4, 2001].

     

     

     

     




    05-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Johan Hendrik Alexander Sleebos, geboren te Probolinggo.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Johan Hendrik Alexander Sleebos, geboren te Probolinggo.

    Probolinggo is een gemeente aan de noordkant van oostelijk deel van het eiland Java , ongeveer 100 kilometer ten oosten van de provinciehoofdstad Soerabaja en ligt aan de spoorlijn Soerabaja- Banjoewangi

    De streek stond en staat bekend om haar suikerproductie, daarnaast doen de mangga’ s / mango's ( vooral de bij Indische mensen heel bekende ‘ mangga manalagi’ )  het door het juiste klimaat heel goed hier. Er is een redelijk grote vissershaven en diverse andere producten worden hier verbouwd, zoals rubber en rijst.
    De stad wordt veel gebruikt als vertrekpunt voor een tocht naar de Gunung Bromo (Berg Bromo) een van de grootste vulkanen. Daarnaast zijn er de Semeru-berg en Argopuro-berg.

    Johan Hendrik Alexander Sleebos werd dus geboren in Probolinggo  en wel op   3 april 1842 [bron: Familysearch.org / De Indische Navorscher, Jaargang 2 (1989) nr. 1].
    Hij was een  zoon van Johan Hendrik Sleebos en Marianne (Moena) Chelebes.
    “Chelebes” was een vervorming van de geslachtsnaam SLEEBOS.
    De Javaanse vrouw Moena kreeg namelijk pas bij haar doop de naam Marianna Chelebes. [Bron: De Indische Navorscher, Jaargang 2 (1989) nr. 1]

    Johan trouwde, 24 jaar oud, op 14 september 1866 in Pamekasan/Soemenep [bron: Almanak v. Ned. Indie 1852 / Familysearch.org] met Wilhelmina Charlotte Lans, 16 jaar oud. Wilhelmina is geboren op 27 mei 1850 in Soemenep, dochter van Wilhelm Frederik Lans en Johanna Carolina/Carolina Johanna Phefferkorn. Wilhelmina is overleden. Wilhelmina Charlotte Lans zit in de stamboom van mijn moeder, van haar vaders kant.

    Kinderen van Johan en Wilhelmina:

    1 Johan Hendrik Sleebos, geboren in 1867 in Pamekasan [bron: Familysearch.org]. Johan is overleden op 18 oktober1868, nog geen  1 jaar oud [bron: Familysearch.org].

    2 Willem Richard Sleebos, geboren op 28 apri;1869 in Pamekasan en hij overleed op 20 mei 1870, 1 jaar oud.

    3 Johannes Gerardus Sleebos werd geboren op 4 juni1871 in Pamekasan [bron: Family Search.org] en overleed17 januari1872 in Pamekasan, 7 maanden oud [bron: Family Search.org].

    4 Antoinette Emilia Sleebos, geboren op 29 december 1972 in Pamakasan overleed op 29 mei 1873, 5 maanden oud.

    5 Johan Reinier Sleebos, geboren op 3 september1874 in Pamekasan (op Madoera) [bron: Family Search.org]. Johan is overleden op 29  juni 1931 in Soerabaja, 56 jaar oud [bron: De Indische Navorscher, Jaargang 8 (1995)].
    Beroepen  van Johan Reinier Sleebos:
    1903  Ontvanger inkomende en uitgaande rechten en accijnzen  [bron: Adresboek Ned. Indie 1903 ]
    1930    pzichter Zoutaanmaak te Pamekasan (Madoera) [bron: Adresboek Ned. Indie 1930]
    Johan trouwde, 22 jaar oud, op 7 april1897 in Pamekasan (Madoera) [bron: De Indische Navorscher, Jaargang 8 (1995 / Familysearch.org] met Francina Carolina Ouwens, 21 jaar oud. Francina is geboren op 28 augustus1875 in Djokjakarta [bron: De Indische Navorscher, Jaargang 8 (1995)], dochter van Adrianus Hermanus Ouwens en Maria Sophia Mathilda Israël. Francina is overleden op 26 februari1938 in Soerabaja, 62 jaar oud [bron: De Indische Navorscher, Jaargang 8 (1995)].

    6 Willem Eduard Sleebos, geboren op 15 augustus1875 in Probolinggo [bron: Family Search.org]. Willem is overleden op 19 september 1875, 1 maand oud [bron: Family Search.org].

    7 Johanna Maria Sleebos, geboren op 04 september1876 in Pamekasan. Johanna is overleden.

    8 Hendrik Johan Sleebos, geboren op 29 juli 1878 in Probolingo [bron: Familysearch.org ]. Hendrik is overleden.

    Johan Hendrik Alexander Sleebos is overleden op 12 maart 1882 in Pamekasan, 39 jaar oud [bron: Dossier Sleebos (SIFA)].


     




    06-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Angenent, Jacobus Hermanus Charles Gijsbertus
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Angenent, Jacobus Hermanus Charles Gijsbertus

    Jacobus Hermanus Charles Gijsbertus Angenent is geboren op 25 oktober 1855 in Batavia als  zoon van Jacobus Bernardus Angenent en Elizabeth Piazza.
    In het Adresboek Ned. Indië van 1930 staat hij ingeschreven in Semarang, wonende op het adres Nieuw Tjandiweg 24, met de vermelding: Gep. Kapitein, gehuwd met C.W. Buijs

    Hij was Vrijmetselaar.

    Jacobus was officier in het 11de Bataljon Infanterie en als zodanig nam hij deel aan de Atjeh-oorlog en de Lombok-expeditie.
    ====================================================================
    In juni 1894 stuurden de Nederlanders een militaire expeditie naar Lombok. Het Nederlandse gezag wil een einde maken aan het opstandige gedrag van de Hindoestaanse heersers op Lombok. De Hindoestanen onderdrukten bovendien de islamitische bevolking op het eiland, die daardoor ook opstandig werd. Na vreedzame onderhandelingen met de radja van Lombok wordt het Nederlandse leger in een hinderlaag gelokt. Er vallen meer dan 100 slachtoffers onder de Nederlanders
    =====================================================================================

    Jacobus werd als kapitein gepensioneerd.
    Na zijn pensionering deed hij sociaal werk in Semarang zoals het bezoeken van gevangenen. 
     
    Jacobus trouwde (bij volmacht), 24 jaar oud, op 3 februari 1880 in Batavia [bron: Opgave Ind. Burgerl. Stand 1822-1923 (SIFA, Dossier Angenent)] met Cathrina Wilhelmina Buijs, 18 jaar oud.
    Cathrina werd geboren op 8 november 1861 in Batavia en was een dochter van Dirk Nicolaas Buijs en Joahanna Catharina Elisabeth Domingo. Cathrina overleed op 28 augustus 1946 in Amsterdam, 84 jaar oud. Ze woonde toen aan de Corbetstraat 37.

