In de Turkse krant Hürriyet schreef een journalist, Mehmet Ali Birand, enkele ongebruikelijke opiniestukjes over de genocide op de Armeniërs. Merkwaardige analyses, zonder de gekende dreigende Erdogantaal. Integendeel. In zijn artikel van 21 december waarschuwt hij voor het jaar 2015: dan is het immers 100 jaar geleden dat de “genocide zou plaats gehad hebben”. En hij gaat verder: “de stemming in het Franse parlement is slechts het tipje van de ijsberg. Turkije moet zich bezinnen over de strategie die er achter schuilt.”
Mehmet Ali Brand schrijft dat de stemming over het ontkennen van de genocide eigenlijk voor de interne Franse politiek bedoeld was: Sarkozy zou de stemmen van voormalige Armeniërs willen binnenrijven en het maakt tevens deel uit van zijn strategie om Turkije buiten de EU te houden. En hij stelt zichzelf en de lezers de vraag hoe Turkije daarop dient te reageren.
De journalist is kritisch voor de harde woorden en dreigende taal van de regering, voor het verbreken van de diplomatische betrekkingen en het boycotten van Franse goederen. Hij stelt dat Turkije hierdoor niet verder geholpen wordt, noch door het in herinnering brengen van ’s lands strategische waarde.
Verwonderd over de meningsvrijheid van een journalist in Turkije, willen wij hier zijn woorden letterlijk aanhalen:
“Turkije heeft zijn strijd tegen de genocide verloren. Gedurende bijna 100 jaar stak het eerst zijn hoofd in het zand, weigerde een discussie en liet de eigen bevolking onwetend. Gedurende heel die tijd slaagde het land er niet in de internationale gemeenschap te doen geloven dat ‘er geen genocide geweest was’. Het was net geen totale ontkenning. We hebben de trein gemist. Het internationale geweten heeft de volkerenmoord geaccepteerd en de Armeniërs geloofd.
Aan de andere kant nadert in 2015 de finale: overal plannen zij acties om Turkije de schuld van de genocide te geven. Als Turkije blijft verder vechten met de traditionele en niet-overtuigende middelen, dan zal het niet in staat zijn de tsunami te weerleggen. Extreme reacties isoleren ons land en veroorzaken economische en politieke schade.“
En hij pleit voor publieke verontschuldigingen en een hernieuwing van de betrekkingen met Jerevan en roept op om voor één keer eens te handelen als een Europeaan en niet als een Turk.
Het tweede gedeelte van het artikel behandelt de Turkse beschuldiging aan het adres van de Fransen over de vermeende genocide in de toenmalige kolonie Algerije. Zijn gedachtengang stelt dat er altijd en overal, door iedereen, aan alle kanten wel volkerenmoorden gebeurd zijn. De Amerikanen verweten de Russen hun deporaties naar Siberië, die op hun beurt de Amerikanen voor de voeten wierpen dat ze de Indianen gedecimeerd hadden. En dat de verwijten over en weer totaal geen nut hadden. Hij vergelijkt met de huidige Turks-Franse situatie. Letterlijk schrijft hij: “Ja, voorwaar, de Franse geschiedenis was ook bloedig (refererend naar Algerije). Maar deze redenering zal ons niet redden. Het zal Frankrijk niet afschrikken.”
Tot zover Mehmet Ali Birand op 21 december 2011. Op het eerste zicht, zou men kunnen denken dat het met die persvrijheid in Turkije toch niet zo erg gesteld is. Wie het artikel echter grondig leest, kan zonder meer vaststellen dat hier een perfide hersenspoelingspoging achter schuil gaat. Eigenlijk zegt de journalist slechts dat Turkije pragmatischer moet handelen. Hij gaat er zoals vanouds vanuit dat er geen genocide plaats gevonden heeft, dat de Armeniërs op de traanklieren der internationale gemeenschap gedrukt hebben, dat het deel uitmaakt van een scenario om Turkije te benadelen. En hij pleit voor de aanpak van het gezond verstand.
Tegelijkertijd steunt hij Erdogans beschuldigingen aan het adres van de Fransen, zonder enige nuance, zonder rekening te houden met het geschiedkundig verleden van drie eeuwen Turkse bezetting van het Regentschap Algiers. Wat betreft zijn veronderstelling dat Narkozy op Armeense stemmenjacht gegaan is, dat is toch pure gekheid. Er leven een pak meer Turken in Frankrijk dan Armeniërs. Zijn oproep om te handelen als een Europeaan en niet als een Turk zou men kunnen interpreteren dat Europeanen komedianten zijn en Turken waarheidslievende mensen, die weliswaar weinig diplomatisch hun mening verkondigen.