    Toen ze nog in Semarang woonde, had Catharina Wilhelmina een modewinkel voor lingerie, zoals "koetangs" (BH´s) en korsetten.
      
    Kinderen van Jacobus en Cathrina:

    1 Jacobus Bernardus Angenent, geboren op 2 januari 1881 in Padang [bron: Indische Burgerl.Stand 1822-1923 (Dossier Angenent SIFA)]. Jacobus is overleden op 12 januari 1926  aan boord van het Stoomschip "Koningin der Nederlanden", 45 jaar oud [bron: Krantenbericht d.d. 14-01-1926(Fiche CBG)]. Hij is begraven in Colombo, Sri Lanka.
    Tijdens zijn leven werkte hij bij de dienst In-en Uitvoerrechten en Accijnzen, als verificateur en vanaf 1926 als Hoofdverificateur [ bron: Huwelijksakte en Krantnbericht (Fiche betreffende zijn overlijden,CBG)
    Jacobus trouwde, 34 jaar oud, op 28 september 1915 in  Haarlem [bron: Kennemerland Haarlem Akte Jaar 1915 Nummer 451] met Maria Sjoerdina (Mies) Hoeksema, 32 jaar oud. Mies is geboren op 13 oktober 1882 in Haarlem, dochter van Nicolaas Johannes Hoeksema en Johanna Broekmeijer. Mies is overleden in Haarlem. Mies, die heel muzikaal was, zong en was ook muzieklerares.
      
    2 Elisabeth Louisa Marie Angenent, geboren op 20 april 1882 in Gedah (Groot Atjeh), Sumatra. Elisabeth is overleden in Amsterdam. Elisabeth trouwde, 20 jaar oud, op 5 juni1902 in Semarang [bron: Dossier ANGENENT (SIFA)] met Johannes Jacobus Antonius Broekhals, 23 jaar oud. Johannes werd geboren op 7 augustus1878 in Schiedam.

    3 Wilhelmus Johannes (John) Angenent, geboren op 1 juni1883 in Gedah (Groot Atjeh), Sumatra. John is overleden op 10 december 1948 in Semarang, 65 jaar oud.
    Hij was ook bekend als "de Pa".
    Hij studeerde geneeskunde aan de universiteit van Amsterdam met als specialisatie dermatologie/ urologie en ontving zijn doctoraat in de medicijnen aan de Universiteit van Gent.
    In Semarang was hij praktiserend huisarts/specialist en in 1910 was hij Officier van gezondheid der 2e kl. Indisch Leger [bron: Huwelijksakte met Cornelia Johanna Donck]
      
    John trouwde voor de eerst maal op 27-jarige leeftijd op 3 november 1910 in Haarlem [bron: Kennemerland Haarlem Akte Jaar 1910 Nummer 406] met Cornelia Johanna Donck,geboren in 1889 in Haarlem en dochter van Pieter Hendrik Donck en Diederika Hermina Zwaan. Cornelia is overleden in 1917 in Batavia.
     
    John trouwde voor de tweede keer, 30 jaar oud, op 20 november 1913 in Balikpapan met Margaretha Pieternella Hendrikse, 22 jaar oud. Margaretha is geboren op 15-11-1891 in Scheveningen, dochter van Pieter Hendrikse en Johanna Goossen. Margaretha is overleden op 6 januari 1916 in Semarang, 24 jaar oud.

    John huwde voor de derde keer, 38 jaar oud, op 1 september 1921 in Semarang [bron: Persoonsfiche SIFA/ Dossier Van Gumster (SIFA)] met Elisabeth Virginie (Bep/ Ea) van Gumster, 28 jaar oud.

    Het echtpaar deed veel aan kerkelijk werk en zag tijdens  WO II kans om buiten het (Jappen) kamp te blijven
    Bep/ Ea werd geboren op 4 maaart 1893 in Koedoes, dochter van Lodewijk Carel van Gumster en Henriette Frédérique Muller. Bep/ Ea is overleden op 2 maart 1961 in Amsterdam, 67 jaar oud.
    Zij was ook bekend als “ de Ma”

    4 Catharina Wilhelmina (Mien) Angenent, geboren op 31 maart 1885 in Buitenzorg (Bogor) [bron: Regerings Almanak 1886, blz. 261 en 1887, blz. 255]. Mien is overleden in 1963 in Amsterdam. Mien trouwde met Karel Hijmans. Karel is geboren in 1881. Karel is overleden in 1958.

    5 Dirk Nicolaas Angenent, geboren op 5 december 1887 in Palembang [bron: Regerings Almanak 1889,blz. 338]. Dirk is overleden op 15 mei 1888 in Palembang, 5 maanden oud [bron: Regerings Almanak 1889,blz. 397].

    6 Geertruida Angenent, geboren op 5 december 1887 in Palembang. Geertruida is overleden op 17 mei 1888 in Palembang, 5 maanden oud.

    7 Jacoba Hermine (Coba) Angenent, geboren op 23 juni 1891 in Haarlem. Coba is overleden op 19 april 1983 in Arnhem, 91 jaar oud. Coba trouwde, 25 jaar oud, op 1 januari 1917 in Semarang met Edgard Jan van Aarem, 27 jaar oud. Edgard werd geboren op 22 april 1889 in Semarang.
    Edgard was:
    In 1911: 2de Luitenant der Infanterie (Op 07 oktober 1911 per stoomschip “ Willis”  naar Indië)[bron: NRC, 20 sept. 1911]
    In 1916:  1ste Luitenant der Infanterie (Overgeplaatst van het garnizoensbataljon van Celebes (Menado) naar het 2e Bataljon)[bron: NRC, 18 feb. 1916]
    In 1921: Kapitein der Infanterie (Bevorderd bij het wapen der infanterie tot kapitein) [bron: NRC, 31 aug. 1921]

     

    Jacobus Hermanus Charles Gijsbertus Angenent
    stierf op 5 februari 1933 in Semarang in de ouderdom van 77 jaar.

     




    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HOE VER BEN IK op 6 juni 2008?

    HOE VER BEN IK?
    (De stand van zaken v.w.b. mijn stamboomonderzoek per 6 juni 2008)
     
    In december 2003 ben ik begonnen met stamboomonderzoek. Mede dank zij informatie die ik van anderen kreeg, waarvoor ik hen hartelijk wil bedanken, ben ik nu zo ver gekomen als ik momenteel ben.
     