De dag daarop, 22 december, krijgt dezelfde Birand weer ruimte voor een opiniestuk in zijn krant: ditmaal met de veelzeggende titel “Sarkozy ruïneert een dierbare relatie”. Gedaan met de bedaarde toon van de vorige dag. Hij begint met de veelzeggende vaststelling dat politici denken dat alles veroorloofd is vanaf het ogenblik dat ze verkozen zijn. Wanneer we verder lezen, dan krijgen we toch de indruk dat de heer Birand ofwel zijn pen leent aan de Ottomaanse leider ofwel zijn eigen verhaal gelooft. Volgens hem bestaat er immers geen redelijke oplossing voor de stemming m.b.t. het onkennen van volkerenmoorden en de daarmee verbonden strafmaat. Heel theatraal, in de dramaqueen-stijl die we van de Turkse opperhoofden gewend zijn, stelt hij dat de Turks-Franse betrekkingen een nieuw en dramatisch tijdperk ingaan. Leest u even mee:.
“…In Frankrijk, kampioen vrijheid van meningsuiting, zal deze wet een beschamende situatie scheppen. Kunt u zich dit voorstellen? Wat zij willen is dat iedereen hetzelfde denkt, zonder de mogelijkheid van debat en zij willen geen andere meningen horen. Dit heeft niets te maken met democratie of fundamentele rechten. Het druist compleet in tegen de geliefde Franse principes van gelijkheid, zodat iedereen zijn eigen mening kan uiten. Laat ons niet vergeten dat Frankrijk vrede gesloten heeft met Duitsland na WO II, een land dat zijn aartsvijand was. ..Een land dat de wonden uit het verleden kon vergeten. De Franse president Nicolas Sarkozy gooit zo’n betekenisvol verleden zomaar over boord…”
Als u het ons vraagt: straffe taal. Hij gaat voorbij aan het feit dat in Turkije 80 journalisten opgesloten zitten… omdat ze een andere mening hadden, omdat ze debat wilden voeren, omdat ze hun recht op vrijheid van meningsuiting in de praktijk wilden omzetten.
En de journalist vindt dat Sarkozy’s kaarten niet goed liggen, want de socialist François Hollande en zelfs Marine Le Pen zouden het in opiniepeilingen beter doen. Nogmaals trekt hij alle registers open over de Franse inwoners van Armeense oorsprong, goed voor 300.000 (cijfers van Hürriyet) stemmen, die Sarkozy’s hoofd doen duizelen. En hij heeft het ook over woordbreuk: Sarkozy zou de motie in 2008 tegen gehouden en zelfs Erdogan erover geïnformeerd hebben. Spijtig, vindt hij.
Tja, spijtig, dat vinden wij ook. Vooral dan omdat het Internationaal Persinstituut net een rapport gepubliceerd heeft dat Turkije beschrijft als het land “met één van de slechtste vrijheidsbeelden in Europa". Het land prijkt in de top tien van de meeste inbreuken tegen de vrijheid van meningsuiting samen met Azerbeidzjan, Ethiopië, Saoedi-Arabië, Oezbekistan, Turkmenistan, Kazakstan, Afghanistan, Pakistan en Hongarije.
Op 27 december schrijft hij een vervolgartikel met als titel: “Nu laten de Armeniërs ons de ‘deportatiemars’ gaan”. Na een korte samenvatting en herhaling van zijn vorige discours, gaat hij in een hogere versnelling. Letterlijk deelt hij de wereld mee dat de Armeniërs de Turken verbannen: “deze keer laten ze ons de ‘deportatiemars’ gaan. Ze hebben ons in rijen opgesteld voor het internationale publiek en doen ons marcheren. Aan eender welk parlement we ook voorbijgaan, we worden gestigmatiseerd als de ‘volkerenmoordenaars’. Die ‘deportatiemars’ kunnen we nu nog negeren, maar niet meer in 2015. Dan krijgen de Armeniërs het laatste woord.”
Hij gaat ervan uit dat de genocidewetten, die in 19 landen geaccepteerd werden, ook door het Amerikaanse Congress zullen geraken. Nadien zullen anderen gemakkelijk volgen.
Birand tapt vervolgens uit een ander vaatje. Hij wordt zelfs een beetje dapper, of doet alsof. In plaats van problemen op te lossen door dreigementen in het rond te strooien, waarvan men niet weet of ze wel kunnen uitgevoerd worden, maakt hij de suggestie de naar schatting 70.000 Armeniërs (cijfers van Hürriyet) die in Turkije naar verluidt illegaal aan het werk zouden zijn niet te deporteren, maar deze mensen bescherming te bieden. En hij gaat verder: “we zouden met hen kunnen lobbyen, hen lange termijnvisa en werktoelatingen geven. Kortom: wie Turk wil worden, moet dat kunnen”.
Wij zijn geen voorstander van het strafbaar maken van een meningsdelict, maar wij zijn als Europeanen wel zo pragmatisch om ons te verheugen over een toegevoegde drempel naar het EU-lidmaatschap van Turkije en een klein beetje leedvermaak over de terechtwijzing aan het adres van de Turkse macho’s is meegenomen.
Die Mehmet Ali Birand zou onze Lex Molenaar hier serieus concurrentie kunnen aandoen!
Floriaan Terbeke