    De stand per 06-06-2008
    Het aantal personen in mijn stamboombestand per 06-06--2008: 7.736
     
    In de stamboom van mijn vader ( o.a. PERSIJN en DANIEL) ben ik met de PERSIJN-stamboom gekomen tot aan Jan Jacobs Persijn (gedoopt op 27-04-1642 te Amsterdam) en v.w.b. de DANIEL-tak tot Carel Louis Daniël, geboren op 07-12-1835 te Pasoeroean.
     
    T.a.v. de stamboom van mijn moeder (o.a. VAN DEN BROEK en LANS) ben ik v.w.b. de LANS-tak gekomen tot aan Jan Peter Lans, geboren in 1725 te Namen (België).
    Wat de Van den Broek-tak betreft ben ik helaas (nog) niet verder kunnen teruggaan dan tot Johan Samuel van den Broek, geboren 1824 te Ternate.
     
    Zowel aan de stamboom van mijn vader als die van mijn moeder zitten (uiteraard) ‘zijtakken’. Ook van deze zijtakken heb ik veel gegevens kunnen verzamelen.
     
    Enkele van de zijtakken betreffen de volgende namen:
     
    Angelbeek, van / Angenent / Bronkhorst / Burgemeestre / Cate, ten / Droop / Frederiksz / Gumster, van / Hagenaar / Hooft / Hoëvell, van / Israël / Jordans / Krijgsman / Lande, van de(r) / Lapré / Lawick (van Pabst), van / Loman / Mechelen, te / Meijer / Michielse(n) / Mollet / Ouwens, Ouwens Nagell / Phefferkorn / Pieplenbosch / Polanen (Petel), van / Reede, de / Reede van Oudshoorn, van / Remmert / Riemsdijk, van / Rudolph / Simon / Sleebos / Steenhard / Teutem, van / Veldman / Vogelzang / Voorst tot Voorst, van / Wolff / Zwaan, van der
     
    Op zoek:
     
    Momenteel ben ik in de eerste plaats op zoek naar:
    - de (voor)ouders en eventuele broers/zusters van Johan Samuel van den Broek,
      geboren in 1824 in Ternate
    - de (voor)ouders en eventuele broers/zusters van Jan Peter Lans,
       geboren in 1725 te Namen (België)
    - de (voor)ouders en eventuele broers/zusters van Carel Louis Daniël,
       geboren op 07-12-1835 te Pasoeroean
    - de (voor)ouders en eventuele broers/zusters van Jan Jacobs Persijn
      (gedoopt op 27-04-1642 te Amsterdam)
     
    Heeft u gegevens over personen met namen die in de zijtakken voorkomen (zie boven), dan hou ik me eveneens van harte aanbevolen.Dit geldt zowel voor genealogische gegevens als voor foto’s.
     
    Mocht u vragen hebben over gegevens op deze weblog of wilt u weten of ik over gegevens beschik van personen die in de hoofd- en/of zijtakken van de stamboom voorkomen, mail me gerust en ik zal zien of ik u kan helpen.
    Mijn e-mail adres:
    r.persyn@chello.nl

     




    08-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Benjamin Coenradus Persijn, geboren te Grissee
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Benjamin Coenradus Persijn, geboren te Grissee

    Grissee (nu: Gresik) is een  plaats ten westen van Soerabaja in Oost-Java en is klassiek in de Javaanse geschiedenis. Hier werd voor het eerst in de geschiedenis van Java  de Islam verkondigd. In 1391 landde hier een Arabier, Maulana Malik Ibrahim, ook bekend als Sultan Ainul Yaqin. Hij was de eerste Islam-zendeling  en een ijveraar voor zijn geloof. Ook was hij de stichter van de eerst Islamitische school ( pesantren ) op Java.
    Hij behoorde  tot de Wali Sanga ( = Heilige Negen), de mystieke Islam-leraren, die de “ Geheime Leer” op schrift  stelden.
    Nu nog wordt hij daar als een heilige vereerd. Hij werd  in 1419 begraven in Kampung Gapura in Grisee (Gresik)

    Sinds de 11de eeuw was de haven van Grisee een belangrijke handelscentrum, van waaruit handel werd gedreven met handelaren uit onder meer China, India en Saudi- Arabië.
    Deze handelaren hebben mede  bijgedragen aan de verspreiding  van de Islam.

    =============================================================

    Benjamin Coenradus Persijn  werd geboren in Grissee op 4 november 1917 [bron: Regerings Almanak 1918, blz. 70] als  zoon van Coenradus Nicolaas Persijn en Susanna Helena Roostee.

    Volgens het Stamboek KNIL (Nationaal Archief, toegang nr. 2.10.50.02, bestanddeel 66) had hij na de lager school de ambachtsschool doorlopen en
    werkte hij als bankwerker bij de Marine Vliegdienst.

    Volgens dezelfde gegevens was hij  van 8 maart 1942 t.e.m. 15 augustus 1945 krijgsgevangen (door de Japanners) in Thailand en Japan en werd hij op 15 augustus 1945 in Japan bevrijd en overgebracht naar Manilla (Filippijnen)  
    Op 10 januari 1946 werd hij overgeplaatst naar Balikpapan (Borneo) en ingedeeld bij de veldartillerie

    Hij werd ( blijkt uit dezelfde gegevens) onderscheiden met het Ereteken voor Oorlog en vrede en gemachtigd tot het dragen van de KNIL-badge 1945-1946

    Benjamin Coenraad
    trouwde op 3 juli 1940 (22 jaar oud) in Soerabaja  [bron: Stamboek KNIL (Nationaal Archief, Den Haag, Toegang 2.10.50.02, bestanddeel 66)] met Sophia Wilhelmina Bloem, 21 jaar oud. Het huwelijk werd ontbonden op 1 november 1946 in Soerabaja [bron: Stamboek KNIL (Nationaal Archief, Den Haag, Toegang 2.10.50.02, bestanddeel 66)].
    Sophia werd geboren op 23 januari 1919 in Meester Cornelis [bron: Stamboek KNIL (Nationaal Archief, Den Haag, Toegang 2.10.50.02, bestanddeel 66)] en was een dochter van Albert Frederik Bloem en Amalia Augustina Loth.
    Dit huwelijk, dat  kinderloos bleef, werd ontbonden op 1 november 1946 in Soerabaja.

    Sophia hertrouwde op 19 augustus 1943 in Soerabaja [bron: Dossier BLOEM (SIFA)] met Mohammed Basrewan.

    Benjamin Coeanraad hertrouwde (29 jaar oud) op 16 januari 1947 in Batavia [bron: Huwelijksakte nr.76/1947/ Stbl. nr.56/1946] met Carolien Hedwig Soumokil, 18 jaar oud. Carolien werd geboren op 14 oktober 1928 in Soerabaja.

    Kinderen van Benjamin en Carolien:

    1 Connie Persijn, geboren op 24 oktober1947 in Semarang [bron: Stamboek KNIL (Nationaal Archief, Den Haag, Toegang 2.10.50.02, bestanddeel 66)].

    2 Frits Coenradus Persijn, geboren op 29 september 1949 in Tjimahi [bron: Krantenbericht (Fiche CBG)/Stamboek KNIL (Nationaal Archief, Den Haag, Toegang 2.10.50.02, bestanddeel 66)].

    3 Reggie Coenraad Persijn.

    Benjamin Coenradus Persijn is overleden op 30-05-1989 in Portland, Multnomah, Oregon (USA), 71 jaar oud [bron: Heiligen der Laatste Dagen (Mormonen) /Amerik. Verenigingsblad "INDO" / Social Security Death Index].




    10-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Johannes Eduard van Angelbeek, gestorven in Tandjoeng Pinang.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Johannes Eduard van Angelbeek, gestorven in Tandjoeng Pinang.

    Tandjoeng Pinang (nu: Tanjung Pinang), de plaats waar Johannes Eduard van Angelbeek is gestorven, is de hoofdstad van de Riouwarchipel en ligt op het eiland Bintan. (bij Sumatra).
    De plaats is reeds van oudsher bekend om haar heterogene bevolking., met inwoners afkomstig van bijna alle bevolkingsgroepen in Indonesië. De taal die men daar spreekt lijkt sterk op het klassieke Maleis ( Melayu).
    Tandjoeng Pinang fungeert door zijn gunstige ligging als een handelscentrum voor de andere eilanden in de Riouwarchipel.
    ============================================================================

    De meeste gegevens over Johannes Eduard van Angelbeek en diens kinderen komen uit : De Indische Navorscher, jrg. 8 (1995) nr. 1 en uit het dossier Van Angelbeek (SIFA).


    Johannes Eduard van Angelbeek werd geboren op 9 mei 1819 in Malakka [bron: Indische Navorscher jr. 8 (1995), nr. 1].

    In 1946 was hij klerk op het Residentiekantoor van Riouw en in 1849 komen we hem weer tegen, maar nu als koopman te Riouw

    Johannes trouwde,  toen hij 27 jaar oud was, op 15 juli 1846 in Riouw  met Emma van Akkeren, 16 jaar oud. Emma is geboren op 5 juli 1830 in Riouw als dochter van Pieter van Akkeren en Catharina Elisabeth ( geen achternaam, ze was een Inlandse Christenvrouw). Emma is overleden op 08-04-1888 in Meester Cornelis (bij Batavia), 57 jaar oud.

    Kinderen van Johannes en Emma:

    1 Henrietta Elisabeth van Angelbeek, geboren op 19 april 1847 in Riouw.  Henrietta is overleden op 3 september 1911 in Batavia, 64 jaar oud.
    Henrietta trouwde, 18 jaar oud, op 12 december 1865 in met Maurits Schaalje, 25 jaar oud. Maurits is geboren op 31 oktober 1840 in Maastricht. Maurits is overleden op 2 november 1899 in Amsterdam, 59 jaar oud. Hij was tolk Chinees.

    2 en 3 Een op 14 september 1848 te Riouw levenloos geboren tweeling

    4 Josephina Maria Charlotta van Angelbeek, geboren op 6 november 1849 in Riouw. Josephina is overleden op 16 september 1936 in Bandoeng, 86 jaar oud. Josephina trouwde, 21 jaar oud, op 12 november 1870 in Riouw met Jonkheer Arnout Herman (Eduard) van der Does de Bije, 29 jaar oud. Eduard is geboren op 13 april 1841 in De Meern. Eduard is overleden op 7 september1924 in Bandoeng, 83 jaar oud.
    Hij was notaris en Controleur 2de klas Dep. van Binnenlands Bestuur te Goenoeng Kidjang 

    5 Eduard van Angelbeek, geboren op 18 september 1851 in Riouw. Eduard is overleden in 1918 in Batavia.

    6 Johan Gerard van Angelbeek, geboren op 26 mei 1853 in Riouw. Johan is overleden op 5 mei 1928 in Batavia, 74 jaar oud
    Hij was landmeter eerste klas bij het kadaster.   
    Johan trouwde, 39 jaar oud, op 17 oktober 1892 in met Juliana Cornelia Brouwer, 27 jaar oud. Juliana is geboren op 2 oktober 1865 in Semarang als dochter van Juliaan Jacobus Brouwer en Johanna Cornelia Popkens. Juliana is overleden op 16 december 1961 in Voorburg, 96 jaar oud.

    7 Carel Ferdinand van Angelbeek, geboren op 5 februari1855 in Riouw. Carel  overleed als schooljongen  in april 1868 in Breda, 13 jaar oud oud

    8 Christina Anna Geertruida van Angelbeek, geboren op 11april 1856 in Riouw  en overleden op 30 juni 1860 in Riouw, 4 jaar oud .

    9 Emma Evrasie Constance van Angelbeek, geboren op 10 augustus 1861 in Riouw en overleed op 16 november1912 in ´ s Gravenhage, 51 jaar oud. Emma trouwde, 25 jaar oud, op 20 augutus1886 in Tandjoen Pinang met Friedrich Anton Heckler, 31 jaar oud. Friedrich is geboren op 10 april 1855 in Maros (Zuid-Celebes), zoon van Jacob Heckler en Cornelia Louise de Siso. Friedrich is overleden op 3 november 1920 in Geneve (Zwitserland), 65 jaar oud.
    Hij was Gouverneur van Sumatra’ a Westkust.

    10 Georgette Adolphine van Angelbeek, geboren op 12 augustus1863 in Riouw. Georgette is overleden op 14 oktober1891 in Semarang, 28 jaar oud. Georgette trouwde, 19 jaar oud, op 27 september 1882 in Tandjoeng Pinang met Dirk Sijbrandi, 27 jaar oud. Dirk is geboren op 26 november 1854 in Kampen, zoon van Ds. Jacob Sijbrandi en Adriana Schuitemaker. Dirk is overleden op 2 maart  1899 in Amsterdam, 44 jaar oud.

    11 Gustaaf Joseph Maurits van Angelbeek, geboren op 4 juli 1865 in Riouw (Bron: persoonsfiche Ind. Burgerl.stand 1822-1923 (SIFA)]. Gustaaf is overleden op 21 december 1933 in ´s-Gravenhage, 68 jaar oud . Hij is begraven op 25 december 1933 in ´s Gravenhage, Begraafplaats ´Oud Eik en Duinen´ om 10.30 u [bron: CBG microfiche Krantenknipsels].
    In het krantenbericht werd nog over de overledene vermeld:"Oud-ambtenaar Binnenlands Bestuur Ned. Indië"

    Volgens de Adresboeken Ned. Indië was hij

    vanaf 24-07-1896  3de commies BB afd. agrarische aangelegenheden  
    vanaf 23-12-1898  2de commies  
    vanaf 30-08-1902  1ste commies  
    van 1909 tot 1911  ambt. Inl. Credietwezen Bandoeng  
    van 1912 tot 1915  Controleur BB Soekanegara  
    1916                       Idem in Tjibeber  
    van 1917 tot 1918  Idem in Rangkasbetoeng  
    van 22-10-1919 tot 28-11-1921  Met buitenlands verlof: van Tjidamar naar Den Haag), terug Den Haag-Batavia  
    1922                       assitent resident titulair Serang  
    1923                       Gep.ass.res.tit. in Serang  
    van 1924 tot 1926  Idem in Bandoeng  
    Gustaaf trouwde, 43 jaar oud, op 27 april 1909 in Soerabaja [bron: Regerings Almanak 1910, 18 / Persoonsfiche Ind. Burgerl. Stand 18201923 (SIFA)] met Marianne Christine Louise Persijn, 30 jaar oud. Marianne is geboren op 5 november 1878 in Toembakanjar/Poerworedjo (Ned.Indie) [bron: Almanak van Nederlandsch Indie 1815-1942 / RA 1910, 18], dochter van Pieter Hermanus Persijn en Francina Charlotte Leonora (Francoise) Nooy.
    Datum van erkenning van Marianne Cjritine Louise Persijn waarschijnlijk: 5 januari 1879
    Marianne is overleden op 8 juli1948 in Wageningen, 69 jaar oud [bron: Regerings Almanak 1910, blz. 18].

    12 Johanna Emeline van Angelbeek, geboren op 2 mei 1867 in. Johanna is overleden op 27 juni 1914 in Batavia, 47 jaar oud .
     
    13 Jacobus Johannes van Angelbeek, geboren op 13 september 1868 in Riouw. Jacobus is overleden op 9 oktober 1868 in Riouw, 26 dagen oud.

    14 Emma Johanna Eduardina van Angelbeek, geboren op 6 december 1869 in Riouw.

    15 Christiaan François Lodewijk van Angelbeek, geboren op 2 december 1872 in Riouw. Christiaan is overleden op 25 juni 1907 in Buitenzorg, 34 jaar oud.

     

    Johannes Eduard van Angelbeek overleed op 13 september 1879 in Tandjoeng Pinang (Riouw), 60 jaar oud [bron: Indische Navorscher jr. 8 (1995), nr. 1/ Persoonsfiche Ind. Burgerl. stand 1822-1923 (SIFA)].

     




    13-09-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gustaaf Joseph Maurits van Angelbeek
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Gustaaf Joseph Maurits van Angelbeek

    Op 4 juli 1865 werd Gustaaf Joseph Maurits van ANGELBEEK geboren in de stad Riouw.
    Riouw (nu: Tanjung Pinang), op het eiland Bintan, was de hoofdstad van de Riouwarchipel (provincie van Sumatra ) dat ten westen van Sumatra ligt aan de Straat van Malakka..
    Van oudsher had Riouw een heterogene bevolking, afkomstig van bijna alle bevolkingsgroepen in Indonesië. De taal die men in die stad spreekt lijkt veel op het klassieke Maleis en heeft voor mensen van buiten de regio een unieke klank.
    Lang (ongeveer 500 jaar) was Bintan een politiek centrum nadat de Portugezen de Malakka –oorlog wonnen en Sultan Mahmud van Malakka naar Bintan vluchtte en daar een tegenstand organiseerde tegen de Portugese expansiedrift.

     

    Gustaaf Joseph Maurits van Angelbeek is geboren op 4 juli1865 in Riouw (Ned. Indie) [bron: Almanak van Ned. Indie / Indische Navorscher/ persoonsfiche Ind. Burgerl.stand 1822-1923 (SIFA)] en was een zoon van Johannes Eduard van Angelbeek en Emma van Akkeren.

    Van 1882 tot en met 1907 vinden we hem in de Adresboeken Ned. Indië terug als inwoner van Batavia, waarvan de laatste 2 jaren in Pension Noordwijk. In 1908 staat hij vermeld als inwoner van Weltevreden.

    Vanaf 24 juli1896 was hij 3de commies Binnenlands Bestuur afd. agrarische aangelegenheden, vanaf 23 december1898 2de commies en vanaf 30 augustus 1902 1ste commies.
    Van 1909 tot 1911 was Gustaaf ambtenaar Inl. Credietwezen te Bandoeng,
    van 1912 tot 1915 Controleur Binnenlands Bestuur te Soekanegara, in 1916 in bekleedde hij dezelfde functie in Tjibeber en van 1917 tot 1918 vinden we hem, eveneens dezelfde functie, terug in Rangkasbetoeng
    Van 22 oktober 1919 tot 28 november1921 was hij met verlof in Den Haag.
    In 1922 werd Gustaaf assistent resident titulair van Serang.

    Gustaaf trouwde, 43 jaar oud, op 27 april 1909 in Soerabaja [bron: Regerings Almanak 1910, 18 / Persoonsfiche Ind. Burgerl. Stand 18201923 (SIFA)] met Marianne Christine Louise Persijn, 30 jaar oud. Marianne is geboren op 5 november 1878 in Toembakanjar/Poerworedjo (Ned.Indie) [bron: Almanak van Nederlandsch Indie 1815-1942 / RA 1910, 18] als dochter van Pieter Hermanus Persijn en Francina Charlotte Leonora (Francoise) Nooy.

    Notitie bij de geboorte van Marianne: Datum van erkenning waarschijnlijk: 5 januari 1879
    Marianne overleed op 8-juli 1948 in Wageningen, 69 jaar oud [bron: RA 1910, 18].

    Kinderen van Gustaaf en Marianne:

    1 Josephine Marianne Charlotte van Angelbeek, geboren op 13 maart 1910 in Bandoeng (Ned. Indie). Josephine is overleden op 25 augustus1913 in Tjiandjoer, 3 jaar oud (oorzaak: Ze viel in een bak met heet water) [bron: Indische Navorscher].

    Notitie bij Josephine: Josephine Marianne Charlotte en Arnoud Herman Gustaaf waren een tweeling

    2 Arnoud Herman van Angelbeek, geboren op 13 maart 1910 in Bandoeng (Ned. Indie). Arnoud is overleden op 30 juni1976 in Amsterdam, 66 jaar oud [bron: Indsiche Navorscher].

    Notitie bij Arnoud: Josephine Marianne Charlotte en Arnoud Herman Gustaaf waren een tweeling

    Arnoud Herman was directeur van de strafgevangenis op Onrust en later employé Rijksverzekeringsbank te Amsterdam

    Arnoud trouwde, 31 jaar oud, op 30 december 1941 in Meester Cornelis met Elisabeth Monchgesang, 24 jaar oud. Elisabeth werd geboren op 18 augustus 1917 in Tjilatjap (Ned. Indie) als dochter van Frederich Louis Bernard Monchgesang en Emelie Bookelman.

     

    Gustaaf Joseph Maurits van ANGELBEEK overleed op 21 december 1933 in ´s-Gravenhage in de leeftijd van 68 jaar [bron: De Indische Navorscher].

    Hij werd begraven op 25 december 1933 in ´s Gravenhage op de Begraafplaats ´Oud Eik en Duinen´ om 10.30 u [bron: CBG microfiche Krantenknipsels].

    Notitie bij overlijden van Gustaaf: In het krantenbericht werd nog over de overledene vermeld:"Oud-ambtenaar Binnenlands Bestuur Ned. Indië"




    12-02-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.OUWENS wordt OUWENS NAGELL
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    OUWENS wordt OUWENS NAGELL.

    Djokjakarta (nu: Yogyakarta) is een provincie en een stad in Midden-Java.
    De stad Djokjakarta dateert uit de tijd van de Hindoe-Javaaanse rijken. In de negende eeuw werd het gebied rondom Djokjakarta gedomineerd door Hindoe--en Boeddhistische rijken. In dit tijdperk kwamen een aantal belangrijke bouwwerken tot stand waaronder de Boroboedoer en de Prambanan, het grootste Hindoe-Javaanse tempelcomplex in Indonesië.In de vroege 18e eeuw viel het gebied onder het moslimrijk Mataram van Paku Buwono.
    Na een geschil in 1755 werd het rijk opgesplitst in twee rijken, het Sultanaat van Djokjakarta onder Sultan Hamengkoeboewono en het rijk van Soerakarta onder Sunan Pakoeboewono III.

    ----------------------------------------------------------------------------------------------------

    Op 19 december 1869 werd in Djokjakarta geboren Herman Rutger Ouwens, zoon van Adrianus Hermanus Ouwens en Maria Sophia Mathilde Israël. [bron: Peter Ouwens Nagell / Familysearch.org/ Dossier Ouwens (SIFA)]
    Notitie: A. Vorsterman van Oyen, Stam- en Wapenboek van Aanzienlijke Nederlandsche Familiën (Groningen 1888) 11 geeft als geboortedatum aan: 20-12-1869 aan.

    Volgens het Adressenboek Ned. Indië van 1921 woonde hij in dat jaar te Blitar.

    In de Regerings Almanakken van 1903 en 1910 werd als beroep respectievelijk vermeld: Employé onderneming "Wonokerto" te Malang (1903) en Employé onderneming "Soember Perkoel", Malang/ Toeren (1910).

    Volgens Peter Ouwens Nagell was Herman Rutger laatstelijk hoofdadministrateur van d onderneming ‘Kali Grendjen’ te Blitar.

    Herman leefde samen met de Javaans vrouw Kawidja.
    Kinderen van Herman en Kawidja:

    1 Adolf Rutger (Dolf) Ouwens. Dolf geboren omstreeks 1900 in Soerabaja en overleden in 1929 in Soerabja [bron: Peter Ouwens Nagell].

    2 Pieter Antonius Ouwens Nagell, geboren op 10-10-1921 in Blitar [bron: Peter Ouwens Nagell]. In september 1947 werd Pieter Antonius benoemd tot officier van de Koninklijke Landmacht in de rang van kapitein. Als burger was hij technisch hoofdambtenaar en met pensioen gegaan als referendaris

    [Bron: Peter Ouwens Nagell]

    Pieter trouwde toen hij 24 jaar oud was op 4 september 1946 met Sara van Dam. De naam VAN DAM verving Sara tijdens de Tweede Wereldoorlog in verband met de Jodenvervolging in DONKER, de naam van haar moeder [Bron: Peter Ouwens Nagell].

    Herman Rutger Ouwens (Nagell) overleed op 4 mei 1924 in Soerabaja in de leeftijd van 54 jaar.

    Notitie bij Herman Rutger Ouwens:
    Herman Rutger Ouwens heeft de naam OUWENS voor zich en voor zijn wettige nakomelingen doen wijzigen in OUWENS NAGELL. De naam Nagell is de naam van de tweede echtgenote van zijn grootvader aan wie hij in zijn leven veel dank was verschuldigd [ Bron: Peter Ouwens Nagell]

    Uit: De Indische Navorscher, Jaargang 9 (1996) nr. 1, blz. 57:
    Herman Rutger Ouwens en zijn zoon Adolf Rutger Ouwens verkregen bij G.B. 22 nov. 1909 nr. 18 vergunning zich te noemen en te schrijven Ouwens Nagell [P.A. Christiaans, ‘s-Gravenhage].




    18-04-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Joannes Baptista Vankeerberghen
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Joannes Baptista Vankeerberghen

    Geboren en getogen in Melsbroek

    Melsbroek is momenteel (2009) een deelgemeente van Steenokkerzeel in de provincie Vlaams-Brabant (België) en is een landelijke plaats, vlak bij Brussel gelegen.

    In de historie onder meer vermeld als Milbruc (1123), Meltbruch (1134), Metbruck (1160).

    De naam is een samenvoeging van het Germaanse ‘milipa’ (=honing) en ‘bröka’ (=moeras). Misschien was de oorspronkelijke betekenis van de naam ’honingkleurig moeras’?

    [Bron: Toponymisch Woordenboek van België, Nederland, Luxemburg, Noord-Frankrijk en West-Duitsland (vóór 1226) door Maurits Gysseling]

    Melsbroek heeft altijd erg van legenden en folklore gehouden. De framassons (Vrijmetselaars) speelden rond 1880 een curieuze rol in het Melsbroekse volksleven. Het kasteel van Huinhoven werd toen bewoond door de 'groenen doctoor' Carolus Rayé, die de naam van 'franc-maçon' ofte vrijmetselaar had. Zijn hele domein was grotendeels op Melsbroek gelegen en via een stenen brug over de Lopendebeek met het dorp verbonden. Als hij met zijn vrienden-framassons naar Brussel toog, galoppeerden vurige paarden voorop, daarachter bolde de zwarte koets van 'Pé Rayé', bespannen met zes gitzwarte paarden. Niemand mocht hen zien, anders namen ze die persoon mee. Zodra de muziek weerklonk, werden gauw de blaffeturen (vensterluiken) dichtgeklapt. Ze namen een eventuele gluurder mee en zetten hem op een onbekende plek af. De hele nacht doolde hij van hier naar daar, om ten slotte bij 't morgenkrieken weer doodmoe thuis aan te landen.

    Doordat Sint-Martinus kerkpatroon van Melsbroek is, was er ook lokale folklore aan zijn naam verbonden. In Melsbroek waren het allengs kinderfeesten geworden, omdat Sint-Maarten zich ontfermde over de armen en de minderen. Als na de aardappeloogst het droge loof werd verbrand, heette dat "Mettekensvier", dialect voor Sint-Maartensvuur. De kinderen lieten aardappelen gaar bakken op het vuur (kazakken). Die gewoonte heeft nog bestaan tot rond 1940.

    Melsbroek knoopt de jongste tijd weer aan met dit volksgebruik, op de vooravond van het naamfeest van Sint-Martinus, met een lichtstoet door de dorpsstraten, vervolgens het Mettekensvier en tenslotte de uitdeling van een "haantje op een spaantje" (koek op een stokje gespietst) door Sint Maarten aan de schooljeugd.

    Met ingang van 01 januari 1977 vormen de gemeenten Melsbroek en Perk samen met Steenokkerzeel één fusiegemeente.

    (uit: 'Steenokkerzeel, Perk en Melsbroek in oude prentkaarten' door Jos Lauwers).

    In Melsbroek werd op 21 december 1808 geboren: Joannes Baptista (Jean-Baptiste) Vankeerberghen als zoon van Joannes Josephus Vankeerberghen en Maria Anna De Coster.

    Bekend is dat hij herbergier was, maar ook landbouwer.

    Jean-Baptiste trouwde op 25-jarige leeftijd op 12 november 1834 met de toen 22-jarige Maria Theresia (Marie-Therese) Bries, die op 31 juli 1812 in Blanden werd geboren als dochter van Guilelmus Bries en Contancia Marie Haine.

    Het huwelijk werd voltrokken in Bierbeek, vooral bekend door haar belangrijke telg Walter van Bierbeek, die als ridder deelnam aan de Kruistochten en in 1183 intrad in de Cisterciënzerabdij van Hemmerod.

    Marie-Therese is 62 jaar geworden. Ze trierf op 27 januari 1875 in Melsbroek.

    Kinderen van Jean-Baptiste en Marie-Therese:

    1.Guilelmus Desiderius Vankeerberghen, geboren op 2 januari 1835 in Bierbeek en overleden op 8 maart 1877 in Melsbroek , 42 jaar oud. Hij was landbouwer.

    Guilelmus trouwde, 24 jaar oud, op 16 november 1859 in Melsbroek met Petronilla Thieleman, 20 jaar oud. Petronilla werd geboren op 20 december 1838 in Melsbroek en was een dochter van Franciscus Thieleman en Anna Catharina Debecker. Petronilla overleed op 9 december 1874 in Melsbroek op 35-jarige leeftijd.

    2.Josephus Prosper Vankeerberghen, geboren op 11-04-1836 in Bierbeek en overleden op 12 maart 1877 in Melsbroek, 40 jaar oud.

    3. Paulina Sidonia Vankeerberghen, geboren op 16-02-1838 in Bierbeek. Wanneer ze overleed is me niet bekend.

    4. Ludovicus Engelbertus Vankeerberghen, geboren op 23-07-1839 in Bierbeek. Hij was schrijnwerker van beroep.

    5. Philippus Bernardus Vankeerberghen, geboren in 1844 in Blanden en overleden op 7 maart 1877 te Melsbroek.

    6. André Vankeerberghen, geboren op 17-03-1845 in Melsbroek.

    7, Joanna Theresia Vankeerberghen, geboren op 02-09-1847 in Melsbroek.Zij was landbouwster.

    8. Franciscus Vankeerberghen, geboren in 1852 in Melsbroek. Franciscus, landbouwer, overleed op 24 februari 1877 in Melsbroek

    9. Maria Ludovica Vankeerberghen, geboren in 1854 in Melsbroek. Maria is overleden op 8 maart 1877 in Melsbroek.

    10. Petrus (Pierre) Vankeerberghen, geboren op 30 december 1855 in Melsbroek en trouwde op 1 juli 1885 in Peutie met Jeanne-Rosalie Meysmans. Jeanne-Rosalie was een dochter van Joannes Baptista Meysmans en Anna M aria Van Campenhout. Het paar ging in Peutie wonen.

    Petrus had de bijnaam Pie de Wuite, waarbij Wuite (Peutie’s dialect) de betekenis heeft van : een gek persoon (Bron: Maraine Rosa, via Guido van Paesschen)

    Petrus (Pierre) was landbouwer.

    Vader Jean-Baptiste Vankeerberghen overleed op 4 januari 1890 in Melsbroek, in de leeftijd van 81 jaar.

    De meeste informatie over Jean-Baptiste Vankeerberghen is afkomstig van Monique Vankeerberghen (zie ook de link naar haar website in deze weblog, links onder ‘ Mijn favorieten’ )




    07-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Relatie tussen Laan de Riemer (Batavia) en de Persijn-stamboom
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Relatie tussen Laan de Riemer en PERSIJN-stamboom

     

    Vele oud-Batavianen kennen ongetwijfeld wel de Laan de Riemer in de wijk Tanah Abang ten westen van het Koningsplein bij Kebon Djahé.

    Deze Laan de Riemer lag tussen de Laan Trivelli en de Laan de Bruin Kops en liep er ook parallel mee.

    Toen ik daar vroeger als jongen van een jaar of 15 wel eens langs fietste had ik er (nog) geen flauwe notie van dat de heer Johannes Diederikus de Riemer, naar wie deze laan was vernoemd, ergens in mijn stamboom zat.

    Deze Laan de Riemer was de voormalige oprijlaan van een landhuis, dat gebouwd werd voor en bewoond werd door de in Indië bekende familie Van Motman.

    Later woonde er Johannes Diedericus de Riemer, notaris, met zijn gezin.

    Omdat de oprijlaan toen leidde naar de woning van notaris de Riemer, werd zij al gauw bekend als Laan de Riemer.

    Toen later het landhuis werd afgebroken werden er op die plaats nieuwe woningen gebouwd, waarvan de eerste huizen een verdieping hadden, destijds ongewoon in Batavia. De huizen werden gebouwd naar een ontwerp van J.A. Raket.

     

    Johannes Diedericus de Riemer zit in de Persijn stamboom doordat hij was gehuwd met Maria Charlotta te Mechelen, een dochter van Hendrik Louis te Mechelen en Johanna Wilhelmina Persijn.

     

    Johannes Diedericus de Riemer werd geboren op 27 maart 1839 in Buitenzorg [bron: Stamboom Fam. DE RIEMER (M.H.Severijn) bij het CBG Den Haag / Dossier DE RIEMER (SIFA)],

    Hij was een zoon  van Fransiscus Theodorus Thesaurus de Riemer en Therčse Gerardine Severijn.

    In het Adresboek Ned. Indië 1903 staat hij vermeld als zijnde gehuwd met M.Ch. te Mechelen en als ‘notaris met verlof in Soekaboemi’.

    In “ Genealogische en Heraldische Gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel III’ van P. C. Bloys van Treslong Prins  staat over hem het volgende vermeld (aantekening van 1934):

    Notaris te Bandoeng en later Batavia. Notaris de Riemer bewoonde te Weltevreden (Batavia) het grote landhuis aan Tanah Abang, waar vroeger de familie Motman had gewoond en dat later werd gebruikt als Departement van Gouvernementsbedrijven; de oprijlaan van het huis is de tegenwoordige Laan de Riemer. Het huis is afgebroken en met de tuin vervormd tot het tegenwoordige (1934) Westerpark

    Zoals al vermeld trouwde Johannes met Maria Charlotta te Mechelen, dochter van Hendrik Louis te Mechelen en Johanna Wilhelmina Persijn.

    Dit gebeurde in Rembang op 26 september 1868. Hij was toen 29 jaar [bron: Stamboom Familie De Riemer (M.H.Severijn), bij het CBG (Den Haag)/ Dossier DE RIEMER (SIFA). Maria was toen 23 jaar, geboren op 18 december xml:namespace prefix = st1 ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:smarttags" />844 in Rembang [bron: Almanak van Ned. Indie 1815-1942].

    Maria is overleden op 19-07-1909 in Keboemen (Soekaboemi), 64 jaar oud [bron: Almanak van Ned. Indie 1815-1942 / Krantenknipsel (Fiche, CBG ’de Riemer tot 1970’)]. Zij is begraven in Batavia, begraafplaats Tanah Abang (Weltevreden), Afd. V, Graf nr. 113 [bron: Genealogische en Heraldische Gedenkwaardigheden betreffende Europeanen op Java, deel III].

     

    Kinderen van Johannes en Maria:

     

    1 Pieter Franciscus Johannes (Jan) de Riemer, geboren op 27 maart 1870 in Toeban [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)/ akte 1872-224]. Jan is overleden op 29-08-1888 in Batavia, 18 jaar oud [bron: akte 1889-358].

     

    2 Hendrik Louis (Louis) de Riemer, geboren op 17 januari 1872 in Toeban [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)/ akte 1873-223]. Louis is overleden op 06-05-1945 in Meester Cornelis (Batavia), 73 jaar oud [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)].

    In 1903 was hij  volgens  Adresboek Ned. Indië 1903 eerste employé bij de Maatschappij tot Exploitatie Rijstvelden (Vermeld als zijnde woonachtig te Buitenzorg (Tjampea))              

    In het Adresboek Ned. Indië van 1910  stond hij aangegeven als administrateur 3de klasse Gouvernements Pandhuis (vermeld als zijnde gehuwd met E.D.M. Brunsveld van Hulten en woonachtig in Maospati)

    In 1920 werd als woonplaats Bandoeng vermeld en van 1930 tot 1938 werd Sadang bij Poerwakerta als woonplaats opgegeven.

     

    Louis trouwde, 32 jaar oud, op 2 april 1904 in Batavia [bron: Krantenbericht (Fiche CBG "de Riemer tot 1970" )] met Emma Dorothea Martina Brunsveld van Hulten, 21 jaar oud.

    Volgens krantenbericht (Fiche CBG "de Riemer tot 1970" ):verloofd op 01-02-1904 en gehuwd op 02-04-1904 te Batavia

    Emma werd geboren op 7 augustus 1882 in Lahat (residentie Palembang) [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)]. Emma is overleden op 03-07-1976 in Beverwijk, 93 jaar oud [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)].

     

    3 Charles Willem (Tjalie) de Riemer, geboren op 3 mei 1873 in Toeban [bron: Akte 1874-228/Dossier De RIEMER (SIFA)]. Tjalie is overleden omstreeks 1930 in Banda, ongeveer 57 jaar oud [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)]. Tjalie had een relatie met een Inlandse vrouw (naam onbekend),

     

    4 Johanna Henriette Phillipine (Jet) de Riemer, geboren op 28 juni 1874 in Toeban [bron: Alte 1875-236/ Dossier De RIEMER (SIFA)]. Jet is overleden op 21 februari 1958 in Hilversum, 83 jaar oud [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)]. Jet trouwde op 26 september 1898 in Batavia [bron: Stamboom Familie De Riemer (M.H.Severijn), bij het CBG (Den Haag)] met Hendricus Wilhelminus Roeby, 27 jaar oud. Hendricus, die geboren werd  22 augustus 1871 en omstreeks 1938 in Malang overleed, werd na zijn pensionering (als kapitein bij het KNIL) kandidaat notaris..

     

    5 Augusta Mary (Guus) de Riemer, geboren op 12 september 1876 in Tangerang [bron: Akte 1877-223 /Dossier De RIEMER (SIFA)]. Guus is overleden op 7 april1968 in Zwolle, 91 jaar oud [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)].

    Van 1920 tot 1930 stond hij in de Indische Adresboeken vermeld als Klerk bij de Bataviaasche Tram Maatschappij.

     

    6 Karel Egmond (Mon) de Riemer, geboren op 14 november 1877 in Tangerang [bron: Akte 1879-231/Dossier DE RIEMER (SIFA)]. Mon is overleden op 22 april 1955 in Batavia, 77 jaar oud [bron: Dossier De RIEMER (SIFA)].

    Volgens de Adresboeken Ned. Indië was hij

    In 1910 Werknemer bij de Hollandse Sociëteit van Levensverzekeringen, in 1920 makelaar en in 1930 Chef van de Riemer-Gallois.

    Mon trouwde, 34 jaar oud, op 21 augustus1912 in Batavia [bron: Stamboom Familie De Riemer (M.H.Severijn), bij het CBG (Den Haag) / Krantenknipsel CBG "De Riemer voor 1970"] met Carolina (Lien) Kuiper te Mechelen, 22 jaar oud. Lien is geboren op 18 oktober1889 in Buitenzorg. Lien is overleden, 75 jaar oud en werd begraven op 25 mei 1965 in Breda.

     

    7 Pieter (Piet) de Riemer, geboren op 24 januari 1879 in Tangerang [bron: Akte1880- 240/ Dos